Wye Oak

Het tweetal Wye Oak uit Baltimore bestaat al sinds 2006: het in eigen beheer uitgebrachte If Children kwam op de radar van Merge Records, een succesvol indielabel dat sinds 1989 wordt beheerd door Mac McCaughan en Laura Balland van Superchunk. Sindsdien geniet Wye Oak van een steeds groter wordende fanbase. De band bracht in 2011 Civilian uit, een enerverende (gitaar)popplaat vol onderhuidse dynamiek en slimme wendingen.
Wye Oak is qua werkwijze best uniek te noemen binnen het stramien gitaar-drums duo’s: Jenn Wasners onderkoelde zang en grillige gitaarspel staan lijnrecht tegenover multitasker Andy Stack, die de kunst van tegelijkertijd drums en toetsen spelen aardig onder de knie heeft. 
Wye Oak  
De onverstoorbare Stack is de stabiele factor: een geluidsknutselaar pur sang die graag experimenteert met onconventionele ritmes. Wasner is juist een impulsieve dromer: deinend tussen verstilling en intensiteit is zij verantwoordelijk voor die opdrijvende dynamiek binnen Wye Oak. Tot dusver is die wisselwerking de kracht van Wye Oak geweest. Stack vertegenwoordigt de ondergrondse wortels van de grote eik: hij geeft Wasner de nodige houvast om op te bloeien en naar de hemel te reiken.
Tot dusver. 
Bij het vierde album Shriek hangt Wye Oak de gitaar voor het grootste gedeelte aan de wilgen. Het is een dromerige, gelaagde elektronische plaat geworden: de live-chemie tussen Wasner en Stack is niet langer meer de voornaamste troefkaart. Bij de geleidelijk aanzwellende songs op Shriek bemoeien beide muzikanten zich nu evenredig met het totaalplaatje. De meeste arrangementen zijn namelijk op de computer geschreven.
Om achter te komen wat Wye Oak in hemelsnaam bezielt hun vertrouwde formule compleet overboord te gooien vertrekt File Under richting het MC Theater in Amsterdam, waar de band vanavond optreedt.


mij=Interview: Jasper Foto: Storm
Jullie toerden twee jaar non-stop voor het album Civilian, wat uiteindelijk zwaar woog op de psyche. Is jullie mentaliteit bij het toeren hierdoor veranderd?
Wasner: ‘Je ondergaat tijdens zo’n toerschema vanzelf een intense persoonlijke ontwikkeling. Die periode bracht ons in nogal extreme situaties. Voor mij persoonlijk…ik moest terloops bepaalde waarheden ten lijve ondervinden waar ik mij in het begin onbewust tegen verzette. We zijn tijdens die twee jaar erg veranderd als mensen. Er was twijfel of we met de huidige situatie van Wye Oak überhaupt verder konden. Het enige wat we kónden doen was afstand nemen van de band en onze levens weer oppikken. We hadden tijd nodig om te reflecteren.’ 
‘Het was destijds moeilijk om mezelf aan te zetten tot het schrijven van nieuwe muziek. Ik stoeide continu met de traditionelere methoden… ik greep steeds weer naar deze methoden terug. Het werd al snel duidelijk dat als er een nieuwe Wye Oak-album zou komen, ik mij grotendeels tegen die oude werkwijzen moest afzetten. Deze waren niet langer relevant voor de persoon die ik uiteindelijk ben geworden. Zo is Shriek uiteindelijk tot stand gekomen. Vandaar dat we door deze aanpak zo anders klinken dan op de vorige albums. Het was voor ons een noodzakelijke progressie.’
Welke prioriteiten stel je voor jezelf op zodra je van die dolle carrouselrit afstapt?
Andy Stack: ‘NIET de band in ieder geval.’ 
Wasner: ‘Onderdak?’
Stack: ‘Die prioriteiten komen wanneer je je realiseert hoeveel tijd, energie en emotie investeert in slechts één ding. Het is onvermijdelijk dat andere facetten hier onder gaan lijden. Toen we klaar waren met de Civilian-toer, gunden we vooral tijd voor onszelf. Voor het eerst hadden we een fatsoenlijke woonsituatie. Zowel Jenn als ikzelf waren voorheen zo goed als dakloos.’
Wasner: (lacht) ‘We waren ook nooit thuis!’
