Flavour / The Analog Project / Mozaique
Ik moet altijd wel gniffelen om het gebluf in bio's van beginnende bands. Eens kijken of het drietal bands waarvan de afgelopen maand demo's op onze deurmat ploften de waarheid spreken in hun begeleidend schrijven...
Allereerst is daar de biografie van het Zeeuwse Flavour. Zij laten er geen gras over groeien: 'De provincie is voor Flavour te klein geworden. Het wordt tijd dat ook de rest van Nederland de smaak van Flavour proeft.' Kijk, de heren zijn er duidelijk klaar voor met hun derde EP In So Many Ways, maar onderkennen in hetzelfde schrijven ook dat de houdbaarheid van een band beperkt is. Toch pakken ze aardig uit met deze EP. Het gevoel voor mooie catchy gitaarpopmelodieën kan ik ze in ieder geval niet ontzeggen. Bovendien is de samenwerking met Racoon's Stefan de Kroon duidelijk een vruchtbare geweest. Van de vijf nummers op In So Many Ways zijn er vier meer dan geslaagd. Alleen van "One Night Stand" (vooral de tekst) ga ik een beetje sidderen, die hadden ze er van mij wel af mogen laten. Ik schat zo in dat ze best een kans maken om in ieder geval de provinciegrens over te wippen om wat optredens te doen en als ze nog wat doorgroeien, misschien zelfs ook nog wel over een volgende provinciegrens.
Het Nijmeegse The Analog Project beweert heel wat anders in hun bio vol 'grapjes'. Zij waren het met hun ouders eens dat digitale bliepjes en computergebonk geen muziek is. Gitaren moesten het worden! En dat is het geworden op hun EP 20/20! Ik ben benieuwd of de ouders van de heren blij zijn met de (harde maar niet bruut harde) rocksound van de band rond de broertjes Ummelen die inspiratie opdeden tijdens hun verblijf in de USA. Professioneel aangepakt hebben ze het in ieder geval wel. Netjes verzorgde cd, mooie flyers en zelfs iets dat lijkt op een sponsordeal met Lee spijkerbroeken. Wat me een beetje tegenstaat is dat hun zanger af en toe lijkt te denken dat 'ie James Hetfield is. Dat zijn de zwakste momenten van hun EP. Gewoon blijven zingen zou mij verstandiger lijken in dit geval. Ook qua gitaarsound mogen ze van mij nog wel een beetje meer zoeken naar iets dat ze meer onderscheidt van anderen. Zo te horen zou ze dat op een volgende EP (of misschien zelfs een hele CD) best kunnen lukken. De potentie is er genoeg volgens mij. En dan misschien wat bliepjes toevoegen. Geintje mannen, rock lekker verder.
Tenslotte is er het Volendamse Mozaique. Hier gelukkig geen vette palingsound, ondanks twee 'Tollen' in de gelederen. Het lijkt wel of demo een vies woord is tegenwoordig, Mozaique is de enige van dit drietal die dit woord in de mond durf te nemen. Overigens is dat woord hier ook wel op zijn plaats. Ook daar geen palingsound dus. Wel halen ze hun inspiratie uit veel verschillende bandjes. dEUS, Daryll-Ann, Coldplay en The Doors noemen ze onder andere als hun inspiratiebronnen. Nogal divers dus. Net als het geluid van de band zelf dat ik nogal zoekend vind. Met de licht hese stem van zanger Simon Tol is weinig mis. Hij is duidelijk Mozaique's sterkste troef. Dat hoorde ik pas nadat ik me bij openingsnummer "All The Things" al verslikt had in mijn koffie, de eerste keer dat ik het hoorde. Zo'n oubollig toetsengeluid had ik al een tijdje niet meer gehoord. Gelijk pimpen die zooi mannen, dit doet je nummers tekort. En ook het gitaargeluid kan wel een likje verf gebruiken. Voor een tweede demo verder best een redelijke prestatie. De volgende keer íets professioneler aanpakken zal echter zeker schelen.
File: The Analog Project - 20/20
File: Mozaique - Demo
File Under: In de bio's wordt weinig tot niet overdreven en er is het nodige talent aanwezig
Faun Fables - The Transit Rider
Als iemand me op straat aanklampt met de vraag wat jodelen precies is (en ik wil niet zeggen dat dat vaak gebeurt, maar het wil wel eens voorkomen), dan zeg ik altijd 'Ja, dat ze zo doen van johuhi johohihi jodela jodela hihieee, weet je wel?' Maar nu ik me, omdat ik The Transit Rider van jodelaarster Dawn 'The Faun' McCarthy ter recensie voorgeschoteld kreeg, wat verder verdiept heb in de jodelarij, realiseer ik me dat ik me voor dat antwoord diep moet schamen. Diep en langdurig. Want jodelen is zoveel meer dan dat. Het is een klassieke, verfijnde zangvorm die haar oorsprong kent in de communicatie tussen mensen op verschillende bergtoppen. 'Sneeuw hie-hie-hierrr!', zo galmden eeuwen geleden de eerste jodelklanken de Zwitserse valleien in. De tweede en derde waren waarschijnlijk respectievelijk 'Hie-hie-hierrr oo-hoo-hoo-hook! En een do-ho-ode gems!' en 'Oehoehoehoe, dat wordt met een vohohoholle maahaahaag naar behehed vanahahahavond!' De keeltartende zangstijl is ontstaan in de Alpen, en Dawn is Amerikaanse. Ze is dus eigenlijk een beetje een wiggette, maar dan met jodelen. Het kan de reden zijn waarom The Transit Rider wat neppig klinkt. Ze is heel theatraal bezig met haar stem, en hoewel dat misschien juist haar enige verdienste is, hoeft ze dat van mij nog niet zo de wereld in te brengen. Ik ben heel goed in een cake op zo'n manier uit de bakvorm te halen dat hij in tientallen stukken breekt, maar dat betekent nog niet dat ik mezelf aanbied om voor wie dan ook de cake uit de zijne te halen. Tenzij daar geld mee te verdienen is. Dat moet ik nog even uitzoeken.
File Under: Een wiggette, maar dan met jodelen.
File Audio: Nee, maar ze doet zo van johuhi johohihi jodela jodela hihieee, weet je wel?
Anouk - Is Alive
Ik heb weinig albums met zangeressen in mijn collectie. Ingetogen zang is nu eenmaal niet mijn ding. Anouk is allesbehalve ingetogen en heeft daardoor vanaf het begin een plekje in mijn collectie veroverd. De meest succesvolle rockchick van Nederland vond het na vier albums en twee tussendoortjes met restopnamen tijd voor een live-album. Het tijdstip is begrijpelijk. Ze heeft inmiddels een stabiele band en als podiumpersoonlijkheid is ze ook gegroeid. Eén ding is nog niet veranderd: het album - in totaal zevenentwintig songs, maar merkwaardig genoeg zonder "Mood Indigo" - bevat een stel absolute knallers, maar ook teveel materiaal dat goed beschouwd ondermaats is. Dat dat je bij studio-albums gebeurt is één ding, dat je dat bij een live-album ook overkomt is gewoon niet handig. Was er één cd volgepropt met voornoemde knallers dan had je een dijk van een album gehad, nu is het een album geworden dat domweg te lang duurt. De vele mid-tempo songs halen letterlijk de vaart uit het album. Tekenend is wat dat betreft het voorstelrondje in het maar liefst dertien minuten durende "Home is in my head". Anouk is veel aan het woord, zodat de bandleden maar enkele momenten hebben voor overigens magere solo's. Leuk bij het live-optreden zelf misschien, maar volstrekt ongeschikt voor een live-album. Is er dan niets goed aan het album? Jawel hoor, de snellere rocksongs zijn heerlijk en op de uitvoeringen is ook niets aan te merken. Vooral wanneer het wat funkiër mag, is de ritmesectie van Michel van Schie op bas en Hans Eijkenaar op drums een genot om naar te luisteren. Anouk heeft inmiddels een flink stel goede songs op haar naam staan en de timing voor een live-album is prima. Er blijft nog maar één ding te wensen over: zelfkritiek. Jammer, want een rockchick extraordinaire is ze wel degelijk.
File Under: In de beperking toont zich de meester
Adam Power - What Were Sundays For?
Soms kun je ook te snel zijn. Zeer verstrooid nam ik het stapeltje cd's door dat Storm naar met gestuurd had. Ik wist zo ongeveer wat er komen ging en verwachtte dus geen verrassingen. Totdat ik ineens een cd van Daniel Powter ontwaarde. Althans dat dacht ik. En ik heb de pest aan die verantwoorde Flairpop van Powter en consorten. Maar voordat een knetterende vloek over mijn lippen vloog, zag ik dat het om Adam Power ging. Ik slaakte een zucht van verlichting, al wist ik nu niet wat ik in mijn handen had. En er zijn twee manieren om daar achter te komen. Je leest de bio en je luistert de plaat. Van de bio kreeg ik weer een plaatsvervangende Jack Johnson-jeuk, maar gelukkig hoefde ik niet lang te krabben. What were Sundays for bleek amper aan de bio te voldoen. Australiër Power past weliswaar naadloos in het singer/songwriterhokje, maar hij bijt iets meer van zich af. Mooie gelaagde pop met een venijnig gitaartje zo af en toe en aparte effecten die ervoor zorgen dat de nummers net niet te gemakkelijk je ene oor in en je andere oor weer uit glijden. Een beetje zoals Paul McCartney zijn plaatjes maakt de laatste jaren. En daar zit 'em de makke van de plaat. Adam Power klinkt namelijk ook als Paul McCartney. Sprekend zelfs! Zo sprekend dat je ieder moment een nummer als "My Brave Face" verwacht, of iets dergelijks. En nu vind ik Macca best te pruimen, zo af en toe, maar dit is overdreven. Althans voor mij. Maar wellicht zijn er massa's Macca-fans die dit wel als tussendoortje lusten. Al dan niet met twee benen...
File Under: Macca mate!
Wolfmother - Wolfmother
Het blijft briljant. Elke keer als we hier op kantoor Wolfmother's enorm kont schoppende debuutplaat draaien en "Woman" voorbij komt dan wordt er door de twee kortharigen die onze kamer bevolken meegebangd alsof we haar hebben dat tot onze kont reikt. Dat nummer heeft dan ook alles in zich dat de rocker in je los kan maken. Opzwepende repeterende gitaren die om de paar maten even gas terugnemen, pompende ritmepartijen, vurig orgel en een tekst die meer de oerman in je los maakt dan een Bavaria-reclame ooit zal lukken, maar dolgraag zou willen. Ze boren dan ook de juiste bronnen aan deze drie Australische snotapen. Origineel is het namelijk lang niet altijd niet wat ze laten horen op hun debuut, maar wel zo geraffineerd groovend dat je dat al snel voor lief neemt. Het grootste deel van de nummers staat namelijk heel erg dicht bij wat Black Sabbath (in hun goede, jonge jaren van Ozzy), Led Zeppelin en (de orgels doen echt meer dan eens aan John Lord denken) Deep Purple deden, smaakvol gemarineerd in psychedelische saus. Al moet ik wel toegeven dat ik ze niet heb kunnen betrappen op het letterlijk gappen van riffs van deze rockgiganten. Het is ook de verbluffend sterke stem van Andrew Stockdale - het kind van Ozzy en Plant in ene, hoe duivels wilt u het hebben! - die maakt dat het je ook nog eens geen fuck zou interesseren als ze het wel zouden doen. Hier kan die krijsende spriet van The Darkness een voorbeeld aan nemen! En ook aan de liedjes kunnen ze een puntje zuigen. Misschien moeten we voorlopig maar eens niet naar de kapper.
File Under: It's Time To Become Men Again!
File Audio: [ROoooooooooooock]
The Dresden Dolls - Yes, Virginia
Het is natuurlijk een vreselijk cliché waar waarschijnlijk elke recensie over deze band mee opent, maar nee: de Dresden Dolls komen niet uit Dresden, maar uit het Amerikaanse Boston. Desondanks zou je de Dresden Dolls eerder in het Duitsland anno 1930 plaatsen dan in het Amerika van 2006. Tijdens een soort Dada / Vaudevilleachtig-soireetje met artiesten van allerlei slag als Man Ray en Theo van Doesburg zouden de Dolls waarschijnlijk prima in het programma passen. Amanda Palmer is de blikvanger van de tweekoppige Dolls en haar zang en pianospel is de spil waar de hele groep om draait. Haar stem kan alles, van schreeuwen tot fluisteren. Ook haar pianospel is gevarieerd en loopt van broeierig en jazzy tot stoer en vuil. Net zoals bij het inmiddels niet meer bestaande Ben Folds Five overtuigen de Dresden Dolls dat je met een piano net zo hard kan rocken als met een gitaar. Wat ik daarom een beetje jammer vind is dat de teksten bij nadere beluistering soms te kort schieten. Op bijvoorbeeld het nummer "First Orgasm" verhaalt Palmer over de wonderen van het orgasme. De muzikale en vocale omlijsting van het geheel is prachtig, maar de tekst is clichématig en neigt zelfs naar het kinderachtige. Maar dat mag de pret niet drukken. Ook niet het feit dat het label van de Dresden Dolls muzikanten herbergt als Cradle of Filth, Megadeth en zelfs Nickelback(!). Wat de Dresden Dolls daar tussen doen mag Joost weten, want ze maken in ieder geval een heel verschil met de platen van Nickelback. Yes, Virginia is namelijk een van de meest opzwepende, gevarieerde en beste platen van 2006.
File Under: Brechtiaans punk cabaret op een vaudeville/dada-soirée
File Audio: [Dirty Business]
Greg MacPherson - Sun Beats Down
De zon brandt als ik in onze woonkamer even op de bank aan het uitrusten ben, er komt onverwacht een man met een gitaar door de openstaande deur binnenlopen. Hij stelt zich niet voor, maar haalt zijn gitaar te voorschijn en speelt een nummer over "Good Times." Ik kijk hem verbijsterd aan. Er gaat het e.e.a. door mijn hoofd: ik doe een wereldontdekking, het is de nieuwe Luka Bloom, de nieuwe Billy Bragg en de nieuwe Richard Thompson ineen. Ik zie de festivalweide met bezoekers die met een open mond staan te luisteren al voor me. Als het nummer afgelopen is doet de mijnheer iets vreemds. Hij haalt een cd te voorschijn, doet deze in de lade van mijn cd-speler en gaat meespelen. Ik kijk een beetje geïrriteerd: het lijkt wel een rockband à la John Mellencamp, het oorspronkelijk enthousiasme wordt bij mij wat getemperd. Als hij uitgespeeld is geeft hij mij een hand. Zijn naam is Greg MacPherson, hij komt even overvliegen uit Canada waar hij - inmiddels alweer dertig - al een heel leven achter zich heeft en toch al het een en ander aan albums uitgebracht heeft. Hij is bij mij om een eigen selectie van zijn werk tussen 2002 en 2005 voor de Europese markt uitgebracht op de cd Sun Beats Down te promoten. Ik pak voor ons twee gekoelde biertjes en we luisteren naar zijn in totaal elf nummers. Ik vraag hem waarom hij niet de maximale capaciteit van de cd benut heeft. Hij kijkt mij geïrriteerd aan met een blik alsof het ook nooit goed is. Hij pakt zijn spullen, laat zijn half lege glas staan, gunt mij geen blik meer waardig. gooit mij nog wel de promo toe en loopt met grote stappen weg. Ik blijf alleen achter, er drijft een wolk voor de brandende zon.
File Under: Canadese singersongwriters
File Audio: [Good Times][Cutting Room][ Hotel Motel][ Slow Stroke][ Buy A Ticket]
Adem - Love And Other Planets
'Heeft het gesmaakt?' Onze gastheer vroeg het uiterst beleefd en vooral bescheiden aan ons. Hij had alles zelf geregeld en gekookt voor het smaakvolle diner dat we net beëindigd hadden. Geen copieus maal met exclusieve gerechten, maar een reeks van gangen die met zorg - en vers - door hem bereid waren, in porties van precies de juiste grootte. Overvoerd waren we zeker niet. We knikten instemmend en complimenteerden hem met zijn kookkunsten. Ik herinner me nog goed dat hij een beetje verlegen werd van al onze lofprijzingen. Toe we hem bij het afscheid nogmaals hartelijk bedankten voor het diner vroeg hij of we niet nog een keer langs wilden komen. Hij had ons gezelschap namelijk zeer op prijs gesteld. Wij het zijne ook, dus dat verbaasde ons geenszins. Dat het uiteindelijk twee jaar duurde voordat we weer bij hem aanschoven ook niet. Het waren hectische tijden geweest voor ons. En ook voor hem, vertelde hij bij binnenkomst. Na ons bezoek waren er nog vele gasten aangeschoven bij zijn intieme diners. Het concept bleek een groter succes te zijn dan hij ooit voor mogelijk had gehouden. 'Ik heb nog weinig tijd gehad om het menu om te gooien,' verexcuseerde hij zich bij voorbaat bij het aan tafel gaan. We zeiden hem dat het ons hierover geen zorgen maakten, de vorige keer was het echt héél erg goed geweest. Na een paar gangen concludeerden we dat hij toch wel degelijk kleine dingen had aangepast. We raakten onderling in discussie of zijn kookkunst er nu wel of niet beter geworden was. De een vond dat de balans uit de opbouw van zijn menu verdwenen was, de ander vond juist die subtiele veranderingen hoogst interessant. Twee keer hetzelfde eten voorgezet krijgen zou volgens hen teleurstellender geweest zijn. Onze gastheer zelf zweeg, hij oogde vermoeid terwijl hij een nieuwe gang uitserveerde.
File Under: De verschillen zijn klein en de meningen verschillen.
File Audio: [Yup!]
Carolyn AlRoy - Gorgeous Enormous
De fotograaf die Carolyn AlRoy of haar label Wussy Records in de hand hebben genomen voor Gorgeous Enormous heeft het publiek voor deze debuutplaat behoorlijk verkeerd ingeschat. De voorkant gaat nog, maar de achterkant ziet er uit als een fotoshoot voor Libelle of Margriet. En ik betwijfel of die plat gaan voor de singer/songwriter-rock van Carolyn AlRoy. Eén van de hoogtepunten van Gorgeous Enormous is de cover van "Helter Skelter": plots lijkt het of niet Lennon en McCartney de songschrijvers waren maar iemand als Steve Earle. Zwakke plekken zijn er ook: "He"s Amazing" is een flauwe ballad en opener "Do You Know What I Mean" heeft dan wel een titel als een statement, maar klinkt een beetje al te flauw. De daaropvolgende drie tracks, "My First Mistake", "Italian Parsley" en "The Reality Song" doen het al een stuk beter. Carolyn AlRoy pakt je steeds weer in met een schijnbaar nette en brave attitude, maar elke track heeft een goede hook of goed geplaatste snik in een zanglijn die je aandacht er bij weet te houden. Briljant is het allemaal nog niet, onderhoudend wel.
File Under: Onderhoudende sing/song
File Audio: [Helter Skelter]
File Audio?: [Yup]
VA - See You On The Moon!
Dat kinderen niet met K3 opgevoed hoeven te worden, kan niet vaak genoeg beklemtoond worden. Er bestaat immers genoeg goede muziek waar je kinderen naar kunt laten luisteren, zonder dat je naar B-kwaliteit met dito merchandise hoeft te grijpen. Soms wordt er zelfs speciaal grote-mensenmuziek voor kinderen gemaakt. Zoals op See You On The Moon , samengesteld door het Canadese label Paper Bag Records. Ze vroegen grote artiesten, zoals Broken Social Scene en Sufjan Stevens, en de wat minder groten, maar wel Alan Sparhawk (van Low) en de Great Lake Swimmers, om een liedje op te nemen voor kinderen. De opdracht: 'Throwing condescension out the window and understanding the concept of fun without it being mindless or moronic.' Allemaal nieuwe, waaronder enkele prachtige liedjes. "See you on the moon" van genoemde Great Lake Swimmers lijkt vooral tekstueel op kinderen gericht te zijn - ik word astronaut, boer of timmerman, nee, zanger! - maar verpakt deze tekst in een catchy popliedje in majeur. Lieve zachte liedjes, die me, zeker daar waar de liedjes elektronische ingevuld zijn, soms doen denken aan wat Ekkehard Ehlers op zijn plaatje voor (iets jongere) kinderen zette. Op dit album echter, vinden kind en ouder meer afwisseling en daardoor meer pret. Maar FemBots is gemeen: met "Under the bed" levert deze band een Tom-Waits-ten-tijde-van-The-Black-Riderachtig nachtmerrieverhaaltje af, en dat is helemaal niet aardig. Zo slaan ook de bijdragen van Kid Koala feat. Lederhosen Lucil (nét naast de prijzen) en die van Hot Chip (saaier dan dit kan niet) volledig de plank mis. Daartegenover echter, staat nieuwbakken Canadese artiest Montag, die zelfs vier keer mee mag doen (ook ter opvulling) en de prachtige liedjes van Broken Social Scene en Mark Kozelek. De kindermuziek op dit album waaiert alle kanten uit, maar blijft - op genoemde uitzonderingen na - een wonderschoon geheel. Voor kinderen en voor grote mensen. Zeker op een zondag.
File Under: Gezinsalbum! Ook als je geen gezin hebt!
VA - Give 'Em The Boot V
Sinds 1997 brengt het sympathieke Hellcat Records met enige regelmaat een goed gevulde verzamelaar uit, met hierop een dwarsdoorsnede van wat het label allemaal te bieden heeft. Inmiddels zijn we bij deel vijf beland en er is nog niets gewijzigd aan het concept: voor een habbekrats (eurootje of 8) achttien liedjes die zich allemaal scharen in de categorieën straatpunk en ska. Dat betekent dat de oudgedienden (Rancid, Dropkick Murphys, The Slackers) vertegenwoordigd zijn met een herkenbaar riedeltje en een blik nieuwe bands zich hieraan mag optrekken. Dit lukt gedeeltelijk. Allereerst is het jammer dat het aantal écht nieuwe liedjes op deze release vrij beperkt is - een stuk of acht als ik mij niet vergis - en er verder vooral gekozen is voor een vergaarbak van al eerder uitgegeven nummers. Daarnaast, eerlijk is eerlijk, moet ik ook constateren dat de formule langzamerhand een klein beetje voorspelbaar begint te worden en er nu toch wel erg weinig uitzonderlijk goede nieuwe acts aanwezig zijn. Vorig jaar was ik al niet al te enthousiast over Orange en over Left Alone, ook nu aanwezig, en er wordt hier helaas geen compensatie voor geboden. De oudere bands hebben hun sporen al lang en breed verdiend en zijn degelijk maar niet verrassend, terwijl het er vooralsnog niet naar uitziet dat een nieuwe generatie op de deur staat te kloppen. Misschien toch eens tijd voor een nieuwe invalshoek.
File Under: Degelijk maar weinig nieuws
File Audio: [Time Again - Cold Concrete][The Aggrolites - Funky Fire]
Tom Verlaine - Songs And Other Things
Tom Verlaine heeft een hele tijd niets van zich laten horen. Misschien ken je 'em nog als producer van Jeff Buckley's Sketches For My Sweetheart The Drunk. Zelf bracht hij al een hele tijd geleden zijn laatste cd uit. En dat hij zong op eigen cd's is nog weer langer geleden. Voor het laatst was dat op The Wonder uit 1990. De voorman van het legendarische Television houdt blijkbaar niet zo heel erg van zijn eigen stem op zijn soloplaten en wel van zijn gitaarwerk - of hij heeft domweg niets te vertellen en houdt het daarom bij instrumentaaltjes, dat kan ook. Ik kan me er wel wat bij voorstellen. Het is namelijk niet zo dat Verlaine op Songs And Other Things klinkt als een geschoold koorknaapje. Zijn manier van met horten en stoten praatzingen, die zich nog het best laat beschrijven als een bokkige mix van Engelsman Peter Hammill en mede-New Yorkers David Byrne en Lou Reed, moet je liggen. Ik moest er in ieder geval erg aan wennen. Waar ik niet aan hoefde te wennen is het gitaarspel van Verlaine. Het is een verademing om de man gitaar te horen spelen. De kristalheldere meervoudige gitaarlagen in de liedjes op Songs And Other Things zijn echt heel erg fijn en zitten geraffineerd in elkaar. Een gitaargod zonder vertoon van spierballen, daar houd ik wel van. Het zijn op zich ook wel toegankelijke liedjes die muzikaal ook aansluiten op Byrne's voormalige band Talking Heads en de latere cd's van Lou Reed. En op een rare manier combineert dat gitaarspel toch wel heel mooi met de stem van Verlaine. Nadat je eenmaal gewend bent.
File Under: Het gitaarspel is mooier dan de zang, maar ook dat went uiteindelijk.
File Audio: [Allemaal kleine dingetjes]
Cracker - Greenland
Groenland, ik krijg er geen fijne associaties mee als ideaal vakantieland. Integendeel, volgens mij is het er koud, ik zou er zo in een paar weken in een depressie kunnen raken. Het Amerikaanse Cracker heeft echter gemeend om hun nieuwste wapenfeit naar dit land te moeten noemen. Ze timmeren dan ook al heel wat jaren aan de weg. David Lowery had - of eigenlijk is het nu weer heeft - een andere band Camper van Beethoven. Na het - destijds - opheffen begon hij begin jaren '90 deze band waarvan in 1992 het nummer "Low" zelfs een heuse hit werd. Hierna zakte de populariteit wat weg, maar er verschenen gereld nieuwe releases. Dit jaar was er nog een soort van Best Of, of beter gezegd tweemaal een soort van Best Of. Eenmaal een niet gewenste door de gewezen platenmaatschappij, eenmaal opnieuw opgenomen als reactie op initiatief van de band zelf. De band wilde echter maar één ding: het nieuwe album presenteren dat al klaar lag. Dat is naar nu blijkt geheel terecht, want Greenland is een prachtig album geworden met ingetogen alt.countryliedjes, maar ook met heuse psychedelische invloeden. Bij de opnames is dan ook John Morand (hij produceerde eerder Sparklehorse) en zelfs Mark Linkous (Sparklehorse himself) betrokken. Aan materiaal was geen gebrek. Meer dan één uur is er op deze cd gevuld. Zwakke nummers zitten er niet tussen. De teksten lijken van een zanger in een midlife crises, als een Groenland in zijn eigen leven. Muzikaal is het allemaal behoorlijk dichtgesmeerd, maar ik vind het allemaal niet te. Een prima release dus voor een band die al heel wat jaren in de muziekwereld rondzwerft en dat hopelijk ook blijft doen.
File Under: Zware overdenkingen leiden tot mooie liedjes
File Audio: [Something You Ain't Got en Gimme One More Chance staan op my space]
John West - Long Time...No Sing
Long Time...No Sing is goed beschouwd geen al te toepasselijke titel voor het vierde solo-album van John West. Het komt weliswaar vier jaar na zijn vorige solo-album, maar verder heeft hij sinds 1996 minstens één album per jaar uitgebracht. Dat was vooral als zanger van de Scandinavische band Royal Hunt van gitarist André Andersen en met Artension. Zoals gezegd is dit West's vierde solo-album, maar het is voor het eerst dat hij de solo-gitaarpartijen speelt. In zijn begeleidingsband zijn namen te vinden als Chris Caffery (ex?-Savatage) en Jeff Plate (ex-Savatage en nu Metal Church). West kende Caffery al uit de tijd met Witchdoctor, met Plate werkte hij als achtergrondzanger eerder aan het Savatage-album Poets & Madmen en met het Trans-Siberian Orchestra. Verwacht niet dat het daarmee een powermetalalbum wordt. Het begint met een kerkorgelintro zoals we dat niet meer hebben gehoord sinds de dagen van Rainbow, maar opener "Fade" geeft een goed beeld van wat er op het album te verwachten is: degelijke commerciële rock met de nadruk op de zang. Dat is allesbehalve onplezierig, want de soulvolle, ietwat nasale zang van West mag er zijn. Soms klinkt het nogal bekend - zo heeft het intro van prijsnummer "Highway to Roppongi" wel erg veel weg van VandenBerg's "Burning Heart" - maar dat is een euvel dat in dit genre vaker voorkomt. Belangrijker is dat West pakkende melodieën weet te schrijven. Dat is niet bij alle songs genoeg om ze overeind te houden, maar voldoende om het hele album plezierig door te komen. Voor pretrock-zonder-pretenties ben je aan het goede adres bij John West.
File Under: Degelijke pretrock
File Audio: [Fade] [Set me free] [Give me a sign]
Vetiver - To Find Me Gone
Prettig, lief, ingetogen, rustig, beheerst. Deze steekwoorden typeren het tweede album van Vetiver. Waar het debuut een meer variabel geheel is, vormt To Find Me Gone een aaneenschakeling van zachtjes ingezongen nummers waar je werkelijk niks op tegen kunt hebben. Ieder aspekt is beheerst, of het nu de zang, een zacht drumroffeltje, een banjosnaar is die zacht wordt getokkeld of een akoestische gitaar die voorzichtig ter hand is genomen. Het lijkt of er bewust wordt gestreefd naar een zo breekbaar mogelijk geheel. Ook is er een bijna hypnotiserende herhaling van akkoorden in sommige nummers, zoals in het lichtjes stuiterende "You May Be Blue". Andy Cabic, de frontman van Vetiver, heeft verder gezelschap van Devendra Banheart, die hier overigens alleen de gitaar speelt, naast een enkel tweede stemmetje, en de banjo van Alyssa Anderson. Het kost even wat tijd om het onderscheid in de nummers te herkennen, maar op een gegeven moment komt dat onderscheid alsnog en begint het genieten. Het is een sfeerrijke combinatie waarmee Vetiver ons oor streelt, heerlijk als een zacht bed na een lange zomerse avond, maar na verloop van tijd gaat dat ingehoudene toch een ietsiepietsie irriteren. Alleen in "Red Lantern Girls" gaan de registers even open en mag de jankende gitaar even op de voorgrond treden. Uiteindelijk is dat het misschien het enige minpuntje, het ogenschijnlijke gebrek aan afwisseling.
File Under: Beheerste Folk
File Audio: [Fragmenten]
Kill The Young
Britse beloftes doen het bloed van de gemiddelde muziekliefhebber op het vaste land inmiddels niet meer zo gauw in een stroomversnelling geraken. Daarvoor worden ze iets te vaak gedaan en hebben ze bovendien meestal ook iets te weinig om het lijf. Juist als een Engelse band het continent overtrekt zónder veelbelovende NME-quotes in het vaandel mee te dragen ben je geneigd om eens te kijken wat voor vlees we in de kuip hebben.
Kill The Young heet het uit Manchester afkomstige trio dat bestaat uit de broertjes Gorman. Hun debuut met stevige maar vooral melodieuze indiepop verscheen vorig jaar bij het Franse Discograph, wiens A&R manager de band zag spelen in hun thuisstad. Discograph pakte het meteen goed aan. De plaat werd opgenomen met Dimitri Tikovoi (o.a. Placebo) en afgemixt door Flood, die onder andere samenwerkte met U2, Nine Inch Nails en de Smashing Pumpkins.
Lees verder..Be Your Own Pet - Be Your Own Pet
'Verdien je nou eigenlijk wel eens wat met die links onder aan je stukjes', vroeg mevrouw Storm. Ik schudde mijn hoofd. 'Geen drol', antwoordde ik haar, 'als we daarvan moesten leven, dan hadden we een serieus probleem gehad nu.' Ik grinnikte er een beetje bij, maar eigenlijk vond ik het ook wel een beetje raar. 'Ik had inderdaad wel verwacht dat mensen naar aanleiding van onze stukjes toch wel regelmatig cd's zouden kopen.' 'Misschien doen ze dat wel, maar doen ze dat gewoon in de winkel en niet via de Internetwinkel waar jij ze naar toe stuurt. Aan de andere kant, koop je zelf nog wel eens cd's na het lezen van recensies?' Daar hoefde ik niet lang over na te denken. 'Echt wel! Het heeft even geduurd, maar deze week heb ik Be Your Own Pet gekocht na het lezen van een lyrische recensie op Planet Trash. De liedjes op de site van Be Your Own Pet overtuigden me direct van zijn gelijk. Had er een link op zijn site gestaan naar een Internettoko, dan had ik 'em gelijk op die manier gekocht. Nu kocht ik die cd gewoon in de winkel en daar heb ik totaal geen spijt van. Het is een goddelijk rebels punkplaatje van vier jonge gasten. In drieëndertig minuten blazen ze je echt omver. Die zangeres is geloof ik net 18, maar ze doet niet onder voor podiumbeest Juliette Lewis en is eigenlijk gewoon beter doordat voor haar act nog een stapel opgefokte en sterk geconcentreerde PJ Harvey-pillen geslikt heeft. Heerlijk gewoon.En daarnaast begaat de band nergens volkomen platgetreden paden. Het zijn echt vijftien ritjes achtbaan.' 'Je bent in ieder geval enthousiast over die lui. Denk je dat lezers nu ook zo'n cd-tje zullen gaan kopen?' Ik haalde mijn schouders op. 'Ach, ze moeten niks, maar het zou wel tof zijn als ze het wél doen.'
File Under: Doe mij meer van dit soort huisdieren.
File Audio: [Ja! Ja! Ja!]
File Video: [Bicycle Bicycle You Are My Bicycle]
Tribute To Nothing - How Many Times Did We Live?
Een goede vier jaar geleden was Tribute To Nothing nog een best aardige hardcoreband die vier platen had gemaakt welke steeds een klein beetje beter werden. Toen was er een tijdje niets, maar nu is de band terug en heeft gekozen voor een nieuwe invalshoek. Alles moet opeens een stukje ingewikkelder en vooral veel 'emotioneler'. U raadt het al, ook deze band vond het nodig om op de emo-wagen te springen, in de hoop dat deze nog een tijdje door blijft razen. Dat betekent dat er geen sprankelende gitaarstukken meer te bekennen zijn op How Many Times Did We Live maar dat het één groot gepiel is geworden. Ik word doodzenuwachtig van al die nerveuze hoge noten en dat tegendraadse samenspel gaat toch al snel (na een nummer of twee) behoorlijk irriteren. Natuurlijk, er zit soms best wel een leuke vondst tussen maar die wordt dan vervolgens zó ontzettend vaak herhaald dat de lol mij al snel vergaat. Desalniettemin weet ik uit ervaring dat deze band op het podium staat als een huis en in het verleden heeft bewezen weldegelijk in staat te zijn tot het schrijven van een bovengemiddeld liedje. Of het te maken heeft met de geforceerde imago-verandering of met een algehele black-out is mij niet duidelijk, maar dat deze CD nergens aan bijdraagt is niet alleen een flauwe woordspeling.
File Under: Emo schmemo
File Audio: [Klik]
Psapp - The Only Thing I Ever Wanted
Van leuke geluidjes krijg ik nooit genoeg. En van popmuziek ook niet. En van de combinatie van die twee kan ik soms gillend gek van enthousiasme worden. Daarom beloofde de omschrijving van The Only Thing I Ever Wanted van Psapp veel, heel veel goeds. Muziek met alle instrumenten die je maar kunt vinden. Muziek met alles wat je maar kunt vinden. En van dat alles dan een instrument maken. Gooi er een eenvoudige, zwoele vrouwenstem tegenaan en op papier zou dit zomaar mijn persoonlijke next big thing kunnen zijn. Bovendien is het al de tweede plaat; als deze mooi was, ging ik direct op zoek naar de eerste. Razend benieuwd gooide ik het schijfje in de cd-speler. Eerst bij de platenboer. Na twee nummers had ik het gehad. Het was dan weliswaar popmuziek met geinige ritmes, maar die klonken al bijna naar een soort wereldmuziek en dan richting de lounge. Daar hou ik de klanten niet mee binnen dacht ik. Thuis nog maar eens proberen. Och, ik had wat overdreven, maar ik snap wel waarom ik het plaatje met wereldmuziek associeerde. De ritmes, opgebouwd uit alle mogelijke tik-, klik-, tak-, klak-, tok- en klokgeluiden, zweven als een soort mantra door elk liedje heen en worden opgeleukt met hier en daar wat effecten. Ik kan me voorstellen dat je je kunt laten vervoeren door de stem van Galia Durant, maar door haar monotonie en haar ingehouden manier van zingen balanceert deze zeer instabiel op het randje van saaiheid (en valt ie er voor mij te vaak vanaf). Daar waar de liedjes wat kaler en ingetogen zijn, is de plaat op zijn sterkst en pas daar dwaalden mijn gedachten af. Dat er de mogelijkheid tot veel soorten geluid is, betekent niet dat je alle mogelijke soorten geluid ook moet gebruiken. Een krakende trap, een grindpad en een deur, vroeger, toen er nog hoorspelen op de radio waren, was het ook behelpen. Maar behelpen levert vaak heel mooie dingen op. Of gewoon: less is more.
File Under: Hoe kaler, hoe bijzonderder
File Video: [Tricycle]
File Audio: [Psapp]
Mint - Magnetism
Snoepen doe ik zelden. Dat komt vooral ook doordat ik eigenlijk nooit snoep koop. Is het er een keer wel namelijk, dan gaat zo'n een zak als een soort van magneet fungeren en is deze dan ook binnen een vloek en een zucht op. Of het nu drop, toffees, zwartwitballen of spekkies zijn. Nog erger is dat wat er volgt het snel verorberen van zo'n zak snoep. De honger naar meer. Gelukkig kan ik het aardig onderdrukken, dat snoepen, anders had mijn gewicht ondertussen vast al wel uit drie cijfers bestaan. Er zijn ook snoepjes waar je niet dik van wordt. Bijvoorbeeld het friszure nieuwe cd-tje van het Belgische Mint. Daar sabbel ik nu al een week of wat op en het fijne eraan is de smaak lekker blijft en ik er niet dik van word als ik er lang op zuig. Alleen mijn portemonnee werd er dunner van. Dat komt doordat de heren me bij vlagen zo behoorlijk aan Grandaddy doen denken dat ik van deze afscheidnemende opa's mijn collectie maar eens gecompleteerd heb. Mint maakt wel net iets minder 'lullige' liedjes als Grandaddy. Fijne vaak meerstemmige gitaarliedjes met af en toe heel erg sterke melodietjes. Prijsnummers van Magnetism zijn de vast niet voor niets al op single verschenen "Your Shopping Lists Are Poetry" en "The Magnetism of Pure Gold", liedjes als Napoleonsnoepjes. Niet dat Magnetism nu een verbluffend, schokkend goede cd is, onderhoudend is'ie zeker wel en daarom zijn ze toch voor deze week mijn snoepje van de week.
File Under: Klinkt zoals het heet.
File Audio: [Your Shopping Lists Are Poetry]
Ed Harcourt - The Beautiful Lie
Ik krijg er vast nog spijt van, maar ik heb zin om van alles van de daken te schreeuwen. Er is een revolutie in mijn hart! Sinds een paar weken, ongeveer. En vriendinlief, jawel, ze vertelde me een paar dagen terug dat ze "Late Night Partner" van Ed Harcourts album The Beautiful Lie zo mooi vond. Verbaasd vroeg ik haar hoe ze die cd dan zo snel gehoord had; hij is immers pas net uit en ik had hem ook pas een paar dagen zelf in bezit. Nou, bekende ze, via jouw eigen weblog op de Luisterpaal. Op mijn persoonlijke webstek had ik alleen nog mijn eerste indruk opgeschreven: dat deze vierde van Ed Harcourt (ik tel rariteitenverzamelaar Elephant's Graveyard even niet mee) beter was dan From Every Sphere en Strangers, en misschien wel net zo goed als zijn debuut. Als je beide platen naast elkaar zet, dan is The Beautiful Lie volgroeider, verrukkelijker en afwisselender. Iets minder toegankelijk, maar des te meer (net als de tussenliggende platen) het handelsmerk van een muzikale duizendpoot. Een tweede "Shanghai" of "She Fell Into My Arms" zit er niet in: Harcourt heeft artistieke maling aan herhaling. De held. Uberhaupt, een song met de sfeer van de jaren 20 als "Until Tomorrow Then", of een polka als "Scatterbraine", wow. Kijk, dat is nou bezieling op een piano. Kan Keane nog heel wat van leren. En ook laat hij het plezier in zijn spel weer laat horen na het relatief rustige Strangers: op The Beautiful Lie durft Harcourt weer als vanouds te knallen. Naar het einde toe staan er ook wat zwakkere broeders op de plaat, maar dan maakt het allang niet meer uit. Ed Harcourt is mijn muzikale held. Toch maar eens samen naar een concert heengaan...
File Under: De ware schoonheid
File Audio: Samples op zijn site, "Until Tomorrow Then" op MySpace
File Video: "Visit from a dead dog" bij zijn video's
Carmine Appice Project - Ultimate Guitar Zeus
Drummers zijn vaak de wat vreemde buitenbeentjes in een band. Je mept wat op die vellen, maar verder doe je weinig nuttigs, zeg maar. Maar wat als je behalve drummer ook songschrijver bent en medeverantwoordelijk voor joekels van hits als "Do ya think I'm sexy" van Rod Stewart? Carmine Appice is zo'n drummer die anders-dan-anders is. Hij was een van de eerste échte rockdrummers met Vanilla Fudge, was onderdeel van de befaamde maar kortlevende bands King Kobra en Blue Murder en speelde ook een tijdje met de Edgar Winter Group. In 1995 begon hij met mede-Blue Murderers zanger/gitarist Kelly Keeling en bassist Tony Franklin een project genaamd Guitar Zeus. Ze schreven songs waarvoor hij beroemde gitaristenvriendjes uitnodigde, zoals Ted Nugent, Brian May (Queen), Slash (Guns N' Roses, Velvet Revolver), Richie Sambora (Bon Jovi), Ty Tabor(King's X) en nog een paar anderen, zoals Doug Pinnick (King's X), John McEnroe (tennisser....?) en Steven Seagal (acteur....!?!). Twee cd's - en een variant met Japanse gitaristen - maakte Appice met Guitar Zeus, maar die zijn niet meer te krijgen. Vandaar Ultimate Guitar Zeus, met de beste songs van die twee, plus een paar bonustracks. Zo'n project kan alle kanten op gaan: het kan een stuurloos allegaartje worden, maar ook een project dat nooit zo herhaald kan worden. De balans slaat hier duidelijk uit naar het laatste. Een enkele keer hoor je niet dat er een grote naam bij zit - Brian May is bijvoorbeeld onherkenbaar - maar vaker geeft de gitarist alles wat 'ie heeft in een paar minuten. Zo wordt "4 Miles High" met Steve Morse en Jennifer Batten ronduit memorabel, net als "Code 19" met Zakk Wylde. Keeling kreunt soms als Coverdale in zijn hitsigste dagen en Appice beukt er op los zonder de bijdrage van z'n gasten te overstemmen. En waar vind je nog een combinatie als Yngwie Malmsteen met Doug Pinnick? Nergens, precies.
File Under: Es-sen-tieel, meneer!
Mo & Grazz - Fallin' Upon Def Ears
Eigenlijk is Mo & Grazz een mini-transatlantisch supergroep. Zangeres Mo (kort voor Monique Harcum) komt uit Amerika en zingt bij Les Nubians, Grazz (kort voor DJ Grazzhoppa) komt uit België en scratchte onder andere bij Zap Mama en trok de halve wereld rond met DJ Grazzhoppa's DJ Bigband, waarmee hij vorig jaar ook Lowlands aandeed. Tijdens een gezamenlijke tour van Les Nubians en Zap Mama enkele jaren geleden vonden de twee elkaar en ze maken nu met Fallin' Upon Def Ears hun debuut. Ik geef grif toe dat ik een beetje huiverig was voor het resultaat, want ik ben nou niet echt een hiphop- en scratchmannetje, laat staan een nu-soul, R&B of hoe-je-het-ook-wilt-noemen liefhebber. Toch bevalt het resultaat van de samenwerking tussen de door honing gezoete stem van Mo & de vingervlugge handjes van Grazz me wel. Dat komt doordat de cd gevrijwaard blijft van een overdaad aan aalgladde dramatiek en doldraaiende scratcherij en beats, of een extreme clash tussen beide. En als die doldraaiende scratcherij wel plaats heeft, dan is het vooral functioneel of, zoals in het afsluitende "Stop It Grazz" waarin Grazz gehakt maakt van een Public Enemy-nummer en Mo de klagende huisvrouw uithangt, ronduit grappig. Verder houden Mo & Grazz elkaar goed in toom en halen ze als ze er niet meer uitkomen de cello van Lode Vercampt van stal, die meerdere keren smaakvol de rest van de instrumenten aanvult. Hierdoor wordt Fallin' Upon Def Ears een evenwichtig en genietbaar relaxed album met een mengelmoes van hiphop en R&B.
File Under: Mini transatlantische supergroep
The Mutts - I Us We You
Muziek doet iets met je. Dat bleek maar weer eens toen we onlangs bij een concert van zZz (en Belch) waren. Het publiek stond er met een grote grijns te kijken. Het bier stroomde rijkelijk. De moeder van zZz -drummer/zanger Björn Ottenheim maakte een dansje. En het afscheid buiten van zijn ouders was ook erg aandoenlijk. Wat wil je nog meer. Nee, neem dan de Metallica-fans die wij op de weg naar huis in grote getallen tegenkwamen. Er werd gezwegen, er werd ernstig gekeken en er werd vooral niet gelachen. Muziek doet iets met je. Het Britse kwartet The Mutts roept gelukkig bij mij wel weer een glimlach op. Niet dat het als hun evenbeelden in de cartoon grappig bedoeld is, maar de energie straalt er met een heerlijk zwaar aangezette ritmesectie vanaf. Het vertrek van de oude en het komen van de nieuwe drummer Jake Sweetman levert al meteen zijn vruchten af. Was het debuut vooral nog gebaseerd op garagerock, de opvolger I Us We You - al is het met een half uur eerder een mini-album te noemen - kent een grote invloed van de bluesrock à la Led Zeppelin, Black Sabbath en Cream. Ik geniet, ik lach, ik dans en ga zelfs lucht(bas)gitaar spelen. Muziek die dat doet komt diep bij mijn oergevoel. I Us We You vind ik dan ook te leuk om deze als muzikaal achterhaald terzijde te leggen. En voor de oude rockers die niets van modern gedoe moeten hebben: Er is ook een vinylversie verkrijgbaar.
File Under: Ik speel luchtgitaar, spelen jullie mee!?
File Audio: [Driemaal op My Space]
Necrophobic - Hrimthursum
Als een uitgeknepen vaatdoek hang ik over de bank. De cd staat op repeat. Ik heb geen puf om op te staan. Nergens voor nodig ook. Gisteravond bandjes wezen kijken, eerder vandaag brak op het werk. Het is een zeer hardnekkig gevecht. De laatste tijd lijkt dit erger te worden. Kan er slechter tegen en het gebeurt vaker. Komt waarschijnlijk door de opening van het nieuwe poppodium, de P3, in Purmerend. Erg gezellig en erg dichtbij, zal er nog vaak komen denk ik. Voor de derde keer hoor ik "The Slaughter Of The Baby Jesus" voorbij komen, de openingstrack van Hrimthursum, het nieuwe album van de Zweedse band Necrophobic. Of het nu door de vermoeidheid komt of niet, als gehypnotiseerd staar ik wat voor me uit en word ik in vervoering gebracht. Wat een prachtige werkje is dit geworden. De titel is IJslands en betekent zoiets als de vorstgiganten. Deze zouden in het begin der tijden over de wereld hebben gezworven en schrijven op deze cd opnieuw geschiedenis door de wereldreligies te verpletteren, de rest van de wereld te bevriezen en voor altijd te laten slapen. Als geen ander weten deze Zweden epische black metal te combineren met melodieuze death metal. Het geluid is groots en de sfeer is dreigend en mystiek. De solo's zijn pakkend en de verstaanbare stem van zanger Tobias Sidegård gaat door merg en been. Alle details zijn subliem uitgewerkt en de songstructuren zijn fenomenaal. Ik sta snel op, ik moet aan de slag. Ik moet iedereen laten weten hoe goed deze schijf is. Mijn kater is verdwenen.
File Under: Eeuwig bevroren.
On Trial - Forever
Het stikt in Nederland van de bandjes. Een ieder doet zijn stinkende best om een plaatsje in de geschiedenis te verwerven, maar het merendeel brengt plaatjes uit, die hoogstens aan vrienden en bekenden worden verkocht. Een enkeling steekt daar bovenuit en kan een heuse clubtour doen en verkoopt toch al gauw duizend cd's. In Nederland dan wel te verstaan. Met een beetje geluk mag de band in kwestie een voorprogrammatje doen of acte de présence geven op een vaag festivalletje in het buitenland, alwaar een enkele fan wellicht nog een cd-tje zal kopen. Dit geldt natuurlijk niet alleen voor Nederland. Dit geldt voor ieder land. Ieder land heeft zijn eigen scene, met eigen bandjes. En meestal zitten ze daar ook niet te wachten op een onbekend Nederlands bandje, dat in het beste geval zich kan meten met wat er in de locale scene afspeelt. In Denemarken zal men ook niet zo snel het releaseschema van Excelsior in de gaten houden. Maar dan wel weer het schema van Bad Afro.
Daar moest ik aan denken toen het laatste werkje van het Deense On Trial zijn rondjes maakte in mijn cd-speler. Forever is namelijk een heel behoorlijk plaatje. Psychedelische rock met veel stoner invloeden. Een soort van kruising tussen Masters of Reality en Motorpsycho. Zeer adequaat gespeeld en een plaatje waar je je even in moet bijten voor het tot volle glorie komt. Maar heb ik nu wat gemist, doordat dit mijn eerste On Trial plaatje is? Dat dan weer niet. Daarvoor is het plaatje net niet goed genoeg en heeft het een te grote nestgeur van een locale scene. En dan prefereer ik toch een plaatje van Lawn...
File: On Trial - ForeverFile Under: Alleraardigst en bijzonder geschikt voor een vaag festivalletje...
The Herb Spectacles - Bongolito's Hideaway
Mevrouw Storm vroeg aan Junior wat hij wilde eten. Het werd niet één van de heilige vier P's, patat, pasta, pannenkoeken of pizza, zoals je misschien zou verwachten van een vierjarige. Hij wilde wat anders. Gelukkig maar. Op de naam burrito's kon hij (nog) niet komen, maar hij wist haarfijn uit te leggen dat hij die wilde eten. Hij zal zelf de link niet leggen, maar voor mij was het kristalhelder: deze menukeuze werd veroorzaakt door de combinatie van het mooie weer en het veelvuldige draaien van de nieuwe cd van The Herb Spectacles, Bongolito's Hideaway. Dat had 'em vast voorzien van subliminal messages. De nieuwe cd van dit Amsterdamse Mariacchie-orkest is dan ook weer bij uitstek een geschikte plaat voor de tropische dagen zoals we die de afgelopen weken gehad hadden. Terwijl we schuttingen aan het zetten waren, speeltorens aan het bouwen waren, werden we vrijwel continu begeleid door het kwetterende koper van het orkest van gitarist Marcel Kruup en zijn mannen. Veertien zonovergoten easy-listening tunes telt Bongolito's Hideaway, natuurlijk nog steeds geënt op de muziek van hun grote naamgever Herb Albert en zijn orkest. Van mij had er alleen nog wel net iets meer variatie in de nummers gemogen. Na veel draaibeurten wordt het me een beetje te eenvormig. Dan is een nummer als "The Naked Butcher" of "Maria Zamora" waar het tempo net een tandje omhoog gaat en de gitaren scherper en meer 'surf' worden een welkome afwisseling. Maar dat zijn vooral dingen waar je je aan stoort terwijl je zit te luisteren als het buiten motregent. Op een broeierige middag liggend met een strootje tussen je tanden in een festivalweide zal het je verder een zorg zijn. En bovendien: ik eet vanavond burrito's en dat vinden wij lekker.
File Under: Voor bij burrito's en een Corona
Keane - Under The Iron Sea
I guess I'm a record you're tired of
I guess we're just older now
In 2002 schreef er iemand boos: 'Een recensie schrijven waarbij je iets afkraakt is nooit goed, want degene die de plaat heeft gemaakt heeft er hard voor moeten werken om zover te komen...' Dan zou je dus nooit muziek slecht mogen vinden, want er is niemand die niet zijn best doet. Zelfs Keane heeft echt hard geblokt op hun tweede album. Na de release van Hopes & Fears moesten Tom 'pathetisch' Chaplin, de spastische Yamaha-pionier Tim Rice-Oxley en behangdrummer Richard Hughes anderhalf jaar toeren met een oeuvre van negentien liedjes, aanbeden door hele kuddes borderlinevrouwen, opgejaagd door fans en platenbazen met torenhoge verwachtingen en verraden door hun eigen idealen. Maar ja, reken maar dat je daarvan vervelende maniertjes en een identiteitscrisis oploopt. Baby I'm a man, and I was born to hate. Van die negentien liedjes vind ik er overigens drie écht geweldig: "Somewhere only we know", "Snowed under" en "Everybody's changing" blijf ik nog jarenlang draaien. Aan de rest heb ik in de loop der tijd een grafhekel gekregen, omdat er geen greintje pit of oprecht plezier in zit. Vooral het werkelijk in kwijl gedrenkte "Bedshaped" is ronduit afstotelijk. Maar goed, we waren al bij album twee. Spiegeltje, spiegeltje aan de wand, wie is de beste Coldplay-kloon van het land? Net als X & Y is Under The Y & C een pompeus, overgeproduceerd, oervervelend massamuzakalbum geworden, een waddenplaat, nu zonder één echt vrolijk liedje. De goede punten: Het epische "Atlantic" is de stiekem best mooie "Fix You" van dit album en "Nothing In My Way" is de verdacht bekend voorkomende pianoballad die X & Y niet eens heeft. Maar de rest... Sorry, ik word gewoon niet blij van de twee uptempo nummers "Put It Behind You" of "Is it any wonder", laat staan van al die andere échte zeiknummers die we het komend jaar wel weer tot stervens toe zullen krijgen opgedrongen. Bittere woorden zijn inderdaad al wat er overblijft. Sterker nog, eigenlijk hoop ik dat Tom, Tim en Richard over een half jaar hun wereldtournee plots bruut afbreken, iedereen de middelvinger geven en de rust nemen om terug te komen met een verpletterend album dat hun heus aanwezige talenten wél recht doet.
File Under: Grotendeels ronduit verschrikkelijk
File Audio: Wel érg weinig samples op hun site
Camera Obscura - Let's Get Out Of This Country
Och, wat waren we allemaal aan het wachten op de zomer. Och, wat hadden we allemaal genoeg van het zeikweer waar we mee gekweld werden. De voorjaarsmoeheid werd tot nader order verlengd, verliefd werden we niet en het ging zijn gangetje, maar meer ook niet. En toen wérd het mooi weer. De enkeling die zeurde dat het te warm was, werd met de neus aangekeken en we konden gaan genieten. Ik ook. Zomer is makkelijk, zomer maakt het je makkelijk. Och, wat had ik zin in Let's Get Out Of This Country van Camera Obscura. Maar dat wist ik pas, toen ik 'm hoorde. Magnifieke liedjes, prachtig gecomponeerd naar aloude en welbekende popstructuren. Strijkarrangementen alsof het niets is, orgeltjes die de boel versieren als zonnebloemen tegen bakstenen muren van oude huizen. Tien ijzersterke liedjes waarvan er minstens één op elke zomerpopcompilatie moet staan. En hoewel de media vrij gemakkelijk grijpt naar locatiegenoten Belle & Sebastian, ben ik vooral geneigd de invloeden van verder te zoeken, want hoewel er weinig meerstemmig gezongen wordt, straalt zangeres Tracyanne Campbell in haar eentje met gemak de zwoelheid uit van een Amerikaanse girlgroup uit de jaren zestig. Noem het makkelijk, noem het niets-om-het-lijf-hebbend, maar vergeet niet dat dit al het derde album is van Camera Obscura en dat deze band alleen nog maar gegroeid is. Na het alleraardigste debuutalbum Biggest Bluest Hi-Fi en het sterke tweede album Under Achievers Please Try Harder is er nu Let's Get Out Of This Country. En ik schrik er zelf ook van, maar blijkbaar zat ik net zo hard op de zomer te wachten als ongecompliceerde en ontwapenende meisjesmuziek.
File Under: Verliefd op ontwapenende meisjesmuziek
File Audio: [Lloyd, I'm ready to be heartbroken][Come back Margaret][Let's get out of this country]
File Video: [Lloyd,I'm ready to be heartbroken]
Eagles Of Death Metal - Death By Sexy
Op de één of andere manier belandt Peace Love Death Metal uit 2004 van Eagles Of Death Metal steeds vaker in de la van mijn cd-speler. Wist ik dit album destijds nog niet helemaal te waarderen, langzaam is dit gegroeid tot mijn favoriete cd uit 2004. Als er dan ook een nieuw album van ze uitkomt spoed ik me naar de winkel. In de toch goed gesorteerde cd-winkel kan ik de nieuwe cd Death By Sexy niet vinden. Uiteindelijk besluit ik het dan maar te vragen. De verkoper zoekt even in een lade, pakt de cd eruit, loopt de winkel in om het bijpassende doosje en hoesje te pakken. Als hij terugkomt vraag ik waar hij deze verstopt heeft: hij liep toch echt niet naar de E van Eagles. 'Bij Queens Of The Stoneage" zegt hij. "Daar zit inderdaad een link," zeg ik. "Meer dan een link," zegt de verkoper. Eagles of Death Metal kent inderdaad als aanvoerder QOTSA-voorman Joshua Homme, maar ook zijn vriend Jesse Hughes. Tim van Hamel lijkt met de noorderzon vertrokken te zijn, de heren maken wel weer gebruik van artiesten waar veel van de namen weer oude QOTSA-bekenden zijn. Toch is het muzikaal van een heel andere kaliber. De muziek, bestaande uit korte recht-toe-recht-aan-liedjes, heeft eerder relaties met oude Stonesklassiekers als Brown Sugar. De hoes lijkt ook een overeenkomst met de achterkant van de door Andy Warhol ontworpen hoes van Sticky Fingers. Teksten als 'I can be your daddy, be your Rock N Rolla, you can be my sugar, be my Cherry Cola" lijken daarentegen cynisch bedoeld naar hun oude-lullen-met-(te)-jonge-meisjes -status. Dit neemt niet weg dat het wederom een keigave cd is geworden die veel meer verdient dan een plaats in het bakje bij QOTSA.
File Under: E van Eagles Of Death Metal
File Video: [I Want You So Hard (boy's Bad News)] [Hetzelfde nummer maar dan live bij de sexy David Letterman][Foute video Know Thou Meat waaronder het nummer "I Gotta Felling (Just Nineteen)" te beluisteren is]
VA - Unsound
Het was al meerdere afleveringen van Punk-O-Rama, de verzamelaars waarmee Epitaph voor een schappelijk bedrag haar acts aan Jan Publiek presenteert, dat de titel de lading al lang niet meer dekte. Vandaar dat na 10 afleveringen van deze serie Epitaph wijselijk de titel veranderd heeft in Unsound. Nou vind ik dat - Unsound betekent zoveel als ongezond / ondeugdelijk - ook niet echt een geweldige titel voor een verzamelaar waarop eigenlijk maar heel weinig aan te merken valt, maar het is wel goed dat het woordje punk uit de titel verdwenen is. Bands als de tintelfrisse indievriendjes van Youth Group (ze doen hier een fijne cover van Alphaville's "Forever Young"), springpoppers van The Robocop Kraus, en de hiphoppers (en Nederlanders!) Pete Philly & Perquisite, Sage Francis en Dangerdoom kun je ook met de beste wil van de wereld geen punk noemen. Hooguit hun attitude, maar zelfs dan. Of er nog wel echt gepunkt wordt op Unsound? Maar natuurlijk! Maar je moet het wel doen met de bekende namen: Bad Religion, Bouncing Souls, Pennywise. Bovendien zijn het geen rarities, maar gewoon tracks van hun laatste cd's die op Unsound staan. Dat vind ik wel een beetje jammer. Toch laat Epitaph horen oog te hebben voor talent, want de versgetekende emoknakkers van Escape The Fate dragen met "Situations" een alleraardigst nummer bij. Dat kan niet gezegd worden van het ook nieuwbakken The Draft. Hun "New Eyes Open" is ronduit flets en saai te noemen. Verder is Unsound weer een fijne ratatouille aan artiesten uit de Epitaph-schuur met bovendien weer een gratis dvd-tje. Alleen mogen ze de volgende keer de cd wel helemaal voltanken. Er zijn nog veel meer leuke bandjes op Epitaph en al haar dochterlabels...
File Under: Punk-O-Rama is dood, leve Unsound
36 Crazyfists - Rest Inside The Flames
Bij bands als 36 Crazyfists heb ik af en toe mijn twijfels. Op het eerste gehoor is er niet veel mis met de herrie die zij sinds 1994 produceren. Strak, professioneel en hard is de beste omschrijving voor hun slag moderne metalcore, die afgewisseld wordt met poppy emorefreinen, zoals al zo vaak gebeurd tegenwoordig. Wat mij echter een beetje steekt is dat de band precies volgens het boekje aan alle moderne stijlvereisten voldoet zonder een moment van originaliteit of iets van een eigen gezicht. De zang is volgens het bekende afwisselende over-the-top-schreeuw/gevoelig-zingen-principe, de bassdrums zijn strak getriggerd en syncopisch afgemeten met de metalen gitaarriffs, en de songs zijn agressief doch met gevoelige refreintjes, echter zonder dat er ook maar een moment een gevoelige snaar bij mij wordt geraakt. Kortom, bij 36 Crazyfists krijg ik het gevoel dat ze vooral om marketingtechnische redenen dit soort muziek zijn gaan maken. Als Nu Metal nog steeds het ding was geweest hadden ze dat nog steeds gedaan, zegt mijn gevoel. Begrijp me niet verkeerd, de jeugdige metalcore-fanaat zal dit allemaal lekker strak en aggressief vinden, doorgewinterde luisteraars zoals mij die iets meer verwachten hebben het allemaal al een keertje en waarschijnlijk beter gehoord. Wat niet wegneemt dat deze band ongetwijfeld live wel de pannen van het dak rost. Dat is echter niet genoeg voor een 100% geslaagde plaat.
