Liars - WIXIW
Het altijd recalcitrante Liars delft bij elk album compromisloos in het experiment. Zo ook de nieuwste langspeler, getiteld WIXIW (spreekt uit als "wish you"), alweer het zesde album van de band rondom Angus Andrew. Weg zijn de rauwe randjes, de lo-fi ruis en de onbeteugelde branie van voorgaande releases. WIXIW is voor Liars' doen een verrassend toegankelijk album, waar gelaagde keyboards en minimale elektronica de boventoon voeren. Opener "The Exact Colour Of Doubt" bestaat uit opzwellende, dromerige keyboards, voortgestuwd met lichtvoetige percussie. Als een kameleon lijkt de band bij "Octagon" feilloos de kleur en gedaante aan te nemen van de spannende ambient-electronica waar Aphex Twin (ten tijde van I Care Because You Do) en Autechre in de jaren negentig mee doorbraken. Vileine keyboards galmen dreigend op de achtergrond terwijl de tribal-achtige, elektronische percussie behendig door het geluidslandschap voortbeweegt. Nooit eerder hebben de Amerikanen zoveel verschillende arrangementen en melodielagen in een album gepropt, waardoor ik mij des te meer afvraag hoe ze dit live gaan aanpakken. Intussen is daar het heerlijk kinky, verwrongen "A Ring On Every Finger", wat haast afkomstig lijkt te zijn uit een intergalactische stripclub. WIXIW staat bol van de kleine, doch elementaire nuances, die elk nummer verschrikkelijk verslavend maken. De band bundelt opnieuw uiteenlopende invloeden (fans van Animal Collective en Atlas Sound zullen smullen!) samen zonder overduidelijk referentiekader, om er vervolgens iets onmiskenbaars en eigens van te maken. Liars klinkt daardoor als vanouds heerlijk tegendraads: haast blindelings, haast achteloos weet WIXIW de luisteraar in een wonderbaarlijke narcose te dwingen.
File Under: Wonderbaarlijke narcose
LPG - The Village
Als supporter van Excelsior Recordings had je hem thuisgestuurd gekregen, maar anders kon het zomaar zijn dat The Village van LPG langs je heen zou gaan. Ik geen lid, kreeg een recensie-exemplaar, en dat is maar goed ook. Het was namelijk zonde geweest als ik deze release, die veel te weinig aandacht kreeg, had gemist. Het is hun derde album, waar de vorige uit 2005 en 2008 stammen. LPG, inmiddels verhuisd van Oost Groningen naar de Randstad en een bassist die het voor gezien hield, zoekt muzikaal nog steeds naar muzikaal spannende onverwachtse wegen. De band was ooit het zonnetje aan de hemel, maar lijkt nu steeds meer in zichzelf gekeerd - al wil dit overigens niet zeggen dat alles zich in een loom tempo voortbeweegt - . Dit heeft het gevolg dat je iets meer moeite moet doen om aan te haken. Dit is nou echt zo´n album dat je zijn draaibeurten moet gunnen. Je hoort dan de gelaagdheid en het unieke van elk liedje dat meer is dan een gitaarpopsong. Luister bijvoorbeeld eens naar het ritme-instrument het orgel in "Paulus", de piepende en ratelende achtergrondgeluiden in "Say No" of het blaasorkest in opener "Overture". In de échte release -en niet bij dit promo-exemplaar- schijnt ook nog een landkaart te zitten waarop The Village terug te vinden is. LPG blijft muziek maken waar duidelijk in alles over nagedacht is. Als je dat zoekt - en waarom zou je dat niet willen - heb je hiermee een hele fijne plaat in huis.
File Under: Creatief blijven
File Audio: [Bandcamp]
File Video: [Mobile][Paulus][Say No]
File Social: [Twitter][Facebook]
Jim White - Where It Hits You
Het sleutelnummer op Where It Hits You is "Epilogue To A Marriage". Althans, dat is wat de biografie ons probeert te doen geloven. We zouden hier een heuse echtscheidingsplaat in handen hebben, zoals anderen die in het verleden ook maakten: van Bob Dylan’s Blood On The Tracks en Here, My Dear van Marvin Gaye tot Beck’s Sea Change. Maar hoewel de teneur op Where It Hits You verre van vrolijk is - overigens niks nieuws voor Jim White -, is het vooral melancholie en verwondering die, naast hartepijn, te horen is. De diepste droefenis lijkt dan ook niet gereserveerd voor de dame die het huwelijk van Jim White verliet, maar voor ene Harry die we tegen komen in "My Brother’s Keeper". Een man waarmee ooit een hechte, maar nu verwaterde vriendschap bestond. Sinds die tijd is deze vriend 300 pond aangekomen, heeft hij zijn huis niet meer verlaten en is nu overleden. Het lied zelf is ook omvangrijk: zeven minuten ruim. En dat is waar dit hele album onder lijdt: de nummers worden opgerekt, van in de basis eenvoudige folkliedjes omgewerkt tot een soort soundscapes. Op zich geen probleem, ware het niet dat de meeste nummers na een minuut of drie klaar zijn. De arrangementen zijn ingenieus, de zang en het instrumentarium intrigerend, maar toch. Het zijn niet alleen huwelijken die soms te lang duren.
File Under: Te snel gescheiden of te lang getrouwd
File Audio: [Infinite Mind (radiosessie) File Video: [Album stories]
Long Conversations And The Closet Orchestra
Axel Rudi Pell - Circle Of The Oath / Mad Max - Another Night Of Passion
Menig Duitse band is er in de loop der jaren toe overgegaan een Amerikaanse zanger aan te stellen, omdat het Klaus Meine-Engels nooit ver weg was. Axel Rudi Pell heeft vanaf het begin een Amerikaanse zanger gehad. Sterker nog: het grootste deel van zijn band heeft buitenlandse roots. Dat hij met zijn band niettemin erg Duitse powermetal ten gehore brengt is desondanks niet vreemd. Zijn bandleden zijn namelijk bepaald geen onbekenden in de Duitse scene, zoals drummer Mike Terrana. Zanger Johnny Gioeli werd bekend in Hardline, de Amerikaanse band met destijds Journeyleden Neal Schon en Deen Castronovo, maar ook hij zingt alweer anderhalf decennium bij Axel Rudi Pell. Zeg nou zelf, dat moet toch heel aardig worden? Nou, dus niet. Eerlijk gezegd is op Circle Of The Oath het titelnummer het eerste en het laatste dat iets van interesse bij me weet op te wekken. Het kunstje is vrijwel elk nummer hetzelfde: een mid-tempo song, beukende drums met akelig veel echo op de snaredrum, gitaarpartijen met lang aangehouden akkoorden en Gioeli die daaroverheen - prima, da's waar - de sirene uithangt. Zo'n brandweerding, niet een juffrouw op een rots. Wanneer dat bij "World Of Confusion" nog eens negen minuten lang zo doorgaat, is dat toch al vlot zo'n vijf minuten te lang. Eerlijk gezegd krijg ik het idee dat hier muzikanten die veel beter kunnen de studio ingedoken zijn om 'even' een album uit te poepen, met het idee dat een pompeuze productie genoeg moet zijn. Fans vinden het vast allemaal prima, bij mij komt 'ie de kast niet meer uit.
Mad Max maakt al jaren steeds weer dezelfde plaat, ook deze keer weer. Maar waar bij Axel Rudi Pell en zijn mannen de lamlendigheid er vanaf straalt, daar is het juist de pret die Another Night Of Passion het hele album vasthoudt. Zeg, maar die titel...? Ja, ze brachten al eens het album Night Of Passion uit, maar dit is geen rerelease met extra tracks, het is echt nieuw materiaal. Dit is na allerlei personeelswisselingen echter wel dezelfde line-up als bij Night Of Passion. Het is vrolijk pretrock, met sinds een aantal jaren een stichtelijke boodschap van tekstschrijver/gitarist Jürgen Breforth. Die staat de pret echter nergens in de weg, want het is eigenlijk pure hairmetal. Songs volgens een vast stramien, uitgevoerd door prima muzikanten, niet te heavy en voorzien van veel koortjes in de refreinen. Typisch is wel "The Chant", dat begint met een Arabisch aandoende uithaal maar binnen drie maten weer een radiovriendelijke rocker is. Opvallend is verder nog de Sweet-cover "Fever Of Love". The Sweet? Ja jongens en meisjes, dat was Engelse, radiovriendelijke hardrock in het begin van de jaren zeventig, een van de favorieten van Michael Voss en consorten. (Zelfs Ritchie Blackmore heeft nog eens met ze op het podium gestaan.) Zoals gezegd heeft Mad Max voor de zoveelste keer dezelfde plaat gemaakt, maar het is goed uitgevoerd en vooral ook met enthousiasme. Soms is dat ook gewoon genoeg. Als extraatje krijg je trouwens een bonus-cd, Official Bootleg - Live In Berlin.
File Under: Had veel beter gekund
File Spotify: [Circle Of The Oath]
File: Mad Max - Another Night Of Passion
File Under: Prima pretentieloze pretrock
File Spotify: [Another Night Of Passion]
Fortarock 2012: Voorpret
Zaterdag 2 juni. Nijmegen. \m/ !!!METAL!!! \m/. FORTAROCK, wellicht het grootste metalfestival van Nederland sinds het verscheiden van Dynamo Open Air. File Under zal verslag gaan doen en heeft nu al voorpret, want het programma is afwisselend en zoekt aardig wat grenzen op in het harde spectrum van de metal. Neem nu al opener BENIGHTED, een Franse deathmetalband die nogal bruut alle kanten op neigt te springen: blastbeats, grunts, screams, pig squeels (ja, ze bestaan), melodieuze gitaarsoli. Niet de makkelijkste band om de dag mee te beginnen, en als het een beetje waait wordt het één grote kakofonie van lawaai.
Wellicht dat SÓLSTAFIR het dan wat makkelijker heeft. Hoewel, het is wel de vreemdste eend in de bijt vandaag, het IJslandse viertal dat op hun laatste plaat gewoon in hun moedertaal zingt. Geen rechttoe-rechtaan-metal, maar uitgesponnen, op Killing Joke en Fields of the Nephilim gestoelde rock/metal, met een zanger die ook in een emoband had kunnen zingen. Een van onze favorieten van de dag, maar of de feestende metalheads hier iets mee kunnen is nog even de vraag.
Lees verder..Penelope Houston - On Market Street
Zou ze familie van Whitney zijn, vraag ik mij enigszins angstig af wanneer ik de naam Penelope Houston lees. In de verste verte niet, blijkt al snel. Penelope Houston is een 53-jarige singer-songwriter uit San Francisco. In de zeventiger jaren was ze zangeres van de redelijk bekende punkband The Avengers. Die wilde haren is ze in de loop der jaren wel kwijtgeraakt. On Market Street is alweer haar zevende solo-album en daarop is weinig tot niets van haar punkroots terug te horen. Het is een rootsy singer-songwriterplaat waarop alleen het af en toe iets onvast zingen van Houston aan haar ruige verleden doet denken. Inspiratie voor dit album had ze genoeg. Van een slepende scheiding, reünietoer van The Avengers en rechtszaken over royalties van deze band tot een terugkeer naar de universiteit, het is allemaal terug te horen op On Market Street,wat Houston haar meest persoonlijke album noemt. De songs zijn groovy en vormen tezamen een goede soundtrack voor een roadtrip met een cabrio door het warme zuiden van de Verenigde Staten. Hammondorgel en Wurlitzer zorgen ervoor dat de songs dat lome hebben waarop het goed chillen is zoals bijvoorbeeld in "All The Way" of in de ballad "You Reel Me In". De strijkers in "Winter Coats" geven de song sfeer zonder dat het kitscherig wordt. "Scrap" is dan weer een bossa-nova achtig liedje en afsluiter "USSA" komt het dichtst bij het punkverleden van Houston. On Market Street is een prima en veelzijdig album van een door de wol geverfde vrouw die en passant ook nog eens zelf haar beeltenis voor de hoes schilderde.
File Under:Ouder en wijzer
File Audio: [Grooveshark]
File Video: [Missouri Lounge]
File Twitter: [Tweets van Penelope Houston]
I Am Oak - Nowhere Or Tammensaari
Volgens mij is het onmogelijk dat Thijs Kuijken, de man achter I Am Oak, ooit een slechte plaat maakt. Zo, die conclusie heb ik alvast weggeven. Kuijken is een productieve man. Vorig jaar was er nog het album Oasem, en nu is er al een opvolger met Nowhere or Tammensaari. Ondanks dat I Am Oak nog steeds klinkt als I Am Oak, is er een groot verschil met de voorgaande platen. Was het eerder een soloproject dat op het podium dan onvermijdelijk (je kunt moeilijk alles alleen doen) met een band uitgevoerd dient te worden, op Nowhere or Tammensaari (Fins voor Eiland der Eiken) is de hele band aan zet. De plaat is ingetogen maar toch krachtig. Hetgeen klopt met het beeld dat ik hem van Finland: een wit en koud land, maar met inwoners met karakter. De (twaalf) liedjes stralen wederom warmte uit, alsof I Am Oak je plaats laat nemen aan hun open haard. Waar mijn File Under-collega Joice in haar stukje over de voorganger nog wat voorzichtige kritiek had op de strijkers die hier en daar wat teveel ingezet werden, hier zal dit zeker niet het geval zijn. Het is de gitaar die af en toe gevaarlijk gromt als een wolf die elk moment toe kan slaan en de piano die als sneeuwvlokken in het landschap zijn werk doet. Hier moet ik denk ik maar stoppen met de Finse beelden die in me opkomen, I Am Oak is zo Nederlands als wat, en binnenkort ook weer op diverse Nederlandse podia te bewonderen. Hopelijk kan de airco dan heel laag gezet worden. De muziek brengt je dan ongetwijfeld de warmte. Deze release doet dit in ieder geval al.
File Under: Zonder koud geen warm
File Audio: [MySpace][Bandcamp]
File Social: [Twitter][Facebook]
Week 22, 2012
Gr.R.
The Joy Formidable - Whirring (Live @ KEXP)
Janineka
Alabama Shakes - Boys & Girls
DubbelMono
La Sera - Sees The LIght
Ewie
I Am Oak - Nowhere Or Tammensaari
Ludo
Nits - Malpensa
Prikkie
It Bites - Map Of The Past
André
Regina Spektor - What We Saw From The Cheap Seats / Rumer - Boys Don't Cry
tBeest
Diablo Swing Orchestra - Pandora's Piñata
Storm
I Am Oak - Nowhere Or Tammensaari
Ian Parry's Consortium Project: II - Continuum In Extremis/ III - Terra IncognitaI/ V - Children Of Tomorrow
De rereleases van het Consortium Project zijn inmiddels voltooid. Na de verschijning van het nieuwe deel V Species besloot Lion Music de voorgaande vier delen opnieuw uit te brengen. Na deze drie, II: Continuum In Extremis, III: Terra Incognita en IV: Children Of Tomorrow is het project compleet. Je kunt niet anders concluderen dan dat Ian Parry een serie albums heeft neergezet die de tand des tijds heeft doorstaan. Degelijke eighties powermetal met een randje prog, dat is de beste omschrijving. Alle reissues zijn voorzien van twee bonustracks - demotracks, akoestische versies en één nieuwe track: "Aches & Pains" op IV. Hoewel er heel wat verschillende namen te bewonderen zijn, is de sound vergelijkbaar. Even wat van de namen: bassist Jan Bijlsma (Vengeance) op II en III, Dirk Bruinenberg (Elegy, Wicked Sensation) drums op II, Casey Grillo (Kamelot) op III en Ivar de Graaf (Within Temptation, Kingfisher Sky) op IV, gitarist Stephan Lill (VandenPlas) op II en III, Patrick Rondat op II, Sascha Paeth (Avantasia) op III, Henk van der Laars (Elegy) op IV en zangeres Judith Rijnveld (KIngfisher Sky) op III. En die lijst is nog veel langer. Alle muzikanten hebben op enig moment wel vaker samengewerkt, soms vóór Consortium Project, soms erna. Het zijn allemaal muzikanten die enige bekendheid hebben, maar die ook weten wat het is om te sappelen voor je levensonderhoud, dus van divagedrag zal weinig sprake geweest zijn. Integendeel, ze zijn gewend om snel een resultaat te moeten neerzetten en dat is op alle cd's gelukt. Muzikaal is het misschien niet altijd het meest originele dat je hoort, het niveau is vijf cd's lang hoog en dat is op zich al een kunststukje. Verder is het een kwestie van je onderdompelen in de muziek en je eigen favorieten eruithalen. Parry's levenswerk is voltooid en wat hij verder ook doet, het Consortium Project zal altijd een glanzende parel op zijn cv blijven.
File: Ian Parry's Consortium Project III - Terra Incognita
File: Ian Parry's Consortium Project IV - Children Of Tomorrow
File Under: Levenswerk/ Kunststukje/ Parel (niets door te halen)
File Audio: [ParrySpace]
File Spotify: [II][III][IV]
File Video: [IV: "Enigma"][IV: "Nowhere Fast"]
Sharon Jones & The Dap-Kings
La Sera - Sees the Light
Een albumbespreking van La Sera vraagt om name dropping. Allereerst omdat Katy Goodman - La Sera is haar band - van origine bassiste is en dus behoort tot de verrukkelijkste meisjessoort die er is. Denk maar aan Tina Weymouth, Kim Gordon en Kim Deal. De naam van de laatste valt hier sowieso niet voor niets, want de muziek van La Sera is meer dan schatplichtig aan The Breeders. Andere namen die opduiken wanneer we naar Sees The Light luisteren: Juliana Hatfield, Magnapop, Lemonheads, Jesus & Mary Chain en al die jaren zestig girl groups die Phil Spector onder zijn hoede had. Katy Goodman’s band Vivian GIrls heeft nooit echt potten weten te breken aan deze kant van de Atlantische Oceaan (en ook in eigen land was het succes maar beperkt) . La Sera heeft meer potentie, want nu de zomer en het festivalseizoen aanbreekt, zou er weleens een mooie kans kunnen zijn voor fijne, vrolijke melodieën, gek genoeg vooral droevige teksten, gruizige gitaren en soms grimmige, maar vaker melancholische meisjesstemmen, allemaal verenigd in een bandje dat bij tijd en wijle bijzonder fijne liedjes weet te schrijven ("Break My Heart", "I’m Alone", "Please Be My Third Eye"). Album voor zwoele zomeravonden.
File Under: Summer’s here, kids
File Audio: [MySpace]
File Video: [Please Be My Third Eye]
Hooray For Earth / Plastic Operator
De Subjectivisten bedachten ooit - tot ergernis van degene die het stempeltje opgeplakt kregen - de troll-term 'vet geluid'. Voor het merkwaardige Hooray For Earth zou ik met een kleine aanpassing de definitie 'kolossaal geluid' willen introduceren. Dit New Yorkse project rond multi-instrumentalist Noel Heroux doet in beukende chillwave, als dat ten minste geen contradictio in terminis is. Men ramt op synthetische drums in progrock-opstelling en ook de synths loeien in your face, noem het orchestral manoeuvres by clear daylight. Tegelijkertijd zijn de hipper aanvoelende vocalen ijl en druggy; een interessant contrast. Toch houd ik gedurende de eerste helft van het album het gevoel dat de band een hart ontbeert, een middenrif(f) dat de uitersten in evenwicht houdt. Pas richting einde valt voor mij het kwartje. De truc blijkt één schaamteloos sentimenteel refrein. “Bring Us Closer Together” jankt zanger Geroux, en hij voegt het de daad bij het woord door de broertjes Gibb en ABBA in een moderne megamix bijeen te brengen. En dat in Eurovisie-stijl, inclusief een getransponeerde slotversnelling en meeklap-einde. Na zoveel emotie pinken we tot slot relatief rustig een traantje weg in “Black Trees”. 'Over and out, under an exit sign'.
Laten we het voor de verandering eens over de Belgen hebben. In de jaren '80 waren onze zuiderburen al de grondleggers van de duistere EBM-stroming, maar ook recentelijk zijn ze invloedrijk. Is het gechargeerd te stellen dat mensen als Styrofoam en The Go Find de schattige indietronica (electro + akoestische gitaren) in onze contreien naar een groter publiek hebben gebracht? Ik zag onlangs nog het uiterst charmante Paper Fox optreden en ook zij hebben die bijna J-pop-achtige 'awww'-factor. Natuurlijk, The Postal Service en The Notwist mag men niet vergeten, maar dan nog. Al deze voorbereidende bewegingen werden twee jaar terug ingekopt door Owl City, met diens megahit “Fireflies”. Het Belgisch-Canadese duo van Plastic Operator lijkt hetzelfde plan te hebben opgevat. Luister maar naar het intro van “Your Love Is Underrated”. Ook de rest van het album is nét even wat gladder en gelikter dan de eerdergenoemde godfathers. Een leuke toevoeging aan de mix zijn wat dansbaardere beats. Er klinken kickdrums met wat meer 'oomph', en Moroder-baslijntjes. De refreintjes blijven echter uiterst poppy, je zingt ze mee nog voor ze een eerste maal om zijn. Na meerdere luisterbeurten leidt dat tot wat voorspelbaarheid - net zoals de teksten echt nérgens over gaan - maar aan de andere kant klingelen de Lali Puna-synths zó hypermelodieus dat ik hier onmogelijk knorrig van kan worden. Misschien moeten deze Gendreau en Van Dessel maar eens een wat hippere Belgische songfestival-entry schrijven. Muziek voor indiemeisjes in witte kleedjes is dit ten slotte al.
File Under: Besloten feestje
File Audio: [Hooray For-Space]
File: Plastic Operator - Before The Day Is Outs
File Under: Piepschuim
File Audio: [Operator-Space]
Julian Sas - Bound To Roll
Zal ik er maar meteen een boude vergelijking uitgooien? Komt 'ie: Julian Sas is een beetje de Nederlandse Joe Bonamassa. Een harde werker die goud geld zou kunnen verdienen als sessiemuzikant, maar in plaats daarvan kiest voor de bluesrock. De échte bluesrock, wel te verstaan, geen gladde variant. Met als helden Jimi Hendrix, Stevie Ray Vaughan en Rory Gallagher moet dat ook wel goed komen, natuurlijk. Sas heeft bijna drie jaar gezwoegd op nieuwe nummers en het ene na het andere nummer weggegooid om opnieuw te beginnen en is op Bound To Roll op negen eigen nummers en drie covers uitgekomen. De covers zijn Rory Gallaghers "Shadow Play", Humble Pie's "30 Days In The Hole" en Dylans "Highway 61 Revisited". Hij hep wel lef, kun je dan zeggen. Jup, en hij slaagt. Misschien nog belangrijker: zijn eigen songs detoneren daarnaast niet. Het Michael Katonachtige titelnummer is bijvoorbeeld erg fraai. Sas is misschien niet de beste zanger, in de bluesrock draait het om andere zaken. Een ritmesectie bij een gitarist als Sas valt pas op als 'ie níet functioneert, maar bassist Tenny Tahamata en drummer Rob Heijne leggen een strakke basis voor Sas' zang en vooral diens lekker traditionele gitaarwerk. Is er dan niets op aan te merken? Jawel hoor, dat Hammondorgel had er van mij vaker bijgemogen. Bovendien grijpt Sas in zijn teksten wat vaak terug op versleten bluesclichés. In het Lynyrd Skynyrd-achtige "Ain't Backing Down" valt dat nog het meest op. Maar laat ik positief afsluiten: de Julian Sas Band heeft met Bound To Roll wel gewoon een heerlijke bluesrockplaat afgeleverd.
File Under: Onze eigen Joe Bonamassa
File Audio: [stream en twee gratis downloads op de site]
Epica - Requiem For The Indifferent
In strak tempo en op hoog niveau blijft Epica haar studioalbums uitbrengen. Negen jaar na het debuutalbum komt de band met haar vijfde studioalbum Requiem For The Indifferent. Een overduidelijk herkenbare plaat van Neerlans' vaandeldragers van de symfonische metal. De zang van mezzosopraan Simone, de stevige drums, de snelle metal riffs, de grunts van wederom beide heren Mark en Ariën, en ook het begeleidingskoor ontbreken als vertrouwde elementen niet. Op onder andere titeltrack "Requiem For The Indifferent" zijn de Oosterse invloeden uit het verleden weer goed terug te horen. Naast de stevige tracks staan er ook een paar rustigere nummers op de plaat. Het gevoelige, ingetogen, maar wel ruim zes minuten durende "Delerium" is er zo een. Aangename verrassing/uitschieter is "Avalanche". Met een mooie opbouw, goede spanning, en afwisseling en kracht in het nummer een van mijn favorieten. In eerste instantie miste ik nog die bepaalde spanning en verrassing in de tracks en het album als geheel. Maar bij herhaald luisteren groeit het album en worden de nummers steeds beter. Requiem For The Indifferent is een divers album geworden, en dat mag ook wel aangezien de plaat ruim een uur duurt. Je moet er alleen even voor gaan zitten en het album op je in laten werken.
File Under: Vaandeldragers van de Nederlandse metal
File Video: [Storm The Sorrow]
Anna Ternheim & Dave Ferguson
Storm Corrosion - Storm Corrosion
Geen dikke gitaarriffs. Geen deathmetal. Geen metal. Geen stevige rock. Geen grunts. Geen opzwepend tempo. Geen stuwende beats en überhaupt weinig drums. Geen bombast of snelle wisselingen. Eigenlijk is er helemaal geen storm. Je kunt het maar alvast weten, want fans van Opeth en Porcupine Tree zouden het misschien wel kunnen verwachten in de samenwerking van de twee bevriende frontmannen in Storm Corrosion. Niks daarvan dus. Mikael Åkerfeldt maakte vorig jaar met Opeth al een gedurfde koerswijziging door op Heritage de metal opzichtig in te ruilen voor jaren zeventig progrock, iets waar Steven Wilson ook al zo'n gepassioneerd liefhebber van is. Met dit project gaan de twee heren nog een stapje verder. Storm Corrosion is een obscuur kunstwerkje waarin je langzaam heen en weer wordt gewiegd tussen duistere, donkere, onheilspellende klanken en opluchting, ontroering, troost en verlangen. Die tegenstelling herken ik vooral van het werk van Wilson maar op deze plaat is het nog opvallender, waarbij vooral het herkenbare folky gitaarspel van Åkerfeldt tegenwicht biedt aan het soms vervreemdende toetsenwerk van Wilson. Tergend langzaam schrijdt dit album voort, terwijl de muziek subtiel onder je huid kruipt. Dat vereist de juiste aandacht, anders laat het zich moeilijk vatten. De prachtige video bij "Drag Ropes" bewijst hoe sterk beeld en geluid elkaar kunnen versterken en geeft mij ook meer inzicht in de bedoeling van het album. Aantrekken en afstoten. Liefde en eenzaamheid. Leven en dood. Het is als een modern schilderij waarbij de muziek als spaarzame verfstreken op het doek is geschilderd. De kunst van het weglaten en tot de essentie komen. Dat is mooi en intrigerend, maar het knaagt ook ergens aan me dat ik niet omvergeblazen word en het vooral een stilte voor de storm blijft. Echter, genieën kun je nu eenmaal niet helemaal begrijpen.
File Under: Moderne kunst
File Video: [Drag Ropes]
File Facebook: [Facebook]
Quakers & Mormons - Evolvotron
De muziek die stiekem het leukst is om te bespreken, zijn de mindfucks. Verreweg de coolste cd die ik deze maand kreeg, is opgenomen in het Italiaanse Pontecurone en bevat verstaanbare rap over oude trompetsamples en compleet verscratchte doedelzakken. Voeg er nog wat broken beat en piano aan toe, en ik kreeg er een The Avalanches-achtig gevoel bij. Een hoog 'what the fuck?'-gevoel, en toch diepe bewondering. Als ik niet wist wat het was had ik gedacht dat het Kyteman was, want Evolvotron voldoet bij uitstek aan de experimentele omschrijvingen en loftuitingen die hem ten deel zijn gevallen. Alleen is dit eh... wél goed. Saxofoons, trompetten, doedelzakken, Balkan- en Anticon/Clouddead-invloeden, hiphop, hele harmonieorkesten, de hele rataplan zit erin - alleen vind ik dit dan veel beter dan zo'n Kyteman. Quakers & Mormons schijnt een doorstart te zijn van het Italiaanse electropopduo My Awesome Mixtape, maar zo ja, dan hoor je dat er niet aan. Over de makers staat zelfs alleen in de biografie enkel dat ze zich in pijen hullen en hun gezichten verbergen. Onzin, want dat doen ze op YouTube ook niet. De zwartzilveren hoes ziet er nogal morbide uit, net als het kale boekje vol nihilistische teksten, skeletten en middeleeuwse sierletters. Toch heeft het met "Speechless Sentence" en "Background, Foreground" een paar potentiële zondagochtendklassiekers in petto waar DJ Shadow een moord voor zou doen. Als deze talenten nu nog de rust opbrengen om niet overal overheen te rappen, hebben we binnenkort een nieuwe "Sorry" in huis...
File Under: Vergeet Kyteman. Dit is de ultiemst lekker lugubere balkanhiphop.
File Audio: [New York Town]
File Video: [Expire]
File Facebook: [hiero]
Tom Egbers - Rory Storm. Hoe de koning van Liverpool werd onttroond door The Beatles (boek)
Er is vrijwel geen detail onbeschreven als het gaat om de geschiedenis van The Beatles. Toch wilde Tom Egbers nog iets te weten zien te komen: waren Lennon en McCartney fans van Liverpool FC of van het eveneens Liverpoolse Everton? Tijdens die zoektocht kwam hij op het spoor van ene Alan Caldwell, betere bekend onder zijn artiestennaam Rory Storm. Hij eindigde zijn leven samen met zijn moeder in wat een dubbele zelfmoord lijkt te zijn geweest. Maar ooit maakte hij furore in Liverpool, met zijn begeleidingsband The Hurricanes. Ze waren groter dan The Beatles, speelden eveneens in Hamburg, zorgden dat The Cavern van een suffe jazz- en skiffleclub tot een rock ‘n’ roll-kelder werd en waren het opstapje voor Ringo Starr (sterker, ze gaven Richard Starkey zijn artiestennaam) om wereldfaam te verwerven. Alleen hadden John Lennon (Liverpool-supporter) en Paul McCartney (Everton) iets wat de stotterende atleet (hij was een bijzonder verdienstelijk middenafstandsloper) en fanatieke Liverpool-supporter Rory Storm niet had: het talent om zelf songs te schrijven. De verbindende factor in het boek en belangrijkste bron voor Tom Egbers was Iris, de zus van Rory Storm. Om het boek levendigheid mee te geven, heeft Egbers veel - uiteraard verzonnen - dialogen toegevoegd. Voor historici een doodzonde, maar het zorgt er wel voor dat het tragische leven van Rory Storm een van de spannendste voetnoten uit de geschiedenis van The Beatles wordt.
File Under: Get back
File Video: [mini-documentaire]
It Bites - Map Of The Past
De hoes toont een oude foto van een militair en opener "Man In The Photograph" begin met prachtig sfeervolle geluidsfragmenten van weleer. Voor het eerst in zijn bestaan heeft It Bites zich gewaagd aan een conceptalbum. Wel een lekker los concept, waarbij verhalen uit het verleden worden verteld. De eerste keer met de volledige band in de studio, want bij voorganger Tall Ships was bassist Lee Pomeroy ten tijde van de studio-opnamen nog niet tot de band toegetreden. Het eerste album met John Mitchell, Tall Ships, raakte me niet echt. Een aangename plaat, maar daar blijft het dan ook bij. Map Of The Past is wat dat betreft een flinke stap vooruit. De heren zijn inmiddels aan elkaar gewend, en dat hoor je. Dat levert een album lang spannende muziek op het randje van prog en pop, al is het allemaal wel wat opgeschoven richting prog. Dat geeft overigens niets, want het levert prachtige momenten op als de heerlijk springerig op elkaar reagerende bas en gitaar in het titelnummer. Wat It Bites onderscheidt van veel andere progbands is dat je de songs zou kunnen ontdoen van solo's en nog steeds een dijk van een song zou overhouden. "Clocks" heeft bijvoorbeeld niets noemenswaardigs qua solo, maar is een bombastische ballad die er mag zijn. Een andere opvallende tracks is "Send No Flowers", waarbij in het intro de bombastknop vol wordt opengedraaid om te vervolgen als een Gabrielesque song met vocale harmoniën. Op andere momenten klinkt het als (een geïnspireerde versie van) Asia. De stem van John Mitchell is daarbij herkenbaar genoeg om het een eigen gezicht te laten houden. Prog, pop en bombast is een gevaarlijke combinatie, maar It Bites laat met Map Of The Past zien die drie smaakvol te kunnen samenbrengen. Het album is ook verkrijgbaar als special edition met vijf livetracks.
File Under: Uitgebalanceerde duik in het verleden
File Video: [Map Of The Past EPK part 1] [part 2] [part 3]
DZ Deathrays - Bloodstreams
Het lijkt wel alsof ik alleen maar platen met schedelhoezen bespreek de afgelopen tijd, maar ook dit is er een die ik met veel plezier kan aanraden. In interviews geeft het Australische duo DZ Deathrays (goeie bandnaam!) onmiddellijk toe dat ze net zo'n ultieme festivalgaragerockplaat wilden maken als Death From Above 1979. Dat is gelukt. De gitaarsound is Justice-achtig moordend, de zang en screams overtuigen en liedjes als "Dinomight" zijn rifftechnisch bijna een kopie van DFA1979. Live nemen Shane Parsons en Simon Ridley een flink geluidsniveau mee, waardoor het lafste hipsterpubliek op London Calling de grote zaal ontvluchtte. Gemiste kans hoor, want Vice-achtiger kom je een band toch niet gauw tegen. Zelden was 'thrash pop' (dixit de band) zo dansbaar en sympathiek. Hoewel je sommige nummers prima kunt remixen, net zoals DFA1979 zelf graag deed, heeft dit debuut Bloodstreams met pop weinig te maken. Er zitten prettig geflipte stukken in, maar Death From Above had acht jaar geleden wel sterkere songs. Ik moet denken aan een Nederlands duo dat vorig jaar nog écht innoveerde met emo-invloeden, The Death Letters (hoor maar); die zijn eigenlijk beter dan dit, maar hen ontbrak het aan een goeie meebrulbare single. DZ Deathrays gaat waarschijnlijk evenmin The White Stripes achterna, maar een hele leuke en goeie band is het wél. Binnenkort vast opnieuw te zien op veel festivals.
