Halfway - Remember The River
Grappig is dat. Ter voorbereiding op dit stukje over de tweede cd van Halfway las ik mijn stukje over hun debuut-cd Farewell to the Fainthearted nog eens na. Wat ik geschreven had was namelijk een beetje weggezakt; dat zou u ook gebeuren als u sinds 28 augustus 2005 ongeveer driehonderd stukjes over muziek geschreven had kan ik u verzekeren. Bij beluistering van Remember The River begon het me langzaam wel een beetje te dagen hoor, wat ik geschreven had. Het was iets met alt.country, Australië, Wilco, Tragically Hip, Whiskeytown. Maar dat over mijn nieuwe kamergenoot, dat was ik toch mooi vergeten. Zo hoort het misschien ook wel. Het gaat immers om de muziek en die lifelogmeuk is er om u te vervelen en misschien ook wel af en toe te plezieren. Maar in mijn hoofd was dus weer een soortgelijk verhaaltje ontstaan. Want net als bij beluistering van de vorige cd hadden de andere kant van het bureau en ik het weer stikt naar onze zin met de nieuwe cd van Halfway. Dat viel wel af te leiden uit hoe vaak we tegen elkaar zeiden dat de muziek vandaag weer zwaar okay was. Dat was vaak namelijk. Blijkbaar gaan die dingen zo als cd's goed tot zeer goed zijn, want er zijn ook genoeg dagen dat de muziek gewoon slaafs draait als contrageluid voor het kopieerapparaat in de gang en er geen woord over de muziek gesproken wordt. Over deze nieuwe Halfway werd dus wel veel gesproken. Niet raar ook, want Halfway is als band verder gegroeid sinds hun debuut. Remember The River laat een hechtere band horen die zich verder bekwaamd heeft in het schrijven van tot whisky drinken uitnodigende alt.country-rock. Mag u raden wat ik nu ga doen. Juist ja, mijn glas bijvullen.
File Under: alt.country-rock van hoog niveau
VA - Voodoo Rhythm 'The Gospel Of Primitive Rock'n'Roll
Het meest bijzondere concert dat ik afgelopen jaar bezocht was dat van het dodenmarsorkest The Dead Brothers: macaber, vol met humor en muzikaal zeer sterk. Vorig jaar was die eer weggelegd voor King Khan en zijn voodoosound, een show die niet minder bijzonder was. Toevallig brengen beide hun albums uit via het Zwitserse label Voodoo Rhythm. Aan het hoofd van dit label staat Reverend Beat-Man die constateerde dat alle leuke bands die hijzelf tijdens de tour ontmoette geen label hadden om hun werk uit te brengen. Als gevolg hiervan ging hij deze zelf maar uitbrengen. Artiesten die bij hem hun werk uitbrengen zijn de eerder genoemde The Dead Brothers, King Khan en verder bands als The Come n' Go, DM Bob en The Watzloves. Deze film (op dvd) gaat over dit label en in het bijzonder over de eigenaar waarbij interviews afgenomen zijn met de bij hem onder contract staande artiesten en de baas zelf. Het geheel geeft een inkijk in de wereld die "primitive rock 'n' roll" heet. Eigenlijk had ik vooraf hoge verwachtingen van deze film, maar nu ik de 115 minuten durende dvd bekeken heb lijkt het toch meer op één grote reclamefilm. Het is een prima inleiding om iets van de uitgebrachte muziek en de artiesten te begrijpen, maar door de korte muziekfragmenten die erin zitten hoogstens leuk om één keer te bekijken en dan in de kast te laten staan. Je kunt je geld dus beter besteden aan al die fijne geluidsdragers die ze uitbrengen of aan één van de optredens van de artiesten, want dat Reverend Beat-Man een goede smaak heeft staat voor mij niet ter discussie.
File Under: Muziek beleven is vaak zoveel fijner dan er over kletsen
Ahab - The Call Of The Wretched Sea
Zoals elk ander metalgenre is ook doommetal intussen in allerlei kleine subcategorietjes uiteengevallen. Zo hebben we de drone-doom, doomdeath, sludge doom en zo dus ook de funeral doom. Da's de doom metal soort van het brede gebaar, moddervette gitaarmuren, slepend trage (gebrek aan) tempo's en diepe putgrunts. Doom metal van het ouderwetse snit als het ware, zeg maar ongeveer waar My Dying Bride ooit mee begon. Ahab is Duits en doet het met een loodzwaar aangedikt concept over Moby Dick, iets dat we overigens vaker hebben gezien de laatste jaren, Mastodon was ze wat dat betreft in 2004 al voor met Leviathan. Vergelijk dit echter vooral niet met die band. Ahab is bovenal doommetal zoals doommetal hoort: de riffs zijn immens zwaar, de synths ijl, de melodie in mineur, de grunt onverstaanbaar diep, het tempo ligt over de gehele linie laag en de composities zijn lang van stuk. Hoewel dit niet direct mijn pakkie aan is, was ik toch behoorlijk onder de indruk van het naargeestige geweld op deze schijf, en wisten de droeve doch mooie thema's mij prima bij de les te houden, iets waar het bij andere doombands vaak fout gaat. Dit is echter vooral luistermuziek waar je de tijd voor moet nemen. De ware doomfanaat zal dit ongetwijfeld beschouwen als een vette krent in de pap van de huidige funeral doom.
File Under: Vette funeral doom-krent
File Audio: [Doooom]
Posy - Flowerspread
Volgens mij bestaat er een spotje van Holland Casino - vooruit, ze zijn de eerste keer soms best leuk - met de leuze 'zet niet meteen te hoog in'. In de minimale bio van Posy wordt ook flink ingezet met kreten als 'her-ontdekking van muziek', 'vergeet alle logica en elk cliché' en wordt de luisteraar gevraagd de muziek 'herboren' te laten worden. Nou nou. Poeh poeh. Die lat ligt dan meteen wel erg hoog. Maar ik laat me graag verrassen, dus heb ik het voorlopig alleen online in een gelimiteerde oplage verkrijgbare debuut Flowerspread aan een rebirthing-sessie onderworpen. Gedurende deze sessie kreeg ik het vermoeden dat we hier wel eens te maken zouden kunnen hebben met een bastaard kindje van Kieran Hebden. Net als bij de heer Four Tet plingploingen de tingelmelodietjes en sampletjes alle kanten op terwijl de beats als broodkruimels fungeren om de weg naar huis terug te vinden. Michiel de Boer, de man achter dit project, slaagt er helaas niet altijd in om de spanningsboog strak gespannen te houden. Soms heeft het gebliep meer weg van de irritatiegrens tartende soundtracks van vintage computergames dan het beoogde ontdekkingstripje dwars door muziekland (met de laptop op schoot). Op die momenten kon ik me echter prima vermaken met het verzorgde artwork dat licht geeft in het donker. Hoewel lichtgevende verf natuurlijk verder ook niet echt een ontdekking voor me was.
File Under: Zet niet meteen te hoog in
File Audio: [Frappant] [Frappant Remix]
Automatic - Not Accepted Anywhere
Ooit stond ik vrijwel iedere donderdagnacht in de Tivoli. Donderdagavond was Pop-O-Matic avond, geen twijfel over mogelijk. Want dan kon je namelijk discodanschen op hippe, nieuwe bandjes. Zo maakte ik daar voor het eerst kennis met "Banquet" van Bloc Party. En met "Hate To Say I Told You So" van The Hives. Die Utrechtse studententijd ligt nu achter me, maar ik weet bijna zeker dat "Monster" van The Automatic, een van de meest fantastische nummers van dit jaar, daar nu gedraaid wordt. Dit is de band die Panic! At The Disco zo heel graag zou willen worden en die het radiovriendelijke gat dat ¡Forward, Russia! laat vallen dankbaar vult. Dat laatste zit hem vooral in de aan een tbs'er op proefverlof denkende toetsenist Alex Pennie. Pennie is iemand die zijn backing vocals niet gewoon zingt, zoals ieder ander gewoon mens, maar ze in de microfoon gilt als een op hol geslagen keukenmeid terwijl Frost op de gitaar rost alsof zijn leven er vanaf hangt. Rustpunten op een plaat zijn voor mietjes, ballads al helemaal. En eerlijk is eerlijk: ze snappen het marketingspelletje prima. Dus speel je live een cover van Kanye West's "Golddigger" en laat je Fatboy Slim een remix maken van "Monster" en "Rockafella Skank". U snapt, de hype in de UK is compleet en inmiddels is Not Accepted Anywhere ook hier op het Europese vasteland uitgebracht. Dus maak uw borst maar nat. Deze verzameling college dropouts uit Cardiff zou zomaar eens heel groot kunnen worden. Monster circuleert al veelvuldig op MTV, en ergens rond april volgend jaar roept 3FM vast dat ze weer een 'nieuw' bandje hebben 'ontdekt'. Zeg niet dat we u niet gewaarschuwd hebben.
File Under: Soms zegt een coverfoto op de NME wél iets over de potentie
File Audio: [Jazeker, de Myspacer!]
File Video: [ Big Foot discodanscht!]
Bad Astronaut - Twelve Small Steps, One Giant Disappointment
Iets meer dan een jaar geleden schreef ik een behoorlijk emotioneel verhaal over Resolve, de meest recente plaat van Lagwagon. Dit album is volledig opgedragen aan voormalig drummer Derrick Plourde, die begin vorig jaar een einde aan zijn leven maakte door zichzelf dood te schieten. Plourde was de laatste jaren van zijn leven vooral actief als drummer van Bad Astronaut, eigenlijk het hobbyproject van Lagwagon zanger Joey Cape. De band maakte twee leuke en ongedwongen platen en was vooral een mooie ontspannen uitlaatklep voor het drukke leven op tournee en bood daarnaast ruimte aan wat experimenteerdrang. Het derde album lag al jaren op de plank en leek slachtoffer te worden van een gebrek aan nieuwe inspiratie bij liedjesschrijver Cape. De liedjes waren, zo zegt hij zelf, niet goed genoeg en verdienden het niet om op cd te verschijnen. De dood van Plourde leverde meer dan genoeg zielenroerselen op en er was een duidelijk gevoel van verplichting tot het afronden van de plaat, als laatste geste aan de drummer die al zijn partijen al had ingespeeld. Twelve Small Steps, One Giant Disappointment is dan ook een mix geworden van materiaal voor en na de tragische gebeurtenis. Teksten krijgen automatisch een loodzware lading, ook al is dat misschien niet eens altijd de bedoeling en, hoewel Cape sowieso zijn hand niet omdraait voor een beetje melodrama, de zanglijnen zijn steevast bitter en droevig. Dit alles heeft er in ieder geval voor gezorgd dat deze laatste cd, want dat is het en zal het altijd blijven, een waardig afscheid is geworden. Stemmige akoestische gitaren, cello en keyboards dragen bij aan een plaat die meer dan voorheen klinkt alsof er sprake is échte band, in plaats van een veredeld soloproject. Eeuwig zonde dat dit het laatste hoofdstuk is van een boek dat veel te kort is geworden.
'Today, I finished what we started,
Today, I thought you might be proud,
We have recorded your defeat
An album always incomplete'
Omdate het zo'n mooie afsluiting is geven we samen met Sonic vijf exemplaren weg van deze cd.. Doe mee aan onze prijsvraag en win.
File: Bad Astronaut - Twelve Small Steps, One Giant DisappointmentFile Under: Afscheid in stijl
File Audio: [Autocare][The "F" Word]
Arab Strap - Ten Years of Tears
Aidan Moffat en Malcolm Middleton kijken weg van de cameralens op de hoes van Ten Years of Tears, de afscheidsplaat van hun band Arab Strap. De scène waarin ze op de foto figureren is die van een feestje dat net afgelopen is. De ballonnen liggen er nog en ook de schaaltjes staan nog op tafel. Ze lijken wel onaangeroerd, alsof er niemand is komen opdagen. Dat is schromelijk overdreven als het slaat op Arab Strap zelf. Na tien jaar en met een -vooral voor Malcolm Middleton - succesvolle solotoekomst zetten de twee een punt achter hun band. Met achttien liedjes die niet zomaar een verzameling tracks van hun zes platen zijn, aangevuld met een nieuwe single, maar outtakes, demo-opnames en remixes en inderdaad, ook een nieuwe track ("The Girl I Loved Before I Fucked"). Er valt vooral op hoe consistent de twee bezig zijn geweest. De ene keer lag de nadruk wat meer op elektronica ("Turbulence", hier in een 'Bis Remix Radio Edit'), de andere keer spelen strijkers een belangrijke rol ("The Shy Retirer"). De basis was steeds hetzelfde: het donkere Sprächgesang van Aidan Moffat en de eenvoudige, maar indringende patronen van Malcolm Middleton. Hun absolute hoogtepunt lag wat mij betreft in 1998 met Philophobia en hun optreden op Lowlands het jaar erna: Aidan Moffat liep toen één op één - een blikje bier per song. Zijn presentatie (een droevig windjack en een korte broek) paste perfect bij de songs en zelfs het relatief vroege tijdstip droeg bij aan de sfeer van losers die iets moois met hun ellende doen. Geen idee of ze nu met ruzie uit elkaar zijn gegaan, maar een feestje dat tegelijk zo mooi en droevig was, hebben we de afgelopen tien jaar niet vaak meegemaakt.
File Under: Enjoy Your Retirement!
File Audio/Video: [outtakes, clips en live-opnames]
Smalts - Nevelglans / De Rijpe Sterren
Uit het niets. Daar komt Smalts vandaan. Niet alleen omdat het gezelschap tamelijk onbekend is, maar ook omdat zijn muziek - de ideeën, de klanken, de releases - uit het niets lijkt te komen. Twee plaatjes liggen hier ter bespreking, en dat zijn er eigenlijk vijf. Drie cd's en twee dvd's. Nevelglans en De Rijpe Sterren. En hoewel de tweede later uitkwam dan de eerste hebben de twee releases wel iets met elkaar te maken. Met het zoeken naar gedichten die op muziek gezet konden worden, bleek er wel erg veel materiaal van Louis Lehmann bruikbaar. Die verdiende een eigen plaatje, en dat werd De Rijpe Sterren. Op Nevelglans teksten van Hendrik Marsman, Gerrit Achterberg, Nina Targan Mouravi - Russisch! - Jan Arends, Adriaan Morriën, Hugo Claus, Willem Kloos, en Smalts' Wim Dekker zelf. Geen nieuw concept, gedichten op muziek. De vraag is dan ook of Smalts daar goed aan doet. Het muzikale resultaat op Nevelglans is indrukwekkend. Minimalistische soundscapes, elektronische experimenten, en sferische, beeldende melodieën. De teksten zijn welgekozen; het zijn niet alleen niet de minste dichters die een plek veroverd hebben, ook lijken de teksten zo nu en dan binnen de muziek te vallen alsof ze nooit anders deden. Dat is lovenswaardig, maar helaas niet vaak genoeg. Smalts geeft op Nevelglans een wending aan de combinatie poëzie en muziek die te prijzen valt, ware het niet dat deze combinatie toch nog steeds geforceerd overkomt. De dvd met de documentaire over Jan Hanlo, gemaakt door kleindochter Barbara Hanlo, is geweldig, maar daar heeft Smalts niet veel mee te maken.
Op De Rijpe Sterren speelt Louis Lehmann de hoofdrol. Deze dichter lijkt inmiddels een weinig bereikbare man - getuige ook Spinvis' poging hem voor Ja! langer dan een paar minuten voor te laten lezen - maar op de dvd zit hij als aimabel staatsburger bij Hanneke Groenteman aan tafel, ooit in de De Plantage. De teksten die Lehmann achterliet zijn er niet veel, maar Smalts heeft de mooiste uitgekozen. Op deze cd is Smalts minder experimenteel en lijkt het gezelschap meer Spinvis en consorten - André Manuel, De Kift - te volgen dan echt nog elektronisch en nieuw bezig te zijn. Dat heeft alles met het toevoegen van tekst te maken, die ook hier niet per se bedoeld is voor de muziek. Niet kunnen zingen en toch tekst willen toevoegen is een ziekte van Nederlandse artiesten die niet kunnen zingen: Spinvis. Dat gééft op zich niets, maar het is wel zo, dat daardoor meer van hetzelfde op het plaatje lijkt te staan. Toch is ook De Rijpe Sterren een pluim waard. De durf en het lef waarmee deze cd (en cd met door Lehmann geïnspireerde muzikanten en een dvd met Lehmanbeeld) gepresenteerd worden zijn groot, en alleen daardoor verdient dit plaatje, zowel als het vorige niet alleen aandacht, maar ook interesse van de in Nederlandstalige experimentele popmuziek.
File Under: Muziek op en over gedichten. Bovendien een prachtige documentaire over Jan Hanlo
File: Smalts - De Rijpe Sterren
File Under: Muziek op en over gedichten. Muziek op en over Louis Lehmann. Beeld met en over Louis Lehmann.
Roots of Heaven 2006
Enige ontwenning maakt zich wel van je meester, als je na twee dagen London Calling opeens op Roots of Heaven verzeild raakt. Een groter contrast tussen twee festivals is bijna niet denkbaar. Op London Calling is het druk en heerst een gehaaste sfeer, die waarschijnlijk deels te wijten is aan de muziek en het jonge, hippe publiek (ja, ook ik word al een oude man).
Lees verder..Erik Vandenberge - Iwan
Hallo Erik,
Bedankt voor je briefje van vorige maand en natuurlijk vooral voor je nieuwe cd. Het duurde schandalig lang voordat ik tijd had om je een briefje terug te schrijven. Dat krijg je er van hè, gezin, huis en dan nog zo'n tijdvretende site erbij. Het is ook een beetje je eigen schuld hoor, dat het zo lang duurde. Als een band of artiest zo'n handgeschreven briefje meestuurt met een cd-tje, maakt dat het altijd een stuk persoonlijker en voel ik me min of meer gedwongen er eens goed voor te gaan zitten en terug te schrijven. Daar heb ik rust in de kont voor nodig en die is er zelden. Maar genoeg gezeur over mij, het gaat hier immers over Iwan, je nieuwe cd. Het is me wel weer een avontuur zeg, dat je beschrijft in het boekje. Die bijna honderd jaar oude door een vriend uitgeleefde schuit die je gerenoveerd hebt, en waar je een jaar lang mee rondgezworven hebt als een waterzigeuner op zoek naar een plaatsje waar je wel mocht liggen; nergens dus. Op die manier kwam de inspiratie voor liedjes als vanzelf, blijkt wel uit de teksten. In "Troubles" hoor je goed dat je de wanhoop nabij was als je tot de conclusie komt dat je geen zigeuner bent. Of hoe je de saxofoon met de motor van naar ik aanneem Iwan zelf combineert. Het klinkt als een afscheid en zal niet voor niets de cd afsluiten. Hoe krijg je het overigens voor elkaar om zo'n mooi geluid vast te leggen op vier sporen in een boot? Ik hoor behoorlijk wat demo's en andere zooi van muzikanten die waarschijnlijk een oneindig aantal sporen tot hun beschikking hebben, maar er geen pest mee doen. Of misschien wel teveel, weet ik het. Het zal de beperking wel zijn die je tot meester maakt, want zoveel is me wel duidelijk: je nieuwe cd is wederom een meesterwerk vol zwaarmoedige akoestische blues. Ik begrijp dat je ondertussen in een flatje woont. Ik hoop maar dat je daar de blues niet zult verliezen en dat het leven binnen stenen muren net zulke mooie liedjes zal opleveren als op Iwan. Ik heb er namelijk wederom heel erg van genoten.
Bedankt,
Storm
File: Erik Vandenberge - IwanFile Under: Zeeuwse grootmeester in de akoestische blues
File Audio: [Hier]
Daan - The Player
Ergens langs een lange Belgische rijksweg staat een neonverlichte nachtclub waar de kerstboom altijd aanstaat. Het is laat op de avond; over de met grind bestrooide parkeerplaats waait harde wind om de geparkeerde pooierbakken. Binnen paaldanst een dragqueen bij discolicht, tapt een verlepte bardame kraagloos bier en hangt een bont gezelschap op vlekkerige fluwelen banken. Maar de sfeer is super; als iedereen fout is, hoef je tenslotte voor je slechte eigenschappen ook de schijn niet op te houden. In deze ambiance zou het vierde solo-album van Daan Stuyven ontstaan kunnen zijn, ware het niet dat ik er best positief over ben. Neem je The Player niet te serieus, dan is het zelfs een van de grappigste platen van het jaar. Uit de bio citeer ik invloeden van Falco, Boney M, Robert Palmer, The Sparks, Telex, Adamo en Soeur Sourire. Kortom, je hebt al zo'n vermoeden waar dit heen gaat. In wezen volgt The Player het 'Scrapheap Challenge'-principe: Daan parodieert met zijn bas- dan wel staccatostem allerlei volkszangers, plundert schaamteloos de foute helft van de muzikale inboedel van de jaren tachtig (zoals Zoot Woman en Rollercoaster 23 al 'correct' deden), doorspekt die nog wat extra met bizarre Engelse, Duitse en Franse rijmkitsch en hoppakee. Resultaat: draken van foute nummers. Een handvol daarvan zijn erg leuk en geslaagd, tegen het einde zit ook wat vulling. Of ik The Player als dj zou durven draaien weet ik niet, maar het is wel een perfecte dat-verwacht-je-niet-hé-plaat die ik gewaardeerde collega-logger en muzikale veelvraat Araglin eens zou willen aanraden.
File Under: Met wat bier erbij, een keileuke plaat
File Video: Single The Player houdt zich nog in
Boutros Bubba / Hydrus
Een te late reactie van mijn kant, een nat wegdek en een voorligger die plotseling remt, meer is er niet nodig om met zo'n 20 km per uur met ons mobiel op het vehikel dat voor mij rijdt te knallen. De schade valt volgens de mijnheer van de garage mee, maar ik vind het veel geld. En gelegen komt het al helemaal niet. Thuis gekomen zet ik Hearing Voicst In A Beer Commercial Makes Me Wanna Get Drunk -geweldige titel trouwens- van Boutros Bubba maar weer eens op. Dit album van een band die voort is gekomen uit Quarles van Ufford maakt deel uit van twee albums die de platenmaatschappij Narrominded voor ons op een cd gebrand heeft. Ik kon de juiste woorden er tot op heden niet vinden. Nu zie ik echter licht. De snoeiharde gitaren waar menig metalband zich niet voor zou schamen openen op "A Year In Gong Therapy" het geheel. Ze passen prima bij de agressie die in mij zit, want jemig wat ongelooflijk stom was dat. Er is echter niets meer aan te doen. Aan de beleving van de vier nummers wel. Ze zijn lofi, waarschijnlijk door het kleine budget, opgenomen, maar de energie die vrijkomt is enorm om het vervolgens in tot rust te laten komen. De andere uitgesponnen nummers kennen ook een sterke contrast tussen ingetogen en hectiek. Hectisch zoals in mijn hoofd nog wel, maar de gitaar-, drum- en zangpartijen zorgen ervoor dat het in mij weer een beetje rust optreedt. Fijn dat er zulke muziek uitgebracht wordt, en is zelfs gratis -jawel gratis!- te downloaden is.
Een laken van een heel ander pak, maar dus op hetzelfde label verschijnend -en hoera, ook weer gratis te downloaden- is Postcards van Hydrus. De twee Amsterdammers Herman Wilken en Almer Lücke brengen vijf elektronische postkaarten uit die een voorbode zijn voor een volledig album. Hydrus probeert je mee te nemen met hun experimentele ingetogen instrumentale sound op een uiteraard elektronisch ritme naar een andere wereld. Een wereld die er gelukkig ook is, maar die eigenlijk een beetje aan mij voorbij gaat. Eigenlijk ben ik -naar ik vrees- toch meer analoog, meer fiets dan auto als u me begrijpt. Zeker na vandaag.
File: Hydrus - Postcards
File Under: Experimenteel
File Audio: [Download Boutros Bubba][Download Hydrus]
Thunder - Robert Johnson's Tombstone
De debuutplaat uit 1990 van Thunder, Back Street Symphony, vond ik een regelrechte sensatie. Niet dat het nou allemaal zo origineel was, want het greep terug op de classic rock van Free en Bad Company, maar het was zó goed gedaan dat ik daar niet meer om maalde. De fantastische stem van Danny Bowes, de steeds weer perfect kloppende songs en de vette riffs van Luke Morley, keer op keer zette ik het album weer op. Inmiddels zijn we bij studio-album nummer acht, en nog steeds is de stem van Bowes fantastisch, kloppen de songs en riffs van Morley, maar toch voel ik enige teleurstelling. Want Thunder is er wéér niet in geslaagd de volgende stap te maken. Bij Back Street Symphony was er de belofte van meer, maar Thunder is er ook nu weer niet in geslaagd die belofte in te lossen. Zeker, het niveau van het debuut was ontzettend hoog en ook Robert Johnson's Tombstone is allesbehalve een matig album. Maar na een fraai intro met slidegitaar is het binnen de minuut weer precies wat we al kennen van Thunder: een goede live-feel, prima songs, maar ook geen enkele verrassing. En ik blijf het gevoel houden dat ze meer kunnen dan dit. Misschien is het toch een idee om er eens wat andere songschrijvers bij te halen, want het door bassist Chris Childs geschreven "Last Man Standing" is misschien niet de sterkste song, het is een aangename variatie tussen de tien Morley-songs.
File Under: Voorspelbaar vakwerk
File Audio: [Robert Johnson's Tombstone] [meer fragmenten]
Isis - In The Absence of Truth & Clearing The Eye
In het eerste nummer van hun nieuwe cd In The Absence of Truth begint Isis op een heel andere manier dan bij hun vorige cd Panopticon. Daarop deden ze echt een poging om je in de eerste dertig seconden helemaal suf te beuken zodat je KO geslagen de rest van de cd zou gaan beluisteren en dat werkte. Nu pakken ze het anders aan, maar eigenlijk net zo slim. "Wrists of Kings" begint met een subtiele ijle synthesizer die al snel bijval krijgt van tribalachtige drums en iele gitaren en zuigt je zo vanzelf het album in. Pas na enkele minuten trekt Aaron Turner zijn mond open. En daaruit komt dan niet zijn grauwe grunt, maar zijn cleane stemgeluid. Het is net als bij Panopticon even wennen aan opnieuw een aanpassing in het geluid van Isis. Stilstand is achteruitgang zullen ook deze mannen wel denken en na meerdere draaibeurten kom ik inderdaad tot de conclusie: dit is weer een stap vooruit. Opvallend anders en gewaagd is bijvoorbeeld hoe ver de drums van Aaron Harris (en af en toe ook de bass van Jeff Caxide) naar voren staan in de mix. Het verandert het klankbeeld van de band wederom, wat maakt dat ik nog vaker dan bij Panopticon aan Tool moet denken bij beluistering. Het was natuurlijk ook niet voor niets dat Maynard-Keenes cs. de mannen mee namen op hun tour door de USA. Het kon wel eens precies het juiste zetje zijn dat Isis nog nodig had, want met In The Absence of Truth laten ze horen dat ze qua grootte toe zijn aan een sport hoger op de ladder.
Live datzelfde mooi geluid neerzetten als op plaat, dat is natuurlijk andere koek. Dat blijkt deels wel uit de vlak voor In The Absence of Truth verschenen dvd Clearing The Eye. Da's ook niet erg, want niet alle bands kunnen op een podium zo perfectionistisch zijn zoals Tool. Ik vind dat ook niet zo erg, live vind ik Tool tegenwoordig zelfs aan de saaie kant. Doe mij dan maar een wat rauwer geluid zoals Isis laat horen op deze dvd. Na zeven min of meer losstaande en grotendeels met één camera geschoten nummers van optredens in LA, New York (uit 2001) en Tokyo volgt een integrale versie van een optreden in Sydney. Daar pakt de band wel uit, gebruiken ze meerdere camera's en is het geluid ook een veel beter. Bijna het hele Panopticon-album komt langs en wordt aangevuld met twee nummers van Oceanic. Beetje jammer van de oudere nummers wellicht, maar een kniesoor die daarop let. Als toetje volgt nog de duistere, door Josh Graham geschoten video voor "In Fiction", die je helaas niet snel zult zien op één van de Nederlandse clipkanalen. Maar dat geldt voor meer plekken volgens de band: 'We thought maybe people might be interested in a band that didn't have vocals over every section of a given song... Boy, were we wrong. As far as we know this video was never played anywhere aside from our website.' En dat is een grote schande.
