6 December 2016

Valkhof Festival 2015 – Napret – (maandag/dinsdag)

De derde dag van het Valkhof Festival tijdens de Vierdaagsefeesten in Nijmegen is normaal gesproken niet een van de meest druk bezochte, maar vanavond valt het mee. Ondanks af en toe wat druppels regen zijn er nog genoeg mensen afgekomen op een heel aardig programma vanavond, en terecht. De maandagavond blijkt sterker dan de zondag, die nog te kampen had met wat tegenvallende acts.


mij=Door: tBeest
Maandag
Zo opent de Amerikaan Ezra Furman met z’n band The Boy-Friends op het Boog-podium al gelijk heel aardig. In alle hectiek was ik zelfs vergeten deze act op te nemen in het voorpret-overzicht, maar gelukkig staan we er mooi klaar voor. Debuutalbum Day of the Dog uit 2013 deed het blijkbaar al goed, maar is geheel aan het oor van uw correspondent onttrokken geweest. De eerste opmerking ‘I Want To Destroy Myself’ van de zanger lijkt een goede grap om een concert mee te beginnen, maar het blijkt gewoon de titel van het eerste nummer te zijn en bovendien ook het eerste nummer op dat debuutalbum. En zo heeft de zanger wel vaker van die grappige korte opmerkingen ter inleiding van het volgende nummer, ook al haalt dat de vaart er soms uit. De charismatische zanger kun je vrolijk verknipt noemen, maar wekt toch sympathie op. ‘Ik weet niet wie ik van jullie kan vertrouwen’, zegt hij ergens, terwijl hij ons indringend aankijkt. ‘Ik ben hier op vreemd terrein. Maar ik verkoop wel aan iedereen.’ Zijn raspende, schurende zang klinkt alsof hij zijn stembanden aan gort heeft gerookt, maar het zorgt wel voor een kenmerkende stijl. Samen met z’n vermakelijke gedrag trekt dat wat de aandacht weg van de muziek, je zou je bijna afvragen of het zonder hem ook nog zo zou boeien. Zo blaft hij ergens meer dan dat hij zingt tegen het einde van een nummer, en roept daarna met een heel hoog stemmetje ‘thank you’. Heel grappig, maar daar had je bij moeten zijn. Mooi figuur dus, met z’n witte parelketting en stoïcijnse blik, en oogleden die niet helemaal helder staan. De indie-rock is verder heel aardig en toegankelijk, vooral heel vrolijk ook, met de nodige tempowisselingen. Mooi om te zien hoe het Boog-podium alleen maar drukker wordt en er een luid applaus na afloop volgt, dat is niet iedereen gegeven hier.
SOAK, alias Bridie Monds-Watson, is volgens mij echt al negentien inmiddels, en de singer-songwriter mag op die leeftijd al spreken van een groeiende belangstelling, maar dat zie je vaker bij de acts die op de befaamde ‘Sound of …′-lijst van de BBC staan. Dan moet je het nog wel even waar maken. Ik vind het in elk geval erg knap en bijzonder dat zo’n kleine dame hier helemaal alleen met haar gitaar op het grote podium gaat staan en, verdomd als het niet waar is, dat kan ze makkelijk aan. Het publiek blijft overwegend aandachtig luisteren, al sta ik dus op de een of andere manier altijd wel naast een luid kletsend groepje. Jammer is dat altijd, maar goed. De zangeres komt zelfverzekerd over, heeft niet heel veel interactie met het publiek, maar zingt net zo prachtig als op de plaat. De kenmerkende ontwapenende (soms bijna kinderlijke) zangstem klinkt bijzonder helder en is wisselend ingetogen en krachtig. Zo met alleen de gitaar is dat dus zonder opsmuk (zoals op de plaat) en dat werkt goed, bij vlagen kan ze me echt raken met haar kenmerkende zang op een bedje van prachtige akkoorden. Op andere momenten merk je ook dat niet alle nummers het optreden kunnen dragen, die glijden dan wat langs me heen, maar SOAK maakt het hier wel waar. Sterk optreden van een groot talent.