File Under: Garagerock to the max
File Audio: [Bandcamp]
File Plaatjes: [Tumblr]
File Video: [Maskers in Dollar Chills][Roze kamer in No Sleep][Onofficiële clip vol bekende acteurs bij Gebbie Street][Niet op het album: Jägermeisterkots in de clip uit 2008 bij The Mess Up]
Paradise Lost - Tragic Idol
Ik heb even gedacht om deze recensie heel kort te maken. Komt-ie: "Tragic Idol, de nieuwe Paradise Lost plaat, klinkt als een heel fijne mengeling van Icon en Draconian Times. Maar verwacht niets nieuws." Dat zou hem zijn geweest. Met dan wellicht nog zinnetjes erbij als "de kenners weten nu genoeg" of "als je van progressie houdt kun je beter verder zoeken". Maar eigenlijk is het allemaal irrelevant. Paradise Lost heeft nog nooit een slechte plaat gemaakt - en dit is nummer 13 sinds 1990, ik geef het u te doen in het huidige muziekklimaat van hoogstens één album per drie jaar - en ook Tragic Idol is gewoon heel erg goed. Geen nieuwe dingen, geen progressie; wie had gehoopt op invloeden van of inspiratie door Vallenfyre, de andere band van PL-baas Greg Mackintosh kan alleen maar verder hopen. Maar wel weer een album vol memorabele momenten: die ijle synthnoten in opener 'Solitary One'; de dodelijke vertraging met daarna die sublieme terugkeer naar het oorspronkelijke ritme in 'To the Darkness'; die heerlijk rollende bassdrums in 'Theories from Another World'; die duidelijke Iron Maiden referenties in 'In This We Dwell' (twinsolo's en hop-hop-paardje-in-galop ritme); en die heerlijk vervreemdend percussieve drumpartij in 'Worth Fighting For', wellicht het enige moment dat de band iets anders dan anders probeert. En hoewel het titelnummer het enige liedje is dat wat achterblijft bij de rest, kan alleen maar geconcludeerd worden dat Tragic idol gewoon heel goed is. Ook dat is eigenlijk voorspelbaar bij Paradise Lost.
File Under: Voorspelbaar. Goed. Voorspelbaar goed.
Django Django - Django Django
Op het moment dat er een enthousiast stukje uit mijn pen (of eigenlijk toetsenbord) moest vloeien, sloeg het baalmoment toe. Ik hoopte Django Django komende zomer ergens op een festival te zien. Ze stonden geboekt op Lowlands en Into The Great Wide Open, maar hier had ik (gewild c.q. ongewild) geen kaartjes voor. Maar de vrolijke muts kan weer op, want ze komen op het Berlin Festival waar ik dus wel een kaartje voor heb. Op elk festival waar dit Edinburghse kwartet geboekt wordt, moet volgens mij de zon spontaan gaan schijnen. Wat een vrolijkheid straalt hier vanaf, en het zit muzikaal nog goed in elkaar ook. De huidige single "Default" is kenmerkend voor de rest van het album. De creatieve wijze waarop de elektronica ingezet wordt, de ritmesectie die de nummers op veelal dansbare wijze draagt en de zanglijnen (solo of samen) die hun eigen weg kiezen. Django Django is zeg het maar de Franz Ferdinand van 2012: fris, catchy en Schots. Hun debuutplaat duurt bijna vijftig minuten, maar ik ga hier niets lelijks over zeggen. Integendeel, hulde, want de dertien liedjes vervelen geen moment. Django Django´s debuutplaat is voorlopig mijn favoriete album van dit jaar en daar gaat deze zomer - weer of geen weer - écht geen roet in het muzikale eten gooien.
File Under: De frisse aardbeien op de marktkraam
File Audio: [MySpace] [Soundcloud][Grooveshark]
File Video: [Hun Videokanaal]
File Social: [Twitter][Facebook]
Girlyman - Supernova
Het is niet moeilijk om te horen waardoor de twee vrouwen en een man van folkrocktrio Girlyman uit Atlanta geïnspireerd zijn. Hun debuutcd Remember Who I Am brachten ze in 2003 in eigen beheer uit. Indigo Girl Amy Ray bracht het album een jaar later opnieuw uit op haar eigen label Daemon Records. Girlyman is hoorbaar beïnvloed door The Indigo Girls. Een kopie zijn ze echter allerminst. Kenmerkend zijn de prachtige, driestemmige vocalen van Doris, Ty en Nate en de goed gearrangeerde songs. Supernova is de vijfde cd van Girlyman en het trio is inmiddels een kwartet geworden door de toevoeging van drumster JJ Jones. De cd was er bijna niet geweest. Aan het eind van 2010 werd leukemie gediagnosticeerd bij zangeres Doris Muramatsu. Een periode van chemotherapie en behandelingen volgde en deze wierp vruchten af want na negen maanden werd ze genezen verklaard. Supernova gaat over deze moeilijke en onzekere periode. Desondanks is het geen somber album geworden, de songs gaan vooral over hoop. Hoogtepunten zijn het krachtige "Nothing Left", het rootsy "See To See" en het emotionele "Long Time Gone". Maar eigenlijk is Supernova in zijn geheel een prachtig document geworden over de ziekte en genezing van Doris. Heel klein puntje van kritiek is dat de nummers allemaal keurig binnen de lijntjes zijn. Het album was nóg mooier geweest als Girlyman iets meer een vent was geweest.
File Under:Persoonlijk document over leven en dood
File Audio: [Myspace]
File Video: [Nothing Left]
File Twitter: [Tweets van Girlyman]
Week 21, 2012
Prikkie
Morse Portnoy George - Cover 2 Cover
Janineka
Girlyman - Supernova
Storm
Smashing pumpkins - Siamese Dream ( remastered )
Ludo
De La Soul's Plug 1 & Plug 2 - First Serve
DubbelMono
La Sera - See the Light
Ewie
Spinvis @ Luxor Live!
tBeest
Greg Haines & Nils Frahm @ LUX
André
Madam - Gone Before Morning
Ramon
Alt-J - An Awesome Wave
Jasper
Simone White - Silver Silver
Sarah Jaffe - The Body Wins
'Whatever you put out / I'm gonna buy it / So what's your latest / I wanna try it', zingt de uit Denton, Texas afkomstige Sarah Jaffe in "Sucker For Your Marketing". En die Sucker ben ik. Zeker na het horen van haar debuut Surburban Nature en het smakelijke tussendoortje The Way Sound Leaves A Room. Dus bestelde ik blindelings The Body Wins. Poeh, dat was even schrikken bij de eerste luisterbeurt. Sarah heeft zich met de hulp van producer John Congleton (o.a. St.Vincent, The Walkmen) namelijk een nieuwe muzikale jas aangemeten. Waar ze op Suburban Nature voornamelijk het meisje met het gebroken hart en een akoestische gitaar was, is ze nu een zelfverzekerde singersong-dame met een volle bak aan instrumentarium: violen, blazers, synths en drumsamples. De schrik bleek al snel koudwatervrees. De nieuwe, modernere jas is niets minder dan een gedurfde stap voorwaarts. Het gebroken hart is gebleven, maar in plaats van zwelgen in ludduvuddu ontleedt ze het met chirurgische precisie. 'The body always wins', concludeert ze alvast in het titelnummer. Vluchtgedrag komt aan bod in de fijne, stuiterende single "Glorified High" ('Partly for the hell of it / Solely out of boredom'), het Fleetwood Mac-achtige "Mannequin Woman" omschrijft de verlammende onzekerheid en het langzaam opbouwende "Hooray for Love" mondt uit in heerlijk bombastisch theatraal uithuilen. Dat laatste is ook te danken aan de vioolarrangementen van Fiona Brice (o.a. Placebo, Kanye West), die hier menig song van wat extra glans voorziet. Zoals in het instrumentale "Limerence" wat niet zou misstaan op een album van neoklassiekers als O'Halloran en Jóhannsson. Dit alles maakt The Body Wins tot een veelzijdig en verslavend album. Nee, die volgende Sarah Jaffe wordt weer gewoon blindelings besteld!
File Under: Glorieuze overwinning
File Video: [Glorified High][Sucker For Your Marketing (live)]
Crazy Lixx - Riot Avenue / Player - Addiction EP
Twee jaar geleden besprak ik het vorige album van de Zweden van Crazy Lixx, New Religion. Schaamteloos kopiëren van (vooral) Def Leppard, Mötley Crüe en Aerosmith, was toen mijn oordeel en daar is niets aan veranderd. Net als de vorige keer is de uitvoering prima en zijn de songs in hun genre heel behoorlijk. En eigenlijk ben ik daarmee al volledig uitgepraat over deze cd. Vermakelijk, maar volledige creatieve stilstand. Meer valt er niet over te zeggen.
Player is de band van onder andere... houd u vast... Ronn Moss, acteur - soort van - in de soap The Bold And The Beautiful. Player had in 1978, voorafgaand aan Moss' acteercarrière een Amerikaanse hit met "Baby Come Back". In 1995 kwamen bassist Moss en zanger/gitarist Peter Beckett weer bij elkaar voor een nieuw album. Deze digital-only Addiction EP is de opmaat voor een nieuw album dat na de zomer zal verschijnen. Hoewel de andere carrière van Moss in Europa meer last dan voordeel zal bezorgen, kun je concluderen dat de heren in alledrie de songs prima zomerse rock met fraaie harmonieën ten gehore brengen. Het loopt wel nogal wat uiteen: "My Addiction" is een song die ondanks de West Coast-uitvoering Beatlesque invloeden verraadt, "Too Many Reasons" is een wat voorspelbare op-en-top-Amerikaanse ballad en de nieuwe versie van "Baby Come Back" - die hit van destijds, weet u nog? - doet in deze versie wel heel sterk aan Hall & Oates denken. Ik hoop dat de lijn van "My Addiction" wordt doorgetrokken, want dat is veruit de beste track van het setje.
File Under: Niets nieuws onder de vermakelijke zon
File Video: [LixxTube]
File Spotify: [Riot Avenue]
File: Player - Addiction EP
File Under: Wisselvallig opwarmertje
File Spotify: [Addiction EP]
John Jacob Niles - The Boone-Tolliver Recordings
Een door merg en been gaande falsetto bezat John Jacob Niles. En een aantal instrumenten die je nauwelijks nog hoort. Op de foto van het fraai vormgegeven pakketje dat The Boone-Tolliver Recordings bevat, staat hij luidkeels zingend met een dulcimer in zijn handen. Het is de jaren vijftig. Jong Amerika is in de ban van de rock ‘n’ roll, hun ouders zijn in de ban van de Koreaanse oorlog en de strijd tegen de communisten. De in die eeuw daarvoor - die van de Amerikaanse burgeroorlog - geboren geluidsarchivaris en liedjesschrijver John Jacob Niles houdt zich niet bezig met die grote boze buitenwereld, noch met Elvis en andere gekuifde rebellen. Hij verzamelt oeroude liederen, oorspronkelijk afkomstig uit het oude Europa, sindsdien geworteld in de Appalachen. En dat niet alleen, hij schrijft ze ook zelf en neemt ze op. In beginsel in zijn eigen woonkamer, om ze uit te brengen op zijn eigen label, Boone-Tolliver. Later zal John Jacob Miles bij RCA tekenen en optreden in grote zalen als Carnegie Hall, maar ook de oversteek naar Europa maken. Voor Boone-Tolliver nam hij twee EP’s op, die hier verzameld zijn. Hoogtepunten zijn de traditional "The Lass From The Low country (Oh Sorrow)" en een zelfgeschreven nummer: "Go ‘way from My Window". De bron waaruit niet alleen Bob Dylan, maar ook veel hedendaagse (freak-)folkies putten.
File Under: Oervader
File Video: [Go ‘way From My Window]
Live Footage / Standard Fare
Er stond weliswaar een pan zelfgesneden wokgroenten te sissen, maar ik schaamde me toch. Pas toen het nauwelijks versleutelde "So Far To Go" richting keuken schalde merkte ik dat Live Footage geen eigen werk uitvoerde. Tot dat moment leek het duo aan wat stemmige triphop-instrumentals bezig, enigszins verwant aan The Mix-Up, het zwarte schaap uit het oeuvre van de Beastie Boys. Met een bandversie van hiphop zit je inderdaad in de buurt, want Live Footage covert hier acht songs van Jay Dee. De jonggestorven beatproducer werkte onder andere met The Pharcyde, en raakte bij het grote(re) indiepubliek (waaronder ondergetekende) bekend met Donuts, dat tragisch genoeg een paar dagen na zijn dood uitkwam. Jay Dee was een jongen met zwartgouden handjes, zijn beats zijn virtuoze mash-ups van oude soul-lp's en ander obcuur vinyl, vaak kraakt het harder dan kroepoek. Als je die mechanisch geloopte kruimels vervangt door cello, 'echte' drums en toetsen gaat er toch wat van de magie verloren. Live Footage had wel wat vaker uit de slof mogen schieten. Jazzy solo's! Noise! Nu blijven de prima weghappende liedjes voer voor de hippe urban catwalk. En dat treft, want deze eigen beheer-release werd medegefinancieerd door een kledingmerk.
Hoewel Laura Veirs nog niet zo lang geleden moeder werd spat de seks er op haar albums niet bepaald vanaf. Niet dat dat móet... Maar de zangeres (en bassiste!) van Standard Fare kan zodoende wel een gat in de markt vullen. In Emma Coopers tragikomische, soms zelfs wat studentikoze teksten (eentje heet “Darth Vader”!) komen zinsnedes langs als 'I don't know what we're doing, but it feels good, oh yeah', en 'I hear you're into older women, do you like what they are doing?'. Dat alles ongecompliceerd fris gezongen (u mag ook aan de huppelende pop van Thao denken), met af en toe een Asobi Seksu-versnelling in het gitaarwerk. “Suitcase” is zonder twijfel het muzikaal vrolijkste liedje over de jodenvervolging aller tijden. Het merendeel van de zonnestraaltjes klinkt wel érg vertrouwd, wat het enige minpuntje is wat ik hier kan verzinnen. Een wonder dat dit geen Zweden zijn. Out Of Sight, Out Of Town is in al zijn aanstekelijke eenvoud een bijzonder geslaagd Brits indiepop-plaatje, waarop, moeten we een beetje verliefd bekennen, zelfs Danny How, het (muzikale) vriendje van Cooper, voor quirky duet-momenten zorgt. In “Dead Future” meldt hij begrijpelijk 'I can only fight this for so long'.
File Under: De donuts worden live voor u gebakken
File Audio: [Footage-Cloud]
File: Standard Fare - Out Of Sight, Out Of Town
File Under: Bitterzoet snoepje van de maand
File Audio: [Fare-Cloud]
Hummingville - With An Elephant In A Room
Niet gehinderd door enige voorkennis over Hummingville liet ik de klanken van With An Elephant In The Room door de woonkamer schallen. Mijn angstig vermoeden van poppy jazzgepiel verdween snel toen ik de stem van de zangeres hoorde. Het zou toch niet dat ik Fay Lovsky hoor? Nee, dus. Het bleek te gaan om Mink Quispel, die mij probeerde in te pakken. Ik was eigenlijk niet van plan mij gewonnen te geven. Mijn gedachte was dat dit vast en zeker na een paar nummers een herhaling van zetten zou worden en daarmee bloedeloos saai. En weer zat ik er naast. Hummingville, bestaande uit vijf leden, weet wat ze doet. Eigenlijk had ik het kunnen weten, want als er een olifant in de kamer zit, dan moet er wel wat gebeuren. Dit kan komen doordat het nummer deskundig opgebouwd wordt en met een geweldige Kate Bushachtige-bombast explodeert ("Friendly Giant"), het soms aan andere liedjes doet denken zonder deze overigens te kopiëren (het beatlesque "Big Blue"), het af en toe zo lief klinkt (lang leve de toetsen op "Emily"), opzwepend is (in het aanvankelijk Talking Headsachtige "A Gentleman´s Tale"), maar veel vaker zijn het de prachtige details ("One Take Wonder") die de nummers ongemerkt inkleuren. En dan is er dus nog die stem van Quispel. Ik ben om. Hummingville is een nieuwe Nederlandse band aan het popfront, waar we waarschijnlijk nog veel van gaan horen. Optredens zijn er pas vanaf de release op 11 mei op bescheiden schaal, maar met een album als With An Elephant In A Room heeft het volgens mij goud in handen.
File Under: Niets logs aan
File Audio: [Bandcamp]
File Video: [Hun Eigen Videokanaal]
File Social: [Twitter][Facebook]
Nadie Reyhani - Soon / Reincarnatus - New Life
Nadie, met een song "Windforce 11"? Dat was toch Nadieh, met een h? Klopt. Nadieh heette eigenlijk Karin Meis, koos als artiestennaam de naam van haar dochter en plakte daar een h achteraan. Deze Nadie Reyhani is die dochter. Gaat ze net zo'n sensatie worden als haar moeder destijds? Ik vrees dat dat meer dan ooit afhangt van malloten als Giel Beelen en muziekonvriendelijke formats als De Wereld Draait Door. Met de kwaliteit is in elk geval niets mis. Het is lieflijke damespop uit de categorie Suzanne Vega. Geen zuchtmeisje, gewoon goed opgebouwde popmuziek waarbij de melodieën een aangenaam bedje zijn voor de heldere stem van Nadieh Reyhani, zoals in "Soon The Night". In opener "Lover's Song" is de zang nog iets te gekunsteld naar mijn smaak, maar meestal is de zang van de goede, verhalende soort, maar tegelijkertijd met veel zelfvertrouwen gezongen. Er is wel een valkuil: het zijn namelijk allemáál lief-gitaargetokkel-en-pianogepingel-liedjes. Ik merk dat ik het na vier, vijf songs als muzikaal behang begin te ervaren. Da's jammer, want het is met zorg gemaakt zonder in hitjesjacht te vervallen. Een paar iets meer up-tempo songs zou de balans op dit verder fraaie album goed doen.
