Noorderslag
Collega Stonehead en ondergetekende komen wat laat binnen deze zaterdagavond, want beste lezers, het valt nog niet mee om je als allochtone Randstedeling te oriënteren in het centrum van Grûnn terwijl de lasagna van de te goedkope Italiaan bungeejumpt in je maag.
Toch vinden we na enig zoeken de Oosterpoort, biedt het toilet de nodige verlichting en dus kan de avond beginnen. Stonehead wil graag naar Coparck, die ik eerder op de middag al tot volle tevredenheid in de Plato had gezien, dus onze wegen scheiden zich meteen al.
Uw recensent spoedt zich snel naar de Grolsch-foyer, waar niemand minder dan Boris de goegemeente staat te vermaken. Toch niet Idols-winnaar Boris? De enige echte. En we kunnen er zeikerig over gaan doen, maar de show is prima.
Tuurlijk, dat komt mede door de degelijke begeleidingsband, maar ook 'Sofuja' zelve is prima bij stem. Het swingt aanstekelijk (afgezien dan van het toch wel een beetje zeikerige Stupid Things) en een glimlachje hier en een knipoogje daar zijn meer dan voldoende om ook de vrouwelijke fans te plezieren.
Het programmaboekje noemt vervolgens De Nieuwe Vrolijkheid in de 3voor12-zaal. Niet te verwarren met de later op de avond spelende De Nieuwe Blijheid, al doen de Stop Blij, Wordt Vrolijk-stickers die circuleren in de Oosterpoort, vermoeden dat beide bands elkaar op handige wijze promoten. Maar goed, de Nieuwe Vrolijkheid dus. Tja, wat moet je hier nu mee? De podiumact is zeker fascinerend, bijvoorbeeld omdat alle bandleden dezelfde plastic gouden medaille van 2 euro bij de Euroshopper omhebben, of omdat de percussionist een zelf getekend vlassnorretje draagt. Tel daarbij op de 60's-outfit van de zangeres/gitariste en de plastic kip die het podium siert, en u weet hoe laat het is. Dit is dat groepje klasgenoten dat zich liever afzonderde op de middelbare school en nooit naar de van top 40-muziek doordrenkte schoolfeesten kwam. Ik weet het nog net zo niet met De Nieuwe Vrolijkheid. De podiumact is net iets te bedacht en de jonge Hagenaars zijn net iets te bewust eigenzinnig, terwijl het muzikaal nog al eens rammelt. Aan de andere kant: men is nog jong en bijzonder is het wel. Maar een bronzen medaille is in dit stadium meer geschikt; goud is nog eventjes te hoog gegrepen.
Van De Nieuwe Vrolijkheid is het een behoorlijke stap naar het Amsterdamse Matik in de Live XS-kelder. Geinspireerd door de Depeche Modes van deze wereld maakt Matik prima dansbare elektropop, die de zaal dan ook dankbaar tot zich neemt. Het geluid van Matik is wat kaler dan dat van bijvoorbeeld stads- en genregenoten Melomanics, maar dat mag de pret niet drukken. Net als Melomanics zouden ook de heren Matik zomaar eens de Infadels van de Lage Landen kunnen worden.
Na dit feestje heb ik eigenlijk niet zo veel zin in de bewezen melancholiek van Alamo Race Track. Beter kijken we even bij Blaxtar, die vorig jaar geheel terecht de Grote Prijs van Nederland in de categorie hiphop won. Het begint wat aarzelend, en het publiek is wat afwachtend. Maar met wat grapjes breekt de Zwollenaar het ijs ("Kom wat dichterbij, ik ben een aardige neger") en Blaxtar doet wat hij eigenlijk altijd doet: pompen als de beste. Wanneer zijn kleine broertje Typhoon vervolgens ook nog even acte de presence geeft, is er wederom een half uur prima gevuld.
