Balthazar
Balthazar is de perfect mysterieuze indieband. Een vijftal studentikoze hipsters uit het toch al zo sympathieke België, dat vier jaar na hun eerste EP eindelijk een fraaie debuutplaat uit heeft. Ze zijn gespecialiseerd in rare gitaarliedjes met fraaie samenzang die nét niet glad in het oor liggen, rare videoclips en eigenlijk best normale optredens. In België staan ze al het hele jaar hoog in de alternatieve Studio Brussel-hitlijst 'De Afrekening', ik had ze al eerder gezien bij een leuk optreden in Merleyn en ik mocht ze interviewen op Lowlands. Het finest moment van Balthazar, hun grootste optreden tot dusver.
En dat interview werd niet helemaal de openbaring waar ik op hoopte. Aan de band lag het niet en mijn voorbereiding was ook nog wel oké. Je leest van te voren wat andere interviews op teh interwebs en verzint wat interessante vragen die hopelijk nog niet aan de band gesteld zijn of die niet té knullig of standaard klinken ('waarom heet jullie band zo'?). Een backstage-perskaart kreeg ik niet, wel een neon-oranje travelpas (stel je die voor als een ronde sticker die je op je shirt moet plakken) waarmee ik enkel toegang kreeg tot de perstent, naast de Grolsch, althans voor het enkele half uurtje dat was afgesproken. Half-illegale MP3-recorder in de aanslag, papiertje met vragen haastig in de broek gefrommeld, extra batterijen voor een noodgeval in de achterzak. Terwijl All Time Low in de Grolsch aan zijn optreden begint, mag ik plaatsnemen naast Maarten en Jinte, en zet ik de recorder aan.
Lees verder..Crystal Castles - Crystal Castles
Het eerste album van Ethan Kath en Alice Glass was stijlmatig compleet bij elkaar gejat, en desondanks was het een van de coolste platen van 2008. Distorted electropunk, synthesizertechno, Gameboy-bitpop en een zowat behekste vrouw die vanonder haar capuchon een tot extatische hoogten opgezweept publiek toekrijste: het is nadien vaker geprobeerd (Uffie, Kap Bambino), maar bijna nergens heb ik meer zo'n gekkenhuis meegemaakt als bij Crystal Castles. Kan er natuurlijk ook mee te maken hebben dat we die new-rave-tijd met de bonte eighties-neonhoodies nu wel enigszins gehad hebben. En de tweede plaat van Crystal Castles (die net zo min een titel heeft als de eerste) is ook wat minder ravey. Op "Doe Deer" en "Baptism" zie ik nog wel een wild feestje gebouwd worden, maar de vergelijking met Atari Teenage Riot mag voor de rest van de plaat de prullenbak in. Dat is namelijk een prettig soort electrowave: niet essentieel, maar wel erg lekker. Veel melodie, laidback, allemaal net wat te schel, scheurend rommelig en blieperig om ouderwets of juist een clubhit te kunnen zijn. "Empathy" had zelfs door Trent Reznor geschreven kunnen zijn. Crystal Castles compenseert hier het soort liedjes dat ik stiekem op Röyksopps Senior ook verwacht had, maar die daar niet op staan omdat het de rokerige sfeer zou schaden. Tegelijk hoef je de bass maar wat harder te draaien en het wordt toch nog een feest. De capuchon mag af en de stroboscoop mag uit, maar de experimentele lichtshow blijft.
File Under: Toch wéér een van de coolste bands van het jaar
File Audio: [MySpace][Last.fm][Spotify]
File Video: [Celestica][Doe Deer]
The Qemists - Spirit in the System
De beste truc van de Qemists is gebleven op dit tweede album, en is bovendien nog redelijk uniek: veel andere drum'n'bass met vrouwelijke vocalen heb ik de afgelopen anderhalf jaar niet gehoord. "Life's too short" en "Hurt less" zijn daarvan typische voorbeeldtracks, en met "Fading Halo" staat er ook een merkwaardige Candi Staton-achtige typische laatste-pianoplaat-om-te-draaien-op-een-avond op het album. Persoonlijk zet ik echter liever het verpulverende "Take it back" (met Enter Shikari) op, of het fluitend loeizware "Apocalypse" (met de frontman van The Automatic). Of "Dirty Words". En tja, dan heb je toch al zes goede nummers van de negen, toegankelijker ook dan op de eerste plaat, ook al neigen ze soms wat meer naar dubstep en zijn de beats wat creatiever. Het blijft commerciële hap-slik-weg-dansmuziek, kwalitatief bezien, het Zuid-Engelse drietal verhoereert zich de hele plaat lang alsof ze David Guetta heten, maar het levert op deze tweede plaat een toegankelijker resultaat op dan bij hun debuut Join the Q. En ach, waarom zou je niet proberen te scoren? Zulke 'makkelijke' nummers hebben Pendulum er ook niet bepaald van weerhouden om een favoriet te worden op zowel menige dansvloer, als in de autoradio van ons autobusje terwijl we naar Wacken Open Air reden twee weken terug. Wie nog eens agressieve energiebommen zoekt...
File Under: Lekker dnb-, trance- en rock-amalgaam
File Audio: [MySpace][Take it Back]
File Video:[Hurt Less]
Marc Almond - Varieté
Opeens stond-ie zomaar midden in de schijnwerpers: op 25 januari werd Marc Almonds "Tears Run Rings" gelijktijdig op tientallen Nederlandse radiostations gedraaid, als eerbetoon aan de overleden Kink FM-dj Arjen Grolleman (het was diens favoriete nummer). Een apart moment, ook omdat Almond op veel van die zenders al in geen jaren meer in de ether geweest was. Iedereen kent "Tainted Love" van zijn oude band Soft Cell wel, maar verder? Ook ik kende hem solo eigenlijk alleen van het lieflijke "The Days of Early Spencer", en van System F's trancenummer "Soul on Soul" dat op Kink FM veel airplay kreeg in 2001. Toch heeft Almond veel échte fans, en dat valt wel te verklaren. Die stem! Die attitude! Almond is een ouwe romantische nicht, beetje van het type Willem Nijholt, groot liefhebber van zowel experimentele muziek als tranentrekkende croonerplaten - als er maar een mooie melodie, persoonlijke tekst of een ranzig randje aan zit. Zijn zangstijl is prachtig helder, maar het totale tegendeel van alles wat de tv-jurys verkondigen: niet altijd toonvast, opzettelijk nooit op tijd en over de grote linie erg eigenwijs. Juist dat maakt ook Varieté zo boeiend (en ondergetekende is nog wel een Antony & the Johnsons-hater). Het wordt Almonds laatste eigen plaat, zo heeft hij aangekondigd. Die bevat dan ook nogal wat bespiegelingen, en ze zijn prachtig geformuleerd. Ik heb zelden zulke mooie muziekgeschiedenisteksten gehoord als in "The Trials of Eyeliner", maar eigenlijk is de hele plaat zo. Andere hoogtepunten: "Lavender" is een heerlijk treurige pianoballade, "Sandboy" een zelfzwelgende liefdeszoektocht, en aan de tekst "Where will we go, my madness and I" weet je ook meteen genoeg. Varieté eindigt groots met zowel een "Swan Song" als een "Sin Song", waarin Almond respectievelijk melancholisch terugblikt ("My time has passed (..) I'm singing goodbye and I'll be gone") en een optimistisch motto aanbiedt ("Don't care if it is wrong, I'm singing it loud and strong"). Hoe meer ik Marc leer kennen, hoe jammerder ik het vind dat ik zijn werk nu pas echt ontdek. Varieté is in elk geval een waardig afscheid.
