Jasper Steverlinck

Als ik mijn eerste vraag stel, trekt Jasper Steverlinck – zanger van het Belgisch Arid maar nu solo met een CD vol covers – een blikje bier open. Er zal weinig uit gedronken worden gedurende het interview. Want als het over muziek gaat – zo blijkt – is hij in zijn bevlogenheid nauwelijks meer te stuiten. Een bezielende vloed van woorden wordt over mij uitgestort. Af en toe weet ik er nog een vraagje tussen te persen.
Jasper Steverlinck


mij=door Gijs
Hoe ben je in de muziek terecht geraakt?
Ik ben eigenlijk vrij laat met muziek begonnen. Pas op m'n 17e begon ik gitaar te spelen en ik kon het niet zo goed; ik plukte slechts wat akkoordjes ter begeleiding. Ik hing vaak rond in een café in Gent, het Tierlantijntje, en daar kwamen allerlei muzikanten samen. Bijvoorbeeld ook Luc de Vos van Gorki. Na afloop van een optreden bleven er wel eens wat muziekinstrumenten liggen op het podium. Met wat vaste klanten jamden we dan wat. De mensen daar merkten meteen mijn stem op en spoorden me aan verder te gaan in de muziek. In mijn hoofd rijpte deze mogelijkheid echter maar zeer langzaam. Tot mijn 21e heb ik eigenlijk helemaal niet geoefend, techniek vond ik niet belangrijk. Ik geloofde in talent dat ingegeven werd als een soort divine intervention wanneer er gespeeld werd. Toen het met Arid allemaal serieuzer werd ben ik pas echt gaan oefenen.
Je zegt ergens dat je geen vooropgezet plan had om deze plaat te maken.
Nee, een reeks toevalligheden heeft tot deze plaat geleid. Door de gebroeders Kolacny, waarmee ik op Werchter ooit Life on Mars van Bowie gecoverd heb, ben ik enorm geïnspireerd om anders naar muziek te gaan kijken, vooral ook naar muziek van anderen. Sindsdien verdiep ik me veel meer in het werk van mijn favoriete artiesten. En dat zijn er heel veel [JS vermeldt tussen neus en lippen door dat hij zo'n 2000 CD's bezit; red.]. Niet alleen begon ik er anders naar te luisteren, maar vooral ook ging ik muziek van anderen te spelen en begon ik mogelijkheden te zien om daar een creatieve draai aan te geven. In dit proces en natuurlijk met het succes van Life on Mars [in Vlaanderen; red.] ontstond toen langzamerhand het idee voor een coveralbum.
Had je in de studio wel een vooropgezet plan?
Met de producer Reinhard Vanbergen [ook bekend van Das Pop; red.] had ik in ieder geval het idee dat het niet zomaar covers moesten worden. Ik wilde er iets van mijzelf inleggen. Vandaar het bestuderen, het inleven en ontleden van het songmateriaal. Maar altijd met als uitgangspunt dat het mijn interpretatie was. Met opzet probeerde ik ook nummers uit die qua register niet direct in mijn straatje liggen; ook als zanger en performer wilde ik mijzelf uitdagen. Een mooi voorbeeld is It must be Love van Madness. Overigens blijft er na mijn interpretatie van het origineel dan weinig van over, maar dat was dus juist de bedoeling. Ik wilde weten of ik bepaalde songs kon 'trekken', dragen, een bepaalde eigenheid kon meegeven.
Ook heb ik naast de nummers van bekende artiesten als The Doors (The River Knows), Dylan (To Make You Feel My Love), en Elton John (We All Fall in Love Sometime) opzettelijk een paar wonderschone, maar zeer mager bekende songs van bijvoorbeeld Rare Bird en Jann Arden uitgekozen. Het is doodzonde als deze parels in de vergetelheid zouden verzinken.
Net als bij Little things of Venom – het eerste album van Arid – zijn de arrangementen op Songs of Innocence sober en minimaal, zodat jouw bijzonder heldere tenorstem wederom alle aandacht opeist. Waar komt die hang naar het sobere, onaangetaste, onschuldige vandaan?
Ik heb de stem altijd gezien als iets waarmee je niet kunt liegen. Een faker haal je er zo uit. Sommige mensen hebben in het dagelijks leven moeite om duidelijk in hun emoties te zijn. Al Green bijvoorbeeld, die nu overigens priester is geloof ik. Op het podium echter kan zo iemand volledig opgaan in de muziek dat er – het klinkt misschien raar maar – iets van waarheid kan opklinken. Met klassieke muziek heb ik vaak hetzelfde. Een bepaalde akkoorden sequentie in Beethoven of Satie kan zoveel meer rock&roll zijn dan een band als Slipknot. Dan zie die gasten bezig met al die herrie, maar dan komt het toch niet echt aan. Daarom hebben we er ook voor gekozen om niet met effecten te hannesen en eindeloze hoeveelheden takes op te nemen. Natuurlijk hebben we enorm op de nummers geoefend, maar de uiteindelijke opnames bestaan toch allemaal uit one take.
Ik weet trouwens zeker dat mensen die van Muse of Radiohead houden, ook naar klassieke muziek zouden kunnen luisteren. Vaak is men er echter afkerig van en denkt men dat het ver van ze afstaat. Ik hoop dat Songs of Innocence voor sommigen een brug kan slaan naar de klassieke muziek.
Ik neem aan dat je meer nummers op je lijstje had staan dan de uiteindelijke 11. Zijn er ook veel covers mislukt?
Ik had een dertigtal nummers geselecteerd. Een aantal daarvan zijn inderdaad gewoon niet goed genoeg gelukt. Ik had het gevoel dat ik ze niet genoeg geadopteerd had. Daarnaast zijn er 5 of 6 nummers wel goed gelukt, maar ze pasten op één of andere manier niet echt in de in de sequentie van de plaat. Een voorbeeld is Golden Path van de Chemical Brothers, dat ik overigens wel van plan ben live te spelen.
Je speelde op Werchter. Het programmaboekje van HUMO opende met 'love him or hate him'. Enig surfen op het internet levert meer van dit soort zinsneden op. Hoe komt het denk je dat men zo ambivalent over je oordeelt?
Alles wat heel duidelijk of uitzonderlijk is, nodigt altijd uit tot sterke taal. Voor 100.000 fans van de Smashing Pumpkins ook 100.000 haters. Björk is net zo'n voorbeeld. Ik laat me er niet zo door leiden. Ik denk trouwens ook dat het internet een bepaald soort anonieme mondigheid teweegbrengt waar je misschien niet teveel gewicht aan moet hangen.
Hoe ga je de songs of innocence uitvoeren?
Ik sta op het podium met een volledige band; een gitarist, bassist, drummer en een pianist, Valentijn van Elsen, die ook meedoet op de studio-opnames. Op sommige optredens zal ook een strijkkwartet met blazers meedoen.
Heb je nog internationale aspiraties?
Ik heb zeker ambities buiten de Belgische grens. Uit de UK en de VS is veel interesse getoond, dus misschien dat er een tour aldaar inzit.
Hebben er al artiesten gereageerd op jouw interpretaties van hun werk?
Een HUMO journalist had Life on Mars aan Bowie voorgelegd tijdens een interview. Tot zijn verbazing kende Bowie mijn versie. Het nummer stond toen al enige weken in de Belgische charts en hij had het via zijn management doorgespeeld gekregen. Hij vond het heel goed, zo bleek. Jammer dat hij er op Werchter niet kon zijn, want ik had hem graag even willen spreken.

2 Comments

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *

This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.