Jimmy Gnecco - The Heart
Het is al tien jaar geleden dat ik Distorted Lullabies, de debuut-cd van Ours uit een opruimingsbak bij de Free Record Shop oppikte. Ik meen doordat in mijn achterhoofd een positieve recensie uit de Oor ronddoolde. Ik zat in die tijd nogal in hoek van de Musen, Radioheads en Jeff Buckleys van deze wereld en het melodrama van de band rond zanger Jimmy Gnecco sloot daar prima op aan. Ours bestaat nog steeds, maar op de een of andere manier heb ik de latere cd’s van de band gemist. En de eerlijkheid gebied mij te bekennen dat ik de debuut-cd van de band ook zeker een jaar of vijf niet meer gedraaid heb, maar nu weer uit de kast gehaald heb omdat frontman Jimmy Gnecco debuteert met zijn solo-cd The Heart. Deze kent een akoestische insteek en dat gaat me na een paar songs toch wel ietwat irriteren. In het openingsnummer “Rest My Soul” denk ik nog: die Gnecco kan nog steeds heel mooi zingen. In het tweede nummer (dat ook al met een Oeeh-hooe-hooe zin begint) het Radioheadesque “Light On The Grave” hoop ik al dat ‘ie een stapje extra gaat doen en de akoestische ban doorbreekt. Dat gebeurt dus helaas niet. Wat wel blijft is de dikke melancholische sluier over de songs en dan wordt zestig minuten wel een lange zit voor mij. Gelukkig zijn er songs als het bijna maniakale titelnummer die voor een beetje afwisseling zorgen. Maar ook daar hoop ik tevergeefs dat Gnecco even goed los gaat. Al stort hij wel op bewonderenswaardige wijze zijn hart uit. Wat dat betreft lijkt hij misschien wel meer dan ‘em lief is op Jeff Buckley met wie hij bevriend was vlak voor diens dood. Maar die vind ik toch echt wel een flink stuk beter.
File Under: Ours-frontman maakt te lange solo-cd
File Audio: [MySpace]
Tu Fawning - Hearts On Hold
De openingstrack van Hearts On Hold is een dramatisch stuk muziek met een droevig blazende trompet en een onheilspellend huilende zangeres. De slome sfeer werkt een beetje op de zenuwen, maar beklemmend is het zeker. Het tweede nummer "The Felt Sense" wordt gevormd door heftig stampende trommels met daaroverheen een prachtige zanglijn van zangeres Corrina Repp. Repp is normaal solo, en vormt samen met Joe Haege (31Knots) Tu Fawning. De muziek van dit gelegenheidscollectief verschilt flink van de muziek die deze twee normaal gesproken maken. Tu Fawning is voor beiden een dekmantel om eens een hele andere kant op te gaan. Tu Fawning klinkt als een poppy zusje van The Knife; minder onheilspellend, kortere nummers en zo nu en dan (bijvoorbeeld in "Apples and Oranges") zelfs bijna als popmuziek. Hier en daar klinkt het geheel wat stuurloos, zoals in "Hand Grenade" dat onheilspellend wil zijn maar het nergens wordt. Dat is iets wat je de plaat in zijn geheel wel mag aanrekenen: het onheilspellende mag nog wel wat zwarter worden ingekleurd. Benieuwd hoe ze dat in maart live in Paradiso gaan doen.
File Under: Poppy zusje van The Knife.
File Audio: [MySpace]
File Video: [I Know You Now]
Wire - Red Barked Tree
Al een paar keer heb ik gedacht dat het wel welletjes was met Wire. Het experimentele Object 47 uit 2008 was een inspiratieloze, wat mij betreft mislukte plaat. Half af, alsof ze er even aan getrokken hadden maar al snel concludeerden dat het niks werd. Nu had Wire ook weinig om zich voor te schamen en konden de grijzende vijftigers tevreden genieten van de herfst van hun carrière. Ze tilden in de jaren zeventig punkrock naar een nieuw level en experimenteerden zich in de jaren tachtig met wisselend succes een slag in de rondte. Lieten sporen achter van memorabele popsongs en vormen tot op de dag van vandaag als een soort moderne Velvet Underground een niet te beschrijven invloed op vele, vele bands. Daarna klonk de band flets, ongeïnspireerd en werd begin jaren negentig links en rechts ingehaald door de tijd. Dat was het einde van Wire. Dacht ik. Tot 2003, toen Wire knalhard en furieus terugkwam met Send, vorig jaar opnieuw uitgebracht en nog steeds meedogenloos sterk. Met teleurstellende Object 47 dacht ik opnieuw dat het klaar was. Weer mis, want nu is daar Red Barked Tree. Wire geeft met dit album een overzicht van hun eerdere werk zonder ook maar een beetje gedateerd te klinken of in herhaling te vallen. The Ideal Copy, zogezegd. Sterke songs zijn het, van toegankelijke pop naar ambient naar rauwe noise: bijna alle tracks zijn van een zuigende kwaliteit die er om vragen om de plaat keer op keer om te draaien en de naald weer in de eerste groef te zetten. Ik stop met denken dat het wel welletjes is met Wire, want deze band blijft terugkomen. Dat de nadagen van Wire nog maar lang, heel lang mogen duren.
File Under: Mooi oud worden
File Audio: [Two Minutes][MySpace]
Templo Diez - Greyhounds
Rasmuzikant zijn, het is er niet velen gegeven, vooral niet als er toch maar bescheiden successen zijn en ik me niet kan voorstellen dat dit een gevulde boterham oplevert. Als het bloed echter gaat waar het niet gaan kan, dan laat je het niet bij een bandje en breng je geregeld nieuw werk uit. Dit levert dan weer juichende recensies op en de fans knikken tevree, maar veel verder kom je niet in carrièreland. Ik zal het eerlijk zeggen: het kan me geen reet schelen zolang er maar prachtig werk uitkomt. In dit geval heb ik het over de in Nederland verblijvende Fransman Pascal Hallibert die met zijn sterkste troef Templo Diez weer een dijk van een album uitbrengt. Dat het album Greyhouds eraan kwam, was er al bekend toen de e.p. Freiheit eind vorig jaar verscheen. Hallibert en zijn vijf consorten gaan verder op de weg die aangekondigd was met muziek die het midden houdt tussen The Velvet Underground (met de typische John Cale-vioolpartijen) en de gedrevenheid van een Dave Eugene Edwards (Sixteen Horsepower). Greyhounds is geen album dat schreeuwt om aandacht, maar wel zo'n album waar je jezelf in kunt verliezen. Je moet dan wel je voelhorens open zetten, waarna je in hun Amerikaans aandoende wereld je je even helemaal verliezen kunt.
File Under: De wereld volgens Templo Diez
File Audio: [MySpace]
File Video: [Het Templo Diez-videokanaal]
Week 5, 2011
Storm
Dakota Suite - Vallisa / The North Green Down
Ewie
Templo Diez - Greyhouds
Ludo
Ryan Francesconi - Parables
Gr.R.
Luc De Vos - Ik heb in mijn jeugd gelijk een beest gezopen (EP)
Ramon
Wire - Red Barked Tree
André
Nicole Atkins - Mondo Amore
Prikkie
Cake - Showroom Of Compassion
Stonehead
The Dears - Degeneration Street
DubbelMono
Charles Bradley - No Time For Dreaming
Campking
Amplifier - The Octopus
Framing Hanley - A Promise To Burn
Je hebt van die bandjes waar je maar beter wat fanquotes kunt gebruiken om een recensie te schrijven. Want als je je pen in het azijn dipt en vervolgens er op los gaat, dan weet je vrij zeker dat je de hele fanschare over je heen gaat krijgen. Ik noem een Simple Plan of, dichter bij huis Only Seven Left. In het geval van Framing Hanley heeft het niet eens zin om je er druk over te maken. De band is volgens mij in Amerika al een minor player en hier in Nederland weet het viertal uit Nashville totaal geen voet aan de grond te krijgen. Bij de gratie van de broertjes Madden staan ze in het voorprogramma van Good Charlotte komende maandag in de Melkweg, maar die hadden met niet eens zo heel veel moeite een betere Nederlandse act kunnen ritselen. Wat A Promise To Burn, de tweede cd van Framing Hanley laat horen, staat namelijk gelijk aan een consumeren van een paar sneetjes witbrood: het verlangen naar een homp grof volkoren wordt met de hap groter. De liedjes zijn niet eens bruut slecht, ze zijn allemaal zo enorm dertien in een dozijn dat zelfs na een keer of tien draaien maar niet winnen aan onderscheidend vermogen of wat sprankeling tonen. Zanger Kenneth Nixon doet heel erg zijn best een beetje pathetisch uit de hoek te komen en zich op de juiste momenten van zijn gevoelige kant te laten zien, maar ik vrees dat 'ie alleen geloofd gaat worden door meisjes van een jaar of twaalf tot vijftien die de internets onderkalken met kreten als 'I LOOOOOOOVE NIXON!!!! SEXY BEAST!!! cant wait for ze albummmmmm :D', ' cant freaking wait....nixon is sooo damn sexy i agree with kim i would do him gosh' en ' I love framing hanley, they are awesome and just love nixon, he is so damn cute.' Ik kan het niet beter verwoorden.
File Under: Tja.
File Audio: [MySpace]
Hurtsmile - Hurtsmile
Steeds vaker krijgen we promo´s alleen nog in de vorm van bestanden. Daar zit bovendien niet altijd een bio bij. Zo kan het gebeuren dat je bestanden binnenslurpt, uitpakt en beluistert terwijl je nog geen idee hebt wat het gaat worden. Zo ook bij Hurtsmile. Dat duurde niet lang, want binnen de kortste keren herkende ik de stem van Gary Cherone. Huh? Cherone, die van Extreme en van dat ene zwaar onderschatte Van Halenalbum? Die ja. Nuno Bettencourt was afgelopen jaar op pad met arrenbiesterretje Rihanna en Cherone had eindelijk tijd voor zijn nevenproject Hurtsmile. Gitarist is zijn kleine broertje Mark. Hij mag dan geen Nuno Bettencourt zijn, het verbaast mij zeer dat we hem niet al veel langer kennen. Zijn gitaarwerk is namelijk spannend en technisch van hoog niveau. Drie van de vier leden (naast de Cherones ook drummer Dana Spellman) zaten ooit samen in Slipkid, bassist Joe Pessia zat in Bettencourts project Dramagods. Hurtsmile heeft (logischerwijs) veel overeenkomsten met Extreme, maar kent ook genoeg verschillen. Wat niet verschilt, is de kwaliteit van de songs. Vlotte rockers ("Just War Theory", "Tolerance Song"), fraaie zangpartijen (en een prachtig a capella-intro bij "Love Thy Neighbour"), maatschappelijke thema´s in de teksten en een niet te brave productie leveren een heerlijk album op. De grootste verrassingen zijn tot het laatst bewaard: de rockreggae "Just War Reprise" en het Dylanesque "The Murder Of Daniel Faulkner (4699)", al zou je ook kunnen zeggen dat deze songs een wat raar slot vormen. Ondanks dat is Hurtsmile in alle opzichten een meer dan geslaagd tussendoortje op weg naar het volgende Extreme-album.
File Under: Op en top Cherone. Dubbelop zelfs.
File Audio: [SmileSpace]
File Video: ["The Murder Of Daniel Faulkner"]
Gang of Four - Content
Oké, het is confession time. Gang of Four is een band die me eigenlijk altijd volledig ontgaan is. Ik kende de naam, wist dat ze van grote invloed waren op veel door mij bewonderde artiesten en wist dat ze regelmatig uit elkaar gingen en later weer samenkwamen. Maar kon ik zo drie nummers van Gang of Four opnoemen? Nee absoluut niet. Behoorlijk onbevangen zet ik dus ook ruim dertig jaar na het ontstaan van de band hun nieuwe album Content op. En het bevalt, al klinkt het album toch enigszins gedateerd. De gejaagde sound van bands uit de jaren tachtig als The Sound is duidelijk hoorbaar en je merkt dat de heren niet piepjong meer zijn. Ook de militaristisch schreeuwerige zang op enkele nummers is iets dat je vandaag de dag niet vaak meer hoort. Overduidelijk is ook welke bands ongetwijfeld beïnvloed zijn door deze vier. Ik hoor bijvoorbeeld duidelijk LCD Soundsystem op “I Party All The Time” en Grinderman op “You Don’t Have To Be Mad". In een boeiend interview zei de enigszins gefrustreerde ex-bassist Dave Allen onlangs het volgende: “I don’t believe the world needs an album of new music from an entity called Gang of Four.” Hij heeft waarschijnlijk wel gelijk en ik ben door Content ook niet meteen fan geworden, maar het album is goed genoeg om eens wat meer in het verleden van Gang of Four te gaan rondneuzen. Laat ik maar eens beginnen bij het debuut Entertainment! uit 1979 en dan langzaam naar Content toewerken, want Gang of Four niet kennen schijnt een doodzonde te zijn.
File Under: Blinde vlek
File Audio: [MySpace]
File Video: [You’ll Never Pay for the Farm]
File Twitter: [Twitter]
Cosmic Trip Machine - The Curse Of Lord Space Devil
Het verhaal achter het derde album van Cosmic Trip Machine, The Curse of Lord Space Devil, is aardig in de titel verwoord. Oorspronkelijk zou deze plaat namelijk The Son of Lord Space Devil heten, een dubbelaar worden en zijn opgebouwd uit vier suites, met verwijzingen naar Tsjaikovski’s Zwanenmeer, filosofische en esoterische teksten enzovoort. Van dit plan - zelfs The Voice of Holland klinkt er als een meesterwerk van subtiliteit bij - kwam niets terecht. Alsof er een vloek op het idee rustte (jawel, The Curse) volgden persoonlijke en technische problemen elkaar op. Het materiaal dat in de voorbereiding opgenomen was door Will Z. en Majnun is bij elkaar geveegd en samengevoegd tot wat er nu rondjes draait in de cd-speler. En dan blijkt het toch niet om idiote, opgepompte hippieflauwekul te gaan. Op deze plaat vinden we grotendeels akoestische spacerock (bestaat er zoiets als folky spacerock?) met als enige minpunt de soms te lange en pompeuze gitaarsolo’s. "In Hear the Voice of the AM" hoor je alleen akoestische gitaar en zang en het korte "Jessica’s Nightmare" (prachtig orgeltje!) is in feite een geluidscollage. "Remains of Amethyst" is net iets te ver out of space naar mijn smaak, maar "The Secret Song" klinkt dan als een geslaagde hommage aan Syd Barrett. Wisselvallig album met verrassende momenten, heet het dan.
File Under: Far out
File Audio: [MySpace]
File Video: [Lord Space Devil (live)]
Bongomatik - Bongomatik
Ik vind het best een goed idee om frisse fruitige plaatjes van Nederlandse makelij uit te brengen in het winterseizoen. Helemaal als het van dat vieze druilerige weer is, wil ik best graag naar dat soort muziek luisteren. Maar ook zittend in een fonkelend winterzonnetje achter glas is het genieten van Bongomatik. De basis van de band is negen man sterk en zij zijn stuk voor stuk onder het mom van latin incognito voorzien van een artiestennaam. Ik zie op de foto die in het boekje zit toch echt Kim Hoorweg op een ijsje sabbelen in het gras. De rest van de band bestaat ook uit flinke namen uit de Nederlandse Jazz en popscene. Bovendien worden ze nog aangevuld met niet bepaald misselijk gasten als Lilian Viera in een nummer ("Bongobanana Blues") en Kern Koppen Kl en Ahab voor de Nederlandstalige raps in drie songs. Het maakt deze debuut-cd er gelijk een van nog hoger niveau. Op sommige momenten doet het me wel wat denken aan Galliano wiens A joyful noise unto the Creator ik een gave plaat vond, maar ik daarna uit het zicht verloor. Dat de band ook doet denken aan Zuco 103 en als de blazers langs tetteren aan New Cool Collective is natuurlijk niet vreemd. We zijn wat dat betreft best verwend hier in Nederland, maar Bongomatik sluit zich met deze release met speels gemak aan bij de Nederlandse top en kan met deze cd ook zo de grens over.
File Under: Latin Incognito
File Audio: [MySpace]
File Video: [Adivinalo]
The Crown - Doomsday King
Tuurlijk joh! Het Zweedse vijftal van The Crown is gewoon na zeven jaar terug met een potje death- en thrashmetal waar je U tegen zegt. Zanger Jonas Stalhammer van God Macabre is achter de microfoon gaan staan en brult en sneert de oude zanger Johan Lindstrand de vergetelheid in. Dat is dus een terugkeer die kan wedijveren met de reünie van Carcass in het voorbije jaar. Echte originele hoogtepunten kent Doomsday King niet. Wel verrassend brute songs zoals de finalesong “He Who Rises In Might - From Darkness To Light”. The Crown houdt een standaard kwaliteit vast die zich laat meten met Entombed. Intens lomp, hard en snel, meer heb je als verstokte deathmetalfan eigenlijk ook niet nodig. Her en der hoor je voorzichtige pogingen naar uitgediepte songstructuren en melodieën waarmee The Crown verklapt dat Doomsday King geen eenmalige terugkeer is, maar hopelijk een begin van een reeks steeds betere metalplaten. Stalhammer heeft Lindstrand in een klap doen vergeten. De band heeft zijn misstap Possessed 13 meer dan rechtgezet. Wat rest zijn ijkpunten van cd’s in de komende vijf jaar.
File Under: Gewoon superlomp
File Audio: [MySpace]
Bryan Ferry - Olympia
Er doet een hele rij muzikale beroemdheden mee op Olympia, het nieuwe album van Bryan Ferry. Wat denk je van Nile Rodgers, Flea, Dave Stewart en David Gilmour?! Mijn oren spitsen zich echter pas bij de naam van Brian Eno. Dat is de man met wie Ferry de twee mooiste albums uit zijn carrière opnam, namelijk de eerste twee van Roxy Music. Na Eno's vertrek waren er nog wel goede platen, maar langzaam zakte het weg naar wat ik bijna muzak zou willen noemen. Het onderscheid tussen de solo-albums van Ferry en Roxy Music verdween ook langzaam, maar nu had ik weer hoop op revanche. De rol van Eno is echter beperkt en helaas niet indrukwekkend. Eigenlijk had ik het wel kunnen weten: Bryan Ferry en vrouwen, ze horen bij elkaar. Als je echter weet dat op de hoes van dit album niemand minder dan Kate Moss staat afgebeeld, dan is dit is een album waar de platenmaatschappij per sé mee moet scoren en daar past geen dwars en arty-album bij. Er staan zeker prachtige tracks op, zoals het Talking Heads-achtige “You Can Dance” en “Shameless” dat hij samen met Groove Armade schreef. Olympia is dan ook een album waarbij ik qua geluid écht sta te genieten van mijn hifi-stereo-set. Toch is het dus helaas niet allemaal hallelujah, want vooral de covers van Tim Buckley (“Song To The Siren”) en Traffic (“No Face, No Name, No Number”) schitteren door overbodigheid.
File Under: Vroeger was alles beter
File Audio: [MySpace]
File Video: [Check zijn eigen videokanaal]
Duffhuës - Among The Ruins
'Blues when I had my first kiss/Blues when I used my fists'. De ondergewaardeerde Duffhuës draait al vele jaren mee in de vlakke Nederlandse popwereld en desondanks is hij er wederom in geslaagd om zijn zoekende ziel nog wat dieper uit te benen. Dit is geen blues volgens de bekende schemaatjes, of de pompidom-nostalgie naar Amerikaanse traditionals van Lohues. Nee, dit is fucking existentieel. En ja dat doet pijn, maar ook ru�nes kunnen mooi zijn. Duffhuës toont zich in opener "Humming" een verwant van Bill Callahan (Smog) zeker als hij over rivieren begint. Jandek, een andere rivieren-fan is ook nooit ver weg. Het akoestische gitaargeluid van een liedje als 'My Woman The Bear' klinkt als diens album Blue Corpse. Het geluid is hier sowieso uitstekend, vooral de drumpartijen klinken fantastisch; hustlin' and bustlin' vanuit de buik van de draak, zoals Duffhuës zelf zingt in een van de hoogtepunten "Saigon Blues". Duffhuës bromzucht en schreeuwt als vanouds, zijn stem is eenvoudig, maar het timbre past de begeleiding als gegoten. Als zijn tempo af en toe toeneemt lijkt het zelfs heel vluchtig op rappen. Ik wil van Duffhuës wel eens een cover van "Jump Around" horen. Die groep van Everlast heette niet voor niets House Of Pain. Een andere momentje van humor is "400 Steps", waarvan ik het refrein verstond als '400 laptops'. Een liedje over een LAN party? Genoeg gegeind, een beetje liefhebber zet snel een spookachtig goed liedje als "Night Of The Devil" op, waar de snaren van droefheid bijna van de gitaarkast rammelen. 'Since I'm a big boy I've forgotten their faces, the sound of their voices'. Nu al de beste Nederlandse release van dit jaar?
File Under: Zielsnijder
File Audio: [Duffhuës-Space]
Yes - Keys To Ascension
Ik meen me te herinneren dat je eind jaren negentig bij het uitkomen van de oorspronkelijke Keys To Ascension-cd’s een behoorlijke zak duiten moest overhandigen aan je lokale platenboer voor de in totaal vier cd’s. Daarom had ik de twee dubbellaars van symfo dinosauriërs Yes alleen maar op tape staan. Voor de heruitgave die nu verschenen is betaal je met een beetje geluk nog geen twintig euro. Het mooie is dat je er ook nog een prima live-dvd bij krijgt. Wie een beetje van symfo houdt doet een prima koop. Ondanks dat het een beetje een rare mix is van studio- en livewerk. De line-up van Anderson, Howe, Wakeman, White en Squire was sowieso een van de betere in de vele varianten die Yes gekend heeft in de loop van de decennia. De opbouw van de Keys To Ascension cd’s is zoals gezegd een beetje raar. Beide dubbel-cd’s beginnen met een selectie aan live-opnames van een reeks van drie reünieconcerten die de vijf gaven in San Luis Obispo in California, vlak bij het huis van zanger Jon Anderson. Stiekem is dat livedeel toch aantrekkelijker dan de nieuwe studiotracks. Maar dat is niet zo gek. Ze spelen namelijk krakers als “Close To The Edge”, “Starship Trooper”, “Roundabout” en “Siberian Khatru”, maar ook de tot tien minuten opgerekte versie van Paul Simons “America”. Toch is het niet zo dat de studiotracks er flets bij afsteken. Het dik achttien minuten durende “Mind Drive” van de vierde cd is wel degelijk een staaltje old-school Yes en had zo uit begin jaren zeventig kunnen dateren. Natuurlijk zijn er allerhande alternatieven voorhanden als introductie om met Yes te starten, maar met dit koopje heb je een prima startpunt.
File Under: Koopjes
File Audio: [MySpace]
Poison Sun - Virtual Sin
Het valt tegenwoordig niet mee om rond te komen als muzikant in een nichemarkt. Hermann Frank (ex-Accept, ex-Victory) bedacht een oplossing: een nieuwe band, met zijn vrouw Martina als zangeres. Helemaal geen slechte gedachte overigens, want Martina Frank heeft een goede, lekker rauwe rockstem, zij het dat haar accent niet te missen is. De promofoto´s zijn dan weer een beetje jammer, want in een spacey outfitje met muts ziet ze er uit als een Schlager-dirndl met bescheiden mode-ambities. Het songmateriaal is goed, maar weinig opvallend. Het zijn mid- en uptempo hardrocksongs met kop en staart, uitstekend uitgevoerd en geproduceerd zoals we dat van Hermann Frank gewend zijn. Een lekker album om naar te luisteren dus, maar met weinig verrassingen. Of het zou de Pointer Sisters-cover "Excited" moeten zijn. De uitvoering zelf is niet heel erg geïnspireerd, maar wat het wel duidelijk maakt is dat "Excited" een uitstekende rocker kan zijn. De familie Frank mag niettemin tevreden zijn met Virtual Sin.
File Under: Gedegen familieproject
File Audio: [SunSpace]
Roots Manuva & Wrongtom - Duppy Writer
Wrongtom? Dat is een Londense producer waar Roots Manuva al vaker mee heeft samengewerkt. Bovendien was hij degene die Hard-Fi dansbaar maakte. Duppy Writer is een Roots Manuva-remixtussendoortje vol oude songs met een dub-uitstraling. Het is Rodney Smith die zonder al te veel omwegen en bijzaken een Jamaicaanse blockparty op cd heeft gezet. Dub, dancehall, hiphop, rocksteady, dubstep en ska wisselen elkaar in een ‘smooth’ tempo af. Hoewel Wrongtom eerder met Roots Manuva werkte op “Slime And Reason” gaat deze samenwerking gepaard met een thema. Eerder opgenomen vocalen worden voorzien van nieuwbakken reggaetracks. En zo wordt Duppy Writer een verademing voor Fu-Schnickens, voor Nicotine, Gotcha AllStars en Playgroup. Bovendien is Smith herenigd met rapper Ricky Ranking op het enige nieuwe nummer Jah Warriors. Rodney Smith maakt van Roots Manuva een pool van muzikanten, dj’s, rappers en dubsteppers die gezamenlijk, maar elke keer weer sfeer weten te creëren. Bovendien bewijzen zowel Roots Manuva als Wrongtom dat een remix of heropzet van oude tracks behoorlijk effectief en lucratief kan wezen. Die kun je in eigen hand houden of afstaan aan nieuwe generaties dj’s. In het geval van Duppy Writer moeten de heren hebben gedacht dat alle vocalen prima in een ander jasje zouden passen. En wie zijn zij dan om hun eigen werk niet als eerste onder handen te nemen?
File Under: Creatief straattuig voor de betere dubparties
File Audio: [MySpace]
Alex Roeka - Zachtaardig Vergooid
Ik kwam in een straat
Waar schaduwen kropen
De muren preekten verzet
Achter een deur scheef in haar roestige hengsels
Klonk een valse trompet
En ik hoor’m dus, die valse trompet! Hij wordt niet gespeeld, het enige dat je hoort is de stem van Alex Roeka en een kaal orgeltje, maar de kracht van zijn teksten en zijn stem is zo groot, dat de film zich afspeelt in mijn hoofd en ik meer hoor dan er is. Dit nummer, "De Vrouw Op De Trap" is sowieso een van de hoogtepunten op Roeka’s nieuwe cd Zachtaardig Vergooid, zijn eerste op Excelsior. CD’s van Roeka kun je eigenlijk altijd op dezelfde manier afdoen. De nummers zijn gemaakt voor het theater, er is ruimte voor de stilte en de teksten zijn onveranderlijk erg goed. Er zit nauwelijks een losse flodder tussen. Althans, in de teksten dan. Muzikaal maakt Roeka er zich soms iets te gemakkelijk vanaf en gaat het vooral als het tempo omhoog gaat wel heel erg op een De Dijk zonder blazers lijken. Terwijl de kracht van Roeka juist buiten de gebaande paden ligt, zoals in het bescheiden walsje "Het wordt weer eens tijd dat ik dronken word”. Een beetje meer Krang zou de nummers goed doen, want het mag muzikaal wel wat meer schuren. Maar niet teveel, want het gaat om Alex en zijn stem en teksten en die moeten niet naar de achtergrond verdwijnen..