File Under: Logisch, want stilstand is achteruitgang
File Audio: [sample (van 6 mb, dat wel)]
File: Isis - Clearing The Eye
File Under: Intens, zoals Isis live is (met spikkeltjes topping op het toetje)
File Video: [In Fiction]
White Magic - Dat Rosa Mel Apibus*
Dat White Magic in een adem genoemd wordt met Joanna Newsom is omdat ze op hetzelfde platenlabel zitten en allebei traditionele folkmuziek in een modern jasje stoppen. De vergelijking houdt voor een groot deel hier ook meteen op, maar bijzonder is wel dat beide Amerikaanse vrouwen de nieuwe folk allebei een heel andere richting in duwen. Waar Newsom haar breekbare liedjes met harp zo flinterdun mogelijk presenteert en haar stem nergens echt laat schreeuwen om, laten we zeggen, de stilte te laten spreken, heeft Mira Billotte haar stem nodig om haar liedjes overeind te houden. De stem die in de laagte overigens wel wat weg heeft van die van Nico. Haar composities zijn constante herhalingen van een thema, die bestaan uit loops en lijken op sommige momenten devote mantra's, waar alleen de stem verandering in brengt. Simpele pianomelodieën gecombineerd met hier en daar wat percussie, gitaar en sitar zijn niet het belangrijkste van deze plaat, waar tempowisselingen en, zoals gezegd, Billottes stem dat wel zijn. Echter, de bijna hypnose waarin je je tijdens het luisteren kunt wanen, houdt op zodra de plaat is afgelopen: er blijft, net zoals met een echte hypnose, niets hangen. De vreemde arrangementen - jazz, Afrikaans, Aziatisch en ergens ook nog wel rock - lijken bijzonder, Billottes stem ís bijzonder, maar na de laatste track is er niets van over en heb je het gevoel voor de gek te zijn gehouden. Ik voelde me bij de neus genomen: bijna had ik een stokje wierook gebrand en u moet weten, als ik ergens een hekel aan heb...
*The Rose Gives Honey to the Bees, schilderij (klik, klik, klik) en gevelsteen in Amsterdam!
File: White Magic - Dat Rosa Mel Apibus*File Under: Ze hielden me voor het lapje! Ik had het kunnen weten met zo'n bandnaam...
File Audio: [MySpacen dan maar?]
Jesse Harris - Mineral
Het is zondagochtend, tien over half negen. Na een douche genomen te hebben , maak ik een bak yoghurt met stukjes banaan klaar. Ik pak de zaterdagkrant en ga lekker aan de ontbijttafel eten en lezen, terwijl Jesse Harris' Mineral op staat. Toen ik deze cd voor het eerst hoorde moest gelijk aan I am kloot en Tom McRae denken. Met verbazing las ik zijn bio. Hij blijkt al heel veel bereikt te hebben op muziekgebied. En dat terwijl ik nog nooit van hem gehoord had. Hij heeft aardig wat nummers voor andere artiesten geschreven, waaronder Madeleine Peyroux en Lizz Wright. Ook heeft hij "Don't know why" geschreven dat door Norah Jones op de plaat is gezet. Deze informatie kan vooroordelen opleveren, waardoor je niet meer met open oren naar de muziek luistert. Daarom is het eigenlijk ook fout van mij om dit hier neer te zetten. Maar het geeft wel aan wat voor nummers hij verder schrijft. Gierende gitaren, stevige drums en pompende bassen zul je niet terughoren in zijn muziek. Maar wel jazzy pianopartijen en drums bespeeld met brushes. Omdat zijn nummers vrij spaarzaam van instrumenten zijn voorzien, klinken ze des te indringender. En zijn stem heeft gelukkig een scherp randje waardoor de muziek niet te zoetsappig klinkt. Het is dus muziek waar ik een echt zondagochtendgevoel bij krijg. Voor die zondagen zouden ze goed-nieuws-kranten mogen maken. Dat zou nog meer bijdragen aan de juiste sfeer.
File Audio: [Genieten]
File Gast: Marian
Dead Celebrity Status - Blood Music
Mijn zorgvuldig samengestelde en glimmende CD-kast is voor veel vrienden en toevallige passanten altijd erg aanlokkend. De meeste mensen (mannen) staan een minuut of twee nadat ze zijn binnengekomen al lustig de schijfjes te bekijken en verbazen zich over de flinke hoeveelheid en het aantal artiesten waar ze nog nooit van gehoord hebben. Stoer vertel ik dan over File Under en over alle obscure muziekjes waar ik mee in aanraking kom door het schrijven van stukjes. Dat hoort men dan even aan en grijpt vervolgens toch naar de CD's die wat bekender zijn. Het valt mij dan vaak op dat er nooit meer iemand omkijkt naar de stapel nu-metal plaatjes die toch goed vertegenwoordigd is. In geen jaren is Limp Bizkit, Korn, Coalchamber of Crazytown uit het hoesje geweest, terwijl dit vroeger toch wel anders was. Ook ik heb de interesse in deze bands totaal verloren, ook in hun oude werk, en voel nooit meer de drang om hard mee te schreeuwen met "Break stuff" of "Freak On A Leash". Het zal wel met de tijdsgeest of iets dergelijks te maken hebben. Des te vreemder dat het Canadese Dead Celebrity Status met Blood Music anno 2006 toch wordt uitgegeven in Europa. Op de CD ontbreken weliswaar de harde gitaren, maar qua sfeer en spierballenuitstraling heeft het het "nu" stempel compleet op zich staan. Blijkbaar brandde het nu-vuurtje toch nog een beetje in mij, want het album maakt een geweldige indruk op me. Met een lijst gastbijdragen (Josh Stone, Dave Navarro, DJ Lethal) om van te kwijlen is de groep er perfect in geslaagd om een soort combinatie te maken tussen het oude werk van Eminem en de kracht van nu-metal, zonder daar een gitaar of laag gestemde bas voor nodig te hebben. Nu-hiphop, dat is de term die de lading het beste dekt. Heeft iemand die al geclaimd?
File Under: Nu-hiphop
File Audio: [Klik]
London Calling - zaterdag
Het leuke aan London Calling is dat je over het algemeen bandleden en publiek niet uit elkaar kan houden. Ze lijken allemaal op elkaar en het is niet zo dat het podium exclusief voorbehouden is aan artiesten en de zaal aan het publiek. Welnee, het krioelt allemaal door elkaar heen. Met als absoluut hoogtepunt een Brits meisje met een rood truitje dat, ik overdrijf niet, bij vrijwel ieder optreden op het podium verscheen alvorens eraf gedonderd te worden door de beveiliging. Zodoende pleit ik bij deze voor een eervolle vermelding voor deze dame, die verderop nog even terugkeert. En dan nu naar de bandjes op de zaterdag.
Depeche Mode - The Best Of (volume 1)
Oei, tijd vliegt echt. Ik was namelijk aan het mopperen, in de veronderstelling dat Depeche Mode - net als U2 op dit moment doet met U218 Singles - echt bizar snel na hun vorige twee singles verzamelaars alweer een nieuwe verzamelaar uitbrengt. Daarin was ik behoorlijk abuis. De twee vorig verzamelaars stammen namelijk alweer uit 1998 - wat op zich logisch is met titels als Singles 1981-1985 en Singles 1986-1998, maar dat terzijde. En in bijna tien jaar tijd is er alweer een nieuwe generatie die nodig op de hoogte gebracht dient te worden van de muziek van deze Britten. Want het staat wat mij betreft buiten kijf dat de invloed van Depeche Mode op het synth pop genre (en eigenlijk überhaupt wel op popmuziek in het algemeen) extreem groot is. Hun oeuvre is na alweer ruim vijfentwintig jaar ondertussen zo omvangrijk dat de hoogtepunten zich met geen mogelijkheid op één cd laten proppen. Je zou deze Best Of... dan ook best een Introduction to... kunnen noemen, want alle krakers die Depeche Mode gehad heeft in de afgelopen kwart eeuw staan namelijk wél op deze cd. Wat ik vooral treffend vind, is dat de oudere tracks uit de jaren tachtig totaal niet uit de toon vallen bij de tracks uit deze eeuw en voor mijn gevoel nu zo weer hits zouden kunnen worden. Ik zie althans een nummer als "Personal Jesus" zo weer de top 40 in rollen. Of ligt dat aan mij en gaat de tijd daadwerkelijk te snel voor mij?
Laten we eens wat anders weggeven dan cd's! Goodies zijn óók koel om te krijgen natuurlijk. Jammer dan, ze zijn al weg!
File: Depeche Mode - The Best of (volume 1)File Under: Vijfenzeventig minuten hits die de tand des tijds prima doorstaan hebben.
File Video: [Voor de enige nieuwe track Martyr]
Hainloose - Burden State
Van de eerste tot de laatste noot op dit album zie je stoffige wegen door een desolaat landschap voor je. Eindeloze stukken woestijn waarin niets meer te zien is dan een enkele stofwolk van een passerende auto. Het landschap wordt slechts hier en daar onderbroken door een tankstation dat zijn laatste verfbeurt zo'n dertig jaar geleden heeft gehad. Van leven kun je hier eigenlijk bijna niet spreken. De monotonie moet immers bijna verpletterend zijn. Je moet je bijna "Disconnected" voelen, zoals Hainloose dat noemt op het nieuwe album Burden State. Hainloose roept op zo'n sfeer van monotonie op in desert rock á la Kyuss en Fu Manchu. Zo nu en dan hoor je ook wat southern rock en blues voorbijkomen, zoals ZZ Top dat in zijn bluesy dagen ten gehore bracht. Verrassend genoeg is het meest bluesy deuntje "Proud of my doom" getiteld. Op dit album is goed te horen dat al die stromingen uit dezelfde bron komen, want het ligt hier allemaal erg dicht bij elkaar. Maar wat belangrijker is, het blijft een album lang gevarieerd. Een lekker ruige stem, rotsvaste drums en bas en een gitaar die daar stevig vervormd overheen gaat. Het voldoet aan alle stijleisen voor het genre, maar weet de valkuil van de gemakzuchtige Sabbath- of Kyuss-imitaties te vermijden. Dit is desert rock zoals alleen echte Amerikanen die kunnen maken. Toch? Nope. Hainloose komt uit Duitsland. Dat kan maar tot één conclusie leiden: Duitsland moet ook ergens van die stoffige woestijnen hebben.
File Under: Uit de stoffige woestijnen van Duitsland
File Audio: [HunSpace]
VA - Grote Prijs van Nederland Finales
Gefeliciteerd! Ja, ik heb het tegen jou. Je hoeft namelijk niet meteen mee te doen aan de Grote Prijs van Nederland om zelf iets te winnen. De reden dat ik een stukje over deze cd met de titel Grote Prijs van Nederland Finales bovenop de stapel heb gelegd is niet alleen dat de finales reeds op 9 december in Amsterdam in Paradiso en Melkweg plaatsvinden, maar ook dat er iets te winnen is op File Under. Eigenlijk weet ik op het moment dat ik dit schrijf niet eens wat, maar ik heb zo'n vermoeden dat het hier gaat om deze cd die naar ik inschat in beperkte oplage verkrijgbaar is. Hierop staan achttien nummers van evenveel finalisten in de categorieën Pop/Rock, Hiphop/RnB en Singer/Songwriter. Ooit was de Grote Prijs één grote vergaarbak, maar er is sinds enkele jaren een verdere verdeling gemaakt. Ik ben echter blij dat ik niet in één van de jury's zit. De categorie Pop/Rock is namelijk nog steeds erg divers, zodat het nog steeds appels met peren vergelijken is. Maak maar eens een vergelijking met argumenten tussen bijvoorbeeld emorock, pop met hiphop-invloeden en gitaarpop. In de categorie Singer/Songwriter ligt de stijl wat dichter bij elkaar, al zijn ook hier uiteenlopend van jazz en blues tot country. En dan is er nog de categorie Hiphop/RnB, maar daar heb ik weinig mee. Ik laat een oordeel hierover dan ook maar even achterwege. Als je meer over de finalisten wil weten dan kun je op de website met de naam van de hoofdsponsor de tracks van deze cd horen en bovendien op je favoriete artiest stemmen voor de publieksprijs. Al lijkt me één nummer niet alles zeggen over de artiesten in kwestie. Muziek gebracht op een podium is weer hele andere koek.
Deze cd is alleen verkrijgbaar bij de finales van de Grote Prijs, maar wij mogen een handvol exemplaren weggeven van de organisatie. Kijk hier wat je daarvoor moet doen.
File: VA - Grote Prijs van Nederland FinalesFile Under: 9 december is de finale
File Audio: [Alle tracks beluisteren plus stemmen op je favoriet doe je hier]
Glass Hammer - Live at Belmont
Zo nu en dan krijg ik van Storm een dvd in mijn mik gedrukt. Vaak van bands in het genre dat de rest van File Under, op Prikkie, Blizzard en ik na, nog met geen tang aan wil raken. Althans, dat roepen ze dan, maar stiekem heeft heel File Under eigenlijk een symphoverleden. Maar dat is dan weer een ander verhaal, waar ik best wel eens smakelijk over wil vertellen als u het bier betaalt. Maar ik speel dat soort dvd’s dus met plezier af. Nu heb ik ook een goedkoop dvd-spelertje, dus veel schade zal de sympho niet aanrichten. Helaas heb ik geen surroundsysteem of andere mogelijkheden om van de volle geluidskwaliteit van een dvd te kunnen genieten. Oké, de dvd-speler loopt over mijn stereo, dus ik hoef het niet alleen met de TV-speakertjes te doen, maar toch. Want ik vermoed dat de meerwaarde van een aantal sympho-dvd’s toch in het geluid zit. Neem nu Live at Belmont van Glass Hammer. Puike dvd, goed concert, ze trekken strijkers en een koor uit de kast en ze spelen een leuke dwarsdoorsnede uit hun oeuvre. Maar je ziet ondertussen een statisch optreden van corpulente kalende mannen die bepaald onwennig voor de camera’s acteren in een te fel belichte theatersetting. Niet bepaald iets om voor de tv te blijven zitten. En dat is best jammer. Want zoals gezegd muzikaal staat het als een huis. Kortom een live-cd, al dan niet in Dolby 5.1, was gewoon beter geweest. Maar al met al zullen de beelden mij er niet van weerhouden om Glass Hammer ooit nog eens live te gaan aanschouwen. Zo goed is het wel. Ik zet dan alleen waarschijnlijk wel mijn brilletje af...
File Under: Met het beeld uit bekijken...
London Calling - vrijdag
London Calling, het festival van afgetrapte All Stars, zinloze dasjes en leren jackjes is weer in het land. Paradiso wordt dit weekend zowel back- als frontstage bevolkt door talloze urban hipsters die gaan uitzoeken van welk Brits bandje ze dit jaar groupie worden. File Under toog gisteravond naar Amsterdam om de eerste serie kandidaten eens op een rijtje te zetten.

Týr - Ragnarok
De Faeröer eilanden zijn natuurlijk prachtige eilanden die vooral bekend zijn om hun schapen, haar natuurschoon en om een kwalificatiepoule voor een Europees- of Wereldkampioenschap op te vullen met hun (amateur)elftal. Dat wist u allemaal al natuurlijk. Maar wist u dat ze er ook muziek maken? Dat wordt door sommigen gezien als een goede manier om van die eilanden af te komen en net als hun voorvaderen, de Vikingen, de weide wereld in te trekken. Týr doet een goede poging dit ook te doen en slaagt hier aardig in. Het is dan ook niet meer dan logisch dat een band als Týr, vernoemd naar de eenarmige god van de oorlog, maar ook bekend als de god van gerechtigheid, vikingmetal maakt. Ze doen dit wel op een hele beschaafde manier. Zeg maar zoiets als oorlog voeren door middel van diplomatie. Verwacht dus ook geen muzikale slachtpartijen met botte gitaren op hun nieuwe cd Ragnarok. Verre van dat zelfs. Ragnarok begint met een mooi en strak instrumentaal intro. Nu ja intro..., het nummer duurt maar liefst zes minuten. De muzikale raakvlakken waarmee Týr ten strijde trekt, liggen logischerwijs bij de folk-, heavy en symfonische metal. Het geinige is dat Týr niet schuwt om gebruik te maken van hun eigen taal en dat dit ondanks de taal wel de nummers zijn met het hoogste meezinggehalte.
File Under: Diplomatieke vikingmetal.
File Audio: [Wings of Time]
Red Krayola / Amandine
Als de blaadjes weer dreigen te vallen dan verschijnen ze weer: De stukjes over verdriet oproepende cd's waarin, bijster intelligent als de schrijver is, naar de herfst wordt verwezen. Dit jaargetijde schijnt namelijk iets droevigs te hebben. Ik vrees dat ik me er ook wel eens aan bezondigd heb. Ze slaan eigenlijk nergens op, want er is zoveel moois in de herfst: het prachtige bladerdek in al zijn kleuren, de indrukwekkende wolkenpartijen in een ruime variatie aan grijstinten, de zon die zijn best doet een plaats te veroveren en de grote verschillen tussen de temperaturen 's nachts en overdag, al gooit hier de huidige klimaatsverandering wel wat roet in het eten. Red Gold van het Amerikaanse The Red Krayola is zo'n herfst-cd die makkelijk ingedeeld zou kunnen worden in de bak melancholiek. De stemming wordt al meteen gezet in de opener "Paris" d.m.v. een kort fragment uit Gymnopedie van Erik Satie. De droefheid wordt in de andere nummers vastgehouden, maar met een schoonheid waar je u tegen mag zeggen door het doeltreffende gebruik van de instrumenten en het stemgebruik. Helaas is deze muzikale reis wat aan de korte duur (21 minuten), maar wel één die bedoeld is voor hen die het experiment niet schuwen en een mix van stijlen zoals jazz, blues en singer-songwriter waarderen.
Wat meer toegankelijk, maar niet minder droef klinkt het Zweedse Amandine. De band heeft goed geluisterd naar Amerikaanse voorbeelden als de alt.country band Songs: Ohia. Het semi-akoestische viertal klinkt wat traditioneler, maar door de grote variatie in instrumenten zijn de blaadjes in Zweden niet minder mooi. Als ze in staat zijn het wolkendek van (het grote) aanbod aan bands open te trekken dan lijkt me de titel Waiting For The Light To Find Us geen probleem. Dit zit namelijk erg goed in elkaar, al doet ook hier de korte speeltijd -dat heb je nu eenmaal bij ep's- naar meer verlangen. Hetgeen een goed teken is.
File: Amandine - Waiting For The Light To Find Us (EP)
File Under: Twee keer 21 minuten pracht
File Audio: [Amandine - Wake][Amandine - Sparrow]
File My Space: [The Red Krayola][ Amandine]
The Fratellis - Costello Music
Maar even, een paar maanden, waren we gezegend met MTV2 op de digitale kabel, totdat de heren van de kabelmaatschappij besloten dat een zender met Nederlandstalige meuk beter voor ons was. Maar goed, we hebben toch even kunnen genieten van een zender waar een liefhebber van Britse indie flink aan z'n trekken kon komen. Toch had deze zender ook zo z'n stokpaardjes. The Fratellis zijn daar een voorbeeld van. Ik kan niet narekenen hoe vaak ik het aanstekelijke singletje 'Chelsea Dagger' voorbij heb zien komen. Het maakte in ieder geval nieuwsgierig naar meer. Nu ligt er dan de debuut cd Costello Music van het Glaswegian trio. En ja, ook dit is een vrolijk stemmend plaatje. De jonge honden razen in een 44 minuten door 12 nummers. Denk Arctic Monkeys die in de ketel glamrock toverdrank van Marc Bolan zijn gevallen met af en toe een snufje rockabilly ("Creepin up the backstairs") als smaakmaker. Maar onder al deze voettappende, vuist in de lucht meezingers zit een tweede laag: de teksten. En waar gaan die dan over? Vrouwen natuurlijk! En niet altijd op de meest positieve manier. Waar de Arctic Monkeys subtiel intelligent commentaar leveren op de wereld om hen heen lijkt het The Fratellis meer te gaan om de sex, drugs en rock 'n' roll, met de nadruk op sex. Als dat je niets kan schelen heb je aan Costello Music een prima plaatje dat naadloos past in de trend van brutale Britse indie bandjes die op dit moment floreren. Of The Fratellis genoeg beklijven om de 'heavy rotation' voornoemd tv-station te rechtvaardigen, daar ben ik nog niet uit. Maar ja, daar kan ik toch niet meer naar kijken...
File Under: Arctic Monkeys in glamrock toverdrank.
File Audio: [Got ma nuts from a hippy, Creeping up the backstairs]
The Walkmen - A Hundred Miles Off
Toen ik vroeger de recensies in (Muziekkrant) OOR las, was ik altijd jaloers op de man of vrouw die die stukjes mocht schrijven. Je krijgt de nieuwste albums en daar mag je je mening over geven. Ik luister graag naar muziek en ik schrijf ook graag. Recensies schrijven is dus de perfect combinatie. Nu ik sinds kort ook dergelijke stukjes mag schrijven, realiseer ik me dat het niet altijd zo eenvoudig is. Wat moet ik bijvoorbeeld schrijven over de nieuwe cd van The Walkmen? Ik kende deze New Yorkse band alleen van naam en had zover ik weet, nog nooit iets van ze gehoord. Bij het horen van de eerste track van A Hundred Miles Off dacht ik even dat ik een verkeerde cd in de speler had gestopt. Op "Louisiana" klinkt The Walkmen, of eigenlijk zanger Walter Martin, als Bob Dylan. Als Dylan-fan was dit geen onverdeeld genoegen zeker toen ik ook de andere songs had gehoord. Ik houd ook van The Strokes maar ik zit niet te wachten op een matige kruising tussen Dylan en The Strokes. Toch is dat wat ik hoor op dit album van The Walkmen. In veel nummers hoor ik iets irritants, vaak de nerveuze drums of de té schreeuwerige zanger. De laatste track "Another One Goes By" is echter aardig, de muziek zou van Dylan kunnen zijn en Walter klinkt hier juist het minst als Bob.
File Under: Not For My Walkman
Disco Ensemble
Disco Ensemble, meer dan emo
Na het succes in thuisland Finland gaat Disco Ensemble nu serieus proberen om de rest van Europa te veroveren. Tweede album First Aid Kit is eindelijk uit in Nederland en in december komen de heren voor drie optredens naar ons land. Op 7 november stonden ze als onderdeel van de Eastpak Antidote tour in 013, Tilburg. File Under sprak de heren de middag voor het optreden, vlak na de soundcheck, in hun kleedkamer. Miikka (zang), Mikko (drums), Lasse, (bass) en Jussi (gitaar) zijn tevreden over de zaal.
VA - Butchering The Beatles
De verkiezingscampagne van de afgelopen weken heeft weer het slechtste in de mens laten zien. Niet de positieve punten werden benadrukt, er werd vooral geprobeerd anderen pootje te haken. Het is maar goed dat Bob Kulick wat vriendelijker is geweest tegen concurrent-muzikanten, anders had hij dit nooit voor elkaar gekregen. Door zijn verleden als muzikant bij Kiss, Meat Loaf en W.A.S.P. is Kulick er in geslaagd bekende namen te strikken voor zijn tribute-albums. Hij is zo onderhand een tributefabriekje begonnen, want hij leverde onder andere tribute-albums af voor Iron Maiden, Van Halen, Pink Floyd, Aerosmith en Ozzy. Tot nu toe was ik niet zo happig op die tribute-albums, maar bij de nieuwste wist ik meteen dat ik 'm wilde hebben: Butchering the Beatles, inderdaad een tribute aan de Fab Four. Die vond ik interessanter dan de andere omdat heavy versies bij voorbaat een flink contrast zouden vormen met de originelen. Het moet gezegd worden: de songs blijken stuk voor stuk uitstekende rocksongs. En kijk eens naar die line-up! Qua productie is er overigens nog wel eens iets te klagen. Zo wordt "Tomorrow Never Knows" met Billy Idol en Steve Stevens verknald door veel te prominente crashbekkens van Brian Tichy en Lemmy's zang op "Back In The USSR" is ook niet helemaal je van het. Maar al met al is het resultaat van dit tribute verrassend leuk te noemen.
File Under: The Beatles, da's hea-vy man!
Prima Donkey - Prima Donkey's Rhytme Exotique
Soms lijken er zoveel gelegenheidsprojecten van Belgische bodem te komen, dat ik er zelf bijna moe van zou worden. Dit album bewijst hoe onterecht dat is. Kennelijk schudden mensen als Rudy Trouvé en Gunter Nagels de liedjes moeiteloos uit de mouw. De hartslag van het exotische ritme wordt verzorgd door bassist Kristiaan "Boss"schaert. Drums blijven volledig achterwege, iets wat opvalt, maar niet wordt gemist. Een uitstekende gastrol is weggelegd voor twee dames van Laïs, die bijvoorbeeld in de opener droogjes "Never Leave You" van Lumidee zingen, terwijl Gunter Nagels zijn uitstekende Tom Waits-imitatie doet. Nog leuker wordt het in de snellere nummers waar de voetjes van de vloer kunnen op kekke klezmerritmes. In "Double Hearted Girl" brengt saxofonist Roel Jacobs een ode aan Orchestra Baobab. Een moment later zitten we dan alweer in repetitieve Lou Reed-sferen, zonder dat de algehele muzikale lijn wordt verbroken. Erg knap. Het beste voorbeeld van die bewering is "Leave Me Alone". Droevige blazers openen het nummer, de zangeressen jammeren de titel, Trouvé bromt mee en net als de melancholie definitief dreigt toe te slaan, zet de bassist een huppelend lijntje in, valt de accordeonist hem bij en kan er alsnog een country-rondedansje worden gemaakt. Hoogtepunten genoeg, zo roepen de klarinet-patronen in "Trash" Yann Tiersen in herinnering. Tot slot nog even kniesoren. De plaat werd live opgenomen, maar het publiek is niet te horen. Vreemd. En na het hilarische slotnummer, over een vliegende olifant, volgen er elf minuten stilte, voor de lallerige bonustrack begint. Een flauw einde van een prima plaat.
File Under: Gypsy Musique Extraordinaire
File Audio: [ MySpace]
Mick Karn - Three Part Species
Het eerste dat ik doe als ik een nieuwe werkplek betreed, is het meenemen en aanzetten van mijn radiootje. Ik geloof in Arbeidsvitaminen, al dan niet van de AVRO. En daarbij maakt het me eigenlijk niet zoveel uit wat ik hoor. Het meeste hoor ik namelijk niet. En toch wil ik graag muziek op de werkplek. Want als het stil is, dan hoor ik alles en dan komt er helemaal niets van werken. Het luistert overigens wel vrij kritisch wat ik op heb staan. Een dag 538 en dan blijk ik toch meer te horen dan ik mezelf besef. En ga ik me ergeren aan weer de zelfde plaat. Met 3FM of KinkFM kom ik mijn meestal wel door. Soms wordt de radio echter vervangen door het huiswerk dat ik van Storm krijg. Ik heb niet alle avonden tijd om alle meuk te luisteren en dan neem ik wel eens wat mee naar het werk. Ook hier luistert het kritisch. Herrie moet ik dan weer niet aan mijn kop, maar een plaatje als Three Part Species van Mick Karn voldoet aan alle standaarden. Mick Karn is zo'n artiest die in een bekende groep heeft gezeten (Japan) en waarvan je vervolgens denkt als je de bio leest: de zevende soloplaat alweer? De meeste waren me namelijk totaal ontschoten. En ik ben blij dat dat met deze toch niet het geval is. Want Three Part Species is een soort van etnoambientplaat, Karn woont op Cyprus, met veel echte instrumenten op een laagje elektronica. Karn speelt alles zelf en wordt alleen op enkele nummers ondersteund door een voortreffelijke zangeres: Becky Collins. De rest van de nummers is instrumentaal en bijzonder prettig om bij te werken. Het stoort nergens en is toch opvallend genoeg om zo af en toe even goedkeurend op te kijken van je werk. De plaat doet het ook goed op die avonden dat het bezoek en het gesprek geen storende achtergrondmuziek verdraagt. Kortom, eigenlijk is Three Part Species een uiterst aangenaam en zeer behaaglijk werkje. En dat mag ook wel eens tussen alle herrie door...
File Under: Behaaglijk
File Audio: [MickSpace]
Converge - No Heroes
Zo heel af en toe glipt er wel eens een plaat door de fijne mazen van de redactie alhier. We krijgen namelijk niet overal promo's van en geregeld wordt daarom ook eigen inbreng geleverd. We hebben het hier namelijk wel over de nieuwe Converge, een band die in de loop der jaren heeft bewezen tot de absolute top in de noisecore te behoren. De band heeft door de jaren heen al een geuchte live-reputatie opgebouwd, maar daarnaast op platenvlak ook nimmer teleurgesteld. Da's natuurlijk knap. En ook deze keer is het weer goed raak in huize Marty en weten de verpletterende moshparts, wiskundige vermorzelriffs en onnavolgbare blasts mijn woonkamer te veranderen in een dampende loopgraaf. De eerste zes granaatinslagen zijn voorbij voor je het goed en wel doorhebt. Zanger Jacob Bannon krijst zich weer op zijn eigen onverstaanbare manier door de betonnen vlakverdelingen, en krijgt tijdens de centraal geplaatste ballad(!) "Grim heart/Black Rose", die overigens langer duurt dan de eerste zes nummers bij elkaar, assistentie van voormalig Only Living Witness-zanger Jonah Jenkins, die het geheel met zijn zuivere zang prachtig aanvult. Voor de rest is No Heroes gesneden Converge-koek van de fijnste soort. Rest natuurlijk voor de die-hard de vraag of 'ie het bij hun grote meesterwerk Jane Doe (uit 2001 alweer) haalt. Net als de bij vorige plaat You Fail Me is dat net niet het geval, maar dit is verder gewoon sublieme herrie op topniveau gespeeld. Jaarlijstvoer.
File Under: Jaarlijstvoer-herrie
File Audio: Raaaah!
Brakes
"In Nashville maken ze alleen nog de Westlife-variant van country"
"Het wordt waarschijnlijk wel na vijven," zegt de meneer van de platenmaatschappij als ik hem rond half vijf opbel om te vragen waar die gasten van Brakes toch blijven. Want kwart over vier is bij mij nog steeds kwart over vier. Nu al sterallures, denk ik geïrriteerd. En ze klinken nog wel zo pretentieloos en aardig op hun laatste plaat, The Beatific Visions. Maar gelukkig kan de meneer van de platenmaatschappij me gerust stellen. Er waren problemen met de tourbus, waardoor de vier mannen uit Brighton ergens langs een Belgische snelweg stil hadden gestaan. "Maar ze zijn onderweg."
Nick Oliveri And The Mondo Generator
Ben Folds - Supersunnyspeedgraphic, The LP
Al sinds ik het weet ben ik zo blij als een bijtje dat in de lente voor het eerst weer de korf uit mag om honing te gaan scoren bij vers ontloken bloempjes: Ben Folds komt naar Nederland voor een concert op 30 januari in de hoofdstedelijke poptempel. Eindelijk! Lange tijd dacht ik dat het er nooit van zou komen. Zelfs het oprichten van een Ben Folds Society waar je een petitie kon tekenen om Folds over te halen op te treden in jouw land leek geen zoden aan de dijk te zetten. Ik heb dan ook meerdere keren op het punt gestaan om kaarten te gaan scoren voor een concert in het buitenland, maar hikte telkens weer tegen de kosten aan die met zo'n tripje gepaard zouden gaan. Maar nu hoeft het dus niet meer en daar ben ik héél blij mee.
Iets minder blij ben ik met Supersunnyspeedgraphic, The LP. 'Eh pardon? En net was je nog zo blij als bijtje en zo', hoor ik u denken. Ja, inderdaad, klopt helemaal. Maar deze cd voelt als een soort van sigaar uit eigen doos. Als devoot aanhanger had ik de slechts via internet en in gelimiteerd aantal verschenen EP's van Folds en digitale downloads natuurlijk allang in mijn bezit namelijk. Maar nu heeft die piemelfrans besloten dat iedereen de mogelijkheid zou moeten hebben om de liedjes in zijn bezit te hebben. Inclusief hijzelf voor onder zijn koffietafel.. Op Supersunnyspeedgraphic, The LP staan niet alle liedjes van de EP's, maar een selectie ervan die hij cd-rijp (Dotted t's and crossed i's, zoals hij zelf noemt) heeft gemaakt. Dus nu kunt u ook genieten van de maniakale cover van "Get Your Hands Off My Woman", de eigen draai die Folds geeft aan Cure's "In Between Days" en vooral ook het fraaie "Adelaide". Jammer voor u is wel dat de gecensureerde versie van Dr. Dre's "Bitches Ain't Shit" er niet op staat, en de normale wel. Die gecensureerde is namelijk hilarisch.
File: Ben Folds - Supersunnyspeedgraphic, The LPFile Under: Hij komt, hij komt, die lieve goede Ben.
Jarvis Cocker - Jarvis
Er is een tijd geweest dat ik hem niet eens zag staan. Daar kan ik allerlei oorzaken voor aandragen - een hockeyschool, waar muziek niet echt onder de mensen kwam, bijvoorbeeld, of zijn kleine, magere en ietwat onhandige lijf, dat nooit bij het mijne gepast zou hebben - maar feit is dat ik mezelf later vaak voor mijn kop heb willen slaan. Bovendien zouden mijn excuses aan Jarvis welgemeend zijn. Ik werd groot fan in de nadagen van Pulp en leerde Jarvis enkel uit verhalen kennen. De verhalen van Pulp en de berichten over de man die nooit echt verdwenen is uit de Engelse popscene. Ik herinner me bijvoorbeeld hoe mijn hart sneller klopte toen ik las dat Jarvis wel eens naar de muzikant in de shoarmatent in Londen kwam kijken. Ik had hem dus kunnen ontmoeten, zomaar, in het wild. Maar dat is niet gebeurd en ik werd misschien een soort van volwassen. Dan ben je niet meer verliefd op popsterren en dan ben je vaak ook geen fan meer, maar gewoon liefhebber. Ik ben nog steeds fan. Ik kan genieten van Jarvisfilmpjes op YouTube - deze is briljant! - en ik luister regelmatig naar Pulp. Jarvis' stem is voor mij nog steeds een feest en daarom was ik niet alleen erg benieuwd naar Jarvis, het eerste soloalbum. Een tegenvaller zou een smet op het blazoen zijn. Ik had geluk: deze plaat ademt Pulp, maar is tegelijkertijd een zeer waardig en sterk soloalbum. Hier en daar hoor ik Elvis Costello, ik hoor de Engelse afkomst, maar veel meer hoor ik Jarvis, die mooie liedjes kan schrijven en zingen. En heel erg Jarvis kan zijn. Een fijne plaat. Een pluim.
File Under: Een feestje ter nagedachtenis aan Pulp en ter viering van het bestaan van Jarvis Cocker
File Audio:[ MySpace, de gewone site deed het (even) niet...
VA - Simuze: Spread The Love / The Walt
De simuze zwol aan tot grote proporties om vervolgens vernietigend toe te slaan. Het klinkt best gemeen dat woord: simuze. Als je het echter in een zoekmachine intik dan zul je zien dat het woord Simuze in deze context grote onzin is. Het is namelijk een organisatie die een commune (ook al een eng woord) wil zijn van muzikanten en muziekliefhebbers, waarbij de muzikant zijn muziek uploadt en die onder onder een Creative Commons-licentie gratis verspreidt: een bewust alternatief voor Buma/Stemra. Om aandacht te trekken is er nu een gratis verzamelaar te downloaden, getiteld Spread The Love. En aan het verspreiden van de liefde willen we graag aan meewerken. Nu is de cd als verzamelaar op zich voor mij minder interessant, omdat de gespeelde muzieksoorten erg divers zijn: reggae, emo, rock, jazz , nederhop en post-rock om maar eens wat te noemen. Het geeft echter wel aan dat Simuze een brede basis is om veel muziekliefhebbers van diverse stromingen te gaan bedienen. Ik als rockliefhebber koesterde al de hier bekende bands We vs. Death (waarvan bassist Marten Timan de mede-oprichter van Simuze is) en Excon, maar ik ga me zeker eens verdiepen in de voor mij nieuwe ontdekkingen What about Joshua, Sickboys and Lowmen en The Walt. Nu wil het toeval dat er ook een promo van deze laatste band binnenkwam met de titel Song Promo. Nu heb ik in mijn leven veel promo's in mijn hand gehad die vaak van bedenkelijke kwaliteit zijn. Achter The Walt zitten echter bandleden die elkaar kennen van We vs. Death (daar zijn we weer), Kismet, Stellenbosch en Dawn of Awakening en genoeg ervaring en kwaliteit hebben om er iets veelbelovends van te maken. Het resultaat houdt het midden tussen emo, new wave en post-rock en is hier en daar zelfs dansbaar. De vier tracks zijn voor iedereen met een computer gratis te beluisteren. Er wordt gewerkt aan een split-EP en hun debuutalbum moet volgend jaar ergens verschijnen. Ik wacht in spanning af op het moment dat zij hun baby's op de wereld zetten.
File: The Walt - Song Promo (Promo EP)
File Under: Van de liefde bedrijven kunnen mooie baby's komen.
File Audio: [Spread The Love][ Song Promo @ Simuze][Song Promo @ My Space]
Crowded House - Farewell To The World
Natuurlijk moest ik er even aan denken. Wijlen drummer Paul Hester komt op het podium immers over als het prototype olijke lolbroek waarvan je 'het nooit had verwacht'. Met name tijdens de bloedstollende uitvoering van het magistrale "Hole In The River", dat nota bene over zelfmoord handelt ('Dreaming of glory / Miles above the mountains and plains / Free at last'). Het is echter niet het enige moment op het eindelijk - tien jaar na dato! - op dvd en dubbel-cd verschenen Farewell To The World concert waarbij de brok in de keel niet meer met een flinke slok wijn valt weg te spoelen. Het wonderschone, over de volle breedte uitwaaierende "Fingers Of Love" of de publieksparticipatie bij de toepasselijke afsluiter "Don't Dream It's Over" bijvoorbeeld. Neil Finn schrijft nu eenmaal liedjes die je raken. Regelmatig kreeg en krijgt de muziek van Crowded House het denigrerende label 'kampvuurmuziek' toebedeeld. Uiteraard, de meerstemmige zang en het feit dat de liedjes op alleen een akoestische gitaar fier overeind blijven, maakt ze nogal kampvuur-fähig. Live speelde de band het materiaal altijd een tandje steviger. De een zal het zonde vinden dat hierdoor de verfijnde details in de arrangementen ontbreken, de ander (ik dus) is juist blij met dat extra stukje pit en het losse spel. De band moet wel even op gang komen. In het begin staat vooral Neil Finn wat onwennig op het podium. De blik in zijn ogen verraadt dat het feit dat dit het allerlaatste concert van de band was hem parten speelt. Het interview met de frontman op de dvd met extra's leert ons dat hij twijfelde of een afscheidsoptreden voor 120.000 man publiek op de trappen van het Opera House in Sydney niet te banaal zou zijn. Maar niks van dat hoor. Het concert bewijst dat slechts de foute glimmende blouse van de vierde man Mark Hart gedateerd is. De muziek, die is tijdloos.
File Under: Tijdloze emoties
File Video: [Eerst dat advert-blokje op de site wegklikken]
Dry Kill Logic - Of Vengeance and violence
De mens denkt graag in hokjes, die hokjes noemen we in de muziekwereld genres (zucht). Laten we zeggen: punk, hardcore en metal. Die zijn weer in te delen in subgenres (grote zucht). Nu-metal, metalcore, mathcore en emocore. Dan heb je nog de afgeleiden daarvan, zoals screamo en natuurlijk voorvoegsels als 'post'. Bent u er nog? Oh! Je kunt natuurlijk bovengenoemde genres ook nog combineren! Met al die informatie zette ik het nieuwe schijfje van Dry Kill Logic op. Een band die een paar jaar geleden werd aangeduid als nu-metal, maar tegenwoordig vooral als metalcore-band door het leven gaat. Muzikaal is er echter weinig veranderd bij de heren uit New York. Of Vengeance and violence gaat verder waar voorganger The Dead and dreaming ophield. Snelle, rauwe nummers met furieus drumwerk van Phil Acuri. Stoere mannen muziek dus. Maar wel met duidelijke ritmes en melodieën. Diehard fans van Hatebreed zullen dit hoogstwaarschijnlijk niet pruimen dus. Zeker omdat Dry Kil Logic ook niet terugdeinst voor een heuse ballad. Afsluiter "In Memoria Di" is zo'n klein liedje waarbij de band laat zien meerdere gezichten te hebben. Wie het extreme "Boneyard" heeft gehoord kan zich bijna niet voorstellen dat dit dezelfde band is. Eigenlijk zijn de Amerikanen op het sterkst als ze zich in het midden bevinden zoals op "Caught in a storm". Hier wordt het harde afgewisseld met cleane zang in het refrein. Een bekend recept zegt u? Ja, maar juist de afwisseling tussen en binnen de nummers maken van DKL een originele band. Het rustige (begin) van "Kingdom of the blind" wordt moeiteloos afgewisseld met het mega snelle "From victim to killer". Dry Kill Logic heeft met Of Vengeance and violence een lekkere metalcore/post-nu-metal/whatever plaat gemaakt. Maar we kunnen het ook gewoon een typische Dry Kill Logic-plaat noemen.
File Under: Lompe muziek voor stoere mannen...met een klein hartje
OK Go - Oh No
Terwijl het tweede studioalbum van Ok Go, Oh No, vorig jaar al uit was, is er aan deze rappe re-release nu een extraatje toegevoegd. Naast uiteraard de cd met het tweede album, zit er een dvd bij met clips liedjes van het eerste album. Maar het leukste wat er op deze uitgave is te vinden zijn de opnames met het oefenen voor de clip bij "Here It Goes Again", op een batterij lopende banden (zoals je die aantreft in een fitnessruimte) en hoe lelijk je daarbij kunt vallen. Ook de overige dansvideootjes zijn grappig. Wat me bij Ok Go wel een beetje tegenstaat is dat ze zo heel graag lijken te willen. De songs van de uit Chicago afkomstige Amerikanen zijn zeer aantrekkelijk voor het collegerockcircuit in de VS, waarmee ik eigenlijk wil zeggen: ze zijn dan wel een tikje ruig (à la The Hyves, Beck, Weezer, e.d.), maar absoluut nog beschaafd genoeg om bij een breed publiek in de smaak te kunnen vallen. Ik verdenk de heren er ook van dat ze speciaal aan fitness doen om een goede podiumshow te kunnen geven. Vandaar natuurlijk dat idee met die lopende band. Het lijkt wel topsport, maar we mogen het eigenlijk niet weten... Toch is het wel het soort band waarbij het vermakelijk is om ze live te zien. De muziek is verder fatsoenlijk doortimmerd met de juiste melodielijntjes en goed getimede meerstemmige 'aah-ooh's waar ze horen, niks mis mee dus. Aan het enthousiasme van de mannen van OK Go zal het niet liggen.
File Under: Licht verteerbare collegerock
File Video: [ op Myspace]
Me First And The Gimme Gimmes - Love Their Country
Er zijn weinig bands te bedenken waarbij het schrijven van een recensie zo'n zinloze bezigheid is als bij Me First And The Gimme Gimmes. Zowel bandleden als platenlabel kan het geen drol schelen wat de meninkjes zijn over een nieuwe plaat, simpelweg omdat het helemaal niet de bedoeling is om er veel van te verkopen of om lovende kritieken te krijgen. Met vijf reguliere CD's en één livealbum begint het repertoire desondanks toch echt serieuze vormen aan te nemen en gaat het zelf een beetje lijken alsof de status van gelegenheid- en hobbyprojectje verder wordt uitgebreid. Bandleden Fat Mike en Joey Cape - in het dagelijks leven de grote mannen achter punkrockiconen NOFX en Lagwagon - brachten de afgelopen jaren maar mondjesmaat nieuw materiaal van hun originele bands uit en waren vooral erg actief met de Gimmes. Het moet ook heerlijk zijn om weer zo'n verzameling oubollige covers om te buigen in aanstekelijk korte en puntige (punk)rockliedjes. Na in het verleden onder andere musicalhits, soulklassiekers, seventies- en ninetieshits vakkundig verbouwd te hebben is het nu de beurt aan de countrymuziek. Natuurlijk is het o zo voorspelbaar om "Jolene" en "Desperado" te coveren, hoewel er ook een aantal voor mij onbekende nummers voorbij komen, maar wat kan dat schelen. Het voegt niets toe maar niemand zal er een traan om laten, want het klinkt nu eenmaal zo lekker. Geen pretentie, geen vernieuwing, niets van dat: Me First And The Gimme Gimmes is en blijft dat sympathieke coverbandje dat nooit verrast maar wel altijd en op ieder moment perfect vermaakt.
File Under: Nieuw repertoire voor uw bruiloften of partijen, succes gegarandeerd
File Audio: [(Ghost) Riders In The Sky][Goodbye Earl]
Johnny Cash - Johnny Cash in Ireland
1993 was een cruciaal jaar in de carrière van Johnny Cash. De man die aan de wieg stond van zowel de rock 'n' roll, als de moderne country en die al in 1955 zijn eerste platen opnam in de Sun Studio's van Sam Phillips, zat al twee jaar zonder platenlabel. Maar eigenlijk was een groot deel van het decennium daarvoor al een dieptepunt in zijn muzikale loopbaan, wellicht met uitzondering van de platen die hij als onderdeel van The Highwaymen maakte met Willie Nelson, Kris Kristofferson en Waylon Jennings. De jaren negentig brachten een ommekeer: U2's "The Wanderer" werd door hem ingezongen en plots leek iedereen in Johnny Cash een held te zien. In 1994 hielp Rick Rubin hem aan een deal met zijn eigen platenlabel en een hitalbum, American Recordings. Deze plaat zou een nieuwe reeks succesvolle platen - zowel kwalitatief als commercieel - voor Johnny Cash inluiden. Maar in 1993 is het nog niet zover. Toch is op de DVD Johnny Cash in Ireland te zien dat hij weer nieuwe energie heeft, na de droevige jaren tachtig. In hoog tempo en met duidelijke lol jaagt hij er samen met June Carter (uiteraard in "Jackson"), Kris Kristofferson en The Carter Family ("Keep On The Sunny Side" en "Will The Circle Be Unbroken") zestien liedjes door in vijftig minuten. Langer duurde deze TV-special niet. We vinden nog geen enkele track van een van de American Recordings terug en de nadruk ligt vooral op de succesvolle eerste twee decennia van zijn carrière. De vrolijkheid wordt nog benadrukt door de gedateerde kapsels van The Carter Family. Een jaar later neemt de loopbaan van Johnny Cash een andere wending en krijgt een diepgang die daarvoor nog nauwelijks was opgevallen.
File Under: Cash in concert
Alice Rose
"ik-in-m'n-eentje"
In de kleine filmzaal op de bovenverdieping van poppodium Ekko zit ik in een van de klapstoelen op de eerste rij. Een stoel verderop zit Alice Rose. We kijken allebei even naar het grote lege witte doek tegenover ons. Ze vertelt met wijd opengesperde ogen vol vurig enthousiasme over haar komende release Mora With The Golden Gun, een gefingeerde filmsoundtrack. In gedachte zie ik haar in de rol van geheim agente Mora rondsluipen over dat witte doek. "She's a tough bitch, you know!", vertrouwt ze me toe. Een ander toekomstig project van de goedlachse Deense draagt de toepasselijke titel Daydreamer. Alice Rose ten voeten uit.
Frédérique Spigt - Eén kus.
Het is lang geleden dat ik een fatsoenlijke Nederlandstalige plaat hoorde waarop het accordeon een prominente rol speelt. Ja, Wim Mulder van de Havenzangers en de zwager van Manke Nelis, die konden er wat van, maar dat is toch wel een heel ander genre dan Frédérique Spigt laat horen op haar nieuwe cd. Zij trekt namelijk chansonnerend Frankrijk in met Eén Kus. Laat je overigens niet foppen door de hoes. Frédérique kan tegenwoordig wel een aardig moppie accordeon spelen, maar ze is vast nog lang niet zo'n virtuoos als onze zuiderbuur Gwen Cresens dat wel is. Deze Belg speelt ronduit magistraal in de liedjes van Spigt. Hiervan schreef Spigt zelf alle teksten, maar voor de muziek kreeg ze hier en daar hulp van Jan Van Der Meij, al ongeveer haar hele solocarrière haar vaste gitarist. Maar het is vooral de manier waarop Cresens en Spigt om en met elkaar heen dansen die Eén kus tot een bijzondere plaat maakt. Spigt zingt met het hart op de tong en spuwt haar gal over de neppers uit Idols ("Van Idool Tot Idool"), zingt liefdevol over haar vriendin ("Annemarie"), en meelijopwekkend in "Genoeg" (met het accordeon als het golvende water van de Maas). Maar het hoogtepunt van Eén kus is toch wel het door Sylvain Ephimenco naar het Frans vertaalde "Jij Komt Terug (Voor Theo)" dat daarom nu "Reviens-moi (pour Theo)" heet. Een goede zet ook deze vertaling, want op de een of andere manier komt het onbegrip en de vertwijfeling over die achterlijke daad van Bouyeri op 2 november 2004 zo veel beter tot uiting.
File Under: Theo zou dit vast mooi hebben gevonden. Ik ook overigens.
Robert Plant And The Strange Sensation - Sound Stage (dvd)
Vorig jaar verraste Robert Plant met misschien wel zijn beste solo-album ooit, Mighty Rearranger. Een fraaie mix van moderne elektronische klanken, de vertrouwde Led Zep-bluesrock en accenten met exotische instrumenten. Met dezelfde band als op dat album, The Strange Sensation, is een live-dvd opgenomen en ook op die dvd is het genieten geblazen. Songs uit Plants verleden ("No Quarter", "Black Dog", "Four Sticks"), songs van Mighty Rearranger en twee covers: Dylan's "Girl From The North Country" en een waanzinnig verbouwde versie van Hendrix' "Hey Joe". De songs passen prima bij elkaar, uit welk tijdperk ze ook komen. Dat is ook niet zo gek: de riffs uit "Freedom Fries" en "Tin Pan Alley" hadden gewoon van Jimmy Page kunnen zijn en "No Quarter" had van het laatste album kunnen zijn. Plant is prima bij stem en kreunt en kronkelt als vanouds, de band is geconcentreerd en strak en de songs, ach, die waren bij voorbaat geslaagd. Op de fraaie, niet te onrustige beelden is niet alleen Plant in beeld, maar komen ook zijn muzikanten ruim aan bod, de geluidsmix is gedaan door hetzelfde heerschap als bij het album en er zijn geen irritante gesprekjes tussen de nummers door. Wat zou je nog meer willen? Nou, meer songs. Er staan tien livesongs op deze dvd en wat video's en Top of the Pops-optredens. Die extra's hadden van mij mogen wijken voor een paar songs meer van het optreden. Maar dat is dan ook de enige klacht die ik kan verzinnen over deze dvd. Ik heb het niet zo op muziek-dvd's, maar dit had van mij een dubbele mogen zijn...
File Under: Gevariëerde eenheid
Lucky Jim - All The Kings Horses
Er gaan jaren voorbij dat ik niet aan Cat Stevens denk. Ook al omdat ik geen enkele geluidsdrager van hem in huis heb. Als ik over een stukje over de nieuwe cd All The King's Horses van Lucky Jim aan het nadenken ben gaan mijn gedachten wel naar hem door de overeenkomst van de schijnbare eenvoud van de songs en de liedjes die zich in je hoofd nestelen. Als ik Yusuf Islam (zoals Stevens zich tegenwoordig noemt) bij Later With Jools na decennia vol stilte weer van zich laat horen weet ik het zeker: Lucky Jim zouden zijn zonen kunnen zijn. Nu zijn ze meer dan muziekkopieerzonen van hem, want ook vergelijkingen met David Gray, Randy Newman en een Bob Dylan ten tijde van "Blood On The Tracks" zijn te maken. En dan is er het zweverige gevoel dat vreemd genoeg, maar mede door de pianopartijen aan het laatste album van An Pierlé doet denken. Ik had het echter over Lucky Jim. Dit Britse duo dat zich noemde naar een boek van Kingsley Amis zingt over liefde in al haar vormen: dramatisch, hoopvol en analyserend. Het tweetal weet de popliedjes muzikaal te variëren van akoestisch tot orkestraal zonder kitsch te zijn. Alles wat op dit tweede album gebeurt is met reden en zeer effectief. Het album heeft op mij een betoverende uitwerking en de schijf zit dan ook vastgeroest in de speler. Ik heb nog geen idee hoe het nu verder met het volgende stukje moet, maar de cd blijft er voorlopig gewoon in. Lekker puh!
Lucky Jim speelt:
23 november in Paard van Troje te Den Haag
24 november in Oosterpoort te Groningen
26 november in Melkweg te Amsterdam
8 december in Paradiso te Amsterdam
File Under: Een gelukzalige zucht
File My Space: [De player van Lucky Jim mag echter wel eens geupdate worden]
Brakes - The Beatific Visions
Wist u dat er mensen die zichzelf stelselmatig Fisherman's Friend onthouden? Die mensen vinden namelijk dat ze daardoor een heel mooie, doorleefde stem krijgen, die soms doet denken aan die van een krolse kater. Oftewel: een heel aparte stem. Een van die mensen is hij van Clap Your Hands Say Yeah. Iemand anders die er zo over denkt is Eamon Hamilton van Brakes. Brakes is een voormalig rammelend bandje uit Brighton, dat zielloze gat aan de Britse zuidkust waar afgezien van de pier werkelijk geen zak te beleven is. Dus wat doe je dan? Dan begin je een band. Logisch. Wie het vorige schijfje van de heren, Give Blood, kent en dat helemaal woeperdedoepsie geweldig vond, moet misschien even wennen aan The Beatific Visions. Want zoals dat gaat met kleine jongetjes: die worden groot en volwassen. En dus zijn de schreeuwpartijen van zes seconden verdwenen, staan er nu opeens nog maar 11 liedjes op het schijfje en zit er meer onderlinge samenhang tussen de songs. Alsof iemand tegen ze heeft gezegd: vooruit jongens, even rustig nu. Tegelijkertijd, zoals dat gaat met rammelbandjes: waar de een opgroeit tot een volwassen iets, daar ontstaat de volgende weer. Brakes volgen wat dat betreft simpelweg de leer van Darwin en zetten een succesvol stapje vooruit. Maar niet alles is anders. Zo klinkt het geheel nog steeds als die bijzondere mix van country en indierock die Brakes typeert. De heren blijven immer kort van stof: Beatific Visions klokt net als Give Blood slechts 28 minuten. Het moet natuurlijk niet gaan vervelen. Heel goed. En wie het geëngageerde "Cheney" een van de hoogtepunten van vorig jaar vond: in "Porcupine or Pineapple" wordt de vraag opgeworpen welke van die twee minder prikt. Mag u raden waar dat een metafoor voor is.
File Under: Als je over Scarlett Johansson zingt, mag je uiteraard blijven
File Audio: [U bent verrast, geef het maar toe]
Whitesnake - Live... In the Shadow of the Blues
Toen ik lang geleden mijn eerste cd-speler aanschafte van mijn krantengeld, kocht ik binnen een week drie cd's. Alle drie waren ze van Whitesnake: Lovehunter, Trouble en Snakebite en aangenaam geprijsd bij de V&D. Erg hè? Nou, dat vond ik toen helemaal niet. Als ik ze nu terugluister dan vind ik die cd's nog steeds tof. Ik sluit niet uit dat hierbij jeugdsentiment ook een behoorlijke rol speelt. Goh, wat was ik (net-tiener) trots dat 'onze' Adje Vandenberg - u moet weten dat ik nog pianoles had van zijn zus - in zo'n grote band speelde. Live zag ik Whitesnake nooit aan het werk helaas, maar ik kocht wel snel na de bovenstaande drie cd's ook de live-cd Live in the Heart of the City en veel meer Whitesnakewerk. Dan ben je toch best fan, geloof ik. Ik baalde dan ook behoorlijk dat ik Whitesnake niet live aan het werk zag op Arrow Rock eerder dit jaar. Helemaal omdat Adje meespeelde in twee nummers. Het schijnt dat Coverdale niet zo bijster best bij stem was die dag. Die kan ook een offday hebben tenslotte. Of had hij bij het optreden waar de nieuwe dubbelaar Live... In the Shadow of the Blues opgenomen is juist een goede dag? Want het valt me op dat zijn stem toch nog behoorlijk krachtig is en dat David zelfs de hoge uithalen in "Here I Go Again" haalt. Alle krakers die Whitesnake sinds hun debuut Snakebite maakte passeren de revue. Het geinige is dat ondanks het bizarre aantal bezettingswisselingen dat de band gehad heeft, deze live-cd gelijk vanaf de eerste seconde klinkt als ouderwetse Whitesnake . Coverdale weet blijkbaar heel goed hoe hij zijn bandleden moet kiezen of eist dat ze op een bepaalde manier moeten spelen. Dat laatste sluit ik niet uit. Wat me wel verbaast is dat Coverdale het nodig vond om nog een klein kwartiertje nieuw werk toe te voegen. Want, ook al is "All I Want Is You" een degelijke ballad in de beste Whitesnaketraditie, ik betrap me er op dat ik de studiotracks uiteindelijk toch ga skippen na twee uur livewerk. Dat geeft toch te denken.
