Go Back To The Zoo
The Wave Pictures - If You Leave It Alone
Je kunt als band heel veel tijd steken in het verfijnen van je geluid in de studio om het zo gelikt en vol mogelijk te laten klinken, maar sta je tijdens een tournee mooi voor een lastige klus: hoe ga je je volle geluid op het podium evenaren of zelfs overtreffen. The Wave Pictures omzeilen deze vraag door gewoon lekker losjes live op te nemen in de studio. Althans, ik meen aan hun nieuwe cd If You Leave It Alone te kunnen horen dat het op zeker bijna allemaal one-takers zijn. Deze manier van opnemen maakt het een band bovendien mogelijk om snel nieuwe muziek uit te brengen. Zo verschenen er sinds hun vorig jaar uitgebrachte cd al twee nieuwe EP's. Is dat dan niet teveel? Neu, ik vind het niet zo erg, want If You Leave It Alone geeft mij als luisteraar weer het gevoel dat de band speciaal en alleen voor mij staat te spelen. Dat vind ik eigenlijk best een prettige ervaring. Bovendien is frontman Dave Tattersall een begenadigd songschrijver die op de proppen komt met liedjes die herinneringen oproepen aan Jonathan Richman & The Modern Lovers. Maar hij drijft ook regelmatig de twee-kant op, met "Come On Daniel" als ongepolijst goudklompje. Heerlijk zijn de kloeke saxofoon en 'valse' koortjes die veelvuldig een prominente rol krijgen. Ik kan me wel voorstellen dat niet iedereen zijn stem even aantrekkelijk zal vinden om naar te luisteren, maar ik denk dat komend weekend op Vlieland de liefhebbers in de meerderheid zullen zijn.
File Under: One Take prinsen.
File Audio: [ MySpace]
Into The Great Wide Open 2009, Voorpret
Op vakantie in eigen land. Ik moet eerlijk bekennen dat ik dat niet zo vaak gedaan heb. Limburg, de Veluwe en Zeeland. Veel verder kom ik niet. Als kind werd ik door mijn ouders vrijwel iedere zomer meegenomen naar Oostenrijk. Iets waar ik nog steeds met veel plezier aan terugdenk. Maar ik ben dus bijvoorbeeld nog nooit op een van onze eigen Waddeneilanden geweest. Op school leerde ik het ezelsbruggetje TVTAS opdreunen en zo weet ik dat Vlieland na Texel het tweede eiland in het rijtje is. Nooit gedacht dat Vlieland voor mij ineens een vakantiebestemming met een onweerstaanbare aantrekkingskracht zou zijn. Allemaal dankzij het lovenswaardige initiatief om op deze prachtlocatie een kleinschalig driedaags festival te organiseren met een line-up om je vingers bij af te likken: Into The Great Wide Open.
De organisatie - volgens de site 'een club mensen die elkaar kennen uit de popmuziek en die op Vlieland hun droomfestival werkelijkheid doen worden' - had gehoopt om minimaal zo'n tweeduizend kaartjes te kunnen verkopen. Een paar weken geleden werd echter de allerlaatste barcode afgedrukt en was de maximale capaciteit van vierduizend bezoekers bereikt. Vanaf deze plek een welgemeende felicitatie voor de organisatie. Hulde. Het tentje ligt hier inmiddels reeds klaar voor vertrek. Ik heb alleen geen houten haringen, maar dat lossen we wel op als we op camping Stortemelk arriveren. Om de voorpret te verhogen hangen hier naast het 'niet vergeten'-lijstje de blokkenschema's alvast op het prikbord. Eens kijken waar we ons allemaal op kunnen gaan verheugen.
Tetragrammaton - Elegy for Native Tongues
"Heavy, ominous psychedelic free-improv from Tokyo, Japan" is de openingszin van een recensie ergens anders online, en dat is veelzeggend want: a) vrije improvisatie is geen lichte kost en kan alle kanten opgaan, en b) Japanners gaan altijd nog een stukje verder dan de meeste westerlingen. En dan is het ook nog eens een dubbel-cd (studio en live). Zware kost dus op basis van de verwachtingen vooraf, en dan blijkt het eindresultaat eigenlijk qua toegankelijkheid best mee te vallen. Voor de wat meer geoefende improvluisteraar, dat wel. Het Japanse trio probeert met sax, hurdy gurdy, gitaar, gong, percussie en allerhande effecten al improviserend in hogere sferen te komen. Dat betekent: lange, uitgesponnen nummers met de focus op drone en sfeer, en minder op individuele expressie (zoals vaak wel aan de orde is bij improv). Een beetje als de Canadese Montreal-scene van rond de eeuwwisseling (Shalabi Effect, set fire to flames), maar dan wel met meer richting en een duidelijk betere instrumentenbeheersing. En zoals het een echt goede psychedelische drone/improvplaat betaamt, kom je er naarmate je langer luistert steeds meer 'in' en werkt de muziek hypnotiserend en bedwelmend. De spanning blijft overal aanwezig, de sound is geweldig, en de druggy freak-outs gaan maar door en door en door en door, en zouden ook voor altijd door mogen blijven gaan. Een van mijn favorieten van 2009 tot nu toe!
File Under: Bedwelmende improv die voor eeuwig door zou mogen spacen
Brian Olive - Brian Olive
Vorig week roemde DubbelMono mijn hippe muzieksmaak. Ik keek hem verbaasd aan: 'Ik hip?' 'Qua Nederlandse bands', was zijn toelichting hierop. Ik begreep toen over welke fiets het ging, maar mijn liefde voor bands vind ik verder allesbehalve hip. Mensen die hip zijn houden van dance. En de rest is allemaal al eerder gedaan, al kan het best opnieuw goed gebeuren. En aan dance heb ik een hekel, helaas. Een goed voorbeeld van het wiel opnieuw en goed uitvinden is het debuutalbum van Brian Olive. In een vorig leven heette de Amerikaan nog Oliver Henry en was zanger/gitarist bij The Greenhornes en Soledad Brothers, maar nu durft hij de stap te zetten om onder eigen naam uit de kast te komen. Hij hoeft zich nergens voor te schamen, want Olive weet waar Abraham de mosterd vandaan haalde of beter gezegd waar Richards en Jagger schitterden. Dat was o.a. op Exile On Main St, dat wel wordt gezien als het beste Stones-album ooit. Van de oude mannen van de Stones hoeven we echter nooit meer iets echt geweldigs en nieuws aan albums te verwachten. Olive en zijn bandleden dienen zich maar wat graag aan als alternatief. Ze weten op dit album met de titel Brian Olive rock 'n' roll prima te combineren met Stax-achtige blazers en daarbij dit ook in prima liedjes te doen. Om het album net zo goed te noemen als Exile On Main St. gaat wel net wat te ver, maar vervelend of namaak is het zeker niet.
File Under: De goede inspiratiebronnen kennen
File Audio: [ MySpace][There Is Love]
Week 34, 2009
Storm
Susanna And The Magical Orchestra - 3
Ewie
Orchestre Poly-Rythmo de Cotonou @ Zomerparkfeest Venlo
Ludo
Richmond Fontaine - We Used To Think The Freeway Sounded Like A River
Gr.R.
Lightning Dust - Infinite Light
André
Lisa Mitchell - Wonder
Blizzard
Guilt Machine - On This Perfect Day
Stonehead
Zoot Woman - Things Are What They Used To Be
DubbelMono
Deadstring Brothers - Sao Paolo
Bas
Motorpsycho - Child of the Future
Mono - Hymn to the Immortal Wind
Jimmy Left The Band / That Band From Holland / Starring Lisa
Al een tijdje zoemt in de geruchtengalerij der bands van wie een reünie verwacht wordt de naam Pavement rond. Ik kan niet wachten tot dat ook daadwerkelijk gebeurt, want ik heb die band helaas nooit live aan het werk kunnen zien en ik reken hun cd's tot de beste die in de jaren negentig verschenen zijn. Dat de invloed van Pavement nog steeds groot is, blijkt maar weer als ik luister naar Jimmy Left The Band. Deze Belgische band rond zanger Koen Vastesaeger ruikt in alles naar deze Californische grootheden, al moet daar zeker ook Guided By Voices bij genoemd worden. Dat levert alleen nog maar extra bonuspunten op. Maar dit verteld hebbende geef ik ook gelijk alles weg. Koen is een kei in het schrijven van kekke kneuterige liedjes. Het gevaar van lulligheid ligt wel een beetje op de loer, maar doordat hun EP-tje maar zes nummertjes lang is wordt dat gelukkig vermeden. Bovendien is "Run Run Run" gewoon een superleuk nummer.
Maar je hoeft natuurlijk niet naar België voor fijne kneuterige liedjes. Dat kunnen we in Nederland ook prima. Neem bijvoorbeeld That Band From Holland (geniale naam!). Deze Rotterdammers klinken zo mogelijk nog lulliger dan onze Belgische vrienden. Daardoor komt hun indie-fröbelpop ergens halverwege Pavement en Grandaddy uit. Zwak punt vind ik de zang. Eric-Jan Vriend en Michiel van Veen zijn niet de grootste talenten, aan de andere kant geeft het de liedjes ook wel het juiste karakter. Leuk is ook dat er flink wat koperwerk verwerkt zit in hun liedjes. De trompet en trombone van Bart Jan Boot, geven de band een eigen smoel. Bovendien zorgen intermezzo's als " Those Analogs" en "1985" even voor een andere kijk op de zaak. Mooiste liedje is echter het afsluitende "I Am Hands" dat in eerste instantie zes minuten rustig door lijkt te meanderen, maar uiteindelijk in een zuigende draaikolk eindigt.
Dat Starring Lisa ook schatplichtig was aan Pavement wisten we al van hun debuut-ep Another Ordinary Saturday. Met wederom Corno Zwetsloot achter de knoppen hebben ze nu ook een hele cd opgenomen. Hierop staan tien tracks die laten horen dat de band nog een flinke stap vooruit gemaakt heeft. De muziek is een stuk dynamischer geworden dan op de EP en maakt af en toe een stapje de kant van Sparklehorse op. Dat hoor ik in bijvoorbeeld "In This Town" terug, dat ook wel een beetje de Radiohead-kant op drijft, maar dat deed Joris Postema ook al in noor, de voorganger van Starring Lisa. De band heeft gelukkig wel de juiste bite behouden. Vooral de noisy stukjes en dwarse gitaarpartijen zijn een welkome aanvulling op de stem van Joris. Toch komt Starring Lisa het best tot zijn recht als ze de tijd nemen en een tandje terugschakelt. Ook al duren de liedjes dan wat langer, ze zijn zo dynamisch dat je je niet snel gaat vervelen. Bovendien volgt daarna altijd wel weer een lekker puntig liedje zoals "To The Park".