Reincarnatus is niet één vrouw, maar een gezelschap van maar liefst zeven vrouwen. Ook zij maken popmuziek, maar wel van een heel andere soort dan Reyhani. Popmuziek met Ierse invloeden, barstend van jolijt en catchy als de neten. Ze maken gebruik van traditionele instrumenten als de draailier, de vedel en de schalmei. Maar gek genoeg had ik bij Reincarnatus juist iets méér authenticiteit willen horen. Luister maar eens naar opener "Festival Day". Dat is godbetere het Status Quo meets Riverdance! Nee, niet alles wat er achteraan komt is een en al effectbejag zoals "Festival Day", "All That You Are" is bijvoorbeeld een ingetogen ballad, "Left Outside Alone" is heel aardig, maar het blijft te vaak licht en luchtig. Tot op het irritante af, eerlijk gezegd. Ja, Reincarnatus kan vast een heel fijn feestje bouwen op het podium, maar het heeft wel bar weinig soortelijk gewicht. In het refrein van "The Moment We Met" zie je bij wijze van spreken BZN's Jan Keizer heen en weer zwaaien en dat heb ik bij meer songs. En dat heeft toch echt heel weinig met File Under te maken...
File Under: Lieflijke damespop
File Video: {"Sudden Flashback"]
File Spotify: [Soon]
File: Reincarnatus - New Life
File Under: Visioenen van Jan Keizer
File Video: [ReincarnatusTube]
File Spotify: [New Life]
Quantic & Alice Russell with the Combo Bárbaro - Look Around the Corner
Cali, Colombia. Een plek die vooral associaties oproept met drugskartels, maar ook een plek van waaruit de Engelse producer/muzikant Will ‘Quantic’ Holland opereert. Hij maakte er met hulp van een keur van latin-muzikanten en de Britse soulzangeres Alice Russell een prachtig zomers album. Look Around the Corner biedt een geslaagde combinatie van dromerige seventies-soul en charmante (en vaak instrumentale) latin. De vergelijking tussen de grootste hit van Rotary Connection, Les Fleur, en de titeltrack van dit album zijn al vaker, en terecht gemaakt. Hippie-soul. Su Suzy is een even swingend als hartverscheurend verhaal over huiselijk geweld. Una Tarde en Mariquita is een heerlijke soundtrack voor een namiddagcocktail. Hoogtepunt wat mij betreft is I’ll Keep My Light In My Window, een uitgesponnen cover van een oud Motown-nummer (onder meer gezongen door Marvin Gaye en The Temptations), met een heerlijke pianosolo. Een plaat als een opkikker, waar je niet je neus, maar je heupen en knieën door worden geprikkeld.
File Under: En het werd zomer
Tu Fawning
Tu Fawning uit Portland bestaat uit vier muzikanten die hedendaagse folk combineren met stuwende tribalpercussie, samples uit lo-fi opnamen en onheilspellende melodieën. Singer-songwriter Corrina Repp (vernoemd naar Bob Dylans 'Corrina, Corrina') en alleskunner Joe Haege (multi-instrumentalist in Menomena, 31Knots) waren de sleutelfiguren achter de eerste LP Hearts On Hold. Bij het tweede album A Monument hebben Liza Rietz (viool, toetsen, vormgever) en Toussaint Perrault (percussie, samples) een evenredige inbreng gekregen. In tegenstelling tot Hearts On Hold houden de songwriting en het experiment elkaar beter in balans, waardoor de spanning continu fluctueert. Een compacter geluid is het resultaat: alsof je een Beach House-plaat onderdompelt in een donkere, galmende lo-fi productie á la Swans of The Birthday Party en vervolgens 40 bpm opschroeft. Grillig, spannend en bohémiens, dit Tu Fawning. Voor File Under dus zeker de moeite waard om een kop koffie mee te drinken.
Lees verder..Sonic Avenues - Television Youth
Zo'n vrolijke poppunkplaat als dat van Sonic Avenues met Television Youth kom je niet vaak tegen. Ik hoor het liever op deze manier dan van de soms wat protserige bands als Sum 41, All Time Low en Blink-182, die vooral de 'kijk mij eens stoer zijn'-variant spelen, maar net zo ver verwijderd zijn van het originele gedachtegoed van punk als deze vrolijke jongens. Sonic Avenues uit het Canadese Montreal speelt het met een Engelse bravoure en een dikke saus van garagebands uit de jaren zestig. Puntig, scherp, springerig en aanstekelijk. Daarnaast is de zang aangenaam gruizig opgenomen en zetten de koortjes je vanzelf aan tot het vrolijk meeblèren van 'la la laaaaa' (als je de tekst niet kent dan). Dat neemt niet weg dat de teksten wel weer heel erg eenvoudig zijn ('I can't sleep tonight' en dat 10x herhalen bijvoorbeeld) en dat de nummers op het album meestal hetzelfde tempo hebben en dezelfde akkoorden bevatten (toch al een probleem met dit genre vind ik), waardoor er behoorlijk wat variatie mist. Maar goed, dat compenseer je dus door je nummers en het album kort te houden. Television Youth is dus wel goed voor je humeur, maar de houdbaarheid van dit soort 'feel-good'-muziek is beperkt tot een kwartier tot een half uur, want veel langer zal me dit live toch niet kunnen boeien vermoed ik. Of zoals een cabaretier ooit eens zei: 'Iets is alleen maar leuk, omdat het een keer ophoudt. Want als het alsmaar doorgaat, is het op een gegeven moment niet meer leuk'.
File Under: Korte vrolijke energy boost
File Audio: [MySpace]
File Twitter: [Twitter]
File Facebook: [Facebook]
The Last Internationale - Choose Your Killer
Pittig ding, die Delila Paz. Dat is het eerste wat bij me opkomt als ik Choose Your Killer van het New Yorkse The Last Internationale aan het draaien ben. Schuldig zijn stukjes tekst als ´your drugs, my veins´ en ´the I´m a lesbian, and still a whore´. Onstuimig gaat ze tekeer. Muzikaal is het vooral de gitaar van Edgey die mij doet denken aan The Kills, de band waar je bijna niet omheen kan. Hij tekende trouwens ook voor de eigen liedjes van het duo (in de studio uitgegroeid tot een kwartet en op het podium een trio) waar Paz nog een minimaal bijdrage mocht leveren. Al levert ze wel een heel aparte bijdrage in het afsluitende "Hoka He!" met Tiokaism Ghosthorse. Toch geloof ik Paz als ze de teksten van Edgey zingt en dat lijkt me de bedoeling. Haar stem doet aan Alison VV Mosshart van - daar zijn we weer - The Kills denken, maar ook Patti Smith wil ik hier eren. The Last Internationale levert met Choose Your Killer haar tweede album af, garagerock met een bluesy ondertoon. Gecoverd worden twee nummers van Elmore James ("It Hurts Me Too" en " Dust My Broom") en de traditional "House of the Rising Sun", waar ze deze klassieker aanpast naar het gezichtspunt van de vrouw. Pittig ding, noemde ik haar al, misschien is het opstandige gespeeld, maar ik ben om. Vette plaat die garagerock laat horen zoals ik die graag hoor. Komende zomer komen ze naar Europa. Nederland zag ik er nog niet tussen staan, maar nog wel veel gaten in het schema. Festivalprogrammeurs let u op!
File Under: Oppassen geblazen
File Audio: [MySpace] [Soundcloud][Bandcamp]
File Video: [Crawling Queen Shake][Fuzzy Little Creatures][The Liberty And The Pursuit Of Indian Blood]
File Social: [Twitter][Facebook]
Johnny Dowd - No Regrets
Johnny Dowd heeft iets in te halen. Gedebuteerd rond zijn vijftigste met het briljante Wrong Side of Memphis, is hij nu, op een leeftijd waarop we hier onze AOW kunnen ontvangen, aan zijn twaalfde of dertiende plaat toe (afhankelijk van welke releases je meetelt zou je er ook zestien of zeventien kunnen tellen). En omdat 65 jaar ook voor Dowd blijkbaar een bijzondere leeftijd is, kijkt hij op No Regrets terug op de liefdes in zijn leven. Zonder spijt, inderdaad. De dames, vijftien in totaal, verdeeld over dertien songs, kende hij in levende lijve, als liefdespartners, van een afstandje of zelfs van het tv-scherm. Opener "Betty" is een monoloog, een telefoongesprek waar we alleen de stem van Johnny Dowd horen die een highschool-liefje belt. Hij wil zijn leren jas terug, vijftig jaar na dato. In zijn teksten is Dowd dus niet veranderd. Volgens de bio was het de afwezigheid van vaste drummer Brian Wilson die Johnny Dowd ertoe dwong om oude ritmeboxen en drumcomputers te gebruiken, maar ook als hij dat uit experimenteerzucht deed, hoeft hij zich er niet voor te schamen. Zo nu en dan klinkt het inderdaad als onhandig geknoei, maar even zo vaak zorgt het voor hetzelfde inventieve geluid waartoe zijn beperkte zang- en gitaartechniek hem dwingt.
File Under: Verhoging van de pensioenleeftijd
File Video: [Betty]
Best Coast - The Only Place
Best Coast weet het wel te timen. Het weer was een ondoenlijke pestbende, en bij de eerste waterige zonnestraaltjes galmde "The Only Place", de titeltrack, ineens door de huiskamer. 'This is the only place' zingt ze, en op slag verlang je naar Californië, de staat die doordreunt in alles wat Best Coast maakt. Misleidend, want Bethany Cosentino en Bobb Bruno zijn enorm bevooroordeeld en presenteren een soort Instagram-versie van Californië. Waarvoor mijn innige dank. Het lijkt erop dat alles in het leven een stuk makkelijker te relativeren valt als je in Californië woont. Zoiets van: ‘Ja, supervervelend dat ‘ie me gedumpt heeft, maar ik schrijf er gewoon een mooi liedje over en ga daarna weer lekker naar ‘t strand...’ Die levensvreugde werkt aanstekelijk. En zo kun je The Only Place moeiteloos projecteren op je eigen situatie. Je zeurt op Nederland, maar wil er ook niet zomaar weg. Best Coast maakt je glas voller, zonniger en vrolijker. Debuutalbum Crazy For You ruiste en kraakte, was nog een stuk spontaner, kinderlijk enthousiast en aandoenlijk oprecht, qua geluid dus. The Only Place is een stuk netter geproduceerd (zoals ook de zang van Bethany Cosentino stukken zuiverder is), en klinkt dus meer als een luisteralbum, waar je al tijdens "Crazy For You" in teenslippers richting strand, zand en zeewind wilde om daar dan in zo’n zitzak mojito’s te drinken met allemaal hippe mensen. De liedjes zijn dus wat minder wild, maar blijven allemaal fier overeind als het gaat om de redenen waarom we (ik in ieder geval) eerder zijn gevallen voor Best Coast. Onweerstaanbare melodieën (ik ga niet zeggen dat die melodieën tijdloos zijn, maar de sound roept wel een zeker nostalgie op) en fijne teksten die uit het leven gegrepen zijn. Het Californische leven weliswaar, waar ik mij nog een eind vandaan bevind, maar toch, herkenbaar. Dat alles komt misschien wel het beste samen in "Why I Cry", bepaald geen vrolijke tekst, maar in zo’n speels jasje dat je er ook voor uit je zitzak zou kunnen komen om een dansje te wagen.
File Under: T leven, door 'n fijn zonnig Instagram-filter bezien
Dr. John - Locked Down
Muzieklegende krijgt hulp van jonge fans, en maakt na een wat sukkelige periode ineens een vitaal album. Organist Booker T. Jones, gitarist Dennis Coffey, zangeres Mavis Staples en onze eigen Rob de Nijs deden het eerder. Dr John doet het nu, met hulp van Black Keys-gitarist Dan Auerbach en muzikanten die onder meer bij de Dap-Kings spelen. Mac Rebennack, geboren in 1940 in New Orleans, maakte eind jaren zestig, begin jaren zeventig een paar kruidige albums die nog altijd indruk maken. Neem Gris-Gris (1968), of In The Right Place (1973). Funk, jazz, blues en de voodoo-cultuur van Louisiana waren van invloed op Dr John, die op zijn beurt weer van invloed was op iedereen tussen Tom Waits en Beans & Fatback. Op de piekperiode volgde in de jaren tachtig en negentig een stroom aardige, doorgaans kalme albums. Met een opleving in 2008, toen hij zich op het album The City that Care Forgot boos maakte over de gevolgen van orkaan Katrina voor zijn geboorteplaats. De kleindochter van Rebennack suggereerde een samenwerking met Auerbach, die aanvankelijk live gestalte kreeg. En nu op plaat. Locked Down is een van de sterkste albums die ik dit jaar hoorde. Urgent, omdat Dr John een aantal nummers over de kredietcrisis zingt. Zoals in de sterke single Revolution, waarin hij ook nog ‘s een geweldige solo op het Farfisa orgel speelt. Mystieke New Orleans-cultuur komt aan bod in het onverstaanbare Eleggua, Ice Age is een bijzonder geslaagde poging om New Orleans funk te mengen met afrobeat. Nergens krijg je het gevoel dat de dokter zich jonger voordoet dat hij is, in de twee afsluitende nummers kijkt hij met enige tevredenheid terug op zijn rijke leven. De scherpe hooks van Auerbach en de nog altijd scherpe blik van de dokter bleken complementair, ze stuwen dit album op naar grote hoogten.
File Under: Oud en wijs genoeg
Pretty Maids - It Comes Alive - Maid In Switzerland
Het laatste album van Pretty Maids, Pandemonium, was een van hun betere. Desondanks was ook dat album niet vrij van het gebruikelijke minpunt bij Pretty Maids, de met enige regelmaat nogal voorspelbare songs. Da's op zich niet zo erg, want de uitvoering is doorgaans prima. Dat laatste geldt ook voor het live-album It Comes Alive - Maid In Switzerland. (Hoewel ik een groot voorstander ben van foute woordspelingen, gaat deze zelfs mij wat ver.) De productie houdt ergens het midden tussen Duitse hardrock en Magnum, en dat betekent dus nogal wat echo, voorzien van een portie bombast. Dat past prima bij de songs, waarvan er verrassend genoeg maar zes van de twee laatste albums komen. "Máár zes, Prikkie?" Ja, want er is gekozen voor een dubbelalbum, met niet minder dan 22 (twee-en-twin-tig!) songs. Dat is bij Pretty Maids toch echt iets teveel van het goede, ook al hebben de heren er hoorbaar lol in. Pretty Maids is leuk om zo nu en dan op te zetten en oor-in-oor-uit langs te laten komen. Maar na bijna twee uur daarvan ben ik eerlijk gezegd blij dat het erop zit. Je moet wel een echte fan zijn om dit uit te zitten...
File Under: Teveel van het (redelijk) goede
File Spotify: [It Comes Alive - Maid In Switzerland]
Birds Of Passage - Winter Lady
Ik. Ik zit. Verbijsterd. Verbouwereerd. Van de kaart. Van de leg. Steeds weer. Hoe. Krijg. Hoe krijg je het voor elkaar. Was het binnen een jaar. Nee, het was korter. In een vloek en een zucht lijkt het wel. Tot twee keer toe lukt het om me - ware ik een kip - compleet van de leg te brengen. Alles. Alles staat stil. Niets beweegt, hoe zeer ze ook zijn best lijkt doen. Ik beweeg. De rest staat stil. Het is traag. Het lijkt dronken, of broodnuchter. Ik weet het niet. ’s Nachts. ’s Morgens. Bij een liefdevol belegde boterham kaas. Stil. Verdoofd. Onvermurwbaar. Als ik gelovig was, dan geloofde ik in jou. Zonder enig voorbehoud. Op de knieën. Prevelend. Waarom? Waarin? Waarvoor? Niemand snapt het. Ik ook niet. Dodelijk. Etherisch licht zwevend, maar een brok in de keel en zwaar op de maag. Tranentrekkend, onvoorwaardelijk liefdevol. Me van de sokken blazend door stil te staan. Een trein die vertraagt, het rode sein tergt, de paal die voorbij zoeft in een onheilspellend traag tempo. Gaat het goed? Gaat het fout? Het leven in slow motion, terwijl de tranen over mijn wangen biggelen. Moet het zo? Kan het zo? Ja, het moet zo? Ja, het kan zo? Niemand hoeft het te weten. Waarom ook? Waarom zou ik? Het is voor mij! Het is voor mij alleen. Niemand weet er van. Ik ga het ook nooit vertellen. Ik eet het op. Gulzig. Althans, zo lijkt het. Ten opzichte van mijn omgeving lijkt het een flits. Voor mij niet. Het is de ondraagbare lichtheid van het bestaan. Nee, nog lichter. Vluchtiger. Ongrijpbaar. Ondoordringbaar. Onvoorstelbaar. Onaantastbaar. Bloedmooi. Als de dolk door je hart voor de zoveelste keer voor het blok. De val die nooit eindigt. Rillingen van teen tot kruin. Gelukkig maar. Vredig sluit ik mijn ogen. Van binnen kolk ik op onnavolgbare wijze.
File Under: Naar adem snakken.
File Audio: [Soundcloud]
Bert Hadders en de Nozems - De Coöperoazie
Een kiftiaans aandoend hoesje met een prachtige hoesafbeelding. Dat belooft wat. De persoon op de cover (gemaakt door Margriet de Vries) blijkt de betovergrootvader van Bert Hadders te zijn. Hadders is de gemeentezanger - ja, deze functie bestaat écht - van Borger-Odoorn (Drenthe). Op zijn tweede album De Coöperoazie wordt hij bijgestaan door de Nozems en leden van de cajunband Cochon Blue. Hadders zingt in het plaatselijk dialect en doet daardoor aan Daniël Lohues denken. Muzikaal trouwens ook (gezien de invloeden uit het zuiden van Amerika). Tekstueel is er veel te genieten, zoals in "Poolse Bruid". ´Meneer Pastoor komt elke moand moal vroagen of ik wel mien rosenkraansie bid, mor k wait nait hou of dat k t mout vertellen dat k hier tussen Griffermeerden zit´. De Coöperoazie is een indrukwekkend album, dat alleen wat aan de korte kant is met een lengte van net iets meer dan dertig minuten. De tien liedjes zijn echter afwisselend en van een hoog niveau, zodat de cd gewoon nogmaals gedraaid kan worden. ´Probleem´ opgelost. Bert Hadders is een naam die ik ga onthouden. Als ik hem live wil zien dan moet ik echter naar het Noorden: ´K zal mien TomTom eins pakken´ Zal het opvallen dat ik geen Drent ben?
