Yo La Tengo

Er zijn niet veel bands die 25 jaar meedraaien, en daarbij een constante stroom van bovengemiddelde albums hebben weten uit te brengen. Dit trio uit Hoboken, New Jersey heeft inmiddels zo’n vijftien albums uitgebracht, afhankelijk van welke zijprojecten je meetelt. Niet altijd in dezelfde samenstelling en zeker niet altijd met hetzelfde geluid. De constante kern in dit gezelschap vormen gitarist Ira Kaplan en slagwerkster Georgia Hubley. Hun kenmerkende dromerige samenzang en sterke visie heeft van Yo La Tengo een muzikale entiteit gemaakt die los staat van elke hype. Om de fans een kijkje te geven in de wereld van Hubley, Kaplan en bassist James McNew deed de band afgelopen maand een handjevol Europese steden aan met hun ‘The Freewheelin’ Yo La Tengo’-tour. En album nummer 16, Popular Songs komt begin september uit.
Yo La Tengo


mij=Interview: Melvin. Foto's: Storm
Creatief proces
De muziek op Popular Songs werd grotendeels opgenomen in Yo La Tengo's vaste oefenruimte in Hoboken. Georgia Hubley vertelt dat ze laatste jaren erg gehecht zijn geraakt aan het ruimtelijke en volle geluid van de plek en dat ze hier eerder 'soundchecks' en demo's hebben opgenomen. Voor de opnames van vocalen en strijkers werd uitgeweken naar Nashville.
Tijdens de opnames ontstond het idee om het Motown-achtige nummer “If It's True” aan te kleden met strijkers. Ira Kaplan: 'Eerst probeerden we zelf de arrangementen te maken, maar dat bleek uiteindelijk een verschrikkelijk idee.' Er werd hulp van buiten gezocht. De eerste man op de verlanglijst was arrangeur Richard Evans. Kaplan vertelt als een ware muzieknerd over Evans: 'Hij is jarenlang de huisarrangeur van Cadet Records geweest, een zijtak van Chess. [Bassist] James ging op zoek naar informatie over Evans op het Internet en stuurde hem een e-mail.' Toen er eenmaal contact was, dacht de band: waarom zouden we hem niet nog een nummer laten arrangeren? En zo kreeg ook openingstrack “Here to Fall” een toevoeging van Evans' hand.
'Een van de leukste dingen tijdens de opnames was het bijwonen van de sessies met de violisten.' Kaplan beschrijft de reactie van de muzikanten toen ze voor het eerst de partijen gingen oefenen: 'Verbaasd keken ze op hun bladmuziek; het leek niet te kloppen. Nadat de partijen met overtuiging werden gespeeld kwam het van de grond.' Hubley ziet de partijen niet als eenvoudige arrangementen om het nummer te accentueren. 'Als je er dieper induikt weet je niet of het nu majeur of mineur is, het wrijft en botst.'
Yo La Tengo
De violisten gaan hoogstwaarschijnlijk niet mee op tour. De band heeft er duidelijk geen probleem mee als het live anders klinkt dan op plaat: 'als het klinkt zoals op de plaat, is het prima, als het anders klinkt is het ook prima.' Live spelen betekent voor Yo La Tengo manieren vinden om hun nummers met enkel drie mensen ten gehore te kunnen brengen. 'Het spelen met drie mensen betekent soms het spelen van drie instrumenten tegelijk met twee handen,' vertelt Hubley lachend. Backingtracks zouden een oplossing kunnen zijn, maar daar maakt de band liever geen gebruik van. 'Een deel van een publiek maakt het niet uit als je dat doet', geeft Kaplan toe. 'Maar zo creëer je een illusie die lijkt op een Broadway-show. En dat is niet hoe Yo La Tengo muziek maakt.'
Jarenlange ervaring heeft van Yo La Tengo een weerbarstige band gemaakt die in de studio met hulp van producer Roger Mountenot een manier heeft gevonden om per plaat het perfecte geluid te vinden. 'We zijn nooit echt met een vooropgezet idee begonnen aan een plaat,' vertelt Kaplan, 'behalve Condo Fucks dan.' Een zijproject dat coversongs ten gehore brengt op een rauwe garagerock manier. 'Het is moeilijk om een begin van het creatieve proces aan te wijzen.' Hubley vult aan dat ze tussen platen door altijd bezig zijn met nieuwe muziek en dit keer gingen ze georganiseerder dan voorheen de studio in. Tevens drukt het gebruik van een nieuw aangekocht B3 Hammond orgel een duidelijk stempel op de nieuwe nummers. 'We maken ons niet echt zorgen om hoe de plaat moet gaan klinken. We gaan gewoon de oefenruimte in en spelen net zo lang totdat we ons erin kunnen vinden.' De band kijkt later pas hoe coherentie gevonden kan worden in de opgenomen nummers.
Lange carrière
Het contemporaine indie-landschap kenmerkt zich door bands die snel opkomen en al net zo snel weer verdwijnen. Yo La Tengo valt op door hun decennialange carrière. Kaplan: 'Het is altijd een zeer bewust doel en de kracht van de band geweest om de wereld weg te duwen en op elkaar te focussen. We hebben een geweldige carrière, we zijn niet de meest populaire band, maar we kunnen doen wat we willen en het is onze baan.' Het hele indie-'gebeuren' laat de band aan zich voorbij gaan. 'We laten onze platenmaatschappij doen wat zij denken dat het beste is.' Soms mengen de bandleden zich in plannen, maar over het algemeen blijft de band vooral bij het maken van muziek. 'Onze band heeft geen manager, buiten onszelf.'
Yo La Tengo
Ondanks het bestaan van deze eigen muzikale wereld sijpelen er toch inspiratiebronnen naar binnen. Kaplan noemt de band Antietam als markant voorbeeld. Yo La Tengo's eerste show was in het voorprogramma van Antietam. 'Ze bestaan ongeveer net zo lang als wij, maar zijn minder succesvol, ondanks geweldige platen. De bandleden hebben een baan ernaast, spelen voor een vrij select publiek en toch blijven ze muziek maken. Dat is een van de meest inspirerende dingen voor mij,' zegt Kaplan.
De afgesloten wereld van de band is niet altijd even veilig van invloeden van buitenaf. Zo heeft Yo La Tengo onlangs een soundtrack gemaakt voor de film Adventureland en kwam de groep in aanraking met een industrie vol businessmodellen en focusgroepen. Toch laat de band tijdens 'The Freewheelin' Yo La Tengo'-tour zijn schild even zakken en mag het publiek kennis maken met James, Georgia, en Ira.
The Freewheelin' Yo La Tengo
'Iets wat we normaal niet doen', zegt Hubley. 'Er wordt niet gewerkt aan de hand van verzoekjes, maar meer aan de hand van dialogen.' Het optreden in het Bimhuis liet dit duidelijk zien (zie hier een bootleg van “By The Time It Gets Dark”). Verzoekjes stelde de band niet op prijs, maar op vragen werd openhartig ingegaan. De antwoorden hadden regelmatig de vorm van een anekdote waar een nummer bij paste. De afstand tussen het publiek en de band werd alleen maar kleiner door de minimale muzikale aankleding (akoestische gitaar, basgitaar, en minimale drumset). Het grootste gedeelte van de vragen was vrij beleefd en komisch. Dit zorgde voor een ontspannen sfeer en maakte het een bijzondere ervaring om de band zo vrij en los te zien musiceren. En voor de mensen die toch liever de 'normale' Yo La Tengo-tour meemaken: in het najaar komt de band nog langs ter promotie van Popular Songs.

One comment

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *

This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.

Back to Top