File Under: Puike livedubbelaar met studio-oprisping
Neil Young with Crazy Horse - Live at the Fillmore East 1970
Live at the Fillmore East is de eerste glimp is die we te zien krijgen van de al heel lang beloofde archieven van Neil Young. Het is een prachtige compilatie van twee optredens in de Fillmore East in 1970. Krap anderhalf jaar zijn ze hier bij elkaar en hun Everybody Knows This Is Knowhere is inmiddels uit. Danny Whitten zou twee jaar later overlijden en de gitaarduels die hij en Neil Young op deze plaat uitvechten maken deze registratie een monument voor deze oorspronkelijke Crazy Horse-gitarist. Absolute hoogtepunten zijn een op twee seconden na dertien minuten klokkende versie van "Down By The River" en een bijna zestien minuten durend "Cowgirl in the Sand". Ergens begin volgend jaar zal er nog een CD met werk uit begin jaren zeventig komen, waarna de boxsets gepland staan, te beginnen met een 8-CD-set met materiaal uit de periode 1963-1971. Live at the Fillmore East is dus blijkbaar een amuse, net als de plaat van begin volgend jaar. Het idee achter een amuse is dat de trek in de komende gerechten wordt gestimuleerd. Neil Young heeft eerder releases als deze aangekondigd, maar ze steeds weer uitgesteld. De honger is nu eventjes gestild, maar als amuse is Live at the Fillmore East meer dan gelukt. Ober!
File Under: Heerlijke amuse
Admiral Freebee - Wild Dreams of New Beginnings
Een klein podium op een groot festival. Een zanger met gevoel voor humor die het publiek opzweept. Hij springt tussen het publiek en zingt gewoon verder. Dat is het voordeel van een vrij onbekende artiest: hij wordt niet meteen besprongen door zijn fans. En dat benut hij. Waar sommige artiesten een groot podium krijgen en maar de helft ervan gebruiken, gebruikt Tom van Laere - alias Admiral Freebee - ook het veld als podium. Op zijn derde cd, genaamd Wild Dreams of New Beginnings, staan blijkbaar wilde dromen. Een bekende Amerikaanse bekende producer genaamd Malcolm Burn (Zita Swoon!, Emmylou Harris, Iggy Pop, Bob Dylan), was dat een wilde droom van hem? En zou hij deze cd opvatten als een nieuw begin? Als Emmylou Harris op je cd meezingt is toch je wildste droom uitgekomen. Aan de special edition van deze cd is een dvd toegevoegd, waarop opnamesessies van 3 nummers te vinden zijn met bijpassende sfeerbeelden. Een mooi huis met zwembad, heerlijk weer en dan deze prachtige muziek schrijven en opnemen, daar had ik wel bij willen zijn. De muziek doet aan Bruce Springsteen denken; ook de Admiraal is zo'n singer/songwriter met doorleefde stem waarbij de gitaar een hoofdrol speelt. En als er dan als extraatje ook nog een zangeres meedoet, ga ik helemaal aan Bruce Springsteen denken. Ik vraag me namelijk toch af of die Sandrine zijn vriendin is. De nummers zijn in zeer afwisselende stijlen geschreven: onder je huid kruipende ballads, rockende songs en een lekker swingnummer. En verder natuurlijk het bij hem horende gitaarwerk: akoestisch, elektrisch en hier en daar een slide. Als je die instrumenten samen met de Admiraal op een klein podium zet, en dat podium bevindt zich in een intieme, rokerige zaal (niet dat ik tegen een rookverbod ben), dan kom ik een colaatje drinken.
File Under: Dromen zijn toch geen bedrog
File Audio: [Fragmenten]
File Gast: Marian
The Game - Doctor's Advocate
Veel mensen vragen zich af wat er zo leuk is aan gangsterrap. Het is allemaal hetzelfde, het zijn allemaal boze negers met een slechte jeugd en nog erger: ze zorgen voor een alsmaar uitdijende stroom aan maagomdraaiende vaderlandsche Jipjes en Janneketjes die klagen over hoe zwaar het wel niet is in de ghetto's van Almere en hoeveel chickies ze hebben gepakt in Diemen-Zuid. En eerlijk is eerlijk: het is allemaal waar. Als ik hoor dat op Doctor's Advocate, de nieuwe plaat van The Game, ongeveer 84 keer reclame wordt gemaakt voor Chevrolet Impala's, Nike's Air Max en andere hippe dingen, dan denk ik: tja. Dit kende ik al. Maar toch. Hoe kun je niet houden van gangsterrap? De heren nemen zichzelf ontzettend serieus, ze hebben het ene moment slaande ruzie met elkaar en zijn het andere moment de beste homies from the hood, en ze vinden allemaal van zichzelf dat ze de beste zijn. Oftewel, het zijn net Paris Hilton en Lindsay Lohan, maar dan groot en breed in plaats van klein en schattig. Ik bedoel, Van Kooten en De Bie zijn grappig, maar dit is toch ook goed spul hoor. En ook niet geheel onbelangrijk: gangsterrappers zijn erg goed in het maken van doe-je-hoofd-maar-bewegen bietjes. Rode misschien wel, net als de bandana van Jayceon Taylor (want zo heet The Game eigenlijk echt. Ik bedoel, wie noemt zijn kind nu The Game?). Bietjes die het heel goed doen als je met je Zen in de trein zit. Nee, ik heb geen iPod. Sorry. Ik ben niet zo hip. Ik zou ook nooit een goede gangsterrapper kunnen zijn. Ik ben niet breed, ik heb geen tattoo's, de bitches zien me niet staan en ik kom al helemáál niet uit de hood. The Game wel. Dus daar in Almere: luister nog maar eens goed hoe het wel moet.
File Under: Tweede verzameling Westkust bietjes van The Game. Westkust dus. Dat schijnt belangrijk te zijn
File Video: [Hij zingt over één bloed in zijn natuurlijke leefomgeving]
Crossing Border 2006 - Zaterdag
Het is wel een beetje raar dat de drie ronddraaiende Saabs op het plein aan het Spui nergens vermeld staan in het programma. De drie hoorspelen die Melissa Prins geschreven heeft, door Jasper le Clerq van muziek zijn voorzien en door Blimey! zijn ingespeeld zijn namelijk heel erg leuk. Vanavond beginnen we onze avond met het derde verhaal. In het hoorspel vertelt een man over de dagelijkse sleur van de file. Hij zit nogal gefrustreerd in de auto. Terwijl hij in gedachten afrekent met zo ongeveer alle automobilisten die hem omringen, valt zijn vrouw hem ook steeds lastig via zijn mobiel. Hij staat haar te woord. Boterzacht en lieflijk wordt hij als hij denkt aan 'zijn lief', die duidelijk niet zijn vrouw is.
Lees verder..VA - Colours Are Brighter
Colours Are Brighter (songs for children and grown ups too) is een verzamelaar waarvan de opbrengsten naar het goede doel Save The Children gaan. Zoals vaker bij dit soort compilaties (denk maar aan Red Hot & Blue bijvoorbeeld) hebben de songs een thema om de wel heel diverse artiesten - van Four Tet tot The Kooks of Kathryn Williams - bij elkaar te houden. In dit geval is het thema logischerwijs 'liedjes voor kinderen'. Dat wil niet zeggen dat het ook kinderliedjes zijn, maar de meeste composities (op 3 na zijn alle songs speciaal geschreven voor dit album) hebben wél iets kinderlijks. En gek genoeg werkt het grotendeels. Niet alle tracks zijn even sterk, maar er zit genoeg te genieten tussen. "Jackie Jackson", de bijdrage van Franz Ferdinand, heeft een Roald Dahl-achtig thema over een gulzig ventje dat zichzelf letterlijk doodeet aan cakejes. Snow Patrol maakte een heel lieve cover van Marty Wilde's "I Am An Astronaut". The Divine Comedy vergast ons op een freaky medley van Winny the Pooh-liedjes en Belle and Sebastian verrassen met het grappige "The Monkeys Are Breaking Out The Zoo". Anderzijds blijven The Kooks in "The King & I" en Jonathan Richman met "Our Dog Is Getting Older Now" vooral zichzelf. Het is net Kinderen voor Kinderen, maar dan zonder de Gooise 'Erw' en zeker zo leuk, zo niet leuker, voor volwassenen dan voor kinderen om te luisteren . De website www.coloursarebrighter.com ademt dezelfde sfeer als het album. Leuk om de spelletjes (onder 'Free stuff') - bijvoorbeeld met je jonge neefje - te spelen. Sympathiek initiatief.
File Under: Verrassende kinderliedjes voor en door volwassenen
File Audio: ["Jackie Jackson", "I am an astronaut", "The monkeys are breaking out the zoo", "Go Go Ninja Dinosaur" op MySpace]
The Early Years - The Early Years
Bij het beoordelen van albums kijk ik vaak ook naar de buitenkant. Ik bedoel, ik vind een mooi cd-boekje ook belangrijk en ook de naam van een band of titel van een album kan mijn aandacht trekken. Als ik in een cd-zaak ben, kijk ik eerst naar de nieuwe releases. Natuurlijk ken ik niet alle namen en dus let ik op de verpakking en de titels. Op die manier mis ik misschien wel eens goede muziek omdat de verpakking gewoon niet aantrekkelijk genoeg is. Waarschijnlijk zou ik ook voorbij de debuut-cd van The Early Years zijn gelopen. Een zwart doosje met witte letters en een titel die doet denken aan een 'best of'-plaat. Ik zou dan wel een paar aardige songs gemist hebben want The Early Years bevat toch wel wat leuks. Bijvoorbeeld de twee sterke singles die dit Londense drietal al eerder had uitgebracht: het openingsnummer "All Ones and Zeros" en "So Far Gone". Songs met opvallende psychedelische gitaargeluiden met veel feedback, wah-wah en vervorming. Songs die je ook goed hard moet afspelen. Jammer van die paar missers zoals "Brown Hearts". Hierop hoor ik geen jonge Engelse band, maar David Gilmour op een minder sterk moment. Gelukkig blijft er nog wel wat moois over.
File Under: Things
File Video: [So Far Gone ]
Moby - Go - the very best of Moby
Al sinds ik bewust naar muziek begon te luisteren is Richard Melville Hall een telkens terugkerende figuur. Moby hoorde ik voor het eerst in mijn foute eurohouse-periode, met best leuke hits als "Every time you touch me" (jeugdsentiment!). In 1996 verbijsterde hij vriend en vijand met een slappe punkplaat (al was "That's When I Reach For My Revolver" best aardig). Maar hij revancheerde zich; in 1999 maakte Moby het samplen van zangeressen uit de jaren twintig cool en werd hij wereldberoemd met de fijne liftplaat Play, waar dan toch nog een fris nummer als "Bodyrock" opstond. Nu was Moby al wel langer met ambient bezig, maar kennelijk gaf het verdiende succes van Play de doorslag om het trucje uit te melken met meer makkelijk parodieerbaar geneuzel (ergste voorbeeld: Hotel). Ik vind Moby niet subtiel. Enigszins liefdeloos zelfs. Toch heeft-ie ergens mijn sympathie, want hij appelleert aan melancholie. Denk aan de mooie clip van "In this world". Ohja, en zijn livegeluid is overweldigend, en hij heeft altijd wel een paar fijne remixers. Maar van die goede punten blijkt weinig op zijn huidige verzamel-cd, keurig op tijd voor de feestdagen. Deze very best of is leuk, maar geen hebbeding voor wie vooral Play en 18 waardeert en al heeft. Let ook op: er bestaan minstens vier verschillende versies van deze verzamelaar. Op de mijne ontbreken drie van bovengenoemde singles, evenals de gloednieuwe prima "Go"-remix van Trentemøller. De twee eveneens nieuwe nummers "New York New York" en "Slipping Away" kunnen me daarentegen totaal gestolen worden. De eerste omdat hij dankzij zijn ongevoeligheid en voorspelbaarheid het slechtste van dansmuziek in zich verenigt (hallo), en de tweede omdat ik daarbij telkens dacht dat ik de nieuwe cd van Daan op had staan (waarover binnenkort meer op File Under).
File Under: Aardig overzicht, maar nu alsjeblieft kappen graag
File Video: [Allerlei video's]
Tom Waits - Orphans
Tom Waits is blijkbaar niet zo dol op ouderloze kindjes. Volgens hem zijn het vechtersbaasjes (brawlers), huilebalken (bawlers) of bastaarden (bastards). Alle 54. En toch worden ze met veel liefde behandeld op dit driedubbelalbum. Zoals Waits het zegt: 'Orphans is a dead end kid driving a coffin with big tires across the Ohio River wearing welding goggles and a wife beater with a lit firecracker in his ear.' Onnavolgbaar en toch begrijpelijk als altijd. Songs van soundtracks, b-kantjes, songs die Waits voor anderen schreef, maar ook maar liefst 30 nieuwe songs. Hoewel het opnamen uit verschillende perioden en met verschillende bands - of zonder band - zijn, is het een opvallend harmonieus geheel. Zelfs als je bedenkt dat de vechtersbazen, huilebalken en bastaarden allen een complete cd voor zichzelf hebben. Brawlers bevat vooral het klonk-kleng-baf materiaal, bluessongs die de voor Waits zo typerende potten-en-pannen-ritmes hebben, met scheurende gitaren en hinkstapbas. De meest indrukwekkende tekst is die van "Road to Peace", een opvallend uitgesproken politieke song over een Palestijnse zelfmoordenaar en de gevolgen van het Palestijns en Israëlisch fundamentalisme. Op Bawlers zijn het vooral ballads, walsen en theatrale songs á la The Black Rider. De drums worden vaak geaaid met brushes, de piano klinkt helder en eenvoudig en er komen geregeld instrumenten als hobo, harmonica en pedal steel gitaar voorbij. Het derde deel, Bastards, bevat nog flink wat songs die ook op een van de voorgaande cd's hadden gekund zoals Sparklehorse's "Dog Door", maar het meest in het oog springend zijn de spoken word-stukken. Een "Children's Story", een metafoor over "Army Ants" en anekdotische stukken als "Missing My Son". Bij elke andere performer zou je wensen dat 'ie zulke stukken zou bewaren voor het podium, bij Waits is het een vanzelfsprekende toevoeging. Op alle drie de cd's zijn instrumenten als banjo, steelgitaar en tinkelpianootjes te vinden en natuurlijk de grommende, raspende stem van Waits, net als de vertrouwde schetsen van de zelfkant doorspekt met Waitsiaanse humor. Als je niet beter zou weten, zou je zweren dat het allemaal door Waits en zijn gade Kathleen Brennan is geschreven. Maar nee, er zitten covers tussen van de Ramones ("The return of Jackie and Judy"!), Daniel Johnston ("King Kong"), Kurt Weill en Berthold Brecht ("What Keeps Mankind Alive"). Het kan ook bijna alleen bij Waits dat wat een verzameling restantjes lijkt zijn beste werk in tien jaar wordt. Dit is dan ook niet zomaar een verzameling restantjes. Het is een liefdevol verzamelde collectie briljantjes die perfect weergeeft waar het bij Waits om gaat. Een Waits-novice heeft hier een prachtige start mee, de liefhebber mag het al helemáál niet missen.
File Under: Liefdevol behandelde weesjes
File Audio: [Bottom Of The World] [You Can Never Hold Back Spring] [Road To Peace]
File Video: [Lie To Me]
Crossing Border 2006 - Vrijdag
Na een vroege en snelle zak friet ben ik er dan vanavond wel om 19.00 uur. Keurig op tijd voor Die Surfpoeten, met wie ik in elk geval een persoonlijke relatie te onderhouden heb. Ooit ontdekte ik ze samen met een vriend in een kelder in Berlijn, maakten we een tijdschrift met ze om ze in Nederland te introduceren - samen met wat andere kelderschrijvers uit Berlijn, dat was toen daar heel hip - en haalden we ze al naar Nederland.
Toen ik nu iets na zevenen de tent binnen kwam lopen waar ze gevieren zouden lezen en plaatjes zouden draaien, had ik het snel weer gezien. Af en toe een verhaaltje, maar tussendoor kijken naar vijf blikjes Heineken drinkende mannen, nee, daar had ik niet zo'n zin in en bovendien leek het niveau van de mannen, Ahne, Spider, Tube, Stein en Robert, niet veel te zijn gestegen, de afgelopen vijf jaar. Het begin kon beter, maar werd snel goed gemaakt.
Lees verder..Yellow Pearl - The Rebel In You
Het is lang geleden dat ik een werkplek had waar de radio aan kon, maar sinds enkele weken luister ik er weer de hele dag naar. Op de keuze van de zender heb ik, als laatst gekomende, geen invloed. De hele dag doet een commerciële regionale zender dan ook zijn best om de luisteraars op onze afdeling vast te houden. Het is geen enkel probleem, de zender is onaantastbaar. Ik word echter behoorlijk kriegel van de risicoloze meuk die de hele dag op me af wordt gevuurd waarbij bands als Live en Kane de meest ruige muziekkeuze is. Het kwam dan ook "prima" uit dat ik wat mocht zeggen over het debuut The Rebel In You van het Apeldoornse Yellow Pearl. De lijn van de werkdag kon ik thuis meteen doortrekken. Ik had nog hoop bij de grappige voorzijde van het omhulsel, maar die was snel vervlogen. Het ligt muzikaal namelijk op de lijn van het ruigste wat ik overdag hoor, waardoor dit product mede door de gladde productie zo op de zender waar ik de hele dag al naar luister kan. De stem van Emiel Pijnaker is dramatisch qua aanzet en door de zware ondersteuning van synthesizers en andere elektronische meuk klinkt het bij het debuut al alsof een grote zaal plat gespeeld moet worden. Het lijkt me duidelijk wat ik van dit album vind, maar zoals al eens iemand tegen mij zei: "Als ik het leuk vind dan zullen ze nooit een groot publiek bereiken." Met de goede commerciële kanalen kon dit dus wel eens een grote Nederlandse band worden. Ik hoop maar niet dat ze een promo sturen naar dat ene station waar ik bewust de naam niet van heb genoemd. Na de doorbraak zal er wel geen ontkomen aan zijn. Wat dit betreft heb ik geluk dat ik nu een tijdelijke baan heb die ergens in mei weer afloopt.
File Under: Rebel? Zo ken ik er nog wel één.
File My Space: [Yellow Pearl ]
Larkin Grimm - The Last Tree
'Close your eyes and follow me, into the dark inviting sea', zingt Larkin in de zeer mooie opener van dit werkje. Kabbelende percussie, mandoline en voorzichtige bossanova-akkoorden bouwen langzaam op naar een subtiele climax. The Last Tree is een album waarop de zangeres ineens een jankend puppy na kan gaan doen.. Inderdaad, ze is een van de vele freak-folkies, die in de slipstream van rattenvanger Devendra Banhart uit de diepste bossen tevoorschijn zijn gekomen. Er schuilen twee zielen in deze jonge zangeres. Enerzijds maakt ze behoorlijk toegankelijk folk op dulcimer en gitaar, waarin echo's te horen zijn van haar grote voorbeeld Joni Mitchell , of hipper, Vashti Bunyan. Aan de andere kant is er een flinke dosis atonale gekheid, zoals Björk die etaleerde op haar meest experimentele project, de soundtrack van Drawing Restraint 9. Ook Oosterse invloeden zijn traceerbaar, ik hoorde zelfs ergens de melodie van het kinderliedje "Heb je ooit Chinees gegeten zoals de Chinezen doen?" Het merendeel van de liedjes valt gelukkig in de eerste meditatieve categorie. Het lange "Little Weeper" is een geslaagd voorbeeld. Opvallend is ook "The Most Excruciating Vibe" waar weer een andere folkie, Lara Polangco, volgens de credits een orgasme heeft. Het is maar dat u 't weet. Op Medúlla gebeurde trouwens iets vergelijkbaars. (In "Ancestors") Geen toeval waarschijnlijk dat ik daarna wat weg begon te dommelen. De eindeloze baslijnen, meestal slechts één noot, die als een drone maar doorgaan werden me iets teveel. Zodoende blijft de jongste plaat van Vetiver mijn favoriet uit de freak-folk oogst van dit jaar.
File Under: Lang, lang geleden leefde er eens een...
File Audio: [ MySpace]
Dol Ammad - Ocean Dynamics
Het Griekse spacemetal-verbond Dol Ammad is terug met de opvolger van het vorig jaar verschenen Star Tales. Deze keer volgen we niet de melkweg, maar dalen we met Ocean Dynamics af in de wonderlijke onderwaterwereld en beleven we de avonturen van de snorkels mee. Oppersnorkel Thanasis Lightbridge trakteert ons opnieuw op een bonte mix van weelderige elektronica en metal, aangevuld met een klassiek zangkoor. De cd opent met het vierluik Thalassa Dominion, vernoemd naar de oergodin van de zee, en dat is eigenlijk niet zo'n hele sterke zet. Dit epos had beter het sluitstuk van het album kunnen vormen, want nu heb je na vier nummers al het idee dat de hele sightseeing-tour voorbij is. Probleem twee zit hem in het ego van de frontman. Geil als hij is van zijn eigen capriolen, verzanden veel nummers in oeverloos elektronisch geneuzel waardoor de aandacht al snel verslapt en je de draad kwijtraakt. Daar komt nog bij dat zijn geluiden nogal gedateerd klinken. Luister maar eens naar wat Orbital en Union Jack begin jaren negentig uitbrachten en je weet wat ik bedoel. Probleem drie is dat er wel degelijk een paar knallers op dit album staan. "Thalassa Dominion IV", "Solarwinds" en "Aquatic Majesty" zijn nummers waar alle waterdruppels op zijn plek vallen en zorgen voor een aangename getijdestroming. Het kan dus wel. Op de derde zal alles dus wel goed komen. Driemaal is immers scheepsrecht nietwaar?
File Under: Het land moet uitkomst bieden
Spock's Beard - Spock's Beard
Toen Neal Morse in 2002 Spock's Beard verliet, ging iedereen ervan uit dat de groep dan wel opgeheven zou worden. Maar nee, Nick D'Virgilio nam de honneurs achter de microfoon waar en er kwam gewoon een zevende Spock's Beard-album uit, Feel Euphoria. Ze waren daarop nog wat zoekende, maar het was niettemin een geslaagd album. Op opvolger Octane werd de lijn doorgetrokken en op album nummer negen, Spock's Beard, is dat niet anders. De band is weliswaar nog duidelijk een progrockband, maar slaat zo nu en dan ook zijn vleugels uit naar jazz, bluesrock of zelfs pure gerontorock. Luister maar eens naar het intro van "On A Perfect Day". Maar in hetzelfde nummer hoor je al in wat voor vorm Spock's Beard steekt. Van gerontorock naar dromerige akoestische passages naar pure progsynths, de heren draaien hun hand er niet voor om. Voor wie vreest dat Spock's Beard voor het grote succes gaat, is het tweede nummer, "Skeletons At The Feast", een geruststelling. Het is namelijk zes minuten en 33 seconden instrumentale Yesachtige over-the-top-prog. Meteen daarna blijk je wéér op het verkeerde been gezet: "Is this Love" is een nog geen drie minuten durende rockstamper. Nummer vier "All That's Left" is dan ineens weer een bijna Toto-achtig ingehouden nummer, met fraai samenzang in het refrein. Wie nu vreest voor een versnipperd of fragmentarisch album kan gerust zijn. Je krijgt eerder het gevoel dat ze zich niet langer aan het bewijzen zijn, en dat doet ze hoorbaar goed. Ze spelen met stijlen en ritmes en komen toch steeds weer bij songs met kop en staart uit. Spock's Beard was eigenzinnig en is dat nog steeds. Als ze dat op deze manier doen heb ik daar geen enkel probleem mee. Ik zet 'm nog maar eens op. Jum!
File Under: Eigenzinnige grote klasse
File Audio: [On A Perfect Day] [Skeletons At The Feast] [With Your Kiss]
Crossing Border 2006 - Donderdag
Oh mijn God, denk ik als we de trein uitstappen, wat een teringweer. Was het teveel gevraagd toen ik vroeg om mooi weer èn een leukere tweede dag? Nu ja, als mijn andere wens ingewilligd wordt vanavond, dan vind ik het al lang goed. Bas Jacobs van Pfaff is in ieder geval gekleed op het slechte weer. In een soort van wetsuit drumt hij terwijl hij zijn gedichten verpakt in liedjes voordraagt.
Buiten schiet een meisje ons aan. Of we een ritje willen maken in een van de drie Saabs die daar ronddraaien. Dat willen we zeker wel. We luisteren naar een hoorspel over een verliefd stelletje dat zich afspeelt in de auto. De ruiten beslaan. Wat zullen de mensen wel niet van ons denken? Het is nu al leuker dan gisteren. (Storm)
Lees verder..Norma Jean - Redeemer
Toen ik het recensie-exemplaar van Redeemer in mijn hand kreeg moest ik toch even twee keer denken. Stond deze plaat al niet tijden op mijn iPod? Jazeker was het antwoord. Niet dat ik er veel naar geluisterd had, maar de titel kwam me zo bekend voor. Het komt omdat de plaat al een paar maanden op internet stond. Nu is daar dan de officiële release. Sinds hun debuut in 2002 staan ze te boek als christelijke band. Van dit etiketje zal de band wel nooit afkomen, maar je doet de heren hier tekort mee. Waar een band als UnderOath te pas en te onpas koketteert met hun geloof, doet Norma Jean het wat subtieler. Redeemer is geproduceerd door Ross Robinson, die eerder met Sepultura, At The Drive-in en From First to Last werkte. Vanaf de eerste tot de laatste minuut is Redeemer een solide metalcore album. Schreeuwtje hier, schreeuwtje daar. Harde gitaren, met hier en daar een catchy melodietje. Maar dan net niet weer zo melodieus dat fans van het eerdergenoemde UnderOath het heel erg leuk zullen vinden. Single "Songs Sounds So Much Sadder" is een prima track, vooral door de gevarieerde zang van frontman Cory Brandan. Na het beluisteren van het hele album hoor ik toch teveel van hetzelfde. De songtitels zijn soms nog leuker dan het nummer, zoals bij "The End Of All Things Will Be Televised". Norma Jean mist net dat beetje extra wat een band als Atreyu wel heeft. Dat wil niet zeggen dat metalcore fans ontevreden zullen zijn met deze plaat, want het is er wel één volgens het boekje.
13 Januari speelt in Tivoli Utrecht
File: Norma Jean - RedeemerFile Under: En God zag dat het volgens het boekje was.
Johnossi / The Jai-Alai Savant
Vrijdag, dus tijd voor de letter J. De J van Johnossi bijvoorbeeld. Een duo uit Zweden. Ze hebben aldaar een cd, Execution Song, uit, maar die is Nederland nog niet leverbaar. Die komt hier begin 2007 pas uit. En dat is lastig als je voor die tijd komt toeren. Daarom niet getreurd en fluks een EP-tje uitgebracht, Execution Song EP, met vier nummers van Execution Song. Interessant voorproefje, met Britse invloeden, die duidelijk laat horen dat ze niet voor niks bij Mando Diao in het voorprogramma mogen.
De eerste full-length plaat van The Jai-Alai Savant is zelfs in hometown Philadelphia nog niet uit. In afwachting daarvan ligt er wel een EP-tje getiteld Scarlett Johansson, why don't you love me. Puike titel overigens. Het dingetje gaat dan wel weer vergezeld van een zeer uitgebreide bio (2 kantjes, arial grootte 8!). Alsof de EP niet voor zichzelf zou spreken. Ze maken volgens eigen zeggen punkrockdubreggae en dat klopt aardig. De titelsong is gewoon heel erg goed en de dubnummers op de EP kunnen er ook mee door. Alleen is het geluid daarvan behoorlijk beroerd. Laten we hopen dat dat op de komende full-length beter is. Want daar kijk ik naar uit, in tegenstelling tot naar dit.
File Under: Uit Zweheden!
File Audio: http://www.myspace.com/johnossi
File: The Jai-Alai Savant - Scarlett Johansson, why don't you love me
File Under: Puike punkrockdubreggae!
File Audio: diverse nummers
Ruffians - Desert of Tears
Het lijkt de laatste tijd wel alsof rockbands er een sport van maken om een zo oud mogelijke band weer bij elkaar te krijgen. Winnaar voor dit jaar lijkt Cactus te zijn, dat voor het eerst in dertig jaar een album uitbracht, maar voor Ruffians moet een podiumplek haalbaar zijn. Maar liefst negentien jaar zat er tussen het debuutalbumalbum Ruffians en dit Desert of Tears. De bezetting is ook vrijwel dezelfde als negentien jaar geleden. Dat is niet de bekendste bezetting, want toen zat zanger Carl Albert er nog bij, die later opdook in Vicious Rumours. Hij én bassist Dan Moura hebben het verschijnen van dit album niet meer mee mogen maken. Albert overleed in 1995, Moura in juli van dit jaar. Muzikaal is er in die periode weinig veranderd, want het is nog steeds tachtiger-jaren-powermetal met een vleugje Iron Maiden wat de klok slaat. De originaliteit is dan ook vergelijkbaar met het historisch besef van een eendagsvlieg, maar eerlijk gezegd stoorde me dat geen moment bij dit album. De songs zijn gewoon goed, de uitvoeringen - met vinnige dubbele gitaarsolo's van Craig Behrhorst en Chris Atchison - heel smakelijk. Zanger Rich Wilde heeft een ruige stem die prima bij de songs past. Alleen de rustige zang in de ballad "It Ain't Over" lijkt niet voor hem gemaakt te zijn. Het is niet vals, maar hij krijgt het met zijn ruige stem allemaal niet lekker zijn strot uit. Zijn stem is echter krachtig in de lage én hoge regionen, dus in de overige tien songs is het alleen maar genieten geblazen. Ruffians brengt ouderwetse powermetal, maar wel in de goede betekenis van het woord: powermetal met ballen, zonder een greintje gezapigheid.