File: Alex Roeka - Zachtaardig VergooidFile Under: Tekstuele schoonheid...
Middle Class Rut - No Name No Color
Er zijn tegenwoordig aardig wat bandjes die alleen maar bestaan uit een drummer en een gitarist. Waarom zou je ook meer nodig hebben? Dat je daarmee nog hele verschillende wegen in kunt slaan, dat moge duidelijk zijn. Middle Class Rut neemt met zijn tweeën een afslag die ik nog niet eerder door een duo genomen zag worden. Ze neigen nogal naar At The Drive-In of Sparta, naast The Mars Volta die andere spin-off van die legendarische band. Met dit verschil dat zanger/gitarist Zack Lopez meer weg heeft van Jane’s Addictions Perry Farrell en dat ‘ie ook niet vies is de stijl van Rage Against The Machines Tom Morello. Dat laat hij gelijk al horen in het openingsnummer “Busy Bein’ Born”. Wat mij betreft scoort Lopez hiermee bonuspunten voor Middle Class Ruts debuut-cd No Name No Color. Met zijn tweeën weten Lopez en drummer Sean Stockham een aardige bak herrie je speakers uit te blazen. Het concept voor het opnemen van de songs was simpel. Jammen, teksten erbij, aan elkaar breien en gelijk daarna opnemen in dezelfde oefenruimte. Het heeft No Name No Color een lekker in your face-karakter gegeven. De harde, snellere noisesongs varen hier wel bij. Als de band wat terugschakelt in snelheid en een wat meer psychedelische insteek kiest wordt het minder. Wat dat betreft is single (en het toegankelijke) “New Low” op het randje. Verder moet de band niet ‘zakken’.
File Under: Kekke tweemansband
File Audio: [MySpace]
File Video: [New Low]
The Bear The Wasn't
Waar hij in België al een flinke reputatie heeft opgebouwd, heeft Nils Verresen (The Bear That Wasn’t) Nederland pas drie keer mogen verblijden met zijn dromerige luisterliedjes. Twee weken terug tijdens Eurosonic had hij de kans om de harten van muziekminnend Nederland te veroveren. Op de donderdag met een volledige show in het Kruithuis en de volgende dag achter de beslagen ruiten van de volgepakte Coffee Company. Voor de mensen die dat gemist hebben een korte introductie:
The Bear That Wasn’t was een beer die geen beer was. Althans, niet volgens de mensen om hem heen. Toen hij na zijn winterslaap ontdekte dat zijn bos weg was moest hij van de grondbezitter aan het werk. “Ja maar ik ben een beer”, zegt de beer, maar volgens de baas is hij gewoon een luie werknemer in een bontjas. De beer en zijn baas gaan naar de dierentuin en vragen de beren achter de tralies wat hij is: een beer of gewoon een werknemer. De beren antwoorden dat hij wel een werknemer moet zijn. Anders had de beer wel achter de tralies gezeten bij zijn soortgenoten…
Lees verder..The Veils - Troubles of the Brain EP
Deze week heb ik vroege dienst op m'n werk. Elke dag halverwege de avond al naar bed en dan om 4:45 uur 's ochtends weer het bed uit. Het is raar om diep in de nacht, als alleen de krantenbezorgers net op pad zijn, door de verlaten stad te fietsen. De grote bedrijfsparkeerplaatsen zijn nu leeg en konijndomein. Goed moment om Rialto te draaien. Maar nee, ik heb de nieuwe EP van The Veils aanstaan, en hoewel hij duidelijk minder dramatisch is dan ik van professioneel indie-huilie Finn Andrews gewend ben, laat-ie zich makkelijk verbinden met dat nachtgevoel. De uitstekende opener "Bloom" is een ontzettend Arcade Fire-achtig nummer, het bluesy maar vrolijke "Don't let the same bee sting you twice" blijft vanwege die titel heel erg bij en "The Stars Came Out Once The Lights Went Out" heeft een heerlijk Guillemots-achtig pianopoprefreintje. De overige vier tracks daarna zijn allemaal een stuk kaler, beklemmender en neerslachtiger. Een bewijs van Andrews' gelukkig nog lang niet verdwenen melancholie. De fluitende vogels klinken dwars door mijn koptelefoon heen, zo stil wil Finn mij hebben. Fietsend langs een onzichtbaar spoor.
File Under: Insomnia
File Audio: [The Stars Came Out Once The Lights Went Out]
File Weblog: [Lyrics]
Colossa - Born To Make A Sound
Hé Eric Corton, wij zijn fan van je en willen spelen tijdens je volgende Twitterfeest! Je had van die gave bands, zoals De Staat en Triggerfinger. Wij houden van ze. Wij zijn drie jongens die net zo goed kunnen rocken, al spelen we net wat meer rechttoe-rechtaan. We vinden je zo'n stoere gast en dan met jouw kleine hartje, zonder te willen slijmen, weten we zeker dat je ons vast wel kunt waarderen. Althans dat hopen we, want willen dolgraag spelen met ons debuut Born To Make A Sound op zak. Echt tof dat een platenmaatschappij ons al zo snel na oprichting wilde hebben, leuke jongens hoor bij Goomah Music. Hun huisproducer Guido Aalbers is ook niet mis, wat een vet geluid heeft hij tevoorschijn getoverd! We hebben het bij de lengte van een lp gelaten, een kleine veertig minuten leek ons genoeg. Kort, maar krachtig. Toch?! Eigenlijk denken we dat je ons al wel kent, tenslotte waren we al 3FM Serious Talent en 3voor12's Hollandse Nieuwe. Inmiddels zijn we trouwens vrienden met The Mad Trist en Triggerfinger. Deze laatste heeft ons zelf als voorprogramma gevraagd. Oef, wat was dat vet. Oh ja, wij komen uit Limburg, maar we hebben als tweede uitvalsbasis Utrecht. Hopelijk ga je ons uitnodigen, al weten wij ook wel dat er nog geen tweede feest is aangekondigd. Wij willen zó graag, al weten wij ook wel dat wij al trots mogen zijn op deze plaat en een hele reeks aan optredens.
File Under: Wij hebben de sollicitatiebrief alvast geschreven
File Audio: [MySpace]
Amplifier - The Octopus
Sel Balamir is niet zo'n zanger zoals je ze tegenwoordig vooral op de tv ziet. Van die deerniswekkende interessantdoende babbelkousen. Sel is een muzikant tot op het bot, die eigenlijk alleen maar vol wil gaan naar wat hij voor ogen heeft. Dat dat niet resulteert in met grote graagte praten over zijn muziek, dat ondervond André een paar jaar terug aan den lijve. Het resulteerde in een pijnlijk gesprek. Amplifier weigert ook nog langer compromissen te sluiten met platenmaatschappijen. Hun nieuwe cd The Octopus is daardoor alleen maar via hun eigen website te koop. Jammer, want wat mij betreft lag-ie op elke must-buy stapeltje in de platenzaken. Een jaar of vier sleutelden Balamir en zijn twee bandmaten aan deze dubbel-cd die dik twee uur klokt. Ik heb daardoor de afgelopen weken mooi flink wat tijd opgebrand. Want als je eenmaal begint aan The Octopus, dan ga je ook all-the-way en luister je beide cd's in een ruk af. Bijna ademloos. The Octopus in partjes luisteren is wat mij betreft namelijk geen optie. Na het misleidende intro van "The Runner", dat na een seconde of dertig een slimme stilte laat vallen om je even op scherp te zetten trekt Amplifier in de eerste songs gelijk alle registers open. "Minion's Song" culmineert in een bombast die Robby Valentine het dun door de broek zal laten lopen. En als 'ie het daar nog niet van doet, dan gebeurt dat wel door het betere ragwerk dat volgt op het een aanval aankondigende trompetintro van "Interglacial Spell". Goedemorgen heer Balamir en consorten. Natuurlijk lijken er wel een paar iets zwakkere broeders tussen de zestien songs die The Octopus telt. Schijn bedriegt. Dat lijkt zo doordat de andere tracks zo godvergeten majestueus klinken. Je hoort gewoon aan alles dat Amplifier het hoofd vrij had van welke verplichting dan ook. Dus als de drie vinden dat ze in de minutieus uitgesponnen titeltrack je aan het einde nog even met de vlakke hand in het gezicht moeten slaan met een ziedende geluidsmuur, dan doen ze dat gewoon. Ik draai ze met graagte mijn andere wang toe.
File Under: Met open mond een gat in de dag luisteren
File Audio: [MySpace][TuneCore][Bandcamp]
File Video: [The Wave]
File Kopen: [Hier]
British Sea Power
Snipverkouden is hij als ik hem aan de lijn krijg. Yan Scott Wilkinson is eigenlijk best een beetje blij dat dat zijn vlucht naar Amsterdam vanwege sneeuwoverlast is geannuleerd. De voorman van British Sea Power neemt alle tijd om mijn vragen te beantwoorden over het nieuwe album Valhalla Dancehall en het tienjarig bestaan van zijn band.
Lees verder..Luka Bloom - Dreams In America
Huh? Alweer een stukje over Dreams In America van Luka Bloom? Ja, inderdaad. Kennelijk had er met mij iemand anders ook de de vraag: 'waarom is er niet simpelweg voor gekozen om bij de nummers op Dreams In America een keuze te maken uit de 2 meter sessies?' Deze zijn er namelijk in overvloed geweest. Ik heb het hier over Jan Douwe Kroeske, mister 2 meter himself. Kroeske gaat de komende tijd wederom op toer langs diverse theaters met een avond die uiteraard over zijn 2 meter sessies zal gaan. Vorig jaar was zijn gast Selah Sue, en dit jaar heeft hij gekozen voor - jawel verrassing verrassing waarom ik dit hier vertel - Luka Bloom. Aan de enkele cd van Dreams In America is nu een extra cd toegevoegd met nummers van Bloom die hij voor de 2 meter sessies opnam. Uiteraard waren er nog nummers genoeg die niet op de andere cd stonden en het is dus een prima aanvulling. Als je nu de cd nog moet kopen dan zou ik zeker die extra cd erbij willen hebben, als is een half uur aan 2 meter sessies wel wat karig.
File Under: Fout goedmaken had beter gekund
File Audio: [MySpace]
Twilight Hotel - When The Wolves Go Blind
Hoewel ze beiden ook solo al eens iets aan het vinyl hebben toevertrouwd, maken Brandy Zdan en David Quanbury hun beste muziek samen onder de naam Twilight Hotel. Vier platen zijn ze nu met z’n tweeën onderweg en het klinkt steeds beter, steeds mooier, steeds intenser. Wilden ze op eerdere platen weleens te veel aan de veilige kant van de weg blijven, When The Wolves Go Blind durft avontuurlijker paden op te zoeken. Opent het album met het titelnummer vooral donker, onderweg komen we een heel scala aan stijlen tegen: van een roadsong als het prachtige "Mahoganey Veneer", het verstilde "Frozen Town" tot aan de meest poppy getoonzette tracks, "Golden Eagle" en "Poor & Hungry". Brandy Zdan en David Quanbury zijn op hun best wanneer ze een soort gothic country maken. "When The Wolves Go Blind", "Dream of Letting Go" en "Mahogany Veneer" zijn mooie voorbeelden, maar ook het (dankzij de harmonica) aan 16 Horsepower refererende "What Do I Know About Love?" Is een - donker - juweeltje. Het instrumentale "The Darkness" past in de soundtrack van willekeurig welke in het Zuiden van de Verenigde Staten spelende film. In "Mahogany Veneer" klinkt het zo wanneer ze zingen over Memphis: 'All the buildings make me long for Winnipeg'. Inderdaad, de mooiste Americana komt uit Canada.
File Under: De mooiste Americana uit Canada
File Audio: [MySpace]
File Video: [When The Wolves Go Blind]
Ben Saunders / Dean Saunders
Geert Docter - De Huisvriend
Anderhalf jaar geleden maakte Geert Docter zijn solodebuut met het deels in het Engels, deels in het Nederlands gezongen Westerpark. Voor het vervolg De Huisvriend heeft hij gekozen voor vijf Nederlandstalige nummers. Opener "Als ik met mijn moeder dans" is een poppy niets-aan-de-hand-deuntje waarin zijn kopstem doet denken aan Wim de Bie. Die associatie heb ik vaker, al zijn er ook momenten waarin ik vooral aan Hennie Vrienten of Erik Mesie (Toontje Lager) denk. "100.000 Mogelijkheden" is ook een echt popliedje, maar heeft door de bluesy inslag meer body. "Nooit oneindig" is een mooie pianopopsong met een repetitieve kwaliteit die aan Spinvis doet denken en is wat mij betreft het mooiste nummer van dit album. "Alleen" is een duet met Sally Mometti, wat meer uptempo en weer met de piano als drijvende kracht. Op "Lilian Lacht" is de gitaar weer leidend, maar klinkt het naar mijn smaak iets te klinisch. Als ik de nummers zo beluister, krijg ik het gevoel dat Docter het vooral in de pianopop moet zoeken. Het zijn die songs en stukken instrumentatie die het meest tijdloos klinken en die een natuurlijke drive hebben. Geert Docter als de Ben Folds van de Lage Landen, zeg maar. Ik zie het zomaar gebeuren. De groei is in elk geval onmiskenbaar.
File Under: Ben Docter?
Novack - Sequence & Stills
Een lome dag is het vandaag, het jaar is net begonnen. Buiten miezert het, ik kijk uit op een brakliggend terrein. Daar komt ooit een nieuw kantoor, met nieuwe mensen, die mij dan aankijken als ze naar buiten kijken. In de pauze loop ik een rondje, niet meer dan een kwartier. Ik kijk naar mijn to-do list. Die heb ik vorig jaar gemaakt en vandaag ligt het hier nog steeds. Niks is doorgestreept. Ik ben een diesel, ik kom maar niet op gang. Mijn collega leest een artikel en zegt niks, volgens mij denk hij aan zijn lunch. Hij heeft dit weekend niks gedaan en meer heb ik hem niet gevraagd. In de hal staat onze kerstboom van afgelopen jaar, maar zonder ballen en slingers. Het al bijna februari, ik moet wat dagen hebben overgeslagen. Blue monday is ook al voorbij, niks van gemerkt. Ik luister naar Novack en dwaal weer af, alsof ik naar Elbow luister, maar dan zonder de intense stem van Guy Garvey. Ik hoor een trompet, een gitaar en soms een piano. Kleine intense liedjes zijn het. Het is vijf uur en de zon is al bijna onder. De tijd gaat snel maar ik kom niet op gang.
File Under: Klein maar fijn
Guido Belcanto - Ik Zou Mijn Hart Willen Weggeven
Ik schrijf dit stukje op de maandag na The Voice of Holland, de dag dat de tv-recensent Jean-Pierre Geelen van De Volkskrant daar een stukje over schrijft en onder meer refereert aan een NTR-documentaire over flamenco. Die de titel draagt Goede zang doet pijn. Het is Geelen opgevallen dat de kandidaten in The Voice of Holland, of eigenlijk elke tv-talentenjacht, binnen dertig seconden in de hoge registers zitten. En dat diepe fronsen een gepijnigde ziel moeten suggereren. Nep, oordeelde Geelen. Even verderop citeert hij Thomas Acda, uit een andere documentaire (Zingen, van de VPRO). Die zegt: 'Als je zingt over iets verdrietigs, is het niet de bedoeling dat je dat op het podium gaat herbeleven. Dan zit je bij couplet drie om je eigen nummer te huilen, zoals Ramses vroeger. Als je net voor die grens weet te blijven, dan gaat het publiek er overheen.' Guido Belcanto heeft geen pijnlijke grimassen nodig. Hij zal ook nooit om zijn eigen liedjes huilen. Voor tv-talentenjachten is hij te oud. Ik zou mijn hart willen weggeven is uit de put der vergetelheid getrokken door Kees de Koning van TopNotch. Het album werd in 2008 uitgebracht, maar in Nederland wilde niemand er over schrijven, laat staan er naar luisteren. Nu hebben Vlamingen die hun zielige liedjes met veel ironie aankleden, neem Gorki's Luc de Vos, het sowieso lastig in Holland. Het is geen cabaret waar Belcanto aan doet, het zijn geen smartlappen, liedjes als Op de pechstrook van het leven of Mijn vrouw is ervandoor hangen er net tussenin. Dat is al jaren het geval bij Belcanto - zijn eerste album kwam uit in 1989. Een van zijn mooiste liedjes vind ik nog altijd "Verjaardag", van zijn tweede cd Plastic rozen verwelken niet uit 1990. Een opgewekt hobbelend countrystampertje over een man die op zijn verjaardag allerlei leuke dingen doet: smoking aan, bos bloemen kopen, uit eten, naar de pornobioscoop. Maar allemaal wel in zijn eentje. Lachen om niet te hoeven huilen, dat kenmerkt Belcanto. De luisteraar zal er soms bij fronsen. Maar aan de oprechtheid en de klasse van Guido hoeft niemand te twijfelen. Dit mag veel en vaak worden herbeleefd.
File Under: Tranen gelachen
Sarah Jaffe - Suburban Nature
Half januari; het stof van het muzikale jaar 2010 is jaarlijstjes-gewijs neergedaald en de focus is via Eurosonic/Noorderslag richting 2011 bijgesteld. Maar ik ben er nog niet helemaal klaar voor. Had ik maar niet op die ene link moeten klikken bij dat jaarlijstje van een van mijn favoriete zangeressen. Niet dat ik er spijt van heb dat ik dat deed. Verre van zelfs. Sarah Jaffe? Nooit van gehoord. De link leidde naar "Better Than Nothing" - mooi nummer, fijne stem, prettig geproduceerd zonder al te veel opsmuk. Meteen maar besloten het album te bestellen. Het duurde even voordat het schijfje arriveerde, maar ik draai sindsdien nauwelijks iets anders. Suburban Nature is voor mij zo'n album wat ik in mijn armen wil sluiten. Koesteren. Eentje waarmee ik wil huilen, lachen en drinken tot diep in de nacht. Een glaasje nog? Morgen zien we wel weer verder. 'Wake me up / just to call me / sleeping beauty / Oh fine / that's fine / I got my hands up / I'm feeling vulnerable.' Mooi hoor. Ken je dat gevoel nog toen je voor het eerst O van Damien Rice hoorde? Of XO van Elliott Smith? Zo'n album dus, maar dan van een meisje: Sarah Jaffe. Met terugwerkende kracht misschien wel het mooiste debuutalbum van 2010.
File Under: Een jaarlijstje is nooit definitief
File Video: [Clementine]
Dennis Kolen - Revolution Of The Romantics
Je hebt van die muzikanten die eeuwig zacht en onschuldig zullen blijven klinken. Gewoon omdat ze zo in elkaar zitten. In die categorie valt Dennis Kolen. Hij doet met zijn in één ruk opgenomen nieuwe cd Revolution Of The Romantics een dappere poging om de braafheid en het gepolijste van het geluid van zijn eerdere cd’s van zich af te schudden. Maar ja, als je liedjes stuk voor stuk mooi, maar onschuldig zijn, dan wordt dat toch een bij voorbaat verloren race. Is dat erg? Wat mij betreft niet. Het in een dag opnemen van de cd heeft er namelijk wel voor gezorgd dat Kolen het gedistingeerde geluid van zijn eerdere cd’s wat van zich afschudt. De sound van Revolution Of The Romantics is warm als een liefdevol klaargemaakte kop chocolademelk van je oma. Dat Kolen mooie liedjes kon schrijven, dat stond bij zijn band Wyatt al buiten kijf en dat bevestigt hij nogmaals met deze nieuwe cd. Je zult prachtige liedjes als “Damage” en “It’s All The same” echter niet snel terug horen op de popmuziekstations. Eigenlijk is dat best jammer, want waarom zou je dit soort prachtige ballads je luisteraars onthouden? Helemaal omdat bijvoorbeeld een Damien Rice (en dat ligt er kwalitatief gezien echt niet zover vanaf) wel daar langskomt. Ik hoop maar voor Dennis dat ze op Radio 1 en 2 hem wel op zullen pikken en dat hij daar eindelijk wel zijn grotere publiek weet te vinden. Het zou een terechte beloning zijn.
File Under: Geslaagd sproedje
File Audio: [MySpace]
Pure Reason Revolution - Hammer And Anvil
Op het weer na, is er in Nederland geen ander onderwerp waar eenieder een mening over heeft, dan voetbal. En als voetbalfan en weerliefhebber, ik volgde ooit een wolkencursus, vind ik het fantastisch. En ik ben gek op de orakels in het voetbalwezen. Een van die orakels is Fredje Rutten. De man heeft "hoog in de concentratie zitten" geïntroduceerd en sindsdiens gebruiken Storm en ik die term geregeld, vooral als de muziek wat ingewikkelder wordt. Ik zat bijvoorbeeld nog hoog in de concentratie bij het concert van Godspeed Your Black Emperor! in Paradiso onlangs. Is best fijn, al kost het afdalen wat moeite. Wat is daar hoog in de concentratie er nog wel uit wist te twitteren is dat post-rock het nieuwe progrock is. En dat viel me tegen van mezelf. Want ik had mijn pijlen gezet op Pure Reason Revolution. Industrial prog, dat moest de toekomst zijn, vond ik, naar aanleiding van de vorige plaat Amoro Vincit Omnia. Punt alleen is dat Pure Reason Revolution helaas zelf de lijn niet doorzet. Het recept op Hammer and Anvil is nog steeds hetzelfde, sterker nog, er mag nog meer gedanst worden, maar er blijft geen nummer hangen. Dit is geen (dans)stap voorwaarts, dit is een stap zijwaarts. Nog steeds alleraardigst om te horen, maar hiermee gaan we de (industrial) progrock niet aan wereldheerschappij helpen. Moet ik potverdikkie weer op zoek naar een nieuwe leider...
File Under: Een pas op de plaats, helaas...
File Audio: Pure Reason Revolution Space
File Audio: [MySpace]
Michael Jackson - Michael
Ik ken Michael Jackson pas sinds hij dood is. Dat is misschien raar. Maar ik ben nog maar 9 jaar. En de laatste jaren had hij niet zoveel succes. Nu was hij groot nieuws. Mijn moeder heeft toen er veel over verteld. Zij was vroeger fan van Michael Jackson. Ze heeft er veel platen van. Die heeft ze mij laten horen. Ik vond die erg mooi. Mijn favoriete liedje was “A B C”. Dat deed hij samen met zijn broers. Van zijn eigen nummers vond ik “Earth Song” erg mooi. Al is de clip wel heel zielig. Ik vond het wel raar dat er een nieuwe cd kwam terwijl Michael Jackson al dood was. Dan weet je nooit of hij het wel goed had gevonden. Ik denk het wel. De liedjes klinken wel heel erg als Michael Jackson. Ik vind het bijna net zo mooi als zijn andere cd’s. Deze nummers vond ik heel leuk: “Keep Your Head Up”, “Boy Of Joy” en “Behind The Mask”. Ik vind vooral de saxofoon aan het begin van “Behind The Mask” leuk. En natuurlijk als Michael Jackson zingt. Ik drum heel veel mee met de liedjes. Vooral met “Monster”. Dat lijkt een beetje op “Thriller”. De clip van "Thriller" vond ik eng. Het was leuk geweest als Michael hier zelf nog een clip bij had kunnen maken. Want ik vind niet alleen zijn muziek heel goed, ook zijn videoclips zijn heel mooi.
File Under: Een echte Michael Jackson-cd
File Audio: [MySpace]
File Gast: [StormJunior]
Me & Stupid - Me & Stupid
Als iemand mij vroeg of ik mijn werk een tijdje in Australië wilde uitvoeren, maar dan met plaatselijke collega's, dan wist ik het wel: tuurlijk zou ik dat doen. Het verhaal is dat dit aan Bettie Serveerts Carol van Dyk gevraagd werd en dat dit argument haar over de streep trok om een album voor de serie 'In A Cabin With' op te nemen. Carols muzikale partner in crime Peter Visser moest ook mee, en dus was het de vraag wat hieruit voort zou komen. Nou had ik aanvankelijk mijn twijfels. Beide hebben nogal een karakteristiek geluid, Carol met haar stem en Peter met zijn gitaar. Zou het niet een tweede Bettie Serveert worden? Helaas voor de thuisblijver, bassist Herman Bunskoeke, moet ik dit beamen. Me & Stupid, vrij vertaald 'Ik en mijn stommiteiten', heeft veel herkenbaars van Betties sound, ook al doen er andere muzikanten mee. In de sessies die opgenomen zijn in Sydney en Byron Bay zijn dit drummer Russell Hopkinson (You Am I), bassist Matt Wicks, gitarist/bassis/zanger Andrew Morris en de multi-instrumentalist Ben Salter (The Gin Club). Uiteraard kun je wel wat verschillen horen, maar die zijn niet wereldschokkend. Mocht je je overigens afvragen wat er met de (tijdelijke) drummer Joppe Molenaar van Bettie is gebeurd, nou die mocht meedoen in de sessie in Amsterdam (en met komende tour). En dat geldt ook voor Marcus Bruystens en Victor van Woudenberg. Dat het op Bettie lijkt, dat heb ik inmiddels wel duidelijk gemaakt, maar is het de moeite waard? Zeker, al vind ik de eerste single “14th Floor” een beetje te cliché en “Retreat” teveel bombast bevatten. Verder hoor je mij niet klagen. Van Dyk en Visser zijn in vorm en wat kan mij de bandnaam dan schelen.
File Under: Bettie Serveert
File Audio: [MySpace]
File Video: [14th Floor] & [Een bierflessenrammelende en zeeziekte opwekkende schemerlampen-opname van: [Me & Stupid] waaruit blijkt dat de band al stiekem bestond]
Week 4, 2011
Storm
Amplifier - The Octopus
Ewie
Me & Stupid - Me & Stupid
Ludo
Ozark Henry - Hvelreki
Gr.R.
Godspeed Your! Black Emperor @ Paradiso
Ramon
iLiKETRAiNS - He Who Saw The Deep
André
Adele - 21
Prikkie
Mr. Big - What If...
DubbelMono
Twilight Hotel - When The Wolves Go Blind
Campking
Boef En De Gelogeerde Aap CD-presentatie in grote zaal, 013
VENcE - Press Button Start Show
In 2007 was mijn vraag aan VENcE om het tijdperk van het uitbrengen van EP's achter zich te laten en op de proppen te komen met een 'echte' cd. Dat op de proppen komen, dat duurde dus even wat langer dan verwacht. Drie jaar na dato is er eindelijk Press Button Start Show. Dat ik vroeg om een echte cd was, omdat VENcE voor mijn gevoel op de EP The Beggar's Butler lang niet alles uit de kast leek te kunnen halen. Press Button Start Show bevestigt dit met gemak. De basis van de dertien songs is net als op de EP overduidelijk de folk. Van daaruit waaieren Jos de Vries en zijn vier bandleden met speels gemak alle kanten op, zonder die basis helemaal los te laten. Ze tikken de jaren Britse zeventig folkrock aan, hobbelen wat de kant van Nick Cave op, knipogen naar 16 Horsepower en hossen net zo gemakkelijk door naar een stevig potje Balkan folk. Dat kan ook gemakkelijk met een bezetting waarvan de bandleden naast gitaar, drums en toetsen ook cello, accordeon en viool bespelen. Dat maakt je als band flexibel en daar profiteert VENcE met grote graagte van. Bovendien wordt zanger Jos de Vries sterk bijgevallen door de tweede stemmen van drie van zijn medeleden. De stem van De Vries is er overigens wel eentje waar je van moet leren houden. Zeker als hij wat meer van zijn stem moet vragen, gaat 'ie tot op het randje. Dat maakt denk ik ook dat ik voor mijn gevoel de ingetogen, melancholische kant (zoals "On The Count Of Nine" of "Kathleen") net iets beter vind dan de uitbundige kant van (zoals "Gypsymamapokogirl" en "Perverted Playground"). Maar qua songs zijn ze absoluut wel gelijkwaardig.
File Under: Eigenzinnig sterk staaltje folkpop uit Groningen
File Audio: [MySpace]
Mr. Big - What If...
Ik heb - in de tijd dat ik nog naar popzenders luisterde en de hitparades volgde - meegemaakt dat hardrockbands hits hadden. Na verloop van tijd waren dat overigens steeds vaker ballads. Twee bands die uitsluitend bekend zijn door hun ballads (beide uit 1991) zijn Extreme en Mr. Big. Rockers kijken daardoor vaak niet verder dan dat, terwijl beide bands uit waanzinnig goede muzikanten bestaan, die ook nog eens Echte Liedjes kunnen schrijven. Extreme kwam twee jaar geleden al met het uitstekende Saudades De Rock, Mr. Big kwam eerst met een live-album en brengt nu met What If... het eerste studio-album in tien jaar uit. In de oerbezetting van alweer zestien jaar geleden overigens, met Billy Sheehan (Steve Vai, David Lee Roth), Paul Gilbert (Racer X, Neal Morses Sola Scriptura), drummer Pat Torpey en zanger Eric Martin. Opener "Undertow" is een lekkere mid-tempo rocker, waarin bassist Billy Sheehan feitelijk de meest bepalende ritmepartijen speelt. De baspartijen van Sheehan maken dat Mr. Big iets minder makkelijk in het gehoor ligt dan Extreme. Voor velen zal het te onrustig zijn. Tegelijkertijd biedt het Paul Gilbert heel veel ruimte om minder voor de hand liggende gitaarpartijen te spelen, terwijl het geluid toch heavy blijft. Het snelle "American Beauty" is de tweede uitschieter van dit album. Daarmee heb je meteen de beste nummers gehad, maar dat betekent niet dat het kruit daarmee verschoten is. Het is een typisch Mr. Big-album geworden, met muzikale virtuositeit, verpakt in goed opgebouwde songs en in een lekker heavy productie. Daarmee zijn alle sterke punten van Mr. Big voorhanden en is What If... een van hun beste albums.
File Under: Comeback with a bang
File Audio: [BigSpace]
Susan Cattaneo - Heaven to Heartache

Rock ‘n’ roll kun je niet op school leren. Het is een beetje onzinnige open deur, maar toch. Want Susan Cattaneo is niet alleen een singer/songwriter, maar verdient haar geld ook als als docente liedjesschrijven aan The Berklee College of Music. Dat zou afdoende bewijs moeten zijn dat het met haar vakmanschap wel goed zit. Daar komt nog het lijstje muzikanten bij dat haar geholpen heeft op Heaven to Heartache, haar tweede album. Het zijn voornamelijk sessiemuzikanten, maar dan wel sessiemuzikanten wier broodheren tot de allergrootsten gerekend kunnen worden. Telt u even mee? Gitarist Pat Buchanan werkte voor onder meer Mary Chapin Carpenter (muzikaal gezien directe familie van Susan Cattaneo), drummer Paul Leim voor Roy Orbinson, Elvis Presley, Dolly Parton en Neil Diamond) en fiddler Glen Duncan werkte met George Jones, Merle Haggard en Loretta Lynn. Dat zijn de eerste drie uit het rijtje en hun broodheren de bekendste namen van hun cv. Godzijdank zijn de liedjes niet doodgespeeld door kwaliteit, maar eerlijk en intens door wat Susan Cattaneo te zeggen heeft. Persoonlijke ontboezemingen, liefdesleed en liefdesverklaringen, meer pop dan country, maar soms ook met een stevige rockfeel. Als je dit hoort, snap je waarom bijvoorbeeld Ilse de Lange in de VS niet echt voet aan de grond krijgt. Ze hebben ze daar ook, maar dan nog een stukje beter.
File Under: Country is the state I’m in
File Audio: [MySpace]
File Video: [Wrecking Ball (live)]
Eefje - De Koek
Over het algemeen mijd ik Nederlandstalige muziek als de pest. Heb er gewoon niet zoveel mee. Met uitzondering van een handjevol Nederpopklassiekers en het eerste album van Spinvis raakt pop in mijn moerstaal me niet en vind ik vooral de teksten vaak of semi-intellectuele mooidoenerij of simpelweg te dom voor woorden. Tot 2011. Tot Eefje. Haar debuutalbum De Koek had net zo goed een hele mooie dichtbundel kunnen zijn. Eefje de Visser weet als geen ander met niet voor de hand liggende woorden zeer vertrouwde gevoelens uit te drukken. Centraal thema op De Koek is De Liefde en dan vooral de geslaagde versie ervan. Eefje is overduidelijk gelukkig en zelfs behoorlijk verliefd, al is er ook ruimte voor twijfel ("Trein") angst ("Huis"), gemis ("Schotland") en wroeging ("Verdriet"). Ieder nummer bevat teksten die spontaan en vaak ook bijzonder origineel zijn. Muzikaal gezien is het album ook sprankelend, inventief en smaakvol, van sfeervol akoestisch en jazzy tot een vette discobeat op "Afdwaalt". In de tekst van het fraaie "Ik Dacht Na" komt de regel 'dat bijna iedereen hetzelfde is als ik' voor. Nou Eefje, vergeet het maar want je bent volstrekt uniek in de Nederlandstalige muziek. En een enorme aanwinst!
File Under: Eefje's wondere wereld
File Audio: [MySpace]
File Video: [Hartslag (Live DWDD)]
File Twitter: [Twitter]
Case Mayfield - EP
Toen ik Case Mayfield op zag treden bij De Wereld Draait Door leek het me een uitgemaakte zaak. Die wint met speels gemak de finale van de Grote Prijs van Nederland in de categorie Singer/Songwriter. Mayfield, die eigenlijk Kees Veerman heet, was ontwapenend en speelde na het luchtige gesprekje met Van Nieuwkerk in een minuutje tijd de hele studio stil met het prachtige "Our Mom". Uiteindelijk ging Nicole Bus er met de zege vandoor en moest Case het doen met de publieksprijs. Ook mooi. Gelukkig staat het nummer dat Mayfield speelde bij DWDD ook op de EP die hij onlangs uitbracht. De song waarin het gitaarwerk van Mayfield echt geweldig is de laatste in een rij van vijf songs. Die laten dat Mayfield een singer/songwriter is die niet voor een gat te vangen is. Zo opent de EP verrassend met "Where To Throw The Stone" een lome Beck-achtige track. Als je die song hoort zie je Case ook zo staan als frontman van een indrukwekkend grote liveband die flink rockt. Geinig is ook de draai die hij geeft aan het alom bekende "Vader Jakob" in "At All". Of vergis ik me nu dat hier opzet in het spel is? Bij DWDD werd Ray Lamontagne door Cases strot gedrukt als grote invloed. Dat hoor ik inderdaad in de songs bij tijd en wijle ("Alright Louise") wel terug, maar Mayfield is gelukkig veel extroverter dan de schuchtere Amerikaan. Een ander groot pluspunt is de diversiteit van de songs. De verveling ligt geen moment op de loer. Het zal me benieuwen of Mayfield dit ook lukt nu hij de sprong moet gaan maken naar een hele cd.
File Under: Groot talent
File Audio: [MySpace]Downloaden]
Mongo Ninja - Nocturnal Neanderthals
Standup comedy-metal. Lachen met Mongo Ninja betekent zoveel als gniffelen om een grappige titelverwijzing. Zoals de vorige plaat No Cunt For Old Men. Hilarisch, smiley face, uitroepteken, typen we dan. Tja, met deze opvolger Nocturnal Neanderthals is het grappige eraf. Wat we overhouden is een zeer goed op elkaar ingespeelde metalband die zijn hand niet omdraait voor ouderwetse speed-, thrash- en doommetal met briljant gitaarwerk en een perfecte productie. Net als landgenoten Turbonegro houden deze heren van woordgrapjes. In tegenstelling tot de deathpunk van de Turbojugend nemen deze vijf heren zichzelf echter veel te serieus. En, dat is meteen het manco van menig metalgezelschap. Woordgrapjes bedenken kan iedereen, een flauwe grap aan de tap vertellen ook, maar kunnen blijven boeien en de lachers op je hand laten houden is een vak apart. Mongo Ninja zal het ongetwijfeld goed doen achter de lopende band waar mensen automatisch hun hersens hebben uitgeschakeld. Wie wat meer diepgang zoekt en enige intelligentie wil toetsen, die kan weinig met Nocturnal Neanderthals beginnen. Of, en tot die laatste categorie behoor ik zelf, je laat alle teksten in de metal achterwege en verblijd jezelf met een verzameling klassieke metalriffs en soli, doortrapte drums en een retestrak samenspel waar een tomeloze energie uit te halen valt.
File Under: Standup comedy-metal
File Audio: [MySpace]
Teebs - Ardour
Hier zou ik eigenlijk gewoon de leukste passages uit de recensie van Eskmo moeten knippen en plakken. Teebs zit precies in hetzelfde straatje, of je dat nu funky chillwave of fröbelelektronica wil noemen. Zijn plaat verschijnt zelfs op het aan Flying Lotus gelieerde Brainfeeder-collectief. Waar Eskmo echter een soort Flying Lotus + 1 is; rafelige beats én zang, daar is Teebs Flying Lotus - 1. Hij verlaat Lotus' chaotische eclecticisme en gaat dermate op de minimalistische toer dat er soms alleen rafels overblijven. Voor audiofielen is Ardour een zeer interessante plaat. Er gebeuren dingen met compressiefilters die mijn pet ver te boven gaan. Toveren met echo's van wat eens melodieën waren, nu enkel nog verdwijnende afdrukken van belletjes. Door al dat getinkel heeft Ardour soms wel wat weg van Pantha Du Prince, luister maar eens naar "Bern Rhytm", al heeft Teebs niets van doen met techno. Hij puzzelt liever met pitchfaders en ruisende Boards of Canada-breaks. Even wazig als The Campfire Headphase, maar dan zonder gitaren. Waar Teebs echter tekort schiet is de variatie. De grote lijn van, kuch, 'een album'. Het maakt eigenlijk niet uit waar je Ardour laat beginnen, je krijgt iets vergelijkbaars te horen. Veel verschil in de achttien schetsen bespeur ik niet. Het zijn ingenieuze loops, en vaak is dat genoeg, maar vijftig minuten is dan toch wel wat lang. Ik had meer momenten willen horen als in "Double Fifths", waar een piano-melodie zich uitstrekt over, jawel, een páár maten. Zelfs de track erna rinkelt er lekkerder door.
File Under: Overdosis good stuff
File Audio: [Teebs-Space]
No Blues - Hela Hela
Het meest opvallende project van het productiehuis Oost-Nederland was ongetwijfeld Kyteman. Al kwam dit volgens mij vooral door het visuele aspect. Muzikaal gezien vind ik zelf No Blues interessanter, al kan dit eraan liggen dat alles wat naar rap riekt niet echt mijn ding is. No Blues moest een samensmelting zijn van Arabische en Westerse muziek en de muzikanten zijn daar prima in geslaagd. Hela Hela is hun vierde album en hun zwanenzang. Het project en daarmee de band houdt op te bestaan. Toch lijkt het erop dat de muzikanten nog eens alles uit de kast hebben gehaald om maximaal te scoren. Met bijvoorbeeld opener “Long Legged Woman”, een bewerking van een nummer van Freddie King, zet bassist Anne-Maarten van Heuvelen met zijn krachtige zang zich op de kaart. In “Wayack” laat Ad van Meurs horen hoe relaxt zijn liedjes met een J.J. Cale-feel kunnen zijn. Het is echter vooral Haytam Safia die vanuit mijn Westerse optiek door het gebruik van de U'd (een Arabische luit) opvalt. Luister eens naar het instrumentale “Consolation” en volgens mij moet iedereen beamen dat hij een geweldige muzikant is. Aan de zegetocht van No Blues komt een eind. Ze staan nog even in het theater en dan is het gebeurd. De muzikanten zullen de weg naar het podium met hun eigen bands wel vinden, maar voor de muziek van No Blues rest dan alleen nog het vierluik.
File Under: Nog een keer alles uit de kast halen
File Audio: [MySpace][Bandcamp]
File Video: [Empty Bottle]
The Decemberists - The King Is Dead
Toen ik binnenkwam was er geen ontkomen aan. Er heerste een opperbeste stemming. Het was ook volkomen duidelijk dat hij het middelpunt was van de belangstelling. Ik schrok er een beetje van. Want ik snapte die uitgelatenheid niet per sé. Afgelopen zaterdag had ik een foto van hem gezien in de krant bij het artikel dat de festiviteiten aankondigde. Ik vond dat hij er slecht uit zag. Bij de eerste oogopslag zag ik inderdaad ook wel dat hij het frivole, opene, bijna onschuldige weer had dat hem een jaar of vijf, zes geleden zo kenmerkte. Of was het nooit weggeweest? Bij de tweede oogopslag zag ik echter iets in zijn ogen wat me veel minder aanstond. Ik kon het echter niet gelijk benoemen, maar vertrouwde het niet. Daarom was ik vandaag, ondanks mijn afschuw van dit soort uitbundige massa’s, toch gegaan. Om hem voor het eerst sinds tijden in levenden lijve te zien. Kijken of ik de vinger erop kon leggen wat er met hem aan de hand was. Het stond me niet aan dat me dat zo gelijk niet lukte. Het duurde voor mijn gevoel bijna een uur voordat ik eindelijk oog in oog met hem stond. Het bleken maar veertig minuten te zijn geweest. Hij keek me aan. Alsof hij een beetje verbaasd was mij hier te zien. ‘Hoe gaat het met je?’, vroeg ik. Ik keek hem strak aan terwijl ik op antwoord wachtte. Hij leek te twijfelen. ‘Wil je een eerlijk antwoord of wil je dat ik oprakel wat iedereen hier me vertelt?’ Zijn blik verstarde. ‘Ik weet zelf niet meer zo goed hoe het met me gaat, maar kijk eens om je heen’ Zo’n antwoord verwachtte ik al. Hij wilde doorpraten, maar achter me stond de volgende klaar om het feestvarken te fêteren en die werd duidelijk ongeduldig. We keken elkaar nog eens aan en opeens omhelsde hij me kameraadschappelijk, zoals we zo vaak gedaan hadden. Hij fluisterde in mijn linkeroor. ‘Dit is wat mijn gevoel zegt dat ik nu moet doen. Ik heb dit nodig om te overleven.’ Met zijn rechterhand gaf hij me een bemoedigende klap op mijn schouderblad. ‘Pas goed op jezelf!’, zei ik en stapte uit de rij. Ik wilde hier weg en wel zo snel mogelijk.
File Under: Je kunt niet alles begrijpen
The Young Gods - Everybody Knows
Het leuke van recenseren is dat je zo af en toe nog eens iets uit de kast moet trekken, dat je echt al in geen jaren meer gedraaid hebt. Want zeg eens, hoe vaak heeft u de klassieker TV Sky van The Young Gods gedraaid? Ik wellicht in geen tien jaar meer! Voor de jonge lezertjes, en dat zijn diegenen die nog niet zo hip waren begin jaren negentig, The Young Gods is een Zwitsers industrial rockcombo, dat vooral begin jaren negentig erg invloedrijk was. Denkt u aan een vroege Nine Inch Nails. Bowie noemde ze ooit nog eens als invloed. Eenieder in mijn vriendenkring had dan ook TV Sky, of Live Sky Tour, die lag vaak 'voor weinig' in de grijze import. Tot mijn verbazing hebben ze in al die jaren met ruime tussenpozen nieuw werk uitgebracht. Ik heb het gemist. Tot Everybody Knows onlangs uitkwam. En daardoor aangezet werd tot het opnieuw luisteren van TV Sky. Dat werd 'a trip through memory lane', en dientengevolge bijzonder aangenaam. Gelukkig is ook het nieuwe album bijzonder interessant. The Young Gods zijn prettig ouder geworden met hun publiek. Zo stevig als op TV Sky gaat het allemaal niet meer, althans niet constant, maar wat The Young Gods afleveren met Everybody Knows, is een puike plaat, die ergens op het grensvlak van ambient en industrial rock ligt. Nine Inch Orbitals, of iets dergelijks. Het is daarmee een afwisselende plaat geworden waarin voor de liefhebbers van beide genres voldoende inzit. En kom daar nog maar eens om in een bijna vijfentwintigjarige carrière, waarin het commerciële hoogtepunt al vijftien jaar geleden was. Heerlijk oud worden is het zo...
File Under: Jonge goden worden prettig oud...
File Audio: [MySpace]
Adele - 21
Soms is het maar beter niet meteen al je kruit te verschieten bij je debuut. Zo vond ik Adele's 19 niet meer dan een veelbelovend debuutalbum. Vooral haar vocale capaciteiten vielen op bij dit wisselvallig muzikaal samenraapsel waar tegenover iedere uitschieter (vaak meer dan) een zwakkere broeder stond. Opvolger 21 (wat uiteraard naar haar leeftijd verwijst) is een fikse stap voorwaarts voor de sympathieke, volslanke zangeres. Ondanks het aanrukken van meerdere producerende zwaargewichten als Rubin en Epworth is er veel meer sprake van focus en samenhang. Waarschijnlijk heeft Adele haar vinger regelmatig stevig door de pap gehaald en net zo lang geproefd tot er naar haar smaak voldoende roots en soul waren toegevoegd. Zoveel was al duidelijk bij de single "Rollin' In The Deep" die hier als opener fungeert. Het zal niet voor niets zijn dat ze in het daarop volgende "Rumour Has It" doet denken aan Annie Lennox toen ze haar synthetische Europop verruilde voor een soulvoller geluid. Ook Adele's stem gedijt prima in deze regionen. Gevoelsmatig kakt het album vervolgens wat in met de ballads "Turning Tables" en "Don't You Remember" - het zal alles te maken hebben met de "Make You Feel My Love"-moeheid. Daarna gaan in de (wellicht iets te) dik aangezette Fraser T. Smith-samenwerking "Set Fire To The Rain" alle remmen los en valt er o.a. via de fijne Cure-cover "Lovesong" tot aan de sobere afsluiter "Someone Like You" genoeg te genieten. Het zal me niets verbazen als over een aantal jaar een alsmaar groter geworden groep liefhebbers zal uitkijken naar een album wat naar alle waarschijnlijkheid de titel 30 zal dragen.
File Under: Dat er nog vele jaartjes bij mogen komen
File Video: [Rollin' in the Deep][Someone Like You (live on Later)]
DeWolff - Orchards/Lupine
Het tweede album van DeWolff is er eentje om in te lijsten. Of nee: om heel vaak te beluisteren. En dan niet met een pot blues-bier tussen de klauwen, maar bij voorkeur een volle retro-rooie wijn. Hun debuut Strange Fruits And Undiscovered Plants was al een fraai staaltje psychedelische bluesrock, maar met Orchards/Lupin laten ze horen dat het nog beter kan. Het klinkt nu allemaal meer beheerst en tot in de puntje verzorgd. Het album straalt een zeer relaxte sfeer uit. De nummers beginnen veelal ingetogen met een minimum aan instrumentatie en passende zang, maar daarnaast is er ook genoeg ruimte voor de nodige uithalen met een goede balans tussen de hammondorgel en elektrische gitaar. Misschien niet meer zo rauw als op 'Strange Fruits', maar wel erg smaakvol. "Evil And The Midnight Sun" heeft wel wat van The Black Keys en in "Fever" zit een heerlijke groove à la The Black Crowes, met name als de mondharmonica erin vliegt. Sowieso is deze track een pareltje en zo staan er meerdere op dit album. Over uiterst gedoseerde dynamiek gesproken: het dik tien minuten durende "The Pistol" is echt fantastisch, nu al een klassieker in het genre. Het doet me met veel genoegen denken aan de luchtige periode van Motorpsycho. Het is niet vernieuwend allemaal en jaren zestig/zeventig bands als Deep Purple en Cream zijn nog steeds referenties, maar het is wel ontzettend goed en catchy uitgevoerd. De jongens van DeWolff zijn vakmannen geworden op het gebied van retro, blues en psychedelica. Niet alleen zijn alle song met de nodige zorg en finesse gecomponeerd, ook over de opbouw van het album in z'n geheel lijkt nagedacht. De tracks worden naar het einde toe alleen maar mooier, wat is dit een fijne trip zeg! En aangezien het een echte live band is beloofd dat wat voor het clubcircuit en de festivals: ga dat zien! Zo, leg ik me bij deze toch nog een voornemen voor 2011 op.
File Under: Retro-rock klassieker
File Audio: [Op de 3v12 Luisterpaal]
Teitur - Let The Dog Drive Home
'Dat lijkt Gilbert O'Sullivan wel', zegt mijn vader. 'Wie!?'. Vervolgens heb ik de hele week "Alone Again (Naturally)" geluisterd, dank je wel Teitur! De verwantschap zit 'm in het wat vreemde Engels van de beroemdste Faeröerder, maar natuurlijk nog veel duidelijker in de softe folkrock die hij maakt. Luister maar eens naar "Betty Hedges". Teitur biedt op Let The Dog Drive Home voor ieder wat wils. Zo opent hij het album met het David Gray-achtige "Feel Good", met piano en beats. En zijn er wat liedjes met een eighties-gloss, let op het plastic Maroon 5-effectje op de vocalen van "You Never Leave LA", vast niet voor niets de single. Teitur schaamt zich niet voor wat pathos, en het retro-sixties met strijkers-jasje van "Very Careless People" past hem ook. Dronkemansballade "All I Remember From Last Night Is You" is in die laatste categorie nog wat beter en meer eigen. 'Did I spill red wine on your dress?' Ik zou het John Bramwell van I Am Kloot wel eens willen horen zingen, want dat rauwe randje mis ik hier toch een beetje. Dat is echter geen probleem bij de folkrock in O'Sullivan-stijl, die hier toch het best bevalt. De twee beste staan in het midden, hoogtepunt 'Freight Train' heeft de melancholie die je bij een "Railroad Man"-liedje verwacht, inclusief tsjoeke-tsjoeke-ritmes en blazers die de stoomfluit imiteren. (Heel subtiel, hoor) Het eerdergenoemde "Betty Hedges", bevat het mooiste falset-refreintje van de plaat en sluit er perfect op aan, met Steve Reich-motiefjes, die je stiekem eigenlijk al in het nummer ervoor had verwacht. Al had die het in Different Trains over iets heel anders...
File Under geeft ism platenmaatschappij V2 enkele setjes kaarten weg voor het concert dat Teitur geeft in de Amstelkerk zaterdag 29 januari. Het enige dat je hiervoor hoeft te doen is dit formuliertje invullen.
File: Teitur - Let The Dog Drive HomeFile Under: Grote vragen in kleine liedjes
File Audio: [Teitur-Space]
The Snakes - Sometime Soon
De Britten van The Snakes noemen zich op hun site 'Excellent alt-country rockers', en die arrogantie is ze vergeven. Want met Sometime Soon hebben ze een charmante plaat gemaakt, die inderdaad behoorlijk goede alt.country bevat, maar evengoed een lekker bluesrocknummer met Tom Waits-achtige vocalen ("Refrigerator Blues") of een schattig lief popliedje ("Interview"). Daardoor hinkt deze cd behoorlijk op twee benen: de verscheidenheid is groot, en tegelijkertijd is er daardoor niet heel veel samenhang te bekennen. Na het al eerder genoemde bluesnummer komt bijvoorbeeld de gigantisch commerciële rootsy meezinger "Promised Land", een echt Amerikaans kauwgumballencountrynummer. Dat rommelige begin wordt ineens rap op het verwachte spoor gezet met de nummers die daarna komen. Sometime Soon is ook niet meer dan een eerdere EP, opgeleukt met een aantal nieuwe nummers, dus daar komt die rommeligheid waarschijnlijk vandaan. Dat de stem van Jørn Landé nogal lijkt op die van David Coverdale ten tijde van Whitesnake is een grappige bijkomstigheid, maar vooral een teken dat The Snakes niet heel erg eigen en origineel zijn. Dat hun liedjes wel zeer prettig in het gehoor liggen, spreekt echter erg voor ze, en Sometime Soon verdient dan ook een kans.
File Under: Zelfbewuste Engelsen
File Audio: Website The Snakes
Cold War Kids - Mine Is Yours
De Cold War Kids hebben Jacquire King in de arm genomen. Dezelfde man die de Kings Of Leon naar het grote publiek bracht. En ik heb het idee dat hij met Cold War Kids dezelfde plannen heeft, maar nog niet met dit album. Ze hebben gekozen voor "Louder Than Ever" als eerste single. E�n van de radiovriendelijke nummers, net als "Royal Blue" en "Skip The Charades". Maar met "Out Of The Wilderniss" (met Dodos-achtige percussie) en "Cold Toes" gaan ze weer terug naar hun roots. De roots van country & western, overslaande stem, vreemde drumritmes en algehele onrust. Daarvoor in de plaats minder onrust, minder verrassende nummers, een meer gepolijste productie en een minder panische stem gekomen. Deels mist het typische Cold War Kids-geluid dus, maar net als bij Kings Of Leon kan het ook heel goed uitpakken (al heb ik hierin weinig medestanders). Met "Finally Begin" hebben ze zelfs een hit in handen denk ik, mijn vriendin (die van top 40-muziek houdt) viel meteen voor dit nummer. Mine Is Yours is de eerste stap richting het grote publiek en het zou me niks verbazen dat het volgende album voor Cold War Kids gaat doen wat Only By Night voor Kings Of Leon heeft gedaan.
File Under: Jacquire Kings nieuwe project
Sun Araw - Off Duty
Sun Araw - het soloproject van Cameron Stallones - verwijst met de naam direct naar de jazzheld Sun Ra, maar wie totaal gefreakte jazz verwacht komt behoorlijk van een koude kermis thuis. Niet dat Off Duty en Boat Trip - deze cd is een combinatie van twee EP’s, de eerste uit 2010 en de laatste uit 2008 - niet freaky zijn, maar met jazz heeft het vrij weinig van doen. Voor een goede 45 minuten schotelt Stallones een bord met vijf warme gerechten aan psychedelische drones, gemarineerd in noise en echo, voor. Delay, wah-pedaal en een heel sortiment aan ruimtegenererende effecten toppen het hypnotische en indringende gerecht af. Vervolgens weet hij dit al zeer smaakvolle geheel nog eens te verheffen door er een lekker bijgerecht van Merengue en andere Caribische ritmiek naast te plaatsen. Een heerlijk breed smaakpalet dat het best geconsumeerd kan worden bij volle maan, wiegend in het schaarse licht wat zij ons biedt. Wellicht tijdens een sfeervol voodoo ritueel, gericht op de terugkomst van Sun Ra die alweer enige tijd op een andere planeet resideert.
File Under: Psychedelische tropicana drones
File Audio: [Hypnose horen]
File Video: [Voodoo dans]
Hannelore Bedert - Uitgewist
Mijn moeder denkt altijd dat zij en ik bar weinig overlap hebben qua muzieksmaak. Als ik iets luister en - de overtreffende trap - goed vind, dan moet het bijna wel herrie zijn. Volkomen onwaar natuurlijk. Ik houd namelijk best van het soort kleine Nederlandstalige liedjes waar zij een zwak voor heeft. Helemaal als ze gezongen worden door een vrouw als Hannelore Bedert. Wat Als was in 2008 een van de meest verrassende debuut-cd’s wat mij betreft en met Uitgewist bevestigt Hannelore haar onmiskenbare talent. Op deze tweede cd kiest ze meer - en steeds op de juiste momenten - voor een rock-insteek, wat de plaat wat meer ballen geeft. Hier en daar (in “Helden” bijvoorbeeld) is er zelfs ruimte voor een bijna snijdende gitaarsolo. Met Thomas van Elslander (gitaar), Bart van Lierde (bas) en Davy Deckmijn (drums) heeft ze ook een sterk stel mannen om zich heen verzameld. Maar herrie maken hoeft Bedert echt niet te doen om mijn aandacht te krijgen. Het is het geheim van zachter gaan praten om oren te doen spitsen dat zij perfect beheerst. Of beter om te zwijgen, zoals ze onverwacht en prachtig (ja echt, dat kan) doet in het afsluitende titelnummer. De laatste minuut is alleen maar een rustig repeterende gitaarriff die je grijze massa vanzelf in gang zet over wat je de afgelopen zevenenveertig minuten gehoord hebt. Erg sterk is “Koffie”, waarin Hannelore pijnlijk precies het uit elkaar groeien van twee mensen samenvat in het feit dat ze tegenwoordig geen melk meer in de koffie doet. Eigenlijk verwacht (hoop?) je van een 26-jarige nog geen zinnen als 'Ge zegt “Ge zijt veranderd” Ik zeg “Dat is normaal. De aller-schoonste wending komt altijd aan het eind van een verhaal.”’ Maar Bedert maakt ze zich met gemak eigen. En mijn moeder en ik prikken een dag in de agenda om samen te kijken naar een van de optredens die deze Belgische gaat geven binnenkort. Blijk ik soms toch nog van muziek te houden die zij ook prachtig vindt.
File Under: Hart van mij
File Audio: [MySpace]
Zucchero - Chocabeck
Twijfelen doe ik er niet aan dat de geregelde File Under-lezer een negatief oordeel heeft over Zucchero. Ik zou hier dus makkelijk voor eigen parochie kunnen preken en zijn nieuwe album Chocabeck met de grond gelijk maken. Ik moet eerlijk bekennen dat ik dit ook zou doen, als ik als basis die ene hit had “Senza una donna” die overigens - wat vliegt de tijd - alweer uit 1991 stamt. Eigenlijk had ik het beeld dat de Italiaan in Nederland toch wel een redelijk grote naam was, maar - dat kan aan de zenders liggen waar ik naar luister - dat zijn nieuwste Chocabeck een beetje langs ons heen gegaan is. Dit verbaast me wel, want ik denk dat de Zucchero-liefhebber helemaal tevreden is met dit album. Zijn prachtige stem komt prima tot zijn recht, de grootse productie van Don Was, Brenda O'Brien en Zucchero zelf is een kwalitatief topproduct waar geen rauw randje op te bekennen is en de liedjes moeten in een land dat Marco Borsato aanbidt toch helemaal op hun plaats zijn. Potentiële singles staan er ook op, zoals “Someone Else's Tears” dat hij samen met Bono schreef en de titelsong die ik nog net iets aangenamer vind. Geen scheef woord kan ik er dus over melden, alleen dat ik vrees dat de geregelde File Under-lezer hier niet blij van wordt, maar mogelijk dat je huisgenoot of familie eindelijk eens verzucht: eindelijk draaien ze hier een keer muziek waar we wel wat mee kunnen.
File Under: Italiaans design: meer vorm dan inhoud
File Audio: [MySpace]
File Video: [Chocabeck][È Un Peccato Morir]
The Dallas Explosion - Off To War
Het zou toch knap lullig zijn als een of andere idiote terrorist besluit om in Dallas een aanslag te plegen. En dan heb je je jongste album ook nog Off To War genoemd… Of wacht: in Dallas hebben we al eens een aanslag gehad. Weliswaar met kogels in plaats van bommen, maar de ophef was zeker zo groot. Afijn, The Dallas Explosion lijkt me niet de band die zich daar op voorhand zorgen om maakt. Deze Brusselaars zijn groot geworden met hun eigen variant van geschifte rock ‘n’ roll en met Off To War laten ze horen dat hun rock ‘n’ roll weliswaar ietsje minder gekte kent, maar nog steeds het hart op de goede plaats heeft zitten. Klassieke rock (denk ook aan landgenoten Triggerfinger), maar met een stevige dosis soul en een theelepel Belgisch surrealisme. Voorgangers Depression is a Fulltime Job en Girlfriends & Excess verschenen respectievelijk zes en drie jaar geleden en de eerlijkheid gebiedt te zeggen dat het debuut meer indruk maakte dan het tweede album. De hoeveelheid liedjes die het ene oor in en het andere weer uit gingen zonder enige herinnering achter te laten waren op Girlfriends & Excess wel erg groot. De balans op Off To War slaat gelukkig door naar de goede kant, al geeft het een onevenwichtig gevoel om met je beste liedjes de plaat te openen.
File Under: Hoe zou Sun Tzu dit aangepakt hebben?
File Audio: [MySpace]
File Video: [Blonde Ambition]
Silent Stream Of Godless Elegy - Návaz
De band Silent Stream Of Godless Elegy, of kortweg SSOGE, bestaat al sinds 1995. In die periode tijd hebben ze, met dit album Návaz meegerekend, zes langspelers uitgebracht. Op zich wel vreemd dat de band buiten Oost-Europa eigenlijk nauwelijks bekend is en dat terwijl ze al zo actief is geweest en in eigen land al de nodige Grammy’s in de wacht heeft gesleept. Wellicht is een van die redenen dat ze veelvuldig, en op dit album zelfs volledig, in het Tsjechisch zingen. Daarnaast, komend uit Moravië, de regio in het verre oosten van het land tegen de grens met Slowakije, is het niet vreemd dat ze door hun eigen cultuur flink gedreven worden en deze duidelijk in hun muziek laten terugkomen. Daarbij maken ze ook dankbaar gebruik van traditionele instrumenten uit het thuisgebied als de viool en de cello. De female fronted metal van deze achtkoppige band krijgt zo een geheel eigen sound. Zeer originele folk metal is wat ze maken. Welke mij doet denken aan The Sins Of Thy Beloved, maar dan minder treurig. En qua power zitten ze meer in de richting van de wat oudere albums van Lacuna Coil. Zangeres Hanka Hajdová zorgt voor de warme en heldere vocalen, die in de krachtige vocalen van zanger Pavel Hrnčíř een natuurlijke tegenhanger vindt. In de ruim drie kwartier dat Návaz duurt vliegen de negen sterke, energieke nummers voorbij. Met een beetje marketing zullen ze weldra bekend zijn bij een groter publiek. Dat verdienen ze. Aan dit album zal het in ieder geval niet liggen.
File Under: Originele folk metal
File Audio: [Myspace]
File Video: [Youtube Channel]
Gabriel Rios - The Dangerous Return
Op de een of andere manier leek Gabriel Rios me geen artiest die zou afwijken van zijn succesvol geplaveide wegen. Waarom ik dat vooroordeel had weet ik eigenlijk niet. Stiekem is dat best beschamend. Misschien kwam het wel doordat zijn enige hit “Broad Daylight” me ondertussen de neus uitkomt. Op The Dangerous Return logenstraft Rios gelukkig al mijn vooroordelen. New York, zijn nieuwe uitvalsbasis, heeft hem geïnspireerd om dat patat bakkende latin juk van zich af te gooien en het te proberen met een ander - ondanks dat de line-up simpel is - avontuurlijker geluid. Hierbij neemt de piano van Jef Neve een belangrijke plek in. Veel van de songs van The Dangerous Return (waaronder de prettige single “Dauphine”) zijn hierop gebouwd. Maar de invloed van zijn andere partner in crime, drummer/percussionist Kobe Proesmans, moet ook niet onderschat worden. Zij zijn samen de basis voor een andere, door mij onverwachte klank. Een liedje als “Tidal Wave” had bijvoorbeeld zo uit de koker kunnen komen van onze eigen Nits. Rios is niet bang om een tikje ambitieus over te komen, en dat lef betaalt zich uit in mooie songs. Zo tovert hij halverwege de dus vooral pianogeoriënteerde cd het fraaie “Old Shoes” uit de hoge hoed waarop alleen Rios en zijn akoestische gitaar te horen zijn. Rios slaagt er met korte wendingen in dat je als luisteraar steeds weer verrast wordt. Zo stap je van het bijna malle “Orion” ineens de nachtclubsferen in met het afsluitende “Diamond”, met alleen Rios en Neve. Het is een sterk einde van een album dat Rios wellicht niet hetzelfde succes zal brengen als Ghostboy deed in 2004, maar wel veel boeiender luistervoer.
File Under: Maak daar maar The Glorious Return van.
File Audio: [MySpace]
File Video: [Dauphine]
Trijntje Oosterhuis - Sundays In New York
Het is toch knap hoe het AD 750.000 onderzetters op ��n dag weet te verspreiden. Daar doen ze bij de Blokker drie jaar over.
File Under: AD-meuk for the masses
Freezepop - Imaginary Friends
Toen het twee weken terug nog ijzelde, ging ik twee keer op mijn fiets onderuit en paste daar maar één band bij. Je heet niet voor niks Freezepop, ook al is dat eigenlijk het Amerikaanse woord voor waterijsje. Deze electropopgroep rondom zangeres Liz Enthusiasm bestaat sinds 1999 en geniet dankzij hysterisch vrolijke computergame-liedjes als "Plastic Stars", "I Am Not Your Game Boy" en Less Talk More Rokk al jaren enige cultfaam onder computerfreaks en electromeisjes. Het is overigens ronduit belachelijk dat dat laatste nummer in 2007 geen radiohit geworden is, maar dat zal wel aan de grachtengordelig klinkende titel van track 2 gelegen hebben, het al even fijne "Pop Music Is Not A Crime". Hand in eigen boezem: ik kreeg destijds van het bijbehorende album Futurefuturefutureperfect nota bene een promo, maar kwam er tot mijn spijt nooit aan toe om er tijdig iets over te schrijven. Kennelijk had ik nog nergens gelezen dat componist Kasson Crooker zich ook wel 'The Duke of Pannenkoeken' noemt, wat alleen al briljant is. Enfin, op Freezepops recente vierde plaat - waar ik nu ter compensatie geheel op eigen initiatief over schrijf - is de vocoder op Liz' stem wat teruggedraaid en klinkt Freezepop volwassener dan ooit. De electrobeats klinken verfijnder en wat meer Scandinavisch (Kleerup, Lindstrøm) en de teksten juist wat doordachter, waardoor bij nummers als "We Don't Have Normal Lives" eerder de associatie met Röyksopp en Robyn op de loer ligt, of in "Hypothetically" de Pet Shop Boys of in "Lose That Boy" het eveneens Engelse Fenech-Soler, dan dat je ook maar enigszins denkt aan een willekeurige act uit het land van oorsprong, de Verenigde Staten. Op een plaat als deze kun je hooguit mopperen dat-ie niet echt vernieuwt en geen instant bangers bevat, maar als prettige hippe achtergrondmuziek voldoet het uitstekend.
File Under: Brrr. Consumptie verplicht he
File Audio: [Natural Causes][Doppelgänger (download)]
Zapp 4 - Radiohunter
Zapp4 heette eerste Zapp String Quartet, en onder die naam hoorde ik voor het eerst van dit Nederlandse viertal op de Shouting Boots Live!-compilatie. Het kwartet viel daarop prettig uit de toon tussen de rockers, de honkers en de droefsnoeten. Sterk beeldende muziek waarop ik zo gauw geen etiket kon plakken. Modern klassiek? Jazz? Folk? Ook op Radiohunter, het eerste album onder de naam Zapp4 (als Zapp String Quartet maakten ze vier platen) is het lastig een genre-aanduiding te vinden. Nu hoeft dat niet per se, maar op een site die de naam File Under draagt verwacht je toch íets, nietwaar? ‘Gestreken, maar niet zonder kreukels’ heb ik dus woordspelerig bedacht. Met twee violen, een viola (instrument dat twijfelt tussen een cello en en viool) en een cello kun je zeer beeldende muziek maken. "BMW", het nummer dat zich nog het makkelijkst laat vergelijken met werk van metal-cellisten Apocalyptica, is wat mij betreft een soundtrack van een startende, wegspuitende en daarna lekker cruisende dikke Duitse patserbak. Die in zwaar weer terechtkomt, ternauwernood langs obstakels slipt om daarna op hoge snelheid een politie-wagen voorbij te razen - die natuurlijk gelijk de achtervolging in zet. Het titelnummer, waar de strijkstokken worden gebruikt voor een heuse beat, doet denken aan Tin Hat (voorheen Tin Hat Trio). Filmische country-noir, waarbij de violen gitaren lijken te imiteren. Nu ik er zo over nadenk, valt Zapp4 helemaal niet uit de toon op een compilatie met ronkende sax-helden, ingetogen singer-songwriters en uitgelaten balkan-beats (zoals Shouting Boots Live!, dus). Zapp4 kan alles wat zij ook kunnen. Maar dan met vier strijkinstrumenten. Je hoeft niet eens zo avontuurlijk te zijn ingesteld om het toch heel mooi te vinden.
File Under: Gestreken, maar niet zonder kreukels
File Audio: [Radio rechtsboven op hun site]
Daniel Martin Moore - In The Cool Of The Day
Vroeger wisselden we tapejes. Liefdevol knutselden we aan hoesjes en volgorde van de tracks. Tegenwoordig doen we dat anders. We maken een playlist in Spotify en gooien die de wijde wereld in. Zo gemakkelijk. We doen het met een groepje met een keer per week een nieuw thema. Om onszelf scherp te houden. Afgelopen week was het thema liedjes korter dan drie minuten. Ik wilde heel graag “In The Cool Of The Day” van Daniel Martin Moore opnemen in het lijstje. Het is helaas twaalf seconden te lang. Dat is spijtig, want dit titelnummer van Moors derde cd op Sub Pop is namelijk het mooiste wat ik tot nu toe hoorde aan songs van nieuwe releases uit 2011. Een ogenschijnlijk simpele, bijna achteloze pianotrack, maar de combinatie met de zachte stem van Moore ontroert mij. Op zijn eerdere albums Stray Day en Dear Companion liet Daniel Martin Moore al horen een begenadigd talent te zijn, op In The Cool Of The Day doet hij er nog een schepje bovenop en laat hij horen een van de besten van dit moment te zijn. De cd is met zijn eenendertig minuten misschien aan de korte kant, de elf songs zijn mooi wel stuk voor stuk prachtig. Ze zijn niet allemaal van zijn eigen hand. Het album rust op een basis van gospelliedjes die Moore van vroeger kende en die hij aangevuld heeft met eigen songs. Zo is het hiervoor geprezen titelnummer van Jean Ritchie die in de jaren vijftig enige faam genoot. Ik snap wel dat My Morning Jackets Jim James met grote graagte wederom aanschoof om Moore te helpen met het op bescheiden wijze inkleuren van de songs die in alles een grote liefde voor oude folk en country uitademen. Als een kruimeltjes pikkend musje wipt Moore al lichtvoetig van jazzy swingend (“In The Garden”), naar een pianoballade en met strijkers gelardeerde folk terwijl hij zelf ondanks zijn bescheiden stem de show steelt. Juist in zijn eenvoud is In The Cool Of The Day een prachtige cd.
File Under: Softly & Tenderly
File Audio: [Dark Road][MySpace]
Defiled - In Crisis
Japan is sinds lange tijd een aardig broeinest geworden van obscure deathmetal, grindcore en noise. Kennen we bijvoorbeeld Ultra Bidé en The Boredoms nog? Welnu, Defiled bestaat sinds 1992 en haalde zijn inspiratie bij Death, Cannibal Corpse, Deicide en Morbid Angel. Dat doen de heren nog steeds, alleen nu wel met de technische precisie van een Fear Factory. Met deze vierde cd grunt Defiled zich doodleuk naar de bovenste regionen in ouderwetse deathmetal en pakt tussendoor nog even wat black- en deathmetalshows, o.a. samen met Mayhem. Hoewel Defiled vanuit een militaire precisie opereert met een spervuur aan blastbeats, grunts, hyperactieve gitaarriffs en klapperende bassen, lijkt het allemaal behoorlijk slordig te zijn afgeraffeld. En, dat komt door de bizarre productie, die als je thuis een aardig stereosetje hebt staan, alle kanten van de kamer doorvliegt. Ik krijg hier toch stellig de indruk dat engineer Bill Metoyer die eerder samenwerkte met Slayer en Sacred Reich of volledig aan de coke zit of heel snel wat harde Japanse yens wilde verdienen. Echt zonde, want het maakt van In Crisis een bijna onbeluisterbare metalplaat. Als je wilt lachen, dan zou je deze cd eens in de auto moeten opzetten. Ongelukken gegarandeerd.
File Under: Kamikaze-metal met ranzige productie
File Audio: [MySpace]
Kevin Beadles - You Can't Argue With Water
Een goede kennis of vriend die zichzelf ten gronde richt met hard drugs, ik kan me voorstellen dat dit er behoorlijk inhakt. Als muzikant heb je dan de kans om dit van je af te spelen/zingen. Zo leverde dit bij Neil Young het geweldige “The Needle And The Damage Done” op. De Amerikaanse singer-songwriter Kevin Beadles kent ook iemand uit zijn jeugd die teveel heeft gesnoept, ene "Caroline", en maakte daar een song over. Waar ik Young echter meteen geloof en mee treur, heb ik bij Beadles het gevoel dat hij dit bezingt alsof hij dit verhaal ergens gehoord heeft. Het speelde zich af in een wereld waar hij ver vanaf staat. Met name door de ongelooflijk brave begeleiding komt het bij mij ongeloofwaardig over. Deze braafheid is helaas de trend op zijn album You Can't Argue With Water. Eigenlijk zitten er genoeg elementen in die mij zouden moeten overtuigen: americana, blues, folk en rock. Er wordt echter nergens buiten de lijntjes gekleurd. Ik vrees dat Beadley om op te vallen toch met betere argumenten moet komen dan dit album. Maar misschien vergis ik me, en is het typisch een release voor de Amerikaanse markt. Tenslotte brengt hij al vanaf 2000 onder eigen naam releases uit.
File Under: Honderd in een dozijn
File Audio: [MySpace]
File Video: [High][Shine]
Yesterday's Men - The Awesome Grandeur Of The Cosmic Cycle
'Lijkt wel een koorknaapje..', zei mijn collega. Hij wist niet eens dat ik The Awesome Grandeur Of The Cosmic Cycle, het debuutalbum van het Nederlandse Yesterday's Men op had staan om er later een recensie over te schrijven. Dus ik bedankte hem gelijk maar voor zijn input. De zanger van Yesterday's Men zingt inderdaad theatraal van donkere dieptes naar ijle hoogtes, maar zwabbert hier en daar nog wat over glad ijs. Het karakteristieke stemgeluid van zanger/pianist Dolf Smolenaers (alias Rudolph Quincy) heeft echter een mooie diepzinnige kleur, die ergens ook wel op die van Morrissey lijkt. En hij zingt duidelijk vanuit het diepst van zijn ziel. De songs zitten sowieso vol met emotie, groteske gebaren, melancholie en romantiek. Bij vlagen doet het mij dan denken aan een band als Get Well Soon. Maar je kunt net zo makkelijk een vrolijk middeleeuws tafereeltje tegenkomen. Of mooi klassiek pianowerk, zoals in "Pierrot in Space". Of een prettig geplaatst trompetje en dwarsfluit, zoals in het epische slotstuk "Soldier On". Kijk, daar word ik dan vrolijk van. Yesterday's Men ziet de muziek zelf als een kunstvorm en heeft zijn inspiratie gehaald uit bijvoorbeeld de schilderkunst en romantische literatuur. Dat levert een album op vol met interessante ideeën en mooie composities. The Awesome Grandeur Of The Cosmic Cycle is dan wellicht hier en daar wat pretentieus, maar het leest als een goed boek. Een meeslepend album waar aandacht aan is besteed. Bovendien wordt het gewoon helemaal gratis ter download aangeboden via de website van de band. En dat getuigt gewoon van lef.
File Under: Passie
File Audio: [MySpace]
Week 3, 2011
Storm
Rondbanjeren op Eurosonic 2011
Ewie
The Suzan - Golden Week for the Poco Poco Beat
Ludo
Massy Ferguson - Hard Water / My Bubba & Mi @ Mezz
Gr.R.
The Joy Formidable @ Eurosonic.
Ramon
Smith Westerns - Dye It Blonde
André
Rumer en het Metropole Orkest @ Muziek Centrum van de Omroep, Hilversum
Prikkie
Deep Purple - Come Taste The Band: 35th Anniversary Edition
Blizzard
Silent Stream Of Godless Elegy - Návaz
DubbelMono
Lemmy: The Movie
Campking
Ducktails - Ducktails III: Arcade Dynamics
La Boutique Fantastique
The Zakary Thaks - Passage To India
Een jaar of tien geleden lag er al een verzamelalbum van The Zakary Thaks In de winkel, maar die bevatte alleen de singles. Jaren daarvoor was hun bekendste nummer (en single) al te vinden op de onvolprezen compilatie Nuggets. Original Artyfacts from the First Psychedelic Era. Samensteller Lanny Kaye had het goed gezien: "Bad Girl" is een van de beste tracks van Nuggets en je zou zelfs kunnen zeggen dat het de ultieme ’60s garagerock representeert. Snel, vuig, intens en gebaseerd op de Britse rhythm & bluesboom, maar dan in de overdrive. (Een weblog weet - met de tong niet eens zo firm in cheek - te beweren dat het de eerste hardcorepunk-single ooit is.) The Zakary Thaks maakte alleen een handvol singles, koerste van rauwe rhythm & blues naar psychedelica, ging na een paar jaar weer uit elkaar en het hoogtepunt van hun carrière was het voorprogramma van hun grote helden The Yardbirds. Om het verhaal nog beter te maken hadden de snel wisselende leden uit de eerste jaren van de band de beste reden om uit de band te stappen: niet meer te handhaven op school en dus door hun ouders weggestuurd. Helaas zijn niet alle nummers op Passage To India zo goed (hoeveel bluesbands uit je buurtkroeg zouden "Weekday Blues" durven te spelen?). De psychedelische opener "Face To Face" (ook een single) is prima, maar een fiks aantal van de zeventien hier gepresenteerde songs had niet per se uit de vaults te hoeven worden gered.
File Under: Volledigheid is soms een slechte zaak
File Video / Audio: [Little Red Book]
Noorderslag 2011 - Napret
Het is hard werken, zo’n festival. Vier dagen langs bandjes rennen, foto’s schieten en wat vinden van het gebodene is best vermoeiend. Het is bijna werk. We beginnen ’s middags in het Newscafé alwaar een bekende bierbrouwer uit Amsterdam een bandjesmiddag, de Noordermiddag, organiseert. Daar mag Tjeerd Bomhof de officieuze officiële aftrap doen van zijn nieuwe momentum, Dazzled Kid. Een nieuwe band wil hij het nog niet noemen. De echte aftrap is ’s avonds op Noorderslag, maar wat we hier zien belooft veel goeds. Het is een project van Bomhof, dus een aantal nummers houdt de typische Bomhof/Voicst-signatuur, maar hij durft nu iets te variëren. De bandjes op deze middag worden aan elkaar gepraat door Michiel Veenstra en dat geeft meteen aan welk soort artiesten je kunt verwachten. Krystl bijvoorbeeld, die het reeds tot Serious Talent geschopt heeft. Charmante verschijning, een dijk van een stem en ze heeft er echt zin in, want ze staat stralend op het podium. Haar vrolijke, niets-aan-de-handpop zal hoge ogen gooien op 3FM.
Lees verder..Shannon Wright - Secret Blood
Het is best wel een beetje schrikken bij het eerste nummer van Secret Blood, waar Shannon Wright over spookachtige en dreigende klanken een vage tekst zingt over wilde paarden. Deze bizarre openingstrack duurt (gelukkig) maar kort en gaat over in "Violent Colors" waar de zangeres opnieuw allerlei engs in de microfoon fluistert. Halverwege doet de slaggitaar zijn intrede en lijkt er toch nog iets als een nummer te ontstaan. Een goed nummer zelfs, dat door de hoekige riffs een beetje aan PJ Harvey doet denken. Maar waar Harvey lekker uitdaagt en voluit gaat, lijkt Wright zich met haar vocalen vooral veilig achter de muziek te willen verschuilen. Op rustige tracks zoals het prachtige "Dim Reader" lijkt ze uit haar schulp te kruipen. Prachtig, zo'n zangeres die eigenlijk te verlegen is voor de spotlights maar desondanks toch muziek uitbrengt. Secret Blood getuigt van een gezonde experimenteerdrift en flinke dosis lef van de introverte zangeres. Van lieflijk naar smerig, van dromerig naar pure noise, Shannon Wright neemt je mee op een bijzondere en afwisselende trip op dit indrukwekkende album.
File Under: Dromerige noise
File Audio: [MySpace]
File Video: [Teaser]
File Twitter: [Twitter]
Vega - Kiss Of Life
Ik ben een verzamelaar. Dat houdt in dat ik van heel wat bands zo´n beetje het hele oeuvre in de kast heb staan. Onvermijdelijk vind je dan het ene album beter dan het andere en zul je dat vaker uit de kast trekken. Zo krijgt het album in elk geval voor mij iets van een klassieker. Op andere momenten weet je bij voorbaat dat die status er nooit in zal zitten. Zo´n album is Vega´s Kiss Of Life. Vega is de naam van de band van ex-Kick-zanger Nick Workman en de vooral als songwriters (voor onder andere Khymera en House Of Lords) bekende broertjes Tom en James Martin. Aangevuld met drummer Dan Chantrey hebben ze nu hun debuutalbum Kiss Of Life uitgebracht. De Martinbroertjes zijn niet voor niets succesvolle AOR-songwriters en dat hoor je ook wel terug op dit album. Tegelijkertijd schrijven ze wel goede songs, maar zelden krakers. De reden is simpelweg dat ze min of meer formule-AOR schrijven. Dat is niet per se erg als je een lekkere AOR-plaat wilt horen. De songs zijn beslist van niveau, Workman heeft een fraaie stem die past bij het materiaal en de mix en productie zijn uitstekend. Kiss Of Life laat echter wel haarfijn het verschil zien tussen uitstekende AOR en AOR met dat beetje extra. Het mist eenvoudigweg teveel een eigen gezicht om ooit iets van een klassieker te worden, ook in hun eigen oeuvre. Omdat het wel degelijk bovengemiddeld goed gemaakte AOR is, is het best een plezier om te beluisteren. Hoe vaak het album daarna nog uit de cd-kast komt, is echter de vraag.
File Under: Goed gemaakt
File Audio: [VegaSpace]
Drums Are For Parades
Grizzly Adams - Hombre Grande
Hombre Grande - het verhaal van een man die alles verliest om uiteindelijk de ware liefde te vinden - heeft alles wat een mens zou moeten bekoren. Een groots concept uitgewerkt in goede lyriek, een likje melancholie van Madrugada, een tufje americana van Giant Sand, een gewaagd hoekje Radiohead en opgeblazen arrangementen met strijkers rond de slepende duisternis van dit Utrechtse trio. De heren pakken uit in een gewaagde bombast, het moet groots en meeslepend. En er zijn momenten dat dit lukt. Zo levert‘The Mothers’ een beeld van een schoolplein vol met kleuters die hun mama in treurnis nakijken, terwijl deze wegfietsen. De titelsong is een heerlijk moment van ingetogen elektropop dat de plaat mooi in tweeën deelt. Maar deze momenten zijn schaars. Ondanks de aanwezigheid van alle juiste ingrediënten komt de plaat niet aan. Alle bombarie en bombast ten spijt lijkt Hombre Grande meer de demo voor die grootse conceptplaat die nog moet komen. Productioneel blijft daarin vooral veel liggen, in koortjes die net niet kloppen, zang die net onverstaanbaar blijft en drums die net iets te ver naar voren ligt. Daar doorheen vallen mooie ideeën en goede nummers te herkennen. Wellicht komt dat live beter uit de verf in een betere mix, zij het zonder de strijkers.
File Under: Goed als demo
Schwefelgelb - Das Ende Vom Kreis
'Ich will noch nicht gehen. Ich will noch ein bisschen tanzen.' Ik dacht dat electroclash al tijden terug een stille dood was gestorven. De clash misschien wel, maar een electro-revival lijkt er wel in te zitten. Laserkraft 3D scoorde al een verrassende hit met "Nein Mann" en Schwefelgelb zit in dezelfde hoek. Ook hij kan lullen als Brückmann, en in het Duits natuurlijk. 'Gibt es da noch Leute!' De begeleiding scheurt er lekker, soms zelfs knoerthard, op los, als een videoclip met semi-naakte dames en huishoudelijke apparatuur. De teksten lijken eerst ook meer van het niveau Rammstein. Schwefelgelb bracht eerder een single uit die "Pornoshow" heet. Maar bij nadere beluistering zijn ze meestal niet plat, en juist grappig. Zo telt de vocalist alle sterren! 'Dass sind 10120 mehr als du denkst'. Bij vlagen toont de electro-schlager zelfs wat gevoel. In het met een likje autotune opgetuigde "Wie Jeden Tag" komt hij daardoor, geloof het of niet, in de buurt van Gorki. Luc De Vos moet maar 'ns een samenwerkingsverbandje aangaan. Uiteindelijk bevallen de paar contemplatieve tracks me toch het meest. "Unser Eigener Müll" bijvoorbeeld, waar zoete synths een Tiersen-achtige melodie spelen. Schwefelgelb lijkt zelf echter het meest plezier te hebben in de commerciële beuktracks. De hardste daarvan heet duidelijk en toepasselijk simpel: "Schwarz-Weiss". 'Alles ist einfach!'
File Under: Rückwärts vorwärts
File Audio: [Schwefelgelb-Space]
Eurosonic 2011 - Vrijdag Napret
Vrijdagmiddag 13:50 uur, Coffee Company Groningen. Cappuccino en Laura Jansen! Een goddelijke combinatie. Het is druk in de Coffee Company, de koffieverkoop komt stil te liggen en iedereen hangt aan Laura's lippen. Ook Laura drinkt koffie, terwijl ze naar eigen zeggen gewoonlijk whiskey drinkt bij optredens. Ja ja. Haar korte set wordt afgesloten zonder "Use Somebody" en dat is fijn. Even later betreedt The Bear That Wasn't het piepkleine podium. Een prima singer-songwriter met een mooie stem, die vooral van kinderliedjes houdt. In een van de nummers zingt hij zelfs in kleutertaal over 'my bestest friend'. Lára Rúnars, zelfbenoemd koningin van de IJslandse indiepop, heeft een bandje meegenomen en de zangeres met calimerokapsel speelt een energieke set met veel handgeklap. Haar stem doet aan Laura Jansen denken en het blijft allemaal lekker ongedwongen en vrolijk.
Lees verder..Kurt Wagner & Cortney Tidwell present: KORT | Invariable Heartache
Ik heb hier regelmatig mijn voorliefde voor het werk van Kurt Wagner beleden. Lambchop behoort nu eenmaal tot een van mijn favoriete bands. Lambchop is ook een soort van waterscheiding in de bands/genres waar ik graag naar luister. Van oudsher luisterde ik naar de wat hardere gitaarbands en ik merk dat ik langzaam maar zeker wat rustiger wordt. gitaren zijn nog steeds belangrijk, maar het hoeft allemaal niet zo hard meer en ik drijf meer en meer de americana in. Ik heb zelfs het Country Music Hall of Fame al bezocht. Toch was dat een stap te ver. Ik vond het er erg leuk om er eens rond te lopen, maar country is mijn muziek niet. En dat is meteen mijn grootste bezwaar tegen "KORT | Invariable Heartache", van Kurt Wagner & Cortney Tidwell. Wagner en Tidwell exploreren samen het oude werk van dat uitkwam op Charts Records, een platenlabel dat in de jaren zestig en zeventig door Tidwells grootvader en vader werd gerund. En dat was een label dat diep in de country zat. Het eindresultaat laat zich raden. "Invariable Heartache" is ouderwetse country, die, als Wagner de boventoon voert nog wel te trekken is, maar als Tidwell zingt wel heel erg cheesy wordt, in mijn ogen. En daar ben ik nog iets te jong voor eigenlijk. Wagner zal er niet door van zijn voetstuk vallen en ik blijf geduldig wachten op nieuw Lambchop-werk, maar ik geef deze door aan de echte countryfans. Al weet je nooit wat er later nog gaat gebeuren...
File Under: Hier ben ik nog te jong voor...
File Video: Diverse video's
Azure Ray - Drawing Down The Moon
Hé leuk, de Oor in de brievenbus. Ze willen me terug! Nee, niet als schrijver, dat was ik nooit. Ze zoeken abonnees. Ik begrijp het en blader het blad door. Het grappigste vond ik, nadat humor als Eikels niet meer in het blad stond, om stukjes te lezen van cd's waar ik ook wat van had gezegd. Mijn oog viel op een recensie van Drawing Down The Moon van Azure Ray. Ik had deze al een paar dagen in de auto gedraaid en was behoorlijk onder de indruk. Vooral het liedje “Larraine” over seksueel misbruik is een heel heftige. Het fijne aan de muziek van de Amerikaanse Orenda Fink en Maria Taylor is bovendien dat ze weten waar je elektronische drums en keyboards wel en niet moet gebruiken. Nu ken ik hun albums die ze eerder maken niet. De laatste was in 2003, maar Drawing Down The Moon is een indrukwekkende. De schrijver van Oor roemt terecht de productie van Eric Bachmann en het hoesje, maar weet nog net wat liedjes als aardig te bestempelen. Ik vrees dat het niet meer goed gaat komen tussen Oor en mij. Al weet ik ook wel dat een schrijver ook maar een simpele ziel is als ieder ander met een mening.
File Under: Gevoelsvrouwen
File Audio: [MySpace]
File Video: [Don't Leave My Mind]
The Bear That Wasn't
Ensemble - Excerpts
Je kunt niet alles horen, natuurlijk. Dus de eerste twee platen die Olivier Alary maakte als Ensemble, zijn me ontgaan. Sterker, ook de platen die hij daarvoor maakte, ken ik niet. God weet dat ik Medulla van Björk wel heb gehoord, maar ik zou u er geen liedje van kunnen voorfluiten - Alary schreef mee aan tracks, en remixte ze later. Hoe dan ook, Excerpts heb ik wel gehoord, vele malen zelfs. Om er achter te komen welk label je op Alary’s muziek plakt (postrock? Modern chanson?), maar ook omdat de gelaagde liedjes, met veel strijkers en blazers, zo mooi zijn. Omdat Alary een fraaie bromstem heeft. Omdat vaste gastzangeres Darcy Conroy uit Montreal (waar Alary ook woont, hij werd geboren in Toulouse) zoet kan zuchten. Toen ik hoorde dat de komende single van Ensemble een track heeft die wordt gezongen door Dominique A, viel mijn franc. Zijn eerste plaat uit 1992 was het startschot voor de moderne Franse, niet enkel op eigen muzikale navel gerichte chanson. De beste platen van Dominique Ané, zoals hij volledig heet, hebben datzelfde orkestrale, maar toch lichtvoetige geluid. Ook in zijn platen is ruimte voor elektronica, voor Britrock, voor new wave, voor wat niet eigenlijk. Olivier Alary heeft zich door de tweetaligheid van Montreal laten inspireren, maar ook door het voorwerk van Ané. Nouvelle chanson canadienne zullen we ’t maar noemen dan. Over de singles van Excerpts gesproken, trouwens: check ook de UB40-cover die als extra track op single "Envies d’avalanches" staat. "Food for thought", een protest-song tegen Thatcher, heeft nog altijd die sax, maar nu eerder magisch dan scheurend. Ook mooi.
File Under: Moderne Canadese chansons
Dragontears - Turn On Tune In Fuck Off!!
Niet bij iedereen gaat een belletje rinkelen als we het hebben over Dragontears. Welnu, de band is van Uffe Lorentzen, oftewel Lorenzo Woodrose van Baby Woodrose. Dat is dan weer dat doorgetripte stoner- en acidrockbandje dat een paar geleden met geweldige platen op de proppen kwam. Dragontears graaft verder in de psychedelica van The Electric Prunes, The Seeds, 35007 en zelfs Monster Magnet. De Deense band heeft nog eens aandachtig geluisterd naar de LSD-luistersessies van dr. Timothy Leary en vervolgens een arsenaal aan Ray Manzarek-orgeltjes en Vox wah-wah-pedalen laten aanrukken. Op het hoesje hebben de muzikanten van Dragontears de volgende rollen toebedeeld gekregen: harmonium, e-bow, space echo, patchbay, tapes, poly 6, tone generator, electric jug, oscillator, theremin en tanpurabox. Zo gek is Syd Barrett in zijn beste dagen nog niet geweest! Lorentzen wel en hij heeft er een wonderbaarlijk mooie cd van gebrouwen, die op sommige punten in een negatieve spiraal terecht komt. Wat geeft het? Een goede trip moet je gewoon ondergaan.
File Under: Free your mind and your cd-player will follow
File Audio: [MySpace]
Tom Gillam - Better Than The Rest (An Anthology)
Tom Gillam woont in Texas en met de alt.country die hij ten gehore brengt zou je niet anders verwachten. Tegelijkertijd is in de zang regelmatig een fijne dosis The Eagles te horen ("Outside The Lines"), dus je zou ook nog eens aan de westkust kunnen denken. Maar nee, Gillam komt oorspronkelijk uit Philadelphia. Nou ja, hoe het ook zij, de Amerikaanse roots zijn onmiskenbaar. Tot 2007 wel alleen voor Europese fijnproevers, want tot Never Look Back uit 2007 werden zijn albums niet in Europa uitgebracht. Better Than The Rest maakt dat gedeeltelijk goed, want het zijn grotendeels nummers van de eerste drie albums. Hoewel de eerste twee albums meer een countryfeel hadden dan de albums daarna, is het geen allegaartje geworden, enerzijds omdat het authentieke Americana blijft, anderzijds omdat slide- en steelgitaar steevast belangrijk zijn in het verrassend makkelijk in het gehoor liggende geluid. The Eagles, John Hiatt, John Mellencamp, Kevn Kinney, het zijn allemaal namen die me door het hoofd schieten bij beluistering van Better Than The Rest. Maar vooral is het een gedegen Tom Gillamplaat die voor meer dan alleen insiders de moeite waard zal zijn.
File Under: Authentieke Americana
File Audio: [GillamSpace]
Eurosonic 2011 - Donderdag Napret
Alle snelheidslimieten worden overtreden, maar we zijn op tijd in Groningen. Dat komt goed uit, want nadat we onze polsbandjes opgehaald hebben stiefelen we meteen door naar Het Paleis. Daar speelt namelijk Agnes Obel als opener en aangezien ze gisteren een optreden heeft moeten missen, vanwege ziek, verwachten we een dikke rij. Die rij staat er inderdaad, maar File Under is op tijd binnen. Agnes is inmiddels wat opgeknapt, maar hoest en proest zich door haar optreden heen. Ze speelt dan ook een 'sickness setlist'. Ze giechelt overigens inmiddels weer met haar celliste en haar cover van John Cale’s "I Keep a Close Watch" is perfect. De aftrap van de avond is rustig, maar zeer geslaagd.
Lees verder..Dazzled Kid - Fire Needs Air
Wie is er wel eens naar een optreden van Voicst geweest? Dan weet je wat er zoal gebeurt, het is een bezige bende. Je moet op de grond gaan zitten, opblaasdolfijnen gaan crowdsurfen, je krijgt zomaar een dance-act temidden van alle rockende nummers, koper en strijkers staan op het podium. In het midden van dit alles staat de kleine Tjeerd met z'n pet. En dan is natuurlijk de vraag: hoe doet de man met de pet het in zijn eentje, nu de rest van de band er even tussenuit is? De nummers lenen zich er prima voor, je hoort er Voicst duidelijk wel in terug, maar toch is het heel erg Tjeerd, heel erg Dazzled Kid. En nee, de blazers zijn niet weg, maar wel minder aanwezig. Toen hij de ideeën voor Fire Need Air liet horen aan Simon van C-Mon & Kypski (waar ze met Voicst al veel mee samenwerkten), heeft deze uiteindelijk besloten om het zelf te produceren, zijn eerste klus als een producer. Later tijdens Oerol kwam de definitieve doorslag voor dit soloproject. Daar werden de plannen gesmeed om het allemaal op te nemen in studio Kytopia van Colin Benders (aka Kyteman, die ook al meewerkte aan het laatste album van Voicst). Nu, nog geen half jaar later, staat alles op plaat en gaat het circus van start! Als je Tjeerd naar het circus vraagt, dan antwoordt hij nuchter: 'ach, ik hoop dat het leuk wordt, vooral, weet je'. Te nuchter naar mijn mening, want Fire Needs Air is een prachtalbum geworden, met dezelfde gedreven variatie als A Tale Of Two Devils. En als hij net zo'n gedreven band achter zich heeft weten te formeren, dan wordt het een uitbundig, maar soms ook ingetogen spektakel tijdens Eurosonic/Noorderslag.
File Under: Dazzled
File Video: [Embrace]
Francis International Airport
Ethereal / Terzij De Horde / Burn The Iris
Het was nog niet eerder voorgekomen dat een metalband de Grote Prijs Van Nederland op zijn naam schreef. Ethereal had de primeur. Bovendien ging toetsenist Uri van Dijk er ook nog eens vandoor met de prijs voor Beste Muzikant. Dat verbaast me niets, want net wat eerder in 2010 pikte Textures hem al op als vervanger van Richard Rietdijk. Van Dijk krijgt het dus druk de komende tijd, want het winnen van de Grote Prijs is een garantie voor een bovengemiddeld aantal optredens. Al kon het nog wel eens wat lastiger worden om Ethereal aan de man te brengen. De band maakt met de EP Lunacy Falls een verpletterende indruk, waarbij inderdaad de toetsenpartijen van Van Dijk gelijk opvallen. Op sommige momenten doen ze me wel wat denken aan die van Paradise Lost ten tijde van Lost Paradise. Pompeus, maar ondertussen mooi wel meedogenloos slopend. Ik moest wel lachen dat de band op MySpace gecategoriseerd wordt als Melodic Metal. Daar mist toch echt een woordje tussen: Death. Alhoewel bijvoorbeeld “Sound Of Destruction” echt wel een gave melodielijn heeft, zou ik bovendien het gebruik van het woordje Melodic nog eens overdenken. Maar Lunacy Falls is met zijn vier songs namelijk vooral rauw, snoeihard en energiek. En veelbelovend.
Maar Ethereal is echt niet de enige talentvolle metalband die Nederland rijk is. Een ander goed voorbeeld is Terzij De Horde. De band heette eerst Liar, Liar Cross On Fire en daarna Alethe, maar is nu vernoemd naar een gedicht van Marsman. Dat past ook veel beter bij het soort muziek dat de Utrechtenaren maken. De band maakt het zijn luisteraars op A Rage Of Rapture Against The Dying Of The Light namelijk allesbehalve gemakkelijk. De vier songs zijn namelijk behoorlijk zenuwslopend. De dreiging die uitgaat van het begin van bijvoorbeeld “Vertigo: The Mithraic Ritual” is niet voor tere zieltjes. De traag voortslepende black (of zal ik het maar doom noemen?) metal vergt veel, maar blijft ondertussen spannend. Want er komt natuurlijk een moment dat de aks valt en het tempo ferm opgeschroefd wordt. Het duurt hier meer dan vier spannende minuten voordat de gitaristen en drummer los mogen. Na het snelle intermezzo gaat het midtempo verder (als je de schroei van zanger Joost wegdenkt zou het bijna The Cult kunnen zijn dat speelt). Voor je het weet zijn de dik negen minuten voorbij. Waarna “The Roots of Doomsday Anxiety” als een soepel lopende cirkelzaag van start gaat, maar wel een die bijna vanzelfsprekend wat hobbels op de weg tegenkomt gedurende de track. Geen gemakkelijke kost, maar wel gaaf voor wie bijvoorbeeld Wolves In The Throne Room een warm hart toedraagt.
Voor mij was na Terzij De Horde Burn The Iris bijna een kopje vanillethee met honing. Wie echter onvoorbereid Sovereign opzet zal toch wel onder de indruk zijn van de donkere post-metal die de Eindhovenaren hierop laten horen. Burn The Iris is een band die duidelijk invloeden bij Mastodon, The Ocean en Burst vandaan gehaald heeft en zo niet, liefhebbers van die bands absoluut aan moet spreken als ze op zoek zijn naar een Nederlands alternatief. Het tempo is ten opzichte van de debuut-ep wat gematigd, maar dat buit de band uit tot een voordeel. Van de drie tracks is het bijna tien minuten durende “(Sovereign) Ghost” absoluut koninklijk. Na een akoestisch intro nemen de logge elektrische gitaren de macht over en trekken ze je langzaam de krochten van de postmetal in, met nog wel een bijna Testament-achtig intermezzo. Geweldige track. Goed is ook dat de band in de vorm van Tamara Clijsen op eigen wijze wat vrouwenzang toevoegt aan de songs. Het gebeurt als details, maar het geeft wel wat extra’s aan deze EP die sowieso al tot in de puntjes verzorgd is.
File Under: Terechte winnaars.
File Audio: [MySpace]
File: Terzij De Horde - A Rage Of Rapture Against The Dying Of The Light
File Under: Lastige rakkers
File Audio: [MySpace][In een zipje]
File: Burn The Iris - Sovereign (EP)
File Under: Overtuigend
File Audio: [MySpace]
Delorean - Subiza
Let even op, de band heet Delorean. Opgericht in 2000 en ja, vernoemd naar die auto uit de Back To The Future-films. Dus niet Dolorean, dat Amerikaanse indiegezelschap. Maar goed, terug naar Delorean; de Spaanse Bag Raiders, zeg maar. Beetje italohouse hier ("Infinite Desert"), wat MGMT-achtig galmende koortjes daar ("Real Love"), tropisch vleugje erover. Een zooitje elektronische producers vermomd als Kitsuné-indiebandje. Of wacht, ze hébben een remix voor Kitsuné gemaakt. Zelfs DJ Tiësto vond 'm geweldig. Dat is het verschil met het originelere geluid van bijvoorbeeld de Crystal Fighters: Delorean presenteert dan wél weer een diepe bas als dat moet. Het repetitieve en psychedelische aan de liedjes doet zelfs denken aan de Chemical Brothers. En dan toch weer een opwekkend popliedje als "Simple Graces" maken, dat dubbele is de kracht van Delorean. Ze komen er niet geweldig ver mee, echt bijblijven willen de liedjes maar niet, maar ruim voldoende voor een goed feestje op Eurosonic moet dit zeker zijn.
File Under: Waarschijnlijk remixen ze beter dan dat ze componeren
File Video: [Stay Close][Real Love]
Lars Ludvig Löfgren - Heterochromia
In een interview zei Lars Ludvig Löfgren eens: ‘ik zou zowel in de stad als in het bos kunnen wonen.’ In zekere zin is dat ook precies wat Löfgren op zijn plaat Heterochromia doet. Want daarop hoor je zowel de open ruimtes van het platteland als de gruizige, levensdronken gitaarpop van de stad. Löfgren (Zweed) heeft elf puntige popliedjes aan elkaar getimmerd waarin werkelijk een kaleidoscoop aan invloeden te noemen is. En dat zal ik dan ook maar even doen: The Shins, Lemonheads, Motown, Britpop, shoegaze; het komt allemaal voorbij. Albumopener “Canadian Maple Leafs” klinkt als een charmant beschonken A.A. Bondy die eenzaam door een weiland kachelt; “Round Your Heart” is gloedvolle Amerikaanse powerpop waarin de neonreclames weerschijnen. Het gros van de nummers kan weliswaaar ingedeeld worden in het hoekje van de Zweedse popstampertjes; maar dat gebeurt wel op behoorlijk ontspannen wijze. Heterochromia rockt, maar doet dat overtuigend nonchalant. Het eerdergenoemde “Round Your Heart” is een onweerstaanbare hit, maar het is lastig om een hoogtepunt aan te wijzen. Het niveau van de liedjes blijft tot aan de laatste tonen van afsluiter “My Kid Could Paint That” indrukwekkend hoog. Vanavond te zien in Groningen, op Eurosonic. Zo’n plaat verdient een volle zaal.
File Under: Zweedse popstampertjes
File Audio: [MySpace]
File Video: [Give The Dog A Bone]
Eurosonic 2011 - Woensdag Napret
Het is best een goed plan eigenlijk, een extra dag erbij aanplakken voor Eurosonic. Een dag waarop bandjes optreden die op de donderdag, vrijdag (en misschien zelfs wel zaterdag) nogmaals zullen spelen. Knelpunten zijn er immers altijd in het stampvolle Eurosonic-schema, die je als toeschouwer nu beter kunt omzeilen. Want iedereen wil die driehonderd bands zien, maar de eerste die daar in slaagt moet nog geboren worden.
Omdat het best een pokkeneind lopen is naar de plek waar de polsbandjes uitgedeeld worden vanaf waar onze auto staat, begint onze avond met een klein uur vertraging. Dat is best jammer, want ik was best benieuwd wat Guido Belcanto, vrij zeker de nestor van Eurosonic, er vanaf zou brengen.
Lees verder..The Van Jets - Cat Fit Fury!
Goede voornemens, ik heb ze niet, maar vorig jaar had ik ze wel. Ik wilde namelijk een concert meepikken van de toer die Woost samen met de Belgische The Van Jets langs de Nederlandse concertpodia hield. Eigenlijk had ik gewoon het eerste het beste concert dat in de buurt was moeten bezoeken, maar dat deed ik dus niet. Later kwam ik in de knoei met de agenda (een mens kan niet op twee plekken tegelijk zijn) en het bezoek kwam er niet meer van. Dat is jammer, want niet alleen is het album van Woost niet te versmaden, ook dat van The Van Jets is een heel fijn album. Het album Cat Fit Fury! was er al in maart 2010, maar ik heb niet de indruk dat het hier opgepakt is. In België is dit wel anders, zo staat de single “The Future” op de eerste plaats in de alternatieve hitlijst 'De Afrekening' over 2010. Het kwartet brengt garagerock vermengd met glamrock, maar dan wel met een poppyfeel. Cat Fit Fury! is een album dat mij energie geeft en The Van Jets had ik dus wel eens live willen zien. In 2010 is dat er niet van gekomen. Hopelijk staan ze komend festivalseizoen (behalve op Eurosonic) op de Nederlandse podia, want behalve dat ondergetekende dan alsnog deze zwarte vlek op 2010 kan wissen, zou het helemaal terecht zijn als ze in navolging van Triggerfinger ook Nederland in hun greep krijgen.
File Under: Een succesvol 2011 toegewenst
File Audio: [MySpace]
File Video: [Teevee][The Future][Down Below]
James Blake - James Blake
Een dikke hug voor degene die het debuutalbum van James Blake ruim voor de releasedatum (begin februari) gelekt heeft. Want het kon zo echt niet langer meer. In 2010 liet producer James Blake van zich horen met drie ep's, ieder met een eigen geluid, met het op pianoklanken gebouwde Klavierwerke als eerste hoogtepunt. Dat was meer dan voldoende om reikhalzend naar het komende debuutalbum uit te kijken. De eerder uitgebrachte prachtsingle van dit album, "Limit To Your Love", is een dubsteppende cover van een albumtrack uit 2007 van Feist. Dit leverde hem prompt een hit op en al gauw dook zijn naam op in de polls van de acts die 2011 zullen bepalen. Waarom zouden we dan moeten wachten tot februari 2011? Toen het titelloze album lekte in december 2010 werd deze dan ook massaal bij de torrentboeren weggegrist en verslonden. En gezien de verwonderde en enthousiaste reacties die volgden heeft hij de hooggespannen verwachtingen meer dan waar gemaakt. James Blake is een bijzonder en verrassend album met een nieuw, uniek geluid. Niet alleen haalt hij de diepgebaste dubstep uit de clubsfeer en brengt hij deze terug naar een minimale, verstilde kern. Wat zijn geluid werkelijk bijzonder maakt is dat hij dit integreert met dikke lagen soul, gospel en folk. Oude conventionele muziek, ontleed, vervormd en opnieuw opgebouwd met ambient samples en warme, dramatische klanken uit de piano en mellotron. Schetsen zijn het, waar de (gesamplede, vervormde en veelal ge-autotunede) stemmen volledig in dienst staan van de muziek en andersom. Liefhebbers van de witte soul van Jamie Lidell zullen hier herkenning vinden, maar net zo goed hoor je ook de sfeer van Antony and The Johnsons ("Why Don't You Call Me"), of de naakte schoonheid van Bonnie 'Prince' Billy en Bon Iver (de track "Measurements"). 2011 is begonnen en ja, het is nu al het jaar van James Blake.