File Under: Kneuterige Belgische indierock
File Audio: [ MySpace]
File: That Band From Holland - That Band From Holland
File Under: Fijne indiepop uit Rotterdam.
File Audio: [ MySpace]
File: Starring Lisa - No One Ever Told Me Anything
File Under: Ik vertelde echt wel eerder dat ik jullie leuk vind.
File Audio: [ MySpace]
Milan Polak - Murphy's Law
Twee jaar geleden sloeg Milan Polak nieuwe paden in met zijn eerste niet-instrumentale album Straight. Fijne nieuwe paden, want het was een ijzersterk album. Goede melodieën, sterke zang en fenomenaal gitaarwerk. Het album eindigde dan ook in mijn jaarlijstje. Het werd niet de gehoopte doorbraak voor Polak, zodat toeren beperkt bleef tot Duitsland, Oostenrijk en Italië. Toch is er nu weer een nieuw vocaal album, Murphy's Law. Deze keer wordt Polak op bas en bij de productie bijgestaan door Fabio Trentini (Glenn Hughes) en op het slagwerk door Simon Michael, in het dagelijks leven drummer bij Subway to Sally, waarvoor Polak het album Bastard meecomponeerde en volspeelde. Genoeg extra ervaring voor Polak dus. Jammer genoeg hoor ik dat niet terug op dit album. Het is allemaal wat minder bluesy geworden en wat mij betreft is dat een verkeerde keuze. Het levert weliswaar wat fraaie proggy momentjes op, maar vooral ook songs als de ballad "Torn", die best goed in elkaar zitten, maar op geen enkele manier nog iets eigens uitstralen. Dat geldt zeker niet voor alle songs, want er zitten nog steeds de Polak signature rockers tussen ("Inner Truth" of "Losing Me" bijvoorbeeld), maar over het geheel zijn de nummers minder overtuigend. Pas in afsluiter "The Mystery Of Life" laat Polak iets langers horen wat nieuw voor hem is. Het start met een bijna proggy intro, en na een niet al te spannend middenstuk eindigt het met fraaie vocalen en bijna poppy gitaarwerk. De productie is duidelijk een slag strakker dan op Straight, maar het eindoordeel verandert daar niet door. Murphy's Law is nog steeds heel wat beter dan het gros van de rechttoe-rechtaan-rockalbums. Juist van Polak had ik echter meer verwacht.
File Under: Verwachte progressie ontbreekt
File Audio: [PolakSpace]
Shantel & Bucovina Club Orkestar
Culture Reject - Culture Reject
En wij maar denken dat onze Spinvis een uniek fenomeen is! Het zit er dik in dat ieder land wel een soort Spinvis heeft, een man met een gezin die op een zolderkamertje met eindeloos veel geduld een cd in elkaar knutselt. Ook Canada heeft er eentje. In Toronto woont namelijk Michael O'Connell, een aardige man die ooit in de jaren negentig frontman was van de plaatselijk bekende band Black Cabbage. Nu werkt hij met dakloze en ontspoorde jongeren in een opvangcentrum in Toronto en in de uren dat hij niet met werk of kinderen bezig is, neemt hij nummers op. Nummers met een boodschap die direct voortkwam uit zijn werk (‘stories of isolation, fuck the world, love the world, learning to love myself'). Culture Reject is zijn solodebuut en bevat elf kleine, hoogst originele songs met invloeden uit het door O'Connell bezochte Afrika en Cuba. Het resultaat is een vreemde mix tussen indie en wereldmuziek die best aanstekelijk is. Enige minpunten zijn de eenvormige zang van O'Connell en het feit dat het allemaal wel heel erg uitgedacht klinkt. Maar wat wil je ook met iemand die alle tijd heeft om ieder tikje en bliepje en akkoordje op precies de goede plek in ieder nummer te zetten. Die spontaniteit moet er dan vooral live weer uitkomen, zo werkt dat bij elke Spinvis.
File Under: Canadese Spinvis
File Audio: [ MySpace]
File Video: [Inside the Cinema]
Yim Yames - Tribute To EP
Achter de naam Yim Yames gaat 'gewoon' Jim James schuil, voorman van My Morning Jacket. De naam die achter Tribute To ingevuld kan worden is die van George Harrison. De jongste Beatle, de stille Beatle, de Hare Krishna-Beatle. En ook de Beatle met de curieuze solocarrière: een liedje hier en daar voor de Beatles mogen bijdragen en na het uiteenvallen van die band met een baanbrekende triple op de proppen komen, All Things Must Pass. Weliswaar was dit al zijn derde soloplaat, maar de eerste die een wereldhit opleverde, "My Sweet Lord". En uiteraard krijgen we die ook te horen op deze EP, samen met vijf andere tracks uit het oeuvre van George Harrison. Opgenomen in 2001, na het overlijden van Harrison, wordt deze sessie nu pas uitgebracht. De datering is er meteen aan af te horen: de jongste opnamen van My Morning Jacket (Evil Urges) klinken vele malen gepolijster en voller dan het spaarzame, vol met echo opgenomen geluid van Tribute To. Vrijwel dezelfde lo-fi-sound als die van debuut The Tennessee Fire en opvolger At Dawn dus. Beleven we veel plezier aan deze EP? Het is aardig om deze tracks zo kaal en gestript te horen, net zoals het een fijne ervaring is om Jim James weer te horen uithalen als eind jaren negentig. Ook is het een mooi uitgevoerd doosje geworden. Maar natuurlijk is het wachten vooral op zijn nieuwste project, de supergroep Monsters of Folk met Conor Oberst en M. Ward.
File Under: All things must pass
File Audio: [Behind That Locked Door]
The Shavers / Ratz / De Hobbyisten
Wie The Shavers definitief knock-out wil slaan moet wel van goede huize komen. Het leek er even op dat de reuma van frontreus Johannes de Boom de band groggy tegen het canvas zou slaan, maar halverwege de tiende tel is De Boom toch weer opgelapt. En dat moet gevierd worden met nieuwe optredens van het trio en een nieuwe cd. Dat De Boom op de EP Orthopedia over zijn gevecht vertelt, is logisch. In "Mythisch Monster" rekent hij nogmaals af met zijn kwelgeest. Hij rept zelfs dat de angst geheel verdwenen is. Da's dapper. Gelukkig komen ook gewone, alledaagse zaken aan bod. Zoals het likken van een fietsbel na een gezellig drankgelag en krijg je nieuwe inzichten over je oksels, die volgens De Boom geuren als een kruidentuin zijn. Inderdaad, The Shavers zijn weer ouderwets in vorm. Hopelijk blijft het niet bij alleen deze EP en optredens en komt er ook snel weer een heel album, want met The Shavers erbij is het leven een stuk levendiger.
Ook Ratz wil graag je leven verrijken met Nederlandstalige hardrock. Dat lukt ze best aardig op hun EP Voor Jou. Ze maken ouderwetse rock die ruikt naar bier en zweet stinkende donkere hardrockkroegen. Ik word soms wel wat melig van het accent van frontman Jon van den Elsen die echt geen moeite doet om zijn Brabantse accent te onderdrukken (Hallo Peter Koelewijn!). Maar de uitvoering van de vier is toch wel koel. De klank van de zes studiotracks is kaal en gortdroog, maar dat past wel bij hun hardrock. De teksten zijn bovendien ondanks de gemakkelijke hardrockinhoud (ex-vrouwen etc.etc.) niet gemakzuchtig. Daar kan menig Nederlandstalig bandje een voorbeeld aan nemen. Dikke pluspunten scoort Ratz bovendien met het gitaarspel van Fritz Appel. Die kent zijn klassiekers en heeft de tracks messcherp en dirty, maar zonder te overdrijven ingespeeld. Ongecompliceerd, maar toch leuk.
De Hobbyisten maken het zichzelf een stuk minder gemakkelijk. Goede Nederlandstalige cross-over maken zoals zij proberen, daar kan ik zo 123 geen voorbeeld van noemen dat is blijven hangen (Of je moet Osdorp Posse er toe gaan rekenen). Toch lukt het de vijf Zeeuwen best behoorlijk. Soms doen ze zelfs een beetje aan Gotcha! Denken. Voor Progressie hebben de Hobbyisten gebruik gemaakt van de diensten van De Dijk-gitarist J.B. Meyers. Dit heeft op Progressie geresulteerd in drie tracks die eigenlijk alle drie een heel ander geluid laten horen. Het swingende, soulvolle "Serieus" vind ik zelf een beetje puberaal qua tekstuele insteek, maar ik geloof wel dat Keegan meent wat hij rapzingt. Dus da's wel oké. Sterkste track is wat mij betreft "Hobbyisme" dat lekker doordendert. Erg grappig is het afsluitende "Shakira" dat qua klank behoorlijk doet denken aan wat Mondo Leone in zijn upppie doet. Hierin wordt de Latijns-Amerikaanse zangeres zonder blikken of blozen neergezet als vrouw aller vrouwen. Daar hebben ze natuurlijk ook gewoon gelijk in.
File: The Shavers - OrthopediaFile Under: Het monster verslagen
File Audio: [ MySpace]
File: Ratz - Voor jou
File Under: NL.Hardrock
File Audio: [ MySpace]
File: De Hobbyisten - Progressie
File Under: NL-Cross-over
File Audio: [ MySpace]
Be My Weapon - March/2009
David Freel is geen glas-half-vol man. Bij de laatste release van zijn band Swell kondigde hij al het einde van de wereld aan en het thema van dit nieuwe album noemt hij 'little stories about life and death, love and hate, light and dark'. Vooral dark dan, op dit album van Be My Weapon, de gelegenheidsband van Freel en ene Ron Burns. In 2007 en 2008 schreef Freel zo'n twintig nummers. Tien ervan nam hij op met Swell en de andere tien zijn op dit March/2009 beland. Met Freel op akoestische gitaar en zang en Burns op drums is het een sfeervol werkje geworden. Freel heeft een rustgevende en vertrouwd aandoende stem en het album ademt een soort berusting uit. Berusting dat liefde een schromelijk overschat begrip is ("Love Is Just So Overrated") en dat geluk en trouw vooral te vinden zijn in een lieve hond en een mooi glanzende auto: ‘I kiss the dog then I wash the car real good, because I'm so happy about these long and faithful loves.' Wat de songtitels betreft was de inspiratie op een gegeven moment blijkbaar op. Op het album van Swell stond een nummer "Good good good" en op dit album staat de tegenhanger: "Bad bad bad". Het laatste nummer op March/2009 heeft Freel voor het gemak maar "The Last Song" genoemd. Op het eerste oog lijkt dit album te bestaan uit Swell-kliekjes, maar ook daarmee weet Freel toch behoorlijk wat indruk te maken.
