Sharon Jones & The Dap-Kings – Give The People What They Want

Sharon Jones and The Dap-Kings - Give The People What They Want.jpgVan alle soulzangeressen die de afgelopen jaren (al dan niet: opnieuw) furore maakten, heb ik misschien wel het meest een zwak voor Sharon Jones. Niet omdat ze de meest expressieve of diepgaande stem heeft of omdat ze bij live-optredens het zaalvolume gedempt durft te houden, niet vanwege haar bewogen leven – ze is net weer terug nadat ze kanker heeft overwonnen – en zelfs niet vanwege de (onmiskenbaar aanwezige) kwaliteit van haar nummers. Maar vooral vanwege haar begeleidingsband. Het huisorkest van haar label Daptone Records klinkt diep en vet en opwindend, precies zo als het hoort. En bovenal: haar stem past precies bij het geluid van de fenomenale muzikanten die haar begeleiden. Ze werkte met Michael Bublé (dat vergeef ik haar graag), Beck, Rufus Wainwright en Lou Reed, maar het is de sound van The Dap-Kings die ze nodig heeft. En dat is de verantwoordelijkheid en het meesterschap van bassist, producer en liedjesschrijver Bosco Mann. Analoog, warm en met een precies gevoel voor hoe het moest in de jaren zestig, weet hij Sharon Jones naar grote hoogten te stuwen.

Lees verder Sharon Jones & The Dap-Kings – Give The People What They Want

Stephen Malkmus & The Jicks – Wig Out At Jagbags

Stephen Malkmus - Wig Out At Jagbags.jpgWat Stephen Malkmus ook ooit uit zal brengen, hij zal bij mij altijd een welwillend oor vinden. Natuurlijk, de dagen van Slanted & Enchanted zullen nooit weer terug komen en hoeveel reünies Pavement ook nog zal doen, de jaren negentig zijn voorgoed voorbij. Vrijwel elk Pavement-album heeft intussen een deluxe-reissue gekregen en in de toekomst zullen er vast nog wel meer volgen. Of de soloplaten van Malkmus ook ooit zo’n behandeling zullen krijgen? Ik vraag het me af. De typische, luie slacker-stem van Malkmus is uiteraard gebleven – hoogstens een beetje ouder geworden -, zijn humor draaft hij nu wat verder door en zijn liefde voor FM-radioliedjes uit de jaren zeventig kan hij nog meer botvieren. Maar verdomd, met “Shibboleth” heeft hij zowaar nog een Pavement-liedje geschreven. Verder klinkt het twaalftal liedjes op Wig Out At Jagbags vooral als Stephen Malkmus-liedjes. Het onafgemaakte is verdwenen, de gekte wordt in andere zaken gevonden: bizarre titels en teksten (“The Janitor Revealed”, “Cinnamons & Lesbian”) en de indierock meets bigband van “Chartjunk”. Ik blijf luisteren.

Lees verder Stephen Malkmus & The Jicks – Wig Out At Jagbags

the Ones! – Volume One

the Ones!De originele LP waar deze reissue op is gebaseerd leverde Gear Fab Records bij verkoop 4000 dollar op. Dit soort bedragen zijn niet ongewoon in de wondere wereld van verzamelaars van garagerock. En toch. the Ones! is een coverband. Een band die geen enkele liedjesschrijver in de gelederen had, zelfs geen ambities had om zelf nummers te schrijven en alleen een goede live-reputatie had. In 1966 net zo min opzienbarend als nu. Maar de keuze van hun covers was raak. the Ones! was een strak vijfmanschap: een drummer, een bassist, een gitarist en twee zangers. Wat ze boven alle andere coverbands uit deed steken was hun live-reputatie. Vijfduizend fans naar een optreden trekken was niet ongebruikelijk. Daarom besloten ze om de studio in te gaan om te kijken of ze niet wat platen konden slijten aan hun fans. Het resultaat was fabuleus: opwindend en zo goed gespeeld dat het soms lijkt of de nummers – allemaal klassiekers – van eigen hand zijn. “Hang On Sloopy”, “Don’t Make Me Over” (van Burt Bacharach), The Who’s “I Can’t Explain”, “Diddy-Wah-Diddy”, “Unchained Melody”, allemaal krakers. De schrijver van de liner-notes prefereert ze boven de originelen. Tsja. Toch: het klinkt raar voor studio-opnames, maar soms lijkt het alsof we iets van hun livereputatie terughoren.

Lees verder the Ones! – Volume One

River Giant – River Giant

River Giant - River GiantEigenlijk was ik een beetje klaar met de americanabandjes na de hoos die in de kielzog van Fleet Foxes hun succes probeerden te pakken. Maar goed, we zijn weer een paar jaar verder en wat mij betreft kan het weer. Een prima testcase was de debuutplaat van het uit Seattle afkomstige River Giant. Een band die aan de eerder genoemde Fleet Foxes doet denken, maar – uiteraard – ook aan The Band en Crosby, Stills, Nash & Young. De samenzang van het trio is prima te verteren en de belangrijkste stem doet aan Neil Young denken. Hoera! In ruim een half uur krijgen we tien liedjes voorgeschoteld. Er zijn aanvankelijke de nodige rockinvloeden, zoals in opener “Out Here, Outside”, afgewisseld met rustpunten, zoals “Ra Ra”. Pas in de vijfde track “Western” gaat het pas echt los. Dat zijn ze ook een beetje aan hun afkomst verplicht: de band komt ten slotte uit Seattle. Als ik dan de plaat verder beluister kan ik hem best waarderen, maar mis ik als album toch net wat teveel karakteristieke en herkenbare tracks die ze in het rijtje van de eerder genoemde bands zou kunnen zetten. Alleen in “Taylor Mountain” hoor ik die klasse, dus ze kunnen het wel. Ik had ze eigenlijk wel op een festival op ons vasteland verwacht, maar na een tour bij onze Oosterburen zijn ze inmiddels weer huiswaarts gekeerd.