File Under: Drentheland
File Video: [The Making Of][Poolse Bruid]
File Social: [Twitter][Facebook]
Old Jerusalem - Old Jerusalem
Old Jerusalem, dat moet een gospel-cd zijn. Dat dacht ik toen ik deze schijf onder ogen kreeg. Mis. Old Jerusalem is de naam van een muzikaal project geleid en voornamelijk gedragen door de Portugese Francisco Silva en genoemd naar de song Old Jerusalem van Bonnie Prince Billy. In 2001 werd de eerste demo-cd uitgebracht en in de loop der jaren volgden nog vier albums. Het gelijknamige Old Jerusalem is de vijfde nakomeling van Silva. In interviews heeft Francisco Silva verklaard fan te zijn van Simon & Garfunkel. Misschien een beetje een te grote fan, want de muziek van Old Jerusalem lijkt erg op de idolen van Silva. Maar waar Paul Simon en Art Garfunkel grossieren in prachtige, melodieuze liedjes slaagt Silva daar in de verste verten niet in. Het boeit vrijwel nergens, de elf liedjes kabbelen in een monotone stroom aan me voorbij. Hier en daar heeft het ook nog wel wat weg van Kings of Convenience maar de aangename rust die van hun liedjes uitgaat mis ik hier ook al. Heel even is er een lichtpuntje bij het een na laatste nummer, "Candy Says". Maar goed, dat is dan ook een cover van The Velvet Underground. Old Jerusalem is typisch een geval van het ene oor in, het andere oor uit.
File Under:Saaiheid troef
File Audio: [Grooveshark]
File Video: [The Go-Between]
Week 20, 2012
DubbelMono
Johnny Dowd - No Regrets
Gr.R
Feverfever @ Walk the Line 2012 en Gorki @ Muziekgieterij, Maastricht
Ludo
The Chap - We Are Nobody
Janineka
Phantom Limb - The Pines
Storm
Birds Of Passage - Winter Lady
Prikkie
Morse Portnoy George - Cover 2 Cover
Ramon
Pulled Apart By Horses @ Walk The Line Festival, 11 mei 2012
Ewie
Django Django - Django Django
André
Nicole Atkins + Madam @ The Slaughtered Lamb, London / Sarah Jaffe - The Body Wins
tBeest
Storm Corrosion - Storm Corrosion
Dennis
Trippple Nippples @ Walk the Line festival
Walk The Line 2012: Zaterdag Napret
Zaterdagmiddag, Grote Markt. Het zonnetje is nog steeds waterig en het winkelend publiek slaat de Grote Markt inmiddels over, want de Grote Markt is bezit genomen door muziekliefhebbers. Als epicentrum van Walk The Line is het dan ook een puik dreh-und-angelpunkt. Bovendien is het terras aangenaam, als je uit de wind zit en kun je er goed eten. En dat is belangrijk, want er moet stevig bandjes gekeken worden.
Lees verder..Iron Maiden - En Vivo!
Een nieuwe tournee, een nieuwe live-cd en -dvd. Het studio-album The Final Frontier viel me wat tegen, omdat nummers soms wat te lang uitgesponnen waren - een conclusie die de heren inmiddels zelf ook getrokken lijken te hebben. En toch staan er op deze liveregistratie vijf nummers van dat album: "Satellite 15...The Final Frontier", "El Dorado", "The Talisman", "Coming Home" en "When The Wild Wind Blows". Ingebed tussen bekende klassiekers komen de songs heel wat beter over dan op het studio-album en met name "The Final Frontier" zal de liveset volgens mij nog lang blijven sieren. Iron Maiden rockt energiek als altijd door een set vol krakers, in een registratie die fraai is, zij het soms wat druk gemonteerd. Kortom, de concertregistratie is prima en veel meer valt daar niet over te zeggen. De tweede dvd is echter ook de moeite waard. In een anderhalf uur durende documentaire "Behind The Beast" wordt uitgebreid ingegaan op het reilen en zeilen tijdens een wereldtour. Niet hoe het voor de band is, dat gebeurde al in de documentaire bij Flight 666, maar over de logistiek. Vanuit de band zijn bassist/opperhoofd Steve Harris en ondernemer/piloot/part-time rockzanger B. Dickinson er veel bij betrokken, maar de aandacht gaat toch vooral uit naar alle anderen achter de schermen. Welke zaken er meegenomen worden, (wèl het gecharterde vliegtuig Ed Force One, verrassend genoeg niet de P.A., die wordt lokaal gehuurd), hoe het ingepast wordt, alle visumbeslommeringen voor band en crew, hoe per locatie eisen, faciliteiten en mogelijkheden weer kunnen verschillen en het dieptepunt: de twee gecancelde optredens in Japan, nadat dat land getroffen was door een aardbeving en tsunami. En fans, veel fans. Allemaal in zwarte Maiden-shirtjes en alle teksten meebrullend, van welk ras, welke nationaliteit of welke religie ze ook zijn. Daarnaast is de director's cut van de clip van "Satellite 15...The Final Frontier" te zien, een making of daarvan en de introfilm die op het podium werd gebruikt. Een Maidenoptreden zelf blijft een sensatie die nooit op een dvd te vangen is, maar deze dvd is de moeite waard. Zeker wanneer je zoals ik geïnteresseerd bent in het reilen en zeilen in misschien wel het grootste reizende rockcircus van dit moment.
File Under: Circus annex feestje annex mega-onderneming
Drs. P - Compilé Complet
Wat is de overeenkomst tussen rappers en Drs. P.? Antwoord: rijms! Niet zo gek dus dat Top Notch medeverantwoordelijk is voor deze mooie verzameling van het werk van Heinz Polzer. Ook uitgeverij Nijgh & Van Ditmar heeft zich met dit project bemoeid. Vic van de Reijt zwaait daar de scepter en hij was samensteller van onder meer De Top 100 van Nederlandstalige Singles, De Nederlandstalige Cover Top 100 en Van Du tot Da Da Da. Compilé Complet bestaat uit 8 cd’s (180 liedjes!), waarop alle studio-opnames, aangevuld met een aantal live-opnames, te horen zijn. Het boek bevat een korte biografie, aantekeningen over het werk van Drs. P. en een interview. Toch blijft de tekst beperkt: de 36 pagina’s, bijna lp-formaat, worden vooral ingenomen door mooie, oude foto’s en platenhoezen. Het is een met aandacht en liefde gemaakt document in een mooie, handige verpakking. De uitgever van Leo Blokhuis’ Soundbooks zou er een voorbeeld aan kunnen nemen. Als we de cd’s doornemen vallen twee zaken op: Drs. P. is een enorme taalvirtuoos (maar dat wisten we eigenlijk al) en hij houdt er van om Russische en Zuid-Amerikaanse invloeden in zijn liedjes toe te passen. Daarnaast blijkt - onvermijdelijk - dat niet alles de tand des tijds heeft doorstaan. De klassiekers, en dat zijn er nogal wat, gelukkig wel.
File Under: De meest virtuoze rederijker van de 20ste eeuw
File Video: [Dodenrit]
Walk The Line 2012: Vrijdag napret
Nietsvermoedende, winkelende voorbijgangers vergapen zich aan de Haagse Grote Markt dat feestelijk is aangekleed met een podium, eettent ('Wok The Line') en grote witte banners. Het plein is gemoedelijk gevuld met festivalgangers en indieliefhebbers van alle soorten en maten, die dankbaar het waterige zonnetje meepikken dat over de gevels komt. Het podium is de middag gevuld met gratis te beluisteren acts die 's avonds ook op de podia staan. De Grote Markt is het hart van Walk The Line, een compact festival dat elk jaar meer wint aan formaat en betekenis.
Lees verder..The Hickey Underworld
The Streem / Reaganesk / ED
Ballads worden vaak afgewisseld met rocknummers. Tussen het rocken door is het dan tijd voor aanstekers (of tegenwoordig mobieltjes) die in de lucht gehouden moeten worden. Je hebt er echter ook die het bij de tranentrekkers alleen houden. The Streem is van dit laatste soort. Achter deze ´band´, hij speelt de meeste instrumenten zelf, zit Dan Lazarescu. Songs For The Ghosts is zijn tweede ep en werd geproduceerd door Ro Halfhide (o.a. Case Mayfield). Niet moeilijk doen, maar ongedwongen grienen is het devies van Lazarescu. Zijn stem, die aan de hoge kant is en me aan Keith Caputo doet denken, is hier uitermate geschikt voor. Vijf nummers lang duurt deze ep, en dat is wat mij betreft genoeg. Mocht er een album komen dan mag het wel wat meer rocken. Ik denk dat juist dan de ingetogen nummers meer aandacht trekken. Ik kan me dan zomaar voorstellen dat hij zelfs hitsucces kent, bijvoorbeeld met het afsluitende "The Years Of Wonder". Mooi hoesje trouwens.
Als het om hoesjes gaat dan wil Maarten de Mink, de man achter Reaganesk zijn ei ook hier graag kwijt. Je moet van zijn tekeningen houden zal ik maar zeggen. De eerder genoemde Halfhide produceert een nummer op Crumbtrail, maar de rest was in handen van Jerry Porsius. Beiden hebben muzikaal ook een rol naast een aantal andere muzikanten. Het belangrijkste is echter De Mink zelf. Zijn stem valt op doordat deze op het randje van valsheid zit. Verder klinkt het als een ouderwets lo-fi opgenomen plaat waarop je de parels zelf moet zoeken. Mijn favoriet is het Velvet Undergroundachtige "Crow In Flight". Verder is het vooral een introvert gebeuren. Had ik Sparklehorse al als referentie genoemd? Niet bestemd voor het grote publiek, maar om te koesteren in al die schattige zaaltjes waar het publiek muisstil luistert. De Mink blijkt niet voor niets oprichter te zijn van het Amsterdam Songwriters Guild.
Bij het horen van het album Head, Heart And Hands van ED (Struijlaart) bedenk ik me dat je rockballads niet af hoeft te wisselen met échte rocknummers. Je kunt ook het tempo wat opschroeven zonder dat er zich maar iemand bang hoeft te zijn dat het wat te ruig gaat worden. Dit kan dan een prima in het gehoor liggend album opleveren dat gemaakt lijkt om een groot publiek te bereiken. Zeg maar de Nederlandse John Mayer. Dat is iets wat ED wel eens zou kunnen gebeuren, nadat hij geadopteerd is door 3FM, in DWDD heeft gestaan en in het voorprogramma heeft gestaan van - die referentie kun je muzikaal ook wel leggen - Bløf. Alleen dan dus wel Engelstalig. Voor de productie tekende Huub Reijnders die ervoor zorgde dat er een licht alternatief bluesy sfeertje overheen hangt.
File Under: Snif
File Audio: [Bandcamp][Player @ zijn eigen website]
File Video: [Zijn eigen videokanaal]
File Social: [Facebook]
File: Reananesk - Crumbtrail
File Under: Lo-fi droefenis
File Audio: [MySpace][Bandcamp]
File Video: [99 Years of love]
File: ED - Head, Hearts & Hands
File Under: Popmuziek mag niet pijn doen
File Audio: [Bandcamp]
File Video: [So not you, so not me]
File Social: [Twitter][Facebook]
Drive Like Maria - Drive Like Maria
De Belgisch/Nederlandse band Drive Like Maria kreeg een paar jaar terug vrij snel bekendheid in het kielzog van bands als De Staat en Triggerfinger. Het album Elmwood stond dan ook vol met aansprekende rock, blues en stoner. Daarna werd het stil rond de band, maar ze namen de tijd om op het Toscaanse platteland eigenhandig een studio op te bouwen en in alle rust te werken aan het nieuwe album. Dat zouden meer bands moeten doen, even terugschakelen, tijd nemen voor zelfreflectie en het juiste pad zien te vinden. Waar "Elmwood" voor een groot deel op Queens of the Stone Age leest was geschoeid, gaat de band op dit naamloze album meer op zoek naar een eigen identiteit. Het resulteert in een gevarieerder album, met meer aandacht voor melodie en melancholie. Het duet "Howl" met Lara Chedraoui van Intergalactic Lovers is bijvoorbeeld prachtig en had zo van Mark Lanegan afkomstig kunnen zijn. Het subtiele "On The Road" wordt mooi ondersteund door viool en "Bury My Heart in The Desert" is een mooie gevoelige afsluiter. Bjorn Awouters gebruikt zijn stem dan ook beter dan ooit en klinkt bij vlagen niet alleen als Josh Homme maar soms hoor ik ook Chris Cornell of Alain Johannes. Gelukkig slaat de vlam nog af en toe als vanouds in de pan met bijvoorbeeld "The Dog Died Rough" en vooral "Ghostrider" dendert indrukwekkend door. Nummers als "Boomerang" en "Woke Up Hard" zijn dan nog wat te radiovriendelijk in mijn oren, maar ik vind het over de hele linie een prestatie. Veel bands worstelen toch na het eerste succes met die 'lastige tweede', maar Drive Like Maria heeft zich verder ontwikkeld en bewijst na een tussenpauze het volste recht te hebben op een terugkeer naar een prominente plek op het podium of in je huiskamer.
File Under: Sterke terugkeer.
File Audio: [3VOOR12 luisterpaal]
File Facebook: [Facebook]
File Twitter: [Twitter]
Radical Nerve Distortion - Nailgunning Your Dome / Grown Cold - Grown Cold
Opmerkelijk: het Roosendaalse Radical Nerve Distortion heeft een eigen website, maar de bio houdt op in 2006. En dat terwijl de band sinds de full-lenght-cd Old Style Scare Tactics zowel de zanger en als gitarist is kwijtgeraakt en er een zanger-gitarist voor teruggekregen heeft. Zelf omschrijven ze hun muziek als "2 delen hardcore, 1 deel thrash-metal en 1 ferme scheut doom". Die eerste twee okee, maar doom? Daarbij verwacht ik toch dat er hier en daar wat gas wordt teruggenomen. Op deze EP wordt er steevast een polsverstuikend tempo ingezet dat niet meer ophoudt, er is één riff per track en er worden monotone teksten met een steeds herhaald refrein overheen gebruld. In nog geen twaalf minuten worden er zo vijf tracks doorheen gejakkerd. Misschien dat liefhebbers van eighties thrash er iets mee kunnen, mij doet het helemaal niets.
Grown Cold, een death-metalcore band uit het Oosten des lands, heeft begrepen dat variatie van spijs doet eten en wisselt even snelle hakken-waar-je-hakken-kan-delen af met (iets) tragere delen of een momentje voor een adempauze. Het geluid van hun EP is prima, wat het basgeluid een heel lekker zware ondertoon meegeeft. Hier en daar laat de diepte van het drumgeluid wel wat te wensen over. Grunts zijn zoals wellicht bekend niet mijn ding, maar de vloeiende manier waarop George Grein van "normale" zang in een paar woorden de overgang naar grunts kan maken is knap. Door die af te wisselen met gang vocals is het een heel wat aangenamer kwartiertje met deze vier songs. Voor "Walk The Plank" hebben ze zelfs een heuse videoclip.
File Under: Radicaal niet warm of koud van
File Audio: [DistortionSpace]
File: Grown Cold - Grown Cold
File Under: Warmt aardig op
File Audio: [ColdSpace]
File Video: ["Walk THe Plank"]
The Life - Alone
The Life was een pre-pre-pre-grunge band uit Seattle. Eigenlijk een wave-rock-band met folky en Ierse invloeden. R.E.M., Camper van Beethoven, U2 en The Alarm op een hoop, zeg maar. En als ik toch bezig ben, dan mogen Echo & The Bunnymen en The Triffids er ook nog wel bij. Alone klinkt gedateerd, alsof ik terug ben in de jaren tachtig en tijdens Popwerk in Den Bosch naar Toy Factory, Blue Murder of Life On Grey aan het luisteren ben. Enfin, gitarist en creatief wonderkind Tony van The Life is nu dood. Posthuum wordt de man in het zonnetje gezet en de oude plaat wat opgepoetst. Opdat wij niet vergeten. Als bonus krijg je er nog een cd bij met opnames van het nooit verschenen tweede album. Ik begrijp best dat de overige leden van The Life vinden, als ze om zich heen kijken, dat de band een voorbode was van een algemene revival van wave, indierock en folkpop. Maar, dat kun je wel van meer bands zeggen. In het Noordwesten van Amerika zullen vast nog wel wat dwaallichten rondlopen die zweren bij deze band. In ons koude kikkerlandje zie ik niet bepaald een noodzaak om alsnog een boom te planten voor een band die voor het tragisch uiteenvallen al op zijn retour was, en waar wij dus geen enkel muzikaal hoogtepunt aan hebben mogen beleven.
Ik gun de resterende drie heren van The Life een fijn belastingvoordeel met dit schijfje en een onuitputtelijke levensvreugd voor de komende drie decennia. Als het maar niet bij het oppoetsen van oud werk blijft.