Ruffians is komend weekend in Nederland:
Zaterdag 18 november in Café De Gloppe, Leeuwarden
Zondag 19 november in 013 (Bat Cave), Tilburg
File Under: Ouderwets in de goede zin
File Audio: [Ouderwets op MySpace]
Spires That in the Sunset Rise - This Is Fire
Dit is een van de vreemdste cd's die ik in tijden in handen heb gehad. Het begint al met het uiterlijk. We zien een grimmige, klungelige viltstifttekening waarop een groep vogelmensen cello's gemaakt van sinaasappels bespeelt. Binnenin zie ik dat de groep met de lastig te onthouden naam uit vier jongedames bestaat. Ook niet geheel alledaags zijn de instrumenten: mbira (duimpiano), slide gitaar, spike fiddle en autoharp. Zou dit een wereldmuziek-album worden, waarop deze conservatoriumstudenten, want zo zien ze eruit, klaterende Steve Reich-composities spelen? Het antwoord is neen. De grote vraag is wat het wél is. Niet voor niets draai ik er al honderd woorden omheen. Laat ik het atonale folk noemen. In elk geval niets in gangbare toonladders. Er wordt gezongen, maar vraag niet hoe. Al die snaarinstrumenten plingen en ploinken op unieke wijze. Het heeft iets bezwerends, maar misschien kun je dat van elk doorjengelend liedje zeggen. Al heeft de muziek een Amerikaanse country-sfeer, toch lijkt het of we hier naar de cryptische voorspellingen van de drie heksen in Macbeth luisteren. 'Make your mouth dream up stories of vagrant vines leading up to Glorious!' En dan is het tijd voor oorlog. 'Ai Ai', klagen de heksen. De percussie zet de bomen in beweging. Een woeste rondedans. Best amusant allemaal en een muzikale uitdaging om er "iets" uit te halen, maar pas in het slotstuk "Desert Mind" doen de dames een handreiking. De eerste melodie die het oor streelt, gespeeld op een banjo en elektrische (!) gitaar. Wat ook helpt is het harmonium dat de gekte gewijd doet samensmelten.
File Under: Fair is foul, and foul is fair
File Audio: [SpireSpace]
Crossing Border 2006 - Woensdag
Het ergste vind ik nog dat ik weet dat er morgen mensen aan me gaan vragen: 'Hoe was het in Den Haag?' En dat ik ze dan moet antwoorden dat ik zelden een vervelender avond heb meegemaakt op een festival als deze avond. Het was niet zo dat alles doorslecht was vanavond. Maar de kracht van een festival als Crossing Border is nou juist dat er eigenlijk altijd wel íets tussen zit dat je boeit en wat de besteding van je schaarse vrije tijd de moeite waard maakte.
Als ik nu - het is al laat als ik dit typ - een beetje glazig naar het schema kijk dat naast mijn computer ligt dan denk ik: 'Op tijd naar bed gaan was een betere optie geweest.' Bij deze nare constatering zijn natuurlijk wel een paar kanttekeningen te plaatsen.
Lees verder..Piter Wilkens - It fûgeltsje yn myn gitaar
Omdat we ons op File Under graag een brede kijk op de wereld aanmeten, is het ook verstandig de blik zo af en toe binnen de landsgrenzen te richten. Waarom van ver halen als je het ook dichtbij huis kunt vinden, nietwaar? Een criterium is echter wel dat het iets bijzonders is, de Groninger Ede Staal had dat, de uit Limburg afkomstige Gé Reinders ook wel. Er mogen bijvoorbeeld best wat literaire aspiraties inzitten. Ambities zien we ook graag, zoals bijvoorbeeld Nynke Laverman die heeft. De eveneens uit Friesland afkomstige Piter Wilkens heeft het ook, dat streven naar het bovengemiddelde. Buiten Friesland onbekend, want hij zingt bewust alleen in het Fries. In die provincie is hij de best verkopende muzikant en kan al jaren hoog in de 'hitlijsten' worden gevonden. Met dit laatste album wordt een eerbetoon gebracht aan Cornelis Vreeswijk, volgens Wilkens een muzikaal genie van het kaliber Bob Dylan of Jacques Brel. De in 1987 overleden Vreeswijk geldt in zijn tweede thuisland Zweden als één van de bekendste en meest geliefde dichter-zangers, die met zijn speels gebruik van zijn in rap tempo geleerde Zweeds de harten daar voor eeuwig veroverd heeft. Er is zelfs een speciaal Vreeswijkmuseum voor 's mans nagedachtenis ingericht. De gekozen liedjes hebben thema's als levenswijsheid ("Ienfâldich Trûbadoer"), hypocrisie ("Persoanlike Piter") en hippies op de Amsterdamse Dam ("Daamsliepers (Amsterdam 25-08-1970)"). Met contrabas en akoestische gitaar gesteund is het een soort folk, en somtijds cabaret. Vaak grappig, een enkele keer wrang. Maar zo is de troubadoer! Overigens ook met Nederlandstalige ondertiteling in het tekstboekje.
File Under: Friese tribute aan Cornelis Vreeswijk
Blood Brothers - Young Machetes
Fire!Fire!Fire! Vanaf de eerste tonen van deze plaat is al duidelijk dat The Blood Brothers er geen doekjes om winden. 'Set fire to the face on fire!' krijst het dynamische duo Jordan Bille en Johnny Whitney ons toe, want voor wie het nog niet wist: The Blood Brothers hebben niet eentje, maar wel twee van die krijskids. Zo over-the-top als dit duo heb ik het zelden horen gaan (wie At The Drive-In al erg vond, moet hier met een grote boog omheen lopen), maar voor geoefende screamo-luisteraar is dit weer dik genieten. Want deze bloedbroeders weten dat gekrijs ook nog eens te verpakken in gewaagde posthardcore-arrangementen vol gewaagde riffs en spannende ritmes, en bewijzen ze middels het soulvol swingende "Laser Life" (met orgeltje) ook het hitgevoeliger werk aan te kunnen. Maar eigenlijk zijn alle songs bescheiden hits, want pakkende refreintjes te over op deze muzikale excursie. Draai deze plaat een paar keer en voor je het weet loop je net zo hard mee te schreeuwen met "We Ride Skeletal Lightning", "You're The Dream Unicorn" en "Vital Beach" als ondergetekende. Waarmee dit Young Machetes verplichte kost is voor de liefhebber van fijne herrie.
File Under: Screamo-plaat van het jaar
File Audio: [Fire!Fire!Fire!]
Hot Puppies - Under The Crooked Moon
Het is altijd leuk om wat over een nieuwe cd te schrijven, maar soms valt een cd tegen. Under the Crooked Moon van The Hot Puppies werd me opgestuurd om te recenseren en ik kon hem wel tien, twintig keer opzetten. Maar een gevoel of mening kreeg ik niet over deze cd. Vervolgens zocht ik wat informatie over ze op. Hun website vermeldt dat Under the Crooked Moon hun debuut-cd is. Toen ik verder keek, zag ik dat ze al sinds 2002 verschillende ep's uit hebben gebracht. Nummers van die ep's hebben ze samen met een aantal nieuwe nummers op deze cd gezet. En ik las dat ze uit Caerdydd, Wales komen. Wales, kijk daar heb ik goede herinneringen aan; Ik ben er namelijk op vakantie geweest. Ik hoopte dat ik dan tenminste een vakantiegevoel van deze cd kreeg, maar zelfs dat kwam niet. En dat terwijl ik zelf om deze cd gevraagd had. Ik ging nog wat intensiever luisteren. Ik hoorde liedjes waarin orgels zijn verwerkt. Ik hoorde vrolijke up-tempo nummers langskomen. Soms deed het me aan muziekspeeldozen en straatorgels denken. En ook de gitaar heeft een belangrijke rol. Maar om nou te zeggen dat ik uit mijn dak ga van deze cd, nou nee. Toen ben ik hem maar eens in verschillende situaties gaan beluisteren. Ik luisterde er naar tijdens mijn werk. Ik zette hem op tijdens een treinreis. Daarna ging ik maar eens de keukenprinses uithangen tijdens het luisteren naar The Hot Puppies. Het eten smaakte me wel, maar de cd nog steeds niet. Uiteindelijk was de conclusie dat deze cd me niet zoveel doet. Maar kan ik dan ook zeggen dat de cd slecht is? Ik vind van niet. Dus mijn advies is dan ook: luister op hun website naar een aantal nummers en bepaal of de muziek jou wel raakt.
File Under: Zware bevalling
File Audio: [ Twee songs ]
File Audio: [ Kijken en luisteren ]
File Under Gastschrijver: [Marian]
Jon Auer - Songs From The Year Of Our Demise
Misschien is het niet altijd even leuk om regelmatig naast een bezwete, half ontklede en niet al te nuchtere bandmaat je toegiften te spelen. Alleen dat al moet toch af en toe een verademing zijn voor Jon Auer als hij solo op de planken staat. Natuurlijk is het heel erg rock'n'roll om zo je optredens in totale chaos te laten eindigen, maar het moet voor de man die binnen The Posies de verantwoordelijkheid draagt voor de porties honing soms wel eens welletjes zijn geweest. Op zijn eerste solo full-length - met een lengte van iets meer dan een uur wellicht zelfs te full - vinden we dus vooral veel van die honing terug. Auer klinkt solo gewoon zoals je zou verwachten dat The Posies zonder Ken Stringfellow zou klinken. Hij neemt wat vaker een akoestisch stapje terug en de teksten zijn uiteraard wat persoonlijker van aard. Eens te meer blijkt Auer naast een prima zanger tevens een begenadigd gitarist te zijn, iets wat meestal over het hoofd wordt gezien. Een reden hiervoor zou kunnen zijn dat Auer de kunst van het doseren verstaat en zich niet snel zal verliezen het onaneren van de gitaarhals. Tel daarbij op dat het niveau een stuk consistenter is dan die van de laatste Posies-platen en je kunt spreken van een uiterst geslaagd soloalbum. Zullen we er daar eentje op drinken?
File Under: De honing van The Posies
File Audio: [Jon's Space]
In the Fishtank 14 / Red Sparowes
Bij een samenwerking tussen (leden van) bands hoop ik altijd dat er iets moois bloeit. Dat hoeft niet eens per se iets onverwachts te zijn, maar dat mag natuurlijk best. Helaas kan het ook gebeuren dat er geen pest aan is. Nou is de kans dat dat gebeurt bij een project waar leden van het machtige Isis bij betrokken zijn niet zo heel groot. Zeker niet als ze zoals bij de veertiende versie van In The Fishtank samen met de Schotten van Aereogramme de studio in gaan. Ik had echt verwacht dat dit tot een enorme mooie clash zou leiden. Het zijn immers al op zijn zachtst gezegd nog krachtige bands. Helaas blijft het verbluffende resultaat waarop ik hoopte uit. Misschien komt het doordat Isis vermoeid was omdat het einde van hun tour naderde en Aereogramme nog fris was omdat hun tour nog moest beginnen dat er nooit sprake is van een balans (en dan heb ik het nog niet eens over synergie!) tussen de twee bands? Slechts in de tweede korte track "Delial" zie je de vonken overspringen, maar voor je het door hebt is dat nummer al weer voorbij. Een gemiste kans.
Dan doet een deel van Isis het in de post-rock supergroep Red Sparowes toch wel beter, hoor. In Red Sparowes zitten ook (ex-)leden van Neurosis en Halifax Pier. Hun tweede plaat Every Red Heart Shines Towards The Red Sun leest wederom als een boek. Ditmaal vertelt de band het verhaal van het Chineze volk onder het straffe regime van Mao Zedong en zijn Great Leap Forward. Dat vertellen doen ze alleen in muziek en vooral vanuit het oogpunt van het volk. Het maakt het volgen van het verhaal dat ze in de ultralange songtitels verstopt hebben wellicht wat lastig te volgen. Maar wie op de hoogte is van de Great Leap Forward (of even de moeite neemt zich hierin in te lezen) weet dat het grotendeels een groot fiasco was waarbij heel veel Chinezen de dood vonden en Zedong om de tegenvallende oogst tegen te gaan miljoenen spreeuwen liet vermoorden gaat de muziek al snel veel meer leven. Qua muziek heeft Red Sparowes vooral veel overeenkomsten met Explosions in the Sky, maar de invulling van details (bijvoorbeeld het basgeluid van Josh Graham) maakt dat de band meer dan voldoende onderscheidend is.
File Under: Gemiste kans.
File Red Sparowes - Every Red Heart Shines Towards The Red Sun
File Under: Nog immer een post-rock supergroep.
Roget Miret & The Disasters - My Riot
Graag had ik van dit verhaal een vervolg gemaakt op het stukje dat ik anderhalf jaar geleden schreef over de vorige cd van Roger Miret en zijn Disasters. Ook toen was zijn hoekige straatpunk nu niet direct de meest originele muziekstijl maar desondanks werkte het enthousiasme en de noeste arbeid aanstekelijk. Nu luister ik naar My Riot en raak er totaal niet geprikkeld door. Hoeveel liedjes over leren laarzen, leren jassen, straatrellen en dronkemansgedrag gaan we nog horen, vraag ik mij af. Het geschreeuw om een "Riot! Riot! Riot!" komt nogal kinderachtig over, vooral wanneer het uit de mond van een 40-plusser komt, en maakt in ieder geval geen enkele indruk meer. Het illustreert het grote probleem van Miret, die prima in staat is om een beukplaat met wat meeblêrliedjes te maken, maar simpelweg te weinig in zijn mars heeft om wat intelligentere muziek en teksten te schrijven. Zestien nieuwe nummers worden er op ons losgelaten en geen één voegt iets toe aan het al bestaande materiaal. My Riot doet zijn titel dan ook eer aan en is vooral tijdsbesteding voor Roger Miret zelf geweest.
File Under: Zijn rel, niet de mijne
File Video: [My Riot]
Bob Spitz - The Beatles
Je moet het lef maar hebben: na het publiceren van de zoveelste biografie van Bob Dylan ( Dylan: A Biography) begon Bob Spitz aan wat het ultieme boek over de al bijna even vaak in druk verschenen geschiedenis van The Beatles moest worden. Duizend pagina's zou hij er voor nodig hebben, wat een boek van baksteenachtige proporties opleverde met een notenapparaat en index van meer dan honderd pagina's. Het boek is dan ook geschraagd op fantastisch bronnenonderzoek. Honderden artikelen, boeken en interviews moet Bob Spitz hebben doorgeworsteld. Zijn grootste prestatie is misschien dan ook wel dat het een bijzonder prettig leesbaar boek is geworden. Door citaten uit interviews te gebruiken als ware het dialogen in een roman houdt hij de vaart erin. Alleen in de proloog slaat hij hier een beetje in door, zodat het lijkt alsof je een geromantiseerde biografie in handen hebt. Die truc is nergens voor nodig, want het verhaal van de opkomst en ondergang van The Beatles is van zichzelf al spannend genoeg. Maar moet je nou uit de enorme stapel Beatle-biografieen deze kiezen? Ja en nee. Ja, want uitgebreider is er nog niet geschreven over The Beatles, zelfs niet in de zelf-gepubliceerde hagiografie The Anthology. Ja, wanneer je liever Nederlands dan Engels leest, maar nee, wanneer het geld je niet op de rug groeit. Een jaar geleden verscheen de Engelstalige versie en dit stukje is geschreven naar aanleiding van de zojuist uitgebrachte Nederlandse vertaling. Vijf vertalers waren er nodig om dat karwei te klaren. De prijs is dan ook stevig: 49,50 EURO. Hiervoor heb je een gebonden boek, maar eenzelfde gebonden boek in het Engels kostte oorspronkelijk minder. De Engelse uitgever heeft intussen ook een paperback van de biografie uitgebracht en die kost slechts 19,90 EURO.
File Under: Definitieve biografieen
Ultra Brain - Neo Punk
Ik heb er een broertje dood aan. Arrogantie. Zelfverhevenheid. Megalomanie. Het is maar zelden dat een verhaal waar deze drie karaktereigenschappen vanaf druipen, garant staat voor een goed verhaal. Kunst om de kunst verdedigen met door grootheidswaanzin zichzelf ondermijnende clichés die het daglicht niet kunnen verdragen, maakt je muziek kapot, voordat er nog maar een noot gespeeld is. Het zelf creëren van een vooroordeel is de doodsteek, want alleen daarom kan ik alleen nog maar met een zonnebril met vettige varifocusglazen - afwisselend ironie en walging - luisteren naar het debuutalbum van de Japanse band Ultra Brain. Slechte naam, overigens. Zoveel intelligents is er tot nu toe niet uit die hersenen gekomen. Neo Punk, de naam van het album, slaat minder op een heel genre dan op het onderzoek van de band naar wat punk tegenwoordig is. Spiritueel is het antwoord. Ik hoor het niet terug, maar dat zou het misschien alleen nog maar erger maken. Ik zet mijn bril af als ik onverhoopt moet toegeven dat er ergens op dit album nog wel leuke dingen gebeuren - Japanse punkrock kent meer invloeden dan de Westerse punkrock en uitstapjes naar jazz, elektropop, hiphop en Oosterse traditionele klanken maken sommige liedjes ("Ghost Busterz" en "Dolphin") in elk geval het beluisteren waard -, maar met zo'n persbericht is de boel verpest voor mij. Niet lezen, zeg je? Niet meesturen, zeg ik.
File Under: Veel beter dan het persbericht doet vermoeden, maar laten we afspreken dat we zo'n persbericht dan volgende keer niet meer meesturen, ja!
File Audio: [Wat is MySpace in het Japans?]
Bauer - The Bauer Melody of 2006
Ik baalde dat ik de concerten van Bauer samen met het Metropole Orkest in het kader van het Crosslinx-festival moest missen afgelopen maart. De lovende recensies van de optredens achteraf waren zout in de wonden. En met de release van The Bauer Melody of 2006 doet Excelsior er nog een schepje bovenop. In eerste instantie dacht ik: 'Ha! Dan ben ik er lekker toch nog een beetje bij en kan ik dat nog vaker zijn ook!' Da's immers een fijn voordeel van cd's. Maar toen ging ik de cd beneden in de woonkamer draaien en dacht ik: 'Fuck! Dit moet live in Utrecht, Eindhoven of Enschede nóg zoveel mooier zijn geweest dan ik ooit kan bereiken hier in huis!' Ik knarsetandde. Want gelijk in het eerste nummer "A Bouillabaisse Of Brilliance" merk je dat het niet mogelijk is zo'n breed georkestreerd warm klanktapijt te verdelen over twee speakers. Dat kan domweg nooit zo mooi zijn als in het echie met een heel orkest erbij. De liedjes op deze Bauer Melody of 2006 zijn een mix van materiaal van de cd's die Bauer eerst solo en later als popduo uitbracht met speciaal voor deze samenwerking geschreven liedjes. Het verschil tussen deze liedjes in kwaliteit is nihil. Het lijkt wel alsof de liedjes van Berend Dubbe en Sonja van Hamel nooit voor een ander doel geschreven zijn dan om met een heel orkest uit te voeren. Maar weet u wat het nare is? De uitvoeringen in Amsterdam (vandaag) en Den Bosch (zaterdag) moet ik noodgedwongen ook aan me voorbij laten gaan...
File Under: Bauer uitgebouwd verbauereerd
Planet Alliance - Planet Alliance
Ik heb op deze plaats al vaker geroepen dat ik niet zo dol ben op projecten waarbij tapes - en tegenwoordig bestanden - worden uitgewisseld en daarmee cd's worden samengesteld waarbij nauwelijks van samenspel sprake is. Ieder doet zijn stukkie en een producer plakt het aan elkaar. Project klaar, met weinig kosten. Door dat laatste zijn met name platenbazen dol op zulke projecten. Maar in veel gevallen hoor je wel degelijk dat een cd zo ontstaan is. Er worden niet ter plekke ideeën over het materiaal uitgewisseld, waardoor ieder zich beperkt tot het werk zoals ze dat altijd leveren. Dat kan nog steeds uitstekend zijn, maar het laatste beetje sprankeling ontbreekt en maakt daarmee het verschil tussen vakwerk en een klasseplaat. Daarmee is ook uitgelegd wat er ontbreekt aan het album van Planet Alliance. Het is verder een prima metalplaat op het randje van neoclassical metal, met zanger Mike Andersson (Cloudscape) en lopende-band-projectenbouwer Magnus Karlsson (Starbreaker, Allen-Lande), samen met een stel andere grote namen uit de Zweedse metalscene en Bob Daisley (Living Loud, ex-Ozzy). De meeste songs spuiten er vanaf de eerste maten flink vandoor, met hier en daar een rustpuntje als "The Quickening". Andersson toont zich een prima zanger, die zowel de snellere stukken als de rustiger passages met verve vertolkt. Bij de snellere stukken doet hij wel wat denken aan Jeff Scott Soto in zijn Malmsteentijd. De snelle gitaarsolo's worden op goed-Scandinavische wijze veelal voorzien van een achtergrond met staccato gitaren. Wie zijn kast vol Zweedse metal heeft staan wordt hier vast heel blij van, wie alleen de krenten uit de Zweedse-metalpap wil hebben kan beter eerst even luisteren.
File Under: Leuk, maar tegelijkertijd net... niet
File Audio: [fragmenten]
Pernice Brothers - Live A Little
Volgens mij bestonden er vroeger veel meer 'Brothers-bands'. Je had de Everly, Doobie, Allman, Isley, Bellamy, Neville Brothers en zo waren er nog veel meer. Het waren alleen niet altijd echte broers. Van de andere kant heb je broers die samen in een band spelen maar het woord 'brothers' niet gebruiken zoals The Kinks, CCR, Dire Straits en natuurlijk de Beach Boys. De band Pernice Brothers uit de omgeving van Boston valt soms in de ene en soms in de andere categorie. Pernice Brothers is Joe Pernice met vier andere muzikanten. Broer Bob Pernice heeft de band samen met Joe opgericht maar is geen vast bandlid. Hij komt af en toe eens meedoen maar haakt af als er getoerd moet worden. Pernice Brothers hebben zojuist hun zesde plaat uitgebracht en daar moeten we blij mee zijn. Live A Little is een prima plaat met twaalf popsongs in de traditie van Badfinger en Bread maar ook van onze eigen Serenes en Johan. Joe Pernice is een van de vele ondergewaardeerde liedjesschrijvers, dat had hij ook al met zijn vorige platen bewezen. Deze nieuwe CD opent gelijk met twee van de beste liedjes: "Automaton" en de single "Somerville". De laatste track "Grudge F*** (2006)" is een mooie nieuwe versie van een tien jaar oude nummer van Joe's vorige band Scud Mountain Boys. Live A Little hoort in ieder geval bij mijn favorieten van 2006.
File Under: Lightheaded
Alan Tyler - .. & The Lost Sons Of Littlefield
Eigenlijk had ik het verhaal over de gelijknamige cd van Alan Tyler & The Lost Sons Of Littlefield al in mijn hoofd zitten. Het moest iets worden over paarden, want daar heeft de muziek van deze band veel mee te maken. Ik wilde dit koppelen aan de fietstocht die ik, sinds deze week, elke ochtend af leg naar mijn (tijdelijke) werkgever. Onderweg kom ik namelijk paarden tegen in een prachtig gelegen weide verblijven. Ik zou er mij dan eentje toe eigenen, een cowboyhoed kopen, dagelijks de rit op de rug van het dier naar mijn werk afleggen, het paard aldaar op de parkeerplaats stallen en deze cd op mijn afdeling draaien. Het zielige nieuws over een groep de paarden dat vastzit op een (plots ontstaan) eiland in Marrum gooide echter roet in het eten, want het positieve gevoel bij het denken aan paarden is weg. Wel heb ik nog de cd: Eentje in het genre country en dan in de hoek van de meer traditionele hoek. Een album dat op het eerste oor vrolijk stemde door een aantal nummers die in huize Ewie al snel meegezongen worden, waaronder een cover van de klassieker "Ghost Riders In The Sky" van Johnny Cash. Het gevoel is echter langzaam aan het wegzakken. Is het de schuld van de Friese paarden of is dit allemaal toch te gezapig? Ik ben er nog niet uit. Ik lees trouwens net dat de paarden gered zijn. Zal ik toch mijn eerste plan maar weer van stal halen voor het schrijven van de tekst voor een stukje?
File Under: Cowboymuziek voor schiethelden
The Police - Everyone Stares - The Police Inside Out
Vorige week moesten we afreizen naar Augustinusga om Kyka uit te zwaaien. Ik gooide het op een akkoordje en mocht op de heenweg achterin zitten en een dvd'tje kijken. Dat werd Everyone Stares. De vorige keren dat ik die dvd bekeek vond ik erg vermakelijk. Vooral door het droge commentaar van Stewart Copeland. Everyone Stares is een samenvatting van ruim een uur van de beelden die hij maakte met zijn Super 8-camera. Die kocht hij van het eerste geld dat hij overhield aan The Police. Dat was al vlot na het opstarten. Het maakt Everyone Stares tot een unieke film. Copeland filmde namelijk bijna alles van begin tot eind. Hij kon de camera zelfs bedienen vanaf zijn drumstel. Je ziet hem dat dan ook doen tijdens een optreden. Copeland drumt rustig door en praat met de camera. Je ziet het kreng ook terug in de videoclip van Do Do,De Da Da Da. Maar je krijgt een goed beeld van hoe The Police van een band van drie kameraden verandert in rockmoloch bestaande uit drie eilandjes die tot in alle uithoeken toeren. Voor ons Nederlanders is het mooi om te zien dat de beelden van Pinkpop niet gesneuveld zijn tijdens de selectie. Dat festival wordt door The Police zelf ook als zeer belangrijk gezien voor de band. Opvallend vond ik ook dat Junior, die met mij meekeek, zonder mopperen de hele film uitzat. En dat is raar, want hij spreekt nog niet veel meer Engels dan hij bij Dora geleerd heeft. Nog raarder is dat hij me op een bepaald moment vroeg wat een roadie is. Niet veel later legde Copeland in beelden het belang van roadies haarfijn uit, als achter hem een belachelijk groot drumstel opgebouwd wordt en hij rustig niets zit te doen. Junior, oog voor detail hebbend, spotte natuurlijk de blote billen die een roadie toont. We drukten op de 'terug'-toets, en keken en lachten nogmaals. Het zijn dat soort momentjes die deze dvd - in tegenstelling tot live-varianten - tot een maakt die je vaker op zet ondanks de af en toe shabby kwaliteit van beeld en geluid.
File Under: We stare indeed.
Danko Jones
"Fuck yeah! We willen zeker de beste zijn"
Danko Jones is de headliner van de Antidote tour die 7 november langskwam in Tilburg. Voor zijn optreden confronteerde File Under hem met enkele uitspraken die hij in het verleden had gedaan en vroeg om verdere uitleg.
The Magic Numbers - Those the Brokes
Soms begrijp ik het zelf niet, het warme gevoel dat blije, cleane, meerstemmige popliedjes bij me oproepen, maar het debuut van The Magic Numbers deed het voor mij. Op cd, op Lowlands, in Paradiso, nog lang daarna en nog steeds toen ik verliefd werd. Ik weet wanneer ik moet klappen bij "Love Me Like You", wat ik altijd doe. Ik weet wanneer ik mijn airguitarloopje moet inzetten - van hoog naar laag! - bij "Long Legs". Ik weet wanneer het stil moet zijn bij "I See You, You See Me" en welke stem ik het liefst zing bij "Wheels on Fire". En dan opeens is er het nieuwe album, dat ik beluister met het eerste in mijn achterhoofd. Bij welke liedjes moet ik klappen? Wanneer ben ik stil en wanneer zing ik mee, al dan niet de tweede stem? En waarvan ik hoopte dat het niet zou gebeuren, gebeurde: ik werd een beetje treurig. Heeft openingsliedje "This is a Song" nog de drums die me meevoeren, en hebben "Take a Chance" en vooruit ook "Carl's Song" nog wel coupletten of regels die ik mee wil zingen, het soultrucje van het eerste album ("Love is a Game") is een grote truc geworden die niet het hele album door werkt. Gevoelige liefdesliedjes worden hier zeikliedjes - daar helpen de wat klagerige, puberale teksten niet bij - die te lang duren en lijken nog gladder geproduceerd - nog cleaner kan ik niet aan, geloof ik - waardoor Those the Brokes en ik wil het eigenlijk niet zeggen, saai wordt. Is. Het had wat langer kunnen duren voor dit tweede album kwam. Dan had Romeo Stodart zijn soultrucje wat kunnen verfijnen, de slechtste liedjes van het album af kunnen halen en een beetje catchyness in zijn klagen kunnen leggen. Misschien was het dan goed gekomen. Nu baal ik. En ik geef The Magic Numbers de schuld. Sorry.
File Under: Dit keer zoek ik het klapvee niet bij elkaar
File Audio: [Luisterpaal, nog even] [Hier natuurlijk ook]
Teamkiller - Bad Signs
Ik zit al jaren niet meer in trein of bus. Sinds mijn geliefde OV-jaarkaartje mij werd afgenomen door die nare IBG zie ik geen voordelen meer ten opzichte van de lekker warme en altijd rustige auto. In mijn trouwe vierwieler kan ik de muziek zo hard laten blaffen als ik maar wil, zonder ergerlijke gezichten van bejaarden of gereformeerden en daarnaast ben ik niemand tot last wanneer ik naar hartelust mee zit te trommelen op het stuur en dashboard. Dit is blijkbaar een hardnekkige gewoonte geworden, want toen ik onlangs toch weer eens met die verfoeide trein reisde duurde het erg lang voordat ik begreep waarom mensen me toch ze geïrriteerd aan zaten te kijken. Met Bad Signs, debuutalbum van het Duitse Teamkiller, op het mp3dinges waren mijn benen en vingers blijkbaar een heel eigen leven gaan leiden en trommelden en stampten er lustig op los. Wanneer je de agressie en pure bruutheid van deze CD eenmaal hebt gehoord zul je begrijpen dat het er niet zachtjes aan toeging in die coupé. Moet vast een vreemde aanblik geweest zijn, zo'n keurige jongeman met glimmend attacheekoffertje die met een psychotische grimas in de rondte aan het tikken was... Het zegt wel alles over deze gierend goede beukplaat die linea recta in het rijtje hardcoretoppers van dit jaar geplaatst kan worden. Aan de andere kant is het misschien juist een goede zelfbescherming om niet actief aan het verkeer deel te nemen wanneer je naar Bad Signs luistert: knappe jongen die de teller dan onder de 120 weet te houden!
File Under: Meetikken is een must
File Audio: [All Time Low][Fist Of Flesh]
Talisman - 7
Talisman is een opmerkelijke band in de melodieuze hardrock. Ergens in de jaren tachtig begon het als een project van bassist Marcel Jacob, en al snel waren ook zanger Jeff Scott Soto en gitarist Fredrik Akesson van de partij. Sindsdien is er met flinke tussenpozen materiaal uitgekomen, maar wel om de schema's van allerlei andere bands gedrapeerd. Talisman is zo ongeveer het thuishonk waar de heren lekker voor zichzelf komen spelen als het werk bij andere bands erop zit. De songs zijn melodieuze hardrock, maar met een behoorlijke hap funk erin. Dat zit 'm vooral in de zang van Scott Soto, maar de immer zeer prominente baspartijen van Marcel Jacob dragen daar zeker ook aan bij. De songs zijn bij Talisman mooi afgeronde werkjes van drie tot vijf minuten, met niet zelden uiterst catchy en zelfs hitgevoelige refreintjes. Op het nieuwe album 7 is dat niet anders. "Nowhere fast" is bijvoorbeeld een poepiecommerciële track, vanaf de eerste noot. En toch krijg je op dit album het gevoel dat het bij het componeren soms op de automatische piloot is gegaan. Het is dat het zulke klassemuzikanten zijn die het uitvoeren, maar "On my way" is bijvoorbeeld een song die wel erg op formulewerk begint te lijken. Niettemin is Talisman ook op dit album weer zeer herkenbaar en zijn de uitvoeringen van een bijna vanzelfsprekende klasse. Nu weer iets meer moeite doen bij het schrijven van de songs en alles sal reg kom...
File Under: Bijna bijna vanzelfsprekende klasse
File Audio: [Falling] [Nowhere fast] [Rhyme or reason]
Luna - The Best of Luna
Een jaar of tien geleden had een vriend een paar cassettes voor mij opgenomen met nummers van Galaxie 500 en Luna. De dromerige gitaarmuziek van de twee bands van Dean Wareham beviel mij uitstekend maar toch heb ik nooit een CD van een die bands gekocht. Ik was dus niet zo heel vertrouwd met de muziek van Luna en daarom klinkt deze Best of voor mij gewoon als een verzameling songs, niet als een 'best of'. De verzameling is samengesteld door Dean Wareham zelf en in het bijgevoegde boekje heeft hij bij elk nummer een kort stukje geschreven. De CD opent met het prachtige "Moon Palace", Deans favoriete Luna-track. In het stukje tekst legt hij niet uit waarom hij deze song zo goed vindt, hij legt wel uit waar het over gaat. Ook de andere persoonlijke beschrijvingen zijn leuk om te lezen, het geeft de toch al fraaie liedjes een extra dimensie. Het is goed om te weten waarom "Friendly Advice" klinkt als de Velvet Underground: Sterling Morrison speelt mee op dit nummer en dat Dean huilde toen hij dit nummer voor het eerst hoorde. Mijn favoriete nummers zijn echter "California (All The Way)" en "Tiger Lily" en ook daarbij hoort een kort interessant geschiedenislesje. Deze uitgave van Best of Luna bevat ook nog een leuke bonus-CD met 17 covers die ze in de loop der jaren opgenomen hebben.
File Under: Droomreis
Billie The Vision And The Dancers - The World According To Pablo
Zweden is een prachtig land. Fjorden, elanden, Stockholm, blondines, Volvo, dat soort werk. Alles wat den mensch nodig heeft. En het zijn ook nog eens sociaaldemocraten; althans, tot dit voorjaar was dat zo. Want is er nu een rechtse regering. Maar daardoor laten Billie The Vision And The Dancers zich niet van de wijs brengen. Volgens het klassieke socialistische mantra van 'eerlijk zullen we alles delen' blijven zij al hun muziek gratis aanbieden. Dat is maar goed ook, want hier in Nederland is er nog geen label zo verstandig geweest hun laatste liefdesbaby The World According To Pablo uit te brengen, waardoor u afhankelijk bent van Billie's eigen website. Wat natuurlijk een gotspe is, omdat de liedjes van Billie The Vision, een zevenkoppig ensemble uit Stockholm, óf hartverscheurend mooi als een strandwandeling in de stromende regen óf vrolijk als dansende madeliefjes in het Vondelpark zijn. Trompetjes, sambaballen, violen, mondharmonica's, het kan allemaal. Kortom, voor ieder wat wils. Slechts lezers uit St. Maartensdijk en omgeving kunnen beter doorklikken. De Pablo uit de titel is namelijk biseksueel en steekt dat niet onder stoelen of banken, dus dat gaat de priester nooit goed vinden. Hoewel, Ted Haggard misschien wel. Stiekem. Maar dan zijn er nog al die driehoeksrelaties. Naast Marcus doet Pablo het namelijk ook met Lily en zo af en toe vlucht hij naar de armen van Jessica. U snapt, er is aan deze musical op plaat geen touw aan vast te knopen. Aan de andere kant: dat is ook nergens voor nodig. Overigens, voor er misverstanden ontstaan: stiekem mag u ook wel álle liedjes via onderstaand linkje downloaden hoor. Ze zijn namelijk allemaal dik in orde. En mooi ook. En vrolijk.
File Under: Een Wasa-cracker met vulling voor de oortjes
File Audio: [Twee albums voor de prijs van geen!]
Heritage Orchestra - Heritage Orchestra
Wat krijg je als je iedereen te vriend wil houden? Een compromis waar nou net niemand helemaal tevreden mee is. Politiek gezien is dat acceptabel, maar bij muziek ligt dat anders. Een voorbeeld: deze week voltooide Microsoft het besturingssysteem Windows Vista. Het opstartgeluidje daarvan, vier tonen, is ingespeeld door King Crimson-gitarist Robert Fripp. De beste man heeft de tune letterlijk op duizenden manieren ingespeeld, Vervolgens mocht een Microsoft-comité eruit kiezen. Het eindresultaat klinkt echter niet als Frippertronics, maar als godvergeten bloedeloos getwoink! Tsssk. Ik hoop dat Fripps overige werk nog in het Plus Pack wordt uitgebracht. Enfin. Komen we bij een andere plaat. Het 43-koppige, pas anderhalf jaar jonge The Heritage Orchestra speelt filmische jazz/funk-stukken met veel strijkers, gecomponeerd door Jules Buckley. Desondanks zou dit album een waagstuk moeten zijn: het jazzorkest wil een 'nieuwe muzikale richting' inslaan, ergens tussen orthodox-orkestrale muziek en populair werk in. Vandaar dat soms een zangeres meedoet, en dat de gave in- en outro in "Tell Me Stories" door natuurlijke herhaling de spanning mooi op- en afbouwen. Maar het traditionele probleem met dergelijk grote orkesten, dat iedereen aan de beurt moet komen, treedt ook hier op. Niet dat het gezelschap zich er makkelijk vanaf maakt. Het is allemaal erg verantwoord en uitermate muzikaal, maar daarom tegelijk ook belegen en vervelend, kortom, typische muziek die op conservatoria gespeeld wordt en die je daarbuiten hoort te mijden als gevogelte op Domino Day. En dat kan toch niet de bedoeling zijn van een orkest dat wil overkomen als frisse jonge garde.
File Under: Music for the classes
File Audio: MySpace
Aluminium - Aluminium
Verdilleme, ben ik het tóch vergeten. Ik had me zo voorgenomen om u op tijd in te seinen dat het nieuwe project met liedjes van de hand van Jack White alleen maar via Internet verkrijgbaar zou zijn en bovendien ook nog eens in gelimiteerde oplage. Nu ben ik een tikkie te laat, want de alle 999 exemplaren persingen van Aluminium zijn al uitverkocht. Schrale troost: ik was zelf ook te laat om ze te bestellen. En da's best jammer, want bij elk van de tien tracks heeft Rob Jones (die al meer artwork maakte voor White Stripes) tien ontwerpen gemaakt bij de composities van Jack White. Die zijn op LP-formaat natuurlijk veel mooier dan op cd-formaat. Van de 3333 gebrande cd's zijn er nog wel enkele over, dus als je rap bent dan kun je nog een exemplaar bestellen. Maar, pas wel even op. Ik moet u eerst nog wel even vertellen dat je op Aluminium een hele andere kant van Jack White hoort dan bij White Stripes of Raconteurs. Het betreft hier namelijk liedjes van White Stripes die door componist Joby Talbot (ooit Divine Comedy-lid) bewerkt zijn voor orkest. De platenmaatschappij rept over avant garde orchestral recordings, ik vind dat avant-garde-gehalte nog wel mee vallen, dat heb ik wel eens erger gehoord. Aluminium verbaast me wel, ik had niet verwacht dat de White Stripes-liedjes dit in zich hadden. Af en toe (bijvoorbeeld in het openings- en titelnummer) lijkt het wel een beetje of de muziek op maat geschreven is voor een aflevering van pak 'em beet Tom & Jerry. In andere nummers kun je invloeden van moderne componisten als Philip Glass en Carl Orff. In "Who's a Big Baby" hoor je bizar genoeg bijna letterlijk het overbekende riedeltje van Orff's "Carmina Burana" terug. Een rare combinatie als je terugdenkt aan de originelen. En als ik eerlijk ben, dan vind ik deze versies leuker.
File Under: Classic Jack White
File Audio: [But of course]
Saidian - Phoenix
Het zou misschien eigenlijk niet mogen, maar als ik een grote naam als hulpje zie bij een cd, dan heb ik toch altijd de hoop dat dat leidt tot iets verrassend goeds voor zo'n album. Helaas gebeurt dat misschien wel vaker niet dan wel. Op de nieuwe cd van Saidian spant het er een beetje om. Het hulpje op hun nieuwe cd heet Jon Oliva. U weet wel, van onder andere Savatage, Jon Oliva's Pain en Trans-Siberian Orchestra. Ik had dus goede hoop dat zijn invloed en ervaring op Phoenix ook goed te merken zou zijn. Misschien komt het omdat Oliva's hulp beperkt blijft tot het nummer "Crown of Creation" dat het helaas niet geworden is wat ik er van gehoopt had. Als hij dan toch helpt, waarom helpt Oliva dan niet gelijk met de productie, bijvoorbeeld? Dan was die vast beter geweest dan dat deze nu is op Phoenix. Grote kans ook dat hun stevige melodieuze metal dan wat beter uit de verf zou komen. Nu hoor ik wel dat de liedjes op dit tweede album van Saidian best oké zijn, maar de touch die het aantrekkelijk maakt ontbreekt net. En dat is jammer, want ik houd op zich wel van het snelle tempo van de liedjes zoals Saidian ze, opgezweept wordt door de van Primal Fear overgekomen drummer Klaus Spelling, maakt. Helemaal in combinatie met de hoge uithalen zoals die van zanger Markus Engelfried. Misschien volgende keer Oliva nog eens bellen en vragen of 'ie blijft logeren?
File Under: No Phoenix rising yet
File Audio: [Hele reeks]
Drive By Wire / Danger Men
Eigenlijk kan ik het me nog als de dag van gisteren herinneren, ook al moet ik teruggaan naar het jaar 1999. In een interview met zangeres/gitarist Simone Holsbeek door Marc Stakenburg in Leidsekade Live werd bevestigd dat de Deventerse band Cords ermee stopte. Nu zat ik destijds ver weg van alles wat popzaal mag heten en ik heb ze dan ook nooit live gezien. Er staan inmiddels wel enkele cd's in mijn kast en de lofi-opvolger Telefunk zag ik een aantal keer optreden. Om een vreselijke reden hield dit op en ik vreesde nooit meer iets van Holsbeek te horen. Verrast was ik dan ook toen ik vernam dat ze weer muziek maakte. De band DriveByWire die ze samen met Alwin Wubben (ook ex -Cords) vormt doet qua ruigheid niet onder voor Cords: PJ Harvey versus The Breeders versus Kyuss (en dat zonder basgitaar!), zoiets. Op het album dat eigenlijk al in mei is uitgebracht speelt Hans Rutten (Gathering) mee op drums en een gastbijdrage van Anneke van Giersbergen lijkt dan ook een logisch gevolg. 'Don't look behind,' zingt Holsbeek in het openingsnummer "Tar." Dat lijkt me duidelijk, DriveByWire is een fijn nieuw Nederlandse band erbij. Nog wel even genoemd mag worden dat de productie in handen was van Maz Morsink, en die zat -hoe kan het ook anders- ook in Cords.
Een bruggetje is dan snel gemaakt naar Danger Men, want dit is de andere band die voortkwam uit Cords met Marc Fabels en (jawel!) Maz Morsink. Ook zij zijn niet bij de pakken neer gaan zitten en hakken er ook heftig op los: Sonic Youth meets Beck, zoiets. Een wat modernere inbreng dus dan die van de andere afsplitsing, maar niet minder intens. Danger Men maakt muziek met ballen: rauw, maar ook bij vlagen dansbaar. Anger Me is alweer hun tweede schijf. Ze mogen wat mij betreft samen met DriveByWire door naar de eredivisie van de Nederlandse rockbands. Eens kijken wie de degradatiekandidaten zijn.
DriveByWire speelt:
30 november in Doornroosje Nijmegen
26 december Paradiso Amsterdam
File: Danger Men - Anger Me
File Under: Ooit waren er Cords
File My Space: [DriveByWire][Danger Men]
The Haunted - The Dead Eye
Op de hoes van The Dead Eye, het vijfde album van de The Haunted prijkt een Röntgenfoto van de nek. De nek is een essentieel onderdeel van het menselijk lichaam. Zonder nek immers geen zwiepende hoofdbeweging, de basismove voor de beginnende en gelouterde metalliefhebber. Je zou bijna denken dat bandleden Anders en Jonas Björler (ex-At The Gates) alsmede Patrik Jensen (Witchery) hiermee iets duidelijk hebben willen maken. Misschien wel dat de nekken van deze oudgedienden wat overbelast waren na al dat onmenselijk geweld wat we op eerdere albums van deze neothrashers hebben gehoord en dat ze het daarom wat rustiger aandoen op de nieuwe cd. Verwacht dus geen aaneenschakeling van eindeloos gitaargebeuk meer. Het lijkt haast wel of de tijgerbalsem waarmee de spieren zijn gekalmeerd zo doorgesijpeld is in de muziek van deze Zweden. Het geheel klinkt namelijk ongelooflijk greasy. Er wordt rustig op los geëxperimenteerd met stoner-, sludge- en doom-invloeden. Monster Magnet is een naam die geregeld in mij opkomt. Het tempo gaat veelvuldig omlaag, er is ruimte voor ingetogen passages met cleane zang en er komen natuurlijk ook nog de nodige en heftige trashpartijen voorbij. Zanger Peter Dolving is weer terug en zijn veelzijdige stemgebruik past uitstekend bij de nieuwe koers die The Haunted lijkt te varen. Een koers die mij uitstekend bevalt. Ben echter wel bang dat er toch een zenuw beschadigd is in vroegere tijden. Alle songtitels beginnen namelijk met 'The'. Dat moet toch beter kunnen de volgende keer.
File Under: The
Värttinä - Miero
Met een beetje slechte wil kun je in Värttinä echo's van Treble horen. Althans, iets van dergelijke strekking meldde een collega mij die naast mijn bureau stond, terwijl we over werk praatten en ik de nieuwe cd van deze Finse band draaide. Er zit ook wel wat in hoor. Ga maar na: Värttinä heeft ook drie frontvrouwen die meerstemmig en in cirkelzang, dat in een onbegrijpelijke taal (al is dat gewoon Fins) doen en diep in folk gewortelde muziek maken. Ik had hetzelfde kunnen denken bij het bij oppervlakkige beluistering van het eerste nummer en als ik niet beter wist. Helemaal op het beschaafde volume waarop ik deze tiende cd van de Finnen afspeelde. Beluister je "Riena" - het nummer in kwestie - een beetje beter, dan hoor je dat het veel grimmiger van toon is dan Treble in al haar opgewektheid ooit zal klinken en bovendien muzikaal ook veel dieper graaft in dit en de twaalf andere nummers. Bovendien, Värttinä bestaat zo ongeveer al langer (sinds 1983!) dan de dames van Treble oud zijn. Värttinä was vast en zeker wel van invloed op hen en zeker niet andersom. Net zoals ze hoogstwaarschijnlijk van invloed waren op vele andere folkgroepen zoals bijvoorbeeld de meisjes van het Belgische Laïs. Dat Värttinä garant staat voor kwaliteit blijkt wel uit het feit dat Peter Gabriel's Real World hun nieuwe cd Miero uitbrengt. Daar kom je niet zomaar binnen. Geen idee of het door deze nieuwe deal komt, maar ik kan me niet herinneren dat Värttinä op een van hun vorige cd's hun muziek zo uitgediept en uitgebalanceerd ten gehore bracht. Bovendien experimenteren ze ook wat meer dan voorheen. Al moet gezegd dat de nadruk zoals altijd wel heel erg ligt op de fabelachtige vocalen van Mari, Susan en Johanna. Het maakt dat de zeskoppige band spelend op zowel traditionele als nieuwerwetse instrumenten, die hier toch wel degelijk vernuftig musiceert, een beetje vertoeft in de schaduw van de drie. Maar in die schaduw is het volgens mij best goed vertoeven.
Of dit zo is kunt u de komende dagen hier zelf gaan bekijken:
za 11 nov 2006 Värttinä - Melkweg (Amsterdam)
zo 12 nov 2006 Varttina - 013 (Tilburg)
ma 13 nov 2006 Värttinä - Oosterpoort (Groningen)
File Under: Fijne Flonkerende Finse Folk Femkes
File Audio: [Kleine stukjes slechts hier]
File Video: [Hier, live-energie!]
Tristeza - En Nuestro Desafio
Jimmy LaValle schijnt er nog in gespeeld te hebben, in dit Tristeza. In 2003 verliet hij de band echter om zich meer te richten op zijn solo-project the Album Leaf, spannende platen als het recent verschenen Into the Blue Again tot gevolg hebbende. Leuk voor hem natuurlijk, maar spijtig voor
Tristeza: ze hadden zijn hulp namelijk best kunnen gebruiken. Niet dat En Nuestro Desafio een slechte plaat geworden is, zeker niet. Het is zelfs een bij vlagen uiterst hypnotiserende luisterervaring. Vervlochten gitaarpartijen vol echo, diepe bastonen, duistere en/of weidse keyboardpartijen, dat werk. Aan de hand van deze elementen wordt een sfeervol klanktapijt gecreëerd, dat bij elkaar gehouden wordt door heerlijk lome baslijnen. Ambient die je ouders ook nog zouden herkennen als muziek, zeg maar. Een beetje vergelijkbaar met een deel van het oeuvre van het onvolprezen Yo La Tengo. Helaas ontbeert Tristeza's derde de onderhuidse spanning die ervoor zorgt dat je een heel album lang op het puntje van je stoel blijft zitten. Het luistert allemaal uiterst lekker weg en de nummers lijken gedegen in elkaar te zitten, maar echt spannend wordt het nergens. Met name het tweede gedeelte van En Nuestro Desafio gaat ongemerkt aan je voorbij totdat je plots merkt dat de cd afgelopen is. Misschien moeten ze dus toch maar weer eens om de tafel gaan zitten met Jimmy LaValle.
File Under: Loom bebaste ambient
File Audio: your space or mine?
Primordial Undermind - Loss of Affect
Er ritselt iets in het gras. We staan op een open plek in de jungle. Verwoed slaan we de muskieten van ons af. De avond valt in een roze gloed. Onbekende geluiden zijn overal. Alles is nieuw. Primordial Undermind brengt de luisteraars naar het Hondurese oerwoud uit het boek The Mosquito Coast van Paul Theroux. Althans, zo voelt het voor mij. De vijf vanuit Oostenrijk operenden muzikanten avantrocken in totale psychedelische vrijheid. Jaloersmakend goed. Zeker als ik lees dat alles live zonder overdubs is opgenomen. Het speelplezier is aanstekelijk. Adem nu eens diep in zou de vader, die zijn gezin de jungle in heeft gesleept, kunnen zeggen. Dit is het echte leven. Voel! Iemand begint wat op een gitaar te tokkelen. Het lijkt wel een raga. De akkoorden zouden ook eeuwig mogen duren. Dat zal niet gaan, want er moet gewerkt worden. We bouwen een nederzetting onder begeleiding van maniakaal drumgeroffel. De Industriële Revolutie heeft eindelijk deze contreien bereikt. Pas tijdens het 6e nummer raakt de betovering uitgewerkt, terug in de realiteit vermengt het geluid van de bouwvakkers die de straat opengooien zich perfect met de muziek. De muziek is zo open dat elk geluid een aanvulling kan vormen, maar is toch boeiend genoeg om de geluidstrip nog een paar keer te maken. De kleur van het Niets. Liefhebbers van impro-rock groepen als de No-Neck Blues Band of Tortoise zouden dit ook 'ns moeten proberen. En wees gerust het piepknor-gehalte valt reuze mee...
File Under: Oersoep
File Audio: Oersoepspace
Riot - Army of One
Riot is zo'n band waarvan de bekendheid van de naam groter is dan je op grond van de behaalde successen zou verwachten. De band was het lievelingetje van recensenten, maar steeds als de definitieve doorbraak plaats had moeten vinden kwam het gewone leven daar doorheen fietsen. Gedonder met managers en platenmaatschappijen, zangers die het leven lieten, Riot kreeg het allemaal te verduren. Maar er was ook een muzikale reden voor: Riot heeft albums in verschillende stijlen uitgebracht, van commerciële hardrock en metal tot juist softere werkjes met onder andere de toeteraars van The Tower of Power erbij. Nu is er op Army of One toch weer gekozen voor de metalbenadering. Op deze hoes is trouwens ook weer hun mascotte afgebeeld. De beroerdste mascotte ever van een hardrockband als je het mij vraagt, want het is een baby-zeehondje met hormonale problemen. Niet echt een stoere-mannen-imago versterkende mascotte. Maar goed, het gaat om de muziek, en die is weer lekker stevig. Mark Reale is ook nog steeds een uitstekende gitarist, maar er is één probleem: qua composities zit er weinig opvallends tussen. Alleen bij het fraaie Michael Schenker-achtige instrumentaaltje "Stained Mirror" veer ik even op. Bij dit album wreekt het zich dat Riot na dertig jaar zijn doorbraak nog steeds niet beleefd heeft. Dertig jaar geleden stak Riot boven de meeste bands uit, maar inmiddels zijn er wagonladingen zangers en gitaristen die kunnen spelen wat deze jongens spelen. Ben je eenmaal een gevestigde naam, dat is dit "een wat minder album" maar verkoopt het toch wel. Nu zal het vermoedelijk verzuipen tussen de vele releases met goed gespeelde maar compositorisch onopvallende metal. Riot is zeker nog de moeite waard, maar zal geen opstand meer ontketenen.
File Under: Vooral voor de nostalgie
File Audio: [Riot]
Ben Kweller - Ben Kweller
25 is hij pas, maar Ben Kweller heeft aleen carrière achter de rug die al een decennium beslaat. Op zijn twaalfde
startte Kweller, zoals zo ongeveer iedereen die Kurt Cobain cool vond, een grungebandje: Radish. Twee jaar later zag een platenmaatschappij wel brood in de drie jongens en lanceerde hen als het Amerikaanse antwoord op Silverchair. Wie in 1997 naar Kink FM luisterde, kent de single "Little Pink Stars" nog wel. Het plan mislukte jammerlijk, ook al schopte de band het tot een tour door Europa en tot optredens bij onder andere David Letterman. Radish gooide het bijltje erbij neer, maar Kweller liet zich niet uit het veld slaan. Net twintig bracht hij zijn kolderiek Sha Sha geheten debuut uit, dat een heel andere Kweller toonde, die van een meer volwassen klinkende, tikkie naïeve en speelse singer/songwriter. De cd leverde hem een hele schare beroemde mensen op die hem waardeerden; of heten zulke mensen ook gewoon fans? Na een mooie EP samen met Ben Folds en Ben Lee en een redelijke tweede cd is er nu de titelloze derde cd. Mensen zien zo'n titelloze plaat nogal eens als een nieuw begin. Kweller niet. Het album is titelloos omdat hij elke noot van deze plaat in zijn eentje zong en speelde. De eerste maten van het openingsnummer "Run" lijken (ook al!) een knipoog naar Bruce Springsteens "Born To Run", maar al snel kiest Kweller voor zijn min of meer vertrouwde geluid, waarin hij door zijn veelvuldige pianogebruik en manier van liedjes schrijven nogal eens doet denken aan Ben Folds en Billy Joel. En het nare is: daar wringt de schoen. Door de veelvuldige herinneringen die de plaat oproept, ben je geneigd Kweller met die twee te gaan vergelijken en dan kun je niet anders concluderen dat hij het, ondanks een aantal zeer mooie liedjes, vrijwel continu tegen hen aflegt.
File Under: Ben is geen kweller, maar ook geen held.
Democustico - Democustico
We hebben een nieuw tafeltje in huis gehaald. Omdat we iets te vieren hadden. Zie het als een symbolisatie van een nieuwe start. Net als haar nieuwe kleren. Het staat haar goed. Enfin, het tafeltje. Ons oude tafeltje was achteraf gezien gewoon te laag en eigenlijk ook gewoon best wel lelijk. Dat onhandige kleine laatje. Nu kunnen we van alles makkelijk kwijt onder ons nieuwe tafeltje. Twee grote lades en dan nog een hele hoop vakken. Dan liggen die stapels cd's ook niet langer in het zicht en in de weg. Ik zal er meteen eentje opzetten. Iets gezelligs, iets loungy. Beetje bossa, beetje elektronica, wat etnische geluiden en een prettige damesstem. Prima. In de lades - die ik toch wel heel snel in elkaar had gezet - liggen nu dus ontiegelijk veel wierookstaafjes. De Moeder's Geuren (wat ik altijd een beetje een rare naam heb gevonden, maar dat zal wel komen doordat mijn moeder niet rookt en niet naar wierook ruikt). Diverse geuren in diverse kleuren. Goed voor urenlang dwarrelende rookkrullen. Als de ene op is pakken we gewoon weer een ander geurtje. Op een gegeven moment ruiken we het verschil niet meer. Ik schenk maar eens een wijntje in. Voorzichtig, want ik wil niet morsen op het nu nog krasvrije tafelblad. Wat is het trouwens stil ineens? Oh, cd afgelopen.
File Under: Lekker, wat is dit?
