Helloween - Gambling With The Devil
Vandaag is het zover: de spannendste dag voor kinderen in de Verenigde Staten, met die combinatie van carnaval en Sinterklaas, het trick or treat-feest Halloween. Er had hier natuurlijk een recensie moeten staan van Rob Zombie's soundtrack bij de nieuwe Halloween-film, maar we hebben the next best thing: Gambling With The Devil, het nieuwe album het nieuwe album van Helloween. Zoals te verwachten zitten alle bekende Helloween-ingrediënten er in: zware riffs, midtempo rockers en furieuze uptempo songs met dubbele bassdrums en schreeuwzang en steeds een spooky sfeertje in de songs. En natuurlijk een concept, zij het deze keer in drie songs: " The Bells Of The 7 Hells", "Falling To Pieces" en "I.M.E.". In die laatste song doet zanger Andy Deris even zijn best te lijken op de man die het intro van dit album inspreekt: Saxon's Biff Byford. Deris bevalt me trouwens prima op dit album. Hij laat veel verschillende stijlen horen, van melodieus tot rauw, en draagt er daarmee aan bij dat dit album lekker afwisselend is. Ook producer Charlie Bauerfeind is er in geslaagd het bij Helloween doorgaans behoorlijk volle geluidsbeeld van enig lucht te voorzien. Verder is het precies wat je van een Helloween-album: een paar vullertjes, een stel heel degelijke songs en deze keer ook weer een paar behoorlijke uitschieters, zoals "The Saints" en het mini-concept. Helloween brengt hiermee een van zijn sterkste albums in jaren uit. De trick is bekend, de treat is er niet minder om.
File Under: Ik houd wel van een gokje
File Audio: [HelloweenSpace]
Creature With The Atom Brain - I Am The Golden Gate Bridge
Een eerdere release van deze band rond Aldo Struyf en Dave Schroyen (beiden afkomstig uit Millionaire) werd door File Under volkomen met de grond gelijk gemaakt. Of dat terecht was of niet, laat ik graag in het midden. Feit is dat met I Am The Golden Gate Bridge, hun eerste op cd verschenen release, de kritieke punten weerlegd worden. Een gebrek aan liedjes en een teveel aan gitaargeneuzel, zei u? Welnu, twaalf tracks kent deze nieuwe plaat en ook hier voeren de psychedelische gitaarrifs de boventoon. Maar ergens op de lijn tussen Millionaire, Queens of the StoneAge en Butthole Surfers vind je nu wel degelijk liedjes. Met een kop en staart zelfs. Of dat nu het gevolg is doordat Tim Vanhamel (die het fijnzinnig gevoel voor gekte uit The Evil Superstars lijkt te hebben meegenomen voor "Mind Your Own God") en Mark Lanegan (verantwoordelijk voor "Crawl Like A Dog") hand- en spandiensten hebben verleend aan Creature With The Atom Brain, weet ik niet. Wel dat het er op lijkt dat de Antwerpse maffia weer terug is en een paardehoofd in het bed van alle criticasters gelegd heeft. Check alleen maar de geschiedenissen van de bandleden en de namen op het 'Thanks to'-lijstje, waar zelfs Godfather Tom Barman genoemd wordt.
File Under: Return of the Antwerp Mob?
File Audio: [ MySpace]
Yeasayer - All Hour Cymbals
Ik dacht dat een bekken iets anders was dan een cimbaal. Ik dacht dat een cimbaal weliswaar een percussie-instrument was, maar dat het meerdere tonen kon voortbrengen en nu blijkt een cimbaal gewoon een bekken. Dat is jammer, ik had al een enorme interpretatie aan de titel van het debuutalbum van het uit Brooklyn afkomstige Yeasayer - zonder h! - gehangen. Iets met archaïsch en oosterse invloeden. 'All hour' kon dan wat mij betreft vertaald worden met 'eeuwig voortdurend'. Dat een cimbaal een bekken blijkt maakt mijn interpretatie echter niet meteen kapot. Het belang van onorthodoxe ritmes - ook gemaakt door de cimbaal - die klinken alsof ze uit een soort van internationale spirituele oudheid komen (want helemaal plaatsen kan ik de ritmes niet) blijkt groot. Die ritmes en bovenal melodieën - van Gregoriaans tot Midden-Oosters aandoend - blijven duren en worden door Yeasayer zo ingevoerd in hun composities dat de liedjes op hun debuut klinken als toekomstmuziek die vandaag gebracht wordt. Een beetje TV on the Radio, al is die band duidelijker van nu. Yeasayer klinkt soms new age, soms indie, soms Afrikaans, soms zoals gezegd Gregoriaans of nog iets anders, maar nergens ontbreekt de duidelijke touch van Yeasayer. Ik vind het een knappe plaat, die weliswaar even wennen is, maar die me wel iets brengt wat ik zelden heb gehoord. Ik ben er nog niet helemaal klaar mee. Ik denk dat ik in de war was met een citer. Helemaal verkeerd natuurlijk, maar het had zomaar gekund. Een citer bij Yeasayer. Eigenlijk kan alles, maar dat heeft Yeasayer goed vertaald in een verrassend - excusez le cliché - debuut.
File Under: Bezwerende spirituele indiepop
File Audio: [2080 - om te downloaden][ MySpace]
Agua de Annique - Air
Je vraagt het je toch stiekem af, waar de fans van The Gathering meer naar uitkeken; deze plaat van frontvrouw Anneke of die van de rest van de band. Een beetje naar misschien, hoewel je het ook van de positieve kant kunt bekijken; er zijn nu immers twee groepen waarvan er iets moois kan komen. In het geval van Anneke is dat, wat een stom woord toch, poprock. In ieder geval op die zondagavond in - godbetert - Emmeloord alwaar Agua de Annique in het plaatselijke jongerencentrum de Klos haar tweede en niet meer helemaal geheime try-out concert gaf. Mooi en intiem, maar geregeld ook venijnig rockend: Annique had het allemaal, inclusief een band die stond als een huis. Van Anneke viel weer eens op hoe mooi ze zingen kan, vooral als er andere dingen van haar stem gevraagd worden dan toen ze bij The Gathering zong (zoals in een verrassende cover van Earth & Fire). Naderhand viel de cd Air mij bij eerste beluistering een beetje tegen. Hij gleed - warm en helder geproduceerd als hij is - weliswaar heerlijk mijn oren binnen op de (brakke) zondagavond erna, maar was dit hetzelfde rockbandje dat ik de avond ervoor had gezien? Het deed mij, in tegenstelling tot live, nu wel geregeld aan het wat gepolijste geluid van The Gathering denken. Maar dan kleiner. Intiemer. Veel rustige nummers op deze plaat, veelal met de piano - waarop Van Giersbergen haar nummers schrijft - als basis. Open klanken, sfeer, en in het mooie "Icewater" soms bijna triphop. "Witness", een onheilspellend voortjagend nummer, en "Lost and Found" zijn live de grootste knallers. Jammer genoeg komt dat er op plaat niet helemaal uit. De gitaaruitbarstingen zijn daar niet overtuigend genoeg en komen in het laatste nummer zelfs wat belegen over. Jammer! Maar voor de rest: een mooie, erg sfeervolle plaat, die zeker ook veel liefhebbers van The Gathering zal aanspreken en in combinatie met het live-geluid een interessante nieuwe band vertegenwoordigt.
File Under: Meer dan The Gathering
File Audio: [ MySpace]
VA - Control OST
'Goedemiddag JT Bioscopen, waarmee kan ik u van dienst zijn?'
'Ik zou graag kaartjes willen reserveren voor Control.'
'Welke film zei u, mijnheer?'
'Control, dat is die film van Anton Corbijn.'
'Ik zie deze film niet staan in ons systeem. Het zegt me niets.'
'Oh? Dat meent u niet, het heeft toch uitgebreid de pers gehaald de afgelopen weken'
Het kostte wat moeite om 'em te zien te krijgen, maar ik was best onder de indruk van Control, de film die Anton Corbijn maakte over Ian Curtis. De manier waarop hij dat doet - puur, niet geromantiseerd en zonder een oordeel te vellen over het handelen van Curtis - vond ik echt knap. Zeker omdat de film gebaseerd is op Touching From A Distance van weduwe Deborah Curtis. Het enige kritiekpuntje dat ik had was dat hij voor de rol van Curtis een net te mooie jongen gecast had. Maar goed, dat kun je Sam Riley zelf natuurlijk moeilijk kwalijk nemen, hij speelt bovendien de rol van Curtis overtuigend. Samen met de andere drie leden speelde hij ook nog eens de muziek die ze spelen in de film zelf. "Transmission" heeft het zelfs geschopt tot de bij de film horende soundtrack. Daarop komt het gros van de muziek die in de film zit voorbij. Het rare is dat de muziek die ik in film perfect op zijn plaats vond een beetje als los zand, aanvoelt zo op cd. Terwijl er eigenlijk geen zwakke nummers tussenstaan. Ik bedoel, New Order, Velvet Underground, Buzzcocks, Iggy Pop, Sex Pistols, Roxy Music, Kraftwerk, David Bowie en natuurlijk Joy Division zijn niet bepaald misselijke namen. Misschien komt het wel juist doordat ik vooral de Joy Division-albums koester zo als ze zijn. Daar maak ik niet graag een selectie uit.
'Goedenavond Louis Hartlooper Complex, waarmee kan ik u van dienst zijn?'
'Ik zou graag kaartjes willen reserveren voor Control.'
'Dan bent u net op tijd, ik denk dat de zaal tot de laatste stoel gevuld is vanavond. '
'Gelukkig maar.'
File Under: Mooie muziek, maar nog mooier in de bioscoop.
Chuck Prophet - Soap And Water
Daar zit hij dan aan de rand van zijn landgoed. De paarden draven, de bergen vormen een prachtige achtergrond en er is een meertje. Hij pakt zijn gitaar en speelt zijn liedjes: alleen, van alle poespas ontdaan. Muziek is zijn lust en zijn leven, hij zou niet weten wat hij zonder moest. Hij zat of beter gezegd zit in een bekendere alternatieve countryband, hij speelde met bekende artiesten en ook zijn nummers zijn door de groten der aarde gecoverd. Toch blijft het maar komen: de drang om nummers te schrijven en op te nemen is simpelweg niet te stoppen. Het lijkt wel een verslaving. Bovendien kan hij weer al zijn nieuwe ideeën toepassen. Nummers op een traditionele wijze uitvoeren. Dat hebben al zo velen gedaan en misschien wel beter dan hijzelf het ooit zal kunnen. Bovendien is hij niet wereldvreemd, hij weet over nieuwe muzikale stromingen als de hiphop en is zelf gek op de tachtiger jaren new wave. Hij kan ook omgaan met elektronica en weet dat hij dat spaarzaam moet doen. Hij glimlacht, het kerkje van zijn dorp brengt hem op een idee: er moet dit keer ook een koortje in. Maar alles in dienst van het lied, uiteraard. Als hij thuis is gaat hij eens wat vrienden bellen, het kriebelt, hij moet weer de studio in.
Elke overeenkomst met bekende personen of situaties is louter toeval.
File: Chuck Prophet - Soap And WaterFile Under: Nieuwe wegen in de americana
File Audio: [ MySpace]
File Video: [Live @ Paradiso: Would You Love Me en Soap And Water]
Fixkes - Fixkes
U ligt op zondag in uw warme bedje en u heeft zin in broodjes. Maar nog geen zin om op te staan, want u ligt lepeltje met uw lief. En zoals men 'tussen 't stad en de grens' zegt, dát is echte liefde. Welkom in Stabroek. Waar?! Stabroek: een onooglijk gehucht in de buurt van Antwerpen. Maar ook en vooral: thuisbasis van Fixkes. Eerste single "Kvraagetaan" stond zestien weken op nummer 1 in België. Een relaas in onvervalst dialect dat nostalgische en warme gevoelens oproept, voortgestuwd door ritme en akkoorden in de trant van het werk van Jack Johnson. Het nummer is één van de vele songs op hun titelloze debuut die appelleren aan het gebrek aan gelukkige mensen in de huidige samenleving. Fixkes drukt ons met de neus op de kleine dingen in het leven. Want die doen het hem immers. Herkenbaarheid boven alles. Rake commentaren op de tijdsgeest en de liefde. 'Ik hoop da ze mij wa mist/da z'een heel klein bitje ongelukkig is' over uw lief die u net verlaten heeft; 'Er zitten nooit geen smileys op tram 3' over het digitaal failliet van de dertigplusser; 'Ik weet da'k gene prins zen maar wel gewoon ne goeie gast' over onbeantwoorde liefde. Voeg daar nog wat jeugdsentiment ("(Ik zen van) Stabroek") en wat machismo ("Vrijdagavond" aan toe, maar zorg ervoor dat het nergens zwaar op de hand wordt door luchtige melodietjes en gevatte woordkeus en viola: een heerlijk nazomeralbum. Of, zoals ze zelf zeggen: 'Kwas nog geen jaar in de zomer van 1976, maar ze zeggen dat die terug mag komen...'
File Under: Je bent nooit te oud om je weer jong te voelen.
File Audio: [Het hele album in de luisterpaal!]
File Gast: JayJay
Soulwax - Most of the remixes we've made
'Onze eerste remixverzamelaar heeft een eeuwigheid geduurd om uit te brengen, dus mag-ie ook wel een gruwelijk lange titel hebben', dachten de broers Dewaele. En terecht, want wát een collectie is het geworden! Goud! GOUD!! Je kunt de mannen dan wel verwijten dat ze een trucje toepassen, namelijk dat ze telkens gitaarriffs toevoegen aan popnummers, maar... sodeknetter wat werkt dat toch goed. Juist die nummers zijn op de dansvloer wel mooi al jaren de effectiefste remixen. En dat is een bewezen opmerking, want de hier aanwezige oude remixen van The Gossip en Muse zijn ware klassiekers en horen dan ook absoluut in deze verzameling thuis. Nieuw zijn (uitstekende) mixen van Hot Chips "Ready for the floor", Kylie Minogues "Can't get you out of my head" en Arthur Bakers versie van Argents "Hold Your Head Up" uit 1972 (videootje van het origineel - luister en vergelijk...) Het is even zoeken, want CD1 bevat de individuele mixen en CD2 een lange mix van dezelfde en nog meer remixen. Afwisseling is er daarbij genoeg: de mixen van "Stella Maris" en West Philips krijgen dankzij Soulwax' gefreak weer een heel eigen charmante lading. Kortom, met m'n oordeel ben ik snel klaar: érg goed. Zeker voor een remixverzamelaar. Oke, "Dare" van de Gorillaz is nog legendarischer door de DFA geremixed. Boeie. Weet je wat pas echt fijn is? Volgens mij is dit het officiële cd-debuut van de Shibuya-remix van LCD Soundsystems "Daft Punk Is Playing In My House". (Shibuya is een hippe winkelwijk in Tokyo, trouwens.) Godzijdank heeft EMI ein-de-lijk de bijna twintig Daft Punk-samples in die mix weten te clearen, zoals dat heet wanneer er toestemming geregeld moet worden om een stukje van een liedje in een ander nummer opnieuw te gebruiken. Je zult nu wel denken, heb je hem weer met z'n Daft Punk-obsessie, maar ik bezit dus een totaal kansloze versie van diezelfde remix op de DFA Records Holiday Mix 2005-cd, waar al die samples jammerlijk uit zijn gesneden en waardoor die hele track meteen oersaai wordt. Misschien is dat wel het enige minpunt aan legale cd's met Soulwax' mixkunsten erop: hun bootlegs en live-mixen zijn nóg beter.
File Under: Beste eigen collectie van remixen in lange, lange tijd
File Audio: [Too Many Spaces]
File Video: [Sugababes - Round round (Soulwax remix)][The Gossip - Standing in the way of control (Soulwax Nite Version)] [Gorillaz - Dare (Soulwax remix)] [Lords of Acid - I Sit On Acid (Soulwax remix)][Justice - Phantom pt.2 (Soulwax remix)]
Pearl Jam - Immagine in Cornice
Ik heb er nooit een geheim van gemaakt: als het om Pearl Jam gaat, dan ben ik een conservatieve fan in de zin van dat ik de eerste albums van de band koester en bij het beluisteren van een nieuwe cd steeds weer begin te mijmeren over vroeger. Ik krijg het weer terwijl ik zit te kijken naar Immagine in Cornice (Picture In A Frame). Het is een mooie film, echt waar. Danny Clinc, die eerder dvd's voor Bruce Springsteen opnam, heeft vakwerk geleverd. Hij had daarvoor ook alle mogelijkheid gekregen van de band en mocht zo ongeveer dag en nacht filmen, front- en backstage. Prachtig zijn de beelden als toetsenist Boom Gaspar een eeuwenoud orgel bespeelt in de kathedraal van Pistoia onder het toeziend oog van de directeur van de muziekschool. En de conversatie met hem is hilarisch: 'What is your repertoire?' 'Some fast and some quiet'. Maar goed, het gaat toch vooral om de muziek die op het podium gebracht wordt natuurlijk. En ik betrapte me er weer op dat terwijl ik -nog steeds- dikke lagen rillingen krijg bij nummers als "Alive" (uit volle borst meegezongen door de Italianen), "Even Flow" en het als altijd superagressieve "Blood", ik bij de nieuwere nummers een beetje stoïcijns zit te kijken. Aan de band ligt het niet. Zeker Eddie Vedder gaat tot het uiterste om zijn fans waar voor hun geld te geven. Hij oefent zelfs samen met een tolk backstage op hele lappen Italiaans om het publiek in haar moedertaal toe te kunnen spreken. Op het podium is hij een ongeleid, gepassioneerd projectiel dat zijn hele ziel en zaligheid geeft, Vedder zegt zelf ook dat hij de energie van het publiek opzuigt en gebruikt om nog meer te kunnen geven ('That was a two shirt gig'). Dat is prachtig om te zien, maar toch raakt het me niet meer zo knetterhard als in de jaren negentig en dat ik vind het best erg om dat bij mezelf te constateren.
File Under: Mijmeren over vroeger bij beelden uit 2006.
Failsafe - What We Are Today
Twee jaar geleden kwam het Engelse Failsafe op de proppen met debuut What We Are Today. Fijne emocore, in de traditie van Funeral For A Friend en Silverstein. Twee jaar na dato is Nederland aan de beurt. De plaat is hier nu verkrijgbaar en eind november, begin december geeft de band drie optredens in ons koude kikkerlandje. Op plaat klinkt het vijftal in ieder geval veelbelovend. What We Are Today is een hypermelodieuze plaat met genoeg scherpe randjes om niet poppy te worden. Zanger James Norris heeft een erg prettig, ietwat rauw, stemgeluid. Ook de ondersteunende schreeuwvocalen van Matthew Cogley doen het goed en klinken niet geforceerd. Zoals op "Trying To Mend Whats Left Of Me". Het heerlijke punkrockritme houdt de vaart in het nummer, de twee vocalisten vullen elkaar perfect aan en de climax is overweldigend. Opener "Actions For Answers" en het aan Alexisonfire denkende "To Deny Yourself" zijn de andere hoogtepunten van dit veelzijdige debuut. De vergelijking met Alexisonfire komt overigens voornamelijk omdat de stem van Norris doet denken aan die van Dalles Green, vocalist van de AOF. Failsafe vindt zelf trouwens dat er ook ska in hun muziek te horen is. Dat hoor ik dan weer niet . Begin volgend jaar moet de opvolger van What We Are Today klaar zijn. Het is te hopen dat het dan niet weer twee jaar duurt voordat wij er in Nederland van kunnen genieten. Het optreden in Amsterdam op 29 november vindt overigens plaats op de MS Stubnitz. Jazeker, dat is een schip. Erg gaaf dus. Verder nog te zien in Oss (1 december) en Den Helder (2 december).
File Under: Melodieuze emocore met genoeg scherpe randjes
File Audio: [ MySpace]
The Royal We - The Royal We
Steeds meer relaties stranden. Het debuutalbum van The Royal We is ook meteen het laatste. Het is de derde band - Larrikin Love en De Nieuwe Vrolijkheid ging het koninklijk meervoud voor - dit jaar waar ik debuut van bespreek op het moment dat de band alweer uit elkaar is: ook in dit geval weer een typisch geval van jammer. In ongeveer twintig minuten rammelt The Royal We door zijn debuut heen. Aanstekelijke korte popsongs die indie-, garage-, punk- en poprock combineren tot een, ehm, nou ja, vooral heel gezellig geheel. "All the rage" en "I hate rock n roll" zijn erg leuke liedjes en de geweldige cover van Chris Isaaks "Wicked game" is de kers op de taart die The Royal We bij het toetje serveert. Ja, The Royal We is het toetje van het diner waar je na een aantal gangen nog wel zin in hebt, maar dat je eigenlijk niet meer op kunt. Alleen als je echt een toetjesliefhebber bent, dan eet je het nog op. Ik bedoel, in Glasgow was de band tijdens het bestaan een grote hype. Moest je gezien hebben, zeg maar. Wij krijgen dat hier natuurlijk niet mee en het plaatje is heel aardig, maar ik denk dat je erbij geweest had moeten zijn. En dan had je het toetje ook zonder problemen gegeten. Zeg maar.
File Under: Het toetje na een bourgondisch diner
File Audio: [The Royal We @ MySpace]
File Video: [?All the rage?]
Serj Tankian - Elect The Dead
Toen System Of A Down anderhalf jaar geleden bekend maakte dat ze een pauze van onbepaalde tijd zouden inlassen was ik daar, zacht gezegd, niet zo blij mee. Na het overweldigende Mezmerize / Hypnotize project was de band tot ongekende hoogte binnen mijn cd-kast gestegen en de verwachtingen voor de toekomst waren torenhoog. Iedere nieuwe cd was een immers grote stap voorwaarts gebleken . Een 'sabbatical' van enkele jaren - misschien zelfs de voorbode van een definitieve breuk - kwam nu niet echt als geroepen. En natuurlijk, als zo vaak in dit soort gevallen meldden de bandleden dat ze vooral heel veel tijd zouden gaan steken in soloprojecten, alsof ik dáár op zat te wachten. Nou, wel dus, zo blijkt nu met het verschijnen van Elect The Dead. Dat zanger Serj Tankian een dikke vinger in de System Of A Down pap had was geen geheim, maar dat hij zo ontzettend belangrijk was voor het uit duizenden herkenbare geluid wordt hier ontegenzeggelijk bewezen. Het is dat ik het verhaal de afgelopen tijd een beetje gevolgd heb, anders zou ik toch echt zweren gewoon met de nieuwe SoaD te maken te hebben. Dezelfde afwisseling tussen hysteria en melancholie, bizarre ritmes en beukende hoofdschudderij. Eigenlijk is er maar één duidelijk verschil: de afwezigheid van gitarist Daron Malakian. Waar hij bij SoaD steeds nadrukkelijker op de voorgrond trad en zijn schelle stem al maar vaker de hoofdrol opeiste, moet Tankian het nu helemaal zelf doen. En dat gaat hem dus prima af. Als er al iets op aan te merken valt is het de relatieve stilstand ten opzichte van de vernieuwingsdrift die SoaD zo kenmerkt. Zijn solowerk gaat verder waar Hypnotize stopte en voegt op zich weinig nieuws toe, behalve dan de twaalf steengoede liedjes. Ik ga daar ook niet over lopen piepen. Mocht men alsnog besluiten weer samen verder te gaan dan kijk ik daar zeker naar uit, maar tot die tijd kan Tankian het best wel even alleen af.
File Under: System of a Down
File Audio: [SerjSpace]
Joyfalds - Rails
Ik was ze eigenlijk al weer min of meer vergeten, het Leidse trio Joyfalds. Het is niet zo dat de band stil gezeten heeft sindsdien, ze traden flink wat op. Toch dateert hun laatste teken van leven op cd alweer uit 2004. Het is me niet precies duidelijk waarom het zolang geduurd heeft dat de nieuwe cd Rails er lag, maar ik ben blij dat 'ie er is. Het toeval - echt! - wil dat ik ook nu weer hun muziek draaide gedurende mijn trip in de trein naar het Rush-concert in Ahoy. Al was het deze keer in mp3-formaat op mijn telefoon in plaats van mijn Expanium die in de kast ligt te verstoffen. En weer waren ze een waardevolle aanvulling op een geweldige avond livemuziek. Alsof de duvel er mee speelt heet het ding ook nog eens Rails. De post-rock heeft het drietal hierop ver achter zich gelaten. Ze zijn veel meer de indierockkant op getrokken. Een beetje dezelfde weg die het bij ons in de gelederen overbekende Lawn ook gegaan is. Ze kiezen voor meer compacte nummers, maar duidelijk niet voor de gemakkelijkste weg. Het toevoegen van wat meer zweverige elementen uit de Sigur Rós-stal doet de band goed. De wat meer ingetogen liedjes - dat is het gros - krijgen er precies de juiste spanning door. Wat dat betreft krijgt Rails na de in de eerste helft van de toch aardig stevige opener "Leaves Fall Down", dat aan het Groningense Propeller doet denken, een verrassende wending. Maar het grootste gedeelte van de tijd is Joyfalds in zichzelf gekeerd, bijna ongevoelig lijkend voor de hectische wereld om zich heen. Op die momenten is de band ook op zijn best.
File Under: Het oog van de storm
File Audio: [leaves fall down][solitary confinement]
Enon - Grass Geysers... Carbon Clouds
Al tientallen jaren ben ik een muziekliefhebber en ik volg de popmuziek ook al vele jaren behoorlijk intensief. Ik interesseer me het meest voor gitaarrock en progressieve popmuziek zoals dat jaren geleden genoemd werd en de laatste paar jaar probeer ik het indiewereldje een beetje bij te houden. Dat betekent in mijn geval dat ik vrijwel elke dag toch minstens een uur en in het weekend soms meerdere uren met muziek bezig ben. Nu zou je denken dat ik de meeste bands dan toch zou kennen, maar ik merk wekelijks dat dat nog lang niet het geval is. Zo had ik bijvoorbeeld nog nooit gehoord van Enon en dat terwijl ze toch al zo'n acht jaar bezig zijn en ik hier hun vijfde album Grass Geysers... Carbon Clouds bespreek. Ik weet dat ik niet alle bands kan kennen, maar in dit geval heb ik het gevoel dat ik iets gemist heb. John Schmersal, Toko Yasuda en Matt Schulz maken op dit album zeer boeiende en solide muziek die me nieuwsgierig maakt naar de vorige albums. Maar eerst dit nieuwe album. Twaalf stevige songs waarop John en Toko afwisselend de lead vocals voor hun rekening nemen. Johns scheurende hoge stem en Toko's lieve meisjesstem vullen elkaar wonderbaarlijk goed aan zoals je bijvoorbeeld kunt horen op twee aantrekkelijke nummers als "Sabina" en "Mr. Ratatatatat". Sommige nummers zijn in feite gewone popsongs, terwijl andere nummers behoorlijk veel noise bevatten. Lekkere noise wel te verstaan. Op "Pigeneration" trommelt Matt er flink op los en klinkt de stem van Toko een stuk minder lief en ook "Law of Johnny Dolittle" is ook een voorbeeld van een lekker stevig nummer. Enon doet me soms denken aan een muzikaal huwelijk tussen Garbage en Sonic Youth. Geen verstandshuwelijk, maar een huwelijk uit wederzijds respect.
File Under: Ratatatatat
File Audio: [ Mirror On You]
Glenn Hughes - Live In Australia
Hè, alweer een live-cd (en aparte dvd) na de dubbelaar van drie jaar geleden? Jup. En ondanks dat vijf van de dertien songs al op Soulfully Live In The City Of Angels stonden, is het geenszins een overbodige release. Ten eerste bracht Hughes twee puike studio-albums uit (hier samen goed voor zes songs) en ten tweede was dit een bijzonder concert met bas, gitaar en toetsen en daarnaast soms een strijkkwartet. Uitgeklede versies dus, met de inmiddels vertrokken J.J. Marsh op gitaar en toetsen - al vraag ik me af hoe hij dat doet als er toetsen én gitaar te horen zijn... Vaak is gekozen voor de intiemere songs, zoals "Frail" en "The Divine". Daarnaast zijn ook de covers "Nights In White Satin" (Moody Blues) en "Whiter Shade Of Pale" (Procol Harum) te horen en uiteraard een stel Purple-klassiekers, zoals "Mistreated" en "This Time Around". Op dit album komt de soul in Hughes' stem meer naar voren dan anders. Geen wonder dat David Coverdale zich in Deep Purple zo bedreigd voelde door de man die eigenlijk de bassist was. De akoestische gitaren op dit album klinken warm en dichtbij, de strijkinstrumenten zijn geen veredelde synthesizers maar vormen een fraaie achtergrond voor de rest en Hughes.... wauw! Op "Gettin' Tighter" doet Aussie brulboei Jimmy Barnes nog mee, maar ik had daar liever gewoon Hughes gehoord. Maar dat is dan ook het enige smetje op een verder wonderschoon album. Op Music For The Divine liet Hughes al horen ook in heel kleine en intieme songs uit de voeten te kunnen en dit is eens te meer bewijs daarvan.
File Under: Glenn Hughes klein en intiem
Perry Keyes - The Last Ghost Train Home
Soms is het wel prettig als artiesten naar je luisteren. Dat doen ze natuurlijk niet, en vooral niet naar die mislukte muzikanten die zich recensenten noemen. Maar toch heb ik de illusie dat Perry Keyes wel een beetje geluisterd heeft. In de recensie van Meter, zijn debuutplaat repte ik nog over de lengte van de plaat. Twee keer 45 minuten was gewoon teveel. En dus brengt Keyes nu een enkele cd uit. En pats, het is een schot in de roos. Daar waar Meter nog teveel naar Springsteen neigde, is The Last Ghost Train Home vooral Keyes. Natuurlijk, zijn er nog vleugjes Springsteen, Wilco en deze keer zelfs John Hiatt, maar daar kan ik als Hiatt-fan echt niet mee zitten. Of Keyes nog op de taxi zit, zoals ten tijde van Meter, dat kan ik nergens weervinden, maar hij schijnt in de taxi genoeg inspiratie voor zijn verhalende liedjes opgedaan te hebben. Hij wordt daarbij ondersteund door een prettig sobere band, die toch vlamt, daar waar nodig. Fans van bovengenoemde artiesten kunnen The Last Ghost Train Home blind aanschaffen en liefhebbers van het betere, tegen americana aanhangende rock nemen onverwijld de taxi naar de platenzaak. Misschien worden ze wel gereden door Keyes zelf...
File Under: Nu wel een meesterwerkje...
File Audio: [PerrySpace]
The Bloody Honkies - The Gospel Of...
Het is misschien niet echt rock 'n' roll om je vakantie te besteden aan het opnemen van je debuut-cd, maar het zorgt er wel voor dat je als band lange tijd aaneen gefocust kunt zijn op het ding waar je eigenlijk gewoon dag en nacht aan wilt werken: je muziek. The Bloody Honkies, uit Lichtenvoorde, deden het heel bewust op deze manier en The Gospel Of... is hiervan het knetterhard doorrawkende resultaat. Tot mijn verbazing bleek de delegatie van File Under de mannen helemaal gemist te hebben op Noorderslag afgelopen januari. Het zal wel komen doordat daar niet onze vuigste rockers aanwezig waren. Ik was zeker wel even gaan buurten bij deze Achterhoekers, die op het podium verschrikkelijk van leer kunnen trekken. Hierbij is rauwe strot Lawrence Mul (soms, Eddie, soms Robert, soms Ian, soms Dave, soms Jon) het met de stembanden gymnastiekende middelpunt. Die energie overbrengen naar een zilveren schijfje da's geen sinecure, maar aan de hand van Eric Corton en Albert Deinum is ze dat goed gelukt. Het rauwe, onversnedene geluid is goed gehandhaafd gebleven, in de uptempo nummers komt nog net geen rook uit mijn speakers. Alleen de drums van Hooky vind ik hier en daar teveel weggemoffeld en een tikkie dof, maar op een wat hoger volume - en zo hoor je dit soort muziek te draaien natuurlijk - valt dat al wat minder op. Maar The Bloody Honkies zie ik op termijn wel uitgroeien tot een band voor wie het opnemen van een cd vooral een excuus is om de koffers weer te kunnen pakken en te gaan toeren.
File Under: Rawk van eigen bodem
FIle Audio: [ MySpace]
Vanessa Peters & Ice Cream on Mondays
Therapy? - Music Through A Cheap Transistor - The BBC Sessions
Therapy? zag en hoorde ik enkele malen in levenden lijve live, en dat was toch altijd wel indrukwekkend. Vooral staat me nog een concert in Paradiso bij, ergens halverwege de jaren '90, waar de combinatie van drugs en rookgordijnen mij in de pogopit allerlei oriėntatieproblemen opleverde. Als ik op televisie de Therapy?'s festivaloptredens terugzag waarbij ik aanwezig was geweest, vielen die echter altijd tegen: zanger Andy Cairns kwam op het grote podium gewoonweg niet echt lekker uit de verf. De "je had erbij moeten zijn-factor" is op Therapy? sterk van toepassing. The BBC Sessions, waaronder die van het pre-Troublegum tijdperk natuurlijk door wijlen John Peel, overtreffen de enigszins laaggespannen verwachtingen: de opnames moeten tussen '91 en '98 uit de cheap transistors geknald hebben. Cairns is in de Britse studio's uitstekend bij stem - ongetwijfeld dankzij een eindelijk wel eens goed afgestelde monitorbox - en tilt nummers als "Nausea", "Disgracelands" en Joy Divisioncover "Isolation" boven de albumopnames uit. De vraag rijst een beetje voor wie de box een interessante aankoop is; het is geen Best-of ("Totally random man" staat er bijvoorbeeld drie keer vrijwel identiek op - let wel: de laatste versie klokt 5 seconden eerder af), het is niet echt live (met desoriėnterende rookgordijnen enzo) en er staat nog geen handjevol niet eerder gebrachte nummers op (lekker melig is Hank Williams' "Lost Highway" dat ook al eens gecovered werd door The Daltons, een aftreksel van de band waarmee Therapy? ooit nog wel eens is vergeleken, maar daar zelf in de verste verte geen aftreksel van is gebleken... Hint: schaarse gemeenschappelijke grond van beide bands is hun geboortegrond). Fijne plaat voor de echte fan dus.
File Under: Lekkere semi-liveplaat voor de echte fan
Vegas For Millions - Vegas For Millions
Had ik het nou maar niet gedaan, maar het was al te laat: na de cd Vegas For Millions een paar keer gedraaid te hebben las ik het bijgesloten verhaaltje door. "Rock 'n Roll in een stijl die je doet denken aan de jaren 60 van Let It Bleed en Revolver gevolgd door de Britse sound uit de jaren 90." Pardon? Hebben we het over dezelfde cd? Ik vind het wel erg vergezocht en bovendien leg je de lat dan wel heel erg hoog door een vergelijking te maken met de betere platen uit de popgeschiedenis. Niet dat het Schiedamse trio vervelend is, integendeel zelfs. Vegas For Millions houdt van recht-voor-de-raap rock, die ik als het dan moet in de southern-rockhoek van bands als The Black Crowes zou plaatsen of als het om een Nederlandse band moet gaan, The Prodigal Sons. Nu beiden weer bij elkaar zijn en het Ierse The Answer het goed doet, is er kennelijk behoefte aan deze muziekstroming. Vegas For Millions is een band waarvan ik het gevoel heb dat ze hier prima tussen past. De twaalf nummers dampen thuis al vanaf de cd en ik heb zo'n vermoeden dat dit op het podium helemaal waar gemaakt wordt. Jongens, hier spreekt uw muziekopa, ga veel toeren en zie dat je een plek verovert in het komende festivalseizoen op de podia. Volgens mij heeft Nederland er een heel fijn bandje bij. Kom me alleen niet meer aan met "Let It Bleed" en "Revolver". Of de Britse sound uit de jaren 90. Dat is echt een heel ander verhaal.
File Under: Gaan met die banaan.
File Audio: [ MySpace]
Hundred Reasons - Quick The Word, Sharp The Action
Je gitarist stapt op, een goede vriend overlijdt en je zanger kampt met stemproblemen. Zo krijg je vanzelf geruchten over het uiteenvallen van je band. Het overkwam het Engelse Hundred Reasons. Gitarist Paul Townsend had er geen zin meer in, een lid van het management overleeft een motorongeluk niet en zanger Colin Dorin hoort van zijn dokter dat hij beter kan stoppen met zingen omdat hij knobbels op zijn stembanden heeft. Het is dan ook een klein wonder dat Quick The Word, Sharp The Action een feit is geworden. Het vierde album van de emorockband is alleen daarom al bijzonder. Muzikaal is er niet veel veranderd in vergelijking met voorganger Kill Your Own. Want ondanks de gebeurtenissen van het afgelopen jaar klinkt Hundred Reasons nog altijd opvallend opgewekt. De lichtverteerbare emopop staat in schril contrast met de vaak donkere teksten. Colin Dorin zingt alle frustraties van zich af. Het levert mooie nummers op zoals "No Way Back" en het epische "Boy". Wie hoopte op gierende gitaren kan lang wachten, wie op een emotionele schreeuw hoopt ook. Hunderd Reasons houdt het graag netjes. Net iets te netjes. Een net iets rauwer geluid had van Quick The Word, Sharp The Action een echte topper gemaakt. Gelukkig gaat op de tweede helft van de plaat het gas er net iets vaker op, zoals in het lekker chaotische "Lost For Words" bijvoorbeeld. Het zorgt er voor dat Quick The Word, Sharp The Action niet inkakt en tot het einde spannend blijft. Op dit moment toert de band door Engeland als voorprogramma van Enter Shikari. Als ze nou goed naar die mannen luisteren zit er in een volgende plaat misschien net iets meer pit. Voor nu een ruime voldoende.
File Under: Spannende lichtverteerbare emorock
File Audio: [Op MySpace]
Liars - Liars
Na drie vraagtekens oproepende albumtitels (Drum's Not Dead, They Threw us All In A Trench And Stuck A Monument On Top en They Were Wrong So We Drowned) komt het New Yorkse Liars met een bijna ordinaire naam op de proppen: Liars. Dit betekent gelukkig niet dat Liars tegenwoordig ook ordinaire muziek maakt. Dat zou overigens wel pas écht onverwacht zijn, want de drie platen die voor deze vierde cd verschenen, waren alle drie als een rit in de achtbaan waarvan je op het moment dat je instapte dacht te weten welke kant hij op zou gaan, maar eigenlijk altijd het tegendeel gebeurde van wat je verwachtte. Zo is dit drietal: doldriest, eigengereid en volgens mij vooral bang om in een sleur terecht te komen van herhaling op herhaling. Het is dan ook allerminst onverwacht dat het drietal Aaron Hemhill, Julian Gross en Angus Andrew geen moeite gedaan heeft om het schitterende Drum's Not Dead te kopiëren. Nee, deze band moet altijd verder op zoek naar plotsklapse, originele wendingen om je steeds weer vol in y'r face te raken. Dat lukt ze weer alom: niet lijdend onder de alom hooggespannen verwachtingen kakken ze weer een intrigerende (en natuurlijk) vervreemdende cd uit. "Plaster Casts of Everything" heet de maniakale aftrap die het bloed in je aderen gelijk sneller doet stromen. Het volgende nummer "Houseclouds" brengt je met zijn bezwerende dein wel weer tot rust. Om vervolgens te zorgen voor een klamme handen door het angstig makende Leather Powler. En zo verandert Liars op Liars keer op keer van richting. Je zou verwachten dat dat op een bepaald moment een tikkie vermoeiend wordt, maar juist doordat Liars als geen ander het spelen op het scherpst van de snede tot in de puntjes beheerst is het een band die vooral blijft fascineren.
File Under: Zo onvoorspelbaar als de pest (en da's een goede zaak)
File Audio: [ MySpace]
File Video: [Plaster Casts Of Everything]
Pram - The Moving Frontier
Poeh, deze band blijkt al zeventien jaar te bestaan. Ik dacht te maken hebben met een onevenwichtig debuut. We zullen zien of er in de underground massa's fans zijn, die mijn negatieve oordeel komen aanvechten. Ik vermoed van niet. Goed, dit zestal maakt triphop-achtige schetsjes, opgebouwd rond de stem van ene Rosie. De elektronische loops zijn nog wel aardig, soms zelfs urban als Madlib. Rosie is in een aardige omschrijving een combinatie van Emiliana Torrini en Björk, maar zonder goede melodieën wordt het zelfs met een lieve stem niets. Ook de muzikanten lijken wat lui. Er zijn genoeg momenten waar ik het gevoel heb te luisteren naar compleet willekeurige noten. Het beruchte kat over het toetsenbord idee, bijvoorbeeld te horen in "Beluga". En dan maar denken dat als je een vreemde melodie maar vaak genoeg herhaalt, de luisteraar er zelf wel wat coherents van maakt. De lichtpuntjes zitten in het tweede gedeelte. Zo lijkt het intro van "Salva" wat op het prijsnummer van Télépopmusik, "Breathe". Ook de opbouw (met diepe melancholische blazers) en het eenvoudige ritme kunnen er mee door. "Blind Tiger" verbeeldt de waanzin die een verkeersregelaar op een druk plein voelt, terwijl de auto's toeterend langsrijden. Aan zo'n clichématig dissonant scheurend blazers-outro was ik ook wel toe. De laatste (en ook beste) nummers knipogen naar het werk van Colleen. "Mariana Deep", werd hier in huis al vergeleken met een tochtje door de Fata Morgana, "Compass Rose" heeft lieve belletjes, terwijl de leuke afsluiter "The Silk Road" krakende beats met de sfeer van een Oost-Europese spionagefilm verbindt.
File Under: Niets aan de hand
File Audio: [Pram-Space]
Daughtry - Daughtry
Sommige promo's zijn echt te erg voor woorden. Neem de tekst van de site die wordt gebruikt bij Daughtry's debuut-cd. Er wordt een citaat van Tom Petty gebruikt - niet over Daughtry, maar een vaag citaat over de pijn van een band met fans tijdens succes - om vervolgens te concluderen Daughtry ongelooflijk veel pijn heeft ervaren. Waarom? Omdat de cd verkocht als een tierelier. Logisch... Maar dat is niet alles. Daughtry heeft in deze tijd van digitalisering en vervlakking rock zijn hart teruggegeven, zo juicht de promo. Right. Nog een paar dubieuze feitjes: Daughtry heeft aan American Idol meegedaan en treedt op bij de TMF Awards. Zijn band, met onder andere een voormalige Suicidal Tendencies-bassist (!), is door de platenmaatschappij bij elkaar gezocht maar speelt niet op deze cd, producer is Howard Benson (o.a. My Chemical Romance). Is het plaatje duidelijk? Daughtry is een commercieel vehikel, niet meer en niet minder. Nog een mazzeltje voor Daughtry dat ik meer waarde hecht aan mijn eigen oordeel, want op basis van het voorgaande ligt een slachtpartij voor de hand. Het album telt twaalf songs, waarvan een met de medewerking van Slash. Het zijn stuk voor stuk bloedcommerciële rocksongs, vol Grote Dichtgemetselde Riffs, akoestische bruggetjes en teenage angst in de teksten. Een beetje Foo Fighters, een beetje veel Nickelback - vooral in Daughtry's zang - en alle tienermeisjes in de VS en veel in Nederland zijn verkocht. Een enkele song ("There and Back Again") doet vermoeden dat Daughtry meer kan. Maar of veel lezers van File Under dit album zullen kopen? Ik betwijfel het...
File Under: Hitalbum uit het boekje
File Audio: [Flashplayer] [DaughtrySpace]
File Video: [It's Not Over]
The Victorian English Gentlemen's club
Trentem�ller - The Trentem�ller Chronicles
Ik deed dit jaar een paar sfeertechno-ontdekkingen op Lowlands. Allereerst raadde iemand me Agoria aan, omdat die formatie op het Dour-festival een bijzonder goed concert zou hebben gegeven. Het album The Green Armchair uit 2006, met daarop o.a. de viooltrack "Les Violons Ivres", is inderdaad prachtig. En dan was er nog het concert van Trentemoller, weliswaar tegelijk met dat van The Arcade Fire, maar desondanks moest ik het zien. Ooit ontdekte ik de Anders Trentem�ller namelijk tegelijk met R�yksopp. Het is niet echt vergelijkbaar, maar toch. Net als R�yksopp indertijd grossierde Trentem�ller in de synthgebaseerde remixes, alleen zakte hij vervolgens wat in de vergetelheid. Waar het Noorse R�yksopp echter de popkant uit ging, koos de Deen steevast voor spannende, maar subtiel geproduceerde minimal techno. Bij Trentem�ller klinken noten vaak hard en zacht door elkaar, wat zijn melodie diepte geeft. Het is echt muziek voor koptelefoons. In 2005 plukte ik met veel moeite zijn vinylverzamelaar "The Singles Collection" van Soulseek, met daarop o.a. het sterke "Rykketid" en "Kink", maar lang niet alles was zo goed. Die verzamelaar bleek bovendien een onoffici�le bootleg. Uiteindelijk debuteerde Trentem�ller pas in 2006 op cd, maar dan met het experiment in saaiheid The Last Resort. Echt, ik moet er nog regelmatig van gapen. De redding kwam dit jaar in de vorm van een fantastische video bij "Moan" en de genoemde festivaltour, maar het werd eigenlijk hoog tijd dat Trentem�ller zijn beste werk eens op cd uitbracht. Ziedaar: The Trentem�ller Chronicles. CD1 van deze dubbelaar bevat allerlei oude nummers die soms al jaren op mijn mp3-speler rondzwierven, waaronder de eerdergenoemde, en draait natuurlijk vooral om Trentem�ller's enige hit "Moan". Er staan zelfs twee versies van Moan op: uiteraard de radio-edit, maar ook een bewerking met een ijzingwekkend mooie intro voor wie de edit toch al kent. Dat is nou de kunst van het weglaten! Al even mooi is de remix van de Last Resort-track "Always Something Better", die in de climax zelfs even richting Boys Noize dreigt te gaan, maar zich uiteindelijk toch inhoudt. Voor wie nog meer remixen wil (bijvoorbeeld die van Moby), is er de hele CD2, al is die wel enigszins overkill.
File Under: Dit is nou minimale luistertechno waar ik w�l van houd
File Audio: [ MySpace]
File Video: [Moan (met de hond Laika)][Moan (live met Ane Trolle)]
VA - Roadrage 2007
De dvd Roadrage 2007 van de platenmaatschappij Roadrunner is een hele bonte verzameling van 34 videoclips, verzorgd door 25 bands uit uiteraard de eigen stal. Bij elkaar goed voor meer dan twee uur luister- en kijkplezier. De dvd zelf zit heel eenvoudig in elkaar. Of je kiest voor alle tracks, sit back and enjoy the show. Of je gaat in de lange lijst op zoek naar de clip van jouw voorkeur, en na afloop zoek je je volgende favoriet. Meer keuze heb je als gebruiker niet. De eerste optie is uitermate ideaal voor moderne en multimediale feestjes natuurlijk, schijfje in de speler, beamer aan en genieten van alle clips in je home entertainment kamertje. De tweede meer voor de interactieve versies, eerst kiezen we voor clip a en dan gaan we naar clip b. De videoclips zelf zijn dan ook het enige wat je te zien krijgt. Geen aankondigingen, geen extra informatie, nee, niets van dat alles, gewoon droog de videoclips. Van Stone Sour tot aan Dream Theater, van Megadeth (met mevrouw Scabbia) tot aan Black Label Society en van Hatebreed tot aan onze eigen Delain, ze komen allemaal langs. Sommige zijn met één video vertegenwoordigd, anderen met twee of drie. Wat met name leuk is aan zo'n verzamelaar en de verscheidenheid aan bands en muziekstijlen is dat je ook zomaar iets onbekend en leuks tegen kunt komen. Zo ontdekte ik op het eind van het schijfje nog een aardige, voor mij nieuwe band, Delight.
File Under: Slechts een verzameling clips
Hermano - ....Into The Exam Room
Hermano Rocks! Wat dat betreft brengt het nieuwe album ....Into The Exam Room niks nieuws onder de woestijnzon. Het in verschillende studio's in Amerika opgenomen plaatwerk is moddervet en past moeiteloos tussen het beste materiaal van Hermano. Het is dat Kyuss zo'n legendarische en daardoor bijna onaantastbare status heeft gekregen, anders..... In de heerlijke opener "Exam Room" klinkt de band rond ex-Kyuss-zanger John Garcia als een funky Soundgarden. De man heeft een perfecte strot voor deze Amerikaanse rock en gelukkig doet mister Garcia er interessantere dingen mee dan collega- en ex-Soundgarden-zanger Chris Cornell. "Don't Call Your Mama" ademt helemaal de sfeer van Temple Of The Dog en bij "Our Desert Home" denk ik met weemoed terug aan de gouden tijden van het Eindhovense 7 Zuma 7. Over een lekkere groove gesproken! Ook de geest van Masters Of Reality en natuurlijk Kyuss dwalen rond op deze schijf, zonder te verdwalen overigens. De stonerrockmannen beweren zelf dat ze de 'stoner' nu wel zo'n beetje achter zich gelaten hebben en met alleen de 'rock' verder door het leven gaan. Het is echter nog altijd zwaar duidelijk waar de roots liggen. Met ....Into The Exam Room leveren ze wel mooi en niet-zo-stiekem een steengoeie rockplaat af. In die zin dus ook gewoon weer stonerrock.
File Under: Steengoeie rock = stonerrock
File Audio: [Hermano-Space]
Fish - 13th Star
Het zal je gebeuren. Zit je midden in de opnames van je nieuwe album, verlaat je vrouw je. En ook nog een paar dagen voordat je met haar in het huwelijksbootje zou stappen. Het gebeurde Fish, de boomlange Schot en de boosdoener was Heather Findlay (zangeres van Mostly Autumn). Indirect mogen we Heather zeer dankbaar zijn voor haar daad want het heeft het beste solo-album in tijden van Fish opgeleverd. Je kan bij de pakken neer gaan zitten, maar Fish trekt meteen van leer in openers "Circle Line" en "Square Go". Beide nummers zijn voorzien van, voor zijn doen, zware gitaren. Iets wat ik graag mag horen. Maar ook is de rustige kant van Fish vertegenwoordigd, maar hierbij wordt dan ook heel wat hartzeer verwerkt. Tekstueel laat een nummer als "Where in the world" niets aan de verbeelding over. "You took me by surprise/You've hurt me so deep inside/How could yo then decide/That you'r going home". Fish zag het duidelijk niet aankomen en ook in het titelnummer hoor je een gebroken hart in zijn stem. Maar dat levert dan ook een prachtige afsluiter van dit album op. Eigenlijk heb ik vrij weinig aan te merken op dit album, het zit muzikaal prachtig in elkaar en in de productie is geen detail verloren gegaan. Opvallend is het wel dat de wat hardere nummers eigenlijk naadloos aansluiten bij het huidige werk van Marillion, terwijl muzikale meningsverschillen hen juist uit elkaar deed drijven. Dus misschien is het tijd dat Steve Hogarth daar eens voor één album een stapje opzij doet. En dat Fish dan een nieuwe liefde heeft gevonden die hem op dat moment gaat verlaten.
File Under: Lang leve hartzeer
File Audio: [Fish-Space]
The Tea Company - Come And Have Some Tea With The Tea Company
Het is altijd gevaarlijk om op basis van één leuk nummer, meestal de single, een album te kopen. Je kunt je dan behoorlijk vergissen, want de rest van de nummers kan van slechte(re) kwaliteit zijn of totaal anders klinken dan dat ene leuke nummer. Op basis van het nummer "Make Love Not War" dat ik van het New Yorkse The Tea Company ken, van de door mij onlangs besproken verzamelaar World in Sound Tracks Episode 1, zou ik op Come And Have Some Tea With The Tea Company zestiger jaren flowerpop verwachtten. Rond 1968, het jaar van release waren er echter nog meer stromingen populair. Het eerste gedeelte, waarschijnlijk kant A van de elpee, bevat psychedelica dat geïnspireerd lijkt door Syd Barrett in Pink Floyd. Frankie Carr, de belangrijkste songschrijver van de band, heeft echter minder talent. De eerste drie nummers en ook het vijfde nummer klinken in mijn oren dan ook wel erg 1968 en zwaar achterhaald. Ook van de slome psychedelische The Supremes-cover "You Keep Me Hangin' On" word ik niet vrolijk. Pas bij het op een na laatste nummer "As I Have Seen You Upon" komt er enig tempo in, om het album dan met het geweldige "Make Love Not War" af te sluiten. Het leukste zijn echter de vier bonustracks van The Naturals, de vorige band van Carr. Dit zijn van die typische flowerpop zestiger jaren -liedjes met o.a. in de b-kant "Theme From A Natural" een geweldige groove.
File Under: Gelukkig zijn er de bonustracks
File Audio: [Check: World in Sound]
Sugababes / Roisin Murphy
Ik schaam me er niet voor om te vertellen dat ik de Sugababes ooit heel tof vond. Dat zou misschien wel moeten, want dat zeggen schijnt niet goed te zijn voor je geloofwaardigheid. Met net zo weinig moeite zeg ik dat ik Girls Aloud ("Sound of the Underground" gaat nog steeds als de brandweer!) ook koel vond, wat kan mij het allemaal schelen. Het gaat mij erom of ik liedjes koel vind, niet of 'men' dat verantwoord vindt . Maar goed, mijn liefde voor de Sugababes is ondertussen aardig bekoeld. Alle bezettingswisselingen hebben de band geen goed gedaan: nu is Mutya Buena uitgezwaaid en is alleen Keisha Buchanan nog over van de originele drie Sugababes. Eerlijk gezegd had ik dan ook verwacht dat Overloaded: The Singles Collection de zwanenzang zou zijn van de band. Nu is er toch Change en ik kan niets anders doen dan constateren dat het er allemaal alleen nog maar minder op geworden is. Het is nog meer dan op voorganger Taller in More Ways zoeken naar een speld in een hooiberg om nog een goed liedje te vinden.
Nee, dan Róisin Murphy, die pakt de zaken een stuk beter aan. Op de hoes van Overpowered ziet ze er een wellicht een tikkie vreemd uit in het misschien wel door haar zelf gebreide rariteitenpak, de muziek op Overpowered is van het openings- en titelnummer tot afsluiter "Parallel Lives" dertien keer (hoera voor de twee bonustracks!) raak: all killer no filler. Waar ik bij de Sugababes steeds moet denken goedkoop nepleren kille banken, klinkt Róisín als een comfortabele soepel leren warme fauteuil. Alleen al de single "Overpowered" is dertig klassen beter dan welk liedje dan ook op Change. Dit keer heeft de Ierse niet samengewerkt met één producer. Matthew Herbert komt, ondanks hun succesvolle samenwerking op Ruby Blue, helemaal niet langs. Maar onder meer de ene helft van Andy Cato (Groove Armada) is een meer dan adequate vervanger. Door het afscheid van Herbert is Overpowered net wat minder avontuurlijk dan zijn voorganger, maar dat boeit gezien het geleverde me eigenlijk weinig. De meisjes van de Sugababes zouden een moord doen om een kekke kraker als "Movie Star" op te mogen nemen. Het zure voor de Sugababes is dat ik bij Overpowered vaak moet denken aan de door William Orbit geproduceerde Madonna-cd Ray of Light. Raad eens wie er aan Change meehielp? Ik heb met de meisjes te doen.
File Audio: [ MySpace]
File Video: [About You Now][Denial]
File: Róisín Murphy - Overpowered
File Audio: [ MySpace]
File Video: [Overpowered]
File Under: Zo moet het niet vs Zo moet het wel
Iceland Airwaves 2007 achteraf
Muziek -en cultuurliefhebbers genieten op Iceland Airwaves'07
Roskilde in Denemarken, Sziget in Hongarije en Rock Am Ring in Duitsland; Nederlanders trekken al jaren de grens over voor muziekfestivals. Wanneer het aan de organisatie van Iceland Airwaves ligt gaat binnenkort ook iedereen massaal naar IJsland. Op het vulkaaneiland vindt jaarlijks in de derde week van oktober namelijk hun festival plaats in de hoofdstad Reykjavik. Dit vijf dagen lang met IJslandse en internationaal bekende artiesten. Ik ben er dit jaar geweest, en dit is mijn verslag!
Neil Young - Chrome Dreams II
Het zal ongetwijfeld met aardse zaken als rechten, studiotijd en geen zin om weer die stoffige studiokelder in te duiken te maken hebben. Maar het enigma Neil Young doet de wenkbrauwen weer fronsen: waar blijven de beloofde andere cd's uit de Archives-serie? En waarom brengt hij nu Chrome Dreams deel II uit, terwijl deel I nooit officieel is uitgebracht? Sowieso: waarom die titel, terwijl de hele plaat is opgehangen aan twee prijsnummers, "Ordinary People" en "No Hidden Path"? In de traditie van epische songs vol dynamiek, gitaarerupties, emotionele zang waar ook "Powderfinger", "Cortez the Killer" en bijvoorbeeld "Cowgirl in the Sand" thuishoren, passen deze twee tracks. Niet dat de pracht van eerder genoemde klassiekers gehaald wordt, maar het niveau is zeker acceptabel. Jammer alleen van die blazers, al herinneren ze er wel weer aan dat "Ordinary People" geschreven is in de tijd van This Note's For You. Voor "No Hidden Path" gelden overigens grosso modo dezelfde kwalificaties.Het lijkt of de rest van de plaat vooral uit vullers bestaan: in een verloren moment geschreven liedjes, country-overblijfsels van Prairie Wind of het door een banjo voortgedreven "Boxcar" dat bedoeld was voor het ook nooit uitgebrachte Times Square-album. Bij After the Goldrush werkt die mix van furieuze gitaarsongs en trage countryfolk-liedjes geweldig, hier werkt het gebrek aan klasse een al te positieve beoordeling tegen. Laten we het er maar op houden dat hij stiekem toch begonnen is zijn kelder op te ruimen, zodat hij straks alle geheim gehouden Grote Songs voor zijn Archives-boxset bewaard heeft. In zijn nieuwe schema voor maart 2008 gepland.