Stack: ‘Klopt, we waren nog zelden in Baltimore te vinden, dus huur betalen had weinig zin. Die afgelopen jaren waren een fantastische totaalervaring, maar als twee individuen moesten we bepaalde aspecten van ons leven opnieuw claimen. Ik ben inmiddels verhuisd uit Baltimore en Jenn is met andere projecten bezig geweest. We leefden allebei een jaar lang zowaar als volwassenen!’ (lacht) ‘Nu zijn we weer beland in die stilstaande adolescentiefase dat toeren heet. Ik vind het nu des te vreemder me weer in deze situatie te bevinden.’
Andy, je woont tegenwoordig in Marfa, Texas. Waarom ben jij eigenlijk verhuisd?
Stack: ‘Voor het grootste gedeelte (pauze)…gewoon om dat het kón! Mijn vriendin en ik zijn in essentie freelancers die niet noodzakelijk gebonden zijn tot een bepaalde locatie. We zijn beiden opgegroeid in Baltimore en omstreken: we wilden daarom graag eens verschillende plekken verkennen. Ik heb in mijn leven enorm veel mazzel gehad dat ik wereldwijd zoveel mooie steden heb kunnen bezoeken. Het was dus het proberen waard…en tot nu toe bevalt het mij enorm! Het leverde in het begin echter vraagtekens op of Wye Oak wel zou kunnen blijven functioneren als band.’
Twintig jaar geleden was dat misschien een probleem geweest.
Stack: ‘Dat klopt! Dat klopt!’
Wasner: ‘Maar we leven gelukkig in de toekomst!’ (lacht)
Stack: ‘Het feit dat Jenn en ik nu in verschillende staten wonen maakte het schrijfproces rondom Shriek uiteindelijk des te frisser en boeiender. Het forceerde ons om een andere werkwijze te hanteren.’ (pauze) ‘Ik wil dit album overigens graag opdragen aan DropBox!’ (lacht)
Shriek is een grotendeels elektronische popplaat geworden: dit is nogal een omwenteling ten opzichte van de vorige drie Wye Oak-albums, waar gitaar en drums de basis vormen. Ook de handelingen op het podium zijn anders. 
Wasner: ‘Het is inderdaad iets compleet nieuws voor ons. Met  basgitaar achter de microfoon te staan ziet er wellicht hetzelfde uit als wanneer ik mijn gitaar vastpak. De handeling is echter compleet het tegenovergestelde. Wanneer ik gitaar speel, dan vormt de melodie een makkelijk aanknooppunt voor mijn stem. Wanneer ik bas speel, dan moet ik echter rekening houden met zowel elementen die onafhankelijk van elkaar de muziek versterken als het bindweefsel tussen het ritme en de melodie. Daar moest ik heel lang mee oefenen.’
Ik bedoel juist dat jij ook als performer totaal anders oogt. Normaal zie ik je totaal opgaan in de melodie en tekst, met je ogen dicht achter de microfoon. Bij die versie van “Before” tijdens SXSW afgelopen maand kijk je met open ogen het publiek in met een soort van rêverie. Alsof je nu de muziek tijdens het spelen als totaalplaatje beleeft, in plaats van te uitsluitend focussen op je eigen partijen en zang. 
Wasner:  (lacht) ‘Ja! Dat is absoluut waar!’
Stack: ‘Dat is ook het bijzondere aan het proces rondom Shriek voor ons: al het materiaal is geschreven en opgenomen zonder dat wij ons samen binnen een ruimte bevonden om ze daadwerkelijk uit te voeren. Nergens op de plaat hoor je elementen van Wye Oak als live band. Het live spelen van Shriek, daar zijn we pas een maand geleden mee begonnen. Sindsdien werken we hard om die nummers naar het podium te kunnen vertalen. In Austin tijdens SXSW presenteerde Wye Oak veel van deze songs voor het eerst, in welke vorm dan ook. We hadden af en toe van die momenten van “oh wacht even, mensen zijn daadwerkelijk aan het bewegen!” Deze liedjes roepen dat op, een constante beweging en opbouw die het oude Wye Oak-materiaal niet echt kon bewerkstelligen. Dat vind ik persoonlijk erg opwindend.’
Misschien omdat de muziek op Shriek qua structuur anders is. Wye Oak opereerde voorheen met het hard-zacht principe: verstilde segmenten afwisselen met hitsige gitaaruitbarstingen. Deze nieuwe nummers bouwen juist heel geleidelijk op.
Stack: ‘Het zijn meer mantra’s!’
