Arsenal - Lotuk
Een van de meest ondergewaardeerde zangers ever is Shawn Smith. Slechts een handjevol mensen is bekend met zijn gouden soulvolle stem die hij liet schitteren in Brad, Satchel, Pigeonhed en op zijn soloplaten. Ik vind het een klein wonder dat de twee Belgen van Arsenal juist aan hem dachten toen ze een mannelijke soulvolle stem nodig hadden voor het titelnummer van hun nieuwe plaat Lotuk. Ondanks dat ik het een fraai nummer vind, vind ik het wel jammer dat ze dan Smith's stem een beetje vervormd hebben. Dat was wat mij betreft niet nodig geweest. Gelukkig compenseert de lekkere groove van het nummer dat wel. Naast Smith komen er nog twee ouwe helden buurten op Lotuk. Zo zingt John Garcia (ooit Kyuss, nu Hermano) mee en Hüsker Dü's Grant Hart doet hetzelfde. De eerste herken ik bijna niet in "Not A Man" en "Diggin A Hole". Aan het totaalgeluid van Arsenal verandert het invliegen van al die stemmen overigens weinig, dat sluit naadloos aan op het geluid dat ze eerder op Outsides lieten horen. Al verrast "Turn Me Loose" door de opvliegende raps van Mike Ladds me toch nog enigszins. Verder blijft Lotuk zoals de voetbalclub Arsenal zelf: veel invloeden vanuit alle windrichtingen, samensmelten tot een groter, superieur geheel. Het enige jammere is voor de band dat ze op het podium meer dan waarschijnlijk nooit in de ideale opstelling zullen spelen, al heeft Arsenal in het verleden wel bewezen dat ze ook zonder die gasten op het podium fier overeind kunnen blijven.
File Under: Premier League waardig materiaal
File Video: [Estupendo]
Hilde Marie Kjersem - A Killer for that Ache
`Hilde Marie Kjersem er en norsk jazzvokalist.' Zo begint haar pagina op de Noorse Wikipedia. Jazz en Noorwegen, met beide aspecten van deze jonge zangeres heb ik niet zo veel. Het valt me dan ook alleszins mee als Kjersem met "Sleepyhead" op de tonen van een harp op zeer ingetogen wijze het album opent. In de nummers die volgen komt de muziek iets meer tot leven maar er blijven weinig tot geen jazzinvloeden te bespeuren. Opvallend is dat Kjersem haar begeleiders zelden meer laat spelen dan strikt noodzakelijk is. Bij het country- achtige "Midwest Country" bestaat de begeleiding voor een groot deel zelfs uit het aanslaan van een enkele snaar. Precies genoeg om de juiste spanning op te bouwen. Op de momenten waar het album dreigt in te kakken zorgt Kjersem voor een wending die iedereen weer bij de les houdt, zoals het creepy intermezzo in "It is Easy". Over het hele album hangt een nogal onheilspellend sfeertje en op "Marie Antoinette" wordt dit zelfs luguber als Kjersem het verhaal van de onthoofding van deze Franse koningin vertelt: 'As the knives cut her flesh, and it rolled around, for a few seconds, on the ground.' A Killer for that Ache is een indrukwekkend album van een zangeres die korte metten lijkt te willen maken met haar jazzverleden. Hoog tijd om die Wikipedia-pagina eens bij te werken.
File Under: Meer dan jazz uit Noorwegen
File Audio: [ MySpace]
File Video: [Youtube]
Liam Finn - I'll Be Lightning
Tuurlijk, als je de naam Liam Finn leest en deze singer-songwriter blijkt inderdaad de zoon van, dan is het verleidelijk om meteen te gaan vergelijken. Maar in het geval van deze Finn zou dat een wat gezochte vergelijking zijn. Zeker, hij heeft de voorliefde voor Mooie Liedjes en dito koortjes met de paplepel ingegoten gekregen en dat hoor je eraan af. Zonder de naam op het hoesje zou Crowded House echter niet een van de referenties zijn die te binnen schieten. Ik hoorde stukjes die deden denken aan Zita Swoon, Ween, Britpop, Ryan Parmenter en soms zelfs aan de gevoeliger momenten van Foo Fighters en dat zijn toch een heel andere categoriën. Liam Finn heeft een hoge, zachte stem en gebruikt die voor fraai opgebouwde Liedjes met doorgaans beperkte instrumentatie in een sobere productie. Nee, niet kaal, sober. De instrumenten klinken alsof er een paar meter vóór je gemusiceerd wordt. De muziek is overigens niet altijd braafjes met akoestische gitaren vormgegeven, ook elektrische gitaren met lekker tegendraadse gierende solo's ("Lead Balloon") of lawaaiige Britpop komen voorbij vliegen. Prijsnummer is echter de afsluitende pianoballad "Shadow Of Your Man". Kortom: Liam Finn heeft een heel fijne plaat gemaakt die de moeite waard is. Hij is duidelijk een zoon van zijn vader, maar wel een die zijn eigen ding doet. En zo hoort het. Okee, de volgende Xavier Rudd, met verrassende en innovatieve composities, is hij niet, maar dit is beslist een album dat het beluisteren waard is. Waarom dit album vorig jaar al verscheen in Groot-Brittanië en de VS en nu pas hier is me dan ook een raadsel. Maar ach, het is er nu en dat is mooi.
File Under: Zoon van zijn vader doet zijn eigen ding
File Audio: []Op de site] [FinnSpace]
Extreme
"Ik noem het liever reforming the band"
Na hun wereldhit "More Than Words" in 1991 viel het Extreme niet mee om aan de verwachtingen van publiek en platenmaatschappij te voldoen. In 1996 werd het bijltje erbij neergegooid. Tot deze zomer, toen de heren na omzwervingen in diverse bands en projecten weer met een uitstekend nieuw album op de proppen kwamen. De pret was hoorbaar terug. Aan de vooravond van het concert in 013, Tilburg op 3 november sprak File Under met gitaarvirtuoos Nuno Bettencourt.
Hoe is het om terug te zijn na al die jaren? Hoe begon het trouwens, was het met dat reünieoptreden in Boston een paar jaar geleden?
Nou, ik noem het liever geen reunie, ik heb het liever over reforming the band. We waren toevallig op dezelfde plek en van het een kwam het ander. Zelf had ik net een project achter de rug waar ik een wat nare smaak van had overgehouden. Satellite Party met Perry Farrell werd niet wat ik ervan verwacht had. Daarna zijn we eens samen gaan jammen en het ging eigenlijk verder vanzelf.
The Mystery / Týr
Maar eens twee oudjes van de stapel gepakt om te recenseren. Beiden met vrij duidelijke redenen waarom ze waren blijven liggen. Ze zijn namelijk van magere kwaliteit en genieten weinig originaliteit. Zeker het eerste schijfje, Soulcatcher van The Mystery is maar een matig object. Dit tweede album van het Duitse gezelschap is de opvolger van het in 2005 verschenen Scars. Nu met een nieuwe zangeres in de gelederen, Korry Schadwell. Zij heeft op zich een prima rockstem, waarbij je al snel moet denken aan zangeressen als Doro Pesch of Lita Ford, maar het is het net niet. Vijftien nummers lang en iets meer dan 56 minuten duurt het album. 't Wordt echter nergens echt spannend en ook de productie is beneden peil.
Twee jaar geleden was ik nog vrij positief over Ragnarok van Týr. Over de opvolger Land ben ik beduidend minder positief gestemd. Het is me te mat en te onsamenhangend, zowel qua muziek als qua zang. De nummers weten me niet te pakken, laat staan vast te houden. Ze zijn niet boeiend genoeg. Ze kabbelen voort. Op Land voeren ze het zelfde trucje op als op de voorganger, maar dan in een mindere uitvoering. Het is soms weliswaar niet eens zo heel onaardig en natuurlijk nog steeds vrij origineel door de rustige viking metal en de zang die veelal in de eigen taal ten gehore wordt gebracht. Ik had er meer van verwacht. En daar verandert het epische titelnummer "Land" van ruim zestien minuten weinig aan.
File Under: Klonk het maar mysterieus
File Audio: [ MySpace]
File Video: [Judas Betrayed]
File: Týr - Land
File Under: Te kalme vikingen
File Audio: [ MySpace]
File Video: [ MySpace]
The Black Seeds - Solid Ground
Wat mij bezielde om op die druilerige ochtend, terwijl ik naar mijn fiets liep, de nieuwe plaat van The Black Seeds op te zetten, ik weet het niet. Want reggae is immers geen muziek voor de herfst. Zelfs het besluit om mijn regenbroek aan te trekken alvorens naar mijn werk te fietsen, deed de muziekkeuze niet veranderen. Of het een goede recensie in de weg gaat staan? Ik denk het niet, want ook latere pogingen om toch nog iets van Solid Ground, hun vijfde in zeven jaar, te maken mislukten allen. Daarvoor is het songmateriaal gewoon niet goed genoeg. En dan ga je je ergeren aan bijvoorbeeld het blazersgeluid, want ik ben er nog niet uit of dat echt of digitaal is, maar klinken doet het niet. En hoe slechter het nummer, hoe meer het is dichtgesmeerd met digitale frutseltjes en fratseltjes. De productie laat in ieder geval te wensen over. Vandaar dat de titel, Solid Ground, goed gekozen is. Het komt namelijk nergens van de grond. Deze Nieuw Zeelanders moeten maar eens een jaartje ertussen uitgaan en vervolgens eerst werk van hun songs gaan maken, want dit is het niet. Weer of geen weer…
File Under: Slappe reggae
Easton Stagger Phillips - One For The Ditch
Tim Easton, Leeroy Stagger en Evan Phillips kenden elkaar al een tijdje toen ze op een gezamenlijke tournee gingen. De eerste twee speelden in het voorprogramma van Phillips' band The Whipsaws begin 2008. Blijkbaar konden de heren het zo goed met elkaar vinden, dat ze besloten om samen liedjes te gaan schrijven. En dat vlotte behoorlijk, want nog geen jaar later komen ze met een cd op de proppen. Als ik dan had moeten kiezen voor een locatie om liedjes te schrijven en ze op te nemen, dan had ik gekozen voor Joshua Tree waar Tim Easton resideert of misschien nog British Columbia in Canada, waar Leeroy Stagger woont. De heren dachten daar anders over en kozen voor Alaska, waar Phillips woont. Dat werd dus opnemen en schrijven rond de houtkachel. Het resultaat daarvan mag er meer dan zijn! De stemmen van Easton, Stagger en Phillips vullen elkaar subliem aan in de twaalf stuk voor stuk warmte uitstralende liedjes die op One For The Ditch terug te horen zijn. Geen moment waan je je in het koude Alaska, maar eerde op een porch ergens in het zuiden van de States waar drie vrienden zich avond aan avond vermaken met bier drinken en gewapend met akoestische gitaren elkaar proberen aftroeven in het spelletje: 'Wie komt met het mooiste riff of harmonie op de proppen'. Als ze die dan gevonden hebben haken de andere twee bewonderend in en maken ze er samen iets nog mooiers van. Het is een genot hiervan toeschouwer te mogen zijn.
File Under: Porch songs.
File Audio: [ MySpace]
Rumble In Rhodos - Intentions
Op een of andere manier hebben veel bands uit Scandinavië iets ongewoons en juist dat ongewone verbindt ze met elkaar. Snapt u het nog? Neem nou Rumble In Rhodos, deze Noren maken een mix van hardcore en rock die zich nog het beste laat vertalen als Refused meets Disco Ensemble meets Blood Brothers. Juist, twee daarvan zijn Scandinavisch. Toeval? Ik dacht het niet. Door de vele lagen komt ook de naam van At The Drive-In naar boven. En tja, als je de vergelijking met zulke bands kunt doorstaan heb je geen slecht product afgeleverd. Intentions swingt, de zanger gaat van extreem hoog tot extreem laag en het geheel klinkt chaotisch. Op een goede manier. De plaat vliegt alleen nergens uit de bocht, het blijft net iets te netjes. Daardoor krijg je soms het gevoel naar een light-versie van eerder genoemde bands te luisteren. Rumble In Rhodos heeft de pretenties van een Mars Volta, maar weet te weinig te verrassen. Zowel qua structuur als opbouw weten de vijf Noren niet van de gebaande paden af te wijken. 'Cinematic Sweeps' is wat dat betreft een positieve uitzondering. Extra punten krijgt de band voor zanger Thomas Bratlie die in de biografie wordt omschreven als beide Blood Brothers in één. En dat is eigenlijk niets teveel gezegd. Volgende keer nog wat meer durf en nog meer chaos. Band om in de gaten te houden.
File Under: Mars Volta-light
File Audio: [ MySpace]
VA - Filles Fragiles #2
Wat was hij toch zenuwachtig, bij De Wereld Draait Door. Terwijl Matthijs met het voor hem zo kenmerkende hijgerige enthousiasme poogde een sappige anekdote over moeder aller zuchtmeisjes Jane Birkin los te peuteren. De presentator liet voor de geïnterviewde - zoals gewoonlijk - weinig ruimte over om iets wezenlijks te melden. Nee, het moet voor zuchtmeisjes-blogger Guuzbourg geen pretje zijn geweest om zijn televisieoptreden in het kader van zijn eerste Filles Fragiles compilatie terug te zien. Ongetwijfeld krijgt hij binnenkort de mogelijkheid om in de herkansing te gaan. Aan de compilatie zelf - voorzien van hijgerig voorwoord door diezelfde Matthijs - zal het wederom niet liggen. Voor de tweede maal toont Guuzbourg aan een fijnzinnig reukorgaan te hebben voor al het Franstalig moois wat de amechtig zingende dames dezer wereld ons te bieden hebben. Voor de reguliere bezoeker van Filles Sourires zal dit geen verrassing zijn. Het levert een luistertrip op die je terugbrengt naar die ene zomervakantie in de Dordogne - wat was ze toch mooi! - of herinnert aan die ene lerares Frans waar je altijd dat beetje extra je best voor deed. Eervolle vermeldingen zijn er voor de bijdrages uit onze eigen Lage Landen in de vorm van een (bijna) vergeten Gainsbourg- opname van Liesbeth List en Leine met haar fraaie bossa-versie van Benjamin Biolays "La Penombre des Pays-Bas". In plaats van de gebruikelijke diepe buiging te maken, haal ik even diep adem voor een welgemeende diepe zucht.
File Under: Le sigh...
File Audio: [Fille-Space]
Report Suspicious Activity - Destroy All Evidence
Acht jaar leven onder het Bush-regime gaat je niet in de koude kleren zitten als meedenkende linkse punkrocker. Punkheld Vic Bondi (ex-Articles Of Faith) zag dat het hoog tijd was voor een kritisch tegengeluid en begon in 2005 het project Report Suspicious Activity. In eerste instantie als solo-dingetje, maar met het binnenhalen van collega-punkheld J. Robbins (ex-Jawbox/Burning Airlines, tevens gerenommeerd producer) en wat luitjes van het iets minder bekende Kerosene 454 is het een ware band geworden, een collectief met behoorlijk wat ervaring bovendien. Hun nieuwe plaat staat bol van de spartaanse gitaar-bas-drum punkrock, op natuurlijke wijze aangelengd indie-invloeden uit de Hüsker Dü-hoek (hallo akoestische gitaren) en het soort doordachte emocore waar Jawbox ooit zo goed in was. Daarnaast wordt de zang afgewisseld tussen de wat ruigere stem van Bondi, terwijl Robbins weer wat zoetgevooisder in de mix geplaatst is, wat de variatie alleen maar vergroot. En de teksten zijn raak, met een handvol krakers als "Our psychopaths are celebrities" en "Out of excuses: find another asshole". Afwisselende emopunk, een handvol ijzersterke refreinen en een band die inzet toont. Wat wil je als punkrockliefhebber nog meer? Deze klasseplaat verdient het om gehoord te worden.
File Under: Hoogwaardige emopunk met een kritische blik
File Audio: [RSA-Space]
Damien Jurado - Caught In The Trees
Soms zou ik mijn muzikale kennis wel eens willen resetten. Even niet willen weten dat er prachtige platen bestaan van Nick Drake en -vooral in het begin van zijn carrière- Neil Young (met of zonder zijn Crazy Horse). Niet willen weten dat er later ook geweldige muziek is gemaakt door mensen als Will Oldham (Bonnie 'Prince' Billy) en Sufjan Stevens. Of door zoveel artiesten die ik nu niet noem in de singer-songwriter/folk/alt.country-hoek. Niet willen weten dat deze genres zich prima laten opleuken met af en toe een gitaarrockrandje. Ik zou dan Caught In The Trees van Damien Jurado in de cd-spelert willen doen om mij helemaal te laten verbijsteren door Jurado's stem die mij tot in het diepst van mijn wezen raakt en dat ondersteunt door een instrumentarium die mijn gevoelens alleen maar versterken. Ik hoor bijvoorbeeld een cello en dat is het instrument bij uitstek om mijn melancholische ik te prikkelen. Caught In The Trees is zijn negende album sinds het debuut in 1997 lees ik dan op de Wikipedia. Op dit album wordt hij bijgestaan door Jenna Conrad (wat een prachtige stem heeft zij trouwens) en Eric Fisher. Ik zou dan alles willen weten van Jurado en de rest van de band, met terugwerkende kracht Jurado's werk willen ontdekken en dat van zijn andere bandleden en dan ontdekken dat dit pas het begin is van zoveel meer. Ik zou Caught In The Trees echter mijn leven lang blijven koesteren als een waardevol bezit waarmee het ooit begon.
File Under: Melancholie ten top
File Audio: [ MySpace]
Il Cielo Di Bagdad - Export For Malinconique
De naam van deze Italiaanse band deed me vermoeden dat er flink van leer getrokken zou gaan worden op Export For Malinconique. Want laten we wel wezen, de hemel boven Bagdad, die is het gros van de tijd toch alles behalve rustig. Dus zo'n gekke gedachte was dat niet volgens mij. Bij beluistering blijkt echter dat je je als luisteraar allerminst midden in de vuurhaard van een van de onrustigste steden op aarde bevindt. Nee, Il Cielo Di Bagdad klinkt veel meer alsof je de ellende die in Bagdad plaatsvindt vanaf een afstandje bekijkt. Dat geeft een dubieus gevoel: aan de ene kant zie je dat het er heftig aan toegaat wat je treurig stemt, maar aan de andere kant is er het oplichten van de hemel dat prachtige beelden oplevert. Deze ongemakkelijke combinatie tussen verwondering en weemoed klinkt door in de indiepop die Il Cielo Di Bagdad maakt. Slechts als de wind ongunstig staat, zoals bijvoorbeeld in het afsluitende nummer "Sunday Afternoon", dan hoor je de oorlogsklanken uittorenen boven de pasteltinten die het gros van de nummers vullen. De band heeft het, gezien het feit dat ze D.A. Maradona bedanken voor zijn inspiratie, waarschijnlijk nooit zo bedoeld, voor mij voelt het wel zo. Export For Malinconique is als de al ideale mix tussen Jimmy Lavales' The Album Leaf en een smakelijke dosis post-rock waarbij het veelvuldig terughoren van het prachtige heldere geluid van een glockenspiel die een dans uitvoert met de piano ("Lultimo Gesto") zorgt voor een lach en een traan.
File Under: First light of morning.
File Audio: [ MySpace][A day of Wool in ruil voor je emailadres]
File Video: [A Day Of Wool]
Deadmau5 - Random Album Title
Toen de Canadese danceproducer Joel Zimmerman een dode muis in zijn computer vond, had hij zijn nieuwe artiestennaam te pakken: Deadmau5. Met een enorm tempo gooide hij zijn tracks en remixen vervolgens de ether in, en al snel werden zijn nummers gedraaid door de grote trancedj's, die vooral in 2007 met dit talent wegliepen. De sound van Zimmerman wordt progressive house genoemd, maar daarmee doe je de man eigenlijk tekort: zijn muziek bevat elementen uit de trance, techno en zelfs electro. Er wordt tegenwoordig gerept van de Deadmau5-stijl, die reeds veelvuldig is gekopieerd, maar nooit is ge�venaard. De Canadees heeft namelijk inderdaad het talent om op het juiste moment een nieuwe stijl te bedenken en die met perfecte geluidskwaliteit en unieke melodie�n op een geniale wijze uit te buiten. Zijn album, Random Album Title (een geweldige titel, als u het mij vraagt) bevat de oude knallers "Faxing Berlin", "Not Exactly" en "Arguru", maar de nieuwere tracks mogen er ook zijn. Wat te denken van met frisse vocalen gevulde "I Remember" en het van een heerlijke melodie voorziene "So There I Was"? In de trancewereld krijgt Deadmau5 nog wel eens het verwijt dat hij zichzelf teveel herhaalt en tja, de geluiden van de tracks (offbeat synthbasje, droge basdrum, slepende bas) lijken vaak wel op elkaar. Wie echter op de melodie en de opbouw let, toch geen onbelangrijke eigenschappen voor een lied, ziet dat de songs d��rin nu juist enorm van elkaar verschillen. Deadmau5, die dit jaar met zijn kenmerkende muizenmasker op Lowlands stond, levert met deze cd een prestatie van formaat.
File Under: Mau5 rocks the Hau5
File Audio: [Mau5pace]
File Video: [Arguru][After Hours]
Monkeeman - Life In A Backseat
Wie zijn cd begint met een nummer met de titel "In It For The Money" moet niet raar op staan te kijken als de luisteraar meteen al een link legt met Supergrass. Ook wat betreft de muzikale richting waarin je Monkeeman moet zoeken, is dat namelijk helemaal geen vreemde link. Hoewel Monkeeman, in het gewone leven luisterend naar de naam Ralf Lübke, een Duitser is, hoor je daar letterlijk en figuurlijk weinig van terug op Life in a Backseat. Geen krautrock dus, en geen rare Duitse accenten in het Engels. Wat dan wel? Prima verzorgde Britpop, met dus invloeden van Supergrass, maar ook van bijvoorbeeld Paul Weller, die van nu en die van The Jam. Lekkere catchy gitaarriffs en prima meezingrefreinen, om vrolijk van te worden. Soms maakt hij zich er echter wel erg makkelijk af ('1-2-3-4-5, how I hate my life, 5-6-7-8, why can't it be great?'). De catchiness van de muziek zorgt ook voor een vrolijke noot op een verder behoorlijk donker album. Life In A Backseat is namelijk geen plaat over de liefde, maar eerder een cd met een politiek tintje ("Socialism") en teksten die voornamelijk gaan over de zelfkant van de samenleving, met als rode draad de zucht naar zoveel mogelijk geld. Mede hierdoor krijgt Monkeeman wel een diepere laag, en het zorgt er mede voor dat ik ze bij deze benoem tot de beste Britpop-band buiten Groot-Brittannië.
File Under: Duitse powerpop met een Brits randje
File Audio: [ MySpace]
File Video: [Lonely Guy]
Pat Cupp & The Flying Saucers - Long Gone Daddy: The Complete 50's Recordings
Vorig jaar verscheen - volkomen onverwacht - een nieuwe plaat van Pat Cupp, Long Time Coming. Sinds de jaren vijftig is er weinig belangwekkends van de man verschenen, hoewel hij vooral in de zeventiger jaren nog wel hier en daar opdook. De release van Long Time Coming was goed getimed, want andere oude helden, denk aan Johnny Cash, Lee Hazlewood en in ons land Andy Tielman, keerden ook zeer succesvol terug aan het front. De belangrijkste wapenfeiten van Pat Cupp vonden vooral van 1957 tot 1960 plaats. Nadat Sun Records, het label van zijn grote held en voorbeeld Elvis Presley, geen platen van hem wilde, ging hij naar RPM en daar bracht hij zijn grootste hits uit: "Long Gone Daddy", "That Girl of Mine" en "Do Me No Wrong". Het Spaanse El Toro heeft al die classics - minor classics is misschien een betere omschrijving - bij elkaar gezet en als Long Gone Daddy: The Complete 50's Recordings een monumentje voor een oude rockabillyheld opgericht. Hoewel vaak gezien als een Elvis-kloon blijkt hij wel degelijk een eigen smoel te hebben. Snelle rockabilly, een goede band en een stem die nu misschien niet al te spectaculair meer klinkt, maar die in die tijd wel degelijk een boel danszalen op de kop moet hebben gezet.
File Under: Monumentje voor een levende legende
Walter Sickert and the Army of Broken Toys
Bob Dylan - Tell Tale Signs (2-cd)
Een jaar of zestien moet ik geweest zijn toen ik bij een wat oudere vriend een grote Bob Dylan-collectie zag. Hij had alle officiële releases, had een boek met Dylan's teksten: hij was fan. Dylan was op dat moment, begin jaren tachtig, in de Here. Wat later begreep ik dat er ook fanatici zijn die elke scheet van de bard willen hebben. Ikzelf ben niet verder gekomen dan de categorie liefhebber. Mijn favorieten uit de beginjaren (let op mijn top 3!) zijn Blood On The Tracks (1974) , Desire (1977) en Blonde On Blonde (1967). Na de muzikale weg kwijt te zijn geraakt en de Here gevonden te hebben vond Dylan het juiste muzikale pad gelukkig weer met het in 1989 door Daniel Lanois geproduceerde Oh Mercy. Het zou uitgroeien tot een van mijn favoriete Dylan-albums. Net zoals dat in 1997 gebeurde met Time Out Of Mind. Op Tell Tale Signs (Rare and Unreleased 1989-2006), het achtste deel uit The Bootleg Series, wordt er met name teruggegrepen naar werk uit de tijd rond Oh Mercy en Time Out Of Mind. Het betreffen alternatieve tracks en - hoera - nooit eerder uitgebracht materiaal. Dit dan weer aangevuld met onder andere wat nummers die wat verloren op diverse soundtracks terecht kwamen. Als je hoort wat voor een kwaliteit aan materiaal Dylan op de plank liet liggen dan hoor je pas hoe goed de man is. Tell Tale Signs is dan ook vanaf de eerste tonen tot het eind van de tweede cd genieten geblazen voor elke Dylan-liefhebber. Voor de fanatici is er overigens nog een belachelijk dure 3-cd uitgave en voor de low-budgetklanten nog een enkele cd. De meerprijs is deze 2-cd echter helemaal waard.
File Under: Verplichte aanschaf voor elke Dylan-liefhebber
File Audio: [ MySpace]
File Video: [Een muzikale samenvatting]
Parts & Labor - Receivers
Meestal heb ik wel een aandachtig oog en oor voor voorprogramma's. En meestal herinner ik me ook prima of ik het goed of slecht vond. Maar in het geval van Parts & Labor kan ik het me echt niet meer herinneren. Misschien kwam het wel door de hooggespannen verwachtingen van het hoofdprogramma van die avond: Battles. In ieder geval hebben ze blijkbaar niet zoveel indruk op mij gemaakt dat ik nu de eerste drie Parts & Labor-cd's al op harde schijf of in de kast heb staan. Naar aanleiding van hun nieuwe plaat Receivers, hun vierde, kon hier best snel eens verandering in komen. Receivers is namelijk een spannende noiseplaat geworden. In de acht nummers zitten de instrumenten elkaar nogal eens in de weg terwijl ze vechten voor een plekje op je trommelvlies. Daarbij schuwen ze het niet om een voor noise toch niet bepaald orthodox instrument als een doedelzak ("Litte Ones") of zingende zaag ("Mount Misery") van stal te halen. De nummers zitten stuk voor stuk ook stampvol ge(s)laagde ideeën. Het maakt het geluid van deze New Yorkers vol en intens. Daardoor zijn de tracks misschien wat moeilijk verteerbaar. Daarom is het wel zo prettig dat Parts & Labor er niet voor kiest om een plaat tot het gaatje te vullen, maar het bij iets meer dan veertig minuten houdt. Enige minpuntje vind ik zelf de wat Gary Numan-achtige zang van Dan Friel, al is het wel weer prima te verhapstukken als hij aangevuld wordt door een tweede stem, in bijvoorbeeld "Little Ones".
File Under: Enerverende noisecementmolen
File Audio: [ MySpace][Nowheres Nigh]
Miko - Parade
In eerste instantie was deze cd helemaal onderop een stapel beland. Ten onrechte dacht ik namelijk dat het ging om het nieuwe album van aansteller Mika, en daar zat ik helemaal niet op te wachten. Maar Miko is hele andere kost. Miko is het project van de jonge Japanse zangeres Rie Mitsutake en Parade is haar debuut. Door haar eerste demo werd ze ontdekt door Ryuichi Sakamoto en nu is er dus haar eerste echte album bij het PLOP-label. Volgens dit label gaf Rie zelf de volgende verklaring voor de titel: 'There's a fun parade going on over there..'. Nou weet ik niet zo goed wat een fun parade volgens Japanse begrippen inhoudt, maar op Parade is bijzonder weinig echte fun te vinden. Het is wel duidelijk wat Sakamoto in Miko zag, want Parade staat vol met sfeervolle elektronische nummers die vooral doen denken aan filmmuziek. Sommige nummers op het album hadden bijvoorbeeld zo op de soundtrack van Twin Peaks kunnen staan. De zang van Rie Mitsutake klinkt als een soort Elizabeth Fraser die wat melodielijnen van My Bloody Valentine van Japanse teksten heeft voorzien, gelukkig wel afwisselend genoeg om de hele plaat te blijven boeien. Eigenlijk heb ik maar een woord voor dit debuut: すばらしい!
File Under: Filmische Japanse
File Audio: [ MySpace]
Joe Lynn Turner - Live In Germany
Zo langzamerhand krijg ik een ongemakkelijk gevoel bij Joe Lynn Turner. Nog niet zo lang geleden maakte hij bekend op tournee te gaan met een band die Purple Rainbow zou gaan heten, waarmee hij inderdaad alleen songs van Deep Purple en Rainbow zou gaan uitvoeren. Ook op dit live-album zijn van de dertien songs slechts vier songs niet van Rainbow - en een van die vier is Deep Purple's "Burn"... Natuurlijk, hij had met zijn zang een belangrijk aandeel in de Rainbow-songs die hier ten gehore worden gebracht, maar je krijgt langzamerhand het gevoel dat Turner zijn carrière alleen nog baseert op oud werk. Dat is om twee redenen jammer: nadien heeft hij ook uitstekend werk gemaakt, solo of in andere bands, maar misschien nog wel erger is dat de band waarmee Turner op dit album het oude werk uitvoert simpelweg de kwaliteit ontbeert die Rainbow zo bijzonder maakte. Er is geen sprake van dramatisch slechte uitvoeringen, zeker niet. Maar het orgeltje (bijvoorbeeld in "Power") steekt wel heel schraal af tegen het volle geluid dat Don Airey en David Rosenthal destijds uit hun toetsen haalden. En natuurlijk is het gitaarspel van Blackmore niet te kopiëren, laat staan te evenaren. Slechts Joe Lynn Turner haalt het hoge niveau van destijds. Dat is dan wel weer knap: de tijd lijkt totaal geen vat op zijn stem gehad te hebben. Maar ondanks dat ene lichtpuntje rest voor dit album alleen nog de nostalgiefactor. Die is goed voor een paar draaibeurten, maar daar houdt het mee op. Meer eigen tracks zouden zowel Turner als dit album meer recht gedaan hebben.
File Under: Ongemakkelijke nostalgie
File Audio: [Fragmenten] [TurnerSpace]
I Am Ghost - Those We Leave Behind
Als die Henk-Jan Smits look-a-like van Rock Nation werkelijk zou weten wat er in muziekland speelde, dan zou hij niet naarstig zoeken naar een Anouk-eske 'rockband'. Nee, dan zou meneer zijn geld, letterlijk en figuurlijk, inzetten op een emo-band. Loop eens op een koopavond door de winkelstraat of fiets tijdens tussenuren langs een middelbare school en hou je ogen open. Niets metalkids, grungekids, skaters of alto's. Nee, het is eenduidig emo wat de klok slaat. Je voelt 'm al aankomen, I Am Ghost is een emoband. Met een even lekker als voorspelbaar stijltje dat zich tussen het naar croonerpop neigende Fall Out Boy en het naar groteske metal riekende My Chemical Romance bevindt. Niet de natte maar de doorweekte droom van elke manager! Alle ingrediënten zijn aanwezig: veel screams, meezingbare croonerrefreinen afgewisseld met diezelfde screams, moshparts, stuiterdrums, guitarpicking enzovoorts. En dan die teksten. Woorden als tears, black, night, bleed, burn, die... Enfin, de boodschap is wel duidelijk, lijkt me. Behalve aan Fall Out Boy en My Chemical Romance doet I Am Ghost denken aan de betere momenten van de plaat Heroin van From First To Last, vooral bij langzame intermezzo's waarbij de screamzang vol los gaat. Maar zó panisch, ziedend en gefreakt maken de meneren van I Am Ghost 't nou ook weer niet. Voor diegenen die nu nog lezen (fans, want dit haat je of je houdt ervan): Those We Leave Behind is een topper. Van voor tot achter meeslepend, ongelofelijk catchy en alle elementen van een goede emoplaat zijn aanwezig. Een kers op de inmiddels tot astronomische proporties gegroeide emotaart.