File Under: Het enigma Neil Young
Jeffrey Lewis - 12 Crass Songs
Ze bestaan heus nog wel: protestzangers met een gitaar om hun nek. Ik denk namelijk dat Jeffrey Lewis er een is. Dat wil zeggen, Lewis is een multi-artiest die tekent en zingt en als het uitkomt deze twee kunsten combineert, zoals hij ook vorig jaar op Crossing Border deed. Daarbij hebben zijn liedjes en zijn tekeningen en stripverhalen inhoud, niet zelden een politieke. Lewis' oeuvre is al groot - hij is bezig sinds 1997 om zijn woord te verkondigen - en ook uit zijn muzikale oeuvre blijkt dat Lewis een groot verhalenverteller is. Niet per se een zanger - alles krakerig en lo-fi -, maar een verhalenverteller, in lo-fi muziek (woord) en in tekeningen (beeld). Het is daarom misschien vreemd dat hij voor zijn nieuwe release niet zelf zijn teksten schreef. Nee, hij gebruikte teksten van de Engelse politieke punkband Crass, die eind jaren zeventig, begin jaren tachtig echt iets wilde doen aan een betere wereld. Als ik het cd-boekje van Lewis mag geloven - dat is namelijk een strip - kwam de jonge Lewis op een kamer met een roommate die punk was. De jonge hippie was in eerste instantie wars van deze muziek, maar begon de bijbehorende teksten steeds meer te begrijpen om uiteindelijk twaalf liedjes te coveren en op cd te zetten, omdat de naar eigen zeggen geweldige teksten ten eerste ook nu nog actueel zijn en ten tweede meer toegankelijk zijn - lees: geschikter voor een groter publiek - wanneer ze gezongen worden door een rustige, verstaanbare anti-folk protestzanger zoals Jeffrey Lewis. Hier en daar sleutelde hij wat aan de woorden: in "I ain't thick" wordt bijvoorbeeld Sarah Farah Fawcett, actrice en sekssymbool uit de jaren zeventig, vervangen door Sarah Jessica Parker, maar in "Punk is dead" blijft alles hetzelfde. Waren de jongens van Crass al anti-punk aan het worden toen punk commercieel ging, ook nu komt het protest niet meer uit de punkhoek. Niet alleen in elk geval. Jeffrey Lewis heeft dit begrepen en geeft de sterke teksten een nieuwe jas. Toen ik deze plaat draaide in de winkel, zei een achteloze bezoeker: 'Jee, je moet hier wel naar de teksten luisteren om nog iets leuks uit die liedjes te halen,' en ik ben bang dat hij daar gelijk in had. De teksten zijn geniaal, en de muziek is aardig. Waarschijnlijk komt de boodschap net zo min over als bij de onverstaanbare punksongs van Crass en is het luisteren naar een prima plaatje, maar Lewis kán beter.
File Under: Punkcovers in een hedendaags anti-folk jasje, vooral een interessant concept
File Audio: [Jeffrey Lewis @ MySpace - geen liedjes van de nieuwe plaat]
File Video: [Heel veel, maar geen liedjes van de nieuwe plaat]
Parkway Drive - Horizons
Vandaag in de categorie totaal overbodige metalcore releases, Parkway Drive en hun laatste langspeler Horizons. De vijf Australiërs zien er helemaal hip uit (succes bij de vrouwtjes verzekerd dus), Adam Dutkiewicz van Killswitch Engage produceert de hele hap (genoeg streetcredibility dus) en het album wordt onder de brede vlag van Epitaph (want op dochterlabel Burning Heart) uitgebracht. Een gewonnen wedstrijd. In theorie. Dankzij Parkway Drive komt mijn aversie tegen het metalcore-genre weer even bovendrijven. Hier is echt helemaal niets origineels aan! Alles is al vele malen strakker, rauwer, eerlijker, minder gelikt, sexier, harder, melodieuzer, gruwelijker en vooral beter gedaan. Horizons pretendeert een ouderwets, intens en hard album te zijn. Hard is het wel, maar tegelijkertijd ook zielloos. Ik weet niet wat het is, maar de scherpe randjes lijken totaal te ontbreken. Aan de ene kant komt dit door de (over)productie. Aan de andere kant is daar het onvermogen van Parkway Drive. De band is gewoonweg niet in staat om nummers met pakkende teksten en lekkere riffs te maken. En dan is twaalf nummers een lange zit. Positieve punten zegt u? Nou, af en toe komen de mannen met een goede breakdown. En voor fans van Unearth en As I Lay Dying zijn er herkenningsmomenten. Oh ja en "The Sirens' Song" is een goed nummer. Nu de overige elf nog. Ik sla even een rondje over.
File Under: Overbodige metalcore
File Audio: [op MySpace]
Kinski - Down Below It's Chaos
Op Spacelaunch For Frenchie, de eerste cd van Kinski werd er wel gezongen, maar dit gebeurde maar in beperkte mate. Op opvolger Be Gentle With The Warm Turtle was de zang zelfs helemaal verdwenen. De band bleef zich focussen op het uitwerken van hun instrumentale avonturen sindsdien. Tot mijn verrassing wordt er op de nieuwe cd Down Below It's Chaos wel weer gezongen. Grappig is dat de gitarist (en nu dus ook zanger) Chris Martin heet, maar dat is natuurlijk niet dezelfde als die van Coldplay. Ik moest er ook even aan wennen aan dat zingen, maar het past wel bij de zoektocht - zonder duidelijk doel overigens - die de band in haar zevenjarig bestaan volgt. Wat dat betreft: Het verbreedt in ieder geval het geluid van de band weer verder, maar trekt het ook wat meer de mainstream in voor zover dat mogelijk is in het geval van Kinski. Zo krijgt het tweede nummer van de cd, "Passwords & Alcohol" bijvoorbeeld wat Trail of Dead-achtigs over zich in het tweede deel van het nummer als Martin gaat zingen, maar dan wel met een Sonic Youth-touch (dat komt vast door Lucy Atkinson, de bassiste van de band). En het daaropvolgende "Dayroom at Naria Int'l" zelfs wat Masters of Reality-achtigs. Sowieso is Down Below It's Chaos alles behalve een chaos, het album is melodieuzer en toegankelijker dan Kinski ooit geklonken heeft. Dat, in combinatie met de tour die ze de afgelopen lente gedaan hebben als succesvol voorprogramma van Tool, zou er best eens voor kunnen zorgen dat Kinski beter gaat verkopen dan ze ooit gedaan hebben.
File Under: Chris Martin zingt!
File Audio: [Punching Goodbye out Front]
Akron Family - Love Is Simple
Soms is een rockgroep een kleine familie waarbij de leden niet alleen samen muziek maken, maar ook lief en leed met elkaar delen. Andere bands spelen misschien alleen samen om creatieve redenen en er zullen ook wel heel wat bands zijn die bij elkaar zijn (en blijven) om commerciële redenen. Het lijkt me zo dat de eerste soort het langste bij elkaar blijft, want bij hun gaat het niet alleen om de muziek of om het geld. Volgens mij is Akron / Family zo'n muzikale familie. Aan de naam te zien, zou je het in ieder geval kunnen zeggen en hun muziek is nog een veel sterkere aanwijzing voor die conclusie. De meeste songs op hun nieuwe cd klinken alsof het opnemen een gezellig familiegebeuren was met veel samenzang en soms een fantasierijke combinatie van instrumenten en melodieën. Ik heb dat gevoel het sterkste bij de langere songs zoals "Ed Is A Portal" en "These's So Many Colors". "Of All The Things" is ook zo'n lang nummer en hierbij kreeg ik even het gevoel dat ik naar Frank Zappa and the Mothers of Invention zat te luisteren. Dat geldt trouwens ook voor sommige delen van "Lake Song/New Ceremonial Music For Moms", het vierde lange nummer. Love is Simple is het derde album van Akron / Family . Of eigenlijk het vierde want hun discografie bevat ook nog een split-album met Angels of Light , de band van Michael Gira, ex-Swans en eigenaar van het Young God label. Soms trekt een van de leden van de familie zich even terug en dan krijg je meer ingetogen nummers als "Crickets" en "Pony's O.G.", maar gelukkig is de invloed van de familie groter. Ik houd niet van familiefeesten, maar ik zou best een feestje met Akron/Family willen meemaken.
File Under: There's So Many Colors
File Audio:[ Phenomena]
The Flower Kings - The Sum Of No Evil
Collega's Storm en Gr.R. zijn na pakweg hondervierentachtig Roine Stolt-releases alleen al dit decennium een tikkie Stolt-moe geworden. Omdat ik de laatste van Stolts vroegere bandje Kaipa zo leuk vond, kreeg ik daarom nu de nieuwe van zijn bandje The Flower Kings toegestuurd. Vijfenzeventig minuten muziek en toch maar zes songs. Volgens mij is daar genoeg mee gezegd. Inderdaad, Stolt heeft zich zonder enige terughoudendheid gestort op composities met een zeer hoog Yes-gehalte. Zij het dat Stolt geen Jon Anderson is. Dan kunnen er in de promo nog zoveel superlatieven gebruikt worden, hier wordt het Yes van de jaren zeventig nog eens dunnetjes overgedaan. En daarmee weet u allang of het iets voor u is of niet. Ik vind 'm best aardig, maar zelfs ik vind dat "Love Is The Only Answer" met 24 minuten, hoewel een prima song, aan de lange kant is... De enige niet-Stolt-song, het instrumentale "Flight 999 Brimstone Air" van Tomas Bodin, is de kortste song en tegelijkertijd de weirdste song van het stel. Fraai jazzrockachtig drumwerk van Zoltan Csérz - alleen teruggekeerd voor de opnamen, voor de tour is Pat Mastelotto (o.a. King Crimson) aan de band toegevoegd - en veel rare geluidjes op weg naar een langzaam opgebouwde climax. Live zal het een fraai stukje wildwest tussen lang uitgesponnen songs zijn.
File Under: Overdrijven is een kunst, en Stolt is een kunstenaar
File Audio: [fragmenten op FlowerSpace]
Citay - Little Kingdom
Opgegroeid in een dorp, de eerste grote stad zo'n twintig kilometer verderop, bleven drugs ver van me. Ik had er wel over gehoord en gelezen, maar met de drugs zelf kwam ik niet in aanraking. Op mijn ontdekkingstocht door de muziekverleden las ik ook over de invloed van drugs op diverse sixtiesalbums en de artiesten met alle gevolgen van dien. Ik had zelfs drugsplaten in mijn bezit. Dat bleek op een feestje waar ik, tijdens het draaien van Pink Floyd's "Wish You Were Here", voor het eerst kennis maakte met de wietdampen. Het is echter nooit wat geworden tussen de drugs en mij. Ook niet tussen de sympho en mij trouwens, al vind ik de gitaarpartijen op "Wish You Were Here" van David Gilmour nog steeds te pruimen. Ik moest hier aan denken bij het draaien van de tweede album Little Kingdom van het uit San Francisco afkomstige Citay. Volgens mij is dit een plaat waar je geweldig op kan trippen. Het is uitgesponnen à la Pink Floyd zoals ze begin zeventiger jaren klonken inclusief de lijze zangpartijen al is het grotendeels instrumentaal. De typische Gilmour-gitaarpartijen zij achterweg gebleven, al lijkt Mike Oldfield ingehuurd voor deze klus inclusief 'Tubular Bells' -loops. Het bijzondere en originele aan Little Kingdom zou een stukje hippiefolk kunnen zijn dat er doorheen is gevlochten. Het is echter 2007 en deze symfomeuk, zo kan ik het toch het beste samenvatten, lijkt me sterk achterhaald. Toch kon ik hier fout zitten, want de eerder genoemde namen doen het volgens mij nog prima. Er zou nog steeds een markt voor kunnen zijn: al is het niet de mijne. Heeft er iemand een joint voor mij? Misschien dat ik dit dan begrijp.
File Under: To join(t) or not to join(t).
File Audio: [ MySpace]
File Video: [En zo ziet Citay er dan op het podium uit.]
David Gilmour - Remember That Night
Over On An Island, de vorige voorjaar verschenen cd van David Gilmour was ik niet bepaald positief. Zijn gitaarwerk was nog steeds geweldig, maar ik vond de liedjes zelf behoorlijk tegenvallen. Helemaal ten opzichte van wat Gilmour ons in het (verre) verleden voorschotelde. Gelukkig kan ik met de zojuist verschenen dvd Remember That Night de vieze smaak gemakkelijk wegspoelen. Hierop speelt Gilmour - gelukkig - niet alleen maar tracks van On An Island. Op deze registratie van concerten in de Royal Albert Hall in mei 2006 is het toch vooral genieten van het fabuleuze gitaarspel van Gilmour. De grijze eminentie, sober in het zwart gekleed, vertolkt maar liefst drieëntwintig nummers die avond die tweeënhalf uur duurde waaronder een adembenemende twintig minuten versie van "Echoes". Daar kunnen een boel van die jonge snotapen nog wat van leren. De aanwezigen kregen tenminste waar voor hun geld. Bovendien kwamen niet de minste namen buurten om Gilmour te assisteren. Rick Wright en Phil Manzanera spelen mee in de vaste band. Robert Wyatt, Crosby & Nash en in de laatste twee nummers ("Arnold Layne" en "Comfortably Numb") David Bowie nemen plek achter de microfoon. Vooral de "Comfortably Numb"-versie is kippenvel-opwekkend. De hele show is veel minder uitbundig dan die van een Pink Floyd-concert. Het maakt dat het op deze gedenkwaardige avond puur om de muziek gaat en die is met grote precisie en smaakvol rustig gefilmd door David Mallet. Wie na de lange zit nog meer wil kan op DVD2 zijn hart ophalen met bonusnummers, documentaires, foto's gemaakt door Polly Samson (mevrouw Gilmour) en twee videoclips. Ik neem mijn woorden over On An Island niet terug, maar op deze voet mag Gilmour wat mij betreft nog jaren doorgaan.
File Under: Ik was er graag écht bij geweest, maar dit is mooie compensatie.
Kanye West - Graduation
Nu de storm weer een beetje is gaan liggen rondom wie er nu eigenlijk de grootste heeft, kunnen we eindelijk eens een inhoudelijk oordeel gaan vellen over de nieuwelingen van 50 Cent en Kanye West. Het kleinood van meneer Jackson laat ik links liggen; Curtis is immers zo zwak, dat ik er na één draaibeurt al klaar mee was en u er als rechtgeaarde muziekliefhebber niet eens mee lastig wil vallen. Kanye West daarentegen is andere koek. Ik zou hier de obligate conventional wisdom kunnen herhalen dat Kanye een vrij matige rapper is (en daarmee is het meteen gebeurd), en dat is op Graduation eerlijk gezegd niet anders, maar de man uit Chicago is een van de beste en meest veelzijdige producers binnen het genre. Dat blijkt ook weer op Graduation. Een cross-over tussen hiphop en Daft Punk, Steely Dan en Chris Martin? Natuurlijk kan het, Kanye West bewijst het. De single "Stronger", met daarin de sample van Daft Punk's "Harder Better Faster Stronger", is een prima bewijs van de vindingrijkheid van de producer Kanye West (overigens geassisteerd door dat andere productiewonder, Timbaland). Het vrolijk stuiterende "Homecoming" met Chris Martin op de vocalen in het refrein: hetzelfde verhaal. Maar natuurlijk staan er ook zwakkere broeders op deze plaat, die met dertien songs opvallend kort is (College Dropout en Late Registration telden beiden eenentwintig tracks). Zo is "Drunk And Hot Girls" werkelijk een draak, en dat is dan ook nog het langste nummer op de plaat. Ook "Barry Bonds" had gerust geschrapt mogen worden, maar goed, dan waren er slechts elf songs overgebleven. Ook moet gezegd worden dat Graduation de titel niet bepaald waarmaakt en weinig vooruitgang biedt ten opzichte van beide voorgangers. Hoe dan ook, door de band genomen is Graduation met zijn inventieve samples en de gebruikelijke sterke tekstvondsten meer dan redelijk. Want zo is het dan ook wel weer: ook een mindere Kanye West is nog altijd bovengemiddeld.
File Under: Kanye slaagt met een zeven plus
File Audio: Kanyespace
File Video: Stronger
The Pierces - Thirteen tales of love and revenge
Als ik bij de platenboer binnenkom op 'mijn' woensdagmiddag, kijk ik altijd naar de nieuwe cd's op de rand. Op deze muurrand namelijk de recente releases en de nieuwe releases die ik wil checken, draai ik altijd op deze woensdagmiddag in de winkel. Soms draai ik iets nieuws waar ik benieuwd naar ben, soms draai ik oude re-releases, soms gewoon oude dingen en soms dingen die me alleen vanwege de hoes aanspreken. Zo kwam het dat ik een paar weken geleden ook het album van The Pierces in de speler stopte. Twee meisjes, veel elektronica, soms akoestische gitaar, maar ook banjo en marimba. Nooit van gehoord, maar Thirteen tales blijkt al het derde album van dit mooie meisesduo. Zwoele, geile zuchtstemmetjes die zingen over meisjesdingen als liefde en bijbehorende pijn (en daarom ook wraak, aldus de titel van het album). Catherine en Alison Pierce dichten een scheiding tussen country en elektropop, maar als hun stemmen gaan lijken op die van bijvoorbeeld Gwen Stefani, dan zijn de liedjes niet meer dan middelmatig. Middelmatigheid ook in de teksten - veel puberliefde en bijbehorende twijfel, zelden het sarcasme dat dit onderwerp sterk maakt. Waar de meisjes de luisteraar niet per se willen vermaken, maar afwijken van wat al bestaat, zijn ze op hun sterkst. "Secret", "Turn on Billie", "Go to heaven" en "Boy in a rock and roll band" (dat vast over Albert Hammond jr. gaat, want een van de twee doet het met hem) zijn de liedjes die dit album een beluistering waard maken. Op de bewuste woensdag dat ik dit album bemerkte, zette ik het album na een stuk of vijf liedjes af. Het is me iets te middelmatig, hoewel ik denk dat het misschien ooit toch nog wel iets zou kunnen worden.
File Under: Middelmatige meisjespop van sterk zingende geile meisjes
File Audio: [The Pierces @ MySpace]
File Video: [Boring]
Crushing Caspars - The Fire Still Burns
Van de enorme berg Amerikaanse emobandjes die het afgelopen jaar mijn boxen zijn gepasseerd heeft niet meer dan een handvol een blijvende indruk gemaakt. Dat heeft niets te maken met productie of iets dergelijks, alle cd's zijn steeds weer superstrak en moddervet, toch wil het op de een of andere manier maar niet echt tot leven komen. Ik vond het steeds moeilijk om te omschrijven wat ik dan precies mis, maar na drie minuten luisteren naar Crushing Caspars weet ik weer helemaal hoe het zou moeten. De Duitsers nemen me tien jaar mee terug in de tijd, ver voordat de gladde drumlijntjes en eentonige jankzangers de alternatieve hitlijsten domineerden. Een scheut ouderwetse Europese hardcore is precies wat ik nodig had om weer een beetje plezier in de muziek te houden. Natuurlijk is er vast een heleboel mis vandaag de dag maar - laten we eerlijk zijn - soms is het ook wel lekker als het allemaal wat minder zwaarmoedig en huilerig is. Soms word ik gewoon heel erg blij van vier mannen met namen als Snoopy, Ronny en Botte die lekker overzichtelijk door 15 stoere liedjes heen rammen en zich bevinden op het niveau van: "Hardcore, what does it mean to you today? Seems like a tattoocontest, it's boring to me". Je proeft aan alles dat er niet bijster veel tijd is genomen om originele maar geforceerde tekstuele vondsten een plaatsje te geven en ook de muzikale begeleiding is sober maar daardoor des te strakker. Dat maakt The Fire Still Burns tot een album dat in al zijn simpelheid een ware verfrissing is tussen de moderne overdaad en daarnaast ook nog eens gewoon snoeiend hard rawkt!
File Under: Mijn vlammetje is ook weer aangestoken
File Audio: [mp3-tje] [CasperSpace]
Nunan / Lapaz
Het Brusselse Nunan is zo'n bandje dat het uitstekend zou doen op compilaties, als ze alleen hun beste nummer hoefden af te leveren. Dat is in dit geval gelijk het openingsnummer "Little Johnny". Dat heeft wat interessants onheilspellends in zich. Wat zeker versterkt wordt door de stem van zanger Elgrandelgado die een geraffineerde hussel is van wijlen Jim Morrison (wijlen), Layne Staley (wijlen) en Scott (weiland). Het nummer maakt in ieder geval nieuwsgierig naar de rest van een eventuele cd. Die is er dus met Will You Dance? Dat album blijkt dan -helaas- een bittere teleurstelling te zijn. Vooral tekstueel ga ik me na verloop van tijd ergeren. Hoeveel platvloerse stupiditeit kun je in hemelsnaam in tien nummers proppen? Ook qua muziek raakt het eigenlijk kant nog wal. Geen stoner, geen volvette rock, geen niks eigenlijk. Een slechte versie van Astrosoniq gekruist met het volstrekt onbekende (en onderschatte) Last Crack daar kom ik uit. (En die twee bands balen nu dat ik deze vergelijking maak). Maar goed, zoals gewoonlijk zal het wel weer aan mij liggen, de band verklaart zelf zelfspottend Bad Music for Ugly People te maken en ik houd niet van het eerste en ben niet het tweede.
Nee, doe mij dan maar het eveneens uit België afkomstige Lapaz. Niet dat hun ep Avoiding Blues zo schokkend is dat die vijf sterrenrecensies en vette koppen in de bladeren op gaat leveren, maar dit vijftal heeft in ieder geval een positieve insteek. Lapaz gooit het ook over een veel luchtiger boeg en maakt zogezegd Fine Music For Fine People. Bovendien is de invalshoek globaal om lief te zijn voor de meisjes en dat klinkt mij een stuk beter in de oren. Sterke troef is ook hier weer het openingsnummer. "Marie Louise" combineert Jason Falkner-achtige powerpop (al missen ze wel zijn raffinement) met een Bee Gees-achtig koortje in de refreinen. Ook aan powerpoplegendes The Rubinoos en aan The Beach Boys moet ik met enige regelmaat denken in de drie volgende nummers. Al heeft "She, Her Highness" op een bepaalde manier ook wat Saybia-achtigs over zich. Eigenlijk is het best jammer dat Avoiding Blues maar vier nummertjes telt, want ik kan er nog wel een paar extra gebruiken om de vieze smaak die hun landgenoten achtergelaten hebben weg te spoelen.
File Under: Bad Music for Ugly People
File: Lapaz - Avoiding Blues
File Under: Aangename powerpop uit België
File Audio: [Lapaz-Space]
The Spirit That Guides Us - We Are Under Reconstruction (Part 2)
Dat ik in eerste instantie teleurgesteld was in we are under reconstruction (part 2) van 'the spirit that guides us' (in het vervolg: TSTGU) lag grotendeels aan mij. Het kwam door mijn hoge verwachtingen. Ik had pas een dvd gekeken over de Zweedse emopunkers Refused. Een mooi en duister gefilmd kunstwerkje. En dan valt een 'gewoon' concert, hoe goed gefilmd ook, een beetje tegen. De dvd begint spannend met een wijds -door surfgitaar begeleid- nachtelijk shot. Lichtjes in de verte en het zachtrode gloeien van wat onmiskenbaar een podium is. Maar wat groot! Waar is dit?? Het Flevofestival? Dan begint het publiek te juichen terwijl drummer Eggersman opkomt. Een beat wordt ingezet en -alsof je er zelf bij bent- begint het kippenvel daadwerkelijk te prikkelen. Vervolgens knalt "deep and unanswered" er in. Een degelijke, door meerdere camera's gefilmde show volgt. Ik heb TSTGU wel eens explosiever gezien, maar bezield zijn ze altijd. Ook muzikaal is het een strakke set waarbij de immer stoïcijns drummende Eggersman voor een solide basis zorgt. Voor mij had de gitaar van Axel Kabboord soms iets zachter in de mix gekund, maar dat is een detail. De dvd geeft zoals beloofd een mooi overzicht van de vijf jaar die de band bestaat. Als je meer wilt, kun je foto's, een uitstapje in Berlijn en twee backstagefilmpjes bekijken. Vooral leuk voor de idolate fan. Toch is er ondanks de overwegend positieve kanten van deze dvd iets dat blijft knagen. TSTGU was lang een redelijk ongrijpbaar collectief dat ook tijdens shows nooit echt in 'the spotlights' stond. Dat het op deze dvd bijna een uur lang van alle kanten goed te bekijken is, doet een beetje af aan de magie. Een geest, daar vang je immers hoogstens een glimp van op.
File Under: Geesten vangen.
Levy - Glorious
Heel even dacht ik dat ik de verkeerde cd gepakt had. Dat ik in plaats van een cd van mijn stapeltje te recenseren meuk een cd uit mijn kast gepakt had. Want bij de opener van Levy's tweede plaat, het titelnummer "Glorious", kreeg ik verdomd veel associaties met die eerdere "Glorious" die een hit is geweest in Nederland. Die van Andreas Johnson (wat is er eigenlijk van hem terecht gekomen?). Helaas bleek ik toch de cd van Levy van het stapeltje getrokken te hebben. Want waar Johnson, toch een one-hit-wonder, nog een alleszins redelijke cd op markt gebracht heeft, is het worstelen met Glorious van Levy. Want hoewel gevuld met alleraardigste popliedjes en behoorlijk goed geproduceerd is het vooral James Levy, de rest van de bandleden is overigens eruit geknikkerd en Levy doet nu alles zelf, wat de cd niet om door te komen maakt. Want James wil graag klinken als Morrissey, maar vond het nodig om daarvoor te studeren aan de Ed Kowalczyk School van de Pathetiek. Daardoor schieten zijn stembanden voortdurend in de overdrive en daar wordt je erg moe van. Het songmateriaal haalt ook al niet het Morrissey-niveau, maar zou minder geforceerd een best aardige plaat op kunnen leveren. Maar dat doet het nu niet. Dus James, probeer het de volgende keer rustig nog eens, maar leer eerst dat gegalm eens af...
File Under: een foute kruising tussen Morrissey en Live...
Soul Doctor / Hanoi Rocks
Radiovriendelijke en toch niet te softe hardrock. Dat is de beste omschrijving voor Soul Doctor, het bandje van Tommy Heart en Chris Lyne. Een tikkie Y&T, een tikkie Aerosmith, een tikkie Scorpions en een paar tikkies Whitesnake en Bon Jovi. Nou ja, zoals Bon Jovi geklonken zou hebben als ze er niet voor hadden gekozen steeds dezelfde plaat uit te brengen. Waar op het vorige album For A Fistful Of Dollars wat meer de rhythm n' blueskant werd opgezocht, is op dit album de rock wat meer rechttoe rechtaan stadionrock. De kwaliteit is echter net zoals de vorige keer uitstekend. De songs kloppen - geen potentiële rockklassiekers, maar wel songs met kop en staart, goede riffs en prima refreinen -, de uitvoeringen getuigen van inzet en overtuiging en de productie is gelikt maar wel steeds een echte rocksound. Soul Doctor beweegt zich op erg bekend terrein, maar doet dat zo goed en lekker dat ik me daar niets van aantrek. Heerlijke plaat!
Hanoi Rocks' Street Poetry was een cd'tje waar ik me wat minder op verheugde. De Finnen maken voor mijn gevoel te weinig een keuze tussen enerzijds sleazy rock á la Guns N'Roses en de Stones en glamrock, anderzijds feesttenthoempapoprock. Het gevolg is dat er op de meeste van hun cd's verschillende songs staan die goed te hebben zijn, maar ook altijd de nodige draken van songs die mijn luisterplezier danig verstoren. U begrijpt: bij beluistering van deze cd zat ik steeds met frisse tegenzin te wachten op die draken. Tot mijn verrassing bleek er dat maar één te zijn, de zevende track "Worth Your Weight In Gold". De rest van de songs is als vanouds vederlicht, maar wel gewoon genietbare rock. Hoogtepuntjes op de cd zijn "Hypermobile" en "Teenage Revolution" (zelfs mét kinderkoor...). De instrumentale afsluiter "Fumblefoot and Busy Bee" is een fraaie verrassing ter afscheid tot de volgende cd. Van mij mag die er komen.
File Under: Hartverwarmend pretpakket
File Audio: ["Temptation" edit op DoctorSpace]
File: Hanoi Rocks - Street Poetry
File Under: Nummer zeven eruit programmeren en genieten.
File Audio: [Flashplayer op de site]
File Video:[Fashion]
Stevie Ann - Closer To The Heart
Stevie Ann, het meisje met de meest jaloersmakende naam van Nederland, heeft een tweede plaat gemaakt. Nog steeds ben ik persoonlijk niet juichend enthousiast over meisjes met gitaren in het algemeen (in verband met zeuren en janken), maar was ik wel onder de indruk van haar eersteling Away From Here. En dus wilde ik Closer To The Heart ook wel proberen natuurlijk. Omdat ik niet verwachtte dat Stevie Ann ineens een hardcore dansplaat had gemaakt, zette ik 'em aan tijdens het opruimen van de zolder. Ik kan best twee dingen tegelijk. Vind ik. Een dik uur en twee volle vuilniszakken zooi later, kwam ik tot de ontdekking dat de plaat was afgelopen en de iPod automatisch begonnen was het eerste album af te spelen, terwijl ik onbewust in de veronderstelling verkeerde dat het eerste nummer nog steeds bezig was. Waarschijnlijk is dat niet echt goed nieuws voor een muzikant; je wil toch dat mensen een beetje aandachtig luisteren. En waarschijnlijk ook dat je nieuwste plaat weer heel klinkt is dan je debuut. Maar in het geval van Stevie Ann weet ik zo net nog niet of dat wel slecht nieuws is. Want is het eigenlijk wel erg dat je liedjes kennelijk allemaal nogal op elkaar lijken en ze voor het niet helemaal oplettende oor net zo goed op de eerste plaat hadden kunnen staan? Is het wel zo erg dat Stevie Anns stem nog steeds zo lekker weg luistert? Dat haar gitaar en het countrysausje er weer bij zijn? En dat ze dus weer een plaat gemaakt heeft die je best 4x achter elkaar kan draaien zonder dat het irritant wordt, zoals bij al die andere gitaarmeisjes wel altijd gebeurt? Ik vind van nee. Want als je Stevie Ann bent en zo'n stem hebt, zulke kleine dromerige liedjes kan maken, maar her en der ook nog een beetje rocky uit de hoek kan komen, dan maakt dat allemaal niet uit. Dan heb je gewoon wederom een fijne kabbeldekabbelmuziekvooropdezondagochtendplaat gemaakt. En daar is niks mis mee. Ook al heet je stiekem niet eens echt Stevie Ann, maar gewoon Stefanie.
