The Matches - A Band In Hope
A Band In Hope, zou dat een verhaspeling zijn van "Abandon Hope"? Zouden The Matches gedacht hebben toch nooit echt door te gaan breken en daarom de hoop hebben laten varen? Wat het ook is, ze hebben nu dus een nieuwe cd uitgebracht, hun derde alweer, en die klinkt helemaal niet slecht. Bij hun label, Brad Gurewitz's Epitaph, denk je toch vooral aan punk, dankzij the Offspring, Rancid of NOFX. Wat dat betreft voldoet The Matches niet aan die verwachting: we hebben hier te maken met een ouderwetse alternatieve rockband. En dan ook nog een band die, als je wat rondkijkt op de diverse muziekfora, nou niet echt met open armen ontvangen is door de Epitaph-fans. Te begrijpen als je punk wilt horen, maar voor een rockband vind ik The Matches helemaal zo slecht nog niet. Ze hebben in elk geval een gevarieerde cd gemaakt, en geprobeerd met originele ritmes en intro's een interessante cd te maken. En dat is ze dus aardig gelukt. Ik las ergens de vergelijking met Hot Hot Heat, en daar kan ik me wel in vinden. Ook voor fans van die band een aanrader dus.
File Under: Gewoon alt.rock
File Audio: [ MySpace]
The Black Halos - We Are Not Alone
I Used To Fuck People Like You In Prison Records - heerlijk om die naam eens voluit te kunnen schrijven - heeft wederom een hele shitload Amerikaanse en Canadese bands richting Europa gebracht. Ondanks een enkele misser staat het label meestal garant voor kwalitatief hoogstaande harde muziek. The Black Halos, uit Canada, past in dat rijtje van bands dat het goed doet op het eigen continent en nu eindelijk ook wel eens potten wil breken aan de andere kant van de Atlantische Oceaan. Met Alive Without Control, hun vorige cd, wilde dat nog niet helemaal lukken. Te bedacht, zo oordeelden wij destijds. De plaat bevatte bovendien geen uitschieters. We Are Not Alone kent helaas hetzelfde euvel. Uiterst solide nummers, kwalitatief hoogstaand blablabla, enzovoorts. U kent het verhaal. The Black Halos hebben wederom goed naar The Ramones geluisterd, en naar Motörhead en naar Bad Religion. Met zulke bands als uitgangspunt kan er weinig mis gaan. Toch jammer dat de band niet net een stapje verder durft te gaan. Toegegeven, de punkrock n' roll ligt goed in het gehoor, de nummers zijn vakkundig dichtgespijkerd en af en toe perst de gitarist er een fijne solo uit, maar echt spetteren wil het maar niet. Niet dat We Are Not Alone een pruts-cd is, daarvoor is de band te gedreven en bovendien muzikaal te goed. Als we bij File Under met sterren zouden werken zou ik zeggen: drie uit vijf. Gemiddelde plaat dus.
File Under: Gemiddelde punkrockplaat
File Audio: MySpace
Madonna - Hard Candy
Wat is toepasselijker dan de nieuwe cd van de Queen of Pop bespreken op Koninginnedag? Weinig, lijkt me. Het zou nog mooier geweest zijn als die Queen of Pop dan een cd afgeleverd had die nog maar weer eens goed duidelijk zou maken dat Madonna, want daar gaat het hier over natuurlijk, nog steeds de enige is die deze titel verdient. En daar begin ik, sinds afgelopen vrijdag luisterend naar Hard Candy, toch wel aan te twijfelen. In het verleden vond ik haar altijd een duidelijke trendsetter, of in ieder geval minimaal een early adopter. En dat geldt voor Hard Candy allerminst. Madonna is verworden tot een trendvolger. Neem bijvoorbeeld de keuze voor The Neptunes en Timbaland als producers van dienst. Dat ligt gewoon teveel voor de hand. Helemaal omdat met Timbaland Justin Timberlake, zo ongeveer de schaduw van die man, ook nog eens opdraaft in "4 Minutes". Dat vind ik overigens nog wel een erg tof nummer. Maar ondanks die stevige basis van grote namen (ook Kanye West schuift nog aan voor een nummer) die logischerwijze ook de verschuiving van Madonna richting een meer R&B-achtig geluid verklaart, wil Hard Candy me maar niet overtuigen. Het concept is perfect doordacht. Laat dat maar aan Madonna over. Als snap ik niet dat zij het met d'r bijna vijftig jaar nog nodig vindt om (strakgetrokken?) in kittige pakjes in semi-obscene standjes op de hoes en in het boekje te gaan staan. Ook de vele (seksueel getinte) knipogen in de teksten vind ik niet nodig. Maar ik snap het wel. Het is iets dat scoort. Wat ik veel minder snap is dat ze in met haar perfectionistische instelling mooi vergeet om met niet meer dan drie, nou vooruit vier, sterke nummers op de proppen te komen. Hard Candy brengt haar troon aan het wankelen, en dat had ik dan weer niet verwacht.
File Under: Kroonprinsessen aller landen grijpt uw kans.
File Audio: [4 Minutes]
File Video: [4 Minutes]
Possessed by Paul James - Cold and Blind
Op zijn MySpace-pagina vraagt Konrad Wert aka Possessed by Paul James om hem en zijn vrouw te helpen bij het kiezen van de naam voor hun zoontje: Charlie, Otis, Sporty Magoo, Jon Paul ('not after the Pope'), Hank, Leo, Jonah, Jake ('not after our dog') en Antonio zijn een paar ideeën die ze zelf hebben. Maar je kunt ook je eigen suggesties achterlaten. Ik zou maar geen gelikte preppy naam aanraden. Want afgaande op de ongepolijste, rauwe liedjes op Cold and Blind is Konrad daar niet van. In-your-face, zo direct mogelijk (de plaat is live en zonder nabewerking opgenomen) en alsof hij in een drukke kroeg zich moet bewijzen tegenover het publiek, dat is hoe hij zijn liedjes aan je wil laten horen. In de basis zijn het folk- en countryliedjes, maar de intensiteit waarmee hij ze speelt, maken het tot punkliedjes. Zo moet het ooit geklonken hebben in drankholen in het arme Zuiden van de VS. Het publiek is vooral geïnteresseerd in drank en het andere geslacht en dus moet of je stem briljant zijn, of je gitaarspel, of je voordracht. Aangezien Konrad Wert het niet van de eerste twee moet hebben, is het zijn overtuiging die je meesleurt. Alsof Johnny Cash niet als een gevierde countryster voor de gevangenen van Folsom Prison en San Quentin stond, maar echt één van hen was. Zojuist uit zijn cel gehaald met de belofte: of je vermaakt ze, of je belandt in de dodencel. Johnny, zo moet het joch maar gaan heten. En anders Sue.
File Audio: [MySpace]
YouTube: Possessed by Paul James
The Coal Porters - Turn The Water On, Boy
Ex-Long Ryder Sid Griffin noemt de muziek die zijn nieuwe bandje The Coal Porters laat horen op hun cd Turn The Water On, Boy alt.bluegrass. Nou, ik hoor er eerlijk gezegd weinig altpunterigs aan. Niet dat dat geeft, maar ik snap niet zo goed waarom Griffin deze toevoeging kiest. Misschien omdat het hipper klinkt? Dan is het namelijk helemaal misplaatst, want hip is The Coal Porters allerminst. Sterker nog, de traditionele bluegrass is met geen schoffel uit deze plaat te verwijderen. Da's ook niet raar, want de roots van de familie van Sid Griffin liggen vast in Kentucky. En deze staat huisvest natuurlijk niet voor niets het International Bluegrass Music Museum. Wat dat betreft blijft Griffin dus dichter bij zijn roots dan met de rootsrock waarmee hij met The Long Ryders enige faam verwierf. Die band viel toch meer onder de Paisley Underground. Daarvan is op Turn The Water On, Boy dus geen spoor terug te vinden. Bijna dan, want The Coal Porters doen met "Final Wild Son" wel een cover van Griffins oude band. Maar ook hierin zijn alle instrumenten akoestisch en in traditionele setting, zoals het hoort. Deze versie klinkt een stuk beter dan de vergeelde versie van The Long Ryders uit 1984. Het nummer roept net als de andere meer uptempo nummers - vooral "Here In The Dock"! - wel de neiging tot yee-haw-en op. En daar is vanzelfsprekend weinig tot niets mis mee.
File Under: Bluegrass (met maar een beetje altpunt)
File Audio:[ MySpace]
Joe Satriani - Professor Satchafunkilus and the Musterion of Rock
In 1986 bracht Joe Satriani zijn eerste album uit en in 2008 is hij nog steeds, samen met Steve Vai, de onbetwiste grootmeester van de instrumentale hardrock en metal. Terwijl er toch steeds meer instrumentale platen uitgekomen zijn van eveneens uitstekende gitaristen. Die onbetwiste positie is dus helemaal niet zo voor de hand liggend. Dat Vai en Satriani die toch nog bezetten heeft te maken met hun experimenteerdrift en de vrijwel altijd hoge kwaliteit van het werk van beide heren. Technische klasse speelt daar amper nog een rol in, want die hebben er meer. Bij Satriani is nog opvallend dat hij live aanzienlijk steviger klinkt dan op de plaat, zoals ook op dit Professor Satchafunkilus and the Musterion of Rock blijkt door een aantal flink afwijkende songs. "I Just Wanna Rock" is bijvoorbeeld een vrij simpele poging tot anthem, met een AC/DC-achtige riff, een "I Just Wanna Rock"-schreeuwend koor en Satriani door een voicebox. Het kostte mij enige gewenning, maar verdomd, het is daadwerkelijk een anthem geworden. "Andalusia" is een fraai Spaans getint stuk met veel akoestische gitaar. De titelsong is juist weer enorm funky - en voorzien van saxofoon. Daarnaast zijn er de vertrouwde wat dromerige stukken waar hij ooit mee begon. Kortom: het is wederom een gevarieerd menu aan echte songs met magistraal maar nooit overdadig gitaarwerk. Een kleine kanttekening is er wat mij betreft wel: de afwisseling gaat hier en daar ten koste van de samenhang van het album. Dat neemt niet weg dat dit gewoon weer een puike cd is. Op de bonus-dvd is naast drie live-tracks nog een fraaie making-of van "I Just Wanna Rock" te zien, met een geheel in zilverpapier gehulde Joe Satriani.
File Under gaf in samenwerking met Sony vijf cd's weg van deze snarentovenaar. Daarvoor ben je nu dus te laat.
File: Joe Satriani - Professor Satchafunkilus and the Musterion of RockFile Under: Zoals de titel, een beetje vreemd en toch vertrouwd
File Audio: [podcast met fragmenten en volledige track "I Just Wanna Rock" op de site]
File Video: ["I Just Wanna Rock"]
A Silver Mt. Zion
Naar aanleiding van het uitbrengen van 13 Blues For Thirteen Moons, de zesde plaat van het Canadese collectief Thee Silver Mt Zion Orchestra & Tra-la-la Band, ook wel bekend als A Silver Mt. Zion, heb ik een gesprek met de excentrieke, niet altijd even makkelijke gitarist/zanger Efrim Menuck. Bij aankomst lijken de vooroordelen rond de frontman al direct bewaarheid te worden. Op de geplande tijd kan het interview niet doorgaan, hij is even koffie drinken, dus zit er niets anders op te wachten. Als hij vervolgens de zaal binnenkomt blijkt niets van de verhalen waar te zijn. Hij stelt zich vriendelijk voor, excuseert zich en vraagt of ik buiten bij het water het interview zou willen afnemen. Hoewel het wat koud is blijken het goede omstandigheden even rustig te praten over de muziek, het collectief en hun nieuwe album.
Lees verder..Anat Ben-David - Virtual Leisure
Aangenomen dat u vroeger op de basisschool zat, neem ik aan dat u de maandelijkse toneeloptredens nog wel kunt herinneren. U weet zich dan ook vast de irritantste meisjes van de school voor de geest te halen die dachten talent te hebben en een potje gingen zingen of een irritant toneelstukje op gingen voeren. Op de middelbare school werd het niet veel beter met die zeikwijven. Ze deden artistiek, hadden een grote bek en schreven liedjes en toneelstukjes waar de honden geen brood van lustten. Een van die meisjes die zich waarschijnlijk ook zo gedroegen heet Anat Ben David en vond het nodig een cd te maken. Nu, luisteraars, het is alsof Sarah Kroos het noodzakelijk achtte om met al haar aanstellerig gedrag de studio in te duiken. Tijdens het openingsnummer ("Russia") sijpelt de aanstellerij er al doorheen, maar dan kan het nog alle kanten op. De nummers die volgen tonen echter aan dat we hier te maken hebben met een onuitstaanbare attention whore. Het zeikerige, aanstellerige "Robot Kid" is het absolute dieptepunt, met "Moon Boom" als goede tweede. En tja, als de muziek dan nog goed zou zijn, dan zou er nog een oogje dichtgeknepen kunnen worden. Maar helaas, de muziek ontstijgt de middelmaat van de popdance niet. Droge moderne snaredrum hier, electrobasje daar, hoekerige, scheurende synthleads erbij en het muzikale sausje druipt zo het ene oor in en het andere oor weer uit. Voeg daarbij de vreselijk jankerige performance en de semi-maatschappelijke teksten van Ben-David en u begrijpt dat het lang geleden is dat ik zoiets slechts heb gehoord.
File Under: Aanstellerige, overbodige electropop
File Audio: [ MySpace]
Dub Trio - Ticketactie
Het Dub Trio uit New York zijn de nieuwste knuffelkonijntjes van Mike Patton's Ipecac-label. De drie New Yorkers laten al meerdere cd's lang horen dat eclectisch helemaal geen vies woord is. Vernieuwend en geniaal noemde Zeke bij hun vorige cd New Heavy. Hun geniale combinatie van dub en metal- en punkinvloeden is zo natuurlijk dat hij niet kon begrijpen dat zoiets niet al veel vaker gedaan was. Het drietal is dus goed in het slechten van muurtjes. Als speelse kittens kunnen ze het ene moment aandoenlijk krollend zijn en het andere moment van zich af krabben. Op het podium gaan ze daarin nog net een stukje verder. Deze week spelen ze in Het Paard in Den Haag en in Tivoli de Helling in Utrecht. Absoluut de moeite waard om eens te gaan buurten. En voor het concert in Utrecht gaan we de drempel helemaal wegnemen om te gaan kijken. Daarvoor geven we namelijk enkele setjes van twee tickets weg. En het enige dat je daarvoor hoeft te doen is je naam en e-mailadres achterlaten in dit formuliertje.
Richard Swift - As Onasis
Gewoon een stukje schrijven, het zat er niet in. Dit alles is allereerst de schuld van File Under-collega Jnnk. Ze heeft namelijk de lat erg hoog gelegd. Was The Novelist/Walking Without Effert volgens haar gemaakt voor onder de dekens, op Dressed Up For The Letdown mocht hij zelfs op meer plekken in haar leven komen. Als ik niet beter wist dan zou ik zelfs denken dat Richard Swift Jnnk's grote liefde was. Richard Swift zelf maakt het me trouwens ook niet makkelijk. As Onasis is een dubbel-cd! Het is lang geleden dat ik werk in huis had van een artiest die twee cd's nodig had om zijn verhaal te vertellen, de verzamelaars uitgezonderd. Swift kijkt me vanaf de hoes aan. Eén oog lijkt blauw en er zit bloed aan zijn lip. Als ik in haar stukje van Dressed Up For The Letdown referenties lees met Rufus Wainwright, Elliott Smith en Van Dyke Parks krab ik mij op mijn hoofd: het zou toch niet zo zijn dat Jnnk.... Nee, dat heeft ze vast niet gedaan. Maar het is wel een feit dat As Onasis heel anders klinkt dan Swift's vorige werk. Zijn liedjes klinken alsof ik als luisteraar de oefenruimte ben ingelopen en hij in een hoekje zit te oefenen op orgel, drums, gitaar en de Howlin' Wolf/Tom Waits-blues heeft. Ik vind het allemaal prima. De angst voor teveel van het goede is onterecht, want per cd staat er nog geen twintig minuten muziek op verdeeld over twee keer tien liedjes met nummers waar niets mis mee is. Swift lijkt me een moeilijk te volgen man om een relatie mee te hebben, maar volgens mij wordt het met hem nooit saai.
File Under: Geen dag is hetzelfde
File Audio: [ MySpace]
File Video: [Knee-High Boogie Blues]
Moby - Last Night
'Heb je nou een dance-cd meegenomen voor in de auto?'
'Je doet nu net of ik alles dat ook maar ruikt naar dance per. Als dance uitdagende uithoeken opzoekt of flirt met rock, dan kan ik het best waarderen.'
'Maak me niet wijs dat je dit kunt waarderen. Dit is toch verschrikkelijk.'
'Daar moet ik je gelijk in geven. Het is een bittere teleurstelling deze cd.'
'Teleurstelling, bedoel je dat je eerdere platen van deze band wel goed vond? Wat is het eigenlijk?'
'Het is Moby's nieuwe cd, Last Night. Een album geïnspireerd door een nacht in New York. Nou, als dit een nacht uit in New York is, dan is een avondje uit in Lutjebroek interessanter. Ik vind het echt mediocre meuk.'
'Ja, zeg dat wel. Best pijnlijk. Laatst had je die re-releases bij je, die vond ik best tof.'
'Dat waren ze ook. Met deze nieuwe cd gaat Moby weer een beetje terug naar die tijd. Maar wel op een matige manier. D'r staan gelukkig nog wel een paar nummers op die wel oké zijn. "Alice", is met zijn dreinende baspartij wel koel. Maar je moet echt goed zoeken om tussen de veertien nummers wat leuks te vinden.'
'Echt blij word ik hier niet van ja. Haha, dit nummer - "Disco lies" - is grappig zeg. Zo verschrikkelijk gedateerd dat het weer leuk wordt.'
'Vind je? Ik vind er echt geen pest aan. Zoals ik deze hele cd echt zo snel mogelijk wil vergeten. Ik heb die re-releases ook in het handschoenenvak gedaan als tegengif. Pak ze maar snel.'
File Under: Nachten in New York zijn vast boeiender dan dit.
File Audio: [Disco Lies][Alice][ MySpace]
File Video: [Alice][Disco Lies]
Foals - Antidotes
Het moet ergens begin vorig jaar geweest zijn dat ik ze voor het eerst hoorde. De kennismaking moet plaatsgevonden hebben rond de tijd dat Battles Mirrored ter wereld bracht. En terwijl ik "Atlas" een dijk van een single vond kon de rest van dat album me op de een of andere manier niet bekoren. Met een gevoel van onbehagen ging ik op zoek naar genre-genoten, want er móest meer wiskundig verantwoorde indiedansrock zijn op deze aardkloot. Om vervolgens tegen een live EP van Foals aan te lopen. Ik was meteen onder de indruk van dit korte, enigszins gejaagde setje van zes nummers. Losjes werden ambient-achtige gitaarlijntjes aan elkaar verweven terwijl er lustig aan werd gerommeld op drums en met toetsen. Het spelplezier was hoorbaar aanwezig. Vervolgens kwam ik hen een half jaar later opnieuw tegen als voorprogramma van Bloc Party, waar ze net als naar Battles ook goed naar geluisterd hebben. Tot mijn grote verbazing stond het vijftal uit Oxford in een cirkeltje met de gezichten naar elkaar toe de zaal plat te spelen met een gigantische bak hyperactieve muziek. Zo ver als ze zich van het publiek distantieerden, zo hard kwamen de bliepjes en riffs en andere fijne herrie op de trommelvliezen terecht. Nog niet vaak was ik zo onder de indruk van een band die zo weinig interactie met het publiek vertoont. Een gebrek aan ambitie valt ze ook niet te verwijten, want de succesvolle singles "Hummer" en "Balloons" die op de EP stonden zijn op hun eerste echte album Antidotes niet terug te vinden. En hoezeer ik het prijs dat ze hun fans niet tweemaal laten betalen voor hetzelfde materiaal zouden die nummers nou net dat scherpe randje wat ik aan de plaat mis kunnen zijn. Want het klinkt allemaal zo gepolijst, zo vloeiend. Ik mis de foutjes, de anomalieën, de uitzonderingen, de asynchroniciteit in het soundscape dat Foals live zo fantastisch neerzet. Het is allemaal een tikkeltje te glad en te geproduceerd, er is iets gewoon net iets teveel gas teruggenomen bij het maken van de plaat. Mocht na beluisteren het kwartje nou niet vallen (en je was niet op Motel Mozaïque): ga ze dan voor je je oordeel plaatst vooral live zien. Of in ieder geval aanschouwen, want oogcontact maken blijft toch lastig...
File Under: Contactgestoorde, doch wiskundig correcte dancepostpunkrock.
File Audio:[Olympic Airwaves][Electric Boom][Cassius][Waarom niet op het album?? Astronauts and All]
File Video: [Foals in a Bedroom. Ja, precies wat je denkt ja.]
File Gast: Jayjay
London Calling 2008
Kun je teveel bands zien in één weekend? Dwalend door de gangen en zalen van London Calling zou je het soms bijna denken. Van tevoren kijkend naar het programma, met daarop tig bands waarvan de meerderheid mij volledig onbekend is, vraag je je iedere keer af hoe je het weer door gaat komen. En toch blijkt na afloop van iedere editie weer dat er ontzettend veel bovengemiddeld en vooral ook verschillend bandjesmateriaal uit Albion in Amsterdam neerdaalt.
Lees verder..The Amber Light - Play
Pfft, en ik maar denken dat ik mijn oubollige symfo-imago helemaal van me afgeworpen had. Komt het File Under-opperhoofd aanzetten met de nieuwe cd van The Amber Light. Niet dat ik ooit van ze gehoord had, maar een snelle google-actie en de bijgeleverde biografie maken duidelijk dat ze wel eens getourd hebben met Marillion, en dat ze muziek maken die doet denken aan Pink Floyd of King Crimson. Nou ja, dan kom je blijkbaar al snel bij mij uit. Even verder kijkend, blijkt echter ook dat ze support zijn geweest voor Wir Sind Helden (het zijn landgenoten) Archive en The Posies. Hm, dat is dan toch weer een heel andere richting. Eentje die me ook wel ligt trouwens, dat dan weer wel. Na een eerste beluistering van Play kan ik zeggen dat zo ongeveer alle bovengenoemde invloeden wel ergens te vinden zijn. Het is een bijzonder en opvallend sfeervolle plaat, met tempowisselingen, referenties aan allerlei verschillende genres, heel spannend, en tegelijkertijd helemaal van deze tijd. Moderne symfo in "Fire Walk With Me", maar ook powerpop in "Still Going Nowhere" en emo in titelnummer "Play", dat rustig begint en uitmondt in een prachtige climax. Elk nummer biedt weer hele nieuwe perspectieven, en dat zorgt ervoor dat Play spannend blijft van begin tot eind. Een plaat die absoluut uitnodigt tot veel vaker luisteren!
File Under: Emopowersymfopop
File Audio: [ MySpace]
File Video: [YouTube]
Marianne Faithfull
Portishead - Third
Het is kil hier. Duister en kil. Een donker wolkenpak hangt als een eeuwige sluier boven onze hoofden. Grote, zuigende modderpoelen bemoeilijken het lopen. Traag bewegen we onszelf voort, op zoek naar iets wat ons een beetje warmte kan geven. Licht en warmte, daar verlangen we iedere dag weer naar. Het herinnert ons aan de tijd dat hier de heidebloemen het landschap kleurden. Badend in het zonlicht. Als ik mijn ogen sluit kan ik bijna de bloesem ruiken. Het lijkt allemaal zo lang geleden. Vraag me niet hoe lang. Te lang, dat is een ding dat zeker is. De zure slagregens hebben brandende striemen in onze verbeten gezichten achtergelaten. Eindelijk lokt daar in de verte een lichtschijnsel, als een baken op volle zee. Vermoeid halen we nog eenmaal diep adem en naderen de bron van dit hoopgevende licht. Een huis. Grauwe muren. Gescheurd stucwerk. In het raam een schim. Een vrouw, lichtjes kromgebogen, zingt een wiegelied voor een groepje kinderen. De doorleefde stem verraadt ons dat ze veel heeft geleden. Zacht. Gebroken. De hevige donderslagen overstemmen haar gezang. Ze houdt echter vol. We kloppen drie maal op het verweerde hout van de deur. Als een getergde ziel gaat deze langzaam, krakend open. Lede ogen kijken ons aan. Een voorzichtige glimlach. 'Welkom...'. Met open armen.
File Under: Hou vol
File Audio: [The Rip][We Carry On][Machine Gun op MySpace]
File Video: [Machine Gun][Machine Gun(live)][We Carry On(live)][The Rip(live)]
Week 17, 2008
Storm
Scott Matthew - Scott Matthew
Ewie
Counting Crows - Saturday Nights & Sunday Mornings
Ludo
Motorpsycho - Little Lucid Moments
Gr.R.
Andre Manuel & The Ketterse Fanfare / Gorki @ Paradiso
André
Portishead - Third
Prikkie
Glenn Hughes - Burning Japan Live
Stonehead
Shameboy - Heartcore
DubbelMono
Jerry Teel and the Big City Stompers - s/t
Jessica Bailiff & Annelies Monseré / R.O.T.
Dankzij de onvolprezen Filles Sourires-site van Guuz ben ik al flink wat moois op het spoor gekomen. Je zou er bijna van gaan denken dat alle mooie zuchtend zingende meisjes dat per sé in het Frans moeten doen. Niets is minder waar natuurlijk. Neem bijvoorbeeld deze bloedmooie samenwerking tussen de Belgische Annelies Monseré en de Amerikaanse Jessica Bailiff. Beiden hebben de afgelopen jaren al mooie experimentele minimal laptopfolk albums uitgebracht, waarbij ze in recensies regelmatig met elkaar vergeleken werden. Het is dan ook niet heel vreemd dat het tweetal ook al dikwijls samen optrad. En nu is er dus hun eerste gezamenlijke opname. Goed, ze voldoen met hun minimale droney muziek en hun zingen in het Engels misschien niet geheel aan de Filles Sourires-standaard, maar ik moet zuchten van al het moois dat deze versmelting oplevert. Zuchten dat het maar vier nummers zijn en dat ze samen maar net een kwartier duren. En dáár gaat het volgens mij om. Toch?
Ook R.O.T.'s Ceci N'est Plus Avioth duurt niet bijster lang. Negentien minuten en vijftien seconden om precies te zijn. Maar ook dat zijn bloedstollende minuten. De eerste minuten van Ceci N'est Plus Avioth denk ik echt dat ik in een suspense movie beland ben. Daarna komt er wel iets dat lijkt op muziek, maar alledaags wordt het nooit en spannend blijft het. Het is eigenlijk meer een hoorspel dan muziek wat dit Belgische collectief je voorschotelt. Da's ook niet zo raar als je weet dat de twee nummers opgenomen zijn op locatie. Het ene in een oud fabriekspand, het andere in een leegstaand huis in Mechelen. Als Hitchcock nog geleefd had was hij in zijn nopjes geweest met Ceci N'est Plus Avioth als soundtrack. Oh ja, de hond is de dader, dan weet je dat alvast. Gemeen hè?
File Under: Andersoortige zuchtmeisjes
FIle Audio: [Common Ground]
File: R.O.T. - Ceci N'est Plus Avioth
File Under: Suspense
Get Cape. Wear Cape. Fly
Pete and the Pirates
The BellRays - Hard Sweet And Sticky
"Blues is the teacher, Punk is the preacher" staat er op de site van The BellRays. iTunes denkt daar anders over en classificeert het als R&B. Nou, dat dacht ik niet. Rock & Soul noemen ze het zelf ergens, en dat lijkt me een prima omschrijving voor hun achtste album Hard Sweet and Sticky. Blikvanger is zangeres Lisa Kekaula, waarschijnlijk bekender van haar opnames en optredens met Basement Jaxx. Nou, doe mij The BellRays maar. Qua stijl hangt Kekaula ergens tussen Beth Hart en Mother's Finests Joyce Kennedy in en haar stem is bijna net zo indrukwekkend. "Infection" laat een stevig rockende band horen, terwijl een song als "Blue against the sky" ergens tussen blues en soul inhangt en "Wedding Bells" een pure soulballad is. De instrumentatie is spaarzaam en niet heel erg gelikt, maar dat draagt in dit geval flink bij aan de sfeer. In een stijl als deze wordt een gepolijste versie al snel iets als Robert Cray, terwijl dit album de charme van optredens in een klein zweterig zaaltje blijft houden. Het gaat van broeierige punky rock naar zwoele soul, maar is altijd hartverwarmend echt. In een tijd van platendraaiers die zich muzikanten wanen, moeten bandjes als deze gekoesterd worden.
File Under: Lak aan grenzen, maar de titel dekt de lading
File Audio: [BellRaySpace]
Joe Lean and the Jing Jang Jong
Andre Manuel en De Ketterse Fanfare - Op Verzoek van de Goden
Ik volg 'm nu al een kleine 20 jaar in de diverse hoedanigheden waarin hij optreedt. Het begon met Fratsen, vervolgens ging hij even solo, toen kwam al snel Krang en inmiddels toert Andre Manuel met de Ketterse Fanfare. En om met de deur in huis te vallen, dit is veruit de beste band die hij ooit gehad heeft. Vooral gitarist BJ Baartmans op Op Verzoek Van De Godenis fenomenaal en weet de muziek van Manuel naar een hoger plan te trekken. Heel duidelijk is nu ook te horen dat Manuel fan is van Rory Gallagher en een Neil Young met zijn Crazy Horse en dat doet de muziek goed. Vooral "Pantani" is het "nieuwe wielrennen" (dixit Smeets) en gaat in onvervaard tempo de berg op. De Ketterse Fanfare als muzikale EPO zeg maar en Manuel is de nieuwe rockgod en leider van een jamband, want geen nummer klokt minder dan 5 minuten en vooral Baartmans soleert lustig voort. Opvallend is de terugkeer van een drietal Fratsen-nummers, waaronder "Drinkebroer", al werd deze natuurlijk live al veelvuldig gespeeld. Verder zijn de standaard Manuel-krakers ("Kraaien", "Junkie", "Hol", "Ketterse Fanfare") opnieuw bewerkt en dat is gelijk het enige minpuntje van de cd. Er staat maar ��n nieuw nummer op de plaat (het titelnummer) en hoe lang kun je blijven teren op die oude nummers? "Kraaien" ken ik inmiddels al in een versie of drie, vier. Als deze band wederom een nieuw begin is, dan is het een bijzonder hoopvol begin, maar laat Manuel de rocker dat vervolgen met een plaat met nieuwe nummers. Dan gaan we voor de lange versies van "Kraaien" en "Drinkebroer" wel naar de liveconcerten, zoals het bij een echte jamband behoort.
File Under: Oude Krang en Fratsen nummers in een puik nieuw rockspijkerjasje...
File Audio: [ MySpace]
File Video: [Kraaien]
Tindersticks - The Hungry Saw
Ik kan me de dag in 1993 dat de eerste cd van de Tindersticks uitkwam nog heel goed herinneren. Wekenlang klonk de onverstaanbare mompelstem van Stuart Staples door mijn stereo, niet altijd tot verdeeld genoegen van mijn huisgenoten. De melancholieke muziek en sombere zang van Staples kan bij veel mensen behoorlijk op de zenuwen werken. Eigenlijk ben ik de band zelf na de eerste drie albums een beetje uit het oog verloren. Eind jaren negentig kwam er een soulelement in hun muziek dat ik niet echt geweldig vond en bovendien werd zelfs ik een beetje moe van de monotone stem van Staples. Het laatste officiële Tindersticks-album, Waiting for the Man, werd in 2003 uitgebracht, ook al verschenen er in de jaren erna nog wel enkele soloplaten van Staples en compilaties, zoals de BBC Sessions. Nu in 2008 zijn ze plotseling weer terug. En hoe! De band is gehalveerd en bestaat momenteel nog maar uit drie personen. Een flinke uitdunning heeft niet alleen plaats gevonden in de personele bezetting maar ook in de muziek zelf. Tindersticks klinken op The Hungry Saw mooi ingetogen, subtiel, romantisch en wat minder freakerig. Het nummer "The Other Side of the World" is een van de hoogtepunten. Zoals Staples een regel als 'When I was a stranger to everyone, and everyone was a stranger to me' zingt is hartverscheurend. Het is bijna lente en net als vijftien jaar geleden ben ik weer helemaal verliefd op Tindersticks.
File Under: Oude liefde roest niet
File Audio: [Turns We Took][E-Type][All The Love][ MySpace]
Florence and the Machine
Red Zone Cuba / Viva Rosa
Het vanuit het zuiden opererende Red Zone Cuba noemt zichzelf een garage-trash-surf-rock&roll band. Nou, geloof mij maar, daar is geen woord van gelogen en d'r hoeft ook geen woordje meer bij, wat je op hun nieuwe EP Visitors From Another World voorgeschoteld krijgt laat zich precies beschrijven door deze vier woorden. Dit trio klinkt heerlijk vet en smerig. Als zij een nummer "Killer Surf" noemen, dan is de zee in zo'n nummer niet een beetje onstuimig, maar komt er een tsunami over je heen waar je bleek van wegtrekt. Maar een beetje dude pakt natuurlijk zijn plank en surft gewoon zes nummers lang mee met deze mannen. Dat je dan flink wat obstakels te omzeilen krijgt, ach, da's alleen maar mooi toch? De manier waarop de mannen de blues hebben in "Cock Sucking Blues" en "Roll On" is vrij geniaal. En vooral ook vuig. Eigenlijk is alleen het rustige afsluitende, beetje Claw Boys Claw-achtige "King Of The Underground" een beetje minder. Maar dat kan ook best komen doordat je lijf nog stijf staat van de adrenaline die de andere vijf nummers opwekken.
Ook Viva Rosa opereerde lange tijd vanuit het oosten van het land als trio, maar is ondertussen uitgebreid tot een kwartet. Douwe Kelderman is de nieuwe, tweede gitarist. Slimme zet, want volgens mij geeft dat Viva Rosa meer de gelegenheid om het geluid van hun cd te benaderen dan met zijn drieën. De band komt niet met een EP op de proppen, maar vindt zichzelf na zeven jaar rijp genoeg om met een hele cd te komen. Bij het eerste nummer van Sunrise at Viva Fiësta "Absolutely Adore" krab ik me eens achter de oren. Oei, dit kon wel eens een lange zit worden. Want als een zanger gaat proberen de valse kraaiachtige klaagzang van J. Mascis te imiteren, dan haak ik al snel af. Dat is het domein van Mascis, dat moet je niet na proberen te doen. Gelukkig snapt Viva Rosa dat zelf ook en in het tweede nummer "Hold Me Down" is het ook verdwenen. De invloeden van bands als Dinosaur Jr. is daarmee overigens niet weg. Viva Rosa leunt zwaar op jaren 90-indierock, maar is zelf de laatste om dit te ontkennen. Het maakt wel dat de band het een beetje ontbeert aan een eigen smoelwerk, maar met de nummers an sich is weinig mis.
File: Red Zone Cuba - Visitors From Another WorldFile Under: Genadeloze garage-trash-surf-rock&roll band.
File Audio: [ MySpace]
File: Viva Rosa - Sunrise at Viva Fiësta
File Under: Jaren 90 indierock verzameld.
File Audio: [ MySpace]
Kill Hannah - Until There's Nothing Left Of Us
Weet je, ik ken heel die Hannah niet. Vanuit het Hebreeuws blijkt het de betekenis 'God welgevallig of de lieflijke' te hebben. Dan nog; vanwaar die haat? Eén van de bandleden deed het zeker een lange tijd met haar. Daarna gedumpt, polsen snijden, muziek maken: Until There's Nothing Left Of Us. Een album dat twee jaar geleden reeds het licht zag, maar nu opnieuw uitkomt via Roadrunner Records - hun nieuwe platenmaatschappij. Wanneer het legendarische metallabel zich gaat bemoeien met soortgelijke bands dan moet er wel iets bijzonders zijn. Dat het dozijn-verhaal niet opgaat voor Kill Hannah merken we aan de vijftien nummers, waaronder de hitgevoelige singles "Lips Like Morphine" en "Crazy Angel". De heren mogen dan verwijfd zijn en meer make-up dragen dan mijn ex-vriendin; muziek maken kunnen ze zeker! Het zijn vooral de elektronische invloeden die de 13-jarige band een frisse sound geven. Ze worden door de pers reeds vergeleken met een Shiny Toy Guns, Hellogoodbye, 30 Seconds To Mars en het moment van doorbraak zit er elk moment aan te komen. Wellicht helpt de tour met emootjes Aiden hieraan mee, wat eigenlijk eerder een verkeerde impressie zal geven.
Inderdaad, je las het goed Kill Hannah draait al dertien jaar mee. Je hebt nog nooit van ze gehoord? Daar brachten wij verandering in door cd's weg te geven in een prijsvraag. Daarvoor ben je nu te laat. Dus.
File: Kill Hannah - Until There's Nothing Left Of UsFile Under: Weer net even anders
File Audio: [ MySpace]
Grand Island - Boys & Brutes
Eigenlijk hoort het zo te gaan: eerst hoor je de single enkele malen op de radio en dan word je nieuwsgierig naar het album. Soms hoor je dan bij toeval een tweede track en als die je ook bevalt dan ga je het album ook daadwerkelijk kopen. Zo ging dat vroeger toen ik nog jong was en soms ontdek ik een nieuwe band nog steeds op die manier. Internet heeft bij mij vaak de plaats van de radio ingenomen, maar voor de rest is er niet zo veel veranderd. Dan moet het album natuurlijk wel een of meer nummers bevatten die de aandacht kunnen trekken. Op het tweede album van de Noorse groep Grand Island staan wel een paar nummers die aantrekkelijk genoeg zijn om iemand nieuwsgierig te maken naar de rest van het album. Bijvoorbeeld de eerste single "Wish It Was Summer Always", alhoewel dit nummer niet helemaal representatief is voor de rest van Boys & Brutes. Dit nummer heeft wat duidelijkere Americana-invloeden dan de andere tracks. Dat is overigens ook niet zo vreemd, want de gebroeders Gustavsen, de oprichters van de band, hebben enkele jaren in de Appalachen gewoond en de banjo is een belangrijk instrument op dit album. Toch is het zeker geen Americana-album, je moet eerder denken aan de New Pornographers of Arcade Fire. De banjo is in de meeste songs goed verstopt. Andere aantrekkelijke songs zijn de albumopener "Ass and Disco", Behemoth" en "Please Consider". Grand Island maakt drukke, snelle muziek die op de radio wel zou opvallen, tenminste als het op de radio gedraaid zou worden...
File Under: Ass and Disco
File Audio: [Grand Island Space]
Radar Bros. - Auditorium
Pats! Ik kreeg een harde tik over mijn vingers van File Under-collega DubbelMono toen ik de naam van Coldplay durfde te noemen in de eerste versie van de recensie van Auditorium van de Amerikanen Radar Bros. die ik over de interne File Under-mailinglist stuurde. Ik kreeg de suggestie mee dat het toch echt een soort Grandaddy-zonder-toetsen-en-bellen was of dat ik het eventueel slowcore goes Americana kon noemen, maar dat ik geen recht deed aan de vergelijking met Coldplay. De tik kwam hard aan. Het was echter helemaal niet onaardig bedoeld. Mijn 'dwaling' kwam hoofdzakelijk door het gebruik van de piano, die een prominente plaats heeft en door het gebruik van de stem van Jim Putnam die mij aan die van Chris Martin doet denken maar dan zonder de echo. Luister maar eens naar "On Nautilus". De vergelijking met Grandaddy begrijp ik wel, maar nog meer doet Auditorium me aan de korte liedjes denken van Pink Floyd ten tijde van More en Atom Heart Mother. Dit komt wederom door het gebruik van de piano, maar ook door het gitaarspel en vooral de zangpartijen met de tweede stem. Er staat geen noot verkeerd op Auditorium en ik voorzag dat hiervoor toch veel publiek moest zijn. Toegankelijk, maar toch alternatief. Vond ik de voorganger The Fallen Leaf Pages nog goed voor een zesje, Auditorium is toch een ruime acht. Als je tenminste van "mooie" popliedjes houdt, ben je meer van het experiment dan is dit waarschijnlijk minder je ding. Mocht je bij de eerste categorie horen luister dan minimaal eens naar het nummer "Happy Spirits" op hun MySpace-site.
File Under: Rode vingers, maar eigenwijs blijven lachen
File Audio: [ MySpace]
File Video: [When Cold Air Goes To Sleep]
Pete and The Pirates - Litte Death
Voor het eerst is er dit weekend een editie van London Calling waarop ik inderdaad het gros van de bands al ken. Verdorie, ik lijk wel hip tegenwoordig. Twee acts, The Ting Tings en Blood Red Shoes zag ik zelfs al live. Het moet niet veel gekker worden. Bij onze buren van Alternative.blog.nl kun je stemmen op wat jij denkt dat de revelatie zal worden van deze voorjaarsversie van London Calling. Ik heb mijn geld gezet op Pete & The Pirates. Op Eurosonic had ik ze kunnen zien, maar moest ik per sé naar de tietworp van Robyn staan kijken. Achteraf best dom. Deze Engelse bleekneuzen hebben hun vaderland namelijk al om hun vinger gewonden gezien de lovende strofen, grote hoeveelheden sterren en hoge waarderingen die ze volgens de sticker die zit op hun debuut-cd Little Death kregen. Die hosannastemming verbaast me niets, want Little Death is ook inderdaad een hele leuke plaat, waarop het vijftal nijverig oogst uit de Britpop van de afgelopen decennia en af en toe ook nog wat over der grens wat Pavement-achtige snuisterijen oppikt. Maar de basis is dus zo Brits als de ziekte. Lekkere korte puntige liedjes die net als bij een band als Kaiser Chiefs je eigenlijk al binnen een draaibeurt meeblèrt worden afgewisseld met Radiohead-achtige melancholie in "Song For Today". Maar écht moeilijk doen laten ze met grote liefde aan andere bands over, maar als gemakkelijk wil ik ze zeker ook niet af doen. Daarvoor zijn de dertien liedjes op Litte Death veel te leuk.
File Under: Songs For Today
File Audio: [Mr. Understanding][Bright Lights][Come on Feet][Song For Today]
File Video: [Knots]
Chris Walla - Field Manual
In mei verschijnt het nieuwe album van Death Cab For Cutie, maar voor 't zover is wil hun producer/gitarist/arrangeur Walla nog even aantonen dat hij 't ook allemaal in zijn eentje kan. Had van mij niet gehoeven, ik geloofde 'm zonder bewijs ook wel. Het was nog leuk geweest als hij iets totaal anders had gedaan, zoals Matt Sharp, de ietwat gestoorde ex-bassist van Weezer die ooit vals als een kraai een plaatje vol depripop inzong. Walla klinkt echter vooral als, nou ja, Death Cab For Cutie dus, en ook wel Nada Surf, precies de twee bands waar je 'm het eerst mee associeert. Het lieve indiepopliedje "Sing Again" bijvoorbeeld had zo op Plans gepast. Wat op zich een compliment is voor Walla's vocalen, die zeker niet voor zijn bandleider onderdoen. "Geometry & C" heeft net even iets scherper rockende gitaren, dus laten we dat bij Nada Surf's Lucky indelen. "St. Modesto" verrast nog enigszins met een dwingend drumritme à la The National's "Brainy". De betere nummers zo buiten de context van het hele album beluisterend lijkt het eigenlijk nog wel wat, maar in zijn geheel was ik de plaat zelfs voordat ik me aan 't schrijven van deze recensie zette alweer een paar dagen vergeten te draaien. Dat zegt genoeg. Zelfs het mooiste nummer, "It's Unsustainable", heeft iets onnadrukkelijks, met gitaren die zachtjes op de achtergrond post-rocken. Walla hoef je niets over opnemen en 't opbouwen van een nummer te vertellen en als we aannemen dat dit slechts een zij-project voor 'm was, zijn de verwachtingen voor Narrow Stairs in elk geval weer hooggespannen.
File Under: Ach, hij kan het wel hoor
File Audio: [Walla-Space]
De Heideroosjes / Jeremy's
"Alles wat zij zegt is gelogen", zegt Marco Roelofs wanneer we samen met Katelijn Schipper rond de tafel gaan zitten. De kopman en kopvrouw van respectievelijk De Heideroosjes en Jeremy's zijn al een lange tijd met elkaar op tour en blijken aan elkaar gewaagd. "De eerste keer dat we elkaar zagen was bij de TMF Awards", begint Karlijn, 'We waren allebei genomineerd en belandden uiteindelijk samen backstage aan de gratis Jack-cola. Niet veel later stonden we beiden over te geven, ik over mijn eigen schoenen en hij over die van iemand anders." Marco valt in: "Zoiets schept gelijk een band. Tijdens de tour drinken we trouwens bijna niet, wat wel jammer is, we moeten vaker ernaast gaan afspraken." De tour is vooral te danken aan hetzelfde boekingskantoor dat de bands delen, wat samen met boeren en scheten laten genoeg stof is voor het interview.
Lees verder..Carfax Abbey - It Screams Disease
Ik heb zo'n vaag vermoeden dat de meeste fans en potentiële fans van Carfax Abbey lid zijn van de sociale netwerksite Vampirefreaks. Sterker nog, de band uit Philadelphia is zelf ook lid. De groep maakt al een jaar of tien gothic industrial metal en It Screams Disease, het derde album, moet het eerste commerciële succes gaan worden. Het 'industrial' zit hem erin dat de band een drumcomputer heeft en introotjes met vage verstoorde geluiden kan maken. Je zou het album verder echter vooral 'handig meeliften op de NiN-hype' kunnen noemen (en dan bedoel ik het wat hardere Nine Inch Nails-werk dan de wat suffe gratis single 'Discipline' die deze week opeens verscheen), want het titelnummer alleen al is een vrij simpel rechttoe-rechtaan headbangnummer dat eigenlijk alleen maar geschikt is voor gothicfeestjes. Zo zijn er meer nummers; het is niet echt iets om voor je lol thuis te draaien. Het melodieuze wat bands als NIN en Fear Factory hebben is in de eigen songs helaas ver te zoeken; je vindt het alleen terug in de cover van "Cry Little Sister" (waarvan het origineel uit de horrorfilm 'The Lost Boys' komt). Het pijnlijke is dat Carfax Abbey wel pogingen tot ballads doet, waardoor de plaat eindigt met de zaaddodende diarree die "Stay" en "Angels Hesitate" heet. Als je dacht dat Creed erg was, nou, hier heb je een potje aanstellerij waar je hond nog van gaat janken. Je moet wel heel goedgelovig zijn om voor deze abdij te vallen.
File Under: Mijden als de ziekte
File Audio: [ MySpace]
File Video: [Cry Little Sister (live)]
Sahg - II
Als je een hele stapel cd's ter recensie hebt liggen kan het wel eens gebeuren dat er eentje een tijd blijft liggen. Zeker wanneer de naam weinig aanspreekt en de hoes nog minder. Precies dat gebeurde dan ook bij Sahg. Toen de bitjes eenmaal door mijn oordopjes stroomden bleek het plotseling een reuzelekker plaatje te zijn. Metal met een beetje stoner, een beetje Sabbath, een beetje Foo Fighters, maar ook lekker orgelwerk, fraaie solo's en goede songs. Luister maar eens naar "Echoes Ring Forever", dat eindigt met een machtige gitaarsolo. Meteen daarna volgt een bombastisch-orkestraal stuk, terwijl "Escape The Crimson Sun" een fraaie, broeierige ballad is, die nergens uitbarst in de voorspelbare climax, maar juist ingetogen blijft. Naar het einde gaat het allemaal weer de doom- en stonerhoek in, maar is het zeker nog de moeite waard. Qua stijl zou je deze band overigens niet plaatsen in serieus-metal-zo-serieus-als-metal-kan-zijn-Noorwegen. Zonder informatie zou ik deze band zonder al te veel twijfel in de VS of Canada geplaatst hebben. Marty noemde het bij het debuut 'doommetal met een snuifje stoner' en daar kan ik me wel iets bij voorstellen. Mij valt op dat er op dit album zoals gezegd nog wat andere stijlen te vinden zijn. De originaliteitsprijs winnen ze er niet mee, maar de meeste bands in het genre hebben meer moeite om een album lang leuk te blijven. Kijk even door de naam en het standaardhoesje heen. Het is de moeite waard.
File Under: Degelijk dreunend door de fjorden
File Audio: [SahgSpace]
File Video: ["Pyromancer" op de site]
Scott Matthew - Scott Matthew
Enkele jaren geleden kreeg ik van een bevriende journalist een tape met de eerste twee cd's van Perry Blake. Ik was verkocht. Prachtig vond ik zijn zoetgevooisde melancholische liedjes. Helaas haalden Blake's volgende cd's bij lange na niet hetzelfde niveau. Dat kwam vooral doordat Blake de stap van zoetgevooisd naar aalglad, mierzoet en dicht gepolijst maakte. Een hele foute stap wat mij betreft. Ik hoop altijd nog dat hij een stap terug maakt de goede richting op, maar heb weinig hoop hierop. Dus hoop ik al een tijdje op een adequate vervanger. Scott Matthew - verwar 'em niet met de Brit Scott Matthews - popt zo maar vanuit het niet op als een meer dan geschikte kandidaat voor. Wat hij laat horen op zijn titelloze debuut komt namelijk meer dan behoorlijk in de buurt. Die plaat kent elf vrij ingetogen en minimale singer/songwriter liedjes. Het grootste verschil met Blake zit 'em in de stem. Die van Matthew klinkt meer getormenteerd. Het maakt dat de songs van de in Australië geboren, maar vanuit New York opererende Matthew net iets meer bite hebben. Je zou ze best onder torch songs kunnen scharen. Dan kom je al snel uit bij Anthony & The Johnsons, de huidige ongekroonde koning van de torch song. Ik luister zelf liever naar Scott dan naar Anthony. En eigenlijk zou jij dat ook eens moeten doen. Zeker als je tenminste houdt van mooie broze singer/songwriterliedjes met licht theatrale inslag. In het maken daarvan is Matthew namelijk een meester. Helaas tot nu toe wel een vrij onbekende. En dat moet snel veranderen als het aan mij ligt.
File Under: Little Bird
File Audio: [Amputee][Little Bird][Abandoned][Luisterpaal][ MySpace]
Andre Manuel & De Ketterse Fanfare
Yoav - Charmed & Strange
Ik ben op dit moment in Mozambique, op bladzijde 159 om precies te zijn. Ik ben Verstand op nul, blik op oneindig aan het lezen. Een reisverslag van Flip van Dyke over zijn fietstocht van Amsterdam naar Kaapstad. Het kan uiteraard niet anders dan dat dit één groot avontuur was, vooral over het Afrikaanse continent. De laatste bladzijden van het boek moeten me naar Kaapstad leiden. De Zuid-Afrikaanse stad waar Yoav, geboren in Israël, opgroeide. Pas na het beëindigen van de culturele boycot kon hij op vijftienjarige leeftijd met live-muziek van Westerse artiesten kennis maken. Het concert van Crowded House, waar hij op het podium werd getrokken om een nummer te spelen, was een eerste aanzet in zijn muzikale carrière. Zuid-Afrika liet hij achter zich om een wereldburger te worden. Hij woont volgens zijn MySpace-pagina nu in Londen, Montreal en Kaapstad. Charmed & Strange, zijn debuut, is een wat ongewoon album geworden. De nummers bewegen zich traag voort op geloopte ritmes alsof de loungemuziek van Kruder and Dorfmeister weer hip is. Hierop is zijn eigenzinnige gitaarspel gezet. Ik moet aan Beck denken, maar gek genoeg ook aan Luka Bloom. Door zijn manier van gitaarspelen, maar ook door de zangpartijen. Hijzelf omschrijft het als ‘Beck meets Jeff Buckley meets Björk’, maar die laatste twee herken ik er niet echt in. De tien liedjes gaan als een droom voorbij, en ik heb eerst niet eens door dat het afsluitende "Where Is My Mind" een Pixies-cover is. Zo hoort dat met covers. Ik besluit om dit stukje te gaan schrijven om daarna het laatste deel van het boek te gaan lezen. Even niet storen, ik ruik Kaapstad al.
Ook nieuwsgierig naar de hele cd? Dat komt goed uit, want in samenwerking met Universal geven we enkele exemplaren weg van Charmed & Strange in alweer een nieuwe prijsvraag. Gekkenhuis! En meedoen. En zo.
File: Yoav - Charmed & StrangeFile Under: Kaapstad, begin en einde van een wereldreis
File Audio: [ MySpace]
File Video: [Club Thing][Beautiful Lie]
I Am Kloot - Play Moolah Rouge
Ziekten aan hart en bloedvaten, ziekten aan de luchtwegen, aandoeningen in de mondholte, vrijwel alle soorten kanker, schildklierziekte, rugklachten, versnelde verslechtering van het gehoor, gezichtsverlies door beschadiging, verhoogde kans op de ziekte van Alzheimer... Het roken van extreem veel sigaretten mag dan veel negatieve kanten hebben, de stem van singer-songwriter John Bramwell doet het goed. De 44-jarige is qua uiterlijk niet erg aantrekkelijk (te herkennen aan bruine tanden, onfrisse adem, gele vingers, verouderde huid en slechte lichamelijke conditie), maar dit alles is niet meer belangrijk wanneer hij zijn stem laat horen; dramatisch en donker heeft hij onlangs het album Play Moolah Rouge van zijn I Am Kloot vol gezongen. Het album verschijnt in Nederland samen met een dvd, waar de Engelsman zichzelf pas echt op tegenkwam: "Ik lijk wel een geestelijke gestoorde zwerver!" De teksten van de tien nummers zijn dan ook niet altijd even begrijpelijk en vatbaar - wat op de vorige drie albums juist omgekeerd was. Wellicht hierdoor staat later dit jaar alweer een nieuwe uitgave gepland van het drietal, een uitgaven met hopelijk grotere uitschieters. Play Moolah Rouge is een aardig schijfje, maar duidelijk het slechtste uit I Am Kloot's discografie.
File Under: Nicotinepleisters, €3.50 bij het Kruidvat
File Audio: [ MySpace]
Textures - Silhouettes
In een periode van slechts een paar jaar is Textures uitgegroeid tot een band van formaat. In 2003 begon het allemaal zo plots met een ijzersterk volledig zelfgeproduceerd debuut vol complexe mathmetal in de geest van hun helden Meshuggah, gewaagde fusion-klanken en extreem muzikaal geweld. De band werd al snel getekend en na een zangerwissel liet opvolger Drawing Circles een volwassener en doordachter geheel horen, waarbij nieuweling Erik Kalsbeek een flinke stempel op de sound drukte met zijn imposante zangkunsten. Ik miste echter wat op die plaat en heb hem later niet vaak meer opgezet. Die onbevangenheid, dat jonge-honden-gevoel. Deze nieuwe ligt naar mijn idee enigszins tussen de beide platen in. Enerzijds veel gewaagde tempovariaties en sfeerwisselingen, anderzijds de volwassen arrangementen en het toegenomen gevoel voor melodie, getuige de catchy zanglijnen die menigmaal herinneren aan Mike Patton. Dat levert een best-of-both-worlds-situatie op, da's dus dubbel winst voor de luisteraar en altijd mooi meegenomen. Niet voor niets is het gerenommeerde Amerikaanse webzine Metalsucks.net al een tijdje een eigen promotiecampagne begonnen om Textures onder de aandacht te brengen. En ze verdienen het, want na deze derde plaat mogen we toch gerust stellen dat Textures bij de absolute metaltop van Nederland hoort en meteen internationaal ook geweldig mee kan doen.
File Under: De absolute metaltop van Nederland
File Audio: [Old Days Born Anew][Texturespace]
Mystery Jets
Ik ben mooi op tijd voor het optreden van Mystery Jets in het voorprogramma van Kate Nash in Paradiso, 2 april jl. De zaal is nog vrij leeg, maar zal snel volstromen met heel veel Kate Nash-meisjes: Vrij jonge, licht alternatieve meisjes in allerlei vormen en maten. Het is een uitverkochte zaal vanavond. Als Mystery Jets begint is de zaal dan ook al behoorlijk vol. De band geeft een erg goed optreden met alleen nummers van hun ondertussen verschenen tweede plaat: Twenty One. Ze pakken de zaal in en ik hoor van verschillende kanten dat Kate Nash nog flink haar best zal moeten doen om dit te overtreffen. Wat ze mijns inziens bij lange na niet doet, maar daar denkt het merendeel van de zaal, die uiteraard voor Kate gekomen is, waarschijnlijk anders over.
Lees verder..The Sword - Gods of the Earth
Mijn kamergenoot op mijn werk is een maand de hort op. Terwijl ik hier in de prutlente zit weg te pieren - gelukkig wordt het weer de laatste dagen weer wat beter, zit hij lekker in Cuba. Daar word ik dan toch wel een tikkie jaloers van. Gelukkig zijn er altijd pleisters op de wonden. Een dikke vette pleister is de nieuwe cd van The Sword, Gods Of The Earth. Was hun eerste cd Age of Winters al niet te versmaden, op hun nieuwe heeft de jonge Texaanse band hun (retro) mix van stoner en doom verder geraffineerd. Mooi is ook dat de cd wederom voorzien is van fraai klassiek hardrock artwork, deze keer van illustrator Geoff Kern. Het Beavis & Butthead-gehalte van Gods Of The Earth is wel een stuk lager dan van Age Of Winters, maar dat vind ik zelf niet zo'n probleem. Ik zit nu toch alleen, dus samen bangen en "hehehe-cool"-en zit er toch niet in. De houdbaarheid van deze nieuwe schijf is door de betere hooks en grotere diversiteit in de songs denk ik ook beter. Al heb je natuurlijk wat meer behoudende mensen die dat zullen betreuren.
File Under: Jonge honden die hun klassiekers nu nog beter kennen.
File Audio: [Fire Lances of the Ancient Hyperzephyrians][ MySpace]
Thee Merry Widows / Deadline
Nee, erg aantrekkelijk zijn ze niet, de dames van Thee Merry Widows. Vooral zangeres Eva von Slut kijkt me vanaf de hoesfoto erg vies aan, om bang van te worden. Het vijftal zet zichzelf neer als mannenverslindende vamps die met kettingen, geweren, cirkelzagen en ander gereedschap de wereld gaan redden terwijl ze gehuld in leren pakjes - doe dat nou niet dames - in grote auto's rondcrossen. Het moge duidelijk zijn, deze Amerikanen maken psychobilly. En dat doen eigenlijk best wel slecht. En niet alleen omdat ze inventiviteit missen. The Devil's Outlaw is een verschrikkelijk saaie plaat. Alle nummers zijn opgebouwd volgens de regels van het genre, verrassende wendingen blijven uit. Zo stoer als hun imago is, zo saai is de muziek van dit Californische kwintet. Ook de galm op de nogal mannelijke stem van de zangeres gaat irriteren. Veel tatoeages, een grote contrabas en stoere bijnamen maken je nog geen goede psychobillyband, dat blijkt wel weer.
Dat doet Deadline dan beter. Niet dat deze Engels/Franse band psychobilly maakt overigens. Het vijftal, met zangeres Liz Rose als uithangbord, maakt streetpunk met hier en daar een skariedeltje. Op We're Taking Over vier nieuwe nummers, die in vergelijking met het oudere werk iets meer richting popkant gaan. Eigenlijk weet geen van deze vier nummer echt te overtuigen. Is niet erg, grote troef van deze plaat zijn de veertien livenummers, opgenomen in Lichtenfeld, Duitsland. Hier hoor je pas hoe erg de stem van Rose op die van Blondie lijkt. Overigens is de kwaliteit van de opnamen om te huilen, maar dat heet in punkkringen 'rauw' en 'echt'. Ook Deadline doet geen wereldschokkende dingen. Hun punksongs zijn kort, het rammelt aan alle kanten - af en toe is het ronduit vals - en we hebben het allemaal al vaker gehoord. Toch laat de band zien live zijn mannetje te staan en vele malen interessanter is dan in de studio. Dat laat deze plaat mooi zien.
