Tall Tall Trees – Freedays

Joyful Noise

Een man met een ruige baard, lieve oogopslag en banjo. Dat is kort gezegd het profiel van Mike Savino, alias Tall Tall Trees. Daar hebben we de zoveelste loot aan de indiefolkstam, denk ik. Dat blijkt toch net iets genuanceerder te liggen, net als zijn op het eerste gehoor makkelijk wegluisterende liedjes. Savino ontwierp de banjotron, een banjo waarmee hij allerlei elektronische en ritmische effecten kan maken. Zodoende gebruikt hij de banjo(tron) als snaar- en percussie-instrument. Zijn liedjes zitten vol met elektronische effecten en spitsvondige wendingen. Ik zeg met nadruk liedjes omdat alle negen songs op dit album echt liedjes met goede melodieën zijn. Savino laat zijn fantasie de vrije loop wat verschillende stijlen oplevert. Zo doet “Being There” me aan de song en structuur van “Shock The Monkey” van Peter Gabriel denken. In “CLC” begint hij als een akoestische singer-songwriter maar halverwege ontaardt het nummer in een meerstemmige song en worden de effecten op de banjo losgelaten. “SeagullxEagle” klinkt dan weer als de uitbundigheid van Sufjan Stevens en “So Predictable” heeft een sixties-achtige gitaarriff. Zo valt er in elk liedje wel iets te ontdekken wat je in eerste instantie helemaal niet hoorde. Naar verluidt heeft Mike Savino zich geruime tijd in een huisje in het bos teruggetrokken om in alle rust aan Freedays te kunnen werken. Je hoort dat er veel tijd aandacht en liefde aan dit album besteed is. Tall Tall Trees onderscheidt zich van de massa door de experimentele liedjes die niet te moeilijk zijn omdat het echt toegankelijke (pop)liedjes zijn. Door de verscheidenheid aan arrangementen, stijlen en melodieën verveelt het album geen moment.

File: Tall Tall Trees – Freedays
File Under: Meer dan het lijkt
File Facebook: [Tall Tall Trees op Facebook]
File Twitter: [Tweets van Tall Tall Trees]

Dan Tuffy – Songs From Dan

Smoked Recordings

Als ik weer eens een show op tv voorbij zie komen waarin enorm veel geld gewonnen kan worden droom ik weleens weg en stel me voor wat ik zou doen als ik de winnaar zou zijn. Ik denk dat ik meteen zou stoppen met alles wat moet en alleen nog dingen zou doen die ik echt leuk vind. Maar er zijn ook mensen die dit gewoon doen zonder een enorme zak geld achter de hand. Ik vermoed dat Australiër Dan Tuffy zo iemand is. Begonnen als zanger en gitarist van de Tasmaanse band Wild Pumpkins At Midnight verkaste hij eerst naar Londen om daarna vanaf 1995 in Nederland terecht te komen. Daar startte hij folkrockband Big Low, zette zijn eigen label Smoked Recordings op en werd bassist en gitarist bij balkanrockband Parne Gadje. Van een solo-album was het in al die jaren nog niet gekomen en zo is daar bijna 35 jaar na zijn muzikale start Songs From Dan. De inmiddels 53-jarige Tuffy maakte deze schijf met mede-Aussies Matt Walker en Lucie Thorne toen deze twee singer-songwriters in Amsterdam waren voor promotie van hun eigen albums. De drie gingen zitten en spelen, en zo ontstonden de negen liedjes. Matt Walker riep een jaar later in Melbourne Australië’s beste muzikanten bij elkaar en voegde pedal-steel gitaar, madoline piano en bas aan de tracks toe. Weer een jaar later mixte producer Zlaya in Amsterdam de plaat af en kon het resultaat eindelijk uitgebracht worden. Er is dus veel zorg besteed aan Songs From Dan waarop Tuffy in negen liedjes verhalen vertelt over liefde, ontrouw, scheiding en ouderschap. Levensverhalen dus die Tuffy met zijn melancholische stem brengt in fijne alt.country songs waarop de instrumentatie ook nog eens dik in orde is. Dan Tuffy, inmiddels alweer twintig jaar een inwoner van Wageningen, heeft lang gewacht om zijn muziek onder persoonlijke titel uit te brengen. Maar dit solodebuut is er een om trots op te zijn en de kroon op het werk van zijn al ruim drie decennia omspannende muzikale leven.

File: Dan Tuffy – Songs From Dan
File Under: Levensliederen
File Facebook: [Dan Tuffy op Facebook]
File Twitter: [Tweets van Dan Tuffy]

Jens Lekman – Life Will See You Now

Secretly Canadian

Het moment om naar Life Will See You Now, het vierde album van de Zweedse singer-songwriter Jens Lekman, te luisteren had niet beter kunnen zijn. Begin van de lente met prachtig weer waarin alles in de natuur weer tot leven komt en ik zelf ook weer geniet van het licht en de zon. Daar past dit album prima bij. Het bevat tien lichtvoetige liedjes die allemaal een erg aanstekelijk ritme hebben waardoor je al snel meeneuriet en je hoofd en voeten zowat automatisch meebewegen op het ritme. Dat was ook de bedoeling van Lekman, een ritmische aanpak. Producer Ewan Pearson (M83, Goldfrapp, Chemical Brothers) hielp hem daarbij. Jens Lekman zingt kalm, bijna een beetje zoetgevooisd. Prima album voor de lente en zomer zou je dus zeggen. Ja en nee. Want bij deze zorgeloze en zonnige muziek zitten teksten die wel degelijk ergens over gaan en tonen dat Lekman een goed observator is, zowel van zichzelf als van zijn omgeving. “Evening Prayer” gaat over een vriend die zijn tumor in 3D print en waarbij Lekman zich afvraagt of hij wel goed op de ziekte van zijn vriend reageert omdat hij hun vriendschap niet goed kan inschatten. Kom er maar op. Of “Wedding In Finistère” over een bruiloft waar hij ooit speelde en waar hij een twijfelende bruid net op tijd van raad voorzag. Mooi is “How Can I Tell Him” over de moeite om kwetsbaar en liefdevol te zijn in een mannenvriendschap, en “Postcard #17” over zijn writer’s block. Deze teksten waarin Lekman situaties beschrijft die je zelf ook mee zou kunnen maken geven een meerwaarde aan de aanstekelijke muziek. Life Will See You Now is een zonnig album waarop echter soms een klein wolkje voor de zon verschijnt. Net zoals in het leven zelf.

File: Jens Lekman – Life Will See You Now
File Under: Bitterzoet

File Facebook: [Jens Lekman op Facebook]
File Twitter: [Tweets van Jens Lekman]

Jens Lekman speelt donderdag 20 april in TivoliVredenburg in Utrecht

Josienne Clarke & Ben Walker – Overnight

Rough Trade

Tegenwoordig wemelt het van de singer-songwriters. De verstilde liedjes die de meesten maken worden weleens folky genoemd, daarbij verwijzend naar de folk die in de jaren zeventig populair was. Er zijn echter nog maar enkelen die echt die klassieke folk als basis hebben en teruggrijpen naar het geluid van toen. De Britse Josienne Clarke en Ben Walker doen dat met verve. Overnight is het vierde album van de zangeres en gitarist en kwam vorig jaar herfst al uit maar is te bijzonder om te laten liggen. Het album start met het warme en rijk geïnstrumenteerde “Nine Times Along” waarin meteen al de mooie stem van Josienne Clarke opvalt. Een stem die je aan folkheldinnen als Sandy Denny en June Tabor doet denken. Na de opener worden de liedjes iets soberder maar niet minder mooi. Bijzonder fraai is het meanderende “Dawn Of The Dark” waarin zelfs een blokfluitsolo, normaal gesproken een instrument waarvoor ik hard wegren, helemaal op zijn plek is. Huiverig was ik wel even toen ik zag dat ze het sublieme “Dark Turn Of Mind” van Gillian Welch & David Rawlings coverden. Daar moet je mijns inziens eigenlijk niet aankomen maar het moet gezegd, hun versie is prima. Evenals hun versie van “Weep You No More Sad Fountains”, een traditional van John Dowland wiens versie uit de achttiende eeuw stamt, en “Milk And Honey” van Jackson C. Frank. Het gedicht “Sleep” van Ivar Gurney bewerkten ze tot een song en lijkt wel een klassiek stuk. Buiten al deze traditionals geven Clarke & Walker ook meerdere malen hun eigen visitekaartje af met smaakvolle eigen composities zoals het eerder genoemde “Dawn Of The Dark” of titelsong “Overnight”waarin goed te horen is dat Ben Walker een meer dan verdienstelijk gitarist is. De eerlijkheid gebiedt mij te zeggen dat het album op de tweede helft mij soms iets te sober wordt waardoor saaiheid op de loer ligt. Dit is slechts een klein puntje van kritiek. Overnight is een zeldzaam mooi album en uniek in zijn soort in deze tijd van muzikale eenheidsworst.

File: Josienne Clarke & Ben Walker – Overnight
File Under: Puur
File Facebook: [Josienne Clarke & Ben Walker op Facebook]
File Twitter: [Tweets van Josienne Clarke]

Strand Of Oaks – Hard Love

Dead Oceans

Een tijdje geleden zapte ik langs NPO Cultura waar op dat moment een deel van het concert van Strand Of Oaks van het Best Kept Secret Festival 2015 werd uitgezonden. Ik zag “JM”, de intense en prachtige ode aan de te vroeg overleden Jason Molina. Dit nummer staat op HEAL, het voorlaatste album uit 2014. Een intens maar ook heftig album, zowel qua tekst en muziek. Normaal gesproken ben ik niet zo van de eindeloze gitaarsolo’s en dikke geluidsmuren van gitaren maar bij Strand Of Oaks kon ik het wél waarderen omdat er veel gevoel en vooral melodie in zat. Op de nieuwste schijf Hard Love gaat Strand Of Oaks oftewel Timothy Showalter op dezelfde voet verder. Nog steeds gaat zijn leven niet echt over rozen en is zijn huwelijk grillig waarvan hij getuigt in de sterke opener “Hard Love”. “Radio Kids” is een lekkere rocksong die zomaar eens een hit zou kunnen worden en “Quit It” en “Rest Of It” zijn gewoon goede, rauwe songs. Dat ik een heel album vol gitaargeweld prima kan verdragen komt doordat Showalter de songs genoeg melodie meegeeft om te blijven boeien. “Salt Brothers” bijvoorbeeld is een goed opgebouwd en melodieus liedje. Showalter is begonnen als singer-songwriter en dat hoor je, het beste nog wel in de intense pianoballad “Cry”. Prijsnummer is afsluiter “Taking Acid And Talking To My Brother” dat niet over een drugstrip gaat maar over Showalters broer die door zijn hartafwijking een hartaanval kreeg en dat ternauwernood overleefde. De angst en machteloosheid die je dan als broer aan de zijlijn moet voelen heeft Timothty Showalter in dit nummer prachtig opgetekend. Hard Love is een indringend album waar je bijna niet onbewogen naar kunt luisteren. Showalter heeft het woord survive op zijn onderarm getatoëeerd staan en dat is precies hoe dit album op mij overkomt. Muziek maken om niet ten onder te gaan.

File: Strand Of Oaks – Hard Love
File Under: Muziek is de redder in nood
File Facebook: [Strand Of Oaks op Facebook]
File Twitter: [Tweets van Strand Of Oaks]

Rachael Sage – Choreographic

MPress

Na een zeer drukke werkweek met de nodige overuren is het eindelijk weekend en zit ik met de zaterdagkranten en koffie aan tafel. Ik kijk in mijn stapeltje te recenseren cd’s en schat in dat Choreographic van Rachael Sage weleens de juiste muziek zou kunnen zijn bij een rustige zaterdagmiddag. Goed gegokt. De Amerikaanse Rachael Sage deed als klein meisje en tiener op hoog niveau aan ballet. Tegelijkertijd speelde ze ook piano en begon ze al vrij vroeg met liedjes schrijven. De muziek won het uiteindelijk van de dans en inmiddels heeft Sage met Choreographic al haar twaalfde album uitgebracht. Op dit album combineert ze de liefde voor dans met muziek in veertien “choreographic” songs. Ze passen goed bij mijn rustige zaterdagmiddag. Sage fluisterzingt en speelt piano in het merendeel van de liedjes. Strijkersarrangementen geven de liedjes de nodige sfeer en blazers zorgen er voor dat enkele songs een jazzy tintje hebben. Vooral aan het begin van het album heb ik het idee dat ik naar variaties op “A Thousand Miles” van Vanessa Carlton aan het luisteren ben. Een hele versnelling lager dan, want de liedjes kabbelen rustig voort. Een enkele keer wordt er van dit concept afgeweken, zoals in “I’ve Been Waiting”, waarin Sage even uit de fluistermodus en achter de piano vandaan stapt en met iets meer pit zingt. Maar helaas is dit een uitzondering en reutelt het album overwegend in een brij aan me voorbij en ligt de onvermijdelijke saaiheid op de loer. Na afloop ben ik heerlijk rustig en heb ik mijn kranten gelezen, dat wel. Maar dat ik deze schijf nog eens op zal zetten lijkt me vrijwel uitgesloten.

File: Rachael Sage – Choreographic
File Under: Sluimerpop
File Facebook: [Rachael Sage op Facebook]
File Twitter: [Tweets van Rachael Sage]

Royal Wood – Ghost Light

Maple Music
Het is alweer ruim vier jaar geleden dat ik kennismaakte met de Canadese singer-songwriter Royal Wood. Ik schreef een stukje over zijn vierde cd We Were Born To Glory waarop ik puntgave popliedjes hoorde die echter akelig veel op elkaar leken en de broodnodige scherpe randjes misten. In de tussentijd was het niet stil in het leven van Wood. Zijn vrouw en hij gingen uit elkaar wat het centrale thema was van The Burning Bright uit 2014. Die had ik even gemist maar File Under-collega Ewie niet en hij constateerde dat er op die plaat nog steeds teveel gladgestreken werd. Nu is dat op zijn nieuwe schijf Ghost Light echt niet schrikbarend veranderd. Maar wat gebleven is zijn de puntgave popliedjes. Royal Wood is echt een kei in het maken van popliedjes waar alles aan klopt. “Come Back To You” bijvoorbeeld heeft alles. Goede melodie en catchy genoeg om te blijven hangen. Of “Dear Anna”, een ballad compleet met strijkers waardoor het sfeervol wordt en niet mierzoet. En “Weight Of A Stone” heeft een fijn outtro met blazers. En wat ik miste op zijn vorige album heeft Ghost Light gelukkig wel: variatie in de liedjes. Bovendien zitten ze ingenieuzer in elkaar dan ze op het eerste gehoor lijken. Royal Wood nam het album samen met co-producer Bill Lefler in Los Angeles op. Wood speelde alle instrumenten zelf en heeft zo dus al die details in de liedjes kunnen verwerken. Ghost Light is geen album dat in veel jaarlijstjes zal opduiken maar is een goede popplaat geworden met goede liedjes waarvan ik er meer op de radio zou willen horen.

File: Royal Wood – Ghost Light
File Under: Puntgave popliedjes
File Facebook: [Royal Wood op Facebook]
File Twitter: [Tweets van Royal Wood]

Ruud Houweling – Erasing Mountains

Voordat ik nog maar één noot gehoord had waren mijn verwachtingen hoog gespannen. Ik hoorde en las namelijk alleen maar lovende woorden over Erasing Mountains, het solo-album van Ruud Houweling. De zanger/gitarist maakte al vier platen met de poprockband Cloudmachine die niet de aandacht kregen die ze verdienden maar bij de liefhebbers zeer in de smaak vielen. Naar het schijnt inspireerde een wandeling over een van de Schotse eilanden Houweling tot dit album. De weidsheid die ik me daar bij voorstel hoor ik terug op Erasing Mountains. Ik zie voor me dat Houweling daar loopt met in zijn kielzog een band met strijkers en blazers. In opener “Yes To Everything” zijn ze nog ver weg en nauwelijks hoorbaar maar gedurende het liedje komen ze steeds dichterbij. Vanaf het tweede nummer, “Motherland”, kun je je bij de optocht van muzikanten aansluiten en meegaan in het verhaal dat Houweling in elf folkpopliedjes vertelt. En daar moet je echt even de tijd voor nemen. Het kostte mij een paar luisterbeurten voordat ik de mooie arrangementen en teksten echt opmerkte. Het album bevat overwegend rustige liedjes die rijk gearrangeerd zijn maar heeft met “Erasing Mountains” en “Spring Will Return” ook wat meer uptempo liedjes. Daar hadden er wat mij betreft iets meer van mogen zijn want met name het tweede deel van het album is wel erg rustig en sober waardoor mijn aandacht wat sneller verslapt. Niettemin is dit een bijzonder mooi album wat zijn schoonheid pas goed prijsgeeft als je er je volle aandacht aan geeft.

mij=Arland

File: Ruud Houweling – Erasing Mountains
File Under: Parade van mooie liedjes
File Facebook: [Ruud Houweling op Facebook]
File Twitter: [Tweets van Ruud Houweling]

