Motorpsycho – The All Is One

Motorpsycho - The All Is OneHet is soms niet bij te houden wat de mannen van het Noorse Motorpsycho allemaal wel niet doen. Naast de verschillende zijprojecten is een jaarlijkse album-worp met uitgebreide Europese tour eerder regel dan uitzondering. Ik volg ze eigenlijk pas echt goed sinds Little Lucid Moments (2008), waarna ik me langzamerhand meer in de band ging verdiepen. Heavy Metal Fruit (2010) was de eerste vinylplaat die ik kocht en gulzig tot me nam, terwijl ik het oude werk vooral via de (altijd goede) live-optredens leerde kennen. Ondanks dat ik de band maar een deel van hun actieve bestaan volg, zorgt de groeiende collectie vinyl voor opmerkingen thuis. Alweer een nieuwe? Is dat nu allemaal nodig? Ja. Die fijn uitgekiende mix van (met name) psych- en prog-rock blijft onweerstaanbaar. En ze weten toch altijd wel weer ergens te verrassen en/of nieuwe elementen toe te voegen. Op elk album zitten wel weer dingen om je bek voor open te laten vallen. Op The All Is One flikken ze dat gewoon weer.

Blijkbaar is het de afsluiting van een drieluik, al weet ik niet of dat nu een vooropgezet plan was. De verbinding zit ‘m in elk geval in het werk van Håkon Gullvåg, ook te zien op de voorkant van The Tower (2017) en The Crucible (2019). The All Is One is het laatste van deze Gullvåg-trilogie, waarbij het werk op de voorkant van de hoes dit keer speciaal voor de band werd gemaakt door de kunstschilder. Het dubbelalbum van 84 minuten had eigenlijk wel in twee afzonderlijke albums kunnen worden uitgebracht, maar mij hoor je niet klagen.

Het formidabele “N.O.X.” is opvallend genoeg midden tussen de rest geplaatst en laat je op het puntje van je stoel zitten. Formeel is het een lang nummer van 42 minuten, maar op de plaat is het opgeknipt in vijf stukken. Het past op twee kanten vinyl, waarbij je dan wel tussendoor van plaat moet wisselen. Het stuk is de bewerking van het optreden van Motorpsycho op het Noorse Olavsfest (St. Olav’s Festival) in 2019, in drie dagen in november van dat jaar opgenomen in Noorwegen (Ocean Sound Recordings), terwijl de meeste andere nummers in september werden opgenomen in de Black Box Studio in Frankrijk. Net als En Konsert For Folk Flest uit 2014 werd “N.O.X.” speciaal geschreven voor het festival, geïnspireerd op het werk van Gullvåg. De band werd voor die gelegenheid aangevuld met Lars Horntveth (volgens mij op toetsen hier, uiteraard bekend van Jagga Jazzist) en Ola Kvernberg op viool (Liarbird, Ola Kvernberg Trio). Zonder het andere ‘album’ tekort te willen doen, voelt dit stuk wel als het meest vernieuwende en opwindende, waarvoor je ‘s nachts wakker gemaakt wilt worden. Deze psych/space/jazz/progrock-suite is gewoon als een avontuurlijk en spannend verhaal geschreven, waarvan je voortdurend de afloop wilt weten. “Delusion (The Reign of Humbug)” is een prima opmaat naar “N.O.X. I – Circles Around the Sun Part 1”, waarbij het draait naar een licht dreigend sfeertje met enigszins tegendraadse maar fijn sinistere koortjes. Zowel donker als hallucinerend zwelt de psych en prog hier aan tot een orkestraal werk, met een jankende viool als dirigent, dat hier soms als een theremin klinkt. Met “N.O.X. II- Ouroboros (Strange Loop)” komen ze dan aan op het platform, waarna je in trance raakt van de verslavende ritmes, waaromheen de andere instrumenten langzaam omhoog borrelen en er uiteindelijk wordt toegewerkt naar een kolkende climax. We worden hier de ruimte ingeschoten met spacey sounds en het nodige gitaarsoleervlechtwerk van Snah als brandstof voor volledige ontbranding. Met “N.O.X. III – Ascension” nemen we dan even de rust om te genieten van het uitzicht. Het lange “N.O.X. IV – Night of Pan” zwelt dan aan met de tribaal klinkende drums van Tomas Järmyr, die zijn sterke jazzy spel sowieso goed mag etaleren op dit deel van het album. Het is de voorbode voor het magistrale slotstuk “N.O.X. V – Circles Around the Sun Part 2” met een heerlijk dik flanger-effect in het begin (ik heb daar een enorm zwak voor), waarna het dreigend op gang komt met de terugkerende sinistere koortjes. Het raast daarna verder als een stoomlocomotief, met pompende bassen, opwindende drums en stoten gitaarriffs voor het afblazen van de stoom. Ja, dit is het kolkende werk dat ik graag hoor van de band en live moet dit toch ook magistraal werken. Als Motorpsycho aan het jammen slaat, gaat mijn testosteron-level sowieso altijd vanzelf omhoog.

Direct na “N.O.X.” voelt “A Little Light” dan wel als een onnatuurlijke overgang, alsof je ineens Nick en Simon opzet na een avondje metal. Maar goed. De rest van de nummers liggen doorgaans in de lijn van eerder werk. Hier heeft het trio weer hulp van Reine Fiske, die live ook al een tijd als vierde bandlid opereert en de boel erg goed aanvult. Het gebruik van extra mellotron/synths of gitaren zorgt ook voor een lekker vol geluid. Misschien zijn die songs naast “N.O.X.” minder verrassend, maar het klinkt wel als degelijke seventies prog (Yes uit die jaren wordt toch ook wel weer regelmatig genoemd als referentie), afgewisseld met wat meer softe melodietjes. Ze vergen soms wat meer draaibeurten om dat dan op waarde te schatten. Ik hou zelf doorgaans het meeste van de afwisselende en uptempo stukken, waardoor ik vooral “The Magpie” kan waarderen, maar ook de opener “The All Is One” en afsluiter “Like Chrome” zijn niet vervelend. Het is wel doodzonde dat het volume van dat laatste nummer op het album na zo’n lang avontuur simpelweg wordt weggedraaid. Daar had ik liever een dikke punt gezet. Hier en daar is het ook een beetje braaf of wordt er gezocht naar een gevoelige snaar (“The Dowser”, “Delusion (The Reign of Humbug)”), maar daar is de band doorgaans ook wat minder goed in.

Al met al levert Motorpycho dan natuurlijk wel een behoorlijk afwisselend album af, dat je het beste op de koptelefoon of op flink volume door de speakers tot je moet nemen. Dan komt het verder tot bloei. Wie weet rijpen een aantal songs dan nog wat verder. Zonder het fabuleuze “N.O.X.” zou ik het op het eerste gehoor een degelijk maar wat standaard werkje hebben gevonden, in lijn met eerdere albums. Zeker niet slecht, maar de band excelleert, verrast en vernieuwt vooral met “N.O.X.”. En dat is knap voor deze mannen op leeftijd, die inmiddels al hele platenkasten vol aan materiaal hebben gemaakt. Daarom komt deze dubbelaar er dus ook bij mij weer met veel genoegen tussen te staan. Wat ze daar thuis ook van vinden.

Rune

File: Motorpsycho – The All Is One
File Under: Flikken het opnieuw
File Social: [Facebook] [Instagram] [Twitter]

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *

This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.