File Under: Moderne metalcore volgens het boekje, maar zonder iets extra's
File Audio: [ MySpace]
Emergency Gate - Nightly Ray
Is het de laatste tijd gewoon weer heerlijk weer, zit ik binnen een cd te beluisteren om te recenseren - al houdt de hooikoorts me ook regelmatig binnen, maar dat ter zijde. Als je dan een aangename cd treft die je doet vergeten dat het buiten veel lekkerder is dan binnen is het natuurlijk goed te doen. Maar krijg je Nightly Ray van Emergency Gate voorgeschoteld dan is dat even andere koek. Af en toe zijn (delen van) de nummers nog wel ok, maar vaak zijn ze veels te zwak, en dan met name de zang van Fabian Kießling. Deze komt zo matig over, en soms zelfs zo slecht en vals, zoals 'goed' te horen op "In My Dreams". Deze Duiste vijfmansformatie speelt een mix van rock, heavy metal en nu metal. Ze krijgen daarbij af en toe steun van zangeres Gaby Weihmayer. Zij mag op een aantal nummers een beetje op de achtergrond mee zingen, en dat klinkt dan al gelijk een stuk aangenamer. Jammer is het dan dat dat weer naar de achtergrond weggedraaid is. De zang en muziek zijn vaak niet echt samenhangend en ze zijn ook nergens echt spannend. Slechts af en toe weten ze me toch nog te verrassen met wel lekkere stukjes. Maar het is te weinig en te sporadisch. Als toegift besluiten ze het album met wel een aardige uitvoering van Falcos "Rock Me Amadeus" en een instrumentaal nummer. Maar als de cover op je album als beste nummer uit de bus komt? Precies, dat zegt eigenlijk al genoeg. Kan iemand mij vertellen waar hier de nooduitgang is?
File Under: Waar is de nooduitgang?
File Audio: [Nightly Ray][Soulstreamer]
Glenn Hughes - Music For The Divine
Groene vingers behoren niet tot mijn standaarduitrusting, zoals ik hier al eens beschreef. Maar ik weet wel dat er planten zijn die uitbundig bloeien, zo goed als overlijden en dan toch weer tot volle bloei komen. In de rockwereld heet zo'n plantje Glenn Hughes. De man heeft hoge hoogtepunten gekend met Trapeze en Deep Purple, heeft bijna letterlijk het loodje gelegd door verslavingen en is de afgelopen jaren weer tot grote creatieve hoogten gestegen, zowel solo als in gelegenheidsformaties. Dat bewijst 'ie nog maar eens met zijn nieuwe album Music for the Divine. De band is grotendeels hetzelfde: J.J. Marsh op gitaar, Mark Kilian als toetsenist en Hughes' maatje Chad Smith (die van de Peppers, ja) legt een heerlijk funky basis. Waar Smith bij de Peppers uitblinkt in simpel maar effectief spel, gaat hij hier heerlijk loos. Pepperscollega John Frusciante zorgt nog voor wat fijne guitar experience, zoals het genoemd wordt. Met de band zit het dus alvast goed. En de nummers? Die behoren tot het beste wat Hughes heeft gemaakt. Luister maar eens naar "The Valiant Denial" of "This Is How I Feel": rocksongs met een funky basis, met ijzersterke refreinen en zanglijnen. De cleane productie van Hughes en Smith doet soms wat Peppersachtig aan maar leidt nooit tot een kopie. De bonustrack is een cover van de Moody Blues tearjerker "Nights in White Satin" en zelfs daarvan weten ze een mooie cover neer te zetten. Bovendien worden regelmatige akoestische gitaar en stringarrangementen ingezet. Nog het mooist in afsluiter "The Divine": eenvoudige begeleiding van akoestische gitaar, een paar violen en cello's erbij en ingetogen zang van Hughes. Hughes bloeit als nooit tevoren. Bril-jant!
File Under: Goddelijk mooi
File Audio: [The Valiant Denial] [meer fragmenten]
Bouncing Souls - The Gold Record
Het schijnt dat ze alweer bijna twintig jaar bezig zijn en in al die tijd zijn The Bouncing Souls er nooit echt in geslaagd om mij voor zich te winnen. Ik sta daar blijkbaar niet alleen in, want de band staat ook in deze tijd nog steeds voornamelijk in voorprogramma's van andere punkige bandjes, die vaak heel wat minder lang meedraaien. Ook de nieuwste plaat, pretentieus The Gold Record gedoopt, zal hier weinig verandering in brengen. Weinig verandering is sowieso het credo als het om The Souls gaat, er valt geen spoortje vernieuwing te ontdekken, alsof de wereld al twintig jaar hetzelfde is. En dus slaat ook deze keer na een nummer of vier de verveling keihard toe en is de aandacht weer snel vervlogen. Hoe hard de band ook zijn best doet om in het rijtje Bad Religion, Pennywise en NOFX terecht te komen, het lijkt er nu echt op dat dit een kansloze missie is. Misschien dat ze ooit met een zorgvuldig samengestelde 'Best Of' alsnog een keer een topper op de markt kunnen brengen, maar een volledige langspeler die enkel écht goede liedjes bevat zie ik ze niet meer maken. Slechts één slimmigheidje moet ik ze meegeven, hoe makkelijk ook, met deze titel hebben ze tenminste ooit nog een gouden plaat gemaakt. Het zal vast en zeker de laatste zijn.
File Under: Maak daar gerust 'Het Blikken Album' van
File Audio: [The Gold Song]
Fred de Vries - Club Risiko: De jaren tachtig toen en nu
Als de big bang van de punk in de jaren '76 tot '79 plaatsvond met alle nihilisme en destructief gedrag dat hoort bij het opruimen van de oude stellingen, dan zijn de jaren tachtig de periode van de opbouw en het opnieuw uitvinden. Dat is wel een enorme tegenstelling met het algemene beeld van grauwe steden, krakersrellen, doemdenken, de neutronenbom en de trits Reagan, Thatcher, Lubbers. Toch is het de ongebreidelde creativiteit en vooral do-it-yourself het belangrijkste dat overgebleven is uit die tijd. Dat blijkt wel uit Club Risiko, het boek dat Fred de Vries schreef. In een reis langs zeven wereldsteden worden evenzoveel invloedrijke bands beschreven die allemaal begin jaren tachtig de underground bepaalden en waarvan de invloed niet gauw overschat wordt. Blixa Bargelds Einstürzende Neubauten uit West-Berlijn, Laibach uit Ljubljana, Sonic Youth uit New York, Crass uit Londen, Koos uit Johannesburg en The Ex uit Amsterdam. De zevende stad waar Fred de Vries ons mee naar toe neemt is Parijs. Hier gaat hij - en die zoektocht komt steeds weer terug - vruchteloos op zoek naar regisseur Leos Crax. Diens zwartgallige film Pola X vormt min of meer het decor voor de verhalen uit het boek. Leos Carax laat vrijwel niets meer van zich horen, de muzikanten geven Fred de Vries hun verhalen en laten de zwartgallige jaren tachtig van Leos Carax verdwijnen door hun versie van de jaren tachtig: gevuld met avontuur en creativeit (en hier en daar een portie geweld).
File Under: Undergroundliteratuur
Joep Pelt - It Is What It Is
Als ik de blues heb dan vermijd ik de blues. Ik laat me als ik in een dal zit namelijk makkelijk verder meetrekken in mijn stemming, terwijl ik juist behoefte heb aan tegengif. Herrie en energie is dan meestal het beste medicijn. Helaas was het net een tijd van blues: het ging even niet zoals ik dat zelf wilde. Joep Pelt, ik ken hem niet en het dringt later pas door dat het gewoon een 'Ollander is, zit sip voor zich uit te staren op de hoes van It Is What It Is. Het is geen aanbeveling: ik leg hem keer op keer opzij tot ik e.e.a. nader ga bestuderen. De cd is 'dedicated to R.L. Burnside & Ali Farka Toure': dit waren niet de minste. Hij kwam ze tegen op zijn reizen door Mississippi en Mali. Joep Pelt (1979), je had hem kunnen kennen van zijn band Pelt of eerder solowerk, gaat met hier en daar wat ondersteuning op zoek naar zijn eigen blues. Zijn leeftijd speelt hem geen parten. Naast twee traditionals ("Devil" en "Dark Was The Night") zijn er elf eigen nummers die er ook niet om liegen: er zijn woorden als asshole, fuck en demon. Eigenlijk valt het met mijn eigen leven toch wel mee. Het wordt tijd om mijn eigen blues aan de kant te zetten: It Is What It Is. Joep Pelt plaatst zich met deze cd in de rij van Dyzack en Michael de Jong, zover hij dat in het verleden nog niet gedaan heeft.
Joep Pelt is de komende tijd solo of met zijn band op diverse podia te zien. Op 18 Juni met zijn band op het Visbakfestival te Wijk aan Zee, 15 juli solo in Soal te Workum, 19 augustus in De Weegbrug te Roermond en op 26 augustus met band in Maloe Melo te Amsterdam.
File Under: Tijd om mijn eigen leven weer positief te zien
File Audio: [Kick The Habit / face the demon][ Messenger Of Misery][ Dark was The Night]
Arrow Rock (dag 2)
Dag twee begon ermee dat ik zo ongeveer door de hitte mijn tentje uitdreef. Veel te vroeg, dus met veel tijd om te douchen en sloten koffie naar binnen te werken. Tijd om eens bij te kletsen met medefestivalgangers. Opvallend veel mensen hadden weer buitengewoon genoten van Uriah Heep, maar vooral Journey had indruk gemaakt. Niemand had het nog over Steve Perry, Journey had de best mogelijke reclame voor zichzelf gemaakt.
Zoals op dag 1 veel toeschouwers voor de rockers waren gekomen, zo kwamen er op dag 2 veel mensen speciaal voor Roger Waters. Een wat ander publiek en vooral veel andere T-shirts.
Lees verder..Sleeping Dog - Naked in a Clean Bed
Zijn letterlijke woorden zijn verloren gegaan in de doffe ellende die MSN Webmessenger heet. Wat ik nog wel weet is dat hij zich min of meer verbaasde over het aantal keren dat ik Chantal Acda's slaapkamerproject Sleepingdog gedraaid had. Die verbazing sloeg nergens op naar mijn bescheiden mening. Want hemeltjelief, wat heeft deze in Brussel residerende Nederlandse singer/songwriter een adembenemende plaat afgeleverd met Naked in a Clean Bed. Nu hoor ik je al zeggen: 'Oh nee hé, niet weer zo'n meisje met gitaar.' Nee sukkel, helemaal niet weer zo'n meisje met gitaar. Althans, lang niet overal. U moet weten dat ik Mark Hollis zijn enige - kom uit je hol Mark en doe er eens wat aan! - solo-cd onaards mooi vindt. Al vind ik het lastig uitleggen wàt ik nou precies onaards mooi vind aan die plaat - aan de andere kant, ik vind 'em niet voor niets onaards mooi, dat zou op zich al genoeg reden moeten zijn. Anyway, Chantal Acda slaagt er in om in enkele nummers op haar Sleeping Dog-cd de schoonheid van Mark Hollis zijn cd te benaderen. Vooral van het prijsnummer "Chief" valt me de mond open. Ze mengt hier de lagen instrumenten zo wonderschoon met haar engelachtige stem dat ik er stil van word en de hele dag niets anders wil horen. Zo simpel, maar onaards mooi, dat is het! Helaas kan ik het u niet laten horen, want het nummer staat niet op haar site. De nummers die u hier wel kunt horen zijn de meer standaard singer/songwriter, maar als Chantal dit soort liedjes maakt dan steekt de frêle dame òòk met kop en schouders boven het gros van hen uit. Er zullen nog vele keren volgen dat ik deze cd de komende tijd in mijn cd-speler, telefoon of mp3-speler draai. Maar dat had je ondertussen vast al door.
File Under: Ik ga douchen en mijn bed verschonen en wel nu.
File Audio: [Hiero in flash]
Barth - Under the Trampoline
Ik snap het niet helemaal, maar ik geloof inmiddels dat ie Frans is. Barthman? Nee, nee, gewoon kortweg Barth. Gekke naam eigenlijk. Ja, maar hij heet eigenlijk Barthelemy nogwat, maar daar kun je niet mee optreden, met zo'n naam en dat is dus helemaal niet Frans. Ik moest googlen hoor, want die muziek, jeetje. Ja, pop, maar ja, we houden allemaal wel van pop, maar niet van alle pop, zeg maar. Wat maakt deze Franse bard - is dat een internationaal woord? - dan precies? Z'n platenmaatschappij gooit met grote namen als John Lennon en Beck, maar hoho, dat gaat wat ver. Under the Trampoline is een aardig popplaatje dat misschien wel beter in Frankrijk past dan hier. Niet slecht, maar wel een beetje saai en dan maken die dub-invloeden weinig goed. Ze maken de boel zelfs wat traag. Die loomheid kan de bedoeling zijn, maar overtuigt op geen enkel moment. Barth doet aan fusioncooking, maar vergeet een snufje originaliteit. Originaliteit uit een pakje, in Barths geval hier en daar wat elektronica, werkt bij mij net zo min als de pastasaus van Honig. En die stem. In het slechtste geval denk ik aan de kreun van Bert Heerink, maar dat is niet aardig (maar wel grappig) en bovendien maar in één liedje. Warm is ie wel. Net zo warm als ik het heet heb op de dag waarop ik weer stukjes ging schrijven. Maar daarbij liever een ander plaatje. Barth kan de kast in.
File Under: Minder spectaculair dan Batman, maar daar denken de Fransen vast anders over
File Audio: [Sea of shower]
File Video: [The Last Wig]
File Audio: [Barth]
The Aggrolites - The Aggrolites
Wanneer het Nederlandse winterweer eindelijk omslaat in iets wat je ongeveer zomer zou kunnen noemen, past mijn muziekvoorkeur zich ook enigszins aan. Hoge temperaturen stemmen blijkbaar wat milder en zijn er bij mij in ieder geval reden toe om met veel plezier uit te kijken naar een nieuw Ska-plaatje van het onvolprezen Hellcat Records. Geheel terecht ook trouwens, want The Aggrolites - daar heb ik het over - hebben hele leuke dingen gedaan op hun nieuwe CD. Het is en blijft wennen dat de moderne Skamuziek gemaakt wordt door vijf gespierde blanke mannen die beschilderd zijn met tatoeages en poseren met een honkbalknuppel op hun schouder. Dat is toch wel eventjes wat anders dan die goede oude Toots en zijn Maytals. En toch verschillen ze helemaal niet zoveel. Ja, Toots is een half-bejaarde neger die zijn beste kunstjes een jaar of dertig a veerig geleden deed, maar qua muziek schurken ze aardig tegen elkaar aan. The Aggrolites zijn er in geslaagd om hun muziek authentiek te laten klinken en leveren een kwalitatief hoogstaand stukje muziek of. Maar liefs negentien lekker swingende liedjes die perfect passen bij een (s)lome zomerdag, in de voetsporen van die andere relatief 'jonge' ska/reggae bandjes (Hepcat, The Slackers). Laat de regen nog maar eventjes wegblijven.
File Under: Stoere mannen maken lieve zomermuziek
File Audio: [Funky Fire][Mr. Misery]
Arrow Rock (dag 1)
Zo loop je thuis wat duimen te draaien en stukkies te schrijven en zo kom je in de doorsnee dag een uurtje of vier tekort. Ik wist inmiddels een paar weken dat ik jurylid zou zijn van de Nationale Omkatdag. Dat onbetaalde klusje zou direct na 1 juni beginnen, maar hé, ik had tijd zat. Ik was op zoek naar werk, maar dat vlotte nog niet zo. En plots was binnen drie dagen tijdelijk werk geregeld. Nadeeltje: naast acht uur werken betekende dat ook nog eens vier uur reizen. Maar goed, dat viel nog wel te combineren.
Maar ik was nog amper begonnen of de volgende verrassing diende zich aan: we kregen voor File Under na een aanvankelijke afwijzing alsnog perskaarten toegewezen voor Arrow Rock, het gerontorockfestival bij uitstek. Anderhalve week voor aanvang van het festival pas. Hellup! Nee, natúurlijk ging ik er naartoe. Ik had al kwijlend rondgelopen sinds de namen waren bekendgemaakt. Slechts monetaire krapte noopte mij af te zien van een bezoek op eigen kosten. Nu, gewapend met perskaart en al, kon ik zo binnenwandelen. Maar ja, voorbeschouwingen schrijven, een tent regelen om er te kunnen overnachten en in dezelfde week ook nog jury duty... Kortom, ik heb me anderhalve week de benen onder het lijf vandaan gelopen, voor ik met fotograaf Klaas mijn opwachting kon maken in Lichtenvoorde.
Lees verder..Radio 4 - Enemies Like This
Ik stond bij het optreden van Radio 4 op Lowlands naast Ewie terwijl hij stond te dagdromen. Pas later wist ik waarover die droom ging. De New Yorkers van Radio 4 bleken slechts een beperkte rol in die droom te spelen. Ik verbaasde me er een beetje over dat het bandje voor hem tot dan toe onbekend geweest was. Hun debuut-cd Gotham was toch alom geprezen. Aan de hand van het DFA-Team hadden deze heren met die plaat zich behoorlijk op de kaart gezet. Ik had er in ieder geval al uitbundig van genoten. Misschien dat het daardoor kwam dat Ewie hun derde (en voor Ewie dus zijn kennismaking) wél aanprees waar anderen en met terugwerkende kracht ook de band zelf niet bijster te spreken waren over de poging van Radio 4 om hun geluid verder te ontwikkelen. Feit is in ieder geval dat met Enemies Like This Radio 4 het 'progressieve' van Stealing Of A Nation weer terzijde geschoven heeft en - ik zou bijna zeggen met hangende pootjes - terugkeren richting het geluid van Gotham: strakke, van energie dampende dancepunk. Iedereen haalt er altijd maar Gang of Four bij als referentie. Het verbaast me dat ik nooit ergens lees dat Radio 4 ook wel degelijk de zonen zijn van de vroege Joe Jackson, want daar moet ik bij het beluisteren van Enemies Like This namelijk heel erg vaak aan denken. Dat album mag dan deels een herhaling van zetten zijn. Ze zetten je toch wel weer mooi schaakmat.
Saxon - The Eagle Has Landed Pt. III
Saxon was in alles de vertegenwoordiger van de New Wave of British Heavy Metal. Van harde rechttoe-rechtaan-rocksongs met ijzersterke refreinen tot de foute spandex broeken en quasi-stoere attitude. Uiteindelijk duurde de echte NWOBHM niet eens zo bar lang en gaven veel bands er na een paar cd's alweer de brui aan. Saxon is daarentegen stug doorgegaan, of ze nu in grote hallen speelden of in kleine zaaltjes. En hoewel ze behoorlijke creatieve dieptepunten gehad hebben, zijn ze nooit echt van hun stijl afgeweken en hebben ze altijd hun stinkende best gedaan als ze voor publiek stonden, of het nu 100 mensen waren of 10.000. Dat hoor je terug op hun live-albums, waarvan er nu weer een verschenen is: The Eagle Has Landed, Pt. III, vierentwintig jaar na het eerste live-album. Dat eerste live-album is zo'n rockklassieker dat je er nooit voorbij komt, maar dit album kun je er gerust naast zetten. Op de eerste cd van dit album staan oudere songs, opgenomen met de op het oude nest teruggekeerde drummer Nigel Glockler, op de tweede cd staat recenter werk van de Lionheart-tour met de vorige drummer Jörg Michael. De uitvoeringen zijn prima, in een lekker vette productie. Ze hebben niet geprobeerd The Eagle Has Landed Pt. I nog eens over te doen en hebben bij het oudere materiaal gekozen voor songs als "Stand up and be counted" en "And the bands played on", zodat het een mooie aanvulling is op eerder live-materiaal. Op de tweede cd staat allerlei recent lekkers als "Lionheart" en "Court of the Crimson King", waarmee Pt. III gewoon wéér een lekkere live-cd wordt. Wat mij betreft mag Pt. IV alvast gepland worden.
File Under: They'll Never Surrender
File Video: [Lionheart (Real Audio)]
Benny Sings Rednose Distrikt - EUH
Ik houd wel van experiment in elektronische muziek. Elk sampletje precies op de goeie plek, dat kennen we tenslotte nou wel. Veel leuker wordt het als de beat in een onschuldig popliedje net náást het ritme uitkomt. En dat is op de cd EUH goed begrepen. Zelfs het grove font dat op de hoes gebruikt wordt ('met dank aan al onze gothicfans') past in het idee: de streepjescode ernaast verraadt dat de gebruikte drukpers eigenlijk op een veel hogere resolutie werkte. EUH is een tussendoortje, het resultaat van een samenwerkingsverband: Benny verzorgt de vocals, en de beats zijn in handen van dj-collectief Rednose Distrikt (dj Aardvarck en Steven de Peven). Die combinatie is onberekenbaar: er komt ontzettende zeiklounge uit ("Freedom"), maar gelukkig ook leuke poppy liedjes ("Common Y All"). De grap van het nummer "Papa, ik wil een nieuwe fiets" wordt helaas momenteel elders overtroffen (rond het tijdstip van dit schrijven staat half Nijmegen 'Jaaaaaaa mééééét eeeeeeen wuppiewuppiewuppie' te zingen), maar ook qua samples geeft Rednose Distrikt EUH iets kinderlijks, bijna prettig nonchalants mee. De baslijn in "The River" is juist weer lekker zompig en met wat goeie wil zou je "Ready to rock" een kruising van Basement Jaxx met Justice kunnen noemen. Al met al zet EUH een aantal prima ideeën op de rails, maar is de plaat toch niet geslaagd. Daarvoor is de plaat domweg niet uitbundig genoeg en mist hij opbouw en melodie (laten we eerlijk zijn, track 2 heeft een aardige billenschudbeat, maar vind ik echt oervervelend eigenlijk). Alle kans voor verbetering is overigens aanwezig: zowel Rednose Distrikt als Benny Sings brengen nog dit jaar een eigen nieuwe plaat uit.
File Under: HEU!
File Audio: Miss Moral
File Video: Flash 8 is er niet voor Linux, dus ik kon Bennys video's niet bekijken
Skinless - Trample The Weak, Hurdle The Dead
Ik ben een zeer subjectieve recensent. Ten eerste vind ik een metal-cd negen van de tien keer beter dan een willekeurige andere release van een onbepaald genre. Ten tweede vind ik metal-artiesten altijd een stuk beter dan andere omdat ze sneller kunnen spelen, vettere riffs verzinnen en ruigere keelklanken produceren. Ten derde zijn metal-hoesjes altijd lekker grof en gewel(da)dig en ten vierde omdat al die andere zoetsappige klerezooi me gestolen kan worden! Dus wie niet van metal houdt, moet dit schrijven maar even overslaan, want hier komt weer een ongelooflijk jubelstukkie over alweer een superlauwe metalknaller. Trample The Weak, Hurdle The Dead, het vierde volwaardige verzinsel van de New Yorkse band Skinless is namelijk een uiterst doeltreffend en genadeloos schijfje vol met onvervalste U.S. death metal geworden. Was de vorige cd, From Sacrifice To Survival, wat meer technisch uitgevallen, deze keer is er wat gas teruggenomen en wordt er weer ouderwets en ongecompliceerd op los gebeukt. Log en groovy deelt Skinless raken klappen uit. Death wat meer op de achtergrond en Deicide wat meer op de voorgrond zal ik maar zeggen. Nieuwe zanger Jason Keyser is een jonge hond en geeft gelijk zijn visitekaartje af. Een dieprochelende putgrunt, afgewisseld met neurotisch aandoende geluiden in de hogere regionen. Bovendien is het geluid ZWAAR, HEEL Z
W
A
A
R
! Alsof je sub nog op de filmstand staat worden de ultralage frequenties je kamer ingeslingerd en moet je uitkijken dat alles wat losstaat niet naar benden komt. De peetvaders van de zware muziek worden met afsluiter "Wicked World" nog even geëerd en hoewel deze cover niet al te best is, ben ik wederom in mijn hum met deze heerlijke release.
File: Skinless - Trample The Weak, Hurdle The DeadFile Under: 8.1 op de schaal van Richter.
The Drips - The Drips
Duw wat bandleden van The Bronx en The Distillers samen met een paar bevriende snuiters twee dagen in een bloedhete studio in L.A. en de officiele debuutplaat van The Drips floept eruit. Dit soort zijprojectjes hebben de neiging nogal oninteressant te zijn voor buitenstaanders, maar daar is deze keer absoluut geen sprake van. Met de huidige techniek is het helemaal niet meer nodig om maanden in de studio door te brengen, de enige echte voorwaarde voor een goed album is een stapel puike liedjes. En daar ontbreekt het The Drips absoluut niet aan. Er is duidelijk inspiratie opgedaan bij onder meer Rocket From The Crypt, Snuff, New Bomb Turks en Hot Snakes - ook al zo'n zijproject - en dit heeft geleid tot meer dan zomaar een aardigheidje tussendoor. Ik ben persoonlijk niet zo'n fan van The Bronx en ook the Distillers kunnen mij weinig bekoren, des te opvallender dat deze mengelmoes mijn wiebelteen en drumvinger wel van begin tot eind in beweging weet te zetten. Lekker swingend met een rauw randje, The Drips doen het voor de lol en dat straalt er aan alle kanten vanaf!
File Under: Wat nou zijproject!
File Audio: [16, 16, Six][Down Brown
The Love Substitutes - More Songs About Hangovers And Sailors
Onderuitgezakt zit ik als een echte consument Pinkpop op tv te volgen. Het is maandag. Er komen tussendoor beelden voorbij van de dagen ervoor, zoals de band dEUS met de nu ruim een jaar op gitaar spelende alleskunner Mauro Pawlowski. Voor mij op tafel ligt de kersverse cd van The Love Substitutes met in hun geledingen diezelfde Pawlowski: het is een productief mannetje die zich hier dan weer voornamelijk bezig houdt met drummen. De voorkant van de prachtige hoes is ontworpen door gitarist Rudy Trouvé, ex-dEUS, die een ruime sortering aan zijproducten heeft waaronder dus deze band. Of neem gitarist Craig Ward, ex-dEUS, die langzaam weer tot leven komt na zijn vertrek bij zijn voormalige werkgever. En dan is er nog een bassist Bert Lenaerts die zowaar niets met de inmiddels te vaak genoemde band te maken heeft gehad. Het gaat hier namelijk over The Love Substitutes die hun tweede volledige album uitbrengen met de titel: More Songs About Hangovers And Sailors. In tegenstelling tot de vorige grotendeels geïmproviseerde album lijkt er nu meer sprake van een geheel waarbij de zangpartijen onderling door de heren gewisseld worden. Ook is er meer aan gesleuteld in de studio wat de toegankelijkheid ten goede komt. Dit ondanks de variatie in muziek van akoestisch getokkel, samples tot stevige rock. The Love Substitutes worden steeds meer een echte hechte band met nu een prachtige tweede album. Ik kan er veel woorden aan vuil maken, maar ik kan maar één advies geven: gaat het horen.
File Under: Daar moet op gedronken worden
File Audio: [Tijd voor een update]
Taking Back Sunday
In een nog voor publiek gesloten Melkwegcafé wacht ik met enkele collega-journalisten gedwee af welk bandlid van het Amerikaanse Taking Back Sunday ons door Warner wordt toebedeeld. Glimlachend zie ik toe hoe de Hitkrant Eddy Rey toebedeeld krijgt, de dikke, nekloze gitarist en oprichter van TBS.
Hij is 1.50m lang en een soort kruising tussen een Indiër en een Mexicaan. Niet echt iemand voor op de cover dus. Zanger en ultieme Hitkrant-babyface Adam Lazarra is in geen velden of wegen te bekennen. Hij is de stad in met een zwager, schijnt het. Een eveneens kleine, in capuchon gehulde gestalte beweegt zich behoedzaam naar mijn tafeltje. Het blijkt bassist Matt Rubano. Onder de kap stralen twee grote blauwe ogen in een levendig gezicht: Hey man, how are you doing!
Lees verder..Leslie West - Blue Me
Van tijd tot tijd worden hier op FU releases "relevant" of "urgent" genoemd. Dat mag iemand vinden hoor, maar ik kan daar niks mee. Het suggereert dat muziek beluisteren een intellectuele vaardigheid is, terwijl muziek voor mij juist een kwestie van voelen en beleven is. Van één fijn roffeltje op een bekken kan ik helemaal lyrisch worden. Op dezelfde manier kan ik enorm genieten van een partij lekkere vette blues. Vast niet relevant of urgent, maar o wat is het lekker. Nog niet zo lang geleden bracht Pat Travers een coversalbum uit dat de pannen van het dak rockte, nu is de beurt aan Mountain-baas Leslie West. Het is niet volstrekt hetzelfde, want Travers speelde een stuk heaviër en putte uit bluesrockkrakers, terwijl West er nummers als de Gershwinklassieker "Summertime" en het door Ray Charles bekend geworden "Hit the road Jack" bijhaalt en er regelmatig lekker tinkelende pianobegeleiding bij heeft. En hoe afgezaagd de twee genoemde songs ook mogen zijn, West's versies mogen er zijn. Fijne klassieke bluespartijen van bas, drums (van vermaard rockmepper Aynsley Dunbar) en toetsen, waar lekker hard uithalende soulvolle gitaarpartijen overheen komen. Tel daarbij op dat West een klassiek-rauwe bluesstem heeft en je hebt een cd die weliswaar voor geen meter verrassend is, maar o zo lekker. Relevant of niet.
File Under: Irrelevant lekker
Gnarls Barkley - St. Elsewhere
Sneller dan ik het voor elkaar gekregen heb om een stukkie te schrijven over de eerste boreling van Gnarls Barkley is hun megahit "Crazy" al gecoverd (door Nelly Furtado en The Kooks) en is er al een hele stapel mash-ups gemaakt. Vooral die met Prince zijn "Sign 'O' The Times" tot "Crazy Times" heeft al voor flink wat voetjes van de vloer gezorgd. Niet zo raar ook dat iedereen er zo hijgerig bovenop springt, want Gnarls Barkley maakt met St. Elsewhere jacht op de originaliteitsprijs voor mainstream popmuziek in 2006. En heeft die al zo goed als binnen.
Ik moest al gniffelen om persfoto's die er verschenen van Danger Mouse en Cee-Lo, van de cd St. Elsewhere word ik alleen nog maar vrolijker. Zo vrolijk dat ik zelfs mee ga zitten knikken als de heren over necrofilie zingen in van beat naar beat voortslepende "Necromancer"; een rare gewaarwording. De combi van het productionele genie van Danger Mouse en de alle kanten op flexibele soulvolle stem van Cee-Lo levert een album op dat ver ligt van pure hiphop, maar voorzien is van invloeden van ongeveer alle acts waar Danger Mouse achter de knoppen zat bij de opnamen. Dat maakt St. Elsewhere tot een bont veldboeket geplukt op een mooie junimiddag. Het enige wat ik me afvraag of dit boeket nog steeds mooi blijft als het straks in gaat drogen. Voorlopig staat het boeketje nog verdomd mooi bont te zijn.
File Under: Tralalalala
File Audio: [Generalen hebben natuurlijk hun eigen ruimte]
Distorted - Memorial
Na het album van Moonspell is dit de tweede cd in korte tijd die luistert naar de titel Memorial. Hoewel Distorted een hele andere band is zijn er ook wel overeenkomsten. Beide bands komen uit een land waar je dit soort muziek niet snel mee associeert, Portugal resp. Israël. Beiden leveren stevige metal, met links en rechts raakvlakken met gothic, doom en death metal en met muzikale invloeden uit hun eigen land. Zo hoor je bij Distorted regelmatig invloeden vanuit het Midden-Oosten. De mooie zangeres, Miri Milman, heeft geen hoge 'opera'-stem als bij voorbeeld een Floor Jansen (After Forever) of een Tarja Turunen (Ex-Nightwish), maar zeker wel een krachtige, meer richting Lacuna Coil-zangeres, Cristina Scabbia. Haar vocalen worden bijgestaan door de grunts van Raffy Mor. De band komt wat zwaarder en donkerder over dan de eerder genoemde bands, onder andere door de vette dubbele bassdrum die geregeld langs komt, het ontbreken van keyboards en de redelijk rauwe productie. En dan kun je hun stijl ook wel progressive death metal noemen, zoals ik ergens tegenkwam, oftewel geef er zelf maar een leuk labeltje aan. Het album verveelt me verder geen moment. Ik was dus aangenaam verrast door de eerste full length album van deze Israëlische band.
File Under: Goed (en) nieuw(s) uit Israël
File Audio: [Redemption]
The Music In My Head - Zaterdag
Goede ideeën, die hebben ze wel, daar in Den Haag. Want, het Paard bleek een achtertuin te hebben en het weer zou goed zijn, dus waarom niet een aantal artiesten des middags al aan het werk gezet? Puik idee, vooral omdat de mussen dood van het dak vielen. Dan kun je een terrasje pakken, of een biertje drinken onder het genot van goede muziek. Aangevuld met een pittige saté, beschikbaar gesteld door Plato. Dat noem je dan, heel toepasselijk, The Music In My Backyard. We hebben het wel eens slechter gehad op een zaterdagmiddag.
Lees verder..Paatos - Silence Of Another Kind
Ik heb een haat-liefde-verhouding met het Zweedse triphoppende symfo-orkestje Paatos. Dat was met hun vorige door Steven Wilson geproduceerde cd Kallocain al het geval en dat is met de nieuwe boreling Silence Of Another Kind niet anders. En dat is deze keer eens niet omdat Paatos overloopt van hoogdravendheid en bombast zoals hun naam je suggereert. Eigenlijk valt het best mee met de pathos. Die komt, ondanks dat de Mellotron weelderig tiert, maar hier en daar in de nummers even buurten. Paatos maakt gewoon het soort symfo waarvoor ik in de stemming moet zijn en er anders maar weinig aan vind. Begin deze week bijvoorbeeld, toen ging het er in als Gods woord in een ouderling. Toen bleek maar weer dat Paatos zich er uitstekend voor leent om opgezet te worden terwijl je buiten op het net bestraatte terras van de fijne zomeravond geniet en onderwijl nipt aan een fris glaasje rosé. Inderdaad da's symfo, rosé en zomer in één zin, zo! Paatos heeft dan ook iets dromerigs broeierigs over zich. Op een manier zoals The Gathering dat heeft, maar dan nét iets minder interessant. Of misschien is gedurfd een beter woord. Overigens heeft Paatos met Petronella Nettertalm wel degelijk een zangeres in de gelederen die aanklopt bij het clubje wünderbare kwetteraars die in het vogelhok zitten waar nighttime bird Anneke van Giersbergen ook met twee handjes om haar theekop sterrenmix drinkt. In dat hokje draaien ze dan ondertussen ook Portishead-en Massive Attack-plaatjes. Kijk, en laten dat nou ook twee bandjes waar ik voor in de stemming moet zijn om ze te kunnen waarderen.
File Under: Triphoppende symfo uit Zweeeeeeeden
File Audio: [Waar anders?]
His Name Is Alive - Detrola
De recensent zit te draaien op zijn stoel. Is hij eigenlijk wel een recensent? Had hij niet een prima - want goed betaalde - baan in de automatisering? Hij doet het recenseren erbij, zoals dat heet. Hij ziet dat zelf graag anders en zegt steeds vaker dat muziek zijn leven is. Hij hoort het zichzelf zeggen. Op de achtergrond schalt de radio. James Blunt voor de vijfduizendachtenzeventigste keer. Collegiaal als hij is, stemde hij in met de keuze voor Q-music. Een muzikale revolutie zal hier in ieder geval nooit beginnen. Hij had vandaag liever even nog een keertje geluisterd naar Detrola van His Name Is Alive. Omdat die nu eindelijk op z'n plek lijkt te vallen. Graag had hij die aan de rest laten horen. Parels voor de zwijnen. Nou ja, behalve die ene collega, natuurlijk. Er is er gelukkig altijd wel eentje. Eentje die het wel leuk vindt om te horen dat Warren Defever met zijn voormalige 4AD band na een hiaat van vier jaar gewoon weer lekker doet waar hij zin in heeft. Eentje die niet kijkt alsof hij water ziet branden als hem wordt verteld dat Detrola laveert tussen elektronische folk, jazz, avant-garde en dit keer zelfs funky synthi-pop. Dat het mede door het gebruik van drie vocalisten een veelzijdig maar wellicht ietwat moeilijk te behappen album is geworden. Misschien zou hij zelfs het album een keertje willen lenen. Dat zou namelijk zeer zeker de moeite waard zijn. Kunnen ze er lekker over van gedachte wisselen. Een klein geluk. De recensent leeft er voor.
File Under: Muziek is een klein geluk
File Audio: [Your Space or Mine?]
De Rosa - Mend
Eigenwijze gitaarbandjes, daar ben ik altijd wel voor te porren. Gitaar, bas, drums en de broodnodige urgentie, samengestrikt met de betere popmelodietjes, ja, daar hou ik nou van. En als ik iets goed vind heb ik ook meteen de neiging om niets anders te draaien voor een korte periode. En gaan de voetjes van de vloer in huize Marty. Waarschijnlijk voelt u hem al aankomen, dit is er weer eentje die ik al een paar dagen aaneengesloten draai. Zo'n plaat vol pakkende, niet te lange indierocksongs, die je maar blijft draaien. Een repeatschijf. Het Schotse De Rosa is verantwoordelijk voor elf groeibriljantjes waarin geluiden terug zijn te horen die te herleiden zijn tot bands als Pavement (opener "Father's Eyes"), Caesar (in het aan Leaving Sparks herinnerende "Cathkin Braes"), Belle And Sebastian (in het akoestische "Hopes and little jokes") en het geniale Metal Molly (in het mega-pakkende "Camera"). Toch maken al die vergelijkingen me geen donder uit, De Rosa doet het allemaal even doordacht en smaakvol, en weet ondanks de trio-bezeting een rijk geluid neer te zetten. De prima zang en het prettige accent doen de rest. En zo heeft Schotland er weer zo'n te gek indiebandje om in de gaten te houden bij.
File Under: Op de repeat
File Audio: [De Rosa op MySpace]
The Music In My Head - Vrijdag
Op de eerste dagen dat de mussen dood van het dak vallen, spoedt het File Recensie Team zich naar binnen. Er moeten namelijk leuke bandjes gekeken worden in het Paard van Troje. Dit allemaal in het kader van The Music in My Head. Het programma is veelbelovend en afwisselend, dus gelukkig kon het RecensieTeam zich splitsen om het een en ander nader te aanschouwen. Bij binnenkomst bleek reeds een tegenvaller. Door ziekte van een van de leden moesten The Pipettes afzeggen. Hun plaats werd ingenomen door Marisa Yeaman. Hoewel gezellig druk, is het festival niet uitverkocht. We konden dus gemakkelijk van zaal naar zaal zappen om een verantwoord menu samen te stellen.
Lees verder..The Beautiful Girls - We're Already Gone
Fijn hoor, zo'n hittegolf. Ik was al kreeftrood door twee dagen Arrow Rock - waarover een dezer dagen meer - en naar mijn huidige werkplek is het ook nog eens vier uur per dag. Onderweg heb ik dan ook wat andere muziek nodig dan gebruikelijk, om een beetje mee af te koelen. Gelukkig viel onlangs precies het goede cd'tje daarvoor op mijn deurmat. In oktober vorig jaar sprak ik mijn verbazing uit dat er van The Beautiful Girls een album uit 2003 uitkwam, terwijl er al een recenter album uitgebracht was in Australië, het thuishonk van de Mooie Meiden. Nu is dat recentere album alsnog hier uitgekomen. Bij de eerste tonen van We're already gone is al duidelijk dat dit een heel ander album is dan het vorige. Daar lagen de invloeden van G.Love en Ben Harper er duimendik bovenop, op dit album is er veel meer lome reggae te vinden. Gelukkig wel met nog steeds dezelfde kwaliteit als het vorige album. Nog steeds zijn het lekker ontspannen, bijna lome deuntjes die je bij het eerste refrein al te pakken hebben. En jazeker, je hoort nog steeds regelmatig G. Love en Ben Harper langskomen, maar op dit album zijn er ook nummers die aan TV on the Radio en Cake doen denken. Dat betekent dat ze aan variëteit gewonnen hebben, terwijl de kwaliteiten behouden zijn. Wat wil je nou nog meer? Neemt u van mij aan dat dit met deze temperaturen een heerlijk plaatje is.
File Under: Hittebestendig iPodmateriaal
File Audio: [MySpacedingetje]
The Feeling - Twelve Stops and Home
Dames en heren, we hebben een winnaar. De meest catchy plaat van het jaar is binnen, en het is het debuut van het Britse The Feeling. Wellicht dat ik 'm nog voor het WK is afgelopen helemaal schijtzat ben, maar voorlopig word ik er alleen maar intens blij van. POP met een vette smiley in de O. The Feeling maakt het huiswerk af van one-hit-wonder New Radicals, de band die één wereldhit en een levensmotto, maar nooit een fatsoenlijk album afleverde. Gouden melodieën, vette productie en triviale maar rake teksten ('I want you now, I don't care how, we're both too young to be sitting around'). Als Twelve Stops And Home al ergens inkakt dan is het bij de vier kortgetitelde tracks in het midden (waaronder zelfs de single "Sewn"), want de rest is eigenlijk alleen maar beter. We hoeven The Feeling overigens niet bij te schrijven in de popgeschiedenis als baanbrekend, subtiel of vernieuwend. Wel als recht voor zijn raap, en ook gaat de band een enorme airplaykneiter op radio en tv worden. In dat kader vind ik het maar verdacht dat de Free Record Shop al in deze eerste week van release een apart hokje voor de groep in de schappen ingericht heeft. Als grootste verdienste heeft The Feeling de potentie om een nieuwe en vrolijkere standaard te zetten in de standaard-radiomuzak zoals 3fm die tussen het geouwehoer uitzendt. Draai namelijk een willekeurig nummer van Twelve Stops And Home maar eens naast het andere moderne vulsel, en ga eens domweg na van welk nummer je blijer wordt. Met andere woorden, mocht je geen zin hebben om in het jaar 2014 de leukste Supertramp-achtige nummers van Best of the 2000s-verzamelaars af te schrapen, haal dan acht jaar tevoren Twelve Stops And Home in huis.
File Under: Droomdebuut
File Audio: [ MySpace]
Zea - Insert Parallel Universe
Drie albums onderweg en Zea klinkt nog even opgefokt en rusteloos. De hyperbeats op Insert Parallel Music worden nog even sneller ingezet en de gecontroleerde chaos op basis van samples, elektro, knallende beats en gitaren klinkt heftiger dan ooit. Als het verschijnsel ADHD een muzikale pendant heeft dan heet het Zea. Maar twee elementen in die schijnbare chaos maken Zea zo bijzonder: als eerste het gevoel voor humor dat Arnold de Boer in zijn teksten en vooral in de titels van zijn liedjes ten toonspreidt. "My Bed is a Monument of Hate Against My Job" is de opener en "Boredom for Beginners" heeft een tekst die grimmiger is dan de titel doet vermoeden: 'Going to load my gun and start to shoot at everyone [...] I'm lost and really bored'. Deze grimmigheid ligt in het verlengde van het perfect verklankte gevoel van desolaatheid (en dan heb ik het niet alleen over teksten als die van "Why Do Good Things Happen To Bad People"): de invloed van begin jaren '80 - vroege Joy Division en Cabaret Voltaire - klinkt door. En wat klinkt er niet door? Insert Parallel Universe is volgepropt als een spijkerbom en elke track bekogelt je met een spervuur aan vondsten en geluiden. Het gevoel voor melodie zet deze schijnbare chaos in balans en maakt van Insert Parallel Universe een van de meest bijzondere platen van dit jaar.
File Under: ADHD-briljantjes
File Audio: [Why Do Bad Things Happen To Good People] [New Kicks] [Faster]
Madball
Sounds of the underground.
De Sounds of the Underground-tour bracht de legendarische New-York-hardcoreband Madball naar 013 in Tilburg. File Under sprak met Hoya, de gezette Latino-bassist. Madball speelde tijdens deze tour met All That Remains, Manntis, Unearth, Terror en Chimaira. Het was de bedoeling een interview te doen met Freddy, voor de onwetenden onder u, dat is de zanger van Madball. Maar ja, die hing ergens rond waar niemand hem kon vinden en de rest van de band was schijnbaar nog aan het slapen. Na een poosje te hebben gewacht kreeg ik te horen dat Hoya het interview wilde doen.
Ook goed, want die speelt ook al vanaf het begin bij de band. Na door wat gangen te hebben gelopen komen we in de kleedkamer waar Hoya zit. De andere bandleden zitten er een computerspel te spelen. Aan de ogen te zien, de slaapresten zitten er nog in, is Hoya inderdaad net wakker. Aan de antwoorden die volgen op mijn vragen is dat ook wel te merken.
Lees verder..Kaiser George & The Hi-Risers - Transatlantic Dynamite!
Schreeuwen en krijsen wil ik, maar ik doe het niet. Ik ben immers geen meisje. Meisjes zijn stom, vooral omdat ze de latere live concerten van The Beatles verpest hebben met hun geblèr. Menig hart van een mannelijke popster zou ervan overslaan., maar The Beatles stopten nadat hun roem naar grote hoogten was gestegen met de live optredens. Het moet wel leuk blijven. Er volgden nog wel een geweldige serie albums, maar optredens die door meisjesgegil werden overstemd waren er nimmer meer. Er is nu echter een nieuwe Fab Four, namelijk het Schotse [Kaiser George enthousiast bijgestaan door zijn Hi-Risers op het debuut Transatlantic Dynamite! Met ruim een half uur aan liedjes van een hoge kwaliteit, die zo van hun voorbeelden (rond de periode 1964-65) hadden kunnen zijn, doen ze een goede gooi naar de titel Merseybeatband-van-het-jaar. Een zaal vol gillende meisjes zal het waarschijnlijk niet meer opleveren, maar een gaaf concert dat niet gehinderd wordt door gekrijs zal het daarentegen niet in de weg staan. Verder zou ik ze graag een wereldhit willen laten scoren met het sublieme "I Like That Peggy Jones." En dan aansluitend een optreden op een groot festival waar jong en oud dat uit zijn dak gaat. Ik zit echter te dagdromen, want wie gelooft hier nou in anno 2006? Sommige momenten zijn echt voorbij, of kan het op mijn verzoek nog één keer? Ik beloof dat ik niet zal gillen.
File Under: The Beatles komen uit Edinburgh
File Audio: [I'd Rather Be With You + Fine And Dandy]
The Sheer - Feel The Need
Bevrijdingsfestival 2006. Backstage, in de schaduw van de Erasmusbrug, lopen een paar relaxte mannen in stoere luchtmacht-overalls. Dat moet betekenen dat helicopteract The Sheer is gearriveerd. Ondertussen is het op het podium een hectische boel. De band zet snel hun spullen neer, het programma loopt al uit. De - veelal jonge - meiden voor de hekken maken alvast wat foto's van hun idolen. Mijn gezelschap schampert: 'The Sheer, die hebben we nu wel gezien. Tienerbandje. Van die niks-aan-de-hand-britpop.' Ze besluiten iets anders te gaan bekijken. Ik besluit te blijven en dein - net als het Pino-haar van Jasper Geluk achter de toetsen - gezellig mee op de, ondanks dat dit al het zoveelste optreden van de dag is, enthousiast gespeelde muziek. Feel the Need, de tweede cd van The Sheer heeft precies hetzelfde effect. De band grasduint vrijelijk door de optimistisch getinte, Britse popcatalogus. Opener "City Lights" heeft een Coldplay-achtige opbouw, "Temporary loss of temper" is Stereophonics zonder rauwe zang en "Don't let em get you", compleet met meeyellende schoolklas, zou zo door Supergrass in hun begindagen gemaakt kunnen zijn. Heerlijke nummers dus, die je na een paar luisterbeurten luidkeels kunt meebrullen. Dat is en blijft de kracht van The Sheer. Veel heeft het - ook tekstueel - niet om het lijf, maar het wordt zo aanstekelijk en strak gebracht, dat ik ondanks dat het een warme, lome dag is toch weer zin krijg om rond te huppelen. De urgentie van titel "Feel The Need" voel ik echter niet. Daarvoor mist The Sheer, in tegenstelling tot eerder genoemde bands, net het scherpe of melancholieke randje. Maar daar weegt de enorme grijns die ik op m'n gezicht krijg van single "The girl that lost her mind" die me enorm aan Supernaturals doet denken, ruimschoots tegenop. En wat wil je dan verder nog meer?
File Under: Sunny afternoon
File Video: [The Girl That Lost Her Mind]
The Others - Monochrome Set
Je hebt zat muzikanten die om rond te kunnen komen van het maken van muziek ook in coverbandjes spelen. Die zijn nogal gewild op feesten en partijen en die gelegenheden waar mensen vooral bekende nummers willen horen zijn er nu eenmaal meer dan mogelijkheden om op te treden als indiebandje. Geen idee of de leden van 22-Pistepirkko rond kunnen komen van hun muziek, ik weet wel dat ze graag covers spelen. Eens in de zoveel tijd maken ze de podia in Scandinavië onveilig onder de naam The Others. Dan spelen ze nummers van anderen die hen muzikaal gevormd hebben en er voor zorgden dat wij al vijfentwintig jaar lang mooie eigenwijze plaatjes zoals Drops & Kicks van vorig jaar voorgeschoteld krijgen. Het zal niemand verbazen dat het vooral garage, rock'n'roll, surf, r'n'b - de echte dus hè - is dat langskomt. Hun versies van het Kinks-nummer "This Strange Effect", "Love Hurts" van de Everly Brothers en Buddy Holly's "Well... All Right" zijn erg geinige versies. Het zijn niet alleen maar nummers van Grote Namen die de heren spelen. Ik moest me wel even achter de oren krabben bij de naam Jody Reynolds waar ze drie liedjes van coveren. En ook bij Link Wray. Tot mijn schaamte had ik, behalve zijn naam, nog nooit wat van de goede man gehoord, maar daar gaat met dank aan The Others zeker veranderen binnen nu en niet al te lange tijd. De vijf liedjes van Wray prikkelen mijn nieuwsgierigheid in de versies van The Others. "Scatter" met zijn fijne orgeltjes zou bijvoorbeeld ook zo op een zZz-plaat kunnen. Alle liedjes krijgen toch al zo'n aangename 22-Pistepirko-tic mee wat Monochrome Set in zijn geheel tot een leuk tussendoortje maakt.
File Under: The Others aka 22PP play songs written and performed by Others
Nynke Laverman - De Maisfrou
Wie zegt dat Friezen stug zijn, heeft waarschijnlijk nog nooit kennis gemaakt met Nynke Laverman. Haar tweede cd, De Maisfrou is sinds kort uit. Was haar vorige cd, Sielesâlt, een ode aan de fado en dichter Slauerhoff, deze cd is geïnspireerd op Zuid-Amerikaanse muziek zoals de tango. "Man op it sân" en "Por mi pasión" zijn daar goede voorbeelden van. Laverman en tekstschrijfster Albertine Soepboer gingen voor inspiratie een maand naar Mexico. Naast de muzikale inspiratie die ze daar hebben gevonden, vonden ze er ook passie, theater, dronkenschap en weemoed. Deze worden verwoord in het Fries en mocht je denken dat dat een harde taal is, dan zou je deze cd eens moeten beluisteren. De teksten van dichteres Soepboer en Laverman zijn als kleine gedichtjes die op muziek staan. Voor de niet-Friezen; u krijgt de vertaling bij de cd!
'Ik dicht houvast
Ik geloof omdat ik zing
Ik dans mij moed
Ik droom tot het breekt'
Laverman heeft een warme stem die, gecombineerd met de muziek en soms theatrale insteek, je meeneemt van intens verlangen naar een minaar in "Kear", het hebben van liefde in het eerdergenoemde "Por mi pasión" naar het zoeken naar wijsheid zoals "De frou fan mais" die heeft gevonden. De Maisfrou toont de schoonheid van de Friese taal in een bijzondere combinatie met Zuid-Amerikaanse muziek in de warme stem van Laverman.
File Under: Fries juweeltje
Matisyahu - Youth
Ik ben deze week tot de conclusie gekomen dat ik een intens oppervlakkige drol ben. Het zit namelijk zo, al deze zonnige dagen knalt de nieuwste plaat van Matisyahu non-stop uit mijn boxen en ik geniet met volle teugen. De perfecte soundtrack voor een mooie zomer, helemaal compleet met een roséetje op het balkon en slippers aan de voeten. Maar helaas is het allemaal niet zo eenvoudig. We hebben hier te maken met een man met een Boodschap die er niet om liegt en alom vertegenwoordigd is op Youth. Matisyahu is namelijk een echte orthodoxe jood (althans, hij doet heel erg zijn best om er op te lijken en heeft mij in ieder geval overtuigd) die zijn heftige mening verpakt in een uitermate prettige combinatie van reggae en hiphop. Zwaar religieus en politiek, maar wel altijd netjes en zonder scheldwoorden. En daarom ben ik nu zo oppervlakkig. Ik ben er namelijk prima in geslaagd om al die heftige propaganda en ellende volledig te negeren en mij te richten op de muziekjes, die van ongekende schoonheid zijn. Matisyahu kan dingen waar wijlen Bob Marley alleen maar van kon dromen en weet dat met volle overgave te brengen. Het schijnt dat er hele volksstammen zijn die zich laten inpakken door de teksten en boodschap, maar ook zonder al die gecompliceerde zaken is dit een gigant van een plaat geworden. Alleen jammer dat we hem waarschijnlijk weinig in de strandtenten en disco's voorbij zullen horen komen.
File Under: Muziek met een baard
File Video: [King Without A Crown]
Sweet Assembler - Digitally Passed On
De eerstvolgende die beweert dat er in ons landje geen goede muziek wordt gemaakt, verkoop ik een goed geplaatste ferme schop onder zijn hol. Of ik ga 'm even flink met een prima plaatje van eigen bodem om de oren slaan. Het eerste volwaardige album van Sweet Assembler bijvoorbeeld. Want na hun ijzersterke debuut EP 0.1 komt de Eindhovense band op de proppen met een album waar weinig op valt af te dingen. Men geeft in de bio aan dat de lijst met muzikale invloeden te lang zou zijn om af te drukken en dat is ook aan de muziek af te horen. Voor de meest evidente invloeden verwijs ik even naar de recensie van de eerder genoemde EP. Ik wil er zelf nog stadsgenoot Suimasen aan toevoegen. Het pleit voor Sweet Assembler dat het album niet als los zand aan elkaar hangt maar een evenwichtig geheel geworden is. Toegegeven, de randjes hadden wat mij betreft een tikkie rauwer mogen zijn. In de sporadische heftigere stukken wil het niet echt knallen en schiet het lichte stemgeluid van zanger Ralph Timmermans een beetje te kort. Het is slechts gekniesoor hoor. Want als ik halverwege het album wordt getrakteerd op zoiets wonderschoons als het nummer "Photograph" hoor je me verder niet klagen.
File Under: Moois uit de lichtstad
File audio: [Spees is the plees]
Midlake - The Trials of Van Occupanther
De drie mooiste cd's van de afgelopen tijd zijn die van Johan, Eagle Seagull en Midlake. Bij de eerste twee zijn het maar een paar liedjes die het hem doen, maar die zijn dan wel zo essentieel dat ik ze iedereen zou willen aanraden. Het tweede album van Midlake is daarentegen een heel andersoortig beest. Een conceptalbum, bijna, dat je compleet zou kunnen zien als een zesgangenmenu van telkens fruit, zuivel en salades. Midlake maakt namelijk de perfecte alternatieve popmuziek, met sterke melodieën, ingehouden zang met hemelse koortjes, een niet te aanwezige piano en bij tijd en wijle een scheurende gitaar. Ergens tussen Mercury Rev en The Divine Comedy in dus (ze toerden ook met The Flaming Lips) , hoewel de band nota bene uit Texas (!) komt. Erg bijzonder. Aan een snottermoment is ook gedacht; in het nummer "Branches" maken de raadselachtige lyrics opeens plaats voor oprechte wroeging, als Tim Smith bekent dat een relatie is uitgegaan net voor de bruiloft ('she won't have me') en troost zich met de regel 'It's hard for me, but I'm trying'. Veel moois op deze plaat dus. Ik wist al dat collega-FU-schrijver Andre helemaal week wordt van dit album en het lijkt me ook echt iets voor baas-van-favoriete-platenzaak Peer. Alleen voel ík me ergens domweg te jong voor deze plaat. Ik vind Midlake bijna té lief. Zoals een vriendin vandaag tegen me zei: sommige dingen in het leven zijn leuker als je niet precies weet waar je naar op zoek bent. Midlake is als een ijscoman die je achtervolgt, als een relatie waarin je nog al je vrijheid hebt, of als een terras waar alleen maar supermodellen langslopen. Het klinkt wat zeikerig, maar ergens denk ik dat Midlake met wat meer spektakel nég een betere plaat had kunnen maken, hoe mooi dit Trials Of Van Occupanther ook al is.
File Under: Marie Antoinette
File Audio: [hier]
The Holy Ghost - Welcome To Ignore Us
Het lijkt me dat veel indiebands wel in één rij genoemd willen worden met de Kaiser Chiefs'en, The Strokes'en en de Franz Ferdinand'en van deze wereld. Voor de meeste bands echter geldt dat ze jaren aan de weg timmeren, maar dat het sappelen blijft in de marge. Andere artiesten met minder originaliteit en talent krijgen stadions vol ondanks belachelijk hoge entreeprijzen. Kennelijk zijn er andere factoren die bijdragen tot groot commercieel succes. Onterecht in mijn ogen, maar onbekend maakt kennelijk onbemind. Tja, het is niet anders. Toch zijn er genoeg alternatieve bands die het blijven proberen. Neem bijvoorbeeld het Amerikaanse The Holy Ghost die nu een derde poging doet om in ieder geval mijn aandacht te krijgen met een album, dit keer getiteld: Welcome To Ignore Us. Een titel die nou niet de zelfverzekerdheid zelve is. Het album begint echter wel zelfverzekerd met het hitgevoelige "Commercial." Even later is er "Did I Wear U Out," een prima dansbaar nummer vol energie en rake hooks hetgeen ikzelf onlangs op een dansavond met succes draaide. Toch weet de heilige geest de aandacht niet vast te houden en verslapt het al snel in meer van hetzelfde. Het is helaas een album van een band die bij een strenge selectie een geslaagde EP af had kunnen leveren, maar nu een album aflevert dat niet om de aandacht schreeuwt die toch wel nodig is bij alweer het derde album. Het zou niet de eerste band zijn die de pijp aan maarten geeft wegens het ontbreken van succes of misschien gaan ze ervan uit dat ze met zo'n bandnaam het eeuwig mogen blijven proberen. Het is maar waarin je gelooft.
File Under: Een geloofskwestie van een halfvol of halfleeg glas
File Audio: [Commercial][Graciana Ole]
The Secret Machines
Kampfar - Kvass
Charles Montesquieu is beroemd geworden met zijn boek 'De l'esprit de lois' waarin hij vaststelde dat de wetgevende, uitvoerende en rechtsprekende macht door onafhankelijke organen dienen te worden uitgeoefend. Het boek bevat echter ook vermakelijke inzichten die hij had over het klimaat en de ongunstige invloed van hitte. Zo vond hij dat de vrouwelijke schoonheid in koude klimaten beter bewaard bleef en daarom mannen in warmere contreien sneller op zoek gingen naar een vers blaadje. Een harem vond je daarom alleen in snikhete streken. Mannen waren volgens hem ook niet van steen en hun moed en kracht nam evenredig af, naarmate de temperatuur steeg. Dat idee verklaart prima waarom ik hier met mijn moed in de schoenen zit. Buiten is het 25 graden en voor me ligt Kvass, de laatste cd van het Noorse gezelschap Kampfar. Op de voorkant van de hoes een prachtig ijzig landschap en een waterige winterzon. Een groter contrast kan bijna niet. Waarom moet het net nu zo heet zijn? Met mijn ogen dicht en een biertje bij de hand start ik de cd. De rauwe black metal, het kille gekrijs, de stuwende melodieën en de folkloristische invloeden brengen mij langzaam in vervoering. Het zweet in mijn bilnaad droogt meer en meer op naarmate de lang uitgesponnen nummers voorbij kabbelen. De temperatuur daalt onder het vriespunt. Koude rillingen lopen langs mijn rug. Ik bibber, ik tril, kippenvel staat op mijn armen. Mijn krachten komen gestaag terug. Ik kan er weer tegenaan, de hele zomer lang.
File Under: Koud
Dévics
'Wat je hoort op de plaat ben ik op mijn slaapkamer best.'
Een paar uur voor het afgesproken tijdstip krijg ik nog een e-mail van het management dat ik Sara Lov op een ander nummer dien te bellen. Ik kijk nog eens goed naar het nummer. Het begint met ++1. Dat is dus Amerika en geen Italië. Het nummer wat ik eerst had gekregen, begon namelijk met ++39. Dat is typisch Dévics.
Toch maar eens vragen aan de zangeres of het thuisland van de band tegenwoordig Italië of Amerika is.
'Je zou kunnen zeggen dat het allebei waar is. Toen we na de release van My Beautiful Sinking Ship in Europa zijn gaan touren, zijn we verliefd geworden op het gebied Bologna in Italië. We hebben toen de opvolger, The Stars at Saint Andrea, opgenomen in een oude boerderij die een vriend van ons daar ter beschikking had gesteld. Saint Andrea is dan ook de naam van het plaatsje waar we toen zaten. Het is heerlijk om daar te zijn als de hectiek van Los Angeles me te veel wordt.'
Bruce Springsteen - We Shall Overcome - The Seeger Sessions
Wellicht had u dezelfde reactie als ik toen u zag dat de nieuwe Springsteen "We shall overcome" ging heten: "Nee hè, toch niet zo'n Live-achtig Jottem-wat-is-het-fijn-om-een=Amerikaantje-te-zijn-plaat, met teveel testosteron en te weinig subtiliteit!?" De ondertitel, "The Seeger Sessions" verraadt echter al dat dit album een heel andere kant opgaat. Die Seeger is namelijk Pete Seeger, folksinger annex politiek activist. Bob Dylan voordat Bob Dylan dat zélf was, zeg maar. In 1997 werd Springsteen uitgenodigd voor een tribute-album voor Seeger en een cover van "We shall overcome" was het resultaat. Springsteen geeft in de liner notes toe dat hij op dat moment nog weinig van Seeger wist. In de jaren erna veranderde dat en dankzij Soozie Tyrell, violist bij zijn E Street band kwam hij in contact met een groep folkmuzikanten. Dit album is het resultaat van drie dagen opnemen, zonder repetities maar met bakken vol plezier, bij Springsteen in de huiskamer. Het zijn niet de gebruikelijke grote riffs, het is zelfs niet overwegend gitaarmuziek, het is folk met fiddles, accordeons en banjo's. Springsteen's ruige stem past uitstekend bij de vertolkingen van Seeger's Songs. Nou ja, Seegers songs zijn vaak traditionals waar Seeger weer zijn eigen draai aan gaf. Springsteen en kornuiten geven op hun beurt weer een draai aan die versies van Seeger. Bij de cd zit ook nog een dvd met een documentaire en opnamen van vier songs van de cd en nog twee bonusopnamen. Lekker ontspannen folk voor rockers is het resultaat.
File Under: Ontspannen folk voor rockers
File Audio: ["Pay Me My Money Down" op de site]
Arrow Rock - Vooraf (2)
Na het ontwaken op dag 2 trek ik in plaats van het Deep Purple-shirt van de vorige dag een Marillion-shirt aan, want dag 2 is symfo- en progdag. Nou ja, symfo-en-prog-plus, want ook van het hardere werk is er het nodige te genieten vandaag. De rockers die na dag één hebben afgehaakt zullen nog spijt krijgen.

Op deze dag begint het programma in de tent, met de Polen van Riverside. Collega's Storm en Gr.R. zijn lyrisch over dit bandje. Pools en prog, dat is geen combinatie waar je in eerste instantie veel verwacht, maar in dit geval is al twee cd's lang bewezen dat er uitzonderingen zijn op die regel. Verslapen is op deze dag dus geen optie.
Lees verder..Laudanum - Your place and time will be mine
U bent mij natuurlijk niet (nee, dat zou nog eens wat zijn, als u zomaar de hele dag mij was). Maar bent u ook zo iemand? Iemand die een cd koopt omdat er één vreselijk mooi liedje op staat? Ja? Kopen dan, deze plaat van het Franse eenmansproject-met-heel-veel-hulp Laudanum.. De goede man maakte (in samenwerking met Angil) namelijk het wonderschone "Left-handed right mind". Een uitzonderlijk ontroerend nummer, zo op het verder niet wereldschokkende Your place and time will be mine. Evengoed, zodoende was er nog een die wat van zich liet horen. Mijn stereo gaf op een gegeven moment namelijk zelfs rook. Serieus! (Ik heb dan ook een torentje van twee gulden vijftig, maar dat geheel ter zijde.) Ik had left-handed right mind al twee uur op de repeat staan en ineens rook ik verbrand plastic. Ik keek op. Uit de zijkant van mijn stereo kringelde een rookpluim. Ondertussen speelde Laudanum lustig verder. Zulks mag beloond! De rest van het album is gevuld met een, wat mij betreft, standaard avantgardistische alternatieve piep-knor-geluid en is hier en daar van het zaagmachine retro jaren tachtig elektro kaliber. Prima, maar niet voor mij. Want het kwetst, swingt of danst nergens recht je hart in. En heus, ik heb de plaat de kans gegeven! Op "Collide", "On the fire side" en de charmante zang in standaard rammel Engels na, beklijfde de plaat nergens. Behalve natuurlijk "Left-handed right mind", wat zich gelukkig al een klein stukje mijn hart in gewiebeld heeft.
File Under: Singles
File Audio: [Via MySpace ]
File Video: [En ook via MySpace. Je moet wel aangemeld zijn om te kijken...]
The Low Frequency In Stereo - The Last Temptation Of...
In Noorwegen weten ze wat cool rocken is. Benen wijd uit elkaar, gitaar in de aanslag, arm in de lucht en de voeten op het orgel. The Low Frequency In Stereo lust er wel pap van. Drie bleke heren in pak en een jongedame in een kittig minirokje uit Haugesund, Noorwegen. Verwacht nu niet meteen een smerig garagerockbandje, dit kwartet doet meer met minder. De plaat opent met een akkoorden-introotje en gaat vervolgens over in een machinale, bijna Strokes-achtig strakke beat met daarover een proto-surf-gitaartje, wat frisse orgelklanken en van die ubercoole net-niet zang. Typerend voor de eerste helft van de plaat. Alsof je de Doors surf-versies van Joy Division-nummers laat spelen. Met af en toe een vrolijker noot ertussen. De jongedame blijkt naarmate de plaat vordert meer nummers te mogen zingen, hetgeen de variatie en de coolheidsfactor alleen maar ten goede komt. Grappig genoeg weet de band de rust er steeds meer in te brengen en worden de nummers gaandeweg alleen maar relaxter. Het valt uiteindelijk niet eens meer op dat de laatste paar nummers grotendeels instrumentaal zijn. Tot de we op het laatst nog even wakker gerockt worden. Dit is nu echt weer zo'n band met een lekker eigen sound, die zich weet te behoeden voor de valkuilen, gewoon lekker cool haar ding doet en die een lekker cool plaatje voor de komende zomer hebben afgeleverd.
File Under: Coole garagesurfrock
File Audio: [Axes]
An Pierlé & White Velvet - An Pierlé & White Velvet
Het was een dinsdagavond. De bel ging en ik deed open. Voor de deur staat een op het oog een beetje schuchtere vrouw. Ik zou bijna meisje zeggen. Ik staar in twee grote ogen die twijfelen tussen droevig en mysterieus. Vind ik haar mooi? Ik weet het niet, ze intrigeert me wel in ieder geval en ik denk dat ik haar ergens van ken. Maar waarvan. Er schieten me vele namen van vrouwen door mijn hoofd, maar bij geen van deze past haar gezicht. 'Hoi,' zegt ze, 'Mag ik hier even uitrusten?' Ik hoor mezelf zeggen dat ik dat wel prima vind en bedenk me tegelijkertijd dat het wel een beetje raar is om een wildvreemde vrouw zomaar bij je binnen te laten. 'Wil je koffie, we hebben zo'n bonenapparaat, dus het is zo gezet.' Patser! 'Heb je ook thee?' Ik zet water op. Ze begint te vertellen. Over de reis die ze gemaakt heeft de afgelopen vier jaar. Ze heeft een boel meegemaakt zegt ze. Dan is ze even stil en staart de woonkamer rond. 'Hè wat leuk, jullie hebben nog een piano. Dat zie je niet veel meer. Mag ik even spelen?' Ze wacht niet op antwoord en gaat op de gammele pianokruk zitten. Ik hoop maar dat ze niet al te goed kan spelen, de piano is oud, moet gestemd worden en staat op het punt om de deur uit gewerkt te worden. Het is een sta-in-de-weg. Ze kijkt even naar de toetsen en begint te spelen. 'Hè, dat is "Tonight" van David Bowie.' Ze kijkt me aan, glimlacht en begint om het melodietje heen te improviseren en mee te zingen. Verdorie, deze jongedame kan spelen! En zingen! Ik vergeet haar thee te geven. Ze speelt bijna een uur aan een stuk door. Ze zingt vederlicht, maar gromt soms bijna en haar vingers dartelen ondertussen met speels gemak over de toetsen. Dan stopt ze plots. 'Ik moet gaan.' Ze trekt haar witte jas aan en zwaait haar blonde haar over de kraag. Ik krijg een zoen op mijn wang en ze vertrekt. Mij verbijsterd achterlatend.
File Under: Sing us a song you're the piano girl, sing us a song tonight.
Totalt Jävla Mörker - Totalt Jävla Mörker
Toen de cd na anderhalf uur spelen nog niet afgelopen was begon er ergens een lichtje te branden. Ik had het apparaat weer eens onbedoeld op repeat gezet en de titelloze plaat van Totalt Jävla Mörker was zojuist aan de derde draaibeurt begonnen. Omdat alle nummers in zo'n hoge mate op elkaar lijken was het mij geen moment opgevallen dat ik stiekem in herhaling viel. Deze eenheidsworst is vooral te wijten aan het volstrekt oninteressante geblaf van zanger Anders en ook een beetje aan het feit dat dit geblaf zich in het Zweeds voltrekt. Niet dat het heel veel beter was geweest wanneer het Engels de voertaal was - daar zou je waarschijnlijk ook geen kneiter van verstaan hebben - maar op deze manier kan ik er al helemáál niets mee. Tel daarbij ook nog eens de saai repeterende riffs op en je komt al snel tot de conclusie dat het de moeite niet waard is om de onmogelijke naam van deze band te leren uitspreken. Luister lekker naar één van de vele Zweedse hardcorebands die wél de pan uit knallen en laat deze dertig minuten onduidelijke herrie met een gerust hart aan u voorbij gaan.
File Under: Saaie herrie in het Zweeds
File Audio: [U bent gewaarschuwd]
Magneta Lane - Dancing With Daggers
Er zijn van die bands die bij eerste beluistering direct weggezet kunnen worden als Sonic Youth-soundalikes. Gelukkig komen ze niet meer zovaak voorbij, maar de tweede helft van de jaren negentig was het schering en inslag. De gitaarmuren, de lijzige zang: ik dacht dat we er vanaf waren. Na de eerste tonen van Magneta Lane's Dancing With Daggers wist ik het wel. Maar na een volledige draaibeurt drukte ik op repeat. En nog eens, en nog eens. De zwaar op de popfeel van Magnapop leunende melodieën en de prettig-ouderwetse gitaarmuren kruipen onder je huid. Waarom dan toch die eerste scepsis? Omdat ze uit Canada komen? Omdat de drie dames van Magneta Lane er erg goed uitzien? Omdat ze als begin-twintigers de hoogtijdagen van Sonic Youth en Magnapop nooit hebben meegemaakt? Omdat hun cd-hoesje lijkt op een oude 4AD-hoes? Het lijkt allemaal erg bedacht en bestudeerd, maar de eerste tonen van opener "Bridge to Terabithia" overtuigen me steeds weer. Laten ze dan die jaren negentig recyclen en als eerste een retro-golfje Amerikaanse jaren '90-indie over ons uitstorten: als ze met dit soort platen komen omarm ik ze graag.
File Under: Magnapop goes Sonic Youth
File Audio: [Wild Gardens]
Arrow Rock - Vooraf (1)
Komende vrijdag en zaterdag wordt het rustieke Lichtenvoorde overspoeld door muziekliefhebbers. Jong en wild, maar toch vooral grijzend en dikbuikig op de vrijdag, wat meer nerdy op de zaterdag. Het Arrow Rock Festival is toe aan zijn vierde editie en is uiteindelijk uitgekomen op een tweedaags festival. Op vrijdag ligt de nadruk op classic rock, op zaterdag is een programma samengesteld dat vooral liefhebbers van symfo en progressieve rock zal bekoren, al komt ook de hardrockliefhebber er dan zeker niet bekaaid af. En hoewel mijn grote favoriet op het laatste moment moest afzeggen, liep bij mij het water in de mond toen ik het lijstje namen zag.
New Salem Witch Hunters - New Salem Witch Hunters
In 1965 zette Bob Dylan de folkwereld op zijn kop door plotseling elektrisch te gaan spelen. Het was in mijn ogen grappig geweest als Dylan nog een keer toe had geslagen, bijvoorbeeld door geen sombermansliedjes meer te willen zingen, maar over te stappen op opgefokte garagerock. Zijn band zou dan New Salem Witch Hunters hebben kunnen heten. Deze band uit Cleveland heeft echter een zanger die Dave Atkins en geen Robert Zimmerman heet. Deze band genoot vanaf de eerste release in 1986 op beperkte schaal wat succes. Aan deze kant van de oceaan bleef het behoorlijk stil. Nu ze het twintig jarig -jubileum vieren vond Get Hip Recordings het tijd om de eerste elpee New Salem Witch Hunters op een zilveren schijf uit te brengen aangevuld met een b-kant I Wanna Be Your Lover, een cover van - jawel - Dylan. Traditioneel zijn daar de gitaar, bas en drums, maar ook is er een meeslepend orgelgeluid en - jawel - een harmonica. Neem bij het songmateriaal de jaren'60 -beatinvloeden van bijvoorbeeld The Kinks in gedachten en je weet zo ongeveer waar ze geplaatst moeten worden. Als Dylan zelf deze release uitgebracht had zou de wereld wel even opgekeken hebben. Nu het echter van deze garagerockband is draait de aarde gewoon verder alsof er niets gebeurd is. Op zich is dit dan wel weer terecht, maar het is toch wel een plaat vol met lekker in het gehoor liggende liedjes die zich toch langzaam een plaatsje in mijn hoofd aan het nestelen zijn.
File Under: Dylan goes garagerock
File Audio: [De heksenjagers gaan met Bad Cattle met hun tijd mee]
Sphere of Souls - From The Ashes
Het is weliswaar een debuutalbum van deze band, maar de bandleden afzonderlijk zijn zeker geen groentjes. Zij hebben al heel wat muzikaal werk verricht en ervaring opgedaan bij andere bands. Sphere Of Souls bestaat namelijk uit ex-Sun Caged-leden André Vuurboom (zang) en Joost van den Broek (toetsen, productie, en nu After Forever). Ex-Autum Equinox-leden Kees Harrison (bas) en drummer Ruud van Diepen (drums) verzorgen de ruggegraat van de band. Voormalig Imperium gitarist Rob Cerrone (rhythm gitaar) en virtuoos Anand Mahangoe (lead gitaar) maken de band compleet. Dit alles leidde er echter niet toe dat ik gelijk zeer enthousiast werd na het beluisteren van From The Ashes.... Er staan af en toe wel hele lekkere nummers op de cd. En dan heb ik het met name over de muziek. Soms lekker heavy. Soms atmosferisch. Soms zeer aanstekelijk. Maar helaas hoor ik regelmatig een tegenwerkende zang, welke mij een beetje zeurderig over komt. En daarbij komt dat ze soms ook een, zeker in eerste instantie, irritant effect erover heen hebben gegooid, waar ik gewoon behoorlijk aan moet wennen. Nee, geef mij maar de normale, cleane manier van zingen van André, dat ligt prettiger in het gehoor. Het kostte me dan ook aardig wat luisterbeurten voor ik alles beetje tot me door kon laten dringen, doordat de zang me te veel van de muziek afleidde.
File Under: Prog metal van eigen bodem, dat wel
File Audio: [ No Salvation (sample) Untruth (sample) ]
.Moneen. / Saves The Day
Ik had eigenlijk een wat ongelukkig moment gekozen om me te werpen op de cd's van Saves The Day en .Moneen. - ja, irritant hè, er staan twéé puntjes om de naam. Afgelopen maandag hing ik in de Melkweg en zag daar achtereenvolgens Green Lizard en Taking Back Sunday een ijzersterke show geven. Saves The Day en .Moneen. zitten een beetje in hetzelfde hoekje als deze twee, maar zijn allebei kwalitatief gezien eigenlijk net een fractie minder. Had ik dit stukje afgelopen dinsdag getypt, dan had ik ze niet genadeloos afgeslacht, maar heel veel positiefs was er niet uit mijn vingers gekomen over Sound The Alarm (van Saves The Day) en The Red Tree (van .Moneen.). Okee, ik had beide albums nog wel geprezen om hun strakke openers "Head For The Hills" en "Don't Ever Tell Locke What He Can't Do", maar verder was ik, van top tot teen nog strak staand van de adrenaline van de avond ervoor, maar tot een mwah-mwah-aardig-oordeel gekomen. Mijn gevoel zei me dan ook dat ik de cd's - die beiden verschijnen op Vagrant , waar Saves The Day met hangende pootjes is teruggekeerd na een avontuur elders - maar beter even kon laten voor wat ze waren.
Nu, een weekje later, ben ik ze maar weer eens gaan draaien en - surprise, surprise - beiden bevallen me veel beter. Waarbij .Moneen. het overigens wel op punten wint van hun labelgenoten. Bij Saves The Day gaat de stem van Chris Conley me toch wel ietwat irriteren na een nummertje of zes, zeven. Deze ligt namelijk ergens tussen die van de zanger van The Spirit That Guides Us en Rush's Geddy Lee. Twee stemmen die ik zeker kan waarderen, maar door de blender gehaald en in één lichaam samengebracht gaat het toch jeuken. Daarnaast vind ik de punkrock met meer dan een scheut emo van Saves the Day qua liedjes ook niet altijd even bijzonder en de productie van Sound The Alarm af en toe een beetje te iel. Daar heeft .Moneen. geen last van. The Red Tree knalt vol en rijk uit je speakers. Bovendien zijn hun liedjes supermelodieus, maar toch hard en zitten ze erg geraffineerd in elkaar. Inderdaad, zoals Taking Back Sunday dat ook zo mooi kan doen en doet. Het hoge niveau van die band halen ze nog niet, maar als je bij hen in de buurt komt doe je het zeker niet slecht. Ik vraag me alleen af hoe de zanger van deze Canadese emorockers de liedjes aan gaat kondigen bij hun optreden morgen in de Melkweg. Elke titel van The Red Tree is namelijk zo ongeveer een half boekwerk. Dat gaat vast knap lastig worden als je staat uit te puffen tussen de nummers door...
File Under: Tot in de puntjes verzorgd
File Video: [Moneen EPK] [If Tragedy's Appealing]
File: Saves The Day - Sound The Alarm
File Under: Punkrock met meer dan een scheut emo
File Audio: [At Your Funeral]
Scritti Politti - White Bread Black Beer
Als tiener ben ik opgegroeid met de muziek van de jaren tachtig, een decennium dat in het algemeen niet hoog gewaardeerd wordt wat betreft de kwaliteit van de uitgebrachte muziek. Synthpop is een muziekstroming die daar onlosmakelijk mee verbonden is en Scritti Politti maakte dat destijds in een supergelikte vorm. Singles als : Wood Beez (Pray Like Aretha Franklin)", "Absolute", "The Word Girl" en "Perfect Way" van de cd Cupid & Psyche 85 werden halverwege de jaren tachtig (radio)hits, maar zorgden desondanks niet voor een commerciële doorbraak. Popkluizenaar Green Gartside, het brein achter Scritti Politti, trad niet op vanwege chronische podiumvrees, had al snel genoeg van het promotiecircus bij een nieuwe release en vluchtte daarom terug naar zijn geboortegrond Wales om daar, ver verwijderd van de muziekindustrie, jarenlang alleen te verblijven. Een ritueel dat zich herhaalde na de cd's Provision (1988) en het hiphop-getinte Anomie & Bonhomie (1999). Vorig jaar werd nog de verzamel-cd Early uitgebracht die Scritti Politti's postpunk-periode van eind jaren zeventig, begin jaren tachtig onder het licht bracht. Groot was echter de verrassing toen Green begin 2006 weer een podium opklom en daar nieuwe songs speelde. Onder de noemer Double G And The Traitorous 3 verzorgde Green een aantal low-profile optredens in Londen door Green met bandleden die hij in zijn lokale pub had gerecruteerd, waarna men ineens op 30 maart als Scritti Politti in de kleine zaal van Paradiso stond. De cd White Bread Black Beer, een verwijzing naar twee levensmiddelen waaraan hij 'verslaafd' is, nam hij thuis in oost-Londen op en deze laat een melancholieker, reflectiever geluid horen. Minder eclectisch en meer down-tempo dan vorige cd's, maar nog steeds pop in optima forma. De DIY-aanpak die de beginjaren van Scritti Politti kenmerkte is duidelijk terug te horen op White Bread Black Beer waar de hoofdrol zonder twijfel is weggelegd voor de hoge, zoete stem van Green. In vergelijking met eerder werk vallen verschijdene nummers zoals "The Boom Boom Bap" (de eerste single) en "Locked" op door zijn kenmerkende stem spaarzaam begeleid wordt door keyboards en/of gitaar. Gebleven zijn de ondoorgrondelijke teksten die vooral aanleiding geven tot een eigen interpretatie ervan. Hardlopend door het Groene Hart in voorbereiding op mijn eerste marathon boeit White Bread Black Beer me steeds voor de gehele speelduur van meer dan vijftig minuten. Een lot dat in de afgelopen tien maanden door relatief weinig cd's werd gedeeld. Liefhebbers van pure pop die niet vies zijn van de nodige zoetheid weten nu genoeg en trekken meteen de (hardloop)schoenen aan om de cd te gaan aanschaffen.
File Under: Come Back And Stay For Good This Time
File Gast: Cel
Eagle*Seagull - Eagle*Seagull
Zachtjes knettert het geluid van vuurwerk onder muziek van een enkele piano begeleid door getergde zang. De mensen die het afsteken hebben duidelijk plezier; er wordt gelachen en geapplaudisseerd. Het nummer is een liefdeslied met tragische strofen. De ik-figuur zwelgt in de schoonheid van zijn geliefde. Tegelijkertijd barst na de kreet "Rock 'n roll" het vuurwerk los als ware het mitrailleurgeschut. Het kippenvel kruipt mij van de achterkant van mijn armen naar de nek. Samen met de zang en de piano vormt het vuurwerk de apotheose van de cd van Eagle*Seagull waar je ook als luisteraar in kunt zwelgen. Eagle*Seagull is zeker geen perfect album maar een nummer als dit, de afsluiter "Ballet or Art", maakt alles goed. Alles? Dat natuurlijk niet. De stem van de zanger is vrijwel de hele tijd getergd en dat kan gaan vervelen. De plaat is heel sferisch (Het begin van het eerste nummer, "Lock and Key", doet bijvoorbeeld een beetje aan Portishead denken) en kan hier en daar wel wat opkikkertjes gebruiken. Maar daar tegenover staan pareltjes van nummers en geluidsfragmenten. "It was a lovely parade" leunt zwaar op Erik Satie, maar vormt hier als het ware de intro van het volgende nummer waardoor het pianospel niet op zichzelf staat. "Your Beauty Is A Knife I Turn On My Throat" is gelaagd opgebouwde ragtime-progpop en opener "Photograph" heeft een heerlijke lichte popheid die samen met de zang wat doet denken aan The Associates. De plaat staat vol met glamoureuze melodieën als een warm bad maar soms neemt Eagle*Seagull net genoeg gas terug om niet onder te gaan in een zee van drama. Ik denk terug aan een paar jaar geleden, toen ik vanaf het drooggevallen wad de wegstervende muziek en vuurwerk van het Oerol-festival op afstand gadesloeg met een zeker gevoel van melancholie. Het markeerde het einde, we gingen weer naar huis. Gelukkig kan ik deze cd keer op keer opzetten.
File Under: Melodramatische pop
File Audio: [Your Beauty Is A Knife I Turn On My Throat, Photograph, Death Could Be At the Door]
Pride of Lions - Live in Belgium
Vorig jaar noemde ik Pride of Lions' The Destiny Stone 'een ernstig overbodig plaatje'. Dat was geen vleiend oordeel, maar ook toen ik de cd maanden later - na een aantal juichende recensies over live-optredens - nog eens opzette, was ik niet onder de indruk. Vervolgens vielen de live-cd en -dvd bij mij in de bus. Vanaf de eerste draaibeurt was ik verkocht! Niks braaf geproduceerd, niks te gladjes, gewoon een rockband die met overtuiging en plezier staat te spelen. Het optreden vond plaats op de Lokerse Feesten bij onze zuiderburen. Materiaal van de twee studio-albums en wat vroeg werk van Peterik, waaronder Ides of March' "Vehicle", waarin Jim Peterik bijna klinkt als Tom Jones! En ja, de uitsmijter is "Eye of the tiger". Who cares, de band knalt er een enthousiaste uitvoering van het klassieke rockanthem uit. Waar het optreden wat aftastend begint, herkent het publiek in die weinig flitsende en zichtbaar niet door een stylist begeleide heren een band die er zin in heeft en ontstaat er een chemie tussen band en publiek. Dat Toby Hitchcock en Jim Peterik hun vocale prestaties op de plaat moeiteloos live kunnen waarmaken was al bekend, maar nu heeft de muziek ook de bite die het op The Destiny Stone naar mijn smaak node miste. De band is strak, gitarist Mike Aquino's accenten zijn nadrukkelijk aanwezig en de samenzang van Hitchcock en Peterik is niet afgevlakt door een aalgladde productie. De muziek is nog steeds typisch Amerikaanse collegerock, maar het enthousiasme van band en publiek maakt dat het absoluut geen formulewerk wordt. De beelden van het buitenluchtoptreden - in daglicht - zijn qua kleur niet altijd even prettig en de beelden komen wel eens uit wat rare hoeken. Het mag echter duidelijk zijn dat het enthousiasme van de band dat ruimschoots compenseert. De cd gaat overigens vergezeld van een bonus-cd met maar liefst zeven nieuwe studiotracks, waarvan er een ook al op de live-cd staat. Qua productie geven die goede hoop voor een volgend studioalbum.
File Under: Geen standaardradiorock, maar Rock. Punt.
File Audio: [Sound of home] [meer fragmenten]
Speedway 69 - Spam Dance
Soms is het echt een voorrecht om nieuwe muziekjes te mogen en kunnen bespreken. Vaak heb je te maken met CD's die al tot in den treuren door anderen behandeld zijn en waarvan het bijna onmogelijk is om nog iets nieuws toe te voegen. Echter, eens in de zoveel tijd stuit je op een bandje waarvan je bijna zeker bent dat er nog maar weinig mensen van gehoord hebben, terwijl dit wel zou moeten. Momenteel is het Duitse Speedway 69 nog eventjes een beetje van mij alleen. Buiten Duitsland weten ze nog geen echt succes te boeken en dus behoor ik tot de selecte groep Europeanen die lekker exclusief kan genieten van het kontschoppende debuut Spam Dance. Het kwartet maakt liedjes die ik lastig kan vergelijken met enige andere band. De basis is gefundeerd in stevige punkrock maar dan van de rauwe soort, terwijl daar omheen erg blitse extra's worden toegevoegd. Er komen blazers en strijkers voorbij, terwijl er geen sprake is van zoete ballades of vies melodramatisch gedoe. Tel daarbij ook nog eens een prettige hoeveelheid aan gekke sampletjes en computergeluidjes op en je hebt een uniek geluid wat nergens gekunsteld of overdreven klinkt. Om toch een klein kader te creëren, denk aan de liefdesbaby van Therapy? en Deftones maar dan met gekkigheden en een half potje zwarte peper in den Aarsch. Dit is goed, zegt het voort (wie steunt er nu niet een label met de naam "Schnitzel Records"?!?)!
File Under: Mijn geheimpje voor u
File Audio: [Klik]
NiCad - Everyday I Grow
Als mensen horen dat ik over muziek schrijf dan willen ze soms weten van wat voor een muziek ik houd. Als ik iemand als niet -deskundig beoordeel dan houd ik het beperkt en zeg ik rock, folk, blues en singer-songwriter. Als ik een meer deskundig iemand voor me heb dan moet ik dieper gaan: (garage)rock maar dan niet van-dik-hout-zaagt-men-planken, folk maar niet van het geitenwollen-sokken-soort, blues maar dan wel met een rauw randje, singer-songwriter maar dan wel met liedjes waarin iets gebeurt, avantgarde jazz zonder egotripperij, crossover van diverse muziekstromingen waarbij dan zelfs rap van mij mag, muziek met emotie, elektronica als deze niet als muzikaal behang dient maar bliepjes e.d. zijn leuk, oude soul en funk zijn ook niet te versmaden en pop als het geen commerciële rotzooi is waarbij het alleen om de verkoopcijfers gaat. Iemand vatte dit ooit prima voor me samen als: "eigenlijk hou je van heel veel soorten muziek zolang clichés maar gemeden worden." Een band die heel veel van mijn smaakt in zich verenigt is het Haagse NiCad met leden uit Nippon (Japan), Israël, Chili, Amerika en Duitsland (samen NiCad) die nu hun eerste officiële release uitbrengt getiteld Everyday I Grow. Met een conservatoriumachtergrond weten ze wat spelen is en zetten hier iets bijzonders neer. Geen gemakkelijke kost, maar snel op uitgekeken kun je hier niet van raken. Als je tenminste van diversiteit houdt, anders is het een hele kluif.
File Under: Erg volle batterijen
File Audio: [Op de NiCad Jukebox][of bij de stervende giraffe]
Twisted Sister reissues
Nu ze ook slachtoffer zijn geworden van het reünie-virus en met dunner en grijzend haar en dreigend bollende bierbuiken boven de spandex broeken rondlopen, is Twisted Sister definitief uncool geworden. Zelfs als Dee Snider zijn hoektandjes weer laat bijvijlen wordt het nooit meer wat. Maar eigenlijk is het nooit wat geweest met ze en dat vonden ze zelf ook. In het voetspoor van de poedelrockers van Mötley Crue, Ratt en Poison werden ze zowaar een mega-act, maar het aardige was dat Dee Snider en consorten het concept van het geföhnde haar en je zusters make-up vooral belachelijk leken te maken. Wel hadden ze een aantal briljante songs die door even hilarische videoclips beroemd werden: "We're Not Gonna Take It", "I Wanna Rock" en hun geweldige cover van "Leader of the Pack". De heruitgaven van vier elpees (waarom wordt Stay Hungry niet opnieuw uitgebracht? Nu missen we "We're Not Gonna Take It"!) laten zien dat ze veel meer van dit soort door slogans voortgedreven krakers hadden. Natuurlijk klinkt het allemaal ietwat gedateerd en natuurlijk waren het niet de beste rockers die de jaren tachtig en negentig hebben voortgebracht, maar vrolijk word je er wel van. En als vier cd's in een keer je te veel zijn: sinds een paar maanden is er ook weer een nieuwe Best of... verschenen. Heb je ook "We're Not Gonna Take It" erbij. (Maar mis je weer "Leader of the Pack": kan er iemand met een geweer richting hun platenmaatschappij gaan?)
File: Twisted Sister - You Can't Stop Rock 'n' Roll (reissue)
File: Twisted Sister - Come Out and Play (reissue)
File: Twisted Sister - Love is For Suckers (reissue)
File Under: You Can't Stop Rock 'n 'Roll
Matthew Sweet and Susanna Hoffs - Under The Covers Vol. 1
Eigenlijk vind ik dat ik als enige recht heb om te luisteren naar de bloedmooie cd vol covers die Susanna Hoffs (47 en oh-my-god what a hotty!) en Matthew Sweet samen gemaakt hebben. Nou vooruit, de drie andere mensen die haar tweede en ook al zo prachtige solo-cd hebben gekocht mogen ook mee luisteren, maar als ze zingt dat het goed voelt dat ik snel naar huis kom, dan heeft ze het natuurlijk alleen maar tegen mij. Ook al is het een cover van een liedje van The Zombies, het is wél natuurlijk speciaal geschreven met haar en mij in gedachten. Dat kan niet anders. Net als wanneer ze met Matthew Sweet een meer dan licht opwindende versie doet van het Bee Gees-nummers "Run To Me", die je eindelijk de laatste restjes van de hemeltergende Rotterdamse uitvoering van Anita Meyer en Lee Towers uit je grijze massa weg doet branden. Matthew Sweet, the lucky bastard. Staat'ie daar in het boekje een beetje nonchalant met zijn arm om haar heen in de lens te staren in plaats van naar haar. Vogel! Maar goed, ik moet toegeven, zijn zangstem past inderdaad vele malen beter bij die van Susanna dan bij die van mij. Ik kan namelijk niet zingen, maar wel heel goed luisteren. En als er geluisterd moet worden naar de stem van Susanna Hoffs dan kan ik dat nog veel beter dan normaal. Haar stem krult zo sensueel mijn oren in dat ze er van gaan tintelen. Maar waarom vertel ik je dit eigenlijk? Jullie negeerden haar toen, dus waarom zou ik haar jou nu wel gunnen.
File Under: Zucht en kleiner dan drie.
File Audio: [Sidnsusie]
Less than Jake - In With The Out Crowd
Het grote voordeel van festivals heden ten dage is dat je kunt zappen van tent naar tent, als je iets niet bevalt. Vroegâh, toen Gr.R., nog een Gr.Rretje was, en aardig om te zien, kon dat niet. Toen was het het een hele band doorkauwen voor er weer wat goeds kwam. Of niet. Zo liep ik een jaar of wat geleden doelloos over het terrein van Lowlands. Ik was bij Moloko weggerend, want de tent stond veel en veel te vol. Moloko was namelijk nogal hip in die tijd en al mijn vriendjes wilden het zien. En ik niet, dus ik trok ter verkenning maar eens over het terrein en liep de Dommelsch binnen, alwaar, zo ontdekte ik, Less Than Jake de pannen van het dak aan het spelen waren. Puike skapunkpop en een hele hoop flauwe geintjes (de datinggame!). Uiterst amusant en Gr.R. stond al snel in de tent te springen en dansen alsof hij weer een Gr.Rretje was. Ik verliet als een gelouterd man de tent en besloot dat ik ook wel zonder Moloko hip kon wezen. Less than Jake werd uiteindelijk de dagtopper. Inmiddels zijn we drie jaar verder en ligt er een nieuwe Less Than Jake, In With The Out Crowd. Leuk album, mooie collectie punkplaatjes en er wordt weer adequaat geblazen zo nu en dan. Maar het onderscheidt zich niet echt de andere Less Than Jake platen. Kortom, adequaat gemusiceerd, maar ik word er nog niet echt opgewonden van. Gelukkig komen ze het een en ander wel live ondersteunen! En staan ze op Lowlands! Alwaar de skapunk weer met verve de tent (Grolsch?) ingeslingerd wordt, het allemaal net iets energieker is en de slappe grappen weer niet van de lucht zijn. Ik word er nu al blij van. Let Lowlands begin!
File Under: Gaat dat zien!
File Audio: [
Deep Purple - Live At Montreux 1996
In 1995 trad Steve Morse toe tot Deep Purple, en beleefden ze bijkans een wedergeboorte. De ruzies en verwijten waren met Ritchie Blackmore de Middeleeuwen ingetrokken en het plezier in de band spatte af van de eerste plaat in de nieuwe bezetting, Purpendicular. Ook op het live-album van de Purpendiculartournee, Live at the Olympia '96, was dat te horen. Plotseling werden er ook weer nummers gespeeld die Blackmore al die jaren had geweigerd te spelen. In dezelfde tournee deed Deep Purple ook Montreux aan, de geboorteplaats van Smoke on the Water. Op de opnamen daarvan, aangevuld met twee songs uit 2000 van een optreden op hetzelfde festival, is wederom een buitengewoon geïnspireerd Deep Purple te horen. Okee, Gillan haalt het even allemaal niet in "Hey Cisco", maar dat mag de pret niet drukken. En ook al is het voor de driehonderdste keer "Black Night", "Smoke on the water" en "Woman from Tokyo", het blijft genieten. Voor de fans zit er bij de tracks uit 2000 nog een aangename verrassing: "Fools" van het album Fireball. Is dit nu de ultieme Deep Purple live-cd? Natuurlijk niet. Zelfs niet uit deze tournee. Wanneer je één live-cd uit de tournee wilt, moet je gewoon de dubbelaar Live at the Olympia '96 aanschaffen. Maar wanneer je zoals ik een hele rij Purple-live-cd's in je collectie hebt staan, is dit een prachtige toevoeging.
Op vrijdag 9 juni staat Deep Purple als headliner op het Arrow Rock Festival.
File: Deep Purple - Live At Montreux 1996File Under: Bekend menu, maar weer o zo lekker
VA - Samba Goal powered by R10
Elke dag als ik van het station naar mijn huis loop, heb ik de neiging om een ommetje te maken door de buurt. Even kijken wat er allemaal opgetuigd is de afgelopen dag. Ik woon nu in een echt volksbuurtje en het is hier een volkssport om je huis zo oranje mogelijk te maken nu het WK eraan komt. Vermakelijk om te zien, al zal ik er zelf niet snel aan meedoen. Het zal wel mijn nuchtere oosterse inborst zijn, of zo. Nog veel minder heb ik met de doffe ellende die allerhande Nederlandse artiesten over ons heen storten deze weken. Gerard, Gordon en Rene, Café de Wereld, Willeke Alberti, ze dragen allemaal hun steentje bij aan het succes van het Nederlands Elftal. En ik ga ervan janken. Ali B. heeft André Hazes weer tot leven gewekt voor een "Wij Houden Van Oranje 2006". Laat die man lekker dood zijn, jij rare knuffelallochtoon! En Grad Damen vindt het belangrijk om ons te melden dat'ie nooit een nummer over het Nederlands elftal zal maken. Uit respect voor Dré. Zucht. Wat de muziek voor het WK betreft zou ik graag verhuizen naar Brazilië. Daar heeft de immer goedlachse - wat zou jij doen als je 63.000 euro per dag zou verdienen? - Ronaldinho speciaal voor het WK een compilatie gemaakt van zijn favoriete Braziliaanse liedjes. Rond de festiviteiten bij de overwinning in de Champignonnen Liga liet hij al zien aardig te kunnen trommelen en met het bandje Sambatri twiedelt hij "Goleandor" mee. Niet meer dan logisch dat het swingt zoals Ronaldinho voetbalt. Dat geldt voor de hele cd, die op "Taj Mahal" na, gevuld is met mij volslagen onbekende Braziliaanse vrolijkheid. Uitstekend tegengif voor die Nederlandstalige driet de komende maand!
File Under: Het swingt zoals Ronaldinho voetbalt
Belong - October Language
De achteloze bezoeker die afgelopen zondagmiddag het Mezz Café binnen kwam dwarrelen, zal vreemd hebben opgekeken. Terwijl in de binnenstad het Oude Stijl Jazz Festival het af moest leggen tegen het slechte weer, trokken Turk Dietrich en Michael Jones in het Café een dikke geluidsmuur van drones en noise op. Hun enige link met dixieland is dat hun thuishaven de jazzbakermat New Orleans is. Ik wist eigenlijk niet eens dat ze er zouden spelen. Ariel Pink had ze blijkbaar als voorprogramma mee op sleeptouw genomen. Leuk van hem, want in tegenstelling tot mijn medetoeschouwers hou ik wel van een bakkie slepende noiseminiatuurtjes op de zondagmiddag. Op het album October Language heeft het duo drie kwartier van deze gestructureerde chaos vastgelegd. Een grofkorrelig pallet aan klankkleuren echoot zich een weg tot diep onder de huid. Om daar eens flink wat emoties los te peuteren. Hoewel het album reeds in 2004 - en dus vóór Katrina in New Orleans huis hield - werd opgenomen, zou het zo een soundtrack voor een verdronken stad kunnen zijn. Dit is hoe verval klinkt. De vergeelde foto op de hoes zegt genoeg. Belong krijgt het voor elkaar om de schoonheid ervan in geluid om te zetten. Dit is spelen met licht en donker. Knappe plaat.
File Under: De schoonheid van verval
File audio: [luistert]
Dog Fashion Disco - Adultery
Zo zie je maar weer, geen enkel popgenre gaat ooit dood. Zo ook de crossover, ook wel funktrash, rapmetal, funkpoptrash of hoe je het ook wil noemen. Eind jaren tachtig, begin jaren negentig, kreeg je ze bijna gratis bij een pak melk, die rappende funkmetal-orkestjes die lak hadden aan stijlconventies en maar gewoon alles achter elkaar en door elkaar heen speelden. Mr. Bungle was in dat opzicht misschien wel de meest extreme, die konden werkelijk geen tien seconden lang hetzelfde genre spelen. En in die specifieke tak van sport moeten we Dog Fashion Disco zoeken. Schizofrene metalriffs, surf-gitaren, af en toe een meeslepende zanglijn, een stukje country, scheve freejazz (inclusief toeters), hak-op-de-tak-structuren en bovenal een zeer overtuigende Mike Patton-imitatie, die het plaatje wel heel compleet maakt. Je kan het zo gek niet bedenken, of het zit er wel tussen. Zuivere kwaliteitscrossover dus. Als iemand mij had verteld dat dit de nieuwe Mr. Bungle-cd was had ik hem meteen geloofd. Okee, Dog Fashion Disco zoekt toch iets vaker echte coupletten en refreinen op, maar de invloeden liggen er wel heel dik bovenop. En da's dan wel weer knap, alles vrij en blij door elkaar gooien en toch geen moment origineel bezig zijn. Zo zie je dus maar weer.
File Under: Crossover in de Bungle-stijl
File Audio: [Dog Fashion Disco op Myspace]



































