Smutfish
Als Obelix die als kind in de ketel met toverdrank viel, zo omschrijft Melle de Boer, zanger en liedjesschrijver van het Haagse Smutfish, zijn relatie met de minder prettige kanten van het leven. Een ellendige jeugd, gevolgd door een zo mogelijk nog ontluisterendere overgang naar het volwassendom zorgden ervoor dat De Boer niet een van de meest gelukkige mensen op aarde is. Maar - geluk bij een ongeluk - wel eentje die zijn onzekerheden, woede en angsten heeft weten om te zetten in even schone als zwarte americana, de muzieksoort waarin Smutfish grossiert.
De band werd opgericht nadat De Boer in eerdere meer gitaarrockende bandjes zijn ei niet helemaal kwijt kon. Het bleek vooral moeilijk met zijn teksten, waarin hij net zo openhartig over zijn gevoelens spreekt als in interviews, tegen het gitaarlawaai op te boksen. De Boer: 'Hard spelen is een manier om muziek makkelijker te laten overkomen, maar de bedoeling komt niet automatisch beter over. De teksten zeker niet. De kwaadheid zit voor mij op een heel ander niveau dan gewoon een distortion aan te zetten.'
Dus zocht hij een aantal muzikanten bij elkaar dat bereid was zichzelf te beperken tot een even minimale als sferische begeleidingsband van De Boer zijn stem, die op deze manier alle kans kreeg bijna binnensmonds verhalend zijn gang te gaan. De muziek die het gevolg was van deze samenwerking wekte bij veel luisteraars gevoelens op van eenzame zielen tegen de achtergrond van het soort desolate vlaktes dat we vooral associëren met bepaalde Amerikaanse landschappen. Americana, of ook wel alt.country, was dan ook het stempel dat de band sinds het in eigen beheer uitgebrachte debuut Lawnmower Mind uit 2004 opgeplakt kreeg. De Boer: 'De term americana kenden we nog niet toen we de band begonnen. Net zo min als de bands waarmee we worden vergeleken. Die trouwens vaak best aardig zijn. Maar ik vind het niet erg. We worden nu eenmaal overschaduwd door de Amerikaans cultuur. Het eten dat we eten, de muziek die we luisteren. Eigenlijk heel logisch dat de muziek die we maken ook Amerikaans klinkt. Maar dit is dus niet bewust. Het is gewoon wat er uit komt. Die leegte? Die is bij mij aangeboren.'
Zeker nu americana de laatste jaren aan populariteit heeft gewonnen, is een optreden van Smutfish niet meer beperkt tot de bruine kroeg. De band speelt net zo makkelijk in een Irish pub als op een van de vele podia die ons clubcircuit rijk is. De Boer: 'We zijn niet zo heel erg bezig met waar we spelen. We zien wel wat er op ons af komt. Soms denk je: "Dit is níets voor ons" en dan is iedereen doodstil aan het luisteren. En andersom natuurlijk. Maar over het algemeen is het publiek wel enthousiast. Natuurlijk, er zijn altijd wel mensen die niets van je muziek snappen. Die roepen: "Speel eens wat vrolijks!" of willen iets waar ze op kunnen dansen. Dat doen we dan soms wel, maar alleen als we daar zelf zin in hebben.'
En dat lijkt ook een beetje het enige credo dat de band volgt; doen waar je zin in hebt. En dit heeft niets te maken met grote ego's of andere onhebbelijkheden die muzikanten vaak eigen is. Smutfish lijkt zich vooral vol verwondering te laten meeslepen in de stroom die bandjesleven heet. Verwondering over een Franse website die je cd recenseert of een Kevn Kinney in het publiek die zijn duim opsteekt terwijl je staat te spelen op een rootsfestival.
Of over de kans die de band kreeg om voor de opnames van het tweede album Through a Slightly Open Door (Smutfish had inmiddels een deal met Munich) van de schuur in de achtertuin te verkassen naar de prestigieuze Wisseloord studio's, niet de meest voor de hand liggende omgeving voor de wat "smoezelig" klinkende band als Smutfish. De Boer: 'Dat is nu juist het leuke van muziek. Je komt op plekken waar je anders niet komt. Maar we hebben alles er wel live in een halve dag opgezet. Wat dat betreft klopte het allemaal wel weer.'
Ook met betrekking tot de toekomst heeft Smutfish geen vast omlijnd plan. De Boer: 'Behalve dan dat ik altijd muziek zal blijven maken. Wel wil ik nog een keer met de band naar Amerika. Spelen in van die vage kroegjes. Het zal wel heel erg tegenvallen, maar het lijkt me ook erg leuk; de muziek brengen waar ze vandaan komt.'