Beach Fossils – Somersault

Bayonet

Beach Fossils – SomersaultDromerige singer-songwriter-indiepop, het is multi-instrumentalist en alleskunner Jack Smith wel toevertrouwd. Een beetje zoals Lloyd Cole of The Dream Syndicate, als mensen dat nog iets zegt. Smith lanceerde tegelijkertijd deze plaat maar op het label van zijn gitarist/zanger Dustin Payseur. De eerdere platen van Beach Fossils waren ondergebracht bij Captured Tracks dat ook DIIV uitbracht, de andere band van Jack Smith. En zo is het cirkeltje weer zo goed als rond.De basis van Beach Fossils ligt bij het werk van The Byrds. Het is zomerse, folky gitaarpop voorzien van prachtige breekbare maar loepzuivere vocalen. En toch gaat het knarsen. Juist vanwege alle perfect uitgevoerde pracht en praal krijg je de indruk dat Beach Fossils gaat voor de beste zwoele zomeravond. Terwijl je zou willen dat Smith en co. juist ook inzage geven in dat ene vuiltje aan de lucht. Die ene tropische storm die je nog niet van te voren via Buienradar.nl had kunnen zien aankomen. Zwoel, ingetogen pracht slaat per luisterbeurt om in geneuzel en getreuzel zonder opmerkelijke pieken, dalen en uitbarstingen. Somersault is een mooie en rustige gitaarplaat maar kan de aandacht van de luisteraar niet keer op keer vasthouden. We kunnen wel op de Tame Impala-trein opstappen, maar dan moet je ergens wel een keer tempo maken. Voor je het weet is die trein jouw pittoreske stationnetje allang voorbij geraasd.

File: Beach Fossils – Somersault
File Under: Niks te doen op de zonnigste dag van het jaar?

Endless Boogie – Vibe Killer

No Quarter / Konkurrent

Al vanaf 1997 is dit New Yorkse kwartet aan het musiceren, hun eerste album was er in 2008 en mijn kennismaking met Endless Boogie was er pas dit jaar middels hun vijfde album Vibe Killer. Shit happens. Endless Boogie was een album van John Lee Hooker, maar Endless Boogie gaat een stapje verder dan deze icoon. De blues zit verweven in drone-achtige psychedelische composities die een brok energie uitstralen. Ik moet door de stem van Paul Major wel wat aan Captain Beefheart denken, door het gitaargebruik aan The Stooges en door de bluesy rocksound aan ZZ Top. Kijk, dat zijn geen verkeerde referenties. Vibe Killer is dan ook een lekkere plaat. Je moet wel van uitgesponnen versies van nummers houden, want Endless Boogie heeft tijd nodig om hun verhaal te vertellen. In dit geval heb ik er graag mijn tijd voor genomen. Ik hoop overigens dat je ze al kende, want ze waren in ons land voor een optreden en zijn nu weer gevlogen.


File: Endless Boogie – Vibe Killer
File Under: Dirty, bluesy en psycho

File Social: [Twitter] [Facebook]

JP Den Tex – Wolf!

Cavalier

Het is een enorm cliché maar toch wel waar: ik leef niet om te werken maar ik werk om te leven. Ik houd graag genoeg tijd over om andere dingen te doen waar ik veel voldoening uit haal zoals bijvoorbeeld het luisteren naar en schrijven over muziek. Ik stel me zo voor dat singer-songwriter JP den Tex dat ook heel goed begrepen heeft. Vanaf het begin van de jaren zeventig is hij al bezig als muzikant en volgt zijn eigen weg. Zo was hij met de Bergense groep Tortilla in de jaren zeventig een van de eersten in Nederland die zich aan de countryrock waagde, wat tegenwoordig roots of americana heet. Den Tex zat vervolgens in allerlei bands, waarvan Vitesse de bekendste was, maar uiteindelijk is hij solo als singer-songwriter atief en in die hoedanigheid maakt hij geregeld mooie albums. Eigenlijk moet ik hem storyteller noemen, want verhalen vertellen is wat hij doet, in 2013 ook in de vorm van het autobiografische boek Morgen Wordt Het Beter. Op zijn recentste album Wolf! vertelt hij het verhaal van de steenrijke platenproducer Gustav Wolfowitz (Wolf) die van de een op andere dag zijn fortuin verliest. Hierdoor denkt hij over zijn oude leven in weelde en het nieuwe zonder al die welvaart en beseft hij dat het altijd de muziek is geweest die hem motiveerde en dat geld niet gelukkig maakt. In dertien liedjes vertelt Den Tex hoe Wolf weer bij zijn kern terugkomt. Hij wordt bijgestaan door gitariste Yvonne Ebbers en violist Diederik van Wassenaer. Wolf! is een fijn, akoestisch album met mooie liedjes die je doen beseffen dat er zoveel meer is dan materiële rijkdom. Wat goed dat er singer-songwriters zijn als JP den Tex die je zo af en toe eens even met je neus op deze feiten drukt.

