Week 4, 2010
Storm
These New Puritans - Hidden
Ewie
Adam Green - Minor Love
Ludo
Bettie Serveert - Pharmacy Of Love
Gr.R.
Peter Gabriel - Scratch My Back
Joice
jj - no. 3
Ramon
Hot Chip - One Life Stand
André
The Black Box Revelation live @ Mezz, Breda
Prikkie
Glenn Hughes - Soul Mover
Blizzard
Ayreon - 01011001
DubbelMono
Basia Bulat - Heart of my Own
Only Seven Left / The Sidekicks
Opvallend: de vorige ep's van Only Seven Left werden uitgebracht door het Amersfoortse Stuck In A Day-label, maar hun nieuwe ep Wake Up Call is labelloos. Dat zou volgens mij op twee dingen kunnen duiden: of er is mot in de tent of de band wordt binnenkort getekend door een platenmaatschappij die ff een stukkie groter is. Ik gok op dat laatste. Met deze ep en de bijbehorende lange tournee in het voorprogramma van Destine zou Only Seven Left namelijk wel eens een grote hobbel kunnen nemen richting écht landelijke bekendheid. Het titelnummer is in eerste instantie superirritant alleen door zijn piepje, maar daarna is het vooral irritant omdat je steeds weer 'Beep beep up call / You thought you had it all / It was all a dream' gaat zitten neuriën. Laten we dat maar een goed ding noemen. Catchy rockliedjes kun je namelijk wel overlaten aan Only Seven Left. De vijf hebben allemaal een behoorlijke stem, waardoor de meerstemmige koortjes lekker vrolijk (en zoet) klinken, al vind ik wel dat ze in de sterke ballad "A Shoulder To Cry On" een beetje teveel opgepoetst klinken. Nergens voor nodig. Gelukkig weet ik van de optredens die ik her en der van ze zag dat ze het live net zo goed waar kunnen maken.
Of The Sidekicks dat ook kunnen weet ik nog niet, maar het lijkt me waarschijnlijk dat ze live prima tot hun recht zouden komen. Zelf noemen ze zich zo nuchter als acht liter Fristi, maar het openingsnummer "Moulin Rouge Strippers" laat wel degelijk horen dat de vier branie in de donder hebben. Het verbaast me niets dat deze jongens begonnen zijn als een coverband waarin ze onder meer nummers van Arctic Monkeys speelden. Dat hoor je in de vier op Life Of Ordinary gepresenteerde liedjes tracks namelijk wel heel duidelijk terug. Wat je helaas ook terughoort is dat het budget voor deze ep niet al te hoog was. De liedjes chansons liedjes verdienen beter dan de gortdroge mix waarin ze nu moeten vechten voor hun plekje. Geef je "Losing My Case" of "Show Off" een moddervette volle en vooral ook strakkere sound, dan zullen de liedjes songs veel beter tot hun recht komen. Maar wat niet is kan altijd nog komen.
File Under: Op de rand van de doorbraak?
File Audio: [MySpace]
File: The Sidekicks - Life Of Ordinary
File Under: De liedjes zijn er al wel.
File Audio: [MySpace]
Nicolai Dunger - Play
Een stuk of vijftien platen heeft Nicolai Dunger op zijn naam staan, wat een score oplevert van ongeveer een album per jaar sinds 1996. Dunger is een allesvreter en daarom niet altijd makkelijk te volgen en te genieten. Van experimentele knip-en-plakmuziek, via jazzy uitstapjes en akoestische kampvuurliedjes tot de netjes gearrangeerde liedjes waar Play vol mee staat. Als we al die albums op een rijtje leggen en de experimentele uitstapjes opzij leggen, dan is Play weer een relatief gewoon album, net als doorbraakplaat uit 2004, Tranquil Isolation, maar dan grootser en ambitieuzer opgezet (de arrangementen, de productie, de hulp van Nina Persson). Waarmee het bijna een vervolg lijkt op Soul Rush uit 2001. Met de liedjes is het uiteraard weer in orde. Iemand als Nicolai Dunger heeft goud in zijn vingers en goud in zijn stem. Het lijkt alsof het maken van fijne popliedjes met goeie hooks hem net zo makkelijk afgaan als het trappen van een balletje (hij was ooit een niet onverdienstelijk voetballer). De hoogtepunten op Play volgen elkaar in hoog tempo op: van opener Heart and Soul via "Tears in a Child's Eye" (een duet met Nina Persson) tot het trio "Entitled to Play", "The Girl with the Woolen Eyes" en "Many Years Have Passed".
File Under: Gouden stem en gouden liedjes
File Audio: MySpace
Delphic - Acolyte
De Britse hypemachine draait weer op volle toeren en dit keer is Delphic het gelukkige slachtoffer. Delphic zou dé act van 2010 moeten worden en volgens vele jubelende berichten "de nieuwe New Order" moeten zijn. Oké, ze komen uit Manchester, ze combineren electronische muziek met gitaarmuziek en houden van een leuk feestje, maar toch zijn er enorme verschillen tussen beide bands. Waar bij New Order de instrumenten en zeker de electronica altijd in dienst stonden van het liedje, lijken de nummers bij Delphic rond de riffs te zijn gebouwd. Acolyte is meer dance dan New Order en heeft eigenlijk meer gemeen met de muziek van acts als Underworld of zelfs La Roux. Er zit een zekere euforie in de muziek van Delphic die in clubs en zeker ook live erg goed aanslaat. Luister bijvoorbeeld maar eens naar het titelnummer, dat maar liefst bijna negen minuten duurt. Sluit de ogen en je staat zo in de Haçienda in Manchester te raven. En dat is niet eens zo onrealistisch gezien het feit dat New Order's Peter Hook Factory zojuist een doorstart heeft gegeven. Manchester zit Delphic in het bloed, maar de band doet gelukkig meer dan alleen maar putten uit het verleden. Hoogste tijd voor Madchester 2.0 onder leiding van dit geweldige Delphic!
File Under: Delphic's Dance
File Audio: [MySpace]
File Video: [Delphic Channel]
Fuzz Manta - Smokerings
Ik zit nu al een tijdje te broeden op een betere omschrijving, maar geef me uiteindelijk gewonnen. Platenmaatschappij Bad Deal Agency komt - vanzelfsprekend - met een ronkend persbericht en deze zinsnede vat het debuut Smokerings van de Deense formatie Fuzz Manta prima samen: 'Kyuss fronted by Janis Joplin on bad acid'. Oftewel: zwaar groovende, heavy psychedelische rock. Aanvankelijk word je omver geblazen door de logge, aanstekelijke sound: twee lead-gitaren, een zoemende bas en de krachtige, fijne stem van zangeres Lene Kjćr Hvillum. Als de rookwolken van de eerste twee nummers zijn weggetrokken en de vloeistofprojecties wat minder intens worden, valt op dat het muzikale palet eigenlijk vrij beperkt is. Fuzz Manta rockt en groovet stug door, en herhaalt nagenoeg in elk nummer hetzelfde trucje: een in echo gedompelde riff, invallende baslijntjes, stuwende drums en dan Lene die begint met zingen. Als je eenmaal de eerste twintig seconden hebt gehoord, staan je de rest van het nummer geen verrassingen te wachten. En hoewel dat af en toe best lekker kan zijn (verstand op nul, luchtgitaar uit de kast en gaan met die banaan), is een hele cd vol wat veel van het goede. Spelen kunnen ze, een geweldige zangeres is eveneens aanwezig en nu is het alleen nog zaak om goede liedjes te schrijven. O, en nu ik toch bezig ben: een beetje meer variatie zou ook fijn zijn!
File Under: Stonerrock
File Audio: [MySpace]
Adam Green - Minor Love
Onze Adam Green-huisschrijver Jnnk (al zijn niet al zijn albums hier besproken) heeft haar schrijverscarričre op File Under op een laag pitje gezet. Helaas. Het betekent echter dat iemand anders, ik dus, de nieuwe Adam Green mag gaan bespreken, en ik moet zeggen dat Minor Love geen vervelende ervaring is. Om een naam kun je volgens mij alleen heen als je hem niet kent of er bewust omheen loopt: ik heb het over Lou Reed. Reeds laatste echt geslaagde album was wat mij betreft New York. Als je deze kent en de eerste drie solo-albums van Reed dan weet je ongeveer hoe Minor Love klinkt. Dit komt door het praatzingen van Green, maar ook door de liedjes die zo op een van Reeds betere solo-albums hadden kunnen staan. Luister maar eens naar een liedje als "Bathing Birds". Daarin zit wat mij betreft het enige nadeel van dit album: het lijkt wel erg veel op Reed. Maar aangezien ik nooit meer iets interessants van Reed verwacht en wat interessant is al in huis heb, ben ik hier helemaal niet ontevreden over. Integendeel: ik ben erg 'happy' met dit album. Green heeft al een lange carričre achter zich in The Moldy Peaches en door het uitbrengen van vijf solo-albums, maar aangezien hij nog geen dertig is, hoop ik dat hij me nog vaak mee aan de hand neemt op zijn muzikale reis van korte en krachtige liedjes. En dat Jnnk de volgende Green weer doet, want ik voel me toch wat ongemakkelijk op haar terrein.
File Under: Zou Jnnk het met mij eens zijn?
File Audio: [MySpace]
File Video: [Buddy Bradley]
Half-Handed Cloud - Cut Me Down & Count My Rings
John Ringhofer moet een tevreden en voldaan gevoel hebben gekregen toen hij deze propvolle compilatie samenstelde. Cut Me Down & Count My Rings verzamelt al zijn ep's, split-singles en andere restjes die hij het afgelopen decennium liet verschijnen. Nu maakt Half-Handed Cloud naďeve micropop, dus alles past er met wat aanstampen net op. De 46 (!) nummers worden vergezeld door een prachtig uitvouwbaar boekje waar Ringhofer de boel inclusief de oorspronkelijke hoesjes toelicht. Voor de luisteraar (en lezer) is het echter een hele zit, die ziet al snel door de bomen het bos niet meer. Grappen zijn snel gemaakt: de schijf moet wel in één keer gedraaid worden, want als je halverwege wil instappen krijg je RSI. En de recensent die een goed nummer wil noteren dient zich naar pen en cd-speler te spoeden, waar het album alweer een onbekend aantal liedjes verder is, en, om comedian Mitch Hedberg te parafraseren, de scribent zichzelf moet overtuigen dat het nummer toch het opschrijven niet waard was. In het algemeen kan worden gezegd dat Ringhofer's een minuut-liedjes uit een aantal basiscomponenten bestaan. Een 'papapa' of 'toebedoedoe' zijn immer aanwezig, net als een noisy dan wel knoertvalse gespeelde 'moet dit nou'-passage en om dat snel goed te maken bevat zelfs zijn minste schetsje nog een paar seconden genialiteit. In "Never In Labor!" wordt bijvoorbeeld met een plotse intensiteit de titel geschreeuwd, waarna de rockuitbarsting natuurlijk juist niet volgt. Ook "Chins" kent in een pingpongende piano een ander aandoenlijk moment. Het liedje valt prompt uit elkaar. Het is eigenlijk de esthetiek van Guided By Voices ten tijde van Bee Thousand, alleen dan overgoten met het bekende Asthmatic Kitty-sausje, ja, ook Sufjan Stevens draagt hier in meteen wat toegankelijkere nummers zijn bekende arrangementen bij.
File Under: Van de hak op de tak
File Audio: [Cloud-Space]
Electric Orange - Krautrock From Hell
Krautrock heeft natuurlijk niet voor niets een Duits woord in zich. Maar om als Electric Orange dan in het intro van je nieuwe cd Krautrock From Hell dan ook nog eens met een Duitstalige inleiding te beginnen, dat werkt vrees ik niet echt drempelverlagend. Ik kan me echter zo voorstellen dat de hoogte van de drempel die deze Akense psychorockers opwerpen ze worst zal zijn. Dan hadden ze namelijk vast ook wel liedjes van rond drieënhalve minuut gemaakt in plaats van zeven lange grotendeels instrumentale tracks waarvan er drie langer dan tien minuten en een zelfs richting het halve uur zijn. Ik had er een hard hoofd in of ik dat wel zou trekken, een cd tot het aan het randje gevuld onder het kopje krautrock from hell, maar verdomd, deze Duitsers lukt het toch. Wie bij Hell overigens denkt aan heftig, hard en dwars komt bedrogen uit. Spooky en spacy, dat is het wel en in het afsluitende "Wurmloch" wordt er een beetje op de poorten van de hel geklopt door de drummer Georg Monheim. Maar vooral de klanken die Dirk Jan Müller uit zijn Hammonds, Mellotrons, mini-Moogs, Fender Rhodes piano en andere toetseninstrumenten tevoorschijn tovert zijn atmosferisch en hypnotiserend, maar wel voorzien van een grote dosis variatie. En anders is er altijd nog het gitaarwerk van Dirk Bittner en Josef Ahns dat tegen hem aan schuurt en je scherp houdt. Dat doet hij bijvoorbeeld in het uitgesponnen "Chorg (cpt. Gyrok's)" en de lange trip die luistert naar de vage naam "Neuronomicon". Die laatste doet me qua spacyness overigens sterk denken aan het vroege werk van Steven Wilson's Porcupine Tree. Doordat het eigenlijk allemaal instrumentaal is schrik je bijna als er uit het niets in "hers" een zanger met een dik Duits accent opduikt, die overigens net zo snel weer verdwijnt. Het nut daarvan is me nu niet gelijk duidelijk, want zoals gezegd boeit Electric Orange instrumentaal gezien meer dan genoeg.
File Under: Hell ain't a bad place to be
File Audio: [Audio op de site]
The Black Box Revelation - Silver Threats
Mocht je, net zoals ik, geregeld naar Studio Brussel luisteren dan is het je vast niet ontgaan dat er een nieuw album van The Black Box Revelation aan zat te komen. Het is feest voor de Belgen die graag met hun wijsvinger en pink in de lucht staan en het mooie is dat wij Nederlanders gewoon mee mogen doen met de release van Silver Threats. The Black Box Revelation bestaat uit twee jochies die slechts gewapend met drums, gitaar en een een krachtige stem het publiek te lijf gaan. Hier en daar hoor ik overigens meer instrumenten op dit album, zoals een orgeltje in opener "High On A Wire". Bij dit nummer moet ik door de manier van zingen zelfs aan Oasis moet denken. Het duo brengt rock met de nodige bluesinvloeden. Ik moet hier en daar zelfs aan The Stones in hun betere jaren denken, zoals in "5 O'clock Turn Back The Time". Het geluid verschilt overigens niet erg van hun debuut Set Your Head On Fire, maar door de productie van Mario Goossens is het wel vetter geworden. Goossens kennen we uiteraard als drummer van Triggerfinger en als The Black Box Revelation dezelfde carrièrelijn volgen dan komt het vast helemaal goed. Heel rockend Nederland is nu nog niet om, maar zeker als ze op de komende zomerfestivals spelen, dan lijkt het mij een kwestie van tijd dat wij ook plat gaan.
File Under: België Rockland
File Audio: [MySpace]
File Video: [High On A Wire]
Laura Veirs - July Flame
De laatste keer dat Laura Veirs op File Under ter sprake kwam kondigde ik haar doorbraak aan. Niets van gemerkt. Maar hé, de singer/songwriter uit Portland Seattle heeft nog nooit een slecht album gemaakt, dus July Flame biedt weer een nieuwe ronde met nieuwe kansen. Achteraf gezien was Saltbreakers toch een hermetisch gesloten plaat, als een oester zou je kunnen zeggen, om in de thematiek te blijven. En komt dat even mooi uit, July Flame is juist open en vrolijk, de liedjes ademen veel meer en zijn daardoor stukken toegankelijker. Bovendien is er in de persoon van Jim James (van My Morning Jacket) een waar kanon aanwezig. Zijn bekende galmende 'woohooo'-vocalen sieren flink wat nummers op en die zijn toch echt beter dan alles waar Monsters of Folk eind vorig jaar mee kwam. Door haar bekende folky omlijsting komt Veirs met hulp van James zelfs in de buurt van de Fleet Foxes. Luister maar naar het tranentrekkende country-duet "Sun Is King". In het komisch getitelde hoogtepunt "Life Is Good Blues" treffen we de zangeres opgewekter dan ooit in een verliefde jonge meisjes-modus. Veirs schittert eigenlijk altijd in haar dromerige fingerpickin' intros, maar ook de latere ritmisch-vocale accenten zijn bijzonder geslaagd. 'Life is good when you dance all night and the world transmits electric powers.' Aan het eind van het album brengt Veirs nog een hartverwarmende ode aan de beroemde sessiemuzikante Carol Kaye, net als zij ooit gitaarlerares. Hits als "Homeward Bound" en "Good Vibrations" krijgen tekstueel een knikje, maar nog aandoenlijker is Veirs' wens: 'It would be so cool to be like Carol, Carol Kaye.' Ze vergeet even dat ze zelf de coolste nerdette op aarde is.
File Under: Kristalhelder
File Audio: [Spotify]
Borislav Mitic - The Absolute
The Absolute opent met een intro dat veel wegheeft van Michael Schenkers "Courvoisier Concerto". Als dat voorbij is, wordt echter meteen duidelijk dat Borislav Mitic geen classic rocker is, maar een instrumentale, neoklassieke shredder. De rest van de song is namelijk éeén lang shredfest á la Yngwie Malmsteen. Mja, wat zeg je er dan nog meer over? Toonladders op en neer? Spreekt vanzelf. Snel? Ja duh! Een in de techniek ingevoerde metalneus zul je nog blij kunnen maken met allerlei technische termen, maar alle kunstjes die Mitic hier laat horen hebben we al honderd keer eerder gehoord vanaf de allereerste dagen van het shredden. Mitic hoorde overigens bij de allereerste lichting, die door platenbaas Mike Varney zo ongeveer eigenhandig de metalmarkt ingeduwd werd. Maar ja, shredders, technisch goed zijn ze allemaal wel. Hooguit zit er nog verschil in uitwerking en stijl. Om met het eerste te beginnen: de inmiddels in Canada woonachtige Serviër Borislavic Mitic heeft alles zelf opgenomen in zijn thuisstudio en blijkt het allemaal best in de vingers te hebben. Het geluid is helder geproduceerd, met uitzondering van de wat vlakke drums-uit-een-sampledoosje. De ritmepartijen hakken er staccato op los en laten veel ruimte voor de vaak gedubbelde sologitaar, die vervolgens het hele nummer de volledige aandacht opeist. Van liedjes is dus amper sprake. Het is niettemin een conceptalbum, wat dat ook moge zijn op een instrumentaal album. Wel heeft Mitic voldoende in huis om niet tien keer hetzelfde te spelen en dat steeds een andere titel te geven. De (spaarzame) keren dat hij gas terugneemt is het ook nog steeds het aanhoren waard, en dat is niet altijd het geval bij shredders. Het is teveel gezegd dat Mitic een eigen, herkenbare sound heeft. Met enige regelmaat hoor je stijlen van anderen terug, dat wel. Maar toch. Na het eerste nummer verzuchtte ik al "ik weet nu al wat ik over deze cd moet schrijven" en toch was er ook na tien nummers geen sprake van opluchting. Integendeel, ik had me eigenlijk verrassend goed vermaakt. En dat is knap in dit overbevolkte genre van technisch vrijwel zonder uitzondering buitengewoon begaafde gitaristen.
File Under: Onbekende pionier
File Audio: [MiticSpace]
Agua de Annique - ticketactie
Anneke van Giersbergen & Agua de Annique, Anneke van Giersbergen of Agua de Annigue, ik weet ondertussen niet meer wat de juiste noemer is waaronder ik de cd's die Anneke van Giersbergen uitgebracht heeft sinds ze The Gathering achter zich gelaten heeft moet plaatsen. Wat ik wel weet is dat ze lekker doet waar ze zin in heeft en dat is op dit moment om redelijk uitgebreid op tournee te gaan met haar band. Negen zalen doet ze aan de komende maand. Dat moet gevierd worden. En hoe kun je dat beter doen dan door voor elk concert dat ze geeft (en hieronder genoemd staat) enkele setjes van kaarten weg te geven. Dus hop, doe snel mee met die prijsvraag en wie weet kun je zaterdag al gratis ende voor niets naar het concert in Romein. En dat bereik je door dit formuliertje in te vullen.
No-Man - Mixtaped
Het concert dat No-Man in 2008 gaf in De Boerderij in Zoetermeer vond ik niet zo goed als ik gehoopt had. Ik ben bang dat dat vooral kwam door mijn veel te hoog gespannen verwachtingen. Maar het zal denk ik ook meegespeeld hebben dat de optredens van Steven Wilson en Tim Bowness de eerste optredens waren in vijftien jaar tijd. Dan zou je eigenlijk verwachten dat de registratie van een optreden eerder tijdens de Schoolyard Ghosts-tournee dan nog minder zou uitpakken. Al kijkend naar de dvd Mixtaped (vernoemd naar een nummer van Schoolyard Ghosts) kan ik niet anders concluderen dan dat het aan mij lag. De uitvoeringen op de dvd die opgenomen zijn in augustus van 2008 in de Bush Hall in Londen, zijn namelijk verbluffend mooi. Vooral de aanvulling door violist Steve Bingham valt voor mij nu pas echt op zijn plaats. Ik krijg kippenvel bij zijn openingsnoten van "Only Rain" Een uitbundige performance wordt het (vanzelfsprekend zou ik bijna zeggen) nog steeds niet. Zowel Wilson als Bowness staan normaal al niet bepaald bekend om hun extravagante podiumpresentatie, op Mixtaped overtreffen ze zich zelf. Maar het gelaten bewegen over het podium past ook beter bij No-Man en daardoor komt de focus nog meer te liggen op de muziek die het gebrek aan show met gemak compenseert. Opvallend is dat in de setlist maar plek is voor één song van het sterke Together We're Stranger ("All The Blue Changes"), terwijl van de rest van de albums toch minimaal twee tracks gekozen zijn en allemaal van fraaie nieuwe arrangementen en tempi voorzien zijn. Na dat mooie concert kun je op dvd twee nog bijna anderhalf uur kijken naar een documentaire die de hele geschiedenis van No-Man vertelt (en dat gaat dus verder terug dan Porcupine Tree) zonder dat daarbij het oude zeer uit de weggegaan wordt en iedereen (dus ook Carl Glover, de maker van de altijd fraaie hoezen van No-Man) aan het woord komt. Alleen platenmaatschappij One Little Indian waar No-Man in het begin onder contract stond schittert door afwezigheid, verder komt zo ongeveer iedereen aan het woord. Het is het verhaal van band die ooit bestempeld werd als de meest belanghebbende band die Engeland voortgebracht heeft sinds The Smiths. Nou is dat een tikkie overdreven, maar schromelijk onderschat is No-Man zeker.
File Under: Sterke liveregistratie, met nog betere documentaire als toetje
File Video: [Mini-site]
Cymbals Eat Guitars
Een van de interessantste gitaarbands van de laatste tijd vind ik Cymbals Eat Guitars. Begin 2009 verscheen hun debuutplaat in Amerika en sinds kort is de cd ook aan deze kant van de grote plas te verkrijgen. Op Why There Are Mountains laat Cymbals Eat Guitars laat horen goed te hebben geluisterd naar bands als Pavement en Built To Spill. De cd werd in de VS enthousiast onthaald door critici en liefhebbers van gitaarnoise. Ook Wayne Coyne is fan van de band en zodoende stonden de New Yorkers afgelopen maand in het voorprogramma van The Flaming Lips.
Lees verder..The Mary Onettes - Islands
En ik maar denken dat Zweden zulke vooruitstrevende types zijn. Nou niet dus. Het album Islands van The Mary Onettes dondert ons meteen zo'n dertig jaar terug in het verleden. Die ijle synthesizerklanken, de strijkers uit een doosje, de pathetisch huilerige zang… ja hoor, we zijn weer terug in de tijd van Ocean Rain, Sleep No More en New Gold Dream. De vier heren van The Mary Onettes komen er wel gewoon eerlijk voor uit, op hun MySpace-pagina bijvoorbeeld: 'Influences: mostly music from the eighties...' De vraag is dus hoe goed ze de klassiekers uit de eighties kunnen benaderen en daar is eigenlijk geen duidelijk antwoord op te geven. Er staan enkele absolute pareltjes op het album, zoals opener "Puzzles" en het melodieuze "The Disappearance Of My Youth", maar ook nummers waar de hap net iets te slap wordt, zoals het slome "Cry For Love". The Mary Onettes zijn eigenlijk gewoon de brave, melodieuze broertjes van White Lies. Beide bands putten uit dezelfde inspiratiebronnen, maar White Lies doen het allemaal net iets origineler en overtuigender.
File Under: Braaf!
File Audio: [MySpace]
File Video: [Puzzles]
Windmill - Epcot Starfields
Toen Matthew Thomas Dillon nog een klein Mattje was, bezocht hij ooit Epcot, het Disney-themapark over technologische innovatie. Daardoor raakte hij danig onder de indruk van de ideeënrijkheid van de mens, maar ook alles dat onze kennis en ervaring overschrijdt. Jaren later kwam er de behoefte om die verwondering om te zetten in muziek, en zo ontstond zijn Epcot Starfields, een heus conceptalbum, gemaakt onder de naam Windmill. De fascinatie voor het universum en de sterren komt terug in zowel de songtitels als de teksten, die niet altijd even vrolijk zijn, maar wel vaak prikkelend, evenals de arrangementen. Die zijn meestal (naast een eenvoudige repeterende pianolijn) volgepropt met instrumentatie en echo, waardoor er genoeg te luisteren valt, maar soms ook onrust oproept, en de vraag of het niet allemaal net wat meer basic had gekund. Een echt minpunt van de cd is de stem van Dillon. Alsof hij een flinke heliumballon heeft leeggezogen, perst hij zich door de teksten heen. Pas als hij, heel breekbaar, verzucht dat we als mensen willen dat onze ouders het eeuwige leven hebben, begeleid door piano en cello, weet hij mij echt te raken. Zijn fascinatie voor het onbekende is heus interessant, maar uiteindelijk zijn het de menselijke emoties die op Epcot Starfields de meeste indruk maken.
File Under: Teveel aan helium
File Audio:[MySpace]
Shining - Blackjazz
Het begin van Blackjazz de nieuwe cd van Shining had zo van een goede Ministry-plaat getrokken kunnen zijn. Na een vervormde oerschreeuw dondert er een muur aan industrial je kamer in die zijn weerga niet kent. Binnen een vloek en een zucht zit je murw geslagen in de hoek en kun je niet anders dan de rest van de blaak op je door laten beuken. En weet je, dat voelt heel fijn. Zo heeft het op het eerste gehoor stuurloze, maar o zo precieze gehamer op instrumenten en het maniakale geschreeuw in "The Madness and the Damage Done" voor mij namelijk ergens in de tweede of derde laag (goed weggestopt dus) een enorme kalmte in zich. Een beetje als het oog van orkaan. Het probleem is alleen dat het moeilijk is om daar ook daadwerkelijk te komen. Misschien zou je daarvoor moeten beginnen met het tweede nummer op de cd dat ook "The Madness and the Damage Done" heet en verderop op de plaat volgt en een wat rustiger begin krijgt voor het je opzuigt. Misschien dat het ook wel lukt met de ijzingwekkende kalmte van "Omen". Dat is ook nog behapbaar, maar misschien wel weer te scary om tot de rustgevende krochten van deze Noren te geraken. Met "Healter Skelter" waarin de saxofoon van Jřrgen Munkeby zo ongeveer dubbelgevouwen wordt gaat je dat in ieder geval niet lukken. Weergaloos. Net als de King Crimson-cover "21st Century Schizoid Man" waarmee de plaat afgesloten wordt. Wat een lompe versie die door de vervormde stem van Grutle Kjellson (de zanger van Enslaved) heerlijk bizar wordt. Qua gestructureerde chaos misschien wel het beste voorbeeld van hoe goed Shining is. Maar ook hoe lastig ze zich laten doorgronden.
File Under: Noorse precisiebeukers
File Audio: [MySpace]
X-Ray Spex - Live @ The Roundhouse London 2008 (cd/dvd)
Blondie, dat was de eerste band waar ik aan moest denken toen ik The Roundhouse London 2008 opzette. De Blondie van X-Ray Spex heeft zich de naam Poly Styrene aangemeten, haar werkelijke naam is Marian Joan Elliott. Ze is echter niet blond en ik kan me ook niet voorstellen dat ze het hart van mannen op hol brengt gezien haar postuur. Maar wat ze meer heeft dan de huidige Blondie is punkrock met ballen. De band werd opgericht in 1976 en ging in 1979 weer uit elkaar. Ze leverden met Gem Free Adolescents hun bijdrage aan de Engelse punk in de zeventiger jaren. In de jaren negentig kwam de band twee keer bij elkaar om daarna er weer de brui aan te geven. Het leverde wel twee albums op. In 2008 kwam de band nog een keer bij elkaar in The Roundhouse London voor een kleine drieduizend man publiek en de bands was zo slim om een en ander op te nemen in beeld en geluid. En zo kun je nu je punkband thuis draaien op cd en dvd. Misschien dat de muzieksoort wat achterhaald is, maar gezien de leeftijd van het gefilmde publiek is er kennelijk nog een steeds een doelgroep voor. Ik vroeg me overigens wel af waarom twee dames uit het publiek wel erg vaak in beeld gebracht werden. Eerst dacht ik aan een geile cameraman, maar het tweetal staat in het afsluitende nummer op het podium om de stemming naar een hoogtepunt te brengen. Of de punks dat nou voor ogen hadden bij hun visie. Ik betwijfel het.
File Under: Reüniepunk
File Audio: [MySpace 1][MySpace 2]
File Video: [Trailer][Oh Bondage Up Yours!]
The Morning Dew - At Last 1968-1970
Met de release van At Last is het verzameld werk van de legendarische band The Morning Dew compleet. Eerder verscheen al No More, waarop hun vroege singles en niet eerder uitgebracht materiaal te horen was. Maar die cd was niet meer dan de opmaat naar het hoogtepunt uit de carričre van The Morning Dew, de elpee At Last uit 1970. De hoes is voor ons Nederlanders niet zo schokkend (denk maar aan de PSP-verkiezingsposter uit 1971), maar wel kenmerkend voor die tijd: naakte hippies in de vrije natuur. Opener "Crusader's Smile" zet wat dat betreft ook mooi de toon: 'I play my guitar to make people happy'. Toch is het geen flauwe bloemetjesmuziek die The Morning Dew maakte. Met hun ene been stonden ze nog in de rauwe garagerock van de jaren zestig, met hun andere been in een soort proto-hardrock. Deze twee stijlen werden gecombineerd met een geweldig gevoel voor mooie liedjes en dat leverde een bijkans legendarisch album op. Hoogtepunten zijn de eerdergenoemde opener "Crusader's Smile", furieuze rocker "Young Man", de psychedelische countryrock van "Then Came the Light" en het door vlijmscherpe gitaren gedomineerde "Gypsy". Als bonus krijgen we vijf nummers van de sessie die de opmaat voor hun nooit verschenen tweede plaat moest worden. De release van At Last bleek uiteindelijk de zwanenzang voor een band die - zo blijkt uit de bonustracks - op het punt stond hun aandacht richting onversneden jaren zeventig hardrock te verplaatsen.
File Under: Schatgraven
File Audio: Morning Dew
File Video: No More
My Brightest Diamond - Shark Remixes
Het lijkt me als remixer heerlijk om de vrije hand te krijgen van een artiest om zijn of haar werk te mogen remixen. Als zo'n zangeres dan naar de naam Shara Worden luistert en een van de fijnste stemmen heeft die op dit moment beschikbaar is in de popmuziek, dan wordt dat genieten alleen nog maar beter. Dit keer heeft Shara er niet voor gekozen Jan en Alleman remixen te laten maken van haar nummers zoals ze deed met Tear It Down, de remix-versie van haar debuutplaat Bring Me The Workhorse. Ze koos er voor vier man te noden om haar muziek van een nieuwe jas te voor zien. De delen van de vier (Alfred Brown, Son Lux, Roberto C. Lange en DM Stith) verschillen onderling enorm, maar hun eigen delen vormen een coherent geheel. Ze waren in eerste instantie alleen maar via de importkanalen beschikbaar, maar worden nu in een fraai verzameldoosje ook hier uitgegeven. De volgorde op de cd's is daarbij de volgorde waarin ze eerder uitgebracht zijn. Alfred Brown (van huis uit een klassieke componist) kiest voor een nogal bizarre klassieke insteek. Hij maakt hierbij op basis van het materiaal van My Brightest Diamond een nieuwe conceptvertelling maakt in acht delen. Het zijn eigenlijk geen remixen, maar gewoon acht helemaal nieuwe songs. Wonderbaarlijk. Wat dat betreft klinken de remixen van Son Lux veel meer zoals je zou verwachten van een remix. Maar hij verrast ook door saxofoon en trombone toe te voegen aan de tracks. Bij hem heten de tracks ook nog gewoon zoals het origineel. Dat doet Roberto C. Lange niet, die kiest meer voor een zweverige, minimale insteek, waarvoor Shara's stem zich best leent, maar die mij wat minder kan boeien. Doe mij dan meer die typische dynamische DM Stith-sound die een deel van de vijf songs van zijn hand krijgen. Sprookjesachtig, weelderig en uiteindelijk in het afsluitende " ~~~~~~~~~~~~~~~~" zelfs Stith's eigen stem en flonkerende flamenco-gitaarspel. Menig artiest zal jaloers worden van deze vier prachtige variaties op wat op zichzelf al een prachtige plaat was.
File Under: Liefdevol en smaakvol
File Audio: [To Pluto's Moon (Son Lux)][Ice & The Storm (DM Stith Remix)][Inside a Boy (Son Lux)][Manzanas (Roberto C. Lange)][MySpace]
Your Demise
Het culturele festival Incubate in Tilburg is dit jaar weer net zo veelzijdig geweest als voorgaande jaren. Er zijn weinig festivals die zich richten op meerdere doelgroepen tegelijk, maar ergens in september is Tilburg de plek waar ‘black metal next to free jazz' even geen probleem mag zijn. Een hele week staat de stad vol geprogrammeerd met uiteenlopende genres in verschillende zalen. Dit jaar is de zaterdagavond in Extase gereserveerd voor de hardcore-liefhebber, waar De Weight Of The World tour met Misery Signals, The Number Twelve Looks Like You en Your Demise Nederland niet overslaat. Vanavond spreek ik na de show met de laatstgenoemde van het stel, en hoop ik stiekem ook dat ze nog nuchter genoeg zijn om dit goed te laten verlopen. Of voldoen deze mannen helemaal niet aan het stereotype beeld van een Engelse hardcore- punkband?

Fyfe Dangerfield - Fly Yellow Moon
Ah, wat zijn tussendoortjes soms toch zalig! Ik word erg gelukkig van de nieuwe plaat van de Guillemots - of nee, ik bedoel van hun zanger. Er staat een paar tracks op diens soloplaat Fly Yellow Moon dat je in feite puur Guillemots kunt noemen door hun volle bandsound, en dat de singles van Red makkelijk verslaat. Ten eerste is dat de opener "When You Walk In The Room", waarin Fyfe enthousiast de Michael Jackson uithangt. Daar schuren nog wat gitaren heerlijk overheen en de melodie is bijna even intens als in het fenomenale "Who left the lights off baby". Prachtig! En ten tweede is er de suikerzoete discopop-single "She Needs Me", waarin meer blikken strijkers worden opengetrokken dan op een gemiddelde oudejaarsavond. Maar de rest van de plaat is anders dan dat. Het merendeel bestaat uit lieve, vaak akoestische ballads, waarin de romanticus in Fyfe de kans krijgt. Verwacht geen crooner-plaat, daar klinkt zijn stem te fragiel en persoonlijk voor, en de composities zijn ook Beatles-achtiger dan dat (al kun je kritiek hebben op de wat simpele teksten). De uitvoering is al even puur: in "Livewire" begeleidt Fyfe zichzelf op piano, "High on the tide" eindigt als onbezorgde meefluiter en "Don't be shy" blijkt een avondsluiter waar Reinhold Mey zich in thuisgevoeld zou hebben. Het hele album schijnt trouwens in slechts vijf dagen gemaakt te zijn. Ander goed nieuws: volgens Fyfe's Twitter is hij momenteel alweer met nieuwe, 'echte' Guillemots-opnames bezig. En er schijnt een uitvoering van Fly Yellow Moon met een bonus-cd te zijn. Die moet ik nog horen.
File Under: Hartverwarmende intimiteit
File Audio: [When You Walk In The Room]
File Video: [She Needs Me]
Keel - The Right To Rock/Streets Of Rock & Roll
Voor Keel leek halverwege de jaren tachtig een grote toekomst in het verschiet te liggen. De band rond ex-Steelerzanger Ron Keel had met het anthem "The Right To Rock" een stevige hit gescoord, ze hadden de aandacht getrokken van Gene Simmons - die ook hun derde album produceerde -, maar na album vier ging het mis. De band viel stil door bezettingswisselingen en Ron Keel begon een muzikale reis die hem zelfs een countrycarrière opleverde als Ron Lee Keel (!). In 1989 was er een kortstondige reünie vanwege een restjesalbum, maar verder bleef het stil. In 2009 zijn er plots twee cd's: een 25th Anniversary Edition van hun commerciële succes The Right To Rock en een nieuw album, Streets Of Rock & Roll.
Om met de eerste te beginnen: dat Gene Simmons' oog op Keel viel, is geen verrassing. De songs zijn anthems, of beschaafde rockers-voor-het-hele-gezin. Ron Keel is eh... niet de meest technische zanger, hij spuugt de teksten min of meer uit en dat lijkt dan weer veel op het gezang van de heer Simmons, zij het dan Keel een hoge gil in huis heeft ("Speed Demon"). De opnamen zijn wat opgepoetst, er is een 2009-versie van "The Right To Rock" opgenomen, kortom: een voorbeeldige jubileumrelease. In zijn tijd was het een plaat die het heel behoorlijk deed, maar de wat oppervlakkige glam- en hairmetal was wel typisch Amerikaans stadionmateriaal á la Kiss en Twisted Sister. Daar is niets aan veranderd. De songs zijn best okee met een paar uitschieters, maar het blijft ook na de opfrisbeurt erg naar de jaren tachtig klinken, vooral door de enorme bak echo op de zang. Nieuwe fans zitten er dus niet in, maar uit nostalgisch oogpunt is dit een verantwoorde release.
Op het nieuwe album zijn alle bandleden uit de The Right To Rock-tijd weer present, behalve bassist Kenny Chaisson. Juist door de albums na elkaar te beluisteren hoor je heel goed dat de sound flink geupdate is. Niet die bakken echo op de zang, de gitaren klinken veel cleaner maar nog steeds ruig genoeg. Muzikaal is er weinig veranderd, maar het klinkt wel als een plaat van 2009. De heren zijn betere muzikanten geworden, inclusief zanger Ron Keel zelf, de techniek is beter geworden en samen zorgt dat ervoor dat Streets Of Rock & Roll geen originaliteitsprijzen zal winnen, maar wel gewoon een lekker rockend album is geworden dat beter is dan het gros van wat er in het genre verschijnt. "Does Anybody Believe" is bijvoorbeeld een ballad uit het boekje. Een reünie rond een jubileumrelease vind ik altijd wat verdacht, maar Keel's reünie is met Streets Of Rock & Roll dik gerechtvaardigd.
File Under: Semi-klassieker revisited
File Audio: [KeelSpace]
File: Keel - Streets Of Rock & Roll
File Under: Vers materiaal met nieuwe energie
File Audio: [KeelSpace]
Retribution Gospel Choir - 2
Het contrast tussen Low en Alan Sparhawk's andere band, Retribution Gospel Choir, is bizar groot. Waar hij bij Low kiest voor verstilde, vaak uitgesponnen liedjes, gaat bij Retribution Gospel Choir het gas vaak flink open en zijn de tien liedjes die deze tweede cd telt in een vloek en een zucht voorbij. Ik zou de cd bijna bij Prikkie op zijn stapel schuiven als ik een track als "Workin' Hard" hoor, die een heerlijke seventies-rock feel heeft. Helemaal in combinatie met het korte instrumentale "'68 Comeback" dat eraan vooraf gaat. Een bizar intermezzo dat vanuit het niets opduikt en zijn oerkrachten toont, maar ook net zo snel weer verdwijnt. Het gros van 2 is kort en bondig en recht op zijn doel af, maar wel vol dynamiek. Check de pubrocker "White Wolf" maar eens. Toch zijn het juist de twee langere tracks, "Poor Man's Daughter" en "Electric Guitar", die bij mij de beste indruk achterlaten. Vooral de eerste, een traag voortslepende rocker die Crazy Horse volgens mij best graag had willen maken, is een puike Sparhawk-track. Waar ik me wel mijn hoofd over breek is wat nu precies het doel geweest kan zijn voor Sparhawk met Retribution Gospel Choir. Is het om stoom af te blazen? Is dit wat hij altijd al gewild heeft? Of gewoon een speeltje om te laten horen dat hij een veel betere gitarist is dan mensen wellicht denken? Ik hoop vooral dat het niet het einde inluidt van Low, wiens laatste cd Drums & Guns uit 2007 stamt. Dat zou zonde zijn.
File Under: Electric Guitar
File Audio: [MySpace][Mp3-spelert][Hide It Away]
File Video: [Hide It Away]
ROOD & Nighthawks At The Diner - Perfect Life
Terwijl ik dit stukje schrijf en op de achtergrond Perfect Life van ROOD & Nighthawks At The Diner beluister, komt mijn vriendin de kamer binnen. "Hé, weer een nieuwe van Tom Waits?", zegt ze. Ik zucht. Dat is nu precies wat ik bedoel. Laat ik maar met de deur in huis vallen: deze cd roept bij mij ergernis op, maar ook bewondering. Eerst de ergernis: ROOD & Nighthawks At The Diner zijn schaamteloze meestervervalsers. Begonnen in 1994 hebben ze zich gespecialiseerd in het kopiëren van hun grote voorbeeld Tom Waits. De bandnaam is ontleend aan het gelijknamige live-album van de oude meester en hun muziek leunt nogal op zijn werk: filmische muziek met invloeden uit de jazz, blues, rock, folk en klassiek. Daaroverheen raspt ROOD zijn teksten, veelal op exact dezelfde wijze en met dezelfde dictie als zijn held. Daar erger ik me dus mateloos aan. Ik bedoel, als ik Tom Waits wil horen zet ik wel iets op uit zijn omvangrijke oeuvre en heb ik geen enkele behoefte aan een stel Nijmeegse na-apers die tomwaitsje willen spelen. Zo, dat is eruit. Maar als de ergernis dan zo groot is, waar komt die bewondering dan vandaan? Dat zit 'm in de kwaliteit van de vervalsingen. De muzikanten zijn van een bijzondere klasse en komen op dit album ruimschoots tot hun recht. De muziek wordt gebracht met een ingetogen intimiteit, met uiteenlopende warme klankkleuren en mooie accenten. Ook op dit album resulteert dit in prachtig sfeervolle schilderijtjes, zoals het meeslepende openingsnummer "The Master Is Away". Ook is er een verrassende (telefonische?) cameo van de klassieke bariton Ernst Daniel Smid die het nummer "Baby Don't You Like My Tattoo" naar een ander niveau tilt. En ja, na herhaalde luisterbeurten zijn er steeds meer momenten waarop ik me willoos laat meenemen in de warme liedjes van ROOD, maar deze kunnen zomaar weer omslaan in bittere irritatie als er weer zo'n Waits-pastiche langskomt. Ergernis en bewondering komen bijzonder dicht bij elkaar op dit album. Intrigerend.
File Under geeft enkele exemplaren weg van Perfect Life. Dus doe gezellig mee aan alweer een nieuwe prijsvraag
File: ROOD & Nighthawks At The Diner - Perfect LifeFile Under: Bewonderenswaardige ergernis
File Audio: [MySpace]
File Video: [YouTube]
Times New Viking - Born Again Revisited
Onlangs las ik in een of ander blaadje, ik dacht de LiveXS, een stukje over Born Again Revisited van Times New Viking. Na een langer stuk over een andere cd volgden er twee zinnetjes waarin er nogal minnetjes over Born Again Revisited gedaan werd, en zo kwam dit album bij mij ergens onderaan een megastapel releases. Want wie wil er een cd luisteren waar niemand op zit te wachten? En ik moet zeggen dat ik hem ook na een eerste beluistering weggelegd heb: ik ben niet namelijk niet altijd in de stemming voor een portie garagerock. Maar als ik de goede muts op heb gezet dan blijkt Born Again Revisited een lekkere rauwe plaat te zijn waar bij mij namen als The Velvet Underground en Sonic Youth opkomen. Hun eerdere albums voor dit debuut op Matador schijnen trouwens nog vuiger te zijn. Geluidstechnisch klinkt het echter nog steeds niet even netjes, zoals dat ook hoort bij een dergelijke bak herrie. Zo gaan de zangpartijen bij dit trio uit Columbus, Ohio geregeld in het rode, ronken de gitaren alsof ze op de slachtbank liggen en is er ook zo'n kek V.U.-orgeltje. Waar ik het eerder genoemde stukje gelijk in moet geven dat je hier niet teveel woorden aan vuil moet maken: lekker een half uur raggen en verder niet zeuren. Punt.
File Under: Geen woorden maar daden
File Audio: [MySpace]
File Video: [No Time, No Hope][Born Again Revisited]
Week 3, 2010
Storm
Izah - Finite Horizon/Crevice
Ewie
Bettie Serveert - Pharmacy Of Love
Ludo
Eels - End Times
Gr.R.
Pipes and Pints - Until we die
Joice
Local Natives - Gorilla Manor
Ramon
Spoon - Transference
André
Goldfrapp - Rocket (single)
Prikkie
Gillan - Live: Triple Trouble
DubbelMono
Dave Rawlings Machine - A Friend of a Friend
ForestSounds
Kate Bush - The Dreaming
Wally Warning - Take Life
Het leven kan zo zijn tegenslagen hebben. Over het algemeen zijn we in het Westen geneigd om daar wat krampachtig mee om te gaan. Alles moet het liefst perfect lopen en daar waar het fout gaat mag dat vooral nooooit meer nogmaals voorkomen. Nee, dan onze Afrikaanse broeders. Die snappen hoe je met de uitdagingen van het dagelijks bestaan om moet gaan. Soms wordt dat wat plat verwoord in one-liners als 'don't worry, be happy', en het is ook dat vaatje waar Wally Warning uit tapt. Maar hij doet het net even iets subtieler en wijzer. Hierdoor is zijn laatste cd Take Life vooral een ode aan de onbezorgdheid, verpakt in veertien pakkende, vederlichte liedjes die op mij stuk voor stuk een 'het is inderdaad allemaal niet zo erg als het lijkt' effect hadden. Warning zingt met soepele muzikaliteit en speelt vrijwel alle instrumenten zelf, hetgeen hij met eenzelfde gemak doet. Vooral zijn gitaarspel is heerlijk ontspannen en dat het grotendeels akoestisch is, is mooi meegenomen. Zelfs van het treurbeuk-nummer "Ain't no Sunshine" weet hij een zomerse sorbet te maken, en dat brengt me meteen op mijn enige puntje van ongenoegen: Take Life is bij uitstek een plaat voor lente en zomer; het voelt wat vreemd om deze muziek te beluisteren met uitzicht op een besneeuwde achtertuin. Maar goed, daar kan Wally Warning ook niets aan veranderen...
File Under: Don't Worry, Be Happy - maar dan beter
File Audio: [Fragmenten op MySpace]
Old Cranes - Feral Harmonic
Het regent tegenwoordig alt.country.folk-bandjes. En in die regen sta ik graag. Ik heb de indruk dat het 'country en folk is voor bejaarden'-gevoel er inmiddels wel af is. Je kunt er gewoon voor uitkomen dat deze muziekstroming echt iets voor jou is. Nu zelfs de reclame (Peugeot) hierop inhaakt, zoals met een nummer van Grizzly Bear, lijkt het hek helemaal van de dam. Old Canes uit Lawrence (Kansas) is echter geen nieuwe band. Hun debuutalbum stamt uit 2004 en dit is de opvolger. Hun belangrijkste man is Chris Crisci, die je zou kunnen kennen van de band The Appleseed Cast. Hij schreef de songs, nam ze op en masterde ze ook. Bovendien zorgt hijzelf voor de vocalen en bespeelt verder de gitaar, cello, mandoline, banjo, speelgoed piano, belletjes, percussie, drums en harmonica. Het is echter niet zo dat hij onder het motto 'ik zal het allemaal zelf wel doen' als eenmansband fungeert. Integendeel, hij trommelt een hele trits aan andere muzikanten uit diverse bandjes op en samen spelen ze Feral Harmonic met twaalf liedjes vol. Crisci gaat volgens het bijgesloten promoverhaaltje voor het idee en de energie en niet voor de perfecte productie. En dat klopt helemaal, want het enthousiasme spat ervan af, maar het rammelt daarentegen van alle kanten. Daar hebben ze de term lo-fi voor uitgevonden en van mij mogen ze. Al hadden de ideeën zoals in "Black Hill Chapel" van mij wat meer uitgewerkt mogen worden. Dit klinkt mij nu net wat teveel als een jamsessie.
File Under: Speelplezier
File Audio: [MySpace]
File Video: [Nee, mijn promo ligt er niet bij][Live: Trust]
VA - Psychedelic States: Mississippi in the 60s
De achttiende verzamelaar die reissuelabel Gear Fab wijdt aan één van de vijftig staten van de VS behandelt Mississippi. Alsof de Magnolia-state nog geen muzikale geschiedenis genoeg heeft, krijgen op Psychedelic States: Mississippi in the 60s een heleboel voetnoten en voetnootjes de aandacht. Want vergis je niet, Mississippi is niet alleen de plek waar grootheden als Robert Johnson, BB King, Jimmie Rodgers en Elvis Presley (en vooruit, ook Britney Spears) hun wortels hebben liggen. Zoals overal in de Verenigde Staten werden ook in deze zuidstaat de garages leeg geruimd zodat zoon- (en soms dochter-)lief zich kon uitleven in bandjes. Bandjes die slechts zelden meer dan één single uitbrachten en dan weer snel uiteen vielen. Een aantal kreeg succes, al was het soms niet meer dan regionaal (The Lancers met "Somebody Help Me"). Een paar artiesten wisten iets meer van de grond te krijgen. Bob Morrison werd een succesvolle liedjesschrijver voor anderen en kon zelfs een Grammy op zijn cv plaatsen. Paul Davis, hier anoniem in Rick's Continentals, wist een niet onaardige solocarričre op te zetten. Van de onbekenden moeten we hier in elk geval de Byrds-navolgers Soule Survivors noemen ("Good-Bye") en vooral The Riviares ("Bad Girl"), een gitaar en drums-duo dat bewijst dat zulke ragduo's al ver voor The White Stripes bestonden.
File Under: Garages in Mississippi
File Audio: Rick's Continentals - Live It Up
The Medics - EP / Izah - Finite Horizon/Crevice
Het lijkt me een serieus probleem voor een zaal: wat zet je in godsnaam in het voorprogramma van Stryper? Inderdaad, dďż˝ Stryper, de Godvrezende poedelrockers die immer gekleed gaan in de zwart-gele leren pakjes. Tivoli stond voor dit dilemma en zij kozen ervoor om vanavond stadsgenoot The Medics van stal te halen. Nou kent Stryper natuurlijk zijn gelijke niet, maar The Medics staan wel een heel eind af van deze reli-rockers. Ja, ze maken rock, dat wel, maar wat te horen valt op hun debuut-EP valt allerminst te scharen onder poedelrock. Wat ze laten horen op hun EP is eerder een goede mix van Britpop met het oude Editors-geluid. Misschien ligt de link wat meer in hun achtergrond. The Medics speelde namelijk al op het Xnoizz Flevo Festival. Dat zou wat kunnen verklaren. Ze lijken me overigens wel een goede opwarmer voor de wat meer open-minded fans van Stryper, want de drie nummers op hun EP zijn dan misschien niet het origineelste eigen beheer werk dat ik hoorde de afgelopen tijd, het staat wel als een huis. Hooguit zou je de zang van Daniel af en toe een beetje zwalkend kunnen vinden. Maar hij doet dat wel op een Ian Astbury-manier, dus dat had een stuk beroerder gekund. Het zal mij benieuwen hoeveel EP's ze vanavond zullen verkopen aan de zwart-gele brigade.
Om een voorprogramma te kiezen voor het machtige Baroness, dat was voor 013 een stuk eenvoudiger. Nederland heeft namelijk best veel avontuurzoekend metaltalent in huis. Dat de zaal ervoor koos om stadsgenoten Izah naar voren te schuiven, is dan ook helemaal niet raar. Helemaal niet omdat deze band met hun ep Finite Horizon/Crevice een machtig loodzwaar debuut opgeleverd heeft. De toen nog vijf, maar tegenwoordig zes koppen tellende band laat op deze debuut-ep in twee tracks die samen tweeëntwintig minuten duren een uitstekende indruk achter. Aan de ene kant hoor je er sfeervolle, maar hufterzware Cult Of Luna-invloeden in terug, aan de andere ik hoor er ook het oeroude, loodzware Paradise Lost-geluid en het technische vernuft van Pestilence in terug en die combinatie stemt mij vrolijk. Alleen als Entius zijn heldere stem op zet, valt het een beetje tegen. Maar daar staat zoveel orkaankracht tegenover als hij zich van zijn andere (en dus betere) kant laat horen dat je dat minpuntje gemakkelijk wegstreept. Zijn oerschreeuw kan volgens mij huizen op hun grondvesten laten trillen. En daarna zal de rest van de band de rest van het sloopwerk voor zijn rekening nemen. Zeer veelbelovende debuut-ep van een band die hiermee een serieuze gooi doet naar een (internationaal) platencontract.
File Under: Geen poedelrock
File Audio: [MySpace]
File: Izah - Finite Horizon/Crevice
File Under: Hufterzwaar
File Audio: [MySpace]
Dark Fortress - Ylem
Alhoewel ze het zelf geen conceptalbum noemen, is het concept achter Ylem juist wel interessant. Ylem is de staat van de elementen voordat de Big Bang plaatsvond, zo lees ik op de MySpace-pagina van Dark Fortress. Zeg maar de oersoep waar alles uit ontstaan is. Een terugkeer hiernaar betekent het einde van alles wat bestaat. Elke cel bevat zowel de schittering van het leven als het begin van het einde. Het onomkeerbare lot van de mens wordt beschreven vanuit een persoonlijk, een magisch, een religieus en een kosmisch standpunt. En daar wordt ruimschoots de tijd voor genomen. Ruim zeventig minuten lang laten deze Duitsers hun blackmetal voor zich spreken. Het begin, de hoop wordt vormgegeven door intense en prachtige melodieën. Je ziet bijna het zaadje ontkiemen in het vochtige, warme ochtendgloren. En na een schitterende bloeiperiode, begint tergend langzaam de teloorgang. De eerste tekenen van verval dienen zich aan. Veel doomy en slopende passages brengen het uiteindelijke lot steeds dichterbij. Soms wordt de grens al even overschreden en wordt er provocerend tegen deathmetal aangeschurkt. En net als je denkt dat het proces stopgezet kan worden, als er even weer hoop gloort, wordt er genadeloos overgeschakeld naar de hoogste versnelling om je laatste strohalm omver te blazen. En als het eenmaal zover is, wordt er tot slot met cleane vocalen een lofzang voor je gezongen. Doe je ogen maar dicht en laat het over je heenkomen. Dark Fortress weet wederom te overtuigen en er is geen ontkomen aan.
File Under: Ylemmie
File Audio: [MySpace]
Band Of Skulls - Baby Darling Doll Face Honey
Behalve om op File Under iets te melden over de te bespreken cd in kwestie, corrigeer ik ook heel veel stukjes van anderen: vaak taalkundig en soms inhoudelijk. Zo lees ik ongemerkt, al kost het de nodige tijd, veel stukjes. Op het moment dat ik dit schrijf heb ik net een bijna foutloos stukje van Storm nagelezen van PG.Lost, waarin Storm het heeft over de gebaande paden van de post-rock. De cd die ik hier bespreek Baby Darling Doll Face Honey van het Engelse Band Of Skulls heeft niets met post-rock te maken, maar wel alles met die gebaande paden. Luister maar eens naar de eerste twee tracks "Light Of The Morning" of "Death By Diamonds And Pearls". Deze klinken ongelofelijk vet en knallen je speakers uit, maar wat doen ze mij verschrikkelijk veel denken aan The White Stripes. Toch is het kennelijk een bewuste keuze om deze nummers vooraan te zetten, want ondanks dat het vooral vuige garagerock blijft, komen er laten meer referenties in mij op. Zo moet ik bij "Bomb" aan The Kills denken. De band van doodshoofden is in het bezit van een fantastische zanger (en gitarist) Russel Marsden, maar heeft met de ook niet slechte zangeres (en bassiste) Emma Richardson zoveel afwisseling in huis die ze door het album goed inzetten (hij solo, soms zij solo en ook samen in een duet). Als het tempo omlaag gaat zoals in de nummers "Impossible" en "Cold Fame", zie ik Bono al voor me staan. Nee, die is niet van de garagerock, maar de Band Of Skulls zoekt voorzichtig naar een andere weg. Overigens doet Bono niet echt mee, maar het had gekund. Baby Darling Doll Face Honey kan ik dan ook niet anders betitelen, mede door de sterke productie, als een vette energieke plaat. Maar ondanks dat er wel naar andere wegen gezocht wordt, komt het me allemaal te bekend voor. Of zou ik simpelweg teveel cd's horen?
File Under: Alleen nog meer een eigen smoel
File Audio: [MySpace][Of via de player op hun eigen website]
File Video: [Het Band Of Skulls-videokanaal]
Maplewood - Yeti Boombox
Ik ben blij dat ik Yeti Boombox niet na drie draaibeurten letterlijk en figuurlijk heb afgeschreven. In eerste instantie lijkt het tweede album van het New Yorkse Maplewood, waarin we o.a. Ira Elliot van Nada Surf aantreffen, een zoveelste typische Tapete-release. Toegankelijk en degelijk gearrangeerd, maar ook wat suf. Nu vliegen de vonken er ook hier echt niet vanaf, maar hoe vaker ik het album hoorde, hoe aangenamer de aandoenlijk wankele vocalen opvielen. Het kleine folkpareltje "Easy" is een mooi (en verhoord) gebed om een goed liedje. 'Angel please bring me a song, you know that I worked for it all night long.' Maplewood heeft geen superzangers in huis, maar juist omdat men het uit de tenen moet halen hebben veel van de liedjes een onderhuidse spanning. Het deed me denken aan onze eigen Americana-toppers Daryll-Ann, al rockten die over het algemeen wat harder, alhoewel, die hadden ook nog zoiets als Don't Stop. Ik moet toegeven dat veel van de vergelijkingen die me bij dit album te binnen schoten extreem vluchtig en misschien wel vergezocht zijn, maar de namen zeggen wat over de kwaliteit. Zo heeft "Embraceable" wat van Wilco. Het heel verrassende "What Is It To Fly" begint als een slijper van de Tindersticks om later nog een Bruce Springsteen-achtige mondharmonica in te zetten. Het allermooiste refreintje zit in het heupwiegende "North Share Baby", kleine snare-roffel, een jangly gitaar begint mee te doen en de simpel rake woorden 'gently playing with her hair'.
File Under: Lieve jongens
File Audio: [Spotify]
Pg.lost - In Never Out
Oké, het lag dus niet aan mij. Of juist wel, zo je wilt. Bij de laatste paar post-rock-cd's die ik besprak kreeg ik het gevoel had dat mijn langzaamaan gegroeide aversie tegen post-rock weggeëbd was. Het waren gewoon dondersgoede platen die ik besprak. Platen van bands die het avontuur zochten, de grenzen van het genre verkenden in plaats van volgens het boekje te werken. Want nu ik luister naar In Never Out, de derde plaat van het Zweedse PG.Lost slaat de verveling weer toe. Natuurlijk zijn de melodielijnen goedgevonden, natuurlijk zijn de climaxen mokerslagen, maar het is verdomme allemaal zo allemachtig voorspelbaar dat ik er een beetje narrig van wordt. Ik kon bij wijze van spreke bij de eerste beluistering van de cd al voorspellen wat er een paar maten verderop ging gebeuren in een nummer. Dat was wat mij betreft nooit de bedoeling. Soms denk ik zelfs dat ze 'gewoon' even een melodielijntje geleend hebben elders. Zo doet "Prahanien" me wel heel erg denken aan het wonderschone "First Breath After A Coma" van Explosions In The Sky. En dat niet alleen qua klank. Dit klinkt misschien allemaal een beetje onaardig, maar het is gewoon door anderen bewezen dat je post-rock best verdomd interessant kunt maken als je de gebaande paden verlaat. Dat weigert PG.Lost te doen. En dat is spijtig, want aan bijvoorbeeld de lange tracks "Crystalline" en "Gomez" hoor je dat er 'meer' in zit.
File Under: Bang om te verdwalen
File Audio: [MySpace]
The Raveonettes
Er staan minstens tweehonderd vrouwen en meisjes voor de Melkweg op een regenachtige, doordeweekse dag. Ik ben even van mijn ŕ propos. Wat is er aan de hand? Ik kijk nog eens goed rond. Security-mensen staan kauwgum kauwend breed te zijn bij de afzettingen, een zenuwachtige mevrouw lijkt dwingende bevelen te geven via een mobilofoon…Pas als ik me bij de loge meld blijkt wat er aan de hand is: Robbie Williams speelt in de Melkweg. Aha, nu is het me duidelijk. Grappig. Ik heb niet zoveel met dit fenomeen maar goed, ik ben er dan ook niet voor hem. The Raveonettes zijn namelijk óók in de stad. En daar kom ik voor!
Als zangeres/bassiste Sharin Foo zich met kinderwagen (gevuld met dochtertje Molly) langs de massa naar binnen wurmt, is er niemand die haar een blik waardig gunt.
Bij de garderobe mogen we even rustig aan Sharin vragen hoe het met the Raveonettes gesteld is eind 2009. Sharin is vriendelijk maar een tikje gehaast. Over een uurtje wordt de band verwacht voor een instore-concertje bij de hoofdstedelijke platenwinkel Concerto.
Lees verder..Ajalon - This Good Place
Ik had deze recensie willen beginnen met een vooruitblik voor 2010. Waarin ik mijn licht zou laten schijnen over wat hot gaat worden en wat niet. En ik zou eindigen met de enige voorspelling waarvan ik zeker wist dat die uit zou komen: ook in 2010 komt er geen hype rond een progband en worden er geen progsingles gedraaid de reguliere radio. Maar toen liep ik op Eurosonic Vera binnen bij Gösta Berling's Saga en werd ik omver geblazen werd door een progband. Een zeer goede progband. Als zelfs een hip festival als Eurosonic al prog programmeert, dan zou er zomaar nog meer in het vat kunnen zitten. Bijvoorbeeld voor het Amerikaanse Ajalon. Ik recenseerde hun vorige plaat en die was goed, ondanks de stichtelijke teksten. En laten de heren van Ajalon nu net aan dat punt gewerkt hebben, bij het opnemen van The Good Place. Goed een enkele keer komt zijn Naam nog wel eens langs, maar het prekerige is eraf. Wat gebleven is, is het hoogstaande muzikale niveau. De plaat opent met een AOR-achtige niemendalletje dat even doet terugschrikken, maar dan gaat de beuk er goed in. Met als hoogtepunt het negentien minuten durende Redemption, met puike gastvocalen van Robyn Dawn. Goede ouderwetse prog, die muzikaal een beetje tussen beide Tillison vehikels PO90 en The Tangent zit. Degelijke kwaliteit die in ieder geval niet de hype van het jaar zal worden. Maar na die gedenkwaardige vrijdag weet ik in ieder geval niets zeker meer…
File Under: En God zag dat het nog beter was!
File Audio: [MySpace]
Spin Gallery / Rock The Bones Vol. 7
Spin Gallery is een project van de Zweed Kristoffer Lagerstrom en alleskunner/workaholic Tommy Denander. Lagerstrom neemt de zang voor zijn rekening, Denander doet zo ongeveer de rest, met als resultaat het tweede Spin Gallery-album Embrace. Muzikaal is Toto nooit ver weg op dit album: het is poprock, soms door stevige gitaren wat meer richting pomprock neigend, dan weer heel erg poppy met de nodige elektronica op de achtergrond, maar altijd binnen de veilige bandbreedte voor een breed publiek. De twee gastvocalisten bevestigen dat nog meer eens: op "You Do The Things You Do" zingt mijn oude favoriet Dan Reed mee en Robin Beck duetteert op "Just A Momentary Why". Qua gitaarwerk doet het ook nog wel eens denken aan zo'n andere oude favoriet, Mr. Mister ("Brilliance Of The Drugs"). Een enkele keer wordt afgeweken van het stramien, zoals in "Blood in my veins", waar ineens een strijkje opduikt, maar verder is het toch vooral heel veilig. Da's jammer, want Lagerstrom heeft een fraaie stem, ergens tussen Terry Brock en Steve Perry in, en van Denander is al langer bekend dat hij heel wat meer met een gitaar kan dan 'm vasthouden. Het is ook allesbehalve een ondermaats album, maar tegelijkertijd heb je het gevoel dat deze twee er heel veel meer van hadden kunnen maken. In het leven moet je fouten durven maken, anders wordt het veilig en risicoloos en vooral bij lange na niet wat het had kunnen zijn. Precies dat is wat er aan dit album ontbreekt: risico.
Rock The Bones Vol.7 is weer een verzamelaar annex lekkermakertje van Frontiers, met songs van recent of minder recent verschenen albums. Spin Gallery staat er niet tussen, al had dat prima gekund. Een flink deel is hier al besproken (Winger, Mr. Big, W.E.T., Mastedon, Jaded Heart, The Murder Of My Sweet, Blanc Faces, Cinderella). Daarnaast staan er onder andere songs op van House Of Lords (het titelnummer van het nogal tegenvallende Cartesian Dreams), Lou Gramm Band, Jorn en een paar songs van albums die nog moeten verschijnen, zoals van Giant (met Slamer's Terry Brock!) en Outloud (met leden van Firewind).. Voor een mooi prijsje heb je een cd vol top-AOR, om rustig thuis te bedenken wat je gaat aanschaffen.
File Under: Rock met de handrem aangetrokken
File Audio: [fragmenten]
File: VA - Rock The Bones Vol. 7
File Under: Mooie menukaart
File Audio: [fragmenten bij Frontiers]
Gay Beast - Second Wave
Gay Beast, oftewel hoe bizar wil je je bandnaam hebben? Aids Wolf is misschien nog de overtreffende trap. Het is vast niet toevallig dat deze twee bands allebei onder het categorie avontuurlijk geschaard dienen te worden. In de categorie ook waarvan mijn moeder zegt dat ze er nog niet naar wil luisteren al zou ze geld toe krijgen. (misschien is het optreden in Vera volgende week daarom wel gratis?) Het aardige is namelijk dat de nerd-proggers van Gay Beast helemaal niet zulke harde muziek maken, het is vooral extreem onstuimig en chaotisch wat ze laten horen op hun tweede cd Second Wave. De drie bulken van de instrumentbeheersing en generen zich niet dat op Second Wave vanuit alle hoeken en gaten te laten zien. De gitaar van Isaac Rotto klinkt als een stekelvarken op speed, de drums en elektronica van Angela Gerend als een opgevoerd hobbelpaard, de zang van Daniel Luedtke als Dismemberment Plan's Travis Morrison na een heliumballon zingend door een megafoon. En dan klinken zijn saxofoon en toetsen ook nog alsof bespeeld worden door een driejarige kleuter die uitzoekt waar al die toetsen en klepjes nu toch voor dienen. Je begrijpt het vast al: dit is hogeschool nerd-rock die zo dissonant is dat het tegelijkertijd zowel extreem dansbaar als niet dansbaar is. Althans, als je zo'n onhandige dansklungel bent als ik.
File Under: Stekels
File Audio: [MySpace]
Jörgen van den Wijngaart (Kunstbende/Popronde)
Jörgen van den Wijngaart is betrokken bij Kunstbende Noord-Holland, bij de jaarlijkse Popronde en gaat met veel plezier zo vaak mogelijk bandjes kijken. Hij is geboren in Almelo in 1974, deed CMV Kunst & Cultuur in Nijmegen, verhuisde naar Amsterdam om te gaan werken bij een film productiemaatschappij en sinds 2005 is hij werkzaam met een eigen bedrijf. Hiermee maakt hij films met jongeren, veel op scholen, maar ook daarbuiten in opdracht. Het werken met jongeren en het scouten van nieuw talent is iets wat bij Jörgen past en hij al jaren doet, maar vanwaar de grote liefde voor amateurkunst?
Kunstbende
De Kunstbende is een van de langstlopende talentontwikkelingen van Nederland. Momenteel viert de jongerenorganisatie de twintigste editie en Jörgen werd destijds vooral aangetrokken door het succes. ‘In 2005 heb ik een film gemaakt over Kunstbende en haar werkwijze en sindsdien ben ik bij het project betrokken. Ieder jaar zijn er vele vrijwilligers, stagiaires, jongerenwerkers, docenten en partnerorganisaties die Kunstbende helpen neer te zetten. Samen met Kirsten Dijk en Wouter Helmig zit ik in het Kunstbende Noord Holland-kernteam. Ons doel is om het Kunstbende-vuur brandend te houden bij iedereen.'
Motorpsycho - Heavy Metal Fruit
Hopsakee, het jaar begint nog maar net en Motorpsycho knalt er weer even een nieuwe langspeler in. Nog geen half jaar na de EP Child Of The Future, da's wel heel erg snel, maar sinds de komst van drummer Kenneth Kapstadt lijkt de band aan haar tweede jeugd begonnen en was er blijkbaar voldoende materiaal voor een verse plaat. Zoals sommigen hier wellicht weten ben ik nogal bezeten van deze Noorse geweldenaren, met het bijbehorende risico van ellenlange lofredes. Maar in dit geval kan ik niet anders. Ik heb al eerder geroepen dat de band weer een klassieker van jewelste had neergezet (LLM), soms tegen beter weten in (BH/BC), maar Heavy Metal Fruit is hem dan echt. Hun allerbeste sinds Trust Us (die plaat is nogal een Big Deal voor mij, zeg maar). Zes lange nummers krijgen we, uitgezonderd de korte piano-ballad "Close Your Eyes", met als Grote Epische Uitschieter de bijna 21 minuten durende prog-estafette "Gullible's Travails (pt I-IV)". De plaat opent na een wat onhandige stilte van een minuut met het majestueuze "Starhammer", waarin de band halverwege in een subtiele impro beland. "X-3(Knuckleheads In Space)/The Getaway Special" is een song in twee delen, het ene deel een vlotte rocksong en het ander een stuk coole jazzrock met gastrollen voor wat Jaga Jazzist-vrienden. "The Bomb-Proof Roll And Beyond" is weer een waanzinnig trippy stuk, met een free-jazz exercitie in het midden welke uiteindelijk overslaat in een groots en meeslepend geharmoniseerd slot. "W.B.A.T." begint als een losgeslagen stuk jazz, gaat vervolgens over in een slepende rockgroove om vervolgens te eindigen met een lang doorlopend prachtrefrein. "Gullible's Tavails" tenslotte is een prog-exercitie om even voor te gaan zitten en lijkt een eerbetoon aan Yes en King Crimson. Prog is sowieso het sleutelwoord voor deze plaat, maar gelukkig weet Motorpsycho de valkuilen van het genre vakkundig te omzeilen door het geweldige samenspel, de catchy refreinen en de gewaagde arrangementen. Daarnaast is de productie ook nog eens dik in orde, met een rijke gedetailleerde sound die weer herinnert aan Motorpsycho's popperiode. Afijn, het is nog maar net januari en de kans is groot dit ik nu alweer mijn jaarlijst-aanvoerder te pakken heb. Benieuwd wat voor plaat hier nog overheen gaat in 2010.
File Under: Gaat meteen de jaarlijst in
File Audio: [MySpace]
Apse - Climb Up
Hoewel ik van mezelf een optimistisch en opgeruimd persoon ben, heb ik qua muziek absoluut een voorliefde voor melancholie en zwaarheid. Een kwestie van ‘opposites attract'? De eerste volwaardige cd van Apse, Spirit, paste destijds dan ook prima binnen dit kader. Ik werd direct geraakt door de tribale en opzwepende ritmes en de donkere sfeer die de plaat oproept. Apse leek een heel eigen plaatsje in het muziekuniversum veroverd te hebben met die aanpak. Op Climb Up is die echter behoorlijk radicaal omgegooid. Dat kan mede te wijten zijn aan de personele wisselingen, want er zijn nogal wat mensen vertrokken, waaronder percussionist Aaron Piccirillo, die verantwoordelijk was voor de ritmes. Dat de focus nu dus verschoven is (uitzonderingen daargelaten, zoals "In Gold"), is niet heel verbazingwekkend, maar wel jammer. Al is het zeker niet zo dat Climb Up geen goede plaat is: de zang is wat belangrijker geworden, evenals de gitaar. Het is dus vooral een heel andere plaat geworden dan verwacht. Openers "Blown Doors" en "3.1" laten nog enigszins horen waar Apse vandaan komt, maar daarna ontspint zich een prima gitaarpopplaat met aanstekelijke liedjes die desondanks geen van allen voorspelbaar zijn. Van de ijle, bijna vrouwelijke, mannenstem moet je maar net houden, maar spannend blijft de cd wel, twaalf nummers lang. Apse lijkt letterlijk en figuurlijk ontketend, en voor wie Spirit kan loslaten, levert dat een geheel nieuwe, prima band op!
File Under: Als Phoenix uit zijn as
File Audio: [MySpace]
Lieve Arjen
Dank je wel, Arjen Grolleman, voor alles wat je in je leven hebt gedaan. Voor je snedige warsheid, voor je prachtige persoon en voor je bezielde muziekvoorkeuren. Je hebt mijn hele jeugd vanaf mijn veertiende muzikaal vormgegeven, je hebt me liefde voor dichtkunst, rare gothicmuziek en voor Alfred Lagarde bijgebracht. Je was nog dagelijks dichtbij me via je heerlijk vreemde Twitterkanaal. En je hebt als boegbeeld, eeuwig vechter en absolute topdiskjockey van Kink FM helaas nooit meer mogen meemaken dat je zo geliefde zender eindelijk de etherfrequentie kreeg die hij verdiende.
Rust zacht, lieve Arjen. Het zal nooit meer hetzelfde zijn om naar de radio te luisteren.
Symon - 1+1=3
Simon Binkenborn, van oorsprong Duitser en de man achter de band Nederlandse band Symon, is iemand die zijn muziek overduidelijk gebruikt als vehikel om zijn gevoelsleven in woorden weer te geven. Bijvoorbeeld zijn periode in Amsterdam, zonder familie om zich heen, zonder geld. Dat maakt 1+1=3 een eerlijke plaat, maar toch geen rauwe. De muziek is vaak juist vrolijk en onbezorgd, wellicht als contrast met de teksten. Ballads worden afgewisseld met uptempo popnummers met een klein toefje elektronica, en bij dat laatste ligt vooral de kracht van Symon. "Getting Around" heeft een U2-achtig gitaarriffje dat zich direct in je hoofd nestelt bijvoorbeeld. Wat mij betreft mag elektronica echter een nog grotere rol gaan spelen, omdat het echt wat toevoegt aan de nummers en Symon zich daarmee kan onderscheiden van andere Nederlandse acts, zoals Bertolf of Miss Montreal. Het thema van de vormgeving van de cd is het verbinden van puntjes, zoals je vroeger als kind al deed in puzzelboekjes. ‘Connecting the dots' als metafoor voor de verbindingen tussen mensen en gebeurtenissen in het leven, wederom een bewijs voor de manier waarop Binkenborn met zijn muziek bezig is: serieus en weloverwogen. Wie zijn single "Superstitious" nog kent (waarmee hij een 3FM Serious Talent Award won) en kan waarderen, kan 1+1=3 dan ook blind kopen.
File Under geeft in samenwerking met PIAS setjes tickets weg voor de cd-presentatie van Symon in Paradiso. En het enige wat je daarvoor moet doen is dit formuliertje in te vullen.
File: Symon - 1+1=3File Under: Het plaatje is compleet
File Audio: [MySpace]
File Video: [Superstitious live]
Madensuyu
Magisch, zo beschrijft gitarist Stijn van Madensuyu de samenwerking met drummer en medebandlid Pieter Jan, oftewel PJ. 'Muzikaal klikt het gewoon. Pieter Jan vult mij perfect aan en andersom. Het is echt een magie. Zolang we dat kunnen nastreven en ook werkelijk ervaren, blijven we Madensuyu.' PJ beaamt dat. 'We hebben erg geluk gehad. Muziek is een expressie en je moet elkaar begrijpen op dat vlak.' Stijn: 'Het is zoiets kostbaars en schoon, dat je met weinig woorden zoveel kunt zeggen. Die vriendschap is ontstaan door samen muziek te maken, maar opvallend genoeg is er buiten de muziek om weinig contact. Onze vriendschap ligt echt in het muzikaal begrijpen van elkaar. Als we niet echt spelen of repeteren, dan zien we elkaar niet echt veel.' PJ: 'Hij gaat ook naar een ander café dan ik.'
Deze muzikale vriendschap van de twee dertigers gaat vele jaren terug, naar de middelbare school om precies te zijn. Op de achterbank op weg naar school ontdekten ze hun gedeelde voorkeur voor bands als de Pixies, Nirvana, Ministry, Butthole Surfers, Pavement en The Velvet Underground. 'Die muziek, dat is de eerste klik geweest. We gingen naar dezelfde school en de moeder van Stijn bracht ons met de auto. Stijn liet dan cassettebandjes horen met daarop allemaal nummers die ik ook al op plaat had gekocht,' herinnert Pieter Jan zich.
Niet lang daarna begon het duo met repeteren. 'We zijn Madensuyu begonnen in 1992. Stijn had een gitaar gekocht en ik drumde maar wat op stoelen en pannen. Stijn heeft mij toen gepusht om een drumstel te kopen,' vertelt PJ. Vrijwel meteen is de band begonnen met schrijven van eigen nummers. 'Dat is eigenlijk van de eerste dag de insteek geweest. Ik denk dat we in al die jaren dat we spelen twee covers hebben gedaan. Dat was tijdens de eerste vier repetities,' zegt Stijn over de begintijd van de band.
Lees verder..Black Feelings - Black Feelings
Bescheiden is hij niet. Integendeel, als je hem tegenkomt en hij je ook maar enigszins kent dan zal hij het niet nalaten om een praatje met je te maken. Als is een praatje dan weer zwak uitgedrukt: hij klets je de oren van je hoofd. Onaardig is hij niet. Hij is iemand met een goed hart. Dat blijkt uit alles, maar er is wel een probleem: hij rekt zijn verhaal eindeloos op en komt moeizaam tot de clou. Bovendien heb je het verhaal al vaker gehoord. En spannender. Maar je wilt hem niet kwetsen, hij bedoelt het goed. Dit lijkt ook aan de hand met het Canadese trio Black Feelings. Ze brengen op Black Feelings hun muzikale verhaal dat een mix is van psychedelica, krautrock en noise. Het verhaal is echter zwaar en ik krijg er een beetje de kriebels van. Ik wil het goed vinden, maar het irriteert zo: de saus waarin het product is gelegd, het slome waar geen eind aan lijkt te komen en de zang die psychedelisch verantwoord is, maar wat mij betreft totaal achterwege had mogen blijven. En dan is er ook nog die vreemde hoes. Heb ik even geluk dat ze het na zesendertig minuten voor gezien houden. Toch wil ik nog even positief eindigen: de bandnaam is goed gekozen.
File Under: Een straatje omlopen
File Audio: [MySpace]
Bart de Win - The Simple Life
Het voordeel van het jaren lang als sidekick fungeren, is dat je ook een mooie lijst aan gastmuzikanten kunt presenteren als je zelf een album gaat maken. Bart de Win speelt niet alleen al jaren in jazzcombo's, als toetsenist voor anderen (Stevie Ann, Gert Vlok Nel, Gé Titulaer), maar ook bijvoorbeeld in de band van Gerard van Maasakkers, De Vaste Mannen. Het zijn deze Vaste Mannen die ook de band vormen waar nu Bart de Win de leider van is. Toch is het niet die lijst van al dan niet beroemde muzikanten die opvallen bij het beluisteren van Bart de Wins debuutplaat The Simple Life. Natuurlijk, Bart-Jan Baartmans speelt prachtig gitaar en Izaline Callister zingt fabelachtig mee in het duet "The Promised Land". Maar de hoofdrol wordt toch echt gespeeld door de piano en stem van Bart de Win zelf. Zijn liedjes zijn vakkundig in elkaar gestoken en het bewijs van jarenlang vakmanschap. Hij beweegt zicht op het snijvlak van jazz, country en folk, de wereld waar ook iemand als Randy Newman zich in thuisvoelt. De Amerikaanse Westcoast aan het begin van de jaren zeventig ("Time (is running out)"), gaan naadloos over in jazzy uitstapjes ("They Told Me") die weer opgevolgd worden door een mooie nachtclubwals ("Johnny").
File Under: Alleskunner
File Audio: [MySpace]
File Video: [The Promised Land]
Drekka - Collected Works: Vol.1
Ondanks dat Michael Anderson zelf de baas is van een platenlabel (Bluesanct) kiest hij ervoor zijn eigen werk dat hij maakt onder de naam Drekka (IJslands voor drinken) in Europa af en toe op andere labels uit te brengen. Zo verschijnt deze compilatie Collected Works: Vol.1. op het Belgische Morc-label. Het is overigens niet geheel juist om over een compilatie te spreken in dit geval. Collected Works beslaat namelijk integraal de twee eerste cassette-albums die hij in 1996 in niet al te grote oplage uitbracht. Die cassettes zijn al eeuwen uitverkocht (en bovendien wie doet er nog aan tapes tegenwoordig?) en dat rechtvaardigt gelijk deze release. Wie pas later de liefde voor drones ontdekte kan nu ook deze spookachtige releases tot zich nemen. En wie de tapes graag in wil wisselen voor cd's krijgt er enkele outtakes bij. En gezien het feit dat deze release maar in kleine oplage verschijnt (250 stuks) zal de boel nu ook wel weer zo uitverkocht zijn. Anderson wisselt op Collected Works lange uitgesponnen soundscapes waarin hij veelvuldig gebruik maakt van omgevingsgeluiden af met lo-fi akoestische tracks die overigens hetzelfde gevoel oproepen. Als ik het goed begrepen heb, werden deze twee tapes en de outtakes opgenomen in een periode dat Anderson verhuisde van het Amerikaanse platteland naar Boston. Dat kun je terughoren in de wat meer donkere klanken van de tweede tape en het lawaaierige omgevingsgeluid dat meewaait. Wat me pas later opviel is dat de tracks op Collected Works veel minder als glitchy, kille laptopdrones klinken dan je tegenwoordig hoort. De sound is natuurlijker (of analoger zo je wilt) en dat komt op mij als luisteraar prettiger over dan veel van de potpourri van drones die je van recentere datum hoort.
