Roadburn 2005

We sms-ten elkaar meerdere keren: ‘Niet je oordoppen vergeten, hè!’ En we hadden alledrie gelukkig onze doppen ook daadwerkelijk bij ons. Het was voor de meeste van ons ook al een tijdje geleden dat we naar een echt heavy festival geweest waren.
Electric Wizard
En heavy dat was het jubileumfeestje van Roadburn toch echt wel. Voor deze jubileumeditie hadden ze de boel flink groots opgezet. De Effenaar werd ingeruild voor 013 en daar werden alle zalen strak ingedeeld.


mij=Door Storm & T-tusz; Foto's: George
Door werkzaamheden aan de weg, onze knorrende magen en wat ellende bij de ingang – laten we het er op houden dat portiers niet per definitie muziekliefhebbers zijn – duurde het wat lang voor we binnen waren. Tandenknarsend stonden we bij de ingang te wachten, terwijl we uit de kleine zaal de bastonen van Sunn0))) hoorden grommen. Flink balen, want Sunn0))) was voor ons toch één van de redenen geweest om naar Roadburn te komen. Nu ja, dan maar gelijk richting de grote zaal om Astrosoniq aan het werk te zien. Bij de bestudering van het schema vroegen we ons af wat ze op dat grote podium te zoeken zouden hebben, zo groot zijn ze immers niet. Maar Astrosoniq profiteerde optimaal van de mogelijkheden die de grote zaal bood. Dus pakten ze uit met een goede mix van nummers en coole graphics op het grote scherm en optimaal geluid. Aardig visitekaartje voor de heren. Doordat we het hele optreden bleven uitkijken moesten we achteraan sluiten bij de rij voor Alabama Thunderpussy. En die rij bleef netjes voor de deur staan tot het einde van het optreden. Beetje jammer, want buiten de deur klonk het geweld van Alabama Thunderpussy indrukwekkend.
Astrosoniq. De zanger kon roken, zingen en drinken tegelijk. Applaus voor de man!
Dat is wel een beetje het nadeel van het organiseren van een festival in 013. De grote zaal is fantastisch qua geluid en toegankelijkheid, maar zodra daar niets te doen is en het publiek zich en masse naar de kleine zaal of de Batcave verplaatst, dan zijn die kleine zaaltjes in een vloek en een zucht gevuld. Nou ja, dan maar gelijk gaan kijken of Black Moses onze hooggespannen verwachtingen zou kunnen waarmaken.
Zwarte Mozes. I rest my case.
Deze band rond ex-Thee Hypnotics zanger Jim Jones zou optreden in de Batcave (nog een maatje kleiner dan de kleine zaal), dus we konden daar maar beter op tijd zijn. Dat was de band helaas niet. Tegen een uur of negen kwamen de heren op hun dooie akkertje de zaal inlopen, beklommen het podium en begonnen te soundchecken. Heel fijn allemaal, maar wij wilden toch echt wel een paar nummertjes Brant Bjork meepakken voor we naar de geweldenaren van High On Fire zouden gaan kijken. Er zat dus niet veel anders op dan de zwaar op de zeventiger jaren leunende zompige rock van de heren van Black Moses na ongeveer vier nummers – eigen schuld, dikke bult – te verlaten en bij de Pepsi Stage ome Brant te gaan bekijken. Het antwoord op de vast grappige vraag die Jones stelde voor het begin van het optreden zullen we dus nooit te weten komen.
De broer van Jimi Hendrikx was er ook. Brant Bjork dus.
Brant Bjork begon wel stipt op tijd, maar kwam live niet helemaal lekker uit de verf. Op de één of andere manier werkt zijn coolness wel op zijn platen, maar worden zijn nummers op het podium een beetje te tam. Als hij de nummers met wat meer pit zou brengen zou het een stuk beter werken. Dat hij dat best kan bewees hij later op de avond toen hij nog een even mee kwam zingen met Hulk. Maar Bjork leende zich wel uitstekend om even op de schuine tribunezijde van 013 een paar biertjes met elkaar te drinken (en cola voor de chauffeurs). Dat deed het publiek dus ook. Een paar enthousiastelingen stond te dansen, maar dat was voornamelijk onder invloed van het een of ander.
High on Fire. Mijn oren doen er nog pijn van.
Na Bjork werd het tijd voor de niet erkende kinderen van Motorhead en Slayer: High On Fire. Blessed Black Wings is gewoon een heerlijk brute plaat waarop zanger Matt Pike stevig van leer trekt. Op het podium bleek dat vooral aan de mix van de plaat te liggen, maar dat mocht de pret niet drukken. Nu klonken ze nog altijd als het stiefbroertje van Venom. Hard, strak en meedogenloos stapelde het trio nummer op nummer. In de zaal ontstond zowaar iets wat op een pit leek. Omdat Space Ritual twee uur zou spelen in de grote zaal leek het ons van tevoren al een wijs idee om steeds een stukje van hun show mee te pikken op weg van de kleine naar de grote zaal. Nou daar kwamen we snel op terug. Deze 'legendarische' band met in de gelederen nogal wat ex-Hawkwind-leden (voor de duidelijkheid, dat is Lemmy ook) bleek meer een bejaardenreünie dan een straffe spacerockband te zijn. Daar veranderde de merkwaardige gogodanseres met haar malle verkleedpartijen en een gastoptreden van Monster Magnet-gitarist Ed Mundell weinig aan. Het was dan ook weinig verbazingwekkend dat bij Electric Wizard de kleine zaal stampvol was en bleef tijdens show met trage doom. De nieuwe line-up van de band bleek strak op elkaar ingespeeld.
Space Ritual. Hilarisch, de oude van dagen zitten nu weer achter de geraniums in het bejaardentehuis. Laat ze daar maar blijven, mijn god.
Lang blijven konden we echter niet, want voor ons zou de uitsmijter van de avond Hulk worden. Deze drie Belgen staan op plaat al garant voor een lekkere bak rock 'n roll en doen er live nog een schepje bovenop. Messcherp en energiek speelde dit driekoppige groene rockmonster de nummers van Cowboy Coffee… en Party Time, terwijl Brant Bjork gemoedelijk een biertje drinkend aan de zijkant tevreden stond toe te kijken. Natuurlijk kon het niet uitblijven dat 'ie nog even een moppie mee kwam zingen op het podium. En dat gebeurde dus ook. Na uitvoerig knuffels uitgewisseld te hebben zongen de heren samen een nummer. Nadat Hulk klaar was met hun set hoorde je vanuit de grote zaal Space Ritual nog spelen.
Niet groen, wel gek.

Het publiek bij Hulk schreeuwde dus maar om meer en kreeg dan ook de gewenste toegift, waarin deze Zuiderburen nog even flink van leer trokken. Helaas vond zanger / saxofonist Nik Turner van Space Ritual dat ook hij een toegift verdiend had en trakteerde ons op een “Happy Birthday” op sax voor Roadburn en vervolgens ook nog een opgerekte versie “Theme from Pink Panther”. Roadburn had een betere afsluiter verdiend voor dit feestje. Lachend en hoofdschuddend verlieten wij het pand.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *