Saga - Trust
Met deze cd gebeurde er iets raars. Bij eerste beluistering vond ik het drie keer niks, was ik van zins George gelijk te geven en zou dit een weinige flatteuze recensie worden. Bij de tweede luisterbeurt was ik verbaasd over mijn aanvankelijke mening, want dit was toch echt een lekkere rockplaat. Ik had het volume wat hoger staan, vandaar misschien. Bij de derde keer wist ik het zeker: dit wordt een positieve recensie. Wellicht heeft het te maken met het feit dat ik vrijwel alleen live-albums van Saga heb. Dat zijn per definitie stevige rockalbums, terwijl Saga in de studio nog wel eens een stukkie rustiger is. Heel wat rustiger, zelfs. Natuurlijk is dit studio-album - het eerste met de prima nieuwe drummer Brian Doerner - rustiger dan live, maar het is niet het bij Saga bijna gebruikelijke grote contrast tussen studio en live. Op Trust zijn ze in staat gebleken het vinnige gitaarwerk van Ian Crichton en de een-tweetjes met de toetsen te behouden. Geen té progressieve uitstapjes, maar vooral lekkere rock. Ja, de titelsong heeft een tikkie funk, "On The Other Side" begint met een folky introotje en in de ballad "My Friend" is zelfs een klarinet te horen, maar vaker heb je het idee dat je het al eens eerder gehoord hebt. Maar dat is ook een beetje de spagaat waar Saga in zit: óf het klinkt zoals de live-optredens en het is goed maar geen al te breed spectrum songmateriaal, óf ze gaan een andere kant op en het rockelement komt niet uit de verf. Dan kies ik voor het eerste. Het levert misschien geen wereldschokkend album op, maar wel iets wat je na de eerste keren óók nog uit de kast blijft trekken.
File Under: Gedegen vervolg
Turn off the Stars - Everything is OK
Ik ben groot geworden in de jaren tachtig en dat heeft nogal een behoorlijke impact op mijn muzieksmaak. Veel muziek die ik nu nog luister, is terug te herleiden naar de jaren tachtig. Maar ondanks dat ik jaren tachtig fan ben, mijd ik jaren tachtig disco's als de pest. Want ik kan niet dansen en al te veel retro is ook niet goed. Daarnaast hebben de jaren tachtig ook een hoop bagger opgeleverd. Turn Off The Stars vinden de jaren tachtig prachtig, want ze citeren rijkelijk uit die periode op hun debuut EP Everything is OK. Alleen halen zij de inspiratie uit een van de dieptepunten uit de jaren tachtig, de (Amerikaanse) Stadion. Het echoapparaat-raat-raat-raat maakt een wezenlijk onderdeel uit van het effectenrek, waar ook een galmbak met een hoofdletter G in hangt. De gitaarmuren zijn episch en worden ondersteund door gedragen toetsenpartijen. De zanger is afgestudeerd aan de Ed Kowalsky School voor Pathetiek en heeft waarschijnlijk in de studio al met zijn armen wijd in de rook staan zingen. Kortom Turn Off The Stars is een band die alle foute elementen van U2 en Simple Minds in hun eerste stadionperiode, Live en Marco Borsato, met elkaar combineert. Gelukkig zal het matige songmateriaal een echte doorbraak in Nederland in de weg staan. Alhoewel, daar komen Borsato en Live tegenwoordig ook wel mee weg, helaas...
File Under: Grootse gebaren doch niet meeslepend...
Sick Of It All - Death To Tyrants
Precies twintig jaar Sick Of It All vraagt om een jubileumwaardige plaat. Al die jaren erg kwaad zijn op de politiek en de moderne wereld heeft vooralsnog weinig concrete resultaten opgeleverd, maar de band is er niet minder woedend om. Waar de Boodschap dus nooit veranderd is heeft de band, vooral de laatste jaren, zijn best gedaan om muzikaal wel het één en ander aan vernieuwing door te voeren. Dit resulteerde in enkele minder goede en soms zelfs nogal belabberde platen. Niet dat dit een fluit uitmaakt, het repertoire is immers al toereikend genoeg om tot het einde der tijden machtige liveshows neer te kunnen zetten. Desalniettemin is het lekker dat met Death To Tyrants eindelijk weer eens een bijna ouderwets goede SOIA wordt opgeleverd. Ik tel toch al snel vier a vijf potentiële klassiekertjes en meezingers, een prima score. Persoonlijk vind ik de band nog het beste tot zijn recht komen tijdens de wat langzamere en meer slepende nummers en passages; lekker meebrullen en grooven op de aanstekelijke riffs. Wanneer de boel op hol slaat naar de hoogste versnelling wordt het snel chaotisch en minder onderscheidend: domweg hakken en zagen is voor beginners. Gelukkig beperkt de band dit tot het minimum, wat al met al resulteert in de beste Sick Of It All plaat sinds jaren.
File Under: Een vruchtbaar vierde lustrum
File Audio: [Take The Night Off]
Zoppo - Don't Trust Scarred Survivors
Het bestuderen van Nederlandse literatuur op de middelbare school heeft me op twee manier mijn kijk op boeken veranderd. Allereerst ben ik veel kritischer geworden in wat ik lees. Ten twee moet ik helaas melden dat ik een me steeds moeilijker kan overgeven aan boeken. Ik lees niet meer die stapels die ik voorheen las. Ik leerde tijdens het bestuderen van de boeken dat ik me allereerst in de geschiedenis van de schrijver moest verdiepen, daarnaast moest ik ook het verhaal kort samen kunnen vatten en eventuele andere lijnen c.q. betekenissen die in het verhaal zitten kunnen benoemen. Aangezien het hier over muziek gaat breng ik bovenstaande in praktijk, want Zoppo is namelijk een prima studieonderwerp. Er is de bandnaam afkomstig uit de roman "In de naam van de roos" van Umberto Eco, er is de samenstelling van de band die de nodige mutaties heeft ondergaan en ook de muzikale ontwikkeling van lo-fi tot wat het nu is mag er zijn. Dan is er nog de titel van deze schijf Don't Trust Scarred Survivors ontleend aan een tekstregel van Polvo en het feit dat we vijf jaar op het vierde album hebben moeten wachten. Er is echter vooral een gedreven band aan het werk waarbij er in het spel diverse lijnen lopen: er is het uitgerekte gitaarspel, er is een strakke ritmesectie en de stem van een zanger Cees van Appeldoorn wiens stem zompig wat naar achter gezet is en een eigen lijn vormt. Samen vormen ze elf prachtig geproduceerd - mijn held Corno Zwetsloot zit dan ook niet voor niets in deze band - liedjes die er mogen zijn. Ik mag na vijf jaar wachten dan misschien wat kritischer geworden zijn. Dit is muziek om me aan over te geven. Hopelijk kan ik dit ook ooit weer bij het lezen.
Je live overgeven aan Zoppo kan in Nederland op 2 mei in Nighttown te Rotterdam en op 15 mei in Paradiso te Amsterdam op de zogenaamde K-Tsjoem -avond van hun platenbaas.
File Under: Hands up!
File Audio: [Exboygenius][Relapse][Wrong Way Around]
Tears of Anger - In The Shadow
Oké, je heet Benny en je broer heet Björn. Zweden is je geboorteland en samen speel je in een band. Bekend verhaal? Ja, bij die andere veel minder bekende en goede band waren het geen broers, maar frappant is het wel. De gebroeders B. Jannson spelen echter in het veel leukere Tears of Anger en hebben met In The Shadows net hun tweede album uitgebracht. Of eigenlijk was het alweer een tijdje geleden, maar ik ben net een ekster en omdat de promo's van Lion Music steevast op een schijfje met een wit opplaketiket worden aangeleverd blijven ze soms iets langer liggen dan noodzakelijk. De naam die gelijk opborrelt bij het beluisteren van deze cd is Evergrey. De overeenkomsten met deze eveneens uit Zweden afkomstige band liegen er niet om: melodieuze power metal met een progressief randje, zanger met een typisch hees stemgeluid, pakkende, zwaar uitgevallen songs en een gevoelige pianodeun zijn ingrediënten waar beide bands wel raad mee weten. Tears of Anger onderscheidt zich echter door wat AOR-invloeden, waardoor het tempo over de gehele linie iets lager ligt en het geheel lekker smeuïg wordt. Bovendien is Benny niet vies van een solootje meer of minder en wordt van zijn vliegensvlugge vingerwerk veelvuldig gebruikt gemaakt. Moet wel eerlijk toegeven dat Björn af en toe een nootje mist maar dat neemt niet weg dat we hier zowaar met een aangename release te maken hebben.
File Under: Benny en Björn, een gouden duo
Backyard Babies - People Like People Like People Like Us
Sommige bandjes moeten niet moeilijk gaan doen. Van de Ramones verwachtte je "gabba gabba hey hey" en vervolgens een bak voorspelbare maar aanstekelijke herrie. De Backyard Babies zitten in de hoek van de hardrockvariant daarop: de sleazerock. Live hebben ze daarbij al een goede reputatie opgebouwd die hen supportslots bij AC/DC en Velvet Revolver opleverde. Ze weten verdomd goed hoe hun muziek moet klinken en weten dat ook in de studio op de plaat te krijgen. Natuurlijk klinkt het wat anders dan op hun live-album, maar de energie is, ook wanneer die in eentjes en nulletjes gevangen is, onmiskenbaar. Er is niet voor een gladde gepolijste productie gekozen, er is vooral aandacht besteed aan de juiste balans van de instrumenten. Resultaat is een plaatje dat lekker doorrammelt. Maar een van de twaalf songs is langer dan drie en een halve minuut. Dat is ook wel logisch, want het zou nooit de impact van nu hebben als de songs naderhalve keer zo lang zijn. Sleaze is meezingbaar als de pest en drijft op het feit dat je de helft van de songs zo mee brult, ook al hoor je ze voor de eerste keer. Ook op dit album zijn de Babies daar weer in geslaagd. Hun Datsuns- en Hellacoptersachtige rock - het album is ook geproduceerd door Hellacoptersgitarist Nicke Andersson - met als prijsnummers "Cockblocker Blues" en "Blitzkrieg Loveshock" krijgt iedere liefhebber moeiteloos uit zijn stoel.
De Backyard Babies zijn op 16 mei te bewonderen in Het Patronaat, Haarlem.
File Under: Plaatje voor mensen zoals mensen zoals mensen zoals ik
File Audio: [streams van alle songs op de site]
Lacuna Coil - Karmacode
Ergens in 2003 hield Playboy een verkiezing voor Sexiest Babe in Indie Rock. Neko Case won met overmacht. Ik vond het wel jammer dat Playboy - voor zover ik weet althans - niet door gegaan is met vergelijkbare verkiezingen voor andere genres. Bijvoorbeeld met eentje voor Goth Rock/Metal. Daar valt best een mooie shortlist van niet te versmaden dames van te maken. Eentje die zeker op dat lijstje thuishoort en wat mij betreft gelijk favoriet zou zijn voor de titel is Lacuna Coil's Cristina Scabbia. Was er zo'n stemming geweest, dan hadden de fans van Lacuna Coil gelijk ook wat te doen gehad. Die zaten namelijk al een tijdje te wachten op een opvolger van het uit 2002 stammende Comalies. Lacuna Coil heeft in de tussentijd overigens veel getoerd en daarna de tijd genomen om eens goed na kunnen denken welke kant ze op wilden gaan. En ik denk dat dit de reden was: het iets meer poppy Evanescence scoorde met een vergelijkbaar geluid, maar kwalitatief minder songmateriaal dan Lacuna Coil enkele joekels van hits. Het heeft Lacuna Coil aan het denken gezet en beïnvloedt vrees ik, want het nieuwe album Karmacode is een stuk toegankelijker dan haar voorganger. Gelukkig is de band wel zo eerlijk in interviews grif toe te geven dat ze met Karmacode mikken op een échte doorbraak. Dat gun ik ze van harte en zou wel terecht zijn ook, want aan het songmateriaal op Karmacode is zo goed als niets mis. En ook op de cover van Depeche Mode's "Enjoy The Silence" - let op mijn woorden, dat wordt een grote hit in de USA - kan een okay-stempeltje. Toch vind ik dat er op Karmacode teveel een knieval gemaakt wordt in de hoop op groot succes en dat nieuwe meer Amerikaanse - ik zou niet weten hoe ik het anders moet noemen - geluid gaat me na verloop van tijd irriteren. En dat is jammer, want daar heb ik bij Comalies nooit last van gehad. Een eventuele Playboy-verkiezing winnen wordt bij groot succes natuurlijk wel eenvoudiger. Dat dan weer wel..
File Under: Klaar voor de Grote Doorbraak
File Audio:[Lacuna Myspace]
File Video:[Our Truth]
Polysics - Now is the time!
Ik zal niet ontkennen dat de matchende rode overalls van de bandleden hier van invloed zijn, maar ik heb een uitzinnige waardering voor Polysics. Het niet te stillen enthousiasme van de vier overgecafeïneerde electro-new-wave-metal-surf-pop-punkers uit Tokyo is zo besmettelijk en vrolijkmakend dat ik me in de afgelopen week dagelijks door ze heb laten wekken, en ik kan je zeggen dat mijn kreun van niet-uit-bed-willen erdoor tot een minimum aantal decibel werd gereduceerd. Now Is The Time! is de laatste toevoeging aan Polysics' reeks van moeilijk te achterhalen singles, EP's en albums, en dankzij hun in de afgelopen jaren op mp3-blogs wereldwijd opgebouwde naamsbekendheid is dit hun meest geanticipeerde album dusver. Het is een hyperactieve, eclectische en vrij ongelofelijke muzikale belevenis waarvan de refreinen en hooks zich direct in mijn hersens hebben genesteld, en daar elk een groot gezin zijn gestart. De liedjes zijn zo krachtig en aanstekelijk dat ze al na eerste beluistering al mijn herinneringen aan het album van Band Of Horses geschoten, gespietst, gebakken, verslonden en verteerd hadden. Andere belangrijke informatie: dankzij dat typisch Japanse gebrek aan ratio kun je jezelf na elke zware gitaarriff plotseling geconfronteerd zien met een blokfluit, xylofoon of keffend schoolmeisje. En als het fysiek mogelijk was voor een drumcomputer om steroïden te slikken, dan zou ik die van Polysics snel eens in een plastic kopje laten plassen.
File Under: Japanse, irrationele electro-new-wave-metal-surf-pop-punk
File Audio: [Niemand houdt van stream]
File Video: [Baby BIAS] [I My Me Mine]
OSI - Free
Als ik mijn geld er op had moeten zetten of er ooit nog een tweede plaat zou komen van OSI (Office of Strategic Influence) dan had ik ingezet op rood: die komt er niet. Zo gaat dat vaak met gelegenheidsbands die een geweldige eerste cd afleveren, een tweede komt er niet. Zo niet in dit geval. Nu is OSI dan ook geen bij elkaar geraapt zooitje studiomuzikanten. Ga maar na: Kevin Moore toerde veelvuldig met Fates Warning waar Jim Matheos - OSI was oorspronkelijk zijn project - in het dagelijks leven deel van uit maakt. Daarnaast speelden drummer Mike Portnoy en Kevin Moore in de jaren negentig samen in Dream Theater. Alleen de bassist van het eerste album, Sean Malone, is gesneuveld in de line-up. Zijn plaats wordt op Free ingenomen door de tussen Armored Saint en Fates Warning zijn tijd verdelende bassist Joey Vera. Deze vervanging leidt tot strakkere baslijnen in de nummers en dat vind ik eigenlijk best prettig. Wat ik (iets) minder prettig vind is dat ik het gevoel heb dat Kevin Moore een iets minder dikke vinger in de pap gehad heeft in het songmateriaal dan op het debuut. Daardoor is het songmateriaal van Free net iets minder verrassend en briljant dan dat van haar voorganger. Wat gelukkig wel gebleven is is de grote diversiteit aan materiaal. Dat maakt het voor de luisteraar niet altijd even eenvoudig. Niet iedereen switcht even gemakkelijk van met hard grofkorrelig gitaarwerk dat aan Ty Tabor (maar soms zelfs aan Biohazard ) doet denken, via een gepimpte versie van Kraftwerk in "Once" en een ambient tussendoortje naar een paar sterk aan Pink Floyd doen denkende nummers in drie kwartier. OSI wel, en dan is Free dan misschien niet zo briljant als het debuut, als een huis staat het nog steeds.
File Under: Voor ruimdenkende symfo-liefhebbers (en ordinaire rockers)
Amy Kelly - Uncover The Sky
Plannen is niet mijn beste kant. Of misschien plan ik wel goed maar schort het aan de uitvoering ervan. Het is nu eenmaal zo dat ik me graag laat verrassen. Dus plan ik nooit te veel. Op veilig spelen is gewoon niet mijn ding. En ik weet best dat het heel verstandig en goed voor me zou zijn. Een beetje meer regelmaat. Helaas, het is niet aan mij besteed. Dat komt ook terug in mijn muzikale voorkeuren. Een deuntje mag van mij gerust als een lieflijk waterstroompje doorkabbelen, zolang die dreiging van een overstroming maar voelbaar blijft. Daarom heb ik waarschijnlijk niet zo veel op met de Jack Johnsons, Katie Melua's en Norah Jonesjes van deze wereld. Maakt dat hun muziek ondragelijk? Welnee. Ik ren heus niet hard gillend weg als ze weer eens op de radio voorbij komen tokkelen. Het behaagt wel maar boeit niet. Dat geldt in mijn geval ook voor de "next big thing from Ireland" Amy Kelly, die op haar debuut Uncover The Sky ergens tussen Britse folk en Amerikaanse rootsmuziek verblijft. Een bluegrass gazonnetje waar een laagje Keltische mist overheen dwarrelt. Haar heldere stem die me aan Linda Rondstadt doet denken is zeer aangenaam. De ingehuurde sessiemuzikanten kleuren haar liedjes vakkundig in en Andy Green (oa Keane) weet hoe hij alles netjes op z'n plaats moet produceren. Nee, met Amy gaat ongetwijfeld alles goed komen. Liefhebbers van de eerder genoemde artiesten hebben er weer een nieuwe heldin bij. Zoek ik ondertussen weer even ongepland verder.
File Under: Een bluegrass gazonnetje met een laagje Keltische mist
File Video: [Take Me With You][My Life]
The Eighteenth Day Of May - The Eighteenth Day Of May
Er zijn veel dagen in het jaar die eigenlijk stiekem voorbij sluipen alsof ze er nooit geweest zijn. Neem 18 mei. Ik kijk op de kalender. Ik heb geen verjaardag van een bekende. En ook als ik in de agenda kijk blijkt het geen bijzondere dag te zijn, het is een dag waarop er gewoon gewerkt moet worden. Een dag dus zoals er zoveel zijn. Het Brits / Amerikaans / Zweedse folkpopgezelschap The Eighteenth Day Of May meende er echter hun bandnaam aan te moeten ontlenen. Waarschijnlijk was dit de dag dat de band opgericht werd. Het was een zonnige dag, aldus de bijgesloten bio. Het zestal aangevuld met muzikanten uit het Amerikaanse Olivia Tremor Control brengt op hun debuutalbum - dat in Engeland vorig jaar al is verschenen - semi-akoestische liedjes met invloeden uit de west coast pop met bands als The Byrds: twaalf stuks waaronder een cover van Bert Jansch. Het geheel klinkt vrolijk en na het zien van de foto op de inlay krijg ik het beeld niet uit mijn hoofd van jongens en meisjes die op deze muziek rond een boom staan te dansen. Songtitels als "The Highest Tree" en "Flowers Of The Forest" versterken dit alleen maar. Het eindresultaat kan me echter niet bekoren. Ik krijg er kriebels van mede veroorzaakt door het weeïge stemgeluid van zangeres Allison Brice dat mij aan bands als The Cranberries en Corrs doet denken. Bah! Ik ga nu echter wel twee perenbomen in onze tuin poten. Nee, ik wacht er niet mee tot 18 mei. Die datum laat ik anoniem zoals die altijd geweest is. Bovendien zie ik de zon doorbreken als ik naar buiten kijk.
File Under: Voor hen die willen dansen rond een boom
File Audio: [Hide + Seek][ Flowers Of The Forrest]
JR Ewing - Maelstrom
Het popjaar 2006 begint nu pas echt op stoom te komen, want werkelijk de ene goede release na de andere krijg ik de laatste tijd voor mijn kiezen (op die ene misser van vorige week na dan). Nu valt de eer te beurt aan JR Ewing's nieuwe, en potdomme, daar is echt helemaal niets mis mee. Begonnen mid jaren negentig als noisecore-herrie-combootje heeft dit kwintet zich in de afgelopen jaren ontwikkeld tot een totaalhardcore-band van formaat. JR Ewing heeft haarinstrumenten beter onder de knie dan ooit en laat dat merken middels proggy tempo-wisselingen, tactisch geplaatste akoestische gitaartjes, hetig gekrijs en afwisselende zang die het meer dan eens in de hoogte zoekt. Gelukkig vergeten de heren niet waar hun wortels liggen, want in de basis komen de hardcore-schema's nog steeds naar voren en waart ook de geest van een band als Refused duidelijk rond. Resulterend in prijsknallers als "For We Are Dead" en "Pitch Black Blonde" (met een van de meest verslavende refreintjes van de afgelopen weken). Gewoon gas erop en rocken met die handel, zo makkelijk kan dat dus zijn. Daarnaast mag ik u als lezer ook deze week weer attenderen op een geslaagde cover, want JR Ewing zet een gedurfde en zeer geslaagde versie van PJ Harvey's "Big Exit" neer. Kortom, het begint misschien een beetje eentonig te worden, maar we hebben ook hier weer te maken met een prima plaat. Maar daarover hoor je mij niet klagen.
File Under: Puike nieuweschools hardcore
File Audio:[ MySpace]
File Video: [videootje bij de mediasectie]
Cibelle - The Shine Of Dried Electric Leaves
(In de auto pt. 20)
'Voorlopig wiegen de ruitenwissers nog wel even op de maat van de muziek, vrees ik. Jammer, want ik zou verwachten dat de zon er bij deze muziek ook wel zin in zou krijgen. Wat een lentepracht tintelt er uit die liedjes van Cibelle!'
'Ik vind dit overigens totaal geen muziek voor in de auto.'
'Daar heb je wel een beetje gelijk in eigenlijk. Deze cd van Cibelle is er meer een die je draait terwijl de geur van verse espresso en versgebakken brood je vanuit je huis je neus in waait en de zon, die ook net wakker is, je nog slaperige huid kust.'
'Maak van dat huis een hutje op de hei, dat is een stuk rustiger, en ik ben het met je eens. Ze doet me overigens wel heel erg denken aan die twee rare meisjes van CocoRosie die we zaterdagavond zagen tijdens Motel Mozaique.'
'Ja, maar Cibelle is wel wat minder apart dan die twee zusjes met hun gemaskerde neger in tutu. Maar ook zij heeft een voorkeur voor geluiden uit de raarste voorwerpen. Ik moest wel grinniken in ieder geval toen ik in het boekje las dat ze in "Green Grass" wood on cardboard with a scarf bespeelt. In andere liedjes bespeelt ze suikerklontjes, plastic bekers, aanstekers en nog meer rariteiten. Wel allemaal in dienst van het liedje. Net als de elektronische snuisterijen, het past allemaal precies bij de rest van de instrumenten en haar lieve stem.'
'Het blijven op de een of andere manier allemaal heel vederlichte liedjes, nergens zwaar op de hand of zo.'
'Dat is denk ik ook haar kracht. Veel van die mengelmoesmuziekjes verzanden in neuzelige dikdoenerij, hier blijft het allemaal behapbaar. Dat komt denk ik door haar Braziliaanse roots, waardoor brazilectro en bossa steeds weer het vertrek- en aankomstpunt zijn. Laten we overigens stoppen bij een tankstation voor een espresso, ik zie de bewolking zich langzaam terugtrekken.'
'Dat lijkt me een goed plan.'
File Under: Wat nou Cibelle: Très belle zul je bedoelen.
Drive-By Truckers
Pedigree rock
Het zuiden van de Verenigde Staten heeft - terecht of niet - te kampen met de nodige vooroordelen betreffende mentaliteit, politiek gedachtegoed en gemiddeld IQ van de bewoners. En ondanks dat hier jaarlijks het SXSW-festival plaatsvindt, roept het gebied ook op muzikaal gebied in de eerste plaat associaties op met country, Nashville Pussy en alles wat zich daar tussenin beweegt.
Drive-By Truckers is zo'n band uit deze contreien die bovendien ook nog eens redelijk aan de muzikale verwachtingen voldoet in die zin dat ze, om maar eens kort door de bocht te gaan, southern rock maken. In de Nederlandse media mag dan ook graag - deels grappend - aangehaald worden dat we hier te doen hebben met een stelletje boeren, maar wel een stelletje boeren dat verdomd goed kan spelen.
Lees verder..Starchild / Reino Ermitaño
Van tijd tot tijd krijg ik weer eens wat doommetal te bespreken. Best aangenaam, maar niet eenvoudig te recenseren. Negen van de tien keer is het muzikaal één lange verwijzing naar een van drie bands: Black Sabbath, Black Sabbath of Black Sabbath. En in hoeverre verschilt de ene kloon nu van de andere? Het Amerikaanse Starchild is geen uitzondering. Van de eerste tot de laatste minuut is hun tweede album Born Into Eternity een kopie van de beginperiode van Black Sabbath. Veel echo, lome riffs, een rauwe sound en een zanger met beperkingen. De zanger op dit album heeft een wat minder nasale stem dan ome Ozzy, maar even hoog en dun en bijna verzopen in echo. Uiteraard zijn de zanglijnen ook geheel op z'n Ozzy's. Overigens zijn de beperkingen her en der hoorbaar, wanneer zanger Richard Bennett hoge uithalen domweg niet haalt. Afgezien van dat smetje is dit een doommetalplaat uit het boekje. Maar origineel? Neuh.
Reino Ermitaño blijkt gelukkig die ene van de tien die geen klakkeloze kopie is. En niet alleen omdat deze Peruanen in hun moerstaal zingen. Zeker, lome riffs zijn er genoeg, maar regelmatig komen er ook akoestische gitaren of mandolines voorbijgetokkeld of klinken er fluiten. Bovendien hebben ze een zangeres. Alleen dat al maakt dit een vreemde eend in de doombijt. Overigens wordt er regelmatig door een van de heren meegezongen, waarbij ze soms mooi tegen elkaar in zingen. Mooi in doomtermen, dat wel. Dat wil zeggen dat het in de eerste plaats een krachtige stem is. Tania Duarte kan ook een uitgesproken lelijke stem opzetten, zoals ze doet in "Curandero De Una Realidad Incierta", alsof ze nog in de rol van een Ork op de Elf Fantasy Fair zit. Dit is gewoon een prima doommetalplaat, met bonuspunten voor originaliteit.
File Under: Ach ja, weer zo eentje
File Audio: [Starchild Myspace]
File: Reino Ermitaño - Brujas Del Mar
File Under: Met bonuspunten
File Audio: [Elipses] [Crepuscular]
David Gray - Live in Slow Motion
Ik weet niet meer hoeveel sokken je voor me breide. Wat ik wel weet is dat er nog maar één paar over is en dat ik ze zaterdag stiekem aangedaan had onder mijn pak toen we afscheid van je namen. Ze zijn behoorlijk aan het slijten, maar nog niet versleten. Ik heb ze nu alweer aan. Omdat het fijn voelt en omdat ik het afscheid dat zo onverwacht snel kwam nog even rek. Mijn voeten met hun zachte grijze omhulsel leunen op de salontafel en ik kijk naar de tv waar David Gray mijn verdriet probeert te verzachten met een fijne show. Live In Slow Motion, opgenomen in de Hammersmith Odeon aan het eind van zijn tour die volgde op de release van Life in Slow Motion. Ik staar van mijn sokken naar het beeld en weer terug. Het geluid heb ik zachtjes staan, maar hard genoeg, dat wel. Ik probeer te genieten van David Gray die liedjes speelt van zo ongeveer al zijn cd's en dat lukt me best, want Gray is behoorlijk op dreef tijdens deze show. Ik vind het ook wel fijn zo, vanavond, bijna twee uur lang mijn gedachten bijna op nul en kijken naar Gray die zijn gitaar veelvuldig verwisselt voor de piano. Ik moet gniffelen als ik Gray in bijna identieke pose zie zitten als het shot dat George maakte van de show in 013. Daar was ik wel graag bij geweest, maar het was al uitverkocht. Live in Slow Motion is een goed alternatief en "Friday I'm in Love", de afsluitende cover van The Cure, doet me zelfs even glimlachen. Ik zie de sokken in ieder geval gemoedelijk meetikken op de maat van de muziek. Dag.
File Under: Een fijn avondje afleiding
VA - Quagmire Volume 6
Ik glimlach. Ik moet namelijk denken aan een geweldige scène uit een Laurel and Hardy -film waarbij zij een platenspeler in hun auto hebben. Uiteraard gaat de langspeelplaat alles doen behalve doen wat hij moet doen. Anno 2006 is dit probleem allang opgelost en zijn er bij ons in de meeste auto's cd-spelers geïnstalleerd. Als het dan toch kraakt dan ligt het aan de opname zelf en dat hoeft helemaal niet erg te zijn. Quagmire, frighteningly rare 60s Garage From The Swamps Of Antiquity valt bijvoorbeeld in deze categorie. Op Volume 6, kraakt het dat het een lieve lust is, maar de garagebeatopnames stammen dan ook uit de periode 1965-1968. Het label Finest Hour ontrukt 27 tracks van evenveel bandjes uit de Verenigde Staten en Canada aan de vergetelheid. Bands die niet groot werden en waar dit ene nummer waarschijnlijk hun grootste wapenfeit was. Soms is dit te begrijpen, maar op andere momenten is dit eigenlijk best jammer. Het is niet anders. Ik mag blij zijn dat deze release er is. Wat wel een gemis is de informatie over de bands. Deze is er namelijk buiten de bandnaam, titel, label en staat/land waar het vandaan komt niet. Twee bands zijn vertegenwoordigd met een foto. Wat er wel is dat is een foeilelijke hoes die liefhebbers van dit genre bij het doorzoeken van de platenbak wel eens op een verkeerd been kon zetten. Maar goed, ik glimlach. Ik weet van deze release en bedenk net dat ik zelf uit het releasejaar 1967 kom.
File Under: Garagebeat uit de periode 1965-1968
File Audio: [Geen, wat had je dan verwacht met opnames uit deze periode.]
Immortal Lee County Killers - These Bones Will Rise To Love You Again
Fans van het eerste uur zullen ongetwijfeld zijn afgehaakt toen ze These Bones Will Rise To Love You Again van de zelfkantrockers van The Immortal Lee County Killers hoorden. De gore steeg met meer zakken naast dan in de container heeft plaats gemaakt voor een Wesco in een stijlvolle keuken. Maar gelukkig ligt er hier en daar nog wel wat troep in die keuken en herkennen we nog steeds rommel uit die steeg, zoals opener "Turn On The Panther" dat oorspronkelijk van Pussy Galore is. De roots liggen nog steeds in binnenstebuiten gekeerde blues en rock 'n' roll in de ooit door de Stones gevestigde traditie. Maar met deze nieuwe plaat hebben ze een toets psychedelica aan hun palet toegevoegd, plus een strakkere verfbehandeling ondergaan. Met deze strakkere verfbehandeling - lees: betere productie - maken ze eenzelfde soort stap als Jon Spencer's Blues Explosion met hun briljante doorbraak plaat Orange. De doorbraak naar een groter publiek zou ook voor The Immortal Lee County Killers kunnen volgen. Of These Bones Will Rise To Love You Again een klassieker wordt als Orange durf ik niet te voorspellen, maar ze hebben alvast ondanks de afgehaakte fans meer vrienden dan ooit. (2200, volgens de teller op hun MySpace-pagina)
File Under: Wij zijn al vriend. U ook?
File Audio: [Turn On The Panther]
Shane Alexander - Stargazer
Ik zit niet vaak met een van mijn zusjes in de auto. Die witte bolide is dan meestal vol met kinderen en mevrouw Storm. Maar deze zondagmorgen had mevrouw Storm vrijaf en gingen ik, Junior en de jongedame met mijn zusje zwemmen. En dus zat ze naast me. Tussen ons in zat Shane Alexander, verstopt in het gleufje van de cd-speler. Nou moet mijn zusje van het gros van de muziek die ik draai niets hebben, met heel vaak het droeve argument dat ze het niet kent. Nog vaker vindt ze overigens dat ik maar rare, moeilijke muziek draai. Had Shane's eerste meer alt.country georiönteerde cd The Middle Way in de cd-speler gezeten, dan had ze vast en zeker wat afkeurends gezegd over de haar onbekende muziek. Maar nu zit Shane's nieuwe en meer poppy cd Stargazer in de cd-speler. Het verbaasde me niet, maar het deed me wel goed dat mijn zusje nu aan me vroeg waar we naar zaten te luisteren. Dat ze eerst dacht dat het James Blunt was - die vergelijking verwondert me overigens niet - vergaf ik haar al snel toen ze geïnteresseerd door het boekje begon te bladeren dat tegen de versnellingspook leunde. Ik moest qua stem er ook wel eens aan James Blunt denken, maar van die kwijlebal krijg ik vervelende jeuk als ik er aan blootgesteld word. Die jeuk krijg ik van Alexander zeer zeker niet. Dat komt domweg doordat ik zijn liedjes veel mooier vind. Neem bijvoorbeeld het prachtige "Shipwrecked" waarin hij me qua stem doet denken aan Ozark Henry, of het titelnummer, dat op de een of andere manier de geest van Tom Robinson's grote jaren tachtig hit "Listen to the Radio" met zich meedraagt. En daarnaast is de herinnering aan Damien Rice en de onvermijdelijke Jeff Buckley ook nog steeds aanwezig. Luisterend naar Stargazer krijg ik zelfs het idee dat Alexander nog maar een heel klein zetje nodig heeft om hier echt door te breken. En luisterend naar het oordeel van mijn zusje zou het zo maar kunnen gebeuren, want zij vindt zijn popliedjes mooi en dat is voor een onbekende artiest eigenlijk best een goed teken.
File Under: Ready to become a star.
File Audio: [Shane's Space]
TV-Resistori - Serkut rakastaa paremmin
Er is iets heel rustgevends aan liedjes met vreemdtalige teksten, vooral als je je, zoals ik, snel laat irriteren door songteksten met een bepaalde stomheid. Je weet dat je tijdens het luisteren van liedjes met teksten in een jou onbekende taal op geen enkel moment in het gezicht geslagen kan worden door een meedogenloos lelijke zin, en er dus nooit onaangekondigd wat van je agressieve maagzuren in je mond kunnen belanden. Dankzij het bestaan van liedjes in het Kirgizisch, Ma'anjan of Antankarana-Malagasi hoef ik in principe nooit meer last te hebben van onbeschaamde pretentie of mensen die klagen over hoe stom het leven wel niet is. Bovendien heb je met het geen enkel idee hebben van waar men over zingt alle vrijheid tot gekleurde tekstinterpretatie. Ze zingen over kuikentjes, als jij dat wilt. Of over de afslag Sint-Michielsgestel. Of over die aflevering van de Snorkels waarin Junior een Waaktopus had. Alles is mogelijk. Maar het in een vreemde taal gezongen zijn van een liedje is nog geen voorwaarde voor het leuk zijn ervan. De Finse teksten van TV-Resistori zijn lang niet het enige dat Serkut rakastaa paremmin een fijn album maakt, want er zijn ook uitzonderlijk zonnige melodieën, gefabriceerd door een aimabel simpele synthesizer. Ook zijn de drums heel vrolijk, en dat de liedjes gezongen zijn door een man en een vrouw samen kan natuurlijk ook alleen maar positief uitwerken. De onverstaanbare teksten zijn louter de stroop op de pannukakku, en je mag helemaal zelf weten wat dat laatste woord betekent.
File Under: Onverstaanbare teksten zijn de beste teksten denkbaar
File Audio: [Obligate MySpace-link]
File Video: [J.o.v.h.m.l.s.o.a.m.\ o.]
Cosmic Casino - Ballads For Bastards
Vreemd toch dat er in veel gevallen geen enkel peil te trekken valt op welke liedjes en CD's op lange termijn stand (blijven) houden. Als iemand mij anderhalf jaar geleden had verteld dat het debuut EPtje van het Duitse Cosmic Casino een van de plaatjes zou zijn die de snelle omloop op mijn MP3-spelerdinges zou weten te doorstaan, had ik hem nooit geloofd. Een zevental leuke liedjes, dat zeker, maar toch eigenlijk niets bijzonders of buitengewoons te bekennen. Desalniettemin gebeurt het nog regelmatig dat ik het plaatje weer eens de revue laat passeren tijdens een stuk fietsen of vlak voor het inslapen, simpelweg omdat het van die eenvoudig prettige liedjes zijn. Inmiddels is de officiele debuutplaat aan mij voorbiigegaan en is het de tweede plaat, Ballads For Bastards die mijn aandacht trekt. Er is weinig veranderd in de tussentijd, nog steeds maakt de band van die ongecompliceerde lo-fi liedjes die zich nestelen tussen wat dEUS in de beginjaren deed en Stereophonics al tijden doet. Ook nu is het niet opvallend prikkelend, niet positief noch negatief, maar de praktijk heeft mij geleerd dat dit niet perse hoeft te betekenen dat er weinig aan is. Ballads For Bastards is tenminste een lekker gruizig popplaatje geworden waar je je niet al te snel een buil aan zult vallen.
Wordt misschien over twee jaar vervolgd (of niet).
File: Cosmic Casino - Ballads For BastardsFile Under: Niets mis mee, niets bijzonder goed aan
File Audio:[Hierrrrr]
Fiery Furnaces - Bitter Tea
Slechts weinigen lezen poëzie. Zelfs tussen mijn studiegenoten, die net als ik Nederlandse taal en letterkunde studeerden en een vergaarbak vormden van literatuurliefhebbers van divers pluimage, waren er niet veel die zich met poëzie bezig wilden houden. Te moeilijk was daarvoor vaak de reden. Ik heb mezelf nooit als poëziemissionaris gezien, maar wel wilde ik daar altijd één argument tegenin brengen, namelijk dat poëzie ook gewóón mooi kan zijn, zonder dat je precies begrijpt wat er staat. Mooie woorden, mooie zinnen, zelfs mooie bladspiegels kunnen je al grijpen, zonder dat je daar betekenis bij nodig hebt. Ik moest daaraan denken toen ik naar Bitter Tea luisterde, het nieuwe album van The
Fiery Furnaces. Drie liedjes staan erop waarin de tekst achterstevoren in de liedjes gepuzzeld is: tussen teksten van voor naar achter en zoete melodieën. Geen duistere teksten, maar bedoeld onbegrijpelijke klanken. Ik vind dat niet moeilijk, maar avontuurlijk, net zoals ik de rest van de plaat vind. Net als je denkt, ah, hier hoor ik wat disco (om maar eens iets te noemen), vervormt de disco, neemt het lied een andere wending en moet je je luisteren aanpassen aan iets anders. Het is de poëzie van de muziek, waarin ik voel dat ik vriendelijk verzocht word mijn zoeken naar betekenis heel even uit te stellen. Bitter Tea als geheel zou zomaar als te moeilijk bestempeld kunnen worden, maar vergeet dat even. Het gaat hier om een weergaloze productie van elementen, die samen tot een bijzonder album versmelten. Origineel, avontuurlijk, spannend, zich van veel instrumenten bedienend - hoor ik daar een Moog? -, meanderend tussen allerlei uithoeken der popmuziek en rakelings alluderend op menig conventionele popplaat. Zeer bijzonder. En verschrikkelijk mooi.
File Under: Bijzonder en mooi. Bijzonder mooi
Schneider TM - Skoda Mluvit
Er zijn van die artiesten die hun tijd eigenlijk te ver vooruit zijn. Dirk Dresselhaus is zo'n rare, en dat zal-ie voorlopig wel blijven. Mengde hij op Zoomer uit 2002 al pop en electro door elkaar op een bijna ergerlijk kraakheldere manier, op Skoda Mluvit (Tsjechisch voor 'zonde om erover te praten') zijn wat dub, koortjes en een hele berg analoge instrumenten aan de mengelmoes toegevoegd. Net als Zoomer is dit eigenlijk geen album. Het duizelt je als je alle tracks achtereen opzet, en Dresselhaus' stem gaat wel wat vervelen. Laat je de losse nummers daarentegen tussen allerlei andere muziek langskomen (en laat je de stomme geluiderige tussenwerpseltjes weg), dan begint Schneider TM te sprankelen en te kliederen, als een relaxte maar eigenzinnige soundtrack bij een ritje langs het strand ("A Ride"), of als softdisco op een grasmaaier ("Vodou"). De futuristische productie en de rare combinaties van instrumenten zijn prachtig en doen soms Japans aan. Anderzijds mag er echt wel een shot energie bij. Niet dat ik perse een Gnarls Barkley- of Gorillaz-boemboemkloon had willen horen, of iets a la Beck; Schneider TM moet gewoon zijn eigen pure, schijnbaar sampleloze ding doen. Feit is echter wel dat hij ergens strandt in lulligheid, en alleen dat laatste is zonde om te moeten noemen.
File Under: Typische iPod-muziek
File Audio: MySpace
Noblesse - Four song demo
Misschien denken jullie dat het een makkie is. Plaatjes luisteren, stukje schrijven. Maar soms valt het echt niet mee. Ten eerste moet de dappere verslaggever lange avonden in donkere holen doorstaan waar oordoppen gezien het geluidsniveau geen overbodige luxe zijn. En dan is de oogst na zo'n avond - met overigens uitstekende bands - slechts 1 demo-cd! Maar wat een lekker ceedeetje is het. Het trio Noblesse uit Den Haag won vorige week het zilver bij de Grote Prijs van Zuid-Holland. Dat was natuurlijk op basis van hun podiumprestatie, maar als je de cd beluistert realiseer je je dat ze dat ook op basis van hun composities hadden kunnen doen. In slechts vier nummers onversneden powerpop krijg je een stoot energie toegediend waar je weer een paar uur mee toe kunt. Meer energie in vier nummers dan de hele laatste plaat van Placebo, de band waar de muziek van Noblesse nog het meest aan doet denken. Maar daarnaast hoor je ook breaks die zo maar op een Kaiser Chiefs plaat hadden kunnen staan (in "Spitting at Clouds") of Foo Fighters melodieën ("Wined and Dined"). Hierdoor ontstaat een bandgeluid wat nog niet uitontwikkeld is, maar zeker een belofte voor de toekomst inhoudt. Met name het afwisselende gebruik van het toch beperkte instrumentarium (gitaar, bas, drums) maakt dat de sound van Noblesse gelaagder is dan het op het eerste gehoor lijkt. Live stond de band als een huis. Daar gingen de oordoppen dus even voor uit. Niet goed voor de trommelvliezen, maar erg goed voor het humeur en de beste aanleiding om een cd'tje te bietsen en hier te bespreken.