File Under: Heerlijke kliekjes
File Audio: [ MySpace]
The Deer Tracks - Aurora
Aurora heeft een fraaie origami-achtige uitklaphoes waarin de luisteraar het schijfje op een presenteerblaadje wordt aangeboden. Daarmee houdt de originaliteit van deze uitgave meteen op. Dit Zweedse duo heeft de IJsland-sound volledig geabsorbeerd. Opener "Yet This Is My Broken Shield" werd geconcentreerd toe naar een spetterende crescendo-uitbarsting, gedragen door een piano. Had zonder "betrapt" te worden op Sigur Rós' vierde album Takk... gepast. Sterker nog, ik fantaseerde er onbewust hun elfje bij, alsof er een plek is opengelaten voor de melodie die hij zou zingen. Het is meteen 't hardste moment van de plaat, want meestal houdt The Deer Tracks 't bij aangenaam ratelende en tikkende glitchpop. Met naïeve melodieën waar zowel jongen als meisje (vaak tegelijk) zingen en ook blaasinstrumenten (melodica!) uitbundig meespelen is de andere nog veel grotere invloed snel duidelijk. Dit is old skool Múm, wat helemaal niet zo slecht uitkomt, want ik kreeg bij hun recente album toch wat heimwee-gevoelens. Nummers als "Slow Collision" vullen zonder moeite de leegte. Toch krijg ik hier pas bij het vijfde nummer "Before the Storm" 't gevoel dat de band een eigen draai aan 't genre weet te geven. Prachtig programmeerwerk (op technisch gebied is er sowieso op dit album niets aan te merken) en een mooie bijna larmoyante melodie met hoge uithalen. Meteen daarna glipt de plaat echter naar de achtergrond om 'r niet meer vandaan te geraken. Had dus een leuke ep ingezeten.
File Under: De vloer is gelegd, nu graag eigen meubilair
File Audio: [Deer-Space]
Joe Henry - Blood From Stars
Joe Henry zal niet veel nieuwe vrienden maken met zijn nieuwe schijf Blood From Stars. Hij timmert namelijk al vanaf 1986 aan de weg en dit is -als ik de tel niet kwijt ben- zijn elfde album. Ben je eenmaal vrienden met Henry dan kun je volgens mij zijn albums blind kopen. Ik kan me niet voorstellen dat hij je ooit teleurstelt. Mocht je een goede bekende van zijn muziek zijn dan kun je je afvragen of je weer een album van hem moet kopen. Echt verrassend is het allemaal niet. Zo kocht ik zelf Shuffletown in 1990 en de opvolger Short Man's Room in 1992, maar ik ben hem sindsdien uit het oog verloren. Al draai ik het prachtige Shuffletown nog wel eens. Blood From Stars bewijst mijn gelijk qua noodzaak, maar het is een prima album van een man wiens muziek ergens geplaatst moet worden tussen die van Van Morrison, Randy Newman, Tom Waits ('zijn' gitarist Marc Ribot doet zelfs op dit album mee!) en Elvis Costello. Allemaal grote namen, en dat is Joe Henry volgens mij ook. Al zal hij bij het grote publiek niet erg bekend zijn. Alleen al de opener met het prachtige pianospel in "Prelude Light No Lamp When The Sun Comes Down" maakt indruk. En dan wijd ik nog niet eens uit over die andere twaalf liedjes die hun weg zoeken in het speelveld van blues en jazz. Ook voor hen die hem nog niet kennen is dit een prima begin en als je vrienden met hem wordt dan kun je je portemonnee alvast trekken.
File Under: Gewoon doen waar je goed in bent
File Audio: [ MySpace]
Patterson Hood - Murdering Oscar (and other love songs)
Van de Drive-By Truckers kwam eerder dit jaar zoethoudertje Live From Austin, TX uit. En voor wie geen genoeg kan krijgen van de fijne stem van Patterson Hood verschijnt er nu ook nog een solo-cd van zijn hand. Het is een cd met een beetje een raar verhaal. De opnames stammen namelijk al van vier jaar terug. De Truckers hadden toen even een korte pauze en Hood stond op het punt om vader te worden van Ava Ruth. Hij greep die gelegenheid aan om liedjes op te nemen die al een tijdje op de plank lagen. De oudste liedjes stammen uit 1994, zelfs nog van voordat er überhaupt sprake was van de Drive-By Truckers. Een ervan heeft de macabere titel "Heavy and Hanging" en daarin verhaalt Patterson over de zelfmoord van Kurt Corbain die plaatsvond op het moment dat hij net naar Athens was vertrokken om een nieuw leven te beginnen. Hij nam het op met onder andere Will Johnson die ook nog in enkele andere liedjes meespeelt net als enkele Truckers. Opmerkelijkste gast is echter Patterson's vader David die bas speelt op het R&B-achtige "Back Of A Bible" dat Hood daadwerkelijk schreef op de lege pagina's die altijd achterin een Gideon-bijbel zitten en die in zo ongeveer elk Amerikaanse hotel liggen. De sound van Murdering Oscar is een beetje rommeliger en minder groots dan dat van de Drive-By Truckers cd's. Maar ook als Hood zich op die manier aan je presenteert scoort dan hij een ruime voldoende. En doordat Hood in zijn teksten meer kiest voor de ik-vorm (bijvoorbeeld in "Grandaddy" dat hij schreef vlak voor de geboorte van zijn dochtertje) geven ze een prettig inkijkje.
File Under: Nog een prima zoethoudertje
File Audio: [ MySpace]
Tombs - Winter Hours
Hoe indrukwekkend de opener "Gossamer" er ook in knalt, de vermoeidheid slaat al snel toe als blijkt dat het vooral Neurosis en Isis zijn die je eigenlijk hoort. Zoals bij zoveel bands tegenwoordig. Het betekent log, zwaar, onderhuidse melancholie, opgekropte agressie. Dat hebben we inmiddels wel gehoord, dacht ik zo. Tombs kan echter meer, want track twee "Golden Eyes" gaat er plots op black metal snelheid vandoor. Als die black metal dan ook nog wordt gekoppeld aan hardcore-achtige vertragingen en een doomriff die zo van Boris had kunnen zijn, is de verrassing wel compleet. Voeg er nog wat post-rock, sludge en shoegaze bij, en je hebt in ieder geval een afwisselende metalplaat. Maar is het ook goed? Dat blijft ook na meerdere beluisteringen de vraag. Hoe afwisselend qua stijlen het ook mag zijn, de lappendeken wil maar geen geheel worden. Daar komt nog eens bij dat er zoveel stijlen worden gebruikt zonder dat één stijl echt goed wordt gedaan. Wat meer focus en wat minder stijloefeningen waren zonder meer erg welkom geweest. Nu blijft het hangen bij 'knap gedaan hoor jongens, maar waar zijn jullie nu echt goed in?'
File Under: Knap gedaan hoor jongens, maar waar zijn jullie nu echt goed in?
Singapore Sling - Perversity, Desperation and Death
Van een album met een titel als Perversity, Desperation and Death is weinig feestelijks te verwachten. Afgezien van een heerlijke cocktail uit het Aziatische land is Singapore Sling ook een band. Na het debuut met de eveneens opgewekte titel The Curse The Life The Blood uit 2003 is dit het tweede album van de IJslandse band. Als de economische crisis in hun thuisland een soundtrack nodig had, zou Singapore Sling deze prima kunnen schrijven. De muziek dreunt, sombert, gromt en laat weinig hoop op een goed afloop. Het geluid ligt ergens tussen The Jesus & Mary Chain en The Cramps in. Hoofdbrombeer Henrik Björnsson getuigt wel regelmatig van enige zelfspot en humor, zoals op het nummer "Call Me Trash" met de tekst ‘Why do you call me trash, when you know my name?' Ook zit er genoeg afwisseling in de nummers om Singapore Sling in de schier eindeloze reeks Jesus & Mary Chain-klonen een eervolle vermelding te geven. Maar toch is de vraag of de wereld zit te wachten op een album als Perversity, Desperation and Death. Er komt zoveel mooiers uit IJsland.
File Under: Grommende IJslanders
File Audio: [ MySpace]
Lightning Dust - Infinite Light
"One of the saddest bands around", noemen Amber Webber en Josh Wells hun belangrijkste broodheer tot nu toe: Black Mountain. Mwaoh, zo heb ik dat eigenlijk nooit gezien, maar licht is het niet, de muziek van die band. En dat was toch niet het enige waar Amber en Josh mee bezig waren. Dus gingen ze vijf dagen de studio in en gingen om een vleugel zitten en opnemen. Het resultaat is onder de naam Lightning Dust nu op hetzelfde, ultrahippe, label Jagjaguwar uitgebracht, waar Black Mountain ook op zit. Ze wilden een "cosmic record about the adventure in finding love and the journey in losing and rediscovering the light" opnemen. En nou, een cosmic record is het zeker. Daar waar Black Mountain uit het jaren zeventig hardrockvaatje tapt, zijn Webber en Wells meer onder een jaren tachtig invloed. Infinite Light is toetsengeoriënteerd, niet gek als je om een vleugel heen gaat zitten, maar het is zeer zeker geen puur piano-album geworden. Meer een folkalbum gedrenkt in lichte elektronica. De toon is wat lichter en de lichte vibrato van Wells komt prachtig naar voren. De tien liedjes beslaan nauwelijks een half uur, maar nergens doet het afgeraffeld aan. Veel meerstemmige zang ook en het nummer "Honest Man" had zo van Cave's Murder Ballads kunnen komen. En ja, het is veel lichter dan Black Mountain. Maar dat kon je uiteindelijk met zo'n naam en titel ook wel verwachten. Intrigerend plaatje!
File Under: Puike Electrofolkpop!
File Audio: [Lightning Space]
Tiny Vipers - Life On Earth
Ik mag me graag terugtrekken in mijn moestuin. Zaaien, oogsten, onkruid wieden en gieteren, het geeft me op een prettige manier een moment van ontspanning. Vaak ga ik 's avonds laat tot de duisternis invalt of 's morgens vroeg in het weekend dan ook even bij tanken daar tussen de groenten en vruchten. Ik neem dan wel bijna altijd mijn iPod mee. Vogels hoor je bijna niet in het stuk waar ik zit, maar wel voorbij razende auto's een straat verderop en lawaai uit de omringende flats. Die dopjes in mijn oren maken dat ik me dan echt af kan sluiten van mijn omgeving. Mijn voorkeur hierbij gaat wel uit naar het beluisteren van ingetogen albums van vrouwelijke singer/songwriters. Afgelopen weekend vergezelde Jesy Fortino me. Ze opereert in haar eentje onder de naam Tiny Vipers. Twee jaar geleden verscheen haar veelbelovende debuutplaat Hands Across The Void. Voor die release had ze vooral vertoefd in koffiehuizen waar ze haar liedjes speelde. Het moeten een droevige bende geweest zijn daar waar zij optrad. Vrolijkheid en hoop straalden haar liedjes namelijk niet bepaald uit. Daarvoor waren de liedjes te kaal en sereen. Op haar nieuwe cd Life On Earth trekt ze de lijn door van haar debuut. Het achter zich laten de koffiehuizen en het optreden elders ter wereld heeft haar duidelijk gerijpt. Het is bijzonder dat ondanks dat haar stem fragiel is en de muziek fluisterzacht ze toch krachtig op mij overkomt. De stilte en rust om mij heen, zo op mijn knieën in het groen zittend, versterken haar kracht ook zeker. De minimaliteit van haar gitaarspel bloeit zo op en ondanks dat haar teksten vrij abstract overkomen, geven ze me wel een goed gevoel. Het maakt dat ik niet anders kan constateren dat Life On Earth zo'n plaat is waar je rustig de tijd voor moet nemen voordat die zich voor je weet te winnen. En dat is nou vaak het probleem. Wie heeft er tegenwoordig nog tijd beschikbaar en wenst dat te besteden aan een uur durende minimale folkplaat?
File Under: Dromers
File Audio: [ MySpace]
Johan
Johan stopt ermee. In navolging van Daryll-Ann en Caesar verdwijnt hiermee het derde vlaggenschip van platenmaatschappij Excelsior uit het Nederlandse muzikale landschap. Net als bij die twee andere bands gebeurt het zonder de overbodige, dik aangezette dramatiek van een persconferentie.
Ik verwacht dan ook niet dat Jacob, Maarten, Diets en Jeroen bij Matthijs van Nieuwkerk aan tafel worden uitgenodigd om aan het Nederlandse volk uit te leggen waarom de band Johan er na vier albums in dertien jaar een punt achter zet. Hoewel je jezelf zou kunnen afvragen in hoeverre er ooit sprake is geweest van zoiets als "de band" Johan. 'Jacco is Johan,' las ik in een quote van drummer Jeroen Kleijn op 3voor12.nl. Het is dan ook niet vreemd dat de beslissing om ermee te stoppen van Jacob de Greeuw komt. Ik zal eerlijk bekennen dat ook ik van mening was dat Jacco Johan is. Daarom was ik een beetje teleurgesteld toen eerder dit jaar bleek dat ik het voor mijn interview met gitarist Maarten Kooijman en basist Diets Dijkstra moest doen. 'Wij mogen het doen,' waren de woorden van Maarten.
So What - Tiptoes
Het is zomer, en de nieuwe, jonge, goeduitziende Nederlandse poprockbandjes lijken uit alle hoeken en gaten tevoorschijn te komen. Zo recenseerde ik onlangs nog Rigby, en dan zijn er natuurlijk nog Stereo en Valerius. Nu Krezip en Di-rect uit elkaar zijn, wordt het ook wel tijd dat andere bands hun stokje over gaan nemen, en toevallig is het Den Haag van Di-rect ook de thuisstad van So What, dit jaar winnaars van de Koninginnenach. Op hun debuut-cd Tiptoes jagen deze jonge kerels er in een dik half uur tien uptempo nummers doorheen. Overigens (en wat mij betreft gelukkig) wel met meer pit dan de gemiddelde poprockband: daarin doen ze zelfs wel wat denken aan de Arctic Monkeys. Hun video voor het aanstekelijke "Keep On Running is", zoals ze dat noemen, on-Nederlands goed en een prima introductie tot de rest van hun muziek, die ook wel raakt aan de Britpop uit de jaren negentig. Het enige dat eigenlijk nog ontbreekt is een nationale doorbraak in de vorm van een hitsingle, maar die kan ik op Tiptoes eigenlijk zo snel niet vinden. Het materiaal is niet slecht, zelfs best wel pakkend te noemen, maar een echte aanstekelijke uitschieter kan ik evengoed niet vinden. Ik hoop voor So What dat ik het hartstikke mis heb.
File Under: Haagse brutaaltjes
File Video: [ MySpace]
Cougar - Patriot
Post-rock as post-rock can be, was het eerste wat in me op kwam na een eerste luisterronde van Cougar's tweede langspeler Patriot. Ze voldoen namelijk aan alle genre-eisen: volledig instrumentaal, behoorlijk jazzy maar niet teveel, tingel-tangelende opbouwstukken, ritmische frutsels, tikje gestudeerd maar toch ook behoorlijk spannend, afwisselend en overtuigend. De gitaar staat centraal bij deze band, maar dat wil niet zeggen dat deze plaat alleen interessant is voor gitaarliefhebbers. Daarnaast trapt Cougar gelukkig niet in de valkuil waar een boel andere post-rock bands wel intrappen, namelijk dat ze de spannings-opbouwen niet te lang maken. Cougar keert ten allen tijde weer terug naar pakkende gitaarriedels en wederkerende thema's, waardoor deze plaat lang niet zo gestudeerd hogeschools overkomt als bij sommige andere collega's in deze hoek (zie bijvoorbeeld Tortoise). Cougar heeft iets speels, wat ook blijkt uit de hoeveelheid elektronica op deze plaat, die de sfeer af en toe wat richting Battles brengt, zoals in het glitchende "Pelourinho" of het bijna volledig uit elektronica opgebouwde "Heavy Into Jeff". Maar net wanneer je denkt dat het allemaal te gezapig wordt weten ze weer een pakkende riff tevoorschijn te toveren, zoals in het stevige "Thundersnow", waardoor je als luisteraar bij de les blijft. Met dit prima Patriot speelt Cougar zich wat mij betreft aardig in de kijker in de post-rock-scene.
File Under: Gevarieerde postrock
File Mypace: [Cougar-Space]
Michael Carpenter / Brendan Benson
Michael Carpenter wacht al verdomd lang op loon naar werken. Hij is ondertussen aan zijn achtste cd toe, maar het lukt hem maar niet om op te krabbelen tot een plek in de spotlights. Ik had eigenlijk verwacht dat zijn vorige plaat Rolling Ball het balletje wel aan het rollen zou brengen voor hem, maar het succes bleef uit. Da's behoorlijk onverdiend, want de man laat met Redemption #39 wederom horen dat je voor kekke powerpop in de breedste zin van het woord bij hem echt wel aan het goede adres bent. De stem van Carpenter is met de jaren wat meer op die van Tom Petty gaan lijken, maar dat vind ik zelf geen minpunt. Al zijn liedjes ademen namelijk puur vakmanschap uit en bevatten bijna altijd wel zo'n fijne eigenwijze powerpop draai of gouden koortje. Al kan hij zich natuurlijk in een meer recht-zo-die-gaat honky tonk-track als "Workin' For A Livin'" of in een met waterige Wurlitzer-klanken opgesierde ballade als "Don't Let Me Down Again" ook prima redden. Overigens is het geluid van deze nieuwe cd wel wat ongepolijster dan die van zijn voorganger. Da's best raar als je weet dat Carpenter ruim twee jaar heeft gesleuteld aan Redemption #39. Normaal levert dat vaak een meer smooth geluid op, maar nu blijft die valkuil kloeke tracks als "Can't Go Back" en "The King Of The Scene" bespaard. Die laatste is overigens een bijzondere mashup van Queen en Jellyfish. Hopelijk krijgt deze vakman snel eens loon naar werken.
Loon naar werken heeft mede powerpopper Brendan Benson ondertussen wel gehad. Ik was erg verbaasd dat hij zomaar in eens op een plaat en het podium stond met Jack White als zijnde de Raconteurs. Ik wist al wel dat White een zwak had voor Benson, maar dat ze samen een band zouden beginnen, dat had ik echt niet verwacht. Het doet me deugd dat Benson gewoon verder gaat het uitbrengen van cd's onder eigen naam, want zo hoor ik hem toch het liefst. My Old, Familiar Friend is ondertussen zijn vierde. Hierop borduurt hij op zijn dooie gemakkie verder waar hij met The Alternative To Love gebleven was: goudeerlijke powerpop met een hele dikke knipoog naar zijn helden Lennon en McCartney ("Gonowhere" had zo op een Wings-plaat gekund) en Big Star. Lekker compact gebundeld in tien liedjes. Af en toe dendert er wel een herinnering aan Raconteurs doorheen, maar die neem ik wel op de koop toe. Dat retrorockrandje dat broeide waarschijnlijk al wel langer onderhuids bij Benson, dus ik kan moeilijk verwachten dat hij dat nu, onder eigen naam opererend, opeens weer onderdrukt. De glorieuze powerpop overheerst namelijk en daar gaat het mij om. Vooral van die lekkere koortjes kan ik geen genoeg krijgen. Hopelijk lukt het Benson met deze goede cd dan ook om met een complete band op tournee te gaan. Dan komen zijn liedjes veel beter tot hun recht dan wanneer hij zijn liedjes met slechts twee man sterk ten gehore brengt zoals in 2005. Of dat gaat lukken zal ik in november wel zien als hij hier weer langs komt.
File Under: Powerpopper wacht ongeduldig op doorbraak
File Audio: [ MySpace]
File: Brendan Benson - My Old, Familiar Friend
File Under: Solo stiekem toch leuker.
File Audio: [ MySpace]
Sutcliffe - Sutcliffe
Het leukste van Wilfried de Jongs sportprogramma Holland Sport heten de interviews te zijn, de scherp getekende kop van de presentator zelf en de oprechte manier waarop het programma gemaakt is. Het zal allemaal wel. Het allerleukste van VPRO's eigen sportprogramma is volgens mij de band die zo nu en dan een miniem stukje mag spelen om de overgangen tussen de verschillende items weer te geven. Ocobar heten ze en ze spelen een instrumentale versie van de woestijncountry van Calexico en Giant Sand met een stevige knipoog naar surf. Eigenlijk weet ik niet of ze behalve dit programma nog meer doen. Hun laatste plaat is al een jaar of vier oud. Maar mochten ze stoppen, dan weet ik nog wel een opvolger om Holland Sport van een soundtrack te voorzien. Sutcliffe heten ze, ze hebben by far de lelijkste hoes van het jaar gemaakt en komen ook nog eens uit Duitsland, uit Neurenberg om precies te zijn. Stad van de beroemde processen na WO II en een speelgoedmuseum. Maar Sutcliffe had net zo goed uit Rotterdam kunnen komen. Of uit New Mexico of Arizona. Want ze maken instrumentale muziek, kleine schetsjes, opgebouwd uit country, jaren zestig soundtracks en opgeleukt met accordeon. Mini soundtracks voor in de woestijn. Of voor een prachtig tv-programma over sport.
File Under: Miniatuurtjes uit de woestijn
File Audio: [ MySpace]
File Video: [Sutcliffe Kopfkino]
Lowlands 2009 - Napret: de lijstjes
Oké, Jnnk heeft wederom voor u de nabeschouwingen (vrijdag, zaterdag en zondag) geschreven, maar er waren meer FU-schrijvers op Lowlands 2009. Daarom nog een keer het beste, in de vorm van lijstjes. De Top 3 van File Under.
Lees verder..VA - Woodstock 40
Lowlands mag dan weer achter de rug zijn en de muziekliefhebber mag dan nog zoveel discussiëren over wat goed en slecht was, het echte festivalwerk ligt al jaren achter ons. Veertig jaar om precies te zijn. Uiteraard heb ik het dan over Woodstock dat op 15, 16 en 17 augustus 1969 plaatsvond. Er zouden iets van 400.000 bezoekers zijn geweest, zo ongeveer tien keer Lowlands. Ik was er niet bij. Ik was toen 'al' wel twee jaar oud, maar het was in Amerika en dat in combinatie met ouders die niets hebben met popfestival maakte het voor mij een kansloze gelegenheid. Niet getreurd trouwens, want met de film en soundtrack uit 1970 had ik de mogelijkheid om het weer recht te zetten. Ook recent weer, want ik heb de film op drie tv-zenders voorbij zien komen en als je dat gemist hebt dan is er nog wel een dvd- en blu-ray-versie te koop. Ook is e.e.a. opnieuw op cd uitgebracht. Je hebt dan de keuze uit een 2-cd versie of een 6-cd versie met de titel Woodstock 40. Deze versies wijken overigens af van het originele album. Zo zijn er een aantal tracks niet teruggekeerd, zoals een van Ten Years After. Zelfs niet op de 6-cd versie. Daarentegen zijn er wel weer tracks toegevoegd, waaronder een aantal nummers die nog nooit eerder op cd verschenen zijn zoals "Bad Moon Rising" van Creedence Clearwater Revival. Als je dan ook nog bedenkt dat er ook nog allerlei cd's in de handel zijn met losse Woodstock-concerten van afzonderlijke artiesten dan is de ultieme Woodstock-box nog niet uitgekomen. Die zal er misschien over tien jaar zijn. Voorlopig vermaak ik me echter wel met de 2-cd-versie, want er zijn alweer nieuwe bandjes die roepen om ontdekt te worden.
File Under: De moeder aller festivals (wederom en ook) op cd
File Video: [Een greep uit de tracks: Santana - Soul Sacrifice][Richie Haven - Freedom][Crosby, Sills & Nash - Suite: Judy Blue Eyes][Joe Cocker- With A Little Help From My Friends][Jimi Hendrix - Star Spangled]]
Yuri Honing & Floris - Phase Five
Twee fijne albums heeft Floris van Klinkert tot nu toe uitgebracht. Het laatste, Drunk on Life, stamt echter al uit 2004. Sindsdien deed hij wat pre-productiewerk voor Room Eleven, maar verder vertoefde hij vooral in de luwte. Gelukkig treedt hij nu weer voor het voetlicht met Phase Five. Het is een samenwerking met saxofonist Yuri Honing, een bijzonder geslaagde clash van stijlen. Het schijnt dat de basis van de songs echt hardcore jazz geweest is, maar in het uiteindelijke resultaat heeft de downtempo stijl van Floris grotendeels de overhand gekregen. Ook daarin blijken de licks van Honing zich als een vis in het water te voelen. Hij had zich hooguit van mij wel iets minder bescheiden op mogen stellen. Omdat beide mannen niet bepaald kunnen zingen hebben ze hiervoor even een paar puike gasten geregeld. Drie zangeressen en een zanger, die vette krenten uit de pap zijn. Janne Schraa (Room Eleven), Lilian Vieira (Zuco 103), Sarah Bettens, Leine en David Pino (El Pino and the Volunteers) zijn wat mij betreft niet de minsten. Prijsnummer is "The Girl" waarin Schraa de vocalen voor haar rekening neemt. Elke man zou willen dat de tekst die Schraa zingt op hem van toepassing was. Maar ook relatieve nieuwkomer Leine verdient een pluim. De drie nummers die zij zingt bevestigen het talent dat ze op haar debuut-cd Truth Be Told al bleek te hebben. Eigenlijk hebben die Honig en Van Klinkert het maar mooi gemakkelijk met al dat talent om zich heen.
File Under: Hiermee kun je de zomer gemakkelijk verlengen.
File Audio: [ MySpace]
Hannelore Bedert
In de biografie van Hannelore Bedert staat: een mix van bleitliedjes voor jankers en scheldliedjes voor lievelingen, een zin die me wel erg nieuwsgierig maakte naar haar muziek.
Als ik haar daar naar vraag zegt ze daarover: "Misschien is dat wel de beste omschrijving voor mijn nummers. Het zijn niet allemaal liefdesliedjes, het is vaak de negatieve kant daarvan. Het is een klacht zowel naar anderen als naar mezelf, dus die omschrijving klopt eigenlijk wel."
Hannelore Bedert, wier grote voorbeeld Ani DiFranco is, heeft haar opleiding genoten aan het gerenommeerde Herman Teirlinck Instituut - een beetje vergelijkbaar met onze kleinkunstacademie -, maar waar de meeste studiegenoten superlatieven tekort komen om de school te prijzen, ligt het voor Hannelore toch anders: "Goh, het is niet dat ik daar een hele slechte periode heb meegemaakt. Ik heb daar toch wel hele goede dingen geleerd, maar ik had soms wel het gevoel dat ik dingen aan het doen was die ik helemaal niet wilde doen. Dat had dan vaak met theater te maken. Bijvoorbeeld naakt op een podium gaan staan is oké voor een ander als het past in een stuk, maar voor mij hoefde dat niet per se. Het was echter niet alleen dat, ik ben mijzelf daar ook heel erg tegen gekomen. Afkomstig uit een klein dorp, van een veilige school, en dan is die overgang toch wel erg groot. De grote stad, een opleiding waar iedereen zijn mening uit en docenten die soms ‘te' hard kunnen zijn. Ik heb er in die vijf jaar toch wel een moeilijke weg afgelegd."
Lees verder..Noah and the Whale - The First Days of Spring
Met een bandnaam als Noah and the Whale kun je eigenlijk al bijna niet meer de mist ingaan: prachtig verzonnen en hij trekt direct de aandacht. De titel van hun tweede cd, The First Days of Spring, is wat minder tekenend: als je blije en opgewekte lente-achtige liedjes verwacht, sta je wel even raar te kijken als het titelnummer, waarmee de cd opent, meer klinkt als de melancholie van hartje winter. Dreigend, vol spanning en rijk georchestreerd met strijkers en soms ook blazers neemt de onzekere stem van Charlie Fink je vervolgens mee door de seizoenen, via het intieme "Our Window" naar het absolute hoogtepunt van de cd, "Love of an Orchestra", dat halverwege de aandacht van begin tot eind vast weet te houden en dat opvalt door het koor dat er aan meedoet. In de indiefolkpop van Noah and the Whale voel je de liefde voor melodie telkens weer terugkomen, en dat geeft mij als muziekliefhebber een warm gevoel van binnen. Zelfs nu de vocalen van Laura Marling en andere dames niet meer te horen zijn, zoals op de eerste cd. Overigens heeft Fink bij het album ook een speelfilm gemaakt, die tegelijk met de cd op dvd te koop is. Dat is een leuk extraatje, maar de muziek zelf is al meer dan voldoende reden om heel hard voor naar de cd-winkel te rennen.
File Under: Liefde voor melodie
File Audio: [ MySpace]
File Video: [Trailer voor speelfilm]
Constants - The Foundation, The Machine, The Ascension
Het is nog altijd wachten op nieuw werk van My Vitriol en Amusement Parks on Fire, en de shoegaze-jongens een beetje kennende zal 't ook nog wel even duren. Het Bostonse Constants vult de vacante plek met The Foundation, The Machine, The Ascension. Een albumtitel die terecht nogal proggy klinkt. Dit is ambitieuze postmetal, vol technisch drumwerk, een lichte variant van Isis. Grunts blijven hier achterwege, maar de muur van geluid is even stevig. "Genetics Like Chess Pieces" opent het album ijzersterk met een drietonige riff, pompeus als een sirene en tegelijkertijd poppy. Het blijkt het hoogtepunt van 't album. Al in het tweede nummer "Damien" lijkt de band wat focus te verliezen. De vocalen gaan zwabberen en zijn sowieso het minste geïnspireerde aspect van de band. Ze gaan van onopvallend naar ergerlijk. De band heeft achter de woeste geluidsgolven simpelweg niet genoeg hooks verstopt. Zo blijft 't textuur, die al snel gaat vervelen. Het tweeluik "Those Who Came Before" is nog aardig met z'n Minus The Bear-lickjes, maar daarna zet de middendip toch definitief en veel te vroeg in. Pas tegen 't eind duikt er in (of uit) de brij nog wat interessants op, met het drumloos suizende en echoënde "Ascension" en slottrack "Passage". Laatstgenoemde brengt eindelijk weer 'n goede openingsriff met zich mee, evenals wat oplopende intensiteit, het een crescendo noemen zou teveel eer zijn. Dat had dus ook nog wel wat radicaler gekund.
