Metallica – St. Anger

Universal

D’r is maar één ding dat ik krijg van de ‘nieuwe’ Metallica: Hoofdpijn. En niet alleen pien in de koppe van al het gezeur rond het drankgebruik en opname van James Hetfield, het (terechte) opstappen van Jason Newsted. Vooral krijg ik een betonnen kop van de muziek op St. Anger. Wat een kelere-herrie. Bij elke keer draaien haakte ik gewoon af na 25 minuten. Het gaat maar door met geram op potten en pannen gezang van James en geriff (en ontbreken aan gesoleer) van Kirk. En dan moet je nog dik 50 minuten zitten tot het eind van de plaat. Dat red je gewoon niet 75 minuten lang. De tracks afzonderlijk draaien is de enige manier om de hele plaat te consumeren. Je kunt het allemaal wel gedurfd en zwaar te verteren noemen, het is gewoon lomp en onbehouden. Zet elke plaat tot ….And Justice For All naast St. Anger and St. Anger verbleekt hierbij. De finesse die deze platen (hoe hard ook) wel kenden ontbreekt gewoon compleet op St. Anger. Het is misschien erg openhartig hoe Hetfield zijn demonen bezingt die hij bedwongen heeft, doe mij maar Jason Newsted die zijn gelijk haalt met de rawkende laatste plaat van Voivod en het pareltje van Echobrain. Daar zouden de heren Hetfield en Ullrich eens wat betere naar moeten luisteren.

File: Metallica – St. Anger
File Under: Jason Newsteds' Gelijk

In 't Wild – Bijna Thuis

In ’t Wild heeft een beetje hetzelfde probleem als wel meer Brabantse Nederlandstalige bands hebben: de zanger. Luc van Hoorn klinkt zo netjes en bijna lief door die zachtere g. Net als Abel het had in “Onderweg”, alleen dat ís ook een lief liedje. En onder lieve liedjes wil ik de nummers van In ’t Wild nou niet echt gelijk scharen. Geproduceerd door Rick de Leeuw bevat de tweede cd Bijna Thuis 13 liedjes die grofweg vallen tussen the Scene en Blof, maar nog niet van hetzelfde niveau als deze twee. Daar zijn de songs nog een beetje te tam voor. Van De Leeuw had ik overigens ook wel een iets rauwere productie verwachte, gezien zijn werk met the Scene. Dat er echt wel potentie is binnen In ´t Wild blijkt wel uit een lied als “Red Me” waar in de arrangementen meer, en mooi, ruimte is gemaakt voor toetsen en saxofoon. Vooral de tracks waar de stem van Van Hoorn ondersteund wordt door koortjes en tweede laag liggen mij een stuk aangenamer in het oor, want dan heb ik minder last van het accent. Maar misschien moet ik niet zeuren. Ik ben zelf ook gezegend met een zwaar, weliswaar Twents, accent. Misschien is het wel meer mijn probleem dan dat van In ´t Wild.

File: In 't Wild – Bijna Thuis
File Under: Pop/Rock

Vic Chesnutt – Silver Lake

Voor mijn gevoel was er een duidelijk verschil tussen de Vic Chesnutt-albums van voor de Sweet Relief plaat Gravity of the Situation en na die tribute. Die van na dat tribute waren allemaal net iets minder goed dan die van daarvoor. Net alsof Chesnutt te veel onder de indruk was van wat anderen van zijn briljantjes maakten dat hij zelf een beetje blokkeerde. Misschien komt het wel door de manier van opnemen van Silver Lake dat deze plaat een stuk beter is dan zijn voorgangers. Opgenomen in de een 80 jaar oud huis net buiten Los Angeles in de buurt van het Silver Lake met zowel de muzikanten als de producer die hij graag wilde gebruiken. Er werd track voor track live opgenomen en er werd niet eerder aan een nieuwe begonnen dan dat de song op tape stond zoals Vic dat graag wilde. De songs klinken hierdoor minder kaal en een stuk warmer dan op de platen die tussen Gravity of en Silver Lake zaten. De verhaaltjes van Chesnutt gaan meer nog voor je leven en het lijkt af en toe wel of hij bij jou in de woonkamer staat te spelen, zo dicht bij klinkt het. Van de kleinste gebeurtenissen maakt Chesnutt de mooiste dingen, met als hoogtepunten de rustiger nummers: Opener “I’m Through With You”, het ruim acht minuten durende licht jazzy “Sultan, So Mighty” en afsluiter “In My Way, Yes”. Maar als Chesnutt jamt als Neil Young en Crazy Horse in “2nd Floor” is daar ook weinig mis mee. Beroemd zal hij wel nooit worden Vic, maar hij zou het eigenlijk best verdienen dat niet alleen mensen als Michael Stipe (min of meer zijn ontdekker) en Kirsten Hersh hem waarderen, maar ook het grote publiek.

File: Vic Chesnutt – Silver Lake
File Under: Eigenzinnige Singer Songwriter

King's X – Black Like Sunday

Wat doe je als band als je laatste platen waarin je wat aan het ‘experimenteren’ bent geslagen niet echt positief worden ontvangen in tegenstelling tot de solo- en side-projects die je band doet? Sommigen doeken de boel basis op en gaan verder met de zijtakken, anderen gaan eigenwijs door op de oude voet en anderen keren terug naar hun roots. Dat is wat King’s-X in ieder geval doet op Black Like Sunday. En eigenlijk best wel op een redelijk orginele manier. De archivaris van de band, Doug Pinnick, vond dat er songs uit de jaren 1980-1988 toen King’s-X nog onder andere namen optrad lag dat toch eens opgenomen moest worden. Hoe ver terug naar je roots kun je gaan? Van sommige songs is wel duidelijk waarom ze nooit eerder op plaat verschenen. Zo is “Danger Zone” pure “Let It Be”-plagiaat en de vette Boston-sound in “Working Man” is, alhoewel lekker misschien ook iets te. Maar verder bewijst Black Like Sunday pijnlijk het gelijk van de critici. Ik heb in jaren niet zo’n goed King’s-X album gehoord. Eigenzinnig, groovend en harmonieus als in hun beste jaren, maar doordat de nummers allemaal nu opgenomen zijn klinkt het nergens outdated. En nu weer snel de grote plas oversteken voor concerten.

File: King’s-X – Black Like Sunday
File Under: “Ze kunnen het dus nog steeds”-Rock

Blatnova – 1

Voor jezelf een bandje beginnen is niet echt gemakkelijk als je alleen maar de drums bespeeld. Moet je mensen vinden die je willen helpen bij je plaat, immers op een plaat met alleen drum zitten niet veel mensen te wachten. Speel je toetsen dan is het een stuk gemakkelijker allemaal, want uit zo´n doosje kun je aardig wat geluiden toveren. Dus was deed Jobina Tinnemans toen ze d´r ei niet kwijt kon in allerlei Eindhovense bandjes waarin ze zong en synths speelde? Simpel, ze startte Blatnova waarin ze eigen baas is en ze wel haar eieren kan leggen zonder gestoord te worden door anderen. En dat gaat haar goed af zo’n eigen nestje. Uit haar synthesizer tovert ze hypnotiserende melodieen, vervremende en verwormde klanken, beklemmende lagen beats waarover ze zelf ook nog eens spaarzaam zingt met een stem die doet denken aan Anneke van Giersbergen van de Gathering. Hedendaagser Floyd dan in “Voie Express Rive Montparnasse” wordt er bijna niet gemaakt en de drum & beat in “Lunapark” irriteren aangenaam je zintuigen en laat je niet met rust. Hopelijk duurt het niet al te lang voor deze EP (25 minuten) een volwaardige opvolger krijgt. Eigenzinnig talent dit. En nog goed ook.

File: Blatnova – 1
File Under: Beklemmende Electronica

Laura Veirs – Troubled By The Fire

Ken je dat? Dat je soms een CD hebt die je veel afspeelt maar nooit luistert? Gewoon omdat dat schijfje in je speler zit en ronddraait, maar er altijd wel iets is dat je afleidt waardoor je de plaat nooit hoort. Dat had ik nu met Laura VeirsTroubled By The Fire. Terwijl ik toch blij was dat ik die schijf in mijn bezit had. En het gebeurde niet één keer, maar meerdere keren. Misschien ook wel omdat de plaat me gewoon niet opviel, wat komt doordat het Veirs zacht zingt en het geen luide plaat is die aandacht opeist. Totdat op een bepaald moment “Cannon Fodder” voorbij komt en het 10 eurocentstuk valt. Dat liedje zuigt je namelijk naar je speakers toe door zijn afwijkende. Ineens is er dat orgeltje, een elektrische gitaar en een tekst met een overduidelijke anti-oorlogboodschap. Oops! Toch maar even in de discman en nu snap ik wel dat Bella Union-baas Simon Raymonde ‘s-nachts wakker schrok en bang was dat hij de race om de handtekening van Veirs zou verliezen. Hij heeft helemaal gelijk als hij zegt “The more I listened to her music, the more in love I fell. Veirs levert met Troubled by the Fire namelijk een gevarieerde singer-songwriterplaat van hoog niveau die zijn tap wat zij wil uit de uit vaatjes folk, country en indie, maar zich vooral ook goed leent voor de koptelefoon.

File: Laura Veirs – Troubled by the Fire
File Under: Van folk tot country tot indie

Junkie XL – Radio JXL – A Broadcast From The Computer Hell Cabin

Tom Holkenborg is zo’n enorme control-freak en werkpaard dat hij er ooit bijna aan onderdoor ging. Van band is Junkie XL overgegaan in een solo-act met gasten waarbij Holkenborg alle touwtjes in handen heeft. Wat dat betreft lijkt het me wel wat als dance-man Holkenborg eens een project op zou starten met rock-man Arjen Lucassen, nog zo’n pionier in de Nederlandse muziekwereld die (concept en 2CD) platen maakt met alleen maar gastmuzikanten onder de verschillende projectnamen. Lucassen had meerdere platen nodig voordat zo ongeveer overal de deur voor hem openging, Holkenborg deed datzelfde door één liedje. Op Radio JXL geen Elvis overigens, wel een andere dooie die wordt gebruikt, Peter Tosh in “Sleepy Policeman”. Verder alleen en vooral veel levende sterren en de muziek van JXL er onder. Van alle gastzangers vraagt hij het uiterste, alleen Tosh had dus geen last van meerdere malen in moeten en zij geven ook het beste van zichzelf. Van de ietwat bekakt klinkende Saffron tot Public Enemy baas Chuck D tot soul-god Solomon Burke allemaal past het perfect in de songs. Zelfs Robert Smith steelt de show! De tweede CD (3 AM) is minder songgeoriënteerd en lijkt het uitvloeisel van de samenwerking met DJ-Star Sashia en is meer geschikt om de nacht door te halen. Persoonlijk draai ik liever de eerste CD wat vaker en goed hard. En nu maar hopen dat Tom dit alles leest en er eens een mailtje aan waagt richting Arjen.

File: Junkie XL – Radio JXL – A Broadcast From The Computer Hell Cabin
File Under: Dance Sterrengala

The Fleshtones – Do You Swing?

Yep Roc / Sonic

The Fleshtones - Do You Swing? Je zou bijna de fout maken en the Fleshtones scharen onder de vele bandjes die meeliften op de golf van retro-garage die al een tijd rondgaat. En dat terwijl heren al sinds 1976 aan de weg timmeren vanuit New York met hun garage-rock. Op de hoes- en binnenfoto’s van Do You Swing? verbergen ze ook nergens dat ze gewoon veertigers (of misschien al wel vijftigers) zijn en de vaders hadden kunnen zijn van de hippe kippen van de retro-garage. En swingen, nou ja eigenlijk gewoon rocken, kunnen deze veertigers nog verdomd goed. Opener “Do You Swing?” is misschien nog beetje tam, maar daarna rolt de rock-‘n-roll als een geoliede machine uit je speakers. De spieren van the Fleshtones zijn duidelijk nog goed soepel. Goud(H)eerlijke echte retro orgels, rammelende gitaren, morsige zang over een strak in het vel zittende ritme-tandem scherp op plaat gezet door Rick Miller. Als je dan ook nog weet dat the Fleshtones een energieke versie van Led Zeppelins’ “Communication Breakdown” doet die niet onder het kopje overbodige cover geschaard hoeft te worden, weet je dat de heren inderdaad nog verdomd goed swingen en geven alle nu-garage-rock bands studiemateriaal

File: The Fleshtones – Do You Swing?
File Under: The Fleshtones do still swing!

Peter Pan Speedrock – Lucky Bastards

“En het gerucht gaat dat ze allemaal nog leven”, zei Henk Westbroek bij de afkondiging van Kiss’ Detroit Rock City in Vara’s Vuurwerk Vijftig nadat de autos slipten en knalden in het einde van die song. Wordt het niet eens tijd voor een Eindhovense variant op dit Kiss-nummer bedenk ik me tijdens het luisteren van de vette vijfde langspeler (Lucky Bastards) van Peter Pan Speedrock. Er komt immers nogal wat Rawk uit Eindhoven en een tweede Chartbusters-album komt er vast ook wel binnen nu en niet al te lange tijd. Van Eindhoven Rockcity is Peter Pan het robuuste vlaggenschip dat door ons land trekt, maar ook buurlanden en zelfs Amerika onveilig maakt met hun strooptochten. Vrijwel elke zeeslag met publiek levert hun als winnaar op. Ook nu weer op plaat dus. Op Lucky Bastards een dik half uur retestrak rammen op potten, pannen en snaren die voorbij zijn voor je er erg in hebt. Wat minder metal en meer punk dan op Premium Quality, maar altijd keihard recht op je smoel. Het zal me benieuwen of single “Go Satan Go!” nog wat airplay krijgt op de radio. In een betere wereld zou deze meezinger een vette hit worden, dat is een ding wat zeker is. Misschien dat de heren eens de 3FM-boot moeten enteren.

File: Peter Pan Speedrock – Lucky Bastards
File Under: Speedrock

The Thorns – The Thorns

Supergroepen? Dat is toch van de vorige eeuw? En dan van een heel eind terug in de vorige eeuw? Zo eind jaren zestig, begin jaren zeventig toen bovengemiddelde songwriters de koppen bij elkaar staken in bijvoorbeeld the Eagles en Crosby, Stills, Nash (& Young)? Kan dat in deze tijd nog wel? Af en toe verschijnt er door toeval nog wel eens één ten tonele. Zoals bijvoorbeeld the Thorns. Matthew Sweet, Pete Droge en Shawn Mullins waren zelf misschien nog wel het meest verbaasd dat ze met elkaar in de studio belandden en wat zaten te schrijven aan “I Can’t Remember”. Voor ze er erg in hadden was er een plaat, een tour en vormen ze nu een supergroep. Hun debuut laat zich niet echt vergelijken met de hokjes waar je Sweet, Droge en Mullins in zou kunnen stoppen. De driestemmige samenzang lijkt sluit naadloos aan op jaren 60 en 70 sound van CSNY en de vroege Eagles. Eigenlijk net iets te naadloos. Harmonieën als een stralende zon met stekelige teksten. Maar zo in weken waarin de zon hoog aan de hemel staat, je wat langer buiten op het terras zit en meer witbier met citroen drinkt dan goed voor je is dan is deze plaat prima op zijn plek. Of The Thorns de herfst, of erger de winter, haalt moet blijken straks in oktober als de zon verdwenen is en het weer vies druilerig weer wordt.

File: The Thorns – The Thorns
File Under: Plaat voor zomers weer