File Under: Het Placebo-effect
File audio: De hele demo is te beluisteren op de site
Zeelion - Steel Attack
Soms kunnen hoes en titel je volkomen op het verkeerde been zetten. Nou ja, misschien niet volkomen. Niet jee-ik-had-geen-polka-verwacht-volkomen in elk geval. Maar met een hoes met veel somber grijs en blauw en de titel Steel Attack verwachtte ik redelijk simpele dubbele bassdrums en nog dubbeler gitaarsolo's van begin tot einde. De verrassing was dan ook aangenaam toen ik Steel Attack beluisterde. De Zweden van Zeelion brachten in 1997 hun eerste cd uit. In 1999 waren ze al bezig met de opvolger, maar het heeft tot 2006 geduurd voor die opvolger er ook kwam. Hebben ze in de tussentijd dan stilgezeten? Nee hoor. Zanger Lenny de Rose heet eigenlijk Pelle Saether, is zanger van progrockers Zello en als eigenaar van de Underground Studio als technicus en producer betrokken bij onder andere Locomotive Breath. De cd begint met een redelijk standaard neo-klassieke metalsong. Goed uitgevoerd, maar niettemin standaard. Gaandeweg laten de heren echter horen nog heel wat meer in huis te hebben. Ze blijken ook een tandje lager prima songs neer te kunnen zetten, waarbij het soort soort powermetal á la Headrush wordt. Grootste verrassing is voor mij zanger Lenny de Rose. Hij is een technisch goede zanger en weet het met overtuiging te brengen. Maar vooral de oosterse zanglijnen die hij er met enige regelmaat tussendoor gooit verrasten me. Als de andere bandleden ook laten horen heel wat meer in huis te hebben dan op het eerste gezicht lijkt, blijkt Steel Attack niet zomaar de zoveelste Scandinavische release, maar een smaakvolle metalplaat met internationale allure.
File Under: De vlag dekt de lading bij lange na niet
File Under Shane - Soul On Fire / The Cuties - Demo
Het is hier soms net een quiz. Houden, weggeven of in de herkansing dat is de keuze. Het is namelijk weer tijd om een tweetal eigen beheer-releases te bespreken. Soul On Fire is het eerste volledige album na de demo Trenches van File Under Shane. Hij (Hans Meertens) verkoopt zichzelf als singer-songwriter. Opvallend is zijn stem die het midden houdt tussen die van David Bowie, Nick Cave en Roy Orbinson. Er is echter ook de muziek die het midden houdt tussen alt.country, glamrock, new wave en - jawel - singer-songwriter. Het album klinkt als een aaneenschakeling van losse nummers die de nodige kanten op waaien. Op zich is er met de meeste nummers niets mis mee, maar met een wat strengere selectie, wat meer richting en meer ruimte voor details i.p.v. van-dik-hout-zaagt-men-planken-trommelgeroffel was het vast een stuk aangenamer geweest. Ook mag de stem van mij wel wat naar achteren geplaatst worden. Uiteindelijk begint deze mij toch wel wat te irriteren. Ze gaan in de herkansingsbak tot hun volgende release. De vormgever Hans Meertens mag blijven. Er zijn meer markten waar hij kennelijk thuis is. Prachtig gedaan.
Uit een heel ander vat tappen The Cuties. Deze vier Rotterdamse dames brengen op hun eerste demo - hoe kan het ook anders - schattige onschuldige lofi -gitaarliedjes waarbij ik meteen aan Damer moet denken. Nu is dit een band waar het al een tijdje stil rond is, er lijkt me dus ruimte voor een opvolger. Last van artwork hebben deze dames niet. Een zelfgebrande cd is mij zelfs bespaard gebleven, wel staat alles - zoals dat tegenwoordig hoort - op My Space. Het rammelt aan alle kanten, maar dat is in dit geval juist charmant. Ik ben zelfs een beetje verliefd geworden op hun liedjes. Ze mogen dan van mij dan ook voorlopig in de categorie: houden. Ik ben benieuwd naar een live optreden of misschien wel een officiële release om het definitieve uitsluitsel te geven.
File Under: Een herkansing
File Audio: [Not My World][Dripping Mess]
File: The Cuties - Demo
File Under: Lief, liever, liefst
File Audio: [In mijn ruimte]
Summoning - Oath Bound
Summoning werd begin jaren '90 opgericht door twee Oostenrijkers, waarvan Silenius de meest bekende is omdat hij ook als zanger bij Abigor actief is geweest en onder andere te horen is op het magistrale Supreme Immortal Art. Summoning kiest er echter al snel voor om het ingeslagen pad van de agressieve en primitieve black metal links te laten liggen en gaat geïnspireerd door de verhalen van Tolkien verder met trage, orkestraal aandoende landscapes die je moeten meenemen op een avontuurlijke reis door de uitgestrekte fantasiewereld van Midden-aarde. Ook op Oath Bound zijn we weer onderweg en is maar liefst een route van bijna zeventig minuten uitgestippeld met zweverige keyboardklanken, zwaar echoënde drums, hemeltergend gekrijs, schallende hoorns, koorzangen en af en toe zelf een heel klein beetje gitaar. Voor de liefhebbers van epische en bombastische muziek zal dit wel weer het summum van genieten zijn, aan mij is dit echter niet besteed. Wat een ongelooflijk saaie en ellenlange trip is dit. Ik kan heel goed niets doen, maar ik word hypernerveus van het gejengel en gepingel van dit tweetal. De hele cd klinkt als één groot intro en je blijft maar wachten tot het eindelijk gaat beginnen. Alsof je naar de legendarische, op cd verschenen ontspanningsoefeningen van Tineke de Nooij zit te luisteren of een, eveneens op cd verschenen, Brainsession van Ad Visser ondergaat. Slaapverwekkend.
File Under: One Red Bull please
Raised Fist - Sound Of The Republic
Ik heb een hekel aan het weekend. Waar iedereen op vrijdag extra blij is en de "prettig weekend!"-jes in het rond vliegen, zit ik steevast met geknepen billen. De meeste zater- en zondagen zit dit zielige persoontje op zijn werk, smachtend uit te kijken naar de maandag, waarop ik lekker vrij ben en anderen het vuile werk mogen opknappen. Eén groot voordeel van werken op deze dagen is de serene rust die er steevast heerst op kantoor. De perfecte gelegenheid om een goede bak teringherrie snoeihard over de speakers te pompen dus! Met de nieuwe Raised Fist kom ik wat dat betreft prima aan mijn trekken: er zullen weinig collega's zijn die deze op een gemiddelde maandagochtend voor hun kiezen willen krijgen. En dan te bedenken dat Sound Of The Republic stukken minder hard en chaotisch is dan voorganger Dedication. Er is gewerkt aan een meer toegankelijk geluid en ruimte gemaakt voor langzamere en slepende passages. Het is duidelijk dat Raised Fist graag een stapje vooruit wil en daarom op zoek is gegaan naar invloeden van buitenaf. Er wordt geflirt met metal en punk, terwijl her en der de schuurpapieren schreefstrot van Alexander zelfs wordt afgewisseld met cleane en melodieuze zanglijntjes. Helaas bevalt die vernieuwdrang mij toch niet voor de volle honderd procent, het is weliswaar origineel en afwisselend, maar toch zit de grootste kwaliteit van de band in de recht-toe recht-aan hardcore. Vooral in de ouderwetse ramnummers is het écht genieten en ik had graag gehad dat er daar nog een paar meer van hadden opgestaan. Sound Of The Republic is er in geslaagd om mij een lange zaterdag door te slepen maar op maandag zet ik denk ik toch maar weer wat anders op.
File Under: Overbodige vernieuwing
File Audio:[Klik!]
Pretty Girls Make Graves - Elan Vital
Ik kan me best voorstellen dat je als band af en toe eens iets anders wilt doen. Als je meerdere platen hebt gemaakt in dezelfde stijl kan het geen kwaad om de boel eens een andere kant op te duwen,al was het alleen maar om te kijken wat er allemaal mogelijk is. Maar dan moet je natuurlijk niet al je sterke punten overboord gooien en klakkeloos iets nieuws proberen. En bij de nieuwe Pretty Girls Make Graves heb ik het gevoel dat ze toch iets teveel zijn doorgeschoten in hun experimenteerdrift. En dat vind ik enorm jammer. Het debuut Good Health stond immers vol met springerige postemo vol drukke ritmiek en hoewel opvolger The New Romance iets volwassener klonk had deze nog steeds van die te gekke stuiterriffjes en die heerlijke stem van Andrea Zollo. Bij deze nieuwe zijn de tempi echter wel heel erg naar beneden gehaald en is de rol van de gitaar nog verder op de achtergrond geraakt ten faveure van de toetsenriedels en de zang. En nu is Andrea toch een van mijn favoriete punkrockzangeressen, maar op deze nieuwe is haar stem het grootste deel van de tijd op een dubby manier door de mangel gehaald, wat het geheel ook niet echt bevorderd. Pretty Girls Make Graves komt in de poppy momenten nu het dichtst in de buurt van een vergeten band als The Anniversary, alleen dan minder pakkend. En zo kan het gebeuren dat een van mijn favoriete bands van de afgelopen vijf jaar de eerste tegenvaller van 2006 neerzet. Het nieuwe elan bevalt mij in elk geval niet.
File Under: De eerste tegenvaller van dit jaar
File Audio: [The Nocturnal House]
The Quill - In Triumph
Ik vind het fascinerend. Volgens mij speelt iedereen in Zweden een instrument en zit tachtig procent van de jeugd in een bandje. Hoeveel Zweedse producties ik inmiddels al in mijn hand gehad heb, ik weet het niet, maar aan twee handen heb ik niet genoeg, om ze te tellen. Wat ik wel weet is dat veel Zweden een voorliefde schijnen te hebben voor gitaren en een substantieel deel hiervan voor gierende gitaren. Ook nu weer roteert in mijn cd-speler een Zweeds plaatje waarop een viertal langharige mannen, genaamd The Quill, zich van hun ruigste kant laten zien. Zij doen middels het werkje In Triumph en dat doen ze beslist bekwaam. De gitaarherrie begeeft zich in genre der klassieke hardrock met stonerrandjes, aangevoerd door een brulboei eerste klas, die mij aan een amateur Chris Cornell doet denken. Hij zingt in ieder geval net zo geforceerd. De heren weten sowieso waar Soundgarden de mosterd vandaan haalde. Maar het maakt mij de pis niet lauw. Of het nu aan de productie of aan het songmateriaal ligt, het is nergens "in your face". En zo heb ik mijn gitaarherrie toch het liefst. Het doet mij eigenlijk vooral een oude Jacques Plafond quote, vooral gebruikt in saaie interviews, herinneren: "Verdomd interessant, maar gaat u verder"
File Under: Doorsnee Zwødse hardrock
Iron Fire / Týr
De New Wave of British Heavy Metal is al een tijdje niet meer in Groot-Brittannië maar in Scandinavië gevestigd. De muziek is vrijwel gelijk aan wat er in de jaren tachtig op dat eiland gebeurde. Misschien is hier en daar de productie een tikkie beter geworden, maar daar heb je het dan ook mee gehad. Inventiviteit is doorgaans ver te zoeken.
De Denen van Iron Fire brengen hun derde album uit. Dat mag wel een verrassing heten, want na het goed ontvangen debuut was de opvolger in 2001 een flop van de eerste orde. De band viel langzaam uit elkaar, maar zanger Martin Steene hield vol en ziedaar, in 2006 is er een opvolger. Tot en met de quasi-mythologische hoes is de originaliteit ver te zoeken. Het is klassieke NWOBHM: hakkende riffs, up-tempo en een sirene als zanger. Dat gezegd zijnde, moet je wel concluderen dat Iron Fire het kunstje in elk geval goed beheerst. De stem van Steene kan nog wel eens een beletsel zijn, want hij heeft een nogal eh... interessant vibrato. Met zijn bereik is echter niets mis. Ook muzikaal is er volop afwisseling in tempo en vliegen de dubbele gitaarsolo's je om de oren. Tel daarbij op dat de balans van de instrumenten ook dik in orde is - de productie was dan ook van Tommy Hansen (o.a. Helloween en Platitude) - en je hebt een schijfje met pretentieloze, maar ouderwets lekkere metal.
Týr beheerst het kunstje een stuk minder. Deze band komt van de Faeröer en zingt deels ook in het Faeröers. De composities in hun eigen taal worden meer marsliederen dan NWOBHM. Positief bezien zou je het etnometal kunnen noemen, ik noem het Teutoonse marsmetal. Merkwaardig genoeg gooien ze er ook nog een Ierse traditional, "The Wild Rover", tussendoor. Met twee talen en drie stromingen wordt het daarmee een nogal rommelig geheel. Als het dan qua muzikale vaardigheden het allemaal ook niet zo opvalt mag het duidelijk zijn dat dit geen aanrader is.
File Under: Ouderwets lekker
File Audio: [Wings of Rage]
File: Týr - Eric The Red
File Under: Er wordt nog net niet gejodeld
File Audio: [The Edge]
Archie Bronson Outfit - Derdang Derdang
Het is misschien een manke vergelijking, maar deze tweede plaat van Archie Bronson Outfit deed me echt vreselijk aan De Dijk denken. Ik kwam er een tijd geleden namelijk achter dat alle nummers van De Dijk berusten op herhaling. Ik noem een 'Dansen, dansen, dansen. Dansen, dansen, dansen', een 'Bloedend, bloedend ha-hart', een 'Weet niet wat 'ie mist, weet niet wat 'ie mist, een man weet niet wat 'ie mist', een 'Ik kan het niet, ik kan het niet. Ik kan het niet, ik kan het niet', en natuurlijk niet te vergeten de 'Mag het licht uit, mag het licht uit, mag het licht uit'. Ook Archie Bronson Outfit heeft op (en de titel zegt het al) Derdang Derdang last van het ik-ben-bang-dat-je-de-poezie-niet-inziet-van-onze-tekst dus-herhaal-ik-de-boel-even-voor-het-gemak. Ik noem een 'Dart for my sweetheart, dart for my sweetheart. Nanananana, dart for my sweetheart, dart for my sweetheart', een 'Got to, got to, get to get, got to, got to, get to get. Your eyes, your eyes, your eyes', een 'Your fat cherry lips, your fat cherry lips, your fat cherry lips', tot en met de 'aaa-hahaha-hahahahaa, aaa-hahaha-hahahahaa, aaa-hahaha-hahahahaa' in het refrein van "Jab Jab". I rest my case. Dat wil niet zeggen dat dit bluesy rocky album niet smaakt. Neen, neen, driewerf neen! Het smaakt prima! Want buiten de hoge meezingbaarheidsfactor, heeft Derdang Derdang met zijn heerlijk hoge stampgehalte, de fijne koortjes, het schrijndende stemgeluid van de zanger en de slepende snaren helemaal geen vulkaan nodig.
File Under: Dansen, dansen, dansen. En stampvoeten
File Audio: [Zo. Domino biedt soelaas.]
File Video: [Weet u wat u mist?]
Junkie XL - Today
Hoe het ook kan? Nou zo dus. Als je dan toch ooit begonnen bent in de jaren tachtig op de drumkruk in het new-wavende Weekend At Waikiki. En zo'n beetje iedereen om je heen gaat anno 2006 flink zitten terug te grijpen naar de sound van die jaren. Wat let je dan om voor de opvolger van een onder z'n eigen gewicht bezweken, pretentieuze dubbellaar ook een graai in de jaren tachtig grabbelton te doen? Daarnaast kies je gewoon 'Keep it simple' als devies. Geen honderden ideeën en een overdaad aan gastbijdrages. Gewoon een zanger zonder grote naam die alle vocalen voor z'n rekening neemt. Dat houdt het lekker consistent. En zelf maar eens een keertje de gitaar om de nek hangen en samen met die oldskool synths laten galmen zoals weleer. Laat maar eens horen dat je vroeger ook graag met de gordijnen dicht luisterde naar Joy Division, New Order en The Cure. Vergeet er vooral niet zo nu en dan wat lekkere vier-naar-de-vloer dancebeats onder te zetten. Misschien maak je dan wel niet 's werelds meest originele plaat, maar wel een hele lekkere. En dat je het ding beter "Yesterday" had kunnen noemen, ach, dat is je graag vergeven. Want zo kan het dus ook.
File Under: Zo kan het dus ook
File Video: [Today]
Band Of Horses - Everything All The Time
In de Nederlandse weilanden zie je steeds minder koeien. Varkens zijn zelfs al een zeldzaamheid. Paarden en pony's zie je echter steeds meer. Let er het komend voorjaar maar eens op. Koeien en varkens worden geassocieerd met geld verdienen. Het is te duur om ze telkens uit de stal te halen. Paarden en pony's worden geassocieerd met vrije tijd. Plezier mag geld kosten. Ons landschap is daardoor aan het veranderen. De band waar ik nu een cd van mag bespreken heet echter niet Land of Horses, maar Band Of Horses. Paarden uit het land aan de andere kant van de plas waar de cowboys op deze edele dieren rondrijden. Dat is althans een beeld dat ik erbij heb. De muziek die erbij hoort is dan country. Uiteraard. Deze band is echter van deze tijd. De paarden rijden dan ook kriskras door het alternatieve countryland. Draven soms rechtlijnig in het spoor van helden als Neil Young en bands als My Morning Jacket. Dan weer waden ze zich door lage wateren met de heldere breekbare productie van Phil Ek. Hij deed eerder de productie van die "hype" van 2004 en ook uitgebracht op Sub Pop - nieuwe release waarschijnlijk nog dit jaar - : The Shins. Dan weer gaan de paarden in galop op ritmes waar een britpopband in 2006 zich niet voor zou schamen en waar het verleden van een andere Sub Pop-band nog waait: Nirvana. Everything All The Time is dan ook een plezierig plaatje, maar dat de titel eenduidig van mij niet krijgt daar zijn de sporen namelijk te divers voor. Waarheen het verder gaat horen we volgend jaar als de opvolger van deze in 2004 reeds opgenomen album waarschijnlijk bij succes wel zal verschijnen. Tot die tijd zoek ik mijn eigen spoor op deze fijne release.
File Under: Hinnik!
File Audio: [Wicked Gil][Funeral]
Anna Ternheim
In haar thuisland Zweden gooide ze hoge ogen met haar debuutalbum Somebody Outside wat haar in 2004 een Zweedse Grammy voor "Best Newcomer" opleverde. De 27-jarige Anna Ternheim heeft bijna de hele dag geslapen. De sympathieke blondine die zo uit een film van Lucas Moodysson lijkt te zijn gelopen, vertelt me dat ze even moest uitrusten.
Het drukke tourschema waarmee ze de rest van Europa voor zich gaat proberen te winnen blijkt best vermoeiend. Ze verzekert me er echter van dat ze nu wakker genoeg is om geïnterviewd te worden door File Under.
Lees verder..VA - ?uestlove presents Babies Makin Babies vol.2
Valentijnsdag ligt alweer even achter ons, maar de compilatie met de onmogelijk lange titel Questlove presents Babies Makin Babies - vol.2 Misery Strikes Back... No More Babies kwam rond de bewuste dag uit en niet zonder opzet. Het lijkt misschien een cynische invalshoek, alleen maar liedjes over afscheid en gebroken harten rondom 14 februari, maar dat is niet zo bedoeld. Samensteller ?uestlove - drummer/producer van The Roots, D'Angelo, Common, Erykah Badu e.v.a. - bracht in 2002 al deel 1 met louter echte liefdesliedjes uit en vond het kennelijk aardig om ook de keerzijde te belichten. Hij slaagt daar prima in, met nummers die titels hebben als "Our Love Has Died", "How Can You Mend A Broken Heart" en "I Almost Lost My Mind". Maar ik vraag me toch wel af wie je hier nou precies een plezier mee doet. Gaat iemand die nog tussen de nasmeulende resten van een mislukte relatie zit echt naar de winkel om een cd aan te schaffen over gebroken harten? En ook al zijn de gekozen tracks bepaald niet van de minste Goden met Stevie Wonder, Al Green, Natalie Cole en de Average White Band in de line-up, het wil me maar niet bij de keel grijpen. Dat het tranenfeest na 49 minuten alweer voorbij is, helpt daar ook niet bij. Als er toch in verdriet gezwelgd moet worden, laat me dan maar reddeloos verdrinken! Snik.
File Under: Soulvol huilen om ludduvuddu
File Audio:[Preview a selection of songs]
Coste Apetrea - Rites Of Passage
Lion Music brengt steevast rock en metal uit. Progressieve metal, neo-classical metal of pure van-dik-hout-zaagt-men-planken-metal. Een enkele keer wordt er iets uitgebracht wat mijlenver afwijkt van de "normale" releases. Dat is dan wel steevast iets van een Scandinavische act. De Jukka Tolonen Band, bijvoorbeeld. Of dit plaatje, van een gitarist lang met Jukka Tolonen speelde, Coste Apetrea. Zweed, gitaarvirtuoos, opgegroeid met jazz, actief in jazz, pop, rock en wereldmuziek. Niet te beroerd om er een lekkere rocksolo doorheen te gooien of een lekker stukje fusion te spelen. Of verrassend uit de hoek te komen met een vioolsolo in opener "Rites of Passage". Progrock noemt Apetrea dit zelf. Okee, maar dan wel progrock ergens aan de rand met de jazz, zoals Steve Vai in zijn meest experimentele stukken. Beslist geen hapslikwegdeuntjes. Integendeel, de stukken duren vaak een minuut of tien en kennen heel wat ritmebreaks, acoustische intermezzo's en gierende solo's. En soms zang. Maar dan wel gedubbelde zang met zanglijnen zoals je die bij Frank Zappa tegenkomt. "En daar luisteren mensen dan een hele cd naar?" vroeg een vriendin die een stukje over de telefoon hoorde. Op mijn bevestigende antwoord kwam een nog verbaasder: "En er zijn ook mensen die dat kópen?" Nou, niet veel, da's waar. Maar er is een selecte groep gitaarliefhebbers die hier een heel fijne cd aan heeft. Want dat Apetrea kan spelen, daar hoef je na het beluisteren van deze cd niet meer aan te twijfelen.