File Under: Laatste cadeau
File Audio: [MySpace]
File Video: [The Exhibitionist][Bread and circus][Trials of Eyeliner (live)]
Arcade Fire - The Suburbs
Twee keer bezongen Win Butler en Régine Chassagne de onveranderlijke zaken van het leven. Hun eersteling (Funeral) ging over de dood, de tweede (Neon Bible) over levensvragen en geloof. Ook de titel van de derde geeft het thema weg, namelijk de troosteloosheid. De songteksten weerspiegelen dat: allerlei zaken worden niet begrepen, niet geweten en slechts achteraf herinnerd. Voor een plek die omschreven wordt als een schaduwenwijk, een stad zonder kinderen, en een privegevangenis wordt er wel veel nostalgie gehuldigd op The Suburbs. Het is een mooi album geworden met een handvol écht goede songs (vooral aan begin en einde), terug richting het instrumentarium van Funeral maar dan zonder een rockgeluid, met het een-na-laatste nummer wederom als onwaarschijnlijke indiediscohit ("Sprawl II (Mountains beyond mountains)"). Ik kan me goed voorstellen dat hoe vaker je de plaat draait, hoe meer je erin opzuigt. The Suburbs is bovendien echt bedoeld als één lang album om uit te zitten: diverse nummers zijn in tweeën opgeknipt, andere nummers hangen door een aangehouden vioollijntje of drumroffel kunstmatig aan elkaar, en de thematiek doordrenkt alles. Daar zijn twee forse minpunten aan te noemen: het album heeft een paar nummers die de aandacht niet vasthouden (komt meer voor), en bovendien wordt dat thema verschrikkelijk passief uitgewerkt. Toen mijn mp3-speler me per ongeluk middenin de plaat een ander nummer voorschotelde ("Jimme's Song" van Emanuel & the Fear, met de tekst "I don't wanna get a job, I don't wanna do nothing at all"), was de hele betovering gelijk weg. Inderdaad: je kunt niet veel doen aan het verleden, maar wel aan het heden. Als je inspiratie daarvoor enkel uit fouten uit het verleden mag komen, heb je aan The Suburbs daarvoor een perfecte plaat.
File Under: Weemoedig omkijken
File Video: [The Suburbs (fanvideo)][We Used To Wait (live)]
File Audio: [MySpace]
Shout Out Out Out Out - Reintegration Time
In de bij deze gelanceerde File Under-rubriek: 'Wat maakt dit geen hit?' (goed voorbeeld doet volgen): het nummer "Guilt Trips Sink Ships", track 2 van het tweede album van het Canadese zestal Shout Out Out Out Out. Structuur: lange intro, couplet, refrein, instrumentaal refrein, couplet, refrein, instrumentaal refrein, refrein, instrumentaal refrein met een hoop extra acidbliepjes, lange outro. Details:
1:52: Jeej, nu al de eerste vocalen! Jammer dat ze door de vocoder zo zijig klinken.
3:06: Drummer beroert voor het eerst hi-hats. Kennelijk toch nog niet compleet in slaap gevallen.
4:48: Het is wel erg uitgesponnen, he?
6:35: Is dit soort acid nou een geluidsdemo, of worden we nog geacht te dansen?
7:48: Gaappp...
Gaan we naar track 8, "Remind Me In Dark Times". Structuur: lange intro, couplet, refrein, couplet, refrein, brug, intro, couplet, refrein, outro. Details:
1:33: Wederom de eerste vocoder-vocalen! (Herkent u al een patroon?)
2:09: He he, het éérste catchy refrein op deze cd. Bekende akkoorden, maar goed.
2:41: Koebellen! Men doet een LCD-Soundsystempje.
4:06: Zeg, dat vocoder-effect begint nou wel te irriteren.
4:29: En dat synthje onderhand ook. Niks psychedelisch aan, dit is SAAI.
4:45: Dit is toch geen brug man! Je herhaalt enkel één akkoord met wat effecten eroverheen.
8:40: Goddank, het is afgelopen!
Kortom, we hebben te maken met een act die liever jamt dan goede nummers schrijft. En dat deden ze op hun eerste plaat in 2006 eigenlijk ook al, alleen werkte het daar wat beter (shout 'oud oud oud oud'). LCD Soundsystem mag tegenwoordig niet meer zijn wat het geweest is, zijn disco-lookalike Juan MacLean is eigenlijk nog nooit iets geweest (al is die live wél weer goed), maar dit Shout Out Out Out Out, dat is pas écht niks. Doeiii!
File Under: Duidelijk niet erg in
File Audio: [MySpace][Assassin (Headman remix)]
The Divine Comedy - Bang Goes The Knighthood
Gelukkig, er is weer een nieuwe Divine Comedy-plaat! Die gebeurtenis valt voor mij een beetje in de categorie 'zullen we weer eens naar Theo Maassen gaan' of 'hee, treedt Youp weer op?'. Alleen speelt Neil Hannon dan vooral liedjes. Lekker Wim Sonneveld-achtige pianoliedjes, met sarcastisch-romantische Britse teksten over mooie klassieke orkestbegeleiding. De beste man wordt dit jaar veertig, wat verklaart waarom hij in single "At The Indie-Disco" refereert aan ouwelullenbands als Blur, Depeche Mode, The Cure en The Pixies, maar naarmate Hannon veroudert wordt hij alleen maar charmanter. Bang Goes The Knighthood, de tiende Divine Comedy, is weer net zo'n consistente plaat als altijd, maar dit keer is-ie wel ronduit vrolijk, jubelend, zomers, terwijl de wolkenhonden door de hemel drijven. Prachtig actueel is zijn parodie op de financiële crisis in "The Complete Banker" en op de tekst van "The Lost Art of Conversation" blijf je puzzelen. Hadden we in Nederland maar zo'n stijlvolle zanger. Bis, bis!
File Under: Zomerse Britse chansons
File Video: [Neil Hannon legt het zelf even uit: deel 1 (Down In The Street Below), deel 2 (The Complete Banker), deel 3 (At The Indie-Disco), deel 4][Net als bij cabaretiers staat half YouTube vol met bootlegs]
Dan zoeken wij ook nog wel schrijvers!