File: JP Den Tex – Wolf!
File Under: Levenslessen
File Facebook: [JP Den Tex op Facebook]
File Twitter: [Tweets van JP Den Tex]

Tinez Roots Club – Have You Heard?!

Donor/Rootz Rumble

Tinez Roots Club – Have You Heard?!Tachtig jaar geleden kolkte de Amerikaanse Oostkust. Jive, jitterbug, swing en big band swing hadden de ballrooms dik in hun greep. De Charleston was als dans immens populair terwijl de beurskrach zijn onheil al had afgekondigd. Spetterende jazzmusici waren de nachtburgemeesters van New York, Chicago, Boston en Washington. Enfin, Martijn ‘Tinez’ van Toor, saxofonist bij Little Steve & The Big Beat snapt de ‘buzz’ die decennia terug het Amerikaanse uitgaansleven bepaalde en dweept maar wat graag met dit prachtige culturele verleden waar wij het destijds nog moesten doen met Louis Davids, Fien de la Mar en Lou Bandy. Van Toor trommelde zijn maatje Evert Hoedt op en werkte met Bird Stevens als producer en met Hammond-toetsenist Rob Geboers en drummer Andreas Robbie Carrie deze plaat uit tot een broeierig jazz-swingbeat-epos waar Nick Waterhouse nog een puntje aan kan zuigen. Het nagenoeg instrumentale album zwiert en gonst van de saxofoon- en Hammondsoli en heel soms hoor je uitstapjes naar de Dixieland- en Mardi gras-muziek die wonderwel enorm goed passen in de roerige jazz van het Amerika van voor de Tweede Wereldoorlog. Nu Burlesquefeestjes in navolging van Londen, Berlijn en Parijs ook in Nederland voet aan de grond krijgen, weet Martijn van Toor zich verzekerd van een trits van optredens in achterafzaaltjes waar tenminste weer eens echt wat gebeurt. DJ Herr Doktor, deze plaat is verplichte kost voor het komend seizoen!

File: Tinez Roots Club – Have You Heard?!
File Under: Kolkende swing van eigen bodem

Sonny Landreth – Recorded Live In Lafayette

Mascot / Provogue

Sonny Landreth is een begenadigd slide-gitarist, eentje die iedereen wel in zijn begeleidingsband wil hebben. Dat gebeurt dan ook geregeld (Clapton, Hiatt, etc.), maar Landreth brengt ook eigen werk uit. Bijvoorbeeld op de eerste live-plaat in twaalf jaar: Recorded Live In Lafayette. Het is zijn thuisstad in Lousianna, het zuiden van Amerika. Het album bestaat uit twee gedeelten: het eerste is semi-akoestisch, het andere elektrisch. Het is beschikbaar als dubbele cd of lp en met anderhalf uur speelduur een behoorlijke kluif. In de basis staan drie muzikanten met daarnaast nog twee gastmuzikanten die wel degelijk wat toevoegen, zoals de inzet van een accordeon. Maar het gaat uiteraard vooral om Landreth zelf die met zijn begeleiders een mooie set neerzet. Je moet wel wat hebben met gitaargepingel. Dat laatste is in het tweede gedeelte minder. Hier gaat het er wat ruiger aan toe, maar je hoort hier minder Landreths kunnen. Toch is Recorded Live In Lafayette een prima registratie van een man die inmiddels al 66 is, en hiermee een goed overzicht van zijn kunnen geeft.


File: Sonny Landreth – Recorded Live In Lafayette
File Under: Come on baby, go south

File Social: [Facebook]

Ayreon – The Source

Mascot

Ayreon – The SourceWie per se zijn tweehonderd woorden moet halen bij een recensie, die heeft het geluk bij een recensie van een Ayreon-plaat dat het verplichte kost is om te melden wie Arjen Lucassen nu weer heeft weten te strikken voor een van zijn rockopera’s. Daar gaan we: James LaBrie van Dream Theater, Tommy Rogers van Between The Buried And Me, Simone Simons van Epica, Mike Mills van Toehinder, natuurlijk Floor Jansen van After Forever/Nightwish, Hansi Kürsch van Blind Guardian, Michael Eriksen van Circus Maximus, Tobias Sammet van Edguy/Avantasia, Nils K. Rue van Pagan’s Mind, Zaher Zorgati van Myrath, Tommy Karevik van Kamelot en Sir Russell Allen van Symphony X. En dan hebben we Arjens huisband bestaande uit onder andere Ed Warby van Gorefest, Marcel Coenen van Sun Caged, Mark Kelly van Marillion, Guthrie Govan van Asia, Paul Gilbert van Mr. Big en Racer X of zelfs Maaike Peterse van Kovacs nog niet eens vermeld. Zo’n cascade van namen zegt iets over het geloof en rotsvaste vertrouwen in een lange gast als Arjen Lucassen en zijn onkreukelbare visie per project waarbij de man met een absoluut en precies gehoor insteekt op hoe Prokofiev vroeger het liefst componeerde. Ieder zijn rol in de vertolking van de fijnste vertelling, hoe klein ook. “The Source” keert terug naar het universum van 01011001 als voorvertelling op zijn latere werk. Opener “The Day That The World Breaks Down” is een stevige progressive rocksong, een epos dat normal gesproken heel makkelijk voor een bombastisch finale-sluitstuk had kunnen doorgaan. Het zegt wat over de denk- en werkwijze van Lucassen dat het einde der tijden ook de aftrap van iets nieuws is. Wat het is, dat is de ontdekkingstocht van Ayreon waarvoor je telkens weer uitgenodigd wordt om zelf te leren ontdekken en na te denken. Lucassen heeft met zijn zoveelste Ayreon-plaat een entiteit van klassiek, progressive rock, folk, Keltische traditionals, hardrock en metal geschapen waar je in meegezogen wordt. Of je nu wilt of niet. Ayreon is de officieuze opvolger van H.G. Wells’ War Of The Worlds. Lucassen is zowel de nieuwe Orson Welles als Jeff Wayne. Op zijn eigen ondoorgrondelijke manier maar met een onuitputtelijke voorliefde voor de hardere muziek.

File: Ayreon – The Source
File Under: De wereld vergaat als Arjen Lucassen niet meer bestaat

BJ Baartmans & Mike Roelofs – Outward & Return

Continental

Soms vind ik het onbegrijpelijk dat een groot aantal muzikanten in Nederland relatief onbekend is. Neem nu singer-songwriter/gitarist BJ (Bart-Jan) Baartmans. De Brabander is al ruim 35 jaar muzikaal actief in de meest uiteenlopende bands en als sessiemuzikant en producer voor vele Nederlandse artiesten. Zijn muzikale cv is indrukwekkend en toch is hij slechts in kleine kring bekend. Met multi-instrumentalist Mike Roelofs, een klassiek geschoold pianist, speelde hij al in “BJ’s Wild Verband” waarmee hij Nederlandstalige blues en chansons speelde. Vorig jaar nam het duo Ins Blaue Hinein op, een instrumentaal album waarop Baartmans gitaar speelt en Roelofs toetsen en drums. Blijkbaar is die samenwerking zo goed bevallen dat ze krap een jaar later een tweede plaat hebben opgenomen. Outward & Return is ook geheel instrumentaal, iets wat ik niet zo snel uit mezelf op zou zetten omdat saaiheid daarbij al snel op de loer ligt. Daar heb ik bij dit album geen moment last van gehad. De tien nummers klokken bij elkaar ruim 36 minuten en in die tijd wordt er op hoog niveau gemusiceerd. Er klinkt geen noot te veel of te weinig en de productie is glashelder. Qua stijl loopt het uiteen van americana, blues en folk tot wat meer jazzy (“Crimson’s Theme”) en ook Oosterse invloeden klinken (“Apple Pie Cat”). Ik weet niet of het zo is maar het klinkt alsof er in grote delen van de songs door de beide heren van de gebaande paden wordt afgeweken en ze improviseren. Dat werkt heel goed want juist daardoor is Outward & Return een spannend album geworden dat blijft boeien. Over voorganger Ins Blaue Hinein las ik hier en daar dat het luistert als een soundtrack zonder film. Dat zou je ook over dit album kunnen zeggen maar dat is nu juist de kracht ervan, de soundtrack is er al, de film bedenk je er tijdens het luisteren zelf bij.

File: BJ Baartmans & Mike Roelofs – Outward & Return
File Under: Vakmanschap
File Facebook: [BJ Baartmans op Facebook]
File Facebook: [Mike Roelofs op Facebook]
File Twitter: [Tweets van BJ Baartmans]
File Twitter: [Tweets van Mike Roelofs]

The Poison Arrows – No Known Note

File 13

The Poison ArrowsChicago heeft iets rauws. En een ware punkrock-inborst. Dat was al zo toen Steve Albini met zijn Big Black de lokale podia onveilig maakte. The Poison Arrows bestaat uit Patrick Morris van Don Caballero, drummer Adam Reach en gitarist/zanger Justin Sinkovich van Atombombpocketknife en Thumbnail. Al ruim zeventien jaar bestaat de band en bracht drie platen uit, maar verdween in 2009 van het toneel. De heren hebben echter de draad weer opgepakt en doen wat ze altijd al deden. Ze voegen The Fall en The Jesus Lizard bij elkaar tot vlammende post-rocksongs waarbij ruimte is voor de vertelling. Ja, het is drammerig, lijzig en bij vlagen chagrijnig, maar in alles ook strijdlustig op een manier die helemaal klopt bij de muziekscene van Chicago. In al zijn kaalheid zonder franje duwt The Poison Arrows jou zijn mening door de strot. En, hoewel de heren wel degelijk fel van leer kunnen trekken en weten wat het is om te overdonderen en overschreeuwen, zijn ze tot het besef gekomen dat ze dat helemaal niet meer nodig hebben. Een paar genadeklappen en een ijzersterk gitaarspel volstaan. Zoals bijvoorbeeld bij “Stuck On Screen” dat zomaar tot de beste songs van Sonic Youth op Sister had kunnen behoren. The Poison Arrows houdt de alternatieve Amerikaanse gitaarschool van dertig jaar geleden levend.


File: The Poison Arrows – No Known Note
File Under: Alternatieve Amerikaanse gitaarschool anno nu

Curse Of Lono – Severed

Submarine Cat

Curse Of Lono heeft als standplaats Londen, maar achter deze band zit de Duitser Felix Bertolchsheimer. Dat hij een tijd in de Verenigde Staten heeft gebivakkeerd hoor je op Severed, hun eerste volledige album. In de liedjes klinken americana-, blues- en folkinvloeden door. Curse Of Lono is niet van het shockeren, maar wel van het maken van nummers die van voor naar achteren iets moois over zich heen hebben. Er wordt daarnaast gezocht naar iets speciaals: samenzang (Bon Iver-alert), een slide gitaar, een orgeltje. Het geheel is verpakt in een zwarte hoes. Die kleur past wel bij de donkere sfeer die ook in de teksten weer te vinden is. Ik moet alleen zeggen dat ik wel een beetje in slaap word gesust, de nummers zijn wat aan de slome kant en kleuren net wat teveel binnen de lijntjes. Prijsnummer is wat mij betreft “London Rain” waar Robbie Robertson een samenwerking met Ray Manazarek lijkt te zijn begonnen. Zo had ik er wel wat meer gewild. Er wordt overigens wel gerockt, zoals in “Send For The Whisky” maar dat verliest door de samenzang wat van zijn stoerheid. Al met al is het best een aardige plaat, maar het mag wat mij betreft wat sprankelender.


File: Curse Of Lono – Severed
File Under: Down

File Social: [Twitter] [Facebook] [Instagram]

Ed Wood Jr. – The Home Electrical

Black Basset

Ed Wood Jr. – The Home ElectricalBliepjes, elektronica en rare popliedjes met een pulserende bas, het staat allemaal op The Home Electrical, het knip-, plak- en knutselwerkje van Olivier Desmulliez en Jason van Gulick. Voor wat iele damesvocalen lieten de heren Asako Fujimoto invliegen. Haar bijdragen zorgen ervoor dat de schijnbaar ongestructureerde bliepjes en beats een bijna Death In Vegas-achtig karakter krijgen. Ik kan me zomaar voorstellen dat de heren zichzelf vernoemd hebben naar een regisseur die heel graag iets wilde maken, maar met zijn beperkte middelen nooit verder kwam dan een aantal lachers op zijn hand. Aan alle kanten merk je dat Ed Wood Jr. op zoek is naar de ultieme mix tussen Chemical Brothers, Caribou, Moderat en Amon Tobin. Hoewel het geluid per song steeds pompeuzer en krachtiger wordt en er wonderlijke parels van toevalstreffers op deze plaat staan, lijkt het duo nog op zoek naar de juiste ingrediënten en middelen waar ze hun vingers op kunnen leggen. Elementen uit de progrock, de post-rock en militante beats worden niet geschuwd, maar weigeren nog op te gaan in een coherent en logisch geheel. Als The Home Electrical de weg vrijmaakt voor grotere budgetten en ‘The Studio Electrical’ kan worden, dan zullen we de ware geniale gezichten van Olivier en Jason te zien krijgen. Dan mag de toevoeging van Jr. weggelaten worden in de bandnaam en wordt de ooit zo verguisde regisseur van slechte sci-fi-films gerehabiliteerd.

File: Ed Wood Jr. – The Home Electrical
File Under: Thuisgeknutsel mist nog een grootse structuur