File Under: Uitgelekte stilte
File Audio: [MySpace]
File Video: [Limit To Your Love]
File Twitter: [Twitter]
Hundreds - Hundreds
In Duitsland doen ze ook aan jaarlijstjes. En niet geheel onverwacht zagen we in de lijstjes van 2010 in de Duitse muziekpers veel namen terug die ook in Nederland de boventoon voerden, waaronder natuurlijk Arcade Fire en The National. Een naam die veel bij onze oosterburen terugkwam maar bij ons helemaal nergens opdook was die van Hundreds. Dit broer-zus duo uit Hamburg bracht begin 2010 hun debuutalbum uit en dat vond men behoorlijk toll. Bijna een jaar later komt het album uit in de rest van Europa en dat is niet meer dan terecht. Eva Milner en haar zes jaar oudere broer hebben een bijzonder album gemaakt. De klassiek geschoolde jazzpianist Philipp sleutelde jarenlang aan de ingenieus opgebouwde elektronische tracks en zus Eva mocht met haar Dido-achtige stem de zangpartijen toevoegen. Net als iedere bewoner van Hamburg is het stel apetrots op de haven van de stad, zoals blijkt uit het nummer "I Love My Harbour". Op de net iets te gladde single "Happy Virus" na heeft de plaat een lekkere lome sfeer en het lichte accent van Eva werkt aanstekelijk. Hopelijk blijven de familiebanden sterk, want van Hundreds willen we meer horen!
File Under: Hamburgers
File Audio: [MySpace][I Love My Harbour]
Eurosonic 2011 - Voorpret
Het moet gezegd worden, de nieuwe iPhone-applicatie van Eurosonic/Noorderslag 2011 is fenomenaal. Zelden zo gemakkelijk mijn programma kunnen samenstellen als dit jaar. Geen omcirkelde namen meer op een gekreukt blokkenschema, nee alles staat keurig op tijd en locatie gesorteerd op het vertrouwde schermpje. Het was wel even schrikken toen ik een blik wierp op de acts die ik voor donderdag had geselecteerd. Op ieder uur van de avond moest ik op minstens vier plaatsen tegelijk zijn! Omdat de razendsnelle File Under-scooter er dit jaar nog even niet inzit toch maar weer wat lastige keuzes maken.
Lees verder..Crystal Fighters - Star Of Love
Het is een beetje een onwaarschijnlijke hype voor januari, de zonnige muziek van de Crystal Fighters. Indiestyle bejubelt het bijzondere geluid van de Engelse indieband, dat ontstaat door het gebruik van typisch Baskische instrumenten als de txalaparta, de tabor en de txistu, 3VOOR12 dicht het album de kwaliteiten van een obscure spirituele Spaanse opera toe en volgens Apply Some Pressure is het drietal een vrolijke freakband. Het is maar net wat je erin wilt zien, want een leuke band is het absoluut. Tropisch zwoel, zonder al te veel pretenties en toch eclectisch genoeg om interessant te blijven. Het optreden van de Crystal Fighters in de X-Ray op Lowlands 2009 was overigens helemaal niet zo suf als 3VOOR12 destijds beweerde, de destijds al sexy maar nog piepjonge band kon alleen nog niet boeien met hun liedjes. Met alle themaatjes in "Champion Sound", "Plage", "With You", "Follow" en "Xtatic Truth" is die basis er nu wel (of is het toch de productie?). Nog steeds moet je een beetje tegen de zang kunnen: het uiterst herkenbare en intussen al vaak geremixte "I Love London" heb ik persoonlijk nu echt wel vaak genoeg gehoord en de zware gitaar in "I Do This Every Day" past niet bij de rest van het geluid van de band. Nee, dan liever een M.I.A.-achtig nummer als "In the Summer". Als dit soort bands kunnen doorbreken komt het wel goed met 2011.
File Under: Hier is het woord hip voor uitgevonden, geloof ik.
File Audio: [MySpace]
File Video: [Follow][In The Summer][Xtatic Truth][Swallow][I Love London]
Wolf People - Steeple
En jawel, we hebben er weer eentje: een groepje jonge muzikanten die met verve de vroege jaren zeventig laten herleven. Het lijkt er verdacht veel op dat de immer in een eigen niche opererende fans van dit soort psychedelica of progrock in 2011 boven komen drijven. Met, afgaande op de diverse jaarlijstjes, Tame Impala als grootste naam van 2010. Maar aan het eind van het vorige jaar plofte ook Steeple op de mat, het officiële debuut van het Britse Wolf People. (Eerder brachten ze al Tidings uit, maar dat was een collectie eerder uitgebrachte singles en EP's.) En guess what, volgens deze jonge gasten mag zelfs de dwarsfluit weer. Jaren nadat Jethro Tull en onze eigen ouwe helden van Focus en Golden Earring er furore mee maakten. Het aardigst van deze nieuwe lichting bands is dat ze geen moment klinken als een anachronisme (denk aan Kula Shaker die dat stigma maar niet kwijt raakte). Uiteraard valt er weinig origineels te vinden op Steeple, maar de inventiviteit van de liedjes, het overduidelijke spelplezier en het feit dat Wolf People meent wat ze doen, maakt dit in retrospect een van de aardigste albums van 1972. Eh, 2010.
File Under: Tame Impala voor 2011
File Audio: [MySpace]
File Video: [Tiny Circle]
The Hot Stewards - Ambassadors Of Love
Wat is er leuker dan één cd met lekkere, bijna ranzige covers van jaren tachtig-klassiekers? Juist ja, twee cd's met lekkere, bijna ranzige covers van jaren tachtig-klassiekers. Daarom ben ik er ook blij mee dat The Hot Stewards ondanks wat interne strubbelingen nog steeds bestaan en met Ambassadors Of Love met een tweede "worp" op de proppen komen. Die strubbelingen hebben er wel in geresulteerd dat er in de line-up wat veranderd is. Als ik het goed zie - heerlijk dat werken met nicknames - zijn de drummer en de zanger van de vorige line-up gewieberd en vervangen door een kale, flink getatoeëerde drummer en -vooral- een betere zanger. Het maakt de songs op Ambassadors Of Love net wat minder ranzig en daardoor toegankelijker dan die van Cover Up. Daar dragen de dikkere lagen synthesizers ook zeker aan bij. Maar geweldig blijft het om die jaren tachtig klassiekers een leren jasje en veel te strakke spijkerbroek aan te trekken. Vrij briljant is de draai die de band geeft aan Anita Meyers "Why Tell Me Why", dat live vast helemaal over de top zal gaan. Een fout gekozen cover als "Boys Of Summer" staat er niet op Ambassadors Of Love, maar "Girl I'm Gonna Miss You" is wel heel cheesy gedaan. Die hadden ze van mij wel wat erger mogen molesteren. Doe mij dan maar "You Spin Me Round", "Thunder In My Heart", "Somebody's Watching Me" of de eerste single "When The Rain Begins To Fall" waarin Katy Steward (he, die heet normaal heel anders) de rol van Pia Zadora puik invult. Ik kan niet wachten op worp nummer drie, want drie cd's met lekkere, bijna ranzige covers van jaren tachtig-klassiekers is nog leuker.
File Under: Over The Top
File Audio: [MySpace]
Selah Sue - Raggamuffin
Verrassing, dat is het doel als wij over Eurosonic/Noorderslag lopen. Waar je op een "gewoon" festival nog wel eens de geijkte route af wilt lopen, doen we dat bij ES/NS bewust niet. Ook al omdat op de geijkte route de rijen het langste zijn. En dat wil je niet in de Groningse vrieskou. Zo belandde ik, twee jaar geleden, bij Selah Sue. En sinds die tijd ben ik een beetje verliefd op haar. Klein blond meisje, op het verlegene af, een grote gitaar en een strot waarmee je cokes kunt kloppen. Haar versie van "Valerie" deed Amy Winehouse van schaamte wegkruipen. Het is hard gegaan met Sanne Putseys, zoals haar moeder haar noemt. Lowlands lag al aan haar voeten, maar een volwaardige plaat ligt er nog niet. Wel een tweede EP, Raggamuffin. Met wat doublures met de eerste, maar ook met band, zoals ze optreedt tegenwoordig. Selah Sue houdt het allemaal lekker klein en laat vooral haar stem spreken. En haar nummers natuurlijk. Vol soul en aanverwante stijlen. Het een en ander is wat voorzichtig geproduceerd, het had wat ruwer gemogen. Dat past beter bij haar stem. Maar na twee jaar wachten is het wel tijd voor een hele plaat. Want stiekem heb ik wel genoeg van die halve Sanne’s...
File Under: Tijd voor een volwaardige plaat!
File Audio: [Selah Space]
Goose
Komende donderdag is het zover; dan staat Goose in de 3FM-tent op Eurosonic, omringd door acts als Ginger Ninja en Stromae. Met twee goed ontvangen albums op zak en succesvolle optredens, eerst op een bomvol Pukkelpop, toen helemaal op eigen houtje in Paradiso en later in de HMH als voorprogramma bij Underworld, mag de synthesizergroep niet klagen. Ik belde met voorman Mickael Karkousse. "Over Underworld hoefden we niet lang na te denken. Dat was fantastisch om te doen. Het leuke voor ons was dat ze ons onze eigen show lieten doen. Geen restricties of zo, ze hebben gewoon respect voor andere muzikanten. We spelen niet vaak voorprogramma's om die reden, je mag meestal minder luid spelen dan de hoofdact of je krijgt maar een deel van het podium."
Lees verder..Anna Calvi - Anna Calvi
Potdomme, wat een stem en wat een passie! Na de eerste kennismaking met Anna Calvi, via haar cover van Frankie Laine's "Jezebel", was mijn conclusie snel getrokken: deze dame gaat groot worden. Punt uit! Al viel het natuurlijk wel af te wachten of het geen kunstje is geweest, covers zingen kunnen er immers meer. Nou, die twijfels kunnen ook overboord geworpen worden. Anna Calvi is een heel sterk album geworden, waarbij er volop ruimte geboden wordt aan haar krachtige stem en bevlogen, soms flamenco-achtige gitaarspel. Het is haast een combinatie tussen de rauwe energie van PJ Harvey's Rid Of Me en de zuid-Europese zwoelte van To Bring You My Love, twee albums die mij nauw aan het hart liggen. Al zit daar natuurlijk de valkuil. Het timbre en bereik van Anna's stem maken dat de vergelijking met Polly Jean zich al snel aandient, helemaal gezien de plaat ook geproduceerd is door Rob Ellis, voormalig drummer en mede oprichter van de band PJ Harvey. Maar wat kan het bommen, luister maar eens naar "The Devil" en probeer dan geen kippenvel te krijgen, is mij nog niet gelukt. Maakt dit dan de eerste plaat van Anna gelijk tot een meesterwerk? Zover wil ik niet gaan, daarvoor zit er naar mijn smaak aan sommige nummers net iets teveel een poppy randje om ze echt geloofwaardig te maken, maar het is haar vergeven. Al met al heb ik een stil vermoeden dat, tijdens het Eurosonic festival in Groningen, Huis De Beurs op 14 januari nog wel eens te klein zal blijken voor al het toegestroomde publiek. Zou helemaal mooi zijn als Anna Calvi haar optreden daar net zo gedurfd inzet als ze dat op haar debuutalbum gedaan heeft, met het prachtige instrumentale "Rider To The Sea".
File Under: Niet perfect maar wel duivels goed
File Audio: [MySpace]
White Lies - Ritual
Je adoreert ze of je haat ze uit de grond van je hart. Bij White Lies lijkt er geen middenweg te zijn. Werden ze na hun debuutalbum al uitgemaakt voor Editors Lite, de kritiek is ook bij deze opvolger Ritual niet van de lucht. Muzieksite The Quietus was bij het debuut al niet bijster positief ('White Lies are this country's unnecessary answer to the pompous and bloated guff of The Killers'), maar in de recensie van Ritual maken ze het helemaal bont: 'I don't care if they really, really mean it, and if you buy it for any member of your family you are both demonstrating that you have no respect for them and contributing to the decline of civilization.' Dergelijke kritiek maakt natuurlijk nieuwsgierig en ik was dan ook benieuwd of Ritual inderdaad bijdraagt aan het verval van onze beschaving. Opener "Is Love" in ieder geval niet, het is een prachtig nummer waarbij, overigens net als op alle andere tracks, een prominente rol is weggelegd voor synthesizers. Volgens de band zelf is Ritual een stuk donkerder en deprimerender dan het debuutalbum, maar wat vooral opvalt is dat White Lies afgezien van het grote gebaar ook ruimte heeft ingelast voor ingetogener werk, zoals de bijzonder fraaie afsluiter "Come Down". Mocht je een naast familielid hebben met een voorliefde voor muziek uit de late jaren tachtig, dan is dit een album dat je zonder enige schroom cadeau kunt geven. Laat The Quietus maar lullen.
File Under: De betere bombast
File Audio: [MySpace]
File Video: [Bigger Than Us]
Graffiti6 - Colours
Ik weet niet precies hoever in het voren bands geboekt worden voor Eurosonic, maar het is best verbazingwekkend dat Graffiti6 op de 2011-editie speelt. Want met "Annie You Save Me" en " Stare Into The Sun" (ook opgepikt voor een Wieckse Witte-reclame) heeft de band rond zanger Jamie Scott en producer Tommy D al twee behoorlijke hits achter hun naam staan. Dan verwacht ik eigenlijk dat ze Eurosonic al ontgroeid zijn, helemaal omdat ze al op Lowlands stonden afgelopen zomer. Aan de andere kant presenteert White Lies zijn nieuwe album ook op Eurosonic en die band speelt dit jaar ook al in de HMH. Dat Graffiti6 hits scoort verbaast me overigens niets. De Scott en D hebben met Colours afgelopen najaar een album afgeleverd dat je moet plaatsen in de hoek waar Gnarls Barkley, Mark Ronson en Jamie Lidell zitten. Daar helpt Scotts soulvolle stem, die af en toe Prince-achtige trekjes vertoont, flink bij. Maar onderschat de productionele kunsten van Tommy D ook niet. Deze man werkte onder meer met Kanye West en Kylie Minogue en heeft twintig jaar terug ook bij Right Said Freds hitsingles achter de knoppen gezeten. Colours zit dan ook bijna verdacht gelikt in elkaar. Je zou bijna voor elke gemoedstoestand wat terug kunnen vinden. De singles en openingstrack "Stone In My Heart" zijn bijvoorbeeld vrolijke popstampers, "This Man" is een gelikte funkglijer en "Over You" zo mogelijk nog gladder, terwijl "Calm The Storm" zo als ballad op een Moby-plaat gekund had. Toch krijg ik geen moment het gevoel naar een 'gemaakte' plaat te luisteren. Terwijl dat toch best voor de hand had gelegen.
File Under: Gelikt
File Audio: [MySpace]
File Video: [Annie You Save Me][Stare into the Sun]
Norman Palm - Shore To Shore
Hè jammer, komt Norman Palm toch gewoon uit Denemarken. Ik dacht even dat een Noord-Amerikaan aan de slag was gegaan met de Scandinavische popschool, een omkering van de normale gang van zaken. Het had gekund want opener "Start/Stop" klinkt kek als The Hidden Cameras; catchy met subtiel klapperende ritmes en een nasale stem. Daarna is het echter vooral Loney Dear wat op Shore To Shore de klok slaat. Ietsje minder hoog gezongen misschien, maar ook Norman moet het uit de tenen persen. Indiepop-peinzingen over liefdesverdriet, maar wel op een opgewekt groove, met vaak een kickdrum op iedere tel. De melodieën mogen niet al te origineel zijn, dat wordt grotendeels goedgemaakt door aparte instrumentatie-keuzes. Steel drums en andere exotische percussie hoorden we een tijdje terug al bij Moon & Sun en worden ook hier weer een paar keer op verrassende wijze ingezet. In het midden van het album grijpt het rustpuntje vol dilemma's "WDYD?" me het meest aan. 'What do you do when two are glued together? What do you do, do you leave them or cut them apart? One can't be without the other, and one will break the others' heart.' Daarna wordt ruim baan gegeven aan galmende synthesizers en lijken de echt goede ideeën op. Geeft weinig, we spacen kalmpjes richting repeat-knop, om de meer fijnbesnaarde eerste plaatkant nog eens te beluisteren.
File Under: Dear Norman
File Audio: [Norman-Space]
Cocoon - Where The Oceans End
Terwijl heel popmuziekminnend-Nederland in Groningen loopt te kwijlen en te kwispelen op Eurosonic, zit ik lekker thuis. Of op mijn werk. Als er namelijk een moment is dat ik geen lang weekend weg kan, dan is dat het eerste deel van januari wel. Of dit erg is? Nee hoor, -hier komt de smoes- ik lees de verslagen wel op File Under. Ik denk ook dat sommige muziekstromingen op een festival als deze niet tot hun recht komen, want ik heb een broertje dood aan kletsende mensen die boven de muziek uitkomen. Het Frans duo Cocoon maakt muziek waarbij het écht verboden moet zijn om maar een woord bij te zeggen. Ze maken melancholische popfolk waarbij er geconcentreerd geluisterd moet worden. Where The Oceans End is een serieuze titel, maar net wat vriendelijker dan de titel van de in 2007 uitgekomen schijf My Friends All Died In a Plane Crash. Alhoewel, het openingsnummer “Sushi” begint al met een begrafenis en daar past inderdaad gepaste stilte bij. De stemmen van Mark Daumail en Morgane Imbeaud zijn prettig om te horen en als deze samenkomen dan weten ze me geregeld te ontroeren. Dat ze het serieus bedoelen lijkt me duidelijk, maar dat het een prachtig album oplevert lijkt me mooi meegenomen. Of de wereld er beter van wordt, moet blijken, maar met zoveel schoonheid moet er toch wel iemand naar ze luisteren.
File Under: Snaveltjes dicht en oortjes open
File Audio: [MySpace]
File Video: [Comets]
Krach - Krach
Ken je dat? Van die toevalstreffers. Als ik vorig jaar op festival de-Affaire dat ene optreden wél leuk had gevonden, dan was ik misschien nooit doorgelopen naar Krach. Dat bandje dat eigenlijk een doorstart is van With Ice, met de gitarist van Roosbeef, Reinier van den Haak. Ik zag vijf mannen op het podium met kekke uniformpjes aan, met daaronder foute witte hempjes en bretels. Zelfverzekerd en een tikkie rebels. De pakkende, schurende, stuiterende electro/dance rock van deze Gelderse band vond ik uiterst aanstekelijk. Het deed me wel wat denken aan Soulwax Nite Versions. Kinetische rock noemen ze het zelf en dat heeft alles met beweging te maken. En ja, dansbaar is het zeker. Maar hoe zou dat op de cd uitpakken? Na de release van het warmhoudplaatje in september (de EP Kompakt Disk), is er nu het volledige debuutalbum. En dat is er gekomen met wat ondersteuning van o.a. Torre Florim (De Staat). De band vlecht rock en electro behendig in elkaar. Het album staat sowieso vol goede ideeën, die grotendeels ook nog eens goed uitpakken. Dat ze niet alleen maar op effectbejag zijn gegaan vind ik ook te waarderen. Niet alleen die pompende funky beats, maar hier en daar ook wat rustiger werk. Al zakt de energie dan soms wel wat te veel weg, zoals in "Musictool". In dat nummer wringt de zang ook wat, net zoals in het begin van "Hunger". Maar goed, dat nummer ontspoort dan wel weer heel lekker. En als je als band dan verder nog nummers in je repertoire hebt als "And So I Do A little Dance", "Do The Wave Now", "Although It Hurts", en het heerlijk over the top "Transformer", tja, dan kan ik niet stil blijven staan. Opwindend plaatje.
File Under: Voor al uw feesten en partijen
File Audio: [MySpace]
File Video: [Do The Wave Now]
Week 2, 2011
Storm
Nils Frahm / Greg Haines & Dustin O'Halloran & Kleefstra Pruiksma Kleefstra @ Theater Kikker (8-1-2011)
Ewie
Cocoon - Where The Oceans Ends
Ludo
Asmara All Stars - Eritrea's Got Soul
Gr.R.
Prog is not a four letter word (verzamelalbum)De 25ste Bossche Popquiz...
Ramon
Brian Eno & David Byrne - My Life In The Bush Of Ghosts
André
Dustin O'Halloran @ Incubated04, Paradox, Tilburg
Prikkie
Jeff Scott Soto - Live At Firefest 2008
Stonehead
Yuck - Yuck
DubbelMono
Susan Cattaneo - Heaven to Heartache
Campking
Dÿse live tijdens Incubated04 in Paradox, Tilburg op 06-01-11
Houses - End Of Story / Signe Tollefsen - Baggage
Ik vind het superirritant als een liedje je aan een ander liedje doet denken, maar het je maar niet lukt om de vinger op de 'zere plek" te leggen waarom je dit gebeurt. Ik heb het met "Suicide" van het Amsterdamse Houses. Steeds weer als ik het draai, duikt bij mij ergens vanuit mijn grijze massa "Here's Where The Story Ends" van The Sundays op. Ik zoek nog steeds een verklaring. "Suicide" is wat mij betreft het mooiste liedje van de debuut-EP End Of Story van deze jonge band. Frontvrouw Ella van der Woude heeft een fijne Feist-achtige stem en de liedjes van haar hand zitten ook wel een beetje in die Canadese indiescene. Dat laat vooral "Stay With Me" het liedje dat ze speelden bij De Wereld Draait Door goed horen. De band is overigens zelf de eerste om dit grif toe te geven. Het leukst wordt Houses als ze wat verder zoeken naar een eigen geluid. Daarvan zijn het eerder genoemde "Suicide" en " Killing My Best Friend" dat na een tintelfris begin na anderhalve minuut een prog-achtige en rauwere wending krijgt door zijn bas- en toetsenpartij. Dat mogen ze van mij wel meer doen. Het is sowieso prettig dat toetsenist Jeroen Roelofsen vaak kiest voor het vette geluid van een Hammond in plaats van iele synthesizerriedels. Met End Of Story schept Houses verwachtingen voor een toekomstige langspeler.
Signe Tollefsen heeft al bewezen dat ze met een goede cd op de proppen kan komen. Dat deed ze namelijk met haar titelloze debuut in 2009. Baggage is een tussendoortje waarom ze liedjes van anderen van een eigen jasje voorziet. Al kun je het in het geval van Michael Jacksons "Dirty Diana" misschien beter van uitkleden spreken. Want ze ontdoet die song van alle productionele opsmuk van Jackson en maakt er een bijna "Troy"-achtige song van die door merg en been gaat. Subliem. Dat ze een Michael Jackson song covert is misschien al gewaagd te noemen, maar je vingers durven branden aan "Glory Box" van Portishead, dat vind ik nog veel gedurfder. Signe slaagt er na een beetje een weifelend begin er met gemak in deze indie-klassieker naar haar hand te zetten en overtuigend te brengen in een versie met alleen viool, gitaar en zang. Ach eigenlijk zijn alle zes de covers op Bagage hartstikke geslaagd door de eigen draai die Tollefsen eraan geeft. Al verdient "Down By The Water" van PJ Harvey, waarin Signe in haar eentje de meerlagige zang sterk invult nog wel een eervolle vermelding.
File Under: Verwachtingen scheppend
File Audio: [MySpace][Bandcamp]
File: Signe Tollefsen - Baggage
File Under: Kwaliteit bevestigend
File Audio: [MySpace]
Nils Frahm / Greg Haines
Jeff Scott Soto - Live At Firefest 2008
Jeff Scott Soto mag dan nogal onflatteus Journey uitgezet zijn, sindsdien brengt hij het ene na het andere album uit. De afgelopen jaren was hij te horen op een solo-album, het album van W.E.T. en dat van Trans-Siberian Orchestra, en nu is het tweede live-album in twee jaar verschenen. In 2009 was daar de live-dubbelaar One Night In Madrid, nu is Live At Firefest 2008 uitgebracht. Wacht even, One Night in Madrid uit 2009, zou die uit dezelfde tour komen? Jup, en bijgevolg is de setlist van beide live-cd´s vrijwel identiek. Niet alleen qua songs, maar ook in de volgorde is er amper iets verschillend. Er is overigens een redelijk opmerkelijk verschil: de band. Die werd kort voor de opnamen van One Night In Madrid gewisseld. Hier is het nog de band met gitarist Howie Simon. Gelukkig waren beide bands uitstekend. Soto is uitstekend bij stem, in rockers, funkier werk en hier en daar pure soul, de band is strak en kan het materiaal prima aan, kortom alles is dik in orde. Het geluid is iets minder gepolijst, maar dat komt de livesfeer weer ten goede. Het blijft echter een beetje vreemd om kort na elkaar twee vrijwel identieke live-cd´s uit te brengen. Het verschil tussen de bands is niet zodanig dat het een extra release rechtvaardigt. Blikvanger is en blijft Jeff Scott Soto, niet de band erachter. Alleen de echte fan zal dit album nog kopen en met de kwaliteiten van Soto is dat eigenlijk een tikkie zonde.
File Under: Verschillende bands, zelfde kwaliteit
Smoke Or Fire - The Speakeasy
Smoke or Fire maakt punk. Let wel: punk met een kleine p, want de grote P hebben ze tot dusver nog niet verdiend. Na drie leuke, maar weinig opzienbarende albums zou op The Speakeasy alles op zijn plaats moeten vallen. Melodieuze punkrock met het politieke hart ook op de juiste plek. En het moet gezegd worden, opener “Integrity” is veelbelovend en valt vooral op door het geweldige gitaarwerk. Maar naarmate het album vordert, valt vooral op hoe veilig punk tegenwoordig geworden is. Degelijk en veilig zijn woorden die eigenlijk niet voor zouden mogen komen in een stukje over een punkband. De heren van Smoke or Fire klinken als lieve jongens die na een explosief optreden het liefst nog even een potje Rummikub spelen in de kleedkamer. Toch kennen ze hun klassiekers, gezien de titel van het nummer “Hope & Anchor”. Het energieniveau en tempo op The Speakeasy ligt onverminderd hoog, met als enige uitzondering een opvallend rustig uitstapje richting folk op “Honey I Was Right About the War”. Een folknummer op een punkrockalbum? Dat is dan toch wel weer een beetje Punk.
File Under: Brave punkerts
File Audio: [MySpace]
Kleefstra Pruiksma Kleefstra
Yuck - Yuck
Zou de nieuwe, grote sensatie uit Engeland een bandje zijn dat de stupide naam Yuck voert? Ze stonden al op London Calling, staan straks op Eurosonic en hebben inmiddels getekend op het roemruchte Fat Possum-label (dat - maar dit terzijde - wel heel ver van zijn bluesroots verwijderd is geraakt). Daarnaast heeft Yuck beroemde vrienden (Mogwai's Stuart Braithwaite maakte een remix van "Rubber") en zijn ze dol op het internet. Niet alleen geven ze om de haverklap hun muziek weg (op hun blog staan nu weer 10 MP3's klaar), maar over hun debuutalbum schreven ze medio november: 'you can buy it in just under 3 months which is ages away but hopefully it'll leak soon. We'll probably stream it soon anyway.' De vraag is kortom: zijn het slimme jongens met een goed gevoel voor het bedrijven van marketing, maar zoekend naar de hype? Of is er meer aan de hand en hebben we te maken met een echte sensatie? De waarheid zal, luisterend naar hun titelloze debuutalbum, ergens in het midden liggen. Yuck specialiseert zich in gruizige gitaarmuren waartussen hier en daar wonderschone zanglijnen hun weg vinden ("Georgia"). In wezen proberen ze pure popliedjes op te trekken uit al bekende - maar op deze manier gebracht - weer uiterst frisse bouwmaterialen. Ergens op de lijn tussen ons eigen, betreurde Johan en Teenage Fanclub. Met een even, eh, puberale naam. Maar dan net even anders.
File Under: Next big thing?
File Audio: [MySpace]
File Video: [Rubber]
Drums Are For Parades - Master
Het is echt ruk dat ik enkele van mijn favoriete bands onmogelijk zal kunnen aanschouwen. Mijn oren kunnen daar niet meer tegen. Met dank aan onder meer Devin Townshend. Dus als Drums Are For Parades volgende week op Eurosonic menig trommelvlies zal geselen, sta ik hoogstwaarschijnlijk ergens anders ranja met een rietje te drinken. Toch is er best een kans dat ik mijn oordoppen even iets dieper druk en de Vindicat binnenstorm rond kwart over een om wat van deze Belgische noisekonijnen mee te pikken. Wat ze laten horen op hun eerste volledige langspeler Master is namelijk een fijne ontwikkeling ten opzichte van de debuut-EP Artificial Sacrificial Darkness In The Temple Of The Damned uit 2008. De zang is net wat meer geciviliseerd, maar de muziek van het trio is nog steeds massief en luid. Tot mijn verrassing halen ze in enkele songs zelfs hele strijkerspartijen uit de kast. De violen in “Boy Was In The Death Room” geven het geheel een bijna sadistisch karakter. En dan komt daar patsboem bovenop nog even een grijnzend smerige Shining-saxofoonpartij in het lompe “Opium Den Idiot Check”. Vrij geniaal. Helemaal omdat de drie ook gezellig ouderwets kunnen riffrocken zoals ze laten horen in het spierballenspannende openingsnummer “The Law”. Dat overigens ook al met dikke lagen strijkers doorspekt is. Ik zie het al voor me, een symfonisch orkest met Drums Are For Parades ervoor. Daar doet menig Metallica-fan met S&M in de kast het van in de broek. Welk orkest zal dit aandurven?
File Under: Schuimbekkend
File Audio: [MySpace]
Susanne Sundfør - The Brothel
Soms hoor je van die stemmen die meteen zo'n heerlijk warm nostalgisch gevoel opwekken dat je het liefst meteen in de platenkast van je ouders wilt springen. Bij wijze van spreken dan, want in de platenkast van mijn ouders zou ik alleen maar James Last aantreffen. De gruwel. Vorig jaar gaf Diane Birch me al dit bijzondere gevoel, dit keer is het de beurt aan de Noorse zangeres Susanne Sundfør. Op haar debuut uit 2007 met de weergaloze single "Walls" klonk ze vooral als de lieve, jonge zus van Stevie Nicks. Het contrast met haar tweede album The Brothel dat in 2010 uitkwam is zeer groot. De spontaniteit heeft plaatsgemaakt voor spanning, de uitbundigheid is vervangen door dramatiek. Niet dat deze nieuwe, donkere jas haar niet goed staat hoor, het is alleen even wennen. In Noorwegen beviel de nieuwe sound overigens wel meteen goed, The Brothel werd er vorig jaar bijna de bestverkochte plaat. Het titelnummer weet meteen goed een fraaie, duistere sfeer neer te zetten met een onheilspellende tekst: 'I'll do it all, I'll do whatever you say, God has left me anyway'. Door de knappe variatie tussen de nummers, overtuigende experimenten met elektronica en natuurlijk de prachtig heldere stem van Sundfør is dit een album dat alleen maar een diepe indruk kan achterlaten.
File Under: Noorse Nicks
File Audio: [MySpace]
File Video: [The Brothel]
File Twitter: [Twitter]
Foreign Exchange
Moebius - Blue Moon
De jaren '80-film Blue Moon is dermate obscuur dat deze op IMDb nog niet eens vijf stemmen heeft, en daarmee een rating ontbeert. Ik betwijfel of de film langer dan een paar weken in de Duitse Kinos heeft gedraaid. Niet de beelden, maar de geluiden zullen de tand des tijds overleven, dankzij deze door Bureau B liefdevol heruitgegeven soundtrack. Het enige wat ik van de film weet, destilleer ik uit de stills op de hoes. We zien femme fatales, schietpartijen en een woeste kale man, tegen een achtergrond van industrieel wasteland. De muziek lijkt echter een heel stuk vriendelijker, zeker in het begin. De Zwitserse krautrocker (en all around pionier) Dieter Moebius, o.a. bekend van Harmonia, schreef, voor zijn enige soundtrack, een half uurtje aan behang-miniatuurtjes vol pulserende synths. "Intro 2" knort zo opgewekt dat het lijkt alsof er een troep Disney-eenden, snaterend op scouting-kamp vertrekt. Het kristalheldere "Falsche Ruhe" doet me denken aan de Casio-experimenten die Michael Andrews voor Me And You And Everyone We Know opnam. Rond "Dust Off" wordt de sfeer op Blue Moon toch wat grimmiger, er krassen wat dreigende beats en in het spannende "Bleifuß 1+2" gaat een sirene af. Een spion betrapt! Maar, alles komt uiteindelijk goed. Denk ik. "Das Ende" klinkt bijzonder lieflijk. Alhoewel, voor hetzelfde geld hoor je een kat die likkebaardend, doch uiterst voorzichtig, naar eerdergenoemde troep eenden sluipt.
File Under: Minutieus afgepast geluidsdesign
File Audio: [Fragmenten]
Lola Kite - Lights
Onze twee lieve katers zijn al de respectabele leeftijd van vijf jaar gepasseerd. Af en toe halen ze nog wel eens kattenkwaad uit, maar het wilde is er toch wel af. Daar is sinds kort echter verandering in gekomen dankzij het buurpoesje Lola dat nu een half jaar oud is. Als zij gesignaleerd wordt dan blijken er nog heel actieve je-weet-wel-katers in de twee schuil te gaan. Het kan dan ook bijna geen toeval zijn dat er net op dit moment de debuut-cd Lights van het Amsterdamse Lola Kite uikomt -al schijnt deze al even op de plank te liggen-. Dit trio bestaat uit leden die hun sporen in diverse bands hebben verdiend en nog verdienen, on onder andere Moss en Ghost Trucker. Lola Kite maakt frisse dansbare popliedjes veelvuldig gebruik makend van gitaren en synthesizers. Als ik een album met synthesizers geslaagd vindt dan hoed je je maar. De muziek doet me denken aan de psychedelische sixties, de new waverige eighties en ook aan de electro van heden. Lola Kite is de wilde nieuweling en ik ga er als luisteraar op respectabele leeftijd helemaal van uit mijn dak! Wat een plaat!
File Under: Wild Boys
File Audio: [MySpace]
File Video: [Different Story][Everything Is Better]
Nils Frahm / F.S. Blumm / Anne Müller
Volgende week speelt Nils Frahm op Eurosonic. U mag daar gerust gaan kijken in de Schouwburg, mij zult u daar niet aantreffen. Waarom niet? Omdat ik graag een heel concert wil zien van Frahm en wij van File Under Eurosonic toch vooral gebruiken om op bands te jagen. Bovendien is de kans dat het niet muisstil is in de zaal me veel te groot. Daarom ga ik komende zaterdag naar Theater Kikker in Utrecht. Daar krijg je bovendien als icing on the cake ook nog Dustin O'Halloran en Kleefstra|Pruiksma|Kleefstra toe. In Kikker speelt Frahm samen met Greg Haines die ik al eerder mooie dingen zag doen tijdens de eerste van de reeks van ass-crack stage hacks-optredens in het Havenkwartier in Deventer.
Ik vind dat wel mooi aan mensen als Frahm, ze zijn totaal niet vies van een samenwerking. Met vaak prachtige dingen als resultaat. Zo maakte hij samen met Peter Broderick een prachtige versie van "Is There Anybody Out There?" (hier te beluisteren) voor een Mojo-verzamelaar. Vorig jaar werkte Frahm samen met F.S. Blumm (die vorig jaar schitterde op Le Guess Who? in Kikker)) aan Music For Lover Music Versus Time. Met zijn tweeën ploegden ze het omvangrijke archief van ongebruikte opnames overhoop dat Blumm bezit. Ze knipten en plakten tot ze een ons wogen en gebruikten deze knutselwerkjes om samen te voegen tot nieuwe songs waarin ze zelf gitaar (Blumm) en piano (Frahm) speelden. Het resultaat hiervan op Music For Lover Music Versus Time is even spannend als verrassend. Het verstilde lage blaaswerk in "Rone Re" bijvoorbeeld wordt gemengd met glitch en uit het niets opduikende pianoloopjes van beide kanten van het klavier en als muizenpasjes trippelende gitaarflarden. Of neem de melancholisch makende trompet en saxofoon in het daaropvolgende "Writing To Myself". Frahm en Blumm lokken mij als luisteraar een doolhof in waaruit het bijna onmogelijk is te ontsnappen als luisteraar.
De samenwerking met Anne Müller heeft bijna eenzelfde karakter. Alleen bespeelt Müller geen gitaar, maar cello en viool. Het openende "Teeth" - op de keper beschouwd puur klassiek - trekt me sierlijk en verleidend een sprookjesachtige wereld in. Daarna is het even schrikken als in het erop volgende titelnummer Frahm ineens zijn IDM hoed opzet waarover Müller een hele vreemde cellopartij legt en halverwege zelfs een dreigende sfeer ontstaat. Het was niet wat ik in eerste instantie op gehoopt had, maar na een korte gewenningsperiode beviel 7Vingers me steeds beter. Vooral ook omdat Frahm niet schroomt om opnieuw te experimenteren. In zekere zin grijpt hij ook terug naar zijn wat oudere werk waarin hij IDM en klassiek al combineerde. Aan het einde heeft Frahm nog een verrassing in het verschiet voor zijn aandachtige luisteraars. Ineens wordt het bijna muisstille intro ingehaald door een drijvende beat waarna de cello het hazenpad neemt en er (door Frahm en Müller?) gezongen wordt op dromerige wijze. Zo weet Frahm me weer te verrassen.
File: Nils Frahm & Anne Müller - 7Fingers
File Under: De handen ineen slaan
Steffen Morrison
Ben L’Oncle Soul
Soul in het Frans, kan dat? Benjamin Duterde, alias Ben L’Oncle Soul, bewijst het. Hij staat volgende week op Eurosonic, later nog in Paradiso en Doornroosje.
Benjamin Duterde (1984) heeft een tatoeage op zijn pols: het logo van Motown. ‘Zes maanden nadat ik mijn contract had getekend bij Motown Frankrijk, heb ik ‘m laten zetten. Op mijn andere arm wil ik het logo van Stax hebben.’ Dat is nog eens toewijding. ‘Mijn moeder draaide tijdens de tijd dat ik in haar buik zat, alleen maar soulmuziek. Vooral Otis Blue, van Otis Redding. En Stevie Wonder, Marvin Gaye, Billie Holiday, Bob Marley, alle helden eigenlijk.’ Zingen deed de in Tours geboren Benjamin veel en graag, maar aan een carrière als zanger dacht hij nooit. Hij rommelde wat met (gospel-)bandjes, maakte een MySpace-pagina en zette daar twee liedjes op. Die, zo wil het verhaal, bij de juiste mensen van Motown France terecht kwamen. Zij zagen wel wat in de kunstacademie-docent. Als u moet denken aan de manier waarop Waylon in Nederland aan zijn Motown-contract kwam, het zal vast geen toeval zijn dat deze zangers ongeveer op hetzelfde moment door lokale afdelingen van het beroemde label zijn getekend - Blue Note en Verve hadden al eerder laten zien dat er zo heel wat aandacht en cd-verkoop te regelen is. Enfin.
Lees verder..Anthriel / Amberian Dawn
Religieuze progressieve metal. Voor de echte religieuze fanatiekelingen is dat een contradictio in terminis. Nou ben ik zelf alleen fanatiek als het op muziek aankomt en is Anthriel voor mij een progmetalband als alle andere. Deze Finnen kunnen best wat met hun instrumenten, maar het blijft door de composities toch B-divisie. Het intro van "Mirror Games" had van mij bijvoorbeeld wel wat verder uitgewerkt mogen worden. Nu springt het binnen de kortste keer naar de ruige gitaarriff, om te vervolgen als een redelijk standaard progmetalsong. Nogmaals, goed uitgevoerd, maar dat alleen gaat geen prijzen opleveren. De productie dempt de felheid en dynamiek van Anthriel, waardoor het soms een soort Scorpions van de progmetal wordt. De bijna veertien minuten durende afsluiter "Chains Of The Past" begint er op te lijken, maar ook daarin laten ze een paar kansen liggen om van een rustige passage meer te maken dan alleen maar een aanloopje voor meer kamerbrede toetsen en gitaren. Het zit er wel in bij deze band, maar op The Pathway komt het er nog niet helemaal uit.
Amberian Dawn tapt uit een ander Fins vaatje. Door de stem van Heidi Parviainen zitten zij stevig in de hoek van de sprookjesmetal. Jammer genoeg is de originaliteit nog wat verder te zoeken dan bij Anthriel. Alle songs zijn van de hand van toetsenist/gitarist Tuomas Seppälä en in zijn handen krijgt elk nummer een bombastisch intro, dat al snel omslaat in een hakketakriff met toetsen en zang die daar een stuk trager overheen bewegen. Het is een hele opluchting als de oude zanger Peter James Goodman wat tegenwicht biedt aan de trage, klassieke zanglijnen, maar dat is pas in het laatste nummer. De goede, maar uiteindelijk eentonige zang van Parviainen en de wat brave productie maken dat een zeer capabele band uiteindelijk een nogal middelmatig album uitbrengt.
File Under: Nog iets dieper graven
File Audio: [AnthrielSpace]
File: Amberian Dawn - End Of Eden
File Under: Sprookjesmetal binnen de lijntjes
File Audio: [DawnSpace]
Dead Confederate - Sugar
Met Tame Impala en Black Mountain is er een klein psychedelisch golfje aan de gang. Iets links daarvan spelen The Pain of Being Pure At Heart en A Place To Bury Strangers shoegazertje. Allemaal bands die links of recht teruggrijpen op het verleden en heel eerlijk gezegd, ik vind het allemaal best fijn. Zou je dat dan ook, voor het gemak en tijdgewin, ook bij elkaar kunnen voegen? Natuurlijk en wat je dan krijgt is psychedelische rock, maar gespeeld op een oorverschroeiend hoog volume. Als je er vervolgens ook nog wat grunge doorheen gooit, dan krijg je Dead Confederate. Enige probleem, Dead Confederate, uit Athens GA is nog niet zo goed als bovengenoemde vier bands. Op debuut Wrecking Ball werd het allemaal nog met bravoure gespeeld en werd er links en rechts nog eens wat geëxperimenteerd. Op opvolger Sugar is dat allemaal verdwenen. De band is hoorbaar strakker geworden van het vele toeren, de songs zijn puntiger, maar het mist wat sjeu. Waardoor Sugar niet de plaat is geworden die ik gehoopt had. De potentie is er hoorbaar, want de plaat wordt nooit vervelend, maar je mist net even de brille die je wel hoort bij eerder genoemde groepen. Laten we hopen dat Dead Confederate voorlopig nog even doorgaat want soms heeft talent wat tijd nodig...
File Under: Groeibandje
File Audio: [Confederate Space]
Britta Persson - Current Affair Medium Rare
Vanmorgen aan het ontbijt. De Jongedame wil d'r boterham niet opeten. Ze heeft echter wel een dijk van een smoes. 'Als ik deze muziek hoor, dan wil ik dansen.' Breng daar dan maar eens wat tegenin als (muziek)liefhebbende vader. Ik snap het nog ook best, want op een bepaalde manier heft Britta Perssons derde cd Current Affair Medium Rare ook wat prettig kinderlijk naïefs. We waren op dat moment al beland bij "For the Steadiness", een liedje dat ingetogen begint, maar naar het einde toe heerlijk uitbundig wordt. En dat dan inderdaad flink op de heupen werkt. Op een bepaalde manier doet Persson me denken aan heldin Kim Wilde. Het komt ook wel door de eightieszweem die over veel van haar liedjes hangt. En aangezien mevrouw Storm en ik op het moment zwaar verslaafd zijn aan de geweldige zich in de eighties afspelende politieserie Ashes To Ashes is dit mooi slagroom op de taart. Naast eighties heeft Persson ook dat bijna vanzelfsprekende eigenwijze Scandinavische tintje in d'r stem en muziek. Ze speelt soms het lieve zoete meisje met de grote ogen ("Some Girls Some Boys"), maar knabbelt als je even oppast ook aan je oren. Vlijmscherp wordt Current Affair Medium Rare echter nergens en overdreven excentriek ook niet, maar ik vind het wel prettig zo'n album dat vol staat met fijne indie popsongs zonder zwakke broeder. Na het gezamenlijk dansje ging de boterham er overigens zo in bij De Jongedame. Gelukkig maar.
File Under: Ook voor op de iPod van De Jongedame
File Audio: [MySpace]
File Video: [Meet A Bear]
The Whigs - In the Dark
Stom is dat, als ik lees dat The Whigs uit Athens komt denk ik eigenlijk al automatisch dat het dan wel goed moet zijn. Per slot van rekening komen ook Michael Stipe en consorten uit deze stad in Georgia. Daarnaast doet de bandnaam me denken aan Greg Dulli's oude band, ook geen slechte referentie. Maar wat kunnen eerste indrukken bedriegen! Als R.E.M. of The Afghan Whigs op de meest ongeïnspireerde, druilerige maandagochtend met tegenzin en een flinke kater een b-kantje zouden opnemen, dan zou het waarschijnlijk nog beter klinken dan wat deze Whigs ons hier voorschotelen op In the Dark. Enkele jaren geleden debuteerden ze nog best aardig met Give 'Em All a Big Fat Lip, maar In the Dark kan nog niet in de schaduw staan van dit album. Het biedt slechts stoeremannenrock van het meest voorspelbare soort. De standaard powerchords en simplistische teksten lijken een onderling wedstrijdje te doen qua stupiditeit. De openingsregels van “So Lonely” dingen hierbij naar de eerste plaats: ‘She’s bringing me back to 1960 again, when we met on the front porch of her father’s home.’ De bio verklaart een en ander. In plaats van zanger/gitarist Parker Gisbert de nummers te laten schrijven, komen de composities op dit album voornamelijk uit de koker van de bassist en drummer. Een initiatief dat niet best uitpakt. Hopeloze plaat.
File Under: Ritmesectie ontspoort
File Audio: [MySpace]
File Video: [So Lonely]
Landfill - Landfill
Het Belgische Landfill heeft zich een bescheiden bandnaam (Landfill is Engels voor vuilstortplaats) aangemeten. Het Belgische bier Kwak, geen bijster smakelijke biernaam, volgde eenzelfde strategie. Maar we weten beter - die onderkoelde Belgen zijn zo mogelijk nog calvinistischer dan wij Hollanders. Kwak is heerlijk bier en we moeten er rekening mee houden dat er achter een bandnaam als Landfill ook wel eens prima muziek schuil kan gaan. Bij beluistering van het debuut van het Grimbergse vijftal wordt inderdaad al snel valse bescheidenheid verraden. In de biografie worden Muse en Radiohead als voorbeelden aangehaald, en in nummers als - het wonderschone - "Moses" klinkt het bombast van die eerste voorzichtig door. Landfill mikt groot(s). Grappen over de naam zijn een open deur, maar op dit debuut valt weinig aan te merken. Het is misschien wat te lang, met dertien nummers. Maar de stem van de zanger heeft een lekker rafelrandje, de synthesizers kleuren het geluid mooi in, en Landfill heeft een aantal goede nummers. Zoals single "Low", dat al vaker op 3FM en KINK werd gedraaid. Of het groovy "Hpy3". Daarna slaat het allemaal nogal dood; de laatste drie nummers had Landfill beter kunnen bewaren als b-kantje; doorgaans een mooie vuilstortplaats voor tekortschietende albumtracks.
File Under: Vals bescheiden en best goede Belgen
File Audio: [MySpace]
File Video: [Low]
Styrofoam - Disco Synthesizers & Daily Tranquilizers
Van haast lofi-indietronics naar elektropop zonder je eigen geluid te verliezen, je moet het Arne Van Petegem meegeven, dat is een op zich al een hele prestatie. Als je het debuut The Point Misser naast het laatste werk Disco Synthesizers & Daily Tranquillizers en alles daartussenin op shuffle in je computer zet, dan heb je geen seconde het idee dat het niet klopt. De melancholie die door al zijn eerdere werk heen sijpelt, vormt even goed de sfeer op deze plaat. Het verschil zit hem dan ook niet in gezette toon, maar in het hokje waarin hij de toon zet. Is op de eerste plaat een duistere zolderkamer het podium, speelt hij op Nothing's Lost met indietronics en hip hop, zo gaat hij op dit werk aan de haal met elektropop voor de grote dansvloer. En niet zonder succes. Disco Synthesizers & Daily Tranquillizers is een dansplaat geworden met een dikke knipoog naar de jaren ’80 Factory Records generatie. Een knipoog met een oor op New Order en Depeche Mode, maar wel met het andere oog en oor op het heden gericht. Van Petegem is er namelijk de muzikant niet naar om domweg te kopiëren en geeft zijn geheel eigen draai aan de tonen van weleer, met synthesizers en opname methodes - analoog, en dat is te horen - van weleer. Resultaat is een schijf die door elke dansvloer zal worden omarmt om zich vervolgens volledig in te verliezen.
(En dan heb ik buitenbeschouwing gelaten dat Van Petegem wederom wat prachtnamen uit de muziekwereld in zijn plaat heeft betrokken. Paul Cook, Jim Adkins, Chantal Acda... Fijn, fijn, maar voor de muziek verder onbelangrijk.)
File: Styrofoam - Disco Synthesizers & Daily TranquilizersFile Under: Tranen op de dansvloer
File Audio: [Schuim geluid]
File Video: [Schuim film]
Codes In The Clouds - As The Spirit Wanes
Volgende week zit ik met een half elftal File Under-mensen in Groningen om verslag te doen van de 2011-editie van Eurosonic/Noorderslag. Dat is naast hard werken ook reuzegezellig. Ik weet nu echter al dat ik de vrijdag van Eurosonic graag ook ergens ander geweest was. Ofwel in Utrecht waar in Ekko het machtige iLiKETRAiNS speelt ofwel in Tilburg waar in 013 het wat minder bekende Codes In The Clouds speelt. Deze Engelsen leverden twee jaar terug met Paper Canyon een album af dat weliswaar netjes de hele post-rock checklist afvinkte, maar het was vooral óók zwaar overtuigende post-rock. Na een remix-versie van hun debuutalbum is het nu tijd voor de tweede plaat As The Spirit Wanes. En daarop gaan ze hier op bijna dezelfde voet verder. De tien songs zijn echter duidelijk korter dan die op het debuut. Ze waaieren nog steeds uit, maar dat neemt nu dus wat minder tijd in beslag. Het maakt gelijk de stootkracht van de band groter en houd je als luisteraar hongerig. In kortere tijd moeten ze in een song namelijk hetzelfde bereiken. Daar slagen ze op overtuigende wijze in. Verrassend wordt het (helaas?) nergens, maar een lentefrisse metallofoon in "Washington" en de treurige blazers in "The Reason In Madness, In Love" zorgen wel voor de juiste inkleuring aan details. Voordeel van de kortheid van de songs is bovendien dat het de band live wel ruimte geeft om verder uit te wijden. Ik ben er zeker van dat ze dat live ook daadwerkelijk overtuigend zullen doen.
File Under: Tot in de puntjes verzorgde post-rock
File Audio: [MySpace]
Chaplin Harness - II
Toen reissue-label Gear Fab vorig jaar het debuutalbum van Chaplin Harness uitbracht, was er niet of nauwelijks informatie voorhanden over deze band uit Philadelphia. Zo ongeveer de enige twee zaken die bekend waren, zijn het feit dat het eerste album alleen als proefpersing gemaakt was en dat de latere jazzgitarist Rick Iannaconne deel uitmaakte van deze band. Nu Gear Fab het tweede album brengt, is er meer teruggevonden. Niet alleen de namen van de bandleden - er blijken twaalf muzikanten op II mee te doen - maar zelfs een aantal foto’s. Dit vervolg, gestoken in een zelfde soort spuuglelijke hoes, laat een bijna totaal andere band horen. Er is een zangeres toegevoegd, ene Geri Mingori, die een aardige, stoere stem heeft en later met een deel van de bandleden The Geri Mingori Band gaat vormen. De muziek wordt langzaam maar zeker omgevormd tot een soort blanke funk zoals we dat kennen van Blood, Sweat & Tears. Ondanks de muzikale kwaliteiten van de leden klinkt II nergens als een echte band. Het is eerder een studioproject waar de deelnemers hun eigen favoriete ei al jammend kwijt kunnen. Van blues, vette psychedelica tot blanke funk en een soort big band-met-zangeres, er zijn veel - teveel - genres bij elkaar gezet.
File Under: Onbekend en onbemind
File Audio: [MySpace]
K.C. Accidental - Captured Anthems For An Empty Bathtub / Anthems For The Could've Bin Pills
Denk in eerste instantie aan een instrumentale en akoestische versie van Gish van Smashing Pumpkins bij de openingstrack. K.C. Accidental is op deze cd stukken sneller en harder dan op opvolger Anthems For The Could’ve Bin Pills. Met deze plaat verklapt K.C. Accidental zijn identiteit. K.C. Accidental was de voorganger van Broken Social Scene uit Canada en bestond uit Kevin Drew en Charles Spearin. Met deze cd wilde het duo het gat tussen post-rock en alternatieve dance opvullen. En dus hoor je Squarepusher en C Cat Trance bij elkaar in een allegaartje van hi-hat drums en samples. Maar net zo makkelijk verlegt het duo de aandacht naar meeslepende geluidscollages met een triphopkarakter die nauw aansluiten op het opvolgend album. Met Captured Anthems For An Empty Bathtub heeft K.C. Accidental voor zichzelf alle mogelijkheden en genres in post-rock en dance verkend. Een mooie leerschool voor het latere Broken Social Scene.
Herken de spanningsbogen! K.C. Accidental begint deze cd met een uitgeblazen Chet Baker in 1981. De band bouwt, net als genregenoten Dirty Three, Low, And This Will Destroy You, Godspeed You Black Emperor! vanuit het niets aan structuren en geluidscollages. De voortkabbelende akoestische ritmesectie verandert langzaam in een golf met als hoogtepunten: Ruined in ’84 en Them (pop song #3333), luchtige gitaarlandschappen met een swing. K.C. Accidental barst niet uit zijn voegen. De band doet er alles aan om ingetogen te blijven en muziek op cd te zetten waarbij het aangenaam wakker worden is op een lome zondagmorgen.
File Under: Triphop en post-rock
File: K.C. Accidental - Anthems For The Could've Bin Pills
File Under: Zondagochtend-ambilight postrock
File Audio: [MySpace]
Suarez - L'indécideur
Ook zo de balen van de huidige winterellende? Ook aan het denken om te gaan emigreren naar een warm land? Ja? Nou, dan zou ik toch maar even wachten. Er zijn namelijk ook mensen uit warmere streken die deze kant opkomen. In dit geval doel ik op de drie muzikale broers N'Java die hun geboorteland Madagascar achter zich lieten om hun geluk in België te beproeven. Het geluk heeft hier een naam, namelijk Marc Pinilla-D'Ignazio. Met hem begonnen ze een band Suarez. Hun debuut in 2008 had vooral succes in eigen land, maar ook in ons land waren er optredens op Oerol en ze speelden in De Wereld Draait Door. En voor de fans van Guuzbourg: Marc nam een Gainsbourg-nummer op dat verscheen op het album Gainsnord. Suarez heeft nu een opvolger uit, die in 'eigen land' al verscheen, genaamd L'Indécideur. Na het optreden op Eurosonic zal deze cd ook hier uitkomen. Suarez past wel op het label 62TV Records, ik vind het namelijk wel wat van The Tellers hebben. De voornamelijk Franstalige liedjes zijn alleen wat minder rommelig en hebben een warmer geluid. Een beetje à la Manu Chao, maar dan wat minder uitbundig. L'Indécideur is dan ook een album dat ons voor de komende maanden wat warmte probeert te geven en is 'wat' minder radicaal alternatief dan emigreren.
File Under: Een warme jas
File Video: [Hun videokanaal]
Eklin - Onwa
Eklin is het anagram van Klein. Zet daar Michiel voor en je weet gelijk wie de 'baas' is van Eklin: Michiel Klein. Hij was ook de drijvende kracht achter het Fries/Groningse collectief Adept dat in 2007 een geweldige debuutplaat afleverde op Wham! Wham! Records, maar waar het vervolgens al snel veel te stil om bleef. Op Wham! Wham! verscheen het jaar er op de maniakale debuutplaat van Bonne Aparte. Die band bestaat nog wel, maar de destructieve storm waarmee Bonne Aparte in 2008 de podia bestormde lijkt wel wat te zijn gaan liggen. Tot mijn verrassing zitten nu in de line-up van Eklin meerdere leden van Bonne Aparte. Terwijl Eklin op Onwa (geen idee waar dat het anagram van is) hele andere koek is. Het heeft voor een deel de duistere dreiging van Massive Attacks Mezzanine, maar dat komt vooral door de donkere baslijnen van Wouter Venema. Check "Kokon" maar eens. Eklin is echter veel meer een echte band met een 'echte' line-up. En dromeriger, want ik heb steeds weer de neiging helemaal in Onwa weg te zakken. Maar misschien moet je Eklin zelfs wel ongrijpbaar noemen. De zang van Leontien Herkelman is namelijk volstrekt onverstaanbaar. Het lijkt bijna wel een feeërieke abstracte taal die je probeert te hypnotiseren. Van de songtitels kan vast ook alleen de band chocolade maken. Het maakt de mix van ambient met triphop van Eklin tot een van de meest bijzondere Nederlandse platen van het moment. Hopelijk gaat Klein dan ook wat langer door met Eklin dan Adept. Alhoewel ik er wel vertrouwen in heb dat hij in dat geval weer met wat anders moois op de proppen zal komen.
File Under: Spooky aandachtsverslinders
File Audio: [MySpace]
Del Amitri - Nothing Ever Happens
Michael Bormann - Different
Het vorige solo-album van ex-Jaded Heart-voorman Michael Bormann wist voor mij bijzondere hoogten te behalen. Of diepten - want zelden had ik zo´n overgeproduceerd album gehoord. Gelukkig maakt Different in dat opzicht zijn naam waar, want deze ronde is de echo voor Duitse begrippen zelfs beperkt. Koppel dat aan vrolijke niets-aan-de-hand-deuntjes en Bormanns stem komt volledig tot zijn recht. Qua stem zit hij ergens tussen Jon Bon Jovi en Dan Reed en dat geldt ook voor de songs. Songs met een wat meer akoestische feel, lekker up-tempo songs, zelfs een ballad auf Deutsch en teksten die vooral niet te serieus moeten worden ("Mr. Rock ´n´ Roll"), het zit er allemaal in. Je kunt zeggen dat het weinig inhoud heeft en dan heb je nog gelijk ook. Maar de songs zitten prima in elkaar en zijn zo lekker uitgevoerd dat je er ongemerkt vrolijk van wordt. En dan blijkt een typisch zomerplaatje zelfs in de winter gewoon te werken.
File Under: Off-season zomerplaatje
File Audio: [BormannSpace]
Trent Reznor And Atticus Ross - The Social Network
Ik ben geen fan van Facebook. Als roddelvoer-, klets- en fotosite werkt het prima, verder bevat de site vooral tijdverslindende onzin. Dat David Finchers biopic The Social Network over het ontstaan ervan zo'n hit werd, had ik niet echt verwacht. Maar het is een fascinerend portret dat er van de weinig sociale Facebook-oprichter Mark Zuckerberg wordt neergezet. De geek in mij maakt een sprongetje als hij in het begin van de film met wat slimme PHP een hotornot.com-kloon van de universiteitssmoelenboeken in elkaar zet. Wat volgt is een lange film vol harde business, begeleid door bleke, instrumentale sfeermuziek door Nine Inch Nails-voorman Trent Reznor en Atticus Ross (sinds With Teeth bij NIN betrokken). Soms naargeestig en lekker diep, maar veelal functioneel voortsappelend en vergeetbaar. Potentiële singles zitten er niet tussen, maar liefhebbers van Reznors toegankelijkere muziek moeten de tracks "In Motion", "Intriguing Possibilities" en "Complication with Optimistic Outcome" checken. Vreemdste eend in de bijt is verder een cover van Griegs "In the Hall of the Mountain King" (er was namelijk wat Edwardiaanse muziek nodig voor een tuinfeestscene). Verder recyclet Reznor hier in wezen zijn Ghosts-project: "A Familiar Taste" is "Ghosts 35", "Magnetic" een bewerkte "Ghosts 14" en ook track 7, 13 en 15 komen vermoedelijk zo uit de Ghosts-sessies. Het is allemaal goed maar grotendeels dus keurig binnen Reznors lijntjes. Onvergelijkbaar met diens oude harde werk op een soundtrack als die van Lost Highway. Ik weet nog hoe ik als puber "AND I WANT YOU!!!" meebrulde bij "The Perfect Drug". Een dergelijk nummer ontbreekt. Van mij mag Trents filmmuziek onderhand wel weer wat asocialer.
File Under: Ghosts V
File Audio: [In Motion]
Ben Folds & Nick Hornby - Lonely Avenue
Ik had best een hard hoofd in de samenwerking tussen Ben Folds en Nick Hornby. Waarom? Nou, Ben Folds is als tekstschrijver zelf al briljant genoeg, dus waarom zou hij de hulp nodig hebben van Nick Hornby? Ja, natuurlijk schreef hij ooit in zijn boek 31 Songs over "Smoke" van Ben Folds Five: 'Smoke is one of the cleverest, wisest songs about the slow death of relationship that I know' En daar heeft 'ie natuurlijk helemaal gelijk in. Toch was ik huiverig, want iemand die gave boeken schrijft is nog niet gelijk een briljant tekstschrijver. Laat staan iemand die in staat is teksten op te lepelen die te gebruiken zijn in liedjes zoals Folds die schrijft. Volgens de credits van Lonely Avenue zijn de rollen inderdaad strikt gescheiden gebleven en dat vind ik knap, want volgens mij moet ze dat best moeite gekost hebben. Het resultaat van de samenwerking is overigens prima. Het is ook niet echt iets voor Folds om slechte liedjes te schrijven. Hij heeft de teksten van Hornby als een volleerd songsmid ingekapseld in zoals altijd even spitsvondige melodieën. Bij sommige liedjes lijkt hij er wel wat meer moeite mee gehad te hebben. Zo eindigt "Claire's Ninth" na een fijn liedje geweest te zijn in een hele nare fade-out. Dat vind ik niet bepaald des Folds. Verrassend is het voor Folds' doen drieste tegendraadse "Saskia Hamilton" waarin hij de Moog, Andrew Higley zijn Roland Jupiter en Kate Miller-Heidke haar wilde zang los laten. Hoe groot is dan het contrast met het volgende "Belinda" waarin Hornby het opneemt voor al die muzikanten die een hitsong schreven over de liefde van hun leven en dat avond aan avond moeten spelen terwijl hij ondertussen alweer een nieuw nestje heeft met een jongere vrouw. Met grote borsten en zonder kinderen. Het had zo uit de pen van Folds kunnen komen.
File Under: Geslaagd experiment
File Audio: [MySpace]
File Video: [From Above]
Imogen Heap
Hier in Nederland staat ze vooral bekend als ‘die ene van de The OC Soundtrack’. Het afgelopen jaar kreeg haar bekendheid nogmaals een boost omdat de Amerikaanse zanger Jason Derulo haar stem samplede in een van zijn hits. Enkele weken geleden stond de zangeres voor een behoorlijk gevulde Melkweg en ik wist eerlijk gezegd nog steeds niet hoe je haar naam uitspreekt. Imogen Heap ziet er niet alleen uit als een plaatje maar blijkt ook zo genoemd te worden. ‘Imagen’, legt haar tourmanager uit.
De Engelse dame zelf komt ondertussen binnen met tassen kleding. Ze heeft net geshopt in onze hoofdstad en is van plan om hier na de soundcheck nog even mee verder te gaan. Imogen Heap zit midden in haar Europese tour en wilt derhalve elke dag op de planken staan met een net bij elkaar gewinkeld outfit. Na een voorstelrondje trekt ze direct haar nieuwste aanwinst uit een tas, laat haar zien aan een ieder die geïnteresseerd is en gaat vervolgens heen en weer wippend zitten. Heap staat bekend als enthousiast en ze praat dan ook veel.
Lees verder..Heathers - Here, Not Here
Wat denk je dat de voornaam van de twee dames van Heathers is? Inderdaad, niet Heather. Het zijn de twee Ierse zusters Ellie en Louise Macnamara. In 2008 namen zij hun debuut Here, Not There op en brachten dat in eerste instantie slechts in Ierland uit. Hierna trokken ze rond door Amerika en nu lijkt er pas aandacht voor de rest van Europa met o.a. een optreden op Eurosonic. Here, Not There bevat elf tracks (en een bonus track) met een lengte van 27 minuten en dat is niet erg lang. Toch durf ik me wel hardop af te vragen of deze lengte niet genoeg Heathers is. De twee dames begeleiden zichzelf op gitaar en zingen daarbij. De samenzang is best avontuurlijk en er is niets mis mee, maar na een aantal nummers begint het bij mij toch te knagen: ik vind de begeleiding wat saai. Eigenlijk zouden ze er een heuse band bij moeten hebben. De wat populaire folkliedjes passen bij die van tijdgenoten als Mumford & Sons, maar waar zij er genoeg afwisseling ingooien, is de inzet van een cello in twee nummers toch net te weinig om Here, Not There, spannend te maken. Misschien iets voor de opvolger die in 2011 uit schijnt te komen.
File Under: Twee dames met gitaar en zingen maar
File Audio: [MySpace]
File Video: [Remember When]
Marcos Valle / A Bossa Electrica / Sensuàl
Wie in deze weken van extreem weer ook verlangt naar de Copacabana, maar er het geld niet voor heeft, kan wegdromen met deze drie platen.
Marcos Valle (1943) is een levende bossa nova-legende, hij schreef veelgecoverde hits als "Crickets Sing for Ana Maria" en "Summer Samba". Estática bevat drie instrumentale stukken, 1995, 1985 en 1975 die aangeven dat Valle al een tijd meedraait, maar ook diverse stijlen beheerst, Van slap-bass funk tot zoet pianogezwijmel. Het veelvuldig op Radio6 gedraaide "Baiao Maracatú" laat de temperatuur snel oplopen, het titelnummer is een stevige pot Weather Report-achtige fusion. Tegen het einde mis je wat koolzuur, toch is dit een zeer geslaagde plaat.
Stockholm is de thuisbasis van A Bossa Electrica, dat toe is aan haar tweede album. Hier worden geen grenzen opgerekt of, zoals bijvoorbeeld bij Zuco 103, gespeeld met elektronica. Je snapt gelijk waarom ABE met haar knusse seventies-geluid zo geliefd is bij samenstellers van lounge-compilaties. Het klinkt lekker, maar afgezien van de Roy Ayers-cover blijft weinig hangen.
Dan liever het Utrechtse Sensuàl. Zangeres Eva Kieboom is dertig jaar geworden, het album heet naar haar leeftijd. Ook hier vormen de jazzy jaren zeventig een inspiratiebron, maar muzikaal zijn Eva en haar mannen een stuk interessanter dan ABE. Er wordt gestoeid met afrobeat in het titelnummer, arrangeur Sebastiaan Koolhoven schreef prachtige strijkersarrangementen voor de zwoele, voetjes-in-de-branding-ballades en het koper funkt geweldig in hoogtepunt "Nao Vai Dar". Alle tracks zijn met zorg ingekleurd, luister bijvoorbeeld naar de tegenmelodietjes in "Samba Na Cama". Prachtig gezongen ook, trouwens.
File: A Bossa Electrica - Do Norte
File: Sensuàl - Trinta
File Under: Heet (A Bossa Electrica), Heter (Sensual), Heetst (Marcos Valle)
File Audio: [Valle-Space]
File Audio: [Bossa-Space]
File Audio: [Sensual-Space]
Week 1, 2011
Storm
Eklin - Onwa
Ewie
Lola Kite - Lights
Ludo
Emeralds - Does It Look Like I'm Here?
Gr.R.
Vic van de Reijt presenteert: Och was ik maar... ...een paard in de gang!
Ramon
De Grote File Under Jaarlijst 2010
André
Blonde Redhead - Penny Sparkle
Prikkie
Wendy & Lisa - White Flags Of Winter Chimneys
Stonehead
Judee Sill - Abracadabra: The Asylum Years
DubbelMono
Charles Bardley - No Time for Dreaming
Campking
Dan Mangan - Nice NIce Very Nice
Sore Eros - Know Touching
File Under zoekt recensent, die:
- enthousiast is over voortkabbelende en structuurloze liedjes
- blij wordt van een gebroken mannenstem, en dat niet een beetje gebroken
- duetten niet ziet als iets waarbij altijd over goede samenzang gesproken hoeft te worden, integendeel
- houdt van experimenten en chaos, ook al is het eindresultaat twijfelachtig
- het credo hoog houdt: hoe vreemder en hoe meer uit de maat, hoe beter
- het zo rauw mogelijk wil hebben qua productie
- graag instrumenten hoort die over de pijngrens gejaagd worden
- MGMT commerciële troep vindt
- geen huisgenoot heeft
Interesse? Wij hebben de eerste cd voor je klaarliggen!
File Under: Au!
File Audio: [MySpace]
File Video: [Shake The Wall][Giraffe's Kiss][Live: Make It Louder]
Helloween - 7 Sinners
In een van de lelijkste hoezen in lange tijd kwam Helloweens 7 Sinners tot mij. Helloween ontdekte ik als verse student met Keeper of The Seven Keys Part I en het raakte even zo snel weer buiten beeld omdat ze keer op keer dezelfde plaat leken uit te brengen. Noem het happy metal, power metal of Teutoonse metal, maar het klonk steeds weer hetzelfde. Zeker, de geluidskwaliteit nam toe, er waren de nodige bezettingswisselingen, maar muzikaal veranderde er weinig. Veel snelle songs met dubbele bassdrums - soms op het absurde af, zoals hier in "Who Is Mr. Madman?" -, beurtelings lang aangehouden akkoorden en hakkende riffs en zanglijnen die veel poppier lijken dan de muziek. Een paar jaar geleden werd ik nog wel blij van Gambling With The Devil, maar dit 7 Sinners - losjes gebaseerd op de zeven hoofdzonden - is mij wat te voorspelbaar. Er staan een stel prima songs op - de lange afsluiter "Far In The Future" met het verrassende intro "Not Yet Today" bijvoorbeeld - , maar even vaak is het meer van hetzelfde. Volgens mij is dat een album dat buiten de Helloweenfans niet veel gaat doen. Maar ja, wat weet ik ervan? Volgens hun eigen Are You Metal-kwis ben ik maar 37 % metal. Dat zal het wel zijn.
File Under: Nu met handige kwis
File Audio: [HelloweenSpace]
Swahili Blonde - Man Meat
Aan de namen van de muzikanten die meewerken aan dit album zal het niet liggen: het is een mooie mix van hippe (Aaron Funk a.k.a. Venetian Snares voor de mastering), ultra-hippe (Stella Mozgawa van Warpaint), ooit wereldberoemde (John Taylor van Duran Duran) en zeer getalenteerde (John Frusciante) muzikanten die Nicole Turley hielpen. Want Swahili Blonde is in feite de nom de plume waarachter multi-instrumentaliste Nicole Turley zich verbergt. De zeven tracks op dit album zijn - aldus het persbericht - ontstaan na uitgebreide jams, die zonder veel instrumentbeheersing zijn uitgevoerd. Alsof Swahili Blonde zich wil indekken voor kritiek. Dat valt dan weer tegen van een dame die zo eigenwijs klinkt. Vijf van de nummers zijn van haar eigen hand, eentje schreef ze samen met John Taylor en John Frusciante en eentje is een cover van David Bowie, 'Red Money'. Maar wat alle tracks gelijk hebben is dat het jammen erin doorklinkt. Lange funkjams, gebaseerd op New Yorkse no-wave, bizarre ritmes en een vrijwel constante associatie met The Slits. Hoogtepunt is de track die het meest gestructureerd klinkt en wellicht daardoor ook tot single en videoclip is gebombardeerd: "Le Mampatee". Intrigerende, maar soms net iets te stuurloze plaat.
File Under: Punkfunk Extravaganza
File Audio: [MySpace]
File Video: [Le Mampatee]
British Sea Power - Valhalla Dancehall
Bij de EP die British Sea Power in 2010 uitbracht had ik het al over het goedbewaarde geheim dat deze band al jaren is. Bij het nieuwe album Valhalla Dancehall blijkt dat dit eigenlijk een understatement was. Leuk hoor, die reünie van Blur vorig jaar. Geinig wel, die optredens van Pulp in 2011. Maar wie het beste van deze twee bands gecombineerd wil zien kan beter eens gaan kijken bij het Brightonse British Sea Power. Op Valhalla Dancehall klinken ze zelfverzekerder dan ooit en hebben ze naar mijn bescheiden mening een plaat gemaakt die een soortgelijke impact zou moeten hebben als The Suburbs van Arcade Fire. Enkele nummers doen zelfs behoorlijk denken aan de Canadezen, zoals het ijzersterke "Observe the Skies". Op Valhalla Dancehall klinkt British Sea Power als een band die eindelijk de perfecte vorm gevonden heeft. De band schuwde het grote gebaar al nooit, maar op dit album hebben ze de overtreffende trap gevonden met een jubelsfeer die tegen het pathetische aanhangt maar oh zo lekker is. Hoogtepunt "Luna" is het soort nummer waarvan je hoopt dat Jarvis Cocker er ooit nog eens een schrijft. Net als bij Pulp duurt het bij British Sea Power ook al jaren voordat de doorbraak zich aandient, maar als het met dit album nog niet lukt dan weet ik het ook niet meer.
File Under: Brightons beste
File Audio: [MySpace]
File Video: [Bear]
File Twitter: [Twitter]
R.E.M. - Live From Austin TX / Fables Of The Reconstruction
In Austin op de campus van de universiteit van Texas worden al sinds eind jaren zeventig opnames gemaakt voor het programma Austin City Limits. De lijst van artiesten die hierin voor een select gezelschap toeschouwers (300 passen er in) optreedt, is ronduit indrukwekkend. Op TV zenden ze vaak maar een selectie van de shows uit, daarom zijn er al aardig wat van die optredens op cd of dvd verschenen. Want dit soort intieme shows zijn toch vaak speciaal en dan willen muzikanten dat graag delen met hun fans. Vlak voor de release van R.E.M.s veertiende studioalbum Accelerate waren Stipe, Buck en Mills voor het eerst te gast in het programma. Dat bleek precies het goede moment te zijn, want met Accelerate gaf R.E.M. eindelijk weer eens een goed album aan zijn fans. Blijkbaar waren ze er zelf ook mee in hun nopjes, want maar liefst negen van de elf tracks van Accelerate komen langs in de zeventien songs tellende set die nu onder de titel Live From Austin TX verschijnt. Die songs vallen namelijk niet uit de toon bij de rest en dat is een goed teken. Gelijk vanaf het begin van de set (met "Living Well Is The Best Revenge") hebben de drie, die hulp krijgen van Scott McCaughey (gitaar) en Bill Rieflin (drums), totaal geen last van de korte afstand tot het publiek. Natuurlijk heeft Stipe zich in de loop van de jaren wel wat 'stadion'-maniertjes aangeleerd en kan hij die nooit helemaal achterwege laten, maar de hele set heeft wel een clubfeel en dat is fijn om te constateren. Het voordeel van de kleine setting is dat de regisseur niet als een dolle kan schakelen tussen de verschillende camera's. Het maakt Live From Austin TX tot een prettig te bekijken document. Het enige waar ik wat over zou kunnen mopperen is het ontbreken van oudere (pre-Warner) songs.
Want stiekem vonden we R.E.M. gewoon het leukst toen ze nog op I.R.S. zaten en voordat ze echt groot werden na het verschijnen van Out Of Time in 1991. De vraag waar ik dan wel eens mee zit is, welke cd ik uit die tijd nu precies de beste vind. Min of meer tot mijn verbazing rekenen de bandleden zelf Fables Of The Reconstruction niet tot hun favoriete albums. Bill Berry heeft zich zelfs meer dan eens laten ontvallen dat de plaat 'sucked'. Misschien komt het wel dat zij er niet zo gelukkig mee waren doordat de opnamen in Londen onder leiding van Joe Boyd niet bepaald van een leien dakje gingen. Als ik luister naar de 25th Anniversary Edition kan ik Berry namelijk ook nog steeds geen gelijk geven. Zeker "Feeling Gravity's Pull" vind ik nog steeds een geniaal nummer. In het boekje dat in het doosje zit ontkracht Peter Buck overigens ook dat de bandleden de plaat niet konden pruimen. Naast de elf originele songs zit er ook nog een interessante bonus-cd in het doosje. Daarop staan maar liefst veertien songs die de band in een korte sessie in Athens opnam voordat ze naar Londen vertrokken om dat eigenlijke opnames te beginnen. Pas in de studio met Boyd werden ze aangescherpt naar de nieuwe R.E.M.-sound. Het is geinig om de verschillen tussen de twee versies te horen. Maar goed, het is sowieso altijd een feest om "Can't Get There From Here", "Driver 8" of "Wendell Gee" weer terug te horen. Eigenlijk zou R.E.M. gewoon eens een tour moeten doen waarbij ze alleen die oude albums nog eens onder de aandacht brengen.
File Under: Live bleef R.E.M. altijd leuk
File Video: [Man On The Moon]
File: R.E.M. - Fables Of The Reconstruction
File Under: Vroeger was alles beter
The Third Eye Foundation - The Dark
Poehee, The Third Eye Foundation vraagt met The Dark het uiterste van de luisteraar. Matt Elliott heeft voor zijn elektronische alias een soort avant-garde beatsymfonie in vier delen met coda geschreven. Als de ratelende idm beats na een minuutje of wat beginnen te klepperen, houden ze het volgende half uur niet meer op. Nu vormt die constante onderlaag gelukkig wel een van de beste elementen van de plaat, er gebeurt op ritmisch gebied meer dan genoeg. Zijn drie andere elementen in de compositie, zeg de variabelen, boeien me helaas minder. In openingsdeel "Anhedonia" beginnen spookhuis-achtige vocalisten (het zullen samples zijn) over de beats en orkestbrij heen te jammeren. Net zingende zagen. Gelukkig worden ze na een tijdje vervangen door diepe baslijnen. En met diep bedoel ik ook diep. Je zit te trillen op je stoel. Geniaal gemasterd trouwens, want toen ik om de Rijdende Rechter te ontlopen de bas op de equalizer fiks terugschroefde veranderde er nauwelijks wat! In tegenstelling tot de kortstondig optredende jengelaars blijft de bas twintig minuten doordenderen, om dan uiteindelijk in het laatste en beste deel plaats te maken voor strijkers. Daar wordt de compositie dan eindelijk echt emotioneel en goed. (Misschien dat al wringende voorwerk toch geholpen heeft?) Elliott komt met een Mahler-achtige melodie op de proppen, terwijl zijn beats nu definitief in een Venetian Snares-overdrive gaan, ook een man die graag knutselt met orkest-samples. Kapotte strijkers, dat doet me altijd wat. De compositie valt op fascinerende wijze uit elkaar. Onbegrijpelijk en volstrekt onnodig dat er nog een toegift volgt, die eigenlijk de boel op micro niveau (en met jungle beats) nog eens overdoet. Wel een mooie titel: "If You Treat Us All Like Terrorists We Will Become Terrorists".
File Under: Een helse tocht door de duisternis
File Audio: [Foundation-Space]
Jamie Clarke's Perfect - Fucking Folkabillie Rock
Spijt, spijt, spijt. Als er een concert het afgelopen jaar was waar ik toch wel graag bij was geweest, dan was dit van The Pogues in Paradiso. Ik begreep dat het geweldig was met bovendien een Shane MacGowan in vorm, grmbl. Er blijft voor mij niets anders over dan de mix van folk, rock en punk vanaf cd te blijven genieten. Ach, er zijn vervelendere zaken. Geinig is dat ik een cd voor me heb liggen van een ex-Pogueslid Jamie Clarke. Jamie Clarke was gitarist op Pogue Mahone, het laatste niet al te hoog aangeschreven studio-album zonder de legendarische Shane MacGowan. Clarke speelt inmiddels niet meer bij The Pogues, maar het bloed kruipt waar het niet gaan kan en zijn eigen band Jamie Clarke's Perfect maakt muziek die geïnspireerd is op het werk van, jawel... The Pogues. De e.p. Fucking Folkabillie Rock bevat vijf tracks, kent een lengte van nog geen kwartier en brengt precies die folkrock die ik verwacht. Ik zie namelijk voor me het beeld van een zaal die helemaal op zijn kop gaat. Kortom deze schijf is een prima aanleiding om te gaan toeren. Hé, wat zie ik nu in de concertagenda?!
File Under: Het Poguesvirus waart rond
File Audio: [MySpace]
File Video: [Beatboys]

























































































































