File Under: Het begin van Drekka
File Audio: [MySpace]
Aspera - Ripples
Een van de grote teleurstellingen van 2009 was voor mij de laatste van Dream Theater. Niet iedereen was het daarmee eens, en dus zal ik ook wel commentaar krijgen op de stelling dat Ripples van Aspera wél grotendeels laat horen wat ik op Black Clouds and Silver Linings zo miste. Ripples is - na wat in eigen beheer uitgebrachte muziek - het officiële debuut van deze Noorse progressieve rockformatie. De muziek klinkt avontuurlijk, speels maar toch heftig, en het geheel maakt een uiterst verzorgde en volwassen indruk. Met name dat laatste is een hele prestatie, omdat alle bandleden bij het opnemen van deze cd jonger waren dan twintig. Goed werk, mannen! De leadzanger heeft een prettige stem en laat zijn stemgeluid variëren van licht poppy tot vervaarlijk brullend. De samenzang is op sommige momenten wellicht iets te gelikt maar is prachtig gearrangeerd, de solo's op toets of snaar zitten de muziek nergens in de weg, en de soepelheid waarmee de band met tempowisselingen tovert dwingt respect af. Maar het meest onder de indruk ben ik nog van de composities zelf. De tien stukken zijn melodieus, goed van structuur, hebben een mooie kop en staart, en blijven van de eerste tot de laatste seconde boeien. Op een enkele fade-out na dan, maar het mag onderhand bekend zijn hoezeer ik die techniek verfoei. Ook bij geweldige debuut-cd's van Noorse progressieve rockbands.
File Under: Piepjonge Noormannen op hun best!
File Audio: [Fragmenten op MySpace]
Get Well Soon - Vexations
Ik schrijf dit stukje op 'blue monday', de naar het schijnt deprimerendste dag van het jaar. Het moet gezegd dat de Duitse band Get Well Soon best goed past bij dat thema. Ik heb vorige week ontzettend van hun nieuwe album Vexations genoten terwijl ik in bed geconcentreerd lag te luisteren met mijn ogen dicht, maar toen ik vanavond naar de intens treurige nieuwsfoto's van de aardbeving in Haďti zat te kijken, vormde Vexations daarbij onwillekeurig net zo goed een oprecht meelijdende soundtrack. Het is namelijk nog altijd gedragen bombast wat de klok slaat, filmisch, geschilderd met een groot muziekpalet, de ultieme kerstband. Een Duitse Arcade Fire, maar dan klassiek geschoold. Trillende violen onder opener "Nausea", blazers en een koor in "5 Steps / 7 Swords", slepende stiltes tussen de literaire teksten in "That Love", en overal barst het weer van intelligente verwijzingen. Je kunt er hele muziekbladen over volschrijven, en ik val er als een blok voor. Maar op deze tweede plaat probeert Konstantin Gropper zijn kamerorkest her en der ook iets opgewekter te laten klinken. Op "We are Ghosts" klinkt zelfs even de tekst are we human, or are we dynamite, maar dat zullen we toch maar niet met de Killers associëren. Op zulke momenten, waaronder ook nummers als "We Are Free", klinkt het te gezocht. Dan doet Get Well Soon aan de laatste, wat twijfelachtige plaat van de Guillemots denken. In eerder werk waren zulke minpuntjes er niet, wat meteen hoge jaarlijstnominaties opleverde. Maar ach, met geslaagde experimenten als "Red Nose Day", met een sample van een operazangeres waar je de vinylkraakjes nog in hoort, blijft de groep nog steeds mijn hart veroveren.
Let op als je de plaat koopt: er bestaat ook een 2CD-versie met acht extra 'Songs for Films'. Die kreeg File Under niet vóór de release als digitale gewatermerkte mp3-promo. Maar ik ga Vexations toch wel halen, dus ik kom er nog op terug.
File: Get Well Soon - VexationsFile Under: Je moet ervoor gaan zitten, maar het is prachtig.
File Audio: [MySpace][hier het halve album]
File Video: [Angry Young Man]
Cold War Kids - Behave Yourself EP
Ruim twee jaar geleden dat de Cold War Kids met Loyalty to Loyalty kwamen, hoog tijd dat deze jongens weer eens wat van zich laten horen. De nummers op de Behave Yourself EP komen wel uit de tijd van Loyalty to Loyalty, maar zoals de band zelf zegt: 'they didn't belong there, but they kept hanging around, starting trouble; made friends and insisted that their story be heard'. Helaas gaat het maar om vier nummers en een fragment. Maar wie het kleine niet eert... We mogen dan ook meteen genieten van "Audience", een wat gepolijster aanvoelend nummer dan we normaal gewend zijn, ook "Coffee Spoon" klinkt wat gelikter. Maar "Santa Ana Winds" en "Sermons" zijn weer de ouderwets rauwe rockende bluesnummers met vooral in "Santa Ana Winds" weer die mooie tegendraadse drum van Matt Aveiro. Dan blijft er nog een kort fragment over van 37 seconden waar ik me eigenlijk geen raad mee weet. Het klinkt alsof ze aan het jammen zijn en misschien is dit wel een indicatie van wat er komen gaat, dan kunnen we rekenen op een meer dansbaar geheel. Maar het kan net zo goed een misleider zijn, het is te kort en te onsamenhangend om er iets zinnigs over te zeggen. Voorlopig mogen we het doen met deze vier nieuwe juweeltjes, maar het is zeker niet genoeg om mijn honger naar meer te stillen.
File Under: Lekker zoethoudertje
File Audio: MySpace
Lyenn - The Jollity Of My Boon Companion
Sinds Jeff Buckley zingend de Mississippi in liep en niet terugkeerde van zijn zwemtocht, is de muziekwereld zoekend naar een waardige opvolger. Menig muzikant of band kreeg het labeltje 'De nieuwe Jeff Buckley' opgeplakt, maar eigenlijk kon tot op heden niemand aan hem tippen. Of het Lyenn (een Belg met deels Engelse roots) gaat lukken, moet ook nog maar blijken natuurlijk. Feit is wel dat hij met The Jollity Of My Boon Companion van alle Buckley-naijlers een van de meest boeiende platen gemaakt heeft. Lyenn zoekt het avontuur op. Dat resulteert in grillige eigenzinnige songs, maar altijd met een mooie melodielijn. Zoals Buckley dat zo fijn deed. Dit wordt gelijk duidelijk in het openingsnummer "Forsaken Joy" waarin de zanglijn van Lyenn prachtig meedeint met de gitaren en strijkers, maar waarvan niet duidelijk is wie eigenlijk leidt in deze dans voor man met snaar. Niet het eenvoudigste nummer om je plaat mee te openen, maar boeit dit nummer je, dan ga je bij de overige negen tracks ontegenzeglijk net als ik keihard voor de bijl. Het avontuur dat Lyenn (zelfs contrabassist) in het gitaarwerk in dit en andere nummers stopt (onder andere door hulp van Marc Ribot) is de dikke plusfactor hier. En dan die stem! Lyenn kan fragiel klinken, maar ook romantisch en sensueel en, als het nummer daar om vraagt komt hij messcherp en extrovert masculien uit de hoek. De lenigheid van zijn stem is geweldig. Overigen blijven de gedachten niet alleen bij Buckley hangen. Bij "With Grace You Temper" ontkom je er niet aan om Dave Eugene Edwards te denken. De timing in zijn zang in combinatie met het banjospel roept dezelfde rillingen op als deze gewezen frontman van 16 Horsepower. Ruim zeven bloedstollende minuten zijn het op een van de beste debuutplaten van een singer/songwriter die de afgelopen tijd verschenen is.
File Under: Koninklijk
File Audio: [MySpace]
Elliott Minor - Solaris
Vandaag kreeg ik de debuutplaat van het Tilburgse Destine in de brievenbus. U weet wel, die posterboys die eigenlijk te oud zijn voor de kamer van uw tienerdochter. Ze gingen helemaal naar Amerika om een plaat op te nemen en kwamen terug met een gladgestreken popplaat. In Engeland hebben ze ook van die jongetjes: Elliot Minor. Net als Destine is de groep populair in eigen land en hebben ze geopend voor Fall Out Boy en Simple Plan. Het grote verschil: Elliot Minor probeert niet krampachtig Amerikaans te klinken. Nee, ze laten het af en toe lekker schuren en laten naast de bekende invloeden (Paramore, Jimmy Eat World en bovengenoemde bands) ook snuifjes Queen en Muse in de songs doorklinken. Denk nou niet dat deze youngsters zo theatraal durven te zijn als My Chemical Romance op The Black Parade, maar in nummers als "Carry On" en "I Believe" komt toch zeker iets van klassiekerkennis terug. Verder is Solaris vooral een niets-aan-de-hand album, vol aanstekelijke refreinen. Alleen in "Coming Home" overspeelt de band zijn hand en wordt het wel heel erg Matt ‘pretentieus zijn is mijn enige doel' Bellamy-achtig. Niet meer doen jongens! Dat kunnen jullie (jonge) fans niet aan. Elliot Minor klinkt als de jonge broertjes van Coldplay met de bravoure van populaire emopunkbands uit Amerika. En dan hebben ze ook nog een klassieke achtergrond. Pubers van Nederland: trek die Destineposters maar van de muur en vervang ze door Elliot Minorprentjes. Ziet er nog beter uit ook.
File Under: Perfecte puberpunk
File Audio: [MySpace]
File Video: [Electric High]
Local Natives - Gorilla Manor
Een beetje band gaat met zijn allen in één huis wonen en maakt van die plek het eigen creatieve broeinest. Zo'n huis wordt vervolgens geëerd door de debuutplaat ernaar te vernoemen. The Band deed het in 1968 met Music From The Big Pink, Local Natives doet het in 2009 met Gorilla Manor; het huis waar de band ooit gezamenlijk woonde in Orange County, Californië. De meest in het oog springende vergelijking, niet in de laatste plaats vanwege de opvallende vocale gelijkenis tussen beide zangers, is die met Fleet Foxes. Een nummer als "Sun Hands" had niet misstaan op hun zelfgetitelde debuutplaat. Local Natives heeft een onmiskenbaar oor voor liedjes en Gorilla Manor barst van de pakkende melodieën, stuwende indiepop en stuiterritmes waar bands als Vampire Weekend de laatste jaren patent op lijken te hebben. Bij het typeren van Local Natives is het vrijwel onmogelijk om de toonaangevende en succesvolle Amerikaanse indiebands van de laatste jaren niet te namedroppen. En dat is het enige wat je Local Natives kunt aanrekenen: dat ze in tegenstelling tot hun invloeden weinig eigen smoel of vernieuwing laten zien. Dat doet echter weinig af aan het vakmanschap dat op Gorilla Manor aanwezig is: de zang is uitstekend, er wordt strak gespeeld en de liedjes zitten slim in elkaar. Laten we er dus vanuit gaan dat die eigen smoel vanzelf komt, en Local Natives complimenteren met een ontzettend knappe en goed gemaakte debuutplaat.
In samenwerking met Tivoli gavenwe enkele setjes tickets weg voor het concert dat deze leuke band op 23 januari daar gaf. Daarvoor ben je nu te laat!
File: Local Natives - Gorilla ManorFile Under: Slimme indiepop op weg naar een eigen smoel
File Audio: [MySpace]
File Video: [YouTube]
Andrew Vincent - Rotten Pear
Niet meteen naar de winkels rennen om deze cd aan te schaffen a.u.b. De releasedatum bij ons is namelijk 1 februari. De reden dat er toch al een stukje hier te lezen is, komt voort uit de vier optredens die in ons land (Amsterdam, Leiden, Rotterdam en Groningen) al voor die datum gepland staan en waar liefhebbers van muziek van Elliott Smith en Bonnie 'Prince' Billy wel eens plezier aan zouden kunnen beleven. Plezier is overigens wel weer een vreemd woord bij deze muziek, want echt vrolijke heren zijn het niet. En bij Andrew Vincent is het niet anders. Hij komt uit Canada en Rotten Pear is zijn vijfde album. Ik stel me zo voor dat hij op het podium een paar instrumenten bij zich heeft: een gitaar en een accordeon. Dat zijn namelijk de belangrijkste muzikale ingrediënten op dit album. Hier en daar krijgt hij op dit album muzikale hulp, maar voor zijn liedjes is de assistentie niet essentieel. De liedjes zijn afwisselend en voor iemand die min of meer toch solo opereert blijven ze boeien. Mijn oren spitsten zich overigens bij het afsluitende nummers. Inderdaad dit is het nummer "Hounds Of Love" oorspronkelijk van Kate Bush, maar nu in een totaal nieuwe gedaante. De vier optredens in ons land zijn samen met de Hospital Bombers, een van mijn favoriete Nederlandse bands. Krijg je Andrew Vincent er gratis bij.... Of andersom, uiteraard. Had er overigens niet een optreden in het Oosten des lands bij gekund? Grmbl...
File Under: Lo-fi Canadees
File Audio: [MySpace]
File Video: [En toen was hij toch niet alleen... deel1][Deel 2][Deel 3][Deel 4][Deel 5]
Week 2, 2010
Storm
Mammooth - Back In Gum Palace
Ewie
Andrew Vincent - Rotten Pear
Ludo
Richard Shindell - Reunion Hill
Gr.R.
Agent Fresco @ Vera
Joice
My Luminaries - Order From The Chaos
Ramon
The Hot Rats - Turn Ons
André
I Am Oak @ Subroutine Connects - O'Ceallaigh, Groningen / Echo - Girls Can't Catch (single)
DubbelMono
Morning Dew - At Last
ForestSounds
Sven Ratzke - Live
Stonehead
Knobsticker - Forest Fruit
Zebra - Denken Naast Verdriet / Chef'Special - Hungry / Bazzookas - Supervette Sixpack
Hieperdepiep Hoera! Zebra is weer bij elkaar. Wie zeg je? Nou Zebra. Ik moet je bekennen dat ik er ook geen weet van had. En dat zal na deze nieuwe single "Denken Naast Verdriet" niet anders worden. Bij de eerset maten lijkt het nog een beetje de Volumia!-kant op te gaan, maar dan valt het reggae-gitaartje in van Leon Schuitemaker en wil ik al gillend weghollen. Het komt uit de hoek van UB40, maar dan saaier. Nog harder rennen ga ik als Marcel. Deze twee komen in tot een Nederlandstalige tekst die met aan zekerheid grenzende waarschijnlijkheid niet zou misstaan op de TV Oranje, maar ik stem daar niet voor niets niet op af. Zelden zo'n brave bende bij elkaar gehoord. Zelfs het koperwerk (toch dik aanwezig) wil maar niet lekker schallen. Het tweede nummer "Circus" is nog iets meer down-tempo en doet me de moet nog verder in de schoenen zakken. Al ligt dit liedje me wel wat beter in het oor. Helaas is het maken van kloeke remixen van slappe liedjes onbegonnen werk en de twee pogingen hier voegen dan ook te weinig toe. Live zal het vast een feestje zijn wat de mannen maken, als ik een single een lange zit vind, dan geeft dat toch te denken.
Doe mij dan maar het receptje dat Chef'Special gebruikt voor zijn muziek. De vier tracks op hun Hungry EP maken namelijk wel hongerig. Al was het allen maar om het Albert Heijn cellofaantje waarin deze bij mij de brievenbus in geschoven werd. In de muziek van Chef'Special zitten ook de nodige ska- en reggae-invloeden, maar doordat zij niet bang zijn een beetje rond te banjeren tussen genres wordt het een smakelijke potpourri. Dat ze met Joshua Nolet een behoorlijk goede zanger / rapper in de gelederen hebben, dat scheelt ook een boel. Hungry opent lekker rockend met "Colors" dat opgebouwd wordt rond een zompige beetje Stereo MC's achtige beat, maar ook zijn heldere momenten kent in het gitaarspel. Het contrast met het bijna Caribische "Streetlight" is behoorlijk groot. Maar hierin zitten ook weer verrassende wendingen die mij als luisteraar boeien. Dezelfde vlieger gaat op voor de twee andere tracks van deze EP die me van tijd tot tijd ook wel aan hun stadsgenoten van Gotcha! en Relax doet denken al . Al maakten die eersten het nog bonter. Maar Hungry is een veelbelovende start van deze jonge band.
Het lijkt overigens wel een ziekte te zijn dat reggae-invloeden in je muziek, want Bazzookas heeft d'r ook al last van. Het zijn overigens geen nieuwe liedjes die op deze cd staan. Het zijn tracks van VanKatoen die van een ska-jasje voorzien zijn door Bas Barnasconi en The Palookas. Dat betekent overigens niet dat we nu van VanKatoen 'verlost' zijn. Bas en de bestaan nog steeds. Toch doet deze nieuwe lik verf de tracks van VanKatoen best goed. "Doe Het Dan Zelf" was natuurlijk altijd een behoorlijk kreng het uptempo arrangement dat er nu onder gezet wordt door The Palookas, doet wat mij betreft het origineel verbleken. Bijzonder goed gedaan. Dat komt vooral ook door sterke blazerslijnen die de kopersectie d'r doorheen toetert. Die werkt in de andere tracks ook erg stak. Beetje lullig is wel dat de stem van Bazz zelf een beetje de zwakke schakel dreigt te worden her en der met zijn brutale (soms ietwat vervelende) accent. Toch komt het als het tweestemmig wordt in "Kikke" weer in de buurt van Doe Maar-klanken. Maar dan wel met de bite van Bazz natuurlijk.
File Under: Voor TV Oranje
File Audio: [MySpace]
File Video: [Denken Naast Verdriet]
File: Chef'Special - Hungry
File Under: Smakend naar meer
File Audio: [MySpace]
File: Bazzookas - Supervette Sixpack
File Under: Die kleur staat je goed.
File Audio: [MySpace]
Noorderslag 2010 - Napret
Op een dag dat het koffiezetapparaat van FileUnder-opperhoofd Storm het begeeft, is er natuurlijk geen betere plek om Noorderslag te beginnen dan in de Groningse Coffee Company. Het is gezellig druk en we doen ons eerste bakkie met Anne Soldaat. Soldaat speelt een akoestische set met onder andere Loudon Wainwright III's "Motel Blues". In het interviewtje na de set kondigt hij zijn optreden met band later op de avond aan als 'niet dit vage hippiegedoe'.
Bij de buren van Plato stroomt de tent inmiddels goed vol voor Bettie Serveert. De band speelt slechts vier nummers en opent met het flink rockende Deny All. Carol van Dijk ziet er nog steeds te gek uit met haar Rickenbacker en het is een genot om ze weer te zien spelen, al is het maar voor vier nummers.
Lees verder..Pauni Trio - Pauna Devojka (Bulgarian Harmonies)
Vaak zijn dingen anders dan ze op het eerste gezicht lijken. Neem nou de debuut-cd van het Pauni Trio, Pauna Devojka (Bulgarian Harmonies). Zoals de titel al doet vermoeden laten deze drie zangeressen Bulgaarse harmonieën horen. De drie stemmen klinken werkelijk prachtig: griezelig zuiver en vol van passie waarvan je vermoedt dat het bij de streek van herkomst van deze muziek hoort. De nadruk ligt op a capelle zang, maar op enkele nummers wordt het trio bijgestaan door een groepje muzikanten op accordeon, percussie en klarinet, hetgeen het nog prettiger maakt om de cd in zijn geheel te beluisteren. Nou moet ik toegeven dat ik niet echt thuis ben in Bulgaarse muziek. Mijn kennis van dit genre (als je dat al zo kunt noemen) beperkt zich tot Le Mystčre des Voix Bulgares en de bijdragen van het Trio Bulgarka aan enkele nummers van Kate Bush. Maar tijdens het beluisteren van deze cd kreeg ik een niet op enige kennis gebaseerd gevoel dat dit authentieke Bulgaarse muziek was die precies op de juiste manier werd uitgevoerd. En dan opeens komt het nummer "Lipsalo" voorbij met een *schrik* Nederlandse tekst!!! Die bovendien wel héél erg authentiek Nederlands wordt uitgesproken. En wat blijkt? Niks Bulgaarse zangeressen: Iris Ficker, Mariëlle de Winter en Juliëtte van Dijk zijn gewoon roomblanke Hollandse meisjes die op de hoes van hun cd stiekem Bulgaarse zigeunerjurkjes hebben aangetrokken! Enig onderzoek op hun website leert dat ze hun sporen in de Oost-Europese muziek al wel ruimschoots verdiend hebben, en dat hoor je. Nog steeds kan ik niet oordelen hoe authentiek Bulgaars deze cd nou écht klinkt, daarvoor ontbreekt het me aan kennis. Maar deze drie geweldige zangeressen hadden mij in ieder geval volledig in hun macht met hun betoverende harmonieën!
File Under: De Bulgaarse yoghurt komt stiekem toch uit Nederland
File Audio: [Geluidsfragmenten op de officiële website]
Kyteman's Hiphop Orkest
Royal Bangs - Let It Bleep
Nonchalant als Pavement, dansbaar als Radio 4 en weerbarstig als The Rapture, zie daar de kortst mogelijke omschrijving van Royal Bangs. En oh ja, wat ze vooral gemeen hebben met Pavement is het vermogen om uiterst prettige liedjes te schrijven zonder dat het ze moeite lijkt te kosten. Het door File Under schandalig genegeerde debuut We Breed Champions zette de toon, maar opvolger Let It Beep zou weleens de aanstichter kunnen zijn van een kleine hype rond deze band uit Knoxville, Tennessee. Hun geluid is hipper dan hip: een slimme mix van indie, scheve postpunkgitaren en dito koebellen ("My Car Is Haunted"), overgoten met elektronica (de Beep uit de titel, inderdaad) en aangevuld met toefjes synthpop ("Brainbow") en overstuurde garagerock ("Shit Xmas"). Van bandjes die zich met punkfunk bezighielden konden we een paar jaar geleden geen genoeg krijgen, maar een gebrek aan memorabele liedjes deed veel acts in dat genre snel de das om. Het zal vooral de kwaliteit van hun nummers zijn en hun vermogen om zoveel verschillende invloeden in zich op te nemen die de houdbaarheidsdatum van Royal Bangs gaan bepalen. Hoorde ik daar overigens The Flaming Lips in "Tiny Prince of Keytar" en in de bizarre intermezzi "Conquest II" en "Gorilla King"?
File Under: Punkfunk 2010
File Audio: [MySpace]
File Video: [Poison Control]
Giel Beelen - Bierdouche
Kyteman's Hiphop Orkest - Bierdouche
Kyteman's Hiphop Orkest - Popprijs
Ou Est Le Swimming Pool
Schizoid Lloyd - Virus / My Own Army - Throw Away The Silence
Ze zijn niet makkelijk te traceren, de goede jonge Nederlandse symfonische rockbands. Ze sneeuwen wat mij betreft veel teveel onder bij de door bijvoorbeeld 3FM-benoemde eendagsvliegen. Terwijl er toch echt wel bijzonder interessante bands te vinden zijn die met een beetje push het best ver zouden kunnen brengen. Neem bijvoorbeeld Schizoid Lloyd. Deze twintigers uit Haarlem wonnen niet voor niets in hun hometown in 2007/8 al de Rob Acda-award. En dat gebeurde krap na oprichting. Met de gewonnen geldprijs namen ze met Oscar Holleman achter de knoppen hun EP Virus op. Deze laat nog eens goed horen hoe donders veel talent deze vijf hebben. Oké, het is nog geen Opeth (duidelijk de dichtstbijliggende referentie, al zijn er veel meer klassieke invloeden waarneembaar dan bij deze Scandinaviërs), maar het songmateriaal heeft dezelfde gave om complex te zijn, maar toch behapbaar te blijven. Minpuntje vind ik hooguit nog de zang van Remo Kuhlmann en de drums die niet helemaal lekker in de mix staan. Maar daar staat zoveel interessants op muzikaal gebied tegenover dat je het slechtst een kwestie van tijd lijkt voordat ze in de hoek van symfonische rock een bekende naam worden. Misschien zelfs wel een grote gezien bijvoorbeeld de eigenwijze draai die de band geeft aan het gebruik van toetsen in het afsluitende "Nothing Left". Dat komt vast goed.
Bij My Own Army durf ik dat niet zo stellig te zeggen. Ik heb het idee dat de band heel graag iets origineels wil doen, maar het nog niet echt durft om het een ep (laat staan cd) lang te laten horen. Her en der op Throw Away The Silence denk ik: 'Hč, dit is koel!' Voor het gros blijven ze mij teveel hangen in de hoek van de alternatieve rock en dan met name de grunge. En dan gaat vooral de stem van Herman de Kok me naar verloop van tijd irriteren als ik niet op pas. Die klinkt namelijk als Dinand die Eddie Vedder probeert na te doen. Dat compenseer je niet zo maar even met een paar mooie liedjes. Daar moeten hele goede (en liefst originele) liedjes tegenover staan. En daar grossiert My Own Army nu nog niet heel erg dik in. Wel zijn ze sterk in het schetsen van donkere contouren en niet bepaald positieve energie. Vrolijk worden van een bij tijd en wijlen Alice In Chains-achtige track als "Breaking Bones" of het wat meer op Tool-leest geschoeide "Second Hand Mother", dat zit er namelijk niet in. Als My Own Army in de toekomst iets gewaagder (en misschien houdt dat in hun geval wel poppier in) uit de hoek durft te komen, dan zie ik nog wel een rolletje voor ze weg gelegd. Nu is er wel het talent, maar is het onderscheidend vermogen te klein.
File Under: Talentvolle progrockers
File Audio: [MySpace]
File: My Own Army - Throw Away The Silence
File Under: Dat mag wel wat gewaagder.
File Audio: [MySpace]
Creature With The Atom Brain
Man Must Die - No Tolerance For Imperfection
Eerlijk gezegd liep ik niet weg met de vorige cd van Man Must Die, The Human Condition. Wel erg hard en compromisloos, maar ook weinig origineel en een tikkeltje saai. Ik had eindelijk eens het idee dat Relapse op het verkeerde paard gewed had. Gewoon een misser, kan gebeuren, iedereen maakt fouten. Stom natuurlijk, want op No Tolerance For Imperfection laten deze sympathieke Schotten horen dat ze wel degelijk weten hoe het moet. Het is zelfs zoveel beter dat ik nog bang ben voor een dopingschandaal, als ik de bloedwaarde van dit album vergelijk met de vorige. Het magische woord is balans. Onze Hooglanders hebben op tijd ingezien dat je niet eindeloos furieuze death en grindcore kunt spelen, zonder dat de verveling toeslaat. Daarom is er nu veel meer ruimte voor melodie, voor tempowisselingen en voor een sidderende solo om even op adem te komen. Bovendien zijn de melodieën pakkend en gaan de teksten ook nog ergens over. Vooral het stupide gedrag van de mensheid wordt doeltreffend aan de kaak gesteld. Persoonlijke favorieten zijn het briljante "Kill It Skin It Wear It", het puntige "This Day Is Black" en het veelzijdige "Reflections From Within". Als je nog referenties zoekt, denk dan aan bands als Misery Index, Despiced Icon en Gadget. En ja, ik weet dat deze release al even uit is. Neemt niet weg dat het nog steeds zeer de moeite waar is om even de site te bezoeken of een zaadje te zoeken.
File Under: Kill It Skin It Listen It.
Eurosonic 2010 - Vrijdag napret
Er zit een klein bezwaar aan Eurosonic/Noorderslag. Je moet plannen, schema's maken, afstemmen en afspraken maken. Vooral als je met twee ploegen door Groningen zwerft. Het helpt dan niet als je het verkeerde restaurant uitkiest, in ons geval de Mexicaan Four Roses. Nochtans anderhalf uur voor de eerste act van de avond zaten we aan tafel, we kregen het hoofdgerecht een kwartier voor aanvang. En toen hadden we ook al drie keer moeten zeuren om het voorgerecht. So much voor de planning, we liepen al achter bij aanvang.