File Under: Nietsverhullende rookgordijnen
File Audio: [Constants-Space]
Ray Davies - The Kinks Choral Collection
Ik ben een sucker voor koortjes. Twee-, vijf-, zes-, twintigstemmig, hoe groter het aantal, des te groter mijn plezier. Maar het moet natuurlijk wel passen bij de muziek. Ik was aan de ene kant dan ook wel nieuwsgierig hoe het zou werken, Ray Davies die liedjes van zijn hand uitvoert met een 65 man (en vrouw natuurlijk) sterk koor achter zich. Aan de andere kant was ik huiverig of die ouwe rot zou matchen met een koor. Davies werkte al eerder samen met het Crouch End Festival tijdens Electric Proms in 2007. Dat was ze blijkbaar zo goed bevallen dat ze samen de studio indoken om The Kinks Choral Collection op te nemen. Het resultaat valt me toch een beetje tegen. Enerzijds vind ik de stem van Davies door de jaren heen veel te vlak en iel geworden in verhouding tot de geluidsmuur van het koor. Aan de andere kant snap ik niet waarom er toch gekozen is voor een rocksetting qua band. Had daar toch lekker een klassiek orkest bij ingezet. Ik vond Metallica met alleen cello's uitgevoerd door Apocalyptica ook veel toffer dan Metallica's S&M. De mooie liedjes van Davies hadden wel zo'n echte classic make-over verdiend. De koorpartijen klinken namelijk echt wel als een klok als ze los gaan, al hadden ze van mij nog wel wat meer de ooh's en aaah's mogen vervangen door meer dynamiek. "All Day And All Of The Night" krijgt zo na een veelbelovend intro een vervolg dat vlees noch vis is, terwijl ik zo'n energiek nummer me grote graagte als een orkestrale orkaan over me heen had laten walsen.
File Under: Hier had veel meer ingezeten.
File Audio: [ MySpace]
Gargamel - Descending
In een eerdere recensie verzon ik voor de grap een nieuw muziekgenre: Garage Symfo. Complete flauwekul bleek dat niet te zijn, want Descending van Gargamel voldoet eveneens aan alle criteria die ik destijds had bedacht. Daarmee is wat mij betreft het nieuwe genre nu dus officieel een feit! Gargamel komt ditmaal niet uit Smurfenland maar uit Noorwegen, en Descending is hun tweede cd. De band laat in ruim drie kwartier vier lange stukken horen, waarbij de nadruk ligt op de instrumentale passages. Er wordt ook wel gezongen, maar laat ik daarover mijn mond houden, op voorwaarde dat de wel erg belabberd klinkende leadzanger dat op een volgende cd ook doet. Geheel volgens het symfo-stramien horen we veel tempowisselingen en verrassende wendingen, en naar goed garage-gebod klinkt het allemaal rauw, spontaan en vooral erg ongepolijst. Juist de combinatie van deze ogenschijnlijk tegenstrijdige elementen zorgt voor iets origineels. De voor het genre obligate geluid van verstoorde gitaar, bas, drums én low-budget keyboards wordt door Gargamel uitgebreid met trompet, dwarsfluit en saxofoon, en het was voornamelijk tijdens de passages waarin deze instrumenten vrijuit mochten soleren, dat een glimlach op mijn gezicht verscheen. Toch kan ik maar geen beslissing nemen over de weg die ik deze band graag in wil zien slaan. Aan de ene kant hoop ik dat ze de volgende keer uit hun garage stappen en een écht symfo-album afleveren, omdat ik vermoed dat hun muziek met een meer gepolijste productie beter tot zijn recht zal komen. Aan de andere kant ben ik perfect tevreden over de eigenwijze sound waarvoor ze op dit album gekozen hebben. Maar of dat komt door de muziek zelf, of door het feit dat ik stiekem best wel trots ben op mijn zelfontdekte genre? Geen idee.
File Under: Ze haten Smurfen, maar houden van eigenwijze muziek!
File Audio: [Fragmenten op de officiële website]
Lowlands 2009 - Napret dag 3
Ja, het is weer zo ver. Lowlands begint zijn tol te eisen. Het overdreven dansen bij Baraka Son Sistema heeft me nogal spierpijn opgeleverd. Maar ik slaap prima op de camping waar als vanouds weer veel lawaai wordt gemaakt. Als er een jongen zo ongeveer tegen onze tent aan staat te pissen - wij staan tien meter van de wc's - word ik even boos. Dat soort mensen hoort niet op Lowlands. En een beetje 'naar de kloten' gaan vind ik prima, maar je moet niet als een volledige malloot mensen lastig gaan vallen, onderwijl Guus Meeuwis zingend en brallend. Ik heb me verre gehouden van drukte; ik sms'te mijn lief om te vragen of hij nog van me zou houden als ik Snoop zou overslaan. 'Nope' was zijn antwoord...
Lees verder..Edward Sharpe & The Magnetic Zeros
Kitty, Daisy & Lewis
Spencer Bohren - Live at the Tube Temple
De mijn-vakantie-zit-erop-blues heerst. En ik heb er last van. Het valt niet mee om weer in het werkritme te komen. Maar ja, een mens mag blij zijn dat hij werk heeft.... De Amerikaan Spencer Bohren, geboren in 1950, heeft ook werk, als leraar en kunstenaar, maar in dit geval is hij op het album Live At The Tube Temple als muzikant en zanger aan het werk. Hij heeft bovendien de blues, hij speelt althans de blues en niet onverdienstelijk. Live At The Tube Temple bevat opnames gemaakt op twee locaties. De titel is dus wat bedrieglijk, maar ik moet eerlijk zeggen dat ik het niet hoor. Deze release lijkt door het handhaven van het gesproken woord van Bohren tussen de nummers door en het geklap van het publiek een registratie van slechts een optreden. Uit de gesproken aankondigingen van de nummers blijkt respect voor hen die de blues naar Amerika hebben gebracht, de slaven, en dit respect komt terug in de nummers. Het is namelijk blues van hoogstaand niveau. Hij speelt geen vette blues, maar zoekt het in prachtig getokkel dat mij wel wat aan een unplugged Eric Clapton doet denken. Alleen heeft Bohren net iets meer de blues. Hij speelt naast veel eigen nummers ook enkele bewerkingen van traditionals en twee covers: Hank Williams' "Weary Blues" en een geweldige versie van Curtis Mayfield's "People Get Ready'.
File Under: De witte man-Blues
File Audio: [ MySpace]
Week 33, 2009
Storm
Tiny Vipers - Life On Earth
Bas
Tetragrammaton - Elegy for Native Tongues
Ewie
Hank III & Jackass @ Lowlands
Ludo
Robert Pollard - Elephant Jokes
Gr.R.
Grace Jones @ Lowlands
Prikkie
Joe Bonamassa - The Ballad Of John Henry
DubbelMono
Hank III & Jackass @ Lowlands
ForestSounds
Morrissey - Years of Refusal
Hank III And Assjack
Sanction-X - The Last Day
Met nostalgie is niets mis. Gisteravond nog heb ik mateloos zitten genieten van de Classic Albums-dvd van Iron Maiden's The Number Of The Beast. Diezelfde nostalgie is de reden dat ik heb genoten van Sanction-X's The Last Day. Een band die zich in de bio zowaar bijna perfect omschrijft: 'The band compositions feature good grooves, driving Riffs and easy-to-remember melodies. The music can be described as melodic Metal Rock with a classical and progressive influence.' Alleen de progressieve invloed is niet zo heel erg aanwezig, maar verder klopt het als een bus. Het geheel wordt overigens gebracht in een stevig tachtiger-jarenjasje, de metal uit de New Wave Of British Heavy Metal, die vaak eigenlijk gewoon heavy geproduceerde bluesgeörienteerde hardrock was. Sanction-X is een Duitse band, gesticht door zanger Ebby Paduch en gitarist Robby Böbel (ex-Frontline), en heeft wel wat overeenkomsten met bands als Saxon en Twisted Sister. Beide hadden een rauwe, beukende sound en leken met groot gemak anthemachtige composities uit de mouw te schudden. Juist die zaken zijn hier ook zeer prominent. De ritmepartijen zijn traag beukend, de zang is macho en met veel drama en de solo's zijn de kers op de taart. Het mag duidelijk zijn dat Sanction-X bepaald geen nieuwe paden inslaat, maar waar ik bij platen als deze regelmatig bij de derde beluistering al wat verveling bij mezelf bespeur, bleef ik dit album steeds waarderen. Het mag dan aan alle kanten voldoen aan elk cliché dat je kunt bedenken, compositorisch en in de sound is het dik voor elkaar. Sanction-X bewijst dat clichë's niet per definitie saai hoeven te zijn.
File Under: Fijne clichés
File Audio: [SanctionSpace]
Soulsavers - Broken
Alles wat Mark Lanegan aanraakt verandert in goud. Punt. Hij hoefde eigenlijk al niks meer te bewijzen na zijn werk met Screaming Trees en Queens of the Stone Age, maar lijkt desalniettemin aan een zoveelste carrière te zijn begonnen. Vreemd genoeg maakt de als notoire loner bekend staande zanger vooral indruk als hij met anderen kan samenwerken. Zo vult zijn diepe grom de stem van Isobel Campbell al jaren perfect aan en heeft hij in Greg Dulli een bloedverwant gevonden bij de The Gutter Twins. Ook met het Engelse electronicaduo Soulsavers matcht hij erg goed. In 2006 drukte hij al een groot stempel op vrijwel alle nummers van hun album It's Not How Far You Fall, It's the Way You Land. Het nieuwe Broken lijkt nog meer een Lanegan-project met de Soulsavers als achtergrondmuzikanten. Maar Lanegan is niet de enige treurwilg die op Broken komt meezingen. Ook Richard Hawley ("Shadows Fall"), Mike Patton ("Unbalanced Pieces") en Jason Pierce ("Pharaoh's Chariot") zijn van de partij. Absoluut hoogtepunt is Will Oldham's "You Will Miss Me When I Burn" dat door Lanegan met alleen pianobegeleiding op huiveringwekkende wijze wordt vertolkt. De door de Australische zangeres Red Ghost gezongen nummers ("Praying Ground", "By My Side") zijn sensueel en meeslepend. Er zullen dit jaar weinig platen met meer soul dan dit Broken uitkomen.