Dan slaat de twijfel toe: zal ik uitvinden wat Hasselhoff in de Live XS-kelder inhoudt, of aanschouw ik toch de reeds bekende maar wel erg mooie liedjes van a balladeer in de 3FM-zaal? Ik kies voor het laatste, en de band met de mooiste platenhoes in jaren stelt niet teleur. Moeiteloos windt de band de toehoorders om de vinger; a balladeer toont aan dat de vorig jaar verkregen Essent-award zeer terecht was. Na een nummer of vier spoed ik mij alsnog richtin de kelder om nog een een mopje Hasselhoff mee te pikken. Bij het passeren van de Buma Cultuurzaal vang ik de woorden 'zolderkamer' en 'Nieuwegein' op. Dus toch de Popprijs voor Spinvis, terwijl ik stiekem op een stunt had gehoopt in de vorm van Jan Smit. In de kelder krijg ik nog welgeteld één nummer mee van Hasselhoff, en het is niet eens van henzelf. De heren sluiten af met een cover van het geweldige She Sells Sanctuary van The Cult, dus nu weet ik nog niks. Het spettert wel in ieder geval, meteen zanger voor wie het podium alleen niet genoeg beweegruimte biedt.
Ik blijf hangen in de Live XS-kelder, omdat Malle Pietje en De Bimbo's vandaag hun doorbraak gaan beleven. Muzikaal is het rechttoe rechtaan punk dat allemaal al dertig keer eerder (en beter) gespeeld is. Maar daar gaat het niet om. Het gaat om songs als Tienerhoer, XTC en Keihard Beuken. Het gaat om het feit dat wij volgens zangeres Kiki allen homofielen en klootzakken zijn. En het gaat bovenal om het ontzettende feest dat vrijwel onmiddelijk losbarst. Vanuit de Amsterdamse underground naar landelijke faam: dit jaar gaat het gebeuren. 3FM is de band al druk aan het hypen, dus verwacht u veel, heel veel Bimbo's en Malle Pietjes dit jaar. En zet Lowlands maar vast in de agenda.
Ook uit Amsterdam komen de Hospital Bombers, in de 3voor12-zaal. Op zich een prima indiebandje, maar tijdens de show afgelopen voorjaar als support van Art Brut had zanger Jan Schenk een beetje last (misschien door de zenuwen?) van de praatziekte. Muzikaal was het leuk, maar de intermezzo's hakkelden net iets teveel en het kwam niet zo grappig over als het vermoedelijk bedoeld was. Nu klinken de Hospital Bombers echter als de welbekende klok en ze doen zich wederom gelden als een van de betere veelbelovende bandjes.
Dat vinden ook Monique en Anita uit Volendam, die ik na afloop van de Bombers tegenkom. Bovendien is Anita het hartstochtelijk met mij eens dat Jan Smit eigenlijk de Popprijs had moeten winnen, iets wat ze kracht bijzet door mij meteen maar innig te omhelzen. "En, waar moeten we nu heen," vraagt Monique terwijl ik het spoorboekje bestudeer. Ik raad haar aan straks naar Kubus te gaan, aangezien ze even eerder zei hiphop-liefhebber te zijn. Ze knikt instemmend. Maar wanneer ik besluit Aux Raus in de Live XS-kelder te gaan bekijken en ik uitleg wat dat is, wensen de dames me op veelzeggende wijze veel succes.
Aux Raus is dan ook niet voor iedereen. "Kunnen we nog een beetje hakken en zagen," roept zanger (of zoiets) Billy Club. Deze twee heren, afkomstig uit dezelfde entourage als Malle Pietje en De Bimbo's, doen namelijk op nogal extreme wijze de goede oude tijd van de gabber herleven. Thunderdome 6 uit 1995 ondersteund door een elektrische gitaar, dat is ongeveer de meest treffende omschrijving. De een noemt het pure teringherrie, de ander vindt het retevet: feit is dat Aux Raus gaat als de brandweer, op vele gezichten een brede glimlach tovert en eenzelfde feestje teweegbrengt als de druk meepogoënde vrienden uit Amsterdam-Oost. Want net als bij Malle Pietje geldt ook hier: dit is vooral Ontzettend Vermakelijk.