File My Space: [Mi Espacio Es Su Espacio]
Intronaut - Void
Zodra er ook maar een specifieke sound populair wordt, kun je er donder op zeggen dat-ie meteen navolging krijgt. Zo ook bijvoorbeeld in de alternatieve metal van de laatste jaren. Sludgegitaren gecombineerd met progressieve hyperdrums, dissonant akkoordenwerk, Sabbath-riffs en postcore-sfeerwerk, alles wordt tegenwoordig lustig door elkaar gegooid, en als je dat goed doet, zoals bijvoorbeeld bij Mastodon, Neurosis en Burst, resulteert dat in platen die complete muzikale universums scheppen. Intronaut is een van de volgers en zet met dit debuut meteen een klapper van jewelste neer. Technisch gedoe op een swingende basis, Intronaut draait er niet omheen en gooit vanaf het begin de beuk erin. Vette scheurriffs, twingitaren, sfeervolle intermezzi, psychedelica, druk geroffel en een gezandstraalde strot loodsen de luisteraar door een afwisselend woud van tempowisselingen en sfeervariaties, waarin het heerlijk verdwalen is. Als deze plaat vijf jaar eerder was verschenen had de band meteen bij de top in het genre gehoord. Dat is nu net niet het geval, vanwege het enorm hoge niveau van de concurentie in deze hoek, maar een sterk debuut dat absoluut mag worden gehoord is dit zeker. Nee, dit debuut neemt niemand ze af.
File Under: Sterk modern metaldebuut
Rippers - Tales Full Of Black Soot
Wat aarzelend, nog wetend dat haar vorige vriend binnen anderhalve minuut weer buiten stond, komt de dochter de kamer binnen. Ze stelt haar nieuwe vriend aan haar vader voor. Hij bekijkt de jongen die strak in het pak zit van onder naar boven. "Wat doe je voor de kost?", vraagt vader nors. "Ik ben muzikant mijnheer", is het antwoord. "Bij welk orkest verkeer je?", is de vervolgvraag. Dochterlief kijkt angstig. Dit gesprek gaat de verkeerde kant op. "Hmmm, ik zit in een band mijnheer. Wij maken rauwe beatmuziek zoals in de jaren '60", is het aarzelende antwoord. De dochter durft haar vader niet meer aan te kijken. Hij glimlacht echter. "Zoals The Pretty Things en de Stones?", is de onverwachte vraag. Hij knikt en antwoordt: "Ze inspireerden ons wel, maar wij spelen op onze nieuwe schijf onze eigen nummers." Vader reageert onverwacht: "Dochter, haal twee biertjes, breng ze in onze voorkamer, ga daarna je moeder helpen, wij hebben belangrijke dingen te bespreken." Als de dochter de kamer binnenkomt ziet ze dat vader de platenspeler voor de dag heeft gehaald en dat er een stapel elpees en singles naast staat. Ze heeft die nog nooit gezien. De blik van vader richting haar zegt genoeg. Ze zet het bier op de tafel en verdwijnt snel richting haar moeder. Ze ziet nog net dat haar vriend niet naar haar opkijkt, hij heeft het te druk met een platenhoes.
File Under: Zo had het ergens op Sardinië kunnen gaan
File Audio: [No]
Deftones - Saturday Night Wrist
Het begeleidend schrijven bij Saturday Night Wrist, de nieuwe cd van Deftones, leest als een versoberde versie van het script voor Some Kind Of Monster, de geweldige documentaire die gemaakt werd over Metallica in aanloop naar hun laatste cd St. Anger. Een lange periode van onderlinge troubles, voortslepende opnames, die zelfs helemaal stilgelegd worden als de producer (ouwe rot Bob Ezrin) de band terugstuurt naar huis om maar eens goed na te denken over wat ze nou precies willen, en zelfs even de twijfel of de band niet op moet houden te bestaan. Bij Metallica resulteerde alle ellende in het niet bijster interessante op het verleden teruggrijpende St. Anger, bij Deftones resulteerde alle ellende in het zeer interessante op het verleden teruggrijpende Saturday Night Wrist. Het schil zit 'em inde details. Waar Metallica vooral het begin van hun carrière aanhaalt, kiest Deftones ervoor een album op te leveren dat klinkt als een bloemlezing uit haar hele discografie. De eerste single "Hole of the Earth" en "Xerces" hebben een fijne dredg-achtige ijligheid in zich, met knalharde gitaarriffs als intermezzo's. Dat soort spooky momenten zijn veelvuldig te vinden op Saturday Night Wrist en doen meer denken aan de tijd van om en nabij het sublieme White Pony. Ze worden afgewisseld met beukmomenten zoals "Rats!rats!rats!", die weer meer in de lijn liggen van de titelloze plaat uit 2003, en die worden aangevuld door aan Around The Fur doen denkende nummers zoals "Mein". In deze laatste duikt overigens System of A Downs Serj Tankian op. Door goed te kijken naar zijn eigen oeuvre heeft Deftones gezorgd voor een afwisselende, boeiende en bij vlagen zelfs briljante cd.
File Under: Deftones' St. Anger, maar wel veul beter.
Jefferson Pepper - Christmas in Fallujah
Geen idee waarom Christmas in Falluja nu pas officieel in Nederland te krijgen is, want al in 2005 konden de Amerikanen zich kwaad maken over of instemmend luisteren naar de anti-Bushretoriek van singer/songwriter Jefferson Pepper. In elk geval is deze plaat - met een titel die bijna lachwekkend is, als het niet zo serieus bedoeld was - op tijd: voor de kerst. Bovendien zijn de Amerikaanse troepen nog niet weg uit Irak, dus ook wat dat betreft is de timing in orde. Als het gaat om platen van deze kwaliteit hadden ook wij verstandige Europeanen graag al vorig jaar kennis gemaakt met het debuut van deze stiefzoon van Woody Guthrie, Bob Dylan, Steve Earle en Vic Chesnutt (die stem!). Elk liedje is een bewijs voor de oprechte woede om sociale ongelijkheid, de waanzin van oorlog en andere socialistische onderwerpen waar zijn grote voorbeeld Woody Guthrie ook al over schreef. Is Jefferson Pepper dan een copycat? Nee, want wat hem onderscheidt van die klassieke protestzanger is de hoeveelheid muziek die Jefferson Pepper tot zich heeft kunnen nemen. Zijn palet varieert van akoestische folksongs, punkrock (in een cover van Guthrie's "This Land Is Your Land"!), bluegrass tot met Neil Young-gitaren opgetuigde rootsrockers. Hoogtepunt is wellicht het prachtige "Back to 1999", waarin het trieste bestaan van een ontslagen, gescheiden en aan de drank geraakte fabrieksarbeider beschreven wordt. Woody Guthrie, Bob Dylan, Steve Earle en wellicht ook Vic Chesnutt kunnen trots zijn op Jefferson Peppers debuut.
File Under: Good ol' protestsongs
File Audio: [Back tot 1999] [Christmas in Falluja] [Stranded]
Shapes and Sizes - Shapes and Sizes
Ik verwacht van kunst dat het me verrast want het leven zelf is toch vaak een grote sleur. Ik vind mijn werk ontzettend leuk en ben net met enkele nieuwe werkzaamheden begonnen, maar veel verrassingen hoef ik hier niet te verwachten. In het weekend zal ik ook niet veel onverwachte dingen beleven. Dus moeten de kunsten me die verrassingen leveren. Bij films val ik echter niet vaak van mijn stoel van verbazing. Boeken kunnen me die plezierige ervaring nog wel eens geven. Bij muziek word ik gelukkig nog vrij vaak verrast, alhoewel ze het ook weer niet moeten overdrijven zoals Shapes and Sizes. Deze Canadese band heeft kort geleden hun self-titled debuutplaat uitgebracht en de muziek op deze CD is een samengeraapt... zooitje, wilde ik schrijven maar dat klinkt ook weer te negatief. Het is geen slechte plaat maar de hele leuke stukjes worden te vaak afgewisseld met mindere stukjes. Zoals het openingsnummer "Island's Gone Bad" dat na ruim twee minuten leuke muziek ineens in een heel ander nummer verandert. Dat gebeurt vrijwel bij elk nummer, net iets te vaak naar mijn smaak. "Goldenhead" is ook zo'n nummer dat heel fraai en poppie begint maar dat heel anders eindigt. De drie heren en een dame van Shapes and Sizes weten dit ook want ze noemen hun muziek trots 'a tasty mash up'. Het is dus een bewuste keuze om de songs zo afwisselend te maken. Misschien moet ik er wat vaker naar luisteren.
File Under: Hutspot
File Audio: [Island's Gone Bad]
Damien Rice - 9
Het gebeurt me nog steeds met enige regelmaat dat vrienden (en vooral ook vriendinnen) mij vragen wat toch in hemelsnaam die schitterende muziek is, wanneer ik Damien Rice' O weer eens heb opgezet. Er zijn blijkbaar nog steeds mensen te vinden die zo gelukkig zijn om nog kennis te kunnen maken met dit inmiddels drie jaar oude pareltje. Ik ben er nog steeds niet op uitgeluisterd maar begon toch wel een beetje te vrezen dat we weinig meer van meneer Rice zouden gaan horen. Het was al een tijd nogal stil en ik kon mij zo voorstellen dat hij lekker met zijn zuurverdiende pak duiten naar de zon was vertrokken. Gelukkig ligt er met 9 alsnog een opvolger en ik ben meteen weer helemaal gegrepen door de Rice-kriebels. Vooral openingsnummer en eerste single "9 Crimes" is zo geweldig mooi, met grote dank aan de ontroerende stem van vaste assistente Lisa Hannigan, dat het kippenvel direct zijn weg weet te vinden. In essentie is 9 niet veel anders dan O, ook nu weer van die breekbare liedjes die soms ontaarden in een groots bombast. Je zou hooguit kunnen tegenwerpen dat alles nu misschien een stukje minder spontaan en ongedwongen overkomt, maar dat komt vast ook doordat er niet zo'n mooi verhaal aan dit album vast zit. Het grote succes van het debuut heeft er in ieder geval toe geleid dat er deze keer met een heus marketingoffensief gemikt wordt op een miljoenenpubliek en ook de liedjes zijn nog ietwat toegankelijker geworden. U hoeft dus zeker niet vreemd op te kijken wanneer Damien Rice binnenkort gezellig tegen Jamie Cullum en Amos Lee staat aangeschurkt in de platenkast van uw schoonouders. Dat maakt de mythe van de arme straatmuzikant weliswaar wat minder sprekend, het is wel een terechte beloning voor een op sommige momenten geniale liedjesschrijver.
File Under: Kippenvel
File Audio: [Klik
File Video: ["Dogs" Live in Tilburg]
Woody Guthrie - Some Folk
Net als in de documentaire die vorig jaar verscheen over het leven van Woody Guthrie, draaien ze er in het boekje dat bij de zojuist verschenen Some Folk-box zit niet omheen dat Guthrie nou niet bepaald een lieverdje was. Het boekje van 45 pagina's begint als volgt: 'He was no angel; he was a philanderer, he mistreated his first family, he cheated on his wives, he was filled with wanderlust that kept him moving all over the States, and yet inspired loyalty from his friends.' Duidelijk zat lijkt me, deze openingszinnen van Adam Komorowski. Zijn verhaal is zeer de moeite waard om eens goed te bestuderen. Daarvoor heb je ook mooi de tijd als je zit te luisteren naar de vier cd's uit deze bizar geprijsde box (minder dan 20 euro!). Het is namelijk nogal een zit, vier keer ruim een uur lofi-folk uit de jaren 40 beluisteren en niets anders doen. Daar ben ik overigens überhaupt niet zo goed in en in dit geval ligt het ook zeker niet aan de liedjes van Guthrie. Want die zijn stuk voor stuk namelijk meer dan de moeite waard. De man is niet voor niets van grote invloed geweest op mensen als Bob Dylan en Bruce Springsteen en die weten wel hoe het zit met mosterd van Adam. Met de negenennegentig chronologisch geordende nummers die deze box telt bezit je wel in één keer zo ongeveer alle nummers die Guthrie tussen 1940 en 1947 opgenomen heeft. Waarbij opgemerkt dient te worden dat sommige nummers meerdere malen voorkomen. Maar dat laatste is zeker geen straf voor je oren.
File Under: Een boefje, een schobbejak, maar prachtig om te horen.
Winger - IV
De grunge was de doodsteek voor de hairbands en de popmetal uit de jaren tachtig. Een van de bands die daar erg veel last van had was Winger. Met hun eerste twee poppy albums en het behoorlijke hitparadesucces daarvan waren ze een van de opvallendste exponenten van dat moment. Ook in de VS vangen hoge bomen veel wind, dus Winger werd ongenadig hard aangepakt. Harder dan ze verdienden, want het was wel een band met klassemuzikanten. Dat bewezen ze ook met hun derde album Pull, maar inmiddels was hun reputatie naar de maan. Dertien jaar later heeft de vaste kern van Kip Winger, Rod Morgenstein en Reb Beach besloten het toch weer eens te proberen. Tweede gitarist is John Roth, eigenlijk ook al een oude bekende en als toetsenist is Xcarnation's Cenk Eroglu aangetrokken. Het werkje heet heel origineel IV, maar eerlijk gezegd is dat zo ongeveer het enige wat op dit schijfje aan te merken is. Openingstrack "Right Up Ahead" doet vooral denken aan de Stone Temple Pilots, maar vanaf het tweede nummer "Blue Suede Shoes" komen ze pas echt los. Na een spannend intro volgt een even spannend nummer met afwisselend coupletten met fluisterzang en uitbundige refreinen met kamerbrede koortjes. Reb Beach laat horen dat hij niet voor niets door David Coverdale voor de Whitesnaketournee werd uitgekozen. De man brengt continu fraai gitaarwerk te berde zonder daarmee de songs om zeep te helpen. Het samenspel tussen drums bas en gitaar is sowieso heel hecht. In dat opzicht is Winger min of meer de verbindende schakel tussen Stone Temple Pilots en aanverwanten en de stadionrock van eind jaren tachtig. Zanglijnen en instrumentatie gaan vaak gezamenlijk op en neer zoals dat in de grunge wel gebruikelijk was, maar het gitaarwerk en de composities zijn toch vooral hardrock. De composities zijn niet allemaal zo opvallend als "Blue Suede Shoes" of "Generica", maar er zitten geen uitgesproken zwakke broeders tussen. Winger slaagt er in twee muziekstijlen die ooit min of meer als tegenpolen werden gepresenteerd met elkaar te verbinden. Winger is terug en dat is niets om lacherig over te doen.
File Under: Niet alleen van Red Bull krijg je vleugels
File Audio: [ MySpace]
Chris Harford - Looking Out For Number 6
Mirrorball, Harvest, Harvest Moon, After The Goldrush en Déjà Vu is een willekeurige greep uit het rijke albumrepertoire van Neil Young. Ik kom hierop omdat ik zijn ziel tegenkom. Ja, ik weet ook wel dat hij nog steeds leeft -al ging dit nog niet zo lang geleden bijna mis-. Waar het om gaat is dat hij een icoon is die zelfs bij leven veel artiesten beïnvloed heeft tot op de dag van vandaag. Neem bijvoorbeeld het nieuwe album van Chris Harford, Looking Out For Number 6. Dit is van voor naar achteren doordrenkt van de Neil Young -stijl met af en toe een snerpende elektrische gitaar en dan weer akoestische getokkel. Harford timmert al heel wat jaren aan de weg, en hier doet hij dit met behulp van vooral Dean Ween. Het resulteert in acht nummers die niet hadden misstaan op één van de eerder genoemde Young-albums. Ze staan echter op die van Harford. Als de cd dan afgelopen is durf ik het te betitelen als een fijne cd met een wel wat beperkte lengte van 25 minuten, maar wel één - eerlijk is eerlijk - die waarschijnlijk weinig opzien zal baren. Er was hem namelijk iemand voor. Ik zie zijn ziel net wegvliegen richting mijn platenkast.
File Under: Neil Young
Weltenbrand - The End of the Wizard
Een primeur op File Under, dunkt me. Een band uit Liechtenstein hadden we nog niet eerder genoemd voor zover ik weet. Het gaat hier om Weltenbrand, een band die een duister soort darkwavetovenaarsgothic maakt. Weltenbrand had in 2002 het laatste (vierde) album opgenomen maar nu, na wisseling van veel leden en de overstap naar een nieuw label is er dan toch weer een nieuw album. Of het afkrijgen van dat album moeilijk was blijft wat onduidelijk, maar feit is wel dat er in het laatste jaar twee bandleden vertrokken en drie nieuwe kwamen, maar de harde kern van zanger Ritchie Wenaweser, toetsenist Oliver Falk en violiste Daniela Nipp bleef het geluid van de band zorgvuldig koesteren. Dat geluid is een donkere maar ook dromerige combinatie van de zanger en een daaromheen kringelende zangeres die afwisselend nummers voor hun rekening nemen, en een mengeling van folk en sympho met een metalig randje. Overigens hoor je, ongebruikelijk voor dit genre, geen zware gitaren. Zelfs überhaupt geen gitaren. Op den duur ga je een lekkere uithaal van het een of ander wel missen, en doordat alle nummers redelijk gelijkmatig zijn wordt het ietwat saai na 5 of 6 nummers. Bij 'The End of the Wizard' blijkt net als bij het eerdere albums, het tekstwerk gebaseerd op mythen en sagen uit Liechtenstein: heksen, tovenaars, geesten en zigeuners moeten ooit het kleine staatje bevolkt hebben...
File Under: Donkere kastelen met een vleugje romantiek
File Audio: [myspace.com/weltenbrandmusic]
Disco Ensemble - First Aid Kit
Emo is dood! Een half uur luisteren naar acts als Hawthorne Heights, Panic at the Disco en Fall Out Boy en je kunt niet tot een andere conclusie komen. Als je de wanhoop bijna nabij bent en je je oude Fugazi-cd's op hebt gezet en je Boysetsfire-posters huilend (hé het blijft wel emo) van de muur gehaald hebt is daar het Finse Disco Ensemble. De vier jongens mogen er dan uitzien als de cliché emoband, hun tweede plaat First Aid Kid is een verademing. Albumopener "This is my head exploding" zet de toon: melodieus, maar toch agressief. Disco Ensemble klinkt authentiek, zonder die gezochte metalrandjes en zinloze screams die je bij stijlgenoten als Silverstein en Senses Fail teveel hoort. Frontman Miikka Koivisto zingt vooral intens, getergd en luid. Zoals het hoort dus. Disco Ensemble vindt het wiel zeker niet opnieuw uit, maar overtuigt wel. Ondermeer door de stevige punkroots die in elk nummer hoorbaar is. Referenties? Thursday ten tijde van Full Collapse, Hell is for Heroes en The Used. Maar dan gecombineerd met elektronische geluidjes en samples. Het geeft de band dat beetje extra dat veel collega's missen. Single "We might fall apart" is voor mij het hoogtepunt van First Aid Kid. Het nummer heeft een geweldige melodie en een catchy refrein ('we might fall apart, just like a house of cards'). Na het beluisteren van deze plaat kun je er als post-hardcore liefhebber weer een tijdje tegenaan.
File Under: Emo? Jazeker! Lekker? Jazeker!
File Audio: [We Might Fall Apart]
Robyn Hitchcock & The Venus 3 - Olé! Tarantula
We hadden toevallig net een dvd-recorder gekocht. Mijn allereerste zelf opgenomen dvdtje heb ik - trots als ik was - nog steeds liggen. Het was dan ook een zeer aangename grote verrassing dat SBS6 Jonathan Demme's muziekdocument Storefront Hitchcock uitzond. Het zal wel een zogenaamde 'package deal' zijn geweest. Het lijkt me namelijk sterk dat de redactie van deze zender zich sterk wilde maken om de hier vrijwel volledig genegeerde Robyn Hitchcock in de harten van het Nederlandse bevolking te laten sluiten. Zoals ik dat 15 jaar geleden deed. Mijn lokale dealer in muziek raadde mij toen het album Perspex Island aan omdat REM's Peter Buck en Michael Stipe er op meededen. Met name Bucks jengelende gitaarwerk en Hitchcocks prettig onvaste 'very British' vocalen bleken een perfecte combinatie. Ik was meteen verkocht. Goed nieuws dus dat Buck op Olé! Tarantula naast Scott McCaughey en Bill Rieflin deel uitmaakt van begeleidingsband The Venus 3 ("3/4ths of The Minus 5 and half of REM"). op de wat meer folky en Dylanesque voorgangers speelde Hitchcock de rol van oude bard. Met dit album gaat hij weer terug naar de jingle jangle Byrds-pop met een snufje gekte zoals die ook op Perspex Island en het legendarische Underwater Moonlight van zijn Soft Boys (die kent u niet? snel luisteren dan!) te horen was. Goed genoeg voor een definitieve doorbraak in Nederland? Oh jazeker wel, maar ik betwijfel of het ooit nog zal gebeuren. Wie weet heb ik ongelijk en zien we binnenkort een uitgebreide muziekspecial over Hitchcocks carrière op SBS6 of zo.
File Under: Blijf kijken voor meer Robyn Hitchcock na de reclame....
File Video: [Adventure Rocket Ship]
File My Space: [MyMuseumSpace]
Wednesday 13 / Hardcore Superstar
De leukste mensen zijn mensen die ook nog onbeschaamd kinderlijk kunnen zijn, vind ik altijd. Je kunt overdag een braaf mannetje in pak zijn dat commerciëel en pro-actief is en geen negen-tot-vijf-mentaliteit hebben in een jong en dynamisch bedrijf, maar je moet op andere moment ook ongegeneerd melig kunnen zijn. Dat is ook het moment waarop je "Fang Bang" moet opzetten, het nieuwste werkje van Wednesday 13. Joseph Poole, zoals hij eigenlijk heet, had in het kielzog van Slipknot enig succes met zijn band Murderdolls. Opvallend genoeg heeft hij weinig succes in zijn thuisland. Terwijl zijn muziek toch het best te omschrijven is als campy horrorpunkmetal, wat in het land van Alice Cooper en Marilyn Manson toch zou moeten aanslaan. Maar ja, in de VS nemen ze teksten en titels ook wel héél serieus. Met uitsluitend titels van het genre "Morgue Than Words", "My Home Sweet Homicide" en "Till Death Do Us Party" is het dan lastig. Terwijl goed beschouwd "Fang Bang" gewoon aardige pretpunkmetal bevat. De hooks zijn goed, de gitaren hard en recht zo die gaat en de wat rasperige schreeuwzang van Wednesday 13 maakt het plaatje compleet. Gewoon niet te serieus nemen en in een onbeschaamd kinderlijke bui meespringen en -brullen.
Van de Zweden van Hardcore Superstar werd ik wat minder vrolijk. Nou ja, niet zozeer van de Zweden, meer van het geluid op hun live-dvd. De heren zelf maken sleazerock, netjes binnen de lijntjes van het genre en met het bijpassende uiterlijk met plakplaatjes en zwart geverfde haren. Muzikaal kunnen ze het best aan, met de juiste losheid in het spel, maar compositorisch zullen ze in sleazeland niet boven het maaiveld uitsteken. Qua geluid is deze dvd echter overleden voordat er zelfs maar iets te zien was. De snaredrum knalt overal doorheen terwijl je met een zaklampje moet zoeken naar de lage tonen. Dan kunnen de heren nog zo hun best staan doen en hebben ze het misschien in de zaal heel leuk gehad, als dvd is dit een product dat zwaar onder de maat is.
File Under: Voor grote kinderen
File Audio: [ MySpace]
File Video: [Home Sweet Homicide]
File: Hardcore Superstar - Live at Sticky Fingers (dvd)
File Under: Qua *BAF!* geluid *BAF!* niet te pr*BAF!*uimen
Fabulous Disaster vs Octoons - Awesome Fromage
Het leuke van split-CD's vind ik altijd dat je nog eens in contact komt met wat onbekende bandjes. Het gebeurt vaak genoeg dat ik één van de twee bands al ken en door het verschijnen van een gecombineerde EPtje de tweede band leer kennen. Niet zelden schurken de twee bands ook qua muziekstijl tegen elkaar aan en weet je dus wel zo ongeveer wat voor een boer je in de kuip hebt. Zo niet in het geval van Awesome Fromage, de split van Fabulous Disaster en Ocoons. De Californische punkchicks van Fabulous Disaster maken namelijk prettig in het gehoor liggende melodieuze liedjes, in de goede traditie van The Muffs, Tilt en neerlands trots Bambix, terwijl het Franse Octoons gespecialiseerd is in chaotische herrie met jip-en-janneke teksten. Niet echt een combinatie die heel erg logisch lijkt dus. Ik begrijp heus dat platenlabel Burning Heart op deze manier graag twee vliegen in één slaat - een combi-plaat is heel wat goedkoper dan twee losse EP's - maar deze opzet is wat mij betreft niet geslaagd. De twee bands ontlopen elkaar teveel en de heerlijke liedjes van de rockchicks maken de bagger van de Fransozen alleen maar pijnlijker. Desalniettemin toch ene grote pluim voor het heersende artwork en het coole ontwerp, aan de uiterlijke verschijning is helemaal niets mis. Misschien de volgende keer ook net zoveel aandacht besteden aan het samenstellen van de muziek die in zo'n mooi hoesje wordt verpakt.
File Under: 50% snoepjes vs 50% troepjes
File Audio Fabulous Disaster: [Turn The Lights Out][Suck It Up]
File Audio Octoon: [Klik]
Kinderen voor Kinderen - De Coolste DJ
'Papa, papa, papa, we moeten dit aan T. laten horen, dan wil hij me misschien wel leren drummen.' Junior komt de achterdeur uitgestormd en ik heb geen flauw benul waar hij het over heeft en zo enthousiast over is. Ja, dat onze buurman T. drummer is, dat weet ik wel. En dat Junior heel graag een keer op zijn drumstel wil spelen, dat weet ik ook wel, maar wat ik nu aan T. moet laten horen ontgaat me volkomen. Eenmaal binnen hoor ik nog net de laatste noten van "Medley 2006", het traditionele afsluitende nummer van elke aflevering van Kinderen voor Kinderen. Ik pak het hoesje dat op de tv ligt en zie dat daarvoor "Drummen in een band" kwam. Dat verklaart een boel. Deel 27 van Kinderen voor Kinderen verschijnt precies op tijd, zo vlak voor de feestdagen. Past ook mooi in een schoen natuurlijk, zo'n cd. Deze nieuwe aflevering heet De Coolste DJ. Het titelnummer heeft zelfs een kleine bekende Nederlander als zangeres. De soliste is namelijk Holly Brood. Ze is (gelukkig?) nog niet zo rock 'n' roll als wijlen haar vader, maar doet het best goed. Junior, toch nog maar vijf, is in ieder geval heel enthousiast over haar en deze nieuwe cd en zingt al snel mee met de meeste liedjes. Grappig is wel dat hij nog niet alle woorden begrijpt en dan aan mij vraagt wat dat en dat woord betekent. Er wordt, zeker voor een kinder-cd, af en toe zelfs best stevig gespeeld, een bijna Faith No More-achtige basrif zoals in "Poppenkast", dat hoor je toch niet vaak. Het maakt De Coolste DJ tot een kinder-cd waarvan ik niet snel vraag of er een andere in mag. En dat gebeurt nog al eens. Nu ga ik even naar de buurman, of 'ie zijn drumstel even op wil bouwen.
File Under: We Care A Lot!
File Audio: [De Coolste DJ]
FIle Video: [De Coolste DJ]
Gracer - Voices Travel
Over het algemeen heb ik meer met Europese dan met Amerikaanse muziek. Dat is iets gevoelsmatigs, maar ik heb er ook een theorie bij. Of het klopt weet ik niet, maar bij Amerikaanse bands heb ik vaak het gevoel dat elk hoekje en gaatje wordt volgeplamuurd in de postproductie. Zo ook bij Gracer. Het is een trio, maar de hele plaat klinkt alsof ze met minstens drie gitaren tegelijk spelen. En dan is er ook nog de echo op meerlagige zang. Er zit geen seconde 'stilte' in deze muziek. Het laat je als luisteraar geen enkele ademruimte. Je laat je of meeslepen door deze vloedgolf van geluid, of er gaat een knop om in je hoofd waardoor het volledig langs je heenglijdt. Luister maar eens naar het nummer "Waiting For Departure", misschien begrijp je dan wat ik bedoel. Een positief effect van dit soort muziek is wel dat het een prettig soort ruis is, je dobbert lekker op de woelige emo-baren, in slaap gewiegd en niet meer in staat tot nadenken of voelen. Of dat is wat de band beoogt is natuurlijk maar de vraag... Positieve uitzondering wat mij betreft is de Coldplay-achtige piano-ballad "Nowhere". Pff, even met het hoofd boven water. Coldplay, Sunny Day Real Estate en zelfs U2 (de gitaarpartijen in openingstrack "Hold On" lijken wegegelopen uit "Where the streets have no name") zijn sowieso de namen die het eerst opkomen bij het luisteren naar Voices Travel . Maar waar die bands allemaal een uniek trekje hebben waardoor je ze - like 'em or not - in ieder geval altijd herkent, mist Gracer ondanks onmiskenbaar compositorisch talent wat mij betreft net die interessante invalshoek. Nee, dan luister ik hoewel ze me inmiddels ook flink de strot uitkomen, toch liever naar Coldplay. Zo erg ja.