Maar die achterstand werd fluks ingehaald door Orka. Orka stond vorig jaar al op het programma en mijn planning, maar ze annuleerden hun optreden. Ik denk dat de boot vanaf de Faeröer Eilanden wat vertraging had, want daar komen de heren en dame vandaan. Ze zingen ook in het Faeröers (noem je dat zo?). En ze spelen op Faeröerse instrumenten, want een groot deel is namelijk zelfbouw. Een beetje zoals bij Einstürzende Neubauten. Muzikaal is het meer een kruising tussen Sigur Rós en Einstürzende Neubauten, waarbij er gerust gedanst mag worden. Er wordt flink kabaal gemaakt, want er komt behoorlijk wat herrie van zo'n olievat. Een puike aftrap van de avond. Als je eenmaal op de Faeröer bent, dan is het nog maar een klein eindje zwemmen naar IJsland. Of in dit geval Vera, waar het IJslandse Agent Fresco speelt. Hoewel, speelt? Stuitert, schreeuwt, ragt, springt, duikt, valt, opstaat en vervolgens de piano afbreekt. Want zanger Arnor Arnarson mag dan een gouden emo/screamo-strot hebben, van techniek heeft hij geen verstand. Iedere keer als hij aan de piano komt, gaat het ding kapot. Niet dat de band zich erdoor laat weerhouden om een puike show neer te zetten. King Crimson meets Boy Set Fire zeg maar. Polyritmes en regelmatige hardcore uitbarsting. De band dendert als een stoomwals door Vera en na afloop staan zowel publiek als band naar adem te happen. Geweldig!
Lees verder..On Fillmore - Extended Vacation
Het ornithologentijdschrift "De Krullevaar" heeft, als het al zou bestaan, hun album van het jaar hierbij te pakken. Met dank aan Wilco's meesterdrummer Glenn Kotche en bassist Darin Gray, tezamen het duo On Fillmore. Zij boekten klaarblijkelijk een uitgebreide vakantie naar een ver en vooral ongerept tropisch paradijs en kwamen terug met een ware dierentuin aan kwetterende samples. In nagenoeg elk nummer piept, ratelt en snatert het gevogelte erop los. In "Daydreaming So Early" lijkt Donald Duck himself een duit in het zakje te doen. In hetzelfde stuk komt even later ook nog een waanzinnig lawaaiige fanfareband langs. Bepaald geen alledaagse kost dus. Niet alleen de samples zijn hier afwisselend exotisch, desoriënterend (gesnurk!?) en lukraak, ook de basis is merkwaardig. Het geluidsbeeld bestaat vrijwel overal uit de vrij bescheiden contrabas van Gray en Kotche's eindeloze vibra- en xylofoon-patronen. Als er dan al eens een piano opduikt voelt die meteen totaal misplaatst. On Fillmore's melodieën zijn al even wonderlijk. Pas in het jazzy slotnummer "Clearing Out" klinkt er iets meefluitbaars. Daarvóór bieden de herhalende klanken vrij weinig houvast, als een gamelan-orkest op microformaat. Zeker in het begin geeft dat nog niks. Het fraaie "Master Moon" bivakkeert ergens tussen Yann Tiersen en Danny Elfman, die de score voor een spookhuisfilm schrijft. Maar zo rond de korte interlude "Off The Path" en de zeer lange titeltrack krijgt het allemaal wat weeďgs. Het werkt waarschijnlijk toch beter in kleine porties, bij voorkeur tijdens een documentaire over de eetgewoonten van de pygmeeënpapegaaien van Papoea.
File Under: Vreemde vogels
File Audio: [Spotify]
Choir Of Young Believers
The Mad Trist - Pay The Piper
Er zit iemand wanhopig te wachten op het debuutalbum Pay The Piper van de vier Maastrichtenaren die samen The Mad Trist vormen. Ik was deze cd namelijk op mijn pc aan het draaien en kreeg al nadat ik twee nummers van de promo had gedraaid een reactie van iemand via Last.FM. Of ik een link had voor de download? Nou nee dus, zo werkt dat niet. Voor de download ga je wat mij betreft naar de platenwinkel. Mocht je nog nooit van deze band gehoord hebben, ze zijn een nieuwe naam in bandjesland waarvan 2010 het jaar moet gaan worden. Ik las ergens een vergelijking met De Staat. Als je dan weet dat dit album door Torre Florim is geproduceerd en dat er ook stoner-invloeden zijn dan is deze link snel gelegd. Wat mij vooral opvalt aan The Mad Trist is de geweldige zanger: wat een stem! Aan de wat ingetogen rockliedjes moet ik nog wel wennen. Ik vind het vooral wat meer van hetzelfde, maar dat kan ook komen door de productie die ik vlak vind. Daarbij helpt het niet dat de zang in mijn oren wel erg ver naar achteren gezet is. Het spettert niet uit je boxen zogezegd. Blijft dat het een prettige cd is waar in een land waar bands als De Staat, Drive Like Maria en Triggerfinger het goed doen ook zeker ruimte voor moet zijn. Ik heb namelijk het vermoeden dat hun muziek op het podium het best tot haar recht zal komen. En na afloop kun je dan meteen hun cd dan met een fysiek exemplaar bij ze 'downloaden', waarna Pay The Piper ongetwijfeld op zijn plek vallen. Of is deze cd 3FM-fähig en blijk ik een zeikerd te zijn die er weinig van begrepen heeft? De toekomst zal het uitwijzen. Uch!
File Under: 2010, het jaar van The Mad Trist?
File Audio: [MySpace]
File Video: [Hair Of The Dog][Alibi]
Heike Has The Giggles
Tim Knol - Tim Knol
Min of meer tot mijn eigen verbazing staat Anne Soldaat's soloplaat bovenaan in mijn alltime Last.fm-lijstje. Toen ik vervolgens het lijstje van de afgelopen tijd bekeek, zag ik Tim Knol bijna bovenaan staan. Blijkbaar heb ik deze maanden meer behoefte aan mooie liedjes dan aan 'moeilijke' muziek. Want mooie liedjes, dat is waar deze debuutplaat van deze Noord-Hollander mee vol staat. Zelden iemand van begin twintig gehoord die zo'n fijn gevoel voor melancholie en melodie heeft en nooit in de valkuil van de pathetiek dendert. Ik vind het gezien zijn leeftijd opmerkelijk dat Knol zo'n hang naar sixties- en seventies-pop cq singer-songwriters, maar prijs me gelukkig met de mooie harmonieën die dat oplevert. Mijn hoofd schreeuwt om het roepen van de naam Wilco, maar de stem van Knol is zoeter dan die van Jeff Tweedy en Wilco is net wat gewaagder. Toch hadden zij zich voor een liedje als "Deepest Of Oceans" of "Driving Home Tonight" niet hoeven te schamen. Mooi ook om te zien dat grote namen uit de Excelsior-stal zoals Anne Soldaat en Jeroen Kleijn en Knol's stadgenoot Jacob de Greeuw hem wilden helpen bij de opnamen. Het resultaat is rondweg superbe. Knol kan prachtig kwelen zoals in bijvoorbeeld het bloedmooie "Sounds Familiar" (wie riep daar Gram Parsons?) of "Music In My Room", maar staat ook als het iets meer up-tempo gaat ("Clean Up", "Sam" en het met handgeklap opgeleukte "When I Am King") zijn mannetje. Gezien de fraaie arrangementen op de plaat hoop ik dat Knol de kans krijgt met een goede, uitgebreide backing band de zalen in Nederland langs te gaan. Het zou me niet verbazen als die tour in dat geval een zegetocht wordt.
File Under: Piepjong al van grote klasse
File Audio: [MySpace]
Eurosonic 2010 - Donderdag napret
Groningen, bijna het eind van de wereld. Als je de trein uitstapt ga je instinctief op zoek naar het poollicht. Of naar het standje waar je je bandje op kunt halen voor Eurosonic / Noorderslag. Want dat is eigenlijk de enige keer in het jaar dat ik in Groningen kom. Eigenlijk zonde, maar dat is een ander verhaal. De voorbereiding voor ES/NS10 begint al in de trein, want hoe noordelijker je komt, hoe meer de gesprekken tussen de reizigers gaan over de bandjes die ze willen zien. Mijn hele treindeel wil naar The XX, dus ik vermoed dat menigeen van een koude kermis thuis zal komen. Over koude kermis gesproken: er ligt nog sneeuw in Groningen. En heel veel ook. En het is er koud, maar goed we zaten dan ook bijna op de Noordpool. Op de Noordpool zit ook het standje om je bandje op te halen. Echt strategisch geplaatst is het niet en veel festivalbezoekers zijn zichtbaar zoekende naar de locatie, die zelfs Groningers niet weten te vinden. Ik werd naar de Vismarkt geleid. Enfin - File Under is weer present met twee ploegen en de wederwaardigheden leest u hieronder. Overigens zal daar niets over The XX bijstaan, want die hebben we vanwege de lange rijen overgeslagen. Velen zullen teleurgesteld zijn.
Ploeg 1 is er al op tijd bij, want in Plato zijn enkele showcase-optredens gepland. Wij wandelen binnen op de klanken van het Haagse Pitch Blond. De vanzelfsprekend blonde zangeres Suzanne Ypma lijkt met haar keurige voorkomen eerder weggelopen uit een ambassade dan uit een rockgroep. Het optreden van Pitch Blond is leuk en charmant, niet in de minste mate door het oprechte enthousiasme van Suzanne: 'Te gek dat jullie er nog zijn!'. Na Pitch Blond mogen de ingetogen Vlamingen van Isbells het minipodium van Plato betreden. Drie kale, serieuze mannen en een meiske op toetsen. Vanwege een tegenstribbelende mandoline begint het optreden later dan gepland, maar het geduldig wachtende publiek krijgt dan wel iets heel moois te horen. Vooral de samenzang van voorman Gaëtan Vandewoude en de toetseniste is schitterend. Mijn tenen kromden zich wel bij sommige teksten die langskwamen, vooral van het verder prachtige nummer As Long As It Takes: "what have we done, to the earth we belong, where do we go from here, who's responsible, look at the mirror on the wall". Rijmelarij pur sang.
Lees verder..I Was A Teenage Satan Worshipper
Marina & The Diamonds
Foreigner - Can't Slow Down
Halverwege vorig jaar was Foreigner headliner op Bospop. Met een greatest hits-show, waarin alleen songs uit de Lou Gramm-tijd werden gespeeld. Logisch, zou je zeggen, er was ook nog geen studio-materiaal met zanger Kelly Hansen en hij had bovendien geen enkele moeite om het materiaal loepzuiver ten gehore te brengen. Maar nog geen half jaar later is er wel studio-materiaal met Hansen op dit Can't Slow Down, dus een of twee songs had best gekund op Bospop. Vooral als je hoort dat de songs de vergelijking met het eerdere materiaal prima kan doorstaan. Natuurlijk, er zitten een paar wat mindere broeders tussen, maar Foreigner had ook met Lou Gramm niet alleen krakers op de albums staan. Dat lijkt alleen maar zo omdat iedereen dezelfde verzamelaars in huis heeft. Maar luister eens naar "Living In A Dream" of "Ready". Het is net alsof Gramm nooit is weggeweest. Hansen heeft een stem die al heel veel op die van Gramm lijkt en zijn zanglijnen zouden twintig jaar Foreignergeschiedenis geleden niet anders geweest zijn. Het is beschaafde poprock, maar wel met die typische Foreigneringrediënten: tot in de puntjes afgewerkte Liedjes, mooie koortjes en coupletten die je meteen mee begint te zingen. Al met al kun je zeggen dat dit gewoon een zeer geslaagd Foreigneralbum is, zonder het gevoel van oude mannen die hun oude kunstje nog een keer opvoeren. Dat gevoel komt alleen even naar boven bij de vreselijke afsluiter. "Fool For You Anyway" is hele foute witte-mannen-zonder-ritme-gladjakkersoul zoals je die normaal gesproken hoort bij types als De Man Wiens Naam Niet Genoemd Mag Worden Op File Under. Nou ja, het is de afsluiter, dus na het op een na laatste nummer naar de cd-speler hollen en je hebt nergens last van...
File Under: Eén nummer te lang, maar verder heerlijk
File Audio: [ForeignerSpace]
Eels - End Times
Nog geen zeven maanden na Hombre Lobo komt Eels alweer met een opvolger, rappe jongen die E. Maar hij had wat in te halen, vond hij: 'I felt guilty about the long gap between the last two albums so I'm making up for lost time', aldus E. Ik moet zeggen dat Hombre Lobo bij mij wel lekker viel, wat meer afwisseling, wat meer tempo en niet de eeuwige treurigheid van het leven zoals op zijn rouwplaat Electro-Shock Blues. Ik hoopte dat het nummer "Fresh Blood" een voorbode was van wat er komen zou. Maar niks van dat alles, End Times is een plaat over 'divorce and aging' zoals E het zelf omschrijft. Nummers waar weer de triestheid vanaf druipt, zoals alleen Eels dat kan. Perfect voor deze koude dagen bij het haardvuur, het overdenken van je zonden. E dwingt je om de dagelijkse drukte naast je neer te leggen en om een rustmoment te vinden. Met kleine zinnen als 'She's gone, end times are here' doet hij je even terugdenken aan die ene verloren liefde. Maar dan ben ik er ook wel even klaar mee, het is wel erg veel kommer en kwel, ik krijg bijna medelijden met hem en mezelf. Gelukkig sluit hij af met "On My Feet", de titel alleen al doet vermoeden dat het allemaal wel goed komt.
File Under: Trieste muziek voor donkere dagen
File Audio: [MySpace]
File Video: [Eels official Youtube channel]
The Pineapple Thief - The Dawn Raids
Balen is dat. Ik had heel graag Bruce Soord en zijn band The Pineapple Thief aan het werk gezien tijdens hun recente tournee met Riverside, maar kon onmogelijk een van de vier concerten van oktober vorig jaar bezoeken. Langzamerhand lijkt het er op dat deze Engelsman eindelijk de waardering krijgt die hij verdient. Al snap ik nog steeds niet dat 'ie buiten de kringen van de symfonische rock nog niet wat meer opgepakt is. Ik bedoel, wie muziek in de hoek van een Radiohead, een Muse of een Porcupine Tree goed vindt, die moet de muziek die The Pineapple Thief al cd's lang laat horen gewoon wel kunnen waarderen. Het zou niet meer dan verdiend zijn. De band probeert met het uitbrengen van twee EP's (verkapte singles dus eigenlijk) er in ieder geval nog een extra slinger aan te geven. Beide EP's luisteren naar de titel The Dawn Raid dat de werktitel was voor het album dat uiteindelijk Tightly Unwound heette. Ze openen allebei ook met het titelnummer van die plaat. De zogenaamde Dawn-version verschilt weinig van de albumversie. De akoestische versie die op de andere cd staat is veel interessanter. Boeiender ook, door de melodramatische draai die Soord (wiens stem af en toe eng veel op Thom Yorke lijkt) eraan gegeven heeft. Lullig is dat op de EP's ook twee nummers staan die ooit als exclusieve digitale verkoop aangeboden zijn. Het maakt de toegevoegde waarde van de EP's wel wat kleiner voor iemand als ik die verder alles heeft van de band. Toch snap ik het apart uitbrengen van de EP's wel. De songs klinken absoluut niet als laffe restjes materiaal, maar waren misschien niet helemaal op hun plek geweest op Tightly Unwound, ze hangen wat meer de akoestische kant op. Alleen bij de start van "Too Far Gone" (de afsluiter van de eerste EP) en de tweede helft van "Bitter Day" zijn wat harder en venijniger. Ook hadden de tracks met gemak op een schijfje gekund. Maar als dit de manier is om The Pineapple Thief de hitparades in te krijgen en een groter publiek voor zich te laten winnen, dan heiligt het doel wat mij betreft de middelen.
File Under: Mixed feelings
File Audio: [MySpace]
Beak> - Beak>
Als groot liefhebber van de triphop van Portishead was ik natuurlijk ook erg nieuwsgierig naar Beak>, het nieuwe speeltje van Portisheadlid Geoff Barrow. De solo-cd van zijn collega Beth Gibbons (met Rustin' Man) was me goed bevallen namelijk. En hoewel ik wel weet dat Barrow vooral de man is van de beats, was ik toch even verbaasd na het beluisteren van Beak>'s gelijknamige cd. Een link met Portishead is ver te zoeken, zeg maar gerust afwezig. Hoewel Barrow een heuse band samenstelde, met naast zichzelf op drums (zijn oude liefde) ook nog een bassist en een toetsenist, klinkt de plaat vreemd genoeg voornamelijk elektronisch. Het belangrijkste doel lijkt het scheppen van sfeer te zijn, meer nog dan het maken van liedjes. Daardoor worden tracks soms wel erg abrupt weggedraaid (zoals "Backwell"). Soundscapes kennen nu eenmaal niet echt een begin of einde, dus dan moet het maar zo. Het gure winterweer in Bristol ten tijde van de opnames klinkt door in de muziek, evenals de krautrock van bijvoorbeeld Can. Toch maakt dit Beak> ook weer niet een afstandelijke en kille plaat: je hoort Barrow's liefde voor muziek er doorheen schijnen, en voor wie goed wil luisteren, heeft de cd een hoop muzikale verrassingen te bieden. Maar, ik zeg het eerlijk, voor mij gaat er nog altijd niets boven Portishead.
File Under: Minimalistische soundscapes
File Audio:[MySpace>]
Charlie Winston
Je krijgt niet vaak de kans om twee broers uit een muzikale familie te spreken. Zeker niet als het niet om van die kibbelende broers in een en dezelfde band gaat. Dus toen ik de kans kreeg om, in navolging van Tom Baxter (nog steeds een van de tofste ontmoetingen voor File Under), zijn jongere broer Charlie Winston te spreken, greep ik deze met beide handen aan. En dan te weten dat ze ook nog een muzikaal aktieve zus hebben die luistert naar de naam Vashti Anna. Maar goed, die spreek ik vast ook nog wel een keertje. Tom Baxter, Charlie Winston, Vashti Anna, allemaal klinkende namen. Toch gaat het hier niet om artiestennamen. 'We zijn opgegroeid in een muzikaal en creatief gezin. Onze ouders zijn van die vrijgevochten geesten die blijkbaar al vroeg een grootse toekomst voor hun kinderen voorzagen. Zo gaven ze ons allemaal een tweede naam mee die zich goed zouden kunnen lenen als artiestennaam. Mijn naam komt van Charlie Chaplin en Winston Churchill.'
Lees verder..Burnt By The Sun - Heart Of Darkness
Burnt By The Sun is niet meer. Nog een plaat zouden ze maken en vervolgens nog wat optredens en dat was het dan voor deze band, die toch altijd een heel behoorlijke subtopper was in de metalen eredivisie. Net als zoveel van haar Relapse-collega's was Burnt By The Sun een behoorlijk technisch onderlegt gezelschap, die haar zeer zware variant op metalcore-met-de-nadruk-op-metal met veel gevoel voor dynamiek en met charme wist te brengen. En met Heart Of Darkness hebben ze het beste bewaard voor het laatst. De plaat kenmerkt zich door drukke riffs, een brute hardcorestrot en fenomenaal drumwerk van Dave Witte (een gerenommeerd genre-specialist en huurling, bekend van onder meer Municipal Waste en Discordance Axis). Het zijn met name de felle vocalen van Mike Olender die de songs net wat meer richting hardcore duwen, wat mij zeker aanspreekt. Net als de flow van de nummers, de plaat zakt geen enkel moment in en blijft met zijn 33 minuten speelduur over de gehele linie pakkend spannend. En wellicht heeft Burnt By The Sun haar definitieve songs geschreven in de vorm van "Inner Station", "Goliath" en "There Will Be Blood", en was er ook geen reden om daar overheen te willen gaan. Hoe het ook zij, wederom een kwaliteitsplaatje op Relapse en een waardig afscheid van een erg goede band.
File Under: Een waardig afscheid
File MySpace: BBTS-Space
Los Campesinos! - Romance Is Boring
De eerste tonen van Los Campesinos!' derde album Romance Is Boring zetten de luisteraar enigszins op het verkeerde been. De openingstrack "In Medias Res" start met een kabbelend gitaarpatroontje, ondersteund door een melodica op een warm bedje van strijkers. En dat was waar ik stilletjes op gehoopt had: dat de zevenkoppige band uit Wales het eens een keertje rustig aan zou doen en wat subtieler te werk zou gaan. Want als er iets gezegd kan worden van de twee voorgaande albums en hun live-optredens, is dat ze bijna uit hun voegen barsten van de ideeën, teksten, ritmes, instrumenten, geluidjes en stemmen. En dat ze dit met een hoeveelheid pure energie brengen waarmee je gemakkelijk heel Groningen-Stad tijdens een gemiddelde Eurosonic-avond royaal van stroom kunt voorzien. Die hyperactieve eigenschap levert magistrale en catchy singles op (de geweldige indiehit uit 2008 "You! Me! Dancing!" bijvoorbeeld), maar ook albums die moeilijk als geheel te behappen zijn zonder knock-out te gaan aan een te hoge bloeddruk en suikerspiegel. Zou het op het derde album Romance Is Boring anders zijn? Het antwoord is nee. De openingstrack begint dan wel rustig aan, maar zwelt binnen twee minuten aan tot een kakofonische orkestrale geluidsmuur waarin alles, maar dan ook alles uit de kast wordt gehaald. De tweede track, de opnieuw ultracatchy huppelsingle "There Are Listed Buildings" is de Los Campesinos! zoals we die kennen. Op de rest van het vijftien tracks tellende album is het niet anders. Wel valt op dat de vervormde gitaren wat meer ruimte hebben gekregen, er meer verschillende zangstemmen te horen zijn en dat de band er er wat vaker nog een avantgardistisch hardcore schepje bovenop doet ("Plan A"). Desondanks zijn er momenten, hoe spaarzaam ook, waarop de band wat gas terugneemt. Juist in die nummers blijkt dat Los Campesinos! in potentie nog veel meer diepgang in zich heeft en de aandacht meer kan toetrekken naar de breedsprakerige, maar spitsvondige teksten. Op Romance Is Boring is dat allemaal naar mijn smaak nog veel te weinig te horen, want daarvoor lijkt dit album teveel op de vorige. Ook deze energiereep zal ik daarom in hapjes consumeren, want lekker is ie wel.
File Under: Heel! Veel! Energie!
File Audio: [MySpace]
File Video: [There Are Listed Buildings]
It Dies Today - Lividity
Of ik nog een stukje wil wijden aan Lividity het laatste werkje van It Dies Today. Jemig, hoe kan ik die nou gemist hebben. Het verhaal van de band uit Buffalo is er een zoals zo velen: bandleden die de band verlaten, nieuwe die ervoor in de plaats komen, maar echt beter wordt het er allemaal niet op. Op deze plaat heeft de groep een nieuwe zanger: Jason Wood. En omdat It Dies Today nou eenmaal een metalcoreband is, moet onze Jason zowel clean zingen (verschrikkelijk!) als grunten (aardig). Het wiel opnieuw uitvinden verwacht niemand, maar de manier waarop IDT zijn songs opbouwt is werkelijk net zo origineel als het boek dat je van je ouders onder de kerstboom kreeg. Zo'n beetje ieder nummer opent furieus, kent een breakdown en vervolgens een zoetsappig stukje begeleid door de zoetgevooisde stembanden van de nieuwe zanger. Voor de meisjes! Lividity wil maar niet verrassen. Bands als Still Remains (luister vooral The Serpent, een van de betere metalcoreplaten van de afgelopen jaren) tappen in zekere zin uit hetzelfde vaatje, maar blijven op hun platen in ieder geval van begin tot eind boeien. It Dies Today is zo'n band die op een lange metalcoreavond om 19u30 mag aftrappen, terwijl de echte ruige jongens niet voor tienen binnen zijn. Wie de eerste twee platen van deze heren gemist heeft, mag ook deze derde gerust laten staan. Extra strafpunten voor de verschrikkelijke uitvoering van Duran Duran's "Come Undone".
File Under: MetalcoreMiddelMaat
File Audio: [MySpace]
Bettie Serveert - Pharmacy Of Love
Ajakkes! Dat was mijn reactie toen ik "Deny All" hoorde, de single die voorafging aan het nieuwe Bettie Serveert-album Pharmacy Of Love. Ja natuurlijk, het is een aanstekelijk en gretig nummer van een band die het allemaal al gedaan heeft en zichzelf weer heeft ontdekt. Maar het teleurstellende resultaat, een uiterst radiovriendelijk powerpopniemandalletje dat integraal in de Krezip-catalogus kan en daar vervolgens door middelmatige onopvallendheid niet meer teruggevonden kan worden, deed mij met angst en beven uitzien naar dit negende album van Bettie Serveert. Maar ohemeltjeliefdankudankuwel, ze laten me niet in de steek. Neerlands fijnste indierockband Bettie Serveert, waarvan ik wel eens dacht dat de koek een beetje op was, is nog altijd springlevend. Die single, die het album opent, blijkt gelukkig niet representatief voor de rest van het album. In de tweede -veel betere- track "Semaphore" horen we het unieke indie- en collegerockgeluid van Bettie Serveert weer terug. Met dit fijne, op zijn Pavements ontregelende liedje wordt vervolgens een trits indienummers ingeluid dat tot het beste behoort dat ze sinds klassieker Palomine en Lamprey gemaakt hebben. Sommige tracks zijn van een ongekende schoonheid, zoals het door Carol van Dijk met ingetogen achtergrondkoortje zo mooi gezongen "Change4Me", maar vooral de Moss-cover "Mossie". Wat een pracht. De rest van het album, dat bol staat van potentiële singles, kent eigenlijk geen zwakke momenten. Enkel het nogal lang uitgesponnen "Calling" doet de aandacht tijdelijk wat verslappen. Dit na een aarzelende start voortdenderende topzware rocknummer kent zijn intense momenten wel, maar lijkt als enige track op dit album niet helemaal 'af' te zijn. De rest van het album is dat namelijk wel: krachtig, puntig en direct opgenomen en geproduceerd. Vergeet die niksige eerste single, start met track twee en luister naar de Bettie Serveert van nu: een band die niet moet, maar wĂl.
File Under: Ohemeltjeliefdankuwel, ze zijn terug!
File Audio: [Beluister het album in de 3voor12 Luisterpaal] [MySpace]
File Video: [Deny All] [Palomine]
Mark Stuart and The Bastard Sons - Bend in the Road
Eerlijk gezegd dacht ik dat The Bastard Sons of Johnny Cash al een tijdje geleden het bijltje er bij neer hadden gegooid. Maar wat blijkt nu: voorman Mark Stuart heeft zijn band omgedoopt tot The Bastard Sons en er zijn eigen naam voor geplakt. Onder deze naam brengt hij ons een nieuwe plaat, die we toch maar geen debuutplaat zullen noemen. Niet alleen klinkt het album daarvoor teveel naar zijn vorige band, maar iemand die al zo lang meegaat en al zo lang zo veel optredens doet mag je niet zomaar als nieuweling begroeten. Toch lijkt het even alsof Bend in the Road wel degelijk een nieuwe start is. De openingstrack, een cover van Billy Joe Shaver's "I'm Just An Old Chunk of Coal" is wel heel traditionele, uptempo, naar bluegrass ruikende country. Dat geldt ook voor "Restless, Ramblin' Man", de track die daar meteen op volgt. Als ze moeten gelden als visitekaartje voor de nieuwe nom de plume van Mark Stuart's band, sturen ze de luisteraar de vekeerde kant op. De rest van Bend in the Road ligt behoorlijk in het verlengde van het werk dat hij als bastaardzoon van Johnny Cash bracht: beschaafde alt-country. Of beter: traditionele country met een rockrandje zoals die op de FM-radio in de VS zo lekker klinkt, maar dan iets uit het midden. In Europa meer geschikt als livemuziek in de kroeg dan in de file op de A2.
File Under: Beschaafder dan de Man in Black
File Audio: [MySpace]
File Video: [Power of a Woman (live)]
MDR Symphony Orchestra - The Dresden Soul Orchestra
Soms komen er bij File Under cd's binnen waarvan ik denk, waarom stuurt men die naar een weblog waarop alternatieve muziek besproken wordt? Dat is ook het geval bij het MDR Symphony Orchestra o.l.v. Jun Märkl die zich alleen al gezien de titel The Dresden Soul Orchestra te buiten gaan aan soul. Op het moment dat ik dit schrijf is het kerst. Met al die kerstkitsch lijkt me dit een prima tijd om me hier eens aan te wagen. Nu weet ik ook wel dat een symfonie-orkest overdonderend kan zijn, vooral als je erbij aanwezig bent. Ik besloot mijn vooroordelen-knop uit te zetten. En het mag gezegd worden dat er een geweldig orkest staat te spelen. Ze vertolken bekende hits, als "A Natural Woman" (Aretha Franklin), "Take Me To The River" en "Let's Stay Together" (Al Green) en "Me And Mrs. Jones" (Billy Paul). Voor de zang hebben ze de Duitse Joy Denalane en de Amerikaanse Bilal, Dwele (Kanye West) en Tweet (Missy Elliott, Timbaland) ingeschakeld. En zij kunnen zingen! Deze live-registratie is bijna geheel ontdaan van al het gesproken woord tussendoor, maar dit wordt in het bijgesloten boekje meer dan goed gemaakt met een uitvoerige behandeling van het origineel. Tot zover ben ik alleen maar positief, ik was er graag bij geweest. Maar toch, als je thuis de meeste nummers al als origineel hebt dan vind ik deze uitvoeringen weinig toevoegen en hoor ik de originelen liever. Deze release is er overigens ook als dvd, en mogelijk dat hier de meerwaarde uit blijkt.
File Under: Maar ik was er graag bij geweest
File Video: [It's A Man's Man's Man's World]
Saxon Shore - It Doesn't Matter
Ik dacht altijd dat ik aardig op de hoogte was van het reilen en zeilen in post-rock land. Blijkbaar zat ik even te dutten bij het verschijnen van Saxon Shore's vorige albums waaronder het bij nader inzien (leve de internets!) prettige The Exquisite Death of Saxon Shore uit 2005. Daarin stond ik geloof ik in Nederland niet alleen, want ik las er nergens wat over. Dat maak ik nu dan maar gedeeltelijk goed door ruim aandacht te schenken aan hun tweede cd It Doesn't Matter. Want da's weer een fijne post-rock-plaat. Bij de eerste track "Nothing Changes" was ik na de eerste minuten in eerste instantie bang dat het een clichématige post-rockplaat zou worden. Je weet wel: langzaam toewerken naar een almaar culminerende geluidsmuur en die dan na zes minuten weer een stille dood laten sterven. Inderdaad: er verandert niets. Toch werkt het thema van het nummer al snel de indruk dat er meer in het vat zit. En in het volgende "Thanks For Being Away" schept de band ruimte voor meer waterkleurige softe post-rock zoals The Album Leaf dat ook zo mooi maakt. De cello-achtige gitaarpartijen in combinatie met de klaterende counterpart doen de rest. En zo krijgt elk nummer op "It Doesn't Matter" wel een draai die boeit. Zo is er net voor de helft in "This Place" in eens een vrouwenstem (Caroline Lufkin) die je bijna Cranes-achtig op je gemak stelt met d'r dromerige zang die je doet afdrijven richting de geisers van Sigur Rós. Misschien niet wereldschokkend vernieuwend, maar de vorm waarin Saxon Shore haar muziek giet is prachtig om bij weg te dromen. Of om eens een schrijnende sneeuwjacht op te zoeken.
File Under: Small Steps
File Audio: [MySpace]
FM Belfast - How To Make Friends
Hoog in de wolken drijft een ceedeetje. Tjeeminee, wat is How To Make Friends een lichte plaat. Ten eerste is-ie zó afgelopen. Elf liedjes in iets meer dan een half uurtje. En ten tweede hebben die een hoog lalala-gehalte, met songteksten in heerlijk naïef kleuterschool-Engels ("Par Avion"). Blijheid in een doosje. Het leukste is de opener "Frequency", dat zelfs een catchy refrein heeft. En "Underwear" is ook wel aardig. Maar het jammere is dat je daarmee meteen alle nummers gehad hebt waarin de synthesizer nog enigszins pittig klinkt. Op de rest van het album van deze IJslandse band is het lulligheid troef. En dat is zonde, want een nummer als "Optical" kan met wat meer opsmuk live wel eens een behoorlijke knaller blijken te zijn - de band treedt live inmiddels met een hele groep op, in plaats van als duo hoe het in 2005 begon. Sowieso weet je het nooit bij dit soort electropopbandjes. Het Franse Kap Bambino klinkt op plaat bijvoorbeeld vervelend gruizig, terwijl de livereputatie van de band absoluut fenomenaal is. Of neem The Whitest Boy Alive, dat moet je puur live horen. Hoe het bij FM Belfast gesteld is, kan ik op basis van dit debuutalbum echt niet beoordelen. Neem nou "Pump", met afstand het meest irritante nummer. Het is pesterig langzaam en vermoeid opgenomen: spreek de tekst "Get the party going on the dancefloor" zo langzaam uit dat-ie tien seconden duurt, denk er een slome beat bij en dat is het. Het móet wel een gimmick zijn. Speel je daarentegen het hele album op hogere snelheid af, dan is het goed te doen. We zullen het dus binnenkort zien op Eurosonic.
File Under: Vluchtige vrienden
File Video: [Frequency][Par Avion][Underwear][VHS] [Niet op het album: Kasper Bjorke's "Back and Spine"]
File Audio: [Twee remixes (mp3, die van "Par Avion" is het beste)]
Oceans With Tragedy
Wanneer je naar de cd-winkel loopt, dan vind je Oceans With Tragedy in dezelfde categorie als Gwen Stacy, Parkway Drive, Means en Emmure. Behalve het feit dat er nog helemaal niks is uitgebracht. De heren maken metalcore/hardcore en begon destijds met een gezellige vriendengroep en zonder drummer. Drummer Niels werd uiteindelijk weggepikt bij zijn oude band en het avontuur kon beginnen. Of toch niet? ‘Helaas niet, de bassist bleek uiteindelijk toch niet bij de band te passen qua muziekstijl. Een paar telefoontjes later hebben we Jacko gevonden. En ook hebben we besloten om zonder de tweede gitarist verder te gaan. Wat in het begin heel erg wennen was, omdat we vonden dat de nummers hierdoor veel leger klonken. Gelukkig hebben we een paar aanpassingen gemaakt en klinkt de leegte vooral bij de nieuwe nummers een stuk minder.'
De Dordrechtenaren geven toe dat de bandnaam niet echt een duidelijke betekenis heeft, wel gaan de meeste teksten over de oceaan. ‘Vandaar ook dat we iets met Oceans in de bandnaam wilden hebben.'
Lees verder..Vampire Weekend - Contra
Is het hoop of is het angst? Is het een afwezige blik, of juist intens? De blik van het meisje (of is het een vrouw?) op de hoes van Contra roept nogal wat op. Het zou makkelijk zijn om dat door te trekken naar de muziek, maar die parallel is er niet. De muziek roept geheel geen vragen op, het is net zo'n heerlijke en (ik durf het bijna niet te zeggen) gezellige plaat geworden als het debuutalbum. Ook deze cd kun je gerust draaien in het gezelschap van minder indie georiënteerde mensen, het levert altijd wel instemmende blikken op. De associatie met Graceland van Paul Simon is ook niet veranderd, de Afrikaanse invloeden zijn er nog steeds, maar dit keer ook Mexicaanse en Braziliaanse invloeden. Andere verschillen met zijn voorganger: er is wat meer electronica bijgekomen, maar dan moet je niet denken aan de ommezwaai die de Editors hebben gemaakt, maar meer subtiele elektronische toevoegingen. De nummers hebben hebben ook wat meer tempowisselingen gekregen waardoor ze zomaar kunnen verrassen. Contra is hierdoor minder kaal als zijn voorganger en dat maakt deze studentikoze band net wat volwassener. De afsluiter "I Think You Ur A Contra" is misschien wel het meest contra nummer van de hele plaat, zo minimalistisch en bijna breekbaar als het aanvoelt. En die blik van de dame op de hoes: volgens mij is ze overrompeld van vreugde dat deze jongens weer zo'n mooie plaat afleveren.
File Under: Weer zo'n blije plaat
File Audio: MySpace
Klub Radar #9 - Ticketactie
Het is hier bij File Under inmiddels een running gag geworden tussen Gr.R. en mijzelf om elkaar op gezette momenten te herinneren aan de eerste editie van Klub Radar en meer specifiek het optreden van Crystal Castles destijds. Om een lang verhaal kort te maken: we verschillen nogal van mening over de kwaliteit van dat optreden… Maar waar we het wel over eens zijn is dat Klub Radar sinds die tijd garant heeft gestaan voor memorabele avonden en nachten in Tivoli De Helling.
Aanstaande zaterdag is het al weer tijd voor de negende editie van dit feestje voor muzikale fijnproevers, schatzoekers en veelvraten. De avond zal geopend worden door de zachte, zalvende klanken van het Belgische Isbells, maar veel tijd om weg te dromen zal er deze keer niet zijn, want als tweede band zal het Franse Clara Clara ‘acte de presence' geven. Het Rivella-bandje van de avond zeg maar… Nog geen afwisseling genoeg? In dat geval zal een stevig potje psychedelica van Joensuu 1685 je 16 januari zeker op andere ideeën brengen.
De nacht van negende Klub Radar zal zoals altijd toebehoren aan de mensen die de voetjes van de vloer durven te doen en de heupen los willen schudden. Losgaan is het devies! Dat kan op beats van twee cutting edge dj/producers uit de UK, die beiden op geheel eigen manier dubstep weten te combineren met onder andere old-school hiphop: Slugabed en Loops Haunt. De Nederlandse DJ Quasimodo zal tot slot de nacht nog versieren met een paar flarden minimal.
Wie wil er mee komen genieten van dit feestje? Dat kunnen we nu niet meer voor je regelen. Volgende keer beterz.
Halford - III-Wintersongs
Uit de eerste envelop met recensie-cd's van het nieuwe jaar kwam een cd'tje schuiven dat eigenlijk nog van voor de kerstdagen was. Abusievelijk was Halford's Winter Songs iets te lang op het distributiecentrum van File Under blijven liggen. Een Rob Halford-kerstplaat!? Jup, een hele echte. Maar dan toch met eigen songs binnen het thema? Think again, de helft eigen nummers, de andere helft klassieke kerstsongs als "We Three Kings", "Oh Come O Come Emanuel" en "Come All Ye Faithful". Nooit gedacht Rob Halford nog ooit 'Rejoice Oh Rejoice!' te horen zingen. Zeker, ook de klassieke kerstsongs gaan soms op dubbele snelheid, zoals met Halford, Roy Z., Metal Mike Chlasciak en Bobby Jarzombek te verwachten was. Maar ook op hoge snelheid komen er bellen en klokken voorbij. In Amerika is het helemaal niet vreemd voor een artiest om een kerstplaat uit te brengen, in Europa kijken we toch wat anders tegen de cheesy 'ho-ho-ho'-kerstsfeer aan. Wanneer ik probeer de kerstsfeer te negeren, blijft er een aardig album over. Aardig, niet briljant. Te vaak worden de eigen songs ontsierd door wel heel botte houthakkerij. Juist de covers, die toch echt een metalen bewerking hebben gekregen, weten zich daaraan te ontworstelen. mede omdat ze niet in de valkuil van de lollige versies zijn getrapt. Dat laatste gebeurt nou net wel weer bij de eigen song 'Christmas For Everyone', een Slade-achtige metalhoempasong. Het paradoxale is dat dit album juist daardoor niet echt een kandidaat is om midden in de zomer nog eens op te zetten. Dit album is helemaal niet slecht, maar wel heel erg voor de Amerikaanse markt bedoeld.
File Under: The Three Kings And One Metal God
File Video: [Get Into The Spirit]
Shaking Godspeed - Shaking Godspeed
De inkt van mijn positieve recensie over de eerste cd van The Bloody Honkies was nog maar net opgedroogd toen het bericht kwam dat de band de handdoek in de ring gooide. Gelukkig kwam snel na het vroegtijdige einde van The Bloody Honkies het bericht dat gitarist Wout Kemkens alweer onderdak gevonden had in een nieuwe band: Shaking Godspeed. Het is een soort van superband, want mede-Achterhoeker Pieter Holkenborg (Automatic Sam, Woost en een van de mensen achter de Zwarte Cross) bespeelt drums en Maarten Rischen (Lawn en Plastic Halo en penner voor o.a. Musicmaker) de bas en toetsen. Shaking Godspeed gaat maar deels verder waar The Bloody Honkies stopten. Hun debuut-ep klinkt namelijk een stuk vuiger dan The Gospel According To… En da's wel een goed ding. De drie belanden hierdoor ergens tussen De Staat (Torre zat ook achter de knoppen bij de opnamen), Triggerfinger, Hulk. Door de zang van Kemkens moet ik ook regelmatig aan Claw Boys Claw denken of aan Pearl Jam als Eddie Vedder het uiterste van zichzelf moet vragen (bijvoorbeeld "Spin The Black Circle"). Je kunt het slechter treffen, dunkt me. Door de dikke laag weerbarstige blueselementen die de drie door de vijf tracks van deze vinyl-ep smeren geeft het absoluut een plus. Als ze daarbij nog bijna jennende eigengereidheid stoppen zoals bijvoorbeeld in een track als "Alive And Well" dan tover je bij mij een vette grijns op mijn gezicht. Dat gaat een onrustig half uurtje worden als ze in de 3voor12-zaal afsluiten op zaterdagavond tijdens Noorderslag.
File Under: Does It Still Thrill? Hell Yeah!
File Audio: [MySpace]
File Video: [Vage YouTube-account]
Brian Harnetty & Bonnie Prince Billy - Silent City
Laat je niet voor de gek houden: Silent City is een nieuwe plaat van Brian Harnetty. Will Oldham - Bonnie 'Prince' Billy - verzorgt de vocalen op een aantal tracks, maar het is onduidelijk in hoeverre de muziek van hen samen is. Of beter: in hoeverre de samples die Harnetty verzameld heeft door hen beiden bewerkt zijn. Brian Harnetty kreeg bekendheid met zijn vorige cd, American Winter waarop hij opnames uit een archief haalde van liederen uit de Appalachen. Deze opnames bewerkte hij weer tot nieuwe nummers. Maar het meest bijzondere was: hij gebruikte fouten, mislukte inzetten, gespreksfragmenten en dergelijke om zijn tracks een bijzondere richting te geven. De keuze voor voormalig lo-fi-held Will Oldham is wat dat betreft een mooie. Beiden zijn geďnteresseerd in de folkmuziek van de armoedige mijnwerkersdorpjes uit het berggebied in het Oosten van de VS, waar bluegrass, eeuwenoude melodietjes en min of meer bekende Ierse en Schotse liedjes samensmolten. Op Silent City horen we pianoklanken, radiostemmen, harmonica's, kale percussie, electronica, een banjo, teruggevonden liedjes, found footage en, inderdaad, in drie liedjes Will Oldham: "Sleeping in the City", "And Under the Winesap Tree" en "Some Glad Day". De sfeer van Silent City past prima bij de zangstem van Oldham, maar de fieldrecordings dragen toch echt de signatuur van Brian Harnetty.
File Under: Gevonden muziek
File Audio: [Brian Harnetty's Myspace]
File Video: [Some Glad Day][Sleeping in the Driveway]
The Gilded Palace Of Sin - You Break Our Hearts, We'll Tear Yours Out
Mocht je weten wie er verantwoordelijk was voor het album The Gilded Palace Of Sin dan lijkt het me zeer waarschijnlijk dat je wild begint te kwispelen bij het horen van deze bandnaam. Als je liefhebber bent van het werk van Gram Parsons en The Flying Burrito Brothers dan word je echter wel op het verkeerde been gezet. Er komen bij mij namelijk andere associaties op bij het beluisteren van -hou u even vast- You Break Our Hearts, We'll Tear Yours Out. Ik moet namelijk sterk denken aan het dreigende van Sixteen Horsepower, de wispelturigheid en het experimentele in de nummers van John Cale of aan de kracht en het bijbelse in de liedjes van Nick Cave en zijn Bad Seeds. Het lijkt dan ook geen toeval dat dit album uitkomt op het label Central Control van oud-Bad Seed-lid Barry Adamson. The Gilded Palace Of Sin zijn drie heren uit Manchester en You Break Our Hearts, We'll Tear Yours Out is hun indrukwekkende debuut. Tien liedjes brengen ze uit, en daar moeten we het even mee doen. Gezien het ontbreken van concerten vrees ik dat ze de verwachtingen die hun bandnaam schept, nooit waar zullen kunnen maken, maar ik ben onder de indruk van deze release. Deze cd blijft voorlopig bij mijn cd-speler in de buurt liggen.
File Under: De kracht zit in het donkere
File Audio: [MySpace]
File Video: [Rosa Salvaje]
Maria Timm - The Plan
Soms ben ik van het ene op het andere moment ineens blij. Dat kan variëren van kleine binnenpretjes tot uitbundige vrolijkheid met bijbehorende vreugdedansjes. Dat laatste voornamelijk binnen de veiligheid van de eigen huiskamer. Indien gewenst met de gordijnen gesloten, maar dat is geen vereiste. Zo kan het zijn dat uitbundige vrolijkheid mij plotseling overvalt op onhandige locaties. Als er bijvoorbeeld onverwachts een liedje dat ik toevallig wel heel erg leuk vind uit de geluidsinstallatie van de supermarkt schalt. "Dirty Place" van de Deense deerne Maria Timm is zo'n liedje. Omdat de gemiddelde hamsterende supermarktbezoeker niet op uitbundige vrolijkheid berekend is, probeerde ik die energie kanaliseren met een pas-de-deux met mijn winkelwagentje. Het kleine binnenpretje kreeg ik bij het mailtje van Storm met de woorden: 'Dit is echt iets voor jou.' Hij zit er wat dat betreft namelijk niet vaak naast. De liedjes op MySpace deden mij al grijnsbreed glimlachend meehupsen. Toen ik The Plan in al zijn glorie beluisterde, wist ik het na de niet geheel vlekkeloze landing - dat wordt een fikse blauwe plek - bij mijn afsluitende dubbele axel zeker: Maria Timm gaat het voor mij helemaal worden in 2010! Hoe kan het ook anders met elektropop-parels als lekkernijen uit een zelfgeschepte snoepzak die mij in een frisse adem doen refereren aan Lykke Li, Annie, The Knife, Alice Rose en Moloko (toen Roisin nog tight sweaters droeg). Genoeg getypt. Meubilair aan de kant. Tijd voor nog een vreugdedans!
File Under: Driemaal daags tegen aanhoudende chagrijn
File Audio: [Dirty Space]
File Video: [Dirty Place][Dirty Place (live sessie voor StuBru)]
Week 1, 2010
Storm
Shaking Godspeed - Ep
Ewie
Times New Viking - Born Again Revisited
Ludo
John Gorka - So Dark You See
Joice
Broken Bells - Broken Bells
Ramon
The Soft Pack - The Soft Pack
André
Sivert Höyem - Moon Landing
Prikkie
AC/DC - Backtracks
DubbelMono
VA - Back to Peru vol. II
ForestSounds
Inon Zur - Dragon Age Origins soundtrack
Stonehead
Chemistry - Period
Delorentos - You Can Make Sound
Het had niet veel gescheeld, of You Can Make Sound van de Ierse band Delorentos was nooit opgenomen. Aan het begin van dit jaar besloot zanger Ronan Yourell namelijk dat het leven on the road, in een band die in eigen land al tegen het plafond aan leek te zitten, niets voor hem was. You Can Make Sound had dan ook hun zwanenzang kunnen zijn, ware het niet dat Yourell twee maanden later alweer op zijn besluit terugkwam. En dat is misschien maar goed ook, want deze plaat zou zomaar een doorbraak op grotere schaal kunnen betekenen. Delorentos' indie rock ligt geweldig makkelijk in het gehoor, een beetje zoals de rock van The Temper Trap. De liedjes zitten vernuftig in elkaar, met heerlijke gitaarlijntjes en prima zang, en volgen precies de ongeschreven wetten van de alt.rock-muziek. Daarmee wil ik niet zeggen dat Delorentos standaardrock maakt: het is nog niet zo makkelijk om zulke pakkende en meeslepende rock te maken, die een grote groep mensen direct aan zal spreken. Live kon het ooit, op Throwing Copper, maar verloor daarna alle inspiratie. Dat is niet wat ik Delorentos gun, want er zijn te weinig echt goede en innemende gitaarbands te vinden tegenwoordig, maar zij zijn er zeker eentje van. Eurosonic wordt dus misschien wel hun opstap naar de rest van Europa. Wees erbij!
File Under: Innemende Ieren
File Audio:[MySpace]
Jeffrey Frederick and The Clamtones - The Resurrection Of Spiders in the Moonlight
Het verhaal van Jeffrey Frederick is er eentje van de onbegrepen grapjas met pech: verschillende bands die het net niet maakten, een vaste aanstelling in een club die prompt moest sluiten na een valse beschuldiging van drugsgebruik, tournees die onderbroken werden door arrestaties (Jeffrey trad op in dameskleding in Texas) en boze inwoners van Alabama (hij zong de gospel "Let Me Down": 'Take these nails right out of my hands/And I swear you will get to the promised land/All your sins are forgiven/now let me down'). Misschien zit ‘m daar de makke van zijn onbekendheid: hij draagt teveel het imago van de onverbeterlijke lolbroek met zich mee. Zijn muziek, lichtvoetige barband rock ‘n' roll, vermengd met country, lijkt te weinig soortelijk gewicht te hebben. Daarbij overleed Jeffrey Frederick ook nog eens veel te jong: hij was pas 47 toen hij 1997 stierf met eigenlijk slechts één volwaardig solo-album op zijn naam: The Resurrection Of Spiders in the Moonlight . Deze plaat was jaren niet te krijgen, maar is nu opnieuw uitgebracht. We horen vrolijke country ("Toilet") en rock ‘n' roll met een Buddy Holly-hik ("Rotten Lettuce") naast ballades ("Stolen Guitar") en nonsensliedjes met een Caraďbische inslag ("Beer Shit"). Jeffrey Frederick was een adequaat liedjesschrijver die vele stijlen machtig was (en die ook in één en hetzelfde liedje inzette, bijvoorbeeld in "Window"), maar soms teveel vertrouwde op zijn grappen en grollen.
File Under: Does humor belong in music?
File Video: [Rotten Lettuce live]
Saviours - Accelerated Living
Volgens de bio is Accelerated Living een Motörhead-meets-Exodus-meets-Born-Again-Sabbath crossover. Hmm, de term "crossover" vereist stijlen die wat verder uit elkaar liggen, volgens mij. Maar dan nog is het een vergelijking waar wel het een en ander op aan te merken is. Tuurlijk, muzikaal zijn best roots bij Sabbath en Motörhead te ontdekken, maar bij de meeste rauwe metalbands met de New Wave Of British Heavy Metal als startpunt zijn die aan te wijzen. "Rauw" is hier het sleutelwoord. De omschrijving op hun MySpace "heavy apocalyptic jams" geeft een beter beeld: mitrailleurdrums zonder te vervallen in een double-bass-fest zonder einde, stevig overstuurde hakkende gitaren waarbij fijnzinnigheid geen optie was voor de productie en een zanger... nou ja, iemand die de teksten op hoog volume uitspuugt. Veel verschil in toonhoogte is er niet in de zanglijnen, dus "zanger" is echt wat te veel gezegd. De link met Motörhead zou in zoverre te verklaren zijn dat Saviours de rauwheid uit Motörhead's beginjaren kent, toen Fast Eddie Clarke en Philty Animal Taylor daar nog Lemmy's kompanen waren. De songs blinken niet uit in originaliteit: de drums beuken, de gitaren ook, de zanger speenvarkent er flink op los en van tijd tot tijd komen er gierende solo's overheen, of er nu gezongen wordt of niet. Maar ach, een plaat als deze zet je op voor de energie. En die heeft 'ie van begin tot eind. Tegelijkertijd vraag ik me af hoeveel deze plaat zal verschillen van de voorgaande, hun debuut. Hier is het al acht nummers lang hetzelfde kunstje. Energiek, dat wel.
File Under: Acht nummers energiek en niet veel meer
File Audio: [SavioursSpace]
Hello=Fire - Hello=Fire
Dean Fertita is een bezig baasje. Naast de gitaar en de toetsen bij Queens of the Stone Age speelde hij bijvoorbeeld ook nog in The Dead Weather en The Raconteurs met Jack White. Grote bandnamen dus, en het houdt niet op, want op zijn solodebuut, getiteld Hello=Fire, heeft hij allerlei bekende muzikanten weten te strikken om mee te doen. Zoals collega-bezigbaasje Brendan Benson en collega QOTSA's Troy van Leeuwen. Michael Shuman en Joey Castillo. Kortom, genoeg te beleven op deze plaat, zou je zeggen. Wie echter verwacht een QOTSA-achtig album te gaan horen, komt bedrogen uit. Fertita heeft zijn inspiratie deze keer vooral gezocht in de jaren zestig, gezien de meerstemmige zang en de koortjes, bijvoorbeeld in de rustige eerste single "Nature Of Our Minds" of de psychedelische poprock, inclusief orgeltje, in "Faint Notion". En daar moet je anno 2010 maar net op zitten te wachten. Ondanks de medewerking van de grote namen is Hello=Fire dan ook zeker geen plaat geworden die veel stof zal doen opwaaien. Het is eerder een verzamelobject voor QOTSA-fans die hun collectie compleet willen houden. Zij kopen een goede, maar geen wereldschokkende plaat.
File Under: Niet alles wat Benson aanraakt, verandert in goud
File Audio:[]Website[]
Baroness - The Blue Record
"En ik ben met Catootje naar de seksboetiek gegaan, ze mocht kopen wat ze wou, ze mocht kopen wat ze wou. En ze kocht een dikke barones, een dikke barones. Lik me tieten, Lik me tieten, zei de barones". Aan deze tekst van Pietje Potent moest ik denken toen ik Blue Record van Baroness in mijn handen gedrukt kreeg. Pietje Potent? Ja, als twaalfjarige zat ik daar stiekem naar te luisteren als mijn ouders er niet waren. En dat was toen heel cool, toevallig, dus. Daar kon je gewoon over opscheppen bij je vriendjes. En nu schep ik op over Baroness. Over hoe sappig Blue Record wel niet is. Over de weldaad en de weelde van dit album. En die zit hem echt niet alleen in de prachtige wulpse dames op de cover. Die zit hem vooral in het adembenemende gitaarwerk. Steeds weer wordt melodie op melodie gestapeld. De in elkaar verstrengelde, dubbele gitaarpartijen lijken eindeloos door te lopen, waardoor je langzaam in extase wordt gebracht. Slechts sporadisch afgewisseld met wat schreeuwerige vocalen om je even wakker te schudden. Of een druipende en walmende solo voor wat extra sfeer. Het is heel jaren 70, het is sludgy, het is stoney, het is Southern rock en het is precies wat je nodig hebt als je met dit koude weer even met je rug tegen de hete verwarming bent gaan zitten om bij te komen. En dat hebben we allemaal wel verdiend met al die ellenlange files, spoorwegleed en busuitval. Glas whisky erbij en alles komt weer goed.
File Under: Nu weet ik hoe diep het konijnenhol is.
File Audio: [MySpace]
Adrian Crowley - Season Of The Sparks
'Spiegeltje, spiegeltje, aan de wand, wie zingt het mooiste in ons land?' Als ik deze vraag zou stellen dan weet ik zeker dat ik mijn eigen naam niet te horen krijg. Helaas. Ik weet ook zeker dat ik de naam van Adrian Crowley niet te horen krijg, want Crowley woont in een ander land, namelijk Ierland. Maar als hij dit zou vragen dan geef ik hem een goede kans dat hij wel zijn eigen naam hoort, want wat een prachtige stem heeft hij. Als hij echter zou vragen 'wie is het vrolijkste in dit land?' dan hoort hij zijn eigen naam niet. Meneer hoort namelijk thuis in de wereld van de droefsnoeten met liedjes vol melancholie. Season Of The Sparks is zijn vijfde release, en hiermee zet hij zichzelf sterk neer. Het meest kenmerkende is zijn baritonstem, een beetje Ă la Leonard Cohen. Muzikaal valt met name het orgel op, maar er zijn wel meer instrumenten, die voornamelijk bescheiden aanwezig zijn. Het meest belangrijke in de tien liedjes is de melancholie. Afgelopen jaar was ik in het prachtige Ierland en bij sommige beelden die we zagen zou dit de perfecte soundtrack geweest zijn. De folk en Guinness zijn echter ver weg, Season Of The Sparks valt meer onder de afdeling whiskey zoals alleen de Ieren die kunnen maken.
File Under: Ierland melancholieland
File Audio: [MySpace]
Dub Tractor - Sorry
Het is binnen enkele seconden duidelijk. Ook de Deen Dub Tractor (je mag hem ook Anders Remmer noemen) doet inmiddels in shoegazerige folktronica. Wellicht is hij daar al jaren mee bezig, maar ik vond het toch wat teleurstellend. Ik heb het wel even gehad met het genre. Ik kende de Deen alleen van Hobby Industries, het avant-garde label van Thomas Knak, rechterhand van Björk op Vespertine. Destijds maakte Dub Tractor met zelfgeprogrammeerde software nog obscure en bizarre glitch, toch een heel stuk unieker dan waar hij hier op Sorry mee bezig is. Het is niet dat deze veel toegankelijkere stijl hem slecht af gaat, Remmer zingt zelfs behoorlijk goed. Qua productie hoeft men de man sowieso niks te leren, hij haalt zonder moeite een heldere electropop-versie van Amusement Parks On Fire uit zijn laptop. Probeer "Higher Hopes", met zijn zwaar bewerkte gitaren, ratelende klikklak-ritmes en daaroverheen, als overal, een wat simpele zanglijn, die vaak uit niet meer dan een enkel herhaalde regel bestaat. De meest geslaagde en treurige daarvan zit in het schrijnende "That Won't Heal By Itself", tevens de complete songtekst. Belletjes en een synthesizer als een geluid uit een dolfinarium huilen samen mee. Snel daarna wordt het album echter wat saai en dwalen de gedachten mijn gedachten af naar net even wat betere namen als Dntel en Ulrich Schnauss.
File Under: Potentiële grensverlegger op te bekend terrein
File Audio: [Spotify]
Biffy Clyro - Only Revolutions
Ze zijn schaars, maar ik vind ze stiekem reuze vermakelijk: bands die schepen achter zich verbranden, een middelvinger maken naar de critici en gewoon zonder schroom uit de schaduw vol de zon van het succes in durven te stappen. Gewoon omdat het kan. Biffy Clyro doet er in ieder geval niet moeilijk over. En gezien de successen van de afgelopen maanden kan ik ze ook niet helemaal ongelijk geven. Hupsakee, hoezee wat dampt er een boel door de massa met gulzige happen te consumeren bombast van hun nieuwe plaat Only Revolutions af. Gelijk in openingsnummer en huidige single "The Captain" (met volgende de band geheel fout getypeerde video, maar volgens mij is er opzet in het spel) maakt de band duidelijk: we proberen het gewoon, dat behalen van succes. Toeters, koortjes in een pompeuze opening gevolgd door een song die Junior óók na een keer meefluit en zingt: het is een meesterlijke zet. Tenminste als je na streeft wat Biffy probeert te bereiken met deze cd. Of ik daar blij van word, dat is een ander verhaal. De songs op Only Revolutions liggen me net iets te gemakkelijk in het gehoor. Waar ik ze bij het bespreken van hun verzamelaar uit 2008 nog bestempelde als grunge zonder simpel, alternative zonder gezapig en progrock zonder nerdy en dat in ze prees, kan ik dat etiket nu wel van ze afrukken. De band beweegt zich zo net iets teveel het vaarwater van Foo Fighters en aanverwanten. Al zou Grohl zich volgens mij niet graag wagen aan een semi-ballade als "Know Your Quarry". Het is maar goed dat dit nummer een beetje verstopt staat achteraan de plaat en omringd wordt door enkele van de betere tracks van de cd. Stiekem geniet ik er ook nog van namelijk.
File Under: Vol voor het grote success gaan.
File Audio: [MySpace]
File Video: [The Captain]
Stereophonics - Keep Calm and Carry On
Every little thing you do is magic lately
Every single thing that you do is cool
Every little thing you do is tragically hip
Even when you tend to play the fool
Ik moest even glimlachen toen ik de eerste regels van "Could you be the one" hoorde. Ze zijn ze dus toch nog niet vergeten, hun ouwe helden. Als u hier vaker komt dan weet u ongetwijfeld dat Storm en ondergetekende ook gek zijn op The Tragically Hip. Daarnaast houden wij nog van veel meer bandjes. Ik ben bijvoorbeeld ook gek op Stereophonics en tot mijn stomme verbazing las ik ooit dat de heren van Stereophonics dat ook waren. Zo bekend zijn de Canadezen hier namelijk niet. Ze waren er zelfs zo gek op dat de eerste incarnatie van Stereophonics Tragic Love Company heette, naar hun drie favoriete bands (The Tragically Hip, Mother Love Bone en Bad Company). Van The Tragically Hip namen ze ooit een puike versie op van "Fiddler's Green". Daarom kan ik het glimlachen niet onderdrukken als ik bovenstaande tekst hoor. In bovendien het beste nummer van Keep Calm and Carry On. Dat ook doet concluderen dat ze wel eens naar The Police luisterden. Die hoor je afgezien daarvan niet terugkomen in de muziek. The Hip wel een beetje. En voor de rest is het vooral Stereophonics wat je hoort. Al spelen ze hier en daar wel wat met stijlen, de stem van Kelly Jones zorgt ervoor dat alle nummers lekker comfortabel als Stereophonics naar binnen glijden. Wereldschokkend is het allemaal niet, maar in het oeuvre hoort het toch in het linkerrijtje. al was het maar omdat ze hun oude helden niet vergeten...
File: Stereophonics - Keep Calm en Carry OnFile Under: Kalm blijven en gewoon doorgaan!
File Audio: [Stereo-Space]
Mazgani - Ladies & Gentlemen, Introducing...
Soms kan een cd-hoes zo misleidend zijn. Neem nou die van Shahryar Mazgani. Deze voor mij tot voor kort onbekende Iraans Portugese singer-songwriter is onlangs uitgeroepen tot een van de beste nieuwe Europese artiesten. Op de hoes zit hij in een barokke stoel, gesneden in een glimmend blauw Italiaans maatpak met open boordje. Met zijn gitzwarte glanzende manen achterover gekamd en in het bezit van een heuse Rasti Rostelli-sik kijkt hij me vanonder zijn donkere wenkbrauwen scherp aan, als een hypnotiseur van de foutste soort. Wat natuurlijk de aanwezigheid van die enge sik zou verklaren. Tsja, zó'n spekgladde verschijning heb ik sinds Julio Iglesias niet meer gezien en ik dacht dan ook direct een mooi cadeau voor mijn moeders verjaardag gevonden te hebben. Maar, u voelt 'm al aankomen, ik hou 'm zelf. Ladies & Gentlemen, Introducing… Mazgani is een gloedvolle prachtplaat die je verwarmt als een knapperend haardvuur en een goed glas wijn op een stille winteravond. Mazgani zingt Engelstalig en is gezegend met een warme, ietwat rauwe stem die zich aangenaam in je oor nestelt maar je ondertussen continu bij de les houdt. Het album is een uitgave van zijn EP Tell The People, aangevuld met een compilatie van zijn debuutalbum Song Of The New Heart en een bonustrack. De nieuwe EP is de mooiste, terwijl de songs van zijn debuut de meeslependste zijn. Zo horen we op de eerste helft warme Amerikaans getinte liefdesblues en een gospel, spaarzaam en subtiel geďnstrumenteerd. Dit geluid neigt soms naar Leonard Cohen en Bob Dylan waarbij sommige tracks vanwege hun prettig scherpe randjes ook zo van Nick Cave of Tom Waits hadden kunnen zijn. Het tweede deel, het debuutalbum, is rijker geproduceerd maar bevat prachtige meeslepende tracks als "Song Of The New Heart" en de intense akoestische bonustrack "Slaughterhouse Of Love". Als je het daar niet warm van krijgt weet ik het niet meer. Ho! Maar wacht eens even, heeft ie me nou toch nog gehypnotiseerd, of…?
File Under: "Laat je maar zweven, drijven, dromen. Met iedere ademhaling zink je dieper en dieper weg..."
File Video: [Loving Guide] [Bring Your Love]
File Audio: [MySpace]
Flinke Namen - Superstuntwerk
Op het eerste gezicht klopt alles bij Flinke Namen. Murth the Man-O-Script, Sef en MC Fit zijn rappers die allen hun sporen al hebben verdiend, en een platencontract bij TopNotch is ook niet voor iedereen weggelegd. Beatmaker Flexican is geen Kubus of Delic, maar mag toch tot de Eredivisie van de Nederlandse hiphop-producers gerekend worden. Ook de opbouw van het album Superstuntwerk is in orde, met een goede afwisseling tussen meer opzwepende en ingetogen tracks. En toch mist er iets. Misschien ligt het wel aan het feit dat de heren wel heel hoge verwachtingen van hun eerste langespeler wekken. Flinke Namen zouden komen met een revolutie, een 'oerknal' en zoals dat heet in goed Nederlands, 'next level shit'. Flinke Namen zouden de beste groep sinds The Beatles zijn. Ik vind het prima, maar mijn indruk is dat het allemaal wel meevalt. Enkele uitzonderingen daargelaten is de thematiek bij Flinke Namen redelijk uitgekauwd: dansen en uitgaan hier, lekkere chickies playen daar, meerdere nummers die zijn opgedragen aan vrouwen, vriendinnen, moeders, vaders en andere vrienden en familieleden, wat braggen en boasten. Dat hebben we allemaal al eerder gehoord, en beter. Murth, Sef en Fit zijn immers niet de grootste woordkunstenaars binnen de landsgrenzen. Het gaat hier niet om Jip en Janneke-rappers als Frans, Bart en Ali, maar verder dan Pinkeltje zijn deze Amsterdammers ook nog niet gekomen, om de beeldspraak maar eens door te trekken. De echte brille van een Stickz, Rico, Typhoon of Duvel mis je hier wel. Dus een revolutie? Mwah. Het doet eerder denken aan de escapades van Pieter Jelles Troelstra in 1918. Die riep ook de revolutie uit in Nederland, waarna het gros van zijn medelanders de schouders ophaalde en weer over ging tot de orde van de dag. Superstuntwerk is een redelijke Nederhop-plaat, maar meer ook niet.
File Under: Troelstra anno 2009
File Video: [Wolken] [Als Zij Langs Loopt]
Arthur Umbgrove & Birgit Schuurman - Stilte Opname
Ik worstel nu al veel te lang met Stilte Opname. Dat irriteert me. Wat mijn probleem is met deze cd van Arthur Umbgrove waarop Birgit Schuurman her en der (in vier liedjes om precies te zijn) ook haar steentje bijdraagt? Dat zit 'em in ieder geval niet in de kwaliteit van de liedjes. Umbgrove schrijft mooie melodieën en heeft een prettige maar ietwat vlakke stem. Dat wist ik al van zijn cabaretshows die ik eerder zag. Bovendien doet die stem het goed in samenzang met die van Birgit zoals in "Blijf Jij Wie Je Was". Het probleem van Stilte Opname zit 'em in de thematiek van de liedjes. Umbgrove schreef ze op basis van ervaringen die hij opdeed in de tijd die hij rondliep in het Emma Kinderziekenhuis. De teksten die dat oplevert gaan nooit expliciet over ziek zijn, maar je hoeft geen letteren gestudeerd te hebben om te horen vanuit welk oogpunt ze geschreven zijn. Daar zit het pijnpunt voor mij. Mezelf mag van alles en nog wat overkomen, maar laat mijn kinderen alsjeblieft gezond en zo zorgeloos mogelijk opgroeien. Ik kan dat niet loslaten terwijl ik luister naar Stilte Opname. Het maakt het zorgeloos luisteren naar de liedjes op deze cd bijna onmogelijk. Al kan ik wel hartelijk lachen om "Bakje Met Eikels" waarin het meisje dat het verhaal vertelt duidelijk weinig zin heeft in het creatieve knutseluur in het ziekenhuis en dat het liefst zo snel mogelijk zou ontvluchten. Gelaten de teksten over je heen laten gaan, is onmogelijk. Dat is een groot verschil met bijvoorbeeld genregenoten als Acda & De Munnik waarvan ik het bezongen leed gemakkelijk naast me neerleg.
File Under: Moeilijke platen.
The Black Atlantic
"Je mag wel een beetje vertrouwen hebben in de luisteraar"
Reverence For Fallen Trees, het debuutalbum van het Groningse The Black Atlantic, verscheen in de laatste dagen van de zomer van 2009. De plaat bevat ijle, melancholieke en over het algemeen minimale composities die vergezeld worden door meerdere zanglagen en die regelmatig vergeleken worden met bijvoorbeeld Bon Iver. Alles werd een jaar eerder opgenomen onder de vlag van het Nederlandse, maar internationaal opererende In A Cabin With (IACW) muziekproject. Het doel van IACW is om als een project verschillende artiesten samen te brengen, liefst op bijzondere en afgelegen locaties. The Black Atlantic had dan ook de singer-songwriter Kim Janssen uitgenodigd mee te werken aan de opnames van de plaat. Ook was als bijzondere plaats al een cabin door de band geregeld: de schoonouders van The Black Atlantic's zanger en liedjesschrijver Geert van der Velde, die in upstate New York wonen, stelden hiervoor hun 'vakantiehuisje' ter beschikking. En die cabine verliet de band tevreden weer, met het al genoemde resultaat. Kim Janssen is sindsdien bovendien definitief tot de band toegetreden.
Lees verder..Person L - The Positives
2010 mag dan wel al in volle gang zijn, toch wil ik hierbij nog even de aandacht vestigen op iets moois uit 2009. Het zit namelijk zo: ene Kenny Vasoli (wie kent ‘m niet) van de punkband The Starting Line (die kende ik nog niet) heeft met zijn gelegenheidsband Person L een cruciale tweede uitgebracht en dat is wat mij betreft een zeer fijn album geworden. Er zijn nog steeds post-punk-invloeden te bespeuren van bands als Fugazi, Drive Like Jehu en Jawbox, die op eersteling Initial uit 2008 nadrukkelijker aanwezig waren. Maar dit album gaat verder, deze klinkt meer indie. Met afwisselend scheutjes rock 'n' roll, blues en soul erdoor. Het doet me dan ook aan Spoon denken. En soms aan Swervedriver. Het is indie met een rauw randje. Zo klinkt de stem van Vasoli in de fellere stukken als die van Trent Reznor en da's niet verkeerd. Het is een behoorlijk gevarieerde bedoeling, waarbij met name de diversiteit in drumwerk opvalt. En het lekker snerpende gitaargeluid. Het bluesy "Changed Man" is werkelijk om te smullen, de live-feel op het einde past perfect. Briljant om in de track "Sit Tight" een riff neer te zetten die direct klinkt alsof je ‘m al jaren kent. Misschien is dat ook zo, maar ik kan even niet op het Stones-nummer komen. Hoezo gelegenheidsproject? Hopelijk niet!
File Under: Blues ‘n Spoons
File Audio: [MySpace]
Kartasan - Another Profile
Kartasan (uit Gent, België) is een nieuwe band op het inmiddels behoorlijk bekende Nederlandse label Excelsior. En wie Excelsior een beetje kent, weet dan meestal ook wel wat hij ongeveer aan muziek kan verwachten. In het geval van Kartasan kom je dan echter voor een verrassing te staan: Jan Vandecasteele en de zijnen maken weliswaar melodieuze popmuziek, die hier en daar associaties oproept met Antony and the Johnsons ("Oh My God", "Helen"), maar vermengen dat vervolgens met latin jazz en funk. Waardoor een heel gevarieerde plaat ontstaat, die werkelijk prima in het gehoor ligt en bij eerste beluistering direct indruk maakt, maar die tegelijkertijd eigenlijk ook een duidelijke richting mist. De warme stem van Vandecasteele luistert prettig, en de regelmatig door strijkers en de blazers van The Killer Horns ondersteunde liedjes zijn bij vlagen heel fraai, maar de uitspraak van het Engels is bijvoorbeeld weer tenenkrommend, en de twaalf liedjes lijken niet echt een coherent geheel te vormen, met als meest opvallende nummer het funkende "Blame" en als goede tweede het croonende Sinatra-achtige "Fools Like Him". Hoe je het ook wendt of keert, onze zuiderburen hebben wel weer een nieuwe ster aan het firmament van de eigenzinnige en originele popmuziek, zoals alleen zij dat kunnen. Met die instelling komt Kartasan er wel.
File Under: Veelzijdigheid troef
File Audio:[MySpace]
The Micragirls - Wild Girl Walk
Vlinderende meisjespunk, met dikke lagen 60's meisjesbandinvloeden, ik ben bang dat ik dat nooit zal ontgroeien. Althans niet zoals jnnk aangaf bij een vorige cd van The Micragirls. En ik ben niet de enige, want in de credits van deze nieuwe cd Wild Girl Walk duiken zo maar Jon Spencer en Matt Verta-Ray op in de backing vocals om het geluid van The Micragirls te verrijken. Wat zeker ook scheelt is dat de drie Finse dames kwalitatief gezien flinke stappen vooruit doen met deze nieuwe cd zonder hun onschuld te verliezen en bovendien de combinatie orgels/drums/gitaar vastbesloten volhouden. De liedjes zijn allesbehalve eenvormig en gaan zelfs regelmatig de drie minutengrens over. Neem bijvoorbeeld "Run Thru The Night". Het is met de bovengenoemde heren in de koortjes en de dreinend diepe orgels bijna een zeemanslied geworden. Het contrast met voorbij sjezende nummers als "Girl Go Cray" en "Gotta Go" kan bijna niet groter. Al liggen halverwege dan nog wel Cramps-achtige "Electric Chair Twist" en het cheezy "I Know" die het gat overbruggen. Bovendien showen de drie dat ze met de prima Wanda Jackson-cover "Funnel Of Love" ook beschikken over een gezonde portie historisch besef. Dat Wild Girl Walk dan maar krap dertig minuten duurt, ach, zo hoort het toch?
File Under: Rammeldebammel rommeldebommel met een glimlach
File Audio: [MySpace]
File YouTube: [MySpace]
Alice Donut - Ten Glorious Animals
Steeds meer bands wagen zich aan een reünie, lijkt het wel. Een van die bands is bijvoorbeeld de Pixies: een reünie waar veel mensen erg blij mee waren. Genregenoten Alice Donut zetten in 2004 de trend: van 1986 tot 1996 timmerden zij aan de weg, om vervolgens uit elkaar te gaan en acht jaar lang niet van zich te laten horen. Hun reünie bleek niet eenmalig te zijn, want dit jaar brachten zij opnieuw een album uit, getiteld Ten Glorious Animals, op het label van Jello Biafra. Als je die cd hoort, begrijp je ook direct waarom ik van alle bands die weer bij elkaar gekomen zijn, uitgerekend de Pixies noemde: niet alleen doet Alice Donut muzikaal erg aan deze band denken, ze eren ze ook nog met een cover, het briljante "Where Is My Mind". In originaliteit doet deze overigens maar nauwelijks onder voor het origineel: de stem van Black Francis is vervangen door een gedempte trompet! De klassiek geschoolde muzikanten van Alice Donut hebben een gevarieerde plaat gemaakt, met prima college rock, vol melodie en afwisseling. Maar ook met soms behoorlijk deprimerende teksten, iets wat je niet verwacht als je de vrolijke dierentekeningen in het cd-boekje bekijkt. Een band met vele gezichten dus, en absoluut de moeite van het horen waard.
File Under: Lang leve de reünie
File Audio:[]MySpace[]
The Wolfmen - Married To The Eiffel Tower
Wat zou jij doen als je als band nog niet doorgebroken is met je debuutalbum en connecties hebt met een muziekwereldburger? Inderdaad, dan vraag je de engel Sinéad O'Connor om haar vocale bijdrage te leveren aan je tweede album. En wat doe je aansluitend als het album Married To The Eiffel Tower uit is? Nou, dan breng je dat ene nummer waarop ze meedoet, "Jackie, Is It My Birthday?", als single uit. Ik kan de mannen van The Wolfmen (of hun platenmaatschappij) geen ongelijk geven. De connectie kwam overigens niet uit de lucht vallen, want Marco Pirroni speelde op haar "Mandinka" mee en een andere Wolfmen, Chris Constantinou, deed productiewerk voor haar. Hun sporen in de muziek heeft dit tweetal echter vooral verdiend in The Ants van Adam Ant. Dat is inderdaad alweer een tijd geleden, maar The Wolfmen doet mij niet aan vervlogen tijden denken. De band valt op door het gebruik van stoner-achtige ritmes, de krachtige zanger, de lekker rockende gitaar en de afwisseling in de om aandacht vragende liedjes. Zo dacht ik bij het eerste nummer door het gebruik van een fluit met een folkband te maken te hebben, maar niets van dit al. Dit is een rockband die niet voor gebaande paden kiest. Als volgende single adviseer ik ze trouwens de tweede track, "Mr. Sunday", want hier zou ik op de dansvloer wel eens loos willen gaan. Het album zakt overigens wel wat in naar het einde, alsof het vuur verschoten was, maar het ijzersterke begin maakt veel goed.
File Under: Dolfje Weerwolfje
File Audio: [MySpace]
File Video: [Het Wolfmenkanaal]
Heavy Trash - Midnight Soul Serenade
Jon Spencer is het ultieme voorbeeld van iemand bij je nooit weet hoever de tong in de wang steekt. Is het nu allemaal pure, postmoderne ironie, of is het gewoon uit de hand gelopen liefde? Of zijn die twee in zijn geval gewoon hetzelfde? Nu Jon Spencer Blues Explosion nauwelijks meer voor naschokken zorgt, is het Heavy Trash dat het grootste deel van zijn aandacht opeist. En terecht. Want de derde plaat van Heavy Trash, Midnight Soul Serenade, bewijst dat de band die hij deelt met Matt Verta-Ray net zoveel succes verdient als de Blues Explosion. De blues is ingeruild voor rockabilly en rhythm & blues, maar het procedé is hetzelfde: oude, traditionele muziekvormen opblazen en schots en scheef weer in elkaar zetten, zodanig dat de impact hetzelfde is als een halve eeuw geleden. Opwindende, geile, zwetende, pure muziek, die ooit als een big bang de popmuziek binnendenderde, maar sindsdien meer en meer is verwaterd. En ja, blijkbaar is het dan onvermijdelijk dat je soms twijfelt of het diep uit het hart afkomstige, pure klanken zijn, of cartooneske ongein ("Bumble Bee", "The Pill"). Onder de streep blijft het vooral een vrolijke, maar ranzige plaat die Elvis en zijn meest opwindende tijdgenoten (maar ook Spectoriaanse damesgroepen, getuige "Gee, I Really Love You") eert. Geloof me, uit pure liefde.
File Under: Blues Explosion is dood, leve Heavy Trash
File Audio: [Gee, I Really Love You][Isolation]
File Video: [(Sometimes You Gotta Be) Gentle]
Gliss - Devotion Implosion
Die iPhones die Apple maakt zijn natuurlijk hartstikke leuk speelgoed. Mail, agenda, kloeke apps voor een schappelijk bedrag, perfect geregeld. En het mooiste is natuurlijk dat je je halve muziekcatalogus ook nog mee kunt slepen. Een ding doet Apple alleen verkeerd: de koptelefoons die ze meeleveren met iPod's en iPhones zijn bar slecht. Niet alleen bezorg jij als luisteraar je omgeving flink wat overlast door de verstrooiing van geluid, jij moet je muziek ook hard zetten om je omgevingsgeluid niet te horen als je dat niet blieft.
Daarom vroeg ik voor mijn verjaardag dan ook een fijne nieuwe inear koptelefoon die beide problemen oplost. Nu kan ik luisterend naar Devotion Implosion, de nieuwe cd van Gliss, tenminste lekker wegzakken in de knorrende bas van Victoria Cecilia en de scherpe noisy gitaarpartijen van haar partner in crime David Reiss terwijl Martin Klingman zingt. En als zij dan zingt, dan krijg ik een prettig warm gevoel van binnen. Ik snap George wel wat dat betreft. Helemaal nu Gareth Jones (o.a. Goldfrapp, Interpol en Liars) de band van een moddervette sound voorzien heeft. Door de boy/girl afwisseling in de zang krijg ik een beetje Sonic Youth-associaties. Maar Gliss is minder dwars. Gliss combineert kinderlijk eenvoudig My Bloody Valentine-achtige geluidsmuren met het gevoel voor liedjes van de oude Placebo en soms zelfs een zweempje Suede. Tegen zo'n geluidsmuur is het lekker hangen. Dat er in "Sister Sister" dan een deel van die stugge geluidsmuur vervangen wordt door een deels transparante glaswand die aan het einde plots naast staat, dat is alleen maar prettig en geeft aan dat de band niet alleen maar uit is op semi-makkelijk scoren. Want dat ligt met uitzicht op iemand als Victoria Cecilia bijna voor de hand namelijk.
File: Gliss - Devotion ImplosionFile Under: De betere geluidsmuren.
File Audio: [MySpace]
Marit Larsen
In april vorig jaar sprak ik met Marit Larsen, na een eerste kennismaking met haar muziek op Eurosonic. Nederland is nog steeds niet gevallen voor de kleine Noorse zangeres, maar Duitsland ging wel helemaal plat voor haar. De single "If A Song Could Get Me You" belandde zelfs op de eerste plaats in de Duitse hitlijsten en er ging vrijwel geen televisieshow voorbij zonder de knappe verschijning van Larsen. In 2010 mag ze het opnieuw gaan proberen op Eurosonic in Groningen, want succes in Noorwegen en Duitsland is leuk, maar de rest van Europa zou toch eindelijk eens moeten volgen.
Vanachter haar grote Ray Ban-zonnebril begroet Marit Larsen me op het zonnig terras achter Paradiso, waar Marit en haar band even genieten van een half uurtje rust en lentezon. Het is een lange dag geweest, vooral omdat Marit na slechts vier uur slaap acte de présence mocht geven in het ochtendprogramma van Giel Beelen.
Marit is haar tweede solo-album, The Chase, aan het promoten en doet enkele concerten in Nederland en Noorwegen, na eerder dit jaar een uitgebreide toer in het voorprogramma van Jason Mraz te hebben afgerond. Sinds 2006 heeft Marit vrijwel non-stop in Noorwegen getoerd, maar nu moet de rest van Europa nog gaan vallen voor de charmes van deze jonge Noorse zangeres.
Hudson Mohawke - Butter
Zo. Het is januari, alle jaarlijstjes van 2009 staan overal op je te wachten en dan is de vraag: wat was er nou echt goed vorig jaar? Ik heb nog lang niet alles gehoord. Zo heb ik pas onlangs artiesten als Clark en Nosaj Thing ontdekt. Op elektronisch gebied viel de oogst bij het platenlabel Warp, dat al jaren als trendsettend geldt op het gebied van nieuwe elektronische muziek, me eerlijk gezegd tegen. Ter gelegenheid van Warps twintigjarig bestaan kwamen er nota bene een heleboel dure en best goede verzamelaars uit. Maar met kerst was er opeens weer een 'Warp 2010'-compilatie met recente nummers voor vijf euro, die her en der werd afgekraakt. Kortom, chaos troef. Natuurlijk is het sowieso hit or miss met experimentele muziek. Zo begrijp ik bijvoorbeeld niks van de Schot Hudson Mohawke, die bij Warp debuteerde met de bithop-plaat Butter. En die staat me toch in een hoop jaarlijstjes... Toegegeven, Mohawke is technisch interessant als hij instrumentaal doet: hij pakt allerlei ultrakorte samples en voegt die samen tot een melodielijn alsof het noten zijn, bijvoorbeeld in het hypernerveuze maar knappe "Gluetooth". Helaas moet je daar dan een hele hiphopplaat omheen denken, inclusief rap en rapzang eroverheen en zelfs een enkele Charlie the Unicorn-achtige skit ertussendoor. En hiphop is mijn genre niet. Bij tijd en wijle zijn de vocalen bovendien precies zo slijmerig als je vreest. Ik kwam er niet doorheen, en ik ben er toch behoorlijk vaak aan begonnen. Laat ik het dus zo zeggen: het is uitstekend materiaal om te remixen...
File Under: Smaakkwestie
File Audio: [MySpace][Fuse]
File Video: [Polkadot Blues]
The Murder of my Sweet - Divanity
Net als je denkt dat je alles wel gezien hebt op het gebied van bandnamen, valt dit op je deurmat: The Murder of my Sweet. Ach, what's in a name… Hun debuut Divanity, volgens het promopraatje een samenvoegsel van 'diva', 'divine' en 'vanity', laat een bombastische mix van melodieuze rock en gothic horen zoals we dat vaker mogen beluisteren van rockbands met een blikvangende zangeres. Angelica Rylin heet ze ditmaal, en ziet ze er uit alsof ze net op weg is naar een auditie bij de Army of Lovers. Hopelijk wordt ze daar afgewezen, want het muzikale jasje van deze band zit haar als gegoten. En zingen kan ze: haar stem klinkt spannend, helder, krachtig en lenig. Hiermee houdt ze zich prima staande tussen van alle scheurende gitaren en symfonische toetsen. Tekstueel tapt de band uit bekende vaatjes: duisternis, moeilijke liefdes, kracht vinden in jezelf, tragische sterfgevallen, noem maar op. Bij de eerste twee luisterbeurten gebeurde er weinig tussen mij en de band, maar opeens klikte er iets. Ik merkte dat ik steeds vaker begon mee te zingen en sommige nummers stiekem nog een keer draaide. En nog een keer. Kortom: de muziek doet iets met me, hoewel ik nog niet echt kan omschrijven wat dat precies is. Al met al vind ik deze cd een geslaagd debuut van een band waarvan ik hoop dat ze de volgende keer wel iets meer avontuur in hun muziek durven toe te laten. Waarschuwing aan de heren en dame vooraf: weet wel je plaats in de muziekhistorie, want om het slotnummer "Death of a Movie Star" te omschrijven als 'onze eigen Bohemian Rhapsody'? Ik zou er mee oppassen...
File Under: Spannende zangeres, helaas iets minder spannende muziek
File Video: [Bleed me dry]
Leprous - Tall Poppy Syndrome
Ik heb afgelopen weken besteed aan het broodnodig herstructureren van De File Under-burelen. Dat heeft ondertussen zoveel om het lijf dat je dat niet meer even in een half uurtje doet. Het nadeel van zo'n herstructurering is dat je ook over allemaal cd's struikelt die aan je aandacht ontglipt zijn en dus niet in mijn verder netjes geordende database terug te vinden waren. Niet allemaal zijn ze de moeite waard om nog te noemen, maar zo ze het wel zijn komen ze hier de komende weken nog voorbij.
Leprous was dus een van de weesjes die nu eindelijk zijn gang naar de database gevonden heeft en 'bestaat'. En hoe! Ik verbaas me er oprecht over dat ik niet meer enthousiaste verhalen gelezen heb over deze debuutplaat Tall Poppy Syndrome. Wie een beetje houdt van avontuurlijke progmetal uit de hoek van Opeth en Pain of Salvation móest gewoon afgelopen jaar wel Tall Poppy Syndrome tot zich genomen hebben. Al was het maar omdat beiden afgelopen jaar niet met fatsoenlijk nieuw materiaal op de proppen kwamen. Overigens komen is Leprous niet zomaar een nieuw bandje. Zo werden ze na een optreden van de band persoonlijk door Emperor's mastermind Ihsahn gerekruteerd om als zijn backing band te fungeren. Wat ik ook wel opvallend vond is dat de band een subsidie ontving om deze debuutplaat op te nemen. Daar hebben ze grif gebruik van gemaakt, want de plaat is tot in de puntjes verzorgd zonder helemaal dichtgetimmerd te zitten. Typische Scandinavische progmetal zou ik het willen noemen. De zang van Einar Solberg zal misschien niet iedereen voor zich kunnen winnen, maar ik heb veel en veel slechtere stemmen gehoord in de progmetal. Bovendien ligt de focus meer op de muziek dan op de zang en die is een uur lang dik in orde. Check maar eens het ijzersterke titelnummer en het afsluitende "White".
Wie de band live aan het werk wil zien in Nederland moet overigens nog even geduld hebben. 3 oktober 2010 spelen ze op ProgPower Europe in Baarlo. Ze zitten nu in mijn database en gezien de puike bombast op Tall Poppy Syndrome ga ik die dag nu vast blokkeren in mijn agenda.
File: Leprous - Tall Poppy SyndromeFile Under: Scandinavische Progmetal = goede progmetal
File Audio: [MySpace]
Doveman - The Conformist
De eeuwig fluisterende Thomas Bartlett is zo'n muzikant bij wie je altijd afvraagt wat nou zijn reden van bestaan is. Is ‘ie een sessiemuzikant of gaat het hem om zijn soloprojecten? Als toetsenist Thomas Bartlett duikt hij op bij onder (veel) meer The National, Bebel Gilberto, Martha Wainwright, David Byrne, Yoko Ono en Antony and the Johnsons. Naast deze drukke baan als sidekick, maakt hij onder de naam Doveman al een tijdje mooie, verstilde platen. Wederdiensten rulen, dus vinden we een aardige lijst gastmuzikanten op zijn nieuwste, The Conformist: Beth Orton, Martha Wainwright, leden van The National en Norah Jones, om er maar een paar te noemen. Toch is Thomas Bartlett de baas. Vier platen heeft hij op zijn conto staan en alle vier bewegen ze in hetzelfde straatje: door subtiele toetsen gedomineerde, fluisterzachte liedjes. Slechts een enkele keer gaat het tempo omhoog ("Hurricane", met een mooie, dwingende bas), maar het grootste deel van The Conformist gaat in het tempo van langzaam vallende sneeuwvlokken. En da's meteen het landschap en het seizoen waarin Thomas Bartlett's liedjes het mooist tot zijn recht komen. Dan mag hij zo nu en dan ("Memorize") wat elektronica toevoegen of wat strijkers en tegensputterende drums ("From Silence"), het belangrijkste instrument is de piano. En nu eens niet als begeleiding voor anderen, maar om Doveman's eigen wereld te laten horen.
File Under: Het sneeuwt
File Audio: [Castles]
File Video: [The Best Thing]
The Antlers
Zoals zoveel muzikanten werd Peter Silberman door New York aangetrokken en hij vestigde zich een aantal jaar geleden in Brooklyn. In de eerste jaren in deze stad raakte Silberman geïsoleerd van familie en vrienden. Deze twee jaar vormen de basis voor de debuutplaat Hospice van The Antlers, vertelt Silberman als ik hem naar die tijd vraag. 'Het was niet zo dat ik twee jaar lang in een kamer heb gezeten en niets heb gedaan, maar het was gewoon een periode in mijn leven dat ik verwijderd raakte van familie en vrienden.'
Lees verder..Lawrence Arabia - Chant Darling
Ringo Starr zal niet de geschiedenis ingaan als de beste drummer ooit. Toch is zijn geluid karakteristiek voor de band waar hij in drumde. Het geluid dat de drummer van Lawrence Arabia produceert heeft veel weg van dat van Starr. Maar het gaat bij Lawrence Arabia niet om de drummer. De belangrijkste man is zanger/gitarist/songschrijver James Milne, Nieuw-Zeelander, en o.a. bekend van The Brunettes. Hij heeft net als andere Nieuw-Zeelandse muzikanten, zoals de Finn-broers, een zwak voor The Beatles. En met hen waarschijnlijk heel veel wereldburgers. Onlangs zag ik met eigen ogen dat ook iemand als Paul McCartney live nog steeds jongeren kan boeien, al was er meer ouder publiek. Aangezien deze Beatle ook niet het eeuwige leven heeft, is het prima als anderen verder gaan met de Beatlesque-sound. Lawrence Arabia kent op Chant Darling overigens meer invloeden. Zo zijn The Beach Boys niet ver weg in "I've Smoked Too Much" en mag ook de lo-fi-muziek zich doen gelden. De bombast die vooral de laatste albums van The Beatles kenmerken kan niet iedereen bekoren, omdat het soms het naakte liedje om zeep helpt. Lawrence Arabia brengt op hun tweede album, Chant Darling, tien boeiende liedjes. Het is in ieder geval een album waarop je je eigen weg moet zoeken en dat zich niet opdringt als de zoveelste Beatles-kloon, en daar kan ik mij prima in vinden.
File Under: The Beatles leven voort
File Audio: [MySpace]
File Video: [Apple Pie Bed][The Beautiful Young Crew]
Week 52, 2009
Storm
Leprous - Tall Poppy Syndrome
Ewie
The Gilded Palace Of Sin - You Break Our Hearts, We'll Tear Yours Out
Ludo
Lou Reed - Ecstasy
Gr.R.
MGMT - Time to pretend
Joice
Broken Bells - Broken Bells
Ramon
Hockey - Mind Chaos
André
Richard Hawley - Trueloves Gutter
Prikkie
Chad Smith's Bombastic Meatbats - Meet The Meatbats
DubbelMono
Royal Bangs - Let It Beep
ForestSounds
Klaus Schulze - La Vie Electronique 3
Stonehead
Yeasayer - Odd Blood
Spit Like This - We Won't Hurt You (But We Won't Go Away)
Zo spannend als Oud en Nieuw lang geleden voor de kleine Prikkie was, zo weinig bijzonder is het heden ten dage. Een nieuw jaar? Best. Een keer champagne en oliebollen, da's leuk, maar verder is het een dag als alle andere. Ik heb er al heel wat meegemaakt, dus de nieuwigheid is er wel vanaf. Na bijna 750 recensies gebeurt dat ook wel eens met een cd. Sterker nog, je kunt aan de hand van de hoes en de titels al voorspellen wat je te horen krijgt. Op de hoes van We Won't Hurt You (But We Won't Go Away) is de band Spit Like This te zien, afzichtelijk getekend en met voor elk bandlid een uiterlijk dat nadrukkelijk door een marketingafdeling bedacht lijkt. Evenals de namen van de bandleden: Lord Zion (zang), Vikki Spit (bas), Cyndi Rott (gitaar) en Vile Gilez (drums). De songtitels bevatten pareltjes als "Sex Drugs And Heavy Metal", "Pussywhipped" en "Sleaze Sells But Who's Buying". En dan komen ze ook nog vergezeld van kwalificaties als 'best known for their theatrical live performances featuring severed mannequin heads, strobe lights, smoke, whips, simulated oral sex, fake blood, one-off guitar solos, and audience sing-alongs'. En ja, ze zijn net zo erg als het voorgaande suggereert. Of nog een tikkie erger. Glam en surf op K3-niveau, meer is het niet. Matige songs, beroerde productie, zang die die kwalificatie maar met moeite haalt. Was het je gezondheid dan zou je huisarts het omschrijven als 'algehele malaise'.
File Under: Dokter, als ik hier druk doet het daar pijn...
File Audio: [SpitSpace]
Majestic Scene - Swinging In A Perfect Poise
Americana en folk zijn muziekstromingen die traditioneel uit het zuiden lijken te komen. Niet alleen in de Verenigde Staten, maar ook in Nederland. Wij hebben namelijk het Tilburgse Majestic Scene, dat zich al twee decennia lang toelegt op rootsmuziek in de lijn van Will Oldham, Calexico of Neil Young ten tijde van Harvest. Dat ze weten waar deze muzikanten de mosterd gehaald hebben, tonen ze door de secret track van Hank Williams, "Alone and Forsaken", dat qua stijl prima past op Swinging In A Perfect Poise. Jammer is dat de productie nogal vlak is, met name als het gaat om het drumgeluid. De prachtige climax in "Dog's Lament" had wat mij betreft bijvoorbeeld best feller en luider mogen klinken. Daarmee hebben we meteen een ander minpunt van deze cd te pakken: het is zeker niet slecht wat Majestic Scene laat horen, maar er zitten geen gedenkwaardige liedjes tussen. De meeste nummers kabbelen voort van begin tot eind en laten je niet opveren van je stoel alsof je iets heel bijzonders hoort. Nu hoeft niet elke cd een voltreffer te zijn, maar het is altijd goed als er een of meer nummers opstaan die je ook over een hele tijd nog eens doen teruggrijpen naar deze cd. En dat gaat met Swinging In A Perfect Poise in mijn geval niet gebeuren, hoe goed ook.
File Under: Southern rock
File Audio:[]MySpace[]
Marta Kubišová - Ne! The Soul of Marta Kubišová
Politiek en muziek vormen meestal geen al te gelukkige combinatie. Over politiek zingen betekent meestal protestliederen en dat betekent meestal dat de inhoud de vorm inhaalt (uitzonderingen daargelaten). Ik vrees dat het ook geldt voor Marta Kubišová. Voor haar werd het zowiezo een sneu verhaal. In de tweede helft van de jaren zestig beleefde ze haar hoogtijdagen. Afkomstig uit het communistische Tsjechoslowakijke dat op dat moment een tijd van verlichting kende, trad ze op tot in het Olympia in Parijs. Helaas protesteerde ze net iets teveel tegen het regime, zodat in 1970, toen de landen van het Warschau Pact ‘het communisme met een menselijk gezicht' te ver vonden gaan, ze een beroepsverbod kreeg. Einde carričre. Vampisoul verzamelt op Ne! vijfentwintig tracks die Marta Kubišová opnam tussen 1966 en 1970. Je hoort poppy soul-met-orkest ("Billy Stul"), soms uitwijkend naar jazz ("Kto Ti Radu Da"), soms zowaar naar een soort ruige beat ("Tak Dej Se Ka Nam a Projdem Svet", "Svlikam Lasku"), inclusief overdadig gebruik van fuzz. De muziek past mooi in haar tijd ("Hare Krišna") en is ook nu de moeite van het beluisteren waard. Niet dat we een verborgen wereldster ontdekt hebben, daarvoor heeft ze te kort kunnen werken. Overigens treedt ze sinds 1989 weer op en met veel succes, gezien haar agenda. In Tsjechië geldt ze als een icoon, de rest van Europa lijkt haar te zijn vergeten.
File Under: Carričre in de knop gebroken
File Audio: [Ne]
File Video: [Nechte Zvony Znit]
Brett Anderson - Slow Attack
Ik zie hem zo nog voor me staan daar in Paradiso. Een van de spillepootjes op de monitor, lange plukken haar voor zijn gezicht en gevaarlijk rondzwaaiend met zijn microfoon op de geweldige klanken van "The Wild Ones". Er was opwinding, er was spanning, er was seks. Bij Suede had Brett Anderson zijn beste dagen, maar over Suede wil hij inmiddels niet meer praten. Na een uitstapje via The Tears is Slow Attack zijn derde solo-album in drie jaar tijd. Waar zijn eerste album nog wel aardige momenten had, was opvolger Wilderness uit 2008 eigenlijk al tenenkrommend slecht. Zelden een ex-indie-icoon gezien die zo wanhopig en opzichtig zijn best doet om serieusgenomen te worden. Helaas biedt Slow Attack meer van hetzelfde. Brett en een piano op elf herfstachtige nummers met zo nu en dan een strijker. Stemmig, doodserieus, traag en vooral ook dodelijk saai. De constante wanhoop en pathos in Brett's stem gaat zelfs zo op de zenuwen werken dat ik het album eigenlijk niet in één keer heb kunnen afluisteren. Een 'slow attack' is het inderdaad, vooral op het uithoudingsvermogen en geduld van mij als luisteraar. Misschien toch tijd voor een reünietourtje Brett?
File Under: Traaaaaag
File Audio: [MySpace]
File Video: [The Hunted]
Kid Harpoon - Once
Kid Harpoon, ooit geboren als Tom Hull, heeft er aardig lang over gedaan om zijn debuutplaat uit te brengen, als vervolg op een al in 2008 uitgebrachte EP. Maar het moet gezegd worden: het lange wachten wordt beloond. Samen met Trevor Horn nam Harpoon de cd Once op, een plaat met vele gezichten. Om te beginnen, letterlijk en figuurlijk, is daar de vrolijk klinkende zanger, die met een heerlijk meezingliedje als "Stealing Cars" je meezuigt in de rest van de plaat. Een beetje zoals de Mystery Jets dat ook doen. Maar vergis je niet: muzikaal zijn veel van de tracks weliswaar uptempo en vrolijk, maar tekstueel is het bepaald niet altijd gezelligheid wat de klok slaat. 'Did you see the way that I was when I was down', zingt Kid Harpoon in "Back From Beyond". Halverwege de cd volgen dan ook wat rustiger, akoestische, nummers, die wat meer ruimte bieden voor het beluisteren van zijn teksten. Over zijn depressieve periode zingt Kid nog wel meer op Once. Daarom is het goed dat hij met Horn in zee is gegaan: ondanks de soms zware teksten krijgt de cd hierdoor de lichtheid die een brug kan slaan naar het grotere publiek, en dat verdient deze Londenaar.
File Under: Happy Kid
File Audio:[MySpace]
The Killers - Smile Like You Mean It
Ben Reel - Time To Get Real
Het oud en nieuw zit er weer op. Er werd bij ons in de buurt veel vuurwerk afgestoken en dat was niet tot genoegen van onze katten. Als bange wezels schoten ze door huis en zochten ze naar een veilige plek. Helaas, is er tegen knalgeluiden niets te doen. Alleen al om deze reden ben ik een groot voorstander -als het dan toch moet- van siervuurwerk. De Ier Ben Reel en zijn drie bandleden houden ook niet van knalvuurwerk, althans muzikaal niet. Hij is iemand die houdt van het good-old-singer-songwriterwerk in de traditie van Neil Young ten tijde van Harvest, maar dan wel ontdaan van alle kitsch. De basis op Time To Get Real is de akoestische gitaar aangevuld met de elektrische gitaar, bas en drums. Hier en daar komt er nog een mondharmonica voorbij en zo hoort dat in dit genre. De gastmuzikanten worden nog ingeschakeld voor de piano, orgel en viool. Als er dan nog achtergrondzangeressen meedoen dan is het helemaal volgens het boekje. Tekstueel is het hier en daar ook keurig. Zo opent hij in "Summer Always" met de zin 'Summer's always here when you're around'. Ik zou om minder braakneigingen krijgen. Hier zit toch wel een beetje het pijnpunt van Time To Get Reel: het is allemaal zo netjes en braaf. Ik ben ervan overtuigd dat ik enthousiast uit de pub zou komen na het zien van deze band en het nuttige van een aantal Guinness-bieren, maar thuis onderuit gezakt op de bank ontbreekt er de spanning. Alsof het siervuurwerk niet goed zichtbaar is door de laaghangende mist.
File Under: Niet aanstootgevend
File Audio: [MySpace]
File Video: [Live:[Keep In Drivin]]
Jookabox - Dead Zone Boys
Vraag niet hoe het kan, maar Jookabox, voorheen Grampall Jookabox, komt na het absurde en geslaagde Ropechain weer met een plaat die op de schaal van knotsgek tot volledig van de kaart een tien scoort. Waar het debuut nog opgenomen leek in een bedompte kelder hebben David "Moose" Adamson en zijn kompaan Patrick "Ostry" "Sweets" Okerson (ik verzin het niet) zich nu buiten gewaagd. Maar niet nadat ze zich eerst flink moed in hadden gedronken, waarna de dikke clowns zich vergaten zich aan te kleden en dansend in maagdelijk witte onderbroeken in een winkelcentrum belanden. Waar het trouwens verdacht stil is. Moose laat een boertje. Ineens barst een helse carnaval van gekrijs en evil laughs los. Duizenden zombies hebben de suburbia overgenomen terwijl de mannen van Jookabox dagenlang in zalige onwetendheid stoned voor pampus lagen. Wat nu te doen? Dansen voor je leven, Dead Zone Boys! Ooit geweten dat zombies smurfenstemmetjes hebben? 'Awooooeh, evil in the first degree!' krijst Moose in een van de vele melige hoogtepunten "You Cried Me". Er wordt getrommeld op alles wat voor handen is. De zombies weten niet wat ze meemaken en zetten een polonaise in. 'Down phantom I am in love with you, I do anything you want me to do!' Het duurt niet lang voordat mens en mutant beste maatjes zijn en in een gezamenlijke roes de lokale liquor store bestormen. Wat er dan gebeurd is niet geschikt om aan papier toe te vertrouwen, laat ik het bij een quoteje uit het slotnummer houden: 'Straight to the fucking again!' (Herhaal ad infinitum)
File Under: The midnight hour is close at hand
File Audio: [Jookabox-Space]
Femke Japing - Ready As I'll Ever Be
Ik ben een groot liefhebber van het Haagse trio Remmelt, Muus & Femke. Hun draai aan het geluid van Crosby, Stills, Nash & Young, maar wel aan de hand van eigen liedjes is in Nederland nog steeds niet overtroffen. Maar Femke schreef ook al tijden liedjes die niet echt pasten bij de fraaie harmonieuze samenzang van de drie. Daarom komt ze nu met een album onder eigen naam. Dat album laat inderdaad een flink ander geluid horen dan ik van haar gewend ben in het trio. Ze is niet in ene een rockdiva geworden ŕ la Anouk geworden, maar ik snap wel dat haar platenbaas (en vriend) Matty bij de Plato in Den Haag een cd-single van Femke ("Stuck") weggaf aan iedereen die een singletje van Anouk kocht. Al staan er nog wel meer rockende tracks op cd die passender geweest waren zoals "Piece Of Mind". Femke's stem leent zich daar prima voor, maar ik vind het wel jammer dat ze nergens even écht los gaat, dat had van mij best gemogen. Daardoor laat Ready As I'll Ever Be bij mij net teveel een lieve indruk achter, maar niet Ilse-lief. Nu landt Femke vaak ergens in de buurt van Carly Simon. Dat komt deels door de volle popproductie en arrangementen van Mouse, die bijvoorbeeld in "Falling From Grace" zich lekker uitgeleefd heeft. Toch denk ik dat ik Femke liever gewoon hoor spelen in combinatie met Muus en Remmelt. Die twee komen vanzelfsprekend nog wel komen buurten in enkele liedjes, maar dat had van mij best wat meer mogen gebeuren. Al bewijst Femke met Ready As I'll Ever Be Femke prima op eigen benen te kunnen staan.
File Under: Ze was er inderdaad klaar voor
File Audio: [MySpace]
Dallas Green
Het stinkt wanneer na twee keer kloppen de deur van de kleedkamer opengaat. Een aantal bandleden zitten op de bank, wat roadies zitten achter een laptop en binnen een paar seconden verandert heel de opzet. Omdat een journalist zo nodig een interview moet afnemen. Het voelt toch alsof je een spelbreker bent. De kamer ruikt naar warmte, dufheid en vlees. Ze hebben net gegeten en Dallas Green, bekend als zanger van Alexisonfire, stelt voor om de deur even open te zetten. Ik krijg twintig minuten van zijn avond en terwijl de tijd tikt, ruimt hij het eerst een beetje op. Uit schaamte wellicht, maar vooral omdat hij zegt een fanatieke opruimer te zijn. En terwijl de eetschalen, truien en lege flessen als na een orkaan in de ruimte liggen, zegt hij opgeruimd te hebben. Ik geef ‘m een schouderklopje en raad aan om te beginnen met het interview. Opgeruimd staat niet altijd netjes.
Lees verder..Herb's Excellent Adventure - Blind Spot
Ik zal het maar eerlijk zeggen: over Nederlandse bands wil ik altijd het liefst juichende recensies schrijven. Gewoon, omdat ik het ze zo gun. Ik bedoel, uit België komen ook een hoop hartstikke goeie bands, die soms zelfs internationaal doorbreken, dus waarom zouden wij dat in Nederland niet kunnen? Met een hoes die wel wat weg heeft van Tool's Undertow zijn de verwachtingen direct hooggespannen. De band van Patrick Oxsener en de zijnen maakt muziek die een kruising is tussen ouderwetse Amerikaanse rock, wat modernere indierock en hier en daar wat symfonische invloeden. Met nummers die heel niet slecht zijn, maar tegelijkertijd ook niet blijven hangen, laat staan memorabel zijn. Ze zijn weliswaar gevarieerd, met goede gitaarriffs en strakke drums, maar ook zeer gemiddelde melodieën. Uitzonderingen daargelaten, zoals in "Sugar In The Tank" en de ontroerend mooie afsluiter "Break Down". Al met al haalt Blind Spot wel degelijk een ‘voldoende', maar nog geen ‘goed'. Een goed album zal er waarschijnlijk pas voor zorgen dat deze band zal doorbreken, in elk geval nationaal. Misschien de vervolgplaat? De potentie is er, nu even het bescheiden jasje van zich af schudden en zorgen dat de opvolger ‘on-Nederlands goed' wordt.
File Under: (Net) niks mis mee
File Audio: [Blog van Herb's Excellent Adventure]
Lita Ford - Wicked Wonderland
Het is dat ik niet zo op geblondeerd en leer val, maar anders hadden in mijn tienerjaren mijn hormonen overuren gedraaid van Lita Ford. Ze was weliswaar al bekend van The Runaways, maar ze dook pas daarna echt de hardrockhoek in, met als commercieel hoogtepunt het album Lita uit 1988, dat zelfs hits opleverde in de vorm van "Kiss Me Deadly" en "Close My Eyes Forever", een duet met Ozzy Osbourne. In de jaren daarna hoorde je vaker over Lita Ford als vriendin-van-een-rockster dan over Lita Ford als muzikante. Niet geheel ten onrechte, want Ford mag dan een uitstekende gitariste zijn, een groot zangeres of songschrijver is ze nooit geweest. Albums waren vaak, op details na, kopieën van eerder werk. Na een pauze van bijna tien jaar is er dan nieuw werk en je zou verwachten dat ze in die tijd aan materiaal en stijl zou hebben geschaafd. Nee dus. De sound is geüpdate, dat zeker. Maar het klinkt als de jaren-tachtig-Lita met een sausje van electronica, in plaats van een 21e-eeuwse Lita. Qua sound is een vergelijking met Marilyn Manson onvermijdelijk. Zwaar (over)geproduceerd, bakken echo op de zang en de heftigste gitaarrifs zijn te vaak platgewalst om nog indruk te maken. Het songmateriaal is helaas nog steeds tweederangs sjabloonrock. Het maakt dat de hernieuwde kennismaking me eigenlijk na twee nummers al de keel uithangt en ik de rest van het album met frisse tegenzin beluister, ondanks het doorgaans prima gitaarwerk. Het blijft hangen in weinig subtiele hitparaderock, duidelijk alleen gemaakt voor de Amerikaanse markt.
File Under: Opgewarmde prak van lang geleden
File Audio: [FordSpace]












































































