Het Deense Communions bestaat uit een viertal knappe jonge kerels, zo zien we later op het boog-podium. Haartjes netjes gekamd, terwijl de frontman zich meer een Kurt Cobain-achtige look heeft aangemeten. Nu ben ik niet zo’n fijnproever van dit soort indierock, maar ik zie ook wel dat deze jonge jongens het heel aardig doen. Het is best toegankelijk en de gitaar zingt soms lekker in het rond, alleen de zang is bij vlagen wat vals. Later in het optreden komen de betere nummers en vind ik dat met name de bas daar heel lekker vloeit. Ik hoor dat inmiddels op een klein afstandje overigens, mijn voeten moeten ook even uitrusten van deze avondzevendaagse. Fijn dat er zoveel bankjes zijn. En fijn dat er speciaal bier te koop is bij The Fuzz, altijd een goede reden om even een bezoekje aan de Ruïne te brengen. Maar goed, Communions doet het dus heel aardig vanavond en ik ben echt benieuwd waar die over een paar jaar staan (wat betreft carrière en optredens).
Er komen veel goede bands uit België en op een of andere manier hebben die vaak een warm en gloedvol geluid. De muziek is vaak net zo sensueel als het Belgische accent van zangeres Lara Chedraoui van Intergalactic Lovers, die overigens ook gezegend is met een prachtige zangstem. En daar dan ook wat goeds mee doet bedoel ik dan. De interactie met het publiek is leuk en er is zeker wat om over te praten, want zo af en toe valt er wat (mot)regen. ‘Sorry dat het harder ging regenen terwijl jullie meededen, want jullie waren super goed!’. De liedjes zijn doorgaans toegankelijk en mooi omkleed met warme, gouden melodieën. Prima band.
Toch sta ik ook op tijd vooraan bij Drvg Cvltvre x Dead Neanderthals. het is bijzonder om de Dead Neanderthals hier weer op het festival te zien, zo vaak zien we artiesten niet terug op het festival, maar saxofonist Otto Kokke heb ik hier toch al eerder gezien met DNRWAYF, Dead Neanderthals (dat memorabele optreden in de Ruïne), Mannheim, en twee jaar geleden DNMF, het samenwerkingsverband (of project) met Machinefabriek. Samen met drummakker René Aquarius verkennen de Dead Neanderthals wel vaker ongebaande paden. Het optreden van vanavond met de Nederlandse technoproducer DRVG CVLTVRE (Vincent Koreman) is het resultaat van de 5e editie van de residentie Hausse. Het drietal heeft voor dit project een paar dagen aan nieuw materiaal gewerkt in de studiokelder van Extrapool. Het Boog-podium is in elk geval lekker donker, met het geflits van de lichtbakken van het Naïvi-collectief op de achtergrond, een unieke lichtinstallatie die is ontworpen in samenwerking met de muzikanten. Muzikaal gezien is het een fijn stukje drone, noise en doomtechno ineengevlochten in een lang nummer van pak ‘m beet 35 tot 40 minuten, maar hoe lang het precies duurde ben ik helemaal kwijt. Verloren in een gebogen ruimte-tijd continuüm. Een lange dikke trip dus, waarbij de sax van Kokke weer eens onherkenbaar in de mix zit. Alhoewel, het is nauwelijks te herkennen als sax-geluid, maar je kunt er dus ook fijne dikke drones mee produceren. Daar onderdoor razen de drums intens voort en de elektronische geluiden van DRVG CVLTVRE dwarrelen er omheen. Nou kijk en luister hier bijvoorbeeld en oordeel zelf, al had je natuurlijk gewoon beter zelf bij deze monstertrip moeten zijn.
Afsluiter Unknown Mortal Orchestra had in mijn ogen wel wat te verliezen hier op het Valkhof Festival. Zo goed als Lowlands 2013 kon het toch niet worden, zo dacht ik. De aandacht op de nieuwe plaat is ook meer op songs gericht in plaats van op het technische gelikte gitaarspel van zanger/gitarist Ruban Nielson. Ik ben dus wel fan van dat lange uitgesponnen gitaargefreak en wat minder van de slimme pop/rock-songs. Toch doet de band ook goede zaken op het Valkhof. Zo komen de psychende gitaarsolo’s minder vaak langs dan toen op Lowlands, maar het is hier wel weer duidelijk wat voor geweldige muzikanten hij toch in z’n band heeft zitten. Wat een fantastische funky drummer is Riley Geare toch, die eigenlijk in veel nummers niet kan excelleren zoals hij kan, en dat vind ik dan wel weer jammer. Bij momenten krijgt hij gelukkig wel die ruimte. Ook de bassist is om van te smullen, ik bedoel van zijn fijn funky spel op bas dan. Waar ik UMO op de plaat nog steeds niet altijd fantastisch vind, is het in de live-uitvoering ook hier weer extra vol en vet. En vooruit, die meer afgemeten songs klinken hier ook helemaal niet verkeerd. Fijne afsluiter van een uitstekende maandagavond in het Valkhofpark.
Dinsdag
We zitten over de helft van het Valkhof Festival als de wandelaars van de Vierdaagse vandaag hun eerste kilometers hebben gelopen. Dag vier van het festival begint met Slow Steve op het Boog-podium. Het begint als een soort glijerige Franse psychpop vind ik, maar bij het tweede nummer stel ik het toch maar bij naar lome elektronische indiepop, met een likje wave misschien. Zelf noemen ze het mantrapop overigens, met een Frans accent. De groep komt uit Berlijn, daar zijn ze ook echt vandaag vandaan gekomen met het busje (de zanger vertelt lekker cynisch hoe fijn de files waren), maar twee van de drie komen oorspronkelijk uit Frankrijk en de drummer is Engels, zo leren we vanavond. De zanger is een lekkere droogkloot met z’n opmerkingen. ‘We are going to play another song… Because. Because that is what we do.’ Maar vooral grappig is zijn regelmatige ‘dankeschön’ gevolgd door een fel vloekend ‘fak!’ omdat hij beseft dat hij niet in Duitsland is. Hij maakt er op den duur maar een gimmick van. Zijn zangstem gaat regelmatig de diepte in, zoals bij “Sun Moon” en dat doet me dan een beetje denken aan Ian Curtis, maar dat waggelt dan ook nog een beetje. Niet helemaal loepzuiver. Verder is de muziek dromerig en klam, en zet aan tot een licht en zwoel dansje, maar Slow Steve is dan vooral ook – eh – slow.
Dan slaan we Sef even over op het hoofdpodium, die hier veel nieuwe nummers laat horen van zijn nieuwe album In Kleur, dat na de zomer uitkomt. Lekkere beats en samples, dat wel, maar ik ben zelf niet zo’n fan van dit soort raps. Na een tussenstop in de Ruïne voor een goede beker speciaalbier, lopen we door naar de Sint-Nicolaaskapel, waar we nog een klein stukje meepakken van het optreden van singer-songwriter Jeanne Rouwendaal, winnares van de publieksprijs van de Grote Prijs van Nederland. Mooi gezongen liedjes dus op deze prachtige plek, heel geschikt voor deze Red Shoe Sessions, die vaker in Nijmegen plaatsvinden op bijzondere locaties. Bij de ingang van de kapel is helaas Anneke Van Giersbergen doorgestreept in het programma vanavond, en dat is toch wel erg jammer. Waarschijnlijk was het ook erg druk geworden (alhoewel, ze stond niet heel prominent vermeld op de site van het festival), maar ik had er graag wat moeite voor gedaan om daar binnen te komen. Rond diezelfde tijd is er ook het programma ‘Zuivere Koffie’ in de Ruïne, normaal gesproken een tweemaandelijks programma van de Bibliotheek Gelderland Zuid en Cultuur op de Campus, maar vanavond vind het dus hier plaats. Het is druk daarbinnen, en aan de zijkant buiten het hek van de ruïne is er nauwelijks iets van te volgen, het geluid vanaf het Boog-podium hindert toch te veel. Geen gelukkige keuze dus om een interview te doen en zelfs muziek te programmeren op een plek met zoveel lawaai op de achtergrond van het andere podium. Zo krijgen we dus niet veel mee van het optreden van Aafke Romeijn. Jammer.
Dat geeft ons wel de gelegenheid om Obnox in z’n volledigheid te gaan bekijken. Het is een van de eerste Nederlandse shows van de Amerikaanse muzikant Lamont ‘Bim’ Thomas. Het optreden begint pas na een kleine set van de dj achterin die met z’n laptop en sample-apparatuur wat gangsterrap-nummers door elkaar staat te husselen en te scratchen. Echt strak doet ie dat niet eens, en daarmee voelt zo’n inleiding wat overbodig. Maar dan komt de Amerikaan zelf op het podium. ‘We’re from Cleveland, Ohio’ roept ie op z’n Amerikaans. ‘We want you to start wiggling your feet from here to Amsterdam. Can you dig it?’ Ja, Nijmegen kent ie wel. Doornroosje en zo, en Vera, Paradiso. ‘Ach, toen jullie nog in de luiers zaten kwam stond ik hier al.’ Het is duidelijk wie hier de baas is op het podium. ‘The next song is I Wanna Fuck You Like A Puma’, dat werk dus. Ik zie kinderen langs de kant met grote ogen naar het podium staren. Wat gebeurt hier? Muzikaal is het zoiets als punkrock gemengd met hiphop en een hoop noise, zeker als hij de gitaar er bij pakt. De dj op de achtergrond is al gauw nauwelijks meer te horen. De drummer vind ik in eerste instantie nogal simpel drummen, maar in de loop van de set komt hij toch nog aardig los. Jammer dat de energie er dan af toe wat uit gaat met de wat slomere nummers, sowieso missen veel nummers een richting. Het moet het hebben van de energie en dat komt nog het beste tot uiting in de sneller punkende eindspurt en het chaotisch rammende einde.
Bij Monolord staan we weer eens lekker dicht bij het podium, maar als de eerste aanzet wordt gemaakt tot de eerste massieve riffs volgt een kleine deceptie; het geluid staat helemaal niet moddervet. Ik mis vooral veel bas, hoewel dat wel wordt bijgedraaid gedurende het optreden. Maar met name de basdrum is nauwelijks te horen, en dat is best dodelijk voor een band die het juist van het massieve herhalende geluid moet hebben. Dit soort lompe doom/stoner hoort je oren te slopen en je broekspijpen te laten wapperen. Het helpt denk ik ook niet echt dat de microfoon wat te ver weg staat bij de basdrum. Jammer. Verder is het natuurlijk nogal herhalend dit, maar in het genre wel heel aardig, al hoor ik het nog liever met nog iets meer afwisseling. Toch laat het ons wel lekker in slow-motion headbangen en de zwaar reutelende gitaren zijn toch ook wel weer heerlijk om in te verdrinken. Fijn dat ook dit soort bands op het festival staan, met dank aan de samenwerking met FortaRock.
Het is deze editie van het Valkhof Festival nog niet zo druk geweest als bij Kovacs, en dat doet terugdenken aan de avonden van Jett Rebel en Kensington, toen het park ook zo vol stond. Knappe prestatie van de zangeres uit Eindhoven, die uiteraard haar grote bigband weer heeft meegenomen en sowieso voor een gelikte show zorgt. Misschien is de aankleding en de productie allemaal een tandje té goed doordacht, maar het werkt wel. Zo zien we weer haar eeuwige bontmuts als kenmerkende stijl, en de aankleding van het podium is ook weer tiptop in orde. Fijn om goede muzikanten om je heen te hebben, maar nog steeds is haar prachtige donkere en diepe stem haar belangrijkste wapen, en dit komt ook hier in het park goed tot haar recht. De zangeres komt ook wat zelfverzekerder over dan vorig jaar op Lowlands toen ze ook nog wat giechelig was, dus daar is ze zeker in gegroeid. Een nieuwe soul-diva in de dop. Gezien de hoeveelheid publiek en het enthousiasme kun je hier misschien wel spreken van een definitieve doorbraak naar het Nederlandse publiek voor Kovacs, en geheel onterecht kan ik dat niet noemen.

Speak Your Mind

*