File Under: Fijne kabbeldekabbelmuziekvooropdezondagochtendplaat
File Audio: [Stevie-Space]
File Gast: Claver
Jim White - Transnormal Skiperoo
Na de rauwe en weerbarstige plaat die Jim White met Johnny Dowd maakte als Hellwood, is hij met Transnormal Skiperoo weer terug op het pad dat hij voor zichzelf uitgestippeld heeft. Basale folk en country, in meer of (zoals hier) mindere mate overgoten met elektronische achtergrondgeluiden en gepresenteerd op een bedje van ambient sfeer. De teksten zitten vol bizarre vergelijkingen en de onderwerpskeuze gaat van religie tot godsdienstwaanzin, van pastorale beelden tot de diepe treurnis van armoede en ellende. Maar altijd is het decor het zuiden van de Verenigde Staten en de weemoedige stem van Jim White de gids. Dan kan hij wel beweren dat hij Transnormal Skiperoo - zijn vierde plaat in tien jaar - zo genoemd heeft omdat het staat voor een nieuwe staat van bewustzijn die hem soms overvalt, muzikaal gezien is er weinig veranderd. En dat is maar goed ook, want wederom is het een genot om je mee te laten voeren in de bizarre wereld van Jim White. Of het nu gaat om 'A town called Amen' - over de rust en kalmte van het ouder worden - of om 'Take Me Away', over iemand die bijna verdrinkt in alle religie om zich heen. De meest directe verklaring voor de titel komt misschien wel uit 'Pieces of Heaven', een liefdesliedje voor zijn twee dochters. Jim White de familieman, het komt nog overtuigend over ook.
File Under: Vreemde titel, vertrouwde muziek.
John Fogerty - Revival
De naam van John Fogerty blijft waarschijnlijk eeuwig aan die van Creedence Clearwater Revival verbonden. Deze band stortte na het vertrek van zijn inmiddels overleden broer Tom langzaam in. Over de zakelijke perikelen rond CCR is inmiddels veel gezegd, maar de problemen zijn opgelost en Fogerty promoot weer de oude CCR-songs. Op Revival, zijn laatste solotelg, maakt hij liedjes in de geest van CCR. Al zou ik niet weten of hij iets anders zou kunnen en waarschijnlijk zal zijn stem altijd herinneringen blijven oproepen aan zijn oude band, al maakte hij bij wijze van spreken hiphop of haalt hij nog een keer een Grammy Award. Revival bevat twaalf eigen composities waarin vooral bij de eerste nummers de sfeer van CCR opgeroepen wordt. Songs als "Gunslinger" en de "Creedence Song" (vol zelfspot) zouden er ook zo van kunnen zijn. Revival heeft in mijn beleving echter wat geforceerds. Het geluid klinkt wat te helder, en dat is jammer. En waar de rocker in Fogerty opstaat, rockt de band te netjes binnen de lijntjes. "Summer Of Love" met Cream-riffs had bovendien zo van Lenny Kravitz kunnen zijn. Pas in het bluesy "Somebody Help Me" gaat het echt loos. Toch heb ik het gevoel dat er een geweldig album in had gezeten. Misschien zou Fogerty eens vrienden moeten worden met producer Rick Rubin i.p.v. het zelf te willen doen. Nu ligt het er net wat te dik bovenop, maar de CCR-fans zullen tevreden zijn: zo vaak verschijnt er nou ook weer geen nieuw Fogerty-materiaal en zo erg is het allemaal ook weer niet, want Fogerty blijft gewoon de muziek maken waar hij goed in is.
File Under: Eens Creedence, altijd Creedence
File Video: [Revival promofilmp][Live bij David Letterman]
Meleeh - Heartland
Cleane zang is voor mietjes! En mietjes dat zijn de Zweden van Meleeh niet. Maar het zijn wel kinderen van deze tijd. Dus zitten de schreeuwvocalen vol met emotionele uithalen. En dat de hele plaat vol. Een echt screamo-album dus. En dat was wel een tijdje geleden. Eigenlijk vind ik het wel prettig om eens een post-hardcore album zonder cleane zang te horen. Heartland is de tweede plaat van het vijftal uit Gävle. 'Variatie' staat niet in het woordenboek van de band. Zeven nummers, zeven keer hetzelfde. Alleen het instrumentale "Love Is Death" wijkt af van de rest. Snel overslaan dat nummer dus. Het gebrek aan variatie is namelijk de grootste kracht van dit schijfje. Heartland is een half uur durende 'rush of blood in the head'. En af en toe heb je dat nodig. De teksten doen dan ook niet zoveel ter zake, die lees je wel in het cd-boekje als dat je echt interesseert. Ik zou het overigens niet doen, want op tekstuele 'vondsten' als 'These rivers keep haunting me, with no end they search' zit u vast niet te wachten. Zeven intense emotionele hardcore-nummers, dat is de nieuwe Meleeh. Zeven nummers, sinds wanneer is dat trouwens een fullength? En waarom staan er maar zo weinig nummers op Heartland? Niet genoeg materiaal? Lijkt me sterk, zo moeilijk is het schrijven van een standaard (scr)e(a)mo nummer nou ook weer niet. Ik doe het wel even voor. 'It's still raining, on the streets and in my heart. I can't stop crying 'cause my life is so hard'. Of iets in die richting. Volgende keer wat meer nummers opnemen jongens!
File Under: Half uurtje schreeuwen
File Audio: [Meleeh-Space]
Editors - Smokers Outside The Hospital Doors
The Sugarettes - Love & Other Perversities
Hoe maak je mij zelfs op een grauwe herfstdag fris en vrolijk? Nou door bijvoorbeeld door net als The Sugarettes je versuitgebrachte cd Love & Oyher Perversities te beginnen met een liedje als "ReadySteady". Na een 'Go!' van zangeres Iskaa 'Lalalat' ze in een kleine halve minuut alle somberte mijn lijf uit, waarna ze bijval krijgt van Joep. Wat een sterke catchy start! Maar goed, bij hun demo Sugarettecity wisten we al wel dat het qua catchyness wel snor zat bij dit viertal. Dus zo verrassend is het niet dat ze er op deze eerste langspeler er kwalitatief gezien nog een schepje bovenop doen. De vier liedjes van Sugarettecity hebben ze opnieuw gemixt en er acht nieuw aan toegevoegd. Aan de ene kant klinkt de band nog steeds heel erg als iets van een tweetal. Zoals Mates of State dat heeft, maar dat komt vooral doordat Iskaa en Joep qua samenzang elkaar zo heerlijk aanvullen. The Sugarettes klinken gebruiken geen dominante orgels en klinken veel vuiger en geiler. Joep en Iskaa zingen samen en rammelen lekker op hun gitaren en krijgen bijval van bassiste Cox en Marnix op drum. Daardoor trekt hun geluid meer de richting van Sonic Youth op, maar dan wel zonder zichzelf het leven moeilijk te maken. Dat levert dus op Love & Other Perversities een spontane hoop dartellende hormonen op en verandert oktober in april.
File Under: ReadySteadyGo!
File Audio: [ MySpace]
High On Fire - Death Is This Communion
Ik hou van een goede biefstuk. Nu heb je daar allerlei soorten in: ossehaas, kogelbiefstuk, entrecote, ribeye, en nog wel een paar. Ossehaas kent nauwelijks een grammetje vet, is peperduur en supermals, en verfijnd en subtiel van smaak. Zo subtiel dat je af en toe wel wat meer smaak en bite wil hebben; en dan neem je het verlies van malsheid op de koop toe. Dan kom je uit bij een entrecote, of nog liever een ribeye steak: lekker randje vet, goede dooradering door het rode vlees dat uitsmelt tijdens het bakken. Veel smaak, erg sappig, liefst medium-rare gebakken, af en toe wat aan de taaie kant (vergeleken met een stukje ossehaas dan) maar dat beetje chewiness maakt het er alleen maar beter op. De slager kan echter ook doorschieten, en de laag vet te dik laten. In het geval van High On Fire is Matt Pike de slager. Een zeer goede bovendien. En het vlees dat hij heeft is sappig, lekker dik gesneden, vol van smaak, en nog lekker bloederig. Alleen, hij heeft de randjes niet mooi bijgesneden. De laag vet aan de buitenkant is veel te dik. Onnodig, want de binnengedeeltes van de dikke steaks grenzen aan perfectie. Zo smaakvol krijg je ze maar zelden. Maar de kern laat zich moeilijk bereiken door het teveel aan vet aan de rand; vet dat geen enkel ander doel heeft dan de steaks groter en langer maken. Begrijp me niet verkeerd, ik hou van vlees, en dan ook nog het liefst grote stukken, maar dan wel een groot stuk kwaliteitsvlees zonder surplus aan vet. Verder heeft Pike meer dan genoeg grofkorrelige peper op zijn stembanden, maar zijn die stembanden te beperkt om ook nog knisperende zeezout vlokken mee te leveren. Daarmee wordt de smaak uiteindelijk wat eenzijdig. Verschrikkelijk jammer, want hier zit een kwaliteitsslager met een geweldig vleesaanbod, en perfectie was binnen handbereik.
File Under: Geweldige ribeye steaks met een veel te dikke laag vet
File Audio: [Rumors of War] [High-Space]
Iron and Wine - The Shepherd's Dog
Hoewel het eigenlijk een logische ontwikkeling is, werd ik toch behoorlijk verrast door "Boy With a Coin", de single van dit album, die op StuBru langskwam. Eerlijk gezegd dacht ik zelfs dat er een heus meesterwerk zat aan te komen. Sam Beam heeft op zijn derde album het instrumentarium drastisch uitgebreid. Niet langer speelt hij enkel akoestische gitaar, ook trommeltjes, toetsen en percussie hebben een plaats in de mix gevonden. Dit pakt goed uit, zonder dat we hier met een klassieker te maken hebben. Daarvoor kent de plaat een te sterke middendip, waar de nummers toch wat op elkaar beginnen te lijken. Uiteindelijk blijven het typische Iron And Wine songs. Lief kabbelend, maar onvermijdelijk ook wat saai. Sterker nog, nu ze aangekleed zijn, is het lastiger het fragiele, vaak emotionele hart van de songs te zien. Daar staat echter genoeg fraais tegenover. "Lovesong of the Buzzard" kon van de Kings of Convenience zijn, met een fraaie contrabas die ook op hun album Riot On An Empty Street excelleerde. "Carousel", dat ontstaat uit wat lang aangehouden feedback-tonen (een hint) is een prachtige Sufjan Stevens-achtige ballade. Check die vrouwelijke achtergrondvocalen! Hoewel het oog voor detail in het middengedeelte nog steeds prima is, zakt de plaat toch wat in. Gelukkig is daar "Boy With A Coin". Een juiste keuze als single, met de handclaps en (relatief gezien!) dwingende ritmes. "The Devil Never Sleeps" lijkt daarna wel een John Fogerty compositie. Belangrijkste naam om te laten vallen is echter Gomez. De sfeer van hun prima album Liquid Skin is hier continu aanwezig. Voor Sam Beam is het jammer dat hij niet, net als de drie vocalisten in deze Engelse band, wat rauwere stembanden tot zijn beschikking heeft.
File Under: Een frisse blik
File Audio: [Innocent Bones][Iron-Space]
File Video: [Boy With A Coin]
Cinema Bizarre - Final Attraction
Lieve File Under,
Bedankt nog voor jullie vorige stukje over Tokio Hotel, en de twee concertfoto's! M'n moeder vindt het nog steeds niks maar ik heb nu gelukkig wel de cd. Enne, wat vinden jullie dan wel knappere jongens?
Groetjes,
Kelly
Beste Kelly,
Ik zei het eigenlijk die vorige keer al: je wordt keihard geflest met die boybands. Zoveel meiden en maar één Bill, dat kon nooit goed gaan natuurlijk. Het was dan ook te verwachten, precies nu de Tokio Hotel-rage wat is geluwd: om jouw kansen zogenaamd te vergroten (maar vooral om je moeder nog meer geld uit haar zakken te kloppen) heeft dezelfde platenmaatschappij weer een nieuwe boyband uit de Duitse schoolbanken getoverd. Cinema Bizarre heet het vijftal met de bijnamen Shin, Yu, Strify, Kiro en Luminor. Het verschil: ze zien er allemáál als een wijf uit. Begrijp me goed, er is niks mis met Visual Kei als muziekstroming, met anime of met manga (ik ben zelf groot fan van series als Fullmetal Alchemist en Death Note), maar muzikaal gezien doorbreekt Cinema Bizarre de verkeerde grens. Hang gerust een poster van de groep aan je muur. Vooral doen zelfs, want het zijn letterlijk een stelletje posers. De cd kun je beter laten liggen. Die is veelzijdig maar oppervlakkig tegelijk: de liedjes zwalken van Him via Linkin Park naar Robin Thicke en terug. Het is allemaal al eens eerder en beter gedaan, en Cinema Bizarre doet het wel erg soft en inspiratieloos. Zeker als je het vergelijkt met andere Visual Kei-boybands. Oke, het is mooi meegenomen dat je moeder minder gauw zal gaan zeuren dat er zulke harde muziek op Final Attraction staat, maar van mij mogen deze jongens echt wat meer tijd aan gitaar spelen besteden dan aan hun make-up. Of aan hun Engels, want ik geloof niks van de teksten en de weinig gemeende manier waarop ze worden gezongen. Volgens mij vindt zelfs Bill Kaulitz deze band kansloos, al zal-ie dat van zijn baas vast niet mogen zeggen. Er valt uit Cinema Bizarre één les te trekken: niet iedereen die er leuk uitziet maakt automatisch de beste muziek.
File Under: Jongenshoererij
File Audio: [ MySpace]
File Video: [De hoogst vervelende single "Love Songs (They Kill me)" háált het niet bij Through The Monsoon] ["She Waits For Me" is al wat beter]
Alter Bridge - Blackbird
Scott Stapp was in alles het boegbeeld van Creed. Eerlijk gezegd had ik dan ook verwacht dat de rest van het kwartet in de vergetelheid zou geraken na het opdoeken van deze christelijke rockband en lekker zouden gaan rentenieren van hun in korte tijd verworven miljoenen. Wij zouden vervolgens - helaas - tot in de eeuwigheid getergd worden door het ellendige gekweel van Scott Stapp. Geluk bij een ongeluk was dat Stapp debuteerde met een barslechte plaat: The Great Divide. Daar zijn we, in ieder geval hier in Nederland, hopelijk voorlopig vanaf. De drie andere bandleden gingen echter niet bij de pakken neerzitten, vonden in Myles Kennedy een nieuwe zanger en noemden zich Alter Bridge. En die Kennedy, da's helemaal geen beroerde zanger. Helemaal niet voor het soort poseurrock dat Alter Bridge maakt. Een veel betere dan Stapp zelfs, naar mijn bescheiden mening. Zetten ze die gladjanus mooi postuum nog een hak. Blackbird is de tweede worp van het viertal en dat album trapt knap hard af met "Ties That Bind" en "Come To Life". Veel harder en furieuzer (lees: meer metalgeori�nteerd ) dan Creed ooit deed. Vooral gitarist Mark Tremonti gaat hierin (maar ook verderop op de cd) helemaal los. Helaas trekken ze deze stevige lijn niet de hele cd door. Nu trek ik na die twee nummers de Whitesnake-achtige ballad "Brand New Start" nog wel, maar daarna had van mij het gas nog wel wat vaker vol open getrokken mogen worden. Nu zakt de band toch af en toe bijna weg in het enge post-grunge-drijfzand en je daaruit los wurmen is verdomd lastig. Dat ze zich uiteindelijk, vooral dankzij het gitaarwerk van Tremonti, toch redelijk eenvoudig los weten te wrikken en de overkant halen, dat had ik niet verwacht.
File Under: Veel beter te pruimen dan Creed (en helemaal dan Stapp)
File Audio: [ MySpace]
Pony Up - Make Love To The Judges With Your Eyes
Misschien is het bijvoeglijke naamwoord wel het belangrijkste woord van een recensent. Je wilt natuurlijk niet te vaak in herhaling vallen en daarom probeer je steeds nieuwe bijvoeglijke naamwoorden te vinden. Ik ben geen literair schrijver en daarom gebruik ik geen woorden als 'majestueus' en 'passabel', want deze woorden gebruik ik ook niet in mijn dagelijks taalgebruik. De synoniemenlijst van Word is soms een handig hulpmiddel bij het zoeken naar andere bijvoeglijke naamwoorden. In plaats van 'mooi' kun je onder andere 'aantrekkelijk', 'aangenaam', 'bekoorlijk', 'interessant', 'knap' en 'leuk' gebruiken. Toch betekenen deze woorden niet allemaal precies hetzelfde. De cd Make Love To The Judges With Your Eyes van de Canadese band Pony Up zou ik toch liever 'bekoorlijk' dan 'mooi' willen noemen. Er staan zeker wel een aantal mooie nummers op dit debuutalbum, met name "What's Free Is Yours", "Pasttime Endeavour" en "Make. Model, #". De single "The Truth About Cats And Dogs (Is That They Die)" kan zelfs prachtig genoemd worden. Deze songs zijn toevallig ook de meest up-tempo songs van dit album en daar houd ik nou eenmaal van. De rest van de tracks vind ik aardig. Pony Up bestaat uit vier jonge vrouwen en twee daarvan zijn zusjes, daarmee lijkt deze band op The Bangles, maar deze cd heeft toch niet de klasse van de twee eerste platen van Susanna Hoffs c.s. Ik heb echter wel het vermoeden dat Pony Up in staat is om ons met een volgende cd wat meer te verrassen.
File Under: Only Feelgood
File Video: [ The Truth About Cats And Dogs (Is That They Die)]
Les Savy Fav - Let's Stay Friends
'There was a band, called The Pots And Pans - they made this noise, that people couldn't stand'. Met deze ironische openingszin begint de nieuwe plaat van Les Savy Fav. Hun eerste volledige studiowerkstuk in zes jaar, singles verzamelaar Inches niet meegerekend. Ze hebben de tijd ervoor genomen, maar blijkbaar hebben ze die tijd goed benut want dit Let's Stay Friends is wat mij betreft hun allerbeste werk. Ik kan in elk geval maar niet stoppen met het draaien van deze plaat. Van glijdende punkfunk naar hoekige artrock en alles daar tussenin, met een loeistrakke ritmesectie en een flexibele zanger, vol bravoure en overtuiging, de band heeft het beste uit zichzelf naar boven weten te halen en dit alles verpakt in twaalf gloedvolle pakkende indierocksongs die boeien van begin tot eind. Les Savy Fav dendert op deze plaat met zevenmijlslaarzen door de geschiedenis van de alternatieve rock en legt moeiteloos de link tussen Gang Of Four, The Jesus Lizard, The Pixies en Jane's Addiction. Dit alles aangevuld met de geniale tekstuele bespiegelingen van zanger/beroepsmafkees Tim Harrington, waarvan ik u de quote "being the king was really cool - I have to say that really ruled" niet wil onthouden. Met bands als deze blijft het gelukkig nog spannend in popmuziekland en dat had het verder wat saaie muziekjaar 2007 wel nodig. Afijn, ik kan zo nog wel even doorgaan, maar laat ik het verder kort houden: geheid een van de beste indierockplaten van dit jaar.
File Under: Een van de beste indierockplaten van dit jaar
File Audio: [The Equestrian][ MySpace]
Gravenhurst - The Western Lands
Ik moet heel diep graven. Heb ik die band nu ooit gezien? En zo ja, wat vond ik er toen ook alweer van? Heb ik misschien een eerder album besproken? En zo ja, wat vond ik daar dan van? Heb ik misschien ooit naar het eerste album geluisterd bij de platenboer? Ik ben het even helemaal kwijt en stap dus blanco in de beluistering en beoordeling van The Western Lands, nou ja, iTunes stopt het album voor mij alvast in het hokje 'rock'. Nick Talbot, zanger en frontman van de band, rockt er echter nergens echt op los. De dromerige stem van Talbot is gemaakt voor zweverige folknoise en niet voor stevige rock. Gelukkig maar, want de paar uitbarstingen op dit album (het einde van "She dances", "Hollow man" en titelsong "The western lands") zijn niet de sterkste momenten van het album. Nee, Gravenhurst is juist op z'n best in filmische, dromerige, bijna psychedelische folknoise liedjes en dan op z'n shoegaze. Opener "Saints" is daar een voorproefje van, "Song among the pine" en "Farewell, farewell" zijn hoogtepunten. The Western Lands is al met al een heel aardig album, maar ik heb wel het idee dat Talbot net zo zoekende is als ik nu ik nog steeds niet weet waar ik de band nu van ken. Net niet consistent genoeg, maar op sommige momenten zo mooi dat Gravenhursts beste plaat nog moet komen. Als Talbot nu nog even verder zoekt hoe hij zijn talent het beste op een volgende plaat krijgt, dan zorg ik ervoor dat ik de band onthoud en volgende keer weet of Talbot zijn verwachtingen waarmaakt.
File Under: The Western Lands is een boek van Burroughs en een plaat van Gravenhurst, maar zoveel hebben die twee niet met elkaar te maken, ook al schijnt Burroughs frontman Talbot geïnspireerd te hebben.
File Audio: [Gravenhurst @ MySpace]
File Video: [Trust][Trust (akoestisch)][Hollow man]
R.E.M. - R.E.M. Live
Wonder boven wonder lukte het me om in 2003 kaarten te bemachtigen voor het R.E.M.-concert in Tivoli. Het klinkt misschien raar, maar voor het concert dat ze de dag erna in de HMH gaven was ik nooit in de rij gaan staan bij het GWK. En dat terwijl ik me nog kan herinneren als de dag van gisteren dat ik bij Hubert van Hoofs Op Slag van Maandag hun optredens van bijvoorbeeld Pinkpop tapete. Het was een heel bijzondere ervaring om een grote band als Mike Stipe c.s. in zo'n intieme setting te zien, maar ik had de band liever aan het werk gezien, voordat ze met Out of Time echt té groot werden. Want eigenlijk vind ik de albums tot Out of Time veel leuker. R.E.M. Live, het eerste live-album sinds de oprichting in 1983, bevestigt me hierin wederom. Ik kan zo een handvol nummers opnoemen van de tachtiger jaren-albums die ik node mis. Deze hadden met groot gemak op het met vijf nummers wel zeer karig gevulde tweede cd-tje gepast. Aan de andere kant kun je natuurlijk nooit iedereen tevreden stellen en is het begrijpelijk dat de band gekozen heeft voor het opnemen in twee dagen in Dublin en het daarbij te laten. Toch knaagt het aan me dat ik "Radio Free Europe" of "It's the End of the World as We Know It (And I Feel Fine)" niet langs hoor komen. Slechts af en toe hoor (en zag, want de cd komt vergezeld van een DVD met dezelfde nummers) ik op R.E.M. Live een glimp van de band die ik zo goed vond en te vaak de band die miljoenen anderen te gek vinden. Daar had ik in Tivoli minder last van overigens. Misschien is het wel mijn probleem en niet dat van R.E.M. Al denk ik wel eens dat Stipe dolgraag zou willen dat het weer pak 'em beet 1987 was in plaats van 2007...
File Under: Feeling Gravity's Pull
Kelly Willis - Translated From Love
Het is ongetwijfeld niet strikt noodzakelijk om met ijzeren regelmaat een plaat uit te brengen als je een carrière in de steigers wilt zetten als singer/songwriter. Kelly Willis doet het in elk geval niet, hoewel ze zo langzamerhand toch een aardig publiek heeft weten op te bouwen. Haar eerste platen kregen - we spreken over de eerste helft van de jaren negentig - niet of nauwelijks respons. Eind 1999 leek er met What I Deserve zowaar een kleine doorbraak aan te komen. Toen dat niet lukte kwam drie jaar later pas Easy uit en nog weer vier jaar later Happy Holidays. Blijkbaar heeft ze nu ritme of rust en zelfvertrouwen te pakken, want amper een jaar later verschijnt Translated From Love. Chuck Prophet, ooit voorman van Green On Red, maar nu al weer tijden solo bezig, hielp haar een handje met de productie en een aantal liedjes. Andere ouwe getrouwen, The Gourds, begeleiden haar op een juichende versie van Iggy Pop en David Bowie's "Success". Maar zeker zo goed zijn de melancholieke tracks (die snik in "Stone's Throw Away"!) en een onderkoelde rocker als "I Must Be Lucky". Prima plaat van een dame die hopelijk nu een regelmatiger releaseschema gevonden heeft.
File Under: Stoere laarzen en mooie liedjes.
J.J. Cale - Rewind (Unreleased Recordings)
Om de zoveel jaar komt er een nieuw album van J.J. Cale uit. Hier moeten we het dan mee doen, want aan optredens doet de begenadigd gitarist en liedjesschrijver niet. Mensen veranderen in negatieve zin als ze beroemd worden, aldus de observatie van J.J. Cale. Dus moeten we het vanaf 1972 met de sporadisch verschijnende albums doen. Rewind (Unreleased Recordings) bevat opnames uit de periode 1971 tot 1993. Het album had al eerder moeten verschijnen, maar de dood van producer Audie Ashworth in augustus 2000 gooide roet in het eten. Gelukkig heeft zijn vrouw dit stokje overgenomen, zodat wij niet verstoken blijven van deze veertien liedjes waaronder zes covers. Hieronder grappig genoeg "Golden Ring" van Eric Clapton die in het verleden met Cale's nummers "After Midnight" en "Cocaine" zelf veel succes had. Het album Rewind is van toegevoegde waarde op de inmiddels indrukwekkende discografie van J.J. Cale. Je vraagt je werkelijk af op welke gronden nummers als "Since You Said Goodbye" (1973), "Ooh La La" (1981) en "Bluebird" (1993) toentertijd niet door de selectie heen kwamen. Eén nummer had van mij achterwege mogen blijven en dat is de cover van Randy Newman's "Rollin'". Maar ja, ik zal er niet om zeuren, want nieuw materiaal van J.J. Cale is altijd welkom. Hopelijk is het echter geen excuus om lang met het opnemen en uitbrengen van nieuw materiaal te wachten.
File Under: Niet eerder uitgebrachte nummers van hoge kwaliteit
File Audio: [The Cale Rewind-player]
File Video: [Since You Said Goodbye][Out Of Style]
The Flatliners - The Great Awake
The Flatlinersis een jong punkbandje uit Toronto, Canada. Debuut Destroy To Create is een lekker album met knipogen naar ska en reggae. Fat Mike hoort demo-opnamen van het tweede album en is onder de indruk. Hij lijft de band in bij zijn label en dus komt The Great Awake uit op Fat Wreck. Een grote stap voorwaarts voor de Canadezen dus. Muzikaal is er ook het een en ander veranderd. De ska-invloeden zijn veel meer naar de achtergrond verdwenen en dat is eigenlijk wel jammer. The Flatliners verliezen hierdoor toch iets van een eigen gezicht. Wat overblijft is een album vol hardcore-punk in traditie van bands als Rancid, Death By Stereo en A Wilhelm Scream. Vooral bij een nummer als "This Is Giving Up" moest ik erg denken aan laatst genoemde band. "...And The World Files For Chapter 11" met zijn meezingbare refrein gaat dan weer meer richting Bad Religion. Allemaal leuk een aardig, allemaal vaker gedaan. Nou snap ik ook nog wel dat punkrock niet over originaliteit gaat, maar The Flatliners waren juist zo goed op weg om een eigen sound te creëren met debuut Destroy To Create. Na het luisteren van dit tweede album vroeg ik me eigenlijk alleen maar af wanneer de nieuwe A Wilhelm Scream nou eens uitkomt. En wat blijkt? Hij is net uit! Ik ben weg, naar de platenzaak. The Flatliners waren een leuk tussendoortje.
File Under: Hardcore-punk in de traditie van.
File Audio: MySpace
5 Jaar File Under
Vandaag vieren wij een klein feestje, want File Under bestaat vijf jaar. Nou ja, vijf jaar en één dag, but who's counting. Vijf jaar geleden kwam Storm op het idee om over muziek te gaan bloggen en dat is inmiddels een flink uit de hand gelopen hobby geworden. Met een selecte groep schrijvers en fotografen maken we dagelijks stukjes voor mensen als onszelf: muziekliefhebbers. We zijn geen journalisten, pretenderen dat ook niet te zijn. We schrijven stukjes, maar wel met passie en enthousiasme.
Door de jaren heen hebben er nog een aantal anderen bijdragen geleverd, als vaste schrijver, gastschrijver, fotograaf, striptekenaar of op welke manier dan ook. En niet te vergeten onze lezers - al dan niet reagerend op onze recensies. Anders hadden we het ook in een schriftje kunnen schrijven...
Duizenden recensies en foto's en meer dan 150 interviews verder zijn wij nog reuze trots op File Under en kunnen we nog steeds opgetogen raken over een mooie cd. Vijf jaar is dan ook allerminst een reden om het bijltje erbij neer te gooien. Op naar de tien!
A-Z - Kitty Daisy and Lewis - the Roots of Rock 'n' Roll
Kitty, Daisy & Lewis zijn drie zusjes en heten Durham van achteren. Ik keek naar de hoes en dacht te maken te hebben met jeugdfoto's van drie dames die ondertussen al aardig op leeftijd moesten zijn. Ik las het begeleidend schrijven bij deze compilatie en dat leest alsof drie zussen herinneringen ophalen aan vroegere, mooie tijden. Schijn bedriegt in deze - en ik had ook wakker moeten schrikken, toen ik struikelde over het woordje iPod, want Kitty, Daisy & Lewis zijn namelijk allesbehalve besjes. De jongste mag in een kroeg zelfs nog geen pilsje bestellen of een pakje sigaretten kopen! Hun debuut-cd moet ook nog verschijnen, maar ze schopten het onder andere al tot supportact van Jools Holland. Dat heeft hun platenmaatschappij Sunday Best er echter niet van weerhouden het drietal een compilatie te laten samenstellen in hun A to Z-reeks. Deze keer onder het kopje The Roots Of Rock 'n' Roll. Het stikt op deze compilatie van mij volstrekt onbekende namen - misschien zeggen namen als The Swallows, The Flamingos en Willie Nix u wel wat, mij zeggen ze ehm nix - maar het is echt een genot om naar te luisteren. De drie zusjes hebben duidelijk meer historisch besef qua rock 'n' roll in hun kleine teen, dan ik in mijn hele lijf. Heel sneaky hebben ze er ook een nummer van hen zelf tussen gemoffeld, "OOO Wee", maar de rest dateert allemaal uit de tijd dat hun ouders waarschijnlijk nog geboren moesten worden.
File Under: Little bits of history repeating.
Jay Colin / Nuff Said
Jay Colin heeft in het voorprogramma gestaan van Busta Rhymes en KRS One, zo vermeldt de bio van deze Amsterdammer. Dat zegt vast veel over zijn talent. Misschien. Of hij heeft gewoon een goede platenmaatschappij die wat voor elkaar weet te krijgen en vastberaden is om eens goed mee te surfen op de hedendaagse urbanhype. De volledig gladgestreken nummers zijn allemaal 3 minuten en een beetje, dus perfecte radiolengte. Men heeft vervolgens nog wat gevestigde artiesten tevoorschijn getoverd, die Jay een handje helpen. Boris, Berget Lewis, George McCrae, dat soort werk. En voormalig Postmen-lid Shyrock aka Rollarocka, die meteen aantoont hoeveel Jay nog te leren heeft. Thematisch bewegen de songs van Jay Colin zich veelal ergens rond 'You can't touch me' en 'Oh chickie, wat ben je toch lekker', plus de obligate soulglijder voor z'n moeder en een aanklacht tegen de huidige staat van de wereld. Zucht. Truth And Soul is niet slecht, maar overduidelijk gericht op een zo breed mogelijk publiek en met hiphop heeft dit geheel weinig te maken. Als u het niet erg vindt, blijf ik liever hangen bij de Opgezwolles en Duvelduvels van deze wereld.
Ook uit de Benelux, maar dan uit Brugge, komt Nuff Said. Niet te verwarren met de gelijknamige band van eigen bodem, komen deze twee Belgen met een eerste full length album, Regenesis. Ik voel me enigszins bezwaard om het volgende op te schrijven, maar ik moet eerlijk zijn: het is allemaal maar zo-zo.
Waarom ik mij bezwaard voel? Welnu, het enthousiasme druipt van dit werkje af. Rappers Senz en No Exp. doen ontzettend hun best en het is overduidelijk dat de liefde voor de hiphop diep zit bij de Bruggenaren. Maar gaandeweg bekruipt je toch het gevoel dat Nuff Said een uit de hand gelopen hobbyproject is, waarbij beide heren zo goed mogelijk hun Amerikaanse voorbeelden proberen te imiteren. Wat in dit opzicht ook niet helpt is dat Senz en No Exp. in het Engels rappen, waardoor Regenesis toch een beetje aandoet als ghettootje spelen in Brugge, terwijl de nogal eendimensionale beats ook geen aanbeveling zijn. Veertien keer dezelfde boom-bap komt de veelzijdigheid niet ten goede, terwijl Senz en No Exp. als rappers wel degelijk aanleg hebben. Mijn advies: schakel over naar je moerstaal en zoek een betere schijfrijder. Dan wordt het ongetwijfeld een stuk beter.
File: Jay Colin - Truth And SoulFile Under: Urban uit de Bijlmer
File Audio: Jayspace
File: Nuff Said - REgenesis
File Under: Blijven oefenen, en in het Vlaams graag
File Audio: Nuffspace
Ana Popovic - Still Making History
"Die naam klinkt als een Tsjechische pornoster", zo concludeerde Storm subtiel. Gelukkig is de in Nederland woonachtige Joegoslavische Ana Popovic weliswaar zeer vaardig met vingers en mond, maar heeft ze besloten dat in te zetten in de muziek. Zijn we daar blij mee? Nou en of! De dame bluest er namelijk lekker op los. De dame ziet er ook alleszins appetijtelijk uit, maar in dit geval is dat maar een bonus bij de muziek en niet andersom. Ik had nog nooit van haar gehoord, moet ik tot mijn schande bekennen, maar Still Making History is toch al haar derde solo-album. Ze is een uitstekende gitariste en heeft een dijk van een stem. Een stem in de pophoek, dat wel. Een randje zwarte blues maar vooral een stem als Christina Aguilera of Joss Stone - technisch goed, zwoel, met hier en daar een rauw randje en schijnbaar moeiteloos van fluisterzacht naar krachtige uithalen en terug. Muzikaal zit het mij iets te ver richting pop - zodat er zelfs een reggae te horen is, "Between Our Worlds" en een smooth-jazzsong "Doubt Everyone But Me". Ik heb dan toch liever de échte blues, zoals bij Beth Hart. Maar waar hits voor Beth Hart niet zo voor de hand liggen, kan deze Ana Popovic waarschijnlijk wel een publiek bereiken dat normaal gesproken niet naar blues luistert. De mix tussen pop en blues is iets waar je wel aan moet wennen, maar door lekker losse rhythm and blues-songs als "Hungry" en "You Don't Move Me" wordt het niet te soft. Het enige waar iets op aan te merken is, is de veelheid aan stijlen. Door pop, reggae, blues en smooth jazz te combineren laat ze weliswaar horen wat ze in huis heeft, maar wil het album alsmaar geen eenheid worden. Haar beste songs zijn toch de lossere bluessongs, muzikaal ergens tussen Joe Cocker en Stevie Ray Vaughan. Van mij mag ze het in die hoek gaan zoeken. Maar voorlopig is dit wel gewoon een knappe plaat.
File Under: Serieuze bluesdame met hitpotentie
File Audio: [AnaSpace]
File Video: [You Complete Me (live)
Eisley - Combinations
Begrijp me goed, het Amerikaanse Eisley gaat nog veel groter worden. De drie zussen en de broer DuPree en hun neef zien er leuk uit. Ze zijn bovendien nog jong (en kneedbaar), ondanks dat ze al vanaf 1997 muzikaal actief zijn. Ze hebben in Rykodisc (nu onderdeel van het grote Warner Brothers) een grote platenmaatschappij achter zich staan. Ze stonden inmiddels op festivals als Reading en Leeds en speelden als voorprogramma van Coldplay en Snow Patrol. Voor hun tweede volwaardige album Combinations werd Richard Gibbs als producer aangetrokken, hij werkte o.a. met Korn. Muzikaal is er veel bombast en zijn er vergelijkingen te maken met bands als Garbage, The Killers, de latere Muse en als we het over Nederlandse bands hebben dan staan ze in de rij met Within Temptation en Krezip. Het lijkt me dan ook dat er een grote markt is voor de muziek. Qua teksten is het wel wat zwaar op de hand, al is Eisley nog zoekende in het (jonge) leven. Combinations was voor mij de eerste kennismaking met Eisley. Ik ben op zoek gegaan naar eerdere releases en het was wat ik verwachtte: het was eerder lang niet zo dichtgesmeerd en voor mij beter te verteren. Nu is het een gladde nietszeggend geheel (FM-pop) met tien nummers (plus twee bonustracks) waarvan ik me aan het eind geen nummer meer kan herinneren. Ik vrees dat ze echter al niet meer te stoppen zijn. Binnen twee jaar lijkt me dat deze band op een festival als Pinkpop staat. Eén ding is zeker: ik zal er niet bij zijn.
File Under: Ik kan de noodrem niet vinden.
File Audio: [ MySpace]
File Video: [Invasion]
The Riplets - Rock
De titel van hun nieuwe plaat verraadt alles al. The Riplets hebben de punk uit punkrock gedropt en gaan verder als een driekoppig rockmonster. Het luchtige geluid van Rock 'n Roll Beat en Love Special Delivery Boy is merendeels verdwenen. Rock rockt stevig en klinkt logger. Dat komt vooral doordat het typische ijle punksoundje uit de gitaarversterkers grotendeels is ingewisseld voor een pure robuuste rocksound. D'r moet duidelijk geshowd worden dat nieuwe gitariste Ryan Riot (aka Elle Bandita) een getalenteerde snarenplukker is. Anders ga je geen nummer als Beat It opnemen, inclusief een getrouwe kopie van de virtuoze solo van Eddie van Halen. Helaas is het daardoor nog geen geweldige cover. Maar veel ergerlijker is het irritant lange gitaaroutro van de cd. De laatste twee minuten zijn echt volstrekt nutteloos en vooral irritant. Opvallend is ook dat de zang op Rock een stuk lager is, waardoor het charmante meisjesachtige verdwenen is. Verdorie, het lijkt wel alleen maar kommer en kwel! Nou, zo erg is ook weer niet. Gelukkig zijn er nog wel liedjes die herinneren aan de oude Riplets, zoals de single "After Eight (The Boy Can't Dance)". Als de dames me weer voor zich terug willen winnen zullen er op een volgende cd weer meer liedjes van dat soort moeten staan.
File Under: Ik mis een woordje
Jens Lekman - Night Falls Over Kortedala
Ik heb het even voor u opgezocht: Kortedala is een stadsdeel (deelgemeente? wijk?) van Göteborg, hoofdstad van Zweden. Hoofdstad? Nou ja, wel van het Zweden van Jens Lekman. Hij lijkt ons een Zweden te willen laten zien dat verder niemand kent. Misschien echter, wil Lekman ons gewoon laten geloven dat, hoewel Kortedala voor de meesten van ons onbekend is, liefde overal hetzelfde is. En dat laatste geloof ik eerder, want ook voor de Zweedse crooner is de liefde een dankbaar onderwerp, het dankbaarste, denk ik. Liefde voor liefdes, maar ook voor vrienden en familie, waaruit voor de melancholische pierrot Lekman altijd wel een liedje te destilleren valt. Deze verzameling prachtige, kleine liedjes, want dat is een album voor Lekman, een verzameling liedjes (en daardoor kan een eerder uitgebracht liedje als "The opposite of hallelujah" bekend voorkomen), is een bont scala aan vrolijke keyboardmelodieën, handgeklap, vingergeknip, koortjes, belletjes, versnellingen en pathetische strijkpartijen. Alles even vrolijk, maar de melancholie en treurnis druipt er vanaf en dat merk je vooral ook aan de teksten, want Lekman is een koning als het op kinderlijk naïeve, maar o, zo pijnlijke teksten aankomt. En het is de combinatie met diezelfde soort muziek: van Love Boat tot Lambada, van musicalachtige strijkpartijen tot Ben-Foldsachtig pianospel. Ja, ik ben van Jens Lekman gaan houden om zijn kinderlijke eenvoud van muziek en teksten, waar hij ook op zijn derde plaat meer dan mee wegkomt.
File Under: Nu-crooner
File Audio: ["The opposite of hallelujah"]["Friday night at the drive-in bingo"]
File Video: ["Your arms around me" in een Zweedse tv-show]["Sipping on the sweet nectar"]
Mehida - Blood & Water
Wederom heb ik een schijfje voor me liggen van een Finse band uit het progressive schuine streep power metal genre. Ditmaal is het Blood & Water van het door Mikko Harkin (ex-Kotipelto, ex-Sonata Arctica), Markus Niemispelto en Jarno Raitio gecreëerde Mehida. Samen met Jani Stefanovic en Thomas Vikström (Therion, ex-Candlemass) brengen zij een afwisselend album met een reeks hele aardige nummers. Maar er staan ook een paar behoorlijk vreemde tracks tussen, tracks die een beetje buiten de rest om er tussen lijken te zijn geplaatst. Zoals het vierde nummer, "Multitude". Dit bevat een loos stukje gebrul dat niet zou misstaan op een metalcore-cd, en even later komt er ook nog een paar keer een lief koortje langs. Erg, ehm apart, zal ik maar zeggen. Verderop komt ook het nummer "Dry Bones" langs. Op dat nummer wordt wat vaag geëxperimenteerd met opera-achtige zang. Beiden passen niet direct bij de rest en daarbij komt dat ik ze ook niet goed uitgevoerd vind. Het album als geheel komt mij, mede door dit soort nummers, te rommelig en onsamenhangend over. Alhoewel de zanger wel een uitstekende stem heeft voor dit type muziek zijn er ook momenten waarbij ik het gevoel heb dat het niet altijd even goed aansluit bij hetgeen er op dat moment gespeeld wordt. Tel daar de ietwat matige productie bij op en je hebt een album dat ik vrij snel ergens in mijn platenkast plaats en waar het vervolgens redelijk rap in de vergetelheid zal geraken.
File Under: Voldoende potentie, maar gemiste uitvoering
File Audio: [Samples] [ MySpace]
My American Heart - Hiding Inside The Horrible Weather
Wat gaat het allemaal toch snel tegenwoordig. Was het bij mijn weten nog hip om je haar als man in zo'n kittig gestileerd hanenkammetje te dragen, blijkt dat ik maar weer eens mijlenver achter de rages aan loop. Nee, een echte koele dude laat zijn haar momenteel groeien en kamt de boel in een nonchalante lok, die over het voorhoofd wordt gedrapeerd. Tenminste, dat maak ik dan weer op van de homepage en MySpace van My American Heart. Zij zouden het in principe moeten weten, aangezien het vijftal in sommige kringen hipper dan hop is. Dat geldt niet voor de muziek die keurig mee kabbelt op de emohype, welke maar niet aan zijn einde lijkt te komen. Hiding Inside The Horrible Weather is het zoveelste niet verkeerde rockplaatje dat zonder een centje pijn de overbekende thema's van zielige jongensonzekerheden en stoere mannentaal ("Boys! Grab Your Guns") behandelt. Gestroomlijnd en netjes volgens de patronen van korte coupletten en veel herhaalde refreinen, voor een onverwachte wending hoef je niet te vrezen. En ach, ik kan hier wel een heel betoog gaan ophangen dat ik graag weer eens een beetje meer geprikkeld zou willen worden en het nu wel tijd vind voor een nieuwe hype, zo vervelend is het gelukkig allemaal ook weer niet. Hiding Inside is een prima plaatje voor in de auto en op de fiets, voor die momenten waarop je geen volle 100% hebt maar wel wat lekker mee wilt dreutelen op de muziek. Niet meer maar ook zeker niet minder.
File Under: Niet hip meer
File Audio: [MyAmericanSpace]
Note to Amy / The Rones
Sinds haar oprichting in 2005 heeft het Note to Amy al aardige resultaten aan hun CV kunnen toevoegen. Zo stonden ze op een sampler van Up, zagen drie songs gebruikt worden in 6pack en wonnen zelfs de door Electronic Arts georganiseerde bandwedstrijd Burnout Bandslam. Het verbaast me een beetje eerlijk gezegd, want het is niet zo dat ik van mijn stoel af val van verbazing bij beluistering van hun eerste EP The Lady's First Song. Hun punk/rock met emosausje klinkt mij in ieder geval alles behalve ondefinieerbaar in de oren. Dat er afdoende variatie is in de vijf liedjes is overigens wel waar. Van het stemgeluid van zanger Remco ben ik echter niet erg overtuigd. Het is me wat te vlak en niet onderscheidend. Maar hij probeert wel te variëren in wat hij doet, da's een dikke plus. Grootste ergernis is echter de productie van de EP. Na verloop van tijd ga ik me steeds meer storen aan de te doffe drumsound. The Lady's First Song laat een band met potentieel, maar d'r moet nog wel flink aan gepoetst worden om de grijze middenmoot te ontstijgen.
Dat punt heeft het Belgische The Rones al wel bereikt, al zijn hun invloeden ook overduidelijk aan te wijzen. Ze schrijven echter wel donders lekkere liedjes en het verbaast me niets dat zij ondertussen zelfs al getekend bij het Belgische Conspiracy, waarop hun ep Nonsense & Crackwhores onlangs verscheen. Wat een vuig plaatje hebben deze jonge Limburgers gemaakt! Het openingsnummer "Nonsense" klinkt nog zompig log als Kyuss, maar wel als een met een Belgische kwinkslag. In het tweede nummer ("Scissors") voegen ze er echter een kwak NiN-invloeden bij waardoor het resultaat klinkt als industrial stoner en dat prikkelt werkelijk waar al mijn zintuigen. Het goede aan The Rones is dat ze met de bovenstaande referenties echt een eigen geluid hebben weten te smeden. Daar helpt de moddervette productie van Luuk Cox die eerder Arsenal en Buscemi opnam en zelf lid is van Shameboy zeker ook een handje bij. Deze laat weinig ruimte tot ademen over en dat past perfect bij de muziek die The Rones maken.
File Under: Niet slecht voor een eerste worp, maar moet nog groeien
File Audio: [ MySpace]
File: The Rones - Nonsense & Crackwhores
File Under: Het geluid van de verschroeide aarde.
File Audio: [ MySpace]
Annuals - Be He Me
Jaloezie is een van die eigenschappen die vrijwel elk mens in meer of mindere mate bezit. In een relatie kan het tot vreselijke taferelen leiden, maar ik kan me voorstellen dat jaloezie voor een artiest ook verstikkend kan werken. Stel je voor, je bent een ongeveer 30-jarige muzikant die al jaren zijn eigen liedjes schrijft en opneemt. Liedjes die misschien op een paar in eigen beheer uitgebrachte cd's zijn verschenen en door een paar honderd personen zijn gekocht. Ik denk dat er veel muzikanten zijn die zich hierin kunnen herkennen. Dan hoor je het debuutalbum van Annuals en je ontdekt dat zanger en liedjesschrijver Adam Baker van die band pas negentien jaar oud is. Negentien en dan al zulke liedjes kunnen schrijven? Je zou je pen er gefrustreerd bij neer willen gooien. Adam is er ook niet erg bescheiden over want "Carry Around" begint als volgt: 'I've got magic in my head, magic up my nose, magic coming out my fingers, magic crying out my eyes. I've got magic everywhere I fucking look.' Be He Me staat vol met betoverende liedjes. Nog voller zelfs want het album bevat maar liefst drie bonustracks en duurt precies een uur. Ondanks zijn jonge leeftijd maakt Adam Baker al vele jaren muziek en met de gitarist en de bassist van Annuals al sinds zijn twaalfde. De band waarvan niemand ouder dan 22 is, bestaat ook al enkele jaren. Een aantal van de liedjes die ze met zijn vijven maken, roepen erg vrolijke beelden op. "Dry Clothes", "Complete, or Completing" en "Sway" doen denken aan een zomerse wandeling in het bos. Andere nummers zoals "Brother" en "Chas e You Off" doen sprookjesachtig aan en dat geldt trouwens ook voor de hoestekening en de video van "Brother". Adam Baker houdt ook van zijn familie want anders zou je "Brother", "Mama" en "Father" niet op één cd zetten. Al die vrolijkheid en familieliefde roepen bij mij ook beelden op van de breed lachende zangers van het EO-programma 'Nederland Zingt' en dat is een klein minpuntje.
File Under: Complete, or Completing
File Audio: [ Brother]
File Video: [ Brother]
Sieges Even - Paramount
Paramount is het zevende album van Sieges Even, maar misschien kun je beter zeggen dat het het tweede album van deze bezetting is. Het is namelijk een bezetting zónder toetsen en mét de Nederlandse zanger Arno Menses. Voorganger The Art Of Navigating By The Stars was al een daverende verrassing en met Paramount maken ze weer een stap vooruit. Het is nog steeds buitengewoon fraaie progrock, maar wat compacter dan de vorige keer. Niet zozeer in de lengte van de songs, meer in het natuurlijker verloop van de songs. Hun stijl ligt bij de hypermelodieuze en songgeörienteerde prog van bands als Rush, Saga en Spock's Beard, zonder ergens als een kopie te klinken. De instrumentale partijen zitten vol subtiele lagen die een rijke sound creëren zonder het geluidsbeeld dicht te metselen. Dat laatste is mede te danken aan de productie, die buitengewoon helder is en de instrumentatie perfect laat uitkomen. Zanger Arno Menses zingt met een vanzelfsprekendheid alsof hij al tien jaar als leadzanger de wereld rondtrekt, ondersteund door (weer gelaagde) koortjes. Zijn wat hoge stem doet mij soms wat denken aan Triumph's Rik Emmett. De koortjes zijn soms van Kansas- of Styx-achtige schoonheid. Opmerkelijk is ook "Mounting Castles In The Blood Red Sky", waarin Martin Luther King's "I have a dream"-speech van een soort soundtrack is voorzien. Het mag duidelijk zijn: dit is een waanzinnig lekkere plaat. Vorig jaar was het debuutalbum van GPS voor mij zo'n plaat met langdurige houdbaarheid, dit zou 'm wel eens kunnen worden voor 2007 en verder. Een plaat voor alle momenten, zonder hapslikwegmuziek te zijn. Op de momenten dat je met aandacht wilt genieten luister je naar de afzonderlijke partijen, wanneer je het als achtergrond gebruikt is het een organisch en ritmisch afwisselend geheel, als je wilt meezingen staan er prachtige vocalen op. Al beloof ik dat ik het meezingen zal beperken tot de auto...
File Under: Het bakje met superlatieven is nu leeg. Terecht.
File Audio: [EvenSpace]
Meer Eigen Beheer: Lee Mason / Harm Jan Wilbrink
Ik weet niet hoe het voor u is, maar Lee Mason, dat klinkt in mijn oren als een Amerikaanse songsmid die liedjes zingt over gemiste kansen, verwaarloosde vriendschappen en die verbroken relatie met zijn grote liefde van vijf jaar terug waar hij nog steeds niet over heen is. Achter de naam Lee Mason gaan echter gewoon drie Amsterdammers schuil die mooie, grotendeels akoestische, liedjes maken. Zanger/gitarist Michel heeft een fijne stem die soms klinkt als een lichte versie van Dave Eugene Edwards, maar hij kan ook gemakkelijk switchen naar een Jasper Steverlinck-achtig geluid. In de intieme liedjes van de band past dat wonderwel. Ik vind ze niet allemaal even sterk ("Home Is Where The Heart Is"), maar voor prachtige liedjes als het tikkie sombere "I Still Remember" is altijd plek.
De naam Harm Jan Wilbrink klinkt wel oer-Hollands en zo klinkt zijn folk getinte muziek ook. Wilbrink, wonend in het dorp met de prachtige naam Moddergat, zingt in het Nederlands (al doet hij eveneens twee liedjes in de Dedemsvaartse streektaal). Zijn grootste invloed voor Zoals De Kraai Vliegt is zonder twijfel Cornelis Vreeswijk geweest, maar met grote regelmaat moet ik ook aan Boudewijn de Groot denken. In zijn teksten verhaalt deze troubadour over mensen, vaak de wat meer wereldvreemde types, en zijn liefde voor de natuur. Opvallend is het fijne samenspel met zijn vijf begeleiders. De zwierige accordeon van Onno Wieten tilt de liedjes meer dan eens naar een veel hoger niveau. Bovendien klinkt de cd voor een album dat in twee dagen opgenomen is bijzonder goed.
File Under: Gewoon uit Amsterdam en gewoon goed
File Audio: [ MySpace][Alles in MP3-formaat]
File: Harm Jan Wilbrink - Zoals de kraai vliegt
File Under: Moois uit Moddergat
File Audio: [ MySpace]
File Video: [April]
Every Time I Die - The Big Dirty
Every Time I Die is een apart bandje. In interviews kramen de heren alleen maar onzin uit, de vorig jaar verschenen dvd staat vol poep- en piesgrappen en ook qua songtitels ("Pigs is Pigs" en "Apocalypse Now And Then" om maar eens twee voorbeelden te noemen) doet de band niet meteen denken aan een serieuze rockband. Het viertal uit Buffalo zet de argeloze luisteraar al op een verkeerd spoor nog voordat deze de cd in de speler heeft gedaan. Every Time I Die maakt namelijk een geweldige mix van hard- en metalcore, southern rock en screamo. The Big Dirty staat vol met vet aangezette riffs, heerlijk spugende vocalen en smerig gitaarwerk. Voorganger Gutter Phenomenon leunde meer op schreeuwvocalen dan deze plaat. Niet dat er niet geschreeuwd wordt op The Big Dirty, maar in elk nummer komen ook schorre 'cleane' vocals terug. Cleane staat overigens tussen aanhalingstekens omdat het geen cleane vocals zijn die je op zoveel metal en emocore albums hoort. Every Time I Die klinkt op zulke momenten nog steeds chaotisch en smerig. In de vpositieve zin van het woord natuurlijk. Een van de hoogtepunten van dit schijfje is "INRIhab", een nummer waarop Alexisonfire-zanger Dallas Green meedoet. Ook nummers als "Rendez-Voodoo" en het meer op het oudere werk leunende "Rebel Without Applause" doen het erg goed. Of ETID een stap voorwaarts maakt met dit album durf ik niet te zeggen. Ik betrap mezelf erop dat ik Gutter Phenomenon juist weer uit mijn kast trek. Een spannende plaat is The Big Dirty zeker.
File Under: Spannende chaotische vieze smerige Amerikaanse rock
File Audio: [Op MySpace]
Enthroned - Tetra Karcist
'Shirley, met Wim. Ik heb er genoeg van. Het moet nu maar eens afgelopen zijn. Die hele poppenkast van Bram ben ik spuugzat. Het kan me niet schelen hoe je het doet, als het maar snel gebeurt en niets, maar dan ook niets op mijn conto bijgeschreven kan worden. Ik ben er gewoon helemaal klaar mee. Gestikt tijdens wurgseks, uit een raam gesodemieterd door rotte paddo's, verzin maar wat. Wat? Ga je het nu nog voor hem opnemen ook? Je bent toch zeker niet vergeten waar ik je vond in Brazilië, hè? Is dat wat je wil? Weer terug de straat op? Voor een joetje je bek vol laten spuiten? Nee? Ohh, dat dacht ik al. Nou kom op, ik mag maar vijf minuten bellen... Je dacht aan wat pure MDMA. Dat is inderdaad niet slecht. Moeilijk op origine te traceren, kan aan drugsgebruik gelinkt worden, prima idee. En toedienen? Hij zal heus niet opeens tien pillen naar binnen werken. Door zijn drankje mixen? Ja, daar zeg je wat. Maar drinkt ie nog dan? Daar is hij toch al jaren mee gestopt? Ohh, alleen als hij gestrest is. Eens denken. Wacht, ik heb het. Ik stuur je wel even een cd van mijn Belgische vrienden. Dat is pas matte shit. Pure blackmetal. Afwisselend retesnel, dan weer dragend en stuwend. Met kerkgezang en verdomd mooie solo's. Ik heb nog nooit zoiets krachtigs en majestueus gehoord, prachtig gewoon. Heb ik gekregen van mijn nieuwe maatje Hansie, wat een lijpe is dat zeg, hihi. Als hij daar niet gek van wordt weet ik het niet meer. Gewoon opzetten en na twee nummers grijpt hij geheid naar de armagnac. Dit plan wordt steeds beter. Wat zullen ze opkijken zeg. En ik doe net of mijn neus bloedt. Ik ben één en al verontwaardiging en de onschuld zelve, hilarisch gewoon. Dit zou best eens kunnen werken, Brammetje. Het spijt me voor je. This is the end, your only friend the end, hahaha.'
File Under: Ja, het is toch wat allemaal
File Audio: [Nova-tapes]
The Girls - Talk To Pervert
Ik dacht even niet opgelet te hebben, er viel namelijk een release van The Girls op de deurmat. Onze Nederlandse The Girls leken mij bij de laatste concerten die ik van ze zag rijp voor een album. Het bleek echter helemaal niet om de Nederlandse band te gaan en ook niet om die van hun Amerikaanse naamgenoten. Nee, deze The Girls komen uit Tel Aviv. De mondialisering blijkt positieve effecten te hebben. Nadat vorig jaar CBGB's afgebroken is, lijkt er nog voordat dit daadwerkelijk het geval was, al een steen naar het beloofde land getransporteerd te zijn. Zangeres Sharon K. lijkt de vaandel overgenomen te hebben van Patti S., Chrissie H. en Deborah H. of hoe al die postpunkvrouwen ook mogen heten. De mondialisering heeft ook zijn positieve effecten op het uitbrengen van de cd Talk To The Pervert. Deze is namelijk uitgebracht op de Duitse(!) platenmaatschappij Middle Class Pig. De opnames zijn van eind 2003/begin 2004 en waren in Israël al te koop. Het label heeft er nog wat aan laten sleutelen, maar mij hoor je niet klagen. The Girls hebben ballen en dat komt met name in de meer noisy-nummers maximaal tot uiting. In Israël is er met Loaf in 2006 nog een ep verschenen waar wij nog even op moeten wachten. Eerder dit jaar waren ze in Israël het voorprogramma van Iggy and the Stooges. Ik mag hopen dat wij bij het nieuwe album dat ongetwijfeld gaat volgen niet achteraan staan en dat Sharon K. dan helemaal de boel afbreekt, waar zij op Talk To Pervert soms nog enige aarzeling lijkt te kennen.
File Under: Zulke meiden hoor ik graag
File Audio: [ MySpace]
NEONBELLE - In a cabin with:
Tjongejonge wat een gedoe om die nieuwe Radiohead-cd, zeg. Revolutie, einde van de platenindustrie, blah-die-blah. Het zal allemaal wel. Natuurlijk is het geen slechte plaat, het is zelfs een goede, maar utterly brilliant is-ie wat mij betreft ook weer niet. Het lullige voor NEONBELLE is dat ze precies hetzelfde idee hadden als Radiohead. Eerst downloaden en dan verkopen. Dus vanaf vandaag kun je de eerste cd van NEONBELLE, In A Cabin With:, gratis en voor niets downloaden, het fysieke exemplaar zal pas later te koop zijn. Dit gebeuren zou natuurlijk opgeleukt worden met een ronkend persbericht dat hopelijk de nodige aandacht zou genereren. Daartoe heeft de band ook alle reden. Aanvankelijk was NEONBELLE overigens helemaal geen band. Het was een project in de "In a cabin with"- reeks. Hiervoor trekt Maarten Besseling zich terug in een hutje op de hei met een stel muzikanten die hij waardeert (in dit geval Pien Feith en Jelte Heringa), om in een korte, intensieve periode een cd op te nemen. Het drietal was zo enthousiast over het resultaat dat NEONBELLE een echte band geworden is. Maar goed, hoe klinkt die band? Nou, dat verschilt. Als ze met glitches en beats gaan fröbelen, dan moet ik aan bijvoorbeeld Portishead denken of aan de Mathilde Santing van ver voordat ze mainstream werd. En als ze het kaal en sober houden en spelen dan klinken ze als ehm… als ehm…. Weet je wat? Dat zoek je allemaal maar lekker zelf uit! Je kunt de EP immers gratis en voor niets downloaden en dat is echt meer dan de moeite waard.
File Under: Gratis, maar niet goedkoop
File Audio: [Alles in een zip-je][ MySpace]
Beth Hart - 37 Days
In 1999 werd ik helemaal weggeblazen door de stem van Beth Hart in "L.A. Song", het nummer waarmee ze haar Nederlandse doorbraak beleefde. Ik kocht het album waar de song opstond, Screamin' For My Supper. Prima album, en ik draai het nog steeds meerdere keren per jaar. Hoe anders is het met Live at Paradiso uit 2005. Ik draai het album meer en meer. En meer. Wat een power en wat een beleving! Haar stem is al een en al krachtige emotie, maar ook zonder de beelden van de dvd is zonneklaar dat de dame er live vol voor gaat. Op "37 Days" heeft ze die beleving behoorlijk vast weten te houden. Het geluid is dan ook grotendeels zoals op het live-album: geen tierelantijnen, een lekker vol geluid en Hart die vaak een flinke keel moet opzetten om daaroverheen te komen. Dat is geen probleem, want Hart is een van die bijzondere zangeressen die zowel op hoog als op laag volume bakken met emotie in haar zang heeft zitten. Maar dan geen ach-het-leven-is-zo-zwaar-emotie, maar soms-is-het-kut-maar-ik-knok-me-erdoor-emotie, vol soul en tegelijkertijd pure rock door de rauwe rand aan haar stem. Sommige songs zijn wat soulvoller ("Good As It Gets"), andere ingetogen ballads ("Soul Shine", een cover van Gov't Mule) of felle rockers ("Sick"). In tegenstelling tot een zekere Haagse quasi-diva heeft Hart haar vaste band ook in de studio gebruikt. Zij hebben in veel gevallen ook bijgedragen aan de composities en weten hoe zij degelijke partijen neerleggen om Beth Hart te laten excelleren. Meer dan ooit zijn Hart en haar band erin geslaagd om de livefeel ook in de studio vast te houden. Het maakt dit album alleen al daarom haar beste studiowerk tot nu toe.
Omdat wij zo lief zijn, en Universal ook, gaven wij enkele exemplaren van 37 Days weg. U bent echter te laat om deze cd nog te kunnen winnen.
File: Beth Hart - 37 DaysFile Under: Bakken met emotie, bijna net zo goed als live
File Audio: [vier songs op de site]
File Video: [Good As It Gets]
The Tranquis - Mare Tranquilitatis
Laten we beginnen met een klein popquizje. Als ik opener "Sea of Silence" beluister begin ik eerst automatisch 'Sunday morning, praise the dawning' te zingen en even later 'I'm high on open air'. Kunt u ze plaatsen? De eerste zullen de meeste wel weten, inderdaad, de Velvet Underground. Maar de tweede? Ik moest 'm googlen, waarna bleek dat het om een stukje Do The Undo ging! Ook The Tranquis is Nederlands, al hield ik de Groningers lange tijd voor Zweden. Als je met droge stem een tekst zingt als 'She said hello, but I could not recall her name', ben je voor mij een broertje van Jens Lekman. Wel het broertje in een inrichting, want guttegut, deze jongens hebben 't slecht. 'I can't stand all these people, talking about their jobs and all the money they make.' U begrijpt dat de muziek ook niet swingt. Een paar gitaren, die zachtjes kringelend droeve lijntjes verweven. Af en toe aangevuld met wat droge drums of een jankende viool. Over huilen gesproken, het beste moment van de plaat zit in "Hypochondriac". Nadat de zanger opmerkt dat hij haast nooit gelooft gezond te zijn, begint de gitaar een compleet atonale jankpartij, die even hartverscheurend als zenuwachtig is. Knap gedaan. Mare Tranquilitatis is een tragikomedie. Dat valse refrein in slotstuk "Blue Skies", is het nou een grap of om te huilen? Catchy is het nummer stiekem wel. Kortom, een fascinerend plaatje, dat net genoeg spanning heeft om totale gezapigheid te vermijden.
File Under: Wie geen traan kan laten, verdrinkt van binnen
File Audio: [Tranquis-Space]
Turin Brakes - Dark On Fire
Jullie waren het een paar weken terug nogal met me oneens toen ik opschreef dat ik Tourist niet geweldig vond. Ik heb zo'n voorgevoel dat over het volgende nog meer mensen gaan vallen. Ik ben namelijk best een liefhebber van veel klassieke Britse galm-britpop. Guillemots. Doves. Mansun. Delays. Travis. Elbow. Maar met de Turin Brakes had ik tot nu toe helemaal niks. Regelmatig hoorde ik een single voorbijkomen op Kink FM en dacht ik bij mezelf: ammehoela, daar heb je hun weer. Wéér zo'n melancholisch zeiknummer. Successingle "Pain Killer" uit 2003 dito. Sorry Merie. Sorry Stefan. Toch heb ik wat tijd uitgetrokken voor de Turin Brakes' vierde plaat Dark on Fire, die de fans zeker weer hoog zullen waarderen. Ik denk dat ik weet wat mijn probleem is. De karakteristieke, klagerige stem van Olly Knights en de weemoed die de liedjes uitstralen hebben hetzelfde manco als bijvoorbeeld Suede: om middenin te vallen, direct na een willekeurige indie-hit, in een random playlist of op de radio is het gewoon niet fijn. Ga je daarentegen echt even lekker zitten voor een album van de Turin Brakes, dan vind je hun sound juist erg mooi en raak je ook al gauw aan Knights' stem verslaafd. Al gauw vond ik Dark on Fire dan ook eigenlijk best een lekkere herfstplaat. Waarschijnlijk komt dat ook omdat het oorspronkelijke duo achter Turin Brakes zich voor deze plaat een rijp Starsailor-achtig bandgeluid heeft aangemeten. Goede ontwikkeling! Wat ik echter mis op dit album is spanning. Nergens krijg ik zin om mee te neuriën. Het zou eenvoudig zijn, maar ik voel me niet geroepen. Kortom, de liedjes zijn best mooi en gevoelig, maar niet betoverend genoeg. Da's echt jammer. Ik zet Lost Souls maar weer eens op...
File Under: Typische albumgroep zet weg fraai voort, nu met bandgeluid
File Audio: [ MySpace][Bandsite]
File Video: [Stalker][Making of Dark on Fire]
Susanna Wallumrød - Sonata Mix Dwarf Cosmos
Ik doe niet veel interviews. Niet alleen omdat het zo'n tijdconsumerende bezigheid is, ook omdat ik vaak niet weet wat ik zou moeten vragen. Voor Susanna Wallumrod maakte ik met grote graagte een uitzondering toen ze met The Magical Orchestra naar Nederland kwam, afgelopen mei. De cd's die zij samen met haar kompaan Morton Qvenild maakte behoren hier thuis namelijk tot de meest gedraaide werkjes. Helaas liep het, ondanks dat ik me prima voorbereid had, allemaal niet zoals ik wilde. Wel vertelde ze me het nieuwtje dat ze met een solo-cd zou komen in het najaar en dat die in tegenstelling tot de laatste van haar en het magische orkest coverloos zou zijn. Sonata Mix Dwarf Cosmos is er nu, en ik moest eraan wennen. Lange tijd zelfs. Want het is heel anders en toch zo hetzelfde als ze haar eigen liedjes doet. De stem van Susanna is nog steeds fabuleus, de ingetogen muziek ook, maar bij de covers had je steeds de onverwachte herkenning en verrassing door de geraffineerde kristallijnen arrangementen van overbekende nummers. Die laatste zekerheid, het feest der herkenning, is verdwenen en dat bracht me in een onzekere zwevende toestand zonder duidelijke referenties. Dat vond ik in het begin allerminst prettig. Het komt ook doordat de liedjes op Sonata Mix Dwarf Cosmos zo mogelijk nog verder uitgekleed zijn dan die van The Magical Orchestra-cd's. Maar ik was bereid om te vechten voor Susanna en werd uiteindelijk voor mijn doorzettingsvermogen beloond. Sonata Mix Dwarf Cosmos is meer dan eens tegelijkertijd de onschuldig ontluikende lente, de ochtendnevel op een vroege zomermorgen, de vallende bladeren in de herfst en het gekraak van verse sneeuw in januari, maar bovenal: prachtig.
File Under: Deze dame kan prima zonder covers.
File Audio: [SusannaSpace]
Kula Shaker
"Even voor de duidelijkheid: Kula Shaker is niet heropgericht maar gereïncarneerd." Ik monster de bleke Crispian Mills die tegenover mij een appel zit te schillen. Hij heeft een hypo en moet snel energie bijtanken. "Er is een groot verschil tussen heroprichting en reïncarnatie", vervolgt hij. "Om te reïncarneren moet je eerst sterven. En wij waren gestorven. Kula Shaker was morsdood. Onze ziel had ons lichaam verlaten en trad in verschillende toestanden van existentie, maar uiteindelijk reïncarneerden wij omdat het ons karma was dat te doen." Bassist Alonza Bevan kijkt me glimlachend aan. Monstert hij mij? Een oude vraag omtrent Kula Shaker speelt meteen weer op. Hoe serieus is de Indiase spiritualiteit die in hun muziek een belangrijk thema vormt? Is het niet toch eerder een gimmick, zoals menig criticaster eind jaren negentig meende?
Lees verder..Lazarus - Hawk Medicine
"Jezus, waarom ken ik Lazarus niet?," is een wat vreemde zin. Lazarus is namelijk een Bijbelse naam van een persoon die door Jezus uit de dood is opgewekt. Dat lijkt me in het geval van de muzikant Lazarus wat overdreven. Achter Lazarus gaat Trevor Montgomery schuil en zijn naam klinkt een stuk aardser. Hawk Medicine is het derde album van Lazarus, maar het is voor het eerst dat hij met een volwaardige band een album uitbrengt. De wieg staat in Californië en als je deze staat voor de geest haalt dan moet je vooral niet aan de zonnige stranden denken, maar aan een desolate woestijn waar gieren boven je cirkelen en het elk moment met je gebeurd kan zijn. Muzikale referenties kunnen gevonden worden in Tom Waits met een Bruce Springsteen (solo) -saus. Vreemd genoeg moet ik ook aan een Nederlander denken, namelijk aan André Manuel en aan zijn nummer "Kraaien" in het bijzonder. Dit komt met name door het veelvuldig gebruik van het harmonium en dat weer in combinatie met de rauwe breekbare stem van Montgomery. Na een leven als bassist in post-rockband Tarentel lijkt hij nu definitief een plek in een andere wereld gevonden te hebben. "Jezus, ik heb Lazarus ontmoet," is dan plots helemaal geen rare zin meer en Hawk Medicine het medicijn om zelf even in een andere wereld te zijn.
File Under: Welkom in een desolate wereld
File Audio: [ MySpace]
Pygmy Lush - Bitter River
Een van de meest verrassende doch erg neerslachtige platen die ik de afgelopen tijd heb mogen horen. Zo, die zit. Pygmy Lush is een wonderbaarlijke band met een overduidelijk hardcore-verleden, getuige de bij vlagen zeer extreme herrie die ze produceren. Maar ze wisselen de herrie de helft van de tijd af met akoestische folk-stukken, herfstige Sun Kil Moon/Mark Kozelek-sferen en sombere blues. Alsof ze een verband proberen te leggen tussen oude blues, treurliederen en verschroeiende chaoscore, zeg maar het verband tussen Johnny Cash, At The Close Of Everyday en Converge (wiens gitarist Kurt Ballou het zaakje weer nauwkeurig productioneel vastlegde). Dat levert een wat vreemd totaalplaatje op, waarin je als luisteraar heen en weer geslingerd wordt tussen grote sonische en emotionele extremen. De sfeer is over de gehele linie erg neerslachtig, waarbij de extreme stukken de wanhoop goed neerzetten, en de akoestische stukken weer rust brengen. Af en toe wordt het mij allemaal wat te langdradig, en de een na laatste track met 25 minuten orgel gedrone hadden ze wat mij betreft achterwege mogen laten, maar ik ben benieuwd hoe ze deze stijl in de toekomst verder gaan ontwikkelen.
File Under: Tussen oude blues, treurliederen en verschroeiende chaoscore
File Audio: [PygmyLushSpace]
AaRON - Artificial Animals Riding On Neverland
Sinds zanger Craig Walker zijn biezen gepakt heeft bij Archive, vind ik niet bepaald dat die band er beter op geworden is. You All Look The Same To Me en Noise zijn vaak volkomen over het hoofd geziene wereldalbums, opvolger Lights was voor mij, door de gevaren koers en het ontbreken van Walker een grote teleurstelling. Gelukkig is er nu een alternatief voor handen. Even dacht ik zelfs dat Craig Walker met AaRON (kort voor Artificial Animals Riding on Neverland) een nieuw bandje begonnen was, zo sterk lijkt de stem van Fransman Simon Buret van tijd tot tijd op die van Walker. Op andere momenten doet hij me een beetje aan Ozark Henry denken, nog zo'n held die lang niet meer goed is als hij vroeger was. AaRON was tijdens de opnamen van deze eerste cd geen echte band, maar een tweetal - de andere helft heet Oliver Coursier - dat samen alle partijen voor haar rekening nam. Overigens houden qua Archive de overeenkomsten niet op bij alleen de stem. Bij lange na niet zelfs. Muzikaal gezien is AaRon zo ongeveer het de goede kant op door gegroeide tweelingbroertje van de Archive die ik zo goed vond. Je zult mij hierover dan ook niet belerend het vingertje zien heffen, ik ben maar wat blij dat er een band is die dit magnifieke geluid oppikt en gebruikt als fundament om een haar oeuvre op op te bouwen. Dat doen ze bijvoorbeeld door her en der wat meer 'Kid A' (lees experiment) in hun liedjes te stoppen dan Archive. Maar bovenal schrijft het tweetal liedjes, vaak met dank aan de beetje treurige ondertoon die ze met zich meedragen, die je net zo rücksichtslos naar je strot als die van Archive. En als je dat bij mij lukt als je zingt over je net gestorven goudvis, dan ben je een knappe jongen.
File Under: Eindelijk het gehoopte vervolg op Noise (ook al is het van een andere band)
File Audio: [AaRON-space]
File Video: [U-Turn (Lilly)]
Dez Mona - Moments of Dejection Or Despondency
Men spreekt van een belofte. Men spreekt als altijd goed over de Belgen. Nu ook. Dez Mona is de naam, Gregory Frateur is het genie. Of nou ja, genie... Bij artistieke releases heet degene met de belangrijkste rol nu eenmaal vaak een genie. Mits een goede release, natuurlijk. Nu weet ik nog niet precies wat ik van Moments of Dejection or Despondency vind, maar ik vind het in elk geval een knappe en intrigerende plaat. Het woord 'vaudeville'valt, en dat heeft niet alleen te maken met het rauwe accordeonspel van Roel van Camp (DAAU), maar ook met de prachtige stem van Frateur, die vergeleken wordt met die van Gavin Friday en Antony, en waar ik vooral in uithalen ook wel iets terughoor van Brett Anderson. En net zoals bij genoemde zangers laveert deze gepassioneerde, hartverscheurende stem ook tussen hoop en wanhoop. Dat doet de muziek ook. Vanuit een jazz-achtergrond brengt het vijftal een mengsel van duistere popmuziek, traditionele folk, genoemde vaudeville en hier en daar zelfs musicalachtige composities met waanzinnige hoogtepunten. Niet echt met iets te vergelijken. Wennen, maar meer dan een kans waard. Niet luisteren tijdens uw jaarlijkse herfstdip: u zakt er zeker dieper in. Maar wie weet, misschien komt u er wel krachtiger uit. Want erger dan bij Dez Mona, dat kan bijna niet, maar u ziet er ineens wel de schoonheid van in.
File Under: Bloed, zweet en tranen; hoop en wanhoop; en ook iets met kroonluchters
File Audio: [Dez Mona @ MySpace]
The Strange Death of Liberal England - Forward March!
Het is belangrijk voor een nieuwe band om op te vallen tussen al die andere bands, want mond-tot-mondreclame is waarschijnlijk nog altijd de beste manier om een groter publiek te bereiken. Er moet over je gesproken of geschreven worden. Als je de mensen nieuwsgierig maakt, gaan ze wel op zoek naar je muziek en willen ze meer informatie. Je kunt op verschillende manieren proberen op te vallen, bijvoorbeeld door een aparte naam, kleding of design. Dit zijn allemaal maar uiterlijkheden en daar gaat het in eerste instantie toch helemaal niet om. Het beste is natuurlijk om op te vallen door je muziek, maar dat is weer een stuk moeilijker. Dat blijkt ook wel weer bij The Strange Death of Liberal England. De bandnaam is in ieder geval apart en hun optredens schijnen ook opvallend te zijn. In eerste instantie niet door de muziek, maar doordat ze met het publiek communiceren door middel van grote tekstborden. Forward March is het debuutalbum van deze vier heren en een dame uit Portmouth in het zuiden van Engeland. De muziek op deze cd is misschien niet zo heel opvallend, maar het zijn leuke songs zonder een echte tegenvaller. Hoogtepunten zijn de single "Oh Solitude" en het vijfde nummer "Mozart on 33". De ondertitel van het album is `traditional marching songs to learn and play' en met name "I Saw Evil" heeft wel iets van een mars en ook "An Old Fashioned War" en "A Day Another Day" bevatten stukjes waarop het drumritme enigszins aan een mars doet denken. Niet echt nieuw want in de jaren tachtig had je bands als Big Country en The Alarm die dit ook vaak gebruikten. Een andere vergelijking is The Arcade Fire , maar die is ook al veelvuldig in andere recensies gemaakt. Geen opmerkelijke muziek dus, maar dit mini-album (acht songs in een kleine 32 minuten) is een aardig cd-tje. Trouwens ook de afbeelding op de verpakking van de cd had wel iets meer opvallend mogen zijn.
File Under: Modern Folk Song
File Video: [ Oh Solitude ]
Bob Dylan - Dylan
Hadden we nog geen Bob Dylan-verzamelaars? Briljant getiteld Dylan, heeft Columbia/Legacy een dikke veertig jaar werk op drie schijfjes geperst. Elk van die schijfjes vertegenwoordigt een periode uit 's mans schrijfdrift. CD 1 neemt de vijf jaar (1962-1967) van zijn debuut tot John Wesley Harding (dat zijn dus wel acht platen, plus een verzamel-lp). De tweede CD loopt van The Basement Tapes (de opnames stammen uit 1967 en inderdaad, de release uit 1975) tot aan Empire Burlesque (1967-1985). CD 3 neemt de periode 1985 tot en met 2006 (Knocked Out Loaded tot Modern Times). Op de grote hits na - die staan er allemaal op - zal de grootste discussie dus gaan om de persoonlijke favorieten (waarom godverdegodver maar twee liedjes van zijn beste plaat Time Out Of Mind?) en over de twee waterscheidingen. Het eerste is niet zo interessant, het tweede wel. Want het geeft duidelijk aan dat in de eerste vijf jaar van zijn loopbaan, Bob Dylan vier keer zoveel belangrijke liedjes schreef cq uitbracht als in de twintig jaar daarna. En dat de twintig jaar daaropvolgend zeker zo belangrijk zijn als de twee decennia daarvoor. Nou vergeet het maar: wat Dylan op zijn laatste drie platen gemaakt heeft, ruil ik met graagte in voor alles wat hij in de periode 1970-1985 gemaakt heeft (met uitzondering uiteraard van Blood on the Tracks, Desire en Street Legal). Afijn, met iemand van zijn postuur valt er niet te kiezen en is zelfs een keuze van 51 liedjes uit ongeveer evenveel platen onmogelijk. De prijs van twee tientjes voor de box zou wel een goed argument voor de aanschaf kunnen zijn. Voor wie dat teveel is: er is ook een versie van één enkele CD uitgebracht. Maar ook een deluxe boxset met een ultra-deluxe verpakking.
En oh ja, ergens begin jaren zeventig was er ook al een plaat van Bob Dylan met de titel Dylan. Maar zonder Dylan-liedjes.
File: Bob Dylan - DylanFile Under: Dylan
Kid Down ticketactie
Weet u het nog? Voorjaar 2007. De zon schijnt al volop. De lange lome zomer ligt eindeloos voor ons, net als het festivalseizoen. Het hippe Zweedse bandje Kid Down brengt in die tijd zijn debuutplaat The Noble Art Of Irony uit. Een lekkere melodieuze mix van punkrock en emo. Het Nederlandse podiumdebuut maakte Kid Down eind mei tijdens Powerfest in de Amsterdamse Melkweg. Inmiddels is het oktober en lijkt het voorjaar verder weg dan ooit. Niet getreurd beste lezer! De vrolijke Scandinaviërs zijn terug.
Op 12 oktober speelt Kid Down in het voorprogramma van The Apers in De Groene Engel (Oss) Op 14 oktober spelen de jongens een headlineshow in Winston (Amsterdam). Niet alleen geeft File Under 2x2 kaarten weg voor dit optreden, twee gelukkige liefhebbers krijgen ook nog eens The Noble Art Of Irony op hun deurmat. Het enige wat je hoeft te doen is meedoen aan onze prijsvraag.
Electric Eel Shock - Transworld Ultra Rock
Transworld Ultra Rock, het had de titel van een Spinal Tap-album kunnen zijn, maar dat is het niet. Transworld Ultra Rock, zo heet de nieuwe cd van onze Japanse vrienden van Electric Eel Shock. Zijn deze Japanners dan ook een soort van grap? Nee, daar nemen ze hun muziek veel te serieus voor volgens mij. En op Transworld Utra Rock heeft de band zich ook wel degelijk verder ontwikkeld ten opzichte van voorgangers Go Europe en Beat Me. Alhoewel de invloeden nog steeds onmiskenbaar dezelfde zijn, hebben ze hun muziek meer een eigen smoel weten te geven dan op de voorgangers, waarop de alom bekende Japanse kopieertrekjes er af en toe wel heel erg duidelijk waren. De basis is en blijft heavy bluesrock met natuurlijk dat glimlachopwekkende Japanse accent aan hun Engelstalige teksten, maar ze gruizen wat dieper de stoner in op deze cd. Toch kunnen ze het bijvoorbeeld niet laten om in bijvoorbeeld "Joe" (het zal je niet verbazen met zo'n titel) nadrukkelijk te knipogen naar Jimi Hendrix en dat doen ze nog veelvuldig naar andere grootheren. Maar met al hun enthousiasme en inzet komen ze er wel mee weg. Opvallend (en absurd) is de cover van Mini Riperton's "Lovin' You", waarvan de heren een duet gemaakt hebben waarbij Furistic's Jolene Grunberg ze een handje helpt. Haar hoge ijsheldere stem is in mooi contrast met Akihito Morimoto's Japanse woestijngrom. Het tovert bij in ieder geval achter een vette glimlach op mijn gezicht na veertig minuten komische - maar weldegelijk meer dan goed te pruimen, vergis je niet! - Jappen-bluesrock.
File Under: From Japan with Bluesrock
Prong - Power Of The Damager
Ik heb altijd een beetje medelijden gehad met Tommy Victor. Begin jaren 90 leek namelijk alles erop dat zijn band Prong een hele grote zou gaan worden. En eventjes, zo ergens in 1994, was dat misschien ook wel het geval. Dat was het jaar dat hun meesterwerk Cleansing de band in de voorhoede van de alternatieve metal schopte, resulterend in een optreden als een van de headliners van het Dynamo Open Air Festival in 1994 (those were the days). Met hun hoekige, afgemeten groove-riffs, gortdroge drumsound en flinke New Wave-inslag (hallo Killing Joke) was Prong een unieke band, en een van de natuurlijke voorlopers van wat later zou evolueren tot Nu-Metal. Vanaf 1996 begon helaas de klad erin te komen en niet lang daarna lag de band uitelkaar, zodat rifftalent Victor zich mocht zien te redden als begeleider van onder meer Danzig en Ministry. Een paar jaar terug is Prong echter overnieuw begonnen, met alleen Victor als overgebleven oerlid. Met dit Power Of The Damager zijn we alweer aan de tweede plaat toe sinds de wederopstanding, en voert Prong wederom haar kunstje competent uit. Een tikje lomper als op de mid jaren 90 platen, zeg maar meer richting de proto-thrashcore van hun vroegere platen zoals Beg To Differ. De songs hakken en grooven lekker voort en bevatten een paar fijne riffs en breaks, en ook de voor Prong zo kenmerkende non-zang is weer helemaal als vanouds. Met deze plaat zal Prong geen grote revolutie meer ontketenen maar oude fans mogen dit best wel eventjes checken, want hij is zeker de moeite waard.
File Under: Weer helemaal als vanouds
File Audio: [Prongspace]
The Citadel - Brothers of Grief
Het digipack ziet er gelikt uit, maar bij de eerste klanken van Brothers Of Grief van de Zweden van The Citadel betrekt mijn gezicht. Die zang! Erg gedragen en theatraal - erg theatraal - en met een nadrukkelijke snik erin. Een snik in metalzang? Is die Jonas Radehorn niet goed eh... ? Naja, ik ben benieuwd of dit nog gaat bijtrekken. Muzikaal is het evenzeer gedragen en theatraal - zij het iets teveel in hetzelfde tempo. Die muziek is lastig te plaatsen. Progmetal? Gothic metal? Powermetal? Vikingmetal? Van alles een beetje, geloof ik. Het is te prog voor vikingmetal, de refreinen te veel halve marsliederen voor powermetal, de sfeer te klassiek voor prog. De productie lijkt gedaan te zijn door iemand die verder alleen Eurometal produceert. Stevig ingemixte maar verder brave gitaren, hier en daar wat veel echo. Je ziet ze bij wijze van spreken al met de lange manen zwaaien in een voorspelbaar clipje op pakweg MTV. De zang trekt overigens niet bij. Tot het laatste nummer blijf ik de kriebels krijgen van die stem. Aangezien de songs wel volkomen rond Radehorn's zang draaien is dat voor mij bepaald geen pluspunt. Daarnaast is het geheel me toch wat te klinisch. Je ziet ze als het ware inhouden voor een nette opname in de studio, en da's jammer. Geen hoogvlieger, maar wie tegen die stem kan heeft er een aardig album aan. Maar ook niet meer dan dat.
File Under: Best te pruimen, maar die stem hè, die stem...
File Audio: [CitadelSpace]
Eddie Vedder - Into The Wild (Music For The Motion Picture)
Een klein jaar geleden speelde Eddie Vedder met zijn band Pearl Jam zo ongeveer in onze achtertuin. Uiteraard zijn we wezen kijken, de livereputatie bleek te kloppen. Toch ben ik bij het kopen van Pearl Jam -albums afgehaakt, ondanks dat ze nooit een echt slecht album afleverden. De muziek is het toch wel wat voorspelbaar aan het worden en ik heb de indruk dat met name de grootte van de band (vijf leden) muzikale beperkingen oplegt door iedereen verplicht een rol te geven. Vedder bracht wel solomateriaal uit, maar tot een volledig solo-album kwam het nooit. Sean Penn vroeg Vedder echter om de soundtrack voor de film Into The Wild te maken, en zie daar is het eerste Vedder solo-album met de verrassende titel Into The Wild. De stem blijft uiteraard uit duizenden herkenbaar, maar het is geen herhaling van Pearl Jam-zetten. Uiteraard wordt er nog gerockt ("Far Behind"), ingehouden gerockt ("Setting Forth"), maar Vedder slaat vooral nieuwe singer-songwriter- en folkwegen in. Hier valt met name op dat de begeleiding ongewoon is voor Vedder's doen. Er is een banjo in "No Ceiling", een ukelele in "Rise" en een orgel in "The Wolf". Verder wordt de (semi-)akoestische gitaar van stal gehaald. Vedders stem laat je als het ware onder prachtige muzikale begeleiding door de lucht zweven. De film zelf, gebaseerd op een waargebeurd verhaal, gaat over een man (Christopher McCandless) die alles opgeeft om door Alaska te gaan zwerven. Het lijkt me de perfecte soundtrack. Noemenswaardig zijn twee bijzondere covers: de Canadees Gordon Peterson wordt in "Hard Sun" (tevens de eerste single van dit album) geëerd en de Amerikaan Jerry Hannan in "Society" waar Hannan zelf de achtergrondzang verzorgt. Met Into The Wild maakt Vedder indruk. De lengte van de cd met 33 minuten is echter wel wat aan de korte kant en de stilte in de afsluiter "Guaranteed" wat flauw, maar Vedder niets dan lof. De Europese filmrelease is waarschijnlijk half november.
File Under: Indrukwekkende solo-albums
File Audio: [Into The Wild @ MySpace]
File Video: [Hard Sun][Film Trailer]
Southside Johnny & The Asbury Jukes
Club of High Eyebrows - Older Now
Sinds mijn eerste kennismaking met Urban Dance Squad heb ik een zwak voor Rudeboy. Dat wil niet zeggen dat ik alles wat hij doet als zoete koek slik. Het reünieconcert van Urban Dance Squad vorig jaar op Lowlands vond ik bijvoorbeeld een forse tegenvaller. Rudeboy zal dat zelf vast anders zien. Zo is hij nu eenmaal. Een man met altijd een eigen mening. Niet gemakkelijk om mee in een band te zitten. Daardoor komen lang niet als zijn projecten echt tot bloei. Gelukkig lijkt op dit moment alles koek en ei bij zijn nieuwe band Club of High Eyebrows waarin naast Rudeboy's trouwe metgezel Michael Barkey (bas) ook Niels Tusenius (Keith Caputo) en Jochem van Rooijen (missAntarctica) zitten. En zowaar, er is een cd: Older Now. Een verrassend sterke cd bovendien. Rudeboy laat horen dat hij vele meer kan dan het bommetje zijn dat hij bij UDS was. Zo haalt hij voor Older Now zijn invloeden vooral uit de indiescene. Het gitaargeluid van CoHE doet her en der denken aan Pavement en Sonic Youth. Daar voegt de band gedoseerd wat bombast bij. En natuurlijk de kenmerkende stem van Rudeboy. Hij zingt op Older Now beter dan ooit tevoren en heeft in de (persoonlijke) teksten zijn hele ziel en zaligheid gestopt. Hierdoor wordt het onmiskenbaar een Rudeboy-product, maar je hoort vooral ook dat het CoHE een hechte band is. Een band waarvan ik hoop deze een langer leven gegund is dan projecten die Rudeboy de afgelopen jaren gedaan heeft.
File Under: Old soldiers never die
File Audio: [ MySpace]
Willard Grant Conspiracy
Mozkovitch / Mos Generator
Ik zat nog volop te genieten van de debuut-cd van Mozkovitch toen ik zo ongeveer van mijn stoel viel van verbazing. Bij het bekijken van hun website bleken de zes heren namelijk piepjong. Vier van de zes zijn zeventien jaar oud, alleen gitarist Erik Wallberg en zanger Arvid Jonsson zijn een stuk ouder: achttien... Normaal gesproken spelen dergelijke bandjes flauwe puberpop, waarbij het uiterlijk belangrijker is dan de vaardigheden. Zo niet Mozkovitch. Bij hen zal hun leeftijd juist tegen hen werken, want ze spelen retrorock met de nodige stonerinvloeden. Maar werkelijk, je hoort het geen moment aan de muziek. Had er in de bio gestaan dat ze rond de veertig waren en al in tal van gerenommeerde bands hadden gespeeld, dan had ik het zo overgenomen. Luister alleen al naar zanger Arvid Jonsson: zijn licht hese stem doet aan Eddie Vedder denken en niet aan Jantje Smit of Tomas Berge. Na Wolfmother en The Answer hebben we hier weer zo'n bandje dat voornamelijk naar de muziek uit pappa's platenkast heeft geluisterd. Maar net als die twee anderen zijn ze erin geslaagd het gevoel van die platen over te brengen zonder er al te nadrukkelijk van te lenen. Vergeet die leeftijden, vergeet die jonge koppies op de website, dit is het echte werk!
Een wat bekendere naam in hetzelfde genre is die van het Canadese Mos Generator. Vorig jaar was ik al zeer te spreken over The Late Great Planet Earth en dat is voor Songs for Future Gods niet anders. Ze gaan er voor hun doen behoorlijk up-tempo vandoor in "Silver Olympus". Maar al snel blijkt het een logisch vervolg op voorganger The Late Great Planet Earth: de basis is stonerrrock, maar dan in goed opgebouwde compacte songs gegoten. Dat leidt soms zelfs tot songs met een bijna Queens Of The Stone Age-achtige hitgevoeligheid ("Yes My Lord"). Dat ze uit de hoek van de lange jams komen, laten ze op de valreep horen in de bijna veertien minuten durende hidden track "You Feel It Until You Can't Feel Anything At All". Dat is een mooie bonus voor de liefhebber, maar met de voorgaande tien tracks heb je hoe dan ook al veel smakelijks gehoord. Deze band verdient meer dan de status "goed maar obscuur".
File Under: Zeer volwassen debuut
File Audio: [MozkovitchSpace]
File Video: [Overdose Roll]
File Under: Mos Generator - Songs For Future Gods
File Under: Dat obscure mag er van mij af
File Audio: [GeneratorSpace]
Stephen Emmer - Recitement
Je hebt soms van die componisten die je dagelijks hoort, maar waarvan je absoluut niet weet wie het is. Stephen Emmer is er zo een. Iedere zeven minuten is er een compositie van hem op de Nederlandse TV te horen, o.a. de tunes van diverse RTL-programma's en nieuwsprogramma's. Maar Emmer was in de jaren tachtig druk in diverse bandjes in de popmuziek en wilde na jaren van opdrachten toch nog eens kijken of hij nog "echte" muziek kon maken. Dat resulteerde in Recitement, een project waarin Emmer ervoor koos om diverse voorgedragen gedichten op muziek te zetten. De eerste vraag is dan meteen; werkt het? Het antwoord is ja en nee. Daar waar Emmer koos voor erkende vertellers (Reed, Burton), daar ontstaan prachtige nummers. Maar daar de wat mindere vertellers aan bod komen dan wordt meteen het makke van het album naar voren: de muziek is te gladjes, te electronisch, te druk. Teveel soundtrack, teveel begeleiding. En daar waar de muziek eindelijk spannend wordt valt de voordracht weer tegen (Sacha de Boer kan niet loskomen van haar journaaldictie). Niet dat Recitement daarmee een slechte plaat is, het is heerlijke zondagochtendvoer, maar gedurende de plaat krijg ik het idee dat er meer ingezeten heeft. Als Emmer het lukt om de juiste vertellers/gedichten met de juiste muziek te combineren dan heeft hij goud in handen. Nu is het slechts een bronzen combinatie met hier en daar een gouden randje.
File Under: Het idee is goed...
Ramsay Midwood & Friends
Luke Doucet, NQ Arbuckle, Justin Rutledge
Alchemist - Tripsis
Australië, Down Under, het land van kangoeroes, koala's, aboriginals, boemerangs en uitgestrekte woestijnen. En qua muziek? De bekenden zijn natuurlijk artiesten als Kylie Minogue en Natalie Imbruglia, en bands als Silverchair en Midnight Oil en het overal herkenbare didgeridoo geluid. Het maakt mij blij dat er ook bands die wel van een beetje gitaren houden, zoals AC/DC. Daarnaast schijnen er, gelukkig, ook bands te zijn die gewoon van een partijtje behoorlijk stevige metal houden. Alchemist is er daar een van. Hun zevende album komt binnenkort uit en draagt de titel Tripsis. Zij combineren verschillende stijlen metal met elkaar, wat een mix ergens tussen met name prog- en deathmetal als eindresultaat heeft. Denk qua stijl maar iets dat in het midden ligt van bands als Strapping Young Lad, Soilwork, Gorefest en Riverside. Door de diverse invloeden uit andere genres, zoals ook industrial, weten deze heren prima een eigen stijl neer te zetten. Welke vooral snel is als een dingo, wild als de Tasmaanse duivel en ruig als de outbacks. De 43 minuten die het, negen tracks tellende, schijfje duurt vliegen voorbij. Al met al al een heel goed album.
File Under: Down under? Down on the upside!
Mofos - Six Pack Performance
Zoals er mensen zijn die het evangelie verspreiden, zo heb ik dat soms met bepaalde muziek. Dit stukje is bedoeld voor muziekliefhebbers met ballen in Nijmegen, Leiden, Amsterdam, Tilburg, Eindhoven, Gemert, Kortrijk, Luik en Antwerpen. Het Amerikaanse Mofos is namelijk deze week in de Nederlandse en de week erop o.a. in de Belgische steden te aanschouwen. Ik tart even de wetten des File Unders door een stukje te schrijven over een cd die al in 2006 uitgebracht is, maar hier geen distributiekanaal had en dus alleen via import te krijgen was, Six Pack Performance. Toevallig was deze week de Nacht van de Popmuziek op Nederland 3 waar Leo Blokhuis aangaf dat virtuoze gitaarsolo's al zo'n tien jaar taboe waren, maar dat er ook een tegenbeweging lijkt te ontstaan. Hij noemde hierbij de band Wolfmother. Het trio Mofos is geen Wolfmother, alleen al door het ontbreken van de zang, maar weet met de basis gitaar, bas en drums de aloude surfmuziek van opponenten als Dick Dale en wijlen Link Wray weer nieuw leven in te blazen. Ze weten echter prima muzikale geschiedenis als die van bands à la Led Zeppelin in hun liedjes te verweven, zoals ook Wolfmother dat doet. Op deze cd gooien ze er ook twaalf nummers met een lengte van iets van vijfendertig minuten (exclusief een stilte in "Lemmy Goes To The Ranch") de beuk erin. Six Pack Performance schafte ik aan samen met hun debuutalbum na een live-optreden aan het begin van hun tweede Europese tour. Mocht je de gelegenheid hebben, ga dan zeker even kijken: dit is muziek met ballen waar ik goede zin van krijg en vergeet dan vooral de cd's in de merchandisestand niet.
File Under: De tegenbeweging
File Audio: [ MySpace][5x mp3 op hun website]
Bruce Springsteen - Magic
Het feit dat Bruce Springsteen de E Street Band voor het eerst in vijf jaar op laat draven voor zijn nieuwe cd Magic wil nog niet zeggen dat Magic automatisch ook een vrolijke, opbeurende plaat is geworden. Het tegendeel is eerder waar. Hoe meer ik de plaat draai, des te treuriger ik hem vind worden. En dan heb ik het niet over de kwaliteit van de liedjes, want hoe vaker ik Magic draai des te beter wordt 'ie ook. Het zit onderhuids, in de sfeer die Magic met zich meedraagt. Ondanks dat er flink gerockt wordt door The Boss en zijn kornuiten en een groot deel van de nummers behoorlijk energiek is, gaat er voor mijn gevoel maar weinig hoop vanuit en overheerst melancholie en ergernis. De oorzaak hiervan ligt grotendeels in de (oorlogs)politiek van de huidige president George W. Bush. 'Who'll be the last to die for a mistake', zingt Bruce in "Last to Die" en het laat zich eenvoudig raden waar dat over gaat. Ook in andere nummers echoot de afkeer van Springsteen voor de situatie waarin Amerika zich op dit moment bevindt. Dus mijmert hij over vroeger en hoe moeilijk het zal worden om de boel weer op de rails te krijgen (in "Long Walk Home"). Mooi is de vertelling over de thuiskomst van de oorlogsveteraan in "Gypsy Biker". Weer geen vrolijke vertelling, want ook deze biker kwam thuis in een grafkist. Het is Bruce op zijn best, maar ook op zijn treurigst.
File Under: Nog immer The Boss
Rooney - Calling The World
Oké. NOU HEB IK ER GENOEG VAN! Dat is al de zoveelste keer dat een prima pop-cd compleet verpest wordt door een te luide mastering, wat een heel vlak geluid oplevert. Meestal durf ik zoiets niet luidkeels te roepen, om diverse redenen. Ten eerste omdat ik het op File Under liever over beleving en muziek heb dan over details in de vorm. Daarom heb ik op deze weblog ook nooit gezeurd over cd's die een copy control-beveiliging hadden (elders overigens veelvuldig). Ten tweede ben ik helemaal niet zo'n geluidskenner: ik weet nooit helemaal zeker of je het nou écht kunt horen aan een cd als-ie te luid is en er dus weinig dynamiek in zit - aan de laatste Foo Fighters-single "The Pretender" hoor ik het bijvoorbeeld niet, terwijl m'n audio-editor het toch overduidelijk aangeeft. Bij sommige cd's, zoals die van Goose of The Twang, merk ik het bovendien vaak zelfs pas maanden na dato. Hoe dan ook, het blijft een vervelende, steeds regelmatiger terugkerende ontdekking: hee, dáárom klinkt die cd dus zo vlak... Zo'n slechte geluidsmix doet domweg af aan de eeuwigheidswaarde van een album. Zo ook aan dat van het vijftal Rooney uit Los Angeles. Het is een onbezorgde, catchy popplaat, met een nog iets commerciëlere insteek dan The Feeling en grote portretfoto's in de inlay. Niet voor niets is de eerste top 40-hit al binnen ("When Did Your Heart Go Missing"). Platgebaande paden, leuke refreintjes en slappe teksten all over the place. Ik vraag uw aandacht voor twee overgeproduceerde standaardballads. Zoek de verschillen: "Tell Me Soon", met een piano en een heel leger violen. Alle instrumenten klinken echter even hard. Eindresultaat: alsof het in mono is opgenomen. WAARDELOOS! Dan: "Help Me Find My Way", zonder piano en gek genoeg ook veel zachter opgenomen, en... prachtig!
File Under: STOP THE LOUDNESS WAR!!!
File Audio: [MyRuis]
File Video: [When Did Your Heart Go Missing]
Kill The Young - Proud Sponsors of Boredom
Zou het vanwege de voetbalvedette Eric Cantona zijn dat de gebroeders Gorman, geboren onder de rook van Manchester, met hun bandje Kill The Young ooit bij een Frans platenlabel terecht gekomen zijn? De dynamische powerrock klinkt in ieder geval niet puur Brits, er is uit diverse Westerse windrichtingen geplukt. Na de gevoelige pianoklanken van "All By Myself (part1)" marcheert de rest van dit tweede album binnen, te beginnen met het naar The Fratellis neigende "Saturday Soldiers". "She's got it all" klinkt dan een stuk origineler, maar zou bij nader inzien eigenlijk ook zo van Hell Is For Heroes kunnen te zijn. Het live-gevoel dat "We Are The Birds..." meegekregen heeft draagt zeker positief bij tot deze vrolijk voorthuppelende track. Het is moeilijk om niet mee te deinen en mee te fluiten. Bovendien blijft dit deuntje na het een paar keer gehoord te hebben in je hoofd hangen. Kill The Young rockt bij vlagen wel lekker, zoals het tweede deel van "Miss-education" en "Travesty". Maar in een ballad als "The Television Show" is de confrontatie met de trilstem van zanger wel heel erg groot en eenmaal bij het refrein trek ik het niet meer: skippen! In "When The Sun Dies" is misschien onbewust een dappere poging gedaan om iets met de zanglijn van "War Pigs" te doen. Het klinkt verder klinkt allemaal ook erg als pak 'm beet We Are Scientists en Placebo. Echt iets eigens heeft het niet, da's misschien de makke. Afsluitende track "All By Myself (part 2)" bevat trouwens wel een super mooi stuk en dan bedoel ik niet die 15 minuten durende feedback.
File Under: Alternative nineties
File Audio: [ MySpace]
Kula Shaker - Strangefolk
Meteen vanaf de eerste maten van opener "Out of the Highway" is het duidelijk: Kula Shaker is terug en niet echt weggeweest. Een kleine decennium geleden viel de band uiteen in het beginstadium van wat Strangefolk zou moeten worden, hun derde album. Nu, al enige tijd gereïncarneerd en al enkele korte tourneetjes achter de rug is dit album uiteindelijk gematerialiseerd. De uit duizend-en-één te herkennen Kula Shaker-sound blijkt bijkans volledig behouden. Het milde stem- en gitaargeluid van Crispian Mills, de pompende bas en achtergrondvocalen van Alonza Bevan klinken als vanouds tegen de achtergrond van Paul Winter-Harts opzwepende drumpartijen. Mooi zijn het mystieke "Ol' Jack Tar" en het zoete "Fool that I am"; "Super CB operator" rockt als tevoren. Toch is er een aantal voelbare accentverschuivingen. Nieuwkomer Harry B. Broadbent (Jay Darlington verkoos de voortzetting van zijn sessiemuzikantenbestaan als toetsenist van Oasis) laat zijn Hammondorgel hier en daar wel erg hard de seventies in gieren. Zijn introductie in de videoclip van de eerste single "Second Sight" getuigt dan wel weer van enige moed: met ontbloot bovenlijf trekt hij ten strijde tegen een figuur in konijnenpak. De ironische insteek heeft ietwat de overhand op Strangefolk - culminerend in de protestsong "I'm a dic, I'm a dic, dictator of the free world". Dit soort flauwiteit gaat helaas ten koste van de oosterse invloeden die zich beperken tot het sterke "Song of love/Narayana" (het laatste deel van dit nummer verscheen in '97 al op het Prodigy-album The fat of the land), een spraakgebrekkig verteld sprookje ("Strangefolk") en een verdwaald sitartje op "Hurricane season". Een reïncarnatie naar een verhoogde staat van klankvoordracht is Strangefolk niet, maar Kula Shaker keert zeker niet terug als wormvormig aanhangsel van haar korte doch imposante eerste manifestatie.
File Under: Kula Shaker reincarneert in Kula Shaker
Electroquickies #6
Zo. De zomer is weer voorbij, er komen opeens weer bakken interessante danceplaten uit en dus is het hoog tijd om op deze plek wat gemiste hypes op te pikken. Boys Noize, oftewel Alex Ridha ('Kid Alex'), stond deze zomer op 5 Days Off, maar niet op Lowlands. De Duitser maakt bovenstebeste houthakkerselectro in de new daft-traditie en is (net als SebastiAn uit Frankrijk) herkenbaar aan zijn stotterende, ruwe kettingzaaggeluid. Ridha is al een paar jaar bezig en sluit met dit kolkende debuutalbum zonder in- of outro keurig aan op de verwachtingen en de tijdgeest. Veel meer dan Justice is het een smerige beukplaat, met single "& Down" als waardige monstertrack.
Bij gebrek aan een echte zomerhit was "Acceptable in the 80s" de leukste cultgimmick van deze zomer. Maar hoe is het verder met Calvin Harris' debuutplaat? Nou ja, vooral geinig, kazig en erg fout. Soulwax had gewild dat ze "This Is The Industry" gemaakt hadden, maar daar staat tegenover dat I Created Disco verder de muzikale diepgang heeft van een breinaald.
Ik voelde me bekocht met de Idealistic EP van Digitalism op cd. Betaal je als fan 7 euro voor een importding en dan blijkt het opeens een 'part 1 of a 2-cd set' te zijn, terwijl niemand iets weet over een CD2. Volgens de tracklisting op CD1 heb ik de helft van CD2 bovendien al, op de Twelve Inches EP. Ja, bekijk het! Voortaan maar weer downloaden. Heb je tenminste ook meteen de Hystereo-remix. De remix van Atrak en de 're-interpretation' van WhoMadeWho mogen er niettemin zijn. Vooral die laatste, waarbij Idealistic opeens een kampvuurliedje wordt met Thom Yorke-achtige samenzang erbij.
File Under: Bomen zagen is feest
File Audio: [ MySpace
File Video: [& Down]
File Interview: [Boys Noize denkt net zo over minimal als ik]
File: Calvin Harris - I Created Disco
File Under: Lang te bewaren, maar na consumptie beperkt houdbaar
File Video: [Acceptable in the 80s(live)][The Girls][The Boys (mashup met Dragonette)] [Merrymaking at my place]
File Audio: [Vegas]
File: Digitalism - Idealistic EP CD1
File Under: Losse dance-EP's op cd kopen is zonde van je geld
VA - Respect Yourself, The Stax Records Story / Stax Volt Revue, live in Norway 1967
De cd World In Sound Tracks Episode 1 maakte dat ik de afgelopen weken een oude box van de Stax-huisband Booker T. & The MGs herontdekt heb in mijn platenkast. De dubbel-dvd Respect Yourself, The Stax Records Story / Stax Volt Revue, live in Norway 1967 die ik in mijn handen kreeg, kwam dan ook als geroepen. Respect Yourself, The Stax Records Story is, zoals je gezien de titel al wel zult verwachten, een documentaire over de opkomst (Jim Stewart in 1957), de tegenslagen (de dood van Otis Redding in 1967 en Marter Luther King in 1968), de grote doorstart (met o.a. een concert waar 20% van de zwarte bevolking van Memphis aanwezig was), de neergang (eindigend in een faillissement in 1976) en wat er nu nog van Stax Records over is. Stax was een geweldig label uit Memphis ("Motown was Sweet, Stax had the Funk") met grootheden als Otis Redding, Isaac Hayes, Sam & Dave, Eddie Floyd en The Staple Singers. Oorspronkelijk was het label een bewijs dat zwart en wit in het Amerika van toen prima samen konden leven, maar de dood van Marther Luther King maakte veel kapot. Het was echter wel een label waar geld geen vies woord was en eerst via een distributiedeal met Atlantic en later via CBS (de ondergang) de wereld over ging. Toch blijkt uit alles in de documentaire dat de soul(funk)muziek voorop stond. De documentaire is erg boeiend, en maakt me bij de beelden van Otis Redding Op Monterey bijna aan het huilen. Wat was hij een geweldige vertolker. De tweede dvd bevat opnames van Stax Volt Revue, opgenomen op 7 april 1967 in Oslo, Noorwegen. Het bevat opnames van Booker T. & the MGs die aangevuld met blazers de Mar-Keys vormden. Zij begeleidden Arthur Conley, Eddie Floyd , Sam & Dave en Otis Redding (vlak voor zijn dood). Helaas zijn de opnames niet compleet, maar het is materiaal met muzikanten in topvorm en met nog niet eerder uitgebracht materiaal zeer de moeite waard. Erg interessant zijn ook de extra toegevoegde commentaren van muzikanten die erbij waren, Steve Cropper en Wayne Jackson. Zij praatten vol respect over alles rond dit concert. Ik doe dit over deze release: verplichte kost voor de soulliefhebber.
File Under: Respect
File Video: [Een opwarmertje]
Black Cloud Halo - Born Under A Bad Sign
Na jaren van ploeteren is het debuutalbum van Black Cloud Halo een feit. De hardcore-formatie uit Dordrecht klinkt op Born Under A Bad Sign lekker vertrouwd. Pretenties zijn de band vreemd, er wordt gewoon dertien nummer lang gerockt. Origineel is het allemaal niet, maar wie maalt daar nou om als er sterke songs als 'Scarred' en 'Jaded Fast' voorbij komen? Af en toe durft Black Cloud Halo gas terug te nemen. Op 'Leave So I Can Stay' bijvoorbeeld waar ineens een akoestisch tussenstuk voorbij komt. Gelukkig beuken de mannen daarna weer keihard door. Als je Born Under A Bad Sign betiteld als 'solide hardcore' doe je de band overigens te kort. Black Cloud Halo weet hier en daar net die nuances aan te brengen om de plaat naar een hoger plan te brengen. In een nummer als 'Dressed In Black' bijvoorbeeld wordt de hardcore vermengd met hardcock die leunt op de sound van klassieke bands als AC/DC en Guns 'N Roses. Solo's zijn Black Cloud Halo sowieso niet vreemd. Voor de luisteraar is dat een mooi moment om even op adem te komen, voor de band een teken om daarna weer genadeloos door te beuken. Born Under A Bad Sign is een geslaagd hardcore-album, eens kijken of de band zijn sound in de toekomst naar een nog hoger niveau kan tillen. Dit smaakt wel naar meer.
File Under: Lekkere hardcore uit eigen land
File Audio: [ MySpace]
Disavowed - Stagnated Existence
Ik krijg de laatste tijd nogal eens naar mijn hoofd geslingerd dat ik op Frans Bauer lijk. Tsja, wat doe je er aan? Misschien toch maar eens aan de onafwendbare kale knikker gaan denken. Het zal u ongetwijfeld een worst wezen en u vraagt zich waarschijnlijk terecht af wat bovengenoemde volksheld in godsnaam in een recensie van Disavowed doet. Na even zoeken heb ik toch een aanknopingspunt gevonden. Zowel Disavowed als de vertolker van het zorgeloze levenslied komen oorspronkelijk uit Brabant. Vraag me niet wanneer het bij Fransie dan fout is gegaan, want zelfs als hij heel erg zijn best zou doen, zou hij nog geen minuutje brute metal kunnen reproduceren. Over talent gesproken... De heren van Brabants best bewaarde geheim hadden echter zelf ook de nodige problemen vanwege een langdurige polsblessure van de inmiddels vervangen drummer en daarom heeft het zo'n zes jaar geduurd voordat Stagnated Existence, de opvolger van Perceptive Deception het levenslicht zag. Nieuwe drummer Romain Goulon is evenwel een waardige vervanger en mede daarom zijn er ondanks het tijdsbestek weinig grote veranderingen in muzikaal opzicht. Nog steeds spelen de heren technisch hoogstaande deathmetal op Amerikaanse leest geschoeid en voegen daar die typische Nederlandse groove aan toe, welke we ook kennen van bands als Severe Torture en Pyaemia. Bovendien is er deze keer voor meer afwisseling gekozen en hebben de afzonderlijke nummers meer een eigen smoel meegekregen wat wel zo prettig wegluistert. Ik moet wel bekennen dat ik de grunt op het vorige album wat zieker vond en ook de productie een tikkie vetter, maar dat neemt niet weg dat deze doorzetters een geslaagde rentree maken.
File Under: Standje één dan maar
File Audio:[Disavowed]
Flip Kowlier - De Man van 31
Ik vermoed dat het oorspronkelijk de bedoeling van Flip Kowlier was zijn nieuwe cd De Man van 30 te noemen. Maar Flip is een druk bezet man en was niet in staat om nog voor zijn 31e deze cd in de schappen te krijgen. Komt goed uit, want een titel met een knipoog zoals De Man van 31 past hem beter. Sinds In De Fik (2004) zat Kowlier allesbehalve stil. Hij trouwde, schreef twee boeken, nam een plaat op met 't Hof van Commerce en singles met Michael Franti en Gabriel Rios ("What's this?") en de Ex-Drummer live band ("De Grotste Lul Van't Stad"). Die twee singles waren in België aardige hits, maar deden net als zijn albums in Nederland te weinig. Deze Izegemse ereburger verdient een veel beter lot. Want alhoewel hij geen grootse zanger is, is hij wel een zeer innemende. Dat komt niet alleen door zijn prachtige en vrijwel onverstaanbare taaltje. Nee, zijn liedjes zelf zijn van uitstekende kwaliteit. Een in de basis doodsimpel liedje zoals het mijmerende titelnummer ontroert in al zijn eenvoud. Maar Flip kan veel meer en geeft bijvoorbeeld met Gabriel Rios op gitaar een Caribisch tintje aan "El Mundo Kapotio", een instant meezinger. Ik hoop dat De Man van 31 hem in Nederland meer waardering brengt, maar vrees dat daarvoor eerst het Vlaamse Gewest geannexeerd zal moeten worden.
File Under: Izegemse held
File Video: [Donderdagnacht]
Joe Bonamassa - Sloe Gin
Bij Joe Bonamassa's vorige album You & Me was ik er niet helemaal zeker van of ik die nu beter vond dan voorganger Had To Cry Today. Nu, anderhalf jaar later, kan ik zeggen dat ik You & Me wel degelijk stukken beter vind. Op Sloe Gin trekt Bonamassa de lijn gelukkig door. Dat begint al bij de producer, Kevin Shirley. Hij was het die Bonamassa een stap verder hielp op You & Me en ook op dit album speelde hij een belangrijke rol. Hij kwam bijvoorbeeld aanzetten met de titelsong, geschreven door Bob Ezrin en Michael Kamen en eind jaren zeventig uitgevoerd door Tim Curry. Bonamassa meent overigens dat dit album weer een reuzenstap is ten opzichte van het vorige, maar dat ben ik niet met hem eens. Het is iets beter uitgebalanceerd en zijn zang is wat beter (luister maar eens naar Bad Company's' "Seagull") maar het is eerder een evolutie dan een revolutie. Muzikaal is Bonamassa met zijn laatste twee cd's op de bluesschaal wat van Stevie Ray Vaughan richting Eric Clapton geschoven. Zoals gebruikelijk bij Bonamassa is ongeveer de helft - deze keer iets minder - van eigen hand en bestaat de rest uit covers die Bonamassa moeiteloos naar zijn hand zet. Covers zijn naast "Seagull" en "Sloe Gin" bijvoorbeeld "Ball Peen Hammer" (Chris Whitley) en "One Of These Days" (Ten Years After). Opvallend is ook de (fraaie) terugkeer van "Around The Bend", een song van Had To Cry Today. De afwisseling tussen semi-akoestisch en electrisch rockend is nergens ongemakkelijk door de warme productie van Shirley. Het album is daarmee geschikt voor het grote publiek en voor liefhebbers van FM-achtige rock - Bonamassa's stem lijkt in mijn oren steeds meer op die van Steve Overland -, maar evenzeer voor bluesrockers en hardrockers. Het knappe is dat Bonamassa nergens de indruk wekt daarvoor ook maar één enkel compromis gesloten te hebben. Of ik deze cd beter vind dan You & Me? Met dat oordeel wacht ik deze keer nog maar even. In elk geval zet ik al m'n geld op Bonamassa als Grootste Bluesgitarist Van Z'n Generatie. In bluestermen is Bonamassa heel jong met z'n dertig jaar, maar z'n muziek is gerijpt en heeft karakter.
File Under: Bluesjongeling met de klasse en diepte van een veteraan
File Audio: [BonamassaSpace]
File Video: ["Sloe Gin" live op North Sea Jazz]
Oceansize - Frames
Het was mij niet opgevallen dat Oceansize bij hun vorige album de dingen simpeler hield en daardoor op meer airplay hoopte. Oké, op Everyone Into Position werd er minder gebeukt en geschreeuwd, maar van echt hapklare brokken was nog steeds geen sprake. Nu is daar de derde van deze Britten en gelukkig blijven ze doen waar ze goed in zijn: sfeervolle, opbouwende geluidscollages maken die dermate lang zijn dat van radiovriendelijkheid geen sprake is. Opener "Commemorative T-Shirt" begint met een melodielijn à la "Tubular bells" en pakt gelijk goed uit. Ik ben er in ieder geval meteen aan verknocht, ondanks dat de progressieve indie-muziek van Oceansize meestal meerdere luisterbeurten nodig heeft om te beklijven. Idem voor "Trail of Fire", wat een heerlijke gitaarlijnen zeg! De ritmes en structuren zijn weer van bijzondere klasse. Het lijkt wel of de drummer van Tool bij Mogwai is gaan drummen. Ook liefhebbers van Biffy Clyro kunnen hier hun vingers bij aflikken. "An Old Friend Of The Christies" lijkt zwaar geïnspireerd te zijn door "Private Investigations", maar levert toch een zeer fraaie instrumentale compositie op. Het album is echt een groeibriljant, bij elke luisterbeurt openen zich weer nieuwe luiken met de prachtigste melodieën. Je moet dus wel van de lange adem zijn en de tijd hebben om de tracks, die allemaal dik over de zes minuten gaan, op je in te laten werken. Maar dan heb je ook wat! De impact is mischien minder heftig dan bij debuut Effloresce', maar wederom levert Oceansize een puik stukje post-rock af.
File Under: Hogeschool-post-rock
File Audio: MySpace
Múm - Go Go Smear The Poison Ivy
Ik heb het hele oeuvre van deze IJslandse band in de kast staan, maar moet toegeven dat ik de albums niet bepaald vaak draai. Met name de laatste plaat Summer Make Good was eigenlijk een rommelig gedrocht, met teveel irritante vocalen van een hijgerig zangeresje. Ook nu zijn de zangpartijen weer ruimschoots vertegenwoordigd. Gelukkig bestaan ze vooral uit samenzang, die opgaat in de muziek, wat heel wat beter te verteren is. Afgezien hiervan zijn er vooral accent-verschillen te bespeuren. De beats lijken wat organischer rechtdoor te swingen en ook de baslijnen zijn nadrukkelijker aanwezig. Hierdoor kruipt de band richting het minder sprookjesachtige geluid van labelgenoot Mice Parade. Het lijkt alsof het geluid stedelijker is geworden, is geglobaliseerd. Hierbij past ook het geluid van spelende kinderen, te horen in de fragmentarische single "They Made Frogs Smoke 'Til They Exploded". In mijn fantasie komen ze uit Afrika. Het probleem met Múm laat zich echter nog altijd eenvoudig omschrijven: de groep is opgeschoven van elektronica richting vocaalgeoriënteerd werk, zonder dat ze nu werkelijk echt goede liedjes schrijven. Maar, zie daar de vooruitgang op deze plaat. Het lukt ze een keer, al is dat dan in een tweelingtrack. "Moon Pulls" bevat een mooie zoekende pianomelodie en ook de mannelijke vocalen hebben meer weg van een indiepopband. Dit nummer fungeert als intro voor "Marmelade Fires", waar een refrein met een wagonlading instrumenten (harp, blazers) wordt uitgebouwd, totdat alles wegvalt en enkel nog een kwetterend bliepje en een The Books-achtige strijkerpartij zijn te horen. Zeer fraai en als de strijkers glissando zuchten moest ik de eerste luisterbeurt zelfs grinniken. Even geinig is het toepasselijk getitelde "Schoolsong Misfortune": 'nananananaaana!'
File Under: Ze kunnen het nog
File Audio: [Múm-Space]
Lisa Gerrard - Sanctuary
Met gemengde gevoelens schoof ik Sanctuary, de dvd over Lisa Gerrard in de dvd-speler. Ik had eigenlijk geen idee wat ik moest verwachten (jaja, ik had het bijgeleverde papier kunnen lezen, ik weet het), maar wist wel dat ik niet bepaald op een registratie van een concert zat te wachten. Na de bizarre vertoning die ik zag in het World Forum Convention Center eerder dit jaar hoefde ik namelijk even geen Lisa Gerrard live meer te zien. Niet zozeer omdat ze slecht zong, maar haar hautaine afstandelijke houding, in combinatie met de blinde adoratie door haar podiumgezelschap en een deel van de zaal vond ik geen fijne ervaring. Gelukkig is Sanctuary alles behalve een concertregistratie. Het is een uitgebreid portret van de in Australië geboren zangeres. Regisseur Clive Collier beschrijft hierin de periode vanaf haar jeugd tot aan ongeveer 2005. Hij laat niet alleen de zangeres zelf veel aan het woord, maar toont ook beelden van mensen die met haar samengewerkt hebben. Natuurlijk haar voormalige partner in Dead Can Dance Brendan Perry, maar zijn bijdrage is wel heel summier. Daarnaast doen haar ouders en bijvoorbeeld de regisseurs aan wiens films Gerrard muziek leverde hun verhaal. Lang niet alles wat er verteld wordt is lovend en dat verbaast me wel een beetje: vooringenomen als ik was verwachtte ik een en al rozengeur en maneschijn. Ik word wel bevestigd in mijn beeld dat Gerrard behalve geen makkelijk persoon om mee samen te leven, ook geen mens is dat zichzelf het leven gemakkelijk maakt. Maar ook iemand die meer dan een tikje naïef is en vooral een onvoorwaardelijke liefde voor haar muziek heeft. En die muziek solo of met Dead Can Dance is nog steeds prachtig.
File Under: Intrigerend portret van een intrigerende vrouw.
Allan Muller - Resting My Case
Via deze weg bied ik onze Belgische lezers mijn oprechte excuses aan. Ik had namelijk geen idee wie Allan Muller was, zelfs niet dat hij een Belg is. Sorry, sorry, sorry. Ik verwachtte al wel dat hij waarschijnlijk in één of andere bekende band gezeten had, maar ook dat hij nu een rockalbum vol met ballades uitgebracht had. Als ik de cd Resting My Case draai dan komt zijn stem me inderdaad bekend voor. Allan Muller zat in Metal Molly, de band die zelfs in Nederland terecht aanzien had. Als ik lees dat hij ook in de band Satellite City zat, dan kan ik slechts melden dat ik deze band, en mogelijk Nederland met mij, slechts van naam ken. Dit album is gelukkig geen album vol ballades, maar een goudeerlijke gitaarpopplaat. Muller heeft de nodige en veelal bekende gastmusici ingeschakeld waaronder Pascal Deweze van o.a. Sukilove (ook ex-Metal Molly). Resting My Case klinkt hierdoor niet als een solo-album, maar alsof er een strakke band staat te spelen. Muller maakt dus gitaarpop die liefhebbers van Johan eens zouden moeten beluisteren. Ik wil nog wel wat namen noemen: Jason Falkner, Elvis Costello en de onvermijdelijke The Beatles. Hier en daar is er een snik, maar het is vooral de melodie die mij snel mee laat zingen en neuriën. Mocht je naar de alternatieve Belgische stations luisteren dan heb je "It is good for you" vorig jaar al voorbij horen komen. En zo zijn er nog veel single-kandidaten op dit album dat een lekker in het gehoor liggende gitaarpopplaat is, maar waar ik Metal Molly toch net wat spannender vond.
File Under: Belgenpop
File Audio: [ MySpace]
File Video: [Can't Stop Now]
Fall Of The Leafe - Aerolithe
De plaat Aerolithe van het Finse Fall Of The Leafe is al weer even geleden uitgebracht. Hoewel ik hem toch regelmatig opzette, was de belangrijkste reden voor mij om hem nog niet te recenseren de stem van de zanger. Bij de zangstem van Tuomas Tuominen krijg ik namelijk regelmatig negatieve associaties. Hij doet me helaas te vaak denken aan Dinand Woesthoff. Juist ja, de zanger van ons eigen Kane. Inclusief de nogal eens zeurderig en overdreven overkomende zang. Gelukkig zijn er ook nummers waar de zang wel beter uitkomt en minder irritant mijn oren plagen. Of zelfs weggelaten wordt, zoals op het mooie en sferische intro (maar dat is flauw aangezien dit vrij gemeengoed is bij metalbands). De zang wil dus nog wel eens afleiden van anderzijds prima te pruimen muziek. De muziek valt enigszins in te schalen bij de wat hardere progmetal (ook niet gek gezien hun verleden van melodic deathmetal). Maar ja, dat ze in Finland best hun instrumenten kunnen beheersen is natuurlijk algemeen bekend. De kunst is echter om in positieve zin boven de andere veelvuldig aanwezige bands uit te steken. En dat ontbreekt ze helaas.
File Under: Weer zo'n Finse prog metal band
File Audio: [All the Good Faith] [Drawing Worry] [Lithe] [ MySpace]
Riverside - Rapid Eye Movement
Ik was ronduit overdonderd door Second Life Syndrome, de tweede cd van het Poolse Riverside. Zo overdonderd zelfs, dat die cd hoog eindigde in mijn jaarlijstje van 2005. Niet alleen ik was lovend, iedereen die maar een beetje liefde voor symfonische rock in zijn snufferd had, was lyrisch over de band. En terecht. Toch ben ik dan altijd een beetje huiverig een opvolger op zo'n plaat die ik geweldig vond te gaan beluisteren, en vooral om deze te beoordelen. Riverside maakt het me gelukkig redelijk gemakkelijk. Ze hebben er godzijdank niet voor gekozen om een plaat af te leveren die qua opzet een klakkeloze kopie is van zijn geprezen voorganger. De band heeft zich door ontwikkeld, haar stijl verder verfijnd. Bovendien stond de grote lijn voor de trilogie al redelijk vast en die zou drie duidelijk te onderscheiden albums opleveren. Dat is gelukt, want Rapid Eye Movement is voor het grootste deel een stuk ingetogener dan zijn voorganger. Meer de kant op van Porcupine Tree en Anathema, minder metal. Koppel dat aan de gedragen, uitgesponnen zang van Mariusz Duda, die qua manier van zingen wel aardig wat weg heeft van Tools Maynard Keenes en je weet ongeveer wat je voorgeschoteld krijgt. Toch gaat de band gelukkig af en toe nog gewoon flink los, zonder daarbij door de notendiarree bij mij acute hoofdpijn op te wekken. En dat vind ik wel zo fijn. Ook schuwt Riverside het experiment niet. Een mooi voorbeeld hiervan is "Schizophrenic Prayer", met zijn afwijkende drumpartijen en dito zangpartijen in de tweede helft van het nummer. Toch blijf ik op een bepaalde manier met een ontevreden gevoel zitten na veelvuldige beluistering van Rapid Eye Movement. Stiekem had ik gehoopt net zo overdonderd te worden als bij Second Life Syndrome, maar misschien is dat wel gewoon mijn fout?
File Under: Niet zo overdonderend als zijn voorganger.
Peter Pan Speedrock - Pursuit Until Capture
Het nieuwe album van Peter Pan Speedrock wordt volgens mij unaniem goed ontvangen. Ik heb in ieder geval nog geen negatieve recensie kunnen vinden. Alle recensies hebben ook dezelfde kenmerken: vernieuwen doen de Eindhovenaren niet, keihard rocken wel. Chauvinistisch als we zijn lees ik in Nederlandse recensies vooral ‘we mogen trots zijn op deze band’. Absoluut waar. Pursuit Until Capture rockt inderdaad, de productie is strak, de band is goed op elkaar ingespeeld, de teksten zitten snel in je hoofd en de energie spat er van af. Tot zo ver alle clichés en veren in de reet van de band. Ik vind Pursuit Until Capture eigenlijk niet zo goed. Dat na tien jaar de verrassing er af is hoef ik niet uit te leggen, maar op dit album is werkelijk niets nieuws te horen. Het zijn ‘gewoon’ dertien nieuwe nummers, wederom opgenomen in de studio van Tomas Skogsberg in Zweden. Het album had net zo goed Spread Eagle Part II kunnen heten. Veel mensen zullen nu zeggen ‘nou en, dat wat lekker is hoef je niet te veranderen’. Dat is waar, maar dan blijf ik wel naar de oudere platen luisteren. Met name op de tweede helft van Pursuit Until Capture zijn de nummers nauwelijks van elkaar te onderscheiden en speelt de band wel erg op routine. Peter, Bartmann en Bart vormen één van de beste live-bands van Nederland, maar volgende keer komen ze wat mij betreft niet meer weg met een herhalingsoefening als deze.
File Under: Te weinig vernieuwing om te blijven boeien
File Audio: [Het hele album op MySpace]
Dean Martin - Forever Cool
'Dino' was zijn bijnaam en 'cool' de noemer waaronder hij opereerde. Van alle crooners die de jaren vijftig telde was Dean Martin degene waar Elvis misschien wel het meest door beïnvloed werd. Voor mijn gevoel is dat meteen zijn belangrijkste bijdrage aan de popmuziek. En toch, en toch: Capitol Records vond het een cool idee om een duettenplaat uit te brengen waar de stemmen van onder meer Robbie Williams, Shelby Lynne, Joss Stone, Charles Aznavour en Kevin Spacey (!) samen gaan met die van Dean Martin. Als er iets niet meer cool lijkt, dan is dit het wel. Maar die rare combinatie van stemmen werkt soms wel degelijk. Joss Stone stelt zich vooral erg aan in "I Can't Believe That You're In Love With Me" en Robbie Williams' bijdrage lijkt niet heel erg gelukkig te zijn ingepast in het arrangement. Het zijn nota bene Kevin Spacey's duetten die het hoogtepunt op de plaat zijn: hij schmiert op het randje en juist dat werkt erg goed. "Ain't That A Kick In The Head" en vooral "King of the Road" klinken nu losjes alsof Dino en Spacey eerst samen een paar borrels hebben genomen en toen voor de gein het podium beklommen. De tegenstelling tussen de modern klinkende 'levende' stemmen en het oude live-commentaar klinkt soms wat onhandig, net als de mix. Als bonus krijg je bij de plaat een DVD met The Making of Forever Cool. Dat is wel altijd cool.
File Under: Dean Martin is meer cool dan Robbie Williams ooit zal worden.
Saint Joan - The Wrecker's Lantern
Eerst akoestische gitaar. Dan strijkers. En dan de stem van Ellen Mary McGee, die wel wat heeft van een eigentijdse Nico met een vleugje Hope Sandoval en een warme PJ Harvey. Zo opent The Wrecker's Lantern, de eerste langspeler van Saint Joan, na een mini-album in 2005. Later worden er slechts spaarzame drums en bas aan toegevoegd. Nooit te veel, altijd rustig, hoewel vanaf "Fire at sea", de vijfde track op het album, een behoorlijk donkere kant naar voren komt. Als het moet zijn ook drums, gitaar en viool opgefokt. Vergelijk het met de eerst rustige en daarna woeste zee. McGee heeft echter een stem die ervoor zorgt dat erin verdrinken niet meer erg is, sterker nog, dat je erin wíl verdrinken. De kracht van deze plaat ligt dan ook vooral in haar stem, en oké, misschien ook wel in de in elk lied aanwezige viool die telkens een hoofdrol opeist. "Gone" is de luwte die logischerwijs volgt op de storm. En in bijvoorbeeld "December" baant McGee zich afwisselend met zang en parlando een weg door een wat meer experimenteel progrockachtig nummer, waarin veel aandacht voor de afzonderlijke instrumenten. Om vervolgens met een langzame americanadeun af te sluiten. Veel verschillen op een erg consistente plaat. Het is niet gek dat dit vijftal uit Nottingham komt. Ik stel me tenminste zo voor dat ze elkaar ergens midden in het bos gevonden hebben. En die zee, die hebben ze er voor het gemak gewoon bij bedacht. In ieder geval iets met kaarsen en iets van vroeger. Dat is de dromerige sfeer die The Wrecker's Lantern oproept. En dat doen zij van Saint Joan erg goed.
File Under: Dromerige pop uit de zee
File Audio: [Satellites][Saint Joan @ MySpace]
Ani DiFranco - Canon
Ani DiFranco is geen artiest die houdt van stil zitten. In de bijna twintig jaar dat ze albums uitbrengt staat de teller inclusief de official bootleg serie ver in de twintig, die overigens allemaal via haar eigen label Righteous Babe records verschenen. Je moet wel rabiaat aanhanger zijn wil je ze allemaal hebben. Ik heb er vijf, geloof ik. Maar goed, als je dan toch een bloemlezing wilt maken uit zo'n aardig omvangrijk oeuvre, wat kies je dan als je als artiest eigenlijk geen noemenswaardige hits gehad heeft? Inderdaad, dat is een kloteklus. Toch heeft DiFranco voor Canon gekozen voor de beste insteek. Ze heeft van elke (studio-)cd minstens één track gepakt, die chronologisch geordend en verdeeld over twee cd's. Natuurlijk valt er te twisten over de keuzes, maar je krijgt zo wel een mooi inzicht in de ontwikkeling van een meisje dat ooit begon met het spelen van Beatles-covers, tot een vrouw die met haar aangename stem luid en duidelijk haar, zeker in Amerika niet gemakkelijk geaccepteerde, standpunten en levenskeuzes verdedigt en een hele eigen manier van (akoestisch) gitaar spelen heeft. Voor de diehards die toch alles van haar bezitten heeft ze aan beide cd's enkele re-recordings toegevoegd, vijf in totaal, waarvan "Napoleon" je misschien nog een beetje bekend voor zal komen en bij de limited edition zit ook nog een dwarsdoorsnede van de Official Bootleg Series. Wie van vrouwelijke folky singer/songwriters met een mening en een eigen smoel houdt en - schaam je! - nog nooit van Ani DiFranco gehoord of altijd al eens van haar hebben willen proberen, is absoluut Canon de ideale introductie.
File Under: Ani DiFranco in retrospectief, al ze is vast nog niet klaar.
File Audio: [Both Hands][Paradigm][Shameless]
The Wombats - The Wombats EP
Er zijn van die releases waar ik werkelijk geen hol van snap. The Wombats, drie vrolijke jongens van de Merseyside, hebben al een volledig album op hun naam staan: Girls, Boys & Marsupials. Die plaat is vooralsnog alleen in Japan op de markt gekomen, maar goed, da's een kleinigheidje. Begin dit jaar speelden The Wombats tijdens London Calling de grote zaal van Paradiso al redelijk plat, dus verwacht je dat de debuutplaat van deze Liverpudlians vanzelf wel wordt uitgebracht op de Nederlandse markt. Nou, bijna. Men brengt nu in Nederland eerst een lullig EP'tje uit met daarop vijf nummers en een remix, en het volledige album volgt later dit jaar. Waarom in hemelsnaam? Vergeleken met Girls, Boys & Marsupials staat er welgeteld één ander nummer op ("Kill The Director"), en de versie van "Backfire @ The Disco" op deze EP is iets meer ingetogener dan de albumversie. Daarnaast mochten de heren en dames van CSS "Kill The Director" onder handen nemen in een remix. En dus wordt de Nederlandse luisteraar songs als "Patricia The Stripper", "Caravan In Wales" en "Sunday TV" onthouden. En, de allergrootste doodzonde: u moet het zonder de a capella track van Girls, Boys & Marsupials stellen. Nu passen The Wombats wel feilloos in de categorie Pigeon Detectives, in die zin dat het een band is die het vooral van de liveshows moet hebben in plaats van het gerammel, gestuiter en ge-woeoeoeoeoe op plaat, maar dat mag geen argument zijn. Van de aanstekelijke, jeugdige bravoure die The Wombats tentoonstellen op hun album, krijgen we op deze EP maar een fractie te zien. Overslaan dus deze EP, en gewoon wachten op de full-length plaat.
File Under: Onbegrijpelijke release van een band die meer verdient
File Audio: [Wombatspace]
Laïs - The Ladies' Second Song
Om de één of andere reden stuurt hoofdredacteur Storm tegenwoordig veel folk-achtige muziek-cd's naar mij toe. Het is maar de vraag of ik en de lezer daar blij mee moeten zijn. Nu kraak ik mijn eigen smaak uiteraard niet af, maar het kwartje is bij mij bij de drie dames van het Belgische Laïs nooit gevallen. En wie zit er tenslotte te wachten op een negatieve vooringenomen recensie? Eigenlijk had ik de cd dan ook weer retour moeten sturen, maar ik besloot om The Ladies' Second Song, afgeleid van een gedicht van W.B. Yeats, toch maar eens te draaien. Waar ik folk met popinvloeden verwachtte was er toch meer dan dat. De nummers zijn vooral erg afwisselend in stijl en worden bovendien in meerdere talen gezongen. Een enkel nummer is wat saai ("Tumbling") door de beperkte muzikale begeleiding, maar verder is het opzwepend (de titelsong waarmee geopend wordt en "Ni Vandaag"), Zita Swoon-achtig en soms zelfs psychedelisch in "Leda and the Swan" en "Joskesong", jazzy in "The Wild Swans at Coole", depri in "Serenade Portugaise" en het wilde westen komt voorbij in "Witte Bij". The Ladies' Second Song moet echter wel gedraaid worden met de volumeknop op een redelijk niveau. Als achtergrondmuziek verdwijnen prachtige muzikale details en komen vooral de stemmen van de drie dames naar voren brengen. Door de voorspelbaarheid en de weinige onderlinge stemverschillen vind ik die nou net wat minder aan Laïs, maar het blijft hun boegbeeld. De muzikanten waaronder grote namen in de alternatieve Antwerpse muziekscène als Bjorn Erikkson (Zita Swoon) en Elko Blijweet (Dead Man Ray) maken dit echter helemaal goed. Mijn besluit om de cd niet meteen retour te zenden was dus een goede en dank ik Storm bij deze voor zijn goede muzikale inschatting.
File Under: De Folkpop voorbij
File Audio: [ MySpace]
Grand Lux - Carved In Stone
Het Noorse Grand Lux zegt beïnvloed te zijn door Dio, Ozzy, Kiss en Judas Priest. Met name Priest is hoorbaar in het gebodene op Carved In Stone. Ook Thin Lizzy is duidelijk een invloed van de heren. Het album start met een "Jailbreak"-sirene en "Through Dirt" heeft regelmatig iets van "Suicide". Ze mogen dan overwegend Amerikaanse voorbeelden noemen, ze klinken toch vooral Engels. Dat wordt ook in de hand gewerkt door de productie. Die is adequaat, maar niet heel bijzonder. In dit geval is dat niet zo'n ramp omdat het in elk geval zorgt voor een rauwheid die maakt dat het een randje NWOBHM meekrijgt. Zanger Phil Good zit zo nu en dan op het randje, maar doet even zo vaak prettig denken aan de uithalen van Graham Bonnet. Verder is het een serie fijne riffs, een stel prima solo's en een rock solid ritmesectie. Muzikaal zijn de heren misschien geen genieën, maar het staat een album lang als een huis. Begin jaren tachtig hadden ze hiermee een mooie carrière gehad, nu is het een genot voor fijnproevers.
File Under: Genot voor fijnproevers
File Audio:[Eye Of The Storm] [Rainbow] [LuxSpace
File Video: [Escaping The Clouds]
The Scene - 4 Originals
Ik ben er geen liefhebber van als een artiest besluit nieuwe versies op gaat nemen van zijn eigen successen. Helemaal niet als een band besluit, hierbij gebruik te gaan maken van 'grote namen' om hen te assisteren. Ik vond 2007 van The Scene dan ook maar zozo. Ik hoor liever dan de originelen van Thé Lau en zijn band. Iedereen met wie ik studeerde had volgens mij Blauw in de kast staan, maar velen misten de geweldige opvolgers Open, Avenue de La Scene en Arena. En dat terwijl The Scene er echt niet slechter op werd richting de tweede helft van de jaren negentig. Deze vier cd's zijn gebundeld en prettig geprijsd te koop onder de naam 4 Originals. Dan kun je eindelijk eens naar Arena luisteren. Dat album vind ik wel een van mijn favoriete Scene-cd's. Een schandalig onderschatte cd. Tracks als "Bruid", "Junkie met Talent" en "Wild en Luidruchtig". Prachtig vind ik ze nog steeds. Arena was rauwer en vooral donkerder dan zijn drie voorgangers, al waren hiervan op Avenue de la Scene al wel de eerste tekenen zichtbaar dat Lau c.s. meer deze kant op zouden gaan. Het rare is dat ik Open, het album dat qua verkopen waarschijnlijk het dichtst bij Blauw in de buurt komt, en dat ik bij release echt helemaal geweldig vond, verreweg het minste van het kwartet vind. En Blauw, ach dat album kent iedereen van ongeveer mijn leeftijd (bijna op de helft van de dertig) natuurlijk op zijn duimpje. Zeker het ongelofelijk sterke openingstrio "Blauw", "Iedereen is van de Wereld", "Rigoreus". Bij het reünieconcert dat ik in Paradiso zag, bleek dat gitarist Eus van Someren niet meer van de partij was. Ik miste 'em. Al deed zijn vervanger, volgens mij Alan McLachlan de man van bassiste Emilie, nog zo zijn best. Op 4 Originals is Eus gelukkig gewoon van de partij. Zoals het hoort wat mij betreft.
File Under: Voor wie alleen Blauw heeft de manier om je collectie aan te vullen.
Chris Volz - Redemption
Een artistieke en sobere foto van een stoere man siert de voorkant van de debuutcd van Chris Volz. U zou hem kunnen kennen als voorman van Flaw en later Five Bolt Main, maar - daar ben ik heel eerlijk in - dat zei mij tot voor kort ook weinig. Na een gematigd succes met voornoemde bands is Volz op de solotoer gegaan. Zoals zo vaak met stoere zangers van harde bands gebeurt, wanneer ze het in hun eentje doen, worden de scherpe randjes vervangen door een meer emotionele kant. Desondanks is Redemption geen softe plaat geworden en voert de harde gitaar de boventoon. Muzikaal heeft het helaas allemaal weinig om het lijf: saaie eentonige gitaarpartijen en drums die net zo goed uit de computer hadden kunnen komen. De stem van Volz moet de liedjes naar een hoger niveau tillen en hij heeft inderdaad een goede strot. Waar het in het verleden nogal schreeuwerig was, vertoont zijn stemgeluid nu grote gelijkenissen met Disturbed's David Michael Draiman, toch zeker niet de minste zanger. De vergelijking met Disturbed reikt niet veel verder, het gebrek aan pakkende liedjes is daar te schrijnend voor. Toch denk ik dat Redemption vooral in de Verenigde Staten, waar kitscherige slijmrock vaak goed aanslaat (herinnert u zich Creed nog?), stiekem best wat succes zal oogsten. Ik vind het echter ronduit saai en voorspelbaar.
File Under: Zzzzzzzzzzz
File Audio: [VolzSpace]
The Situations - Get The Basics
In de jaren tachtig leek er een oneindig aanbod van hele leuke popmuziek uit Nieuw-Zeeland te komen. The Bats, Tall Dwarfs, The Verlaines, The Clean, Able Tasmans en natuurlijk The Chills; het zijn maar een paar namen van bands die toen ook hier aan deze kant van de aarde succes hadden. De meeste van die bands hadden een platencontract bij het Nieuwzeelandse label Flying Nun en de naam van dat label werd toen zelfs altijd in een adem genoemd met popmuziek uit het land van kiwi's. Halverwege de jaren negentig was het afgelopen. Een aantal van de bands bestond nog wel en maakte ook nog platen, maar hun muziek bereikte ons blijkbaar niet meer. Intussen zijn we weer tien jaar verder en Peter Jackson is waarschijnlijk de enige die zorgt dat we het af en toe nog eens over Nieuw-Zeeland hebben. Toch is de vruchtbare muzikale grond er nog niet helemaal uitgeput en dat wordt bewezen door The Situations uit Auckland. Na een aantal singles was het eind 2006 tijd voor hun eerste album Get the Basics en nu, bijna een jaar later, wordt deze cd eindelijk uitgebracht in Europa. Als de muziek op deze cd twintig jaar geleden gemaakt was, dan hadden The Situations nu in het rijtje met bands bovenaan dit stukje gestaan. De meeste nummers klinken net zo luchtig en levendig als de muziek die toen op Flying Nun verscheen en ik hoor ook af en toe iets van Velvet Underground en van The Feelies, een andere van mijn favoriete bands van de jaren tachtig. Sommige songs hebben hetzelfde ongelofelijke tempo dat The Feelies soms konden halen met hun gitaren. Je hoort dit geluid bijvoorbeeld in de titelsong en in "Too Uncool For School", maar ook in het minder snelle "Suburban Love". "Man's World" valt op door zijn lengte van ruim 7 minuten, maar ook omdat het een heerlijk nummer is. Afsluiter "Straightest Roads" valt ook op, maar dan doordat het zo'n rustig nummer is en eigenlijk het enige minpuntje.
File Under: Modern Livin'
File Audio: [Suburban Love ]
The Projects - Voice Is Glue (EP)
Als ik Voice Is Glue opzet begint de zon te schijnen. In mijn huiskamer, maar buiten ook. Dat laatste is toevallig, maar als het dat niet zou zijn, zou ik dat niet heel vreemd vinden. De zoete, lieve stem van Lisa Rosendahl en het vrolijke orgeltje vormen samen met keyboards en synths, een doordringende basgitaar en vrolijke gitaarloopjes de ingrediënten voor een gezellig zondagmiddag elektropopliedje - pop meets krautrock - en zetten de toon voor de rest van het album, dat zich vrolijk en zonnig een weg baant door de rest van de middag en een knaller van een oppepper is voor mijn toch al niet heel erg slechte humeur. (Als ik echter wel een slecht humeur gehad zou hebben, dan had ik nu ook een goed humeur.) Zo. Eigenlijk heb ik alles al gezegd. Ben ik al overtuigend? Nog een paar feitjes dan. Het tweede liedje, "Accidents will happen", bijvoorbeeld, is meteen een remix. Dat is niet erg, want remixer is het altijd inspirerende Broadcast. (Goed ook te weten dat ook zij niet stil zitten, overigens.) Het is meteen de beste track van deze ep en alleen al reden genoeg om 'm aan te schaffen. Hetzelfde sterke liedje komt later nog een keer terug, nu in een zeer dansbare Postal Service-achtige remix van Simon Break. Ook interessant, en tegelijkertijd een beetje vreemd, is dat Voice Is Glue een ep is - uitgebracht op Track and Field -, terwijl de band al sinds 2001 actief is en al in 2004 Let's Get Static, het debuutalbum, afleverde, maar dat doet er op zich niet zo heel veel toe, als The Projects maar snel met een nieuwe langspeler komen!
File Under: Nu weer een heel album alsjeblieft, en snel, want The Projects zijn leuheukheuk!
File Audio: [The Projects @ MySpace]


























