Gisteren deed de commerciële nieuwssite NU.nl een oproep op Twitter aan mensen om hun muziekrubriek te komen vullen. Er volgde wat ophef over de voorwaarden en over de gekozen muzikale blik (met beide valt het in de praktijk trouwens nog best mee). File Under heeft als muziek-groepsweblog dan wel niet het bereik van een NU.nl, en doorgaans halen we onze schrijvers, doedelaars en fotografen stilletjes uit eigen gelederen, maar bij deze willen we laten zien dat er best creatieve ruimte bestaat voor muziekliefhebbers met een bredere smaak.
Dus: wil jij ook schrijven op File Under? Stuur dan een mailtje naar fileunder@fileunder.nl.
Midnight Juggernauts - The Crystal Axis
Het mag dan van ver voor mijn tijd zijn, maar ik heb een zwak voor sommige jaren '70-pop én voor Daft Punk-disco. De liedjes op de eerste plaat van de Midnight Juggernauts waren zo'n allemachtig sterke kruising van die twee genres dat Dystopia prompt mijn plaat van 2007 werd. Gelukkig werd-ie ook goed opgepikt. MTV Brand New heeft de clips erbij intussen echt grijsgedraaid. Mijn verwachtingen voor het tweede album waren dan ook hoog, en de eerste single "This New Technology" stelde daarom aanvankelijk wat teleur. Meer pop, minder beats. Maar hoe vaker ik hem draaide, des te prettiger dat dikke orgeltje met zijn fiedelsynths erboven toch weer beviel. Het is eigenlijk zo'n nummer dat je op de radio moet horen, in zijn eentje buiten de album-context, dan is het op zijn best. En dat geldt voor nog een aantal nummers op The Crystal Axis, dat duidelijk de retro- en daarmee wat kwetsbaardere kant kiest. Het wordt soms wat veel van het goeie, net als bij de tweede MGMT. Als je "Into The Great Beyond" (had zo van Todd Rundgren kunnen zijn) en "Cannibal Freeway" (meer Electric Light Orchestra wordt het niet meer dit jaar) zo achter elkaar hoort, is dat toch een aparte, psychedelische tijdreis, en zo gaat dat dan maar door. Maar nummers als het prachtige "Dynasty" of "Lara Versus The Savage Pack" zijn eigenlijk te lang. Wat ELO deed in zo'n geval was muzikaal flink uitpakken, vreemde toonladders erbij halen, allerlei instrumenten erdoorheen gooien, of het hele nummer opbouwen rondom een bepaald flanger-effect. Zulke trucjes kennen de Midnight Juggernauts ook wel, maar ze zijn er (nu) duidelijk minder scheutig mee. En tja, stiekem wacht ik natuurlijk nog op iemand die hier wél een vette electro-remix bij maakt...
File Under: Meer seventies voor popfijnproevers
File Video: [Vital Signs][This New Technology]
Ed Harcourt - Lustre / Illustrious
De vorige keer dat ik op deze plek over Ed Harcourt schreef, was het vier jaar geleden, had ik een vriendin en waren we beiden hartstochtelijke bewonderaars van deze fijne Engelse piano-singer/songwriter. Maar de albumtitel The Beautiful Lie werd bewaarheid en onze relatie ging uit. Het is raar hoe je dat soort persoonlijke dingen met je kunt meedragen. Ik draai Harcourt niet zo vaak meer en ik voel me wat zwaarmoedig als ik zie hoe hij (slechts drie jaar ouder dan ik) op de cover van Lustre ('glans') poseert met vrouw en dochter. Dit is een sleutelplaat voor hem geworden; de geboorte van zijn dochter, het afscheid van zijn platenmaatschappij (die in 2007 wel nog een fraaie best-of uitbracht die veel te weinig recensies gehad heeft), en hij bracht Lustre voor het eerst uit via zijn eigen uitgeverijtje, samen met de bonus-cd Illustrious erbij. Dit keer heeft Harcourt zijn clowneske maniertjes thuisgelaten, waardoor hij een degelijke en charmante indruk maakt. Bovendien had-ie altijd al een prachtige stem, en blijven zijn teksten prettig ongemakkelijk. Zo past het bespiegelende "Do as I say, not as I do" mooi bij mijn computerprogrammeerwerk overdag, maar is "A Very Good Impression of Myself" weer een even spontane jammerklacht als zijn vroege werk. Ik kwam een mooi citaat van ene Kas tegen: 'De ene keer lijkt Harcourt een moderne Brian Wilson, dan weer is hij het balorige neefje van Tom Waits, de gepikeerde buurjongen van Elvis Costello, drugsdealer van John Lennon, drinkemaatje van Bruce Springsteen, zwemleraar van Jeff Buckley of opticien van Elton John.' Uitschieters zijn met name het titelnummer "Lustre" (ook een favoriet van Peer) en het dramatische "Lachrymosity". Ook aan een met blazers opgeleukt nummer als "Heart of a Wolf", waarvan een instrumentale versie op Illustrious staat, hoor je dat Harcourt dit keer vooral compositorisch zijn best gedaan heeft. Hij sluit de plaat dan ook niet alleen af met de mooie ballad "So I've been told" (die dan wel weer over een psychotische gevangene gaat, overigens), maar daarna volgt nog de gospel-achtige, euforische meewuiver "Fears of a father" die zonder veel twijfel ook wel het vaste slotnummer van zijn concerten gaat worden. Het is een suikerzoet nummer naar Harcourts maatstaven, met een vleugje Keane en Sky Radio erin, en het kan zo aan het einde van een film, maar ach, wat geeft het. Het is een gelukkig einde, en weke harten vol liefde hebben we uiteindelijk allemaal. Ook al kunnen we die niet altijd delen.
File Under: U zij de glorie
File Audio: [Lachrymosity][Tracks toegelicht][Haywired]
Chemical Brothers - Further
Hoe lang zouden de Chemical Brothers gedaan hebben over het opnemen van dit zevende album? Vermoedelijk niet lang. Het klinkt als een psychedelisch tussendoortje, een Electronic Battle Weapon-achtige vingeroefening, een moetje om te voldoen aan het contract met EMI, of hooguit een setje b-albumtracks dat prima gedijt op een undergroundfeest. Er staan geen beukende hits of waardige clubtracks op, uitgezonderd de wel aardige singles "Swoon" en "Horse Power", maar ook dat soort tracks hebben de Chems eerder en veel beter gemaakt. Op Dig Your Own Hole bijvoorbeeld, en de lange versie van "It Began In Afrika" uit 2001, waar de percussie zo opzwepend werkte dat de track eigenlijk niet lang genoeg kon duren. Laat nou juist percussie het ondergeschoven kindje zijn op Further. De climaxen zijn uitermate gerekt en voorspelbaar, ook in "Horse Power", en dat alle tracks in elkaar overlopen is ook geen pluspunt. Ik heb wel eens vrienden zien jammen op een ouwe Roland-synth en dat levert net zulke leuke tracks op, maar hoor es, van de holy fucking Chemical Brothers verwacht ik wel wat meer. Het enige artistieke selling point van Further is dat het concept weer eens wat anders is. Dat gedoe met al die gastvocalisten hadden we tenslotte wel weer gezien, terug naar de kern is nooit een verkeerd idee en slecht is het niet. Maar verrassen doet het óók nergens, en hoe vaker ik Further draai, hoe vervelender en langdradiger de plaat wordt. Helemaal zonde is dat het videobudget ook verkeerd besteed is. Tom en Ed mogen historisch gezien teren op een reputatie van fantastische clips bij hun singles, maar dit keer hebben ze bij álle tracks wat goedkope animaties uit de computer laten rollen. Een bewegend paard, wat rondfladderende bolletjes, iemand die in het water duikt. Het ziet er op hoge resolutie nog wel aardig uit, maar het slaat uiteindelijk nergens op. Leuk voor op de videowall live, maar totaal kansloos om daarvoor een aparte CD/DVD-editie van Further uit te brengen. Sorry jongens, meer kan ik er echt niet van maken.
File Under: Vuller. En Pitchfork gunt dit prul een 8.0. Pfffrt.
File Video: [Swoon]
Doves - The Places Between
Ook als de schemering is gevallen, en er geen passagier meer te bekennen is, brandt er nog licht op de rails. Het zijn de schoonmakers van de NS. Op het verlaten rangeerterrein maken zij hun toer door de trein, door de rij van zinloos verlichte raampjes. En ik verbeeld me dat ze hun werk doen terwijl ze naar de liedjes van Doves luisteren. Niet alleen omdat de boxjes van de trein gecontroleerd moeten worden, maar omdat die liedjes bij de sfeer passen. Jimi Goodwin is voorbestemd om gelaten neergaande loopjes van lang aangehouden noten te zingen over een zee van melancholie. Elk Doves-album heeft wel een paar van die prachtig trage liedjes waarvan je de emotie niet hoort maar voelt, en je moet ze eigenlijk daarom niet te vaak draaien, maar o, wat zijn ze schitterend. Als trouwe vrienden, elke keer dat je ze opzet. "There Goes The Fear", "Kingdom of Rust", "Sea Song", "The Man Who Told Everything", ik kan er al jaren op repeat naar blijven luisteren. Ik snap ook werkelijk niet waarom in Nederland geen hond deze band op waarde lijkt te schatten. Ook al zijn alle albumhoezen gitzwart, deze muziek spreekt zóveel devotie, zoveel hoop en liefde. En het feit dat al die parels nu bij mekaar zitten in één doosje, inclusief clips en al, geeft The Places Between een grandeur van 'OK Computer'-kwaliteit.
File Under: Mijn mooiste verzamelaar van het jaar
File Audio: [MySpace]
Pendulum - Immersion
Op dit moment van schrijven staat de drum'n'bass/rock-act Pendulum nummer 1 in Engeland. Ja, in de albumlijst. En dan nóg durft 3VOOR12 te beweren dat er niemand is die zich anno 2010 kan meten met The Prodigy. Sorry hoor, maar op de plekken waar ik dj uithang is de afgelopen twee jaar bijna geen band zoveel aangevraagd als Pendulum (of het moet MGMT's "Kids" zijn), en wordt er op weinig anders zó heftig gedanst. Maar goed, Hilversum is dan ook niet bepaald het centrum van de wereld qua dancemuziek, en Landgraaf evenmin. In Londen valt beter handjeklap met bekende radio-dj's te spelen, getuige het uitgebreide dankwoord aan BBC Radio 1-dj's in de inlay van Immersion, Pendulums nieuwste monster van een plaat. Ergens is dat dankwoord echter ook een beetje hypocriet. BBC Radio 1 heeft namelijk zo'n rubriek "the hottest record in the world" waar je nog echte primeurs hoort. En bij zo'n naam verwacht je singles van het kaliber Smells Like Teen Spirit. Juist dat is het enige zwakke punt van Immersion. Want single "Watercolour", betiteld als hottest record, is stoer maar niet zo goed als een Prodigy-single, en het vergelijkbare "Witchcraft" of "Salt in the Wounds" evenmin. Wel weer typisch Pendulum nieuwe stijl: lekker diepe subbassen, kermiszoemers doen wat kinderlijke melodie daarbovenop en halverwege zit één enorme break. Kortom, het receptje "Fasten Your Seatbelt", alleen dan net wat uitgekauwder. Werkt prima, maar eigenlijk zoooo-o-o-o-o makkelijk. Enkel daarmee word je niet "de grootste dance-act ter wereld, groter dan Daft Punk", zoals hun songschrijver Rob Swire volgens het Engelse blad Mixmag ooit eruitflapte toen zijn manager hem vroeg wat hij met dit nieuwe album wilde bereiken. Maar dat er verder behoorlijk hete danskleppers op Immersion staan, dat viel ook te verwachten en dat komt gelukkig ook uit. Ik noem een "Under the Waves", de beide delen van "The Island", "Immunize" met, jawel, Liam Howlett van The Prodigy. Pure kanonskogels, en de reden waarom ik een groot liefhebber blijf. Nog een pluspunt: Pendulum heeft zijn jongensdromen waargemaakt, en heeft de studio gedeeld met In Flames (wat resulteert in het niet-erg-Pendulum-achtige metalnummer "Self vs Self") en Porcupine Tree-zanger Steven Wilson ("The Fountain", goed!). Je zult mij niet meer horen beweren dat Pendulums gitaren slap klinken! Maar dat beladen, opgefokte gevoel doordrenkt ook de hele plaat, en dat maakt 'm toch wat minder stoer dan In Silico.
File Under: Doorzeefd
File Audio: [MySpace]
File Video: [Watercolour][Facebook]
File 3D-Video: [Salt in the Wounds (spot de schaduw van de cameraman!)]
Washington - Rich Kids EP
Elk écht mooi ep'tje verdient een eigen stukje. En al helemaal als het gaat om vrouwelijke singer-songwriters met een fijne stem. Megan Washington komt helemaal uit fucking Brisbane in Australië en ik had - eerlijk is eerlijk - dit fraaie werkje nooit nu opgepikt als het dit weekend niet op een Bepaalde Torrentsite Van Vier Letters gestaan had, die we intussen wel de opvolger van OiNK mogen noemen omdat er zo enorm veel obscure dingen opstaan. De reden dat ik het had gedownload was nog een vergissing ook: ik hoopte op nieuw werk van de Noorse indieband Washington waar George altijd zo mee dweept. Goed. Megan Washington dus. Dit is al haar vierde EP en in juli gaat haar debuutalbum I Believe You, Liar uitkomen in Australië (dus rond 2018 in Nederland?). Ze is al opgepikt door de grootste moloch onder de platenmaatschappijen, dus 'indie' kun je het niet meer noemen. Maar boeit dat? Die stem van haar! Ik weet dat-ie op talloze andere lijkt, en toch ben ik eraan verslaafd. Haar getwinkel op de piano is niet alleen charmant, ik kreeg ogenblikkelijk kippenvel bij het slot van "1997", dat met een vergelijkbare piano-outro afsluit als Ramses Shaffy in "Lach, zing...". Ook een ander nummer lijkt (vast toevallig) op iets anders: "Someone Else In Mind" heeft onmiskenbaar het Soldaat van Oranje-thema in zich. Maar toch. Volgens mij heb ik er weer een favoriete muzikante bij. Gauw die andere EP's maar eens checken.
File Under: Waar een mooie stem en leuke pianoliedjes samengaan
File Audio: [Op haar site]
File Video: [Rich Kids]
Quitzow - Art College / Juice Water
Ze heeft een prachtige naam voor Scrabble, Erica Quitzow. En ook muzikaal is ze nogal veelzijdig, want ze speelt gitaar, synthesizer, viool en cello, ze houdt van bliepjes, ze zingt, ze componeert haar eigen nummers en runt haar eigen platenlabel. Haar debuutplaat Quitzow nam ze in 2003 nog thuis op met een sampler, een beetje op de KT Tunstall-achtige manier. Maar live heeft ze een band bij zich. Dat moet ook wel, want ook de liedjes op haar cd klinken als een ratjetoe van instrumenten. Door de beats, de stemvervormingen en de zware synths klinkt haar tweede album Art College uit 2008 bij tijd en wijle wat onheilspellend. Het is geen plaat waar je makkelijk inkomt, ook al breit Erica een paar pakkende stukjes tussen de experimenten. Al haar talent leverde hier niet direct goede liedjes op. Niet voor niets bleef het album destijds liggen op mijn promostapel, en niet voor niets werd enkel het lieve viool-met-beats-liedje "Better Than Ever" op enkele compilaties gezet. Eigenlijk wilde Erica teveel tegelijk op deze plaat. "Slept in my car" had mooi dramatisch kunnen worden, maar waarom zitten dan die pauken er weer onder? "Jackpot" is een fijn dansliedje, maar met te lieve zang. En zo werden diverse nummers met teveel ideeen volgepropt.
Erica moet gewoon een beetje geluk hebben, denk ik. Op de gratis te downloaden EP Animal Nature staat bijvoorbeeld het leuke nummer "Float", dat niet eens zoveel simpeler is opgebouwd, maar het klinkt wel veel spontaner. En die goede ontwikkeling is doorgezet. Haar net verschenen derde plaat kondigt Erica op MySpace aan met 'I made a record, it's supposed to make you dance. I think it will make you have a damn good time if you just let it. Why not?' En inderdaad, op Juice Water durft Erica beter te kiezen. De beats mogen platter en dansbaarder, maar de intelligente mix met indie blijft. Opener "Let Out All The Crazy" gaat bijvoorbeeld fraai van electro naar akoestische instrumenten. Alsof Erica 'sliep uit!' tegen Lady Gaga roept. "Talk To Me" is lekker kaal elektronisch opgebouwd, maar de bassen knallen net niet genoeg. Ook "The Cut", "Money Talks" en het dubsteppy "Whatever" blijven grotendeels elektronisch en hebben potentieel (benieuwd hoe het live klinkt), maar net als La Roux verdient Quitzow wel een paar goede remixers om het hiermee in clubs te redden (iemand?). Ze schrijft dan ook geen slechte liedjes. Het met 'echte' instrumenten gespeelde "Race Car" en het tragere "Race Car 2" zijn ronduit mooi. Dat "Magic" dan weer klinkt alsof een kamerorkest een Kylie Minogue-nummer covert, ach.
File Under: Veelzijdigheid versus één ding goed doen
File Audio: [MySpace]
File Video: [Peanut][Sponsor (It Didn't Mean A Thing) (live)]
Schwarzblut - Das Mausoleum
Het volgende klinkt anno 2010 misschien erg stom. Maar ik geloof niet dat ik ooit zo onder de indruk ben geweest van een cybergothicplaat dan als van deze. Misschien komt het omdat het geen cybergothic is, maar een evolutie (de band omschrijft zichzelf liever als een 'Goethiaans toonkunstgezelschap' en bedoelt daarmee dat ze zowel beuknummers als groots gearrangeerd drama wil maken). Misschien zegt het ook iets over mij, omdat ik de hele muziekstroming überhaupt pas ergens op m'n 23e ontdekt heb (en destijds dan vooral door relatief lieve en melodieuze bands als Covenant en VNV Nation). Misschien zegt het ook iets over het genre, dat een gimmick op zich is en vooral bedoeld is om snoeihard te bonken tijdens duistere dansfeesten. Ik ben er zowat aan gewend geraakt dat dit soort muziek gauw vervelend wordt om op een hoofdtelefoon actief naar te luisteren, dat mensen Cyberia Saaiberia noemen, dat de teksten van het niveau Scooter zijn en de beats al even hopeloos gedateerd. Niet dat dat iemand iets uitmaakt hoor, en ik beleef veel plezier aan een festival als Summer Darkness. Maar het blijkt dus ook gewoon mooi én goed te kunnen. Schwarzblut was op zijn eerste EP al veel ambitieuzer dan zijn genregenoten, de groep heeft een prima live-reputatie en veegt op deze eerste langspeler definitief de vloer aan met al mijn vooroordelen. Allereerst worden de melodieën zelden saai, mede omdat de synths lekker bij de tijd zijn. De sound is zelfs ronduit spannend op de uitstekende remix-cd, waar overigens ook een paar Within Temptation-achtig pompeuze bewerkingen op staan. De prachtige, plechtstatige ballad "Wehmut" kan met zijn strijkers - bijna - op een Hooverphonic-plaat. Schwarzblut' voertaal blijft overigens hardcore Duits, zowel voor de grauwende mannelijke als de zwevende vrouwelijke vocalist. Ook al komt de band uit Deventer. Duits leent zich namelijk als geen andere taal voor deze stijl. Luister maar naar "Das Mandat", de 'hit' op Das Mausoleum, met zijn bij voorbaat legendarische tekst 'Deutsche. Lyrik. Und dunkle Tanzmusik'. Ja, daar ga ik dus keihard voor om. Dankzij bands als Schwarzblut wordt gothic weer cool, en dat werd hoog tijd.
File Under: Klassieker in de dop
File Audio: [Wehmut]
File Video: [Promovideo]
Keane / Bertolf
Tjee, het wordt echt steeds makkelijker om Keane de grond in te boren. "I've got time to kill, I'm not living for the moment anymore", balkt Tom Chaplin in "Back In Time", nota bene het enige nummer op de jongste EP Night Train dat überhaupt nog enige angst en overtuiging ademt. Voor de rest is het een duidelijke kliekjesplaat zonder enige lijn erin, waarvan de waardering op MusicMeter reeds zakt als een baksteen. Niet alleen is dat "Back in Time" zelf al een onuitgebracht b-kantje van een paar jaar terug dat net zo relevant klinkt als de Twitter-account van Hans van der Togt, voor de twee ronduit belachelijke nummers met een rapper (die teksten ook!) en het blije eightiesbeat-deuntje met de Japanse zangeres Tigarah (wie?) hoeft u het al helemaal niet te doen. Nondeju, experimenteren kan leuk zijn hoor, maar moet deze ongelofelijke zooi nu echt onder de vlag van Keane doorgaan? Terwijl er zoveel raker nieuw werk later dit jaar op komst is? Laat maar wegroesten deze cd.
Hoe het wel moet, laat Bertolf horen op zijn tweede plaat Snakes & Ladders, die vernoemd is naar een bordspel (een 'snake' is een stap terug, een 'ladder' vooruit). De fans en 3FM-deejays kunnen gerust zijn, want Bertolf heeft zijn Keane-imitatietalent nog lang niet verloren, maar hij gaat dit keer tenminste ook niet ten onder in sufheid. Waar ik hem op zijn eerste plaat verweet dat hij zijn liedjes teveel gladstrijkt, maakt Bertolf dat al meteen goed in de opener "Cut me loose", die met zijn Strangelove-achtige melodie een prettige dreiging vasthoudt. Bovendien breekt in "Say Something" EINDELIJK een lekkere gitaar los. Dankzij de koortjes is het per direct mijn favoriete Bertolf-nummer. Dat Bertolf ook weer hele gewone, onbezorgde, lekker rond uitgevoerde ("Sound of a Heartbreak") en statige ("Say No To This") piano- en gitaarliedjes schrijft kun je op de rest van de plaat horen. Het mag dan suikerzoet en vergeetbaar zijn af en toe, en een heel album lang Bertolf luisteren is door diens stem wat veel van het goede, maar Snakes & Ladders is onderhand een betere Keane-plaat dan dat Keane ze zelf maakt. Perfect voor bange meisjes en onderhoudend voor de rest. Hou dat galmpedaal maar lekker ingedrukt joh, het werkt als een tierelier.
File Under: Uitgerangeerd
File Audio: [Back In Time]
File: Bertolf - Snakes & Ladders
File Under: Een betere Keane
File Video: [Say Something (live bij Giel Beelen)]
The Futureheads - The Chaos
Makkelijk is dat, als je de recensie van de vorige plaat van een band eigenlijk moeiteloos kunt overdoen. Ondanks de weinig belovende, wat puberale titel The Chaos sprankelt ook deze vierde plaat van The Futureheads weer even fris en blij als de vorige. Er staan weer wat echte vondsten op en het is verdomd moeilijk de woorden 'smeuďg' of 'puntig' te vermijden. Zo rammelt "This Is The Life" heerlijk op al het gitaargerei dat de vier Schotten uit Sunderland in hun oefenhok konden vinden. Het scheelt niet veel of de gitaarsolo had zo in "De Lepel en de Pan" van Bert & Ernie gekund. Welke andere band doet zoiets nog? Of neem de koortjes in het tegendraadse "The Baron" en de refreintjes van "Heartbeat Song" en "Sun Goes Down", brult u het maar even mee: The sun goes down and the double life begins! It's a one-way ticket in the city of sins! Inclusief onweerstaanbaar Schots accent. Niet alle liedjes zijn zo toegankelijk, zoals ik bijvoorbeeld het titelnummer nog niet helemaal trek, maar dat was op eerder werk ook het geval. Speciale vermelding verdient nog het anti-emo-liedje "Struck Dumb" (met hier de lyrics.) Ik ben er laat mee, maar onderhand vind ik deze band way leuker dan Franz Ferdinand. Wie volgt?
File Under: Vrolijk de zomer in
File Audio: [FutureSpace][FutureBook]
File Video: [Heartbeat Song][Heartbeat Song (live)][I Can Do That (live)]
V.A. - The Annual 2010
Het is natuurlijk leuk en aardig zo'n muziekweblog vol nichemuziek, maar je hoeft maar op een willekeurige illegale mp3-site te kijken waar het 538-publiek zoal naar luistert. Er staat opvallend veel praktisch naamloze dance in de populariteitsmeters. Of een 3CD-danceverzamelaar als deze. Een paar weken terug had ik voor een feestje snel wat recente populaire tracks nodig, kwam ik The Annual 2010 in een cd-winkel tegen en dan lijkt 20 euro voor zestig liedjes een koopje. De Ministry of Sound-verzamelaars staan al jaren goed bekend. Extra verkoopargument is dat het ook in verzamelaarland kennelijk crisis is, want er staan weer evenveel bekende namen en hippe indie-bandjes op de hoes als toen het tijdperk begon met de Arcade-4CD's begin jaren '90. Waaronder best leuke, zoals Deadmau5 en Calvin Harris - zij het dan in een of andere vage remix. Dat de cd '2010' in zijn naam heeft terwijl werkelijk alles uit 2009 of nog eerder dateert nam ik maar voor lief. En zo belandde dus The Annual 2010 in mijn bezit. Wat ik helaas niet gezien had, was dat het drie mix-cd's zijn, kant en klaar voorgemixt door iemand die zelfs niet op de hoes vermeld staat. Puur geschikt dus voor op de achtergrond en onbruikbaar voor dj's. Dat de mixer van dienst anoniem wil blijven valt ergens te begrijpen, want hoe hij "One More Chance" van Bloc Party bijvoorbeeld laat overgaan in Simian Mobile Disco's "Audacity of Huge" is onvergeeflijk. Gelukkig gaat dance naar dance mixen hem beter af. De samenstelling van de cd's zelf ziet er supercommercieel uit, maar komt in de praktijk neer op een mengeling van hits (Pitbull, "Bonkers" in de Soulwax-versie) met remixen van hits die nogal teleurstellen ten opzichte van het origineel (Kid Cudi, Sidney Samson). Opvallend hoog is verder het aantal matige en opportunistische trance-remakes van leuke nummers (MGMT's "Kids" door Sebastian Ingrosso, Sigur Ros' "Hoppipolla" door Chicane) en vingerwijzingen naar oude hits: Mylo door 4Strings, Dr. Alban in Sidechains' Gathania-remix, om het over de aanwezigheid van Snap! helemaal niet te hebben. CD3 is nog het leukst met zijn makkelijke drum'n'bass (o.a. Prodigy, Sub Focus, Qemists). Als dit de norm is voor danceverzamelaars in 2010, is het lang niet slecht. Het lijkt wel afgelopen met de fillers en er komen veel meer stijlen aan bod dan ik van dit soort verzamelaars gewend ben. Als je in je auto nog geen mp3-speler hebt en typisch iemand bent met een Tiësto-podcast op cd-r in het dashboardkastje, zul je je met een Annual als deze niet vervelen. Toch kun je je afvragen of het niet veel makkelijker, goedkoper en leuker is om dan een BBC Essential Mix of Resident Advisor-podcast van een favoriete artiest van naam te downloaden. Dan krijg je meer en heftigere muziek in één favoriete stijl.
File Under: Gevarieerde crowdpleaser
Jónsi - Go
IJsland heeft wat goed te maken, dat is wel duidelijk. Op deze soloplaat doet de zanger van Sigur Rós een aardige poging. Met die hoes en de eerste paar nummers lijkt zijn missie duidelijk: Jónsi doet een Mikaatje. Of, zo je wil, een Patrick Wolfje. Iets met een dandyeske soloplaat in elk geval. Op momenten op zijn slechtst zelfs iets ŕ la The Killers, want voor het eerst is Jónsi bijna mee te neuriën. Ik weet niet zo goed wat ik ervan moet vinden. Enerzijds is het een verademing en een consequent gevolg van het immers ook steeds toegankelijker geworden geluid van Sigur Rós. Anderzijds was de magie van Jónsi juist dat hij ongrijpbaar was, dat hij met zijn unieke elfenstem euforie en "verheffing" in liedjes weet te brengen (ik leen het woord maar even van Goddeau). En juist dat handelsmerk hoor je hier niet, want op Go klinkt Jónsi teveel dichtgesmeerd met strijkorkesten en effecten die allemaal precies even hard klinken. Aan de liedjes zelf ligt het niet. Naar het einde toe probeert Go alsnog dat ijle Sigur Rós-gebergte te worden waar strijkers en noise als hete lava van de rotsen afdruipen terwijl Jónsi's zang in de omgekeerde richting hemelwaarts glijdt, maar in plaats van op de Eyjafjallajökull zitten we eerder in de Schotse hoogvlakten. Ook mooi hoor, maar niet even ruw, niet even imposant. Het verschil zit hem echt puur in de productie, want wie exact dezelfde liedjes live hoort beleeft opnieuw die verre reis, die betovering, die pure emotie, de extase die Sigur Rós zelf ook zo bloedmooi maakt. Dát is de kracht van Jónsi. En dat een paar willekeurige YouTube-bootlegs beter klinken dan deze cd is een flater van de eerste orde.
File Under: Vulkanen moet je live zien
File Audio: [MySpace]
Noisia - Split The Atom
Wat nog te schrijven over Split The Atom? Vergeet Black Sun Empire, het Groningse trio Noisia is al sinds hun FabricLive-mix uit 2008 de hotste Nederlandse naam in drum'n'bass-land, en een zegen voor het genre. Dit net verschenen "debuutalbum" is binnen een week al vaker in het Engels gerecenseerd dan in het Nederlands. Dat heeft natuurlijk alles te maken met Noisia's fenomenale staat van dienst sinds 2003, onder meerdere schuilnamen zelfs. Wat betekent een album eigenlijk nog voor zo'n gekende groep? Het antwoord luidt: vrijheid. Noodzakelijke vrijheid, ook. Want je mag best zeggen dat Pendulum met hun succesvolle kermis-dnb (hun jongste single is ook net uit) de drum'n'bass-wereld zelf wat veranderd heeft. De avontuurlijke evolutie anno 2010 zit 'm niet meer zozeer in nog harder en nog dieper (de zogenaamde sub bass, al doen Spor en Gridlok daar nog leuke dingen mee), maar net als bij dubstep in de kruising met allerlei andere stijlen. Je moet muzikaal opvallen. Er zijn namelijk genoeg dertien-in-een-dozijn-producers. Neem nou Mistabishi. Die kan moddervet produceren, daar niet van, maar ik kan me alleen het rare "Printer Jam" van zijn album echt herinneren. Zo moet het dus niet, vond Noisia; in plaats daarvan besloten ze van elke lange track op deze plaat een uniek statement te maken. "Red Heat" is een soort instrumentale "Rockefeller Skank" geworden, "Sunhammer" (met Amon Tobin) bevat totale gekte in de baslijn, "Alpha Centauri" wordt een Royksopp-fiedeltje boven een scheurende afgrond, "Thursday" lijkt wel verzwolgen triphop, "Split the Atom" kreeg een superzware break en ga zo maar door. Zelden was een zo goed geproduceerde plaat in dit genre zo afwisselend, in context toch dansbaar en tegelijk ontzettend Noisia ("Shellshock"). Split The Atom moet daarom wel harder gaan lopen dan andere topzware, in dubstep baanbrekende Nederlandse albums van producers als Martyn of 2562. Check dit! Oke, twee lullige minpuntjes: het voor niet-kenners onleesbare bandlogo (ondersteboven leesbaar als 'Vision'), en ik kan niet zoveel met de zes korte fillers tussendoor.
File Under: Een feest!
File Audio: [Noisia-Space]
File Video: [Machine Gun][Shellshock]
Jennifer Delano - Rape the World
Apart. Dat mag je Jennifer wel noemen. Ze heeft al een gigantisch YouTube-kanaal, tv-programma's, een GeenStijl-topic, meer kunst- en mediaprojecten dan Lowlands er kan huisvesten, ze is een Twitter-junk en met dit debuutalbum gaat ze nu dus de muziekgeschiedenis in. Van achteren. 'Ik kwam een producer tegen die de halve wereld wilde beledigen, en toen bood ik maar aan om de andere helft te doen', aldus Jennifer (5:40). Er zit ook een visie achter: 'Ik denk dat je alles uit het leven zou moeten halen, en wanner dat niet normaal kan, mag daar ook wel wat geweld bij.' Rape the World is pure cult, absoluut de belachelijkste plaat sinds Durwood Douche. Dat begint al bij het dankwoord in het boekje. 'Jennifer wishes to thank herself. A million times over and over. And then again. And again.' Muzikaal valt er dan ook veel te bedanken, met name voor het feit dat Jennifer maar vijf liedjes heeft opgenomen. Zonder daarbij echter het talent van Lady GaGa of zelfs maar Ellen ten Damme te evenaren. De kreunende 'flat beat' onder "I came to the city of Amsterdam" maakt het nummer ideaal voor ruigere bedscenes, en ook vocaal bereikt Jennifer hoogtepunten. Daar omheen volgt wat verkrachte bruine Goldfrapp-jazz om bij te komen ("Just the way", "Date Raper"), waarna je als luisteraar uiteindelijk nog het hardst genaaid wordt met "Porn Addict". Dat moet wel een hit gaan worden als Jennifer er een clip bij opneemt (heeft iemand een link? Hij is echt geweldig!) De reggae-versie op het eind is al even hilarisch, maar ja, het punt was al gemaakt. Wie het volhoudt om de tweede helft van Rape the World uit te zitten wordt getrakteerd op nóg vijf romige acidremixen van "I came to Amsterdam", die allemaal even uitgerekt als freaky zijn. Eén keer hard lachen, daarna een onderzetter voor in de parenclub.
(Instant Update: vanavond was Jennifer's producer te zien op Nederland 3 met zijn 'hidden sound system')
File: Jennifer Delano - Rape the WorldFile Under: Luisteren met je pik
File Video: [I came to the city of Amsterdam]
Zeus - Say Us
Een van de raarste hangouts van Nijmegen is café Allicht, dat ooit werd opgericht door muziekliefhebber en regelmatig File Under-bezoeker Sjaak. De huidige eigenaar en barman Kees, een prachtig prototype ouwe hippie, heeft er een hobby van gemaakt om demo's op te nemen van beginnende bands die bij hem komen spelen. Maar ook willekeurige bezoekers kunnen er een instrument oppakken en meedoen aan jamsessies. Dan drumt een meisje bijvoorbeeld al 478 maten lang vrolijk hetzelfde, de bejaarde bassist doet ook maar wat, de skatemutsjongen achter de stagepiano deint wijdbeens mee met zijn eigen boogieloopjes en over dat alles heen lalt een dansende vieze kerel met een enorme bierbuik een tekstloze melodie door de microfoon, met een glas bier in zijn andere hand. Het is een ongeregeld zooitje en muzikaal gezien een totale puinhoop, maar het onbezorgde spelplezier straalt ervan af en iedereen heeft de grootste lol. De beste muzikale extase die er bestaat. En precies daaraan moet ik denken als ik de debuut-cd van de Canadese band Zeus hoor (bandlid Jason Collett speelt ook in Broken Social Scene). De honkytonk-piano mag lekker vals blijven klinken, de gitaarlicks trillen lekker folky, de koortjes schmieren en er lijkt niet eens zo lang over de liedjes nagedacht. Beetje Thrills, beetje Sloan, beetje Dears, alleen dan een stuk spontaner. De single is het allerleukst. Ik wou dat ik in zo'n band zat!
File Under: Zonnig Canadees geluk
File Audio: [MyZeus]
File Video: [Mooie animatieclip bij Marching Through Your Head]
Kashmir - Trespassers
Ik weet niet wie ermee begonnen is om Kashmir 'de Deense Radiohead' te noemen. Er zijn nog wel een paar uitstekende Deense bands in dat straatje, neem Carpark North en Saybia. Als overeenkomst met Radiohead kun je echter aanvoeren dat de OK Computer van Kashmir het meesterwerk The Good Life (uit 1999) was, en dat de band vier jaar later (als een soort Kid A) met het veel moeilijkere, maar evengoed fraaie Zitilites kwam aanzetten. Inmiddels zitten we bij album zes, en wederom staan er een paar parels op. De eerste twee tracks "Mouthful of Wasps" (die titel!) en "Intruder" zijn prachtig. Die tweede is een typisch Kashmir-nummer, door zijn vreemde akkoordkeuze en de melancholieke Doves-achtige drive die erin zit. Het meest Kashmir-achtige aan track drie ("Mantaray") is de uitbarsting halverwege, die je echter ook doet beseffen dat die juist ontbrak in de eerste twee nummers. En pas in track vijf zit het tweede stukje tekst dat bijblijft, de 'pyramid sized hopes'. Tja, het is niet meer de tijd van "Mom in love, daddy in space" en "Gorgeous"; naarmate het album vordert wordt alles wat neuzeliger en laat het zich wat meer naar de achtergrond dringen. Liedje nummer zes, "Bewildered in the city" kun je zowel omschrijven als Editors, Sigur Ros of zelfs Coldplay, en dat laatste had ik liever nooit van deze lievelingsband van me willen opschrijven. Prachtig nummer hoor, daar niet van, top uitgevoerd en akoestisch is het vast nog mooier, maar toch: leg het oudere werk ernaast en dat is toch echt wat interessanter. Als de band in deze lijn doorgaat, mag die Radiohead-vergelijking echt de prullenbak in. Gelukkig staat op het eind nog de prachtige ballad "Danger Bear", die overigens wel wat abrupt eindigt.
File Under: Briljante band maakt zich er te makkelijk vanaf
File Audio: [Mouthful of Wasps][Intruder][KashmirSpace]
Orphaned Land - The Never Ending Way Of OrWarriOR
Hee die Prikkie,
Is het een aardig idee om een soort dubbelrecensie van dat album van Orphaned Land, The Never Ending Way Of OrWarriOR, te doen? De promo daarvan schijnt al twee maanden bij jou te liggen, waarschijnlijk heb je 'm over het hoofd gezien. Een kennis van me, bij de studentenvereniging Karpe Noktem waar ik (nog altijd) bij rondloop, kwam ermee aanzetten en ik vind het geweldig! Dat begon met de single "Sapari", een apart soort kruising van folkmetal ŕ la Turisas en vrouwenmetal ŕ la Nightwish. Normaal gesproken ben ik geen metalhead, maar ik vind dit hele album eigenlijk erg lekker. Komt ook omdat het niet écht metal is. De uitbarstingen zijn gedoseerd, er weegt veel prog, folk en Oosters op tegen de metal, en er wordt veel meer in gezongen dan gegrunt. En voor die kennis van me (een fan van Porcupine Tree) telt natuurlijk zwaar mee dat de plaat is geproduceerd door Steven Wilson. Nu ben ik eigenlijk wel benieuwd wat jij ervan vindt. Roep eens? O ja, en ze staan op Wacken waar ik dit jaar voor het eerst naar toe ga...
Ha Stonehead,
Goed plan, hoor. Maar wel verrassend dat we dan bij dit album uitkomen. Het ligt inderdaad al te lang bij me, maar van over het hoofd zien was geen sprake, want al bij de aankondiging dat ik het album zou krijgen verheugde ik me erop. Ik kende Orphaned Land alleen nog van naam, maar die kwam ik steeds tegen bij recensies van Amaseffers wereldalbum "Slaves For Life", mijn nummer drie in mijn jaarlijstje van 2008. Logisch ook, want net als Amaseffer betreft het hier Israëli die heel wat van de klanken uit het Midden-Oosten in de muziek verwerken. Ik vind het overigens wel echt metal, zij het progmetal met volop Arabische klanken, of zoals ze het zelf noemen "Jewish Muslim Metal" (!) of "Middle Eastern Progressive Metal". Maar het kan moeiteloos naast de Amaseffers, Ayreons en andere avontuurlijke progmetal. Amaseffer had meer een soundtrackbenadering, met veel sfeervolle geluidseffecten en gesproken teksten, Orphaned Land is meer rechttoe-rechtaan - voorzover je daar bij progmetal van kunt spreken. Gelukkig zijn er hier ook volop zeer smaakvolle intermezzo´s te vinden, zoals bijvoorbeeld Bereft In The Abyss. Dit is avontuurlijke muziek zoals je die zelden tegenkomt. Dit album is in elk geval voor mij aanleiding om ook de backcatalogue eens in te duiken.
File Under: Smaakoverstijgend sfeervol
File Audio: [OrphanedSpace]
File Video: [Sapari]