File Under: Vervlogen invloed lult zich de popencyclopedie in
File Video: [The Dead]
Disappears - Pre Language
Het klinkt misschien een beetje teveel als toeval, toch is het waargebeurd: de derde cd van het bandje Disappears was na enkele positief uitgevallen draaibeurten beneden in de huiskamer letterlijk verdwenen. Tijdens een opruimorkaan die regelmatig over onze benedenverdieping woedt, schoof de cd tussen een stapel tijdschriften om pas deze week weer te voorschijn te komen. Ik moet wel bekennen dat ik de cd in alle drukte ook een beetje vergeten was. Toch ben ik blij dat ‘ie terug is. Pre Language is namelijk een uiterst prettig noiseplaatje. Achter de bandnaam gaan dan ook geen koekenbakkers schuil. Zo zit Sonic Youth-drummer Steve Shelley sinds het verschijnen van de vorige Disappears-cd ook hier achter de drumkit en heeft zanger Brian Case met 90 Day Men en The Ponys ook twee prima bandjes op zijn cv staan. Ik weet niet of het door de aanwezigheid van Shelley komt, maar op deze nieuwe cd doet Disappears af en toe wel heel erg aan Sonic Youth denken. Het meest in het oor springende voorbeeld hiervan is “Fear Of Darkness” dat als het iets groezeliger was geweest bij wijze van spreke zo op Daydream Nation of Goo! had kunnen staan. Als je daar aanbeland bent heb je overigens het beste nummer van de plaat net gehad. Dat is namelijk “Joa” met zijn heerlijk springerige ritmiek, gevoed door staccato gitarenwerk en een dreinende baspartij. Dat de band veelvuldig teruggrijpt naar het nabije verleden van de jaren negentig is niet zo heel erg wat mij betreft, ze geven er gelukkig wel hun eigen draai aan. En bovendien wat niet weet, wat niet deert. Ik hoor in “All Gone White” dan misschien bijna letterlijk een Pixies-loopje terugkomen, het kon een ander zo maar niet opvallen.
File Under: Kloeke noiserock
File Video: [Replicate]
Rones / Tellison
Collega Stonehead waagde zich onlangs aan een mooie vergelijkende verhandeling over het bandjesklimaat in Nederland en haar buurlanden. Hoewel ik zijn redenering kan volgen wil ik in de battle Nederland - België toch tegenwerpen dat ons beeld van België ietwat vertekend is. Op de Belgische 3FM (StuBru) komen net zo goed als bij ons meer dan genoeg radiovriendelijke groepen langs, die in de lijn van Moke leentjebuur spelen bij de grote Atlantische acts uit het verleden. Ik noem een Goose en Customs. Ook Rones kan aan dit rijtje worden toegevoegd. (En wíl dat ook maar al te graag). De groep brengt een bossy vocalist mee, en muzikaal heeft men ook al goed naar Interpol en vooral Editors geluisterd. Zo wordt dit wel heel erg een doordruk van een eighties-doordruk. In dieptepunt “Bribe” ontfusselt men dan ook nog eens melodietje (of twee) aan de ultieme pompeuze festival-menners Muse. Dansbare massarock, dringend op zoek naar wat meer gekte. Laat de zanger eens flink uit de bocht vliegen, om mee te beginnen. De electro-industriële trekjes zijn wél geslaagd, die verder naar voren halen lijkt mij nou leuk, Nine Inch Nails-invloeden hoor je dan weer zelden.
Maar wat nu te doen met de Engelsen van Tellison? Zij kijken op hun beurt óók naar de overkant; naar Amerika dus, en zoeken het in de gladde tienerpoprock van Panic At The Disco en aanverwante emokids. Tellison bestaat al bijna tien jaar en lijkt zelf moedeloos te worden van het uitblijven van succes. Meestal beginnen bands te klagen ná die doorbraak-plaat ('ik werd geleefd'), maar Tellison heeft het in het openingsnummer al over de problemen van het writer's block. ('I am tired of being second best'). Muzikaal speelt de groep het hard-zacht spelletje degelijk, en de zanger brengt de juiste hoeveelheid hysterie mee. Toch blijf ik het gevoel houden een band te beluisteren die zonder de X-factor écht te bezitten, de radio probeert te veroveren. De productie is door het ontbreken van budgetten ook te indie om als ware earcandy uit je speakers te sijpelen. Eén ding houdt de groep alle twaalf liedjes overeind; een knack voor meezingbare refreintjes, met “Know Thy Foe” als hoogtepunt. Nu de volgende keer zorgen voor wat meer liedjes als het rustig rinkelende “Freud Links To The Teeth And The Heart”, met de gedenkwaardige tekstregel 'She says to me: please take care of your teeth, and I say to her: please take care of my heart'. De muziek is ook meteen een stuk leuker, met een Okkervil River-achtige akkoordenwending. Helaas, erna volgt prompt weer een Green Day-'get your guns'-anthem.
File Under: Cashen in de Afrekening
File Audio: [Rones-Space]
File: Tellison - The Wages Of Fear
File Under: Laat je niet leiden door centjes, en wijzig die koers nu
File Audio: [Tellison-Camp]
File Video: [Ze weten het stiekem echt wel]
Luka Bloom - This New Morning
Een vriendin liet me laatst "Sorry" van Kyteman horen, om een voorbeeld te geven van een stuk muziek dat haar ontroerde. Vroeger zat die ontroering veel meer in teksten, tegenwoordig vrijwel uitsluitend in de muziek zelf. Ik heb nog lang nagedacht of dat voor mij ook geldt. Ik herinner me zeker de indruk die een mooie tekst op je kan maken als je zelf nog volop in ontwikkeling bent en vol vragen en twijfels zit. Maar ook nu nog kan ik intens geraakt worden door een mooie zin of een poetisch verwoord idee. Hoewel dat natuurlijk ook gewoon kan betekenen dat ik nog steeds vol vragen en twijfels zit... Dat er nog steeds artiesten zijn die dit heel mooi doen, bewijst Luka Bloom op zijn laatste solo-project This New Morning. Muzikaal is het, en ik zeg dat misschien een beetje oneerbiedig, een zoveelste Luka Bloom-plaat: gitaargeoriënteerde folk met op de juiste momenten vol gas, afgewisseld met momenten van verstilling. En wederom van zeer hoog niveau, laat daarover geen misverstand bestaan. Wat me ditmaal extra opvalt zijn de werkelijk prachtige teksten. Meer dan op vorige platen zingt hij nu over zijn fascinatie voor het Boeddhisme, met verwijzingen naar meditatie, zelfloosheid, mededogen voor je vijanden en onlosmakelijke verbondenheid met alles waarvan je aanvankelijk denkt dat het buiten jezelf staat. Mij spreekt het aan; het ontroert en inspireert me. Bloom kiest daarbij gelukkig nog steeds voor een zeer toegankelijk taalgebruik zonder ook maar een moment stichtelijk of prekend over te komen. De boodschap - voor zover je die al wil horen als luisteraar - zal dan ook niemand in de weg zitten. En dat is wellicht de grootste verdienste van deze toon- én woordkunstenaar.
File Under: Ontroerend mooi en ontwapenend, met of zonder mooie boodschap
File Video: [The Ride]
Tu Fawning - A Monument

Tu Fawning uit Portland was afgelopen jaar nog een beetje een enigma. Dit muzikale liefdeskind van singer-songwriter Corrina Repp en multi-instrumentalist Joe Haege (Menomena, 31Knots) werd vergeleken met de meest uiteenlopende namen: van Arcade Fire tot aan The Knife. De band live zien tijdens fabrIQ 2011 onthulde gelukkig wat meer: vier multi-instrumentalisten met allen een voorliefde voor stevige tribalritmes en samples uit oude opnamen. Toch was het debuut Hearts On Hold nog enigszins tasten in het duister. Maar bij het tweede album A Monument komt Tu Fawning eindelijk uit het bos tevoorschijn met een eigen smoel. "Wager" is een vroege smaakmaker: gammel gitaarspel wordt bijzonder infectieus afgewisseld met een grillige, Wovenhand-achtige drive. Soms wordt slechts het ritme blootgegeven, dan voegt de band er weer een noisy segment tussen om de luisteraar nét genoeg te prikkelen tot er teruggegrepen wordt naar de hooks. De overgangen tussen de obscure en poppy elementen voelen ditmaal ook niet geforceerd aan. Met "Skin And Bone" levert de band zowaar een barokke popsong af, met een ontladende gitaarexplosie die heerlijk voorbarig invalt. Het fraaie "To Break Into" is een surrealistische mirage van galmende blazers, spookachtig pianogepingel en Repp die haar stem samensmelt met een riedelende mandoline, waardoor het een soort onderwater-effect krijgt. De vileine gitaarmuur schudt de luisteraar weer prompt wakker. De machtsstrijd tussen Repps liedjesgevoel en Haeges gefreubel met drumritmes, samples en gitaargeluiden is op A Monument wat eerlijker verdeeld, zodat de liedjes een kop en staart behouden en niet tussen schip en wal raken. Waar die wispelturigheid de band eerst nekte is het nu juist de troefkaart. De contrasten die Tu Fawning continu in haar sound creëert maakt A Monument een verslavende plaat die telkens weer tot luisteren dwingt.
File Under: Uit het bos
File Video: [Anchor]
Walk The Line 2012: Voorpret
Het is alweer de derde keer dat de Haagse Grote Markt en omgeving twee dagen lang wordt ingenomen door het Walk The Line Festival. Alsof het nooit anders is geweest schudden de makers van Crossing Border ook nu weer een brede waaier met nieuwe beloftes uit hun mouw. Dat ze er een neusje voor hebben, zagen we in 2010 al met optredens van Warpaint, The Crookes en Sleigh Bells. Vorig jaar hebben velen op aanraakafstand kunnen kennismaken met Field Music, Broken Records, The Boxer Rebellion en tientallen andere namen die met elkaar gemeen hebben dat ze alternatief, kwalitatief hoogstaand en veelbelovend zijn. Eens kijken wat Walk The Line, naast de gratis optredens op de Grote Markt, dit jaar op de zeven podia te bieden heeft.
Lees verder..Hugh Cornwell
Nadat hij in augustus 1990 The Stranglers verliet, de band die hem wereldfaam bezorgde, heeft Hugh Cornwell nooit lang stil gezeten. Honderden optredens en een aantal sterke solo-albums maar ook drie boeken (waarvan één roman) zijn daar het bewijs van. Met de optredens in Amsterdam en Groningen begin mei is Hugh bezig zijn aanstaande album Totem & Taboo te promoten. Een album dat via Pledgemusic zal uitkomen (fans kunnen bieden op verschillende albumformats en allerlei gepersonaliseerde items daaraan toevoegen) en werd geproduceerd door de legendarische Steve Albini (Pixies, Nirvana).
Lees verder..UFO - Seven Deadly
Een van de bands waarvan ik de cd's altijd ben blijven draaien is UFO. Vooral Strangers In The Night, het live-album met Michael Schenker in de gelederen, maar ook later werk met andere gitaristen. Het boek Michael Schenker is wel dicht, maar inmiddels beslaat het werk met gitarist Vinnie Moore ook alweer vier studio-cd's. En het moet gezegd worden, al heeft het niet meer de impact van tracks als "Rock Bottom" en "Mother Mary", het niveau is inmiddels weer constant en behoorlijk hoog. Seven Deadly is het nieuwste album, en ook dat mag er weer zijn. Met "Fight Night" opent het album met een fijne mid-tempo rocker met een fijne solo en slidegitaarwerk van Vinnie Moore en de start voor een aangenaam album is daar. Zanger Phil Mogg is misschien niet de beste zanger van het circuit, hij is qua stem én dictie uit duizenden herkenbaar. Hoeveel bandleden UFO ook heeft versleten door de jaren heen, Parker, Raymond en Mogg zijn drie leden van de succesvolste line-up. Naast Moore is voor het baswerk wederom - uitsluitend voor het album - een sessiebassist aangetrokken. Voor de vierde keer zat Tommy Newton achter de knoppen, en die heeft al bewezen het UFO-geluid goed neer te kunnen zetten. Als vanouds is het een vrij Amerikaans aandoende mix met zang en gitaar lekker ver naar voren. De songs zijn degelijk, al zijn de tijden van de echte klassiekers voorbij. Maar toch, "Fight Night", "Wonderland" en het met mondharmonica opgesierde "The Fear", het zijn songs die zeker niet teleurstellen. Alleen de lome ballad "Angel Station" stelt teleur, simpelweg omdat 'ie alleen maar loom is. Nieuwe fans gaat UFO hiermee niet binnenhalen, maar de oude fans zullen zich prima vermaken met Seven Deadly.
File Under: DFO - Decent Flying Object
Youth Lagoon - The Year Of Hibernation
Als ik de beek voor ons huis zie stromen met alle flora en fauna erom heen, dan is er weinig voor nodig om mijn dromen hun beloop te laten gaan. De beek wordt dan wat breder, de oevers worden ruiger en de begroeiing wordt veelzijdiger. Waar nu de huizen staan daar komen dan bergen en wij wonen er met een maximum aan natuurwoongenot. De hoes van The Year Of Hibernation van Youth Lagoon heeft voor mij deze fantasie al ingevuld. De muziek past er wonderwel bij. Aan het stuur van dit project staat de Amerikaan Trevor Powers. Hij zet de elektronica in om het water dan weer voort te laten kabbelen en dan te laten uitgroeien tot een wilde stroom. Of is het de wind die ik hoor? Vul het zelf maar in. De stem van Powers wordt vervormd en het ritme echoot door het landschap. Dreampop schijnt het genre te heten, waar ik me veel bij voor kan stellen. Het jaar van de winterslaap, goed idee, maar dan wel in dit prachtige door Powers opgetekende landschap en niet in het stedelijke gebied waar ik nu woon.
File Under: Soundtrack van een droom
File Audio: [Soundcloud][Grooveshark]
File Video: [Montana][[July]
File Twitter: [Tweets]
File Facebook: [Facebook]
Kiss The Anus Of A Black Cat - Weltuntergangsstimmung / Me - Reservoirs
Ik kan er niets aan doen, ik blijf een kind van de jaren tachtig. Ik word graag verrast door artiesten die plots een onverwachte koers gaan varen die teruggrijpt die kant op. Als ze het daarbij overdrijven, dan vind ik dat helemaal niet zo heel erg. Het kan net als een geleidelijke verandering tot mooie dingen leiden.
Neem bijvoorbeeld Reservoirs van ME (nog steeds kort voor Minco Eggersman). Hij kiest op zijn nieuwe cd Reservoirs overduidelijk voor een sound die geënt is op klassiekers uit die tijd. Al luisterend somden mijn vrouw en ik zo de invloeden op. De cheesy bassound van Paul Young, het eigenwijs melancholische van Talk Talk en David Sylvian, de ambient van Brian Eno, met een waterige synthesizersound, je hoort het allemaal terug in de hier gebundelde songs. Maar je hoort vóóral ook terug dat Eggersman ondertussen een grote meneer is als het gaat om het schrijven van bloedmooie, veelal melancholische liedjes. Een beetje loom zomeravonds zelfs. De tikkie monotone, maar wel warme stem van Eggersman (ik houd daar wel van overigens) wordt veelvuldig aangevuld door de kristalheldere stem van Mariecke Borger die de songs verder verrijkt en zorgt dat de zwaarmoedigheid niet de overhand krijgt. Die ligt nog wel eens op de loer namelijk bij Eggersmans muziek. Maar de balans op Reservoirs raakt nooit verstoord en mede daardoor durf ik Reservoirs nu al wel te bestempelen als een van de beste Nederlandse albums die dit jaar zullen verschijnen. En het zou me niet eens verbazen als ‘ie zelfs uiteindelijk mijn jaarlijstje haalt.
Ook Kiss The Anus Of A Black Cat tapt in ene uit een ander vaatje. Ik weet nog goed dat ik zuiderbuur en band meesterbrein Stef Heeren solo zag in een werfkelder in Utrecht. Sobere, duistere muziek met zijn kenmerkende bezwerende stemgeluid. Dat geluid is op Weltuntergangsstimmung (lekkere positieve titel, is het niet?) is als sneeuw voor de zon verdwenen en ingewisseld voor een zwaar op de donkere kant van de jaren tachtig geënt geluid. Daarin kun je zonder al te veel moeite invloeden van Sisters of Mercy (en vooral het vervolg daar op in de vorm van The Mission), Fields of Nephilim, Gary Numan en in mindere mate Joy Division in terughoren. Nou had ik met die laatste niet heel veel op, in het jasje van Heeren trek ik het prima. Met aanvullingen van drumcomputers en synthesizers trekt Heeren een apocalyptisch geluid op waarbij zijn zang me meer dan ooit doet denken aan die van Dave Eugene Edwards. Ook al is het misschien niet zo’n grote stap, toch mis ik de dark-folk die KTAOABC altijd zo kenmerkte, best in de songs op Weltuntergangsstimmung. Aan de andere kant grijpen de songs door hun gitzwarte stemming me wel behoorlijk bij de strot, de uitvoering van Heeren cs is namelijk meer dan overtuigend. Een portie Weltschmertz over je uit storten, dat kon ‘ie natuurlijk ook altijd al prima.
File Under: Groots
File Audio: [MySpace]
File: Kiss The Anus Of A Black Cat - Weltuntergangsstimmung
File Under: File Under: Nieuw, nu in een New Wave-jasje.