Wasner: ‘Shriek is zeker een subtielere plaat geworden. We leunden voorheen nogal op het hard-zacht trucje, zo’n beetje het oudste trucje dat er bestaat. Het werkt bij bepaalde songs, maar op den duur wordt het vermoeiend voor mij: het is bijna een soort gimmick geworden. Die subtiliteit van Shriek is misschien te herleiden naar het volwassen worden als muzikant. Vanuit eigen perspectief bedoel ik dat dan vooral.’
Heeft deze nieuwe aanpak ook invloed gehad op het schrijven van songteksten?
Wasner: ‘Ik geloof niet dat mijn aanpak zozeer is veranderd. Wanneer je hart-op-de-mouw nummers schrijft, waar emotie een grote rol speelt, put je automatisch uit een persoonlijke ervaring. Het hangt af waar je je op mentaal vlak begeeft tijdens een bepaald moment. Ik probeer er altijd zorgvuldig en doelbewust mee bezig te zijn, want het laatste wat je wil is woorden zingen waar je niet compleet achter staat. Dat geeft een naar en ongemakkelijk gevoel. Dit keer teerde ik vooral op diepe zelfreflectie: zo eerlijk mogelijk zijn ten opzichte van jezelf.’
Heeft het lang geduurd voordat je tot dat punt kwam?
Wasner: ‘Zeker weten, ja. Dat proces, dat blijft eeuwig voortduren. Het houdt nooit op: het hoogtepunt voor mij blijft altijd het schrijven van de nummers. Elke keer dat ik bepaalde nummer vervolgens speel, ontstaat er een steeds groter wordende kloof. Wat ik daadwerkelijk voelde toen ik het schreef wordt een steeds vagere herinnering. Een liedje zingen heeft niet zozeer verbintenis met dingen waar ik in het heden mee worstel. Dat verband was misschien meer van toepassing in het verleden, maar niet zozeer bij de muziek die ik momenteel wil maken. Het word een steeds grotere uitdaging voor mij om deze connectie te waarborgen.’
De manier waarop je jouw relatie met de gitaar beschrijft, het klinkt alsof dat iets heel symbiotisch is. Als je dat ding oppakt, speel je op een gegeven moment onbewust in op bepaalde neigingen. Vaak het eerste wat in je opkomt.
Wasner: (knikt) ‘In zekere zin werd de gitaar het symbool van alle bagage die ik associeer met de moeilijke tijden in mijn leven, tijdens zo’n tournee. Om precies die reden werd het een dood object voor mij. Dit heeft zeker te maken met het feit dat ik bepaalde gewoontes heb ontwikkeld die moeilijk af te leren zijn, zodra je er te afhankelijk van bent. Ik herinner mij nog goed toen ik het idee kreeg zonder mijn gitaar te gaan schrijven: als dit niet lukt, zou Wye Oak dan ook geen bestaansrecht hebben? Natuurlijk is dat flauwekul. Ik besefte al gauw dat wij zelf konden beslissen welke creatieve richting de band op kon gaan.’
Zo zelfverzekerd klonk je in ieder geval niet tijdens een interview met The AV Club paar jaar terug. Toen was je erg in dubio over het succes van Wye Oak ten opzichte van andere getalenteerde muzikanten uit Baltimore en omstreken. Heb je nu het gevoel dat Wye Oak haar plek heeft verdiend?
Wasner: ‘Nou, ik voel me nog steeds zo…wacht, dat is eigenlijk niet helemaal waar! (pauze) Natuurlijk ik hecht ik waarde aan wat Wye Oak tot nu toe heeft bereikt, maar ik heb niet het gevoel dat wat wij doen van groter belang is dan andere artiesten die misschien minder aandacht krijgen. Er zitten veel factoren verbonden aan succes. Meestal komen de beste artiesten niet automatisch boven drijven. Vaak is het een kwestie van puur geluk en vooral hard werken. Wij doen ons uiterste best om vooral onszelf uit te dagen iets moois te maken. Toch zal ik me nooit compleet gerechtigd voelen met wat we tot dusver hebben bereikt. Ik ben van nature een schuldbewust mens, al ligt mijn schuldgevoel natuurlijk op het uiterste van het spectrum. Je moet je niet te bevoorrecht voelen: dit stadium bereiken als band ligt namelijk niet voor de hand. Maar Wye Oak waagt liever een grote sprong met het risico hopeloos te falen dan steeds weer datgene te doen wat men van ons verwacht.’
Shriek van Wye Oak is vanaf 29 april verkrijgbaar via City Slang/Konkurrent

4 gedachten over “Wye Oak”

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *