The Liszt - Those Days Are Gone
Twee weken geleden overleed Ronald Herregraven. Hij verloor een oneerlijke strijd, waarvan al een tijd duidelijk was dat hij niet als winnaar uit de bus zou komen, maar waarvan hij het uitstellen van de overgave zodanig wist te rekken dat dat eigenlijk al een overwinning an sich is. Ik kende Ronald overigens niet persoonlijk. Ik kende alleen de muziek die hij maakte. Vooral die van The Liszt, de band waarvan hij, ondanks zijn broze gezondheid, samen met Robert-Jan Gruijthuizen nog steeds de spil vormde en die met Coming From Doubt, Journeying To Truth en Slaves twee ijzersterke donkere rockplaten maakte die jammer genoeg veel te weinig losmaakten bij het grote publiek. Ik vind het dan ook wel mooi dat de band hun nieuwe EP Those Days Are Gone online slingerde kort voor het overlijden van Herregraven. Een mooier eerbetoon kun je een muziekliefhebber in hart en nieren niet geven. Vier nummers telt deze EP slechts, maar da's wel genoeg voor nu. Deze vier hakken er namelijk al meer dan hard genoeg in. Voor mijn gevoel is er in elke song wel een verwijzing naar heftige tijd die de band meegemaakt heeft de afgelopen tijd. Een luchtig verzetje was The Liszt hiervoor ook al niet, hier gaat er nog een schepje bovenop. Volstrekt logisch. Natuurlijk was het een veel mooier einde geweest als Ronald helemaal gewonnen en zijn kinderen groot had zien worden en nog vele nummers op te nemen, voor nu was er denk ik geen mooier einde denkbaar dan het ziedende "Freak Out Or Die" dat Those Days Are Gone afsluit. Nog een keer je grenzen opzoeken en verleggen. Ruim tien zinderende instrumentale minuten waarbij de band halsstarrig vol lijkt te blijven houden in zijn weigering het laatste slotakkoord aan te slaan. Treffender kan The Liszt het niet maken.
De opbrengsten van de verkoop van Those Days Are Gone gaan naar No Guts No Glory. Ik vond de EP €20 waard. Hoeveel geef jij?

File: The Liszt - Those Days Are Gone
File Under: Even flink slikken
File Audio: [Bandcamp]
The Revival Hour - Scorpio Little Devil
De afgelopen editie van Le Guess Who? moest ik helaas aan me voorbij laten gaan. Dat was flink balen, want daar speelde het project The Revival Hour. Achter deze naam gaat het duo DM Stith en JM Lapham schuil. De eerste moet je kennen van zijn fenomenale, excentrieke debuutplaat Heavy Ghost (mijn plaat van het vorig decennium), Lapman is onbekender, maar hij had een flinke vinger in de pap bij het helaas ook zwaar onderschatte The Earlies. De eerste tekenen van debuutplaat Scorpio Little Devil vond ik al veelbelovend, de belofte wordt wat mij betreft helemaal ingelost. De twee hebben samen iets weten te creëren dat een unieke mix is tussen het al alleszins ongewone solowerk van Stith, de eigenzinnige kant van bands als Radiohead en Grizzly Bear en deze overgoten met een curieuze, Motown en Spectorachtige saus. Dat Stith daar een zwak voor had was al eens gebleken uit zijn prachtige "Be My Baby"-versie die op zijn outtakes album stond, nu past 'ie dat samen met Lapham ook ragfijn toe in zijn eigenhandig songs. Het resulteert in een album waarvoor je je nu eens niet hoeft te schamen om de term eclectisch van stal te halen. Want dat druipt van alle songs van deze debuut-cd af. De twee hebben al het speelgoed dat ze beschikbaar hadden in de studio klaargezet en waar nodig ingezet. Dat resulteert aan de ene kant in met blazers overgoten mierzoete indiesoul ("City Yolk", "Hold Back"), maar strijkt je aan de andere kant ook zwaar tegen de haren in door het elektronische experiment keihard te laten crashen ("Copperhouse"). Een eenvoudig ABACAB-liedje is maar met moeite te vinden op Scorpio Little Devil ("Control") komt nog het dichtst in de buurt. Het zal wel maken dat velen volstrekt niets zullen begrijpen van wat The Revival Hour ze voorschotelt, ik schep mijn bord keer op keer weer vol en raak maar niet verzadigd.


File: The Revival Hour - Scorpio Little Devil
File Under: Eet smakelijk
File Audio: [Bandcamp]
Brasstronaut
Laura Mvula
Marble Sounds
Stornoway
De Speeldoos
The Veils
Daughter
Night Beds
Jaga Jazzist & Synfonia Rotterdam
Marble Sounds - Dear Me, Look Up
Aan alles hoor en zie je dat Marble Sounds een band is die alles in alle rust doet, stap voor stap en altijd volkomen onder controle. Na hun debuut-ep namen ze de tijd voor de prachtige debuut-cd Nice Is Good, ondertussen zijn we drie jaar verder en komen onze zuiderburen eindelijk met de opvolger Dear Me, Look Up. En ook daaraan hoor je dat alles met bijna eng-makende precisie wordt gepositioneerd. Pieter van Dessel lijkt me een eindeloze schaver aan liedjes. Maar wel een die nooit te ver schaaft en daardoor zijn kunstwerk onherstelbaar beschadigt. Kunstwerkjes zijn het namelijk stuk voor stuks die hij je voorschotelt op deze tweede cd. Met zijn warme fluisterstem biedt hij mij als luisteraar een comfortabele zit waar ik oneindig in weg kan dromen. De mix van Pinback en Grandaddy (hun goede tijd dan vanzelfsprekend)-achtige liedjes is gebleven, maar wel zodanig verder verrijkt dat elk liedje onmiskenbaar de signatuur van Van Dessel draagt. Dat zijn verfijnde, bijna bescheiden liedjes met teksten die ogenschijnlijk simpel klinken, maar me toch echt wel aan het denken zetten. De combinatie melancholie en melodie is op Dear Me, Look Up zeldzaam sterk. Het prettige aan de songs van Van Dessel is dat hij dit weet te doen zonder een heel orkest van stal te hoeven halen. Met een paar penseelstreken aan klankeffecten weet hij hetzelfde, wat zeg ik: meer!, effect te bereiken dan menig artiest met een bataljon strijkers, toeters en bellen. Dan wordt een liedje als "No One Ever Gave Us The Right" (met een flonkerende bijrol voor Chantal Acda) waarin er nog een toefje euforie toegevoegd wordt een ogenschijnlijk simpele, maar daardoor niet minder glorieuze overwinning.


File: Marble Sounds - Dear Me, Look Up
File Under: Ontroerend
File Audio: [MySpace]
Daughter - If You Leave
In het fijne interview dat Jasper deed met Daughter vertelde gitarist Igor dat Daughter ooit begon als het soloproject van zangeres/gitarist Elena Tonra. Ik wist dat niet, maar vond het wel interessant om te lezen, want terwijl ik zat te luisteren naar het fraaie If You Leave van dit trio uit Londen had ik mezelf al bedacht dat de songs van deze debuut-cd het bij alleen vrouw en gitaar op het podium misschien nog wel beter zouden doen dan zo met band. De tegen fluisteren aanschurende stem van Tonra met alleen maar akoestische gitaar zou het in de uptempo, maar vooral in de meer dromerig meanderende liedjes misschien nóg wel boeiender zijn. Die laatste vind ik sowieso de mooiste van If You Leave. Single "Smother" met zijn simpele, maar effectieve gitaarloopje waarbij Tonra mij definitief voor zich won. Een fraai gelaagd liedje dat langzaam naar een climax toewerkt en dan nog even lekker na-ijlt. Het verbaast me niets dat 4AD deze band er uitpikte. In hun stal past Daughter namelijk uitstekend qua sound. Producer Rodiadh McDonald zorgde voor precies die gelaagdheid in sound waar de muziek van Daughter om vraagt. Hij zou Esben And The Witch ook eens onder handen moeten nemen. Wat wel prettig is, is dat Daughter er voor gewaakt heeft niet te kiezen voor een eenvormig shoegazer-geluid. Het is juist de subtiele variatie in klank, tempo en gelaagdheid die er voor zorgen dat de rit met Daughter telkens weer een aangename is. Misschien was er nog plek geweest om in een song nog even echt uit de ban te springen, maar ik denk dat ze dat live vast wel zullen doen. Met "Tomorrow" zou dat best goed kunnen bijvoorbeeld. Dan zijn ze nog meer een dochter om trots op te zijn.


File: Daughter - If You Leave
File Under: Nu al een grote meid
File Video: [Still]
Hurts - Exile
Ik had in de jaren tachtig al de rare gewoonte om naast luide (zeker wat mijn ouders betreft) hardrock en metal een voorliefde te hebben voor de ietwat kitscherige catchy synthypop. Dat snapte lang niet iedereen. Inclusief ikzelf. Het is ook nooit overgegaan. Nog steeds dweep ik graag met een plaat van bijvoorbeeld OMD, Howard Jones of A Flock Of Seagulls. (Daarom is het zo fijn dat je tegenwoordig met Spotify hier uren in kunt grasduinen). Maar goed, dat ik een zwak heb voor het Britse Hurts, daar geneer ik me dan ook helemaal niet voor (en het zal velen ook niet verbazen). Dat de heren Hutchcraft en Adamson zo af en toe wel heel duidelijk leentjebuur spelen bij een heel arsenaal bands uit de jaren prachtig, dat boeit mij dan ook niet zo. Ik laat me zo meezuigen in hun pathetiek. Die is nog steeds aalglad op Exile, maar voor de vorm heeft Hurts wat shades of grey aangebracht en de boel wat verduisterd en verruigd. Daardoor schuiven ze qua sound wat meer op richting bijvoorbeeld Depeche Mode. Probeer bij de openingsriff van "Cupid" maar eens níet aan Dave Gahan en de zijnen te denken. Dat lukt niet. En geeft ook niet. Dan ben je overigens al halverwege de cd en heb je al de nodige grote gebaren moeten verteren. De een zal dat wat gemakkelijker afgaan dan een ander. Ik heb de brylcreem al weer in mijn haar gesmeerd en strak gekamd. But watch out, The gals will all pursue ya, They'll love to put their fingers through your hair.. Lovely.


File: Hurts - Exile
File Under: Echt niet alleen voor de Charlonas van deze wereld...
File Audio: [MySpace]
File Video: [Miracle]
Dirk Serries - Microphonics XXI-XXV
Ik heb Dirk Serries ondertussen twee keer live aan het werk gezien. Een keer was dit als Fear Falls Burning in het voorprogramma van No-Man in De Boerderij, de tweede keer als Microphonics tijdens een Tonefloat-label-event in Tilburg. Beide keren grepen de intense drones van Serries me naar de strot. Beide keren had ik er na afloop ook moeite mee om helder uit te leggen waarom dat nou zo was. Horen en zien is geloven. Zover kwam ik nog. Met zijn albums heb ik eigenlijk hetzelfde probleem. De nieuwe Microphonics-cd heb ik ondertussen al tot in alle uithoeken verkend. Het is eigenlijk doodeenvoudig. Het draait om de reis van de man en zijn gitaar, en zijn uitgekiende verzameling effectpedalen. In vier tracks van elk ruim tien minuten vertelt Serries een verhaal dat bij elk navertellen in woorden als onlogisch overkomt. Leg maar eens hoe het snerpende geluid van een paar door effecten groezelig gemaakte gitaaraanslagen over een sluimerend ijlende grondtoon door jou als intense pracht ervaren wordt. Veel verder dan dat kom ik niet. Aan de andere kant: dat is ook alles wat bijvoorbeeld openingstrack "Mounting Among The Waves" is. Waarom zou ik er dan meer van willen maken? Het zijn nu eenmaal geen liedjes in ABACAB-traditie en ze zijn zeker ook niet voor iedereen te verhapstukken. De emoties die vooral de tweede track "There's A Light In Vein" bij mij oproepen, die moeten gebaseerd zijn op iets wat ik in woorden zou moeten kunnen omschrijven. Maar elke poging strandt in staren naar buiten, naar mijn lege Word-bestand, naar niets, terwijl ik ondertussen op ga in de ijle, bijna Sigur Rós-achtige klanken die Serries uit zijn set weet te toveren.

File: Microphonics - Microphonics XXI-XXV
File Under: Schier onbeschrijfbare pracht.
File Audio: [Album teaser][Luisterpaal]
Peter Doran - Overhead The Stars
Met superstip op mijn irritatielijst: albums die je talloze keren draait, ontegenzeggelijk de duim omhoog krijgen, maar waar je geen woord over op papier gezet krijgt. Peter Doran wordt bedankt. Zijn Overhead The Stars heeft slijtplekken van de bestralingen door de laser, ik staar nog steeds naar een blank vel. Bloedirritant. Toch moet deze singer/songwriter ontegenzeggelijk iets goed doen, anders had ik 'em al lang een schop de cd-kast ingegeven. Overhead The Stars staat dan ook vol met fijne liedjes, die veel meer de kant op gaan van pop dan van man-met-gitaar-en-zing-over-je-kutleven. Af en toe is het zelfs bijna bombastisch, zoals in "Out Of Here". Da's niet zijn beste kant. Doe mij maar een intrigerend traag voortslepend liedje als "Kicking And Screaming", met een fascinerende gelaagdheid aan zang. Qua is Doran eigenlijk wel een beetje de ideale mix van David Gray en Ozark Henry. Het eigengereide van Henry heeft 'ie ook wel, de elektronica niet. "Thread" is wat dat betreft wel grappig. Qua tekst (zoektocht naar vrienden die tot nu toe eigenlijk alleen maar gezinnen stichten, tuinen onderhouden en geen tijd hebben voor koffie) zou hij echt meeslepend en traag kunnen brengen. Doran kiest echter voor een dermate uptempo insteek dat 'ie bijna over zijn woorden dreigt te struikelen. Dat gebeurt niet natuurlijk en de gitaarsolo is zelfs vreemd traag na het gehuppel ervoor, maar het werkt wel! Nog beter is album opener "Perfumed Letter" (beetje melancholisch Buckley-achtig). Daarin zit misschien ook wel de bron van alle kwaad voor mij. Doran zingt: 'I let too much time slip through my hands / I spend too much time watching the time go by'. Daar heb ik dus last van bij deze cd. Ik denk dat ik het maar opvat als een goed teken.


File: Peter Doran - Overhead The Stars
File Under: Verveelt dus duidelijk niet snel
File Audio: [MySpace]
The Flower Kings
Neal Morse
The Information - Sounds Of The Backwoods
Ik word graag verrast door bands van Dietschen bloed en dat gebeurt ook regelmatig. Zo verrast worden als door Sounds Of The Backwoods, de debuut-cd van The Information, dat gebeurt me echter weinig. En dat is dus inderdaad positief bedoeld. Ik weet vrij zeker dat als je een beetje niet oplettende luisteraar bent, je zo zou denken dat het Dave Eugene Edwards himself is die je twaalf songs lang bezwerend toezingt. En dan hebben we het niet over de b-kantjes van 16 Horsepower of Wovenhand, dan hebben we het gewoon over het betere spul van deze godvrezende zanger. Dat doet deze band afkomstig van net onder de rook van Staphorst dus verdomd goed. Sound Of The Backwoods opent "To Dust" met een soort van neergeslagen chain gang samenzang waarna al snel Jan Kooiker plaatsneemt achter de microfoon en je half praatzingend toezingt. De stemming wordt er vervolgens niet meer beter op. Dat de band zegt geïnspireerd te zijn door Carel Willinks schilderij Jobstijding, dat belooft natuurlijk bij voorbaat al wel dat er niet veel positiviteit te verwachten valt op Sounds Of The Backwoods. Heel af en toe denk je een sprankje zon te zien aan de horizon, maar dat is alleen maar schijn. De trompet die "O Glorious Lands" inluidt, is alleen maar om nog meer doemtijding en zwartgalligheid aan te kondigen. Ik betrap me er op dat ik me met speels gemak erin mee laat zuigen. Mijn wenkbrauwen zakken in een diepe frons, de lippen van mijn mond strak op elkaar geperst en traag meeknikken op de muziek. Bijna eng. En goed.


File: The Information - Sounds Of The Backwoods
File Under: De goede slechtnieuwsbrenger
File Audio: [Bandcamp]
File Sociaal: [Facebook]
Brad - United We Stand
Ik ben soms maar een vreemd mannetje. Ik heb namelijk ergens last van. Ik heb de neiging om bands die ooit iets formidabels gepresteerd hebben daarna alles wat ze presteren met de mantel der liefde te bedekken als het wat minder wordt. De crux zit 'em daarbij in het woord 'formidabel'. Dat is bij muziek natuurlijk iets heul subjectiefs. Dus als ik zeg dat Interiors van Brad minimaal in de top-20 van onderschatte rockplaten dient te staan, dan mag je gerust een lange neus naar mij maken en naar je voorhoofd wijzen. Zelfs het vrijwel immer positieve Allmusic geeft de plaat maar drie sterren. Nou dáárom dus vooral ook. Ik kan er met mijn hoofd niet bij dat iemand die de eerste maten van "The Day Brings" hoort niet gelijk om is. Voor mij klopt er alles aan. De muziek, de stem, de melancholie, voor mij is alles raak. Wie dat niet horen wil is gek. Interiors (maar eigenlijk ook al voorganger Shame met het magistrale "Buttercup" als openingstrack) was voor mij de ideale overgang van de onrustige emotionele grungetijd naar - relatief maar dat is met alles - rustiger wateren. Gouden troef daarbij was de stem van Shawn Smith. Soulvol, ingetogen, maar toch duidelijk emotioneel geladen. Het klinkt misschien raar, maar het is eigenlijk helemaal niet belangrijk dat de band (met dus ook in de gelederen Pearl Jam's Stone Gossard) met United We Stand een nieuw, vijfde, album gemaakt hebben. Het is het kriebelende onderbuikgevoel, dat je liedjes die je al bijna twintig jaar als een publiek geheim met je meeneemt, live kunt gaan zien. Daarin zit 'em de opwinding en dat is gelijk compensatie voor het feit dat van de tien liedjes op deze nieuwe cd er misschien maar vier het niveau halen van verloren gewaande en door anderen totaal genegeerde tijden. Brad horen op hun eerste twee albums is geloven, Brad ook daadwerkelijk live zien is voor mij iets dat tot een klein half jaar terug iets volstrekt onmogelijks leek en zo opwindend dat je bijna niet durft te gaan. Maar ik ga het toch mooi doen!
In samenwerking met Metropool gaven we enkele tickets weg voor het concert van 16 februari. Daarvoor ben je nu te laat natuurlijk.


File: Brad - United We Stand
File Under: The only way
File Audio: [MySpace]
File Social: [Twitter][Facebook]
Local Natives - Hummingbird
Gemengde reacties las ik op de nieuwe plaat van Local Natives: van verwijzingen naar een mogelijke plaat van het jaar tot de conclusie dat het een herhalingsoefening betrof van hun debuutplaat, Gorilla Manor. Zelf heb ik vaker ervaren dat die tweede plaat altijd een moeilijke is: debuutplaten kunnen er vreselijk inhakken, en bij zo’n tweede weet je eigenlijk al wel wat je te wachten staat. Dat is bij Local Natives dan ook niet anders: Hummingbird is qua luisterervaring en geluid een mooi vervolg op Gorilla Manor, maar laat toch wel degelijk ontwikkeling horen. De hoge, Fleet Foxes-achtige, vocalen en het heldere, melodieuze gitaarfolkgeluid klinken bekend en tegelijkertijd weer enorm aangenaam. Openingsnummer "You & I" begint prima, met springerige, maar wel ontspannen, ritmes en hoge zang. Het rare is dat ik na een paar liedjes in een keer denk: 'Verdorie, ik zit met mijn ogen dicht en ik zie de hele tijd beelden van Efterklang voor me.' Het komt vast doordat Hummingbird zo'n zelfde fijne feel heeft als de laatste cd van die Deense favorieten. Op zo'n relaxte, natuurlijke wijze muziek maken, dat het lijkt alsof het niets kost. Ondertussen zijn de songs van deze Californiërs echter net zo geraffineerd en fijnbesnaard als die van Caper Klausen en de zijnen. Ontspannen en ingetogen (maar onderhuids broeierig) zorgt Local Natives voor een euforische luisterervaring. Dan raakt een song als "Wooly Mammoth" als ze het tempo opvoeren en de percussie wat fermer wordt net nog wat harder. Het geeft een aangenaam warm gevoel en is het lastig de neiging te onderdrukken om hard mee te gaan zingen. Het maakt al met al Hummingbird tot een album waar je even in moet komen, maar dat daarna snel verslavend goed blijkt.


File: Local Natives - Hummingbird
File Under: Euforie troef
File Video: [Breakers]
File Sociaal: [Facebook][Twitter]
Elliott Brood - Days Into Years
Een van mijn grootste ergernissen is tijd. Tijd vliegt. Sneller nog dan ik soms zelf door heb. Ik schrok er zelf van dat het al weer ruim vier jaar geleden dat ik Elliott Brood aan het werk zag in Ekko. Voor mijn gevoel was het gisteren. Ik blijk dus ondertussen gelukkig geen cd van het Canadese trio gemist te hebben. Hoewel, deze nieuwe Days Into Years is absoluut niet meer funkelhagelneu. In Broods thuisland kwam de plaat namelijk al in 2011 uit. Maar daarom niet getreurd, wat in 2011 goed was is het nu ook nog. Helemaal niet als ze voor invloeden op de liedjes nog verder teruggrijpen. Voor Days Into Years zijn de drie Canadezen geïnspireerd door wat ze tijdens hun tour in 2008 zagen. Daar kwamen de rootsrockers voor het eerst in aanraking met de Canadese militaire graven in België en Frankrijk en wat ze daar zagen en hoorden verwerkten ze in de tracks van Days Into Years. Da's weer eens wat anders dan een liedje over het zitten op je porch? Misschien dat daardoor de songs ook een ander karakter gekregen hebben. De banjo is nog maar schaars te horen en dan nog vooral op de achtergrond. De jengelende, overstuurde gitaren staan veel meer op de voorgrond en het resultaat neigt zo soms zelfs richting Southern Rock. Het tweeluik "Hold You" en "Will You Bury Us" krijgt zelfs een bijna Crazy Horse-achtig karakter. De ingetogen kant van Neil Young komt overigens ook langs: "Northern Air" wordt opgesierd met mondharmonica en meerlagige samenzang. Ik vraag me wel af waar de drie uiteindelijk voor zullen kiezen, voor de op ukelelespel gebaseerde akoestische songs of voor de meer elektrische aanvliegroute die ze hier gebruiken voor het vertellen van hun verhalen. Mij maakt het niet zoveel uit, ik vind het als mengelmoes ook erg goed.


File: Elliott Brood - Days Into Years
File Under: Je roots in het buitenland vinden.
File Audio: [MySpace]
File Video: [Lindsay]
Hauschka - Salon Des Amateurs Remixes / Sylvain Chauveau - Simple
Het lijkt mij best een behoorlijke horde die je als muzikant moet kunnen nemen om het materiaal waar jij maanden (misschien wel jarenlang) aan gewerkt hebt in handen te geven van anderen om door elkaar te laten husselen. Misschien dat het voor Volker Bertelmann - met zijn achtergrond in de Berlijnse dancescene - wat minder moeilijk is. In ieder geval heeft hij er heeft er een goede gewoonte van gemaakt om zijn Hauschka-studioalbums te laten remixen. Daarvoor kiest hij dan niet de grote namen die Jan en Alleman kent, maar selecteert hij zorgvuldig relatief onbekende namen. Ik ken zelf in ieder geval maar drie van de tien namen die de remixen voor Salon Des Amateurs aanleverden: Matthew Herbert, Ricardo Villalobos en Vladislav Delay. Wat fascinerend is aan de remixen is dat het blijkbaar maar een kleine stap is van originele tracks van Hauschka naar (vooral) technogerichte varianten. Alhoewel, ik zei in de recensie van het origineel niet voor niets: 'Ik ben zelf niet zo'n danser, maar ik kan me voorstellen dat een groep die niet vies is van wat experimenten op muziek, hier wel raad mee zou weten. En misschien zouden de tracks het ook wel prima doen zo op de dansvloer, want techno ligt echt niet zo gek ver om de hoek.' Deze tien remixen bevestigen dat. Je rijdt door hetzelfde landschap of dezelfde stad, maar ziet het nu door een andere hele andere bril, waarbij je soms even een stukje in zijn achteruit of zelfs helemaal terug naar het begin moet om het origineel er in terug te herkennen, maar op een bepaald moment valt ook het kwartje als je naar de vette beats luistert die Michael Mayer aan "Tanzbein" toebedeeld heeft. Erg gaaf vind ik wat de minimal knip-en-plak glitchspecialist gedaan Delay gedaan heeft met “Subconscious”. Deze indringende spooky afsluiter van Salon Des Amateurs (Remixes) is voor mij het hoogtepunt van een puike remix-plaat.
Ook Simple van Sylvain Chauveau is een verzamelaar. Alhoewel ooit begonnen als gitarist in een noiserockband is Chauveau vooral bekend als schrijver van 'klassieke muziek' waarbij hij zich veel meer met het bespelen van de piano bezig houdt dan met de gitaar. Op Simple heeft Fat Cat-sublabel 130701 achttien tracks verzameld uit de periode 1998-2010 die al tijden niet meer te koop zijn, maar het zeker wel verdienen om gehoord te worden. Ik kwam zelf pas in 2003 in aanraking met Chauveau toen ik Micro:Mega ontdekte, zijn samenwerking met Frederic Luneau, en ik ben 'em sindsdien vol interesse blijven volgen. Met Simple heb ik overigens hetzelfde probleem als ik had met bijvoorbeeld zijn soundtrack voor Des plumes dans la tête: Er staan tussen de achttien tracks maar weinig tracks die eruit halen wat er in zit. Het gros van de nummers klokt nog geen twee minuten en daardoor voelen ze nogal eens onaf. Bij openingstrack "Noir" zit je gelijk op het puntje van je stoel door de spooky start die een aanzet zou moeten zijn tot iets groots en meeslepends, maar het komt nooit zover en dat is jammer. Hetzelfde geldt voor de sierlijke melancholische strijkpartijen die het titelnummer van Des plumes dans la tête kenmerken. Je gaat er net in op en dan zit het er al weer op. Heel jammer. Ik weet niet wat erger is, tachtig seconden aan pracht die je doet mijmeren over dat er meer in gezeten had of 80 minuten aan vulling die voelt als een zinloze verspilling van tijd. Met dat eerste heb ik een stuk minder moeite, maar de balans ontbreekt.

File: Hauschka - Salon Des Amateurs Remixes
File Under: Wederom geslaagd remixproject
File Audio: [2AM]
File Video: [Tanzbein]
File: Sylvain Chauveau - Simple
File Under: Niet oogsten wat er in zit
File Audio: [Situation Finale]
Nalyssa Green - The Seed / Etten - Lappuggla / Shannon Stephens - Pull It Together
Laten we u eens meenemen op een ritje langs wat singer/songwritende vrouwen die we de afgelopen weken veelvuldig in onze playlists op de Spotifys rondjes hebben laten maken. Het gemak waarmee dat tegenwoordig kan is natuurlijk zaligmakend, maar dat ze in de off-line Spotify playlists belanden had wel een reden. Ze sprongen stuk voor stuk in het oog omdat het prachtige verzorgde cd's waren die me nieuwsgierig maakten.
De kroon spanden de twee cd's die Inner Ear begin januari uitbracht. Zowel de cd van Nalyssa Green als die van Etten (niet te verwarren met Sharon van Etten) zit verpakt op een manier dat hij bij mij in de kast op de plank speciale albums komt te staan. The Seed van Green is de opvolger van haar debuut-cd Barock en zit verpakt in een slim vouwwerkje dat uitvouwt tot een grote poster van de tekening die de voorkant van de cd is. Green schijnt Grieks te zijn (het album werd al opgenomen in een huis ergens buitenaf bij Korinthe), maar 'verraadt' haar afkomst nergens. Ze sluit naadloos aan bij in het rijtje eigenwijze vrouwelijke singer/songwriters dat aanschuurt tegen pop/rock en het tegenwoordig al maar beter lijkt te doen. Het maakt overigens wel dat haar muziek bij oppervlakkige beluistering nu niet gelijk zal opvallen. Je moet er echt even voor gaan zitten voor de liedjes je weten te winnen. Een eigenwijs hobbelpad als "A Seed" zou je zelfs in eerste instantie wel af kunnen stoten. Uiteindelijk zul je vallen voor het spannende liedje. Green wiegt The Seed zo'n beetje heen en weer op het kruispunt van My Brightest Diamond en PJ Harvey (met "Eat me Up" als beste voorbeeld), en dat valt bij mij wel goed in de smaak.
Greens' labelgenote Etten blijkt eigenlijk Eleni Tzavara en komt inderdaad ook uit Griekenland. Ook haar tweede cd Lappuggla is op schitterende wijze verpakt. Hetzelfde formaat als Green, maar Lappuggla is een boekje om in te bladeren in plaats van een poster. Lezen is bijna onmogelijk, want het lettertype is nogal eh... afwijkend. Etten zingt met net iets meer accent dan Green, maar ook haar Engels verklapt niet gelijk dat haar wieg in Griekenland stond. Je zou het misschien een beetje denken terug te kunnen horen in het instrumentengebruik op Lappuggla, maar het is nu niet zo dat hangdrums en de dulcimer Griekse instrumenten zijn. Wat Lappuggla vooral van je vraagt is dat je een beetje buiten de vaste kaders denkt. Qua ritmiek heeft het af en toe wel wat van Lykke Li, maar Etten is veel kaler en zit veel minder in de bombast. Inzetten op een clash van elektronica en (vervormde) akoestische instrumenten is het motto hier en daar slaagt ze op knappe wijze in. Door de af en toe wat moeilijke doorgronden songs en de hogere stem die Etten doet ze bij vlagen ook wel wat denken aan Kate Bush. Er zijn slechtere acts waar je mee vergeleken kunt worden.
Voor Shannon Stephens hoefde ik niet te graven naar waar ze vandaan komt. Haar kende ik al van haar eerdere twee albums. Die maakten dat ik de lat misschien wel een beetje te hoog legde voor deze derde die de titel Pull It Together draagt. En dat zal er dan wel voor gezorgd hebben dat ik ondanks veelvuldige beluistering maar niet overtuigd wil raken. Pull It Together voelt bij tijd en wijle aan als de Tuesday Night Music Club van Sheryl Crow, terwijl ik gehoopt had op iets wat dezelfde impact zou hebben als een puike Kathleen Edwards-plaat als ze toch wat meer de poppy kant op zou schuiven. Nou doet me dat niet in huilen uitbarsten van teleurstelling, ik had op meer gehoopt. Overigens zijn de liedjes natuurlijk best prima - het duet met Bonnie 'Prince' Billy "Faces Like Us" is zonder twijfel het prijsnummer - toch mist er wat: de rafelrandjes. Ik denk dat mijn verlangen naar meer mooi en minder gladgestreken als Breadwinner en haar al ruim een decennium oude debuutplaat mij grote delen van de cd parten speelt. De kalere, tikkie rauwere liedjes boeien me gelijk meer dan de netjes gestreken lakens die hier uitgedeeld worden. Het is mijn eigen schuld. Sorry.

File: Nalyssa Green - The Seed
File Audio: [MySpace]
File: Etten - Lappuggla
File Audio: [Soundcloud]
File Under: Boeiende verpakkingen, boeiende vrouwen, boeiende albums
File: Shannon Stephens - Pull It Together
File Under: Lichte teleurstelling
File Audio: [MySpace]
Low Vertical - We Are Giants
Vandaag werden er nieuwe namen bekend gemaakt van het nieuwe festival dat uit de grond gestampt wordt in het recreatiepark Beekse Bergen in Hilvarenbeek. De eerste namen logen er al niet om, de nieuwe namen stemden me nog meer tevreden dat ik al overnachting en tickets geregeld heb. Ik was al blij dat ik eindelijk Sigur Rós live kan zien, maar met deze nieuwe lading werd het nog leuker. De nieuwe namen maakten echter ook dat ik hoop dat er nog een paar échte Best Kept Secrets aan de line-up toegevoegd gaan worden de komende tijd. Daarvoor wil ik een lans breken voor de zuiderburen van Low Vertical. Hun eerste cd I Saw A Landscape Once bleef hier in Nederland jammerlijk genoeg ver van de spotlights verwijderd, daar veranderde zelfs een puike positieve recensie van Blink niets aan helaas. Dan moet het maar gebeuren met de nieuwe cd We Are Giants en de bosrijke omgeving bij de recreatieplas lijkt me een uitstekende plek om de steengoede indie van deze band die zijn cd's op Zeal uitbrengt eens goed te pluggen. Het behoorlijk grillige hak-op-de-tak-karakter van de debuut-cd hebben ze voor het grootste deel achter zich gelaten, maar de basis en impact van de liedjes blijft. Je kunt Low Vertical zonder blikken of blozen plaatsen tussen de elektronica-geörienteerde albums van Radiohead en het gapende gat dat een band als The Notwist nu al een half decennium openlaat. 'It's a poor kind of melody, that only works backworks' zingt Ward Dupan vele malen in "Epic Slaughter" voordat hij op magistrale wijze bedolven wordt door de geluidsmuur van de rest van band. Ik durf dat te betwijfelen. De minimale middelen die Low Vertical zich bezigt in combinatie met de kraakheldere productie van Wout Vlaeminck (die ook de beukers van Raketkanon deed) levert juist een extra krachtig resultaat op dat ik als heel intens ervaar. Dat moet live nóg overrompelender zijn en dat wil ik graag meemaken.

File: Low Vertical - We Are Giants
File Under: Best Kept Secret-tip
File Audio: [MySpace][Soundcloud]
File Video: [Sun Sun]
Thus:Owls - Harbours
Ik vond het wel een verrassende move toen ik hoorde dat Kytopia (het label van Colin 'Kyteman' Benders) het Zweeds/Canadese Thus:Owls als eerste buitenlandse act tekende. Ik had die link niet zo snel gelegd, maar ben wel heel blij dat ze er op deze manier voor zorgen dat niemand de knip hoeft te trekken om een duurdere importversie van de tweede cd van Erika Alexandersson en haar mannen aan te schaffen. Want dat je dat moet doen lijkt me evident. Op het kruispunt van lieflijke Scandinavische elfenmeisjes (Yo Anna Ternheim!), melancholische georkestreerde Scandi bandjes (Yo Efterklang!) waar Thus:Owls zich bevindt is het namelijk enorm prettig vertoeven. Zeker omdat Thus:Owls op Harbours hier weer haar eigen ongepolijste grilligheden en onverwachte invalshoeken bijvoegt. Een trektocht die zwiert van fjorden, naar bossen over uitgestrekte wegen waar niemand je ziet en lastig valt. Die je de tijd geeft helemaal op te gaan in het niets, dagdromen tot het nachtdromen wordt. Dat je bij "It's Gone Now" in het pikkedonker in een keer opschrikt en denkt, verdorie, zo'n liedje had Portishead best graag willen maken. Centraal staat altijd het precies van het goede accent (een gave!) voorziene stemgeluid van Erika. Die is echt de icing op de toch al niet te versmaden cake. Of ze het nu klein houdt in "I Weed The Garden" (ze mag hier de groentetuin alle dagen komen doen!), tot een tikkie pompeus in "The Tree" (kom mijn bomen snoeien, alle dagen!), ze blijft fier en ogenschijnlijk kinderlijk eenvoudig overeind.


File: Thus:Owls - Harbours
File Under: De beste zwerftochten
File Video: [White Nights][I Weed The Garden @ Kytopia][Island]
In-Kata - Thanatopraxis
Vandaag was een deel van muziekminnend internet in rep en roer. De mannetjes van The Mars Volta kondigden aan dat ze er een punt achter zetten. Nou boe-hoe hoor. Het is natuurlijk ook wel balen dat Cedric Bixler Zavala en Omar Rodríguez-López besloten hebben de stekker eruit te trekken, maar ten eerste: het maar een band, ten tweede: ze duiken vast wel weer op in minstens zo interesseante bands en ten derde: er zijn zoveel andere bands, die óók gehoord moeten worden en dat ook heul erg verdienen. Neem bijvoorbeeld In-Kata. Die brachten afgelopen winter hun album Thanatopraxis uit. Ze zijn op strooptocht met onder meer hun landgenoten van Raketkanon en doen hierbij komende week Nederland aan voor een show in W2 in Den Bosch. Een ieder die wil rouwen om The Mars Volta zorgt dat 'ie daar met zijn snufferd vooraan staat in plaats van huilie-huilie te doen dat 'ie nog zo graag The Mars Volta een keer live had willen zien. Dus - ik hoor het jet al denken - In-Kata is een carbon-copy van The Mars Volta? Nee natuurlijk dommie. Dan zou ik je zo'n band nooit aanbevelen. In-Kata heeft wel zo'n zelfde wispelturige karakter als The Mars Volta ook ten toon spreidde op zowel plaat als podium. Misschien is In-Kata iets minder eclectisch dan onze Texaanse broeders, de focus op het juiste is er. Jane's Addiction, Faith No More, Tool, Rush (en Pain of Salvation, maar die kennen ze misschien niet eens); likkenbaar maar lekker mee zou ik zo zeggen. In-Kata gooit het op afwisseling zonder het te dol maken en dat bevalt mij heel erg. Ik zie dan ook geen reden om te rouwen om het verscheiden van The Mars Volta, ik ben er veel treuriger onder dat mijn agenda het niet toelaat om in W2 te zijn komende zondag.

File: In-Kata - Thanatopraxis
File Under: De een zijn exit is de ander zijn podium.
File Audio: [Bandcamp]
Tweak Bird - Undercover Crops
Aangezien we dik twee jaar terug best positief waren over de titelloze debuut-cd van Tweak Bird. Daarom keek ik ook best uit naar een nieuwe worp van de broertje Bird. Alleen besloten de twee boefjes dat het niet nodig was om er hele cd van te maken. Ze waren immers poepdruk met optreden. (check dat toerprogramma van ze maar eens). Daarom zitten we nu dus opgescheept met niet meer dan een EP-tje dat ondanks dat het zeven nummers telt toch maar zestien minuten klokt. Dikke boe-hoe. De door Toshie Kasai en Dale Crover geproduceerde EP begint bijna irritant freaky met "Moans" dat niet anders galmt dan de tekst 'Everyone is paranoid' over een onduidelijke gitaarpartij en bassynths die zo uit Van Halen's "Why Can't This Be Love" gesampled hadden kunnen zijn. Inderdaad, als je al niet paranoïde was, dan werd je het wel. Gelukkig pakken Ashton en Caleb Bird daarna de draad weer snel op met hun puike combi van psychedelische gitaar, bonkende drums en hun bijna door helium gestuurde stemmen in "People". De boodschap is daarin overigens duidelijk: 'So many people in the world, I don’t wanna be one' galmt het uit je speakers. Het zijn ook geen alledaagse koekies deze twee. De ogenschijnlijke simpelheid van hun teksten maakt wel dat ze zich vlug nestellen in je grijze massa. Maar da's goed en de geluidsmuur die ze optrekken in hun songs is er eentje die echt heerlijk is om tegenaan te leunen. De metalachtige gitaarpartijen doen me her en der soms zelfs een beetje aan een band als Mastodon denken, de toef psychedelica én de immer aanwezige goede melodielijnen die ze er door roeren zorgt echter precies voor de spacy afleiding. Alleen mag die de volgende keer wel wat langer duren.


File: Tweak Bird - Undercover Crops
File Under: Het blijven prettige vreemde vogels
File: Video: [The Weight]
Homemade Empire - Defenestration
Ik had nog nooit gehoord van Defenestration, maar het korte deel van mijn schoolcarrière waarin ik Latijn volgde stelde me wel in staat om het terug te leiden tot iets met 'weg van' en 'het raam'. In plaats van Niet Uit Het Raam dus Wel Uit Het Raam. Gelukkig is er in zo'n geval altijd de Wikipedia die een uitgebreid stuk heeft over defenestration. Het was niet de laatste keer dat ik de neiging had iets op te zoeken tijdens het luisteren naar Homemade Empire's tweede album dat die naam draagt. Ook de teksten van Bart de Kroon roepen frequent vragen op. En dan vooral of ik ze wel of niet goed verstaan heb. Niet dat De Kroon niet duidelijk zingt, maar de twist die hij veelvuldig geeft in de loop van een liedje vragen om een snelle fact check. De basis van de tweede Homemade Empire-album verschilt niet heel veel van zijn eerste worp, A Brilliant Window Niche. Her en der heeft hij naast zijn sober bespeelde gitaar wel wat hulp, maar die is altijd met bijna verdacht grote precisie geplaatst en op zijn plek. Zo maakt de tweede stem van Ellen Evers en haar melodica "Hidden Knife" helemaal af in al zijn droefsnoetigheid. In combinatie met de stem en gitaar van De Kroon levert het een prachtige collage op. Het beklemmende aan Homemade Empire is dat je het idee hebt dat je bijna op de lippen van De Kroon luistert. Zijn ademhaling tijdens het zingen waait je bijna door de haren. Dat is natuurlijk een veelgebruikte truc bij dit soort singer/songwriters, bij Homemade Empire voelt het nooit als iets dat bewust is gedaan, maar als iets dat zo hoort. Het maakt dat wat mij betreft Homemade Empire zich kan meten groten als Timesbold of, dichter bij huis, ME.
Homemade Empire speelt vanavond tijdens de eerste Soeplabel-avond in Ekko waar namens Subroutine, Snowstar en het nieuwe Zoology-label de volgende bands optreden: Space Siren // Homemade Empire // Lost Bear // Bart van der Lee // Mineral Beings // Glass Eyes.


File: Homemade Empire - Defenestration
File Under: Deze gaat niet uit het raam
File Audio: [MySpace][Soundcloud]
File Facebook: [Facebook]
Nils Frahm - Screws / True Bypass - Toby
Een van de mooiste dingen die ik de laatste tijd zag en hoorde was de sessie die Nils Frahm en Chantal Acda. Da's niet zo raar, want de muziek van de kleine Duitser en frêle Nederlandse, zowel solo als in samenwerkingen met anderen is mij zeer dierbaar. Ik hoop dat het er ooit van komt dat deze twee samen een album gaan maken. Al zou een gezamenlijk optreden op voor mij bereisbare afstand me ook al heel gelukkig maken. Nu creëerde ik gisteren maar mijn eigen concert. Ik liggend op de bank, lezen in een Scandi, Frahm en Acda als liefdevolle begeleiding.
Van Frahm draaide ik eerst het helemaal bij het weer buiten passende Wintermusik. Ik roerde in mijn koffie, sloeg een pagina om en voor ik het wist was er weer een half uur voor bij. Dat was niet de enige Frahm die ik draaide die middag. Ik draaide ook nog een paar keer Screws, een cd die hier naadloos op aansluit qua toonzetting. En het mooie is dat Frahm de hele cd gratis ter download aanbiedt aan een ieder die dat wil. De negen tracks (die samen ook maar een klein half uur duren) nam hij op in een tijd dat het eigenlijk niet mocht. Frahm brak zijn duim na een klungelige val uit bed en mocht van de dokter eigenlijk helemaal niet spelen, maar de Duitser laat op Screws horen dat het extra gewicht in zijn duim zowel mentaal als fysiek geen enkele belemmering vormt om van mij ("You") via een wonderschone rit langs de toonladder in zeven stappen bij hem ("Me") uit te laten komen. Frahm troost, ontroert en inspireert, en weet daarmee alles wat aan negativiteit en boze gevoelens in je zit liefdevol met een warme deken te bedekken. Op een bepaald moment betrapte ik me er op dat ik al een tijdje geen pagina meer omgeslagen had en alleen maar een beetje naar het plafond lag te staren. Beschouw dat maar als een goed teken.
Ik merkte bijna natuurlijk wel dat na het voorprogramma van Nils Frahm mijn playlist overgegaan was in Toby, de tweede cd van True Bypass, het project van Chantal Acda en Craig Ward. Nu heb je break-up-platen en break-up-platen, maar deze tweede True Bypass is een van de mooiste die ik tot nu toe gehoord heb. Het bijzondere is dat de teksten die horen bij deze relatiebreuk niet geschreven zijn door Chantal Acda zelf, maar door de (mij onbekende) Britse schrijver Toby Litt. Hij heeft op pijnlijk precieze wijze weten te doen wat Acda zelf niet lukte, het schrijven van teksten die de ingrijpende gebeurtenis in het leven van Acda verwoordt. De teksten zijn zo knap geschreven dat je wat zich er afspeelt al snel een film vormt in je hoofd. De moeilijke ontmoetingen tussen de twee ex-en ("Hopes Up High"), de treffende beschrijvingen van de enorme huilbuien ("I Cried Enough"), het vluchtgedrag in nieuwe gedoemd te mislukken flirts, je bent een toeschouwer en aanhoorder bij zaken die ik zelf liever niet mee wil maken. De broze muziek die Acda samen met Ward schreef om de teksten (die waren er dus eerder) werken hier bovendien nog als additieven die de beelden begeleiden. Het maakt dat ik met Toby hetzelfde had als met Dakota Suite's The North Green Down (instrumentaal album voor zijn vroegoverleden schoonzus), zo'n plaat die zo mooi is dat je je 'em niet eens op wilt nemen in je jaarlijstjes, daar is geen plek voor dit soort broze ontroerende pracht. Die houd je voor jezelf.

File: Nils Frahm - Screws
File Under: File Under: Kleine mannen, grote daden
File: True Bypass - Toby
File Under: Break-up-platen
Die!Die!Die! - Harmony / Raketkanon - RKTKN#1
Ik zou me bijna zorgen maken om Andrew Wilson. Deze frontman van Die!Die!Die! blijft nu al sinds de oprichting van de band in 2003 vol gas doorgaan. Het oeroude principe: we maken een plaat om te toeren, we zijn op tournee om een plaat te kunnen maken is zonder twijfel van toepassing op hem en zijn band. Dat doen ze zonder aan energie in te leveren, maar het kost ze blijkbaar wel bassisten. Ze zijn al aan hun vierde exemplaar toe. Harmony, de nieuwste worp van Die!Die!Die! voelt ook weer alsof je in je blote kont naar buiten loopt op de eerste vriesdag van de winter: ongemakkelijk, verkwikkend en weldadig alles prikkelend wat je in je hebt. Ik houd daar van en ga er graag in op. De noise van Harmony geeft me energie, maakt me opruiend en bijna aan het huilen doordat ze zo op me in blijven beuken zonder daarbij toch MELODIE met hoofdletters te kunnen schrijven. Vanaf de eerste fuzzy wah-wah riff aan het begin van "Oblivious Oblivion" tot de trage zenuwslopende afsluiter "Get Back", Die!Die!Die! neemt bezit van je van top tot teen. Dat komt niet alleen door de overduidelijke bezetenheid van Andrew Wilson, bassist Michael Logie en Michael Prain vallen je op dezelfde overtuigende manier aan, zonder dat ze vervallen in eenheidsworst aan herrie. Alhoewel wat ruiger, deze band roept bij mij bij vlagen eenzelfde soort gevoel op als ik heb bij de twee cd's van The God Machine. Dan ben je heel goed. Vind ik.
Ook Raketkanon heeft lawaai maken hoog in het vaandel staan, maar doet dit op een andere manier. Minder op de emo, meer op de overrompeling en de gekte gericht. Anders kun je een openingstrack als "Herman" niet betitelen. Als een sluw roofdier neemt de sludgy, loodzware noise na een paar omsluipingen een aanloop neemt je in bezit en doet daarna een poging om je met huid en haar op te vreten. Blijkbaar is Raketkanon de uitlaatklep waar de leden van Kapitan Korsakov, Waldorf en Tòman bij hun (toch niet bepaald pannenkoekenbakkers) eigen bands niet aan toe komen. Normaal zijn liedjes die simpel een voornaam als titel hebben nog wel eens liefdevol, hier zijn alle tien de namen garantie voor een witte jas met de handen op de rug gebonden als je zegt dat je ze opdraagt aan degene die luistert naar zo'n naam. Het past wel bij het onconventionele karakter van de songs in ieder geval. Luister maar eens "Laura". Je hoort van een afstandje de roversbende onder leiding van dromer Pieter de Wilde aankomen, maar hoe je er ook aan probeert te ontkomen, na zijn drumroffel op klokslag twee minuten, staan ze pardoes naast je en doen hun wilde krijgersdans om je. Om vervolgens als sneeuw voor de zon op te lossen. Om nog maar te zwijgen over wat ze van Helen overlaten. Als je naar dat nummer luistert met je ogen dicht, dan ehm nu ja brrrrr.
File Under gaf enkele setjes tickets weg voor het optreden van Raketkanon in W2 op 27 januari jl. Gewoon zo maar! Daarvoor ben je nu dus te laat he. Maar dat snapte je vast wel.

File: Die!Die!Die! - Harmony
File Under: Recht uit het hart
File: Raketkanon - RKTKN
File Under: Rillingenopwekkend
Kadavar - Kadavar
Ik kan niet ontkennen dat 2012 niet mijn beste jaar voor File Under was. Als je een boel aan je hoofd hebt is muziek een goede aanleiding, maar mijn radar voor nieuwe muziek stond alles behalve op scherp. Anders was het 100% zeker onmogelijk geweest dat Kadavar hier niet op verschenen was. Het baart me echter nog meer zorgen dat niemand uit mijn omgeving me gewezen heeft op deze oosterburen uit Berlijn. Ik dacht dat mijn liefde voor retromeuk, mits goed uitgevoerd, bij genoeg mensen bekend was om mij even wakker te schudden. Want laat een ding duidelijk zijn, wat te horen valt op de debuutplaat van Kadavar valt absoluut onder retromeuk, mits goed uitgevoerd. Als ik niet ondertussen niet gelezen had dat ze deze week op Eurosonic spelen en later dit jaar op Roadburn 2013, dan had je me met gemak wijs kunnen maken dat gitarist/zanger Wolf Lindemann, drummer Tiger en bassist Mammut een op onbegrijpelijke wijze onontdekte band uit de gouden jaren van Black Sabbath en Blue Cheer was en dat degene die ervoor gezorgd had dat ze niet doorgebroken waren een enorme schop onder zijn achterste moest krijgen voor deze misser. Want niet alleen de songs van Kadavar's debuutplaat sluiten kwalitatief naadloos aan op de kwaliteit van de eerder genoemden, ook de sound van deze productie is zo eng goed vintage dat je het oud en onontdekt label zonder blikken of blozen zou accepteren. Dat is heel wat anders dan andere retro Jan Doedels laten horen, dit is bijna vroegerder dan vroeger. Hierbij springt vooral de vintage fuzzzzz en rifftovenarij van Lindemann in het oog. Die is echt goddelijk groots en zuigt je een klein half uur een ander tijdperk in waarin ik eigenlijk wel wil blijven hangen.


File: Kadavar - Kadavar
File Under: Fuzzz van oud, maar nieuw
File Audio: [MySpace]
File Facebook: [Met geschiedenis]
Jaarlijst 2012: Storm
Peter Broderick - These Walls Of Mine
In de tijden van drukte mocht ik me altijd graag terugtrekken aan de hand van muziek. Om de rust te vinden. Afsluiten van het continue geleefd worden. Mijn hoofd legen. Relativeren. Het was een - als zeg ik het zelf - gave die ik altijd had. De laatste maanden ben ik dat echter volkomen kwijt. Nog meer dan de afgelopen maanden heb ik het gevoel dat ik geleefd word in plaats van dat ik leef. Dat is niet goed. Dat moet stoppen. Alleen: hoe stop je een trein op een hellend vlak in een tunnel zonder wanneer je geen bovennatuurlijke krachten bezit? Als je gaat rennen, dan word je op zeker moment ook ingehaald met alle gevolgen van dien. Ik dacht op een zeker moment zelfs: 'Misschien kan het wel gewoon niet.' Het was maar in een flits. Maar toch, het was er. Ik schrok er zelf van. Daarna kwam er echter met grote snelheid achteraan een rust die ik al maanden (of was het misschien wel een jaar?) niet meer gevoeld had. Ik zag nog steeds die trein op me aan komen jakkeren, maar dacht: er is altijd een nooduitgang in die muur van de tunnel, die is er nu dus ook ergens in deze donkerte. Ondertussen praat zingt Peter Broderick in mijn oor: ‘I do this ‘cause I wanna like me. And I do this ‘cause I want you to like me’. Dat eerste deel, daar kan ik me in vinden. Dat tweede deel, daar had ik het al eerder over, dat station ben ik gepasseerd. Ik moet leuk vinden wat ik doe, ik moet doen wat goed is voor mij. Ik moet doen wat goed is voor de mensen om mij heen. Dat betekent niet dat ik alleen maar lief moet zijn, dat betekent vooral dat ik eerlijk moet zijn. Dat hoeft niet gemakkelijk te zijn, dat kan ook pijn doen, maar uiteindelijk gaat het erom dat ik me er zelf weer goed bij voel. Je kunt er vergif op innemen dat dat gaat resulteren in meer ongrijpbare woensdagavond-een-cognacje-of-twee-te-veel-mijmeringen, maar was dat niet altijd wat het zo leuk maakte hier? Anders is daar het gat van de deur. Pas op voor de treinen.


File: Peter Broderick - These Walls Of Mine
File Under: Muren slopen is een kunst, maar kan op allerlei manieren
Beardfish - The Void
The magician looked into the future and saw nothing but a past, repeating itself.
With caution he turned his eyes to the present and found himself staring into a void.
He disappeared in the dark.
Time passed, and one day he returned, with a vision.
Once he talked to the first stranger he met it was clear that in his absence nothing had changed, but him...
Voelde ik me maar zo. Eigenlijk denk ik het elke keer als ik Andy Tillison deze introductie hoor geven bij de start van Beardfish' zevende cd The Void. Helaas kan ik niet anders concluderen dat in de muziekscène om me heen alles sneller verandert dan ik. En dan ook nog eens in een richting die mij helemaal niet aanstaat. Niet dat ik nou zo graag star vast wil houden aan hoe File Under is en wat File Under doet, maar wat we doen, doen we - denk ik - nog steeds goed. We doen een poging om u elke dag weer te attenderen op toffe (of minder toffe) muziek. Omdat er zo ontiegelijk veel muziek is die gehoord móet worden. Daarom is File Under ook zo breed. Fuck die grenzen van indieschmindie, metal, jazz, blues, pop en weet ik wat nog meer. Verbreed je horizon en wees niet bang daar ook bij terug te kijken. Wat is er nou mis mee dat ik nu in december pas een stukje tik over een cd uit augustus? Ben ik daardoor maar een achterlopende sukkel die zijn agenda en het schrijven over muziek niet serieus neemt? Nee, natuurlijk niet, want zeg nou zelf: Is die muziek daardoor nu minder goed dan een half jaar geleden? Ik bedoel maar. Je kunt dan toch prima alsnog gave dingen ontdekken die de voorbijrazende kudde in al zijn haast gemist heeft? Het hijgende hert dat almaar wenst voorop te lopen om zo het eerste van de groene weide te eten wordt ook als eerste afgeknald als de jager hem in het vizier heeft. Jammer voor de gulzigaard. Ik heb en geen medelijden mee en als 'ie het overleeft, dan even goede vrienden. Daarom heb ik ook nooit echt behoefte gehad om te jagen op nieuwe muziek of nieuws die me als een hapklare brok voorgehouden wordt. Het is non-nieuws. Daar was ik al snel achter toen we het een tijdje wel deden. Het verveelde al snel en voelde uiteindelijk als een verspilling van tijd. Misschien pakken we het nog wel weer op, maar dan op een manier die File Under blieft. Urgentie en spraakmakendheid. Ik heb er wat langer over na moeten denken dan me lief is, maar de conclusie die ik vlak na de legendarische woorden van popprofessor Atze de Vrieze voor mezelf trok klopt: Het zal me aan mijn reet roesten of File Under dit is. Laat staan dat ik er een lik. Dat is namelijk nooit de reden geweest dat ik hier ruim tien jaar geleden aan begonnen ben. Zo en nu ga ik nog even mijn jaarlijstje herzien. De heren van Inlog.org schijnen nog behoefte te hebben aan wat goede smaak en ik heb me met terugwerkende kracht bedacht dat daar Beardfish' The Void ook bij hoort. Inderdaad, de Oor die morgen verschijnt kan alweer gebruikt worden als verpakking voor de Beardfish.


File: Beardfish - The Void
File Under: Gut, nu weet je nog niet wat je mist.
























1. Birds Of Passage - Winter Lady