File Under: Voor een selecte groep, maar wel erg goed
File Audio: [jukebox rechtsboven op de site]
Bullet For My Valentine - The Poison
Hypes in de Britse muziekblaadjes komen tegenwoordig in zulke grote hoeveelheden en met zo'n snelle omloop dat het bijna onmogelijk is om een beetje up-to-date te blijven. Gelukkig kun je er vrijwel altijd van op aan dat het te maken heeft met gruizige gitaarliedjes die uitgevoerd worden door van die typische Britse melkmuilen. Ha, mooi niet dus, want om het allemaal nog wat lastiger te maken heeft Bullet For My Valentine niets te maken met welke vorm van britpop dan ook maar is de band er toch in geslaagd om met enkel een paar luizige singletjes alle aandacht naar zich toe te zuigen. En nu is er dus het debuutalbum The Poison. Snoeiharde maar tegelijkertijd aalgladde metalcore die zomaar opeens hitpotentie zou kunnen hebben. Ieder nummer is gefundeerd op een vrij geniale riff die het beste van Machinehead, Iron Maiden en Killswitch Engage feilloos combineert om vervolgens na een wirwar van tempowisselingen en tussenstukjes nog nét een stukje vetter uit de bocht te komen. En het gaat maar door! Toch kan ik er niet omheen dat Bullet For My Valentine te kampen heeft met het probleem dat dertien liedjes weliswaar individueel allemaal van grote klasse zijn, maar wanneer je ze achter elkaar beluistert, toch wel erg veel op elkaar lijken. Dit is een euvel waar het hele genre mee te kampen heeft en prima op te lossen is door het simpelweg in kleine dosering te nuttigen. Doe je dat, dan zul je merken dat dit een knallend goed debuut is van een potentiële stadionvuller.
File Under: Riff je rot
File Audio: [Klik]
File Video: [All These Things I Hate]
Motel Mozaique 2006 Napret
Normaal zijn wij niet van die notoire laatkomers bij concerten. Ik mag graag een beetje op tijd in de zaal zijn om rustig mijn plaatsje op te zoeken. Dit keer lukte het niet om op tijd in Rotterdam te zijn voor Motel Mozaïque. En je zult altijd zien dat je daarvoor gelijk gestraft wordt. Ongeduldig sloten we aan bij de rij die tot onze frustratie tot ongeveer het station stond. De bui voelden we al snel hangen: het zou druk zijn op Motel Mozaïque, heel druk. Eenmaal binnen bleek dat ook inderdaad het geval te zijn. De tijd die we in Nighttown verbleven bestond dan ook vooral uit het schuifelen van zaal tot zaal en achteraan aansluiten in de rij. En dat was jammer, want daardoor konden we lang niet alles zien wat we wilden. Nu is een festival toch altijd een kwestie van keuzes maken, maar die keuzes maak ik liever niet, ik wil overal van kunnen proeven.
[Jnnk: Ik wilde er eigenlijk niets over zeggen, over dat gedoe bij de rijen. Dat is elders al genoeg gedaan. Blijkbaar kies je bij Motel Mozaique drie, hooguit vier concerten per avond uit, waarbij je er voor zorgt dat je op tijd bent. Het is de vraag of je dat wilt.]
Lees verder..Radar Bros. - The Fallen Leaf Pages
Het is een drukke tijd. Ik ren van hot naar her, ben mezelf soms kwijt. Ik heb nu eenmaal structuur en overzicht nodig om te kunnen functioneren. Ik moet echter roeien met de riemen die ik heb: het zit er nu even niet in. Muzikaal moet ik dan ook even niet teveel drukte om me heen hebben. Er zit al chaos genoeg in mijn hoofd. The Fallen Leaf Pages van Radar Bros. is dan ook een cd waar mijn hoofd even blij van is: er is melancholie, structuur en er ontbreken onverwachte wendingen. Het komt bovendien bekend voor: een snufje Beatles, een beetje van The Shins en sommige stukjes lijken geleend van onze eigen Daryll-Ann. Het drietal (volgens de hoes) of viertal (volgens hun My Space-pagina) Radar Bro(ther)s vond echter zijn oorsprong onder de Californische zon en straalde al vanaf 1996. Grote successen zie ik ze hier nog niet halen. Daarvoor is het teveel van hetzelfde en zijn er derhalve ook weinig hitgevoelige nummers. Het is echter een alleraardigst schijfje dat helemaal bij mijn toestand past ook al zijn de teksten niet altijd de vrolijkste. Ik ben blij dat ik in al die drukte toch nog tijd heb om dit soort plaatjes te mogen recenseren. De titel is echter een beetje vreemd in de lente, maar de cd is dan in Amerika dan ook al vorig jaar al verschenen. Er is bovendien al een versie met bonustracks op de markt. Ach ja, wat maakt het verder uit. De 45 minuten voldoen, de muziek is tijdloos en zorgt even voor wat rust in mijn hoofd.
File Under: Scheelt weer een paracetemolletje
File Audio: [Uiteraard staat er het e.e.a. op My My Space]
File Video: [Papillon]
Luzazul - Luzazul
Ik ben geen kenner, maar meer een liefhebber. Van mooie vrouwenstemmen dan. Gelukkig zijn die tegenwoordig ruim vertegenwoordigd op de pop- en muziekmarkt. Dat Magda Mendes in het bezit is van een mooie stem, dat staat vast. Ondanks dat ik geen kenner ben. De Portugese zangeres, die sinds een aantal jaren in Nederland woont, maakt samen met gitarist Victor Rosinha en allesspeler Martijn Morselt fijne, Braziliaans aandoende liedjes. Braziliaans, want qua ritmes en manier van zingen doen ze me meer aan dat grote land daar op het zuidelijk halfrond denken, dan aan het van Fado doordrenkte Portugal. Toch bestaat het gitaarwerk vooral uit door flamenco gekleurd spel, dat zijn dan wel degelijk Zuid-Europese invloeden. Het zal daarom vooral het ritmewerk zijn die de liedjes die Brasil-sfeer meegeeft, samen met die warme zang van Magda dan... Met name de up-temponummers "Filhos de Noite" en "Mergulhar" zijn strandweer-fähig terwijl het trage en weemoedige "Existência Utopicamente" juist weer een heel andere kant lijkt op te gaan. De afwisseling met een paar instrumentale nummers maakt het album heel laid-back. Helemaal aan het einde van de CD hoor je nog net een baby huilen terwijl een gitaar het kind zoetjes toespeelt... Het is de eerste van Luzazul immers!
File Under: Welkom op deze aardbol!
File Audio: op de site van Luzazul
Howling Hex - 1-2-3
Krap een jaar na All-Night Fox - zijn derde plaat in twee jaar voor Drag City - heeft Neil Michael Hagerty zijn platenbazen zo gek gekregen om deze CD uit te brengen. 1-2-3 bevat weliswaar een zelfde soort gekte gevat in gitaarminiatuurtjes, maar is in feite een collectie van drie eerder verschenen platen. Platen, inderdaad, want de 23 tracks op deze CD zijn afkomstig van drie, alleen op vinyl en dan ook nog in een beperkte oplage van 500, uitgebrachte LP's: Introducing the Howling Hex, Section 2 en The Return of the Third Tower. Het verschil met All-Night Fox zit 'm er vooral in dat deze liedjes zo mogelijk nog meer rudimentair vormgegeven freakbeat, psychedelica en opgefokte blues bevatten. De kronkelende gitaarlicks van de baas zelf komen rechtstreeks uit het gedachtegoed van Captain Beefheart, de smerige gekte en vuilnisbakkenritmes zijn overgebleven uit Royal Trux en alles wat je verder nog hoort is vintage Neil Michael Hagerty. Anders dan All-Night Fox trekt deze verzameling liedjes je niet mee op een opgewonden tocht door de geest van Howling Hex. Het zoeken en experimenteren is bij tijd en wijle zo richtingloos dat je elk idee kwijtraakt van welke track nu weer opstaat. Lekker voor de liefhebber van Royal Trux, oude Jon Spencer en andere vunzigheid, maar dan moet je wel met de programmeerfunctie van je CD-speler om kunnen gaan.
File Under: Programmeerbare gekte
El Presidente - El Presidente
De gemakkelijkheid en vrolijkheid van bands als Toploader en, ach kom, hoe heet die band nou, met het album met gele voorkant, met een in de lucht trappende jongeman... Het zijn in elk geval twee bands die het prima deden (en eigenlijk nog steeds doen) in de kroeg, als achtergrondmuziek. Net niet het geijkte dat uit de top40-computer komt, maar prima om de dag mee te beginnen, of zelfs te eindigen. Dat luistert nogal nauw hoor, muziek in de kroeg, en zeker als je zelf iets meer met muziek bezig bent, merk je hoe muziek de avond maakt, ook al staat ie slechts aan op de achtergrond of iets harder. El Pres!dente zou het in ons cafeetje prima doen. Gooi er nog wat referenties als Supergrass, maar ook Scissor Sisters tegenaan, dan weet je in wat voor stemming je het bier achterover zou gieten. Nu ik erover nadenk, denk ik dat deze band in Nederland behoorlijk wat succes zou kunnen boeken. Zoals de Infadels bijna uit het niets zes keer konden uitverkopen, zo zou El Pres!dente met een beetje promotie dat ook kunnen. Het is niet lullig bedoeld als ik zeg dat de liedjes op deze plaat makkelijk in het gehoor liggen, niet al te Engels klinken, een behoorlijke portie disco met zich meebrengen en dat de snerpende stem van de zanger met de welluidende naam Dante Gizzi mensen gemakkelijk meeneemt in zijn stemming. Ik begin steeds meer te geloven dat mensen in Nederland die anders willen, toch niet te moeilijk willen. Het uiterlijk van een rockband, maar gemakkelijk genoeg om te omhelzen. Dat ik dat niet onomstotelijk zal doen, hoeft u toch niet te beletten?
File Under: Makkelijke kroegpop
File Audio: [Flashsitemeuk]
File Video: [Flashsitemeuk]
Lambchop - The Decline of The Country and Western Civilization (1993-1999)
Sinds enige tijd ben ik weer, min of meer, eigen baas en dat geeft je een hoop vrijheid. Natuurlijk, er moet een hoop werk verzet worden wekelijks, maar het kan allemaal volgens eigen planning. Desalniettemin vond ik toch dat ik vandaag ziek was. Mijn linkeroog zit dicht vanwege een periodiek de kop opstekend kwaaltje en daar heb ik last van. En aangezien ik het belangrijkste werk toch al af had, vond ik dat ik mocht spijbelen. Dat gaf mij de gelegenheid om eens goed in het laatste werkje van Lambchop, The Decline of the Country And Western Civilization (1993-1999) te duiken. Lambchop, the most fucked up country band in the world volgens de platenmaatschappij, neemt in mijn collectie een aparte plaats in. Als er een nieuwe plaat uitkomt dan koop ik die, ik draai'm een regelmatig, geniet ervan en ga weer over tot de dag. Tot er een nieuwe plaat uit komt, waar ik vervolgens een poosje heerlijk in zwelg. En aangezien ik mezelf ziek verklaard heb, heb ik alle redenen om ook nu weer te zwelgen in de nieuwe Lambchop. Al klopt dat nieuw niet helemaal, want The Decline etc. is verzameling singles, rarities, outtakes en een enkel nieuw nummer. Maar aangezien het peil van Kurt Wagner's nummers sowieso altijd al vrij hoog ligt is amper te horen dat het om rarities en outtakes gaat. Al moet je Lambchop al wel in je hart gesloten hebben, want de nummers zijn soms net wat listiger dan die op de reguliere albums. Maar met de New Order pastiche "Two Kittens Don't Make a Puppy", de single "Cigarettiquette" en het werkelijk sublieme "The Gettysburg Adress" laat Wagner horen dat je ook rarities en outtakes kunt maken op een hoog niveau. En een zeer hoog zwelg niveau. Ik geloof dat ik nog maar even ziek blijf...
File Under: Voer voor alle Lambchop fans (en fans van Fucked Up Country...)
Charlie Hunter Trio - Copperopolis / Bobby Previte - The Coalition Of The Willing
Het is half vijf 's nachts en ik zit te prutsen aan een nieuw jasje voor m'n website. Met dank aan het late uur heb ik nog enig plezier van het cd'tje dat intussen meedraait. Overdag zou dat een stuk lastiger zijn. Het is namelijk een zéér merkwaardig plaatje, en nog vooral jazz bovendien. De naamgever van het trio, Charlie Hunter, in het verleden actief met uiteenlopende acts als Spearhead, D'Angelo, Zap Mama en Les Claypool, is uitvinder en bespeler van de merkwaardigste gitaar die ik ooit gezien heb. Een achtsnarig exemplaar. Dat is géén gewone gitaar met snarenoverschot, maar een gitaar waarvan drie snaren bassnaren zijn. Hunter is dus gitarist en bassist tegelijk, er is een drummer en een (Wurlitzer) toetsenist annex toeteraar. Het gitaargeluid is stevig vervormd en veelal voorzien van reverb, wat ook al niet aan de luchtigheid ten goede komt. Had ik al verteld dat het een instrumentaal album is? U begrijpt het al: zware kost. Weinig rock en veel jazz, sfeervol gebracht, vooral nog te genieten midden in de nacht, voorzien van een glaasje wijn. Overdag, als mijn metabolisme wat op toeren is, word ik waarschijnlijk gillend gek van dit plaatje...
Uit dezelfde hoek komt Bobby Previte. Hij is drummer en maakte óók een instrumentale plaat. Bij het eerste nummer vraag ik me onwillekeurig af of ze de toetsenist van The Tornadoes hebben bestolen voor deze plaat. Gelukkig is dat orgeltje niet de hele plaat aanwezig, anders had ik het zelfs 's nachts niet volgehouden. Het vervolg hangt ergens tussen blues en jazz in, wat soms tot geslaagde nummers leidt, maar even vaak tot voor mij toch echt iets te gortig gefreak. Charlie Hunter doet ook op dit album mee, maar met een gewone zessnarige gitaar. Dat helpt in elk geval voor niet-musicologen om de muziek zo nu en dan nog te vatten...
Een ding mag duidelijk zijn: je moet een heel brede smaak hebben om met een van deze platen nog iets te kunnen.
File: Charlie Hunter Trio - CopperopolisFile Under: Jazzkelderplaatje
File: Bobby Previte - The Coalition Of The Willing
File Under: jazz- en blueskelderplaatje
Sine Star Project - Blue Born Earth Boy
Ik liet mijn broer het vernietigend mooie "Forget Her" van Jeff Buckley horen. Het is een emotioneel lied met een verhaal; Buckley schrapte het van zijn album Grace om persoonlijke redenen, en je kunt je bedenken welke. Pas in 2004, zeven jaar nadat hij tragisch verdronk in de Wolf River, kwam het liedje op cd uit. Je zou ook kunnen zeggen: het laatste bastion van Buckley's authenticiteit werd vanaf dat moment commercieel uitgemolken. Maar is dat wel zo? Zoals mijn broer het verwoordde: pas als je Buckleys verhaal kent, wordt zo'n liedje veel echter dan de dertien-in-een-dozijn dramatiek in de bekende arrenbie-nummers. Het is zuur, maar misschien moest Buckley wel sterven voordat zijn muziek serieus genomen kon worden. Natuurlijk zoeken mensen naar emotie en echtheid in muziek; het is wellicht heel ouderwets en rockistisch, maar ik wil soms de mens achter de muziek zien. Dat is wat (ondanks mijn te lovende stukje laatst) ontbreekt bij bands als Kubb en wat je wél ziet bij een al net zo jonge band als Sine Star Project. Want die laatste liet ik ervoor aan mijn broer horen. Niet alleen lijken de zangstem en melodiewisselingen op deze debuutplaat eng veel op Jeff Buckley, het liedje "Wolf River" is een bloedstollend, meesterlijk eerbetoon aan de grote inspirator. Toch onderscheidt Peter J. Croissant zich op Blue Born Earth Boy; minder dan Buckley trilt zijn stem, declameert hij of zoekt hij het in grote uitbarstingen (het als enige wat minder geslaagde "Born Anxious" daargelaten), meer dan Buckley incorporeert hij andere instrumenten als harp en pedalsteel in zijn geluid. En alle andere leuke feitjes leest u maar in de bio. Het is dat Blue Born Earth Boy geen typische singles of gedoseerde power bevat zoals Grace of euh... Origin of Symmetry, anders was dit werkelijk een klassieke moordplaat geworden. Nu is hij alleen nog maar héél erg mooi. Peter J. Croissant, blijf je alsjeblieft nog lang bij ons?
File Under: De wederopstanding van Jeff Buckley
File Audio: [ MySpace] [,hier] en [op de site]
The Streets - The hardest way to make an easy living
Het is erg maar waar. Al zo'n jaar of 20 kijk ik naar de Engelse soap Eastenders. Op het moment figureert daarin het karakter Darren. Een brutaal rotjoch met een klein hartje. Altijd aan het wheelen en dealen om z'n zin te krijgen en wat geld te verdienen. Ik kon me helemaal voorstellen dat Mike Skinner vroeger ook zo'n joch was. Daarom moest ik aan dat typetje denken toen ik laatst weer 's naar The Streets' vorige cd luisterde: de eeuwige sympathieke loser. Geld en vriendin pleite, tv kapot, boete van de videotheek, enzovoort. Maar toch voortploegen met de broodnodige humor, drank en wiet. Op The hardest way to make an easy living is Skinner nog steeds de loser-hoofdpersoon in de soap opera die The Streets heet. Het enige verschil is dat hij nu een beroemdheid is. Zijn problemen hebben dus niet meer zoveel met het alledaagse te maken maar met het zware leven van een popster. Of het nu gaat om het krijgen van een vriendin, papparazzi of zeurende managers of dure videoclips. Met typisch Engelse zelfspot en nog altijd met Michael Caine intonatie (de melodie van "Hotel expressionism" lijkt gejat van het liedje uit The Italian Job) bezingt hij zijn leven van vandaag. Het is met name de spot en humor die The Streets voor mij zo aantrekkelijk maakt. Op het gebied van beats is het namelijk niet de meest vernieuwende act. Opvallend is dat het vooral nummers zijn die over meiden gaan die het meest aanstekelijk dansbaar zijn, zoals single "When you wasn't famous" en "War of the sexes". Jammer genoeg staan er ook een paar slappere tracks op de cd. "Never went to church", een eerbetoon aan Skinners overleden vader, is - oe oprecht misschien ook - mij te Eminem op een klef moment. Ook de ironie van de zoete soulzang op "All goes out the window" is niet aan mij besteed. Daar staan echter fonkelende nep-Rolexen als "Memento Mori" '(If love is blind then why do we all buy lingerie?') of "War of the sexes" ('Cos people who get hammered don't get to nail') tegenover. Uitsmijter "Fake Streets Hats" waarin Skinner beschrijft hoe hij volledig bezopen flipte over hoedjes in het publiek waarvan hij dacht dat ze nep waren, is zo hilarisch en zo pijnlijk eerlijk dat het onmogelijk is voor mij om niet een zwak te houden voor deze podiumhooligan met een klein hartje. We zullen zien hoe het verder gaat met Darren. Met Mike gaat het toch ook best goed op het ogenblik, of niet soms?
File Under: Well 'ard!
File Audio: [Aan de luisterpoal]
Raunchy - Death Pop Romance
Alweer een Deens bandje? En ze spelen modern klinkende metal? Het begint zo langzamerhand wel op een NWODMM te lijken! Inderdaad, een New Wave Of Danish Modern Metal. Hebben bands als Mnemic en Smaxone al aardig wat lekkere hightech-werkjes afgeleverd, hun landgenoten van Raunchy laten op Death Pop Romance horen dat er nog talent genoeg rondloopt in het land van de kleine zeemeermin. De stijl van de heren kun je nog het beste vergelijken met een kruisbestuiving van bands als Fear Factory en Strapping Young Lad aan de ene kant en bands als Soilwork en In Flames aan de andere kant, zij het dat deze dynamische Denen nergens als een goedkope spin-off klinken. Machinaal aandoende gitaarpartijen worden afgewisseld met prachtige melodieën, waarbij veelvuldig gebruik wordt gemaakt van harmonische samenzang en flarden van warme elektronicaklanken. De ritmesectie is strak, heftig en heerlijk inventief. Om de verwende luisteraar nog meer te plezieren, is de productie bovendien in handen gelegd van niemand minder dan Tue Madsen, die voor een toegankelijk en open geluid heeft gekozen. Deze cd luistert dan ook makkelijk weg en klinkt verdomde catchy. Na een paar draaibeurtjes blijven de songs al hangen en zorgen voor een plezierige glimlach op mijn gezicht. Benieuwd wat de getijdestroom nog meer in petto heeft dit jaar.
File Under: New Danish Dynamite
Dead Brothers - Wunderkammer
Het heeft lang geduurd, maar de eerste lentezonnestralen zijn doorgebroken. De terrassen stromen langzaam vol. Er rennen kinderen over straat. Stelletjes lopen gearmd over straat. Groepen volwassenen kletsen enthousiast. Ik aanschouw het toneel in het centrum van Breda waar ik aan het wachten ben. Een zwerver schiet mij aan voor geld om brood te kopen. "Nee, ik heb geen geld bij me." Gij zult niet liegen. Ik weet het, maar het past niet bij deze dag. Op Wunderkammer zingen The Dead Brothers mij toe: Trust In Me. Ik heb dat vertrouwen niet als ik de Zwitserse Tom Waits mij toezingt. De sfeer is er één van zonneschijn, maar soms drijven er wolken boven de muzikale stad waar af en toe een bui valt. Een trompet, trombone, banjo, orgel, accordeon, diverse soorten gitaren en een zingende zaag, geen middel wordt geschuwd om mijn aandacht te trekken met een mix van folk, blues, jazz, tango, country en gipsy. De Zwitsers zingen voornamelijk in het Engels, maar ook in het Frans en Duits. Ik kom weer in de wereld van nu als aan mij gevraagd wordt of ik meega. Een gebeurtenis zoals die waarschijnlijk op zoveel plaatsen plaatsvindt. Ik glimlach en straal, het leven is soms een Wunderkammer, bijvoorbeeld door dit puike plaatje.
File Under: In de Zwitserse voetsporen van Tom Waits
File Audio: [I Can't Get Enough]
File Video: [Trust In Me]
Jim Peterik - Above The Storm
Afgelopen jaar was ik een van de weinige AOR-recensenten die het debuutalbum van Pride of Lions niet in z'n jaarlijstje had staan. Sterker nog: ik vond het een ongeïnspireerd en overgeproduceerd werkje. Met bijna de hele liveband van Pride of Lions - alleen Toby Hitchcock ontbreekt - heeft Peterik nu een solo-album opgenomen en heb ik inmiddels heel wat keren met volle teugen genoten van Above the Storm, zoals het album heet. De band is hoorbaar op elkaar ingespeeld, iets wat je bij allerlei projecten vaak node mist. Qua stijl is het overigens amper te vergelijken met Pride of Lions. Hier gaat Peterik regelmatig de popkant op, waardoor het in de ballads soms zelfs iets teveel in de richting gaat van De Man Wiens Naam Hier Niet Genoemd Mag Worden. Ook de rest is geen AOR, maar retecommerciële poprock, zij het dat de gitaren er wat steviger zijn ingemixt. In "Secrets of a woman" schetteren er zelfs nadrukkelijk blazers voorbij. Het is dan ook een plaat die in de eerste plaats om Peterik's stem draait. De songs zijn aardig, maar zeker geen top. Ze zijn echter prima om Peterik ruimschoots te laten horen wat 'ie kan. En dat is niet weinig. Alleen al daarom is dit een prettig plaatje. Niet wereldschokkend, wel prettig.
File Under: Tikkie voorspelbaar vakwerk
File Audio: [Burning With A Reason] [Live Life] [In The Days We Have]
Andrea Revel - City Songs
Soms zou ik wel wat meer een engelmeisje willen zijn. Een stoer engelmeisje, dat wel. Ik zou gekke liedjes maken zodat de mensen zouden denken: 'Hee, er zijn ook engelmeisjes met stoere en gekke liedjes.' Ze zijn er hoor, hele families. Families van engelboefjes. Engeltjes moeten namelijk niet alleen doen waar ze goed in zijn, niet alleen lief en aardig. Niet de ideale schoondochter spelen, want daar hebben we er al genoeg van. Ideale schoondochters zijn een beetje saai, kijk maar naar Idols-Floortje (die heus geen engel is). Andrea Revel is wel een engelmeisje, met dito krullen en dito stem. Een kopstem die neigt naar die van Heather Nova, maar nog te veel engel is om er echt op te lijken. Een normale stem die niet onderdoet voor menig kopstem. Als engelmeisje Andrea een spijkerbroek en een geruit bloesje aan zou doen en die kopstem achterwege zou laten, dan zou ze een folkengeltje zijn. Nu ze dat niet doet en in de winkels in de grote stad naar apparaten met knopjes heeft gezocht, is er niet zo heel veel meer over van het engelmeisje, maar stoer is ze ook niet geworden, daar helpt ook geen pseudo-hippe - edoch helaas mislukte - albumhoes aan. Er is niets sereens meer over van het engeltje, alleen haar gezicht, en een cover zet haar meteen op haar plek. Niet dat ik Manu Chao zo leuk vind, maar Andrea Revel die "Clandestino" doet is nog saaier. Zingen kan ze, gitaarspelen ook, maar dat is niet genoeg. Engeltjes moeten wel origineel zijn, en een klein beetje gek. In "Flapper Jane", het stoutste liedje, zingt ze 'I never said I was a good girl' en over seks. Zo zo, denk ik, maar stoer wordt ze er niet van. Zoek nog wat verder, naar iets geks, iets anders, iets lekker fris. Iets waar pit in zit.
File Under: Engelmeisje met dito stem zoekt originaliteit
File Audio: [Ze zit niet eens op Myspace!]
Vanden Plas - Christ 0
Vier jaar heeft het geduurd voordat Vanden Plas met hun zesde studioalbum, Christ 0, komt. Na de uitstapjes van Kuntz bij Abydos en de betrokkenheid van de band bij enkele theaterproducties werd het weer tijd voor een eigen album. Het is een conceptalbum dat gebaseerd is op het verhaal van de graaf van Monte Cristo, geschreven door Alexandre Dumas. Maar dan wel met de eigen interpretaties en symbolieken van Andy Kuntz. Het is onmiskenbaar Vanden Plas, zowel qua zang - door de altijd herkenbare stem van Andy Kuntz als qua muziek - hoewel ze voorlopig door velen nog wel met Dream Theater vergeleken zullen blijven worden hebben ze toch echt een eigen sound. De gitaren klinken over het algemeen behoorlijk zwaar met een algehele heavy sound tot gevolg. Het album start met het sterke openingsnummer, en tevens titelsong, "Christ 0". Rustpunten ontbreken niet zoals de ballad "Fireroses Dance" bewijst. Andere uitschieter die ik wil noemen is de tien minuten durende track "January Sun". Als bonustrack hebben de heren een cover van "Gethsemane" uit Jesus Christ Superstar toegevoegd. De uitstapjes her en der hebben goed uitgepakt en werpen hun vruchten af met een echt en goed progmetalalbum als resultaat. Van snerpende gitaren en vette drums, tot gevoelige ballads, mooie arrangementen, af en toe bijgestaan door een 40-koppig orkest met uiteraard de nodige tempo- en stijlwisselingen. Het geheel is een compleet, gebalanceerd en volwassen album geworden en een zeer waardige opvolger van Beyond Daylight.
File Under: Schöne progmetal aus Deutschland
File Audio: [Silently (excerpt)] [Postcard To God (excerpt)] [Christ 0 (excerpt)]
Shannon Lyon - Safe Inside
Als ik op de kaart aan zou moeten wijzen waar Boekend ligt, dan zou ik niet veel verder komen dan ergens richting Oost-Brabant en Limburg te wijzen. Verder zou ik het echt niet weten. Gelukkig is er dan altijd de Wikipedia. Die leert mij: Boekend (soms ook De Boekend, of in de streektaal D'n Bokent) is een klein dorp in de gemeente Venlo, in de provincie Limburg en is gelegen tussen de Venlose stadswijk Blerick en de snelweg A67. Het dorp bevat onder andere een sporthal, een klein restaurantje, een kerk en een bakker. Het mooie van een wiki is dat iedereen deze kan updaten. Bij Boekend zou er ondertussen wel bij mogen dat daar zich ook Léon's Farm bevindt en dat die studio een pleisterplaats is voor nationale en internationale roots-artiesten. Het zijn niet de groten der aarde die langskomen, maar het zijn artiesten die zoeken naar een studio die voelt als een tweede huis. De Canadees Shannon Lyon beviel het er, want net als zijn vorige cd nam hij er, samen met BJ Baartmans, zijn nieuwe cd Safe Inside op. Die titel zal vast niet slaan op de gemoedelijke omgeving van de boerderij van Leon Bartels, maar ik sluit het niet uit dat het wel zo is. Samen met Baartmans heeft Lyon een alleraardigst en divers rootsalbum opgenomen. Hoe divers blijkt wel uit het aantal verschillende soorten gitaren (acht, als je banjo en bass ook meetelt) dat er bespeeld wordt. Van zich prachtig voortslepende blues tot aan folkrock die doet denken aan Hothouse Flowers - die ken je als het goed is van hun hitje "Don't Go" uit 1988 - , Lyon kan het met zijn bluesy bruine stem allemaal eenvoudig aan. Als Powderblue's Marjolein van der Klauw hem bijvalt krijgt het geheel een meer countrykarakter. Maar ook dan geldt dat de liedjes van Lyon blijven boeien. Deze Canadees scoort met dank aan zijn Nederlandse vrienden. En dat allemaal gewoon opgenomen in Boekend, het dorp dat onder andere een sporthal, een klein restaurantje, een kerk, een bakker en Leon's Farm, pleisterplaats voor nationale en internationale roots-artiesten, bevat.
File Under: Deze Canadees voelt zich veilig in Boekend.
Gathering - Home
Nog steeds kom je veel recensies in metalland tegen van het eigenzinnige The Gathering. Ze staan zelfs op Graspop. En als ik zo luister naar hun meest recente wapenfeit Home, begrijp ik daar eigenlijk steeds minder van. De dagen van zware dubbele gitaarmuren, beukende drums en luchtalarmzang met bijbehorende lange, wapperende haren lijken nu echt voorgoed voorbij. Op de met een Edison Award bekroonde DVD A Sound Relief kon je zien dat de broertjes Rutten tegenwoordig dan ook de voorkeur geven aan een korte coupe. De set die de band tijdens het op deze DVD geregistreerde concert in Paradiso speelde, kan worden gezien als een voorbode van het album Home. De nadruk lag vooral op het sfeervolle, open materiaal. Eigenlijk wordt er dus gewoon verder gegaan op de weg die met voorganger Souvenirs reeds was ingeslagen. De nummers zijn echter dit maal een stuk compacter. Dat geldt zowel voor de composities als voor de door Attie Bauw geproduceerde piekfijne sound. Anneke laat horen dat ze steeds beter in staat is haar zang te doseren. Hierdoor klinkt ze inmiddels zo oprecht dat ik geen kans meer krijg om mezelf te storen aan de Engelse uitspraak met Brabantse tongval. Hulde ook voor bassiste Marjolein Kooiman die geruisloos haar positie in de band heeft ingenomen. Samen met drummer Hans Rutten legt ze een sobere, solide basis neer waarop de rest van de band naar hartelust hun melodieën kunnen verweven. Het resultaat heeft vrijwel niks meer met metal van doen, maar is o zo genietbaar voor de triprocker in mij.
Weet je wat we deden? We deden weer een prijsvraag! En gaven goodies weg! Hoera! Hoera! Hoera! Met grote dank aan de dames van Het Monumentale Maar ja, daar heb je nu niets meer aan natuurlijk..
File: The Gathering - HomeFile Under: Thuiscatering? Lekker!!
File Audio: [Shortest Day]
Textures - Drawing Circles
Volwassenheid. Ik hou niet zo van die term. Bandjes mogen van mij het liefst eeuwig jong blijven en lekker om zich heen blijven trappen. Groei impliceert toch meestal dat de scherpe kantjes er wat vanaf gaan en dat er rustiger vaarwater gezocht wordt. Je hoort dan ook geregeld mensen zeggen dat het debuut, of in de meeste gevallen een van de eerste drie platen, niet overtroffen gaat worden. Textures dan. Hun debuut is in mijn optiek een van de beste Nedermetal releases ooit, met enorm hoogstaande technische avantmetal. Met maar één kanttekening: het had wel enorm veel weg van Meshuggah. Nou is daar ook niets mis mee, Meshuggah is al sinds jaar en dag mijn favoriete metalband, maar de originaliteitsprijs zullen ze er in ieder geval niet mee winnen. Op Drawing Circles gaat Textures op dezelfde voet verder, echter klinkt het geheel nu uitgebalanceerder, zijn de tempi wat naar beneden geschroefd en klinkt het allemaal wat, ja, wat volwassener. Hoewel af en toe nog steeds lekker bruut en technisch tot op de millimeter springt het zestal minder van de hak op de tak, zijn de songs overzichtelijker opgebouwd en is de zang zelfs nog een stukje verbeterd ten opzichte van het debuut. Wat gebleven is zijn de polyritmische riffs en de Allan Holdsworth-achtige gitaarsfeertjes, die het geheel nog een extra zetje richting avantfusion geven. Zonder dat de kracht en urgentie er vanaf gaat. De altijd zo moeilijke tweede (ook zo'n popcliche) blijkt dus geen al te grote hindernis en Textures zet hiermee een grote stap richting haar volwassenheid. Prima plaat.
File Under: De grote stap naar volwassendom
File Audio: [Regenesis]
Mummy's A Tree - Loftmusic For Millions (Yet Unaware)
De boom werd in 2001 omgehakt. In 2000 was er nog het album "Strange Darling" en werd de finale van de Grote Prijs van Nederland gehaald. Het was kennelijk op. Eind 2005 horen we dan eindelijk weer wat van de band van de Nijmegenaar Stefan van den Berg. Al is Mummy's A Tree ingekrompen tot een duo, waarbij hij zelf een heel scala aan instrumenten bespeelt, zoals de gitaar, banjo en piano. Bovendien zingt hij. Voor de percussie en achtergrondzang zorgt Frank Antonie. Verder wordt er een aantal gastmuzikanten ingehuurd om de puntjes op de i te zetten. Het resultaat is Loftmusic For Millions (Yet Unaware) dat alweer een tijdje door mijn huis aan het slingeren is en sporadisch gedraaid wordt. Mummy's A Tree zorgt namelijk niet voor de meest toegankelijke muziek. Het geheel klinkt alsof er de oude radio (op de hoes) aanstaat met Nick Drake of Jeff Buckley songs, maar dan opgenomen in de jaren vijftig. Toch knarsen de droevige songs soms teveel om niet van deze tijd te zijn. Nummers die ik met beleid tot me neem, want alles in één keer is net wat teveel gevraagd. Daar is de zangpartij net wat te eenvormig voor en zijn de melodieën vooral te droevig voor. Aan een recensent met een depressie heeft ook niemand wat. Toch ben ik blij dat hij weer van zich laat horen, want dir comebackalbum is zeker de moeite waard. Alleen de volgende keer graag weer met een echte band en niet semi-akoestisch. Ik hoop dat deze boom ons dan nog van genoeg zuurstof voorziet.
File Under: Wederopstanding van een boom
Boy Sets Fire
Diary of a healing proces
Boy Sets Fire was in Nederland om voor een stampens volle Melkweg te spelen. Dat het zo druk was is niet zo gek, want wat spelen die gasten goed! Voor het concert hadden ze even tijd om met ons te praten. Terwijl Nathan, de zanger, in de tourbus zijn schoonheidsslaapje hield spraken wij in de kleedkamer met Robert, de bassist, en Chad, de gitarist. Na nog wat onderlinge discussie tussen de bandleden over wie een teaser van twintig seconden voor de Japanse release gaat doen beginnen we het gesprek met Robert.
Brant Bjork - Saved by Magic
Hij is voor mij een beetje de King of Cool aan het worden. Brant Björk oogt namelijk altijd en overal relaxed. Het is zo'n artiest die op het podium precies hetzelfde is als ernaast. Altijd vriendelijk en relaxed. Misschien is hij wel een beetje te koel, bedacht ik me na het beluisteren van zijn laatste worp Saved By Magic. Een echte band-cd en een dubbel-cd bovendien. Ik kan aardig wat koel verdragen en vind één cd lekker. En dan is het mij bijna om het even of ik Fuckin' A of Fuckin' Be (met kloeke "Sunshine of Your Love"-cover) hoor, maar twee keer vijfenveertig minuten Björk maakt mezelf ook überloom en lodderig. Ik zat me af te vragen waar dit door komt. Volgens mij komt het vooral door de rare manier waarop Saved By Magic gemixed is. De verhoudingen tussen drums, gitaar, zang en bas zijn gewoon heel anders dan dat je meestal hoort. Als ik het oneerbiedig zou zeggen en een beetje lomp uit de hoek zou komen, dan zou ik zeggen dat Saved By Magic verzandt in een geluidsbrij. Dat verzanden blijft blijft gelukkig wel achterwege door het heldere geluid. Ik houd het er maar op dat het een onorthodoxe mix is waar je aan moet wennen. Tel je bij sommige nummers in gedachten flink wat distortion bij de gitaren erbij op, dan wordt het volgens mij namelijk oppermachtige stoner. Maar das war einmahl voor Brant. Bovendien zouden dan de ragfijne details die wel degelijk in de nummers zitten, verdwijnen als sneeuw voor de woestijnzon. En dat zou jammer zijn. Nee, laat Björk maar lekkere lome en koele woestijnblues maken. Daar is hij namelijk zeker wel zeer goed in. Maar wel één cd per keer.
File Under: King of Cool
Billie Joyce - One Willing Heart
Een internationale productie, zo mag het dan heten. Singer/songwriter Billie Joyce heeft zich omringd door een keur aan Nederlandse muzikanten en ook haar producer - BJ Baartmans - is in deze contreien geen onbekende. Maar even makkelijk wijkt deze geboren Canadese uit naar Nashville, Tennessee om een extra zangstem op te laten nemen (ze woont er ook, dus dat was makkelijk). De rest van de opnames van One Willing Heart vond plaats in Boekend, Limburg.
En wat heeft dat opgeleverd? Een poppy countryplaat met genoeg soul en blues en vooral genoeg kwaliteitsvolle liedjes. Het enige probleem - en dat is er eentje die aantikt - is haar stem: One Willing Heart klinkt vooral erg beschaafd. Nu zal niet iedereen daar over struikelen. Ook ik veerde op na de prima opener "Season For Being Alone", maar een plaat lang een - excusez le mot - dame te horen in plaats van een stem houdt deze recensent niet vol. En dan te bedenken dat Billie Joyce werkzaam was in het gevangeniswezen. Dan mag er iets meer Lucinda Williams of Mary Gauthier doorklinken. En nu we het toch over gevangenissen hebben: kan deze hoesontwerper achter slot en grendel?
File: Billy Joyce - One Willing HeartFile Under: Dames sing/song
File Audio: [Season For Being Alone] [Thunder Bay]
Andersen-Laine-Readman - Three
Er zijn van die platen die al voornamelijk nostalgische waarde hebben op het moment dat ze uitkomen. Three, resultaat van een project van Royal Hunt-toetsenist André Andersen is er zo een. Aanvankelijk nam hij songs op met zanger Paul Laine (ex-Danger Danger). Halverwege kwam daar ook nog Pink Cream 69-zanger David Readman bij en het project kwam goed op stoom. Andersen wilde zich beperken tot korte, pittige rocksongs. Dat is hem gelukt, want niet een van de tien songs komt boven de 4'08". De songs met Readman bevallen me het best. Niet omdat Readman duidelijk de betere zanger van de twee zou zijn, nee, domweg omdat hij me het meest doet denken aan de tijden dat Graham Bonnet op de toppen van zijn roem stond bij Rainbow, Michael Schenker Group en Alcatrazz. Kijk, en dáár komt de nostalgie om de hoek kijken. Daarnaast is dit een plaat die duidelijk als tussendoortje is bedoeld, voor de afwisseling voor de muzikanten zelf. Ze speelden weer eens wat anders dan anders en hadden daar duidelijk lol in. Okee, er wordt hier en daar wel heel opzichtig leentjebuur gespeeld ("Bulletproof") en origineel is het allemaal ook voor geen meter, maar het plezier ligt er duimendik bovenop. Dit is geen sensationele plaat, maar wel genietbare tachtiger jaren gerontorock.
File Under: Déja vu, maar wel een aangenaam vergezicht
File Audio: [Dust To Dust] [meer fragmenten]
The Buckshots - The Buckshots
Tight blue jeans, uiteraard met omgeslagen broekspijpen, witte hemden en glimmende vetkuiven. Doe daar nog een paar glimmende Cadillacs bij en je hebt het imago van de Zweedse Buckshots zo ongeveer in een notendop. Ondanks dat Jorgen Westman, de voormalige zanger van garagepunkers Psychotic Youth, de grote man is achter dit trio, is er geen enkele vorm van punk te bekennen op het titelloze debuut. De CD bevat zestien authentieke Rock n’ Roll liedjes die rechtstreeks uit het oeuvre van Jerry Lee Lewis, Hank Williams of Gene Vincent zouden kunnen komen, af en toe glipt er zelfs een stukje Cash voorbij. Een heerlijk sfeervol album waarbij gretig gebruik wordt gemaakt van saxofoon en trompet en de dansbare nummers prima afgewisseld worden door van die typische fifties schuifelliedjes. De stem van Westman pas perfect bij de toon en thematiek van de nummers en zijn ‘snik’ klinkt zo nu en dan heerlijk gemeend. Ik krijg er een hele romantische bui van en zou bijna Grease nog eens downloaden, als het niet zo’n buttfilm was. Het moet vreemd lopen als ik niet heel veel plezier van deze plaat ga krijgen: hij is ideaal voor tijdens het rijden, tijdens het koken, voor op de zaterdagavond, voor op de zondagochtend, op een lome zomerse dag, maar ook op een kille winternacht. Een beetje Buckshot voor ieder moment dus.
File Under: Authentieke Rock n' Roll-a-billy
File Audio: [Een zwik samples]
Templo Diez - Winterset / White Sands - Alma
Ik kan er slecht tegen als ik bij een concert sta, ik een band heel goed vind spelen en er maar een handvol publiek is. Als dat op een festival gebeurt waar in de andere zalen de mensen er zo ongeveer met de benen uit hangen kan ik er nóg slechter tegen. Templo Diez gebeurde het op Crossing Border. Ze stonden op Crossing Border geprogrammeerd in een soort van bouwloods waarvoor je de straat en tramrails over moest steken. Dat was blijkbaar teveel gevraagd voor de festivalbezoekers. Wie het wel gedaan had, werd beloond voor deze inspanning door middel van een heel mooi concert van de Haagse Fransoos Pascal Hallibert en zijn bandleden. Ik verbaasde me over de grote progressie die Templo Diez gemaakt had sinds de laatste keer dat ik ze zag in Ekko. De wisseling en aanvulling in de band, die maakte dat er nu vier nationaliteiten vertegenwoordigd zijn, maakte Templo Diez sterker en hechter. Winterset laat horen dat Templo Diez ook in de studio gegroeid is. Waar op debuut Hoboken nog wel wat Velvet Undergroundklanken terug waren te horen zijn deze op Winterset vrijwel verdwenen. De bijna onverstaanbare praatzang van Hallibert maakt dat Winterset nog meer dan Hoboken je doet denken aan Sparklehorse en door de combinatie met zijn ijl klinkende gitaarspel en rijke orkestratie heel spooky klinkt. Het zijn dan ook niet zo zeer de krachtige songs, niet dat deze slecht zijn overigens, als wel de hele sfeer van Winterset en de beelden die dit oproept die dit album zo mooi maken.
Wie meer wil dan drie kwartier Hallibert, en dat wil je wel, kan terecht bij de debuut-ep Alma van White Sands. Daarop zingt en begeleidt Hallibert zichzelf op gitaar en klinkt ook een stuk verstaanbaarder en af en toe bijna met een countrysnik meer singer- songwriter georiënteerde liedjes. De spookachtige magie van Templo Diez ontbreekt door de sobere setting wel een beetje, maar de liedjes die Hallibert schrijft blijven ook zo mooi én fier overeind.
File Under: Spookachtig en mooi
File Audio: [Sal] [Sparkle] [No Matter What]
File: White Sands - Alma
File Under: Soberder, maar ook mooi
File Audio [Calavera][Half-sleeping]
The Dead 60's - The Dead 60's
Volgens mij was deze plaat het punt dat ik me ging ergeren. In wezen best laat, aangezien ik mensen ken die zich al aan Franz Ferdinand ergerden omdat het op the Strokes zou lijken (of anders om). Ik niet, hoor. Ik vond het allemaal goed te pruimen. Kromde geen teen. Afijn. Waar wil ik heen? The Dead 60's, dan. In de bio van the Dead 60's wordt met klem benoemd dat de band dan wel uit Liverpool komt (en dat ze die sound helemaal niet afweren), maar dat ze toch wel echt absoluut iets nieuws onder de zon zijn. Ze vinden namelijk dat ze andere invloeden hebben. Die anders vormgeven. Dat ze het geluid verwoorden van cement en beton, het geluid van het opgroeien in een trieste achterbuurt waar het altijd regent. Oh boo-hoo! Onzin allemaal natuurlijk, want dit is absoluut iets ouds onder de zon. Horrorshow ska? Laat me niet lachen. Een vreselijk grote hit gescoord in Amerika? Oh well. Ska, ja. Ik bedoel, het doet geen pijn ofzo. Je kunt het plaatje best laten draaien tijdens de afwas als het cd-rek niets biedt dan melancholie en depressie (enik kan je verzekeren, het poetst makkelijker dan... euh... Smog. Om maar wat te noemen). Leuk, dus. Gewoon. Maar kom me alsjeblieft niet aan met dat dit het nieuwe luisteren is. Dat dit anders is, want dit is gewoon oud. Stoffig en oud. Ouwe lullen muziek voor de nieuwe generatie.
File Under: Vluchtig
File Audio: [I-tunes via de site, waar sowieso de muziek je meteen om de oren schalt]
Joe Bonamassa - You & Me
Bij het vocale intro van You & Me is al duidelijk dat het nieuwe album van Joe Bonamassa een ander album wordt dan het vorige studio-album Had to cry today. Dat intro doet namelijk sterk denken aan de oude swampbluesplaten en dat is toch heel wat anders dan de pure bluesrock die Bonamassa tot nu toe maakte. Bluesrock is weliswaar nog steeds de basis van zijn muziek, maar op dit album lijkt hij het allemaal wat breder te willen trekken. Hij heeft zijn begeleidingsband bedankt voor bewezen diensten en dit album opgenomen met Jason Bonham (UFO, Foreigner) en Carmine Rojas, met ook bijdragen van Pat Thrall (Pat Travers, Hughes/Thrall) en Doug Henthorn (zanger van Bonham's eigen bandje Healing Sixes). De rest van het recept is min of meer hetzelfde gebleven: ongeveer de helft eigen songs, de andere helft covers, hier van onder andere Sonny Boy Williamson, Ry Cooder en Led Zeppelin ("Tea For One", gezongen door Henthorn). Waar op Had to cry today de bluesrockkrachtpatserij hoogtij vierde, lijkt Bonamassa zich deze ronde meer te hebben geconcentreerd op sfeer en zang, en zich wat van het Stevie Ray Vaughan-idioom te ontdoen. En hoezeer ik het werk van Stevie Ray Vaughan ook bewonder, de wil tot ontwikkeling bij Bonamassa is te prijzen. Het fraaiste nummer is opvallend genoeg overigens instrumentaal: "Django", - uiteraard - een ode aan Django Reinhardt. Is dit nu behalve een ander album ook een beter album? Daar ben ik nog niet helemaal uit. Had to cry today was helemaal in mijn straatje, aan You & Me ben ik nog aan het wennen. Maar dat Bonamassa op weg is een van de groten te worden, dat is zeker.
Joe Bonamassa is deze week in Nederland: 12/4 Oosterpoort Groningen, 13/4 Boerderij Zoetermeer, 14/4 Paradiso Amsterdam 15/4 Lantaarn Hellendoorn
File: Joe Bonamassa - You & MeFile Under: De volgende stap naar grootheid
Blues Brother Castro - Fun
Eigenlijk had er op het hoesje een waarschuwingssticker moeten zitten, maar ik ben een slimme kerel. Ik trap er niet weer in. Het enthousiast springdansen op Moneymakerme leverde mij destijds een verrekte nekspier op. Dit keer ga ik rustig zitten en houd ik me stevig vast aan de leuning van de stoel. Als het Amsterdamse Blues Brother Castro van start gaat willen ze meteen toeslaan met "Give Me (Something To Dance To)". Ik trap er niet in. Ik heb het volume echter te laag gezet en sta op: en jawel, uw recensent staat mee te swingen op de muziek. Ze hebben me te pakken. Dit keer is het echter wel Fun, want ik houd alles heel. BBC dondert echter in hoog tempo hun bluesy rock 'n' roll over me heen waarbij het songmateriaal gevarieerder is dan op het debuut. Ik wil krijsen ehhhhhhh... zingen als Leon Caren, ik wil de bas beroeren als Mila van de Wall, drummen als Hajo de Reijger of anders maar de gitaar bespelen als Tjeerd Meindersma of Leon Caren zelf. Ik sta echter alleen in onze woonkamer en het is maar goed dat niemand me ziet. Werd BBC op hun vorige album nog wel vergeleken met Pixies. Nu gaan ze een stap verder, knallen ze nog meer en is er op een eigenzinnige manier ruimte voor relatieve rust. Ik benoem ze - sorry Gem en Voicst - hierbij tot de beste rock 'n'rollband van ons land. En dat ook nog n.a.v. een studioalbum, terwijl de concerten normaliter helemaal geweldig zijn.
Blues Brother Castro is tot de zomer in het Nederlandse clubcircuit te bewonderen. Check!
Omdat Fun zoveel Fun is gaven we in samenwerking met RaRa-records drie exemplaren van Fun weg. Je bent helaas voor jou te laat.
File Under: Oef, dit is gaaf!
File Audio: [Alles op de Luisterpaal]
Queensrÿche - Operation: Mindcrime 2
Storm zegt: Het je O:M2 al gehoord ondertussen?
Prikkie zegt: Jup. Mja, mja. Aardig, bij vlagen goed. Muzikaal is het te vaak voorspelbaar. Zoals dat sologedeelte in "I'm American": fantasieloos en slap. Wat ik wel aardig vind is dat ze themaatjes uit OM1 hebben teruggehaald in OM2 Luister maar eens naar het begin van "The Hands". Maar m'n jaarlijstje zie ik 'm niet halen.
Storm zegt: Inderdaad, ik weet vrij zeker dat dat hier ook niet gaat gebeuren. Ik had er wel op gehoopt, want O:M1 staat in het lijstje conceptplaten heel hoog en andere oude platen van Queensrÿche vind ik ook heel goed. Ik mis hier knallers van het niveau "Suite Sister Mary" en "Eyes of a Strangers".
Prikkie zegt: Het begin is leuk, lekker concepterig en zo, maar er zijn teveel songs die domweg middelmaat zijn. Ik vind het wel beter dan Promised Land, maar dat was dan ook een gedrocht. Queensrÿche zonder DeGarmo is toch wat te vaak "net niet". Ik ben ook niet helemaal overtuigd van de productie bij OM II
Storm zegt: Het verbaasde me wel dat ze DeGarmo er niet bij hebben kunnen halen. Denk je dat het dan wel geslaagder zou zijn geweest? Ik waag het te betwijfelen eigenlijk.
Prikkie zegt: Ach, ik denk dat de chemie eruit was. Ze missen hem als songschrijver. Dit materiaal is geschreven met Mike Stone, niet met Michael Wilton. Dat zegt genoeg.
Storm zegt: Vond jij Promised Land al een gedrocht? Ik die plaat nog best meevallen. Pas daarna vond ik het écht beroerd worden. Maar ik ben het wel met je eens dat je DeGarmo wel degelijk mist. Wat me aan O:M vooral tegenstaat is de zang van Tate. Die heeft duidelijk zijn beste jaren gehad.
Prikkie zegt: O nee, Tate is Tate. Die heeft één stijl, dat is nu eenmaal zo.
Storm zegt: Luister 1 en 2 maar eens achter elkaar. Hij zingt nog steeds in dezelfde stijl, maar kwalitatief is het gewoon minder. Minder scherp en strak. Dio blaast'em omver in "The Chase".
Prikkie zegt: Je krijgt het idee dat QR stil is blijven staan terwijl de rest zich ontwikkelde. een vervolg op een conceptalbum is natuurlijk sowieso een beetje een zwaktebod.
Storm zegt: Het is een plaat waar ik maar al te graag een hele positieve recensie over zou willen schrijven, maar waar het echt niet over kan. En dat tot mijn grote teleurstelling. Goed, hiermee poetsen ze hun blazoen nog een beetje op. En na een toer is het tjoep doei! Althans dat hoop ik voor ze.
Prikkie zegt: Dit is een dappere poging, maar hij is maar half geslaagd, maar tot meer zie ik ze niet meer in staat
Storm zegt: Ja. Toch jammer, ik draaide O:M1 afgelopen middag nog eens en vond'em nog steeds fantastisch.
Prikkie zegt: Maar ach, misschien zijn we ook gewoon blasé en zouden we nu OM1 ook maar zozo vinden.
Storm zegt: Ook dat, ook dat. Maar we hebben wel gelijk.
Prikkie zegt: Uiteraard...
File Under: Ik heb al een (betere) OM
Puppetmastaz - Creature Shock Radio
Een 'poppen met grote bekken'-concept is na Meet the Feebles en Avenue Q nog op geen enkel stemvolume origineel te noemen, maar omdat het bij Creature Shock Radio om hiphop gaat kan ik alleen maar blij zijn dat Puppetmastaz bestaat uit onder anderen een kikker, een kangoeroe en iets dat lijkt op een miereneter (maar het zou ook een afgedankte Miele FloorCare kunnen zijn). Normaal gesproken bestaan hiphopacts immers uit overmatig gespierde jongens die met ongevraagd veel gewapper van de onderarmen uitleggen hoe door cocaïne verdoofd tandvlees precies aanvoelt, declareren dat hun jeugd kutter was dan de jouwe en benadrukken dat hun weloverwogen voorkeur op het gebied van tieten ligt bij de zogenaamde 'dikke vette'. Ik ben daar een beetje klaar mee. Puppetmastaz hebben ook stoerdoenerige gangstarapteksten, maar die zijn tenminste niet echt. Ik bedoel: ik ben in staat veel te geloven, maar dat amfibieën kogelwonden te boven kunnen komen gaat er bij mij niet in. Voor de muziek op Creature Shock Radio valt niet veel te zeggen, en de sketches en videoclips op de ondersteunende dvd hoef ik ook niet vaker dan één keer te zien, maar vergeet niet dat Puppetmastaz bestaat uit onder anderen een kikker, een kangoeroe en iets dat lijkt op een miereneter (maar het zou ook een afgedankte Miele FloorCare kunnen zijn). Er dient hier dus de nodige waardering opgebracht te worden.
File Under: Hippop
File Audio/Video: [Officiële website] [ MySpace] [YouTube]
Protest The Hero - Kezia
Een priester in een gevangenis, een bewaker van diezelfde gevangenis en een meisje dat wacht op haar executie: het zijn de drie hoofdpersonen op het conceptalbum Kezia van Protest The Hero. Vanuit drie verschillende perspectieven wordt dezelfde gebeurtenis beschreven, het wachten op en het voltrekken van de onvermijdelijke straf die een einde maakt aan het leven van Kezia. Aan ieder personage zijn drie nummers gewijd die zowel tekstueel als muzikaal de gemoedstoestand uitdragen en karakter geven aan het verhaal. Een dergelijk ambitieus project is doorgaans eerder te vinden in de wereld van de sympho en zou je niet verwachten van een band met vijf negentienjarige kortgeknipte knulletjes. Protest The Hero maakt ook geen uitgesponnen psychedelische muziek maar retestrakke metalpunkcore die met een noodgang aan je voorbij trekt. Geen geschreeuw of gegrunt maar melodieuze zanglijnen op gitaarlikjes die bijkans onnavolgbaar zijn. Ik heb ze niet geteld, maar er komen toch ieder nummer zeker een stuk of 30 complete toonladders voorbij vliegen. Kezia is dan ook niet alleen qua concept maar ook vooral qua muzikaliteit zeer de moeite waard. Tekstueel is het soms een beetje té hoogdravend (hoeveel moeilijke woorden kunnen er in een tekst) maar het spelen met verschillende sferen per personage komt zeer goed uit de verf. Ik ben in het bijzonder gecharmeerd van de enorme stem van zanger Rody Walker die werkelijkwaar alle tonen uit het register met gemak weet te halen en daarmee zijn mannetje staat tegenover al het virtuoze gitaar- en drumgeweld. Een overdonderend goede en volwassen plaat van dit piepjonge vijftal.
File Under: Hogeschoolcore
File Audio: [Nautica]
Motel Mozaique 2006 - Vooraf
Het worden vast twee fijne avonden en nachten
Storm zegt: Weet je jnnk, ik vind het maar een raar idee dat ik mevrouw Storm meeneem naar een festival. Normaal gaat ze al niet snel mee naar een concert, laat staan naar een festival. De laatste keer kan ik me eigenlijk niet heugen. Ik vind het wel leuk dat ze meegaat, maar ik heb het idee dat ik daarop wel een beetje het programma af moet stemmen van de acts die ik ga bekijken met haar. Ik kan haar niet alles voorschotelen. Of vind je van wel?
jnnk zegt: Tja, ik ken haar natuurlijk niet, maar de meeste dingen zijn toch wel te pruimen? Sommige zijn misschien wat moeilijk te begrijpen, in een keer, maar echt hard of echt gek zal het niet worden. Dat kan ook aan mij liggen... Ik bedoel, die Coco Rosie, is best wel een beetje vreemd, maar het moet bijzonder zijn om de zusjes live te zien...
Storm zegt: Ja, dat wil ik haar ook zeker laten zien. Ik ben zelf ook wel nieuwsgierig hoe die koolstofbesnorde dames live zijn. Ik heb een beetje een haat-liefde-verhouding met hun cd's. Beetje raar.
Umphrey's McGee - Safety In Numbers
Het vorige Umphrey's McGee-album, Anchor Drops, eindigde in mijn jaarlijstje over 2005 bovenaan. Wanneer Ome Storm aankondigt dat het nieuwe album mijn kant op komt, spring ik vanzelfsprekend een gat in de lucht. In de bio bij de cd zegt gitarist Jake Cinninger echter dat ze zich meer op songs dan solo's hebben gefocust. Ik krijg het even heel benauwd. Ze hebben de variatie in de songs toch niet opgeofferd voor veilige middle of the road? Dat is valkuil nummer één bij jambands volgens mij, dat alle virtuositeit en verrassing wordt opgeofferd om er maar vooral veilige songs van 3 of vier minuten van te maken. Wat je tot het laatste album bij Toto zag gebeuren, bijvoorbeeld. En bij eerste beluistering duurt het ook tot het Little Featachtige "Women Wine and Song" voor het echt op gang komt. Bij iedere volgende luisterbeurt vallen me echter weer allerlei details op en bloeit Safety in Numbers op. Dan blijkt bij nadere beschouwing opener "Believe the lie" al alles te hebben wat Anchor Drops zo heerlijk maakte: subtiele ritmes, springerige gitaren en een melodie die je niet meer uit je kop krijgt. De rest loopt van Gracelandachtige ritmes tot Ween-koortjes en akoestische gitaarsongs, in een onmiskenbaar Amerikaanse sound. Uiteindelijk is de conclusie dezelfde als bij de vorige plaat: hogeschoolmuziek, maar wel in échte songs. Geen grote stap vooruit, zoals bij Anchor Drops. Maar consolideren van een hoog niveau is ook een prestatie. En zo is Safety In Numbers toch weer een kandidaat voor mijn jaarlijstje. Of 'ie er aan het einde van het jaar nóg opstaat? Geen idee. Maar nu komt 'ie erop.
File Under: Hoog niveau geconsolideerd
File Audio: [Flashding rechtsboven op de site] [E-card]
Branko - My World Electric
Een plaat die My world electric heet en waarop een fraai gecoiffeerde koningspoedel de cover siert kan je behoorlijk op het verkeerde been zetten. Dit zou zomaar een cd van een danceformatie kunnen zijn of het zoveelste indie-bandje met jaren tachtig invloeden. De vlag dekt in ieder geval niet de lading, want Branko is niet zo makkelijk in een categorie in te delen. De cd begint met uptempo poprock rummers ("Wonder Woman", "Letitgo") die je na één luisterbeurt al mee kunt zingen. Het gitaargeluid van Wonder Woman doet een beetje denken aan The Cure. Wat verder meteen opvalt is het ruimhartig gebruik van synthesizer en samples in verder gitaargeörienteerde muziek ("Circles"), waardoor het ook wat doet denken aan hippe Scandinavische bandjes als The Rasmus (tja, sorry). Toch jaren tachtig dus? Nee, allengs wordt de plaat ruiger en het geluid logger. Single "Loose" is lekker overstuurd als, zingt u even mee? 'Danger, danger! High Voltage!' Na een, naar mijn mening, wat misplaatst Bon Jovi balladachtig nummer met achtergrondzangeres ("Love = a fading star"), gaat de versterker meer richting de 11. Wat volgt is onvervalste stonerrock die door het gebruik van elektronica zwaar doet denken aan Soundgarden. "Hide" daarentegen heeft meer een QOTSA-achtige drive. Het is dan ook vanaf dit moment dat de samples af en toe wat misplaatst lijken. In het nummer "White" weet ik in ieder geval niet of de bliepjes een originele toevoeging of een irritatiefactor vormen. Eén ding is zeker, verwarring als deze is óf een indicatie voor een prettig eigenwijze band of het betekent dat Branko nog niet hun ideale vorm hebben gevonden. Dat gezegd hebbende; dit zou wel eens een heel lekkere, vette liveband kunnen zijn.
Branco speelt vanavond in de Taverne in Bergen
File: Branko - My World ElectricFile Under: Vette, met elektronica opgeleukte stonerrock
File Audio: [Let It Go] [Loose] [White]
Bherman - Attitudes
Vandaag deed ik op MSN weer een levenswijsheid op. Dat je beter een paar dingen heel erg goed kunt doen, dan heel veel dingen allemaal half. En met dat laatste ben ik bijna noodgedwongen bezig de laatste tijd. Het vrijwilligerswerk dat ik doe op een jeugdcentrum, het sturen van zelfgemaakte verjaardagskaarten of het schrijven van dit stukje, ik doe het graag maar het moet telkens ergens snel tussendoor (als ik het al niet vergeet). Net zo tweeslachtig voelen sommige nummers op Attitudes. Kwaliteit verloochent zich niet: de oude rasmuzikant Bherman (51) uit Gent is hoorbaar een songschrijver met liefde voor zijn vak. Dit vierde album is gevarieerd, knap en met een volle sound ingespeeld. Pop, folk, funk, jazz, slome country, viool-solo's, synthesizers, orgeltjes, het komt allemaal wel ergens langs. Daardoor is Bhermans stem de enige bindende factor. Maar juist die mag voor mijn gevoel nog wel iets karakteristieker, hij klinkt me te monotoon. Of is dat nou net de attitude? Echt heftig kan ik de songs op Attitudes niet noemen. Sommige zijn wat druilerig, maar allez. Twee unieke gevallen springen er echt uit, het mistig stuwende "Victoria" en het slepende "Paint". In die twee liedjes legt Bherman een onderhuidse spanning die de virtuositeit van zijn band eigenlijk nog beter benadrukt dan die hele berg begeleidende lijntjes in andere nummers. Nog fraaier zou het wellicht zijn als de band daarbij aan het slot écht ontspoort, wat dEUS al ooit tot zijn handelsmerk maakte. Het talent ervoor heeft Bherman allang in huis.
File Under: Stijlvol en kundig, maar net iets te verantwoord
File Audio: Zes samples op de site
Neko Case - Fox Confessor Brings The Flood
Als ik 's morgens wat chagrijnig Neko Case op haar Fox Confessor Brings The Flood - wegens te zoetjes - niet de kans geef het verhaal af te maken geef ik haar 's middags in alle rust een herkansing. Twee collega's, en dat is niet gering als er maar vier mensen in het gebouw zijn, vragen afzonderlijk geïnteresseerd waarna ik zit te luisteren. Ja, Neko Case: een Canadese dame met kundige begeleiding die op een wat poppy manier alt.countryliedjes brengt. Ze knikken tevreden: 'Nog nooit van gehoord.' Tja, wat zal ik zeggen. Het is toch alweer haar vierde studioalbum en ze is bovendien ook bekend als zangeres in The New Pornographers. Dit zal echter, met alle respect, wel een brug te ver zijn. Er zijn naast haar prachtige stem die meteen de aandacht trekt ook topmuzikanten aanwezig die ervoor zorgen dat zij tot haar recht komt. Zo is er bijvoorbeeld Gary Hudson van The Band, Howe Gelb van Giant Sand en John Convertino van Calexico. Toch klinkt het schijnbaar zoetjes. Diegene die de hoes hebben bekeken zijn echter gewaarschuwd. Het schijnbare is echt schijn, want de teksten zijn dat allerminst. En als ik de cd dan zo ongeveer grijs gedraaid heb dan weet ik dat dit ook wel voor de muziek geldt, want er zit genoeg onderhuidse spanning in. Al met al een interessante release voor de doelgroep alt.country tot - weer met alle respect - middle of the road. Het is maar met welke oren je er naar luistert.
File Under: Een eerste oordeel is niet altijd het juiste
File Audio: [Check de Music Player]
From First To Last - Heroïne
Soms, wanneer ik in een grote multimediawinkel of platenzaak rondloop, word ik overvallen door een vlaag van misselijkheid. Niet omdat ik het daar niet leuk vind, maar vanwege de enorme overdaad aan muziekjes en apparaatjes die ik graag zou willen hebben. Zoveel opties, keuzes en indrukken dat ik uiteindelijk met lege handen naar buiten ga. De tweede CD van From First To Last heeft aanvankelijk eenzelfde uitwerking op me: bomvol met geluiden, ritmewisselingen en andere prikkels. De eerste luisterbeurten maken dan ook dat ik heel erg onrustig word en steeds het gevoel heb alsof ik achter de feiten aan loop. Maar dan valt alles op zijn plaats. Mede dankzij de bijdragen van grootheden als producer Ross Robinson en mixer Andy Wallace is Heroïne een klein meesterwerkje met grootse pretenties geworden. De band doet er alles aan om zich zoveel mogelijk te distantiëren van het verwijt 'commercieel' te zijn en heeft het roer, in vergelijking met debuut Dear Diary... drastisch omgegooid. De nu en dan zwaar neurotische zanglijnen zijn duidelijk geïnspireerd op Mars Volta's Cedric Bixler en erg gepast. Waar Mars Volta zich steeds meer lijkt te gaan verliezen in ellenlange uitwijdingen houdt FFTL het compact en wordt er nooit onnodig gas teruggenomen. Het machtige drumwerk, het hier en daar fenomenale gitaarspel (die solo op openingsnummer Mothersound!) en het gepaste gebruik van elektronica en toetsen maakt van Heroïne een ware trip.
File Under: Trippen op Heroïne
File Audio: [The Latest Plague] [The Levy]
Evergrey - Monday Morning Apocalypse
Evergrey gaat op Monday Morning Apocalypse verder waar The Inner Circle ophoudt. Was op het vorige album het betere stunt- en vliegwerk al minder aanwezig, op de nieuwe studioplaat lijken de ambitieuze Zweden zich nog meer gericht te hebben op het schrijven van pakkende liedjes en is het complexere en progressieve werk wat meer op het tweede plan beland. Daar kan je lang en kort over zeuren, veranderen kun je het zeker niet. De vraag die wel naar boven komt is waar de heren uiteindelijk naar toe willen, want ondanks dat de rauwe randjes weg zijn, is dit schijfje toch behoorlijk heavy uitgevallen. Zware gitaarpartijen vormen nog steeds de basis en ik geloof niet dat de gemiddelde radio538-luisteraar al klaar is voor smeuïge en loodzware tracks als "Obedience", "The Curtain Fall", "At Loss for Words" en "Still in the Water". Nummers als "Lost" en "In Remembrance" doen me echter een stuk minder en komen zelfs wat zeikerig over. Vooral als superzanger Tom S. Englund inzet met "Inside out, going outside in" verdenk ik hem er sterk van dat genoemde tekst als sluikreclame voor de platenmaatschappij is opgenomen. Doorspoelen of plaspauze is de enige remedie. De gevoelens bij het 'nieuwe' Evergrey zijn dan ook duaal. Aan de ene kant weer een paar ijzersterke krakers, aan de andere kant toch ook de twijfels of de ingeslagen weg niet al teveel afdwaalt naar minder interessante muzikale oorden. Vooralsnog het voordeel van de twijfel alhoewel het waterthema in "Still in the Water" niet de overhand moet krijgen want daar zijn meer bands aan ten ondergegaan.
File Under: Zeker (nog) geen maandagmorgen kater
File Audio: [Hier natuurlijk]
File Video: [Every Tear]
The Sword - Age of Winters
Het leek wel een aflevering zoals je ze wel eens bij Jambers ziet: Beavis & Butthead tien jaar later. De pink en wijsvinger gingen meerdere malen de lucht in. Af en toe zelfs van beide handen tegelijkertijd. De hoofden knikten heftig mee, maar het haar schudde niet. Gel hè. Continu het doffe geluid van het tappen van de schoenzolen op het tapijt. Af en toe kon ik me niet meer inhouden en ramde ik het ritme mee van Trivett Wingo, de drummert van dienst. Magistraal. Dat is wat The Sword is en hoe hun debuut-cd Age of Winters klinkt. En elke keer wanneer het snelle stuk volgt op het subtiele middeleeuwse intro van "Iron Swan" langs kwam zeiden we tegen elkaar: 'Dit klinkt echt wel als Metallica van toen ze nog goed waren.' Waarna we titels uit die goede oude tijd opdreunden: "Damage Inc.", "Whiplash", je weet wel. Maar daarbij alleen laat The Sword het niet. De magistrale doomy riffs doen je vermoeden dat we hier te maken hebben met buitenechtelijke kinderen van Tommy Iommi en dat Ozzy een zoon zonder bril en buikje heeft bij een Texaanse volbloed. En die dan met "March Of The Lor" een retro-metal instrumentaaltje opnemen- nu ja met twee schreeuwen, dat nog wel -, in acht bedrijven, in vier minuten en eenenveertig seconden. Wat wil een mens nog meer? Nou een liveshow in een hardrockhol hier in de buurt bijvoorbeeld. En antwoord op de vraag waarom de heren Tia Carrera bedanken in het fraaie, door Trail of Dead's Conrad Keely vormgegeven boekje bijvoorbeeld. Ze bedoelen vast hun streekgenoten die de naam van de actrice hebben aangenomen.
File Under: Hehe...hehe...yeah, yeah...cool
File Audio: [ MySpace]
Mystery Jets - Making Dens
Het is een sprookjesband, schreef ik elders. Zanger werd geboren met een open ruggetje en zit daarom tijdens het optreden op een kruk. Op krukken komt hij op en gaat hij af. Zijn vertoning is een combinatie van Edward Scissorhands en Robert Smith. Zijn stem lijkt soms op die van Patrick Wolf, maar bijna alles is meerstemmig. Basgitarist heeft slechts een kleine rol in die meerstemmigheid. Vader doet wel mee en af en toe zelfs een dansje, waarvan je niet weet of je er om moet lachen of niet. De sprookjesband kan zichzelf door het samenspel ook nog eens betoveren; ze zijn nieuwerwetse hippies. Ze tekenen hun eigen hoezen. Die houden het midden tussen een jaren zeventig symphoplaat en de kaft van een modern sprookje: ik heb de 7" van "Alas Agnes" en die is geweldig. Alleen de cd-hoes is wat commerciëler gemaakt, het boek leest als een sprookje. Er valt genoeg te ontdekken. Net zoveel valt er te ontdekken in de muziek op Making Dens. Hoewel super-Brits is er toch iets dat het bandje anders maakt dan veel Engelse bandjes. Het is minder hoekig, maar wel zo 'gezellig'. Het is minder opgefokt, meer subtiel. Het mag dan wel vrolijk wezen, het lijkt alsof er een onderliggende laatste noot voor iets extra's zorgt. Wel staan er een paar liedjes op, bijvoorbeeld "Soluble in Air" en "Little Bag of Hair", waar het allemaal niet zo lukt. Saai en netjes zijn ze daar zelfs en het is beter als het een beetje een rommeltje is. Liever Assepoester dan Doornroosje, als het ware.
File Under: Een gezellig Brits sprookje, met een niet nader te omschrijven onderliggend iets
File Audio: [Waar anders?]
File Video: [Waar anders? (Maar niet echt clipjes, zo te zien)]
De Heideroosjes
Phideaux - 313
Ik zie hier op File Under regelmatig genres voorbijkomen waarbij ik geen idee heb wat voor muziek ik daarbij moet verwachten. post-rock, emocore.... Ik kan het nog net onderscheiden van polka en reggae, maar daar houdt wel op. Dat geeft niks, ik verzin zelf het liefst nieuwe benamingen, dus anderen zullen mij ook niet altijd helemaal kunnen volgen. Alleen zit ik nu met het probleem dat ik een plaatje heb dat wel eens in die hoek van mij onbekende genres thuis zou kunnen horen: 313 van de Canadese regisseur en muzikant Phideaux. Phideaux Xavier is een Canadese muzikant die met grote regelmaat plaatjes de wereld ingooit. De bezettingen van zijn band wisselen, even afhankelijk van wie van het clubje om hem heen beschikbaar is. De stijl wisselt ook per cd. Volgens de site gaat het om progressive psychedelic art rock en inderdaad, het eerste nummer is prog uit de oertijd. Maar het derde nummer doet me sterk aan Steve Harley denken. Da's allesbehalve prog of psychedelisch. Sowieso doet het me meestal denken aan de Britse pop uit de jaren zeventig. Melancholieke songs en mooie melodieën in sobere instrumentaties. Een enkele keer gaat het een tempo een tikkie omhoog en krijgt het een randje electropop. De term space folk valt ook ergens en die vind ik eigenlijk het beste passen bij dit werkje. De mooie momenten op de cd vallen een beetje weg als je de cd als behang beluistert, dus neem er wel even de tijd voor. De andere recensenten op File Under zullen ongetwijfeld aanzienlijk recentere associaties hebben dan ik. Maar ja, die weten dan ook wat emocore precies is, en post-rock. Ach, weet u wat? Als wat ik doorgaans bespreek ab-so-luut niet uw smaak is, dan moet u deze echt eens beluisteren.
File Under: In elk geval géén polka
File Audio: ["Never gonna go" op MySpace] [zelfs een compleet album op de site]
The Flaming Lips - At War With The Mystics
Normaal begin ik het schrijven van een stukje eigenlijk nooit met het verzinnen van een File Under. Bij de nieuwe cd van de Flaming Lips, At War With The Mystics, zoemen echter al sinds de eerste luisterbeurt twee woorden door mijn hoofd. Het ene is Geniaal, het andere is Meligheid. Geniale Meligheid, beide met hoofdletters. Dat moest mijn File Under worden. Ik wist het na het eerste nummer "Yeah Yeah Yeah Song" al helemaal zeker. Dat dacht ik dus. Want op een zeker moment - ik denk ergens tussen de vijfde en tiende luisterbeurt van deze briljante plaat - begon het te knagen. Is het wel meligheid? Is het niet gewoon domweg alleen maar geniaal? Het is toch fantastisch dat elke keer dat ik de cd draai, ik weer nieuwe details hoor in de liedjes. Daar geniet ik van. Bovendien heb ik er grote bewondering voor dat ze nergens afzwabberen richting de grote-gebaren-pathetiek van Mercury Rev - en fijn ook natuurlijk, want aan een Mercury Rev hebben we echt wel genoeg. Dat gevaar ligt namelijk best her en der op de loer in de liedjes op At War With The Mystics. Wayne Coyne en zijn mannen trappen er gelukkig nergens in. Ze spelen gewoon voor spacekruimeldieven en schuimen zo vele genres (soul, rock, pop, disco whatever) en bands (Pink Floyd, Prince en nog een halve popencyclopedie) af en pikken overal wat op. Het mooie aan At War is dan ook dat je dat je er van alles in kan horen maar dat het toch eigenlijk in alle liedjes bijzonder en origineel is.
File Under: Geniale Meligheid of gewoon geniaal?
Allerseelen - Edelweiss
Drie weken lang zat ik opgesloten in een dorpje in Oostenrijk. Het was nog mijn eigen schuld ook, want ik koos er vrijwillig voor om als activiteitenbegeleider met een reisorganisatie mee te gaan. Dit was op zich best geslaagd, maar de vrije tijd moest ik door gebrek aan een vervoermiddel vooral plaatselijk doorbrengen. Ik bezocht het enige café, zat in de enige sauna en bezocht het enige museum en zwembad. En ik ging wandelen, veel wandelen. Met de kabelbaan keek ik dan snel op het dal met het dorp neer. Ik bewandelde elk pad, zag elke steen en bekeek elk prachtig uitzicht. En toen moest ik nog een week. Ik had het wel gehad. Zo is het ook een beetje met de cd Edelweiss van het Oostenrijks gezelschap Allerseelen. De wandeling lijkt uitnodigend te beginnen als ik lees dat er een mix van neo-folk, inustriele rituelen en avantgardistische invloeden volgt en dat de nummers in vijf jaar sprokkelen bij elkaar gevonden zijn. De cd kent een echte Oostenrijkse (kitsch) verpakking. De nummers zijn vervolgens minimalistisch van opbouw, hebben interessante ingangen o.a. door gebruik van samples, worden in diverse talen (Duits en Italiaans) en door diverse vocalen c.q. stemmen ten gehore gebracht. Het resultaat en werkelijkheid is echter keihard. De route bij de ingang die mij de weg moet wijzen is al snel onduidelijk. Ik verdwaal in het woud van de zestien nummers. Na ruim 73 minuten slaak in een zucht. Ik stap snel in de bus die mij weer thuisbrengt om deze recensie te schrijven. In Nederland groeit in het wild immers geen edelweiss. Of sta ik er nou net bovenop?
Allerseelen is op zaterdag 13 mei te zien in Goudvishal te Arnhem.
File: Allerseelen - EdelweissFile Under: Oeps, ik mocht deze plant niet plukken
File Audio: [MarquesDe Pubol][ Nest][Gondellied]
The Spirit That Guides Us - We Are Under Reconstruction Part 1
The Spirit That Guides Us is geen alledaags bandje. Allereerst is het niet echt een band, maar eerder een collectief dat eens in de zoveel tijd de koppen bij elkaar steekt. Daarnaast speelt voor deze band het logistieke probleem dat de meeste leden doubleren in andere bands rond het Sally Forth-label en komt een deel van de leden ook nog eens uit het buitenland. Tenminste, de laatste keer dat ik ze zag zaten er in elk geval een Deen en Koreaan bij, maar pin me er alsjeblieft niet op vast, de bezetting wil namelijk ook wel eens wisselen. Kortom, TSTGU is geen bandje dat elke week op vaste tijden in het oefenhok zit met een koud kratje bier. Toch heeft dit gezelschap de afgelopen zes jaar een partij enorm overtuigende platen vol unieke indierock/screamo/emocore uitgebracht. Het debuut was geweldig, de opvolger North And South zo mogelijk nog beter en ook de EP's rosten de pannen van het dak (vooral die split met Selfmindead was geweldig). En deze nieuwe is wederom van akelig hoog niveau, al is dit geen normale plaat. Er staan een paar nieuwe nummers op die gewoon heerlijk doorgaan waar de vorige plaat ophield, een handjevol EP tracks is opnieuw opgenomen en daarnaast zijn een aantal songs opnieuw gemixt. Ook zijn er twee sterke live-songs te horen, is de oude zanger nog even uitgenodigd om het oudje "The Spirit Anthem" opnieuw in te schreeuwen en knallen ze er een knalharde Depeche Mode-cover tegenaan. Kortom, het is weer feest in huize Marty en deze grandioze meeschreeuwplaat maakt dan ook de komende tijd overuren. Ik ben nu al benieuwd naar deel 2.
File Under: Grandioos tussendoortje
File Audio: [Zo'n prachtige flash e-card]
Reverend Beat-Man and The Church of Herpes - Your Favorite Position Is On Your Knees
Vrolijk en vrij in de Alpenwei? Nou, niet bepaald: de Zwitser die zichzelf Reverend Beat-Man noemt, klinkt als een gekooid en getergd beest en slingert zijn teksten met een stem als een doorgebroken rioolpijp de wereld in. Normaliter werkt Taeb Zerfall als éénmansband (vroeger als Lightning Beat-Man, sinds eind jaren negentig als Reverend Beat-Man) met gitaar en uit elkaar gevallen drumstel. Voor Your Favorite Position Is On Your Knees heeft het geschifte Alpenneefje van Captain Beefheart samenwerking gezocht met Herpes ö Deluxe. Dit noise en industrial-combo uit het brave Bern heeft een soundtrack gemaakt die op een beangstigend-wonderlijke manier past bij de voordracht van de Reverend. Alsof Boris Karloff en Trent Reznor zijn gaan samenwerken door de eerste een rijtje op hol geslagen PC's te voeren, waarna Archie de Man van Staal de PC's aangezet heeft. Dat klinkt idioot? Het label van de Reverend heeft het over 'industrial horror minimal elektro trash'. En net zo gestoord klinkt Your Favorite Position Is On Your Knees. Zelfs in zijn ergste dopecrises zal Elvis Presley de cover van "Blue Suede Shoes" zo niet gehoord hebben.
File Under: Geschifte Zwitsers
File Audio: [Bad Treatment]
Vinkenoog / Spinvis Combo - Ja!
Het Spinvis Combo met Simon Vinkenoog, dat klinkt als een heel logische combinatie. Spinvis is immers een muzikant die in zijn liedjes neigt naar dichterlijkheid, Vinkenoog een dichter die in zijn gedichten neigt naar muzikaliteit. Dat kan bijna niet anders dan een perfecte combinatie zijn. Toch? Helaas, niet echt. Zeker, er zijn op de cd mooie momenten te vinden waarvan Spinvisadepten zeker zullen kunnen genieten, maar op de een of andere manier wil het het grootste deel van de tijd maar niet sprankelen. Is het omdat het materiaal in slechts één dag is opgenomen? Is het omdat Spinvis - zeker op zijn laatste album - zingt en Vinkenoog alleen declameert? Ik weet het niet precies. In het nummer "Lotus Europa" op Dagen van gras, dagen van stro declameert Spinvis immers ook, en dat is een nummer dat ik wél heel geslaagd vind. In het titelnummer op deze cd is het vooral de jachtigheid in de voordracht die me stoort. "The Flying Dutchman" doet zelfs eerder aan de electropop van Kraftwerk of Yello denken dan aan Spinvis. Pas bij het derde nummer, "Gnomendans", hoor je weer de hypnotiserende herhalingen die zo kenmerkend zijn voor Spinvis. Spinvis = experiment, en in dat licht is Ja! bijna per definitie geslaagd, maar het grote verschil met eerdere releases zit 'm denk ik in het feit dat hier het Spinvis Combo teksten van Vinkenoog begeleidt, terwijl normaal gesproken bij Spinvis de tekst juist onderdeel is van en ondergeschikt lijkt aan de melodie. Dat is ook wel logisch, maar hier wringt dat net iets te vaak. Je mag me rustig een Spinvisadept noemen, maar ik zou deze cd eerlijk gezegd vooral voor de volledigheid kopen. En dat is niet echt een aanbeveling, geloof ik.
File Under: Als experiment geslaagd, als muziek minder
File Audio:[het hele album is online beluisteren]
Satyrian - Eternitas
De afgelopen week heb ik met dank aan een fijn griepje relatief weinig nuttigs kunnen doen. In het weekend heb ik toch maar een beetje in een lekker lentezonnetje de tuin weer een beetje op orde gemaakt met wat snoei-, hark- en schoffelwerk. Een goed muziekje is dan heerlijk om in dat zelfde zonnetje even bij te komen, nadat je net even die ziektekiemen er uit hebt zitten zweten. Satyrian brengt op Eternitas een heerlijke combinatie van new wave en goth metal. De band Satyrian is voortgekomen uit het project Danse Macabre, een project van Ancient Rites-leden Gunter Theys en Jan Yrlund. Twee zangeressen (Kemi Vita en Judith Stüber) verzorgen op fraaie wijze met name de rustige zangpartijen en de zanger (Roman Schönsee) brengt het in dit genre bekende contrast met zijn zwaardere en donkere stemgeluid met zowel grunts als cleane stem. Over het algemeen krijg je rustige, sferische, maar donkere muziek voorgeschoteld. Afwisselend van dansbare industrial/new wave tot zware gothmetal en uitstapjes naar folky nummers als "Bridge Of Death". Ik denk daarbij aan een mix van (oude) Theatre of Tragedy, Dead Can Dance en Beseech. Al met al een album met een zeer goede balans tussen de instrumenten en de zang. Niets of niemand heeft de overhand. Ze hebben er in ieder geval alvast een nominatie mee verdiend voor mijn jaarlijstje.
File Under: Heerlijke newwavegothmetalindustrialfolkmelodicmusic.
File Audio: [Snippets @ MySpace: Eternitas, Sacred Lies en Invictus]
NOFX - Never Trust a Hippy (EP)
Het werd geen maandag zoals normale maandagen gaan bij ons op kantoor. Normaal ben ik laat en moet ik na binnenkomst het ene setje speakers dat we op onze kamer hebben ompluggen naar mijn PC. Ik heb nou eenmaal de oudste rechten en ben dus het hoofd muziek van deze kamer. Maar vandaag was ik bijna op mijn normale tijd en hadden de speakers niet even ge-pc-hopped . Aan de andere kant van het bureau zat, na een korte vakantie, het vertrouwde gezicht. 'Je bent bruin geworden', grapte ik. Alsof je bruin wordt van twee weken Finland ver boven de poolcirkel. 'Dat niet, maar ik ben wel getrouwd in een ijskapel.' Zo die zat. Ik riep gelijk iets over bier, maar dat kan natuurlijk niet op maandagmorgen op kantoor. Dus ik dook gelijk in mijn met cd's gevulde rugzak en haalde maar eens wat feestmuziek te voorschijn om er toch een feestje van te maken. De keuze uit de stapel was een eenvoudige: nieuw werk van NOFX is altijd feest. En naar de EP Never Trust a Hippy die de voorloper is van het deze maand verschijnende Wolves in Wolves' Clothing, daar wordt hier op kantoor al sinds het verschijnen van het vorige tussendoortje, verzamelaar The Greatest Songs Ever Written (By Us), reikhalzend naar uitgekeken. Dus om het feest op te luisteren, luisteren we de hele dag naar Fat Mike en zijn mannen. En eigenlijk is het precies wat je verwacht van NOFX en wat het hoesje suggereert: politiek correcte, tegen de schenen van het christelijke deel van Amerika schoppende, fonkelend melodieuze punk. Met een fijn akoestisch uitstapje in "You're Wrong" en het op ska-erige "The Marxist Brothers". Een verlaat bruiloftsfeestje waardig.
File Under: Leve het bruidspaar!
File Audio: [ MySpace]
Sneakerfreak - Go
Mijn gedachten zijn helemaal niet bij de cd Go van Sneakerfreak die nu door de woonkamer galmt. Nee, mijn gedachten zijn bij het laatste geweldige concert dat ik van Daryll-Ann zag. Er zijn namelijk de nodige muzikale overeenkomsten waarbij het vooral de stem is die mij van de grond lijkt op te tillen. Ik moet het echter over het debuutalbum hebben waar mijn verwachtingen niet groot van waren. De single Naked, die ik eerder mocht recenseren, was dan wel geslaagd, ik vreesde dat een heel album vol wel wat teveel van het goede zou zijn. Ik heb me gruwelijk vergist. Ik was namelijk vergeten dat er tegenwoordig in de studio heel wat kan. Zo kun je als muzikant, mits je natuurlijk de instrumenten beheerst, het prima doen lijken alsof er een hele band staat. De twee Utrechtse gitaristen weten een prima balans te vinden tussen de semi-akoestische liedjes, momenten dat het zelfs rockt en vooral met een variatie aan nummers met een erg sterke melodie waar de eerder genoemde band, Caesar, das Pop, Racoon of zelfs soms Belle and Sebastian zo op hun beurt mee op de proppen had kunnen komen. Toch heb ik wel enkele kritiekpunten. De productie is namelijk heerlijk clean, maar slaat bij de tempoversnelling in "At A Party" even de plank mis. Verder vind ik persoonlijk het nummer "Besides" wat minder, maar zo is er altijd wel wat te mekkeren. Sneakerfreak brengt een prachtpopplaat uit waar het heerlijk bij is om weg te dromen. En dit allemaal ook nog in eigen beheer. Als geen Nederlandse platenmaatschappij ze wil tekenen dan moeten ze maar eens over de grens gaan kijken: Go ervoor Sneakerfreak, Go!
Binnenkort staan ze vast wel ergens live bij jou in de buurt. Check.
File: Sneakerfreak - GoFile Under: Perfecte gitaarpop
File Audio: [School]
About
Met een laptop kun je meer dan mail versturen
De laptopmuzikant staat meestal niet in hoog aanzien bij de gemiddelde concertganger. Hoewel ook de reguliere bandjeswereld zijn introverte exponenten kent, is het over het algemeen toch wel de laptopmuzikant die naar huis gaat met de eerste prijs voor minst tot de verbeelding sprekende liveperformance.

Nu is het rockgehalte van laptopmuziek meestal ook niet zo heel hoog. Deze staat immers vaak gelijk aan 'intelligente' elektronische muziek. Sfeervol en knap in elkaar geknutseld, maar ook wat abstract. De makkelijker in het gehoor liggende beats lijken op de een of andere manier toch vaak op andere apparaten vervaardigd te worden.
The Secret Machines - Ten Silver Drops
Ik zocht naar reacties op het concert van Secret Machines - ik vond hun debuut Now Here Is Nowhere namelijk een heel fijne plaat - in het voorprogramma van de Foo Fighters. Die zoektocht bracht me naar de site van een 3FM-dj. Hij was enthousiast over Foo Fighters. Ik slingerde een commentaar op zijn site wat'ie van de voorprogramma's vond. Zijn antwoord dat me irriteerde: 'Heb een stuk van Strange Machines (heten ze zo?) gezien. Vond het niet bijzonder. Te experimenteel.' Misschien ligt het aan mij - ik zocht immers naar een stukje over Secret Machines en niet over de Foo Fighters -, maar ik vind dat zijn antwoord desinteresse en onkunde uitstraalt. Zeker omdat Secret Machines in mijn ogen nou niet echt een mega-experimentele band is. Tenzij (licht) psychedelisch tegenwoordig gelijk staat aan experimenteel. Of de imposante donderende drumpartijen van Josh Garza boezemen angst in, ook dat kan natuurlijk, maar lijkt me raar. Op hun nieuwe album Ten Silver Drops is hij in veel nummers wel wat 'radiovriendelijker' (bijvoorbeeld in opener "Alone, Jealous and Stoned") ingemixt. Dat is wel een beetje jammer, want het waren juist zijn partijen in combinatie met die van de andere twee heren (en het sterke songmateriaal natuurlijk) die Now Here Is Nowhere zo mooi maken. Maakt dit Ten Silver Drops dan tot een mindere plaat? Nee, integendeel zelfs. Doordat er meer variatie in het drumgeluid zit en het songmateriaal wat compacter en ook diverser geworden is wordt Ten Silver Drops na een korte periode van gewenning eigenlijk alleen maar met elke draaibeurt beter. Nu maar hopen dat die 3FM-dj's het ook oppakken. Dat zou wel verdiend zijn namelijk.
File Under: Tien zilver druppels? Acht goudklompjes!
File Audio: [Drie goudklompen op MySpace]
File Video: [Lightning Blue Eyes]
The Bomb - Indecision
Het is altijd lastig om levende legendes te beoordelen op dingen die ze later in hun carriere doen. Jeff Pezzati is zo iemand die een decennium geleden een soort halfgod was in de hardcore en punkscene als zanger van Naked Raygun, een van de zeldzame invloedrijke bands uit dit genre uit de regio van Chicago. Ondanks dat die dagen alweer lang achter hem liggen is hij niet van plan om stil te zitten en brengt daarom een tweede cd uit met zijn nieuwe band, The Bomb. De jaren beginnen blijkbaar aardig te tellen, want waar Naked Raygun graag naar de vijfde versnelling doorschakelde houdt The Bomb hem op Indecision in zijn drie, met af een toe een klein tandje erbij. Rustiger dus, en daardoor toch ook een tikkie saai. Qua melodie en riffs klinkt het eigenlijk helemaal zo slecht nog niet maar ik krijg steeds het gevoel alsof de nummers allemaal een flinke trap onder hun reet zouden moeten krijgen. Het kabbelt allemaal te veel door, waar het flink zou moeten schuimen. Tel daarbij op dat Pezzati wel eens beter bij stem is geweest en er productioneel ook iets teveel slordigheidjes zijn en de conclusie moet helaas luiden dat deze legende zijn eigen mythevorming met deze plaat geen dienst bewijst.
File Under: Niet de bom
File Audio: [Klik]
Naked Lunch - Songs for the Exhausted
Oostenrijk. Ik denk even na, maar kan zo gauw geen band bedenken die daar vandaan komt. Geen zanger, geen zangeres. Ze zijn er wel, muzikale Oostenrijkers, maar er gaapt een groot zwart gat in mijn hoofd, wat dat betreft. Van geen enkele heb ik gehoord. Veel metal, zie ik. Naked Lunch kende ik tot voorkort ook alleen als boek (en film), maar het blijkt ook een band te zijn. Al best lang. En uit Oostenrijk. Ooit, tijdens The Ideal Crash, hebben ze met dEUS getoerd, maar naar mijn weten heeft de band verder weinig voet aan de grond in de Benelux kunnen krijgen. Ze zijn de laatste jaren dan ook behoorlijk stil geweest; alles hadden ze verloren, platenmaatschappij, impresario, management en vast ook wat vrienden. Na hun handvol albums van voor de millenniumwisseling, verscheen even geleden Songs for the Exhausted. Ze zijn niet vrolijk, de jongens van Naked Lunch, maar dat is misschien logisch. Melancholisch zingen ze over de gangbare zaken in de muziek als het verlies van een vriendin of het het-niet-meer-zien-zitten, cq. het-even-niet-meer-weten. Wat deze muziek niet gewoon ordinaire drama-indie laat zijn, is de toevoeging van noisy elektronica, die de luisteraar in verwarring brengt. Het is niet altijd passend, maar het maakt de muziek wel spannender. Nog pijnlijker, dat ook. Die elektronica doet Notwist-achtig aan, maar de stemming waarmee ik na het luisteren van deze plaat achterblijf is een stuk minder aangenaam. Misschien de bedoeling, maar veel vaker dan een paar keer zal ik deze plaat niet draaien.
File Under: Als ik uitgeput ben, luister ik liever naar iets anders, maar er zijn vast mensen die depressief op hun bed gaan liggen. Voor hen is deze plaat.
File Audio: [Op de site, gewoon als je 'm aanklikt]
File Video: [Ook op de site]
KT Tunstall - Eye To The Telescope
Een album uit 2004, wat doet dat nou nog op File Under? Nou, dat is eenmalig, vermoed ik. De vertraging heeft de Schotse zangeres Kate Tunstall, uit te spreken als Katie alstublieft dankuwel, te danken aan een nieuwe clip bij haar vrolijke liedje "Suddenly I See". Dat wordt daardoor namelijk pas anderhalf jaar na de release van dit album opeens grijsgedraaid op tv en radio. Terecht ook wel. Het is lullig, maar die clip heeft haar in dit geval beter geholpen dan al haar vele optredens, inclusief dat op Lowlands afgelopen jaar. Anders had ook ik nog tot een maand terug nooit van d'r gehoord. Eye To The Telescope was KT's debuut eind 2004 (ze was toen 29), en aangezien ik het deze week dus mooi in de aanbieding heb kunnen scoren, wil ik het hier nog even bewieroken. Op zich doet KT het halve album weinig anders dan mooie persoonlijke teksten pruttelen boven onschuldige popmelodietjes op piano en gitaar. Bijzonder is dat die songs steeds mooier worden hoe vaker je ze draait. Het is niet ineens briljant, maar al helemaal niet your average achtergrondbehang. Ten eerste vanwege KT's stem, die zowel helder kan samenzingen, breekbaar kan trillen à la Fiona Apple maar ook kan raspen als Sheryl Crow. Ten tweede omdat de andere helft gevuld staat met prettige singles. Naast "Suddenly I See" zijn dat de eerste vier tracks, waaronder het opgewekte "Black Horse and the Cherry Tree". KT is geen beladen rock chick, wat de Suddenly I See-clip enigszins suggereert, maar gewoon een fantastische vrouw, en dat moet maar eens gezegd worden. In mei brengt ze overigens een nieuw akoestisch album plus dvd uit.
File Under: Waarom is dit zolang aan me voorbijgegaan?
File Audio: [ MySpace]
File Video: [Suddenly I See]
Stereophonics - Live from Dakota
Ik zal echt de enige popquizzer niet zijn die er is ingetrapt. Zit je bij de eerste tonen al Rod Stewart in te vullen als uitvoerder van "Handbags & Gladrags", blijkt het toch weer de cover van Stereophonics te zijn. Het rasperige stemgeluid van Kelly Jones is dan ook perfect voor dat nummer en de track is zeker niet misplaatst in hun oeuvre 'van dik hout zaagt men planken' rock 'n roll. Niet echt mijn favoriete band om thuis een heel album van te beluisteren, beken ik maar meteen. Maar live dat is een ander verhaal. Meeslepend gebrachte recht voor z'n raap rock 'n roll komt juist dan het best tot zijn recht. Het is in dat licht misschien raar dat de Stereophonics pas nu een live (dubbel)album uitbrengen. Ze hadden gemakkelijk in de valkuil kunnen stappen om er een 'greatest hits' van te maken, maar gelukkig hebben ze dat niet gedaan. Dat is misschien jammer voor iemand als ik die de Sterophonics het liefst in kleine (single)porties tot zich neemt, toch is dit als live-registratie een goed voorbeeld van hoe het wel moet. Geen obligaat 'voor elk wat wils-optreden'. Live from Dakota is gewoon een rechttoe-rechtaan registratie van een concert. Natuurlijk spelen ze wel tracks die single zijn geweest, waarbij de nadruk ligt op nummers uit het begin van hun carriere (o.a "Local Boy in the Photograph"), wat maakt dat deze plaat met name voor fans en liefhebbers van dit genre muziek een mooie herinnering aan bezochte concerten is. Niet mooi als in gladjes of opgepoetst, maar een goed voorbeeld van wat voor een geoliede live-machine Stereophonics kan zijn. Een kippenvelmoment is de uitgeklede versie van "Maybe Tomorrow", waarop je duidelijk het luidkeels meezingen van de zaal kunt horen. Dan voel je je als het ware in zo'n zaal staan en voel je zittend op je eigen bank ook een beetje de opwinding die een goede liveband kan veroorzaken. Dat soort momenten, daar doe je het als muziekliefhebber toch voor? Het wachten is nu op de dvd versie...
File Under: Rechttoe-rechtaan registratie van een geolied concert
Blackmore's Night - The Village Lanterne
Op de nieuwe Blackmore's Night cd The Village Lanterne staan een folky versie van Deep Purple's klassieker "Child in Time" en van de Rainbow-song "Street of Dreams". Volgens de informatie in het boekje is dat omdat hij zijn muzikale verleden niet verloochent. Nou ben ik wat cynisch aangelegd. Slechte eigenschap, ik weet het, maar dat is nu eenmaal zo. Dat cynisme wint de slag wanneer ik vervolgens ook nog lees dat er een limited edition-cd verschijnt met een nooit eerder verschenen variant van "Street of Dreams" uit de Rainbow-tijd - dus met Joe Lynn Turner als zanger. Ik kan me niet aan de indruk onttrekken dat meneer Blackmore weliswaar hard roept dat hij tegenwoordig voor het liedje gaat in plaats van voor de gitaaruitspattingen, maar dat hij de portemonnee van zijn oude fans goed in de gaten houdt. Trap er niet in, is mijn advies. The Village Lanterne is niet zo erg als de voorgaande cd, maar die stond dan ook vol met romantisch bedoelde deuntjes. Desondanks geldt ook voor deze cd dat het merendeel te omschreven is als folky gedreutel met een hoog Eurovisiegehalte. Dat Blackmore niet eindeloos wil soleren is zijn goed recht, maar ook in de ritmepartijen is amper te horen dat de man een fabelachtig gitarist is. "I guess it doesn't matter" heeft nog wel iets Rainbowachtigs in de ritmepartijen, "St. Teresa" is bijna een rocknummer te noemen en de akoestische instrumentaaltjes zijn ook best te verteren. Maar het merendeel blijft hele foute quasi-Ierse Eurovisiepop. Vandaar: trap er niet in.
File Under: Trap er niet in
File Audio: [single "Streets of London" op de promosite]
Quasi - When The Going Get's Dark
Mensen die wel eens Scrabblen weten dat je vooral niet met de Q moet blijven zitten. Dit gaat je bijna altijd punten kosten, zeker als je deze in de eindfase pakt. Toch kun je prachtige woorden vormen met deze letter, zoals quasi. Quasi waar het hier om gaat is een hele andere. De stenen waarmee de nummers gemaakt worden zijn divers. Zo is er naast de Q: de L van Lo-fi, G van Glamrock, A van Alt.country, Z van Zoeken naar de juiste weg, N van 1993 - het jaartal van de eerste release - en de T van Teksten die soms wat vreemd zijn. Achter Quasi zitten de Amerikanen Sam Coomes en Janet Weiss, ooit een echtpaar nu alleen nog slechts verkering hebbende in deze tweemansformatie. Coomes is lid van The Pink Mountaintops, Weiss zit samen met Stephen Malkmus in Sleater-Kinney. Zij houdt zich bezig met het drummen en de keyboard, hij mag de gitaar beroeren, keyboardpartijen op zich nemen en zorgdragen voor de zang. Dit alles gebeurt verdienstelijk, al kan ik me voorstellen dat niet iedereen gecharmeerd is van zijn kwetsbare stem. Muzikaal zit het snor, de vraag is alleen wat ze ons nu op When The Going Get's Dark willen vertellen. Het is als bij het spel zelf. Elke keer kan het spel een andere richting opgaan en aan het eind weet ik nog wel of ik gewonnen heb, maar kan me al die woorden die ik gevonden heb niet meer herinneren.
File Under: Een spel dat alle kanten opgaat
File Audio: [Peace and Love staat op My Space]
U.S. Bombs - We Are The Problem
Wanneer een band live-opnamens op DVD laat vastleggen mag je er toch van uit gaan dat de registratie een band weergeeft die op het toppen van zijn kunnen speelt. Waarom zou je het anders met de hele wereld willen delen, toch? Wanneer de U.S. Bombs inderdaad niet beter kunnen dan zij op de live DVD die ik einde vorig jaar besprak deden is het een treurige zaak. Zelden heb ik zo'n bedroevend slecht concert gezien en dat maakte mij dan ook behoorlijk huiverig voor het nieuw te verschijnen album. Niet onterecht, zo blijkt nu, want het totale gebrek aan overtuigingskracht op het podium is ook op plaat niet gecompenseerd. Op We Are The Problem wordt een soort punkmuziek gemaakt van een niveau zoals dat eind jaren zeventig misschien nog geaccepteerd werd maar in deze moderne tijd godzijdank echt niet meer kan. Lachwekkend slechte en gedateerde teksten ("Destroy The Nation" , gaaaaap), een drummer die geen roffeltje fatsoenlijk in de maat weet te houden en een zanger die de tegenwoordige Bob Dylan op een koorknaapje doet lijken. Natuurlijk heb ik bewondering voor wat Duane Peters en zijn oude makkers in het verleden hebben gedaan, maar er komt een tijd dat een rijke geschiedenis niet meer voldoende is voor waardering. Snel kappen met die zooi en genieten van de status van een legende, zo lang dat nog mogelijk is.
File Under: Heeft die CD-titel nog toelichting nodig?
File Audio: [Locked In My Skin] [Hammered Again]
File Video: [We Are The Problem]
Sepultura - Dante XXI
Over twee weekjes is het Goede Vrijdag, de dag waarop de kruisiging van Jezus wordt herdacht maar ook de dag waarop de Florentijnse dichter Dante Aligieri in het door hemzelf geschreven De Goddelijke Komedie begint aan zijn reis door de hel, waarna hij na het beklimmen van de louteringsberg uiteindelijk in het paradijs belandt en naar de hemel opstijgt. Dit verhaal symboliseert prachtig de laatste tien jaar van Sepultura's bestaan. Na het vertrek van frontman Max Cavalera belandden zij in hun eigen hel en werd het voortbestaan van de band ernstig bedreigd. Derrick Green wordt als vervanger aangetrokken en een creatieve zoektocht begint om uiteindelijk na een paar matige releases met Dante XXI keihard terug te slaan. Zoals de titel doet vermoeden, bevat dit album een modernistische vertolking van eerder genoemd literaire werk. Dat is op een voortreffelijke wijze aangepakt, waardoor het resultaat zeker niet onderdoet voor eerdere successen uit hun loopbaan. Onderwerpen die aanbod komen zijn o.a. de wapenwedloop van de zeven atoommachten in de wereld en het aanhoudende misbruik van kinderen door de zogenaamde vertegenwoordigers van de kerk. Het geheel wordt uitgevoerd in de compacte, meedogenloze trashy stijl die we kennen uit de hoogtijdagen van de band, aangevuld met donkere strijkers- en blazerspartijen die het dramatische effect vergroten. Ontegenzeggelijk komt dit tot een hoogtepunt in "Ostia", dat na "Intro#2" uitbarst in een vergaande verstrengeling van emotionele vioolklanken en een aan "My Own Summer (Shove It)" van de Deftones denkende gitaargroove, waarna na je maar één conclusie kan trekken: Meesterwerk!
File Under: Laat varen alle twijfels, gij die zich zorgen maakten en geniet.
File Audio: [ MySpace]
