File Under: Volgeplamuurde emo
File Audio: Emily Taylor, Waiting for departure, Esperanza, Nowhere
Goldfrapp - We Are Glitter
"Zou nou voor verliefdheden hetzelfde gelden als voor bands?" mijmerde ik in het universiteitscafe. "Dat de eerste altijd het beste is, en dat het daarna meestal alleen maar minder wordt?" Marcel, die tegenover me aan tafel zat, betwijfelde het. "Je moet het anders zien", zei hij, nippend aan een beker koffie. "Elke nieuwe relatie is alsof je een nieuwe band opricht." We besloten dat maar voor waar aan te nemen en bestelden nog wat nieuwe drank. Over remixen hebben we het niet meer gehad. Dat zou je kunnen zien als een vorm van vreemdgaan. Spannender, maar niet altijd beter. Toch was Alison Goldfrapp wel toe aan wat avontuur. Sinds debuut Felt Mountain verruilde ze al steeds vaker haar satijnen boa voor ordinaire Madonna-knielaarzen en het recente Supernature vond ik nogal gezapig. Dat kwam vooral door de eerste drie, te kunstmatig sensuele nummers. Memorabeler was de dronkemansmeelaller "Satin Chic". Het is dan ook prettig te zien dat die laatste twee keer terugkomt op de nieuwe Supernature-remixplaat We Are Glitter, in verrassende versies van The Flaming Lips en The Shortwave Set. Ook Múm levert twee mooie, winterse remixes af. Naast dit subtiele werk staat We Are Glitter daarnaast vol met effecten die je met een koptelefoon op wil horen, of in de auto. Met de softe 'disco odyssey' van Ewan Pearson maak je zelfs van een Fiat Panda een neonkleurig wiebelparadijs, met om je heen het glooiende synthlandschap van Alan Braxe en Fred Falke. Niet beter dan het origineel zijn de wat voorspelbare DFA-koebellen, T.Raumschmiere en electrotrance-hoer Benny Benassi. Maar toch, best een leuke remixplaat.
File Under: Frappworld gaat vreemd
File Audio: stukjes
File Video: Fly Me Away (van Supernature)
Jerry Lee Lewis - Last Man Standing
'Soon I discovered that this rock thing was true. Jerry Lee Lewis was the Devil. Jesus was an architect previous to his career as a prophet.'
Als Jerry Lee Lewis nog steeds de meedogenloze Killer van weleer zou zijn, die menige persoon deed beven van angst, dan had hij vast de guts gehad om de persoon die bovenstaande tekst fluisterde uit te nodigen voor een duel op zijn nieuwe cd Last Man Standing. Maar ik denk dat, zo hij al op de hoogte is van deze verering door Ministry's Al Jourgensen in "Jesus Built My Hotrod', zelfs The Killer van nu een beetje bang wordt van Jourgensen en hem niet had durven noden voor een door topband (Jimmy Rip, Jim Keltner, Hutch Hutchinson) begeleide vechtpartij. Vroeger was dat geen punt geweest, dan had The Killer Jourgensen vast en zeker rauw gelust hebben. Het is wel jammer dat zo'n samenwerking niet gebeurd is op het verder grootse Last Man Standing-album. Nu legt Lewis met zijn nog immer opzwepende pianospel het vuur aan de schenen van op een enkeling na alleen maar legendarische (lees oudere) artiesten. Kid Rock is zo'n enkeling en deze nietsnut Kid Rock helpt eigenhandig "Honky Tonk Woman" om zeep. Doe dat dan met Jourgensen, verdikkie! Nee, dan hoor ik liever hoe Lewis Clapton (speelde hij maar altijd zo als in "Trouble In Mind"!) en Page het leven zuur maakt. Ik zou bijna zeggen dat Zeppelins "Rock and Roll" klinkt zoals het bedoeld is. Gitaristen en Lewis is sowieso een fijne geslaagde combi op deze plaat. Ook Neil Young, Ron Wood, BB King en Robbie Robertson (ja, het zijn inderdaad alleen maar grote namen!) gaan heel goed samen met Lewis. Maar centraal staat in alle nummers het, ondanks zijn leeftijd van 71 jaar, pianospel en de stem van de man zelf. En waarom ook niet, want eens een Killer, altijd een Killer. Tot hij als de laatste van het legendarisch Million Dollar Quartet ook tabee zegt.
File: Jerry Lee Lewis - Last Man StandingFile Under: Een ouwe Killer is nog steeds ware Killer.
Chris Smither - Leave The Light On
Om zes uur 's ochtends gaat de wekker. Buiten is het nog pikkedonker. Ik geef een ram op de wekker, maar na negen minuten is het toch tijd om eruit te gaan. De katten komen naar me toe, het is voor hen kattenaaitijd. Ik ga naar beneden om koffie te zetten, een boterham te eten en brood te smeren voor de dag die komen gaat. Als ik dan even zit merk ik wat ik mis: muziek. Iets wat normaliter eigenlijk mijn eerste actie is als ik beneden ben. De keuze mag nooit te confronterend zijn, ik wil rustig wakker worden. Leave The Light On van Chris Smither is dan de laatste weken ook een graag geziene gast in de lade van mijn cd-speler. Deze Amerikaan doet zijn ding sinds de midden jaren '60. Zijn songs werden gecoverd door grootheden als Bonnie Raitt en Emmylou Harris. Hij is dus niet de minste. En dat blijkt ook weer op zijn nieuwe album. Het wordt ingetogen, maar sfeervol gebracht door een keur aan muzikanten. Veel eigen nummers met actuele teksten over de Amerikaanse vrijheid en zijn stad New Orleans, een enkele bewerking van een traditional en opgeleukt met goedgekozen covers, zoals een bijzondere uitvoering van "Visions Of Johanna" van Bob Dylan. Ideaal wakker worden dus, het daglicht mag van mij aan: Wereld, ik ben er.
File Under: Dat is fijn wakker worden.
File Audio: ["Leave The Light On" en "Seems So Real" kunt u ook bij uw ontbijt horen]
Meat Loaf - Bat Out of Hell III: The Monster Is Loose
Pssst, kunt u een geheimpje bewaren? Wel eerst zweren dat u het nooit aan iemand doorvertelt hoor, anders ben ik gedwongen om te verhuizen naar een klein eilandje in de Stille Zuidzee. Het heeft iets te maken met die dikke speklap van een Meat Loaf, die heeft weer een nieuwe Bat Out Of Hell uitgepoept. En dan komt nu mijn grote geheim, want ik moet u eerlijk bekennen dat ik daar heel erg blij van geworden ben. De eerste BOOH uit 1977 (ja, die met "Paradise By The Dashboardlight") was nog van 'voor mijn tijd' maar heb ik desondanks letterlijk kapot gedraaid - gisteren getest, hij doet het gewoon niet meer. En deel twee, uit 1993 (ja, die met "I'd Anything For Love") was een regelrechte knaller op de middelbare school. Zoete herinneringen aan lieve onschuldige vriendinnetjes dringen zich op, ik word er spontaan erg melancholisch van. Nu is daar dus deel drie in de reeks en daar verwacht ik toch best veel van. Natuurlijk, Meat Loaf heeft in de tussentijd nog genoeg bagger over ons uitgestort, maar pas wanneer hij samenwerkt met songschrijver/producent Jim Steinman doet het er echt toe. En dus word ik overladen met die typische mega-bombast die bij iedere andere artiest direct tot walging aan zou zetten, maar bij Meat Loaf - ik kan er echt niets aan doen - als altijd geweldig uitpakt. Ieder instrument vliegt drie keer over de kop in de productie, het is vaak zo kitsch dat het glazuur van je tanden spat, maar oh oh oh, wat zing ik hard mee! Alleen al het feit dat er ook nu weer een nieuwe generatie in staat wordt gesteld om zich te verliezen in de (wan)smaak van Meat (ik mag Meat zeggen van Meat) maakt me al gelukkig. Rozen verwelken, schepen vergaan maar Meat Loaf blijft godzijdank altijd bestaan.
File Under: Brúút!
File Audio:[the Monster Is Loose]
The Young Knives - Voices of Animals and Men
Hop, daar hebben we er weer één: The Young Knives, weer zo'n bandje dat denkt dat het eind jaren zeventig, begin jaren tachtig is en we nog niet genoeg verse Engelse bandjes hebben die schatplichtig zijn de post-punkgeneratie. Ja inderdaad, ik ben ze ondertussen wel beu aan het worden. Het zijn er ook zó veel. Niet raar dus dat ik al snel na het opzetten van Voices of Animals and Men, het debuut van deze mannen uit Oxford, een beetje begon te mopperen. Maar des te vaker ik de cd draaide, des te leuker werd 'ie en ik ging zelfs grinniken toen ik zanger Henry Dartnall aan het begin van "She's Attracted To" 'Who are these people? They are too stupid to be your real parents!' hoorde voordragen. De broer van Dartnall speelt daarvoor een venijnige opzwepende basriff zoals hij veelvuldig de bas knevelt op deze cd. Hem noemen ze binnen de band overigens House of Lords, omdat hij alle beslissingen van de anderen steeds weer overrulet. Met zijn bril en kapsel - ik vermoed dat kappers en kledingwinkels sowieso niet rijk worden van deze drie mannen - lijkt hij ook nog eens op een jonge Hilbrand Nawijn. The Young Knives zijn ontdekt door Gang of Four's Andy Gill, die bovendien plaats nam achter de knoppen, net zoals hij al bij een eerste EP had gedaan. Ik snap wel dat ze weer met Gill in zee gingen, want bij zijn sobere productie, daar varen The Young Knives wel bij. Weinig strapatsen, gewoon droog drums, bas, gitaar en zang zonder veel opsmuk. Daarin schuilt ook hun kracht, dat blijkt al gelijk bij het eerste nummer. Maar of dat genoeg is om die andere bandjes naar de kroon te steken? Van mij mogen ze...
File Under: Veel tweed, rare kapsels, koele band
File Audio: [Yes, sir]
File Video: [She's Attracted To]
My Morning Jacket - Okonokos
Of The Tennessee Fire mijn jaarlijstje gehaald heeft weet ik niet meer. Volgens mij hield ik die lijstjes nog niet bij in 1999. Ik weet wel dat de plaat hoog gescoord zou hebben als ik het toen bijgehouden had. Ik draaide hem veel. Maar om een of andere onduidelijke reden werd het toen stil rond My Morning Jacket. Althans, de band timmerde vrolijk aan de weg, maar ik keek een andere kant op. Ik herinner me nog een Lola da Musica waar de band in een parkeergarage speelde maar verder niets meer. Waarom eigenlijk, vraag ik me nu af, terwijl ik Okonokos beluister, het meest recente werkje van de band. Okonokos is een dubbele live-cd en laat namelijk een band horen die precies alles doet wat ik goed vind! 21 Nummers lang, verdeeld over twee cd's van een uur, groovet het, swingt het, rockt het en gaat het. Korte heftige nummers afgewisseld met lange uitgesponnen nummers, puike gitaarsolo's in alle hoeken en standen en gepassioneerde zang. Er wordt gas teruggenomen als het publiek even op adem om vervolgens weer op adem moet komen om vervolgens weer tot de bodem te gaan. Denkt u aan een Crazy Horse, aangevoerd door een Neil Young die kan zingen. Okonokos is nog geen Weld, maar het komt er verdomd dicht in de buurt. En doet mij slechts een ding afvragen. Waarom keek ik de andere kant op en zag ik dit moois nooit live, &%$$#@*&&^%!? De volgende keer dan maar.
File Under: Weld Jr.
Ghostface Killah - Fishscale
Ik ben geen hiphopkenner, maar Fishscale bevalt me. De plaat is scherp als een mes. Hard en glad tegelijk. Vol meesterlijk geplaatste soul-refreintjes en vlammende raps. Geen idee waar de man allemaal over bazelt, maar hij doet het in elk geval met overtuiging. Er zijn genoeg hoogstandjes. Zo is daar "The Champ", wat eigenlijk de opener had moeten zijn.Ghostface betreedt als een bokser (Rambo) de ring. Er klinkt een gitaarsolo en dan gaan we los op vette blazers. Het knalt bijna letterlijk uit de speakers. Een stukje verderop duikt de dit jaar overleden beat creator J Dilla op. "Beauty Jackson" is niet zo bijzonder, maar "Whip You With A Strap" is erg fijn, met die typische Dilla-melancholie. Ghostface voegt ook echt iets toe, want toen ik het origineel op Dilla's album Donuts luisterde miste ik 'm. Misschien wel het beste nummer van Fishscale is "Back Like That". Zou een hit moeten zijn. Allemaal dankzij het refrein van Ne-Yo, die zelf dit jaar ook al een uitstekende single ("So Sick") uitbracht. Het definitieve bewijs van de skills van Ghostface is "Big Girl". Hij kan zelfs op een ontzettend trage en slepende beat vloeien als een meester. Ontzettend knap gedubbelde raps ook. Het enige nummer op Fishscale dat me tegenstaat is de bonustrack. Daar klinkt een cheesy 2Pac pianomotiefje. Ook valt er een lijk genaamd Notorious B.I.G. uit de kast. 'Niggaz gotta die. We run the street.' Was er maar in gebleven. Verder niets dan lof.
File Under: Als een vis in het water
File Audio: [GhostSpace]
Kingdom Come - Ain't Crying For The Moon
Vandaag was al een onrustig dagje op kantoor doordat een collega plots niet meer terugkeert, en dan loopt thuis ook al alles in het honderd. Terwijl ik zoveel moest doen. Maar helaas, bij het eerste klusje, het installeren van de nieuwe iTunes gaat er al van alles mis, waardoor ik m'n zorgvuldig opgebouwde collectie in m'n iPod helemaal opnieuw moet sorteren en importeren. Tussendoor komen er ook nog een vier telefoontjes en moet ik nog wat eten naar binnen zien te schuiven. En zie dan nog maar eens de rust te vinden om een recensie te schrijven. Kingdom Come dan maar, die heb ik al heel wat keren gedraaid, dus daar kan ik ook snel een afgewogen oordeel over geven. Voorzover dat nodig is, want Lenny Wolf doet al jaren hetzelfde: degelijke bluesrock met een stevige Led Zeppelin-inslag spelen. Soms beter, soms wat minder. De nieuwste, Ain't Crying For The Moon mag rustig in de categorie "beter" geplaatst worden. Heer Wolf heeft deze ronde weer bijna alles zelf gedaan. Bij niet meer dan drie van de dertien songs heeft hij nog wat spaarzame hulp ingeroepen. Hij moet geïnspireerd geweest zijn, want het songmateriaal is uitstekend en de uitvoeringen zijn ook van ouderwetse kwaliteit: donderende drums en bassen, lekker ver naar voren gemixte rechttoe rechtaan gitaarpartijen en natuurlijk het fraaie, gepassioneerde stemgeluid van Wolf. Opvallend is de song "Bon Scott", gewijd aan de overleden AC/DC-zanger. En inderdaad, vanaf het intro is een magnifieke riff te horen die door de heren Young uitgevoerd had kunnen zijn. Bijna alle songs zijn mid-tempo, maar Wolf laat horen dat ook binnen dat tempo te variëren valt van ballad tot loodzware riff. Terwijl ik deze recensie zit te schrijven staat de cd op, en kom ik genietend weer tot rust. Op naar het volgende klusje.
File Under: Geen enkele reden tot huilen
File Audio: [Friends in Spirit] [meer fragmenten]
Chris Rea - The Road To Hell and Back
Tot mijn schaamte zag ik dat ik vorig jaar geen letter geschreven heb over Blue Guitars, de cd-box die Chris Rea uitgebracht heeft. Goed, ik ben natuurlijk niets verplicht als ik zelf zo'n kreng aanschaf. Maar dát ik die box kocht moet eigenlijk al reden genoeg zijn om hier even te vertellen hoe fantastisch die 11(!) cd's zijn waarop Chris Rea zeer uitgebreid, netjes geordend en met overduidelijk heel veel liefde voor het genre per cd verschillende stromingen binnen de blues behandelt. Voor iedereen die een beetje van blues houdt is deze box eigenlijk een verplichte aanschaf, die bovendien ook nog eens voor een bespottelijke lage prijs te koop is - ik betaalde nog geen vier tientjes, geloof ik. Nog dommer van mij was dat ik vergat om kaartjes te kopen voor de concerten die Chris Rea afgelopen maart in de Heineken Music Hall gaf. Een nieuwe kans komt er niet, het was namelijk zijn afscheidstournee. De ziekte die Chris Rea heeft en de medicijnen die hij slikt maken het toeren bijna onmogelijk. Jammer, want als ik zo luister naar de live-cd The Road To Hell and Back - de eerste in zijn bijna dertigjarige solocarrière - heb ik toch echt wat gemist. Het is op zijn zachtst gezegd vermakelijk om te horen hoe Chris Rea in de grote hits die hij gehad heeft de afgelopen decennia blueselementen heeft weten op te diepen. Die zaten er blijkbaar al die jaren al in, als je maar goed genoeg zocht, want echt extreem verbouwd heeft hij de nummers niet. Nu sluiten "Josephine" (dat voorzien wordt van een extraatje over de opgegroeide Josephine), "On The Beach" en "Fool" naadloos aan op die van de 'nieuwe' Chris Rea en zijn ze in een keer veel beter te pruimen. Ze zorgen ervoor dat ik stiekem hoop dat Chris Rea een Rolling Stones-truc uit de hoge hoed tovert en nog een afscheidstournee doet, maar ik geloof dat over en sluiten in dit geval echt over en sluiten betekent. Helaas.
File Under: Waardige afsluiting van een leven op de bühne als solo-artiest
Tang - Another Thousand Days, Out Of This World
Ik krijg niet vaak cd's van Franse bodem. Frankrijk heeft op metal en hardcore gebied nooit vreselijk veel voorgesteld, en het is pas sinds de laatste jaren dat de Franse underground zich ook internationaal meer begint te roeren. Dat is natuurlijk een goede zaak. Helemaal als de muziek ook nog eens in orde is. En bij Tang hoeven we ons daarover geen zorgen te maken. Ze doen dan weliswaar aan emotionele hardcore (ze zitten niet voor niets op het treffend gedoopte Emolution-label), veilige emopop-meuk met meezingrefreintjes volgens het MySpace-recept hoeft de luisteraar in elk geval niet te verwachten. Laten we het dan maar weer gewoon post-hardcore noemen. Tang zoekt het vooral in heftige start-stop-riffs en akkoordenschema's die rechtstreeks vanuit de Refused-school komen. Wat heet, als iemand mij had verteld dat deze band uit Umeå kwam had ik die persoon meteen geloofd. Heftig gekrijs gelardeerd met vette hardcoregrooves en hevige stukken noise, gecombineerd met de juiste dosis spanningsopbouw. Zonder dat het ontoegankelijk wordt. Voor liefhebbers van nieuwe-schools hardcore als Gallows (jazeker Storm, ook ik ben om), Selfmindead en Soapbox en mensen die Songs To Fan The Flames Of Discontent van Refused een warm hart toedragen is deze plaat dan ook warm aanbevolen.
File Under: Warm aanbevolen nieuwe-schools hardcore
File Audio: [Wraaarrhg!]
Octoberman - These Trails Are Old And New
Kut is kut, goed is goed. "Nou nou, kan dat niet wat anders uitgedrukt worden?", zie ik u denken. Nee dus, want eigenlijk is dit stukje heel fout. Ik ben de laatste weken namelijk helemaal weg van Octoberman. "Daar is toch niets mis mee?" zie ik u nu weer denken. Nee inderdaad, maar de reden dat ik weg ben van Octoberman en deze cd in handen heb wel. Ik mag namelijk af en toe wat bandjes boeken in een klein zaaltje in het oosten des lands. Dat betekent dat ik me door demo's, ep's, cd's en bergen aan mail mag worstelen. Op zich niet erg, maar meestal gaat het mijn ene oor in en het andere weer uit. Zo niet met het beluisteren van de tracks op de My Space-pagina van Marc Morrissette aka Octoberman. "Boeken, boeken, boeken, deze man," riep ik enthousiast. En zo kwam het dat er weer een plek gevonden werd voor deze Canadese singer-songwriter, maar dan zie ik in mijn gedachten de lege zaal al voor me. Want wie kent er nou Octoberman? Nu is dit niet erg voor de zaal zelf, hoogstens vervelend, maar wel voor de artiest in kwestie en vooral voor u als u iets met deze muziek hebt. Hij bezingt in twaalf songs de reizen en ervaringen die hij als Canadese backpacker op deed. These Trails Are Old And New verscheen in Canada reeds in 2005 en is nu ook bij ons verkrijgbaar. Hij bespeelt zelf ook nog een aantal andere instrumenten, maar kreeg ook hulp van andere muzikanten op o.a. glockenspiel, cello en mandoline of zijn ze zijn vocale tegenpartij. Het maakt These Trails Are Old And New een album dat gehoord moet worden door liefhebbers van Bonnie 'Prince' Billy, Elliott Smith, Neil Young, Sparklehorse en Shawn Mullins, om maar eens een blik open te trekken. Of beter nog bezoek de komende tour en koop daar de cd als aandenken. En om dan even op mijn allereerste opmerking in dit stuk terug te komen: Als het kut was dan had ik dit eerlijk gezegd of waarschijnlijk dit stuk niet eens geschreven, maar dat is dus niet het geval. Ik wil dat hij wereldberoemd wordt, al zal dit moeten beginnen bij een goed gevulde zaal.
File Under: Een singer-songwriter die u niet mag missen, maar dat zal inmiddels wel duidelijk zijn.
File Audio: [X-Pat][Merci Cornerstore]
File My Space: [X-Pat plus twee nieuwe liedjes]
File Video: [X-Pat]
Snowden - Anti-Anti
Als je jong bent, in de puberteit of zo, ben je vaak 'tegen' alles en iedereen. Dat hoort bij de leeftijd. Je bent dan tegen de regels die je ouders en je school je opleggen, tegen de klussen die je moet doen, tegen de vakantieplannen van je familie, tegen het huiswerk dat je moet maken, tegen je vader die zegt dat de muziek zachter moet, tegen de politie en tegen de politiek: tegendraads. Als je wat ouder wordt, zie je vaak het nut van die regeltjes in. Je bent dan eerder tegen de bewegingen die tegen zijn. Je hebt meer behoefte aan rust, al dat tegenstribbelen is alleen maar vermoeiend en levert vaak toch niets op. 'We are anti-movements, we are anti-anti'. Dat is een zin uit en tegelijk de strekking van de titelsong van de CD Anti-Anti van Snowden. Ze zijn bij Snowden gelukkig niet anti-goede-muziek. De drie heren en de stoere bassiste hebben sinds de oprichting in 2003 een EP uitgebracht en hier ligt dus hun eerste volledige cd. De band uit Atlanta (Georgia, VS) klinkt misschien eerder Brits dan Amerikaans en lijkt wel iets op Franz Ferdinand, soms op The Cure en Joy Division. Zanger/gitarist Jordan Jeffares heeft elf van de twaalf nummers op deze plaat geschreven en dat twaalfde nummer, hekkensluiter "Sisters" is ook het enige echt rustige nummer van de cd. De andere songs hebben er een flink tempo op zitten en moeten volgens mij ook op een behoorlijk volume gedraaid worden. De titel van het openingsnummer "Like Bullets" zegt genoeg. Dus zeker geen "Kill the Power" want dat vermindert het effect dat deze plaat kan hebben.
File Under: Like bullets
File Audio: [Anti-Anti]
Neurosonic - Drama Queen
Het is wel in de mode, albumcovers met speelkaarten. Kasabian heeft er een, Neurosonic nu ook al. Wie? Even voorstellen: maakt u even kennis met een bak tweederangs voorspelbare gitaarherrie uit Canada, waarvan de standaardzanger Jason Darr al eerder een band had, getiteld "Out Of Your Mouth" (wie?!). De tracklist klopt niet en er staan spelfouten in de teksten (interessante titel ook, dat "Frankenstien"). Die teksten kunt u ook al direct gevoeglijk vergeten, tenzij u graag meescandeert met 'Why should I take directions from boneheads who don't know the way?' of 'I don't wanna walk on water, that doesn't mean I'd like to sink'. Naja. Gelukkig is er de muziek nog. Die is nog best gevarieerd en innovatief, zo vindt de band zelf. Toch komt de sound me wat bekend voor. Als ik u vertel dat het gedragen "Me, Myself & I" beter is dan het hele oeuvre van Nickelback, zegt dat dan iets over Neurosonic of over Nickelback? Naja, mocht u dat niks vinden, dan sluiten "So Many People" en "Crazy Sheila" prettig aan op de singles van Filter. Oh, die band hebt u ook al jaren geleden volledig uitgescheten? Nou, dan kunt u vast nog uw lol op met "I Will Always Be Your Fool". Immers, wie luistert er tegenwoordig niet met rode konen naar Good Charlotte? Uh, hallo? Is daar nog iemand?
File Under: Leuke cover
File Audio: Ach, rampzalig is het niet
File Video: [maar doe mij dan Jet maar]
Tim Finn - Imaginary Kingdom
Op Imaginary Kingdom, de nieuwe cd van Tim Finn, is geen spoor te vinden van zijn kleine broertje Neil. En dat is misschien maar goed ook, want hun laatste samenwerking onder de naam Finn Brothers op Everyone Is Here was nou niet bepaald de meest briljante cd die deze twee Nieuw Zeelanders samen maakten. Waar wel een spoor van terug te vinden is op Imaginary Kingdom is van ex-Crowded House en Split Enz-drummer Paul Hester, die in maart 2005 zichzelf van het leven beroofde. Tim zingt het verdriet hierover van zich af in "Salt To The Sea" en in "Dead Flowers": 'Dear long forgotten friend. The time that we spent together, I knew it had to end. But we could have ended better. I hope you've found a place where dreams get built.' "Dead Flowers" is een beetje een vreemd nummer, met veel echo op de gitaren en je hoort het verdriet in Tim's stem. Door het vreemde tintje is het wel duidelijk Tim Finn-nummer, want hij bracht altijd het grootste deel van de 'gekte' in bij Split Enz en Crowded House waar zijn broer dat van de fijngevoelige melodieën. Toch laat Imaginary Kingdom wederom horen dat de ondertussen 54-jarige Finn net als zijn broer behept is met een fijn gevoel voor melodieën. Dat blijkt wel uit het voor The Chronicles of Narnia geschreven "Winter Light". Ik zou willen dat Imaginary Kingdom Tim Finn wat meer bekendheid geeft en hij iets meer uit de schaduw van zijn broertje treedt. Want alhoewel deze nieuwe cd niet zo goed is als zijn meesterwerk Before & After, een koninkrijk met meer inwoners dan de selecte schare trouwe fans die hij nu heeft verdient deze kiwi op basis van deze cd wel.
File Under: Vier kroontjes
File Video: [Couldn't Be Done]
File Audio: [Tim's MySpace konkinkrijk]
Subhumans (Canada) - New Dark Age Parade
OK, voordat ik iets over deze plaat kan vertellen moet ik eerst wat duidelijkheid scheppen. Er zijn dus twee punkbands die zich Subhumans noemen, eentje uit Canada, opgericht in 1978 en eentje uit Groot Britannie, uit 1980. Dit verhaaltje gaat over de eerste band, de Canadezen dus, die tegenwoordig dan ook de toevoeging "Canada" achter hun bandnaam plaatsen. Lastig zat dus, vooral omdat het hier ook nog eens twee oude rotten in het vak betreft die elkaar qua muziekstijl niet zo ver ontlopen (hoewel ik de Britse band persoonlijk veel beter vind, maar dat terzijde). De Subhumans waar ik het graag even over wil hebben brengen met New Dark Age Parade een heuse comebackplaat uit, na 24 jaar niets nieuw gemaakt te hebben. Alsof we nog gewoon in de tijd van de oerpunks leven zijn de onderwerpen weinig anders dan een kwart eeuw geleden en is het vooral het buurland Amerika dat het aan de lopende band moet ontgelden. Door volop aanwezige vergelijkingen met de koude oorlog probeert de band aan te tonen dat de regering Bush de wereld eerder achteruit trekt dan vooruit duwt. Geen originele benadering, maar wanneer het gebracht wordt door een stel veteranen als Subhumans ben je toch wel geneigd om er niet al te veel aanstoot aan te nemen. Muzikaal gezien valt er weinig echte kritiek te leveren, hoewel het allemaal niet zo vurig en gedreven is als je zou hopen. De plaat kabbelt een beetje voort en de gedreven teksten moeten hierdoor heel wat aan kracht inleveren. Heel af en toe komt het een beetje in de buurt van The Descendents - nog zo'n clubje veteranen maar dan eentje die nog wél het vuur bezit - maar dit is te sporadisch om enthousiast te raken. Leuk voor de oude fans en de gedreven anti-beweging, weinig boeiend voor de muziekliefhebber.
File Under: Joehoe, we leven alweer in 2006 hoor
File Audio: [World At War]

























