Zoals je hieronder kunt zien speelt I Am Ghost deze week in Nederland. Wil je erbij zijn? Dat kan! Wij geven drie setjes duotickets weg voor het concert in Tilburg. Snel reageren dus.
Zou je er bij willen zijn, maar woon je in Groningen, Leeuwarden of in een andere uithoek van waaruit het onmogelijk is af te reizen naar Tilburg, we geven ook een drietal cd's weg in een prijsvraag. Gekker moet het niet worden!
File: I Am Ghost - Those We Leave BehindFile Under: Met behulp van een stijltang gladgestreken emorock
File Audio: [ MySpace]
File Video: [Our Friend Lazarus Sleeps]
Parenthetical Girls - Entanglements
Ik heb iets ontdekt. Of beter, ik denk te weten waar mijn voorkeur voor theater, vaudeville, een veelheid aan instrumenten en heldere stemmen waar mee te spelen valt (en/of zijige mannenstemmen à la Rufus Wainwright, Morrissey, Scott Matthew, Antony en andere) vandaan komt. (Niet overigens dat ik per se niet hou van al het tegenovergestelde, maar daar waar mijn collega's bij de platenboer bij bovenstaande al kotsend afhaken, pink ik achter de toonbank van ontroering een traantje weg.) Deze voorkeur heeft volgens mij te maken met het feit dat ik ooit in een orkest speelde, dat ik weet hoe het voelt om samen muziek te maken die je kunt laten aanzwellen tot grote hoogten en dat ik weet hoe het is om climaxen te bereiken. Welnu, de muziek waarin ik dat terug hoor grijpt me en mensen die die muziek niet mooi vinden begrijp ik niet zo goed (maar respecteer ik natuurlijk wel, maar dat terzijde). Het nieuwe album van Parenthetical Girls grijpt me omdat ik al het hierboven beschrevene terug hoor. Entanglements is een gemakkelijker (want minder conceptueel) album dan het voorgaande Safe As Houses, maar minstens zo intrigerend, niet in de laatste plaats vanwege de enorme uitbreiding van het instrumentarium: Zac Pennington - laten we hem voor deze plaat voor het gemak de Van Dyke Parks van de indie noemen - haalde een heel orkest naar de studio. Met bijbehorende zwellingen en climaxen. Deze combinatie werkt goed en ontroert zelfs op momenten dat het goed gebeurt. Het enige wat ik nu nog moet ontdekken is hoe ik mensen zonder orkestverleden kan laten warmlopen voor deze plaat.
File Under: Niet alleen voor mensen die in een orkest spelen
File Audio: [ MySpace]
Roy Santiago - At Mt. Ventoux
The one who gave me my name
twenty-eight years ago
went home
Gelukkig is het aantal mensen van wie ik ongewild afscheid op jonge leeftijd heb moeten nemen tot nu toe beperkt gebleven. Mijn grootouders, die alle vier al een aantal jaren dood zijn, waren - op een na - allemaal dik in de tachtig. Al doet het dan nog steeds pijn om afscheid van ze te nemen, ik kon er wel vrede mee hebben. Mijn ouders zijn gelukkig allebei nog springlevend en kunnen genieten van hun kleinkinderen. Het doet me altijd goed om dat te zien. Dat gaat de vader van Roy Santiago niet meer meemaken helaas. Met zijn eenenvijftig jaar werd hij veel te vroeg teruggeroepen. Hij streed een oneerlijke, bijna bij voorbaat verloren strijd, maar weigerde op te geven. Op At Mt. Ventoux schrijft en zingt Roy het verdriet van zich af. Dat doet hij met minimale middelen. Eigenlijk net als op zijn vorige plaat [broca], maar door de manier waarop hij het overlijden van zijn vader verwerkt heeft in de elf korte liedjes (af en toe zijn het bijna schetsen) wekken de nummers een ongemakkelijk gevoel op. Het komt ook doordat ik de Mt. Ventoux totaal niet associeer met de dood. Ik associeer de Mt. Ventoux met het euforische gevoel dat ik kreeg de keren dat ik die moordenaar van de Provence opfietste en het elke keer weer van hem won. Mijn eigen gehijg, het ratelen van de ketting, de pijn in de benen, de weidse uitzichten. Dat wordt door deze prachtige, sombere plaat geheel terzijde geschoven. Daarvoor komt een brok in de keel van de breekbaarheid en emotie die weerklinkt in de liedjes.
File: Roy Santiago - At Mt. VentouxFile Under: Waardig afscheid nemen.
File Audio: [Download][ MySpace]
Woost - Welcome To Teleskopia
De nieuwe Woost! Hun derde volledige album en nummer één en twee zijn ook al besproken op File Under, inclusief een hilarisch interview. Nu mag ik er wat over gaan zeggen en ik zeg er eerlijk bij, dat doe ik zonder de eerste twee gehoord te hebben. En hoe moet je dan te werk gaan, eerst de oude cd's luisteren, of juist eerst de nieuwe cd's luisteren? Weet u het, want ik heb geen idee! Vooralsnog heb ik ervoor gekozen om gewoon maar de laatste cd te pakken, totdat iemand mij het tegendeel bewijst. Misschien is het ook wel eens fijn voor een band om gewoon kaal beoordeeld te worden, zonder de bagage van vroeger. En onbevooroordeeld als ik ben, bevalt Welcome To Teleskopia mij. Veel afwisselende nummers met zelfs variatie binnen de nummers zelf (luister maar naar 'Inseparable', dat heel relaxed begint en met een climax vol percussie eindigt). Piekfijne nummers met soms gedurfde, maar altijd goed klinkende twists. En de stem van Koen-Willem brengt het allemaal vol emotie en overgave. Wat ik vreemd vind, is dat dit bandje van Nederlandse bodem nog steeds niet is opgepikt. Ze maken heerlijke poppy rockmuziek en ook nog eens uiterst radiovriendelijk. Waar gaat het mis, wat moeten we doen om Woost die boost te geven? Laten we beginnen met allemaal deze cd te kopen!
File Under: Geef Woost die verdiende Boost!
File Audio: [ MySpace]
File Video: [Teleskopia]
Keith Caputo
Ooit, in wat inmiddels een ver en grijs verleden lijkt, maakte Keith Caputo furore als de frontman van de hardcoreformatie Life Of Agony. Wat vooral opviel, was de agressieve manier waarop de kleine man zijn in diepe melancholie en frustratie gedrenkte teksten de microfoon in slingerde, soms bijna tegen het maniakale aan. Het leverde hem en zijn band een meer dan eervolle vermelding op in de annalen van de harde muzieksector. Gesproken wordt dan met name over het legendarische debuut River Runs Red uit 1993, een album dat door hordes adepten wordt gezien als blauwdruk voor de ultieme hardcoreplaat. Dit lijkt in eerste instantie een mooie prestatie, maar in muzikaal opzicht tekenden Keith en de zijnen wel hun eigen doodvonnis met het uitbrengen van het kleinood, omdat de fanschare het als maatstaf zou blijven gebruiken voor alles wat daarna kwam.
Indirect of misschien zelfs wel direct leidde deze conceptie er toe dat Keith in 1997 besloot Life Of Agony de rug toe te keren om zich te storten op een solo-carrière die hem als artiest in staat zou stellen te evolueren naar een hoger niveau. Als solo-artiest klinkt Caputo als een verstilde versie van zichzelf in popachtig aandoende deuntjes, die evenwel getuigen van de door hem nagestreefde muzikale groei en hoewel hij nog slechts sporadisch op agressieve wijze uithaalt, bezit zijn karakteristieke stemgeluid nog immer de charismatische uitstraling die hem eens zo groot maakte. Op zijn meest recente album -A Fondness For Hometown Scars - draagt de heer Caputo zijn boodschap uit door middel van een twaalftal liedjes, puur in eenvoud en voorzien van donkere teksten over de zelfkant van de maatschappij. Een maatschappij die hij beschrijft als een duister oord, maar vatbaar voor veranderingen ten goede. De toonzetting van het album is - op een enkele uitzondering na, zoals het bijtende "Troubles Down" - rustig van aard en geeft op breekbare wijze inzicht in de psyche van een getroebleerde ziel. Opmerkelijk is de jazzy trompetbijdrage van Flea van de Red Hot Chili Peppers. Om een en ander toe lichten, was Keith bereid enkele vragen te beantwoorden.
Lees verder..The Datsuns - Headstunts
Als volwassene heb ik nooit veel met auto's gehad. Dat was als kind wel anders. Ik had namelijk een racebaan waar je Matchbox-autootjes vanaf een hoogte kon laten starten. Via loopings en bochten kon het karretje dan naar de finish rijden. Als ze het haalden. Ik hield hele competities waarbij een Kever en een Lotus het eigenlijk altijd wel wonnen. De wieltjes reden simpelweg het soepelst. Ergens achteraan eindigde een Datsun. Misschien dat het daarom toen al wel een voorteken was dat ik de muziek van The Datsuns nooit echt heb begrepen. Over het debuut in 2002 waren diverse mensen in mijn omgeving enthousiast, maar ik vond de mix van garage en hardrock niet zo interessant. Inmiddels zijn we zes jaar en drie albums verder als er weer iets nieuws van de het viertal uit Nieuw Zeeland verschijnt. Als ik Headstunts (zet u de letters van The Datsuns zelf even in een andere volgorde...) anno 2008 beluister dan is het allemaal wat minder garage geworden dan in 2002. Het zijn toch meer popliedjes, maar dan wel in de goede zin van het woord. Het is zeker niet mainstream geworden. Het kwartet nam dit album in Zweden op en produceerde e.e.a. zelf. Of de fans van het eerste uur hierop nog aanhaken betwijfel ik, maar Headstunts straalt genoeg energie uit. Dit wordt zeker wild mee springen tijdens de komende concerten in ons land. Vermakelijke plaat, al zal ik wel nooit fan worden. Daarvoor ging er in mijn jeugd dus al wat mis.
File Under: Wroom, wroom.
File Audio: [ MySpace]
Max Richter - 24 Postcards in Full Colour
"Who says ringtones have to be so bad?", vraagt Max Richter zich af. Dat kan dus beter, vindt-ie. En hij voegt meteen de daad bij het woord, want zie hier: 24 Postcards in Full Colour. Even een korte introductie: Richter is een van de meest begaafde componisten van neoklassiek, en weet dit bovendien te combineren met verstilde, moderne elektronica. Zijn vorige twee fantastisch mooie albums (The Blue Notebooks en Songs From Before) zijn gevuld met diep melancholische strijkers, desolate pianonoten en zachtjes glitchende electronica, waarbij de lange epische stukken worden afgewisseld met schitterende miniatuurtjes. Intens en zwaarmoedig, ergens tussen Arvo Pärt, Erik Satie en Boards of Canada in. Voor 24 Postcards in Full Colour laat Richter de lengte helemaal links liggen en concentreert zich op maximaal effect in minimale tijd, allemaal met als doel op zijn eigen manier aan te kunnen sluiten bij de hedendaagse ringtonecultuur. Is dat gelukt? Qua vorm zeker, want: 24 miniatuurcomposities in nog geen 35 minuten. Qua inhoud ontstijgt hij echter zijn eigen concept, want ook zonder ringtone-achtergrond raak je onder de indruk en moet je elke song wel weer een nieuw pakje papieren zakdoekjes opentrekken om je zilte tranen weg te vegen. Alsof de vorm Richter ertoe heeft aangezet om alle overbodige noten en herhalingen weg te halen, blijven alleen de meest essentiële melodielijnen over, in zijn puurste vorm. In het begin lijkt alles door de korte tijdsduur ietwat te fragmentarisch van opzet, maar uiteindelijk blijkt het een van de grootste kwaliteiten van de plaat: je blijft hunkeren naar meer, naar nog meer melancholie, nog meer diepte, nog meer schoonheid. En die hunkering is zeer eenvoudig te bevredigen door de repeatknop in de drukken. En nog een keer. "To ringtone or not to ringtone" blijft natuurlijk de vraag, maar 24 Postcards in Full Colour is hoe dan ook een van de meest essentiële platen van 2008.
File Under: Alle 24 meer dan goed
File Audio: [maxrichtermusic]
Week 43, 2008
Storm
roy santiago - @ mt ventoux
Bas
Susanna - Flower of Evil
jnnk
of Montreal - Skeletal Lamping
Ludo
I'm From Barcelona - Who Killed Harry Houdini?
André
Girls Aloud - Out of Control
Gr.R.
Bullet - Byte the Bullet / Novastar @ Ekko
Sjaak
Guy J - Esperanza
Joice
Hollywood, Mon Amour - 80's Movie Songs Reinvented
Prikkie
AC/DC - Black Ice
Stonehead
Solo - Before we part
Sikkema
Ferry Corsten @ Ahoy
ForestSounds
Loreena McKennitt - A Midwinter Night's Dream
DubbelMono
Johnny Cash - At Folsom Prison (Legacy Edition)
Double You I Am / Dollygrip / St. Polaroid
Ik houd van lo-fi. Muziek mag rommelig zijn, klein en kneuterig, maar dan moet het wel als zodanig bedoeld zijn. Volgens mij was dat nooit het idee geweest van Wim Roossien, de man die schuilgaat achter Double You I Am. Zo klinken de liedjes van deze veteraan uit de Groningse scene namelijk totaal niet. Ze klinken alsof ze willen galmen en vragen om een vette productie, maar dat is dus totaal niet aanwezig op deze conceptplaat 3Dimension. Op de hoes probeert hij nog een beetje uit te leggen wat hij bedoelt met die drie dimensies, maar ik word er niet echt veel wijzer van. Ik zeg het niet snel bij een eigen beheer-plaat, maar deze vind ik echt niet om aan te horen, zo slecht is-ie geproduceerd. Dan is drie kwartier verstrikt zitten in de drie dimensies van Roossien echt een straf. Als ik me heel positief uit zou willen laten, zou ik nog kunnen zeggen dat ik er wat invloeden van Kevin Coyne in kan horen, maar die draait zich om in zijn graf als iemand van deze zijde hem dat influistert. Nee, dit wil ik echt zo snel mogelijk vergeten.
En daar is het ep-tje Never Meant To Be Royal van het Amsterdamse Dollygrip (niet te verwarren met provinciegenoten The Dollybirds) uitermate geschikt voor. Volgens hun bio worden ze in oktober 2009 tot Local Hero uitgeroepen door LiveXS. Dat is een ver vooruitziende blik, maar het zal wel eerder een typfout zijn dan een sterk staaltje Jomanda-kunde. De liedjes van Dollygrip zijn to the point. Een beetje zoals Caesar dat ook zo lekker had, maar de sound van Dollygrip is wat minder scherp dan die van wijlen hun plaatsgenoten. Het resulteert wel in vijf pakkende songs in een klein kwartiertje. Eigenlijk best raar dat deze band drie jaar op zijn kont gelegen heeft, ze hadden al een stuk verder kunnen zijn. I rest my case.
Dat deed de verzekering van de tegenpartij van Eric-Jan Vriend ook. Lachend incasseerde Vriend de vergoeding van de verzekering voor het korter maken van zijn Peugeot door de Saab van de tegenpartij. Eric-Jan had meteen een doel voor het geld: een cd opnemen onder de naam St. Polaroid. Mooi in zijn uppie Beatle-esque liedjes schrijven en vastleggen onder de titel Thanks To The Insurance. Da's wel hele andere koek dan hij liet horen in zijn vorige bandje Afgewerkte Motorolie. Dat was bij tijd en wijle behoorlijk luidruchtig, maar de herrie is is dus als sneeuw voor de zon verdwenen. Alhoewel de liedjes me best bevallen, ga ik me op een bepaald moment toch wat irriteren aan het accent van Eric-Jan. Het is niet Nederengels genoeg om het ontwapenend te noemen en te opvallend om te negeren. Da's jammer, want de harmonieën zoals hij ze bijvoorbeeld presenteert in het afsluitende "Summer Feels Good" (dat inderdaad klinkt zoals het heet) zijn ronduit fraai te noemen. Toch ben ik blij dat-ie zijn verzekeringsgeld gestoken heeft in deze cd, en niet in het opknappen van zijn auto.
File Under: Niet uit te zitten.
File: Dollygrip - Never Meant To Be Royal
File Under: Na onbegrijpelijke hiatus op het juiste spoor. Doorgaan.
File Audio: [ MySpace]
File: St. Polaroid - Thanks To The Insurance
File Under: Interpolis, glashelder?
File Audio: [ MySpace]
Monokraft - Certain Information Has Come To Light
Consistentie, ik ben er gek op. Niet dat ik conservatief ben, maar wat goed is, moet je niet veranderen. Zo ben ik nogal tegenstander van het al te vaak veranderen van logo's. Al was het maar uit pure luiheid, want je zoekt je soms te pletter naar dingen van leveranciers die zo nodig ineens weer een jeugdig imago nodig hebben. Monokraft snapt dat. Ze bestaan natuurlijk ook nog maar een jaartje of twee, hun eerste volledige cd is net uit, maar hun EP-tje was voorzien van hun naam op zo'n mooie Dymo-lettertangsticker en Certain Information Has Come To Light is ook voorzien van zo'n ding. Mooi is dat, daar houd ik van en het is al snel een puntje extra. Niet dat ze het alleen van de hoes moeten hebben overigens. Muzikaal zit het ook wel snor met de jongens van het Arnhemse Monokraft. Al moest het kwartje wel even vallen. De ware pracht van Certain Information Has Come To Light ontvouwde zich, bij mij, pas toen mijn mp3-speler vond dat ik Monokraft moest afspelen op een net iets te hoog volume (Marillion was namelijk afgelopen). Ik knikte goedkeurend, maar kon er even niet opkomen wat ik hoorde. Was het Motorpsycho? Nee, toch niet. Er zit wel een King Crimson-riffje in het eerste nummer, en wat post-rockinvloeden verderop, maar klinkt allemaal net eigen genoeg om bovenstaande bands meteen uit te sluiten. Als je het tenminste maar goed hard afspeelt. Puike plaat!
File Under: Listen loud without prejustice...
Artas - The Healing
Behalve een plaats in de Amerikaanse staat South Dakota en een kleine gemeente in het Franse departement Isère is Artas een luidruchtige metalband uit het land van besneeuwde Alpentoppen en frivole jodelmeisjes. Van blondgelokte Heidi's is op The Healing evenwel geen sprake. Wel wordt een portie heftige thrashmetal geserveerd met death metal- en metalcore uitstapjes. Dubbele bassdrums zijn schering en inslag, de zang van brulboei Hannes is rauw en agressief en wordt afwisselend in het Engels, Spaans en Duits ingezet. De band, oorspronkelijk opererend onder de naam Staub&Schatten, bestaat uit een horde jonge honden die liefkozend naar zichzelf verwijzen als The Five Warriors. Met The Healing ondergaan zij hun vuurdoop in de boze wereld van de zware muziek. Door het ongebreidelde enthousiasme waarmee het schijfje werd ingespeeld en de megavette productie van Jacob Hansen kun je er nochtans absoluut niet aan afhoren dat het hier een debuut betreft. De dertien nummers laten zich beluisteren als het geluid van een ontspoorde trein die op nietsontziende wijze door de huiskamer raast, een spoor van vernieling achterlatend. De muziek is waarlijk bruut en kan nog het best vergeleken worden met bands als Soilwork en Caliban. Minpunt is wel dat er te weinig afwisseling is, waardoor de nummers nogal op elkaar lijken en de aandacht halverwege enigszins begint te verslappen. Vermeldenswaardig is voorts nog de bewerking van Coolio's rapklassieker "Gangsta's Paradise" die voorzien van een zwaar metalen jasje zowaar voor het eerst om aan te horen is.
File Under: Brute thrashmetal uit Alpenland
File Audio: [ MySpace]
Seventh Wonder - Mercy Falls
Een progmetalband en een concept-album. Oh jee, ook nog een gesproken intro, gevolgd door instrumentale stukken vol Dream Theater-achtige kijk-mamma-zonder-handen-breaks. Ik zie de bui al hangen. Een stel Zweedse Dream Theater-adepten die nog eens dunnetjes overdoen wat hun idolen al een tijdje doen en daar - uiteraard - niet in slagen. Nou, nee dus. Want zodra de zang inzet is ineens die Dream Theater-associatie weg. Zanger Tommy Karevik heeft namelijk een heldere stem die in niets doet denken aan het gruizige geluid van James LaBrie. Bovendien worden er nog koortjes achter gehangen die bijna poppy aandoen. En luister eens naar een track als "Unbreakable". Dat klinkt bijna als Duitse metal. De track daarna, "Tears Of A Father", is dan weer een fraaie ballad met alleen akoestische gitaar en zang. Die overigens iets te snel overgaat in een hakken-voor-je-leven-song. U begrijpt: Seventh Wonder is technisch, verantwoord over the top en gevarieerd, al ontbreekt samenhang tussen de songs nog wel eens - ondanks het concept. Een duidelijke keuze zou wel helpen. Maar voor wie een stevige portie prog-/powermetal met stevige Duitse trekken en uitstekende zang en koortjes ziet zitten, is dit beslist een aanwinst.
File Under: Bij vlagen verrassend Duits klinkende Zweden
File Audio: [Op de site] [WonderSpace]
Sean O'Brien & His Dirty Hands - Goodbye Game
Eerlijk gezegd weet ik niet of Sean O'Brien aan de overkant van de plas enige naam heeft opgebouwd. Na vijfentwintig jaar in het vak en een handvol bandjes achter de rug is Goodbye Game pas het tweede levensteken van hem dat mij bereikt. Het eerste was zijn vorige plaat, Seed of Mayhem die pas begin dit jaar Nederland bereikte. Als deze twee soloplaten de neerslag vormen van vijfentwintig jaar muziek maken, dan heeft Sean O'Brien een eclectische carrière achter de rug. Van opgefokte rock 'n' roll (opener "Take Your Pills"), nerveuze pubrock ("Warm & Sane"), galmende powerpop ("Bones Snap") tot instro-achtige instrumentaaltjes (het bizarre "Get Over Tunis") het komt allemaal voorbij. En dan vergeet ik nog de psychedelica van "Bad Faith" en de zydeco-country van "New Home Tonight". Het maakt dan ook dat Goodbye Game een wat rommelige plaat is, een indruk die nog versterkt wordt doordat Sean O'Brien bij tijd en wijle klinkt als een verkouden Bryan Ferry. Dezelfde rommeligheid en het met moeite zuiver zingen geeft de cd tegelijk een sympathieke uitstraling. Als je een loopbaan als bijzaak beschouwt en het de lol is die je in het zadel houdt, zijn vijfentwintig jaar zo om. Als het plezier en de inzet ook nog eens duidelijk in je muziek naar voren komen, heb je die vijfentwintig jaar niet voor niets gebruikt.
File Under: Nooit opgeven
File Audio: [Sean's Space]
Kim Janssen / DeWolff / GoldZounds
Het oer-Hollandse platenlabel Volkoren bestaat vijf jaar en dat is onlangs gevierd met het Volkoren-festijn in het Paard van Troje. Ik kon er helaas niet bij zijn. Jammer, want dan had ik gelijk kunnen checken hoe Kim Janssen het er op het podium vanaf zou brengen. Of zijn eigen liedjes net zo mooi en verstild zijn als de versies van de liedjes van zijn labelgenoten die hij hier op V laat horen. De eigen draai die hij geeft aan de liedjes van Brown Feather Sparrow, At The Close Of Every Day, Ponoka, ME en Anderson bevalt me namelijk uitstekend. Zoals zo ongeveer al zijn labelgenoten is Janssen getooid met een zachte, broze stem. Dat in combinatie met de spaarzame instrumentatie van zijn uitvoeringen maakt me bijna angstig om wat anders te gaan doen terwijl ik luister naar V, bang dat ik de serene sfeer verbreek. Prachtig.
Ook prachtig, maar vooral ook luidruchtig is de zelfgetitelde EP van DeWolff. Deze drie Limburgse snotapen die zo ongeveer nog geen biertje aan de bar mogen bestellen wonnen de Kunstbende, met muziek die populair was bij hun ouders en misschien zelfs wel hun grootouders. Ik vind het erg koel om te horen dat er nog kids zijn van een jaar of vijftien, zestien die niet bang zijn om een Hammond-orgel gierend de bocht uit te laten gaan en juichend een eigen variant op een Deep Purple-riff vastleggen op plaat. Enige manco aan de vijf liedjes is misschien nog de stem. Die is net iets te licht voor het echte werk, maar dat lijkt me een kwestie van tijd voor die er ook klaar voor is. Het zal me benieuwen hoe goed deze knapen zullen zijn over een jaar of vier, vijf, want de zes tracks laten nu al straffe moderne retro horen.
GoldZounds grijpt een stuk minder ver terug in de tijd. Dit Amsterdamse drietal haalt veel meer zijn invloeden uit de alternatieve rock uit de jaren negentig en deze eeuw. Dat daar nog kleine doorkijkjes aan toegevoegd worden van verder vervlogen tijden valt wat minder op. Al moet ik wel wennen aan de stem van Jan Luitjes. Een ongemakkelijke kruising tussen Jasper Steverlinck en Ian Astbury, waar ik niet instant fan van ben. Het maakt dat ik hun nieuwe ep Elmore Vella wat lastig kan appreciëren. Maar gezien het feit dat ze met een vorige ep enkele weken fier de Free40 Indie Chart aanvoerden, kan dat best aan mij liggen.
File Under: Fijn verjaarskado.
FIle Audio: [ MySpace]
File: DeWolff - DeWolff
File Under: Goud van jong
File Audio: [ MySpace]
File: GoldZounds - Elmore Vella
File Under: Het went niet.
File Audio: [ MySpace]
Sylvan - Posthumous Silence - The Show
'Hallo?'
'He, met mij, heb je zin om naar een concert te gaan?'
'Ligt eraan... wat is het?'
'Sylvan speelt in Hamburg een integrale versie van hun Posthumous Silence cd! Wordt een prachtige show met lichteffecten, geprojecteerde beelden en gastmuzikanten!'
'Ik ken ze wel, prima verzorgde symfonische rock, maar zijn ze niet wat braafjes op het toneel?'
'Ach, dat wel, maar ze musiceren echt geweldig, ook live, en die show belooft behoorlijk spectaculair te worden.'
'Waar was het ook alweer?'
'In Hamburg. Tsja, een eind weg, maar volgens mij de rit wel waard.'
'Ik weet het niet...'
'Maar dit wil je toch niet missen als symfo-freak?'
'Weet je wat, ik wacht wel op de dvd.'
'Ah kom op, dat meen je niet...'
'Nee echt, dan kost het me minder en zie ik alles alsof ik op de eerste rij zit.'
'Maar dan wel zonder sfeer. Dat komt gewoon niet over op dvd. Je zult je constant afvragen: wat is hier nou zo bijzonder aan? En waarom is dat publiek nou wel zo enthousiast?'
'Dat risico neem ik dan maar...'
'Goed, maar let op, je zult er spijt van krijgen!'
'Mijn besluit staat vast! Maar veel plezier die avond...'
'Jammer, dan ga ik nu één kaartje reserveren.'
'Kom je dan wel de dvd bij mij kijken als ik hem binnen heb?'
'En een mooie herinnering laten bedoezelen door een slap aftreksel op een tv-scherm? Nee bedankt.'
'Nou dan zijn we uitgepraat.'
'Lijkt me ook.'
File Under: Het was vast een mooi concert als je er bij was...
File Audio: [Fragmenten op MySpace]
File Video: [DVD Trailer 1] - [DVD Trailer 2]
The New Year - The New Year
De Texaanse broertjes Kadane zijn al heel wat jaren bezig. Eerst in de slowcore-groep Bedhead, door Adem onlangs nog gecoverd, en nu alweer jarenlang in 't losvaste collectief The New Year. Mijn eerste associatie met die naam is het Death Cab For Cutie-nummer en zo heel ver weg verwijderd van de recente (rustigere) Death Cab-albums zitten ze hier niet. The New Year maakt lieve muziek, vol zachte melodielijnen die door elkaar kringelen. Klaterend fris. Opener "Folios" is ouderwets sloom, met een bijzonder lang instrumentaal intro, wat me deed denken aan de sfeer van Obi's debuut The Magic Land Of Radio. Zelfs de vocalen, als ze dan eindelijk komen, hebben iets Brits. "X Off Days" doet daar nog een schepje bovenop, het quasi-ongeïnteresseerd gezongen nummer, heeft zowel qua vocalen als melodie wat weg van Malcolm Middleton en zijn Arab Strap. The New Year (en vroeger Bedhead) staan vooral bekend om hun gitaarwerk, niet vreemd dat het label in de liner notes de nadruk legt op een nieuw ingrediënt: de piano. In een pianoballade als "Body & Soul", maar ook in het snellere (en het meest catchy) liedje "The Company I Can Get It" zorgt dit voor een fijne Grandaddy-sfeer. Toch is mijn favoriet "Wages of Sleep", een minimalistische tranentrekker rond de oude vertrouwde gitaren. 'Eight hours of sleep can make anything go away'.
File Under: Onnadrukkelijke doorzetters
File Audio: [New-Space]
7 Seconds Of Love - Danger is Dangerous
Danger is Dangerous is het debuutalbum van de Londense ska-formatie 7 Seconds Of Love. En zoals ze het zelf omschrijven, kunnen we vooral rocksteady-skankin'-ska-punkpop-beats verwachten. Inderdaad, 2 Tone dus in zijn beste traditie, zoals we die ook kennen van Madness en The Specials. Toch gaat deze vergelijking niet helemaal op. De sound van deze kortstondige liefde gaat namelijk meer richting de originele, Jamaican-style ska en reggae. Denk meer aan onze eigen Beef. En verdomd, bij hun invloeden staan ze zelfs vernoemd! O nee, daar bedoelen ze echt rundvlees mee, grappig. Grappig zijn eveneens de melig geanimeerde videoclips, die zowat bij alle tracks van deze cd zijn gemaakt. Frontman Joel Veitch blijkt namelijk niet alleen zanger te zijn, maar ook een getalenteerde animator. Hoofdrollen in deze clips zijn voornamelijk weggelegd voor pluizige poesjes, die vrolijk rondspringen en rondhupsen op de aanstekelijke deuntjes en riedeltjes. Tekstueel is het niveau zoals je dat mag verwachten. Onderbroekenlol, drinkgelag en onzinnige mopjes. Toch ben ik niet overtuigd. Alhoewel alles van een redelijk niveau is, blijf ik het idee houden dat ik naar een stelletje enthousiaste amateurs zit te luisteren. Dat pleit zeker voor hun toewijding en is leuk voor hun vrienden en familie, ik kan er alleen niets mee. Hoogstens een kortstondige opwinding van ongeveer zeven seconden. Tsja, met zo'n naam vraag je erom.
File Under: Langer wordt het niet.
File Audio: [ MySpace]
Silvery - Thunder & Excelsior
Een veelbelovende gitaarriff, een kek orgeltje, meer is er niet nodig om mij op het puntje van de stoel te krijgen. Het Londense Silvery lukt het meteen bij de eerste tonen van "Horror". Is dit de nieuwe Supergrass? Is dit soms de nieuwe Caesars? Ik zou er bijna een moord voor doen. Als echter de zanger, die een net wat te strakke broek aan lijkt te hebben, zijn intrede doet met zijn wat theatrale zangkunsten dan ben ik even ontdaan. Gatver, we krijgen toch geen Kaiser Chiefs-kloon? Onder de zang van James Orman (naar ik aanneem) doen twee van de drie andere bandleden hun best met een achtergrondkoortje de sfeer erin te brengen. Er zal nog heel veel aan 'lalalalala' volgen. Als ik een beetje van de schrik bekomen ben en de verwachtingen niet meer te hoog gespannen zijn, dan blijkt Silvery met de veertien liedjes op Thunder & Excelsior een open sollicitatie te zijn naar een plaats op een van de Britse festivalpodia het komende zomerseizoen. Ik zie de mensen in gedachten al springen en hossen. Toch vind ik de nummers zelf wel wat eenvormig. Met een nummer als "Horrors" lijken ze in nog geen twee minuten alles wat ze te vertellen hebben weg te geven.
File Under: Doen ze in Engeland eigenlijk ook aan de polonaise?