File Audio: [MySpace]
UNKLE - Where Did The Night Fall / Another Night Out (reissue)
Was het niet twee jaar terug ofzo, dat er een WK voetbal bezig was waar Nederland een paar ronden verder kwam dan Engeland? De Engelsen steunden Nederland zo massaal en hartstochtelijk dat ik begon te fantaseren wat er zou gebeuren als de twee landen konden fuseren. Eindelijk meer Engelse humor op tv, eindelijk deel mogen uitmaken van een lange culturele traditie en oprecht trots mogen zijn op muziek uit "eigen land". Natuurlijk, ook in Engeland wordt er veel zooi gemaakt, en in Nederland net zo goed veel prachtigs, maar wij geven ons talent op de een of andere manier minder ruimte dan bijvoorbeeld in België. Nederland past zich teveel aan aan de gemiddelde smaak, of in elk geval aan datgene wat anderen al eerder goed vonden. Bands als Destine en Di-Rect zijn hier succesvol door Coldplay-achtig te zijn, maar zijn qua singles niet voldoende Coldplay en komen dan in het buitenland te provinciaal over. Doordat de Engelstalige markt veel groter is, is het ook een stuk makkelijker om allerlei prominente muzikanten bij elkaar te verzamelen voor een Gemiddelde Kwaliteits CD, zoals het project UNKLE van de 38-jarige James Lavelle al een jaar of tien regelmatig doet. Met liedjes die een fraai-sombere eighties-Britpop-stijl uitstralen, Radiohead-achtig maar niet voldoende Radiohead. CD1 is op deze site al eerder besproken en bevat mooie liedjes als "Another Night Out" (met Mark Lanegan van Screaming Trees en Queens of the Stone Age), "Follow Me Down" (met Rachel Fannan van Sleepy Sun) en "In My Mind" (met Gavin Clarke) als hoogtepunt. Nu het ding als 2CD opnieuw in Nederland uitkomt is het meer een Gemiddelde Kwantiteits CD geworden, want het uitgangspunt van CD2 is exact hetzelfde. Veeg alle eerder genoemde artiesten met Nick Cave, Liela Moss van The Duke Spirit en The Black Angels op een hoop en je hebt wéér 12 goede liedjes, waar alleen helaas weer geen single-kandidaat tussen zit. Neem bijvoorbeeld het gedragen pianonummer "Every Single Prayer". Prachtig! Maar in een context met nóg 25 van die sferische producties wordt het teveel. Dat kun je op een bijzonder onsmakelijke manier opschrijven (nog bedankt, Sid Meuris) maar dat doe je met een net zulke mooie compilatie als Dark Was The Night toch ook niet? Where Did The Night Fall is gebaat bij een mp3-shuffle. Nog een tip aan James Lavelle: kies een andere naam dan UNKLE en probeer eens iets akoestisch of meezingbaars, maak een filmsoundtrack of werk eens toe naar een ordinaire climax. Want dit resultaat is op en top Brits, helemaal keurig in stijl, maar voor Nederland gek genoeg dus te provinciaal.
File Under: Beter dan het vorige UNKLE-werk, maar zonder echte single te weinig onderscheidend.
File Video: [Follow Me Down][Another Night Out]
File Twitter: [Unkle
The Magnetic Fields - Love at the Bottom at the Sea
Terwijl collega Storm na beluistering van de voorganger Realism van The Magnetic Fields ditzelfde album alsnog mee zou nemen op een all-inclusive vakantie, raad ik dit bij de opvolger Love Of The Bottom Of The Sea af. Bij elk willekeurig album trouwens, want dit soort vakanties lijken mij de hel op aarde. Maar goed, het lijkt me dat Stephin Merritt met de titel van dit album genoeg waarschuwing heeft afgegeven. Het leven moet avontuur zijn en de uitdagingen moet je opzoeken om zelf het leven in te kleuren. Dat doet hij namelijk op dit album weer prachtig in vijftien indieliedjes die in totaal net iets langer dan 25 minuten klokken. De liedjes laten doordat ze - inclusief een dosis psychedelica - alle kanten op vliegen nooit de indruk achter dat het album eigenlijk zo kort is. En dat is knap. Merritt heeft trouwens de synthesizer weer van stal gehaald en als je eens een album wilt horen waar dit verdienstelijk is gedaan, dan zit je hier goed. Met dit album in de lader van je cd-speler kan het niet anders dan dat de lente je huis binnenvliegt. Daar kan geen regendruppel wat aan doen.
File Under: All-inclusive voorjaarsbolletje
File Audio: [MySpace][Soundcloud]
File Video: [Andrew In Drag]
File Twitter: [Tweets]
File Facebook: [Facebook]
Spot Festival Napret
Het Deense Aarhus, da’s niet de eerste plek waar je aan denkt als je het over bruisende festivals hebt. Toch staan er op Spot, in dit Deense provinciestadje in twee dagen, een dikke honderd bands op het podium. Spot wil een podium bieden voor de beginnende bands in de Deense scene, maar biedt ook plek voor andere Noordelijke acts. Opener Soley komt uit IJsland, maar werkt vandaag samen met het Deense Darkness Falls. Ze spelen werk van elkaar, waarbij opvalt dat het werk van Soley sterker is dan dat van Darkness Falls. De gitaren, vermengt met synthpartijen, maken het wel een goede festivalact en een puike opener. Akat komt van de Faeröer. Anna Katrin, zoals haar moeder haar noemt speelt met elektronica, laat zich begeleiden door een cellist. Dat is een goede aanvulling voor het kille geluid van Akat. Het tilt Akat boven de elektronicamiddelmaat uit. Opvallend is wel, dat Akat, zoals zoveel vrouwen uit die regio, klinkt als Björk. Het stoort in dit geval echter niet.
Lees verder..Jodymoon - The Life You Never Planned On
Het leuke van recenseren is dat je soms kennis maakt met muziek waarvan je je afvraagt waarom je er nog niet eerder van gehoord hebt. Zo bleek The Life You Never Planned On van het Maastrichtse duo Jodymoon al hun vierde album te zijn. Ook wonnen ze in 2008 de Publieksprijs Singer-songwriter van de Grote Prijs van Nederland. Digna Janssen en Johan Smeets, zowel muzikaal als privé een duo, hebben in de loop van de vier albums steeds meer instrumenten terzijde geschoven en op The Life You Never Planned On blijven enkel nog zang, piano, een keur aan snaarinstrumenten, van banjo tot dobro, en viool en cello over. De plaat is deels in New York opgenomen met producer Bryce Goggin, hij produceerde onder anderen Antony & The Johnsons en Joan As Policewoman. Jodymoon laat op haar vierde album dertien melancholieke liedjes horen die qua stijl een mix zijn van folk, pop, americana en jazz. Digna Janssen heeft een warme stem waarmee ze haar persoonlijke teksten goed over kan brengen. Eerlijkheidshalve moet ik zeggen dat het me in de eerste zes nummers een beetje als teveel van hetzelfde klinkt. Maar dan is daar ineens "Close Your Eyes" dat wat meer varieert in melodie en daardoor meteen meer boeit. "Oh My" wordt enkel begeleid door handgeklap en gestamp op de vloer en dat werkt. Zo is de tweede helft van The Life You Never Planned On gevarieerder en spannender en laat het horen wat een getalenteerd duo Jodymoon is. Janssen en Smeets treden alleen in theaters op omdat ze vinden dat hun muziek daar beter tot haar recht komt. Bovendien worden ze live nog eens versterkt door Wim Spaepen op viool en Marie-José Didderen op cello. Jodymoon is daardoor een zeldzaamheid in Nederland, een klein orkest met rijk en sfeervol geluid.
File Under: Aangename verrassing
File Audio: [Myspace]
File Video: [Innermost]
File Twitter: [Tweets van Jodymoon]
Week 19, 2012
Janineka
Jodymoon - The Life You Never Planned On
Storm
ME - Reservoirs
DubbelMono
VA - Dokument + Ten Highlights in the history of popular music 1981>1982
Jasper
Tu Fawning - A Monument
tBeest
Sonic Avenues - Television Youth
Ludo
Beastie Boys - To The 5 Boroughs
Ewie
The Last Internationale - Choose Your Killer
Prikkie
The Black Crowes - By Your Side
Gr.R
Kap Kap @ Spot Festival
Gazpacho - March Of Ghosts
Lastig plaatje, dat March Of Ghosts. Gazpacho was altijd een beetje aan me voorbijgegaan, ondanks onder andere support slots bij Marillion. De referenties aan Muse, Coldplay en Radiohead in voorgaande recensies las ik gelukkig pas achteraf. Hun zevende album is dus mijn eerste kennismaking en ik snap waarom deze Noren lang aan me voorbijgegaan zijn. Op Wikipedia kom ik de omschrijving 'classical post ambient nocturnal atmospheric neo-progressive folk world rock' tegen en die is na een paar luisterbeurten verrassend begrijpelijk. March Of Ghosts is een serie korte verhalen over ontmoetingen met de geesten van mensen die schokkende gebeurtenissen hebben meegemaakt. Het is traag, met ijle piano- en gitaarklanken, de sfeer wordt nog eens versterkt door de viool van Mikael Krömer en de zangstijl van Jan-Henrik Ohme is treurig en weinig opwekkend. Zo nu en dan gaat het volume omhoog, een heel enkele keer het tempo ook nog, maar vrolijke deuntjes worden het nergens. En toch, als je het album in zijn geheel beluistert kruipt het onder je huid en is zelfs het beperkte en licht deprimerende stemgeluid van Jan-Henrik Ohme op zijn plek. Het doet me door de lijzige zang en trage songs regelmatig denken aan Gavin Harrison &∓ Ø5ric. Maar waar dat album voor mij net iets te vaak richting new age afdwaalde, blijft March Of Ghosts aan de goede kant van de streep. Maar dit is geen plaat waarbij je ook nog eens een fles alcohol naast je moet hebben staan, want dat gaat niet goed aflopen. Man, wat een triestigheid! Maar eerlijk is eerlijk: uiteindelijk wel heel móóie triestigheid.
File Under: Geniet, maar drink met mate
File Audio: [Albummontage]
File Video: ["Black Lily"]
VA - Tjerk Lammers presenteert Dijkdoorbraak. Rock van eigen bodem 1958 - heden (Boek + 4CD)
De formule van de laatste twee boeken die Leo Blokhuis samenstelde heeft een vervolg gekregen. Teksten met feitjes en interviewfragmenten en heel veel afbeeldingen van hoesjes en oude foto’s, allemaal afgedrukt op glanspapier,vergezeld van vier cd’s, verzameld in een wat onhandig boek. Tjerk Lammers, in het recente verleden hoofdredacteur van Aloha en Revolver, mocht van uitgeverij Ambo Anthos de geschiedenis van de Nederlandse rock boekstaven en uit de archieven van Universal Music de muzikale illustraties bijeen zoeken. Dat leverde een soort uitgeklede Top 2000 op met veertig Nederlandse klassiekers die allen grofweg onder de noemer rock zijn te plaatsen. Dus geen pop (geen Marco Borsato, bijvoorbeeld), geen punk (nu ja, Ivy Green dan), geen kleinkunst (behalve Acda en De Munnik) en geen metal (Within Temptation en Vandenberg vertegenwoordigen de ‘harde’ genres). U ziet, het is niet makkelijk om de genres een beetje netjes af te bakenen en dus krijg je het plezierige gevoel dat het voor een groot deel Tjerk Lammers’ smaak is die bepalend was. Samen met de keuzemogelijkheden die Universal bood. We krijgen een Duitstalige versie van Peter Koelewijns "Kom van dat dak af" ("Ich Hab’ne Macke") en een ietwat overbodige vierde cd met bijvoorbeeld het lullige nummer dat Adje Vandenberg voor het kampioenschap van FC Twente maakte. Kortom: drie cd’s met een aardig, maar vooral braaf overzicht en een cd die laat horen dat er na de dijkdoorbraak nogal eens suffe, ondiepe plasjes water achterbleven.
File Under: Geen probleem dat de cd’s niet meer terug te stoppen zijn. Je draait ze toch nooit meer.
File Video: [The Outsiders - Lying All The Time]
The Phantom Keys - The Real Sounds Of
Wat een tijden waren het, die sixties. De hits van toen kennen we nu nog: The Stones, The Beatles, The Kinks en Them. Of wat meer obscuur: The Sonics. Of The Phantom Keys. Een beetje popkenner heeft het uiteraard al wel begrepen: er zijn twee problemen bij dit laatste vijftal. Ten eerste komen de heren uit Spanje, niet het land waar de (garage)beat uitgevonden werd. Ten tweede en belangrijker: de heren waren toen nog niet eens uit hun ei gekropen. The Phantom Keys speelt anno 2012 en The Real Sounds Of is hun debuut. Hartstikke geinig en een prima reden om na afloop van dit album al die platen van toen weer eens uit de kast te pakken. Dat de twaalf liedjes die net een half uur klokken weinig baanbrekend zullen zijn dat is ze vast een rotzorg. Het zit namelijk goed in elkaar en als ze Britten waren geweest in dat andere tijdperk dan hadden ze ongetwijfeld wel een hit gescoord. Pluspunt zit hem in de details, waar zo´n kek orgeltje en de bluesharp even de punten op de i zetten. Kek schijfje voor de beatboy en -girl van nu.
File Under: The Beatles zijn hip
File Audio: [MySpace][Bandcamp]
File Video: [Hun Videokanaal]
Keith Canisius & The Holy Dreamers
Sóley and Darkness Falls
Raleigh Moncrief / Portico Quartet
Van alle cosmogrammaticaal zwabberende beatproducers is Raleigh Moncrief toch wel de gekste. Ik ben er nog niet uit of de man irritant goed, of enkel irritant is. Hij klinkt hoe dan ook ánders, zelfs in een wave waarin vaagheid het uitgangspunt is. Dat komt vooral doordat Robby Moncrieff heeft gemeend te moeten gaan zingen. En dan niet zoals Eskmo met soul in de donder. Neen, deze man volgt zijn compleet eigen regels der meerstemmigheid. Dissonant of vals, u mag het zeggen. Hij kan in elk geval zo met de Ganglians mee uit kamperen. (En produceerde Bitte Orca voor de Dirty Projectors.) Toch, een release die een dermate sterke reactie oproept, krijgt met meerdere luisterbeurten vaak wat fascinerends. En zodra Raleigh een mespuntje zonneschijn toelaat in zijn waanzinnig volgepakte schets-songs tonen zijn muzikale gedachtenkronkels hun aantrekkelijke kant. “I Just Saw” wakkert het vuurtje aan. En de baslijn in het daaropvolgende “In This Grass” steekt het bewaterde geluidsveld in de fik. Wat een baslijn. “Lament For The Morning” heeft niks van een treurzang, de overweldigende synthesizer-akkoorden klinken blijer dan een volière in mei. Beide hoogtepunten bewijzen wel dat Raleigh Moncrief toch echt op zijn best is als hij zijn zangstem als een decoratief instrument inzet.
Het Portico Quartet doet het (op één liedje na) zonder vocalen, en is nergens irritant. Sterker nog, hun lekkere, maar vrij loungy composities zullen het goed gaan doen gelicenseerd aan tv-series. Men opent in “Window Seat” stemmig als The Books gestript van alle chaos. Glitchy synths zoemen, terwijl strijkers zuchten. In “Ruins” valt een wel erg eenvoudig wegklikkende downtempo-beat in, zoals de beats overal braafjes het midden van rijbaan aanhouden. De prima saxofonist Jack Wyllie is de meest opvallende musicus in dit kwartet. Zijn veelal uit lang aangehouden tonen bestaande solo's zetten kristalhelder de lijnen van de liedjes uiteen. Héél af en toe waagt hij zich aan een schreeuwende Coleman-uitspatting, maar voor de luisteraar zich ongemakkelijk zou gaan voelen, schakelt hij weer een tandje terug. Het Portico Quartet lijkt vooral goed naar Jon Hassell te hebben geluisterd, de stemmige trompettist die ook graag met elektronica mag stoeien. Net als Hassell maakt Portico Quartet gebruik van wereldmuziek-invloeden, zonder hun eigen wereldje te verlaten. In “Spinner” moet je de ramblende taxi-chauffeurs en het engagement van Nitin Sawhney er gewoon zélf bij denken. Een leuke noviteit is het gebruik van de Hang, een steeldrum-achtig instrument, dat ideaal blijkt voor zachte Glass-patronen. Het geeft de groep af en toe net dat broodnodige zetje, voor de plaat dreigt te spelen, zonder dat je 'm nog hoort.
File Under: Het wildste gazonnetje van de straat
File Audio: [Raleigh-Cloud]
File: Portico Quartet - Portico Quartet
File Under: Hang die vuile was eens buiten jongens
File Audio: [Portico-Space]
Mojoceratops - Live In Boston
De mooiste ontdekkingen zijn soms stom toeval. Ik was op Spotify op zoek naar muziek van M3, een band met een aantal ex-Whitesnakeleden, maar kwam uit bij een cd uit 1998 van een instrumentaal Amerikaans fusionrocktrio met dezelfde naam. Het album was alleen als dure 192 kbps-mp3's online te krijgen, dus ging ik op zoek naar de band. Ik stuitte op de site van bassist James Möbius, we mailden en enige tijd later was ik de trotse bezitter van de cd. M3 heet inmiddels Mojoceratops, de M3-cd wordt binnenkort ook onder die naam uitgebracht, maar voor mij was interessanter dat de heren inmiddels ook een live-cd hadden. De meeste songs daarop komen van dat veertien jaar oude album. Hmm, is dat niet een gebrek aan inspiratie? Nou nee, want het zijn fantastische songs die het ook veertien jaar later nog verdienen om gehoord te worden. Drummer Greg Mag, gitarist Bob Melpignano en de eerder genoemde James Möbius (bas en Chapman Stick) maken zich er bepaald niet makkelijk vanaf, want de songs zijn verre van simpel. Opener "Countdown" gaat er in vliegende vaart vandoor en dat houdt eigenlijk niet meer op tot en met het afsluitende Mad Hatter. Pauzes zijn er slechts als overbrugging naar het volgende stuk fenomenaal instrumentaal geweld. Het is bovendien muziek die in complete chaos zou kunnen verzanden als ze niet zo akelig strak speelden. Dat is nog opmerkelijker als je weet dat Möbius een soort funky Billy Sheehan-on-speed is. Na het bovenstaande zou je kunnen denken dat Mojoceratops moeilijk doet om het moeilijk doen, maar het tegendeel is waar: er blijft een heel duidelijk songstructuur, waarbij je de zang niet eens mist. Met alle complexiteit blijft het een heerlijke rockplaat. Dit is een band die veel meer dan lokale bekendheid verdient. Al helpt het niet dat ze wéér een naam hebben die ook elders in gebruik is...
