King's X – Black Like Sunday

Wat doe je als band als je laatste platen waarin je wat aan het ‘experimenteren’ bent geslagen niet echt positief worden ontvangen in tegenstelling tot de solo- en side-projects die je band doet? Sommigen doeken de boel basis op en gaan verder met de zijtakken, anderen gaan eigenwijs door op de oude voet en anderen keren terug naar hun roots. Dat is wat King’s-X in ieder geval doet op Black Like Sunday. En eigenlijk best wel op een redelijk orginele manier. De archivaris van de band, Doug Pinnick, vond dat er songs uit de jaren 1980-1988 toen King’s-X nog onder andere namen optrad lag dat toch eens opgenomen moest worden. Hoe ver terug naar je roots kun je gaan? Van sommige songs is wel duidelijk waarom ze nooit eerder op plaat verschenen. Zo is “Danger Zone” pure “Let It Be”-plagiaat en de vette Boston-sound in “Working Man” is, alhoewel lekker misschien ook iets te. Maar verder bewijst Black Like Sunday pijnlijk het gelijk van de critici. Ik heb in jaren niet zo’n goed King’s-X album gehoord. Eigenzinnig, groovend en harmonieus als in hun beste jaren, maar doordat de nummers allemaal nu opgenomen zijn klinkt het nergens outdated. En nu weer snel de grote plas oversteken voor concerten.

File: King’s-X – Black Like Sunday
File Under: “Ze kunnen het dus nog steeds”-Rock

Blatnova – 1

Voor jezelf een bandje beginnen is niet echt gemakkelijk als je alleen maar de drums bespeeld. Moet je mensen vinden die je willen helpen bij je plaat, immers op een plaat met alleen drum zitten niet veel mensen te wachten. Speel je toetsen dan is het een stuk gemakkelijker allemaal, want uit zo´n doosje kun je aardig wat geluiden toveren. Dus was deed Jobina Tinnemans toen ze d´r ei niet kwijt kon in allerlei Eindhovense bandjes waarin ze zong en synths speelde? Simpel, ze startte Blatnova waarin ze eigen baas is en ze wel haar eieren kan leggen zonder gestoord te worden door anderen. En dat gaat haar goed af zo’n eigen nestje. Uit haar synthesizer tovert ze hypnotiserende melodieen, vervremende en verwormde klanken, beklemmende lagen beats waarover ze zelf ook nog eens spaarzaam zingt met een stem die doet denken aan Anneke van Giersbergen van de Gathering. Hedendaagser Floyd dan in “Voie Express Rive Montparnasse” wordt er bijna niet gemaakt en de drum & beat in “Lunapark” irriteren aangenaam je zintuigen en laat je niet met rust. Hopelijk duurt het niet al te lang voor deze EP (25 minuten) een volwaardige opvolger krijgt. Eigenzinnig talent dit. En nog goed ook.

File: Blatnova – 1
File Under: Beklemmende Electronica

Laura Veirs – Troubled By The Fire

Ken je dat? Dat je soms een CD hebt die je veel afspeelt maar nooit luistert? Gewoon omdat dat schijfje in je speler zit en ronddraait, maar er altijd wel iets is dat je afleidt waardoor je de plaat nooit hoort. Dat had ik nu met Laura VeirsTroubled By The Fire. Terwijl ik toch blij was dat ik die schijf in mijn bezit had. En het gebeurde niet één keer, maar meerdere keren. Misschien ook wel omdat de plaat me gewoon niet opviel, wat komt doordat het Veirs zacht zingt en het geen luide plaat is die aandacht opeist. Totdat op een bepaald moment “Cannon Fodder” voorbij komt en het 10 eurocentstuk valt. Dat liedje zuigt je namelijk naar je speakers toe door zijn afwijkende. Ineens is er dat orgeltje, een elektrische gitaar en een tekst met een overduidelijke anti-oorlogboodschap. Oops! Toch maar even in de discman en nu snap ik wel dat Bella Union-baas Simon Raymonde ‘s-nachts wakker schrok en bang was dat hij de race om de handtekening van Veirs zou verliezen. Hij heeft helemaal gelijk als hij zegt “The more I listened to her music, the more in love I fell. Veirs levert met Troubled by the Fire namelijk een gevarieerde singer-songwriterplaat van hoog niveau die zijn tap wat zij wil uit de uit vaatjes folk, country en indie, maar zich vooral ook goed leent voor de koptelefoon.

File: Laura Veirs – Troubled by the Fire
File Under: Van folk tot country tot indie

Junkie XL – Radio JXL – A Broadcast From The Computer Hell Cabin

Tom Holkenborg is zo’n enorme control-freak en werkpaard dat hij er ooit bijna aan onderdoor ging. Van band is Junkie XL overgegaan in een solo-act met gasten waarbij Holkenborg alle touwtjes in handen heeft. Wat dat betreft lijkt het me wel wat als dance-man Holkenborg eens een project op zou starten met rock-man Arjen Lucassen, nog zo’n pionier in de Nederlandse muziekwereld die (concept en 2CD) platen maakt met alleen maar gastmuzikanten onder de verschillende projectnamen. Lucassen had meerdere platen nodig voordat zo ongeveer overal de deur voor hem openging, Holkenborg deed datzelfde door één liedje. Op Radio JXL geen Elvis overigens, wel een andere dooie die wordt gebruikt, Peter Tosh in “Sleepy Policeman”. Verder alleen en vooral veel levende sterren en de muziek van JXL er onder. Van alle gastzangers vraagt hij het uiterste, alleen Tosh had dus geen last van meerdere malen in moeten en zij geven ook het beste van zichzelf. Van de ietwat bekakt klinkende Saffron tot Public Enemy baas Chuck D tot soul-god Solomon Burke allemaal past het perfect in de songs. Zelfs Robert Smith steelt de show! De tweede CD (3 AM) is minder songgeoriënteerd en lijkt het uitvloeisel van de samenwerking met DJ-Star Sashia en is meer geschikt om de nacht door te halen. Persoonlijk draai ik liever de eerste CD wat vaker en goed hard. En nu maar hopen dat Tom dit alles leest en er eens een mailtje aan waagt richting Arjen.

File: Junkie XL – Radio JXL – A Broadcast From The Computer Hell Cabin
File Under: Dance Sterrengala

The Fleshtones – Do You Swing?

Yep Roc / Sonic

The Fleshtones - Do You Swing? Je zou bijna de fout maken en the Fleshtones scharen onder de vele bandjes die meeliften op de golf van retro-garage die al een tijd rondgaat. En dat terwijl heren al sinds 1976 aan de weg timmeren vanuit New York met hun garage-rock. Op de hoes- en binnenfoto’s van Do You Swing? verbergen ze ook nergens dat ze gewoon veertigers (of misschien al wel vijftigers) zijn en de vaders hadden kunnen zijn van de hippe kippen van de retro-garage. En swingen, nou ja eigenlijk gewoon rocken, kunnen deze veertigers nog verdomd goed. Opener “Do You Swing?” is misschien nog beetje tam, maar daarna rolt de rock-‘n-roll als een geoliede machine uit je speakers. De spieren van the Fleshtones zijn duidelijk nog goed soepel. Goud(H)eerlijke echte retro orgels, rammelende gitaren, morsige zang over een strak in het vel zittende ritme-tandem scherp op plaat gezet door Rick Miller. Als je dan ook nog weet dat the Fleshtones een energieke versie van Led Zeppelins’ “Communication Breakdown” doet die niet onder het kopje overbodige cover geschaard hoeft te worden, weet je dat de heren inderdaad nog verdomd goed swingen en geven alle nu-garage-rock bands studiemateriaal

File: The Fleshtones – Do You Swing?
File Under: The Fleshtones do still swing!

Peter Pan Speedrock – Lucky Bastards

“En het gerucht gaat dat ze allemaal nog leven”, zei Henk Westbroek bij de afkondiging van Kiss’ Detroit Rock City in Vara’s Vuurwerk Vijftig nadat de autos slipten en knalden in het einde van die song. Wordt het niet eens tijd voor een Eindhovense variant op dit Kiss-nummer bedenk ik me tijdens het luisteren van de vette vijfde langspeler (Lucky Bastards) van Peter Pan Speedrock. Er komt immers nogal wat Rawk uit Eindhoven en een tweede Chartbusters-album komt er vast ook wel binnen nu en niet al te lange tijd. Van Eindhoven Rockcity is Peter Pan het robuuste vlaggenschip dat door ons land trekt, maar ook buurlanden en zelfs Amerika onveilig maakt met hun strooptochten. Vrijwel elke zeeslag met publiek levert hun als winnaar op. Ook nu weer op plaat dus. Op Lucky Bastards een dik half uur retestrak rammen op potten, pannen en snaren die voorbij zijn voor je er erg in hebt. Wat minder metal en meer punk dan op Premium Quality, maar altijd keihard recht op je smoel. Het zal me benieuwen of single “Go Satan Go!” nog wat airplay krijgt op de radio. In een betere wereld zou deze meezinger een vette hit worden, dat is een ding wat zeker is. Misschien dat de heren eens de 3FM-boot moeten enteren.

File: Peter Pan Speedrock – Lucky Bastards
File Under: Speedrock

The Thorns – The Thorns

Supergroepen? Dat is toch van de vorige eeuw? En dan van een heel eind terug in de vorige eeuw? Zo eind jaren zestig, begin jaren zeventig toen bovengemiddelde songwriters de koppen bij elkaar staken in bijvoorbeeld the Eagles en Crosby, Stills, Nash (& Young)? Kan dat in deze tijd nog wel? Af en toe verschijnt er door toeval nog wel eens één ten tonele. Zoals bijvoorbeeld the Thorns. Matthew Sweet, Pete Droge en Shawn Mullins waren zelf misschien nog wel het meest verbaasd dat ze met elkaar in de studio belandden en wat zaten te schrijven aan “I Can’t Remember”. Voor ze er erg in hadden was er een plaat, een tour en vormen ze nu een supergroep. Hun debuut laat zich niet echt vergelijken met de hokjes waar je Sweet, Droge en Mullins in zou kunnen stoppen. De driestemmige samenzang lijkt sluit naadloos aan op jaren 60 en 70 sound van CSNY en de vroege Eagles. Eigenlijk net iets te naadloos. Harmonieën als een stralende zon met stekelige teksten. Maar zo in weken waarin de zon hoog aan de hemel staat, je wat langer buiten op het terras zit en meer witbier met citroen drinkt dan goed voor je is dan is deze plaat prima op zijn plek. Of The Thorns de herfst, of erger de winter, haalt moet blijken straks in oktober als de zon verdwenen is en het weer vies druilerig weer wordt.

File: The Thorns – The Thorns
File Under: Plaat voor zomers weer

Green Hornet – Soulscum

My First Sonny Weismuller / Konkurrent

Green Hornets’ Soulscum is het slechtste dat ik afgelopen jaar hoorde op een plaat van Nederlandse orgine. Het slechtst voor mijn banksaldo welteverstaan. Met mijn domme hoofd zette ik namelijk Soulscum op in de auto en voor ik er erg in had zat ik een flink eind boven de toegestane snelheid op de weg waar ik op reed waarlangs ipv bomen flitspalen staan. De opgefokte, smerig opwindende mix van blues en rock rechtstreeks uit de kelder van de Vera maakt het schier onmogelijk om niet het stuur net iets steviger vast te pakken en het gaspedaal tot aan de bodemplaat te drukken. En dan schijnt het live nog vetter en opwindender te zijn. Goodie! Meester Trasher André Williams nam de drie Groningers natuurlijk niet voor niets mee op zijn Europese tournee. Geen seconde mis je de bas bij het orgel, gitaar drumcombo, dat pompend en groovend het gemis voorkomt.Gelukkig her en der ook nog ergens een klein plekkie van rust om kramp in de kuiten te voorkomen. Ik ga nog even de ringweg rond Zwolle weer onveilig maken en zwaaien naar de flitspalen; fuck het banksaldo, het vakantiegeld is toch net binnen.

File: Green Hornet – Soulscum
File Under: Gaan! Gaan! Gaan! (naar de winkel en een concert)

Steve Hackett – To Watch The Storms

Als ik mijn geld had moeten zetten op het feit of Steve Hackett nog weer een studioplaat zou maken die ik wel te pruimen zou vinden, dan had ik op basis van zijn laatste Cd’s ervoor gekozen het geld op “NIET” te zetten op basis van de laatste jaren, wat ook niet zo moeilijk is aangezien zijn laatste studioalbum al weer 4 jaar oud is. Dan was ik nu To Watch The Storms in de winkels ligt wel mijn geld mooi kwijt geweest. Want Hackett komt namelijk zo maar ineens op de proppen met een plaat die ik uit kan zitten. To Watch The Storms is een zeer gevarieerde plaat geworden, waarop Hackett met zijn karakteristieke stem en dito gitaargeluid nogal wat voorschotelt aan de luisteraar. Tracks varierend van rustige, deels akoestische, nummers als openingstrack “Strutton Ground” en “Wind, Sand and Stars” tot pittige rocksongs (het avontuurlijke “Mechanical Bride”) maar ook folky songs (“Come Away“) en wereldmuziek en een alleraardigste Thomas Dolby-cover (“The Devil Is An Englishman”). Je zou het bijna progressieve rock gaan noemen, om maar eens een paar vieze woorden te gebruiken.

File: Steve Hackett – To Watch The Storms
File Under: Avontuurlijke rock plaat van een ouwe rot

Caitlin Cary – I'm Staying Out

Haar vorige plaat While You Weren’t Looking is nog maar net, verlaat, in Nederland uitgebracht en nu is opvolger I’m Staying Out al uit. Caitlin Cary zit niet stil en bewijst dat ze zich prima in haar eentje kan redden nu ze uit de schaduw gestapt is van Ryan Adams en in haar ééntje in de spotlight staat. Met Adams maakte ze vanaf het begin deel uit van Whiskeytown. Haar debuut werd met erg positieve recensies onthaald door de pers en ik geef je op een briefje dat dit met I´m Staying Out ook gaat gebeuren. Op alle fronten doet Cary het beter op deze plaat . Betere liedjes, betere zang, betere begeleiding. Mary Chapin Carpenter vond de vorige plaat zo goed dat ze er 20 van kocht voor haar vrienden en doet nu mee op twee tracks. Wat zo leuk is aan deze plaat dat Cary zich niet sec concentreert op (alt.)country maar kiest voor een aangename mix van folk, country, rock, maar ook pop. In die meer poppy tracks, zoals bijvoorbeeld “Sleepin’ in on Sunday”, doet ze bijna niet meer onder voor iemand als Aimee Mann. Cary is net als haar ook gezegend met zo’n warme stem. Eigenlijk doet ze niet onder voor ex-bandmaatje Adams, al klinkt ze wel een stuk gladder dan hem. Ik gok dat Chapin Carpenter wel wat meer platen zal kopen dan de 20 van het debuut simpelweg omdat deze plaat beter is.

File: Caitlin Cary – I’m Staying Out
File Under: (Alt.) Country fans trek uw knip maar