File Under: Niet origineel, niet goed
File Audio: [ MySpace]
File: Deadline - We're Taking Over
File Under: Niet origineel, wel goed
File Audio: [ MySpace]
Boris McCutcheon - Bad Road, Good People
"A unique singer/songwriter of Modern Americana", zo afficheert Boris McCutcheon zich. Dat lijkt me een behoorlijke contradictio in terminis. Want als er één genre het toch niet van de vernieuwing moet hebben dan is het Americana. En dat hoeft geen slecht ding te zijn. Binnen het genre is immers nog ruimte genoeg om ook met bestaande patronen uit te blinken. Boris McCutcheon deed het met Cactusman vs. The Blue Demon, een plaat die behoorlijk aansloeg in Nederland. Inmiddels ligt opvolger Bad Road, Good People in de winkels en wordt er behoorlijk ingehaakt op die populariteit, want Boris doet maar liefst negen optredens in Nederland om de plaat te ondersteunen. Maar of de plaat net zo'n (relatief) succes wordt als de voorganger, dat waag ik te betwijfelen. Want Bad Road, Good People is een optimistische plaat en een aangename plaat, die helaas maar niet spannend wil worden. Daarvoor kleurt Boris met zijn Salt Licks net teveel binnen de lijntjes en weigert hij van het standaard pad af te wijken. Ook al omdat de onderwerpen (alweer het gewone leven in New Mexico, zijn familie) waar McCutcheon over zingt heel klein en dichtbij zijn. Boris onderscheidt zich niet meer mee en dat is toch niet wat je verwacht van iemand die naar eigen zeggen moderne Americana maakt...
File Under: Meer van het hetzelfde...
Blimey! - Are You With Me?
Martien van Bergen stopt met Blimey! als liveband. Tot zover het slechte nieuws. Want hoewel ook Are you with me? niet gevolgd zal worden door een live-tour, wordt deze nieuwe plaat gepresenteerd met een project waarin muziek, dans en film samenkomen: "Telescope dancer". Niet toevallig is dat ook de titel van twee tracks op Blimey!'s vierde album waar we ons hier op concentreren. Wederom krijgen we een stevige handvol aan prachtig knip- en plakwerk, waar hometaper (zijn eigen woorden) Martien van Bergen superieure, licht-melancholische liedjes van maakte. Vaak intiem klinkend, akoestisch getoonzet en meer of minder psychedelisch. Het ligt erg voor de hand om in dat soort gevallen de naam van Syd Barrett van stal te halen, maar de associatie komt niet voor niets. Net zoals in elke bespreking ook The Velvet Underground of Lou Reed genoemd zal worden ("From summer to fall"). Daarnaast, vooral wanneer er meer elektronica van stal gehaald wordt, dringen de namen van Jim White en Sparklehorse (in "Telescope dancer Pt 1") zich op. Maar Blimey! heeft een eigen geluid en hoewel dit soort bijna-lofi niet meer zo hip is als, pak 'm beet, tien jaar geleden, klinkt Are you with me? zeker niet gedateerd. Martien van Bergen heeft met zijn werk een soort tijdloosheid bereikt die hij met of zonder liveband nog zeker tien jaar vol kan houden. De gruizige beat onder "Any fruit the string yields" en de Bob Dylan-cover "Just like a woman" versterken die verwachting alleen maar.
File Under: Superieure knip- en plakliedjes
File Audio: [Livin' without you] [I've tried][ MySpace]
Room Eleven - MMM...Gumbo?
Sinds ik Room Eleven zag op Crossing Border in 2006 heb ik een zwak voor deze Utrechters. Of beter, heb ik een zwak voor frontvrouw Janne Schra. Ze was tijdens dat optreden in Den Haag ontwapenend stuntelig. De band zat volgens mij toen ook al op een roze gelukzalige wolk. Ze hadden nooit kunnen verwachten dat hun sprankelende debuut Six White Russians & A Pink Pussycat zo met open armen ontvangen zou worden. Da's ook niet zo raar, want het is nou niet zo dat de muziek die Room Eleven maakt op maat gesneden is voor 3FM of zo. Nee, hun mengelmoes van stijlen met als uitgangspunt toch wel een plek ergens in de wat gemakkelijker jazz, leek meer iets voor een select gezelschap. Niets bleek minder waar, de band scoorde succes na succes . Tot hun eigen verbazing denk ik. Je zou verwachten dat ze flink wat druk zouden moeten hebben gevuld voor het maken van hun tweede cd. Daar hoor ik niets van terug op MMM...Gumbo? Dit album is namelijk nog gevarieerder qua stijl en klinkt minstens zo sprankelend, zo niet sprankelender. Da's best knap. Wat helpt is dat de band met Schra natuurlijk een uitzonderlijke zangtalent in de gelederen heeft. Met haar lenige stem jonast ze zich met speels gemak alle nummers door. Of het nu het lichtvoetige "Hey, Hey, Hey", qua tekst overigens helemaal niet zo lichtvoetig, is of een in strijkers gedompelde ballade als "Lovely Morning" is, Schra is als vis in het water. Zelfs in "Not Jealous" het bluesy duet met Dayna Kurtz - en dat is toch een straffe tegenstrever dunkt me - zingt en glimlacht deze Utrechtse nachtegaal alle stapelwolken weg.
File Under: Een grote sprankeling
File Audio: [ MySpace]
MGMT - Oracular Spectacular
Al het vreemde, maar erg lekkere lijkt de laatste tijd uit Brooklyn te komen. Oracular Spectacular, het debuutalbum van MGMT is daarop geen uitzondering. Na het overweldigende album van Yeasayer is hier de volgende lichting die de horizon van de popmuziek verbreedt. Net als bij het debuutalbum van Yeasayer geloofde ik eerst niet dat een band als dit uit Brooklyn New York komt. Met een heerlijk onbezorgde houding, fotografie en artwork met optische illusies aan de binnenkant doen ze zonder meer terug denken aan de hippietijd. De twee jongens op de voorkant zijn Ben Golfwasser en Andrew Vanwyngarden, oprichters van MGMT (kort voor The Management). Hun geluid? Uiterst zomers. Een gewaagde combinatie van psychedelische rock, britpop new wave, pop en disco die vooral buitengewoon zorgeloos klinkt. In nummers als "Time to Pretend" laten ze hun houding duidelijk doorklinken. 'This is our decision to live fast and die young - We've got the vision, now let's have some fun'. Met een heerlijk zonnetje erbij doe ik zeker met ze mee.
File Under: Onbezorgd, zomers en nieuw
File Audio: [Time To Pretend][Electric Feel][ MySpace]
Paul Gilbert - Silence Followed By A Deafening Roar
Paul Gilbert is zo ongeveer de archetypische Rockheld, maar is tegelijkertijd gezegend met de nodige zelfspot. Dat zie je onder andere op zijn zelf gefabriekte website. Weliswaar speelt hij beter gitaar dan hij webdesignt, maar de onderdelen met zijn kledingstijlen door de jaren heen en de Photoshopbewerkingen zijn soms hilarisch. Ook de bio bij deze cd is geen door een marketeer in elkaar gefrut samenraapsel van superlatieven, maar een heldere en goed geschreven toelichting van Gilbert himself. Maar goed, humor is mooi, maar hij is vooral muzikant. Een die zowel het Gitaarheldenhandboek kent als oor heeft voor goed in het gehoor liggende composities. Voor de afwisseling is dit Silence Follwed By A Deafening Roar een volledig instrumentaal album. Het begin, het titelnummer, valt wat tegen. Veel verder dan een themaatje zonder kop of staart komt het niet. Het daaropvolgende "Eudaimonia Overture" wordt aan het einde daarentegen erg leuk, als Gilbert Bach citeert, maar anders dan pakweg Yngwie ook de rest van de band daarbij betrekt. De rest van de cd laat een afwisseling horen tussen krachtpatserij en echte songs. Van dat eerste zijn "Bronx 1971" en "Paul vs. Godzilla" voorbeelden, van dat laatste "I Still Have That Other Girl", een cover van... Elvis Costello en Burt Bacharach. Ander hoogtepuntje is een klassiek stuk van Ernest Bloch, "Suite Modale", waarin ingehouden piano en gitaar een fraaie sfeer neerzetten. Dit album is wat je kunt verwachten van Paul Gilbert: subliem gitaarwerk, afwisselend snel en ingehouden, maar wel een album dat door de krachtpatserij voor niet iedereen geschikt zal zijn. Maar hoewel ik van Gilbert liever zijn vocale werk hoor, heb ik me met dit album prima vermaakt.
File Under: Instrumentaal intermezzo dat niet misstaat in de discografie
File Audio: [E-card] [GilbertSpace]
Gem - New
Gerommel in line-up. Ook Gem had ermee te maken. De drummer vertrok en niet veel later de eerste gitarist. Menig bandje zou ermee gestopt zijn. Gem niet. Er werd een nieuwe drummer aangetrokken en zanger Maurits Westerik nam de gitaarpartijen op zich. Onverwacht kwam ik ze vorig jaar in het voorprogramma van The View tegen. Het nieuwe werk beloofde veel goeds voor de nieuwe schijf die er nu is. New opent met de single "Look". Een nummer dat bij mij elke neerslachtigheid als sneeuw voor de zon doet verdwijnen. Gem is muzikaal opgeschoven van zeg maar The Strokes naar de meer catchy Britse pop van bands als Arctic Monkeys. Als producer werd Greg Haver (o.a. Manic Street Preachers) gevraagd en ze mogen blij zijn dat hij toegehapt heeft. Het heeft het bandgeluid goed gedaan. De productionele geluidsmuur die de eerdere twee albums in mijn oren verpeste blijft achterwege. New is fris, New is opwindend, New nestelt zich in je hoofd. Maar toch heb ik wat te knorren. Na een verplettende drieluik gaat het vierde nummer "She Said Oh Oh Oh" mij snel irriteren. 'She said oh oh oh, I said yeah yeah yeah', waarschijnlijk leuk als een The Police-achtige publieksparticipatie, maar niet op schijf. Bah. Aansluitend is er dan het verder prima nummer "Down" waarvan ik van de toegevoegde synthesizerpartijen jeuk krijg. Trompetten uit een doosje. Bah, bah, bah. Maar als ik dat doorstaan heb (lang leve het skippen) gaat het gewoon verder waar het aanvankelijk mee begon: een goede plaat afleveren. Op het podium is het ongetwijfeld nog beter, maar mijn zegen hebben ze. Ik hoop dat ze met New in de handen ook buiten de Benelux kansen krijgen. Ik gun het ze.
File Under: Leukste Gem-plaat tot nu toe
File Audio: [ MySpace]
File Video: [Look]
Elbow - The Seldom Seen Kid
Ik had nog nooit van de website gehoord, maar na even lezen ben ik het helemaal eens met het vertelde op TurnMeUp.org. Kort samengevat komt her er op neer dat hun doel is een cd minder luid te masteren, zodat de dynamiek van de plaat niet verloren gaat. De macht van het instellen van het juiste volume komt zo weer bij de luisteraar te liggen. Op de site zijn enkele rake voorbeelden te beluisteren van hoe dit werkt. Ik kwam op deze website door de nieuwe cd van Elbow. Het was me al wel opgevallen dat The Seldom Seen Kid zachter klonk dan andere cd's die ik draaide. Het geweldige geluid was me ook al opgevallen, maar pas toen ik de url achter in het boekje las en de bijbehorende website viel bij mij het kwartje. Het is pure winst voor een band als Elbow om op deze manier hun cd te werken. Want als er èèn ding is dat The Seldom Seen Kid kenmerkt is het een geweldige diepte in hun sound. Neem alleen al het bijna instrumentale twee minuten durende intro van "Starlings", waarbij de onverwachte uitbarstingen van strijkers en koperwerk je zo ongeveer een hartverzakking bezorgen. Daarin zit al meer raffinement verwerkt dan een gemiddelde band in een hele cd stopt. Weergaloos kippenvel opwekkend nummer overigens. Zoals deze hele cd van Guy Garvey - wat een geweldige zanger is dat toch! - en zijn mannen er een is om vaak en intens van te genieten. Helemaal voor wie op zoek is naar een band die de leemte tussen Coldplay en Radiohead kan opvullen. Haast u, want daar zit Elbow al tien jaar lang op je te wachten.
File Under: Turn Me Up!
File Audio: [Grounds For Divorce][ MySpace]
File Video: [Grounds For Divorce]
Mystery Jets - 21
Het is jammer, maar hij is ermee gestopt. 55 jaar oud, en hij schijnt tabak te hebben gekregen van het touren. Vader Henry Harrison van Mystery Jets-frontman Blaine drukte de afgelopen jaren mede zijn stempel op het geluid van de band: Making Dens was een plaat met invloeden uit wat "oudere" muziekstijlen, zoals de progressieve rock of de psychedelica. Daar is op nieuwe cd 21 nog best wel wat van over, en ook de jaren '80 komen hier en daar nog om de hoek kijken, het meest opvallend op het springerige "2 Doors Down" ('I think I'm in love with a girl two doors down'). De teksten zijn overigens niet altijd zo nietszeggend. Integendeel: ze zijn spitsvondig, tegendraads en verfrissend ('If I'm wrong, then dust me off and put me in my place, but drop a bomb, shall you blow me away without even a trace? I'll be gone and I won't give chase'). Maar goed, die invloeden dus. De VPRO schreef ooit eens over ze: 'tien liedjes, tien stijlen', en zo is het nog wel een beetje. Elektro-DJ Erol Alkan deed deze keer de productie, en dat zorgt voor een modern, dansbaar en springerig geluid. Ook fraai zijn de damesvocalen van Laura Marling op single "Young Love", zeer verdienstelijk gezongen door gitarist Will, en voorzien van een grappig clipje, en de werkelijk verbluffend veel op Jeff Buckley lijkende vocalen op "Flakes". Waar ik aanvankelijk een beetje bang was naar de zoveelste post-punkband of Franz Ferdinand-kloon te moeten luisteren, ben ik ontzettend positief verrast door dit eigenlijk moeilijk te definiëren bandje. Please believe the hype!
File Under: Nou eens niet het zoveelste post-punkbandje uit Engeland
File Audio: [Young Love][Flakes][ MySpace]
Backfire - In Harm's Way
Het is officieel: ik heb een writers block. Klinkt wel stoer trouwens. Verdwaasd zit ik al dagen naar m'n laptop te staren, doelloos door de stapel cd's te zoeken en zonder iets te proeven mijn lunch naar binnen te werken. Het lukt even niet. Ik hoor muziek van bands met namen als Another Kind Of Deathen Pride Runse Deep, maar hoor niets anders dan schreeuwende mannen en een hoop herrie. Zeg maar, wat 99% van de bevolking hoort als ze dit soort muziek draait. Dan valt mijn naam op die van Backfire. Jezus, hoe kon ik deze plaat nou vergeten. Overal positieve reacties over In Harm's Way gelezen en mijn eerste luisterbeurt een dikke maand geleden kon ik me ook nog herinneren: I was blown away. Snel opzetten dus. Het blijkt de juiste cd op het juiste moment. De energie, de eerlijkheid, de enorme hardheid, de gastvocalen van Stephen Bessac van Kickback en Dries Olemans van The Setup (of eigenlijk ex-The Setup, op Groezrock zal hij zijn laatste show met de band spelen) en ook na tien jaar nog die perfecte kruising tussen de New Yorks hardcore en dat typisch Europese geluid. In vergelijking met vroeger - moet je mij horen, 24-jarig pikkie die tien jaar geleden nog niet eens wist wat hardcore was - is Backfire wat groovender geworden. Dit gaat geen seconde ten koste van de lompheid waarmee de Limburgers nog altijd hun muziek de speakers uit laten knallen. Geweldige plaat.
File Under: Juiste plaat, juiste moment
File Audio: [ MySpace]
Matana Roberts Project - The Chicago Project
"Meer jazz op File Under!" werd pas geleden geroepen in de reacties bij de recensie, van de oude meester McCoy Tyner. Maar dan wel iets minder degelijk en wat avontuurlijker, kwam er direct achteraan. En gelijk hebt u natuurlijk, waerde FU-lezer; het moet wel een beetje uitdagen, niet leunen op oude waarden enzo. Daarom hier een recensie van aanmerkelijk vrijere, modernere jazz, namelijk van het Matana Roberts Quartet. Als je een beetje thuis bent in de post-rock/jazz kringen dan lieer je een album met de titel The Chicago Quartet natuurlijk direct aan de kringen rondom Tortoise, en dat doe je dan ook dit geval geheel terecht. John McEntire engineert en gitarist Jeff Parker mag zelfs onderdeel zijn van het kwartet rondom saxofoniste Matana Roberts. Klinkt goed allemaal, nietwaar?
Helaas klinkt het allemaal helemaal niet zo goed. Op plaat dan. Het kwartet doet graag aan freejazz, en probeert hier en daar ook nog te composeren. Alleen, als de freejazz maar nergens echt los, vurig en geïnspireerd wil worden, en als de composities niet overlopen van de creativiteit, hou je maar bitter weinig over. Zeker omdat ik ook eigenlijk wel een beetje gehad heb met dat hele arty-farty Tortoise/Chicago-improvgedoe; een incestueus zooitje met veuls te weinig zelfkritiek. Daarbij heeft Jeff Parker sinds Utonian_Automatic en Who killed the I walkman? van Isotope 217 op plaat nooit meer uitzonderlijk goed gespeeld. Waarom daar wel en daarna nooit meer, meneer Parker. Het is mij een raadsel. Maar goed. Als je een verzamelaar bent van de Chicago-scene zul je je hier ook geen buil aan vallen, maar als je echt wil genieten van vrije jazz waarbij alles klopt moet je ergens anders zijn.
File: Matana Roberts Quartet - The Chicago ProjectFile Under: Moderne Chicago-jazz voor de liefhebber
Week 16, 2008
Storm
Room Eleven - MMM... Gumbo? (bloos)
Bas
M83 - Saturdays = Youth
Gr.R.
Oceansize @ De Helling
Ewie
dEUS - Vantage Point
Ludo
WHY? - Alopecia
Timbo
Story Of The Year - The Black Swan
André
Ane Brun @ Mezz, Breda
Prikkie
Paul Gilbert - Silence Followed By A Deafening Roar
Stonehead
Hadouken! - Music For An Accelerated Culture
DubbelMono
Matthew Ryan Vs The Silver State
Spookrijder
dEUS - Vantage Point / Lupe Fiasco - The Cool
Pioneers Of Love / I Kissed Charles
Het valt me op dat de naam van mixer/masterer Guido Aalbers hier de laatste tijd steeds vaker voorbij komt. Ik snap wel dat talentvolle, maar ook al langer meelopende bandjes bij hem aankloppen om hun cd door hem te laten af te laten mixen, want het hem afgeleverde eindproduct klinkt eigenlijk altijd als een klok. Nu vielen vlak achter elkaar weer twee van eindproducten op de mat die hij van de icing on the cake voorzien heeft en die wederom scherp uit je speakers knallen. Beiden van piepjonge bandjes.
Allereerst is daar Pioneers of Love, een kwartet jongelingen uit het Noorden, volgens mij met uitvalsbasis Leeuwarden. In het eerste nummer "We Will Never Part" - na een clichè begin blijkt dat uiteindelijk toch een sterk nummer - valt gelijk de scherpe zang op van Jeroen Grendelman. Typisch zo'n stem die het veld in tweeën kan splijten. Je houdt er van, of niet. Een tussenweg is er niet. Ik behoor zelf tot het deel dat wel houdt van zo'n kenmerkende mannenstem. En in de synthesizerpop/rock van Pioneers of Love gedijt zijn stem ook prima. De Korg van Marc Hoenderboom geeft de liedjes van Pioneers of Love namelijk een lekker vet en afwijkend geluid. Vergeef me dat ik weer met mijn persoonlijke plug Carpark North aan kom kakken, maar daar doen deze noordelingen me wel aan denken. Maar voor u zal ik The Killers ook als referentie noemen. Al haalt het kwartet het hoge niveau van deze beiden nog niet, ze zijn wel op de goede weg.
Ten tweede is daar I Kissed Charles, eveneens een kwartet jongelingen, maar nu uit Drenthe, uit Meppel om precies te zijn. Grappig is dat hun liedje "I'm Too Young" al gebruikt werd in een commercial van Braun. Nou, volgens mij weet het mannelijke trio van de band niet eens hoe een scheerapparaat werkt. Maar dat mag de pret niet drukken, "I'm Too Young" is een hoogst aanstekelijk liedje. En dat geldt ook voor de vier andere liedjes van deze debuut-EP die op Goomah Music verschijnt. Opmerkelijk sterk is de stem van frontvrouw Charlot, die gezien haar vijftien lentes misschien beter frontmeisje genoemd dient te worden. Ze blijft met gemak fier overeind staan in de vijf van enthousiasme overlopende liedjes. Mix Be Your Own Pet met Rilo Kiley en je komt ongeveer uit bij wat I Kissed Charles je te bieden heeft. Dikke lagen synthesizers op een scherp gemaaid gazon van gitaren. Ik wil ze wel zoenen, zo sprankelend, leuk en onbevangen.
File Under: Kan leuk worden.
File Audio: [ MySpace]
File: I Kissed Charles - EP
File Under: Is al heel leuk.
File Audio: [CharlesSpace]
Het Goede Doel - Gekkenwerk
Tja. Henk W. dook weer eens de studio in. Hij vroeg zijn oude maatje Henk T. of deze de productie wilde doen en van het een kwam het ander. En daarmee ligt er ineens weer een nieuw Het Goede Doel-album, Gekkenwerk, voor het eerst sinds negentien jaar. Onverwacht eigenlijk, want nieuw werk had de reünie van 2001 niet opgeleverd en er was tot eind vorig jaar ook niets aangekondigd. Een eerste conclusie: het klinkt vertrouwd. Zo vertrouwd dat ik onwillekeurig bij de tekstregels 'Dag en nacht bewaking / als gekozen kamerlid / Een lijfwacht maakt z'n bril schoon en je delft 't onderspit / Da's gekkenwerk, puur gekkenwerk' uit het titelnummer; dacht: 'hé, toen ook al?' Om me vervolgens te realiseren dat ik toch echt naar een nieuwe plaat aan het luisteren was. Een nieuwe Het Goede Doel-plaat dus, met verse muziek. Zo hier en daar klinken er wat echo's door uit het verleden, de coupletten van "Naast Jou" lijken erg op die van "Gijzelaar" en "Emigreren" leunt wel heel sterk op "België". Verder zijn alle vertrouwde elementen aanwezig. De samenzang van Henk en Henk, wier stemmen opvallend goed geconserveerd zijn gebleven, er is weer een hoop miskende liefde, veel grote (inter)menselijke drama's en ook muzikaal wijken de heren niet ver van het vertrouwde pad. Slechts een enkele keer trappen de heren in de romantiek van de overoverovertreffende trap die de soloplaten van Westbroek soms niet te harden maakt. Al met al is het een geinige Het Goede Doel plaat, die perfect in het oeuvre past, maar geen uitschieter is of uitschieters bevat. Een klapper zullen ze er niet mee maken, maar dat hadden de heren zelf waarschijnlijk ook wel gerealiseerd en dus wordt het album gratis ter download aangeboden. Gekkenwerk is echter duidelijk beter dan het solowerk van de heren en dat is eigenlijk veel meer dan ik verwacht had na 19 jaar...
File Under: De som der delen...
The Dreamside - The 13th Chapter
Verjaardagen. Sommigen houden er helemaal niet van, anderen geven juist een uitbundig feest. Maar bij een feestje horen natuurlijk cadeaus. Meestal ontvang je als je jarige, al dan niet nuttige, presentjes. En als jarige job staat het ook netjes als jezelf wat te bieden hebt om je gasten (lees fans) te vermaken. En nu werd The Dreamside dertien eind vorig jaar, dus tijd voor een feestje om dat te vieren met haar fans. En om het dertienjarig bestaan luister bij te zetten hebben zij besloten om een album samen te stellen uit oude nummers, maar dan wel in een vernieuwd jasje of in een geheel nieuwe outfit. The 13th Chapter bevat namelijk zowel nieuw materiaal, herinterpretaties van klassieke tracks, remixes als een video (live clip van "Forsaken") en meer. De nummers zijn, uiteraard, nu meer in te delen in de hokjes van dance en trance, zoals dat al snel gebeurt met (dit soort) remixes, gelukkig zijn andere wat meer spacerig uitgevoerd of neigen richting triprock. Nu is zo'n remix best leuk op zijn tijd en ze zijn ook helemaal niet slecht of zo, maar een album er nagenoeg vol mee zetten, dat is niet zo aan mij besteed. Het is een leuk aardigheidje als het als bonuscd bij een regulier album zit, maar zo los als soort van best-of, nee, dat is m.i. minder geslaagd. Dus eigenlijk is het niet zo heel erg dat hun verjaardag bijna geruisloos langs mij heen is gegaan.
File Under: Snel maar door naar hoofdstuk veertien
File Audio: [ MySpace]
File Video: [Forsaken (live)]
Charles Manson - One Mind
Uit: A.F.Th. van der Heijden, Het Schervengericht, p. 111-112.
'Ik hoorde je gisteravond zingen en spelen, [...] maar publiek stoort je, merkte ik.'
'Ik was dingen aan het uitproberen. Ik wil niet dat de mensen mijn halffabrikaten in hun hart meenemen.'
'Ik kon wat ik hoorde niet in een bepaalde stroming plaatsen.'
'Stromingen...' zei Maddox vol minachting.
'Wat je deed, riep bij mij alleen associaties op met enkele eenlingen.'
'Zoals?'
'Van Morrison.'
'Van Morrison zingt altijd alsof hij een haar op zijn tong heeft. Waarom dan niet meteen gezongen met een uilenbal in de keel?'
'Scott, vertel eens... hoe heb jij gitaar leren spelen?'
'Op de tralies van mijn cel. Het kost wat moeite om ze goed ingedrukt te krijgen, je nagels springen erop stuk, maar het gaat steeds beter... dankzij de akoestiek van de bajes...'
'Laat maar.'
'Popmuziek,' spoog Maddox met diepe verachting. 'Als ik terugkijk op de jaren zestig, zie ik jonge doodgravers die een spade voor onze voeten in de grond staken, en de spleet wijder maakten net zo lang tot er een generatiekloof gaapte. Ze predikten het God Noch Gebod met vloek-, scheld- en schuttingwoorden. Ze brachten ons aan de drugs, en maakten ons zo ongeschikt voor een normaal, werkzaam bestaan. Diezelfde popjongens gebruiken hun progressieve muziekvorm tegenwoordig om er Jezus en de Blijde Boodschap mee aan de man te brengen. Als ik de kans krijg, koop ik hun roadies om, en vraag ze hier en daar een gitaar verkeerd in te pluggen... dat is schoner dan de kogel.'
File Under: Gevaarlijke gekken, ongevaarlijke muziek
File Audio: Download de hele plaat
Groover - Pipabadamalajesa
Ik neem twee blonde zangeressen, een bassist, een toetsenist, een drummer, een trombonist en een trompettist. Ik doe ze in den blender. Ik doet er wat bier bij. Veel bier. Ach wat, nog meer bier! Shit, waar is de goedkope vruchtenwijn? Die had er eerst in gemoeten. Oh daar, hop twee pakken erin. Ik doe er wat kruiderijen bij. En wat rokerij. Voor de sier en de extra bubbels nog maar een fles Spa. Zo, nu neem ik een stapel ska-platen. Klassieke ska-platen. Zo, nu neem ik een kleinere stapel reggae-platen. Nu neem ik een nog iets kleinere stapel rock-platen. Even schudden hoor. Ik stop de stekker in het stopcontact. Ik druk de toerenknop half in. Kijk, kijk, mooie kleurtjes! Ik laat de knop weer los en schenkt een aantal glazen vol. Goed vol. Hé, dat glas lijkt te zingen. Lekker loom zeg. Ik druk nogmaals op de startknop. Nu een beetje harder. Zo, het wordt al wat egaler. Ik schenk weer een aantal glazen in. Hmm, ruikt goed. Zal ik al beginnen met drinken? Ik bedwing me. Er zitten nog harde brokken in de blender en ik houd er niet van voedsel te verkwisten. Ik gooi er nog wat extra wijn bij. Twee pakken. Oh ja rum! Natuurlijk. Hopsa! Nu ga ik los! Ik druk de knop vol in. Gaaaaaaas! Kijk die klonten eens oplossen in het niets! Ik schenk de blender tot de laatste drup leeg in de glazen. En dan drink ik ze, veel te gulzig natuurlijk, een voor een leeg. Ik laat een boer en zeg sorry. Maar niemand luistert, want er is niemand. Gelijk volgt er nog een boer. Een verschrikkelijke harde boer. Wat een feest.
File Under: Leve de blenders.
File Audio: [Eigen Speler][ MySpace]
Panther - 14 kt God
Nieuwe ontwikkelingen worden niet altijd door iedereen met open armen ontvangen. De behoudende burgers houden niet van veranderingen, ongeacht de eventuele positieve gevolgen. Elke verandering is slecht. Zo waren ook de eerste reacties op de rock 'n roll muziek eind jaren vijftig. Het opzwepende ritme was wat de ene helft van de bevolking aantrok en de andere helft afstootte. Dit was muziek van de duivel. De beelden van de heupwiegende Elvis versterkten deze reacties alleen maar. Ritme is onmiskenbaar uiterst belangrijk voor rock- en popmuziek. Het strakke ritme is ook het eerste wat opvalt als je de muziek van Panther hoort. "Puerto Rican Jukebox" is het fraaie openingsnummer van het album 14 kt God en dit nummer zet duidelijk de toon voor de rest van de cd. Panther begon enkele jaren geleden als het soloproject van Charles Salas-Humara, maar het is drummer Joe Kelly (ook bekend van 31 Knots) die een heel belangrijke stempel op de muziek drukt. Hij zorgt voor zeer afwisselende ritmes zoals jazz, latin, rock, Afrikaans. Niet dat de zang van Charlie van minder belang is, daarvoor hoef je alleen maar te luisteren naar songs als "Violence, Diamonds", "On the Lam" en "These Two Trees". Opvallend zijn ook de songs waarbij de cello en de viool de plaats van de gitaar naast de drums en zang innemen: "Take Yr Cane", "Total Sexy Church" en de titelsong. 14 kt God is geen album dat je direct bij de kloten pakt, maar deze cd verdient in ieder geval dat je er een paar maal goed naar luistert.