File Audio: [ MySpace]
File Video: [Horrors]
U2 - Under A Blood Red Sky
Ik lig wakker in mijn tent. Al een hele tijd. Het is al diep in de nacht. Ik draai mijn cassette nog maar eens om. De autoreverse doet het al lang niet meer op mijn walkman. Het slechte nieuws heb ik vol ongeloof ontvangen. Je gaat op vakantie en gaat er gewoon vanuit dat je iedereen in goede gezondheid weer terug zult zien. Dat zal dus niet gebeuren nu. Dat hakt erin. Bono zingt me toe. Dat heeft hij al veel gedaan deze vakantie in Zuid-Frankrijk, die we nu dus abrupt af moeten breken. Op de ene kant van het tapeje staat October, op de andere Under A Blood Red Sky en als vullertje verdeeld over beide kanten Wide Awake In America. Als Bono na de druk op de play-knop "Gloria" aankondigt, nadat Larry Mullen jr de drums al heeft inzet en The Edge begint te janken krijg ik koude rillingen. Een lichte kramp in mijn kuiten, onprettige spanning in de rest van mijn lijf. Ik druk mijn hakken in mijn matje en probeer me te vermannen. Het lukt niet. Het hoeft ook niet. Uit de hoek van mijn rechteroog loopt een traan. Ik veeg de eerste nog weg, maar laat de volgende gewoon lopen. Ik draai me op mijn rechterzij en rol me op in een foetushouding. 'It's cold outside, it gets so hot in here', zingt Bono in "11 O'Clock Tick Tock". De nacht is hier warm, maar ik heb rillingen. Het is onwerkelijk, ik luister verder. ' I waited patiently for the Lord / He inclined and heard my cry / He brought me right out of the pit, / out of my miry clay.' Ik laat de lucht vast uit mijn matras lopen. Niet dat de drie minuten die dat scheelt morgenvroeg ons eerder thuis zal brengen, maar dat idee geeft het me wel.
File Under: Er is niets veranderd, de herinnering blijft haarscherp
File Video: [Trailer]
These Arms Are Snakes - Tail Swallower And Dove
Er was eens een metalcore-band genaamd Botch. Botch was niet een heel erg bekende band, maar met hun laatste plaat We Are The Romans uit 1999 wisten ze toch behoorlijk opzien te baren in de internationale metalcore- en posthardcore-scene met hun dwarse dissonante riffs en vreemde songstructuren. Aan alles komt een eind en zo ook aan Botch, maar uit de as van Botch zijn twee goede bands voortgekomen. De ene is Minus The Bear, die het vooral zoeken in gestructureerde proggy indierock-met-emo-inslag en vorig jaar flink indruk wisten te maken op ondergetekende met hun derde plaat Planet Of Ice, de andere band is het wat ruigere These Arms Are Snakes, die intussen ook bij hun derde full-length zijn aangekomen. These Arms Are Snakes doet ook aan posthardcore, maar dan de minimalistische variant waarbij de nadruk ligt op dwingende grooves en Les Savy Fav-achtig ruimtelijk gitaarwerk, gecombineerd met een zanger die zijn teksten afwisselend schreeuwt, sneert en af en toe zingt in een Jello Biafra-achtig timbre. Zeg ergens tussen At The Drive-In en The Blood Brothers, maar dan minder manisch en meer op sfeer gericht. Waar hun vorige plaat Easter al een erg sterke plaat was, is de nieuwe wederom erg overtuigend. De plaat luistert weg als een geheel en er is werkelijk geen zwak moment op te vinden. Deze groep doet waar ze goed in is, weet wat ze wil en laat zich niet van de wijs brengen door trends en hypes. Voor wie zijn posthardcore gewaagd en groovend wil hebben is dit een uitgelezen plaat om eens in te duiken.
File Under: Geslaagde derde
File Audio: [TAAS-Space]
Growing - All The Way
Growing, dat was toch die ambient/drone band? Met dat dreigende totaalgeluid? Opgebouwd uit overstuurde gitaren zonder ooit zo heavy als Sunn o))) te worden? Dat dacht ik ook ja. Mooie dingen in het verleden van gehoord. Maar nu niet meer, want de band heeft teveel naar die olijke mallerds van Black Dice geluisterd: lekker klooien met gitaar en analoge synth, beetje aan de knopjes draaien, en klaar. Delay en loops zijn ook leuke speeltjes, dus die gooien we er ook in. En dan liefst zonder visie, zonder vooropgezet plan, nee: het moet wel spontaan blijven, vrije expressie enzo. Daar is Black Dice aan ten onder gegaan - na het superieure "Conetoaster" is er nooit meer een fatsoenlijke noot uit hun machines gekomen - en dat is met Growing nu ook gebeurd. Niks geen donkere drones of mooie ambient, alleen maar vrijblijvend gepiel zonder visie, zonder het 'heilige moeten'. Nee, gewoon klooien omdat het kan, omdat ze tijd over hadden. En dan blijkt er ook nog een platenmaatschappij die het uit wil brengen. Tja.
File Under: Richtingloos gepiel
File Audio: [Growing-Space]
Mist - Period
Een week of wat geleden was ik getuige van een huiskamerconcert van Mist. Ten opzichte van de keer ervoor geslonken van vijf naar twee bandleden (Rick Treffers en Ivar Vermeulen), maar met behulp van wat elektronica en een flinke partij multitasking werd het allesbehalve een kale bedoening. Het was de cd-pre-presentatie, zoals Treffers het noemde, waarbij onze Grote Roerganger Storm de cd mocht ontvangen. Zelf moest ik - niet eens diep, overigens - in de buidel tasten voor de cd, maar daar heb ik geen spijt van gehad. Period is een verzameling songs die grotendeels al online - al dan niet in deze versies - verkrijgbaar was, aangevuld met nieuw werk. Op dit album zijn sommige songs nog met de volledige band opgenomen, andere door alleen Treffers en Vermeulen, andere met gastmuzikanten. Je zou verwachten dat dat, gecombineerd met het feit dat dit werk grotendeels nooit als verzameling op cd bedoeld was, de eenvormigheid niet ten goede zou komen, maar niets is minder waar. De liedjes van Mist zijn kleine schilderijtjes, waarbij de ene keer iets steviger penseelstreken overheen gaan en de andere keer slechts spaarzaam wordt ingekleurd, maar altijd zijn de diverse lagen smaakvol over elkaar heen gedrapeerd. Treffers is geen man van ruige uithalen en de muziek is begrijpelijkerwijs dus ook geen van-dik-hout-zaagt-men-planken-pop. Wat wel opvalt, is dat met name de liedjes met beperkte instrumentatie vaak het best blijven hangen. Al is niet uit te sluiten dat dat is omdat ze omgeven worden door iets meer gevulde songs. Het prijsnummer is een van die 'kleine' liedjes, "Subliminal". Een mooi breekbaar liedje dat - hoe toepasselijk - diep onder je huid kruipt. Period mag dan begonnen zijn als een verzameling losse liedjes, het levert een fijne cd op, met een stel pareltjes bovendien.
File Under: Intieme schilderijententoonstelling
File Audio: [Op de site, uiteraard] [MistSpace]
Headphone - Ghostwriter
Radiohead. Zo, dan is die naam alvast genoemd. Maar om het daarbij te laten, is in mijn ogen gewoon een vorm van luie journalistiek. Natuurlijk, de stem van Ian Marien klinkt als een Thom Yorke die voor de verandering antidepressiva werd voorgeschreven die wél aanslaan. Nog steeds geen vrolijke jongen, maar de scheermesjes staan gelukkig nog lang niet op de polsen. Ook de minder zwaar aangezette instrumentale invulling van elektronica en gitaren is hier debet aan. Headphone klinkt op Ghostwriter boven alles een stuk toegankelijker dan de recente output van Radiohead. Ze komen voor mij daarmee dichter in de buurt van het geluid dat we kennen van bands als Archive, Union of Knives en de melodieuzere kant van (het helaas ter ziele gegane) The Cooper Temple Clause. Die lijst namen geeft tevens aan waarom Headphone kan worden gezien als een ware verademing in het muzikale landschap van onze zuiderburen: eindelijk weer eens een Belgische band die niet meteen langs de muzikale-meetlat-die-dEUS-heet hoeft te worden gelegd. Wellicht dat ze daarom met de puike singles "Ghostwriter" en "She is Electric" zulke welkome gasten bleken te zijn in de hogere regionen van Studio Brussels hitlijst 'De Afrekening'. Advies voor de volgende plaat is om hier en daar niet bang te zijn om - zoals de band dat live wel doet - wat onstuimiger te werk te gaan. De afwijkende, Franstalige afsluiter "Film" (inclusief zuchtmeisje) gaat in ieder geval een veelbelovende richting op.
File Under: Meer dan alleen een koptelefoon voor radiohoofden
File Audio: [Headspace]
File Video: [Ghostwriter][She Is Electric]
Motek - Port Sunshine
Ik moest het toch even controleren. Motek, dat was toch een geheel instrumentale post-rockband? Ik wist het vrij zeker, maar omdat het gebruik van zang op Port Sunshine zo natuurlijk aanvoelde, begon ik aan mezelf te twijfelen. Maar ik had gelijk, op hun sterke debuut-cd klonk wel een paar keer een kreet, maar zang kon je het nauwelijks noemen. Overigens vond ik bij hernieuwde beluistering van dat debuut, dat de File Under 'post-rockerers die mogen blijven' nog steeds fier overeind stond. Toch is Port Sunshine in alles een slag beter. De band wisselt voortslepende partijen af met frisse nieuwe blikken op wat meer uptempo songs. Die geven in bijvoorbeeld "Combi Collina" door de dreinende synths, de Oosters-getinte loopjes en op de achtergrond staande galmende zang de band zowaar een eigen smoel en dat lukt bij lange na niet alle post-rockbands. Het zou kunnen dat mensen die hun post-rock vooral graag voortdeinend en volgens het vaste hard-zacht-stramien blieven af zullen haken. Al kunnen die hun hart nog wel ophalen in bijvoorbeeld het fenomenale "Corvo" Toch vind ik het wel zo prettig, zo'n band die niet star vasthoudt aan vaste kaders en het avontuur zoekt. Dat valt alleen maar te prijzen. Alleen hoop ik wel voor Motek dat ze live ook de hulp zullen krijgen van het van Zita Swoon geleende kwartet Eva en Kapinga Gysel (achtergrondzang), Joris Caluwaerts (synths) en Amel Serra Garcia (percussie), of in ieder geval adequate vervangers kunnen regelen, zodat ze hier niet alleen maar terug hoeven te vallen op hun 'oude' geluid. Maar ik gok dat dat wel goed komt.
File Under: Belgische weelde
File Audio: [ MySpace]
File Video: [Combi Collina]
Everything Is Made In China - 4
Elk jaar rond Prinsjesdag is er kermis in mijn woonplaats. En de kermis brengt niet het allerbeste in de stad naar boven. Ineens lopen er mensen rond in jouw stad waarvan je nooit wist dat ze in jouw stad woonden. Mensen die waarschijnlijk normaal alleen maar in hun trainingspak, op een krat bier, met slippers aan, in de voortuin zitten. Maar genoeg over deze mensen, ik heb verder niks tegen ze, maar ik heb ook niks mèt ze. Weer terug naar de kermis, ik MOET door de kermis heen om naar mijn AH te komen en dan krijg je een overmaat aan geluiden op je af geschoten, van ouwehoerende marktkooplui tot botsende botsauto's, schreeuwende kinderen en joelende attracties. Een kakofonie aan geluiden, zonder genade en vooral zonder lijn. En daar is het bruggetje naar de cd van Everything Is Made In China, het debuut van drie cafégangers uit Moskou. Elf totaal verschillende nummers die gaan van progrock naar Mogwai-achtige klanken Mogwai, tot het brave van Snow Patrol, het rauwe van de Smashing Pumpkins, het snellere Kasabian en het zweverige van Oceansize. Dan noem ik zo snel even best wat prettige namen, maar allemaal van een andere muziekplaneet. Het ziet ernaar uit dat Everything Is Made In China op zoek is naar hun eigen sound en dat is hun goed recht. Ik geef ze die tijd en wacht geduldig op hun volgende cd voor een beter oordeel.
File Under: Op zoek in de kermis
File Audio: [ MySpace]
Shelleyan Orphan - We Have Everything We Need
In 1992 leefde Kurt Cobain nog, verscheen REM's Automatic for the People, en verscheurde Sinéad O'Connor een foto van de Paus. Het is ook het jaar dat het laatste album van Shelleyan Orphan verscheen. Tot 2008 dan, want na zestien jaar is er nieuw werk van Caroline Crawley en Jemaur Tayle uit Bournemouth. Naast een boxset met de eerste drie albums, niet eerder uitgebracht materiaal en een DVD is er zowaar een volledig nieuw album uit: We Have Everything We Need. De stem van Caroline Crawley zal velen bekend in de oren klinken, ze zong namelijk ook enkele nummers op Blood van This Mortal Coil. Het eerste deel van het album, vooral het tweede en derde nummer, is indrukwekkend en wordt geheel gedragen door Crawley's warme stem en de sfeervolle strijkers. Het gaat een beetje mis bij "Something Pulled Me" een nogal simpele en weinig originele countryballad. Helemaal mis gaat het bij de nummers die door Jemaur gezongen worden, zoals "Evolute" en "I'm Glad You Didn't Jump Out of the Car That Day". Het zijn op zich mooie nummers maar zijn stem is gewoon een beetje saai, zeker vergeleken met de zang van Crawley. Afgezien van deze minpuntjes is We Have Everything We Need een verrassend goede comeback van een band die eigenlijk stiekem door niemand gemist werd.
File Under: Orphan terug na 16 jaar
File Audio: [ MySpace]
Dungen - 4
Ik had er eerlijk gezegd nog nooit van gehoord, maar ze schijnen in de afgelopen jaren toch een enthousiaste schare fans te hebben verzameld: Dungen. Zoals de naam 4 al een beetje doet vermoeden is dit het vierde album (want ja, het komt heel hip op cd én lp uit) van deze Zweedse band, gespecialiseerd in psychedelica met een retro sausje. Of is dat dubbelop gezegd? Hoe dan ook, dat is wel het eerste wat aan hun muziek opvalt: het klinkt allemaal alsof het in de jaren 60 op een zolderkamertje is opgenomen. Nou ben ik de laatste die zal beweren dat 'goede' muziek ook 'goed' moet klinken, maar je muziek bewust dof en ruisend opnemen gaat mij toch nèt iets te ver. Op 4 wisselen instrumentale en vocale stukken elkaar af, en laat ik het maar eerlijk zeggen: voor beiden loop ik niet echt warm. De instrumentale stukken, zeker die waar de gitaar de bovenhand voert, lijken nog het meest op Zappa-achtig gefreak zonder echte kop en/of staart. De vocale nummers zijn prettig in het gehoor liggende, dromerige liedjes, waarbij ik dan toch het begrip van de taal mis, omdat Dungen alles in het Zweeds zingt. Kortom, ik heb er vele malen naar geluisterd de afgelopen week, en het laat maar geen sporen achter. Muziek maken kunnen de heren zeker, en de instrumentatie (bijvoorbeeld de inzet van dwarsfluit of strijkers) is origineel. Het is ook niet dat de muziek me stoort, soms zit ik hier en daar mee te neuriën, maar echt raken of ontroeren of voor mijn part irriteren doet het me nergens.
File Under: Onverstaanbaar retro
File Audio: [Audiofragmenten op MySpace]
Earthbend - Harmonia
'Een doodsaai stemgeluid', zo omschreef collega Marty de stem van Earthbend's André Kunzel ten tijde van Young Man Afraid. We zijn ruim anderhalf jaar verder en de goede man is zowaar wat beter gaan zingen. Luister maar eens naar de tenenkrommende zang, inclusief Duits accent, op "Hula Roadsong" van Young Man Afraid en naar de nummers op Harmonia. Goed gedaan jochie! Laten we echter vooral niet te vroeg juichen. Dit nieuwe werkje kent namelijk een ander euvel: een gebrek aan goede nummers. En dat is toch vrij essentieel voor een band. Misschien komt het ook wel door de nog altijd vlakke en, toch wel erg Duitse, stem van de zanger, maar ook de rest van de band helpt niet echt. Aan de hoes te zien moet Harmonia een soort westerngevoel uitstralen. Westerns zijn spannend, de plaat niet. Neem de titelsong: duurt bijna tien minuten en er gebeurt letterlijk niets in! Earthbend wil de Duitse Editors zijn net stukken Queens of the Stone Age. Maar de gitaarriffs zijn volkomen oninteressant en niet inventief genoeg. '1000 Yard Stare' is een hoogtepunt, maar als de band dan weer zeven minuten uittrekt voor het langdradige en nietszeggende 'Bones' kan ik een zucht niet onderdrukken. Marty heeft nog steeds gelijk: Earthbend is een gemiddeld bandje. En André Kunzel nog steeds geen Tom Smith.
File Under: Gemiddelde rockplaat.
File Audio: [ MySpace]
Disco Ensemble - Magic Recoveries
Dit stukje over Disco Ensemble's derde cd is een beetje mosterd na de maaltijd. De cd ligt al een paar maanden in de schappen, de band speelde al op Pukkelpop in augustus en heeft net vorige week twee optredens gedaan in de kleine zaal van Paradiso en Ekko. Waarom dan toch alsnog een stukje over Magic Recoveries? Nou ten eerste omdat je hun concert binnenkort toch nog in de herhaling kunt zien op FabChannel en ten tweede omdat deze vier Finnen met Magic Recoveries toch wel een toffe opvolger gemaakt hebben van First Aid Kid. Wel een opvolger die op bepaalde momenten een duidelijke stijlbreuk is ten opzichte van zijn voorganger. In enkele nummers kruipt de band duidelijk wat meer de indierockkant op. Of de fans van het eerste uur daar blij mee zullen zijn weet ik niet, maar ik vind het wel oké om nummers als het voortslepende "Worst Night Out" te horen. Wat die fans vinden, dat zal de band verder worst zijn. Dat bezingen ze ook zo ongeveer in "We Can Stop Whenever We Want". Dat het af en toe meer richting indierock gaat blijkt bovendien helemaal nog niet uit het openings- en titelnummer, want de start hiervan is lekker fel en gelijk strak d'r op. Toch vindt er ongeveer halverwege ook al een verrassende wending plaats. Dan wordt er zomaar pardoes een piano de studio ingereden. En zingt Miikka Koivisto een stukje alleen door piano begeleid. Qua tekst wordt het dan overigens alles behalve zoetsappig: 'All I can think of is my weird obsessions / All I can think of is my fucking dick ,' zingt hij op zijn serieust. Rare jongens, die Finnen.
File Under: Niet bang zijn voor veranderingen.
The Courteeners - St. Jude
Zanger Liam Fray van The Courteeners heeft nogal een grote mond. Sterker nog, zijn mond is nog groter dan die van mede-Mancunian Noel Gallagher van Oasis, en dat wil wat zeggen. Op St. Jude, in het prima klinkende "What Took You So Long?", benoemt hij zichzelf tot een 'Morrissey with some strings', maar de man mag nog niet eens de grond kussen waar Morrissey op loopt. Het meest origineel klinken The Courteeners nog in het laid-back "How Come", waarin ze gewoon een goed popliedje neerzetten en dat ze over laten gaan in het op Kings of Leon lijkende "Kings of the New Road". Muzikaal hebben The Courteeners overigens minder gemeen met Morrissey dan met een band als The Libertines en Arctic Monkeys. Alleen dan wel minder goed. St. Jude is een plaat die dan ook prima past in de Britpoptraditie, met pakkende riffs, pakkende zanglijnen en veel herkenbaarheid, en een plaat die best goed zal verkopen. Maar, en dat is veel belangrijker, ook een plaat die niemand zich over een jaar of vijf nog herinnert. Ondanks het feit dat Liam niet alleen in de pers, maar ook in zijn teksten geen blad voor de mond neemt ('You're an average girl with bad teeth'). Zo eentje, dus.
File Under: Brutale Britpop
File Audio: [ MySpace]
File Video: [Not Nineteen Forever],[What Took You So Long?]
Gezocht: Hiphoppert
'Hiphop is niet alleen maar een vorm van muziek maken, maar gaat veel dieper dan dat", staat er te lezen op de Wikipedia. Maar wij bij File Under begrijpen niet veel van hiphop. We doen wel ons best, maar ja.... Dus liggen er stapels cd's om te recenseren, maar we hebben dus geen schrijver. Ben je een groot hiphop/rap-liefhebber, heb je discipline om met vaste regelmaat iets aan te leveren, kun je tegen opbouwende kritiek en kun je nog leuk schrijven ook (niet geheel onbelangrijk) dan ben jij misschien wel onze redding. Mail je persoonlijke proeftekst over het liefst een cd die we nog niet hebben besproken naar ons op. En mocht ons dit bevallen dan ben jij misschien wel onze hiphopper of -hopster. Dus hiphup klim in die pen....
Lambchop - OH (Ohio)
Ik was er deze zomer, in Nashville, TN. We hadden een festival in de buurt gedaan en dan kun je het als muziekliefhebber niet maken om dat stukje muziekgeschiedenis links te laten liggen. Ook Memphis, TN, New Orleans, LS en Athens, GA hebben we om die reden aangedaan. Maar Nashville was het meest indrukwekkend. Die stad ademt country en dat willen ze weten ook. In iedere kroeg staan betere muzikanten te spelen dan pak 'm beet de gemiddelde bezetting van Kane of Borsato's band, de verwijzingen naar de Grand Ole Opry zijn talrijk en het stralend middelpunt is de Country Music Hall of Fame. Alwaar dan geen verwijzing te vinden is naar Nashville's eigen countrybastaardzoon Kurt Wagner. Want geen genre zo conservatief als de country en zelfs de toch al niet zo vooruitstrevende muziek van Lambchop is al een stap teveel. Dus doen ze alsof het niet bestaat en zal Lambchop's nieuwste werkje OH (Ohio) er ook weer onopgemerkt blijven. Maar hier gelukkig niet. Veel nieuws hoeft u niet te verwachten. De muziek is gedragen als altijd, Wagner mompelt weer dat het een aard heeft alsof het een aard is, maar ik mis eigenlijk een tranentrekker zoals "Paperback Bible" of "The Gettysburg Address" die de plaat van goed naar superbe tilt. Maar dat is dan weer geen enkele reden om OH (Ohio) niet in mijn voorlopige jaarlijst op te nemen...
File Under: Vertrouwd...
Blitzen Trapper - Furr
Het is soms grappig om je eigen stukjes terug te lezen als je research doet voor een stukje van een band waar je al eerder over mocht schrijven. Het nieuwe stukje gaat hier over Furr van het Amerikaanse (Portland, Oregan) Blitzen Trapper. In mijn gedachten was de voorganger Wild Mountain Nation geworden tot een album met sterke liedjes, maar compositorisch te afwisselend om uit de kast te blijven halen. In het stukje boog ik het laatste nadeel echter om in een voordeel en raaskalde ik over genot dat in de details zat. Bij het opnieuw draaien begreep ik mezelf. Uiteraard. Vreemd genoeg is het op hun nieuwe andere koek. Furr is een constanter album geworden, maar toch niet minder aantrekkelijk. Integendeel. Veel meer dan op de voorganger zit er een muzikale lijn in. Dit wel echter niet zeggen dat het een eenheidsworst is geworden. Daar is de zeskoppige band rond Eric Earley veel te goed voor. Prachtige americana, maar dan wel gericht op het betere (lo-fi) popliedje met oog voor (elektronische) details. Deze week moest ik in het westen van het land zijn en op de autoreis van twee keer twee uur is Furr niet uit de cd-speler geweest. Het album verveelt namelijk nergens en dat voor een album dat nog geen veertig minuten duurt. Laat je overigens niet afschrikken door de foeilelijke hoes.
File Under: Afwisselende eenheid
File Audio: [ MySpace]
File Video: [Blitzen Trapper speelt Furr live in New York]
Hautekiet en De Leeuw - Waar
Waar laat een volwassen duo horen. Het klinkt als een lullige opmerking, alsof het jeugdige vuur verdwenen is en plaats heeft moeten maken voor een al te braaf geluid, ontworpen voor de ouder wordende muziekliefhebber en de theaterbezoeker-met-abonnement. Maar dat bedoel ik niet. Vuur, elan en jongensachtig enthousiasme klinken wel degelijk door in de twaalf tracks die Jan Hautekiet en Rick de Leeuw opgenomen hebben. De liedjes klinken weliswaar alsof ze bij een theatervoorstelling horen, maar dat is in dit geval geen probleem. Een bijna croonende Rick de Leeuw lijkt erg veel op een heftig rockende Rick de Leeuw. De begeleiding is het enige verschil. Van de voortrazende, maar van lieverlee ook steeds netter wordende rock 'n' roll van de Tröckener Kecks naar de slim gearrangeerde muziek van Hautekiet, waar Rick de Leeuw zijn nog even pregnante voordracht en teksten op kwijt kan - het is het charisma van de zanger die het geheel draagt. En dat doet hij met verve. Of het nu gaat om de cover van Lou Reed's "Caroline Says", vertaald als "Karolien Zegt", of de rocker "Dit Is Jouw Leven". Ouder worden met hetzelfde vuur, heet het dan.
File Under: Ouder met hetzelfde vuur
File Video: [Karolien Zegt]
Dream Theater - Chaos In Motion
Omdat ik de laatste twee cd's van Dream Theater zowaar weer te pruimen vond, vond ik het tijd om ook maar weer eens een concert van deze progmetalgrootheden te gaan bezoeken. Ik had dus kaartjes geregeld voor het concert op 9 oktober in Ahoy, vorig jaar, maar moest op het laatste moment toch afhaken. Awarnach was er wel om foto's te maken voor File Under. Als je heel goed op let, dan kun je zijn twee-meter-met-fototoestel zien in het openingsnummer van Chaos In Motion, de dvd waarmee Dream Theater het einde van hun precies een jaar en een dag durende wereldtournee afsluiten. Helaas is het geen groots opgezette registratie van één concert zoals Rush dat bijvoorbeeld vaak doet op hun dvd's. Het maakt dat de vaart er me net te vaak uit gehaald wordt en je niet altijd super beeld en geluid voorgeschoteld krijgt. Het valt me op dat de band ook op het podium een stuk minder loopt te freaken dan ze een jaar of vijf geleden deden. Het gaat allemaal meer gedoseerd en dat vind ik eerlijk gezegd wel zo prettig. De songs an sich staan als een huis en zelfs James LaBrie, die normaal live nog wel eens wat nootjes net niet wil halen, is eigenlijk overal goed bij stem. Toch zou ik er voor gekozen hebben de muziek te bundelen op een dvd en de 'ongein' op de andere. Het had prima gepast bij de uitgebreide documentaire over het reilen en zeilen van een band on the road en waarin Mike Portnoy je alles laat zien dat er nodig is om een Dream Theater-gig mogelijk te maken.
File Under: Organized chaos.
De Jeugd Van Tegenwoordig - De Machine
Een plattelandsjongen (van origine, althans) als ik ruikt graag aan het stadse leven. Soms denk ik zelfs dat ik het wel een beetje doorheb, dat stadse leven. Dan hoor ik van die dartele riedeltjes, over een godsonmogelijk strakke beat, en zowaar voel ik me bijna thuis in de drukte. Helaas duurt dat gevoel nooit lang, want zodra de beat verstoord wordt door keelklanken die mij zeker Nederlands aandoen, maar binnen geen enkel bestaand accent in 's lands rurale gebieden thuisgebracht kunnen worden, word ik hardhandig in de hoek gezet: dit is fascinerend, maar waar hebben ze het over? Nu zou de conclusie kunnen zijn dat het aan De Jeugd zelf ligt, ze lullen maar wat. Maar ik wil daar niet aan. Bij herluisteren van De Machine word ik gesterkt in mijn vermoeden dat we hier te maken hebben met ware genieën. Het is zo briljant dat gewone stervelingen als ik gewoon niet conceptueel genoeg redeneren om er de vinger op te kunnen leggen. Ik accepteer dat nederig en stop met nadenken over wat voor Kerk zij bezoeken, zoals ik niet meer hoef te weten wat Tentbakkers zijn. Het grootste punt van herkenning staat eigenlijk pas in de achterhoede van het album, want ook al zou ik het zelf anders formuleren, de hormonale aandrang die de heren Wartaal, Fabergé en Fur in het nummer Applaus beschrijven is mij niet onbekend. Die hormonale aandrang voel ik eigenlijk het gehele album wel, maar is toch het grootst als ook de housebeats het hardst aanzwellen. Dat is jammer voor het liefdesverdriet van Vieze of de kater van P. Fabergé, en ook het slotakkoord "Sorry", want hoewel dat tekstuele juweeltjes zijn ('Wij zijn niet meer wij, maar ik en jij'), ga ik heel zelfzuchtig voor de pure geilheid die De Machine vooral is.
File Under: Alle sletten naar de dansvloer
File Audio: [Jeugd-Space]
The Death Letters
Soms moet je als bandje jarenlang met je demo's rondzeulen, op zoek naar die ene deur die op een kier staat om je voet ertussen te proppen. Dat is dan nog steeds geen garantie voor succes, maar in ieder geval een begin. Soms kan het echter ineens heel erg hard gaan. Komt het door de juiste connecties of gewoon omdat ze niet om je talenten heen kunnen? Is dat laatste bijvoorbeeld ook het geval bij het Dordrechtse bluesrock duo The Death Letters? De vijftienjarige zanger/gitarist Jordi 'Duende' Ariza Lora geeft een bescheiden glimlach van onder zijn gitzwarte emo-kuif als ik hem ernaar vraag.
Lees verder..Sin7Sins - Promo 2008
Toen enkele jaren geleden de gothic formatie Infinite Dawn als gevolg van interne strubbelingen ter ziele ging, besloten gitarist Paul Verbeek en zangeres Lotus van den Wijngaard niet bij de pakken neer te gaan zitten. Met hernieuwd elan werd Project Prometheus uit de grond gestampt en werd middels de demo Suicide For Sale in 2006 een viertal nummers op de mensheid los gelaten, diep geworteld in duistere gotiek en loodzware metalen klanken met een hang naar industrial. Meest opvallend was de enerzijds engelachtige en anderzijds getormenteerde zang van Lotus die bij vlagen over kwam als een kruising tussen Toyah Willcox en Anneke van Giersbergen. Van een vergelijking met laatstgenoemde is op Promo 2008 overigens geen sprake meer. Toyah daarentegen steekt regelmatig haar getoupeerde kapsel om de hoek. Ten tijde van de release van Promo 2008 bleek het aanvankelijk als project opgezette Project Prometheus met toevoeging van enkele leden uitgegroeid te zijn tot een heuse band met als doelstelling de leemte te vullen tussen gothic en metal. Een mooie gelegenheid derhalve de naam te wijzigen in Sin7Sins en het roer om te gooien in de richting van een toegankelijker geluid, hetgeen met name tot uiting komt in het nummer "Crossroad 666". Paradise Lost-achtige tonen meten zich hier nauwgezet als een metronoom met overstuurde waveriedeltjes en zorgen voor een sensuele streling van de buisjes van Eustachius. Dat heer Paul zich daarbij geregeld als een eigentijdse versie van George Oosthoek (Orphanage) ontpopt met gemene grunts mag de pret geenszins drukken. Sterker nog, het verhoogt de amusementswaarde aanzienlijk en brengt een mooie wisselwerking tot stand met de vocalen van zijn vrouwelijke tegenhanger Lotus.
File Under: The missing link tussen gothic en metal
File Audio: MySpace
Neal Morse - Lifeline
Bij de recensie van een vorig album van Neal Morse vielen verschillende bezoekers over het feit dat Storm het had over de religieuze teksten van Morse. Storm zei dat de teksten hem nergens stoorden en dat was tegen het zere been. Ten onrechte volgens mij, als je in ogenschouw neemt dat de man bands als Spock's Beard en Transatlantic verliet om vervolgens vrijwel dezelfde muziek te gaan maken met uitsluitend religieuze teksten. Morse zou niet de eerste geweest zijn die zouteloze muziek was gaan maken die slechts achtergrond is voor halleluja's die je links en rechts om de oren vliegen. Omdat hij heel wat fans had in het tijdperk van de niet-getuigende Morse is het een relevante opmerking dat Morse nog steeds in de eerste plaats prachtige muziek maakt. Als half-atheïst/half-Pastafarian snap ik de noodzaak om continu over je geloof te zingen niet zo, maar ach, wellicht inspireert het de artiest in kwestie zelfs tot grotere muzikale prestaties. Nou valt dat niet mee, want 's mans eerdere werk was al van eng hoog niveau, maar het niveau is nog steeds hoog, zij het muzikaal wat toegankelijker - lees: poppier - dan op voorganger Sola Scriptura. Nou ja, het niveau is deze keer niet de hele plaat lang eng hoog. Het 'We are su-hunlight, we are go-holden'-refreintje in "Children Of The Chosen" - een techniek die hier te lande toch vooral bekend van is Rohonnie Tohober - is te lullig voor woorden. Gelukkig is dat het op een na kortste van de zeven songs, die eens géén conceptalbum vormen. De prog varieert van ingetogen, met soms zelfs Venice-achtig zoete koortjes ("The Way Home") tot lang uitgesponnen verhalen (opener "Lifeline" van een kwartier en het Kansas-achtige "So Many Rhoads" van bijna een half uur, inclusief de ritmische variatie die we ook al van Spock's Beard kennen). Dream Theater-trommelaar Mike Portnoy is ook op dit album zeer herkenbaar. Met enige regelmaat worden saxofoons en andere blazers tevoorschijn gehaald, zoals het in Morse's tijd in Spock's Beard vaker gebruikelijk was. Morse speelt de cd vol met alleen zijn vaste maatjes, Portnoy en bassist Randy George. Pas op de limited edition met zes extra tracks doen onder anderen Paul Gilbert and Paul Bielatowicz nog mee op bijvoorbeeld covers van Elvis Costello en The Osmonds(!). Dit album is logischerwijs meer toetsengeörienteerd, maar nog steeds typisch Neal Morse.
File Under: 6 keer Neal Morse, een keer Ronnie Tober
File Audio: [Op de site]
Evergreen Terrace
Norah Jones - Live From Austin, TX
Wat is er nog leuker dan luisteren naar een Norah Jones-cd? Kijken naar een Norah Jones-dvd natuurlijk! Dat kon al eens bij de ltd-editie van Feels Like Home waar een paar live-nummers op een bonusschijf stonden, nu kan dat achttien nummers lang op Live From Austin, TX. De dvd begint (binnen de marges natuurlijk) best gewaagd. Norah zit niet achter de piano, maar heeft een gitaar omgehangen en speelt een tikkie gespannen, maar op en top geconcentreerd samen me haar gitarist het titelnummer van haar debuutalbum "Come Away With Me". Het is het begin van een mooie set waarin meerdere nummers doordat ze live gespeeld worden net die extra lik verf meekrijgen die ze boven de studioversies uit doet stijgen. Dat gebeurt subtiel door een xylofoonpartij, of opvallender, door een verfijnde bluesy gitaarsolo zoals bijvoorbeeld gebeurt in "The Sun Doesn't Like You" en de inzet van een trombone in "Sinkin' Soon". Haar begeleiders die opereren onder de naam The Handsome Band (enige vorm van humor is deze lelijke mannen niet vreemd) stellen zich bescheiden op. Het draait op deze dvd vanzelfsprekend om Norah Jones haar stem, haar spel op piano en Rhodes en natuurlijk ook haar looks. En alle drie zijn ze om door een ringetje te halen. Bij het aankondigen van slaapliedje "Rosie's Lullaby" waarschuwt ze dat ze niet in slaap mogen vallen, 'I'm watching you'. Nou, reken maar dat het publiek (in dit geval ik in mijn uppie voor de buis) dat niet laat gebeuren. Da's niet de laatste keer dat ze met een klein grapje de lachers op haar hand krijgt. Als ze in haar eentje "My Dear Country" speelt, redt Norah zich prima. Erg fraai zijn de drie nummers aan het einde van de set waarin M. Ward het podium betreedt. De stemmen van Norah en M. gaan verdomd goed samen in "Creepin' In", de Willie Nelson-cover "Hands On The Wheel" en de Roy Orbinson-klassieker "Blue Bayou" die ze verbouwd hebben tot een duet. De avond wordt tenslotte nog afgesloten met "Don't Know Why". Het is het einde van een fijne zit van vijf kwartier.
File Under: Ik weet wel waarom.
File Video: [Long Way Home]
The Red Chord
Skipper - Architecture And Design
Het doel waarvoor ik een vrije dag genomen had viel door toedoen van een ander - 'nog bedankt by the way' - weg. Vrouwlief was ook het huis uitgevlucht en wat gaat het mannetje dan doen: opruimen. Het was namelijk langzaam een zooi aan het worden op onze pc- annex studeer- annex cd- en boekenopslagkamer. Herordenen, een kast bijplaatsen en het een en ander weggooien en het ziet er inmiddels weer spic en span uit. Ondertussen draai ik Architecture And Design van Skipper. Of je die band moet kennen? Nee hoor, Skipper is betrekkelijk nieuw aan het Nederlandse bandjesfront. Al stond er hier wel een stukje over de eerder dit jaar verschenen ep. 'Bandje' is op deze cd trouwens wel een groot woord, want eigenlijk is Skipper als cd een project van Mike Schepers. En of je die moet kennen? Als je ooit van Mashed Potatoes hebt gehoord misschien wel, want daar speelde hij ooit gitaar in. Op Architecture And Design is Schepers eens door de muzikale geschiedenis gegaan en is hij de albums van The Beach Boys (rond Pet Sounds) en The Beatles (rond Sgt. Pepper's) lekker gaan herordenen. De cd is een bonte verzameling samples die met toevoeging van zijn eigen muziek die door allerlei effectapparatuur werd gehaald een boeiend eindresultaat heeft opgeleverd. Achter de knoppen zat mijn grote producerheld Corno Zwetsloot. Ook nu zorgt hij weer voor een kek geluid. Het is overigens niet echt een sixtiesalbum geworden, want ook liefhebbers van Animal Collective, Mercury Rev en The Flaming Lips zouden hier wel eens door geboeid kunnen worden. Nu Schepers zijn muziekkamer heeft opgeruimd, volgens eigen zeggen na drie jaar werken, kunnen zijn muzikale ideeën verhuizen naar het podium. Ik ben benieuwd hoe Schepers deze klus met band weet te klaren.
File Under: Deze cd staat in ieder geval als een huis
File Audio: [ MySpace][En nog even op de 3voor12-luisterpaal]
Walls Of Jericho
Curtis Eller
Ik zag dat mijn favoriete jodelende banjospeler en Groucho Marx-lookalike Curtis Eller tijdens mijn vakantie in New York in Brooklyn op zou treden. Dat leek me een mooie gelegenheid om hem voor File Under aan de tand te voelen over zijn nieuwe cd "Wirewalkers and Assassins", over zijn circusverleden en zijn extravagante podiumpresentatie. Curtis Eller noemt zichzelf "New York City's angriest yodeling banjo player". Hij is opgegroeid in het circus van zijn vader. Hij begon als jongleur en acrobaat maar stapte toch over op de banjo omdat daar nu eenmaal het grote geld mee te verdienen is. Tijdens zijn optredens is zijn circusachtergrond altijd duidelijk aanwezig. Hij kan als geen ander met niets meer dan een banjo, twee zeer flexibele benen en een hoop humor een zaal aan zijn voeten krijgen. Zijn teksten en grappen gaan vaak over de Amerikaanse geschiedenis maar op zijn laatste plaat komt zijn pasgeboren dochter ook ruimschoots aan bod.
Lees verder..Kaiser Chiefs - Off With Their Heads
Het lijkt bijna een trend te worden, bands die slechts een derde van de capaciteit van een cd vullen met hun muziek. Eerder dit jaar verschenen al albums van R.E.M. en Beck die maar net boven de dertig minuten uitkwamen en nu is er de nieuwe van de Kaiser Chiefs: elf liedjes in net iets over een half uur. Nou hoeft dit natuurlijk geen enkel probleem te zijn als de dertig minuten allemaal de moeite waard zijn. En bij Off With Their Heads van de Kaiser Chiefs is dit absoluut het geval. Zoals te verwachten zijn er weer genoeg catchy meezingers en meespringers, zoals de single "Never Miss a Beat", maar meer dan op voorganger Yours Truly, Angry Mob durven de Kaiser Chiefs op het nieuwe album te experimenteren. Gelukkig heeft producer Mark Ronson het geheel niet te gladjes gemaakt. Het Blur-achtige "Always Happens Like That" had met de gastvocalen van Lily Allen mierzoet kunnen worden maar Allen is nauwelijks te horen en wordt eigenlijk volledig overstemd door Ricky Wilson. Dit geldt overigens niet voor ene Sway die op "Half the Truth" fijn een potje komt meerappen. Volgens de band was dit niet van tevoren zo gepland maar was de rapper toevallig in de studio op zoek naar producer Ronson. Hij mocht meteen aanschuiven bij de opnames. Tekenend voor een band die zich niet laat afleiden door het enorme succes van de afgelopen jaren en nog niets aan spontaniteit heeft ingeboet. Erg springerig. Erg Brits. Erg lekker.
File Under: Springerig en spontaan
File Audio: [ MySpace]
File Video: [Never Miss a Beat]
Coffins - Buried Death
(Bij de slager, deel 2)
"Hallo slager, ik heb zin in een lekker stukje vlees."
"Zeker meneer, wat kan ik voor u betekenen?"
"Nou, ik zoek iets wat ik jaren geleden heb gehad; smaakte ongelooflijk lekker, maar het lijkt de laatste jaren wat uit de mode te zijn geraakt".
"Nu maakt u me nieuwsgierig, wat mag dat dan zijn?"
"Dat zal ik u vertellen: een grote bout, met veel vet eraan, druipend van het ranzige bloed, en dan lekker lang afgehangen zodat de korsten bijna beginnen te schimmelen. En het mag niet netjes worden afgesneden of uitgebeend met een scherp slagermes, nee, het moet echt botte-bijl-werk zijn."
"Ah, meneer is een connaisseur? Ik moet zeggen dat er al jaren niet al teveel vraag naar is, ik heb het dan ook niet meer in de vitrine liggen. Maar achter, in mijn niet gekoelde, zonovergoten glazen aanbouw heb ik nog wel het een en ander hangen. Vooral voor eigen gebruik tot nu toe, maar ik zal het graag met u delen."
"Echt? Geweldig! Vroeger, toen de restaurants van Hellhammer, Celtic Frost en Venom nog open waren ging ik geregeld langs om eens aan een rottend bot te knagen; later kon dat alleen nog maar bij traiteurs van Autopsy en Unleashed."
"Klopt als een bus, maar nu heb ik in het Japanse ras Coffins een waardige opvolger gevonden voor dat onheilige rottende vlees van weleer. Het zal wellicht geen grote mensenmassa's naar mijn zaak trekken - daarvoor is smaak net wat te eenzijdig - maar als ik er al één iemand zoals u gelukkig mee kan maken zal ik het blijven importeren."
"En ik zal blijven komen - niet wekelijks, maar dan toch zeker maandelijks. Bedankt slager!"
File Under: Lekker rottend vlees is niet vies
File Audio: [ MySpace]
Week 42, 2008
Storm
U2 - Live Under A Blood Red Sky
Bas
Krallice - Krallice
Ewie
Port O'Brien - All We Could Do Was Sing
jnnk
Department of Eagles - In Ear Park / The Walkmen - You & Me
Ludo
Department Of Eagles - In Ear Park
Gr.R.
Calexico & De Kift @Paradiso
Marty
Motorpsycho live @ Doornroosje 19-10
Sjaak
Deadmau5 - Random Album Title
Joice
Port O'Brien - All We Could Do Was Sing
André
Face Tomorrow - In The Dark
Prikkie
Ken Hensley - Blood On The Highway
Blizzard
London After Midnight @ De Kade 18-10
DubbelMono
Pat Cupp & The Flying Saucers - Long Gone Daddy
ForestSounds
Peppino d'Agostino - Every Step of the Way
Crystal Antlers / Drums Are For Parades / Aids Wolf
Een kop vol snot, blaffen als een hond die solliciteert naar een plek in een death metalband en een stem rauwer dan de stok van de kat van Bon Scott. Geen beter moment om me eens even een paar uur een bak herrie via de koptelefoon in te stralen.
Crystal Antlers lijkt nog het meest op normale muziek. Hun door Mars Volta's Ikey Owens geproduceerde EP begint met noisy gitaren waar al snel de zweep hard overheen gaat in de vorm van een rollende bas en een bikkelhard instartende synth. Die laatste heeft de mijmerende Pink Floyd-sound, maar heeft het gas er wel vol op. Strelen van je trommelvliezen kun je het moeilijk noemen, overrompelend intens wel. Crystal Antlers is een op hol geslagen antieke stoomtrein die zich door niemand af laat stoppen de eerste vijf à zes minuten. Het laat zich nog het beste beschrijven als een intense mix van punk attitude met liefde voor psychedelica. Bepaald niet slecht voor een stel voormalige schoorsteenvegers.
Drums Are For Parades maakt allemaal nog net even een stukje logger op hun EP Artificial Sacrificial Darkness In The Temple Of The Damned. Dit Belgische trio maakt intense herrie voor tien. Het bewijst maar weer eens dat je met gitaar, bas, drums en een krijskonijn ook gemakkelijk muren kunt slopen. Wat dat betreft was het wel logisch dat ze al meerdere keren in het voorprogramma stonden van landgenoten Vandal X. Dat is ook al niet van alles behalve voor tere zieltjes bestemde muzak. Een beetje als Kyuss op 78 toeren, maar dan wel zonder dat het logge verloren gaat, met daardoorheen gehusseld Ministry in zijn goede dagen en ontdaan van zijn industrial harnas. Meedogenloos en ongepolijst.
Maar in alles is er natuurlijk de overtreffende trap. Al betwijfel ik ten zeerste of er na de sport waarop Aids Wolf staat nog een stapje hoger gegaan wordt. Deze band doet eigenlijk nergens op hun bizarre WP Cities of Glass ook maar iets dat maar een beetje lijkt op een liedje. De vier bandleden lijken elkaar alleen maar zoveel mogelijk pijn te willen doen met hun krijsende zang, doldrieste drumspel en tweemaal überfreaky gitaarspel. Maar ja, in dit geval geldt dan wel: pijn is fijn. Althans, dat neem ik maar aan dat zij dat van elkaar vinden. Ik zit erbij en luister ernaar en denk er het mijne van. Maar weet wel vrij zeker dat de rest van de familie maar wat blij is dat ik dit met de koptelefoon op luister. Mozes kriebel.
File Under: Voor de frisse neus
File Audio: [Until The Sun Dies (pt2)][ MySpace]
File: Drums Are For Parades - Artificial Sacrificial Darkness In The Temple Of The Damned
File Under: Voor een rochelende hoest
File Audio: [ MySpace]
File: Aids Wolf - Cities of Glass
File Under: Voor de krolse kat van de buren.
File Audio: [AidsSpace]
Five O'Clock Heroes - Speak Your Language
Ik had in een aantal recensies al wel gelezen dat de Five O'Clock Heroes nog wel eens met The Police werden vergeleken. Bij het begin van Speak Your Language leek die vergelijking me een beetje vreemd: ik hoorde gewoon een grappig, springerig gitaarbandje, niet heel slecht maar ook niet heel bijzonder. Tot ik bij het derde nummer kwam, "Who" (een duet met het Britse fotomodel Agyness Deyn). Nou, wie, dat lijkt me duidelijk: The Police dus. Het was alsof ik naar een slechte versie van "Roxanne" zat te luisteren, vooral dankzij de bijna letterlijk gestolen gitaarriff! Na weer een paar aardige gitaarnummers kreeg ik een déjà-vu, en wel bij "Don't Say Don't". Verrek, alweer The Police? Waarom verzinnen deze jongens niet zelf wat? Tuurlijk, alles is ooit al eens eerder gedaan, en beter goed gejat dan slecht verzonnen, maar wat nou als het slecht gejat is, en ook nog niet eens leuk verzonnen? Dan bijt je jezelf dubbel zo hard in de vingers dus, en dat is wat er volgens mij aan de hand is met de Five O'Clock Heroes. Ze maken aardige muziek, maar zijn zo volstrekt niet origineel, dat het moeilijk is om naar ze te blijven luisteren zonder je te ergeren. Het zou ze sieren als ze die invloeden zouden laten varen, en met iets waarlijk eigens op de proppen zouden komen.
File Under: Niet bijster origineel
File Audio: [ MySpace]
File Video: [Who]
Lagwagon - I Think My Older Brother Used To Listen To Lagwagon
Na de zware emotionele bevalling rondom de release van Resolve heeft het toch alweer drie jaar geduurd voordat Lagwagon met iets nieuws op de proppen komt. Best lang, met name als je bedenkt dat Resolve feitelijk in een spontane creatieve opwelling naar aanleiding van de dood van voormalig drummer Derrick Plourde is ontstaan, en met een week of wat was opgenomen. Het gaat de band al met al dus niet meer zo soepeltjes af. Dat wordt nog maar eens onderstreept door het feit dat I Think My Older Brother Used To Listen To Lagwagon niet eens een volwaardige langspeler is, maar slechts een 19 minuten durende EP. Maar goed, genoeg gezeur voor nu, beter iets dan niets zal de fan denken (en terecht). Het wordt al snel duidelijk dat de neerslachtige en emotionele toon die op Resolve is aangeboord wordt voortgezet. De afgelopen jaren is de zon blijkbaar niet veel feller gaan schijnen want met de tijd verandert Lagwagon steeds meer van pretpunkband in zwaar op de maag liggende emopunk. Technisch is het uiteraard allemaal weer tot in de puntjes verzorgd - spelen kunnen ze - maar voor het eerst begint het mij nu écht op te vallen dat er wel erg weinig nieuws te ontdekken valt. Dat werd voorheen nog goed verkapt door het simpele feit dat de liedjes gewoon steengoed waren, alleen bij My Older Brother is daar helaas minder sprake van. Het is zuur om te stellen voor een fan van het eerste uur, maar Lagwagon weet mij niet meer te boeien, zelfs niet met een zeven nummerig tussendoortje. Ik hoop dat met deze productie een depressieve periode voorgoed is afgesloten en daarna de weg gebaand voor een dosis nieuw vuur
File Under: Bedroevend
File Audio:[Memoirs and Landmines]
Madison Violet - Caravan
Laat je niet in verrassen door het hoesje: Madison Violet heeft niets met gothic uit te staan, zelfs niet met iets wat in de verte de country-variant genoemd zou kunnen worden, country-noir. Het Canadese duo Brenley MacEachern en Lisa MacIsaac brengt op folk gebaseerde poppy countryliedjes. Goedbeschouwd kan Caravan als hun debuut gelden, want hun in 2004 uitgebrachte eersteling Worry the Jury verscheen onder de naam Madviolet. Sinds die tijd hebben ze zo'n beetje non-stop de wereld rond getoerd. Tussendoor namen ze even pauze om in Brisbane, Australië Caravan op te nemen. In, jawel, een caravan. Een originele Morton Caravan uit 1965, zo vermeldt de bio trots. Hun muziek heeft overigens niet veel met de jaren zestig uit te staan. Hun songs klinken relatief tijdloos, gebaseerd ze als ze zijn op folk en country. De stemmen van de dames klinken prachtig, ze hebben een keur aan muzikanten om zich heen verzameld, maar helaas een gebrek aan sterke liedjes. Een aantal tracks ("I'm Your Lady", "Way Past the Hour", "Thievin' Love") blijft hangen, maar het merendeel gaat het ene oor in, het andere oor uit. Intussen is in Canada al een derde cd uitgebracht en toeren ze samen met Ron Sexsmith (die ook al hielp bij hun debuut). Wellicht dat ze van hem leren hoe je pakkende liedjes maakt, dan komt het ongetwijfeld nog wel goed met deze twee - ik geef toe - intrigerende dames.
File Under: Al te brave liedjes, al te brave dames
File Video: [I'm Your Lady]
Sea Sick / Vivian Girls / The Areola Treat
Het hoesje van Sea Sick's debuut-EP voorspelt al wel zo ongeveer wat je voorgeschoteld gaat krijgen de komende vijfentwintig minuten. Psychedelische kleurpatronen over een vage foto van de drie bandleden, waarbij opvalt dat drummer Sam Levin maar vast zijn shirt uitgetrokken heeft (zweten gaat hij toch), toetsenist Geoffrey Lee zich maar wat prettig voelt in zijn hippiejurk en frontvrouwe Jasmine Golestaneh (die haar kledingstijl in een interview 'a semi-catastrophic accident' noemde) probeert op te stijgen om te gaan vliegen. Nou, zo klinken de zeven tracks op deze EP dus. Zweverige, psychedelische down-tempo rock, die aanvoelt als dikke lagen mist. Qua vergelijkingsmateriaal kom ik niet verder dan een intrigerende mix van Siouxie met veelvuldig aanwezig het dreinende orgelgeluid van The Doors in de nummers en een toefje Nico om het af te maken. Hoogst intrigerend.
Dan zijn de drie dames die samen Vivian Girls vormen een stuk gemakkelijker. Die maken op hun debuut op In The Red-Records gewoon rommelige noisepop. Dat mag je dan misschien doen denken 'da's niet de moeite waard dus', maar dan doe je ze absoluut tekort. Alleen al hoe het drietal Kickball Katy, Cassie Ramone en Frankie Rose haar koortjes en samenzang aan elkaar rommelt als een noisy variant op de Shangri-Las is al charmant genoeg om eens even wat van ze te gaan beluisteren. In hun liedjes echoën duidelijke sympathieën voor zowel Velvet Underground als My Bloody Valentine. Het is rommelig en soms bijna vals en uit de maat, maar dat wordt gecompenseerd door alles ontwapende vrouwelijke charme en nonchalance.
Nonchalant en charmant, die vlieger gaat voor het Maltese (!) kwartet The Areola Treat, die spelen drieëntwintig minuten zo straks een ehm ehm tiet! Dat verklaart ook gelijk mooi de naam van dit door de volgende de overlevering woest aantrekkelijke Lisa Micallef Grimaud aangevoerde viertal. Nu de snotapen van Be Your Own Pet de handdoek in de ring gegooid heeft, kan The Areola Treat mooi die handschoen op pakken en op hun plekje aanschuiven. Al gaat The Areola Treat wel meer de kant op van een interessante mix van Sonic Youth en The Yeah Yeah Yeahs, ze stralen in alles de kenmerkende energie van Be Your Own Pet uit. En als ze dan in een nummer als "Kearouac" zelfs wat No Doubt-erigs over zich heen krijgen, dan nog blijft het venijnig bijtend. Volgens mij moet dit op het podium een overrompelende ervaring zijn. Helaas is volgens hun MySpace-site het enige optreden dit jaar nog in Bugibba en dat ligt inderdaad op Malta. Hmm, ik zoek nog een bestemming om wat Vitamine E te tanken. Misschien moeten we dat maar eens combineren dan.
File Under: Devil on her palms
File Audio:[Devil On Her Palms][ MySpace]
File: Vivian Girls - Vivian Girls
File Under: Rommel de bommel
File Audio: [Vivian-space]
File: The Areola Treat - The Areola Treat EP
File Under: Overwinteren op Malta was nog nooit zo aanlokkelijk
File Audio: [ MySpace]
Misery Index - Traitors
Nee, dit is niet de nieuwe naam voor de AEX-index, alhoewel daar natuurlijk wel genoeg Traitors zitten. Of ben ik nu in de war met traders? Hmm, dat zal elkaar wel niet zoveel ontlopen. Anyway, Misery Index is dus een deathmetal-band uit Baltimore met wat ex-leden van Dying Fetus en dit is hun derde volledige cd. Was hun vorige release nog een ongeleid projectiel waar het even duurde voordat de structuren kwamen bovendrijven, deze keer is het meteen bij de eerste keer luisteren raak. Wat een subliem album is dit geworden. Ik heb sterk het idee dat de deathmetal een grotere rol is gaan spelen. De hardcore-invloeden hoor je nog wel terug, zeker in de zang en de maatschappijkritische teksten, maar de grind is wat op de achtergrond geraakt. Dat is echter helemaal niet erg. Vooral door alle groovende passages blijf ik maar op repeat drukken. Alsof er bewust wat is beknibbeld op techniek. Niet dat mannen niets kunnen, integendeel. De balans is alleen beter. Luister maar eens naar "Ghosts Of Catalonia" of de genadeloze beuker "Occupation" en u begrijpt wat ik bedoel. Topper blijft voor mij het ongemeen aanstekelijke "The Arbiter", dat ik gewoonweg niet uit mijn kop kan krijgen. Het hele album is for the time being hier te streamen, dus laat deze kans niet aan u voorbij gaan. Genot verzekerd.
File Under: They Never Come In Peace
File Audio: [ MySpace]
Nico Muhly - Mothertongue
Ik dacht met een maatje van James Holden van doen te hebben, maar dat is de Border Community! Zou me niet verbaasd hebben, de technowhizzkids zijn tenslotte ook fan van minimal music en de levende legenden Philip Glass en Steve Reich. Muhly is een nieuwe, jonge vertegenwoordiger die op hun werk voortborduurt. En een talentvolle, hij werkte al voor Glass als o.a. keyboardspeler. Een andere hippe connectie is die met IJsland. Muhly werkte (natuurlijk zou ik bijna zeggen) samen met Björk en Mothertongue is geproduceerd door Valgeir Sigurdsson, tevens zijn labelbaas. Gooi al de genoemde namen bij elkaar en je hebt het geluid van dit album. Er staan drie stukken op, elk bestaande uit verschillende delen. Opener en titelstuk "Mothertongue" is vierdelig. Het is het, beste meest toegankelijke, klassieke werk, dat heel fraai eindeloze kreetjes van de sopraan Abigail Fischer mengt met instrumentatie à la Reich's Music For 18 Musicians. De moderne tijd is aanwezig in de vorm van enkele synthesizers en het algehele gevoel dat het stuk ook wel op een Sigur Rós-album had gepast. Het driedelige "Wonders" is minder. Ene Helgi Hrafn Jónsson zingt en speelt trombone, maar de meest prominente rol is weggelegd voor het klavecimbelspel. Het deed me denken aan de samenwerking van Björk met Will Oldham op de bijzonder experimentele soundtrack van Drawing Restraint 9. Het wederom driedelige "The Only Tune" sluit de collectie. De Amerikaanse folkmuzikant Sam Amidon zingt hier folky liedjes, die door Muhly flink door de mangel zijn gehaald. Dan krijg je trucjes als een tekstregel die door eindeloze herhalingen wordt opgebouwd. "There." "There were." "There were two". "There were two sisters." etc. Klinkt wat flauw, maar het is toch verslavend. Net zoals de hele plaat eigenlijk. Uitdagende muziek, maar niet té.
File Under: De oude meesters kunnen tevreden zijn
File Audio: [Muhly-Space]
Cavemen / Sean Walsh Band
Lichtelijk aangeschoten, van café naar café slenterend, zou ik zomaar helemaal blij kunnen worden van een band die nummers van Nick Cave staat te spelen. De kans dat je Nick Cave zelf nog kunt zien spelen in een intieme zaal lijkt me kleiner dan het winnen van de Staatsloterij, dus zul je het hiermee moeten doen. Mocht je zo'n band met Cave-nummers tegenkomen dan kon het wel eens om Cavemen gaan. Deze Nick Cave-tribute band komt uit Groningen en brengt op Zombie Strong (Nick Cave covers & more) zeven nummers van hun held en een nummer van Tom Waits. Met een flinke slok op, geheel onverwacht, zou ik verzuchten dat het toch vet is dat er mensen bestaan die Cave waarderen en niet voor het geijkte covermateriaal kiezen. Thuis in nuchtere toestand is Zombie Strong niet om aan te horen. Alleen al het Nederlandse accent in de zang van D-j Heinstra trek ik niet. Spijtig van al die muzikanten die zo hun best doen om er iets moois van te maken. Nee, dan ruk ik liever de originelen uit mijn platenkast.
Op de nuchtere maag is Timetravellersexmachine van het Tilburgse Sean Walsh Band een heel ander verhaal. Laat je niet misleiden door het label CoraZong, want daar zitten toch meestal de wat gedegen acts in alt.country-hoek, niet minder fijn trouwens. Maar nu dus ook de Sean Walsh Band. En wat een energie, wat een kracht. Onlangs liet ik tijdens een bezoek aan de Popronde in Nijmegen de band links liggen. Er waren dan ook teveel bands om te kiezen, maar het lezen van het begrip bluesrock deed mij besluiten om het meteen uit mijn lijstje te schrappen. En dat was fout, want de band die qua geluid ergens te plaatsen is tussen Rory Gallagher, Jimi Hendrix, Led Zeppelin en The Dirtbombs moet volgens mij getuige dit album een en al opwinding zijn. Het album met twaalf eigen liedjes met totaal een lengte van meer dan vijftig minuten pakt je meteen bij je lurven met het energieke licht psychedelische "Mr. Crankypants II, maar zorgt ook voor genoeg rustpunten zoals in het meer dan elf minuten durende "Sirkus". De zang van Seán Walsh is geweldig, zijn gitaar gaat heerlijk te keer en zijn twee vaste muzikanten (uiteraard op bas en drums) weten van wanten. Leuk ook de inzet van een heus kerkorgel Bovendien zijn de liedjes sterk, behalve dan de afsluiter "OneMorefortheHappyFew". Dit is wat mij betreft met inzet van een brass band een te flauw stapje te ver. Laat ik het er maar op houden dat dit een bonusnummer was.
File Under: Niet nuchter beluisteren
File Audio: [ MySpace]
File: Sean Walsh Band - Timetravellersexmachine
File Under: Opwindende bluesrock'n'roll gaat nooit verloren
File Audio: [ MySpace]
File Video: [Live: Mr. Crankypants II][Op bezoek in de studio]
Land of Talk - Some Are Lakes
Het is bijna onleesbaar door het hanenpotige handschrift in het hoesje, maar het viel me toch gelijk op toen ik de cd eruit haalde om 'em te draaien: Produced by Justin Vernon. Nog niet zo lang geleden zou het lezen van die naam als producer niet iets zijn geweest waar ik me druk over zou maken, maar sinds ik als een blok viel voor het album For Emma, Forever Ago dat hij onder de naam Bon Iver uitbracht, verwacht ik eigenlijk dat alles wat hij aanraakt in goud verandert. Helemaal als hij zijn diensten verleent aan een indierockband als Land of Talk. Dat leek me in eerste instantie weliswaar een rare combinatie, zo'n in zichzelf gekeerde singer/songwriter met een springerige indierockband, maar nadat ik het bij vlagen toch behoorlijk heftige concert van Bon Iver in Paradiso zag, vond ik het eigenlijk best een logische. Land Of Talk verraste me vorig jaar aangenaam met Applause Cheer Boo Hiss, een lekkere frisse plaat die toen al een jaar oud was. Nu, na twee jaar intensief toeren, is er dus opvolger Some Are Lakes. Die paar rondjes rond de aarde heeft de band wel een beetje veranderd. De liedjes zijn wat minder vurig, rammelig en springerig en meer melancholiek (zou dat de invloed van Vernon zijn?). De band kruipt wat meer nog meer de kant op van ons eigen Bettie Serveert. Ik vind het wel een prettige ontwikkeling. En zolang Land of Talk maar niet aan het kenmerkende schelle gitaargeluid van Elizabeth Powell gaat frunniken, blijft het binnen een vloek en zucht herkenbaar. Dat veranderen zou ook volstrekt onlogisch zijn, want het onrustige in haar gitaarspel is nou precies wat de band bijzonder maakt.
File Under: Frisse Canadese indierock met melancholische inborst
File Audio: [Gimme Back My Heart Attack][Some Are Lakes][Corner Phone][Young Bride][Death By Fire][ MySpace]
Trustgame - Trustgame
Ach, we maken er graag onderling grappen over, over mij als afvoerputje van File Under. En tevens de reggaespecialist van de groep (is er nog een echte reggaekennert die wil schrijven voor File Under? Mail Ome Storm!), maar stiekem ben ik er wel blij mee. Want ik krijg soms de raarste dingen te horen, waar ik anders echt van zijn lang zal ze leven nooit naar geluisterd had. Veel vreemde dingen waar ik dan vervolgens ook nog eens wat van moet vinden. Maar niet altijd. Want soms zit er een gewoon lekkere cd bij. Zoals de pretentieloze emopop van het Duitse Trustgame. Niks bijzonders, vleugje Him, ik hoor wat Filter, veel Boysetsfire light en een hoop van die Amerikaanse emopopmeuk. Geen noot origineel, maar de plaat is mijn cd-speler niet uit te krijgen! Gewoon omdat het zo pretentieloos fijn is. Arbeidsvitaminen-emo, maar dan wel met een paar hele fijne hooks en riffs, incidenteel wat puike imitatieblazers en zanger Thorsten Swesinger heeft een aangenaam rauw randje aan zijn stem. Het hele boybandimago dat ze uitstralen zien we maar even door de vingers, want het geheel klopt. En glijdt verbazingwekkend soepel naar binnen. Wellicht omdat het zulke gewone emopop is. En gewoon lekker...
File Under: Soms is gewoon ook heel lekker
File Audio: My Space
Miseration - Your Demons / Their Angels
De band Miseration is een feestje met Jani Stefanovich (DivineFire, Essence of Sorrow, ex-Crimson Moonlight, ex-Renascent, ex-Am I Blood, ex-Sins of Omission, ex-Hilastherion) en zanger Christian Älvestam (Scar Symmetry, Incapacity, Solar Dawn, Torchbearer, Quest of Aidance, ex-Syconaut, ex-Angel Blake, ex-Carnalized, Unmoored). Een hele mond vol. Opvallend aan de luguber ogende metalband is het feit dat ze christelijk zijn. Dat betekent geen geblèr over Satan of het offeren van een schaap, maar negen positieve nummers, gebracht met lekker rauwe zang en hard drum- en gitaarwerk. Iets meer dan een half uur lang overtreffen de twee qua volume hun andere bands, de opgelegde term 'melodic death metal from Sweden' zegt dan ook genoeg. Met zo'n curriculum vitae kon het natuurlijk ook niet missen. Het enige minpuntje is de minimale variatie en het ontbreken van een rustmoment. Toch blijkt Miseration een geweldig duo, dat met behulp van een liveband ook op het podium veel respect af zal dwingen.
File Under: Zit iedereen in Zweden in tien bands?
File Audio: [ MySpace]
TV On The Radio - Dear Science
De allereerste recensie die ik ooit schreef voor File Under was die van TV On The Radio's Desperate Youth, Blood Thirsty Babes. Dat jaar was het album uiteindelijk zelfs de nummer een in mijn jaarlijstje. Bij opvolger Return To Cookie Mountain was dat heel anders. Het was geen slechte plaat, maar om de een of andere reden deed hij me niet zoveel. Alsof de duurdere studio wat van de frisheid afgehaald had. Bij Dear Science was ik derhalve benieuwd, maar ook enigszins bevreesd voor wat ik zou gaan horen. Een paar draaibeurten verder kan ik zeggen dat TV On The Radio nog steeds dezelfde fraaie mix van funk, soul, rock, electro en hiphop ten gehore brengt en dat ik deze keer wel weer gaandeweg meegetrokken werd in de hypnotische ritmes en tegendraadse zanglijnen in midtempo en toch eigenaardig vrolijke songs. Ik blijf er bij dat de heren danig schatplichtig zijn aan Geggy Tah (met Greg Kurstin, nu in The Bird And The Bee), maar doordat ze wat meer analoge instrumentatie gebruiken op plaatsen waar Geggy Tah nog een extra synthesizer zou inzetten is dat niet storend. Integendeel, TV On The Radio biedt een eigen(wijs) geluid waar tal van bands alleen maar van kunnen dromen. Als ze dat ook nog eens in een samenhangende collectie songs kunnen gieten zoals hier, past slechts een eerbiedige buiging. Of een vrolijk dansje, zo u wenst.
File Under: De Rivella van de pop
File Audio: [TVSpace]
AC/DC - Black Ice
Wereld opgepast: er komt een nieuwe cd van AC/DC. En dat zullen we weten, want de laatste dagen word je doodgegooid met radiocommercials met de aankondiging van hun nieuwe album Black Ice. Alsof dat nodig is, het is het eerste album in acht jaar en het album is nu al 400.000 keer illegaal gedownload in een week tijd, nog voor de officiële release. Zet daar de 80.000 van Keane en 100.000 van Oasis tegenover en je begrijpt dat er dus veel vraag naar komt. Maar is dat gegrond? Ik kan heel eigenwijs zijn en klagen dat er niks aan vernieuwing te vinden is op dit album. Of dat ik graag wat meer afwisseling had gezien in het songmateriaal. Maar ja, dit is AC/DC en iedereen weet dat deze Australische rockers al dertig jaar hetzelfde kunstje flikken. Een kunstje wat ze overigens wel ontzettend goed beheersen omdat ze het zelf hebben uitgevonden. Dus ja, de vraag is gegrond, zolang er nog geen opvolgers klaarstaan (hoewel, Airbourne doet naar mijn mening een aardige poging tot opvolging). Brian Johnson klinkt nog steeds als een krolse kat die net een stok in zijn hol gepord krijgt. Angus soleert en rifft er heerlijk op los. De ritmesectie heeft nog niets van zijn kracht verloren. Zelfs de songtitels zoals "Rock 'n roll train", "Decibel", "Black ice" en "War machine" klinken als vertrouwd. Maar eerlijkheid gebied mij te zeggen dat ik vermoed dat deze cd alleen een excuus is voor de heren om weer om op toer te gaan om die oude klassiekers weer te gaan vertolken. Want klassiekers staan er zo op het eerste gehoor nog niet op deze cd. Geeft niks, tot maart 2009 (de heren staan dan Ahoy) kunnen we los op dit nieuwe materiaal. Misschien is het internet dan tegen die tijd ook hersteld van de waarschijnlijke crash die de voorverkoop van het Ahoy-concert(en?) gaat veroorzaken.
File Under: Never change a winning team
File Video: [Rock 'n roll train]
File Audio : AC/SpaCe
Big Low - The Junction In Two Rivers
Ik was blijkbaar niet de enige die al een hele poos zat te wachten op een nieuwe Big Low-cd. Dat meen ik althans te mogen concluderen na het lezen van de comments bij de foto die Dennis afgelopen week maakte bij hun concert in het voorprogramma van André Manuel. Big Low's eerste cd Ghost Hunt Migration heb ik, sinds ik 'em gerecenseerd heb, nog met grote regelmaat uit de cd-kast getrokken. En als een ware Pavlovhond ging ik vervolgens elke keer even kijken op de Smoked Recordings-site of er een update van Dan Tuffy was over een nieuw te verschijnen cd. Dat deed ik met de eerste tot de tweede uitkwam en na de tweede deed ik hetzelfde. En dus wachtte ik al dik drie jaar. Nu ligt The Junction In Two Rivers al tijden overuren te maken in mijn cd-speler. Eindelijk. En gelukkig stellen Dan Tuffy en zijn twee collega's Michiel Hollanders en Marc Constandse alles behalve teleur. Maar dat kondigt de band stiekem ook al aan door het openingsnummer "I Won't Let You Down" te noemen. Dat straalt wel zelfverzekerdheid uit. Terecht in dit geval, want aan de hand van Aussie Tuffy heeft de band zich verder ontwikkeld. Ik zou het consistenter kunnen noemen, maar dat vind ik altijd zo'n vies woord als je praat over zoiets als muziek. Het maakt ook niet uit, ik houd nu eenmaal veel van de verhalende liedjes van Tuffy. Hij zingt vaak niet eens echt, maar praat met zijn donkere stem terwijl hij en zijn band prachtige muziek maken. Dat levert fraaie dingen op, zoals bijvoorbeeld "Deliberately Free". Op de Smoked Recordings-site noemt de band zich een must-hear voor fans van Calexico, Woven Hand en Tom Waits. Ik kan niet anders doen dan de webmaster hier gelijk in geven, maar wil er graag nog aan toevoegen dat ik The Junction In Two Rivers simpelweg beter vind dan de laatste reguliere releases van alle drie genoemde namen. Zo, dat is er uit. En nu ga ik eerst eens even kijken op de Smoked Recordings-site of er al weer een nieuwe Big Low-cd aankomt. Je bent een Pavlovhond of je bent het niet. Woef.
File Under: They Won't Let You Down
File Audio: [ MySpace]
Joey Cape - Bridge
Ik kan het doorgaans wel waarderen als punkbandjes bewijzen dat hun liedjes zonder alle electrische opsmuk nog steeds knallen. Akoestische experimenten leveren dan ook niet zelden zeer leuke plaatjes op. Vier jaar geleden brachten No Use For A Name's Tony Sly en Lagwagon's Joey Cape gezamenlijk een van alle opsmuk ontdane akoestische CD uit en daar werd ik erg vrolijk van. Het bewees de schoonheid van (sommige van) hun liedjes en benadrukte hun talent. Nu komt Joey Cape met een eigen solo album en valt het me allemaal bar tegen. De ironie wil dat, zodra ik wist dat deze cd uit zou komen, ik wekenlang alle mogelijke dubieuze torrentsites af heb gespeurd om hem te vinden, zo nieuwsgierig was ik naar het resultaat. Na veel vergeefs zoekwerk plofte hij zomaar opeens op de mat. Bridge is een combinatie van nieuwe nummers en 'kale' versies van liedjes van Lagwagon's nieuwste EP. Dat zou leuk uit kunnen pakken, was het niet dat Cape zo ontzettend monotoon zingt en de liedjes zo verschrikkelijk sober zijn ingespeeld dat je er werkelijk waar bijna van in slaap sust. Ik weet niet of het een bewuste keuze is om nergens ook maar een beetje de stem te verheffen en ieder nummer op hetzelfde voortkabbelende gitaarslagje te spelen, maar het is doodsaai. En let wel mensen, dit komt van iemand die - tot voor kort - geen slecht woord over de man en zijn band zou spreken/schrijven. Ik had hier graag verkondigd dat Cape er in zijn uppie in geslaagd was om de creatieve malaise waar zijn band aan lijdt opzij te zetten, maar helaas is niets minder waar. Bridge toont voor mij onomstotelijk aan dat juist Joey Cape het heilige vuur helemaal kwijt is en langzaam verwordt tot een middelmatige saaie Piet en daar zijn band in meesleurt.
File Under: Zo dus niet
File Audio: [Klik]
Antony and the Johnsons - Another World (EP)
Wat was het lang wachten op nieuw materiaal van Antony and the Johnsons! Tuurlijk, Antony zelf heeft sinds de release van I Am A Bird Now in 2005 nog wel andere dingen gedaan, bijvoorbeeld met Hercules And Love Affair, maar het wachten was voor de vele fans toch vooral op nieuwe liedjes met zijn Johnsons. Als voorproefje van de in januari 2009 te verschijnen cd, The Crying Light, is er nu alvast de Another World EP. Vijf liedjes slechts, maar gelukkig zijn die wel weer om je vingers bij af te likken. Met de bekende verstilde schoonheid zoals we die kennen van Antony en zijn breekbare stem in bijvoorbeeld het titelnummer ('I need another world, this one's nearly gone'), maar ook met een prachtige verrassing in de vorm van "Shake That Devil". Het begint bekend, helemaal in de Antony-stijl, maar gaandeweg (na tweeëneenhalve minuut) komen er blazers bij, ritmische drums, en zelfs achtergrondzang, en dan wordt het zowaar jazzy en swingend, bijna Morphine-achtig. Dat de tekst van het nummer vervolgens ruim vijf minuten lang nergens over gaat, is dan al helemaal niet belangrijk meer. Antony is er weer! Dat het maar snel januari mag worden. Ik kan niet wachten!
File Under: Pure schoonheid
File Audio: [ MySpace]
File Video: [Shake That Devil], [Another World]
Kimya Dawson - Alphabutt
Laatst zei ik tegen een vriendin die geen kinderen wil iets over mijn eigen situatie waarin een kind binnen enkele jaren niet zo heel erg ondenkbaar meer is. Ze schrok zich kapot en dat snap ik wel. Want ik zie mensen met kinderen veranderen op een manier waarop ik niet wil veranderen, mocht ik een kind krijgen. (En zij niet wil dat ik verander.) Ik heb een hekel aan blikvernauwing, dus ik blijf wie ik ben, maar heb dan een kind. Zoiets. En mijn lief denkt er net zo over, dus dat is geregeld. Iedereen die zegt dat dat een illusie is, wil ik voorlopig niet horen. Dat bepaal ik zelf wel. Iemand die het met me oneens zal zijn is Kimya Dawson, die ik hoog heb zitten, maar op haar nieuwe plaat als moeder toch echt te ver gaat. Alphabutt is een kinderplaat met kinderliedjes gemaakt door een moeder - mocht je denken dat Dawson altijd al kinderliedjes heeft gemaakt, dan weet je nu dat dat niet zo is - en ik kan me niet voorstellen dat er een volwassene is die met plezier naar deze kinderplaat gaat luisteren. (En dat terwijl Dawsons liedjes voor Juno zo wonderschoon waren...) Dubbel opgenomen zangstemmen die hetzelfde zingen, met voor kinderen een geinige, maar voor grote mensen een beroerde timing en tot overmaat van ramp de baby van Kimya Dawson - ongetwijfeld het allerliefste kind op aarde - die de hele plaat door door de opnames heen 'zingt'. Nee, op een paar uitzonderingen na - de slaapliedjes in het midden van de plaat zijn eigenlijk wel lief - is dit een plaat van een moeder die niet hetzelfde is gebleven toen haar eerste kind geboren werd. Niet erg, maar ik kan er niet tegen. Misschien als ik zelf ooit dat kind krijg, maar dan nog voer ik hem of haar liever The Beatles.
File Under: Moeders en kinderen voor kinderen
File Audio: [ MySpace, maar hier staat weinig tot niets van deze plaat]
File Video: [Alphabutt(Kimya noemt het ook een "babyding", dit album)]
Holy Moses - Agony Of Death
Sinds enkele jaren is er een ware thrashmetal-revival gaande. The Haunted gaf een aantal jaar terug de eerste aanzet, en bands als Darkane en Municipal Waste (oké, toegegeven, zij zitten iets meer aan de cross-over-kant) volgden al vlot in hun voetspoor. Maar laten we de oudjes ook zeker niet vergeten. Exodus, Testament, Death Angel, en zelfs Metallica doen het toch nog steeds zeer aardig en in sommige gevallen beter dan ooit (en dan doel ik vooral op Exodus en Testament, die dit jaar allebei een echte klapper hebben uitgebracht). Holy Moses behoort ook tot de oudgedienden in dit genre en laat weer eens van zich horen. Nou was Holy Moses altijd al een beetje een band uit de B-categorie. Ik vrees dat zij met deze nieuwe plaat Agony of Death daar niet veel verandering in kunnen brengen. Dat neemt niet weg dat de band zijn stinkende best doet en het geheel wel met de nodige sturm und drang brengen. Nog steeds doet Holy Moses aan onversneden typisch Duitse Thrash, met een hoofdrol voor de schuurpapieren strot van zangeres Sabina Classen en het flink aanwezig zijnde gitaargescheur, met een aantal interessante gastrollen voor wat vrienden en bekenden zoals wat luitjes van Obituary en gitaarvirtuoos annex professioneel huurling Ralph Santolla (ex- onder meer Death, Deicide en Obituary). Als geheel is deze plaat zeker niet slecht te noemen, maar een echte hoogvlieger of genre-klassieker hebben we hier niet mee te maken. Gewoon een lekkere, agressieve thrashplaat, niks meer, maar zeker ook niks minder.
File Under: Lekkere typisch Duitse thrashmetal
FIle Audio: [HM-Space]
Nina Kinert - Pets & Friends
Normaal luister ik op mijn reis van werk naar huis altijd nog even met de koptelefoon op naar de cd waarover ik die avond een recensie ga schrijven. Om nog even scherp te krijgen waar ik heen wil met mijn stukje. Dat is wel een gedoe hoor, altijd weer mp3's maken en overhalen naar mijn mp3-speler, maar het zit zo in mijn dagelijkse ritme dat het vrijwel automatisch gaat. Gisteren was ik het vergeten. Daarom zat ik noodgedwongen te luisteren naar de Coen & Sandershow op 3FM. Ik viel met mijn neus in de boter, want de 3FM-megahit was net aan de beurt. Het bleek een verrassende te zijn deze week: Nina Kinert met het ingetogen "Beast" (dat overigens best veel lijkt op Gary Jules-versie van "Mad World", maar dat terzijde). Ik zette het volume iets hoger en droomde weg op de melancholische pianoklanken en breekbaar koele zang van Kinert. Tot ergens halverwege het nummer één van die twee oetlullen van 3FM het nodig vond om keihard 'WAKKER WORDEN' door het nummer heen te laten schallen. Ik had enorm de smoor in en zette de radio subiet uit. Zij mogen zoiets dan humor vinden, dat vind ik het allesbehalve. Als ik hun baas geweest was, dan had ik ze ter plekke voor twee weken geschorst. (Helemaal omdat ik, toen ik het nog even terug luisterde via de stream, ook nog eens een wanstaltige afkondiging hoorde). De tijd dat ik wel genoot van "Beast" had ik me me zitten bedenken dat het zo leuk was, dat Nina door deze single en het album Pets & Friends een beetje uit de schaduw zou komen van haar 'beschermvrouwe' Ane Brun bij wie ze ook in de begeleidingsband speelt. Ik vond Pets & Friends bij beluistering de afgelopen week namelijk veel leuker dan wat was blijven hangen van het optreden van deze schone Zweedse in het voorprogramma van Brun. Kinert is op plaat nog meer het jonge ondeugende tikkie bitchy zusje van Brun, dat toch ook heel melancholisch en ingetogen kan zijn zoals ze in "Beast" zo mooi laat horen. De knappe brunette is speelser in het fröbelen aan de arrangementen en het strooien van met beats en samples in haar liedjes. Ze gaat ook verder in haar teksten. Ane zou bijvoorbeeld een tekst als die van "I Shot My Man" nooit schrijven, denk ik. Toch legt Nina het, als ik ze tegenover elkaar af zou moeten wegen in een balans, het nog af tegen Ane. Maar dat is geen schande. Ze winnen het samen anytime van Coen Swijnenberg & Sander Lantinga. Naar die idioten, die zogenaamd grappige DJ's, luister ik voorlopig echt niet meer.
File Under: Frêle Scandinavische vrouwen, daar zijn er nooit genoeg van.
File Audio: [ MySpace][Pets & Friends]
File Video: [Beast]
The Pigeon Detectives - Emergency
Misschien ben ik niet zo'n veeleisend persoon, gauw tevreden. Dus nee, vernieuwend en origineel zijn The Pigeon Detectives niet, op de bandnaam na, misschien. Maar dat maakt me geen bal uit. Als ik Emergency luister hoor ik een album dat een stukje strakker is dan Wait for Me, (en dat kan geen kwaad). Ik hoor een stel jongens die goed met hun instrumenten overweg kunnen, ik hoor de stem van Matt die minimaal 100% van zijn ziel en zaligheid in het album stopt. Maar vooral hoor ik muzikanten die vreselijk veel plezier hebben in muziek maken. Geen statement, maar ouderwets lol trappen. En in tijden van kredietcrisis (al heb ik geen cent spaargeld en dus geen reden om me zorgen te maken) en andere sombere berichten is dat meer dan welkom! Dat betekent niet dat er helemaal niets op te merken is: niet alle songs hebben de universele overtuigingskracht van "This Is An Emergency". Dat nummer zwelt aan als een tropische storm en blijft maar door razen. Maar als je de mannen op het podium bezig hebt gezien, weet je dat dit nog een stuk driester kan. Op de plaat tonen de heren dat ze het boven alles in zich hebben om heel energieke refreintjes voort te brengen. Stilzitten lukt dan niet meer, bijvoorbeeld bij nummertje twee op het album "I'm Not Gonna Take This". Het middenstuk overtuigt het minste, maar na de vreemde eend in de bijt, het bijna zoete" Nothing To Do With You", wordt duidelijk waarom dat is. Voor het stuk van "I'm A Liar" tot "Say It Like You Mean It" heb je echt al je adem hard nodig. En dat gaat door tot het eind want ook slotsong "Everybody Wants Me" is singlewaardig.
File Under: Een pretentieloos pamflet tegen passiviteit en pessimisme.
File Audio: [ MySpace]
TK Webb & The Visions - Ancestor
Eigenlijk heeft het wel wat dat er mensen zijn die tevreden zijn met wat ze zijn en hebben: genoeg is genoeg. Waarom zou je een carrière en (nog) meer bezit nastreven? De maatschappij waardeert zo'n negatieve houding niet. Maar al handel ik er zelf niet naar, ik vind het wel wat hebben, die tevredenheid en je niet druk maken om allerlei materiële onzin. De onrust schijnt ook in TK Webb te zitten. Thomas Kelly Webb begon ooit - op negenjarige leeftijd - in de punk, maar had hierna zijn zinnen gezet op de deltablues. Dat was voor hem kennelijk niet genoeg. Hij vormde de band The Visions en brak met het verleden: weg met de punk, weg met de deltablues. Vanaf nu is Thomas Kelly Webb een rockster. Dat lijkt hij althans te willen zijn als je naar Ancestor luistert. Stiekem wil hij o.a. de nieuwe Michael Stipe, Black Francis en Robert Plant zijn. Elke liedje weer een ander. En daar zit wel een beetje het probleem met dit album. De muzikanten weten van wanten, de productie van Matt Boyton is vet genoeg, maar alleen die liedjes hebben te weinig te vertellen. Vooral in de langere nummers als "God Bless The Little Angels" wreekt zich dit. Aan het eind vraag ik me ook af waarom iemand dit nou zou willen beluisteren. Ik heb dan ook mijn twijfels of het zo ooit wat wordt met de rockster TK Webb. Een goede gitarist zijn en krachtige stem hebben is niet voldoende.
File Under: Een rockster te ver?
File Audio: [ MySpace]
Woodbox Gang - Drunk As Dragons
'Trashcan Americana' noemen ze het zelf, vrolijk en met een biertje in de hand. 'Bluegrass-noir', zou je het ook kunnen noemen, maar dan wel de bizar-vrolijke variant. Kredietcrisis? Wat nou kredietcrisis? Zolang er nog bier in de tap zit, de bar nog is gevuld en we ons nog de verhalen van oude liefdes, dronken nachten en bezopen spijt kunnen herinneren, maken ze zich maar lekker druk op de beursvloer. Aangevuld met acht opnieuw opgenomen oudere tracks brengt Alternative Tentacles deze vrolijke, maar op de juiste momenten melancholische plaat van Woodbox Gang opnieuw uit. Oorspronkelijk was het een ep die bij optredens verkocht werd. De acht opnieuw opgenomen liedjes komen van de zeven eerdere platen die deze band uit Illinois eerder uitbracht. Niet elke track is overigens alleen maar vrolijk of melancholiek: '...Jews killed Jesus / Hitler killed the Jews / Peace & love killed the fascists / Hippies killed the blues / Well I'm going down south to put soap in my mouth / Gonna get baptized & blow my brains out.'("Soap in my Mouth"). Maar elke keer wanneer het al te zwaar op de hand dreigt te worden, grijpt men meteen in. Is het niet met een vrolijke fiddle of wat blazers, dan wel met een mooie twist in de teksten: 'I never kissed a girl till I went to college / [...] / On the day I became a man I asked if everything was allright / She said I gave her the most passionate & erotic 12 seconds of her life / [...] / I got a new lover & he don't like roses / He likes candy bars and cigarettes' ("Never Kissed a Girl"). Benieuwd of de conservatieve christenen uit het diepe zuiden van Illinois de teksten verstaan.
File Under: Trashcan Americana
File Audio: [Drunk As Dragons]
File Video: [Tough Guy Blues]
Bloc Party - Ticketactie
Je kunt zeggen wat je wilt over de nieuwe Rotterdamse zaal Watt (het voormalige Nighttown), maar het is ze wel gelukt om flink wat indruk te maken met de optredens waar ze mee op de proppen zijn gekomen in de eerste twee maanden van hun bestaan.. Iggy & The Stooges, Franz Ferdinand, Jamie Lidell, Elbow. Dat zijn geen misselijke namen en deze optredens zijn dan ook steevast uitverkocht (geweest). Laatste in de rij van razendsnel uitverkochte concerten is de showcase die Bloc Party geeft zaterdag 25 oktober. In vier minuten waren alle beschikbare tickets verkocht. Da's absurd snel, maar als er een lovende recensie op File Under staat, dan gaan die dingen als vanzelfsprekend zo. Heb jij net als vele anderen achter het net gevist en de kaartjes gemist? Geen nood, de redding is dichtbij, want wij hebben nog twee keer twee tickets om weg te geven. Vertel ons in precies één tweet (dat is 140 karakters inclusief spaties punten en andere leestekens) waarom jij per se naar Rotterdam moet om met Okereke en zijn mannen mee te zingen. Doe mee door het invullen van dit flodderige formulier.
Calexico - Carried to Dust
Americana. Tex-mex. Mariachi. Spaghettiwestern. Roots. Broeierig. Woestijnmuziek. Het is verleidelijk om alle cliché's over de muziek van Calexico maar weer eens uit de kast te halen. Voor een groot deel zou het ook wel terecht zijn want al deze ingrediënten zijn ook weer ruimschoots aanwezig op Carried to Dust. Waar voorganger Garden Ruin uit 2006 door velen als stijlbreuk met het verleden wordt gezien, keren Joey en John op dit nieuwe album weer terug op het vertrouwde nest. Is het dan weer helemaal business as usual voor Calexico? Ja en nee. Aan de ene kant klinkt Carried to Dust heel erg vertrouwd maar daarnaast zorgt een groot aantal gastmuzikanten voor de nodige variatie. John en Joey zijn weer thuis maar geven wel meteen een feestje voor vrienden en bekenden. Afgezien van op het Spaanstalige "Inspiración" wordt het niet echt een knalfuif, maar eerder een smaakvol en ingetogen wederzien na lange afwezigheid. Burns vertelt hierbij verhalen over ontmoetingen en indrukken opgedaan tijdens zijn vele reizen met Calexico, zoals op de indrukwekkende opener "Victor Jara's Hands", een eerbetoon aan de in 1973 vermoorde Chileense dichter en zanger Victor Jara. De vurige stem van Jairo Zavala op dit nummer en Pieta Brown's countrysnik op het duet "Slowness" vullen Joey Burns' fluisterende zang perfect aan. Op het eerste gehoor klinkt Carried to Dust als gewoon weer een ouderwets goed Calexico-album, maar mede door de gastbijdragen is het wel een van hun beste en meest avontuurlijke releases geworden.
File Under: Calexico komt thuis
File Audio: [ MySpace]
File Video: [Youtube]
Rise Against - Appeal To Reason
Het lijkt wel bijna alsof Rise Against het uitbrengen van hun platen via major Universal moet compenseren door zoveel mogelijk te benadrukken dat de band nog steeds de ware 'spirit' heeft. In het hoesje zit een flyer van PETA, het hoesje van hun nieuwe cd Appeal To Reason is gedrukt met plantaardige inkt op gerecycled papier. De propagandakreten en adviezen voor lees- en kijkvoer staan van voor tot achter in het boekje. Je zou bijna vergeten dat er nog zoiets is als muziek. Vanzelfsprekend zijn de teksten hiervan óók doorspekt met boodschappen. Als de band niet zulke goede muziek zou maken, dan zou ik er echt heel erg moe van worden. Dat word ik nu alleen maar van de akoestische kabbelsong "Hero of War". Raad maar eens waar dat over handelt. Gelukkig trekt de band in de andere nummers wel geregeld flink van leer (eh, mag dat wel in een recensie van een album van strikte vegetariërs?). Wat dat betreft is openingstrack "Collapse (Post Amerika)" een lekker begin. Daarin is Rise Against op zijn best. Dat hadden ze van mij wel iets meer mogen doen op Appeal To Reason. Zoiets hoor ik liever dan zo'n midtempo nummer als "Long Forgotten Sons", dat daarop volgt. Dat midtempo-gedoe is me net iets teveel op maat gemaakt voor het publiek waar Timbo zo van schrok toen hij de band interviewde vorig jaar. Maar goed, als McIlrath 'Maybe we've outgrown all the things that we once loved / Run away / But what are we running from' zingt in "Audience of One" begrijp ik wel dat de band zich in een lastig parket bevindt. Gelukkig zijn er dan altijd nog lekkere uptempo krakers als "Kotov Syndrome" op Appeal To Reason om dat even te vergeten.
File Under: All we are is entertainment, Caught up in our own derangement
File Audio: [ MySpace][Re-Education Through Labor]
Confuse The Cat - Kericky
Bij de eerste klanken van Kericky, het vierde album van het Belgische Confuse The Cat, waande ik me even helemaal terug in de jaren tachtig. Opener "Koi" begint bijna Cure-achtig met mooi en sfeervol gitaarwerk en aanstellerige zang. Het is dezelfde zang die al bij het tweede nummer gaat irriteren. Het bereik van de zang is niet alleen zeer beperkt, ook de teksten zijn van bedroevend lage kwaliteit. Hoe iemand een regel als 'The future starts tonight, blinded by the light, share the magic, oh no!' zonder enige schroom durft te zingen is mij een raadsel. Het stukje gesproken tekst op "Paul's Eyes" is tenenkrommend. Na enkele nummers met U2-ten-tijde-van-Boy-gitaarriffjes en veel pathetische zang is er halverwege het album een opleving in de vorm van het instrumentale "Jackal at 10 O'Clock". Schitterend nummer, had zo op Sandinista van The Clash kunnen staan. Helaas volgt hierna meer van hetzelfde, tot afsluiter "Black Birds", een instrumentaal nummer van ruim acht minuten waarop de bassist en gitarist behoorlijk los mogen gaan. Een prima afsluiter van een plaat die verder op de dag van release eigenlijk al gedateerd klinkt.
File Under: Gedateerd in 2008
File Audio: Confuse-Space
File Video: [hier]
Gary Moore - Bad For You Baby
Onlangs kocht ik het boek Grijsgedraaid van Leo Blokhuis. Naast het verhaal achter een aantal bekende songs ontbreken uiteraard de lijstjes niet. De combi muziek en mannen levert steevast lijstjes op, nietwaar? Op het lijstje van de tien beste powerballads staat "Parisienne Walkways" van Thin Lizzy. 'Pardon!?' roept nu de kenner. Dat nummer was namelijk niet van Thin Lizzy, maar van ex-Lizzygitarist Gary Moore, met zang van Thin Lizzy-voorman Phil Lynott. Het is een beetje het verhaal van Moore geweest: meespelen in Grote Bands en toch alleen bekend bij een beperkt publiek. Tot hij in 1990 een klapper scoorde met Still Got The Blues, een plaat waarop het allemaal een tandje zachter ging en vooral heel bluesy. Moore was ineens een bekende naam. Dat betekende echter meteen dat hij in de jaren erna alleen nog dergelijke bluesplaten uitbracht. Voor de hardrocker die Moore al langer kende, was dat geen pretje, vooral omdat het al snel een gemakzuchtig kunstje leek te zijn. Moore vond dat blijkbaar ook en kwam een aantal jaren geleden met het bandproject Scars weer het heavier genre invliegen. Ook Live at the Monsters Of Rock was bepaald geen braaf plaatje. Blijkbaar heeft dat voor het juiste evenwicht gezorgd, want hoewel Moore op Bad For You Baby weer de blueskant opzoekt, betekent dat niet dat het album braaf klinkt. Bij de opener, het titelnummer, is al een gierende gitaar op volume te horen en dat is niet de laatste keer op het album. Bad For You Baby is een echt bluesalbum, maar tegelijkertijd wel een ouderwets Gary Moore-album. Luister maar eens naar "Umbrella Man", dat kun je met geen mogelijkheid een rustig bluesje noemen. Integendeel: een vette riff en gierende licks tussendoor doen eerder denken aan een powertrio dan aan rustig-in-een-hoekje-pingelen-blues. Die rustige blues staat er óók op, maar het is veel beter in balans dan het lang geweest is. Zowel fans van de Gary Moore-van-de-blues als die van de guitar hero-Gary Moore zullen zich prima vermaken met dit album.
File Under: Gary Moore in balans
Keith Emerson Band - ...featuring Marc Bonilla
Voor het eerst sinds het uiteenvallen van ELP heeft Keith Emerson weer een band om zich heen gevormd om nieuw materiaal mee op te nemen. Zoals de titel van hun debuut al prijsgeeft maakt zanger/gitarist Marc Bonilla deel uit van de bezetting. Samen met Emerson schreef hij het nieuwe materiaal, dat grofweg opgedeeld kan worden in één grote conceptuele compositie (wel netjes in 15 partjes verdeeld) aangevuld met een viertal op zichzelf staande songs. Met name de eerstgenoemde suite is van zeer hoge kwaliteit, niet in de laatste plaats door de spannende wisselwerking tussen Emerson op toetsen en Bonilla op gitaar. Die man is trouwens een gitarist naar mijn hart: alles wat hij doet is beheerst, emotioneel en melodieus, van solo's tot begeleidende partijen. Emerson speelt als vanouds Hammond, piano en hier en daar kerkorgel. Kerkorgel? Is dat niet een beetje té pompeus? Welnee, dat bestaat immers niet. Het is in de eerste instantie een avontuurlijke rock-cd geworden, maar Emerson weet perfect verschillende muziekstijlen door zijn brouwsels te roeren. Zo begint het prachtige "Marche Train" met een bijna Bach-achtige intro op gitaar en bas, en zou de piano-solo "Prelude to a Hope" zo in het oeuvre van Erik Satie passen. Pluim ook voor het feit dat in vrijwel elk nummer het bandgevoel in stand is gehouden. Dit is geen Emerson-solo-cd, maar het resultaat van een verrassend hecht samenspelend team. Ik luister er nu al twee weken vrijwel onafgebroken naar en nog steeds verveelt het me geen seconde. Ach, laat ik het maar gewoon zeggen: Als ik Amaseffer's Slaves for Life even niet meetel, is dit voor mij tot nu toe dé cd van 2008!!!
File Under: Meesterwerk op toets én snaar
File Video: [Prelude to a Hope]
Erwin de Vries - Dichter in Mie
Het gebeurt niet zo heel veel dat een band die in dialect zingt of in een streektaal het schopt tot meer dan lokale bekendheid. Rowwèn Heze, Normaal, Skik, eigenlijk zijn ze op de vingers van een hand te tellen. Ik vind dat best jammer, want in de provincie wordt vaak best mooie muziek gemaakt. Neem nu Erwin de Vries. In Groningen doet deze zanger het meer dan goed. Hij treedt op in goed gevulde theaters en doet ook regelmatig clashes met het NNO, maar ik had dus nog nooit van hem gehoord. Terwijl de liedjes op Dichter in Mie wel van zulke kwaliteit zijn dat er toch minimaal een paar extra provincies aan zijn tournees toegevoegd zouden moeten worden. Zeker mensen die van het latere werk van De Dijk houden (sinds de Hot Harlemmer Horns mee gingen toeteren zeg maar) of Rowwèn Heze zouden de liedjes van De Vries best kunnen waarderen. Als ze zich tenminste even de tijd zouden gunnen om te wennen aan het typische knauwende Groningense taaltje van hem.
File Under: Van knauwen kun je leren houden.
Fujiya & Miyagi - Lightbulbs
Hoewel hun bandnaam Japans klinkt, hebben we hier te maken met een heuse Engelse band, en wel uit Brighton, thuisbasis van o.a. Fatboy Slim. Naast hun thuisbasis is het enige dat Fujiya & Miyagi verder met Fatboy Slim gemeen hebben de voorkeur voor elektronica. Bij Fujiya & Miyagi is dat uitgemond in een vreemde mix van krautrock á la Can met de elektronische muziek uit het begin van de jaren '90, met als voornaamste exponent Aphex Twin. In de hedendaagse muziek is Hot Chip misschien wel de beste vergelijking die je kunt maken. Zo. De hokjes zijn weer genoemd, nu op naar de muziek. Die is clean. Zowel muzikaal als vocaal is alles precies afgepast en gemeten, ritmisch en afstandelijk. Dansbaar, maar ook gewoon luisterbaar, met een koptelefoon op een rustige avond na het werk. Een ideaal slaapmiddel: de staccato fluisterstem en ritmes wiegen je snel in een slaap. Vergeleken bij hun vorige cd, Transparent Things, is het ook weer niets nieuws. Een beetje zoals het Franse Air vooral leuk was op Moon Safari, maar daarna toch steeds in een (steeds slechtere) herhaling viel. Je kunt je er geen buil aan vallen, maar memorabel is het helaas niet.
File Under: Hippe krautrock
File Audio: [ MySpace]
File Video: [Knickerbocker]
Fred C. Prellberg III - Ten Pennies Make A Dime
Amerikaanse man uit Chicago met gitaar en mondharmonica speelt en zingt zijn eigen liedjes. Het gaat hier om Fred C. Prellberg III. Zijn tweede album Ten Pennies Make A Dime, opdragen aan zijn vader (inderdaad Fred C. Prellberg II) ademt naar Amerika. En dan met name het Amerika van Bob Dylan, Bruce Springsteen, Joe Henry en Woody Guthrie. Een muzikale traditie van de ambachtelijke songschrijver aangevuld met hier en daar een rockrandje. Prellberg was zo slim om niet alles zelf te doen: zeven gastmuzikanten helpen hem gedegen. Het is een plaat die ver staat van alles wat nieuw en modern ruikt. Ouderwets? Nou nee, want Ten Pennies Make A Dime is een boeiende plaat en Dylan en consorten zijn in 2008 niet minder populair dan pakweg dertig jaar geleden. Het is wel een album waarbij bij mij het dubbeltje (sorry voor dit grapje) niet meteen viel, maar na veel draaien ga ik het resultaat toch steeds meer waarderen. Opener "No Man's Land" is zo'n liedje dat je na tien jaar niet draaien meteen weer herkend. Het daaropvolgende "Mari Tamed The Mountain Lion" is misschien net wat teveel cliché, maar "Moments Like These" is juist weer prachtig. En zo kan ik de songs één voor één afgaan, maar beluister de tien liedjes van gemiddeld zo'n vier minuten lente per stuk vooral zelf om hierna na diverse draaibeurten een oordeel te vellen. Misschien heb je er wel een fijne vriend bij.
File Under: Amerikaanse singer-songwriter met gitaar, mondharmonica en band
File Audio/Video: [Ze bestaan nog in 2008: artiesten zonder internetsite]
Martha Wainwright - Ticketactie
De reacties bij de foto van het vorige concert dat Martha Wainwright gaf in Nederland logen er niet om:
Het was zó mooi. Op plaat heeft ze een aardige stem. Live heeft ze een superstem. Echt geweldig.
Ademloos staan kijken en luisteren. Het raakt me ergens tussen mijn hart en maag.
Overweldigend, kan het niet anders zeggen, nog veel beter live dan ik had verwacht. Niet in de laatste plaats dankzij topdrummer Johnson
Om dan nog maar wat zout in diverse wonden te strooien... ;-) Het was inderdaad een fantastisch optreden! Geweldig om te zien en te horen wat voor een scala aan emoties zowel muzikaal als visueel voorbijkwamen (tot en met het trashen van het drumstel toe, dat was dan weer erg grappig).
En nog meer zout! Prachtig concert! Wat een stem! Geweldig. En mooi ook dat het publiek zo aandachtig en stil was!
Zelf kon ik er helaas niet bij zijn in Nijmegen, en ook het concert in Utrecht donderdag aanstaande moet ik noodgedwongen missen. Maar jij hoeft dat niet, want we mogen voor dit optreden van Martha twee keer twee tickets weggeven. Wil jij er bij zijn - en als je wint, kom op tijd, want het voorprogramma Angus & Julia Stone is ook erg tof - vul dan zo snel mogelijk dit formuliertje in en je hoort binnen no-time of je donderdag een leuke avond uit hebt gewonnen.
Scorch Trio - Brolt
Als ik naar de programmering van North Sea Jazz kijk word ik nooit erg vrolijk. Het zou een jazzfestival moeten zijn, maar staat voor het grootste deel vol met soul, funk en fusion. Erg glad allemaal; en de echte jazz die er speelt is meestal ook van de gladgestreken soort. Zal best gezellig zijn allemaal, maar met muzikale durf heeft het niets te maken. En dat is toch wat jazz moet doen: de muzikant én de luisteraar constant uitdagen, de diepte ingaan, exploreren van onontgonnen gebied. Gelukkig hebben we het Scorch Trio nog. Dit Noors/Finse trio toont moed, durft uit de ingesleten vaargeulen te sturen, en komt zo uit in een gebied waar iemand als Jimi Hendrix te vinden zou zijn geweest als hij zich had laten leiden door de freejazz van Coltrane en de 1970 live albums van Miles Davis. Een powertrio dus dat rockintensiteit en dito volume koppelt aan de vrije improvisaties van freejazz. Hoor die grandioos dissonante, alle kanten op scheurende gitaar van Raoul Björkenheim; laat je leiden door het tegelijkertijd ruwe en subtiele baswerk van Ingebrigt Haker Flaten; ga knock-out door het alles omver denderende drumwerk van Paal Nilssen-Love. Alle drie beter dan superlatieven kunnen uitdrukken, maar besef dan dat hun samenspel alles nog veel en veel mooier maakt. Dit, lieve mensen, is waar jazz ook toe in staat is: een gedurfde, harde, rauwe en tegelijkertijd subtiele, luide en nogal rockende vorm van vrije improvisatie, zonder dat het ook maar één moment oeverloos gepiel in de ruimte wordt.
File Under: Jazz!! En hard!!! En goed!!!!
File Audio: [ MySpace]
Week 41, 2008
Storm
Emiliana Torrini @ Paradiso
Bas
Scorch Trio - Brolt
Ewie
Herman Dune - Next Year In Zion
Ludo
Blitzen Trapper - Furr
André
What Have I Done (single) - Anna Ternheim / The Promise (single) - Girls Aloud
Prikkie
Extreme - Saudades De Rock
Sikkema
Say Hi - The Wishes And The Glitch
DubbelMono
Roy Brown - Saturday Night!
ForestSounds
Keith Emerson Band - Keith Emerson Band featuring Marc Bonilla
Stonehead
Kitsuné Maison 6
Travis - Ode To J. Smith
Wat is er met Travis gebeurd? Ik ben luchtige en soms breekbare "Why Does It Always Rain On Me"-achtige nummers van hen gewend, altijd lekker, maar nooit uitbundig. En eerlijk gezegd was ik daar ook wel een beetje klaar mee, zo erg zelfs dat ik de vorige cd The Boy With No Name wel heb, maar eigenlijk nooit echt geluisterd heb. Travis is echt een band die in het verleden een bepaalde snaar heeft geraakt, vanwege persoonlijke emotionele gebeurtenissen die vragen om een genre dat enigszins troost biedt zonder dat je direct de neiging hebt een balk en touw te zoeken. Travis is daar uitermate goed in, zoals ook bijvoorbeeld de Turin Brakes. Maar nu is Ode To J. Smith ruiger dan ooit, al kan Travis nooit ruig genoemd worden natuurlijk. (Tenminste, als we het debuut uit 1997 even niet meetellen, dat was een totaal andere Travis dan we nu kennen.) De drums en gitaren gaan er op Ode To J. Smith wat heftiger tegenaan dan op vorige albums en Travis schuift langzaam op richting bands als Air Traffic, Thirteen Senses en Morning Runner. De enige Travis-nummers zijn "Last Words" (met relaxte banjo in de achtergrond) en "Friends". De vraag is of ze nu nieuwe fans erbij krijgen en of ze de fans uit hun debuuttijd weer voor hun kunnen winnen? Ik verwacht van wel. Ik ben ook weer fan, zolang ze maar wel af en toe terugvallen op hun luchtige geluid om onze emotionele pieken op te vangen.
File Under: Ruiger, maar nooit ruig!
File Audio: [ MySpace]
File Video: [Song To Self][J. Smith][Something Anything]
Jon O'Bir - From Within
In de tijd dat veel trance geplaagd en gedomineerd wordt door vocal snippets, invloeden uit electro, zweempjes house en zagende baslijntjes, is het af en toe een verademing een album aan te treffen waarop trance staat uit grootmoeders tijd, laten we zeggen de jaren '90. Enkele laatsten der Mohikanen houden de ouderwetse trance met arpeggio's, duidelijke melodieën en scherpe synths nog in ere: een daarvan heet Jon O'Bir en is afkomstig uit het pittoreske Nottingham. Tezamen met Activa (Rob Stevenson) produceerde O'Bir zijn eerste langspeler, die uitkwam op het Vandit-label van Paul van Dyk. O'Bir en Activa laten al in het eerste lied horen dat ze de ouderwetse kant op gaan, en laten in de nummers daarop zien dat ze die trancezijde erg goed beheersen. O'Bir viel in het verleden nog niet te betrappen op bloedmooie songs, maar op dit album staan toch enkele parels. "Ways And Means" is het hoogtepunt: trance as it should be, in de nek hijgend gevolgd door "I Need You", waarvan helaas een wat korte versie is opgenomen. "Sunrise" is ook erg goed, en de rest van de nummers? Ach, sommige zijn prima, en andere, zoals het repetitieve "Sparc", zijn geen knip voor de neus waard. Dat is trouwens de makke van de meeste nummers, goed of niet: er zit vaak maar één centraal idee in. Op den duur wordt dat een beetje saai, zeker als je het gelaagdere werk van een vergelijkbare artiest als Giuseppe Ottaviani hoort. Desalniettemin weet O'Bir met vrind Activa een voldoende te scoren door te laten zien dat de oude trancejas hem prima past.
File Under: Degelijke trance, the old-fashioned way
File Audio: [ MySpace]
File Video: [Ways And Means]
Evergrey - Torn
Privédrukte verhinderde mij om al eerder een recensie te schrijven over het eind september verschenen zevende studioalbum van Evergrey, Torn getiteld. Of zou het toch komen doordat het album mij met elke losse luisterbeurt telkens weer niet wist te pakken. Ik miste de sterke, aanstekelijke en frisse nummers die mijn aandacht vast moesten houden. Voorganger Monday Morning Apocalypse wist mij ook maar mondjesmaat met een aantal nummers te grijpen. Het laatste album dat bij mij wel dat gewenste effect had was The Inner Circle. Evergrey lijkt definitief een andere weg ingeslagen te zijn, al zeggen ze zelf terug te grijpen naar In Search Of Truth en Recreation Day, maar dan in een modernere mix. Minder progressief, wel wat harder en steviger, meer heavy metal. Met name de drums en gitaren knallen meer en komen regelmatig op hoge snelheid langs vliegen. Het album is niet slecht, absoluut niet, maar aan de andere kant ook niet bijster opvallend, laat staan vernieuwend. Helaas moet ik concluderen dat hun werk steeds wat verder van mijn voorkeuren afligt. Nee, geef mij maar hun eerdere albums met nummers als "The Masterplan", "Recreation Day" en "When The Walls Go Down". De laatste tijd valt het me veelvuldig op dat bands gebruik maken van een gastvocalist(e) en meestal zijn dat vervolgens ook de mooiste, meest aangename nummers van dat album. Zo ook op Torn. Slotnummer "These Scars", uiteraard een duet tussen Thomas en zijn vrouw Carina, klinkt erg aanstekelijk en verslavend.
File Under: Torn between past, present and future
File Audio: [ MySpace]
The Donkeys - Living on the Other Side
Wat mij betreft is de Amerikaanse westkust helemaal niet het relaxte, zonnige, met mooie en gezonde mensen bevolkte gebied waar het vaak voor gehouden wordt. Zoals veel te vaak heeft de toeristenindustrie dat beeld geschapen en in stand gehouden. Hulp heeft ze daarbij - wellicht onbewust - gehad van de muziekgeschiedenis. Want als we denken aan bandjes met een Westcoast-geluid, dan doemt voor ons geestesoog de Ventura Highway op, een motel aan het strand en een altijd schijnende zon, afgewisseld met uitstapjes in de prachtige woestijn. De werkelijkheid is uiteraard anders. San Francisco is grotendeels gevuld met drop-outs, de woestijn is afschuwelijk heet, boven Los Angeles hangt altijd smog en op Ventura Highway staat een eindeloze file. Maar bij het luisteren naar Living on the Other Side van The Donkeys verdwijnt die werkelijkheid om plaats te maken voor een Californië zonder Schwarzenegger, Hummers, veel te bruine en veel te rijke patsers in cabriolets en bonkende house. Er voor in de plaats klinken Crosby, Stills & Nash, de Stones ten tijde van Exile on Main Street en The Eagles toen ze nog niet ten prooi waren gevallen aan de coke. Het enige waaruit zou kunnen blijken dat The Donkeys (overigens afkomstig uit San Diego, Californië) ook donders goed doorhebben dat hun Westcoast rock een sprookje verkoopt is de fijne melancholische sfeer die over deze elf tracks ligt.
File Under: Californië anno 1972
File Audio: [Walk Through A Cloud][Nice Train]
O'Death - Broken Hymns, Limbs and Skin
Tom Waits, maar dan met Jello Biafra op zang. Of toch 16 Horsepower. Maar dan wel uit de begintijd, toen Dave Eugene nog minder braaf was. Met Woven Hand heeft het in ieder geval niets van doen, al klinkt O'death wel alsof de duivel ze op de hielen zit. Of eigenlijk misschien wel andersom. Hmmm, hoor ik hier nu ineens The Pogues? Ja ook, maar dan The Pogues die akoestische covers van Dropkick Murphys speelt! Of weer andersom. Aaargh, ik word gek! Hier speelt een band die mijn hele katholieke deel van platenkast omgeflikkerd heeft. Alhoewel? Jello Biafra katholiek? Dat zou ik nog eens na moeten zoeken. Maar hele zootje ligt dus in duigen en de vier heren van O'Death proberen op Broken Hymns, Limbs and Skin, onder productionele leiding van Alex Newport (verrek, die hoor ik ook!) er weer fatsoenlijke herrie van te maken en dat lukt ze verdomd goed. Maar dan wel degelijke gereformeerde wijze, want hel en verdoemenis is nooit ver weg! Dat is het! Biafra is gereformeerd! Moet wel als gemankeerde dominee zijnde. Het kan ook de geest van Johnny Cash wezen, want die is ook nooit ver weg. Anyway, als de Duivel door het zuiden van de Verenigde Staten trekt, dan nemen ze O'Death mee als begeleidingsband. En Tom Waits, Shane MacGowan, Jello Biafra, Johnny Cash en Hank Williams zagen dat het goed was...
File Under: Boeken voor de volgende EO Jongerendag
File Audio:[ MySpace]
Bloodbath - The Fathomless Mastery
Zweedse Żuper deathmetal-diva's zijn er genoeg en dus was het personeelstekort bij het sterrencombo Bloodbath snel verholpen. De vertrokken Dan Swanö (o.a. Edge of Sanity) en Peter Tägtgren (o.a. Hypocrisy) zijn vervangen door niemand minder dan oudgediende Mikael Åkerfeldt (o.a. Opeth) en de nu nog relatief onbekende Per Eriksson, een gitaarvedette in wording. Ik ben blij dat 'The Big M' weer terug is, want ik vond het deathmetal-gehalte van de laatste Opeth namelijk ietwat tegenvallen. Het is goed dat we op The Fathomless Mastery toch nog kunnen genieten van zijn betoverende, oneindig diepe grunt. Sowieso valt deze cd niet tegen. Je weet het nooit met al die grote namen bij elkaar, maar opnieuw is het een waar spektakelstuk geworden. Minder pakkend dan zijn voorganger dat wel, echter daarvoor in de plaats een hele rits aan vergrotende trappen: genadelozer, furieuzer, zuigender en misschien nog wel het belangrijkste, doodser dan ooit! Vooral het gitaarwerk is uitmuntend. De ene na de andere weerzinwekkende riff boort zich rechtstreeks in je hersenpan om nog maar te zwijgen over al die hemelse, dubbele gitaarsolo's. En het niveau blijft hoog gedurende het hele album. Als ik zo door mijn 2008-mapje blader op mijn pc, kan ik niet anders dan dit één van de betere deathmetal-releases van dit jaar noemen.
File Under: Doodser dan ooit.
File Audio: [ MySpace]
Cold Sun - Dark Shadows
Uitgebracht op het sympathieke reissue-label World In Sound en bovendien voorzien van een prachtige hoes: dit moest een fijne kennismaking gaan worden met Cold Sun. Het psychedelische kwartje viel tijdens de autorit die ik hiervoor uitgezocht had niet en tijdens het wachten voor de verkeerslichten besloot ik de cd voor een andere in te wisselen. Het was genoeg voor nu. Op de binnenhoes zag ik het toen staan: 'warning: do not operate motor vehicle of power tools while listening to these recordings.' Aha! Dat verklaarde veel. Thuisgekomen kreeg Dark Shadows een hernieuwde kans en kreeg ik ook de mogelijkheid om me eens nader in de band te verdiepen. Het album werd in 1970 opgenomen in de Sonobeat-studio in Austin, Texas. Het werd echter pas in een gelimiteerde oplage uitgebracht op een dubbel-lp in 1991. Gelukkig heeft World In Sound dit album van de band rond Bill Miller verder opgepimpt tot deze release. Miller trad later toe tot de begeleidingsband The Aliens van Roky Erickson (oprichter van The 13th Floor Elevators). Zijn belangrijkste wapen is de Autoharp, een instrument dat we niet vaak tegenkomen in de popmuziek. Al is dit in muziekstromingen als de bluegrass een veel bekender instrument. Op Dark Shadows wordt het ingezet in lange uitgesponnen psychedelische stukken waar het vijftal muzikanten er een heuse trip van maakt. Het album telt van origine zeven tracks waaraan twee nummers (uit 1972) toegevoegd zijn. Miller schrijft nog: 'Roky Erickson - I really hope you like this, boss'. Ik weet het wel zeker. Dit is voer voor psychedelica-liefhebbers.
File Under: Maar dus niet achter het stuur draaien.
Eric Chenaux - Sloppy Ground
Gelukkig, niet alles wat die Canadezen aanraken wordt geniaal. Sloppy Ground is zo suf dat ik zelfs vergeten was mijn gebruikelijke aantekeningen te maken. Oeps, ehm. Nou ja, Chenaux bespeelt allerlei snaarinstrumenten en zingt met klagerige, trillende Will Oldham-achtige stem zijn folky liedjes. Te lange liedjes. Hij en zijn groep improviseren en breien er negen in zevenenveertig minuten, waar ik na de eerste vier al het gevoel heb dat de plaat al uren speelt en nu toch wel zal zijn afgelopen.Tijdens opener "Am I Lovely" heb ik er nog zin in. De strijk- en snaarinstrumenten zoeken elkaar in een aarzelend intro en vormen langzaam een fragiele puzzel die net niet uit elkaar valt. Maar ook daar begint bij geconcentreerde beluistering het gejank van de violen, wat zeg ik, het algehele gejank, al tegen te staan. Het sleept zich allemaal tergend traag voort. En dat terwijl folk met een twist me normaal toch bevalt. Waar ligt het dan aan? Misschien is het de holle productie, veel hoge tonen, weinig diepte. Kortom, een schelle boel. "Boon Harp" klinkt bijvoorbeeld alsof een groep Schotse separatisten een straat verderop langs komen marcheren. Veel van de tracks hebben die ouderwetse (Britse?) dronesfeer, die je ook wel bij de wat toegankelijkere James Yorkston aantreft. Misschien dat zijn fans hier wat mee kunnen, ik pas.
File Under: Sloppy indeed
File Audio: [Cheneaux-Space]
Face Tomorrow - In The Dark
Op zijn zachtst gezegd schrok ik nogal de eerste keer dat ik "Overpowered" hoorde. Of beter gezegd, dat ik "Overpowered" zag, want het gebeurde door een clipje op YouTube. Mijn eerste reactie was ' Hmm, ik weet het nog niet.' Wat was er in godsnaam gebeurd met de band waarvan ik hun tweede cd The Closer You Get zonder blikken of blozen in mijn top-10-allertijden van albums van Nederlandse bodem geplaatst had. Het nummer was zo anders dan ik verwachtte van deze Rotterdammers, dat het me al kijkend naar de clip van Peter Greenaway niet lukte om de knop om te zetten en waardering op te kunnen brengen voor het door zanger Jelle Schrooten en zijn mannen gepresenteerde. Het duurde meerdere keren rustig draaien en luisteren met de koptelefoon op totdat voor In The Dark het kwartje viel. Bij dat intensieve beluisteren bleek gelukkig, dat er nog wel degelijk een wolf zat in wat eerst alleen maar schaapskleren leken, maar dat het beest er meer gedoseerd en berekend uitkwam dan op zijn twee voorgangers. De intensiteit zit 'em niet zo zeer in de hardheid van de nummers, maar in de sfeer en intensiteit waarmee de band ze neerzet en dat haal je niet zo maar even uit een clipje op YouTube. In The Dark groeide dan ook per draaibeurt. Het is een album dat, net als bijvoorbeeld El Cielo van Dredg, me niet gelijk voor zich won, maar dat stapje voor stapje deed, waarbij het lopen uiteindelijk buiten adem hardlopen werd. Dat ik Dredg noem is overigens geen toeval, want die kant neigt Face Tomorrow veelvuldig op. Het is dapper om gezien hun luidruchtiger verleden 'gewoon' een pianoballade als "Trial and Error" op te nemen. Hierin schittert vooral Jelle. Maar ook in de twaalf andere tracks toon hij aan absoluut een van de, zo niet de, beste Nederlandse zangers van dit moment te zijn. Of ik In The Dark uiteindelijk beter ga vinden dan The Closer You Get weet ik nog niet, maar dat dit de beste plaat tot nu toe van Nederlandse bodem is van dit jaar, daar twijfel ik ondertussen niet meer aan.
File Under: Groots.
FIle Audio: [ MySpace]
File Video: [Overpowered]
Keane - Perfect Symmetry
Ik maak Keane graag belachelijk, maar hun nieuwe derde plaat valt best mee. Het is zeker niet het verpletterende, ambitieuze album geworden waar ik op hoopte, integendeel, maar er staan een paar aardige singles op ("Lovers Are Losing", "Perfect Symmetry", "Spiralling", "Better Than This"), met slimgekozen verslavende hooks. De cover van "She Sells Sanctuary" vorig jaar blijkt een goede voorbode te zijn geweest: Perfect Symmetry is een typische Keane-popplaat geworden, alleen dan eindelijk gewoon eens leuk en gevarieerd. Je hoort ook duidelijker gitaar, bas en zelfs een enkele blazer (of zouden dat óók effecten uit Tims Yamaha zijn?) Zelfs de teksten weerspiegelen eindelijk wat optimisme: "I wonder what I'd do if I could wake up every morning with a clean slate" zingt Tom Chaplin, en hij klinkt daarbij zowaar oprecht. Tja, wie had er immers op gerekend dat deze man, die zo ongeveer de vleesgeworden burgerlijkheid lijkt, drankverslaafd was geraakt en niet eens aanwezig was bij het bedenken en opnemen van het vorige album? Of dat Keane hun tour halverwege zou afkappen? Je zou toch bijna medelijden met ze krijgen (oh, wacht.) Maar het zij Keane vergeven, vooral vanwege de slotballad "Love Is The End" op dit album. Na drieëneenhalve minuut houdt Tom zijn mond en vanaf dat punt trekt het hele nummer je een plan hoger. Het is jammer dat de band zich verder nergens op die manier laat gaan. Alsof de groep bang is geworden om spanning in de muziek te verwerken. In plaats daarvan zijn plezier en oppervlakkigheid de norm: meefluiten zul je. "I'm gonna turn up the volume until I can't even think", schreeuwt Tom nog even in "Playing Along", maar onmiddellijk daarna valt de gitaar weer terug naar suf zwijmeltempo. Nee, rock'n'roll zal Keane wel nooit (meer) worden en hun liedjes blijven al enkele jaren compositorisch die van een meelopersbandje, maar de lol is terug en dat is veel waard. Vergelijk dat maar eens met de lauwe, zijige nummers die een buttgroep als The Script momenteel uitpoept ter ondersteuning van hun enige leuke hitje "Before the worst". Keane anytime, zeg ik, daarbij vergeleken.
File Under: Achiel, mijn pillen!
File Audio: [Te streamen van last.fm]
File Video: [Spiralling][The Lovers Are Losing]
Fidget - Ashes & Dust
Meteen valt op aan Fidget: zanger/gitarist Tom Jeske heeft een enorme strot. Zangeres Darline Fae Rubi trouwens ook, beetje schel, alsof er steevast luchtbelletjes in haar keel zit. Tom en Darline wisselen de zangpartijen in de nummers af, voeren soms gesprekjes. Deze veelzijdige interactie tilt de band uit het overvolle segment van de melodische emopunkpoprock. Daarbij komen dan nog de jaren '70 riffs en wahwah solo's van gitarist Felix Ohmes, de metalbreaks van drummer Micha Czernicki, instrumenten als theremin, klokkenspel en percussie en samples van wegstervende kozakkenkoortjes. Volgepropt met deze ingrediënten is Ashes & Dust een explosief brouwsel dat dankzij de heren Schiwek en (drummer) Czernicki uit de boxen knalt. 'Fidget' betekent rusteloos bewegen. In dit geval een speaking name. "All seems meaningless" galmt het op een stampende discobeat die bruist van het leven. "Take or leave" is een grote melodie, gezongen door grote stemmen. In Duitsland en Oost-Europa speelde Fidget het afgelopen decennium al 400 concerten. De West-Europese podia laten blijkbaar nog op zich wachten, maar met de deal met van Redfield Records onder de arm zal dat niet lang meer duren.
File Under: Geile Muke!
File Audio: [ MySpace]
James - Hey Ma
Mijn lief en ik houden regelmatig met een bevriend stel een zogenaamd DVD-avondje. Een simpel doch doeltreffend concept: met de wijzers van de klok mee laat eenieder een nummer uit de grote stapel muziek-DVD's horen. Nu zei ik regelmatig, maar nu ik er over nadenk is ons laatste DVD-avondje alweer een tijdje geleden. Misschien omdat we meer U2 - het bevriende stel is fan - voor onze kiezen kregen dan ons lief was? Dat U2-dieet werd echter eenmaal onderbroken door een hervonden liefde van onze gastheer: James en hun afscheidsconcert in thuisstad Manchester uit 2001. Hier in Nederland heeft het nooit zo willen vlotten met de enigmatische zanger Tim Booth en zijn mannen. Wellicht dat iemand zich het hitje "Sit Down" nog kan herinneren. Het staat waarschijnlijk ook op Twee Meter Sessies deeltje zoveel. Zo'n type band dus. Vrijwel niemand zal hier zijn opgeveerd bij het nieuwtje dat James weer bij elkaar was. Is daar reden toe? Ja en nee. Ja, omdat de draad gewoon weer is opgepakt en James als vanouds met de armen wijd open breed uitwaaierende op stadionmaat afgemeten popsongs maakt. En nee, omdat de draad gewoon weer is opgepakt en James als vanouds... Enfin, u begrijpt vast wel waar ik heen wil. Tussen de reeks reünieplaten staat Hey Ma aan de goede kant van de lijn, maar ik betwijfel of de band er veel nieuwe zieltjes mee zal winnen. Tenzij ze eens met hun puike live-reputatie deze kant op komen. Als voorprogramma van U2 bijvoorbeeld.
Om James een handje te helpen met het winnen van nieuwe zieltjes mag File Under een aantal exemplaren van Hey Ma op de post doen. Wil je zo'n exemplaar in jouw brievenbus terugvinden, doe dan mee met onze prijsvraag.
File: James - Hey MaFile Under: Voor het geval u ze gemist mocht hebben
File Audio: [ MySpace][Op de site]
Andre Manuel en de Ketterse Fanfare
Buckcherry - Black Butterfly
Buckcherry is "the Natural Successor To Aerosmith and Mötley Crüe", volgens de bio. Nou kun je je afvragen of die al aan opvolgers toe zijn. Aerosmith brengt nog voornamelijk verzamelaars uit, maar zet live nog steeds waanzinnige shows neer, Mötley Crüe heeft net een puike comeback achter de rug. Maar nog afgezien daarvan: beide bands zijn op hun best als ze bruisen van energie. En dat is nu net wat vooral ontbreekt op dit album van Buckcherry. Het is hitparadepoprock, niets meer en niets minder. In dat genre is het best aardig gedaan, maar het is veelzeggend dat de energie pas om de hoek komt kijken in de op een na laatste song, "Imminent Bail Out". Tot dan lijkt met name de brave productie uitsluitend op hitparades levende bakvissen op het oog te hebben. "Imminent Bail Out" is dan wel een heerlijk nummer, maar je vraagt je af waarom ze niet vaker zo tekeer gaan. Het is waar, de betere poprockmomenten doen nog wel eens denken aan de Stone Temple Pilots ("Cream"). Teveel van de songs zijn echter van het oor-in-oor-uit-type en daarmee is dit Buckcherry veel geschreeuw en weinig wol. Hoewel, wás het maar wat meer geschreeuw, dan was er tenminste wat meer energie.
File Under: Geen geschreeuw, weinig wol
File Audio: [CherrySpace]
Castanets - City Of Refuge
Het gebeurt vaker dan me lief is, dat ik een beetje rondstruin op internet en dat ik weer eens struikel over een 'geleende' foto van File Under. Laatst gebeurde het zelfs met een foto gemaakt door mij. Toen ik vriendjes wilde worden met Castanets, zag ik een wel heel bekende foto bij zijn profiel. Een die ik nam bij het prachtige concert dat Raymond Raposa gaf in Ekko. Ik vond het nog wel leuk, maar ik kan me voorstellen dat fotografen er af en toe moe van worden dat hun foto's zomaar overal rondzwerven. In dit geval kreeg ik als compensatie de nieuwe Castanets-cd, City Of Regue, daarom vond ik het allemaal verder wel best zo. Stiekem ben ik, sinds ik zijn eerste cd Cathedral hoorde, namelijk best fan van Raposa. En City Of Refuge versterkt dat gevoel alleen maar verder. Maar wel op een ongemakkelijke manier. Want het is nou niet bepaald zo dat Raposa er prat op gaat fijne gemakkelijke mee-lalbare liedjes te schrijven. Nee, in zijn liedjes draait om Raposa's melancholische, op het valse af, jankende gitaar is en zijn scherpe afgeknepen stem. En dat geeft mij altijd een prettig onprettig gevoel. En dat is op deze cd misschien nog wel sterker dan voorheen. Het is ook niet raar als je weet dat Raposa de plaat opgenomen heeft in een somber motel in het volgens mij behoorlijk desolate plaatsje Overton in Nevada, een kilometer of honderd van Las Vegas.
File Under: Prettig onprettig.
File Audio: [Glory B][ MySpace]
Okie Rosette - Leap Second
Alleen al voor de grand opening zou ik het album van Okie Rosette niet hebben willen missen. Voor geen goud. Het heet dan ook niet voor niets "Repeat & Fade". Openingszin: 'The place smells like bacon and cologne'. Daar hebben ze me al hoor. Maar dan volgen nog vrolijke blazers, een deuntje dat niet uit mijn hoofd wil gaan, en een klein feestje. De toon is gezet! Het zou me niets verbazen als het ook het laatste lied van dit album was. Een beetje musical, een beetje vaudeville, behoorlijk wat indie. Hoop dat Okie - is het een voornaam? - dit een heel album lang volhoudt. "Sing the Hotel" is het lied dat volgt. Opnieuw vrolijk, een stem die raakt aan een heleboel singer-songwriters. Denk aan een kruising tussen een weinig verrotte Syd Barrett en een optimistische Conor Oberst. En de muziek lijkt dan ook wel wat op die van Bright Eyes, maar dan op een kruising met de serieuzere I'm From Barcelona. Ik ben aan het genieten. Bladerend door het cd-boekje blijkt de band ook met een met de Zweden vergelijkbaar aantal bandleden te zijn. Ik tel er veertien die meegewerkt hebben aan het album, waaronder elf vaste bandleden. Een grappige rolverdeling ook, zo blijkt ook al uit het boekje: pump organ donor, practice shed owner, lunch on Belvedere, oohs, ahhs, keys & saws, love, trumpets galore, every guitar in the studio on one song. Ik hou van het soort boekje dat op deze manier lezenswaardig is. En hee, Dee Kesler, mijn held en vriend van Thee More Shallows, doet ook al mee. Het kan niet op. Eigenlijk is Okie Rosette een soort superband, met mijn vrienden en mijn soort van humor. En dan ook nog eens mooie indieliedjes. Ik moest er alleen even aan wennen.
File Under: Superindie voor Jnnk en al haar vrienden
File Audio: [ MySpace]
Trivium - Shogun
Na de kritiek van met name de media op het nogal controversiële The Crusade was het de vraag of het Amerikaanse kwartet van Trivium met een album op de proppen zou komen dat de criticasters voor eens en altijd de mond zou snoeren. De waarheid gebiedt te zeggen dat dit slechts ten dele gelukt is. Door een surplus aan rauwe riffs en het veelvuldig gebruik van schreeuwerige vocalen is er weliswaar een terugkeer naar het alom geprezen Ascendency, maar hoewel Shogun een aantal ijzersterke nummers herbergt zoals opener "Kirisute Gomen" en "Into The Mouth Of Hell We March" lijkt veel van het gebodene uit hetzelfde vaatje te tappen. Als gevolg hiervan zijn veel nummers onderling inwisselbaar. Niettemin is Shogun bepaald geen misselijke thrashplaat geworden. Door de wisselwerking tussen brute en melodieuze passages is een homogeen geheel ontstaan waarin vooral voor het beukende spel van bassist Paolo Gregoletto een hoofdrol is weg gelegd. Met welhaast chirurgische precisie schept hij een solide basis waar Heafy en Beaulieu hun afzonderlijke gitaarpartijen over heen kunnen leggen en waarbij de eerste zich tevens naar hartenlust de longen uit het lijf kan schreeuwen. Met Shogun heeft Trivium ogenschijnlijk de gulden middenweg gevonden tussen het rauwe karakter van Ascendency en de toegankelijkheid van The Crusade. Vergelijkingen met Metallica gaan nog slechts sporadisch op. Daarentegen roept de overgang van extreem harde stukken naar meer melodieus gerichte intermezzo"s in bijvoorbeeld "Throes Of Perdition" onherroepelijk de gedachte op aan het oudere werk van In Flames. Dat is evenwel beslist geen manco.
File Under: Terug naar de roots
File Audio: MySpace
End Of Green - The Sick's Sense
Het Duitse End Of Green bestaat al een aardig lange tijd en doet aan weinig opgewekte hardrock met een behoorlijke gothic-inslag. De band is begonnen in 1992 en is met dit The Sick's Sense bij hun zesde langspeler aangekomen. Zoals wel meer Duitse bands is dit gothicrock met een behoorlijk commercieel randje, dus enigszins in de buurt van collegabands als HIM en het eveneens Duitse Crematory. Wat daarnaast meteen opvalt is de gelijkenis in stemgeluid tussen zanger Michelle Darkness (what's in a name) en Type O Negative's Peter Steele, de gelijkenis is echt als twee druppels water. Je zou bijna denken dat hij er misschien wel een Type O-coverband op nahoudt. En mocht dit niet zo zijn dan zou dit wel verstandig zijn om te overwegen aangezien End Of Green grossiert in middelmatigheid. Het ene suffe flutrefrein na de andere krijgen we op ons bordje, en nou is dit soort gothic niet bedoeld om vrolijk van te worden, maar in dit geval is het toch echt huilen met de pet op. Dit doorsnee stamprock met droefsnoeterige teksten en saaie pseudo-melancholieke sfeer, zonder enige verdere diepgang of inhoud. Mij ontgaat het nut van deze plaat, maar misschien is er juist bij de Oosterburen wel een publiek voor deze band. Aan mij is dit soort gothicmeuk in geval niet besteed.
File Under: Doorsnee gothicmeuk
File Audio: [EOG-Space]
It Bites - The Tall Ships
Het is een rare reünie, deze van It Bites. De bron ervan ligt bij een charity event dat de charismatische Francis Dunnery organiseerde enkele jaren geleden waarbij de vier oorspronkelijke leden van It Bites weer voor het eerst met elkaar op het podium stonden en er nog steeds sprake was van dezelfde chemie van vroeger. Het riep een vraag op bij de fans (en dat zijn er meer dan je denkt) naar meer. Maar doordat Dunnery al jaren in de USA woont, en zich naast zijn muziek en gezin vooral ook met hele andere zaken bezig houdt dan progressieve rock maken kwam het er niet van. Min of meer tot mijn verbazing is er nu toch een nieuwe cd. Maar zonder Francis Dunnery dus en uiteindelijk ook zonder bassist Dick Nolan. Zij zijn vervangen door John Mitchell (oa. Arena en Kino) en Lee Pomeroy, het blijken adequate vervangers. Ik verbaasde me bij het optreden van Frost er al over dat Mitchell een aangename stem had. Hij lijkt vaak verdomd veel op Peter Gabriel, maar bij tijd en wijle ook best op Dunnery. Voor het totaalgeluid maakt het weinig uit overigens. Op de een of andere manier is het toch allemaal typische It Bites wat de band laat horen op The Tall Ships. Poppy prog zonder de gemakkelijke weg te kiezen en zonder bombast uit de weg te gaan. Daar was de band al uitstekend in op hun klassieke jaren tachtig-albums en dat is bijna twintig jaar later niets veranderd. Er staat dan misschien geen "Calling All The Heroes" (die single voor de gelegenheid maar weer eens uit de kast getrokken, wat een wereldnummer blijft dat!) of " Ice Melts (Into Water)" op, maar ik heb er een aangename trip down memory lane aan gehad dankzij deze mannen. Hopelijk komen ze snel weer hier spelen.
File Under: Calling All The Heroes!
Portugal. The Man - Censored Colors
En zo stond er een foto van het concert dat Portugal. The Man in Rotown gaf op File Under, terwijl er nog geen stukje verschenen was over hun laatste album Censored Colors. Oeps. Het was er nog niet van gekomen wegens nog veel meer te recenseren en ik had niet gezien dat ze in Nederland kwamen. En... het was vooral mijn eigen domme fout door niet eerder iets van ze te beluisteren, want dan had ik geweten wat ik zou missen. Ik neem echter niet alle verantwoording op me, want het is niet geheel mijn schuld als je nog nooit van dit viertal uit Alaska (Waliska) gehoord hebt, want er verschenen hier al stukjes van de hand van Har over hun eerdere twee albums. Portugal. The Man is zo'n band waar men moeite mee heeft om ze te omschrijven en dat is in dit geval alleen maar positief. Ik zal eens een poging wagen. Neem Leonard Cohen's "Hallelujah" in gedachten, maar dan in de Jeff Buckley-versie. Bedenk dan dat er de zanger John Baldwin Gourley als een priester voor het publiek zijn liedjes staat te prediken ondersteunt door een band die dan weer bombastisch als een kudde olifanten staat te stampen, dan weer met blazers tekeer gaat als een kudde verliefde olifanten op een roze wolk, dan weer ingetogen op kousenvoeten terugkeert op aarde en op andere momenten als een op hol geslagen gospelkoor meezingt met de priester. En dit dan vijftien liedjes lang. Eigenlijk moet ik niet veel hebben van al die artiesten die op het succes van Buckley meeliften. Zo goed als de meester waren ze zelden, maar nu is het anders. Ik ben overtuigd. Maar het is te laat voor een concert in ons land en moet ik het in ieder geval voorlopig met deze cd doen. Ach ja, het kan beroerder.
File Under: Hallelujah, Wat een plaat.
File Audio: [ MySpace]
File Video: [And I]
Lucky Dragons - Dream Island Laughing Language
De band Lucky Dragons gaat ons helpen met het voorbereiden op de toekomst. Ik zal het uitleggen. Iedereen weet: China maakt nu al een tijdje een enorme groei door in elk denkbaar opzicht behalve hun lichaamslengte, en ooit gaat het punt aanbreken waarop zij de rest van de wereldbewoners tot hun slaaf gaan maken met behulp van genetisch gemanipuleerde noedels die door de straten zullen krioelen op zoek naar baby's om te wurgen. En nu de kredietcrisis ervoor aan het zorgen is dat er binnenkort van de huidige grootmacht Amerika niet veel meer over zal zijn dan een gigantische zwarte put vol verwilderde mensen die rondkruipen in hun eigen poep, op zoek naar onverteerde stukjes paprika, is er geen ander toekomstbeeld denkbaar dan dat waarin de Chinezen met z'n allen bepalen hoe onze levens eruit zien. Tijd dus om je hoofd uit je kont te halen en je voor te bereiden op de toekomst. Dan zijn er geen Amerikaanse series meer over de luie levens van bevoordeelde tieners die op het strand bespreken van wie ze welke soa's hebben gekregen, maar Chinese educatieve programma's waaruit blijkt hoe belangrijk en fantastisch het fenomeen samenwerking toch is. Met de muziek gaat hetzelfde gebeuren, en dat is waar Lucky Dragons ons helpt, want ze geven ons alvast een voorproefje. Dream Island Laughing Language is een verzameling van 22 veelal korte, structuurloze nummers met een Chinees tintje: je hoort een shamisen (zo'n driesnarige Chinese gitaar), je hoort een djembé (ik weet niet of dat per se Chinees is maar nou en, jij hebt een dikke moeder), je hoort zelfs vuurwerk. In plaats van akoestische gitaartjes hoor je akoestische gongs. Het luistert weg als een trip na hele slechte fu yong hai met stukjes bedorven hond. Zo klinkt alle muziek binnenkort, dus leer dat maar vast accepteren.
File Under: Hoe alle muziek binnenkort klinkt
File Audio: [Givers]
Emiliana Torrini
Slijmerige suiker. Slimy sugar. Zo omschrijft Emiliana Torrini haar eigen stem op een zonnige middag op een terras aan het Amsterdamse IJ. Vooral zonder de juiste productie vindt Emiliana haar stem veel en veel te zoet klinken. Ze vindt het dan ook absoluut niet leuk om haar eigen muziek terug te horen, zeker niet live. Dat er gelukkig genoeg mensen zijn die er wel graag naar luisteren blijkt uit de vele positieve reacties op haar laatste plaat, Me And Armini. Ik sprak met Emiliana over haar jeugd, het nieuwe album en haar slijmerige suikerstem.
Je woont al een tijdje in Brighton, voel je je daar al meer thuis dan in IJsland?
IJsland is absoluut mijn thuis, maar ik heb er nog een woning en ik ga er regelmatig naar toe om vrienden en familie te bezoeken. Ik woon inderdaad in Brighton en dat bevalt nog prima. Het is vergelijkbaar met Reykjavik met zo'n 150.000 inwoners en een enorm actief kunstwereldje. Er spelen ieder weekend overal bands en bovendien kun je de bekendere artiesten vaak in relatief kleine zaaltjes zien. Ik zal daar voorlopig wel blijven denk ik, al plan ik zelden iets.
Lightning Beatman & His No Talent - Wrestling Rock 'n' Roll
Toen onze favoriete dominee zich nog niet op de kansel begaf, had hij al wel een podium gevonden om ons, nederige dienaren van de rock 'n' roll, om de oren te slaan met zijn gitaar. Dat podium zag er uit als een worstelarena en de voorganger droeg een prachtig Mexicaans worstelmasker, een bokserscape en uiteraard een boxershort. Zijn predikingen waren in die tijd zo mogelijk nog primitiever dan nu. Op de hoes van zijn eerste LP, Wrestling Rock 'n' Roll waarschuwt hij de luisteraar vast: 'Bad tasters & adults only' en 'Brain fuckin' rock 'n' roll. De inspiratiebronnen kwamen nog niet uit den Hoge (maar al wel uit de goot) en concentreerden zich vooral op daar waar alle rock 'n' roll op geïnspireerd is: seks. Geen vaseline-op-de-lens-softporno of met Photoshop bewerkte Playboybunnies, maar stinkend naar in geen maanden gewassen lakens, achterafsteegjes en motelkamers-voor-een-uur. Opgenomen op z'n meest lo-fi, zorgt Wrestling Rock 'n' Roll voor een kijkje in de toen al prettig verdorven geest van Beat Zeller. Deze plaat werd voor het eerst uitgebracht in 1994, maar het concilie van Voodoo Rhythm heeft besloten dat ook hedendaagse tere zieltjes aangeraakt mogen worden door de Ware Rock 'n' Roll. Luisteren op eigen risico. (Maar zonder risico leven doen fans van Bryan Adams al, niet waar?)
File Under: De jeugdjaren van een dominee
File Audio: [I Wanna Be Your Pussycat]
Chris Rea - Fool If You Think It's Over
De laatste keer dat Chris Rea in de hitlijsten stond hier in Nederland is dik een decennium geleden. Het was met "Disco la passione" een duet tussen hem en Shirley Bassey. Daarvoor was hij twintig jaar lang een frequente hitscoorder. Ik moet bekennen dat ik nooit zo heel veel met Rea had. Dat veranderde pas toen hij met Stony Road op de proppen kwam. Dat vond ik echt een prachtig mooi album, waarop Rea eindelijk eens de muziek maakte die het dichtst bij zijn hart lag: de blues. Dat daarvoor een ernstige ziekte aan te pas moest komen was weer wat minder. Maar het resultaat mocht er zijn. Dat mooie album overtrof hij nog met Blue Guitars, een 11(!) cd's tellende ode aan de blues. Raar genoeg ging ik na die tijd met terugwerkende kracht zijn oude werk toch wat meer waarderen. En als ik het zo achter elkaar hoor op de verzamelaar Fool If You Think It's Over (waarop overigens niet alleen het duet met Bassey, maar ook een boel van zijn andere hits ontbreken), dan vraag ik me bijna af waarom ik altijd zo'n semi-hekel had aan Rea. Want in retrospectief zijn songs als "Josephine", "On The Beach" en "Fool If You Think It's Over", helemaal nu Rea ze voor deze compilatie in een nieuw jasje gestoken heeft, best oké. De stem van Rea is rasperiger geworden met de jaren (al dan niet als gevolg van medicijngebruik) en zijn gitaarspel op deze zes nieuwe versies is net wat venijniger dan op de oorspronkelijke versies uit de jaren 70/80 en sluiten ze prima aan op nummers als "Someday My Peace Will Come" van Stony Road. Blijkbaar vond Rea zelf ook dat zijn liedjes wat meer pit verdienden dan toen. De hitparades zal hij er denk ik alleen niet meer mee halen, maar voor Rea's fans, die in onzekerheid leven of er überhaupt nog wel een nieuw album van zijn hand zal verschijnen, zijn alleen die zes heropnamen een aangenaam zoethoudertje.
File Under: It ain't over 'til the fat lady sings the blues
Slipknot - All Hope Is Gone
Je hebt geen geld voor dure kleren, je hebt geen geld voor de kapper en je hebt geen geld om er verder verzorgd uit te zien. Hoewel het Nirvana niet tegenhield om muziek te maken, vonden de negen leden van Slipknot het iets te riskant: de heren hesen zichzelf in een mooie tuinbroek van paps en kochten een aantal maskers bij de partyshop. Het liep uit de hand en het is momenteel hét handelsmerk van de metallers geworden. Met de komst van een nieuw album zullen de maskers telkens veranderen en zo ook bij het nieuwe All Hope Is Gone. Wanneer je naar het vierde album luistert blijken er nog een aantal veranderingen doorgevoerd: meer gitaarsolo's, experimenteler en erg melodieus. Hiernaast zijn ook de teksten een stuk minder persoonlijk en is het meer bitching about what's wrong in life, aldus zanger Corey Tayler. Desalniettemin is het het donkerste album geworden in de Slipknot-platenkast. De single "Psychosocial" doet het goed in Nederland en het album zit ongeveer in dezelfde hoek. Een nieuwe Slipknot is geboren, die veel nieuwe fans zal aantrekken, waarschijnlijk wel iets te laat: het gerucht van stoppen lijkt steeds sterker te worden.
File Under: Dit masker staat ze een stuk beter
File Video: [Psychosocial]
Kings Of Leon - Only By The Night
Vorig jaar was ik behoorlijk onder de indruk van Because Of The Times, een verrassende plaat met lekkere ruige rock. De Kings Of Leon waren toen nog niet echt mainstream te noemen, ik had toen eerlijk gezegd nog nooit van ze gehoord, maar dat kan ook aan mij liggen natuurlijk. Dik een jaar later komen ze met Only By The Night, en wat een plaat is het geworden! De eerste single "Sex On Fire" was al meteen raak. Dat werd me wel heel duidelijk toen dit nummer gewoon in de plaatselijke disco gedraaid werd, hoe meer mainstream kan je worden? Maar dat was nog voor de hele cd was uitgekomen, mijn verwachtingen waren dus al hoog. Dat is normaal niet zo goed, want het cliché zegt dat bij hoge verwachtingen het altijd zal tegenvallen. Nu zijn clichés gelukkig niet altijd waar, want deze cd maakte mijn verwachtingen meer dan waar. Kings Of Leon is toegankelijker dan ooit, ik kan zo een viertal potentiële hits opnoemen. Al na een tweetal draaibeurten zong ik een aantal nummers luidkeels mee. En wat dacht je openingsnummer "Closer", misschien geen hit, maar wat een mooi nummer! Deze cd zal ze zeker een nieuwe schare aan jongere fans gaan opleveren die, al dansend voor het podium, zich zullen vergapen aan de familie Followill (het zijn drie broers en een neef) en dan met name aan leadzanger Caleb heb ik mij laten vertellen.
File Under: Inderdaad Koningen!
File Audio: [ MySpace]
File Video: [23 Kings Of Leon Homevideo's]
Jenny Lewis - Acid Tongue
Een van de beste concerten die ik vorig jaar zag was van Rilo Kiley in de bovenzaal van Paradiso. Bloed-commercieel, soms zelfs op het gladde af, met een hoofdrol voor zowel de stem als de looks van Jenny Lewis. De zangeres van Rilo Kiley maakte ook in 2006 met de Watson Twins al een solo-uitstapje en nu is haar tweede solo-album Acid Tongue verschenen, opgenomen samen met een blik vol andere artiesten, waaronder haar vriendje Jonathan Rice en Elvis Costello. Zelfs haar zus komt meezingen op twee nummers. Acid Tongue begint op vertrouwde wijze met "Black Sand", een nummer dat op de laatste plaat van Rilo Kiley zeker niet had misstaan. Bij het tweede nummer "Pretty Bird" blijkt dat Lewis op haar nieuwe album minder folky is dan op haar eerdere werk. Het langste nummer, "The Next Messiah", is een stevige rocker die volgens haar eigen woorden een medley is van drie aaneengeregen nummers en een ode is aan Barbara Streisand en de duivel. Het valt op dat er een soort venijn en woede in de nummers zit die nog niet vaak bij Lewis te horen was. De sneer op "Badman's World" bijvoorbeeld, liegt er niet om: 'Was I born as a promise to keep the peace, or meet the shame'. Op "Carpetbaggers" is het Elvis Costello die lekker ouderwets vuur spuugt in een onvervalst stukje countryrock. Toch maakt Lewis de meeste indruk met de rustigere nummers zoals het akoestische titelnummer, het meeslepende "Godspeed" en de prachtige afsluiter "Sing a Song". Ik vraag me ernstig af of het nog de moeite loont voor Jenny Lewis om op het Rilo Kiley-nest terug te keren. Acid Tongue laat zien dat ze eigenlijk prima zonder haar vaste band kan.
File Under: Jenny zonder Kiley
File Audio: [ MySpace ]
File Video: [YouTube]
Marillion - Happiness Is The Road
Ooit was ik een bloedfanatieke Marillion-afficionado. Stad en land reisde ik af om deze band te volgen. Hun hoogtepunt was wat mij betreft in 1994, met de release van Brave. Briljante plaat. Daarna kon het eigenlijk alleen maar minder worden, en hoewel smaken nu eenmaal verschillen, was dat wel wat ik vond dat er gebeurde. Desondanks ben ik ze wel altijd blijven volgen, en bij elke nieuwe cd die op het punt staat uit te komen maakt een opwinding zich meester van me. Ook voor Happiness Is The Road ontstond die. Wat schetste mijn verbazing toen Marillion, op zijn "Radioheads", zomaar ineens de muziek van die plaat al eerder helemaal gratis via internet uitbracht? En dat terwijl duizenden vaste fans ingeschreven hadden op de hardcopy-versie, die nog uit moet komen? De beroering die daardoor ontstond, wordt gelukkig ruimschoots goedgemaakt met Happiness Is The Road. Een 2cd, die voor mij een opdeling kent in lekker "ouderwetse" melodieuze progrock en de wat commerciëlere popmuziek in de stijl van Afraid of Sunlight. Het moge duidelijk zijn waar mijn voorkeur naar uitgaat: ik geniet van een pareltje als "Essence" of het door de piano voortgedreven "Dreamy Street". Daarentegen haak ik af bij de saaie vierkwartsmaten van "Half The World" of "Whatever Is Wrong With You". Daarmee is deze cd half geslaagd: een prima eerste cd, een gemiddelde tweede cd. Het is echter veel meer dan waar ik op had durven hopen, dat dan weer wel, en nog altijd stukken beter dan wat de gemiddelde rockband van tegenwoordig laat horen. Marillion verdient succes, en aandacht, want het biedt voor ieder wat wils.
File Under: Sympathiek vakmanschap
File Audio: [ MySpace]
File Video: [Whatever Is Wrong With You], [Electronic Press Kit]
Rose Kemp - Unholy Majesty
De vorige cd van Rose Kemp vond ik een bijzondere. Uiteindelijk bleef A Hand Full Of Hurricanes schommelen rond plaats vijftien in mijn jaarlijst, maar ja, die bestaat ook hier uit top tienen, dus dat kun je hier nergens terugvinden. Nu doet ze met Unholy Majesty wederom een poging. Die nieuwe plaat begint vertrouwd. Haar Buckley-aanse stem schittert in de eerste minuten van "Dirt Glow". Beetje oosters, beetje folk, zeer geslaagd. Maar na pak 'em beet 90 seconden doemen de eerste tekenen van verandering op. Het geluid wordt voor een paar seconden rauwer om daarna weer terug te keren na het geluid van het begin. Maar vier minuten later treft Kemp je alsnog, als een gehaaide sluipmoordenaar,
met pompeus uitgevoerd rockwerk, om uiteindelijk als een dief in de nacht een ogenschijnlijk onschuldig PJ Harvey-jasje aan te trekken. In "Nanny's World" trekt ze het gas vol open met Sabbathiaans hardrockwerk. Ik moest me de eerste paar keer dat ik het luisterde achter de oren krabben. Dit was toch wel heel anders dan op de plaat hiervoor, maar het past Kemp stiekem prima. Unholy Majesty draaikont er flink wat af. "Bitter and Sweet" is weer wat meer een overtuigende (vertrouwde) kruising van Buckley en PJ Harvey en "Flawless" een pianoballade, waarin Kemp met haar krachtige stemgeluid excelleert, maar niet alles uit de kast haalt waarna het rustig voort kabbelt in "Saturday Night" . En de stemming staat daarna nog wel een keer of vier om als een blad aan een boom. Het maakt Unholy Majesty tot een zeer dynamische plaat, voor dees of geen misschien wel té dynamisch, maar ik vind het eigenlijk wel prettig, zo'n onvoorspelbare, diverse cd.
File Under: Divers en sterk.
File Audio: [ MySpace]
Oasis - Dig Out Your Soul
Eigenlijk is Oasis nogal een sneue band. Al jaren geen grote hit meer gescoord, recensies zelden nog positief, concertzalen steeds kleiner. En toch blijven de broertjes Gallagher in alle interviews roepen dat Oasis nog steeds de beste band ter wereld is. Knap dat ze er zelf nog in blijven geloven, maar de vraag is of ze alle grootspraak nog wel kunnen waarmaken. Met het nieuwe album Dig Out Your Soul wagen ze opnieuw een poging. Opener "Bag It Up" is een nogal standaard, nietszeggende rocker die ook op hun vorige plaat had kunnen staan. Pas bij het volgende nummer "The Turner" wordt het wat boeiender. Zo psychedelisch en tegelijk gedreven heeft Oasis zelden geklonken. En vanaf dat moment wordt het alleen maar beter. Opvallend is dat het vooral de door Noel gezongen nummers zijn die blijven hangen, zoals het snoeiharde, Chemical Brothers-achtige "Falling Down". Er staat ook weer een echte Oasis-klassieker op het nieuwe album: "I'm Outta Time" kan zo bijgeschreven worden in het rijtje met "Don't Look Back in Anger" en "Sunday Morning Call". Schitterend nummer. In vrijwel ieder nummer klinkt de invloed van de Beatles weer overduidelijk door en volgens Oasis-ontdekker Alan McGee is Dig Out Your Soul minstens zo goed als Revolver van de Beatles. Een beetje hype bij een nieuwe release kan Oasis tegenwoordig wel gebruiken maar ik geloof het pas als ze volgend jaar hun eigen Sgt Pepper's uitbrengen. Hoe dan ook, Dig Out Your Soul is de interessantste Oasis-release van de afgelopen tien jaar.
File Under: Noel en Liam boeien weer
File Audio: [ MySpace]
File Video: [YouTube]
Gallon Drunk - ticketactie
Soms moeten we als Nederlanders geduld hebben. Niet elke artiest vliegt meteen na een release van een album naar ons land toe om hier op te treden. Helaas. Begin dit jaar bespraken we de fijne cd The Rotten Mile van Gallon Drunk, maar nu komt James Johnston, de organist van Nick Cave's Bad Seeds, met zijn eigen band eindelijk hier. Ze gaan een tweetal optredens verzorgen, namelijk in Hengelo (zaterdag 18 oktober) en Utrecht (maandag 20 oktober). En laten wij nu 2x2 concertkaarten weg te geven hebben voor zowel de Metropool (Hengelo) als dBs (Utrecht). Hoe je ze kunt winnen? Nou heel simpel door dit formuliertje in te vullen. Geef wel duidelijk voor welk concert je in aanmerking wil komen.
Take Root 2008
Het is intussen al een aardige traditie geworden. De eerste zaterdag van oktober vindt het Take Root-festival plaats, dit jaar al weer voor de elfde keer en nu voor de tweede keer in de Oosterpoort in Groningen.
Sinds het festival in Groningen plaatsvindt, mag ik me ook vaste fotograaf van het festival noemen, samen met Gerrie van Barneveld. Na al een paar jaar de festivals in Assen te hebben bijgewoond als fotograaf voor mijn eigen site en voor File Under voelt het toch wel een beetje als een eer om voor Take Root zelf te mogen werken. Het brengt ook wel wat meer druk mee, de foto’s moeten nu ook Take Root zelf vertegenwoordigen. En je moet op tijd aanwezig zijn. Bands missen is er niet bij natuurlijk.
Vanwege werk, een flinke computercrash en de gevolgen daarvan en nog wat andere zaken heb ik me dit jaar niet echt heel erg verdiept in wie en wat er deze editie allemaal zouden staan, maar ik wist wel dat John Hiatt zou komen als ‘grote naam’ en daarnaast Bon Iver, waarvan ik onlangs nog de LP heb gekocht. Ergens ook wel prettig, want zo kun je nog een keer aangenaam verrast worden en dat vind ik in muziek toch het leukste.
Lees verder..Anderson - It Runs In The Family
Toen Storm mij een cd van Anderson ter recensie gaf moest ik eerst even een knop omzetten. Jon Anderson? Ik? Maar het kwartje viel snel. Tuurlijk! Het ging om het Nederlandse Anderson. Ooit zag ik ze zelfs optreden. In mijn gedachten waren ze geworden tot een gitaarduo, maar research leerde dat ze toen echt met orgel en gitaar hun ding deden. It Runs In The Family is Anderson's tweede album. Hun debuut We Radio Anderson was er al enige tijd terug, namelijk in 2005. Achter Anderson zitten Bas van Nienes en Jeroen van der Werken en zij bezingen op It Runs In The Family de familie Benson (Michael, Trevor, Sarah, Cameron, Rachel, Richard, Catherine, Napoleon, Silvester, Lewis) of beter gezegd de familieleden vertellen via de Andersons hun eigen verhaal. Anderson heeft een sterke poot in de tachtiger jaren. Luister maar eens naar de gebruikte ritmes. Die komen echt wel uit een kastje of misschien het keyboard. Als we het daar dan toch over hebben: de keyboards geven het geluid wel wat van de Pet Shop Boys. Al zouden de liedjes nooit van die Boys kunnen zijn. De andere sterke poot staat dichterbij, namelijk bij Nederlandse acts als Zea (maar dan minder onstuimig), Bauer en Solo. Of als er een buitenlandse poot bij moet: The Notwist. Alles blijft wel wat braaf binnen de lijntjes. Als je ziet dat voor de mix René de Vries (This Beautiful Mess) en Martijn Groeneveld (Solo -hé, had ik die naam al niet genoemd-) tekenden en dat Lydia van Maurik-Wever (Brown Feather Sparrow) de achtergrondvocalen op zich nam dan weet je wel een beetje waar de klepel hangt. Al zou dit bij mij normaliter voldoende zijn om het als wat saai af te doen, op It Runs In The Family vind ik het allemaal op zijn plek vallen. Met "Trevor - On The Dancefloor" zouden ze zelfs wel eens een bescheiden hit in handen kunnen hebben. Misschien moet het dan nog wel in een net wat vettere mix. Mixers, grijp uw kans! Maar zoals gezegd is dit een fijne plaat van eigen bodem die in een verder prachtige digipack voorlopig bij de cd-speler blijft liggen en dan vast geregeld gedraaid wordt in huize Ewie.
File Under: Niet alleen voor de familie Benson
File Audio: [ MySpace]
File Video: [Live: Trevor - On The Dancefloor]
Week 40, 2008
Storm
Norah Jones - Live From Austin, Tx
Ewie
Portugal. The Man - Censored Colors vs Blitzen Trapper - Furr
Ludo
Clare & The Reasons - The Movie
Gr.R.
Lambchop - OH (ohio)
Prikkie
Spock's Beard - Snow
Sikkema
Kings Of Leon - Only By The Night
DubbelMono
Hautekiet en De Leeuw - Waar
ForestSounds
Vangelis - BR 25
Stonehead
Morrissey - Suedehead / AS1 - My Galaxy To Yours
A Girl Called M / M-Jo
New Wave, The 80s did exist, all of those 'Cure'-clichés revisited. Eigenlijk zegt Michel Geelen het allemaal zelf al op het A4-tje dat in de jewelcase van het cd'tje van A Girl Called M gestoken zit. Want als deze EP een ding wél is, is het een hommage aan The Cure in hun hoogtijdagen. Ik liet deze cd horen aan Mevrouw Storm - hardnekkig fan - en die dacht eerst echt te maken te hebben met haar onbekende nummers (of outtakes) van Robert Smith en consorten. Toen ze wat aandachtiger luisterde, hoorde ze gelukkig toch wel dat het niet The Cure kon zijn. Maar we zaten toen toch al wel bij het vijfde nummer "Dreaming Of You". Mocht er dus iemand nog een Cure-coverband willen beginnen, dan raad ik hem of haar aan toch eens naar Eindhoven te rijden en aan te kloppen bij Van Geelen. Die heeft dan naast de covers ook nog zes eigen tracks liggen om langzaam naar een 'eigen' repertoire toe te werken. Da's best een goede prestatie voor een drummer die normaal toch uit een heel ander vaatje tapt in Emotional Elvis en Red Zone Cuba.
Het cd'tje Allow Sound Kind van M-Jo komt ook met een A4-tje info. Deze is zelfs handgeschreven door Mark de Jonge, de 'grote' man achter M-Jo. Hij schrijft dat hij een Amsterdamse popzanger is. Ik dacht dat hij daarmee eigenlijk gewoon een akoestische singer/songwriter bedoelde, maar dat blijkt bij beluistering absoluut niet het geval te zijn. Op Allow Sound Kind tapt M-Jo uit een vaatje dat ligt op het kruispunt van de grillige albums van Beck, het knullige van Guided By Voices en The Beatles zo rond hun witte album. Dat levert dus een nog bonter plaatje op dan de gemiddelde tekening van Junior of de Jongedame. Het vereist van een luisteraar wel het een en ander aan flexibiliteit om mee te gaan in deze joyride. Maar geduld wordt wel beloond in dit geval. Dan kom je namelijk vanzelf langs lieve liedjes als "Sandwich Girl" en "Honey", maar ben je ook al een paar keer flink uit de bocht gevlogen voordat je bij afsluitende Arthur Lee-cover "My Flash On You" aanbeland bent.
File Under: The Cure
File Audio: [M-Space]
File: M-Jo - Allow Sound Kind
File Under: Joyride
File Audio: [M-Jo-space]
American Music Club
Metal Church - This Present Wasteland
Toen Storm me vroeg of ik misschien Metal Church wilde interviewen, heb ik bedankt omdat ik Metal Church tot op dat moment eigenlijk niet kende. Ja, wel van naam natuurlijk, ook dat het een band is met een grote reputatie. Ook wist ik dat het de band is van Kurdt Vanderhoof, wiens progband Presto Ballet bij mij regelmatig door speakers dan wel oordopjes schalt. Om de een of andere reden was het altijd daarbij gebleven. Maar goed, het schijfje This Present Wasteland viel in de brievenbus en nu kon ik eindelijk eens kennismaken. Het eerste wat me opvalt is dat het geluid de warmte mist die Presto Ballet wel heeft. Het gitaarspel is zeer herkenbaar, zeker bij tragere stukken als het intro van "Deeds Of A Dead Soul". Black Sabbath, Judas Priest, zo nu en dan een Queenrÿche-achtig intermezzo en de sirenezang van Maiden's Bruce Dickinson en de belangrijkste invloeden zijn genoemd. Met één pijnlijke beperking op de zang: Ronny Munroe zit een paar keer op het randje van vals. Vals, ja. Niet een bijzondere zanglijn, niet een stijlvol rafeltje, gewoon waar-zit-die-noot-nou-vals. Luister maar eens naar "Meet Your Maker", waarin Munroe er regelmatig finaal naast zit. Vanderhoof houdt toch van goede zangers en goed geproduceerd materiaal. Waarom hij dit dan toch voorbij heeft laten gaan, snap ik echt niet. Daarmee is niet het hele album beroerd, maar het mag duidelijk zijn dat het een flinke smet op het geheel is. Meestal vliegt Munroe niet uit de bocht met zijn rauwe grom of gierende uithalen en zijn er wel degelijk fijne momenten te beleven: het eerder genoemde mid-tempo "Deeds Of A Dead Soul", de heerlijk drive in "Crawling To Extinction" of de snellere tracks "A War Never Won" en "Mass Hysteria". Maar toch: afgaande op wat Vanderhoof met Presto Ballet laat horen wil ik best geloven dat hij belangrijk is geweest voor de Amerikaanse metalscene. Hier hoor je dat niet echt aan af.
File Under: Vast niet de beste kennismaking
File Audio: [ChurchSpace]
Clare & The Reasons
Driver - Sons of Thunder
Als lezer van File Under heeft u vast wel eens het gevoel zélf een oordeel te willen vellen over al die muziek waar u hier over leest. Welnu, dit is uw kans! Het werkt eenvoudig: lees de onderstaande 10 stellingen, verdien een punt voor elke stelling waar u het mee eens bent, en zie daar: uw persoonlijke waardering van Driver's Sons of Thunder op een schaal van 0 tot 10 is een feit.
Stelling 1: Een hardrock-cd is pas écht af met een clichématig hoesje, compleet met obligate bliksemflits.
Stelling 2: Ik hoor mijn gitaarpartijen het liefst in het takke-takke-takke-stramien.
Stelling 3: Het is geen schande als muziek regelmatig in een overwachte, slecht geplaatste fade-out eindigt.
Stelling 4: Ik rijd in de auto liever veilig over platgetreden paden dan roekeloos door avontuurlijke wildernis.
Stelling 5: Een hardrock-zanger dient een heldere, zuivere en krachtige stem te hebben.
Stelling 6: Gitaarsolo's zijn het best als ze supersnel en toch beheerst worden gespeeld.
Stelling 7: Slappe ballads horen bij hardrock; zij zijn het glijmiddel waarmee een hardrockplaat ook vrouwelijk publiek hoopt te bereiken.
Stelling 8: Muziek die nu hetzelfde klinkt als twintig jaar geleden is niet achterhaald; die is gewoon tijdloos!
Stelling 9: Teksten mogen bij hardrock-muziek best gezapig en voorspelbaar zijn.
Stelling 10: Een hardrock-cd moet bovenal goed geproduceerd zijn en lekker opzwepend klinken.
File Under: Een geweldige rit, maar wel veilig in de autogordels op een autoloze zondag.
File Audio: [Audio-fragmenten op MySpace]
My Brightest Diamond
The Strange Flowers - Aeroplanes In The Backyard
Vreemde vogels, eh, bloemen, dit Italiaanse kwartet rond liedjesschrijver en producer Michele Marino. De eerste tien jaar van hun bestaan leverden The Strange Flowers één enkel album af, waarna ze besloten te stoppen. Sinds ze in 2002 weer bij elkaar kwamen, gaat het sneller. Aeroplanes in the Backyard is hun derde plaat in evenveel jaar. Deze tien nieuwe tracks laten wel een verandering van idioom horen. De geestverruimende psychedelica van hun eerste cd's heeft plaatsgemaakt voor een meer op rock georiënteerd geluid. Is dat een welkome verandering? Wel wanneer je voor hun rock het woord 'garage' kunt plakken, of wanneer ze een fikse dosis stoner toevoegen. Maar soms laten ze zelfs het rocken achterwege en dan klinken ze, bijvoorbeeld op "My Girl Goes Shine" als een groepje Britpoppers. Het meest welwillende oordeel zal dan zeggen dat ze van veel markten thuis zijn, maar de eerlijkheid gebied te zeggen dat niet elke track even overtuigend klinkt. "Clouds of Blond Girls" bijvoorbeeld, heeft iets slooms en ongeïnspireerds over zich waar ik The Strange Flowers niet eerder op wist te betrappen. Gelukkig staan tegenover deze misser briljantjes als het vrolijke, aan country refererende "Flaming Mirrors". Het eindoordeel luidt dan ook dat Aeroplanes in the Backyard een weliswaar afwisselende, maar niet altijd even goede plaat is. Toch maar terug naar de psychedelica van het eerdere werk?
File Under: Wat doet dat vliegtuig daar?
File Audio: [Strangeplace]
Fourteen Twentysix - Songs To Forget
Je hartzeer verwerken in je muziek. D'r zijn er zoveel die dat doen dat je er een land mee kunt vullen. Chris van der Linden heeft dubbel hartzeer. Aan de ene kant heeft hij te kampen met het verbreken van een langdurige relatie en aan de andere kant is er de band Sweet Assembler waar hij lange tijd deel van uit maakte als drummer, maar nu dus ook niet meer. Om zijn leven weer een beetje op orde te brengen heeft hij de ellende van de afgelopen twee jaar van zich afgeschreven in zeven liedjes. Misschien komt het wel doordat hij van huis uit drummer is dat de muziek die hij laat horen op het - gratis te downloaden! - Songs To Forget zich onderscheid van al die andere singer/songwriters die hun hart uitstorten. Op Songs To Forget, dat hij uitbrengt onder de naam Fourteen Twentysix, geen sombere, karig begeleide, akoestische liedjes, maar dreinende synths rond traag voorttrekkende beats. Een beetje zoals Kevin Moore dat met Chroma Key doet, al zou ik ze ook een sombere Depeche Mode kunnen noemen. Ik moet zelf wel oppassen dat ik me niet mee laat zuigen in de depri stemming van Fourteen Twentysix, want een straaltje zon valt maar met moeite te bespeuren aan de grauwe lucht. Gelijk al in het asgrijze uitgesponnen en met dikke synthesizer lagen doordrenkte openingsnummer "Find Your Place" grijpt Van Der Linden me en laat me 36 minuten later pas weer los. Maar dan ben ik ook al mijn energie kwijt. In dit geval is dat een goed teken.
File Under: Loodzwaar verwerkingsproces
File Audio: [hele plaat downloaden in 192 of 320 kbs]
Jan Akkerman
Cuby & The Blizzards
Brian Eno & David Byrne - Everything That Happens Will Happen Today
De manier van promotie van Everything That Happens Will Happen Today is best briljant. Brian Eno (60) en David Byrne (56) begrijpen hoe het internet werkt. Ze bieden hun album eerst via een soort luisterpaal aan ter beluistering. Als je de mp3's wilt dan kun je ze voor een vriendelijk bedrag downloaden. Als je wat meer betaalt dan krijg je voorlopig de mp3's en eind november een fysiek exemplaar. Bovendien is er een speciale editie met extra's (wel tegen een wat minder vriendelijke prijs.) Eno begon zijn carrière als toetsenkunstenaar op de eerste twee prachtige platen van Roxy Music. David Byrne begon zijn muziekloopbaan bij de Talking Heads. Al eerder vonden ze elkaar in 1981 op het experimentele My Life In The Bust Of Ghosts. Everything That Happens Will Happen Today is echter weinig experimenteel. Beide heren willen graag laten horen waar ze goed in zijn. Byrne zingt zijn eigen teksten met deskundigheid: hij zoekt de grenzen van zijn stem op. Eno is in staat om in zijn eentje de muziek in elkaar te zetten. Ik denk dat menig band hier jaloers op zou zijn. Ik moet bij dit album erg denken aan de liedjes van Tom Petty zo rond de "Into The Great Wide Open"-tijd. Maar ook de kwaliteiten van de producer Eno moeten niet onderschat worden. Luister maar eens naar "Strange Overtones " waar te horen is dat Brian Eno veel invloed had op het geluid van U2's Zooropa. Of op de laatste van Coldplay, waar Eno ook achter de knoppen zat.
File Under: Twee vakmannen laten het gebeuren
File Audio: [De Eno-Byrne-Luisterpaal]
Gruppo Sportivo
Khold - Hundre År Gammal
Khold was eigenlijk gestopt in 2006. Ik heb daar nooit nachten van wakker gelegen, vooral niet omdat ik hun toen laatste release niet echt fantastisch vond. In 2007 brachten een paar leden nog wel een cd uit met hun andere band Tulus, maar kennelijk was dat niet helemaal bevredigend. Tijd dus voor een hernieuwde samenwerking waarvan Hundre År Gammal het resultaat is. Nog altijd richt dit Noorse blackmetal-gezelschap zich meer op een oldschool-publiek. Verwacht dus geen supersonische snelheden of dikke lagen met synths. Het geluid is kaal en rauw. Centraal staan de snerpende, Noorse zang en de stuwende gitaarpartijen. Het tempo kabbelt ongenaakbaar op haar dooie akkertje voort. De dreigende en sinistere sfeer waar de band met hun eerdere werk mee opviel is weer terug. Dat is zeker een verbetering ten opzichte van de wat matte voorganger. Toch moet ik eerlijk bekennen dat de verveling na een paar keer toeslaat. Niet omdat het slecht is, maar meer omdat het nergens echt opwindend wordt. Af en toe heb ik wel een kippenvel-moment, edoch het merendeel van de tijd zit ik te wachten op iets wat niet komen gaat. Echte Khold-fans van het eerste uur zullen waarschijnlijk in hun nopjes zijn met deze schijf, ik zal wel nooit tot die categorie behoren.
File Under: Degelijk
File Audio: [ MySpace]
Het Goede Doel
Piet Veerman
Joan of Arc - Boo Human
De discografie van Tim Kinsella, zanger/gitarist/songschrijver van Joan of Arc is encyclopedisch van proportie. De Chicago-scene is rijk (in figuurlijke zin) en Kinsella maakt 'r (met zijn broers Nate en Mike) al jaren deel van uit. Dit is niet de plek om 't samen te vatten, daarvoor moet u maar wat rondklikken op de aan hem gewijde Wikipedia-pagina. Boo Human begint en eindigt met ietwat zeurderige akoestische gitaarballades, maar daartussen wordt er behoorlijk geswingd. De ritmes zijn complex, de melodieën jazzy en gelaagd. Denk aan Karate, in "Laughter Reflected Back", of Pinback, tijdens het intro van "Just Pack or Unpack". Kinsella kan tekstueel fraai uit de hoek komen. In "9/11 2" schreeuwt hij 'the future is gone and the past won't start happening'. "A Tell Tale-Penis" mag dan een wat bizarre titel zijn, het is muzikaal het liefste liedje van de plaat. De fraaie zanglijn is 'r een uit het koorknapenboek van de Kings of Convenience. 'Once we spent our afternoons dancing in our living room.' Kinsella is een eigenwijze knakker, zulke momenten van magie wisselt hij 't liefst af met wat herrie. Zijn tijd van beroemd willen worden ligt alweer een decennium achter hem. Op de tweede helft van de plaat valt me in "Insects Don't Eat Bananas" en "The Surrender #2" ineens een gelijkenis op met Zea's debuut (en beste album) Kowtow to an Idiot. Laconiek gezongen, met droge humor gelardeerde hoekige indiepop. Gevarieerd en smakelijk.
File Under: Snel! Blus de brandstapel!
File Audio: [Joan-Space]
Everlast - Love, War and The Ghost of Whitey Ford
Everlast heeft net als zijn 'nephew' Snoop Dog een zwak voor Johnny Cash. Het was Everlast die "My Medicine" schreef (als bonustrack is hier een demo-versie toegevoegd) en Snoop Dog die er een grote hit mee heeft. Zelf brengt Everlast op een andere manier een ode aan Cash op zijn nieuwe cd Love, War and The Ghost of Whitey Ford. Hij doet een eigentijdse versie van Johnny Cash' Folsom Prison Blues en zet die op de rhythm-track van Cypress Hill's "Insane In The Brain". Een combinatie die tot mijn verbazing bijzonder goed werkt. Sowieso heft Everlast op deze Love, War and The Ghost of Whitey Ford weer de juiste afslag genomen. Ik vind deze nieuwe in ieder geval weer een stuk beter dan Eat at Whiteys (2000) en White Trash Beautiful (2004). De potpourri aan hiphop, rap en blues is weer goed in de goede verhoudingen gesneden. Dat is toch echt zijn ding geworden en werkt in tracks als "Stone In My Hand" erg goed. Misschien komt het wel doordat Everlast Love, War... op zijn eigen label Martyr Inc. uitgebracht wordt. Dat geeft hem dan net wat meer vrijheid gegeven om te doen wat hij zelf interessant vindt in plaats van wat anderen vinden. Erg tof vind ik ook de tweede single "Kill The Emperor", dat nog wel begint met vrolijke trompetten, maar waarin Whitey daarna flink grimmig van leer trekt tegen de emperor. Jij mag raden wie dat is.
File Under: Everlast is niet bang om wat harde noten te kraken.
File Audio: [Everspace]
Edwin McCain - Nobody's Fault But Mine
Hoe kan ik Edwin McCain ooit gemist hebben? Of zou het de weinig opvallende naam zijn? Hij timmert in elk geval al een aardige tijd aan de weg, met behoorlijk succes in de Verenigd Staten. Nobody's Fault But Mine is eigenlijk een wat ongelukkige kennismaking, want het is een album vol R&B-klassiekers. "Can I Get A Witness", "Some Kind Of Wonderful" en de titelsong zijn de bekendste, maar alle 15 songs zijn klassieke R&B-songs in de traditie die de Blues Brothers zo sfeervol wisten te vertolken. Niet de "kijk-mij-eens-to-ho-ho-ho-ho-hoho-hoonladdertjes-op-en-neer-piepen"-arrenbie, maar de echte R&B - wat mij betreft de enige die met hoofdletters geschreven mag worden. McCain heeft bovendien een fraaie Cockeriaanse stem, met maar een fractie meer adem. Waar Cocker steeds meer een nachtclubact van de ergste soort wordt, weet McCain de songs echter stuk voor stuk de juiste behandeling mee te geven. Natuurlijk, het zijn klassiekers. Dan kun je toch niet stuk? Mwah, je kunt ook enorm op je muil gaan, namelijk als je het te braaf maakt. McCain heeft voor de gelegenheid naast zijn vaste band grote namen als Ivan Neville, Steve Cropper en Joan Osborne gestrikt voor dit album en zij dragen er mede zorg voor dat dit album een feestje wordt. De versies zijn niet schokkend anders dan de originelen of eerdere covers, maar ze zijn voorzien van de passie die bij songs als deze hoort. Daarmee is dit boven alles een plaatje om vrolijk van te worden.
File Under: Now this is R&B!
File Audio: [Flashplayer op de site]
A+E Line - Piñata Party
A+E Line is een doldriest gezelschap uit Engeland dat zich naar verluidt clownesk gedraagt en een ongeëvenaarde hang naar groteske daden onder de leden herbergt. Het schijfje duurt krap tien minuten en presenteert een kakofonie aan geluiden. Beluistering ervan staat gelijk aan een helse rit in een bolderkar over een slecht bestrate weg met ongelijke klinkers. Volgens de biografie op de website van het zotte trio, staat de muziek te boek als sludge-pop, maar de eerlijkheid gebiedt te zeggen dat hier meer sprake is van een zwaar op hol geslagen versie van The Sex Pistols met aan het hoofd een krankzinnig brullende nazaat van de illustere Johnny Rotten. De man in kwestie komt redelijk beschonken over en drapeert zijn schier onbegrijpelijke teksten over punkachtige gitaarpartijen die bij tijd en wijle ondersteund worden door elektronische geluiden die zo aan de Tardis van Dr Who ontsnapt lijken te zijn. Vreemd genoeg ademt het geheel een ongekende frisheid en ondanks de korte duur van de nummers hechten deze zich toch vast aan de hersenschors om daar nogmaals een rondje te draaien.
File Under: Kakelende kraakheldere kakofonie
Abe Vigoda - Skeleton
Bij het zevende nummer smeek ik al om genade. De eerste volledige plaat van Abe Vigoda duurt niet veel langer dan een half uur maar slaat de luisteraar behoorlijk om de oren. De muziek van deze jonge band uit Chino in Californie wordt tropische punkrock genoemd en is een nogal hysterische mix van snelle drumroffels, freakerige gitaarriedeltjes en kreterige zang. Er staan 14 nummers op Skeleton, waaronder het instrumentale "Visi Rings", dat voor het enige rustpunt zorgt op de plaat. Verder raast Skeleton in moordend tempo door. Onderscheid tussen de nummers is er eigenlijk nauwelijks en enige vorm van melodie lijkt verboden binnen de band. Vooral de drummer gaat tekeer als een beest en lijkt in ieder nummer in ieder geval even iedere trommel, iedere bekken, en regelmatig de koebel te willen raken. Het is hoogst origineel allemaal en live waarschijnlijk goed voor een gezellig tropisch springfeestje, maar Abe Vigoda blijft toch vooral geschikt voor liefhebbers van compleet op hol geslagen calypso. En daar ken ik er niet zoveel van.
File Under: Op hol geslagen calypso
File Audio: [ MySpace]
File Video: [YouTube]
I'm From Barcelona - Who Killed Harry Houdini?
Toen ik eenmaal al mijn beslissingen een voor een genomen had, was het tijd voor een klein feestje. Dat doe ik dan ook graag door het draaien van de wat vrolijke muziek. Ik begon met het draaien van al mijn Flaming Lips-cd's. Lekker hard deed ik dat! Heerlijk is het altijd weer om uit volle borst mee te zingen met Wayne Coyne en zijn mannen. Toen bedacht ik me dat ik ook gewoon de nieuwe cd van I'm From Barcelona nog maar weer eens moest draaien. Dat was op het podium in het Grand Theatre in Groningen afgelopen Eurosonic toch een soort van (overtuigende) Zweedse variant op Flaming Lips met hun aanstekelijke liedjes en overdosis confetti. Door alle gedoe van de afgelopen weken was ik even vergeten dat dat op Who Killed Harry Houdini? eigenlijk voor een groot deel heel anders was. Maar zeker niet slechter. Het is een plaat vol mooie liedjes, met natuurlijk nog wel het opbeurende brede glimlachen opwekkende geluid, maar er is ook meer plek voor introspectie. En dat bevalt me eigenlijk best goed. De liedjes zijn daardoor voor een deel liever en ook zieliger soms. Ik vind het wel fijn zo'n band die niet zo op veilig speelt en letterlijk voortborduurt op hun vorige succes. Met 26 (al kunnen het er ook 27 zijn als je Johan Viking meetelt, maar ze weten zelf niet of dat wel moet...) bandleden kun je alle kanten op. Maar het is natuurlijk vooral frontman Emanuel Lundgren die de koerst bepaalt van de band. Hij blijkt geobsedeerd te zijn door illusionist Houdini en is overtuigt dat Houdini niet een natuurlijke dood gestorven is, maar een handje geholpen is. I'm From Barcelona verhaalt hier op overtuigende wijze over in tien bedrijven. Het zal me benieuwen of de concerten in de komende maand ook meer ingetogen zullen zijn, of dat het feest weer in alle hevigheid los zal barsten.
File Under: Een ding is zeker, Lundgren deed het niet.
File Audio: [ MySpace]
File Video: [I'm From Barcelona-TV]
Bløf - Oktober
Onlangs schreef ik nog dat ik Bløf vooral leuk vind om hun up-tempo liedjes. En jottem, ik kan mijn geluk niet op want Bløf komt met een pure herfstplaat, genaamd Oktober. En met pure herfstplaat bedoel ik de meest zwaarmoedige en donkere plaat uit de geschiedenis van de Nederlandstalige popmuziek. Want naar het schijnt ging tijdens het schrijven van het materiaal voor deze plaat door een periode van diepe ellende en viel de band in een zwart gat na het eindeloze en succesvolle Umoja-project. Titels als "Donkerrood" en "Van veraf was het zo mooi" zijn met deze wetenschap al een voorbeeld hoe melancholisch dit album is geworden. Het grappige is; Bløf komt er mee weg. Ieder andere band die een heel nummer zou wijden aan een overleden hond ("Labrador"), zou misschien weggehoond worden. Maar Peter Slager weet het zo poëtisch te schrijven dat je aan het einde van het nummer zelf met tranen in je ogen staat. Maar het zijn dus vooral ballades die de boventoon voeren op dit album. Met de piano van Bas Kennis en hier een daar een strijkerpartij als belangrijkste elementen. Als enige wijkt "Wij geloven nergens in" hiervan af door een stuwende drumpartij, die het tempo iets opvoert. Hoogtepunt is echter het derde duet met Sarah Bettens (de andere zijn het eerder genoemde "Van veraf was het zo mooi" en "Labrador"), "Hoe lang blijf je binnen". Sarah moet vaker in het Nederlands zingen. Toch mis ik het rockgevoel op deze plaat en dat maakt het voor mij net niet af. Daarom is het goed om te weten dat dit album onderdeel is van een tweeluik. In april 2009 volgt het minder zware April. En ik vermoed dat ik die vaker ga draaien. Deze is toch vooral voor de eenzame avonden na vier glazen wijn. En ik drink helaas geen wijn.
File Under: Het depri deel uit een tweeluik
File Video: YouTube
Factory of Dreams - Poles
Multi-instrumentalist Hugo Flores werkt graag in project-vorm. Samen met mooie zangeres in nog mooiere jurk Jessica Letho is onder de naam Factory of Dreams het volgende project gestart. Toen hun debuut-cd Poles vorige week op mijn bureau belandde was ik voor twee dingen bang: 1) de zoveelste Goth-rock band met goed geklede zangeres als blikvanger, en 2) een Adiemus-achtig project waar Karl Jenkins al jaren schade mee aanricht. Beide angsten bleken al vanaf de eerste minuten muziek ongegrond: Poles is een avontuurlijke, bijna ongrijpbare ervaring die de luisteraar prikkelt, uitdaagt, en vooral verwart. Toetsen, gitaren, percussie en meerstemmige zang vliegen druk door elkaar heen om dan opeens ruimte te maken voor verstild minimalisme. Vaag? Ehh... inderdaad, maar wel prachtig vaag. En wat het dan ook is, het is bovenal studio-muziek, en toegegeven, daar moet je wel tegen kunnen. Gelukkig kan ik dat, dus de elf tot op het kleinste detail in elkaar geknutselde trukendozen van geluiden en effecten vallen hier nu al een week in goede aarde. Maar wat blijft het lastig om te beschrijven wat je er nu precies van vindt. Zo zou ik bijvoorbeeld graag wat meer duidelijke melodieën gehoord hebben. Maar wacht, dat zou afbreuk doen aan de abstracte vorm die het nu zo speciaal maakt. Goed... dan nog maar een paar keer luisteren in de hoop dat ik het daarna wél begrijp...
File Under: Ongrijpbaar of onbegrijpelijk?
File Audio: [Audio-fragmenten op MySpace]
Alibi Tom - Scrapbook
Het Zweedse Alibi Tom (voorheen Out of Clouds) is deze maand on tour in Nederland. Dat doen ze samen met LPG en aangezien iedereen natuurlijk LPG gaat kijken, is het wel zo handig om te weten dat ze ook een leuk voorprogramma hebben. Ik ben tenminste zo iemand die altijd wil weten wie er in het voorprogramma zit. Een voorprogramma kan best wel eens bepalend zijn voor de sfeer van de avond. Afgelopen mei hadden hadden de programmeurs van Doornroosje in het voorprogramma van The Blood Red Shoes het relaxte Appie Kim gezet, geen slechte band, maar totaal misplaatst naast het energieke Blood Red Shoes. Het publiek stond daardoor een beetje verveeld in de zaal en was totaal niet warmgedraaid voor de hoofdact. Zo'n lauwe douche hoef je bij Alibi Tom niet te verwachten. (Kan iemand me overigens vertellen waar de naam Alibi Tom vandaan komt? Ik kan het nergens terug vinden.) De band doet me sterk denken aan Radiohead in de tijd van Pablo Honey en The Strokes. Vooral de stem van zanger Joel is daar debet aan, hij is Thom Yorke en Julian Casablancas (zanger van The Strokes) ineen. Daardoor krijg je toch een prettig eindresultaat, het dromerige van Radiohead en het energieke van The Strokes tesamen in Alibi Tom.
File Under: Fijne opwarmer!
File Audio: [ MySpace][Fire][Botanisten]
File Video: [Fire]
Boduf Songs - How Shadows Chase The Balance
Het zijn roerige weken in huize Storm. Knopen doorhakken voor niet bepaald eenvoudige beslissingen die een doel voor ogen hebben: balans. Het zijn van die beslissingen waarvan ik de gevolgen niet gelijk kan overzien, maar wel denk dat ze goed zijn voor wat belangrijk is voor mij: mijn gezin. Ik merk dat ik door al dat geprakkiseer maar slecht hele drukke muziek aan mijn kop kan hebben. Misschien dat daarom mijn spiegelreflexcamera uiteindelijk ook wel sneuvelde bij het concert van The Wombats afgelopen week. Te druk, te hectisch, teveel niet te overzien. Dan is het fijn dat er mensen als Mathew Sweet. Nee, dat is geen spelvaud, ik bedoel niet Matthew Sweet (u weet wel die van fraaie coverplaat met Susanna Hoffs), maar Mat Sweet die opereert vanuit zuid-Engeland onder de naam Boduf Songs. Ik kom er net achter dat ik niet goed opgelet heb overigens, want ik dacht dat How Shadows Chase The Balance zijn tweede plaat was na het titelloze debuut uit 2005. Tussendoor blijkt echter nog Lion Devours The Sun uitgekomen te zijn op Kranky. Die moet ik dan maar eens snel kopen, want ik kan me niet voorstellen dat die plaat veel minder mooi is als het ingetogen How Shadows Chase The Balance. Sweet zingt nog zachter dan Iron & Wine deed en tokkelt niet op de snaren van zijn gitaar, maar streelt ze. Zijn liedjes worden hierdoor bijna eng intiem en broos. Maar dat geeft niet, op dit moment kan ik zo'n zalving wel goed gebruiken. Een plaat waar ik de komende tijd nog veel naar terug ga grijpen op momenten dat ik weer behoefte heb aan een rustpunt.
File Under: Het draait allemaal om balans.
File Video: [Pitiful Shadow Engulfed In Darkness]
Barry Hay - The Big Band Theory
Volgens mij komt elke zanger met een beetje ego ter plekke klaar als hij (of zij) door het Metropole Orkest gevraagd wordt om een vocale gastrol te vervullen. Zo zal het met Golden Earring's Barry Hay waarschijnlijk niet anders gegaan zijn. Het is eens totaal wat anders dan met je band spelen. Het resultaat van de samenwerking kreeg de flauwe titel The Big Band Theory mee, uiteraard vernoemd naar 'The Big Bang Theory'. Een mens mag dus wat verwachten van de inmiddels 60 jaar oude mijnheer Hay, die met zijn eigen Earring de laatste jaren niets meer uitgebracht heeft. Fans zullen het spektakel vast en zeker allang in huis hebben gehaald. Ik hoop niet dat ze net zo teleurgesteld zijn als ik, want wat een bloedeloze coverplaat is dit geworden. Hay's stem mag dan prima bij de Earring passen, een goede zanger zijn is weer een heel ander verhaal. Als ik de versie hoor van de Stones-klassiekers "Waiting for a Friend" en "Let's Spend The Night Together" verlang ik naar de echte Jagger. En zo gaat het bij bijna alle versies van nummers van o.a. Robert Palmer, Van Halen en The Lovin' Spoonful. Van de zangkunsten van Hay op "Old Town" zou Phil Lynott willen dat hij nog op aarde was om in te grijpen. Rillingen krijg ik ervan. En niet in positieve zin. Hier helpt geen Metropole Orkest tegen. Nee, de keuze van bijna uitsluitend klassiekers was een heel verkeerde. Slechts in "Johnny Make Believe" komt het dan nog enigszins goed, maar dit nummer is dan oorspronkelijk dan ook van de Earring.
File Under: En nu graag weer een echte Earring-plaat
File Video: [Let's Spend The Night Together][The Power Of Love]
Donavon Frankenreiter - Pass It Around
Soms is het niet zo handig om vooraf een bio te lezen die meegeleverd wordt. Zo kwam de naam Jack Johnson voor in de bijgeleverde bio van Donavon Frankenreiter's nieuwe album Pass it around. En tja, als iemand in mijn ogen saaie liedjes maakt dan is het Jack wel. Maar geldt dat dan ook voor Donavon? Op het eerste gehoor wel. Frankenreiter maakt dezelfde laidback easy going liedjes als leermeester Johnson. En ook hier valt het op dat de meeste spanning moet komen van de gastbijdragen uit het vaste vriendengroepje. Zo geeft de inbreng van Jose Hernandez het nummer "Your Heart" een lekker mexicaans tintje. En G.Love beperkt zich deze keer in "Sing a song" tot een korte maar fijne solo op de mondharmonica. Ik lees ook nog dat Ben Harper op de titeltrack meedoet, maar helaas voor mij (Ben kan ik dan nog wel waarderen) kan ik het nergens ontdekken. Sterker nog, ik ben bij het beluisteren van de cd al gauw kwijt bij welke track ik zit. De rest lijkt zo veel op elkaar dat ik geen onderscheid meer kan maken of ik liedje 5 of 8 aan het beluisteren ben. En dat heb ik ook vaak bij nummers van vriend Jack, dus voldoet Donavon ook na meerdere luisterbeurten aan de verwachting die de naam in de bio heeft geschept. Maar mensen die wel van Jack houden kunnen dus blind deze cd aanschaffen. En op zich, op een zwoele nazomeravond met het zonnetje op mijn gezicht terwijl ik een boek zit te lezen is dit prima achtergrondmuziek. En het zal ook vast goed gedijen op Sky Radio. Samen met vriendje Jack.
File Under: Vriendje van Jack
File Audio: MySpace
Mark Wills - Familiar Stranger
'I had a six pack of beer in the bushes / the weekend I turned eighteen. Snuck out of the back while my mom and dad watch Johnny Carson on TV. / I picked her up at the end of the road. / Red bandana in her hair. / Turned the radio up in that old Datsun truck and drove to God knows where. // Those were the days of thunder / that was a magic summer / Young, dumb and full of wonder.'
No-brainer Kid Rock scoorde een wereldwijde hit met dit soort nostalgie, maar had daar wel Lynyrd Skynyrd's "Sweet Home Alabama" voor nodig. Mark Wills doet het op eigen kracht. Nu ja, niet dat hij de liedjes op Familiar Stranger zelf schreef of dat er ook maar een noot origineel en zelfgevonden is. Alle stoere-jongen-klein-hartje redneckcliché's komen voorbij, maar wel met meer overtuigingskracht dan Kid Rock ooit gehad heeft. Eigenlijk is Familiar Stranger dan ook alleen maar goed omdat elke track niet alleen herkenbaar is, maar ook oprecht gezongen wordt. Hij was een paar jaar uit de spotlights, maar we moeten niet raar staan te kijken als Mark Wills weer de countryster wordt die hij tot een paar jaar geleden was. Op zijn best is hij wanneer hij mag zingen over de belangrijkste zaken in het leven van een southern man: God, zijn afgeragde pickup-truck, Alabama en zijn vaste kruk in de honky-tonk. Dan vergeven we hem zelfs de debiele partyrocker "Panama City" of het stupide "Crazy White Boy". Ongetwijfeld Kid Rock's favoriete song van deze plaat.
File: Mark Wills - Familiar StrangerFile Under: Beter dan Kid Rock
File Audio: [MySpace]



































































