En dan ben ik toch wel een beetje moe. Uitpuffen doe ik zittend tijdens een aantal nummers Postman, maar na twee cocktails is er wel genoeg uitgerust en zet ik koers naar de 3voor12-zaal. Van De Bimbo's en Aux Raus krijg je immers nooit genoeg, en zeker niet wanneer ze als speciale surprise-act samen op het podium staan. Aux Raus neemt enkele nummers van De Bimbo's onder handen en het resultaat, een soort gabberpunk, is beyond all descriptions. Ge-wel-dig.
Na deze Amsterdamse ongein wordt het weer tijd voor wat hiphop. Want de eerder vermelde Kubus is immers de man van 's lands beste hiphop biets. Nou ja, dat is hij ook. De Zwolsche dj begint namelijk met een technoset van 45 minuten. In eerste instantie denkt men nog dat het een intro is, maar even later gaan de voetjes wel degelijk van de vloer. Het laatste half uur verschijnt er dan toch nog een mc op het podium in de vorm van de Jamaicaanse rapper Bang Bang. Niets wat we nog niet eerder hebben gehoord ('Peace in da Middle Eas'), maar de biets van Kubus zijn moddervet, dus ik vind het best.
Meer hiphop is er vervolgens op de X-Stage, in de vorm van een aantal Rotterdamse rappers. Met de teloorgang van Duvelduvel leek de scene in de Maasstad even stuurloos, maar die angst is gelukkig ongegrond. Winne heeft (nog) geen plaat uit, maar als deze show een voorbode is voor het kleinood dat dit jaar verschijnen, dan is er een nieuwe ster aan het firmament. Het pompt, de teksten zijn goed, de flow is geweldig: Winne is een aanwinst. En is uiteraard ook een lid van de TopNotch-stal, wat wel zo handig is als je door de hiphop-liefhebber een beetje serieus genomen wil worden.
Ook van TopNotch en ook uit Rotterdam komt U-Niq. Maar Anthony Pengel, zoals deze grote Surinamer werkelijk heet, is verre van een nieuwkomer. Hier staat al een paar jaar ervaring, en dat is soms goed te horen. Ook U-Niq zet een dijk van een show neer, al ligt dat meer aan het feit dat steeds meer mensen het podium betreden dan aan de zelfbenoemde minister-president van de Verenigde Straten. Eerst verschijnt voorman Sticks van Opgezwolle voor een gastoptreden, dan keert Winne terug op het podium en bij het slotnummer Rotterdam staat er een man of tien op de bühne die de duur van het slotnummer naar een minuut of acht stuwen. Rotterdam is herenigd, rapt U-Niq. Amen.
Als allerlaatste slotakkoord pik ik dan nog een paar nummers van de Bluegrass Boogie Men mee. "Echt iets voor boeren," schampert iemand naast me. Het zal, maar de jasje-dasjes vooraan het podium vinden dit ook prima. Immers, een aantal songs uit de film O Brother Where Art Thou doen het altijd goed. Even later bij de garderobe kom ik Anita en Monique weer tegen. Ze hebben het goed naar de zin gehad, maar "Kubus was helemaal geen hiphop", zegt Monique quasi-teleurgesteld. Nou ja, de dames gaan terug naar het hotel. Ja, volgend jaar zien we elkaar weer. Stonehead en ik kennen de luxe van het hotel niet, maar dat willen we ook helemaal niet. Welnee, het is veel leuker om in een late kroeg als De Tapperij te wachten op de eerste trein naar huis. Maar heb ik nu echt meegezongen met Wolter Kroes? Ik vrees van wel.
Nog wat impressies van Noorderslag zijn te horen in de Lopend Vuur-podcast, waar FileUnder-collega Storm dan ook weer aan bijdraagt:
http://www.lopendvuur.nl/2007/01/24/episode-4/