File Under: What You Hear
File Audio: [PantherSpace][Puerto Rican Jukebox]
A Silver Mt. Zion - 13 Blues for Thirteen Moons
Het Canadese collectief Thee Silver Mt Zion Memorial Orchestra & Tra-La-La Band, beter bekend als A Silver Mt. Zion, is met het nieuwe album 13 Blues For Thirteen Moons een andere richting ingeslagen. Tijdens de tour die volgde op het vorige album Horses In The Sky speelden ze namelijk al de vers geschreven, nog niet uitgebrachte liedjes. Ieder concert konden ze zo nog wat kleine aanpassingen maken, in plaats van zoals bij het vorige album kort voordat ze de studio in gingen de nummers te schrijven. Het resultaat mag er zijn. De vier nummers, die toepasselijk pas beginnen als het getal dertien op de display van je cd-speler staat, klinken onder leiding van het schelle stemgeluid van Efrim Menuck gevarieerder. Na twaalf korte geluidsfragmenten klinkt A Silver Mt. Zion in "1,000,000 died to make this sound" aangrijpender dan ooit tevoren. Hoewel de nummers eerder op het podium ingetogener klonken blijken de studioversies een stuk overweldigender. Zonder problemen stort ik me dan ook in het overrompelende geluid van de nummers die de tien-minuten-grens op verschillende momenten passeren terwijl ik als luisteraar de tijd al lang vergeten ben.
File Under: Prachtig
File Audio: [Black Waters Blowed (edit)][ MySpace]
R.E.M. - Accelerate
Zelfs vier euro in de uitverkoop vond ik het laatste studio-album Around The Sun (2004) niet waard. Dit ondanks dat de rest van hun albums in mijn platenkast staat. De voorganger Reveal (2001) heb ik uiteindelijk nog wel voor weinig gekocht, maar draaien doe ik hem nooit meer. Waar het mis ging? De een zegt dat dit was toen drummer Bill Berry uit de band stapte, de ander heeft het over het moment dat R.E.M. een grote platendeal met Warner Bros. afsloot. Maar het maakt allemaal niet uit, R.E.M. verkoopt. Ook hun nieuwe album Accelerate staat inmiddels in diverse landen op nummer één in de verkooplijsten. Mocht je hopen dat dit album aansluit op hun commercieel meest succesvolle werk Out of Time en Automatic For The People, dan kom je bedrogen uit. Het drietal Stipe, Buck en Mills heeft het kort gehouden met een cd-duur van een klein half uur waarin ze tien liedjes proppen. De elektronica lijkt verbannen, de nummers worden niet eindeloos opgerekt en er staat een band te spelen alsof we weer in de jaren tachtig leven. In die jaren groeiden ze gestaag uit tot wereldband en leverden ze geweldige albums af waarmee ze in de alternatieve lijstjes hoge ogen gooiden. Accelerate heeft het allemaal. Mocht je als fan van het eerste uur dus afgehaakt zijn dan zou ik dit album toch zeker beluisteren. Als je later aangehaakt bent dan heb je het ding vast al in huis gezien de verkoopcijfers. Mocht het je bevallen dan ga ook eens op zoek naar die eerste albums. Want na geweldige albums dit jaar van oudgedienden als Mark Lanegan/Gregg Dulli en Nick Cave en zijn Bad Seeds slaan ook de "oudjes" van R.E.M. toe. En dan te bedenken dat we pas in april leven.
File Under: Dit album had na Green uit 1988 moeten verschijnen.
File Audio: [ MySpace]
File Video: [Supernatural Superserious]
Frightened Rabbit - The Midnight Organ Fight
Natuurlijk zie je wel vaker dat albums van een band elkaar snel opvolgen. Helemaal als een band eerst een ooit in eigen beheer uitgebrachte cd alsnog via een platenmaatschappij uitbrengt wil dat nog wel eens gebeuren. Maar de indie-knakkers van Frightened Rabbit maken het wel heel erg bont. De inkt van de recensie van hun debuutplaat Sing The Greys is nog maar net opgedroogd en opvolger The Midnight Organ Fight ligt al naast dat debuut in de schappen. Op zich is het al niet zo raar als je weet dat Sing The Greys al uit 2006 stamt, maar als je The Midnight Organ Fight gehoord hebt en zijn voorganger kent, dan snap je het helemaal. Het songmateriaal verschilt niet als dag en nacht - al het goede waarvan jnnk hoopte dat het bleef is er nog steeds-, maar ze hebben in die twee jaar tijd wel een enorme progressie doorgemaakt. Gebleven is natuurlijk de klagende, bijna Adam Duritz-achtige stem van Scott Hutchison. Nu ik er zo over nadenk klaagt Duritz en klinkt Hutchison getergd. Gelukkig lijkt de band verder in niets op die zeurkousen. Daarvoor is Frightened Rabbit met dank aan het drumwerk van broer Grant Hutchson ook veel te bonkig. Te Schots ook. En als een rauwe folky variant op, verdomme wat wilde ik ook al weer zeggen, ik ben het kwijt. Oh ja, Dismemberment Plan, dat wilde ik noemen, maar dan wel folky hè! Of als hun labelgenoten The Twilight Sad, maar dan met folky shit in plaats van post-rock-gedoe. Of Eels voor rauwdouwers. Poeh, zoiets dus. Door het gedreven drumspel van Grant krijgt The Midnight Organ Fight van tijd tot tijd zelfs wat grappigs. Al bedoelt Scott zinnen als 'Jesus is just a Spanish boy's name, How come one man got so much fame?' zoals hij in het door Edge-achtig gitaarwerk voortgestuwde "Heads Roll Off" zingt vast en zeker serieus. Of cynisch zo je wilt. Fijne intense plaat.
File Under: Schotse konijnen, lekker!
File Audio: [ MySpace][The Modern Leper]
File Video: [Heads Roll Off]
The Kooks - Konk
Een buurjongen van me had het vorig jaar ergens in juni mooi bekeken. "Tabee he, tot over zes weken!" riep hij me joviaal nog na, en hop, hij was vertrokken. Met gitaar en al, backpackend met wat vrienden op vakantie door Zuid-Europa, zonder bestemming of veel geld op zak, terwijl ze muziek maakten voor de kost. Een droomvakantie leek het me. Ik stel me voor dat ook een groot deel van de nieuwe cd Konk van The Kooks (en ook op de bonus-cd Rak) zo ontstaan is. Ergens op een zomeravond op een zinderend terras. De onbezorgde spontaniteit spat namelijk van de liedjes. Het is me een raadsel waarom de hoes van Konk zo donker is, want nog meer dan op het debuut Inside in, inside out klinken The Kooks dichterbij en luchtiger. Overal zitten van die schijnbaar achteloze, uitgekookte tussenwerpseltjes in de liedjes (you know I love ya!) Maar waar "Naive" en "She moves in her own way" van het eerste album duidelijke hits waren met zelfs wat eeuwigheidswaarde, heeft de nieuwe plaat vooral een duizelingwekkend hoge gezelligheidsfactor. Was je al fan, dan word je het van Konk nog meer, want "Shine on" of "Love it all" zing je zo mee en dat geldt voor zowat het hele album. Vrolijkheid troef. Dat de songs wat inwisselbaar zijn, is hier een compliment. Kun je deze band eigenlijk wel vervelend gaan vinden? Konk is niet alleen de plaat die een groep als Racoon wat mij betreft had moeten maken, het is ook een inlossing van allerlei beloften en superlatieven die de afgelopen tijd over heulveul andere Britse bandjes zijn gemaakt. The Kooks brengen het ultieme London Calling-gevoel wél over naar de grote festivals. Wie volgt? Oke, wat er aan Luke Pritchard en zijn makkers ontbreekt is een rocksound, venijn en een boodschap, maar dat moet allemaal ook vooral zo blijven. Wat de band namelijk wel heeft zijn een schijnbaar onbegrensde flair, die typisch Engelse droge lamaarwaaie-mentaliteit, ontwapenend spelplezier en simpelweg hele slimme liedjes waar je onmiddellijk zin van krijgt om met vakantie te gaan. Met gitaar.
Zo, dat zijn me nogal wat enthousiasmerende woorden. Maar ze kloppen wel, hoor. Wat ook klopt is dat er een stapel Konks weg gaven in een prijsvraag. Daarvoor ben je nu te laat he..
File: The Kooks - KonkFile Under: En het gaat natuurlijk enorm verkopen omdat het ook prima achtergrondmuzak is, maar dat is bijzaak. Echt.
File Audio: [Always Where I Need To Be][Down To The Market][ MySpace]
File Video: [Always Where I Need To Be][en meer]
Dead Child / Viron
Dead Child is eenvoudig samen te vatten: het betere houthakkerswerk. De gitaren hebben vrijwel continu dezelfde klank - rauw en op het randje van overstuurd -, de zanger spuugt zijn worden uit als ware hij een woordenmitrailleur, de songs gaan tien songs lang van rakketakkerakketakketak- rakketakkerakketakketak -rakketakkerakketakketak en een keer instrumentaal van plingplingpling en toch was het elf songs lang een lekker plaatje. Het is er een uit de Amerikaanse school van New Wave Of Britisch Heavy Metal-navolgers: (vooral midtempo) beuken zonder poeha, liever inzet dan subtiliteit en songs die aan alle voorschriften voldoen - maar ook allemaal al driehonderd keer zo gedaan zijn. Alleen de trage beuker "The Coldest Hands" onttrekt zich daar wat aan. En toch: precies de goede productie, de goede instrumentatie en alle elementen die traditionele metal zo lekker maken. Dead Child zal ook met een subtielere naam geen enorme doorbraak beleven, maar ik vermaakte me er beter mee dan ik in eerste instantie verwachtte.
Bij Viron is bijna het tegendeel het geval. Niet dat hun metal nou zo enorm inventief is, maar er is meer afwisseling te horen dan bij Dead Child. En toch, waar Dead Child gewoon een cd lang leuk bleef, had ik het halverwege wel gezien met deze cd. Tot drie keer toe halverwege, want ik beluister recensie-cd's vrijwel altijd minstens drie keer. Alexx Stahl is een prima zanger, zoals te horen is in de ballad "War". Jammer genoeg blijft hij op het grootste deel van deze cd hangen in uithalen die een sirene waardig zouden zijn. Zo'n toeterding dan hè, niet zo'n juffrouw. Ook muzikaal hebben deze Duitsers meer in hun mars dan op dit album te horen is. In de track "The Isle Of Man" over het gelijknamige motorsportparadijsje zit bijvoorbeeld een versnelling die anders dan anders is. Maar uiteindelijk is de overmaat aan blind gehak dodelijk voor deze cd. Jammer.
File Under: Hoe voorspelbaar reuze lekker kan zijn
File Audio: [ChildSpace]
File: Viron - Ferrum Gravis
File Under: Hoe voorspelbaar reuze voorspelbaar kan zijn
File Audio: [Viron]
Jean Parlette - Much Younger
Het is opvallend dat Jean Parlette's debuutalbum in eigen beheer uitkomt. De buzz rond de Friezen was toch al een tijdje zoemende. Jammer dat geen enkel label zijn expertise en kwaliteitsstempel hiervoor in wilde zetten. Of zou het een bewuste keuze van groep zijn? Hoe dan ook, er zijn bijzonder weinig bands in Nederland die zich met folktronica-acts als Tunng of The Postal Service laten vergelijken. Much Younger is een goedgehumeurde plaat met een kraakheldere (pun intended) productie. De basis vormt de akoestische gitaar, waaronder beats knisperen. Er wordt (ha fijn) veel gefloten, de teksten zijn gortdroog ('You think I'm just too small for you, but I'm just far away') en de prominent aanwezige vocale melodieën zijn instant-meezingbaar. Misschien wel iets té, want zeker in 't begin van het album heb ik 't gevoel van het ene in 't andere grappige ideetje te rollen. Ik verlang naar wat gelaagdheid of melancholie. De gehumde meerstemmige melodie in 't intro van "Understand", is de eerste die me echt raakt: Baueresk. De paar liedjes waarin toetsen de gitaar aanvullen lijken ook wat dieper te gaan. "Out of Time", bijvoorbeeld: 'You said it was a new game, but I've lost a thousand times'. De gitaar plinkt op zijn Four Tets en de celliste strijkt duistere, lang aangehouden, tonen. De folktronica-naam die alle voornoemde in de schaduw stelt is natuurlijk het half-Nederlandse The Books. Ook Jean Parlette heeft wel 'ns een album van dit duo gedraaid, zo is te merken in "Hello, Goodbye", waar in 't intro iemand vertwijfeld 'Hello?' zegt. Ik had graag nog meer van zulke snippers gesproken woord gehoord. Aan de andere kant, The Books bestaan al en Jean Parlette is een te koesteren aanvulling op 't palet van Nederland als muziekland.
File Under: Bijzondere vrolijkheid
File Audio: [Parlette-Space]
Anti Atlas - Between Two / Between Voices
Vorig jaar bracht Anti Atlas twee cd-tjes uit. Between Two en Between Voices. Deze twee worden nu opnieuw in één verpakking uitgebracht. Op de eerstgenoemde waren alle tracks volkomen instrumentaal, op de tweede zijn ze voorzien van zang. Dat laatste is gezien de titel natuurlijk niet helemaal onlogisch, net zo min als dat de eerste voornamelijk een een-tweetje is tussen de twee hoofdaannemers van Anti Atlas, Ned Bigham en Chris Hufford. Al krijgen ze in twee nummers nog wel hulp van John Robertson op gitaar en ebow. Als bij het lezen van de naam Hufford er overigens een belletje bij je gaat rinkelen, dan kan dat kloppen. Hij is namelijk al jarenlang als manager verbonden aan Radiohead. De invloed van die band op het totaalgeluid is overigens nihil. Anti Atlas zoekt het veel meer in de ambient/triphop/minimalhoek, met hele dikke lagen synthesizer waartussen het tweetal vele paaseieren verstopt heeft. In het instrumentale deel komt dat wel minder goed uit de verf dan in het gezongen deel. De stemmen zijn hier echt een meer dan welkome aanvulling. Bigham en Hufford hebben hun zangers overal vandaan haalden. Zo brengen ze in "Wait For Me" de Duitse Trinah samen met de IJslandse zanger Kalli. Alle zangers zijn redelijk onbekend. Misschien ken je Yuki, de zangeres van Asobi Seksu of Gemma Hayes die wel eens wat samen met Counting Crows deed. Het resultaat van het verzamelen van al deze stemmen van over de wereld is niet schokkend, maar het moment dat de Noorse Kristin Fjellseth in het Noors begint te zingen ben ik elke keer weer verkocht.
File Under: De cd met stemmen krijgt de meeste stemmen.
File Audio: [ MySpace]
Simon Says - Tardigrade
'Sodeknetter!', was mijn eerste reactie, toen Tardigrade van Simon Says zijn eerste volledige ronde in mijn cd-speler gemaakt had. Zo prog had ik het in tijden al niet meer gegeten en toen ik mij laafde aan Tardigrade merkte ik meteen dat ik er erg aan toe was. Zoveel echt bijzondere dingen zijn er op proggebied de laatste tijd niet verschenen, de laatste Oceansize niet mee gerekend, maar die maken je waarschijnlijk dood als je ze prog noemt. Ok, de nieuwe The Tangent is ook beslist alleraardigst, maar hinkt teveel op twee gedachten. En dat doet Simon Says beslist niet. Moddervette neoprog krijgen we voorgeschoteld van een gehalte waar IQ en Pendragon en, aangezien het Zweden zijn, The Flower Kings, nog een puntje aan kunnen zuigen. Meer synthpartijen en meer gitaarsolo's passen er echt niet op een schijfje. Er valt niet aan te ontkomen zeg maar. 'Wollt ihr das totalen Prog?' Nou, roep Simon Says er maar bij. Maar om terug te komen op de eerder genoemde voorbeelden, Simon Says volgt ze tot in de puntjes, want wat wordt er bij vlagen hemeltergend beroerd gezongen door Daniel Feldt, de zanger van dienst. Ik kan daar met de kop niet bij, er moet toch iemand in de productieruimte geweest zijn die dat gehoord heeft? Anyway, het doet afbreuk aan een plaat die anders met glans voor de top van mijn jaarlijstje had kunnen gaan. Nu is Tardigrade een puike progplaat die het wint op het instrumentale gedeelte. Want, man man man, wat heerlijk over de top...
File Under: "Wollt ihr das totalen Prog?"
File Audio:[ MySpace]
Ill Niño - Enigma
De uit New Jersey afkomstige Amerikaanse band Ill Niño, en dus niet te verwarren met de niet meer bestaande Nederlandse band Ill Nino (later nog tot Still Nino omgedoopt), laat op Enigma een lekker stevig potje nu-metal horen met een dikke laag Latinsaus erover heen. Dat laatste komt met name naar voren door de gebruikte percussie, hun ritmesectie en uiteraard het zingen van diverse nummers in het Spaans. Maar dat ze ook andere culturen en muzikale invloeden niet schuwen blijkt uit het nummer "Finger Painting (With The Enemy)" met een typisch Arabisch intro. De muziek klinkt behoorlijk vet daar waar ze er aangenaam rauw en agressief tegenaan gaan. Enkele rustpuntjes zijn eveneens aanwezig, zoals de Spaanstalige ballade "Me Gusta La Soledad". Enigma laat hun visie horen over de hedendaagse globale situatie. Zo zijn er diverse songteksten over de verloedering van onze planeet en het beleid dat tot de huidige situatie in de wereld heeft geleid. Het album klinkt wat netter, vetter en meer af dan de voorganger. En eigenlijk kan ik maar weinig negatiefs melden, of het moet zijn dat ze soms wel als typische nu-metal band uit de hoek komen, maar gelukkig geven ze daar in de meeste nummers weer snel hun eigen draai aan.
File Under: Latin groove uit Nu-Jersey
File Audio: [ MySpace]
File Video: [The Alibi of Tyrants]
The Kills - Midnight Boom
Nu ik mijn stukje uit februari 2005 over No Wow van The Kills teruglees moet ik concluderen dat ik te aardig was over hun tweede album. De tijd heeft mij geleerd dat ik het debuut Keep On Your Mean Side veel vaker draai. De nummers zijn simpelweg sterker en de opvolger was (te) weinig verrassend. Ik had dan ook niet al te hoge verwachtingen van hun nieuwe (en derde) album Midnight Boom. Dat deze drie jaar op zich heeft laten wachten had voor mij een teken aan de wand moeten zijn, want Alison Mosshart en Jamie Hince hebben de tijd genomen om niet in een neerwaartse spiraal terecht te komen. The Kills klinken nog steeds als de gitaarband The Kills, maar ze hebben tijd besteed aan de ritmes. Volgens het promo-verhaaltje bij de cd werd er een hiphop-drumsequencer aangeschaft en kwam er later de behoefte om er hulp bij te halen in de persoon van de Alex (Armani XXXchange), lid van de begeleidingsband en producer van werk van de undergound hiphopper Spank Rock. Het resultaat staat -wat mijn persoonlijke voorkeur- gelukkig ver van hiphop af, maar het geheel klinkt een stuk opener dan de voorgangers. De liedjes swingen zowaar. Muzikaal lijken ze opgeschoven van The Velvet Underground naar die van andere New Yorkse acts Blondie, Patti Smith, Talking Heads en Sonic Youth. Midnight Boom is een opzwepend album geworden met songs als "U.R.A Fever" en "Tape Song" die zich al in mijn hoofd genesteld hebben, maar waar het ook rustig bijkomen is op het afsluitende "Goodnight Bad Morning". In dit nummer is er zowaar een belangrijke plaats voor een piano die in een niet al te ingewikkeld, maar geslaagd arrangement ingezet wordt. Ik ben weer helemaal pro-The Kills, en kijk stiekem al uit naar de vierde voor meer moois. Als die dan maar niet tegenvalt.
File Under: Weinig verwachten, veel krijgen.
File Audio: [MySpace]
File Video: [Cheap and Cheerful]
Keith Caputo - A Fondness For Hometown Scars
Ik heb een raar soort van verhouding met Keith Caputo. Zijn werk met Life Of Agony is absoluut fantastisch en ook zijn eerste, bijna tien jaar oude solo-cd Died Laughing, waarop hij een heel andere weg insloeg, vond ik er een van pure schoonheid. In beide gevallen liet de kleine man zijn immense gevoelige strot schitteren in ijzersterke songs. Het akoestische tussendoortje Died Laughing Pure vond ik te gemakkelijk en Perfect Little Monsters domweg niet goed. Ik was dan ook een beetje huiverig om aan zijn nieuwe cd A Fondness For Hometown Scars te beginnen. Mijn vermoeden was dat deze best wel eens tegen zou kunnen vallen. Ik en mijn vooringenomenheid, tsk. Deze cd komt kwalitatief namelijk redelijk in de buurt van Caputo's eerste. Wat bijzonder is aan A Fondness is dat de basis ervan in Nederland ligt. Caputo zit op een Nederlands label en zijn band bestaat ook uit drie Nederlanders. Fondness opent sterk met "Crawling" waarvoor Caputo voor het geluid leentjebuur gespeeld heeft bij Pink Floyd anno Wish You Were Here. Het gros van de nummers van Fondness is ingetogen, maar het flink uithalen is Caputo niet verleerd natuurlijk. In het grungy "Troubles Down" bijvoorbeeld balt hij zijn vuist nog eens stevig. Ik vind het, samen met het wel heel zoete "Silver Candy", het minste nummer van A Fondness. Doe mij maar het direct daarop volgende bezwerende "Nothing To Lose", een nummer waarin Caputo zichzelf de kans biedt om alles uit zijn stem te halen wat erin zit.
File Under: Grote kleine man
File Audio: [ MySpace]
Boys Noize - Suck my Deck / Oi Oi Oi Remixed
Als er één trend is waar momenteel volgens mij structureel en onterecht te weinig over geschreven wordt in het Nederlandse muzieklandschap, is het de new daft Ed Banger-dancesound wel. Verzin er zelf maar een term voor, maar zo ver zit het niet eens van de 'new rave' en de jaren negentig-revival vandaan. Er is echt een reden dat de X-Ray-tent op Lowlands vorig jaar compleet uit zijn voegen barstte. Zie ook de line-up van festivals als Polsslag en 5 Days Off, en met sterke debuutalbums van o.a. Hadouken! op komst (ook op Lowlands dit jaar) komt er voorlopig gelukkig nog lang geen eind aan. Een leuke staalkaart van allerlei acts vind je op de remix-cd en de al even nieuwe Suck My Deck-mix van Alexander Ridha alias Boys Noize, over wiens debuutplaat ik vorig jaar lyrisch was. Hoe meer distorted de bass, hoe lekkerder het effect wat mij betreft. Prominent op de tracklist van de mix staan Justice en Thomas Bangalter. De set wordt doormidden gezaagd met Laurie Anderson, maar dan hebben we het verrassendste stuk al achter de rug met een remix van Siriusmo (wiens fijne nieuwe EP Diskoding trouwens net uit is). Er staan trouwens nog veel meer Duitse dafts op, onder meer van zijn eigen platenlabel, zoals D.I.M, Puzique, Modeselektor en Apparat. Engels nieuw talent is aanwezig met Shadow Dancer en uiteraard ontbreken ook Fransen als Das Glow, Jackson, Uffie's beatmaker Feadz, Surkins nieuwe single en een oudje van SebastiAn niet. Denk er nog wat classics van Outlander (mashupje?) en Reel 2 Real bij en je hebt een beeld. Een van de betere mix-cd's dit jaar.
Dan Oi Oi Oi Remixed, de net verschenen remix-editie van Oi Oi Oi. Het origineel was al een absolute beuker op de dansvloer - wat wil je met zo'n bandnaam - en op deze opvolger met geïnverteerde hoes doen negen artiesten (waarvan ik de meeste hierboven al genoemd heb) weinig moeite om van het genre af te wijken. Wel maken ze er totaal andere nummers van. Feadz en Apparat dromen fijn weg, A-Trak trekt zijn doos filters tevoorschijn en Para One laat zich van zijn meest onsubtiele kant zien. Ik mag het allemaal wel. Er zitten geen remixen tussen die het origineel echt noemenswaardig verbeteren, maar hetzelfde hoge niveau wordt toch vaak gehaald. Vond je Oi Oi Oi zelf leuk (jaaahh!), dan word je van de remixes net zo blij.
File Under: Fantastische ranzige houthakkerselectro, nu in de mix
File Audio: [Promodingetje] [Justice - Phantom pt II (de superieure Boys Noize Kodomo remix)] [(maar deze staat op de cd)]
File: Boys Noize - Oi Oi Oi Remixed
File Under: Meer van hetzelfde goeie
The Breeders
Vele, vele jaren geleden wilde ik zelf wel eens eventjes een trui gaan breien. Na een enthousiast begin besloot ik halverwege de eerste mouw dat een blokfluithoes eigenlijk ook best handig was. Breien was duidelijk niet mijn ding, maar ik was dan ook niet de zus van de meest begeerde indiechick van de jaren negentig. En dat is Kelley Deal dus wel: de tweelingzus van Kim Deal, vooral bekend als bassiste van de Pixies. Kelley zit al bijna twintig jaar bij de Breeders van zus Kim, maar heeft daarnaast een heuse breicarriëre. Al jaren verkoopt ze zelfgemaakte handtassen via haar website en dit najaar verschijnt zelfs haar boek Bags That Rock: Knitting on the Road.
Zonder breinaalden, maar wel met een nieuw album in de pocket sprak ik Kelley op 1 februari tijdens een marathonsessie in Amsterdam. In tien minuten spraken we over 20 jaar Breeders, het nieuwe album en... vreemde talen.
Lees verder..Blue Flamingo - 78 r.p.m.
De ondertitel van deze zeer verrassende Excelsior-release luidt ' Blues, R&B Hot Jazz, Rumba Negra & Exotica. Three musical journeys compiled by 78 r.p.m. record collector & DJ Ziya Ertekin alias Blue Flamingo'. De drie muzikale reizen die samensteller Ziya Ertekin maakt heten 'Oriental Nitty Gritty', 'The Spanish Tinge & the French Connection' en 'Ritmo & Blues'. Ze voeren naar oorden die voor de hedendaagse muziekluisteraar, hoe avontuurlijk ook ingesteld, niet bepaald voor de hand liggen. Jazz, swing en rhythm & blues van vele tientallen jaren her, toen de brillen nog van hoorn waren, de kleren bruin, de kapsels kort en opgeschoren en Liverpool alleen nog maar een havenstad was. Muziek werd opgenomen op 78-toeren platen en stemmen klonken hoger en een beetje afgeknepen. Om de samensteller te citeren: 'In een wereld die steeds meer gericht is op gemak, gaat het bij het verzamelen van 78-toeren platen juist om de mateloze bereidheid om moeite te doen voor een bijzondere ervaring.' Verrassend genoeg hoef je voor het beluisteren niet veel moeite te doen: de mixen lopen zeer natuurlijk in elkaar over en de liedjes klinken weliswaar gedateerd, maar dat geldt voornamelijk het geluid (en toch weinig gespetter van het schellak!). De beelden, uit stomme films, uiteraard, komen vanzelf boven en je voet begint automatisch mee te tikken. Als je je overgeeft aan Duke Ellington, Fats Waller, Jelly Roll Morton, Sidney Bechet (het stijlvolle, bluesy "Casbha") en alle andere, maar dan voor mij volkomen onbekende namen (Big Maybelle's protorocker 'That's a Pretty Good Love" is een hoogtepunt), heb je iets bijzonders gedaan: een vierde reis gemaakt, naar de wondere wereld van 78-toeren platen.
(Overigens hebben zelfs The Beatles 78-toeren platen gemaakt.)
File Under: Voor avonturiers en reislustigen
File Video: Live in Cinerama
WHY? - Alopecia
Het schijnt wel een van de ergste dingen te zijn die je als man kunnen overkomen: kaal worden. Ik herinner me de flinke bos krullen van Yoni Wolf en kan me niet voorstellen dat hij als kale man door het leven zou moeten, maar waarom noem je je plaat anders naar de aandoening waarbij je vrij plotseling gedeeltelijk kaal wordt? Misschien omdat deze plaat, in tegenstelling tot de briljante voorganger, Elephant Eye Lash (ook iets met haar...) een stuk minder optimistisch klinkt. Wolf schreef cynische teksten ("I sleep on my back cause it's good for the spine and coffin rehearsal" en "I'm suckin dick for drink tickets at the free bar at my cousin's bot mitzvah cutting the punchline that ain't no joke", met andere woorden: veel dood en veel seks) die harder aankomen dan op de vorige plaat. Neemt niet weg dat misschien daardoor, maar zeker ook door de geweldige instrumentatie Alopecia ook harder aankomt dan de vorige plaat en daarom misschien nog wel beter is dan het verrassende Elephant Eye Lash. De broertjes Wolf en Doug McDiarmid, verantwoordelijk voor veel van de instrumenten, laten op Alopecia horen hoe de, misschien wel door hen uitgevonden wonderlijke combinatie van hiphop en indie begeleid door de nasale stem van Yoni (die nog steeds niet kan zingen en dat is maar goed ook) bedoeld is en hoe deze combinatie moet klinken. Op deze plaat is de band bovendien nog uitgebreid met Fog's Andrew Broder en bassist Mark Erickson, wat de band nog meer mogelijkheden geeft, die volledig benut worden. Van stevige indierock in "The Hollows" via lome beats in "Gnashville" tot het uitvloeisel van hiphop in "The Fall of Mr. Fifths". Why? kenmerkt het platenlabel Anticon en Alopecia is daar het uitzonderlijk sterke bewijs van.
File Under: Nog steeds wonderwel werkend, die indiehiphop van WHY?
File Audio: [ MySpace]
File Video: [Er is van alles te zien via Anticons YouTube-kanaal]
Gossip - Live in Liverpool
Gossip's Beth Ditto is zonder twijfel een van de meest markante verschijningen uit de muziekscène van de afgelopen jaren. Op het studioalbum Standing In The Way Of Control komt deze tante niet bijzonder goed uit de verf, maar eenmaal op het podium breekt al snel de pleuris uit. Een immense strot in een ehm... immens lichaam. Leg de rauwe liveversie van het overbekende titelnummer zoals het staat op Live In Liverpool naast de studioversie van Standing In The Way Of Control en trek zelf uw conclusies. De mijne was: de liveversie wint het op alle vlakken. Helemaal als je als toetje ook nog eens de beelden erbij krijgt. Want dat is het mooie aan deze live-cd: hij komt vergezeld van een dvd waarop Ditto gekleed gaat in een bijzonder strak goudgekleurd glitterpak en in eerste instantie ook nog een zilverkleurige pruik. Eh? Inderdaad! Live In Liverpool was in eerste instantie alleen maar als hebbeding dat te koop was bij de Australische tournee van de band, maar toen ze daar als zoete broodjes over de toonbank gingen is besloten om 'em alsnog wereldwijd uit te brengen. Een verstandige zet. Live speelt de band twee bijzondere, niet voor de hand liggende covers: George Michael's "Careless Whisper" dat van een gladde ballade omgeturnd wordt in een uptempo smeltpot en "Are You That Somebody" van de vroeg om het leven gekomen Aaliyah aan wie ze het nummer opdraagt. Opmerkelijk, want de R&B van Aaliyah ligt een eind verwijderd van de Riot Grrl-scene die Gossip als vertrekpunt heeft. Het is wel bijzonder dat Ditto zich beide nummers zo gemakkelijk eigen maakt. Alhoewel, bijzonder, dat is ze al vele jaren.
File Under: Gossip is een liveband.
File Audio: [ MySpace]
Jeff Healey - Mess Of Blues
Ik zat in mijn uppie op de bank. Tranen in mijn ogen. Luisterend naar See The Light. Jeff Healey was dood. Wat waren wij rond 1988 fan en wat hadden wij het album veel gedraaid. Ik kon het album dromen, nu nog trouwens. Het optreden op Pinkpop heugt me ook nog als de dag van gisteren. Ik zie nog voor me hoe hij, blind als hij was, zijn gitaar op bijzondere wijze beroerde en mij overtuigde van zijn kunnen. Na zijn debuut werden de albums echter teveel een herhaling van zetten en na een optreden op Huntenpop, vele jaren later, was mijn interesse weg. Healey had het ook gehad met de blues en dook de jazz-hoek in: als muzikant, maar ook als dj. Het bloed stroomde echter waar het niet gaan kon en hij wilde weer met de blues de wereld over. Hij stond o.a. als headliner geboekt op het Moulin Blues Festival. Helaas kwam Magere Hein op 2 maart jl. voorbij en nam de pas 41-jarige Healey mee. Eind vorig jaar nam hij nog Mess Of Blues op. Een album met tien bluestracks waarvan hij er vier met publiek opnam. Het album verschijnt postuum en laat Healey horen in vertolkingen van bekende songs van artiesten als B.B. King (het prachtige "How Blue Can You Get"), Neil Young ("Like A Hurricane", de titel doet hij eer aan), The Band ("The Weight") en Big Joe Turner ("Sitting On Top Of The World", inderdaad). De keuze voor dit werk ligt wel wat voor de hand, maar Healey speelt overtuigend. Hij zet de meeste nummers naar zijn hand en zijn begeleidingsband -let op pianist Dave Murphy- mag er zijn. Healey laat een vrouw, twee kinderen en tien volledige albums en een soundtrack na. En terwijl ik dit tik heb ik de tranen weer in mijn ogen staan. Eigenlijk wil ik vloeken.
File Under: Definitief uitgebluest
File Audio: [Niet dus, zelfs de makers van zijn website waren kennelijk overdonderd]
File Video: [Sitting On Top Of The World]
Motel Mozaique 2008 - Zaterdag Napret
Het is en blijft altijd onzeker welke van de gratis (waarvoor hulde) sessies van 3voor12 op de middag wel of niet doorgaan. In het schema op de deur van de expositieruimte TENT zie ik tot mijn grote schrik een ferme streep door de naam Efterklang staan. Gecanceld. Dat betekent toch niet dat de Denen vanavond ook niet zullen komen opdagen? Gelukkig weet iemand van het festivalpersoneel mij te vertellen dat ik me geen zorgen hoef te maken. Tijd voor een bak koffie. Voor de schrik. Het meisje achter de koffiebalie staat erbij alsof ze zelf meer aan de drie bekertjes die ze inschenkt toe is dan wij. "Om drie uur ben ik wel wakker hoor," hoopt ze. Jamie Lidell - of moet ik Jim zeggen? - laat op het voor een muzikant onmogelijke tijdstip van 13:00 uur nog even op zich wachten. Maar dan heb je ook wat.
Ik kan mezelf goed vinden in de woorden van File Under collega Spookrijder: 'Van 's mans electronische liedjes ben ik nooit zo weggeweest, maar zijn sterk door Motown geïnspireerde songs zijn prima. Gelukkig speelt Jamie dan ook het gros van zijn uur vol met dit werk. En eerlijk is eerlijk, de overgang naar een mopje elektronica en weer terug is van grote klasse. Ik heb Lidell op de vrijdagavond niet gezien, maar dat is hiermee ruimschoots ingehaald.' Dit in tegenstelling tot Spookrijders en Jnnk's mening over de Shout Out Louds. Natuurlijk is het uitgekauwd en flauw om te zeggen dat Robert Smith nog belde omdat hij zijn sound terug wilt. Vooruit, ik zal ze het voordeel van de twijfel geven als anderen beweren dat ze de status van Cure-kloon voorbij zijn. Maar dat betekent voor mij nog niet dat ze dan ook meteen de goede liedjes hebben. Het klinkt allemaal best okay, het beklijft echter niet. En ook al heb je dan de juiste podiumpresentatie, het juiste haar en de juiste naam, met dat alleen ben je er in mijn ogen nog niet. Spookrijder weet dat er nog meer aan de hand is: 'Een luttele 20 minuten... Echter, daar kan de band zelf weinig aan doen omdat er nauwelijks tot geen ruimte is geweest voor een soundcheck. Gevolg is wel dat de geluidsbalans volledig uit het lood staat, waardoor zanger Adam Olenius nauwelijks te verstaan is en een sonore brom alles overheerst.'
Lees verder..The Magnificent Brotherhood - The Magnificent Brotherhood
Het is weer tijd voor mouwen met ruches en strakke broeken. 'Is it garage? Is it punk? Is it psych...? NO! It's THE MAGNIFICENT BROTHERHOOD from Berlin!' zo roepen ze zelf. Ja, dank je de koekoek, ze zijn zo psychedelisch als wat, compleet met Farfisa-orgeltje en een geluid dat dateert van voor The Who en Jimi Hendrix. Is dat erg? Welnee! Hier en daar is de gitaar iets wilder dan destijds gebruikelijk en ronkt de basgitaar een tikkie, dat zou je met een beetje goede wil nog garage kunnen noemen. De ritmepartijen zijn echter strakke, heldere akkoorden, het orgeltje heeft dat typische, dunne geluid, de drums hebben weinig diepte en dat is hier zowaar passend, er wordt nogal eens met tamboerijnen gezwaaid, de koortjes zijn fraai braaf. Denk aan The Animals ten tijde van "House Of The Rising Sun". Ouders vonden het destijds griezelig rebels vanwege de lange haren, maar geen mens zal het nu nog wilde popmuziek noemen. Veel van de liedjes volgen dan ook het stramien met coupletjes, refreintjes en bruggetjes, maar ze hebben steeds een goede hook en klinken stuk voor stuk al snel bekend in de oren. Dit album roept bij mij nostalgische gevoelens op die een album lang lollig blijven. Da's knap, want zelfs voor deze oude rockert is dit van voor mijn tijd.
File Under: Prenatale nostalgie?
File Audio: [BrotherhoodSpace]
The Raconteurs - Consolers Of The Lonely
Elke zichzelf respecterende band lanceert zijn nieuwste album tegenwoordig middels een stunt waarbij je zelf kunt bepalen hoeveel het je gaat kosten of waarbij er gratis bonusmateriaal van een site valt te trekken. Een nieuwe variant is je album schijnbaar vanuit het niets binnen een week wereldwijd in de winkels hebben liggen. Was getekend, de band die twee jaar geleden schijnbaar vanuit het niets het strijdperk der blues- en rockmuziek betrad: The Raconteurs. Jack White's hobbydingetje bleek voor herhaling vatbaar en na het alleraardigste, maar niet wereldschokkende Broken Boy Soldiers ligt daar ineens Consolers Of The Lonely. En die mag er zijn! Wat een sterke plaat! White zet de stevige lijn die hij tijdens zijn doordeweekse werkzaamheden heeft ingezet op Icky Thump door en smijt die daarna met het warme geluid van Brendan Benson in de blender. Waar je roekeloosheid het handelsmerk van White zou kunnen noemen houdt Bensons aanwezigheid deze stoomtrein stevig tussen de rails. De dienstdoende machinisten besluiten echter dat deze reis wel wat spectaculairder mag dan de eerste, om vervolgens de wissel om te gooien en achteloos een berg extra kolen op het vuur te scheppen. Resultaat is een grootse en gevarieerde bluesrockplaat waarbij de trein onder begeleiding van breed aangezette songs als "Salute Your Solution", het kitscherige "The Switch" and "The Spur" en absolute knaller "Five on the Five" door het woeste Amerikaanse binnenland dendert, maar evengoed oog heeft voor adembenemende natuur onderweg getuige ingetogen juweeltjes als "Many Shades of Black" en de prachtige epiloog "Carolina Drama". En terwijl het eindstation dichterbij komt is er slechts één conclusie mogelijk: deze reis verdient het om nog eens gemaakt te worden!
File Under: Zijn de weekenden zonder Meg stiekem niet leuker, Jack?
File Audio: [ MySpace]
File Gast: Jayjay
Merz - Moi et Mon Camion
Merz zijn vorige cd Loveheart bracht hem hier in de lande niet het succes dat passend zou zijn geweest gezien de geleverde pracht. In Engeland en Amerika ging het overigens een stuk beter. Dus dacht Conrad Lambert, die schuil gaat achter de naam Merz: 'Kom, ik doe er nog een schepje bovenop, misschien dat het dan ook wel lukt in Nederland.' Speciaal voor ons, da's mooi hé? En dus is er met Moi et Mon Camion een opvolger die zijn toch al bepaald niet misselijk voorganger overtreft. Lambert doet me meer dan op Loveheart denken aan de betreurde Elliott Smith. Net als hem bouwt Lambert vanuit ogenschijnlijk simpele loopjes en harmonieën uitermate fraaie liedjes. Moi et Mon Camion is zo'n album dat met de koptelefoon op of op een moment dat je verder niet gestoord wordt in je stereo pas echt goed tot zijn recht komt. Dan droom je als vanzelf weg op de fraaie melodie van "Call Me" en dan hoor je ook dat de weg die Merz neemt veel avontuurlijker is dan je bij oppervlakkige beluistering zou horen. Dan zou je Moi et Mon Camion ten onrechte af kunnen doen als simpele singer/songwriterplaat, maar het is zoveel meer. Neem alleen al de zwerver die hij dankzij een tip van producer Bruno Ellingham opduikelde in Bath en bijna onopvallend de tweede stem voor zijn rekening neemt in het titelnummer. Meer dan op Loveheart maakt Merz gebruik van synthesizers, "Shun (Sad Eyed Days)" krijgt hier bijvoorbeeld wat Donald Fagen-achtigs door. Iets ongrijpbaars ook. Nu maar hopen dat Nederland ook eindelijk door gaat krijgen hoe goed Merz daadwerkelijk is.
File Under: Pure Pracht
File Audio: [ MySpace]
File Video: [Presume Too Much]
Motel Mozaique 2008 - Napret vrijdag
Het is onlosmakelijk met elkaar verbonden: Motel Mozaique en De Marathon. Terwijl degenen die tot de laatste uurtjes zijn doorgegaan naar hun bedden strompelen, een welvoldane glimlach op het gezicht, maken het handjevol kansrijke Kenianen en Ethiopiërs, evenals de duizenden dagjeslopers de benen alvast warm voor de mooiste marathon van Nederland. Vorig jaar was het een veldslag door de belachelijke hitte, dit jaar viel het allemaal nogal tegen qua weer. Over dat weer later meer, maar tot zover de gedachten bij de televisiebeelden van de NOS, die op de achtergrond aanstaan terwijl ik op deze zondagmiddag dit stukje tik.
Lees verder..Daniel Lohues - Allennig II
Ik ben zelf nogal een fan van liedjes. Nou heb je liedjes in alle soorten en maten, maar ik bedoel eigenlijk ambachtelijk gemaakte liedjes; op het eerste gehoor simpele liedjes, met een verhaaltje. In alle liedjes die Daniel Lohues ooit schreef zit een verhaaltje. Ik weet dat, want ik ken vrijwel alle liedjes die hij opnam uit mijn hoofd. Nou zijn er mensen die die verhaaltjes niet willen horen. Omdat de heel veel van die liedjes in het Drents gezongen zijn. En dan kunnen ze het zogenaamd niet verstaan. 'Ze' zijn de zwijnen voor wie de pareltjes op Allennig II niet bedoeld zijn. Was zijn eerste soloplaat Allennig de winter, deze tweede plaat is de lente. En lente wordt het wel als je naar Allennig II luistert. Met meestal alleen een piano of gitaar en zijn stem verhaalt Lohues met de kracht der eenvoud over zijn oma, een pastoor, de liefde die het verschil tussen wereld en planeet maakt, de Drentse horizon en natuurlijk muziek; een van de weinige dingen die ons allemaal bindt. De ene keer bijna Dylanesk ("'t Is En Blef 'n Gevecht"), de andere keer als een Ben Folds pianoliedje ("Angst Is Mar Veur Eben, Spiet Is Veut Altied") en één keer zelfs helemaal zonder woorden ("De Ganzenkoning Wul Met"). En of die liedjes door een Amsterdamse bovenwoning schallen of door een Ikea-huiskamer op een Vinex-locatie bij Zoetermeer, of je nou onder de rivieren geboren bent, of dat je wiegje aan een Drents kanaal stond; dat maakt dan allemaal niet meer uit. Die verhalen begrijp je wel. Als je maar wil.
File Under: De kracht der eenvoud
File Gast: Claver
The Drift - Memory Drawing
Er zijn veel paardenliefhebbers die je zullen corrigeren als je de benen van hun edele viervoeter `poten' noemt. En het is altijd een grappige gewaarwording als je een professioneel tafeltennisser om de oren slaat met de vraag `nog bezig met ping-pong?' Een dergelijke opzettelijke kortzichtigheid hanteer ik ook vaak als het gaat om blaasinstrumenten. "Dus jij speelt toeter?" "Ehh, nou, dat ding heet een trompet hoor!" "Je blaast er toch in?" "Ehh, ja?" "En dan komt er geluid uit?" "Dat klopt." "Dan is het een toeter".
Hoewel ik heus het onderscheid wel weet tussen trompet, trombone en ander kopergeschal, kom ik er bij het horen van deze plaat niet omheen. De man -in dit geval Jeff Jacobs- heeft een toeter. En daarmee toetert hij heel wat af op Memory Drawings. Toeterdetoet. Hij beheerst het instrument prima, dat moet gezegd worden. Met zijn kameraden op `staande bas', gitaar en drums worden er relaxte uitgesponnen nummers gefabriceerd waar post-rockige passages zich vermengen met vleugjes dub en jazz. De spanningsbogen worden soms maximaal opgerekt, maar de springerige basloopjes, het uitstekende jazzy drumspel en het dienende gitaarwerk creëren fraaie soundscapes die soms wel de acht minuten passeren. Zoals in "I had a list and i lost it"; waar dissonante melodielijnen zich uit de `mellow' ritmes opwerken en de compositie compleet dreigen over te nemen. Spannend! Maar dan wordt er weer getoeterd. Weg spanning.
The Drift (uit San Francisco wel te verstaan; de Nederlandse naamgenoot is onlangs opgeheven) heeft een mooie jazzy plaat afgeleverd welke echter zo nu en dan ontsierd wordt door het eenvormige geluid van de toeter (trompet). Met iets meer dosering zou echter de zwakste schakel de sterkste kunnen worden en kunnen we associaties met de edele tafeltennissport achterwege laten.
File Under: Blaasinstrumentale weerbaarheid
File Audio: [ MySpace]
Boris - Smile
Het probleem van eclectische artiesten is dat het vrijwel altijd wisselvalligheid in kwaliteit voortbrengt. Zo ook bij de Japanse helden van Boris, die graag stoneren, punken, dronen, doomen, noisen en nu ook nog graag hairpopmetallen. Kan natuurlijk niet allemaal even goed zijn. De band is op zijn best als er gedoomd en gedroned wordt; dan komen alleen Earth en Sunn o))) in de buurt. Minder leuk is het als ze gaan zingen. Kunnen ze niet. Moeten ze niet doen. Doen ze toch. Op Smile hebben ze zich naar het schijnt laten inspireren door Japanse underground hairmetal en pop, en dat pakt bepaald niet goed uit. Veel valse zang en matige liedjes, die in niets doen denken aan de topmuziek van albums als Dronevil en Feedbacker. Alleen als gitaristen Michio Kurihara en Stephen O'Malley even komen gasten lijkt het wat te worden, maar het is te weinig te laat. Misser van jewelste, deze glimlach.
File Under: Tegenvaller
File Audio: [Boris-Space]
Week 15, 2008
Storm
Phosphorescent @ Ekko
Ewie
REM - Accelarate
Ludo
Zea - Kowtow To An Idiot
Gr.R.
Dropkick Murphys @ Melkweg
André
Goldfrapp live @ Motel Mozaique / Nicole Atkins - Neptune City
Prikkie
Errorhead - Modern Hippie
Blizzard
Ill Niño - Enigma
Stonehead
Siriusmo - Diskoding / MSTRKRFT - Vuvuvu / Midnight Juggernauts - Blitzkrieg
DubbelMono
Blimey! - Are you with me?
Spookrijder
Patsy Cline - The Patsy Cline Collection
The Ipanemas - Call Of The Gods
Van stilzitten houden ze volgens mij niet, Wilson Das Neves en Neco, de twee bandleiders van The Ipanemas. Hun Call Of The Gods is hun vierde cd in tien jaar die doordringt tot onze contreien en hun vijfde album ooit. En in dit geval is ooit geen vijftien jaar, maar maar liefst vijftig jaar. Dat leest misschien raar, maar het klopt wel. Het tweetal is de pensioengerechtigde leeftijd namelijk al een tijdje gepasseerd, maar is pas laat begonnen met het vastleggen van hun eigen muziek. Als begeleiders van andere muzikanten namen ze overigens al wel enkele honderden platen op. Gelukkig zijn ze daar aangemoedigd door Far Out Recordings uiteindelijk ook zelf mee begonnen, want het zou jammer zijn als er van deze mannen die er eigenlijk al vanaf de geboorte van de Bossa Nova ergens in de jaren vijftig bij zijn, helemaal niets zou zijn vastgelegd voor het nageslacht. Call Of The Gods telt tien van die typische überrelaxte voorbeelden van oorspronkelijke Braziliaanse muziek met vleugjes Afrikaanse invloeden. Ik vind dat zelf veel leuker klinken dan hippe loungezut, veel van de brazil-electro of wanneer de muziek gespeeld door niet-oorspronkelijke bandjes die je zo vaak hoort. Je hoeft je ogen maar dicht te doen en The Ipanemas zetten je in een vloek en een zucht op een bruisend dorpsplein tijdens een zwoele avond in Brazilië. Kon het ook maar daadwerkelijk, want dat zou gezien de flutlente die we hier hebben dit jaar allesbehalve een straf zijn.
File Under: Ogen dicht en het twintig graden warmer.
File Audio: [ MySpace]
Errorhead - Modern Hippie
De Duitse muziekscene is volgens mij zo gezond als wat, want er komen steeds meer eigenzinnige en verrassende acts uit het oosten. Dat geldt in elk geval voor dit Errorhead. Centraal in dit overigens internationale gezelschap staat gitarist Marcus Nepomus Deml. Mij was de man geheel onbekend, waarschijnlijk omdat hij voornamelijk anderen begeleid heeft en op hun albums heeft meegespeeld. Maar als blijkt dat dat onder andere Totozanger Bobby Kimball, Saga en Kingdom Come zijn, is er reden voor mij om nog eens extra goed te luisteren. Zijn partners in crime, bassist Frank Itt, drummer Zacky Tsoukas op vier songs zanger Robbie Smith zijn ook geen nieuwelingen in de muziek. Opener "Connected" in een strakke funky rocker die flink aan King's X doet denken. Na nog een aantal lekkere funky rocksongs volgt ingetogener werk, waarin de blues de boventoon voert. In het afsluitende "Tata" krijg ik vooral associaties met het Rosenberg Trio, terwijl op andere songs een Vai-achtige weirdness of juist diens dromerigheid ("Follow your dreams") zijn intrede doet. Kortom, Errorhead doet van alles en nog wat op dit album. Omdat het wel allemaal vergezeld gaat van uitstekend en coherent spel, van Deml én van de anderen, wordt het nergens een onrustig samenraapsel van stijlen. Modern Hippie is een gitaargeörienteerd album, met beschaafd gitaarwerk dat nergens slap gepingel wordt. Deml kan wat dat betreft in dezelfde categorie geplaatst worden als Steve Lukather. Sterker nog: in hetzelfde rijtje. Jaarlijstjesmateriaal? Het zou zomaar kunnen...
File Under: Smaakvol en nergens lafjes
File Audio: [DemlSpace]
Bad Chopper - Bad Chopper
Er zijn van die wetmatigheden, daar mag je gewoon niet aan tornen. Zo mag een punkplaat ten hoogste een half uurtje klokken en de individuele nummers nooit langer dan drie minuten. Over het al dan niet toestaan van solo's wil ik het met U nog wel eens hebben, maar ook met solo blijft die drie minuten staan. De heren van Bad Chopper hebben goed opgelet bij de punklessen en houden zich dan ook aan de conventies. Kan ook niet anders, want de heren spelen oldskool punk van het zuiverste water. Denk aan Iggy and the Stooges en denk aan de Ramones. En vooral dat laatste verraste me, want op deze titelloze debuutplaat staan een aantal nummers met de juiste riffs en dito sloganeske teksten. En dat is eigenlijk niet zo heel gek want bassist CJ Ward is bij de punkgoegemeente vooral bekend als CJ Ramone en ondanks dat hij slechts in de laatste jaren bij de band zat, als opvolger van DeeDee heeft hij een behoorlijke tik van de molen meegekregen. Niet dat CJ nu aan het teren is op de roem van de Ramones, daarvoor zijn die nummers domweg te sterk. Dat geldt nog niet voor de hele plaat, hij zakt wat in, zo af en toe, maar ondertussen is het wel een sympathieke plaat die bij vlagen het muzikale erfgoed van de Ramones in ere houdt. Hey ho, let's go!
File Under: Hey ho, let's go!
File Audio: [ MySpace]
Presidents Of The United States Of America
Jackson Browne - Solo Acoustic Vol.2
Met mannen die hun vrouw slaan hoef je bij mij niet aan te komen. En dus schrok ik enorm toen het gerucht ging dat Jackson Browne zijn toenmalige vriendin, Daryl Hannah, hier zich schuldig aan zou hebben gemaakt. Of het wel of niet waar is gebleken, dat heb ik eerlijk gezegd verdrongen, want zijn muziek is me te dierbaar om te gaan negeren. De beste man is inmiddels 59 jaar oud, maar zijn stem klinkt nog steeds kraakhelder, en raakt me nog elke keer als ik hem hoor. De kwaliteit van zijn cd's is niet meer wat hij geweest is: Late for the Sky, The Pretender en Running on Empty waren bijvoorbeeld meesterwerkjes, latere cd's als World In Motion of I'm Alive daarentegen waren zeer middelmatig. Live echter staat hij nog steeds zijn mannetje, of het nu samen met maatje David Lindley is, of helemaal solo. Volume 1 van deze serie was daarvan een prachtige weergave, met veel bekende nummers van zijn eerste platen. Nu, drie jaar later, is daar eindelijk Volume 2. Deze bevat, evenals nummer 1, veel gezellige maar bescheiden gesprekken met het publiek, maar ook weer prachtige nummers. Deze keer minder bekend, en vooral van latere, minder goede, platen. Begeleid door gitaar (zoals in het prachtig melancholieke "In The Shape Of A Heart") of piano laat hij echter horen dat deze op plaat mindere nummers akoestisch eigenlijk nauwelijks onderdoen voor hun voorgangers, en dat de aandacht van begin tot eind wordt vastgehouden. Vrouwenmishandelaar of niet, Jackson Browne mag blijven.
File Under: Zwoel, geil en overheerlijk
File Audio: [Op zijn site]
Macronizm / Reggy Lines
Met al het geweld afkomstig uit Rotterdam en Zwolle, zou je bijna vergeten dat er nog meer hiphop gemaakt wordt elders in Nederland. Wat dacht u bijvoorbeeld van Brabant? Extince is natuurlijk de bekendste exponent uit die hoek, terwijl het Zuiden ons vorig jaar verraste met de Woordlooiers. Nu is er het Eindhovense Macronizm, een collectief van muzikanten waarvan Marco Martens de voorman is. Ik zou willen dat ik over Macronizm net zo positief kon zijn als over de Woordlooiers, aangezien het enthousiasme ook hier weer duidelijk door de speakers klinkt. Maar helaas. Eindhoven was in de jaren negentig vestigingsplaats van het Djax-label, dat destijds met acts als Osdorp Posse en Spookrijders de Nederhop op de kaart zette. Dit debuut klinkt alsof het uit die periode stamt en biedt zodoende niet zo veel nieuws. Een boombap-track, die moet laten zien hoe oldschool Macronizm wel niet is, en gastoptredens van Def P. (goed als altijd) en Marco Roelofs van de Heideroosjes (ronduit tenenkrommend) versterken dat gevoel alleen maar. Wat dat betreft zijn recente TopNotch debutanten als Winne en Typhoon een stuk verfrissender en vernieuwender.
Misschien zijn we ook wel verwend, met Nederhoppers van de buitencategorie als Duvelduvel en Opgezwolle. Aan de andere kant, al luisterend naar De Malaise van Reggy Lines dacht ik: het kan dus wel. Reggy Lines is een nogal tragisch verhaal, zo vertelt de bio: ooit gevierd artiest als voorman van de Engelstalige hiphopformatie Headliners, tegenwoordig tegen de armoedegrens levend en met man en macht proberend zijn kinderen toch nog een toekomst te geven. Wat vooral indruk maakt, is de ontzettende rauwe en donkere sound die Reggy neerzet. Hier spreekt een man die duidelijk buiten de boot valt in onze welvaartstaat en daar zijn gal over wil spuien. "Klootzakken" is wat dat betreft een prima voorbeeld: misschien een wat eenzijdige tirade tegen de elite van politici en driedelige pakken die in Nederland de dienst uitmaakt, maar de boodschap komt wel over. Wat daarbij ook scheelt is dat Reggy, in tegenstelling tot Marco Martens, een stem heeft die tracks kan dragen. De Malaise spréékt.
File Under: Terug naar 1996
File Audio: [Macrospace]
File: Reggy Lines - De Malaise
File Under: Deze fitna is een stuk overtuigender
File Video: [De Malaise]
Sine Star Project - Building Humans
Ineens lag deze cd bij mij in de kamer! Opperhoofd Storm had deze mij gestuurd, zonder waarschuwing. Dus ik klim in de mail en vraag hem wat ik in hemelsnaam met deze cd moet? Sine Star Project, nog NOOIT van gehoord! 'Ja, Sik! Het kan niet altijd mainstream troep zijn wat je voor File Under moet luisteren', aldus het opperhoofd. Ik moest me er maar even in gaan verdiepen. Nou, dat heb ik dus NIET gedaan, anders lijkt het wel 'werk' en ik doe het juist voor m'n 'plezier'. Nee, ik heb de cd gepakt en tien keer afgespeeld, tot ik geen Sine Star Project meer kon horen. De eerste keer dat ik luisterde dacht ik meteen aan Ours, zowel de muziek als de stem deed me aan deze band denken. Maar tweede luisterbeurt vond ik het op Muse lijken, hetzelfde theatrale gevoel kreeg ik er af en toe bij. De derde keer echter vond ik het op Sine Star Project lijken en dat is neem ik aan de bedoeling. Tien gevarieerde nummers: een paar vuige gitaarnummers, wat rustige ballades, maar allemaal doorspekt met de hoge, emotionele stem van Peter J. Croissant. De kathedrale afsluiter is een prettig einde, de klanken blijven zich voortzetten in je hoofd, zelfs als de cd al is afgelopen.
File Under: Bedankt opperhoofd!
File Audio: [SineSpace]
Burning Skies - Greed.Filth.Abuse.Corruption
Het leven bij een verzekeraar is zo slecht nog niet (op Tros Radar na dan). Deze week gezellig speeddaten met de collega's en volgende week zelfs een hele avond party-coken. Uhh, ik bedoel natuurlijk koken. Thuis werd er vertwijfeld in mijn neusgaten gekeken of er niet al een extra ventilatiegat zat. Aan de overkant van het kanaal weten ze echter ook wel van wanten, want de heren van Burning Skies klinken op Greed.Filth.Abuse.Corruption nog steeds of ze de gehele catalogus van de plaatselijke apotheek in hun neus hebben gestopt. Een flinke snuif grind, een lekkere shot death, nog een haaltje hardcore en hupsakee à la Johnny Depp richting Vegas maar. Het resultaat is een ware uitputtingsslag voor de luisteraar. Sommigen zouden dit wellicht als negatief kunnen ervaren en misschien wat overdadig, echter voor de onvermoeibaren onder ons, de notoire ADHD'ers en de realtime borderliners is er toch een hoop te genieten op dit album. De hoekige blasts, de dubbele vocalen en de wreedaardig hakkende riffs zorgen voor een stormvloed aan prikkels om eens flink stoom af te blazen. Als je dat ook weleens doet met bands als Misery Index, Skinless en Despised Icon dan is het aan te raden om deze extreme Britten eens te beluisteren. Ik heb in ieder geval weer een prima cd in huis om eens lekker op uit te razen.
File Under: Abuse To Confuse
File Audio: [ MySpace]
American Music Club - The Golden Age
Het is een drukte van belang in de beek voor ons huis. De meerkoeten zijn nadrukkelijk en vooral brutaal aanwezig. De eenden zitten als anonieme grijze mussen aan de kant. De reiger is op zoek naar een lekkere kikker en de ganzen staan er als waakhonden bij. Het koningspaar zwaan komt majestueus aanvliegen en zet de landing in. Ik kijk er vol ontzag naar. Vogels, ik kan er uren naar kijken. Het is al een tik die ik als kind al had, maar bij dit beeld waan ik me gelukkig en voel me zweverig alsof ik elk moment zelf mijn vleugels uit zou kunnen slaan. Muzikaal krijg ik dit gevoel als ik ingetogen liedjes hoor die van een ongekende schoonheid zijn. Ook al zijn de teksten soms zwaar en meer om in tranen uit te barsten. Ik heb het bij de muziek van iemand als Nick Drake. Ik heb het ook bij het werk van Elliott Smith. En naar nu blijkt ook bij The Golden Age van Mark Eitzel's American Music Club. Een band die ik tot op heden, ondanks adviezen in mijn richting, links liet liggen. De teksten zijn prachtig doch droevig, maar kennen humor en zijn origineel qua onderwerp. De muziek beweegt zich traag voort alsof de zwanen weer statig opstijgen om aan de horizon in het onbekende te verdwijnen om mijn ogen mijn tranen van ontroering achter te laten.
File Under: Natuurlijke schoonheid
File Audio: [ MySpace]
File Video: [Fan-made: Who You Are]
Millencolin - Machine 15
'Creativity is still my gasoline, ever since Goofy gave birth to this machine' zingt Nikola Sarcevic in het titel- en openingsnummer van Machine 15 het zevende album van Millencolin dat me door zijn riffje sterk doet denken aan "All Day and All of the Night" van The Kinks. Maar eh wie nu denkt: 'Wie of wat is dat Goofy nu weer?' is duidelijk niet bekend met de historie van Millencolin. Goofy was de eerste demo die Millencolin opnam in 1993. Wat best bijzonder is, is dat de band vlak na het uitbrengen van die demo de line-up kreeg die het nu nog steeds heeft. Sarcevic, Larzon, Färm en Ohlsson zijn elkaar blijkbaar na 15 jaar nog niet zat. Nou zou het best eens kunnen zijn dat de fans van het eerste uur de band ondertussen wel zat zijn. Want de Millencolin van 15 jaar geleden klonk wel even een flinke tik anders dan dat de band nu klinkt. De snelheid van weleer is vervangen door ehm ehm ik zou bijna zeggen Fall Out Boy-achtige liedjes. Hmm, daarmee jaag ik mensen tegen me in het harnas vrees ik, maar stiekem klopt het wel. Ter compensatie zou ik kunnen zeggen dat Millencolin me nu zelfs af en toe aan de helden van Buffalo Tom doet denken. Of een ouwe school Millencolin-liefhebber daar blij van wordt dat waag ik te betwijfelen. Ik zit er zelf helemaal niet zo mee dat Millencolin deze weg opgegaan is, want het uitstekende gevoel voor het schrijven van catchy melodieën van Sarcevic en Färm gedijt ook prima in een lagere versnelling. En wie dat niet wil horen, die koopt toch lekker een Pennywise-cd?
File Under: 15 jaar verder, 15 jaar ehm tja 15 jaar anders... dan maar?
File Video: [Detox]
File Audio: [ MySpace]
My Sister Klaus - Chateau Rouge
De informatie die de website van label Tigersushi geeft is nogal summier, maar het is in elk geval duidelijk dat deze release niet het werk is van een Duitser dan wel zuster. De Franse solo-muzikant is 'r eentje in 't postmoderne straatje van Beck. Soul, rock, funk, chansons en beats gaan in de blender en dan krijg je zoiets als Khan vorig jaar op Who Never Rests serveerde. Ok, die vergelijking is wellicht wat obscuur, daarom snel de open deur binnengaan. Eenieder kan op MySpace naar "Kicks of Sand" luisteren en dan net als ondergetekende denken: Lou Reed. Vals gezucht en gesteun (hier in twee talen), gebracht met een übercoole attitude. Toch heb ik aan één Lou eigenljk wel genoeg. En dan is "Kicks of Sand" bij lange na niet het enige liedje waar de invloed van de brombeer te horen is. Er is zelfs een nummer dat "Miss Lou Got Lovers" heet. Leuker, of nee, echt leuk vind ik Chateau Rouge alleen gedurende "Do Wake". Een popcornende synthesizer en dan, tak, de Hooky-bas. Dáár kunnen er nooit genoeg van te horen zijn. De wankel gezongen openingszinnetjes hebben een Stephen Malkmus-achtige lijpheid. Fijn. Even twijfel ik, is mijn desinteresse voor deze plaat onterecht? Mais non, daar volgt "Off White" al, een irritant onding. Het lukt My Sister Klaus wel om, net als Khan,een nineties-hitje in mijn hersencellen te reactiveren. In de electroppy titeltrack, met melige hoge uithalen en teksten als "Walk the walk, don't talk" zit gitaarwerk dat in distortion en melodie herinnert aan Edwyn Collins' "A Girl Like You".
File Under: Mengelmoes van geleende ideeën
File Audio: [Sister-Space]
Siena Root - Far From The Sun
Met enige regelmaat heb ik met mijn collega-recensenten - overigens heel beschaafde - discussies over de noodzaak tot vernieuwing in muziek en de door mij verafschuwde termen "urgentie" en "relevantie" die daarbij in zwang zijn. 'Muziek is nooit urgent, toiletbezoek is urgent' is daarbij meestal mijn antwoord. Het zal u niet verbazen dat ik, gerontorocker in het gezelschap, vernieuwing niet bovenaan mijn prioriteitenlijstje heb staan. Goede muziek is goede muziek, of het nu wel of niet ergens anders op lijkt. Vernieuwing kan prachtig zijn, begrijp me niet verkeerd, maar het is voor mij geen noodzaak. Siena Root is daarvan een subliem voorbeeld. Hun vorige album Kaleidoscope eindigde in mijn top-tien-lijstje over 2006 en het album vertoefde sindsdien op mijn iPod. Tot een paar weken geleden. Toen verscheen namelijk de opvolger, Far From The Sun. En wederom doet Siena Root geen enkele poging tot vernieuwing en wordt er duchtig gerefereerd aan vooral de relaxte jam-/hardrock van begin jaren zeventig. Maar ook dat weer met zoveel hoorbaar plezier en met zoveel kwaliteit, dat me dat volstrekt niets kan schelen. In vergelijking met Kaleidoscope is zangeres Sanya verdwenen. Dat is een fors verlies, hoewel de nieuwe zanger Sartez net zoveel soul in zijn stem heeft. Bovendien zingt hij vrij hoog, waardoor het verschil niet eens zo dramatisch is. Ondanks die prima opvolger blijft het echter jammer dat de in dit genre opvallende vrouwenstem verdwenen is. En ach jawel, ten opzichte van het vorige album zijn er nog wel wat kleine dingetjes in hun stijl gewijzigd, de songs zijn bijvoorbeeld wat strakker van opbouw, maar het gevoel is volstrekt hetzelfde gebleven en verwijst in productie, in sfeer en in songs nog steeds nadrukkelijk naar de jaren zeventig. En dat is maar goed ook, want vernieuwing zou enorm afbreuk doen aan het gevoel en de sfeer in de muziek van Siena Root. Kwaliteit is bij Siena Root gelegen in heel andere zaken, en die kwaliteit spat een album lang uit de speakers.
File Under: Grote klasse, gelukkig zonder vernieuwing
File Audio: [Dreams Of Tomorrow] [Waiting For The Sun] [RootSpace}
dEUS - Vantage Point
Dinsdagavond heette een try out te zijn. Het live spelen van nieuw materiaal blijft spannend, zelfs voor een band als dEUS. Dat ze in een relatief klein zaaltje te zien waren - Doornroosje, Nijmegen - maakte alles alleen maar beter. De blauwe ogen van Mauro, de korte haren van Tom. Ja, dEUS werd een beetje van het publiek. Met her en der wat oude nummers ertussen slikte het publiek de liedjes van het nieuwe album, Vantage Point, als zoete koek. Ik ook. En dat terwijl ik thuis met het nieuwe album in de speler mijn twijfels had. "The Architect", een van de twee eerste singles, en "Favourite Game" leken toch wel heel erg op de funky discorock van Soulwax. (En dat heeft dEUS volgens mij niet nodig. Om ergens op te lijken.) "Slow", de andere single, vond ik zelfs een beetje saai. (En dEUS is toch zelden saai?) Echter, "Smokers Reflect", "The Vanishing of Maria Schneider" en "Popular Culture" vond ik sterke ballads en "Oh Your God" ontzettend gaaf. Of de plaat moet groeien, dat weet ik niet zeker. De plaat is zeker al gegroeid na het optreden van afgelopen dinsdag. Dat betekent volgens mij dat dEUS een aardige plaat gemaakt heeft, maar dat veel liedjes het vooral van de charismatische uitstraling op het podium moeten hebben en dat de plaat misschien in eerste instantie wat tegenvalt. Ik zeg daarmee niet dat dEUS met Vantage Point een slechte plaat gemaakt heeft, nee, ik geloof dat ik deze plaat - met grootse gebaren, bijtende rock en zachte ballads - inmiddels ook aan het omarmen ben. Ik kan zelf niet meer testen of dat zonder twee uur durend concert ook het geval geweest zou zijn, maar voor u - zeker als u zich tot dEUS-fans rekent! - is het zeker de moeite waard om dat nu eens uit te gaan zoeken.
File Under: Goed, maar zeker niet de sterkste plaat van Tom en zijn kornuiten
File Audio:[Integraal, maar niemand weet voor hoe lang]
File Video: [Een dEUS-channel op YouTube!]
Guillemots - Red
Ik hou wel van een verrassing. Uiteraard het liefst eentje in de categorie 'aangename verrassingen', maar zelfs eentje van het onaangename soort kan op z'n minst prikkelend zijn. Stel dat ik besluit op eBay dat comfortabel uitziend paar schoenen van een vertrouwd merk te bestellen. Gewoon een paar onopvallende, fijne stappers. Soepel leder. Robuuste zool. Enkele dagen later zal een koerier de schoenendoos aan mijn huisadres afleveren en tot mijn grote verbazing blijkt de inhoud daarvan niet overeen te komen met het eerder genoemde schoeisel. Sta ik daar enigszins verbouwereerd met opvallend glimmend rode, laklederen dansschoenen. En toch... ergens hebben deze schoenen iets aantrekkelijks, hoewel ik dit type niet van deze leverancier had verwacht. Het stugge leder en de spekgladde zooltjes - die regelmatig een uitglijer veroorzaken - maken het inlopen er niet gemakkelijker op. Maar ik ben een doorzetter en vertrouw erop dat ik over een tijdje met gepaste trots met deze blitse schoenen over de stoeptegels paradeer. Alleen jammer dat die veters steeds los schieten. Zo nu en dan maak ik een pijnlijke smak op het trottoir. Ik ben gewoon een beetje eigenwijs. Ik zou mezelf moeten realiseren dat deze schoenen zich beter lenen voor op de dansvloer. Net zo eigenwijs als de Guillemots dus. Op de opvolger van hun breedbeeld-melodramatische Through The Windowpane glijden Fyfe Dangerfield en de zijnen nogal wat kanten op. Van eighties pop, kaarslichtballades en Ladytron-esque electro tot zelfs R&B a la Justin Timberlake. Dit levert een onsamenhangend maar desondanks intrigerend album op. Het type album dat de kampen binnen de Guillemots-aanhang behoorlijk zal verdelen. Voorlopig ben ik zelf nog even op zoek naar die schoenlepel.
File Under: Gladde zooltjes en beknelde tenen
File Video: [Get Over It ]
File Audio: [ MySpace]
Shout Out Louds - Our Ill Wills
Een Zweed zegt nooit meteen wat hij denkt. Een Zweedse ook niet trouwens. Dat is iets wat ik in het afgelopen jaar wel heb geleerd. Mijn vriendin is een Zweedse, en het heeft even geduurd voor ik haar enigszins kon doorgronden. Voor wie niet die directe ervaring heeft: kijk eens naar Breaking and Entering, de laatste film die de Britse regisseur Anthony Minghella naliet voordat hij vorige maand, veel te vroeg, overleed. Mijn vriendin vindt die film eng. Niet omdat het een horrorfilm is, maar omdat de rol van Robin Wright Penn zo eng herkenbaar is. Wright Penn speelt een Zweedse die klem zit in een huwelijk met een Britse architect. Een huwelijk waaruit het vuur allang verdwenen is. Maar zij zal het niet zeggen. Achter dat ingetogen gezicht en die blauwe ogen gaat een heel scala aan emoties schuil, die ze voor haar man verborgen houdt. 'You're being Swedish again', zegt Jude Law, die de architect speelt, een aantal keer tegen haar. De Zweedse inborst, ongrijpbaar en fascinerend. Hieraan moest ik wederom denken bij het luisteren naar Our Ill Wills, de tweede plaat van het Zweedse Shout Out Louds. Dat verraderlijke begint al bij de bandnaam. Die doet een groepje punkers vermoeden, maar het is hier indiepop in het straatje van Stars en The Radio Dept. die de klok slaat. Ook zanger Adam Olenius, die nog immer klinkt als een kruising tussen Robert Smith en Conor Oberst, laat niet het achterste van zijn tong zien. 'I can't think about your love / your love is impossible', klinkt het resoluut in "Impossible". Ja ja, maar ondertussen maak je er wel een liedje over. En ook Olenius heeft zo zijn geheimen die hij voor zich houdt: 'Too many secrets / too many nights', bekent hij in "Normandie". Ook die andere Zweedse, haast genetisch bepaalde emotie, de melancholie, komt ruimschoots aan bod. 'I still remember playing the piano in your parents' living room'. Of het gaat over een nog bestaande of een verbroken relatie wordt hier niet duidelijk. Dat houdt Adam voorlopig nog even voor zichzelf. Het is net als met de Zweden zelf: veel en goed luisteren, dan gaat de prachtige wereld van Shout Out Louds stukje bij beetje voor je open.
File Under: Being Swedish
File Audio: [Shout Out Space]
File Video: [Impossible]
Newton Faulkner - Ticketactie
Singer/songwriters, je hebt ze in alle soorten en maten. Met gitaar, met piano of met band. En mannen en vrouwen natuurlijk. Maar de belangrijkste overeenkomst is dat ze prachtige liedjes schrijven. En die graag voor het voetlicht willen brengen. Zo ook Newton Faulkner. Want hij komt dit jaar al voor de tweede keer langs.
Newton Faulkner is een singer/songwriter in de klasse "niet te missen". Al was het maar omdat de man getooid is met enorme dreadlocks. Maar Faulkner schrijft ook bijzonder aangename liedjes ("Dream Catch Me" was een bescheiden hitje) en hij weet ze ook op een overtuigende wijze voor het voetlicht te brengen. Waarbij de gitaar (de man is een begenadigd gitarist) ook als slaginstrument, percussie-instrument en verzin het allemaal maar, gebruikt wordt. Youtubet U maar eens naar Faulkners coverversie van Massive Attack's Teardrop. Als dat u niet overtuigt om in gestrekte draf naar de Melkweg te gaan dan zal het ongetwijfeld deze actie van File Under zijn. Wij gaven namelijk drie keer twee kaarten weg voor het concert van Faulkner in de Melkweg. Daarvoor bent u nu dus te laat vanzelfsprekend.
Motorpsycho - Little Lucid Moments
Twee jaar na hun soort van comeback plaat Black Hole / Blank Canvas meldt Motorpsycho zich weer terug aan het indiefront met een nieuwe plaat. Nou is deze band al sinds jaar en dag zwaar favoriet bij ondergetekende, dus de verwachtingen in huize Marty waren wederom hooggespannen. Helemaal omdat dit de debuutplaat is van de nieuwe drummer Kenneth Kapstad, die voorheen onder meer in het geweldige Gåte speelde. Zijn komst heeft vermoedelijk als katalysator gewerkt op oerleden Bent en Snah, want hoewel de vorige plaat al bepaald niet mis was en overduidelijk teruggreep op hun rockwortels, doen ze er op Little Lucid Moments nog een flinke schep bovenop. Wat heet! Zo bevlogen als op deze plaat maak je het maar zelden mee. Motorpsycho is weer een hechte band geworden en dat blijkt meteen al uit de heerlijke live-feel die van de vier nummers afstraalt. U leest het goed: vier nummers slechts, maar wel bijna een uur muziek. Er wordt dan ook lustig op los geïmproviseerd door de heren, waardoor geen enkele track onder de tien minuten klokt. Opener "Little Lucid Moments" is nota bene een echte suite, bestaande uit vier subsongs van in totaal 21 minuten. Motorpsycho goes prog. "Year Zero" is het verplichte Snah-nummer, maar hij is opvallend goed bij stem, en de song kent daarnaast ook een genadeloze climax met een ronduit geniale gitaarsolo en fantastisch los drumwerk. "She Left On The Sun Ship" begint als een popsong maar verkent uiteindelijk immense psychedelische dieptes, met als basis die immense bas en smerig gitaargescheur. "The Alchemyst" sluit de plaat af met nog meer psychedelica en een aan Sonic Youth herinnerende feel, met opnieuw nieuweling Kapstad in een glansrol. Motorpsycho heeft eindelijk haar livesound vast weten te leggen in de studio, wat meteen de lat weer lekker hoog legt voor de komende optredens. Dat gaan weer monstershows worden, en met deze monsterlijk goede plaat in de bagage kunnen ze meteen weer een paar jaar vooruit.
File Under: Monsterlijk goed
File Audio: [MP-space]
The Kill Devil Hills - The Drought
Achter de File Under-schermen is gewerkt aan een nieuw zoeksysteem. Vervelend monnikenwerk, zo zou ik het willen betitelen. Als ik mijn eigen stukjes aan het bijwerken ben kom ik grappend tot de conclusie dat ik teveel schrijf. Die grap wordt echter werkelijkheid als ik tussen mijn stukjes een cd van The Kill Devil Hills zie staan. Dit is een band waar ik momenteel een cd van aan het draaien ben om er een stukje over te gaan schrijven. Ik kan me echter niets meer herinneren van de eerdere cd Heathen Songs. Als ik het stukje nalees snap ik wel waarom, het is middelmaat. En middelmaat vergeet je in de massa. Ik schreef dat het nog aan een eigen smoel ontbreekt. De rockinvloeden hebben ze op The Drought achter zich gelaten en zich meer gericht op de country noir. Dat blijkt een heel goede keuze. Mijn stukje was echter niet van invloed, want dit album was al voor het verschijnen van mijn stukje opgenomen, om precies te zijn werd het tussen november 2005 en juni 2006 opgenomen. Het verscheen in oktober 2007 in hun thuisland Australië en wordt nu in Europa gedistribueerd. Op de hoes van The Drought staat het gelijknamige schip in een kaal landschap. Ik heb de indruk dat er niet veel te beleven is in het leven van The Kill Devil Hills. De drank en drugs lijken dan ook op de gedeelte eerste plaats te komen, terwijl de dames het ermee moeten doen. In het afsluitende "Jesus Train" lijken ze te weten hoe ze leven moeten, maar de verleidingen zijn te groot. De donkere teksten worden versterkt door een duistere viool en de zware stem van Lachlan Gur. Toch weet het zestal (plus gastmuzikanten) het sfeervol te houden. Liefhebbers van Willard Grant Conspiracy, Lambchop, 16 Horsepower (als je niets hebt met het Godvrezende) en naar eigen zeggen Hugo Race (ex- The Bad Seeds) en The Beasts of Bourbon moeten dit zeker gaan beluisteren. De cd wordt geleverd in een prachtige digipack en voor de elpeeverzamelaars is er een genummerde oplage van 500 stuks voorhanden. Het is dat ik al een recensie-exemplaar kreeg, anders wist ik het wel.
File Under: Tweemaal is scheepsrecht
File Audio: [ MySpace]
File Video: [Live: [Boneyard Rider][Nasty Business]]
Soul Secret - Flowing Portraits
Raar. Een band - Soul Secret in dit geval - zonder vaste zanger die een cd opneemt en gebruik maakt van een soort van invalzanger. Nou is het vinden van een goede zanger voor een progmetalband sowieso al geen gemakkelijke kwestie, als je uit Italië komt wordt het al snel nog een tikkie lastiger. Dan zit je mooi met je handen in het haar als je als instrumentale basiskwartet bewezen hebt om met niet al teveel moeite Dream Theater-nummers kunt spelen en staat te popelen om met eigen materiaal aan de slag te gaan. Daarom werd voor zover ik begreep Michele Serpico aan de kant geschoven en in de studio vervangen door Mark Basile, die overigens ook gewoon een Italiaan is. Geen idee hoe Serpico klonk, maar Basile is de progmetal die Soul Secret laat horen op hun debuutplaat Flowing Portraits in ieder geval op het lijf geschreven. Zijn stem licht ergens tussen Thresholds ex-zanger Mac en Dream Theater's James Labrie. Qua muziek hobbelen de Italianen ook die kant op. Al gaan ze hier en daar ook behoorlijk de kant van Symphony X op. Krachtige, technische, dus, waarin veelvuldig de nadruk ligt op het gevarieerde toetsenwerk van Luca Di Gennaro. Wat ik zelf altijd belangrijk vind aan een progmetalband is dat ze niet, ondanks ze het kunnen, teveel verzanden in technisch geneuzel. Deze Italianen blijven gelukkig aan de goede kant van de streep. Zoals Dream Theater dat op bijvoorbeeld Images and Words ook deed. Zelfs in het bijna zeventien minuten klokkende epic "Tears of Kalliroe" blijft er altijd genoeg lucht.
File Under: Progmetal in de lijn van de goede Dream Theater-releases
File Audio: [ MySpace]
Efterklang - Parades
De ramen zijn volledig beslagen. Als ik naar buiten probeer te kijken, is het zichtbeeld onscherp en ontwaar ik slechts een wonderlijk mozaïek van kleuren. Daar trekt een uitgelaten bonte stoet aan mijn huis voorbij. Dansmariekes, tamboers en een fanfare gaan de uitbundige menigte voor. De wind speelt een spel met het gejoel en het trompetgeschal. Ze verwaait de melodische klanken tot wonderlijke, ongrijpbare harmonieën. Tezamen met het kleurrijke schouwspel levert het de waan op dat het hier een droom betreft. Een droomwereld waar tijd en plaats ophouden te bestaan. Aarde en hemel versmelten. Boven is onder en onder is boven. Een wereld waarvan de architectuur aan het brein van M.C. Escher lijkt te zijn ontsproten. Zonnestralen breken door het wolkendek. Door het warme licht verwordt de condens tot dikke druppels die als glinsterende parels langzaam met hun neerwaartse weg over het glas een helder spoor achterlaten. Het uitzicht wordt steeds scherper. De meest fantasievolle creaturen blijven in euforie aan mijn raam voorbij trekken. Op het moment dat een van hen mij in de smiezen krijgt, attendeert hij de anderen op mijn aanwezigheid. Met weidse gebaren groet men mij hartelijk en nodigt men mij uit deel te nemen aan deze parade. Ik bedenk me geen seconde, trek mijn jas aan en snel naar buiten. Daar laat ik me meevoeren. Waar we heengaan is mij onduidelijk, maar ik weet zeker dat we op de goede weg zijn.
File Under: Onder de groene hemel in de blauwe zon
File Audio: [My Space]
File Video: [Caravan (regie: Anders Morgenthaler!)][Illuminant][Mirador]
The Dillinger Escape Plan
Zowel in Amerika als in Europa ging de tour van Stolen Babies en The Dillinger Escape Plan in november niet door. De reden was dat het enig originele lid Ben Weinman zijn voet had gebroken, de gitarist is ondertussen hersteld, het nieuwe album is uit en daar zijn ze weer. Vanavond staan ze in de Melkweg en gister in de Effenaar, met dezelfde support en Poison The Well als extra publiekstrekker. In een volle backstage wacht ik op bassist Liam Wilson, hij blijkt echter geen zin te hebben. De vraag is of ik genoegen neem met gitarist Jeff Tuttle, de nieuwste aanwinst van de math-metalband. 'Het is niet zo dat ik alle stomme dingen voor ze moet doen hoor, ze zijn heel aardig en hebben me reeds geaccepteerd als nieuw lid. Ik vind het gewoon niet zo erg om te doen.' Enthousiast en bijna hyperactief vertelt hij over zijn eerste keer in Europa en zijn ervaring om te spelen met zijn jeugdhelden.
Lees verder..No Use For A Name - The Feel Good Record Of The Year
Hoe klinkt de ultieme feel good plaat? Eens even nadenken. Hij moet lekker agressief zijn, maar toch vrolijkheid uitstralen. Er moet tijdens het luisteren een gelukzalige glimlach op je gelaat verschijnen en de repeatknop moet je na afloop smekend aankijken. Wat je dan niet moet doen is lelijke ballades op zo'n soort plaat gaan zetten. No Use For A Name doet dat wel: auw! Twee stuks zelfs: "Kill The Rich" is extreem cheesy, de piano in "Ontario" is ronduit misplaatst. Ik blijf het zeggen: akoestische ballades voegen negen van de tien keer geen ene zak toe! No Use moet gewoon doen waar ze het best in is: snelle punkrock songs de luidspreker in laten knallen. In het geweldige "Biggest Lie" doet de band dat gelukkig ook. Dit is nou wat Amerikaanse punk zo leuk maakt: snotterige samenzang, hoog tempo en een meebrulbaar refrein. Lagwagon, NoFX en No Use zijn natuurlijk de koningen van dit genre, koningen die al jaren niet van de troon te stoten lijken. Het is wel jammer dat de oude rotten van laatstgenoemde band het hoge niveau niet constant weten vast te houden. Naast een lekker nummer als "Pacific Standard Time" staan er teveel halfbakken liedjes op The Feel Good Record Of The Year. No Use maakt de titel van de plaat daarmee niet geheel waar. The Feel Good Song Of The Year doet dat gelukkig wel. Volgende keer meer van dit soort nummers.
Wil jij wel eens even zelf controleren of die Timbo gelijk heeft met zijn aversie voor akoestische ballades? Nou dat kon, want we gaven een handvol exemplaren weg in onze prijsvraag. Daar ben je nu te laat voor dus.
File: No Use For A Name - The Feel Good Record Of The YearFile Under: A Few Feel Good Songs Of The Years
File Audio: [Op MySpace]
Beck - Odelay Deluxe Edition
Twaalf jaar na de oorspronkelijke verschijning kan worden vastgesteld dat Odelay Beck's White Album is. Een staalkaart van zijn kunnen, een plaat waarop alles wat hij daarvoor deed en daarna is gaan doen, aan bod komt. Van rauwe straatfolk, via elementaire raps tot Prince-disco en funk. En ook blijkt dat Odelay niet geschikt is voor zenuwachtige luisteraars. Ik ken weinig platen die zo ontzettend druk zijn, zo volgestouwd met ideeën, samples en effecten. Er zijn er nog minder die onder die auditieve chaos zulke makkelijk meezingbare liedjes bevatten. Van de bijna - bijna, want Beck was ook in 1996 nog steeds een slacker - furieuze opener "Devils's Haircut" via de slogan-rap "Where It's At" tot de rammelende blues in het afsluitende "Ramshackle". Zoals The Beatles op hun White Album van vaudeville, via powerpop en simpele, maar oh zo inventieve melodieën naar hardrock switchten, zo makkelijk wisselt Beck van stijlen op Odelay. Een essentiële plaat, één van de beste van het decennium. Dus is het terecht dat er nu een Deluxe Edition verschijnt, bestaande uit een ietwat aangepaste (lees: bewerkte) hoes, een dubbele digipack, een boekje met teksten en een introductie van Thurston Moore. Maar het aardigst is de extra cd met b-kantjes en drie remixes. Aphex Twin maakte van "Devil's Haircut" een geweldig "Richard's Hairpiece" en Mickey P gebruikte dezelfde track in de mash-up "American Wasteland". Alleen de U.N.K.L.E.-versie van "Where It's At" klinkt gedateerd. De overige extra tracks kregen niet de productionele grappen en samples mee van de originele tracks op Odelay en klinken dus vooral heel veel kaler. Alsof het outtakes van Mutations zijn. Niettemin zijn ze zeer de moeite waard. Deze editie is ondanks alle toevoegingen niet gericht op completisten. Al was het maar omdat bijvoorbeeld de Noel Gallagher-remix van "Devil's Haircut" ontbreekt. Maar het toont wel een muzikant op de toppen van zijn kunnen die één van de bepalende platen van de jaren negentig maakte.
File Under: Klassiekers
File Video: [Devil's Haircut]
DeVotchKa - A Mad And Faithful Telling
Vandaag in de categorie zangers die een oppersdespoot week maken: Nick Urata, de zanger van DeVotchKa. Op een bepaalde manier raakt zijn stem, als hij wat trager zingt dan de muziek gaat, een gevoelig snaar bij me raakt die me weemoedig maakt. Ik had altijd hetzelfde met Roy Orbison. Als ik diens versie van Elvis Costello's "The Comedians" (en dan vooral de Black & White Night-versiehoor, dan krijg ik een onbestemd gevoel in mijn maag en worden mijn ogen vochtig. Zo'n zelfde, melancholisch gewoel wekt Urata's stem ook bij me op. Maar dat doen hij en zijn band wel met heel andere muziek dan Orbinson ooit maakte. Voor hun muziek haalt deze groep uit Denver haar invloeden namelijk voor het grootste deel uit Oost-Europa. Helaas heeft de accordeon die op voorganger How It Ends regelmatig op de voorgrond stond een minder prominente rol op A Mad And Faithful Telling. Gelukkig krijgt het instrument in "Head Honcho" nog ruim baan. Daar staat tegenover dat er veel meer gebruik gemaakt wordt van trompetten en dat de violen in enkele nummers lekker met elkaar aan de zwier gaan. Dat zorgt dan wel eerder voor een Mariachi-sfeer dan een Oost-Europese. Het is dus niet per se Urata die de kar hoeft te trekken en dat maakt dat hij nauwgezet zijn momenten kan kiezen om te schitteren met zijn geknepen stem. Het maakt liedjes als het walsende "Blessing In Disguise", met een simpel drumpatroon en een bak strijkers, tot heerlijke dwepers. Hier en daar laat DeVotchKa horen waarom de band ook wel onder de gypsypunk geschaard kan worden, want dan trekt de band flink van leer. Ikzelf prefereer hun melancholische kant, die hier - gelukkig - de overhand heeft.
File Under: Melancholische inborst
File Audio: [ MySpace][Along The Way]
Marty Friedman - Exhibit A: Live In Europe
Instrumentale platen zijn voor sommigen iets om angstvallig te mijden. Ik heb er wat minder last van, hoewel ook ik albums met zang prefereer. Maar instrumentale albums zijn er in soorten: je hebt de tussendoortjes, waarin de gitarist in kwestie zijn kunnen tentoon wil spreiden waar hij dat in zijn dagelijkse band niet altijd kan en je hebt de instrumentale albums die de hoofdactiviteit van de gitarist in kwestie zijn. In dat laatste geval is er vaak nog ruimte om melodieën te ontwikkelen tussen de krachtpatserij. Daarbij helpt het wanneer de gitarist in kwestie ook een bandsituatie met zanger heeft meegemaakt. Dat vergt immers toch een strakkere opbouw dan puur instrumentaal werk. Marty Friedman kent inderdaad beide vormen en heeft in beide situaties successen geboekt. Ooit begonnen als een van de vele racegitaristen die destijds van het Guitar Institute of Technology kwamen, is hij nog steeds een verdienstelijk shredder, maar met name in zijn tijd in Megadeth heeft hij zich ontwikkeld als songschrijver. Dat is te horen op Exhibit A: Live In Europe, een registratie van de Loudspeaker-toernee. De composities zijn uiteraard allemaal instrumentaal - op de afsluitende cover van "Hound Dog" na, die op de valreep duidelijk maakt waarom Friedman instrumentale albums maakt - , maar door de aanwezigheid van een tweede gitaar en doordat Friedman's spel in grote delen zonder al te veel moeite zou kunnen worden omgezet naar een zanglijn blijven het songs die prima te beluisteren zijn, ook als je er al vijf voor je kiezen hebt gehad. Daarmee wordt Friedman's gitaarwerk - hoewel van hoog niveau - geen aaneenschakeling van krachtpatserij zonder rustpunten. Integendeel, ook de Megadeth-liefhebber komt hier prima aan zijn trekken. Denk er de stem van Mustaine bij en het klinkt heel vertrouwd. Geen Vaiaanse capriolen, geen continu shredderfest, maar een live-album met knap gitaarwerk waarop toevallig niet gezongen wordt - op die ene keer na. Daarmee heeft Friedman een live-album afgeleverd dat niet angstvallig gemeden hoeft te worden, liefhebber van het genre of niet.
File Under: Prima live-album, toevallig zonder zanger
File Audio: [Ripped]
Motel Mozaique 2008 - Voorpret
Eerlijk gezegd was ik er niet zo mee bezig, met Motel Mozaique, maar langzaamaan begon de vraag toch te komen: "Ga je ook?" Mijn antwoord luidde eerst telkens kortweg 'nee', veranderde na verloop van tijd - ik spreek hier over weken - in een 'misschien' en inmiddels ben ik hartstikke blij dat ik dan toch in elk geval de zaterdag van het festival mee zal pikken. Motel Mozaique staat altijd garant voor plezierige ontdekkingen, vermeldenswaardige grote namen en een uiterst verzorgd bijprogramma. Ik heb dan ook gewoon heel erg veel zin.
Lees verder..Beef - The Original
Terwijl regen en natte sneeuw het oude huis geselen en gure nawinterse winden er door alle gaten en kieren gieren, ontwaakt Beef - Neerlands hoop in donkere dagen - over mijn stereo uit een jaarlange winterslaap. En zoals een regendans nooit de oorzaak zal zijn van een eventueel losbarstende plensbui, zo zullen ook de zonnige klanken van Beef dat niet zijn voor de komende zomer, maar als markering van de seizoensovergang komt The Original precies op tijd. In de permanente wederkeer van het zomerseizoen ligt een grote geruststelling besloten. Een dergelijke geruststelling speelt ook bij het beluisteren van het vierde studioalbum. Zo zal zanger Pieter Both, die steevast een zuigje van de heliumballon heeft genomen, op de zomerfestivals ongetwijfeld weer stralend middelpunt zijn van massa's deinende feestgangers en zal de opnieuw gebeefte Krezip-tearjerker "I Would Stay" vast nog weer een keer een hit worden. Origineel is The Original niet, maar goed, goed is het wel: Both's boerenwijsheden in one-liners als 'A lie is a try to deny the truth', de muzikanten uit de strakke band die hier en daar fijne stempeltjes drukken - de drumfills in opener "The Original", Zappa's beroemde gitaarsolo "Black Napkins" in "Intrudah", de blaaspartijen van The Special Request Horns op "Rich Man". "Goddank ben ik geen recensent, want dan zou ik niet weten waar ik mijn azijn moet uitgieten", heeft Peter Slager van Bløf volgens de bio gezegd. Hoewel deze uitspraak vooral Slager's indruk van recensenten tot uitdrukking brengt, zou ik inderdaad ook niet weten waar enig kritisch venijn te moeten spuien. Muziek waarin de zon schijnt onttrekt zich vandaag de dag aan iedere neerslachtigheid.
File Under: Geruststellend zomers
File Audio: [ MySpace]
File Video: [Je mag best zeggen dat je het kut vindt]
A Thousand Knives Of Fire - The Last Train To Scornsville
Energie, ik zit er vol mee. Oorzaken: een fijn concert (The Bloody Honkies versus The Cheaters), een toffe cd (The Black Box Revelation) en aansluitend misschien nog wel een beter concert dan de eerder genoemde (Tokota, maar vooral Triggerfinger). Aansluitend wil ik die energie graag vasthouden en dat lijkt me met The Last Train To Scornsville van het Amerikaanse (Long Branch, New Jersey) A Thousand Knives Of Fire geen probleem. ATKOF sluit namelijk prima aan op de eerder genoemde bands met hun mix aan stoner, blues, rock en grunge. Een vette baspartij en strak drumwerk waar overheen de gitaarpartijen razen en de zanger zijn ding doet. Belangrijkste man in ATKOF is songschrijver/gitarist/ zanger Lee Stuart die je zou kunnen kennen van Halfway To Gone, zijn vorige band. Het album kwam oorspronkelijk al in 2005 uit, maar wordt nu ook hier gedistribueerd Een schot voor open doel dat lijkt het concept van dit album, maar er zijn wel wat oneffenheden die mij in ieder geval storen. Zo kan Stuart prima schreeuwzingen, maar lijkt er toch een rafel op zijn stem. Zo zijn de baspartijen van Taj Briggles vet, maar drukken ze na een aantal liedjes een zware stempel op de plaat. Ook de gitaarpartijen zijn van een dik-hout-zaagt-men-planken niveau waar weinig ruimte is voor detail. En dan zijn er ook nog de liedjes die in mijn oren teveel cliché's bevatten en vooral niet goed genoeg uitgewerkt zijn. Is er in het eerste deel nog sprake van liedjes, langzaam verzandt het in een grote jamsessie waar het begrip liedje ver weg is en de zangpartij verdwenen lijkt. Dat laatste is misschien maar goed ook, want naast de stem die mij niet ligt is het niveau van de teksten ook niet altijd om over naar huis te schrijven, zoals 'I'm Yours Motherfucker, I'm yours' -en dat dan vele malen achter elkaar- in "She's Yours". The Last Train To Scornsville rijdt voor mijn neus weg, maar misschien lees ik de dienstregeling niet goed.
File Under: Blussen niet nodig
File Audio: [ MySpace]
VA - Local Anesthetic
Het zullen voornamelijk verzamelaars van oude punksingles zijn die het platenlabel Local Anesthetic uit Denver kennen. Wellicht dat het stigma van punklabel daar vandaan komt. Deze verzamelaar, die al die singeltjes bij elkaar zet, bewijst dat daar enige nuance in aan te brengen is. De bekendste band is de archetypische punkband Frantix, dankzij hun geweldige track "My dad's an alcoholic". Maar de grootste naam die te horen is, is die van beatpoet Allen Ginsberg, die het gedicht "Birdbrain" opnam met als begeleiding de rammelwave van Gluons. Met die laatste opname startte het label. Naast deze twee acts werden nog negen bandjes getekend. Bum Kon en White Trash maakten furieuze hardcore en zullen niet snel de popencyclopedie halen. Interessanter is de rammelende wave van Your Funeral, dat maar één 7" uitbracht, "I Wanna Be You b/w "The Abyss". De arty wave van Young Weasels klinkt erg serieus, maar ook bijzonder gedateerd. De krijsende postpunk van Jeri Rossi valt op vanwege de dameszang en hun cover van James Brown's "It's A Man's Man's Man's World", maar is niet echt briljant te noemen. Als historisch document en vanwege een paar aardige tracks trekt Local Anesthetic de aandacht, maar de gemiddelde kopers zijn ongetwijfeld vooral singletjesverzamelaars zijn die hun collectie willen completeren.
File Under: Historische voetnoten
The Long Blondes - Couples
Ja, wist ik veel dat ze al even bestonden... Hun eerste cd, Someone To Drive You Home, leerde ik pas eind vorig jaar kennen, en dan nog vooral dankzij het fantastische popliedje "Once And Never Again" ('19, you're only 19 for God's sake, you don't need a boyfriend!'). Nou heb ik het over het algemeen niet zo op vrouwenstemmen, maar frontvrouw Kate Jackson heeft een prettige stem, die net zo springerig en vrolijk is als de muziek die haar begeleidt. The Long Blondes komen uit de Engelse arbeidersstad Sheffield, die al meer meer goede bands voortbracht (Pulp, The Human League, en niet te vergeten de Arctic Monkeys). Gek genoeg is het helemaal niet raar als je The Long Blondes omschrijft als een kruising van die drie, maar dan met een poppunk-inslag. En hier en daar wat Breeders-achtig experiment, zoals op "Round The Hairpin". Vooralsnog vind ik op Couples geen single à la "Once And Never Again", en dat is jammer, want dat had ze net dat duwtje in de goede richting kunnen geven (denk: spelen op de grote festivals van de komende zomer). Maar: als het nou echt lente wordt, en het zonnetje schijnt zo lekker dat je de raampjes van je auto open kunt zetten tijdens het rijden, dan is dit wel het ideale plaatje als soundtrack voor die autorit. Wind in de haren, lekker muziekje, wat wil een mens nog meer?
File Under: Lekker, met de lente in aantocht
File Audio: [ MySpace]
McCoy Tyner - McCoy Tyner Quartet: Live
Als me wordt gevraagd wat gevraagd naar mijn favoriete plaat aller tijden, kan ik maar één antwoord geven: A Love Supreme van John Coltrane. Inmiddels 44 jaar geleden uitgekomen, maar met een passie, intensiteit en geluid die op geen enkel ander album kan ontdekken. Pure perfectie, en het enige wapenfeit in dit universum dat me doet twijfelen aan mijn atheïsme. McCoy Tyner was toen Coltrane's pianist, en is inmiddels het enige bandlid van toen dat nog leeft. Bijna 70 maar nog steeds behoorlijk actief. Kan hij het nog? Ja, best wel. Meer dan dat echter niet. Dat komt vooral door zijn ritmesectie op deze liveplaat. De bassist weet niet wat grooven is en zit constant bovenop de tel, en drummer heeft swing bepaald niet groot in zijn woordenboek geschreven. Geen fijne ritmesectie. Tyner zelf houdt van vrij dissonante akkoorden op zijn piano, maar vult daarmee het totaalgeluid dermate dat saxofonist Joe Lovano niet helemaal tot zijn recht komt wegens een gebrek aan ruimte. Niet heel erg want Lovano is geen Coltrane. En de drummer is al helemaal geen Elvin Jones of Rashied Ali. Wat overblijft is degelijke jazz door een geweldige pianist met de gloriejaren helaas al enige tijd achter zich. Had hij andere bandleden om zich heen verzameld dan was het oordeel vast een stuk positiever uitgevallen. Maar nu? Helaas.
Ik zet A Love Supreme weer eens op. Wat natuurlijk altijd een oneerlijke vergelijking is, dat dan weer wel.
File Under: Degelijke jazz
Week 14, 2008
Storm
Elbow - The Seldom Seen Kid
Bas
Motorpsycho - Little Lucid Moments
Ewie
The Kills - Midnight Boom
Ludo
Frostparade - Self Clinging Climbers
Gr.R.
Thee Silver Mt. Zion Memorial Orchestra ft. the Tra-la-la Band @ Tivoli
Marty
Motorpsycho - Little Lucid Moments
André
Devon Sproule - Keep Your Silver Shined
Prikkie
The Presidents Of The United States Of America - These Are The Good Times People
HeetStof
Dead Souls - Cognac & Coffee
Stonehead
Opposites - Begin Twintig / Boys Noize - Oi Oi Oi Remixed / Boys Noize Bugged Out-mix
DubbelMono
Beck - Odelay (Deluxe Edition)
Presidents Of The United States Of America - These Are The Good Times People
Het tweede album van The Presidents Of The United States Of America schijnen de heren ronduit beroerd te vinden. Ik niet, ik vind het na het debuutalbum hun beste en vind juist het derde album Freaked Out And Small zwaar onder de maat. Dan weet u alvast waar u aan toe bent als ik zeg dat ik These Are The Good Times People in de buurt van II vind komen. De heren Presidents hebben een bezettingswisseling ondergaan: gitarist Dave Dederer werd live al eerder vervangen door Andrew McKeag en die is nu vast tot de band toegetreden. Voor de sound heeft dat amper gevolgen gehad. Nog steeds staan The Presidents voor vrolijke punkpop met geinige teksten. Om met dat laatste te beginnen: voor Franse meisjes moet u oppassen, Bad Times zijn fijn, het levensverhaal van een ballon begint als een 'shriveled up loser in a bag' en er wordt getreurd over een gestolen exemplaar van het Presidents-instrument bij uitstek, de guitbass. Hier en daar zijn er wel wat nieuwigheidjes te horen: op "Deleter" is zowaar sprake van een zangeres en soms gaat een song niet rechtstreeks van snel naar sneller en naar de finale, maar wordt er een grappig stukkie semi-a capella ingelast ("Bad Times"). Uiteindelijk is dit echter een plaat die weinig afwijkt van het voorgaande werk. Terecht, want het is nog steeds heerlijke pretrock.
File Under: Een krap uurtje ouderwetse Good Times
File Audio: [het hele album op de site] [PresidentSpace]
File Video: ["Mixed Up S.O.B." ook op de site]
Sweet Assembler / Flying Fortress
En hop, daar hebben we weer een nieuw label van vaderlandsche bodem te pakken. Dit keer Spacejam Records, een initiatief van Astrosonique-buddies Danny 'Bidi' van Drongelen en Marcel van de Vondervoort. Een handige combinatie, want Bidi doet ook wat met boekingen en Marcel is behendig achter de knoppen. Heb je eigenlijk je hele team al compleet. De eerste worp van Spacejam is gelijk een dubbel-cd. Een split tussen het Eindhovense Sweet Assembler en het Bossche Flying Fortress. Waar een split-cd vaak toch wel muzikale verwanten betreft - en in dit geval wordt dat nog eens extra versterkt door de in elkaar overlopende hoezen - is dat hier niet zo. Echt erg is dat niet, overigens. Sweet Assembler laat op Post Atomic Children in een half uur horen dat ze ten opzichte van hun ep (uit 2004) en cd (uit 2006) hun geluid verder verfijnd hebben. De Radiohead-associatie zou ik niet zo snel meer maken. Ze zijn eerder opgeschoven richting Porcupine Tree. Voorwaar geen straf. Luister maar eens naar het zeer fraaie "Down". Dat doet weinig onder voor wat Steven Wilson en zijn mannen laten horen. De enige overlap die er is tussen Sweet Assembler en Flying Fortress is 'stoner'. Sweet Assembler verwerkt dat her en der in hun muziek, terwijl bij Flying Fortress de broeierige riff de basis van alles is. Bij dit viertal blijkt ex-Incense-dummer Remco Cornelissen overigens de kruk warm te houden. Over het drumwerk op Man-Made Noise hoor je mij dan ook niet klagen. Over de rest ook niet echt, al zal ik niet de grootste fan van zanger Matthijs Snijders worden. Zijn stem past wel bij de gruizige liedjes die Flying Fortress maakt. Dat komt waarschijnlijk doordat ik al luisterend al snel de link leg met Kyuss en met John Garcia de degens kruisen, da's natuurlijk bij voorbaat een verloren zaak. Maar Flying Fortress is gelukkig allesbehalve een klakkeloze Kyuss-clone, de band zoekt zijn eigen avontuur de spacerock in.
File Under: Wat zal die dubbel-vinylversie kosten?
File Audio: [SweetSpace][FortressSpace]
Paramount Styles - Failure American Style
Girls Against Boys bestaat nog steeds. Scott McCloud mag dan zijn eerste soloplaat uitgebracht hebben, de band waar hij zijn reputatie mee vestigde, is niet opgeheven. Toch had McCloud blijkbaar een andere uitlaatklep nodig. Samen met GVSB-drummer Alexis Fleisig en een handvol gastmuzikanten leverde dat Failure American Style op. Een plaat waarop de intense zang van Scott McCloud het dit niet keer niet op moet nemen tegen twee basgitaren, maar tegen een akoestisch instrumentarium, inclusief een cello. En dat werkt. Waar de meeste zangers die gewend waren om tegen een elektrische geluidsmuur te zingen, bij ingetogener arrangementen plots namaak klinken, blijft de donkerbruine stem van McCloud overeind. De twaalf tracks op dit album doen dat helaas niet altijd, waardoor Failure American Style bij tijd en wijle behoorlijk saai is. Een aantal hoogtepunten is er wel aan te wijzen ("Alleyesareonyounowmypet", "Paradise Happens" en vooral "Drunx, Whores & Mzk People"), maar dat handjevol is te weinig om de aandacht van uw recensent een cd lang erbij te houden. Een slechte plaat is Failure American Style zeker niet, maar laten we het er op houden dat het een goede zaak is dat Girls Against Boys het bijltje er nog niet bij neer heeft gegooid.
File Under: Akoestische gitaren vs. twee bassen
File Audio: [MySpace]
Parkside - Cables
Een weblog dat een eigen cd-label start. Volgens mij gebeurde het nog niet eerder in Nederland. Ik gok dat Peter, het grote brein achter MOMI Recordings, hiermee een primeur te pakken heeft. Ik vind het dapper. Gelukkig kent Peter veel goede bandjes die dolgraag een podium willen hebben voor hun publiek. Aan Parkside wordt de eer gegund om met Cables de eerste MOMI-CD uit te brengen. legt de lat voor de bands die de volgende catalogusnummers toegewezen krijgen hoog. Best eng hoog zelfs. Ik bedoel, als een collega aan mij gaat vragen of ik naar de nieuwe dEUS zit te luisteren, dan heb je wel wat goed gedaan volgens mij. Toch verbaast het roepen van de naam dEUS me niet. Vooral het openings- (en prijsnummer) "The Disintegration Service" doet me sterk aan het werk onze zuiderburen denken. Ook elders valt die vergelijking te maken, maar ligt deze wel wat minder voor de hand. Daarvoor flirt Parkside teveel met elektronica, waardoor ik zelf eerder de kant van Radiohead op neig, maar twijfel welk album van deze Britten als referentie aan te halen. Eigenlijk is Notwist de ultieme referentie. Inderdaad, je leest het goed, ik durf Parkside zonder blikken of blozen te vergelijken met grote namen. Maar of ze er zelf ooit een gaan worden, ik vrees van niet. Het is gewoon verdomd lastig om een groter publiek aan te boren. Toch zou het wel mooi zijn als er iets zou gebeuren want Cables klopt: van liedjes,via arrangementen tot de zeer fraaie vormgeving. Wat ook zeer opvalt aan Cables is het goede geluid. Het grootste deel van de opnamen gebeurde gewoon in de woonkamer van gitarist/zanger Rene de Wilde en de zolder van zanger/elektronicaboer Bram v/d Oever. Parkside bewijst met Cables dat je met minimale middelen het maximale resultaat kunt halen. Een uitstekende cd om als nieuw platenlabel mee in het voetlicht te treden.
Om te zorgen dat Peter meer bier kan drinken of eindelijk een nieuw toetsenbord kan kopen hadden wij van File Under twee exemplaren aangeschaft. En die gaven we weer weg aan jullie in een prijsvraag. Konden jullie ook weer bier kopen. Maar daarvoor ben je nu dus te laat.!
File: Parkside - CablesFile Under: De lat hoog leggen
File Audio: [A Million Scientists][The Disintegration Service]
Black Francis - Svn Fngrs
Het zou een mooi jaar kunnen zijn voor iedereen die ooit zo van The Pixies hield. The Breeders hebben (eindelijk weer eens!) een plaatje gemaakt, Mountain Battles, en ook Frank Black heeft ook dit jaar weer de geest gekregen, deze keer weer onder de noemer Black Francis. Krap twintig minuten heeft hij ditmaal op een cd'tje laten branden, maar gelukkig zijn ze wel alle twintig de moeite waard! Opener en single "The Seus" is aanstekelijk en onmiskenbaar Frank Black, terwijl "I Sent Away" zomaar doet denken aan een uptempo Pearl Jam. Zo slingert hij van pop naar rock 'n' roll, luister maar naar "Seven Fingers", naar Neil Young ("When They Come To Murder Me") en weer terug, en hoewel het nergens enorm origineel of memorabel klinkt, barst het wel van de kwaliteit, een garantie die Black je eigenlijk altijd wel geeft. Om je vingers bij af te likken!
File Under: Een smakelijk tussendoortje
File Audio: [Francis-Space]
Nasum - Doombringer
Doombringer bevat een live-set van Nasum in Japan, opgenomen begin 2004 tijdens hun toer met Napalm Death. In datzelfde jaar werd zanger en gitarist Mieszko Talarczyk, die al sinds het eerste album deel uitmaakte van de band, abrupt van de wereld weggevaagd tijdens zijn vakantie in Thailand. Hij werd één van de vele slachtoffers van de allesvernietigende Tsunami, die met kerst dat jaar enorme schade aanrichtte in de hele Indische regio. De titel, vernoemd naar een track op Helvete, had wat dat betreft niet treffender gekozen kunnen worden. Het tragische verlies van hun frontman deed de overige leden besluiten om niet meer verder te gaan met hun zo geliefde, en nog steeds zo invloedrijke, grindcore-collectief. Daarna verscheen in 2006 nog de verzamelaar Grind Finale en als we Anders Jakobson (medeoprichter) mogen geloven, is bovengenoemde concertregistratie het laatste dat ooit zal verschijnen. Dat is echter helemaal niet erg. De essentie van Nasum is namelijk voortreffelijk vastgelegd op dit 23 minuten en 30 seconde tellende sonische bombardement. Voor degenen die de meesters nooit zelf aan het werk hebben gezien of hier met weemoed naar terugverlangen, is deze schijf dan ook een absolute must. De overdosis agressie, het krachtige geluid en de sidderende groove zijn ongeëvenaard. Keer op keer op keer op keer.
File Under: Doom - the end is closing in, Just before it all begins, The end is closing in
File Audio: [ MySpace]
A Silver Mt. Zion
Destroyer - Trouble In Dreams
Best lullig: heb je al acht verdienstelijke albums uitgebracht, gaat een recensent je negende album toch vooral met dat van Bowie aan het begin van de zeventiger jaren vergelijken. Dat was althans de eindconclusie van de recensie in de Oor over Trouble In Dreams van Destroyer. Het zou mede komen door de stem van Dan Bejar, die inderdaad hoog en schraal is. Normaliter lees ik trouwens nooit recensies van anderen als ik nog iets over een album mag zeggen, maar ik wist nog niet dat Trouble In Dreams naar mij toegestuurd zou worden. Aangezien ik de twee eerdere verdienstelijke albums hier mocht recenseren was ik toch wel nieuwsgierig. Maar goed, nu mag ik er zelf iets over zeggen. De grote man van Destroyer is dus zanger/gitarist Dan Bejar en hij maakt muziek die zijn oorsprong vindt in het dramatische werk van Kurt Weill in de twintiger/dertiger jaren. Veel artiesten zijn door Weill beïnvloed, ik noem Jacques Brel, John Cale, Suede en ook bijvoorbeeld een bandje als de Pet Shop Boys. En ook Dan Bejar met zijn band Destroyer. Het werk dat ik ken van Destroyer is allemaal zeer goed te pruimen, en deze laatste plaat is opgenomen met grotendeels dezelfde band als de voorganger Destroyer's Rubies. Hij ligt dan ook in het verlengde daarvan. De liedjes zijn weer intiem en prachtig, de uitvoeringen mogen er zijn (let op het prachtige pianospel), de teksten zijn wederom poëtisch en de productie is kraakhelder. Ik vroeg me echter af waarom zijn werk maar steeds vergeleken wordt met anderen. Ik denk dat ik het antwoord weet: het is allemaal erg goed gedaan, maar de ultieme liedjes die zich in je hoofd nestelen ontbreken en liggen misschien toch wel wat teveel in elkaars verlengde. En dus wordt je werk vergeleken met dat van anderen. Best lullig dus, maar ik kan me niet voorstellen dat het met het tiende album anders zal zijn.
File Under: De Dreigroschenoper van 2008
File Audio: [ MySpace]
File Video: [Live (solo): [Foam Hands][Rivers]]
Timesbold - Ill Seen Ill Sung
Jason Merritt is een rare snoeshaan, een zonderling, een loner. En een buitengewoon begiftigd muzikant natuurlijk. Hij zorgde voor een van de lulligste momenten in mijn rijke concertbezoekleven. Na afloop van zijn optreden in Kultuurhuis Bosch kocht ik een EP'tje van Whip dat alleen te koop is tijdens tournees. Ik vroeg hem om het te signeren. Hij keek me eerst aan alsof het hem nog nooit eerder gevraagd was en vervolgens schreef hij in droge letters met mijn watervaste stift Whip op de achterkant met een raar krabbeltje eronder. Ik had hem toen ik het vroeg toch echt Jason genoemd. Enfin, ik vergaf het hem natuurlijk met grote graagte. Het was een Whip-concert ten slotte. Het concert ervoor was kort. Te kort. Hij had het idee dat de mensen er niets aan. En had achteraf spijt als alle haren op zijn kin en de whisky in zijn fles dat 'ie zo snel gestopt was. Gelukkig maakt hij dat nu goed door met een nieuwe cd te komen van Timesbold, de band die hem toch de grootste bekendheid gaf. Op Ill Seen Ill Sung laat Merritt zich in tegenstelling weer uitgebreid begeleiden door een band in plaats van spaarzaam te klinken zoals in Whip. Het contrast is nogal groot. Erg is dat niet, maar ik geloof dat ik sinds de laatste Timesbold uit 2004 wat meer van de kale liedjes van Whip ben gaan houden , waarin Merritt's jammerende stem zo goed tot zijn recht komt. Toch kan ik Ill Seen Ill Sung me wel degelijk bekoren. Al schrok ik wel van het 'geweld' in de eerste twee nummers. Die zijn alles behalve ingetogen met hun gejakker over banjo en slidegitaar. Gezien het hierboven bekende is het echter niet raar dat ik het meest geniet van de stillere nummers.
File Under: Bijzondere zonderling, nu weer met band. Bijna net zo leuk.
File Audio: [ MySpace]
Magnum - Wings Of Heaven Live
Op Magnum kun je de klok gelijk zetten tegenwoordig. Sinds ze in 2002 tekenden bij SPV toeren de heren weer dat het een lieve lust is, brengen ze minstens eens per jaar een studio-album, een live-album of een live-dvd uit en het mooiste is dat de kwaliteit daar niet onder lijdt. En wanneer ze dan ook nog hun oude werk in het zonnetje zetten levert dat mooie dingen op, zoals deze keer Wings Of Heaven Live. Op cd 1 is er een mooie selectie van oud en nieuw te horen: vier tracks van het laatste studio-album Princess Alice And The Broken Arrow en klassiekers als "How Far Jerusalem", "Vigilante" en "Kingdom Of Madness", cd 2 is geheel gewijd aan hun succesalbum Wings Of Heaven uit 1988. De kern van de band is nog steeds het trio Bob Catley (zang) - Tony Clarkin (gitaar en composities) - Mark Stanway (toetsen) en het geluid is in al die jaren amper veranderd. Soms wat meer toetsen, soms wat meer folky dingetjes, maar uiteindelijk is het vooral melodieuze rock van hoog niveau. Hippe cats met larger-than-life ego's en dito fratsen zijn ze nooit geweest en dat is misschien ook de reden dat ze nooit groot doorgebroken zijn. Luisterend naar dit album kan ik echter alleen maar concluderen dat Magnum nog steeds meer verdient dan ze krijgen. Voor ons, de luisteraars, betekent het in elk geval dat ook Wings Of Heaven Live weer van hoge kwaliteit is en twee cd's lang blijft boeien. Een eerlijke registratie is het ook, want als Catley in het intro van "How Far Jerusalem" een nootje niet lekker raakt, hoor je hem voor de grap nog even lekker vals doorgaan. Eerlijke rocksongs zonder pretenties - maar stuk voor stuk goed opgebouwd - op een cd met een prachtig livegeluid. Je hoort in de eerste plaats een rockband, terwijl de details nergens verloren gaan. Wie Magnum al waardeert kan dit album blind kopen, voor andere liefhebbers van melodieuze rock zou dit een prachtige kennismaking kunnen zijn.
File Under: Kwaliteit komt altijd bovendrijven
File Audio: [MagnumSpace]
Air Traffic
Over hitlijsten, afgaande telefoons, EMI en een blind date
De zaal in Tivoli is nog leeg, maar de gang naar de ingang is al vol. Vol met tienermeisjes en -mannetjes. Dat had ik niet verwacht bij Air Traffic. De muziek van Air Traffic komt mij redelijk volwassen over, zeker een nummer als "Shooting Star", dat wonder boven wonder GEEN hit is geworden. Daar verbaasde de groep zichzelf ook over, zeggen ze me later in het interview. Maar nu eerst op zoek naar Air Traffic. Het doolhof van Tivoli blijft me verwonderen, hoe vind je hier in hemelsnaam je weg? Er hangen alleen maar bordjes met 'uit', maar niet met 'in'. Uiteindelijk loop ik bij ze de kamer binnen. Ik schrik een beetje, ik kijk tegen een paar piepkuikens aan, vier piepkuikens om wel te zijn, dat had ik niet verwacht. Vandaar die schare met tieners voor de deur!
Supergrass - Diamond Hoo Ha
Waarschijnlijk heeft de Britse band Supergrass bij het gros van jullie allang afgedaan. 'Oh ja, die had je ook nog...' Dat is echt zó onterecht! Ik zal even uitleggen waarom ik nog steeds fan van de band ben. Al moet ik toegeven dat het tegenwoordig allemaal niet meer zo geweldig is als op de eerste twee platen. We waren tijdloos leuke britpopliedjes gewend en opeens ging het trio, dat in 2002 overigens een kwartet werd, steeds meer van die halfbakken mjah-liedjes maken. Toch heb ik ook de laatste albums midprice in huis gehaald en heb ik me er nog nooit bekocht mee gevoeld. Op elke Supergrass-plaat, zelfs een mindere, staat namelijk wel zo'n supersterk ballad-achtig nummer dat een oefening is in hoe ver fraaie liedjes kunnen ontsporen. Op Life On Other Planets is dat het prachtige "Run" (originele idee: hoe doordringend kun je een gitaar laten scheuren), op het rouwende Road To Rouen is het "Roxy" (originele idee: hoe kun je zo machtig mogelijk soleren op iets wat eigenlijk maar één akkoord is, inclusief strijkorkest) en op deze nieuwste plaat is het de afsluiter "Butterfly" (originele idee: hoe verpak je het leukste riffje uit Could It Be Magic stiekem in een episch meeschreeuwnummer). Maar ook de rest van dit nieuwe album Diamond Hoo Ha is voor de verandering helemaal niet zo verkeerd. Voor de single "Diamond Hoo Ha" en "345" heeft Gaz duidelijk naar The White Stripes geluisterd (nieuwe invloed!). En liedjes als "Rough Knuckles" of het escapistische "When I Needed You" doen zelfs weer denken aan het jeugdige, lekker gekke vintage Supergrass. Alleen beklijft het beide nog niet. Mij bezorgt deze zesde plaat veel plezier omdat mijn superband zijn vorm hervonden heeft. Ben je geen fan, beoordeel de plaat dan op de single en de obligate gekballad.
File Under: Sterke comeback
File Audio: [ MySpace]
File Video: [Diamond Ho Haa Man][Bad Blood (houdt u de camera even recht?)][Hee, da's een rare YouTube-user (met Beat It-cover!)]
VA - Dinner Music For Clubbers
Peter Grummich, de baas van Staubgold, zat opgewekt in een restaurant het tienjarig bestaan van zijn label te vieren, toen hij zich tijdens het zoveelste candelight-muzakje verslikte in een stukje broccoli. Dit moet anders, dacht ie. Hij spoedde zich naar huis, waar hij zich over zijn zelfuitgegeven verzameling boog. Even begon hij te twijfelen of ie niet teveel linkerveld-electronica op de wereld had losgelaten. Zo vanzelfsprekend was 't nog niet om een eet-cd samen te stellen. En hij had nog steeds honger. Grummich beperkte de glitches en krassende gekte tot een minimum en selecteerde vlug een portie donkere ambient soundscapes, die de tafelgasten niet al teveel zouden afleiden. Veel repetitieve synthesizerloops en verre echo's van een beat. Om te vermijden dat de logge akkoorden teveel op de maag zouden inwerken besloot Grummich zijn joker Alejandro Franov dan maar twee keer in te zetten. Diens recente album Khali kwam toch al recht uit een hippe loungebar, constateerde hij een tikkeltje beschaamd. Verrek, dacht Grummich, ik krijg niet eens een uur vol. Hij keek naar buiten, een laatste zonnestraal viel over zijn balkon. Eureka, als ie nou zijn eigen elf minuten durende "Sunbeams" erbij zou zetten? Maar ja, was dat geen valsspelen, tenslotte hadden zijn collegae van Kompakt die single uitgegeven. Quatsch grijnsde Grummich. Wer ist hier der Chef!
File Under: (K)ein Schranz-Platte
File Audio: [Grummich-Space]
Miracle Fortress - Hold Your Secrets To Your Heart
Gorki - Voor Rijpere Jeugd
Het is het algemene sein dat je dronken bent. Dat je die laatste drie toch niet meer had moeten nemen. Dat is het moment als je de teksten van Bløf begint te begrijpen. Bløf is voor mij het grote voorbeeld van alles wat er mis is aan de Nederlandse rockmuziek. Vaagheid wordt gezien als diepgang. En de rest van Nederland zingt vooral 'Ik hou van jou en ik blijf je trouw'. Huub van der Lubbe blijft overeind, maar houdt zich aardig gedeisd de laatste tijd. Echter, waar zijn de Rick de Leeuw's en Thé Lau's van deze generatie? Nee, voor de redders der Nederlandstalige rockmuziek zullen we toch over de grens moeten kijken, daar waar Tröckener Kecks en The Scene sowieso al eerder voet aan de grond kregen dan hier en daar waar Luc de Vos al jaren op de rocktroon resideert. Met Stijn Meuris als kroonprins. Men neemt in Vlaanderen nog de tijd voor de teksten, om te schrijven en om naar te luisteren. Koning Luc heeft zich weer eens onder zijn discipelen geschaard en heeft een nieuwe plaat opgenomen met zijn Gorki. Muzikaal maakt Gorki weer een stap voorwaarts, ze speelt eigenlijk al jaren die muziek waar Editors en The Killers momenteel erg populair mee zijn en ten opzichte van Homo Erectus is de plaat weer dansbaarder. En zo heb ik ze toch het liefst. Maar tekstueel scheert De Vos op Voor Rijpere Jeugd weer over hoge toppen; 'ik zie de mensen denken / dat kan ik ook / en misschien is dat waar / maar waarom doen ze het dan niet!' om maar eens een voorbeeldje te noemen. De plaat staat er vol van en liefhebbers laven zich eraan, met volle teugen. Gorki staat aldus met Voor Rijpere Jeugd nog steeds op een eenzame hoogte in de Nederlandstalige rockmuziek en toont vooral nog eens bikkelhard het literair onvermogen aan van alle Jacobsens, Ewbanks, Acda's, De Munniks en Spinvissen bij elkaar. De dichter Hugo Claus is dood en een nieuwe zal voorlopig nog niet opstaan. Tot die tijd doen wij, de rijpere jeugd, het met Luc de Vos...
De release van een nieuwe Gorki moet gevierd worden natuurlijk! Daarom gaven we ism PIAS enkele exemplaren weg van Voor Rijpere Jeugd. Om mee te doen ben je nu te laat.
File: Gorki - Voor Rijpere JeugdFile Under: Verplichte kost voor iedere literatuurlijst...
File Audio: [ MySpace]
Tim Vanhamel - Welcome To The Blue House
Het verbaasde gezicht van de verkoopster bij de Free Record Shop in Zwolle zal ik nooit vergeten toen ik het bonnetje overhandigde. Ik bracht de debuut-cd van Millionaire terug. Ik kocht Outside the Simian Flock op de gok - het was de Try Before You Buy-disc - op het station in Amersfoort, omdat ik mijn cd's in de haast op het werk had laten liggen. En in de trein moest ik tenslotte toch wat te luisteren hebben. In de trein oordeelde ik dat ik het een geweldige plaat vond en bracht 'em in Zwolle terug. En kreeg mijn geld terug. Ik vind de Free Record Shop namelijk een vervelende winkel en koop liever bij een zaak als Plato. Daar kocht ik de cd niet veel later voor een tweede maal. Ondertussen zijn we zes jaar verder en heeft Millionaire-frontman Tim Vanhamel de ene knipperlichtrelatie na de andere gehad met bands. Bij Millionaire staat de cd-teller nog maar op twee. Helaas. Als klein zoethoudertje is er nu een solo-cd van Vanhamel. Hierop laat hij zijn meer poppy kant zien. Dat is blijkbaar de manier waarop hij zijn stukgelopen relatie met het Belgische model Hannelore Knuts het beste kan verwerken. Het is wel even wennen om Vanhamel zo te horen. Af en toe, bijvoorbeeld in het met strijkers doordrenkte "Like A Fire", is het zelfs mierzoet melancholisch. De ijle stem van Vanhamel versterkt dat nog eens extra. Maar meestal slaat de meter toch uit richting de positieve kant. Zo heeft de single "Until I Find You" wel wat positief Coldplay-achtigs over zich, maar is het gezegend met het grillige van Millionaire. Als zoethoudertje voldoet Welcome To The Blue House uitstekend, maar ik zou wel graag binnen niet al te lange tijd een nieuwe plaat van Millionaire willen. Dat is toch nog steeds de hoofdmaaltijd.
Voor het concert van Tim Vanhamel in Ekko zondag aanstaande geven we enkele setjes van twee kaarten weg! Wil jij graag zien hoe Tim zijn luduvudu verwerkt heeft in liedjes, mail ons en je hoort zsm of jij erbij kunt zijn zondag.
File: Tim Vanhamel - Welcome To The Blue HouseFile Under: Gedeelde smart is halve smart.
File Video: [Until I Find You]
File Audio: [ MySpace]
Nokia presenteert: The Black Box
De reis van Christopher wordt geleid door een mysterieuze zwarte doos. Hoe weet de doos waar Christopher naartoe gezonden moet worden? Waar komt deze donkere technologie vandaan? En zal het Christopher helpen zijn droom waar te maken of zal deze reis resulteren in zijn grootste nachtmerrie? Vind de coördinaten. Los het mysterie op.
Los het Black Box raadsel op om kans te maken op een Nokia 500 Auto Navigation.
The Breeders - Mountain Battles
Mountain Battles is pas het vierde album van de Breeders. Voor een band die al bijna 20 jaar bestaat niet echt een indrukwekkende score, maar de zusjes Deal hadden het best druk. Kim Deal was veel op pad met de Pixies en Kelley ging in de weer met naalden. Eigenlijk is er in de 18 jaar sinds debuut Pod bar weinig veranderd of vernieuwd in de wereld van de Breeders. Zelfde producer (Steve Albini), zelfde opnametechniek (analoog), zelfde mix van LoudQuietLoud. Waar Albini Pod als een van zijn beste werken beschouwt, is het nog maar de vraag of hij dit ook over Mountain Battles zal zeggen. Pod was spontaan, verrassend en vernieuwend. Mountain Battles is eigenlijk vooral... verrassend vreemd. Ieder liedje springt een eigen kant op en het geheel hangt dan ook als los zand aan elkaar. Saai wordt het in ieder geval nooit en gelukkig zijn het luie basspel en de hese stem van Kim Deal in de meeste nummers nadrukkelijk aanwezig. De plaat is zeker niet slecht en vooral de wat langzamere liedjes waar Kim en Kelley samen zingen zijn aandoenlijk sterk. Maar de vraag is of er iemand zit te wachten op een door Kim in zogenaamd Duits gezongen liedje waar geen Duitser iets van zal verstaan en dat dan ook nog "German Studies" heet. De Breeders hebben duidelijk Scheisse aan een wereld waar iedereen eigenlijk stiekem zit te wachten op een nieuwe "Gigantic" of "Cannonball". En gelijk hebben ze.
File Under: Sisters are doin' it for themselves
File Audio [Bang On]
The Black Box Revelation - Set Your Head On Fire
De volgende ochtend bruis ik nog van de energie. Het concert van het kwartet The Bloody Honkies, inclusief de bijna doodsmak van zanger Lawrence Mul, en de daaropvolgende set van het Noorse trio The Cheaters heeft veel indruk gemaakt. Wat een energie, wat een shows, wat een rock 'n' roll. Het is dus zaak om de energie vast te houden. Naast de cd's van bovengenoemde bands slingert er nog een album rond in de buurt van mijn cd-speler dat hier prima aan toe te voegen is. Het betreft Set Your Head On Fire van het Brusselse duo The Black Box Revelation. Het duo is nog geen twintig, en wist via een tweede prijs bij de Humo Rock Rally 2006 de aandacht op zich te vestigen. Na een ep in 2007 en o.a. een optreden op Pukkelpop zijn ze er nu met hun eerste volwaardige album. De platenmaatschappij heeft vertrouwen in de jongens. Als producer werd Mario Goossen (drummer van Triggerfinger) ingeschakeld, als mixer werd Greg Gordon (o.a. Wolfmother en Jet) ingehuurd en het zooitje werd dan weer gemixt door Fred Kevorkian (o.a. Iggy Pop en The White Stripes). Waar de jongens hun muzikale referenties hebben lijkt me dan meteen wel duidelijk. De vraag is alleen of het tweetal Jan Paternoster (gitaar en zang) en Dries van Dijck (drums) het ook waar kunnen maken. Ja, dus. De liedjes van Paternoster zitten prima in elkaar en muzikaal staan ze ook helemaal hun mannetje. Er is muziek om bij te rocken, muziek om bij te dansen en muziek om even bij te komen. Luister eens naar opener "I Think I Love You". Als deze je, net als mij, bij je lurven pakt dan zal de rest je allerminst teleurstellen. De Belgen, ze flikken het weer. Meer dan vijftig minuten lang.
File Under: De energie stroomt voort
File Audio: [ MySpace]
File Video: [I Think I Like You][Love, Love Is On My Mind][Gravity Blues]
Ane Brun - Changing of the Seasons
Het was muisstil in de Amstelkerk. Ane Brun presenteerde haar nieuwe cd Changing of the Seasons. Ik kon het me niet voorstellen, dat ik op dat moment wat anders zou doen dan luisteren naar Ane Brun, maar de mijnheer voor ons zat rustig zijn werk te corrigeren. Ik snapte het niet. Wat bracht deze dan man hier? Op mijn schoot zat Junior. We luisterden samen. Zelfs hij, die toch behoorlijk wat problemen heeft zich langere tijd te concentreren, was een en al oor voor Ane. Zij gaf zich, solo, helemaal bloot. Nog naakter dan ze toch al klinkt op Changing of the Seasons, dat zonder twijfel haar sterkste plaat tot nu toe is. Changing of the Seagons is anders dan de geprezen voorganger A Temporary Dive. Klinkt heel anders ook. Ik denk dat dat voor een deel te danken is aan producer Valgeir Sigurdsson, die eerder Sigur Rós, Björk en Múm produceerde. Hij laat Brun klinken zoals ik een singer/songwriter graag hoor. Puur, maar niet te kaal. Breekbaar, maar toch sterk. Divers, maar toch stijlvast. Daar helpt een flinke bak strijkers bij, maar die dienen overal nederig hun meesteres. Haar stem klinkt ook nog wonderlijker dan voorheen. Neem het bijna Dolly Parton-achtige "Treehouse". Of het op zich bijna vrolijk huppelende "Armour", dat eigenlijk een heel pijnlijk persoonlijk liedje is. Ane vertelde in de Amstelkerk dat ze zelf een hele tijd geen muziek gemaakt had. Ik kon me niet voorstellen dat iemand die zulke mooie liedjes maakt, dat ook kan hebben. Luisterend naar een Gillian Welch-plaat zag Ane uiteindelijk weer licht in de duisternis. Het verhaal vertelt ze in het prachtige "Gillian". Brun doet ook totaal geen moeite om te verbergen dat de afgelopen paar jaar niet de fijnste waren uit haar leven. Dat hoor je op Changing of the Seasons terug. Pijnlijk mooi.
File Under: De derde vrouwelijke kandidaat voor mijn jaarlijst.
File Audio: [ MySpace]
File Video: [The Treehouse Song][The Puzzle] [Met Nina Kinert in een lift. Ik ken ergere straffen.]
Atrocity - Werk 80 II
Verbaasd waren ze, regelrecht verbaasd, toen de heren van Atrocity hoorden dat Dita von Teese het wel zag zitten om te poseren voor de hoes van Werk II. Sterker nog, er waren er meer verbaasd, want het haalde zelfs de Telegraaf. Waarmee weer eens bewezen is dat seks verkoopt. Dita von Teese, in 1972 geboren als Heather Renée Sweet is vooral bekend van modellenfaam en haar korte huwelijk met Marylin Manson. Ze is begonnen als stripper en erotisch model, ze heeft drie maal voor Playboy geposeerd, speelde in erotische films, zoals onlangs bleek, maar wordt nu als serieus model gezien. Ze loopt shows voor onder andere Jean Paul Gaultier. Daarnaast acteert ze in een aantal filmhuisfilms, maar vooral in videoclips. Hierdoor hebben von Teese en Manson elkaar ook ontmoet, al is het van een verschijning in een videoclip nooit gekomen. Het echtpaar ging uit elkaar omdat von Teese het niet meer accepteerde dat de shockrocker niet van de groupies af kon blijven. Haar stijl, meestal omschreven als burlesque, heeft gezorgd voor de revival van de stijl en de bijbehorende kleding, geïnspireerd door de (film)mode van de jaren dertig, met veel korsetten, netkousen en veren. De foto op de hoes van Werk II is ook in dergelijke stijl geschoten en ook gelijk het enige dat interessant is aan de cd...
File Under: Duitse metalband doet jaren tachtig covers
File Audio: [ MySpace]
File Video: [The Sun Shines Always On TV]
Barry Adamson - Back to the Cat
Ergens tussen het werk van vrijwel vergeten jazzcats (ja, de titel van deze plaat komt niet uit de lucht vallen), anonieme nachtcluborganisten, Mark Sandman's Morphine en klassieke crooners, vindt Barry Adamson's twaalfde album een plek. Tussen die twaalf platen bevindt zich ook een klein handjevol soundtracks en dat is ook hier nog te horen. Filmisch, is dan het toverwoord. Maar ook funky, soulvol en donker. Back to the Cat is niet zo duister als eerdere platen van Adamson - afsluiter "Psycho_Sexual" komt wel dicht in de buurt - maar het decor is nog altijd dat van donkere nachtclubs, achterafsteegjes en andere schaduwkanten van de grote stad. Wel valt hier op hoezeer zijn zware, soepele stem soms op die van Lee Hazlewood lijkt (bijvoorbeeld in opener "The Beaten Side of Town"). En nu we toch namen laten vallen: Curtis Mayfield en Leonard Cohen-met-bigband zijn ook logische associaties. Als de original soulsounds van Nicole Willis, Amy Winehouse en Duffy op een publiek kunnen rekenen, zou Barry Adamson op zijn vijftigste zomaar ineens een hitplaat in handen kunnen hebben. Niet gek voor iemand die Magazine en Nick Cave's Bad Seeds op zijn c.v. heeft staan.
File Under: Stijlvolle alleskunner in donkere nachtclubs
File Audio: [De hele plaat streaming]
Junkie XL - Booming Back At You
Tom Holkenborg, alias Junkie XL, is tegenwoordig een van de weinige Nederlandse artiesten die eerder een vermelding op de Amerikaanse site Metacritic scoort dan een recensie in een van zijn vaderlandse kranten. Hij woont sinds 2003 dan ook in Los Angeles. En moet je z'n tour zien, Europa is er niet eens bij! Tegelijk is hij volgens mij een van de weinige grote artiesten die niet eens een fansite heeft. Dat krijg je ervan als je muziek voornamelijk functioneel is. Tja, sinds Radio JXL (dat mij tegenviel) was ook ik hem uit het oog verloren. Ongetwijfeld heb ik 'm onbewust nog een beetje gevolgd, via de tientallen soundtracks die hij intussen voor games geschreven heeft, maar nu is er dan eindelijk weer eens een album: Booming Back At You. En ik vind het best oké. Beetje raar dat Tom er bij 3VOOR12 zelf zo denigrerend over doet, op het eerste gehoor. Met de helft van de plaat ("Fuck More", "1967 Poem", "Clash") haakt-ie toch leuk in op de botte Ed Banger-sound die alweer een tijdje heerst en waar ik niet genoeg van krijg. En de andere helft (het oldschool "Stratosphere" en "Zage", en slimme popdingetjes als "No Way", "Mad Pursuit" en een Siouxsie & the Banshees-cover) sluit aan bij z'n eerdere werk, alleen dan platter. Die directheid blijkt het nadeel van de plaat. Het klinkt dan wel erg cool (en hard, gevalletje loudness war weer hoor), en ook met de remixen die van hem bij Beatport te horen zijn is weinig mis, maar dat maakt het allemaal nog geen blijvend goed werk. Booming Back At You is een prima ceedeetje voor bij het sporten of om mee te autoracen, maar hij stormt met hetzelfde ijltempo ook je andere oor weer uit. Het is ontzettende achtergronddance! "Mensen moeten muziek niet zo serieus nemen", zegt Holkenborg in het 3VOOR12-interview. Nee, met zo'n houding zul je inderdaad nooit een meesterwerk afleveren.
File Under: Boterham met kaas
File Video: [Clipjes en Fuck More op zijn site] [Nou, die rock-remix van More had Rob Zombie niet beter gedaan]
Bryan Adams - 11
Eerlijkheid gebiedt mij te zeggen dat ik Bryan Adams ergens aan het einde van de jaren '90 uit het oog ben verloren. Dat de man met de schuurpapieren strot nog steeds platen maakte wist ik dan weer wel, maar het was niet iets waar ik de afgelopen jaren veel aandacht aan had besteed. Nu komt Adams echter met 11, zijn elfde album, waarop elf liedjes staan. En belangrijker, het album waarop producer en songschrijver Robert John 'Mutt' Lange weer een grote rol speelt. Lange was in het verleden al gedeeltelijk verantwoordelijk voor het succes van Waking up the neighbours en de monsterhit "Everything I do (I do it for you)". En zo op het eerste gehoor zouden de liedjes op dit album ook zo op de klassieker uit 1991 kunnen staan. Met het verschil dat de wat langzamere nummers me deze keer niet de keel uit gang hangen, hoewel deze nog steeds tegen het kleffe aan liggen qua tekst. Na een tekst als 'You give me love when love is al I need to live' hoef je ook niet echt veel diepgang te verwachten. Daarentegen werkt het wel in het afsluitende "Walk on by", waarin Adams solliciteert naar de functie van Canadese evenwicht van Bruce Springsteen. In drie minuten vertelt hij een simpel verhaaltje zoals Springsteen dat kan en dus is hij bij deze aangenomen. Wat opvalt is dat alle liedjes lekker wegluisteren en ook zo lekker blijven hangen. Na één keer luisteren naar "Tonight we have the stars" en "I thought I'd seen everything" kan je het een volgende keer al letterlijk meezingen. Die simpelheid is meestal dan ook de kracht van de nummers. Wat ook een positieve rol speelt is het veelvuldig gebruik van een slide gitaar, waardoor het geheel een klein country tintje meekrijgt. Dat is waarschijnlijk aan Lange te danken, dus hopelijk gaan ze deze samenwerking weer doorzetten op het volgende album.
File Under: Adams en Lange mogen nooit meer scheiden
File Video: [I thought I'd seen everything]
Kaizers Orchestra - Maskineri
Ik dacht altijd dat elk studioalbum van Kaizers Orchestra stiekem gewoon een excuus was om zo snel mogelijk weer op pad te kunnen met gasmaskers en olievaten. Ik had verwacht dat de groep ondertussen wel een keer met een geheel Engelstalig album op de proppen zou komen om het rondje rond de kerk verder uit te breiden. Je maakt mij namelijk niet wijs dat voor de muziek die de Kaizers maken niet een grotere markt aan te boren valt. Helemaal nu ze op hun nieuwe cd Maskineri net weer een stukje normaler klinken dan op de drie (studio)voorgangers. Ik vind zelf het Noorse dialect waarin de band zingt, wel degelijk tof om te horen, maar kan me zo voorstellen dat de gemiddelde Amerikaan / Engelsman er door afgestompt wordt. Gelukkig maar, want nu komen ze dus vaker hier. Koppel de immer fenomenale podiumpresentatie van deze Noren aan Engelse teksten en ik denk dat ze de Engelstalige landen ook met groot gemak aan hun zegekar zouden binden. Wat ik wel jammer vind is dat de kenmerkende hoempapunk van hun eerste twee platen bijna geheel verdwenen is. Al scheelt het wel dat de liedjes van zanger Janove Ottesen en Geir Zahl die nu op Maskineri staan niet slechter zijn, hooguit zijn ze minder opmerkelijk. Al moet ik wel fronsen van een liedje " Med en gang eg når bånn", dat gaat me net iets te ver. Die is namelijk een hemeltergende ballade. Opmerkelijk is ook dat "Ond Sirkel" me steeds weer doet denken aan Nirvana's "About A Girl". Toch vind ik de nummers die wat meer ontvlammen en rammelen verreweg de leukste. Of ligt dat misschien aan mij?
File Under: Opgeschoven naar het midden. Hmm.
File Audio: [ MySpace]
GrimSkunk - Fires Under The Road
GrimSkunk's Fires Under The Road dateert uit 2006. Waarom dan hier een recensie? Omdat pas nu iemand de wijsheid heeft gehad om het album hier uit te brengen. Dat dat pas nu gebeurd is onbegrijpelijk, als je ziet wat voor halfbakken meuk er in de tussentijd wèl is uitgebracht. Fires Under The Road is namelijk een volwassen album, met uitstekende songs en in een stijl die rockliefhebbers én popliefhebbers moet kunnen aanspreken. Hun muziek zit ergens tussen stoner en de betere elementen van The Offspring en Foo Fighters, kortom: rocksongs die hun rauwheid behouden hebben, maar die steeds een onvoorstelbaar sterke hook hebben. Luister maar eens naar "Blown to Pieces": tempo, een melodie die meteen blijft hangen, een lekker orgeltje erachter, en een song die het volstrekt onmogelijk maakt om stil te blijven zitten. Eerlijk gezegd vind ik het onbegrijpelijk dat ik pas bij hun elfde cd kennis maak met deze Canadezen, want het smaakt naar meer. Van mij mag dit vuurtje nog verder worden opgestookt. O ja, de reden dat Indica - laat, maar toch - de wijsheid heeft gehad dit album uit te brengen? 9 april GrimSkunk in de Melkweg.
File Under: Heet, heet, heet!
File Audio: [GrimSpace]
File Video: ["America Sucks" en "Fires Under The Road"op de site]
Van Der Graaf Generator
Ladyhawk / Rocky Votolato
Een drummer die zit te rammen, een organist die als een gek (vals) tekeer gaat, een gitarist die zijn gitaar laat knarsen en dan een zanger die zijn stem al meteen in de hoogste versnelling zet. Welkom bij de therapiesessie Shots van Ladyhawk. De vier Canadezen (Vancouver) zoeken het in de Americana-hoek, maar wel in die van de opgefokte Pixies-soort met een zanger wiens stem klinkt als een wat overspannen Jason Molina (Songs: Ohia / Magnolia Electric Co.) en een gitarist die zo in Crazy Horse zou kunnen zitten. En met liedjes die wat mij kunnen wedijveren met die van My Morning Jacket. Het album Shots zit dan ook goed in elkaar met liedjes waarbij het gaspedaal geregeld ingedrukt wordt en soms uit de bocht vliegen alsof e.e.a. is opgenomen op een wilde zaterdagavond waarop nog veel staat te gebeuren. Toch gaat soms ook de voet van het gaspedaal af om de energie hierna vrij te laten komen. Na negen songs die achtentwintig minuten klokken, is het al gebeurd. En kan ik de play-knop weer indrukken of de vampier op de hoes hoopvol aankijken.
Waar Ladyhawk klinkt als de wilde zaterdagavond daar klinkt Rocky Votolato als de kater de ochtend erop. De Amerikaanse singer-songwriter (Seattle) heeft voor The Brag & Cuss een band om zich heen verzameld. De leden hebben hun niet geringe sporen reeds verdiend bij bijvoorbeeld Sufjan Stevens, Pedro The Lion en Cat Power. Votalo vliegt met zijn liedjes nergens uit de bocht, de muzikanten spelen bekwaam. Het resultaat heeft raakvlakken met Americana, maar het is vooral de melancholie die ervan afdruipt. Het is net als het werk van iemand als Ryan Adams toegankelijk voor een breder publiek. Votolato zingt over zijn grote liefde en dat is kennelijk de drank die niet altijd voor geluk zorgt, maar wel voor liedjes. Elf stuks in dit geval, verzameld op het album The Brag & Cuss.
File Under: Americana (short) party time
File Audio: [ MySpace]
File Video: [Een mini-documentaire][Promo 1][Promo 2]
File: Rocky Votolato - The Brag & Cuss
File Under: The Day After
File Audio: [ MySpace]





















































































