File Under: Leve het internet!
Neil Taylor - No Self Control
“Ga je wat doen met Sean Taylor?”, vraagt de platenbaas aan mijn hoofdredacteur. “Want volgende week staat ie in Nederland. Het is een hippe gast en bij OOR zijn ze laaiend enthousiast.” Mooi, dat pak ik dan wel op me. Dus ik raakte verkneukeld bij het idee dat ik ook eens een hippe gast mocht recenseren. Ik pakte de cd erbij, en wat schetst mijn verbazing? Dit is een cd van Neil Taylor. Fucking Neil Taylor, zzp-gitarist voor Tears For Fears, Tina Turner en zelfs Robbie Williams. Die was misschien ooit hip in de jaren tachtig maar dat is dan ook wel weer tig generaties geleden. Als ie maar stug volhoudt, dan wordt het vanzelf wel weer happening. Zodoende staat deze plaat vol gladgestreken pop waarbij Taylor het moet hebben van inderdaad Robbie Williams-achtige ballads, Peter Gabriel-achtige producties zoals “Everybody Seems To Know My Name” dat onmiddellijk doet denken aan “Solsbury Hill” en verder wat wave-geneuzel waar je niet warm of koud van wordt. Taylor is een ego-tripper. Blijkbaar hoort en ziet hij zichzelf graag en vindt ie dat ie wereldrevolutionair bezig is. Nou, mijnheer Taylor, dat valt reuze tegen. Ik hoor leuke aanzetjes maar voor ballads ontbreekt het je aan goede vocalen, de ‘hooks’ zijn sporadisch aanwezig en goed gitaarwerk is nog geen garantie voor goede songs. Zorg dat je weer snel onder de pannen bent bij Robbie Williams voor zijn nieuwe toernee en vraag nog even aan de platenbaas of hij alsnog de cd van Sean naar me opstuurt.
File Under: De onderlegde solo-muzikant wordt door niemand begrepen
Agent Side Grinder - Hardware
En de boer, hij ploegde voort. Dezelfde route, dezelfde velden. Jaar na jaar. Oude akkers worden schraal, nieuwe akkers nemen het over. Kortom, Im Westen nichts Neues. En in veel genres hoort dat ook niet. Hokjes zijn een houvast in een woelig leven. Zo ratelen in de Industrial / EBM de synthdrums al jaren lustig voort, terwijl er een zangert met een zware stem overheen declameert. U kent dat wel, niks nieuws, toch zo lekker. De akker van Grootmeester Eldritch is al jaren schraal, maar verderop wordt lustig voortgeboerd met nieuwe landbouwmethodes. Zo citeert het Zweedse Agent Side Grinder op haar laatste werkje Hardware vrijelijk uit het oeuvre van, godbeterehet, Jean Michel Jarre. Ook heeft de band overduidelijk geluisterd naar OMD’s schromelijk onderschatte meesterwerk Dazzle Ships - luistert die plaat nu eens mensen, en koester’m! En zo krijgt het iets van een licht, laidback Depeche Mode uit haar beginjaren. Variatie op een thema, maar eentje dat toch weer nieuw licht brengt op een versleten genre. En daarmee een, eh, puik plaatje...
File Under: Variatie op een thema…
File Audio: [Sound Cloud]
Lower Dens - Nootropics
Het is makkelijk om Lower Dens af te schrijven als een band die Beach House sans gêne imiteert. Deze vergelijking is al meteen gemaakt door de haast identieke stemgeluiden van Jana Hunter en Victoria Legrand. Maar waar Beach House voortborduurt op hun karakteristieke dreampop-geluid, heeft Lower Dens met Nootropics een van de spannendste platen van het jaar gemaakt. "Alphabet Song" is met zijn experimentele beat en elektronica een nummer van Radiohead-achtige klasse: uiteenlopende, samengebrachte geluiden vloeien door het nummer heen met een free jazz-insteek. Bij "Brains" gaat Lower Dens de shoegazer-hoek in: een minimale, hobbelende snarebeat in de trant van Nancy Sinatras "These Boots Are Made For Walking" is de rode draad tussen een aanzwellend orkest van gitaren en keyboards, dat vervolgens moeiteloos overvloeit in de poppy instrumental "Stem". Het bloedmooie "Propagation", met ontstemde chorusgitaartjes en dissonante vocalen, roept het sentiment van jaren tachtig wave op. Bij het tweeluik "Lion in Winter" is het verband niet helemaal duidelijk: het eerste deel is uitsluitend ambient, terwijl het tweede deel meer stuurt richting de wave-pop van Devo. Die schizofrenie doorbreekt de continuïteit en spanningsboog binnen Nootropics enigszins. Maar met het ijzersterke sci-fi epos "Nova Anthem" levert Lower Dens het definitieve hoogtepunt: een space-opera die door Jana Hunters hypnotiserende, bedwelmende stem op sleeptouw wordt genomen. Groots en episch kan dus ook zonder overbodige, kitscherige instrumentatie. Vervolgens houdt Lower Dens je met het psychedelische, dreigende "In The End Is The Beginning" 12 minuten lang op het puntje van je stoel. Nootropics is verreweg van een samenhangende plaat, maar met Lower Dens' durf om te experimenteren wordt de luisteraar wél beloond. Benieuwd of deze nummers live net zo ingenieus klinken als op plaat: met optredens deze maand in de WORM en op Walk The Line gaan we dat zien.
File Under: Veel meer dan een Beach House-kloon
Spot 2012: Voorpret
Het is inmiddels een beproefd concept. Zet bandjes in diverse lokaliteiten en het wordt al snel gezellig. Verzin er een thema bij, promotie van Noordelijke bandjes in het algemeen en Deense bandjes in het bijzonder en het trekt al gauw internationale aandacht. En dat is ook niet zo gek, want we hebben hier op File Under wel eens verzucht dat het wel leek alsof eenieder boven Hamburg, een instrument kan bespelen. Het is tijd om de daad eens bij het woord te voegen en te kijken of dat echt zo is. Dus trekt File Under komende weekend naar het Deense Aarhus alwaar het Spotfestival zich in volle glorie voltrekt.
Lees verder..Nevada Drive - High Resolution Blues
In al haar enthousiasme had singer-songwriter Christine Oele van het Amsterdamse Nevada Drive ermee ingestemd dat ik vorig jaar zomer al een recensie van de mij toegezonden promo van High Resolution Blues online zou zetten. Begrijpelijk. Ik kon niet anders dan concluderen dat het gepaste trots was. In de inmiddels op verzoek van de band verwijderde recensie sprak ik lovende woorden en refereerde ik onder andere aan Anna Ternheim, Natalie Merchant en Tanita Tikaram. De laatstgenoemde vooral vanwege de prettige gelijkenis in timbre met de stem van Oele. Ondertussen is het album uitgegroeid tot een van mijn favoriete releases van Nederlandse bodem van de afgelopen jaren. Ik liep ermee door zonnige, naar bloesem geurende stadsparken, maar ook over de door druilerige buien natgeregende straten. Ik ontwaakte ermee op katerige zondagochtenden en genoot ervan tot diep in de nacht met aangenaam gezelschap en een goed glas wijn. Eerder dit jaar ontving ik de definitieve versie van het door mij gekoesterde kleinood en door wat subtiel productioneel oppoetswerk en wat slimme wijzigingen in de trackvolgorde bleek deze zo mogelijk nog fraaier geworden. Producer/gitarist Rene Ahoud heeft puik werk afgeleverd door de arrangementen van benodigde ademruimte te voorzien. Ze leiden niet af van Oele's kenmerkende, emotioneel geladen zang en intrigerende teksten en laten de songs langzaam voorbij trekken als zorgvuldig geschoten scènes uit een tijdloze filmklassieker.
File Under: Het rode pluche
File Audio: [Soundcloud]
Fourteen Twentysix - In Halflight Our Soul Glows
Met In Halflight Our Soul Glows is Chris van der Linden met zijn Fourteen Twentysix-project toe aan zijn derde release. Helaas hebben de vorige twee releases niet gezorgd voor de röring die ze wat mij betreft wel verdiend hadden. Gelukkig heeft dat geen invloed gehad op Van der Lindens ambities en laat hij op deze nieuwe cd een verdere groei horen. Gebleven is het grotendeels lome, uitgesponnen geluid dat gedragen wordt door dikke lagen vaak dromerig klinkende synthesizers, toegevoegd is (nog) meer detail en variatie. Dit zorgt voor een album vol beklemmende songs die nou niet bepaald gemakkelijk te verteren zijn. Maar dat boeit mij eerlijk gezegd weinig. Fourteen Twentysix zal ook nooit bedoeld zijn als Music for the Masses (hoi Go Back To The Zoo!). Een van de mooiste songs van In Halflight is “Every Line” waarin de band bij vlagen klinkt alsof Kevin Moore’s onderschatte Chroma Key, de degens kruist met de helaas net zo onbekende Ierse singer/songwriter Perry Blake. De stem van Van der Linden wordt in deze track aangevuld met die van Antimatters Mick Moss en dat geeft deze track net nog wat meer cachet. Het zorgt echter ook voor een kanttekening. Ik merk dat de ietwat snerpende stem van Van der Linden eigenlijk wel wat wolliger zou mogen zijn. Het is niet dat zijn stem pijn doet aan de oren, zeker als hij er niet veel van hoeft te vragen, voldoet ‘ie prima. Als hij wat meer op zijn tenen moet lopen, dan strijkt het wat tegen de haren in omdat ik het gevoel heb dat er nog meer in zit. Dat ‘nog meer’ dat klinkt wellicht negatief, maar dat bedoel ik juist positief, want met In Halflight Our Soul Glows heeft Fourteen Twentysix een prachtige bij vlagen zelfs hallucinerende trip afgeleverd.
File Under: Eigenwijze topper
File Audio: [MySpace]
RM Hubbert - Thirteen Lost & Found
´Hello. I am a guitarist from Glasgow in Scotland.´ Dat is het eerst dat je leest als je op de website van RM Hubbert gaat kijken. Dat hij een gitarist is, dat is na de eerste tonen van dit album wel duidelijk. Dat hij uit Schotland komt, was waarschijnlijk als je het gesproken/gezongen woord hoort op het tweede liedje "Car Song". Dit is Aidan Moffat (ex-Arab Strap). Als je door de indrukwekkende gastenlijst op dit album bladert dan kom je namen tegen als Emma Pollock, Paul Savage, Luke Sutherland, Alasdair Robert en Alex Kapranov. Schotser kan het niet met bandverledens (en hedens) als The Delgados, Mogwai en Franz Ferdinand. Kapranov, van de laatstgenoemde band, verzorgde de productie. Thirteen Lost & Found staat echter ver af van zijn band. Hubbert is van het introverte getokkel met een licht folky lo-fi inslag. Het is van die muziek die niet doen denken aan de industriestad Glasgow, maar aan de prachtige vergezichten die je buiten de Schotse steden kunt hebben, al dan niet met een regenbui op je hoofd. Zijn gasten hebben op dit album een bescheiden muzikale plek door hun inbreng, of het nu met een accordeon, piano of viool is. Alleen de guzheng (Chinese harp) valt samen met de stem van Hanna Tuulikki meer op. "Sunbeam Melts The Hour" is dan ook de vreemdste track van deze plaat. RM Hubbert levert een prachtig album af, dat je echter wel even de tijd moet geven om te bezinken.
File Under: Bijpassende Schotse filmbeelden moet je zelf maar bedenken
File Audio: [Soundcloud][Grooveshark]
File Video: [Sunbeam Melts The Hour]
File Twitter: [Tweets]
Lincoln Durham - The Shoevel vs The Howling Bones
In grote letters staat achterop de hoes: 'produced by Ray Wylie Hubbard [and] George Reiff.' Dat zou ik ook doen, als ik Lincoln Durham was. Al geef ik meteen toe dat ik niet zeker weet of ik dat lettertype dan groter zou laten zijn dan het lettertype dat mijn naam vermeldt. Zo bescheiden als die hoes eruit ziet - al lijkt Lincoln Durham op de coverfoto een beetje op Alex DeLarge uit A Clockwork Orange - zo zelfverzekerd klinkt de muziek. En dat lijkt me ook terecht. Want als je uit de oeroude traditie van countryblues zo overtuigend kunt plukken, dan heb je wel wat in je mars. Naast een hese stem met een ruwe rand bezit Durham ook nog eens een mooie gitaartechniek, waarbij hij vooral akoestische en semi-akoestische gitaren en slide gebruikt. En dan vergeet ik bijna dat hij ook nog veelvuldig de mondharmonica inzet. Er is eigenlijk maar één probleem met The Shovel vs The Howling Bones. Semi-akoestische blues en bluesrock zijn behoorlijk uitgekauwde genres. En dus moet je van bijzonder goede huize komen om er nieuw leven in te kunnen blazen. En hoe ver Lincoln Durham ook komt met zijn eigen songs, de meet haalt hij net niet. Ik vrees dat dat meer aan het genre ligt, dan aan zijn vakmanschap.
File Under: Countryblues en country revisited
File Audio: [MySpace]
File Video: [Living This Hard]
The Australian Pink Floyd Show
Tyketto - Dig In Deep / Trixter - New Audio Machine
In het kielzog van bands als Poison, en Mötley Crüe wisten heel wat bands in de jaren negentig carriàre te maken, mede dankzij MTV. Tot de grunge, tenminste. Juist voor de glam- en hairmetal was de grunge welhaast de doodsteek. Veel bands zagen zich genoodzaakt te stoppen. Gaandeweg trok het allemaal weer een beetje aan en werden tal van bands heropgericht.
Tyketto, de band rond Danny Vaughn, kapte ermee in 1996, deed in 2007 een afscheidstournee en werd in 2008 toch weer opgericht. Met alle oerleden aan boord is Dig In Deep het eerste studio-album in zeventien jaar. Met Vaughn hebben ze een zanger van formaat in huis, die een band sowieso dat beetje extra weet te geven. Maar ook de songs zijn verre van middelmatig. Het swingt als een tierelier, met songs die vaak doen denken aan FM en Journey. De productie laat de subtiliteiten intact, het gitaarwerk is (veel) meer dan rechttoe rechtaan riffwerk, kortom het is smullen met dit album. In songs als "Here Hoping It Hurts", The Fight Left In Me" en "Dig In Deep" laat Tyketto zien dat de inspiratie allesbehalve op is.
Ook Trixter was zo'n band die groot werd dankzij MTV. Nou ja, groot, relatief groot. Ook zij begonnen in 2007 weer. Ook zij hebben er een tijd over gedaan om een nieuw album uit te brengen, New Audio Machine. Moeten we daar nu heel blij van worden? Mwah. Trixter kleurt braaf binnen de lijntjes, heeft een volstrekt verantwoorde koptelefoonproductie, de gitaren zitten lekker ver naar voren in het geluidsbeeld en de songs zijn vakkundig geschreven meebruldeuntjes. U ziet het vast al aankomen, Trixter zit prima in elkaar, maar is volstrekt uitwisselbaar met tientallen andere bandjes. Die allemaal óók heropgericht zijn. De MTV-sound is geupdatet, maar dan heb je het ook wel gehad.
File Under: Hairmetal 2012
File Spotify: [Dig In Deep]
File: Trixter - New Audio Machine
File Under: Alsof MTV nooit is veranderd
File Video: ["Tattoos & Misery"]
File Spotify: [New Audio Machine]
Nobody Beats The Drum - Currents
Na Beats Work, Remixes We Did en diverse coole EP's snelt de reputatie van het Utrechtse Nobody Beats The Drum (NBTD) het land uit. Het trio heeft de afgelopen maand in de Verenigde Staten gespeeld en toert daar ook nog de komende drie maanden. Dat hebben ze te danken aan Currents, dat eigenlijk pas de afgelopen week op mijn tafel belandde terwijl het in december uitkwam. Compleet gemist. Het album moet het dan ook vooral hebben van zijn vorm, alles klinkt wat compacter, platter en dansbaarder dan eerder werk. Qua format krijg je het niet veel beter dan dit; het tempo is perfect voor clubs, de intro's kloppen, en alle geluidjes en filtertjes klinken gewoon ongelooflijk vet. Als je het in vijf minuten zou moeten beoordelen is het de perfecte danceplaat. Wie er wat langer voor gaat zitten hoort wel dat de liedjes wel veel moeite doen om te verrassen, maar niet beklijven. Daar komen ook vrijwel alle bejubelde elektronische artiesten op Pitchfork mee weg, maar ik hoor er net iets teveel aan dat het dit keer ook moest gaan scoren. Volgende keer misschien wat meer herkenbare of analoge samples tussen alle fijne gekte? Zelf vind ik "Radikal Device" en "Show Your Shades" het best, tegen het eind van het album, en dat blokje zigeunerhouse in "Light Bulbs". Mocht je nog de kans krijgen om NBTD te gaan bekijken; ze hebben live een visuele installatie van 8 bij 2,5 meter bij zich, getiteld The Amazing 333" Telenovem Automaton (filmpje). Het is geen Tesla-coil, waar artwork en songtitels van Currents wel door geïnspireerd zijn, maar digitaal is natuurlijk wel de toekomst...
File Under: Nog altijd een fijne Neerlandse electrosensatie
File Audio: [Bandcamp] File Video: [Stop-motion door een enorm koel verlicht bos][Kookshow met Joost van Bellen]









































































