Lees verder River Giant – River Giant

Blackmail – II

Blackmail - IIOp de hoes van II staan twee hele jonge gastjes de camera in te kijken, geleund tegen een Amerikaanse slee in wat een troosteloze opslagplaats lijkt. Zou dat de band zijn? Nee hoor, Blackmail is Duits, bestaat al twintig jaar en II is hun negende album. De logica achter die titel is dat dit hun tweede album is met zanger Mathias Reetz, die in 2010 aantrad. Teutoonse alternatieve rock noemen ze het zelf, ofwel rock met een indiesausje. De composities zijn doorgaans catchy en strak, maar de zang doet mij vooral aan pakweg een Engelse stadionrockband denken – soms inclusief kamerbrede bombast. Combineer dan met wat psychedelica, bijna proggy gelaagdheid (“Day Of Doom”) en je hebt een bandje dat zo meekan op Pinkpop of Lowlands. Ik denk eerlijk gezegd wel dat het meer een bandje voor indietiepjes is dan voor rockers. Dat ligt voor het grootste deel aan de zang. Niets ten nadele van Reetz, maar hij is simpelweg meer een popzanger dan een rockzanger en dan spreek je al snel een andere doelgroep aan, ook al zitten er up-tempo rockers als “Palms” tussen. Je kunt het een beetje vergelijken met dEUS, dat furieus tekeer kan gaan, maar door het stemgeluid van Barman ook nooit een pure rockband werd. Ook in andere opzichten is Blackmail wel enigszins verwant aan het (latere werk) van dEUS in de zin dat het vaak compositorisch pure popliedjes zijn, die alleen met flink wat volume gebracht worden. Luister maar naar een nummer als “O”. Bekijk voor de gein ook eens de teksten, die mooi van onbegrijpelijkheid zijn. Blackmail dobbert rond in een genre dat al een tijd drukbevolkt is, maar ze doen genoeg eigenwijze dingen om toch op te vallen.

Lees verder Blackmail – II

Sir Ian – Apathology

sir_ian-apatholgy.jpgOver smaak valt te twisten, maar ik durf desondanks wel te beweren dat ik kan horen of iets goed of slecht is in zijn genre. Daar heb ik inmiddels genoeg voor gehoord. Al klinkt het misschien arrogant. Met Sir Ians debuut Apathology had ik echter moeite. Bart Hoevenaars, oud-frontman van de inmiddels ter ziele Rotterdamse post-rockformatie Mono, is de man achter Sir Ian. Apathology speelde hij grotendeels zelf in. Voordat ik aan dit stukje begon heb ik dit album vaak gedraaid. Erg vaak gedraaid zelfs. Er is namelijk zoveel te horen en een genrestempel durf ik er niet op te zetten. Dan weer klinkt Sir Ian, met name door de inzet van de elektrische gitaar, als Neil Young, maar op andere momenten zou ik dit meer aan een symfoliefhebber adviseren. Maar Sir Ian is niet puur in de leer: hij ontdekt. Je moet dus tegen een stootje kunnen. De productie is basic gehouden hetgeen ik wel kan waarderen. Ik heb een hekel aan bombast. Ik kan me echter voorstellen dat een uitvoering met een orkest geweldig zou zijn, maar ook bij een intiem huiskamerconcert komt hij vast tot zijn recht. Qua stem heeft Hoevenaars overigens best een hoog bereik, iets waar je ook tegen moet kunnen. Maar ondanks dat ik bezwaren kan bedenken, ben ik toch vooral gegrepen door Apathology. Ik moet er moeite voor doen, en dat zijn op lange termijn vaak de beste albums. Op dit album doet overigens Fuck The Writer mee, iemand die ik bij een recensie van zijn cd vergeleek met John Frusciante. Frusciante was de link die ik zocht, al durf ik zijn muziek ook niet in een hokje te stoppen.

Lees verder Sir Ian – Apathology

Pearl Jam – Riot Act

Oh my God! Hebben ze dan echt niets meer te zeggen die jongens van Pearl Jam? Ik zit naar hun nieuwe singel te luisteren en ik val echt in slaap van al dat geneuzel! Wat is er toch gebeurd met die band die met hun debuut Ten en Vs twee prachtplaten afleverde. Opdoeken die hap! Al moet ik wel weer toegeven dat het hoesje van de niewe plaat Riot Act er wel mooi uit ziet. Kunnen ze niet alleen die plaatjes uitbrengen en de muziek laten voor wat het is?

File: Pearl Jam – Riot Act
File Under: overbodige hap