Yola Carter – Orphan Offering

In 2012 was The Pines van Phantom Limb mijn plaat van het jaar. En met mij waren er veel liefhebbers want na een optreden op Lowlands was de CD van de Britse countrysoulband de best verkochte schijf van het festival. Ook zag ik in Tivoli De Helling een memorabel goed optreden van ze. Een gouden toekomst lag in het verschiet, zou je denken. Maar begin 2013 was het ineens voorbij en was de band uit elkaar. Doodzonde. Gisteren hoorde ik het prachtige “It’s The Only Way” voorbij komen in een playlist op Spotify. Ik vroeg me toen af of Yolanda Quartey, de zangeres van Phantom Limb en gezegend met een zeldzaam mooie stem, nog muziek maakt. Google vertelde me dat ze in november 2016 een solo-EP heeft uitgebracht onder de naam Yola Carter. Onbegrijpelijk dat daar totaal geen aandacht aan besteed is en ik daar op deze manier achter moet komen. Maar wat ben ik blij dat ze weer muziek maakt! Al vanaf de prachtige melancholische opener “Home” is het raak. Wat een geweldige zangeres is Yola Carter en wat heb ik haar gemist. De zes nummers op haar debuut-EP klokken ruim 25 minuten en zijn stuk voor stuk prachtig. Ietsje meer country in “What You Do”, countryblues in “Orphan Country”, countrysoul in “Heed My Words”, het werkelijk schitterend melancholieke “Dead And Gone” en de jubelende afsluiter “Fly Away”. Verwacht geen muzikale ommezwaai van Carter, countrysoul past haar als geen ander en daarom gaat ze muzikaal gelukkig gewoon verder waar ze in 2013 met Phantom Limb stopte. In haar eentje, with a little help from some friends, kan ze dat moeiteloos aan. Yola Carter is een zangeres die mij op alle fronten weet te raken en muziek maakt waar ik heel gelukkig van word. Kom daar nog maar eens om tegenwoordig. Naar verluid is ze bezig met haar debuutcd die Orphan Country zal gaan heten. Ik kan niet wachten..

mij=Ear Trumpet Music

File: Yola Carter – Orphan Offering
File Under: Welkom terug
File Facebook: [Yola Carter op Facebook]
File Twitter: [Tweets van Yola Carter]

Eric Johnson – EJ

‘Song explorations on acoustic guitar and piano’ luidt de ondertitel van het album EJ van gitarist Eric Johnson. Ik kan opgelucht ademhalen. Ik vreesde even voor lange elektrische gitaarsoli en als ik ergens een hekel aan heb is het wel aan nooit ophoudende kunstjes van gitaristen. Op de akoestische gitaar kan ik er al veel beter tegen. Eric Johnson was mij geheel onbekend maar schijnt in muzikantenkringen een grote naam te zijn. De 62-jarige gitarist heeft een behoorlijke staat van dienst met zijn instrumentale rock waarin hij verschillende stijlen zoals jazz en country samenbrengt. In 1987 en 1992 won hij er zelfs een Grammy voor. Ook was hij gitarist bij Cat Stevens en Christopher Cross en tourde hij als G3 met collega-gitaarbeulen Steve Vai en Joe Satriani. Op zijn zesde solo-album doet hij het wat rustiger aan en laat hij de elektrische gitaar in de koffer. De liedjes zijn soms instrumentaal, zoals het fenomenaal gespeelde “Mrs. Robinson” van Simon & Garfunkel, maar Johnson zingt ook en zeker niet onverdienstelijk. De dertien liedjes hebben een beetje een jaren zeventig Cat Stevens-achtige sound. Het album maakt duidelijk dat Eric Johnson een uitmuntende gitarist is. Dat was mij echter in iets minder songs ook wel duidelijk geworden. Dertien liedjes technische perfectie is mij iets te veel van het goede en zal voornamelijk muzikanten aanspreken die hier (terecht) hun vingers bij zullen aflikken. Voor mij als ‘gewone’ luisteraar duurt dit iets te lang en wordt het op den duur zelfs, hoe goed en knap het ook is, een beetje saai. Dan ga zelfs ík verlangen naar een kleine solo op de elektrische gitaar om de boel een beetje wakker te schudden.

mij=Provogue / Mascot

File: Eric Johnson – EJ
File Under: Muziek voor muzikanten
File Facebook: [Eric Johnson op Facebook]
File Twitter: [Tweets van Eric Johnson]