The Music In My Head - Vrijdag
Op de eerste dagen dat de mussen dood van het dak vallen, spoedt het File Recensie Team zich naar binnen. Er moeten namelijk leuke bandjes gekeken worden in het Paard van Troje. Dit allemaal in het kader van The Music in My Head. Het programma is veelbelovend en afwisselend, dus gelukkig kon het RecensieTeam zich splitsen om het een en ander nader te aanschouwen. Bij binnenkomst bleek reeds een tegenvaller. Door ziekte van een van de leden moesten The Pipettes afzeggen. Hun plaats werd ingenomen door Marisa Yeaman. Hoewel gezellig druk, is het festival niet uitverkocht. We konden dus gemakkelijk van zaal naar zaal zappen om een verantwoord menu samen te stellen.
De opener van de avond is Little Man Tate. De band ziet er uit als een hobbyprojectje van een aantal wiskundestudenten (ze dragen spencers!), maar ze spelen jachtige rock op zijn Engels. Zo her en der moest ondergetekende aan The Jam denken. Hoe jachtig de band optrad, bleek wel uit de mededeling dat men na 35 minuten al door de nummers heen was en dat er nieuwe nummers gespeeld gingen worden. Die nummers bleken niet minder. Snel doorgesprint naar Kill the Young. Zij zagen er meer uit als your average rockband, maar waren net zo jachtig als de spencers van Little Man Tate. De broertjes Gorman spelen echter nets iets afwisselender dan Little Man Tate en hebben met zanger Tom Gorman een sterke troef in handen. Het verschil tussen de lage spreekstem en hoge zangstem is opvallend. De Love Utd, Hate Glazer sticker is natuurlijk een geinig detail.
Op zo'n festivalavond aan het einde van een werkweek valt het vooral op dat heel veel mensen het nog steeds erg druk hebben. Er moet gebeld worden, gesmst, er dienen foto's te worden gemaakt en vooral veel gekletst, en het liefst allemaal tegelijk. Soms levert dat de verrassende constatering op dat wanneer de artiesten even stoppen met spelen, er nog steeds een behoorlijke muur van 'noise' is. Dat was duidelijk te horen bij het uit Dallas afkomstige Secret Machines. Indrukwekkende zware ritmes, imposant aaneengeslagen door de drummer. De lichttechnicus liet zich hier van zijn beste kant zien, wat het spel van the Machines een extra dimensie gaf. Soms waren ze verscholen in mystiek groen wat de band enigszins verhulde, dan weer imponeerde de band met door stroboscoop ondersteunde uithalen. Gemiddeld gesproken zou je toch wat meer tempo willen, maar door de fijne afwisselingen in dit tempo was dat eigenlijk ook wel goed te verdragen. Tevens mag naast het noise-pedaal dan ook wat vaker het volumepedaal ingetrapt worden. Het zou er iets minder klinisch van worden en wellicht stopt dan ook de noise van het keuvelende publiek. De grote zaal was echter wel een perfect podium voor het trio.
De festivalgangers die niets met Secret Machines hadden, schoven aan bij My Latest Novel. Maar ook hier vond het publiek het nodig om de week door te spreken en dat had een beduidend negatiever effect dan bij Secret Machines. My Latest Novel had het hoogtepunt van de dag kunnen worden, maar de (soms) verstilde en deels akoestische muziek van deze Glaswegians verzoop volledig in het geroezemoes. Zelfs een regelmatig terugkerend ssssst (vanuit het publiek) mocht niet baten. Gelukkig begon halverwege het concert van My Latest Novel het concert van The Editors en bleven alleen de die-hards over. De band kwam vervolgens alsnog los en eindigde met in stijl met vier stemmen en vier gitaren.
En dat zijn er meer dan bij de publieksfavorieten van de avond, de Editors. De aanwezige oude omaatjes bewogen enthousiast mee, maar doordat het donker was hebben we dat misschien verkeerd gezien... Feit is wel dat de jaren tachtig een grote bron van inspiratie vormen voor de heren, dus dat de gemiddelde leeftijd van het publiek hier en daar wat hoger lag. Velen bewaren ongetwijfeld nostalgische herinneringen aan de tijd van Joy Division, The Smiths etc. De drukke handgebaren en wilde renpartijen van zanger Tom Smith deden ons in het begin even naar adem snakken, maar er werd een degelijk verzorgde, zij het een wat routineuze set neergezet. Alleen stond het geluid vrij hard afgesteld, zeker in het begin, maar dat kan ook een kwestie van gewenning zijn geweest.
In het café viel ondertussen Marisa Yeaman in voor The Pipettes. Deze frêle Australische liet horen zeer bedreven te zijn in het degelijk singersongwriter-vak met een lichte countrysnik. Een soort van kruising tussen Melissa Etheridge en Ilse deLange. Gelukkig was het hier wel gepast stil. Tijd vervolgens om even langs te gaan bij de Finnen van Disco Ensemble. Een flink contrast met de grote zaal, die behoorlijk was afgeladen. In de kleine zaal kon de band een poging doen elke aanwezige persoonlijk te bedanken voor het applaus. Dat deed echter niets af aan het enthousiasme waarmee de nummers werden gebracht. Gelukkig werd het later iets voller. Ik heb bij menig bezoeker even angst en vertwijfeling kunnen aflezen toen ze de kleine zaal binnen kwamen: "wat is dit dan voor herrie?" maar na enig wennen bleek de snelle ritmische punkrock toch best goed te pruimen. De jongens delen in ieder geval dezelfde kapsalon en hun liefde om zwetend hun beste beentje voor te zetten. Met disco hadden ze in ieder geval weinig op...