File Under: Lanegan's soul
File Audio: [ MySpace]
Them Crooked Vultures
Lowlands 2009 - Napret dag 2
Het is de dag van de secret act. Fotografen spreken over het wurgcontract dat de heren hebben opgesteld. Iets met ‘universe’ en ‘eternity’. We zullen zien. We gaan het zien. Later op de dag. Samen met fotograaf Dennis zien we zo veel mogelijk bands. De overlap van vandaag is klein, om jullie zo veel mogelijk te bieden.
Lees verder..Jessica Lea Mayfield
The Airborne Toxic Event
Bananaz - dvd
De flauwste producten uit de filmgeschiedenis moeten wel muziekdocumentaires zijn. Een bandje wordt gevolgd, zowel bij het optreden als backstage. Steeds dezelfde liveshots, dezelfde beelden van het publiek, dezelfde scènes tussen bandleden in kleedkamers, met handdoeken om tussen podium en kleedkamer, en ruziënd in de studio. Er zijn niet heel veel uitzonderingen. D.A. Pennebaker's Don't Look Back met Bob Dylan natuurlijk, Runnin' Down A Dream over Tom Petty en ook het recente meesterwerkje Anvil! The Story of Anvil schieten me te binnen. Ceri Levy (die eerder een film maakte over Blur) produceerde en regisseerde deze film over Gorillaz, het project van Blur's Damon Albarn en Jamie Hewlett. Uiteraard zien we het moeizame proces van het maken van de liedjes (met veel bekende koppen die zich allemaal laten sturen door Damon Albarn) en het ontwerpen van het artwork door Jamie Lewitt. Maar ook de in dit soort documentaires blijkbaar niet te vermijden ongein. Bananaz is interessant omdat Ceri Levy zes jaar lang Gorillaz mocht volgen, maar ook een tegenvaller. Want na zes jaar filmen en de kennis over al die al te flauwe andere muziekdocumentaires had er toch iets meer te vertellen moeten zijn over de creatieve processen achter een van de meest interessante crossover-projecten van de recente popgeschiedenis. Of kent Gorillaz niet meer dimensies dan alleen die twee van het platte filmdoek en die ene van de archetypische bandjesdocumentaire?
File Under: Mislukte muziekdocumentaires
File Video: Trailer
Reverend And The Makers
Morkobot - Morto
Toe maar, je album aankondigen als laatste deel van je eerste trilogie. Het lijkt wel een fantasy boekenreeks. Maar goed, met pretenties is natuurlijk niets mis als ze ook worden waargemaakt. Morkobot probeert het met twee bassisten en een drummer, in drie lange instrumentale nummers. En ja, dat lukt eigenlijk heel goed. Natuurlijk hebben de lage tonen de overhand, maar de gitaar wordt nergens gemist. Integendeel, de overvloed aan basfrequenties heeft een sterk effect op de al aanwezige donkere, bijna nihilistische sfeer van de experimentele composities. Sunn o))) is een naam die hier een daar komt bovendrijven uit de inktzwarte modderpoel, maar het geheel is veel dynamischer dan bij de dronende monnikspijen. Ook Zu komt soms om de hoek van de donkere steeg kijken, maar zo jazzy en improviserend wordt het bij Morkobot nergens. En hoe langer je luistert, hoe meer blijkt dat het Italiaanse drietal een erg indrukwekkende plaat hebben gemaakt, vol doem, dwarsigheid, experiment en passie, die ook zonder enige referentie erg goed overeind blijft. Heerlijke plaat.
File Under: Doem + dwarsigheid maken de pretenties meer dan waar
Cats On Fire - Our Temperance Movement
Met een bandnaam als Cats On Fire begin je bij mij, kattenliefhebber, met een grote achterstand. Ik ken de band niet en verwacht vuur in hun muziek te horen. Het kan ook zijn dat de bandnaam humorvol bedoeld is. Wie kent de mop niet: 'Wat zegt een kat die in brand staat? Antwoord: Woef'. Grappig? Nee. Totaal niet. Maar ja. Ik ben echter op het verkeerde been gezet, want dit is geen muziek met humor en vurig is het ook niet. Cats On Fire zoeken het op hun tweede album Our Temperance Movement in de gitaarpop met een folk- en lo-fi-randje. Een beetje tussen The Proclaimers, Aztec Camera, St. Thomas en The Smiths in. De titel van deze cd, Our Temperance Movement, van de vier Finnen is een verwijzing naar een beweging tegen alcohol. Ik denk dat ze hier of teveel van gehad hebben of misschien juist wel iets hadden mogen gebruiken. De liedjes vind ik namelijk nogal eenvormig, nergens sprankelend en te weinig uitgesproken. Ik krijg er zelfs slaap van. En dat is iets dat katten graag doen. Dat dan weer wel.
File Under: Een kansloze achterstand
File Audio: [ MySpace]
File Video: [Tears In Your Cup]
Lowlands 2009 - Napret dag 1
79305. Het getal torent weer magisch boven de ingang uit. Als altijd schrik ik van de drukte op de eerste dag. Er zijn zo veel mensen. Het was al druk onderweg: niet voor niks was het mobiele frietkot Pitstop Bamiblok langs de weg gaan staan. Druk ook voor de ingang van het terrein. Kan dat niet eerder open? Voor de mensen die er al op donderdag zijn? De rijen staan nu tot op de campings. De bedoeling was om nog een stukje van Asher Roth, Roosbeef of Stijn mee te pakken, maar voor mij begint Lowlands 2009 bij La Roux.
Lees verder..Múm - Sing Along To Songs You Don't Know
Wellicht stom maar ik was haast teleurgesteld dat Sing Along To Songs You Don't Know geen coverplaat is. Múm's vorige ambitieuze en wat sterkere album leek nog helemaal niet zo lang uit, dus er kon best een tussendoortje vanaf. Zeker met zo'n titel. In werkelijkheid zijn we sinds Go Go Smear The Poison Ivy al twee jaar verder. En opener "If I Were A Fish" is ook niet van The Carpenters. Het is meteen wel het beste nummer, een écht liedje en geen jam waar toevallig ook wat bij gezongen wordt. In vergelijking met het vorige album is de toonzetting lichter met heel veel grote en kleine snaarinstrumenten. Het proces was al 'n half oeuvre aan de gang, maar de (immer afnemende) invloed van idm, computer en beats nadert zijn voltooiing. Múm maakt nu folkpop vol gezang. Als gebruikelijk trekken de melancholische stukken meer mijn aandacht dan blije deuntjes als "Prophecies And Reversed Memories". De beste staan opvallend genoeg stuk voor stuk helemaal aan 't eind, maar voordat we daar aankomen moet ik nog even het malle "Kay-Ray-K�-K�-K�-Kex" aanstippen. Ik zweerde in 't intro met een IJslandse cover (!) van Lady Gaga's "Pokerface" van doen te hebben, in een bewerking van Steve Reich. "The Last Shapes Of Never" knappert letterlijk als een haardvuurtje. De akoestische gitaarpartij heeft iets van Vetiver en de continue samenzang van het volledige collectief heeft de magie van Songs of Green Pheasant. "Illuminated" gaat daar nog overheen. Múm schakelde her en der op het album koor en strijkkwartet in, die nergens overdreven schitteren, maar hier de basis leggen voor de beste gitaarlijn van de plaat. "Ladies Of The New Century" sluit het album af met wat van Sufjan Stevens geleende piano-akkoorden, waarover nootjes als sneeuwvlokken dwarrelen.
File Under: De magie neemt af, maar de bekoring blijft
File Audio: [Múm-Space]
Lars Eric Mattsson - No Surrender + Live
Lars Eric Mattsson is een van de eigenaren van Lion Music, het label dat zo'n beetje alle Scandinavische shredders uit de B-divisie onder contract heeft. Een daarvan is Mattsson zelf. Via de legendarische Mike Varney kwam hij ooit omhoog borrelen en in 1988 debuteerde hij. Het vervolg daarop was het album No Surrender, dat nu vanwege het twintigjarig jubileum als herziene editie met vijf livesongs opnieuw wordt uitgebracht. "This is a new and much improved version of the 1988 classic along with 5 live tracks", aldus Mattsson's eigen site. Hm. Dan wil ik de originele versie zeker niet horen, want het geluid klinkt ook op deze rerelease mager en zo dynamisch als een betonblok. Laat ik het zo zeggen: met een drummachine had het niet vlakker geklonken. Sterker nog, het zou me niet verbazen als alles eerst met een drummachine is opgenomen en dat daarna voor de vorm de ritmesectie nog is binnengehaald. De zang is redelijk, maar wordt regelmatig verneukt met effecten. De songs zijn ook typisch voor die tijd, dat wil zeggen met minder variatie en meer testosteron dan een album lang prettig is. Is er dan niets om blij van te worden? Mwah, de livetracks zijn in elk geval qua dynamiek beter, waardoor ook het gitaarspel beter uit de verf komt. Maar om dit album daarvoor te kopen moet je een verstokte fan zijn.
File Under: Voor de fans
File Audio: [MattssonSpace]
Monstertux - The Alison Album
Het schijnt geen reet op te leveren voor Nederlandse bands, de cd-verkoop. Maar toch wil je dat zoveel mogelijk mensen je muziek horen. Dus, als het toch niet wat oplevert, dan kun je net zo goed je muziek weggeven, dachten ze bij het Friese Monstertux. Het enige wat we er voor vragen is een drietal e-mailadressen, van de downloader en wat vrienden, was hun idee. Nu vind ik het idee van het weggeven van de muziek op zich niet zo slecht, maar dat van die adressen dan weer wel. De mijne mogen ze hebben, ik had hun EP namelijk als eens gerecenseerd en die vond ik niet slecht. Maar ik val mijn vrienden niet lastig met "spam", zoals ik ook niet zo willen dat ze dat bij mij zouden doen. Eerst luisteren, dan aanbevelen. Die omissie is inmiddels opgelost en ik kan dus luisteren. En aanbevelen. Want The Alison Album is niet verkeerd. De conclusies van mijn vorige recensie blijven overeind staan. Engels aandoende gitaarpop, met puike zang. Een beetje Placebo maar dan poppier. In het geheel niet vervelend. Geen minpuntjes? Ja dat wel. De plaat klinkt wat vlak, maar dat kan aan de mp3's liggen. En wederom steekt er geen enkel nummer echt met kop en schouders bovenuit waardoor de plaat op den duur wat gaat kabbelen. Maar eerlijk gezegd zijn dat dingetjes die live wel eens weg zouden kunnen vallen. Toch maar eens live gaan kijken binnenkort. Verdienen ze toch nog wat aan mij…
File Under: Sympathieke Friese Gitaarpop
File Audio: [TuxSpace]
Edward Sharpe & The Magnetic Zeros - Up From Below
Het zit niet mee deze week qua treinerij. Alweer liep ik vertraging op door gedoe op het spoor. Knap irritant. Het maakte dat ik via mijn oude woonplaats Zwollywood moest reizen om in Amersfoort te komen. En dus belandde ik in een stroom Lowlands-gangers op weg naar de bussenplek bij 't Harde. Ik realiseerde me vervolgens twee dingen: de crunkcore van Brokencyde gaat pijnlijk goed scoren (want d'r zaten zat (te veel?) van die crunkkids tussen de bezoekers) en ik móet nog voor Lowlands de gangsters wijzen op het hippie-gebeuren van Edward Sharpe & The Magnetic Zeros om blijmakend tegengas te geven. Dat lukt dus maar half (of lees je dit vanaf het Lowlands-terrein op je iPhone?). Hoe dan ook, mensen: zondag en masse naar de Lima als de blije vogels rond Alex Ebert daar de hippie hoogmis op gaan voeren. Hun muziek is - in ieder geval op de debuut-cd Up From Below - minder uitbundig dan die van The Polyphonic Spree, maar Ebert heeft ook maar krap een dozijn bandleden tot zijn beschikking. Dat beperkte clubje geeft Edward Sharpe & The Magnetic Zeros wel een meer authentieke klank die ze hooguit in positieve zin op zou doen vallen als ze terug de tijd in gestuurd zouden worden richting pak'em beet Woodstock. Al luisterend naar Up From Below ruik je de kruidige dampen al opstijgen van het terrein en zie je de mensen gelukzalig kijken naar het podium. De warmte straalt al over als je luistert naar de cd, live moet het helemaal een zalvende uitwerking hebben. Opvallende track is "Home" het duet tussen Sharpe en Jade Castrinos. Het roept herinneringen op aan Johnny Cash en June Carter-Cash, met een vlijtig gefloten hippie-fluitje als jolig accent. Dus stop een bloem in je zondag vast smoezelige haar en laat je inspireren door dit vanaf het platteland van Californië opererende collectief.
File Under: Blijmakende Retrotrip
File Audio: [ MySpace]
File Video: [YouTube]
The Madd - Are Pretty Quick
Hoe overtref je een uitstekend, lovend ontvangen debuut? Simpel: door eenvoudigweg met een nog beter album op de proppen te komen. En dat is precies wat de Rotterdammers van The Madd hebben gedaan. Bijna twee jaar keek ik reikhalzend uit naar de opvolger van 'Ongeneeslijk beat', mezelf voorhoudend dat ik de lat niet té hoog moest leggen; anders zou het alleen maar kunnen tegenvallen. Maar ik had me geen zorgen hoeven maken: The Madd Are Pretty Quick is een meer dan geslaagde opvolger, waarop Engelse merseybeat hand in de hand gaat met gruizige Amerikaanse garagerock uit de jaren zestig. Terwijl Ongeneeslijk beat was gevuld met puntige covers van totaal onbekende beatgroepen uit de sixties, bevat The Madd Are Pretty Quick ook een groot aantal eigen nummers, waarvan vier geschreven door drummer Slammin' Marty Graveyard. De vijftien (uitstekend geproduceerde) tracks passeren in een razend tempo de revue, het ene nog vrolijker dan het andere. Opener "I Know" knalt uit de startblokken met strijkers, een hyperactief orgeltje en een refreintje dat je al direct mee kunt brullen. Het is alsof je in de platenkast van je ouders op een vergeten vinylpareltje stuit: meerstemmige zang, catchy refreintjes, lekker jengelende gitaren (let op de solo van Di-rect-gitarist Spike in "We're Pretty Quick"), een pompend orgeltje, strijkers, blazers en de heerlijke stem van Dave von Raven. Goede popliedjes hoeven niet langer te duren dan drie minuten. Wat zeg ik? Twee minuten (zoals het onweerstaanbare "Don't Ask Me Love" of het stampende "Love") zijn ook al genoeg. Melodieuze retropowerpop in optima forma! Wie hier geen goed humeur van krijgt, moet nóg maar eens een keertje naar de afsluitende, in onvervalst 'Rotterfrans' gezongen bonustrack "Ce Soir Je Vais Boire" luisteren, ooit zal het kwartje vallen... Jammer is wel dat hun huidige hit "Baby", samen met rapper Dio, niet op het album te vinden is. In ieder geval: met The Madd Are Pretty Quick kan ik weer een tijdje vooruit!
File Under: Nederbiet
File Audio: [ MySpace]
William Fitzsimmons
Een half jaar geleden kwam ik per toeval op de MySpace pagina van multi-instrumentalist William Fitzsimmons terecht en was meteen onder de indruk van zijn breekbare The Sparrow and The Crow nummers. Groot was dan ook mijn verbazing toen ik hoorde dat in Europa eerst zijn Goodnight album uit 2006! uitgebracht zou worden. De man deed een paar maanden geleden al een mini-tour door Europa en op de dag dat ik hem interview staat hij in het voorprogramma van Sophia. Al had dat interview bijna niet plaatsgevonden aangezien hij en zijn Duitse manager de weg waren kwijtgeraakt in Brussel. Na een kort gesprekje in het Duits -van alle markten thuis die William- gaan we toch maar verder in het Engels, waarna ik hem meteen vraag naar dat Goodnight Vs. The Sparrow And The Crow-verhaal.
Inderdaad is dat een nogal vreemde gang van zaken geeft William Fitzsimmons meteen toe; ‘ik weet eigenlijk ook niet waarom daarvoor gekozen is. Voor mijzelf is het wel bizar want mijn albums hebben allemaal een eigen thema en er zit ook stukje verwerking in dus om nu weer geconfronteerd te worden met zaken die ik in 2006 van mij afschreef om daarna verder te gaan met mijn leven is wel moeilijk. Vooral ook omdat ik niet bepaald over zonneschijn en regenbogen zing, het zijn nogal wat persoonlijke issues die ik aankaart. In eerste instantie was ik dan ook niet zo blij om alles weer op te rakelen, maar oké eigenlijk is het wel logisch om als luisteraar in chronologische volgorde mijn verhaal te horen. In een boek begin je ook niet in het midden. Het ‘eerste' album gaat namelijk over de scheiding van mijn ouders toen ik jong was, The Sparrow And The Crow behandelt mijn eigen scheiding.
Lees verder..Brokencyde - I'm Not A Fan… But The Kids Like It
We hebben de afgelopen tijd hier genoeg tips gedropt over wat je zeker moet gaan kijken als je vanaf morgen op Lowlands vertoeft. Laten we dan ook nog maar een tip geven van een tent die wat mij betreft op een bepaald moment heerlijk leeg mag blijven. Ik hoop echt dat die kneuzen van Brokencyde (zaterdagavond om 22:15) de X-Ray inkijken vanaf het podium en dat er helemaal niemand in de tent staat. Het zal wel niet lukken, maar geloof me maar als ik zeg dat ik de afgelopen jaren geen sneuere cd gehoord heb dan de crunkcore die te horen valt op I'm Not A Fan, But The Kids Like It! Ik vraag me dan ook oprecht af welke idioot ervoor gezorgd heeft dat deze vier trieste Harries op Lowlands mogen staan. Maar ik vrees met grote vreze dat de X-Ray wel weer afgeladen vol zal staan en dat iedereen uit zijn dak gaat. Ik word onpasselijk van de intrieste teksten waar het maar over een ding gaat: Neuken en vrouwen vernederen. Misschien vindt u het wel humor om de onthaarde aars van een vrouw te vergelijk met een 'onion ring', ik niet. Een couplet of refrein zonder een seksueel getinte, aan drank of drugs relateerde verwijzing opnemen, dat is er niet bij. De pee-pees, dicks, bumholes, tits en vaginas vliegen je om de oren. Maar misschien moet je de honderdduizenden yeaaahs, wheehs, whaaasss! en whoooz zien als destillaat van diepgaande filosofische teksten. En wat erger is, muzikaal gezien is hun combinatie van hiphop en screamo zo mogelijk nog meer stupide. Laat de mannen eens luisteren naar zoiets als het eerste Beastie Boys- of Mr.Bungle-album om te horen hoe het eigenlijk zou moeten. Die lui hadden wel talent en dat hebben deze met bijna Tokio Hotel-achtige coupes getooide kneuzen absoluut niet. Nu ik er nog wat meer over nadenk moet iedereen misschien toch maar gaan en ze en masse uitlachen in hun gezicht. Al zal het ze vast worst zijn. D'r is altijd wel een MySpace-ho die hen wil vermaken in de nacht van zaterdag op zondag. Ook op Lowlands.
File Under: 221876 MySpace-fans can be wrong
File Audio: [ MySpace]
Simian Mobile Disco - Temporary Pleasure
Dat deze tweede plaat van Simian Mobile Disco best wel fijn geworden is, is een hele prestatie. De heren Ford en Shaw reisden in de tussentijd namelijk ook nog de halve wereld over voor dj-sets, en ze produceerden allerlei tracks en albums voor artiesten als de Arctic Monkeys en Florence & The Machine. Bovendien doen er op Temporary Pleasure (gewaagde titel ook) zoveel gastvocalisten mee dat je als beetje recensent bij voorbaat al de Wet op de Overbodige Gastartiesten uit de kast wil trekken, die immers al zoveel slachtoffers gemaakt heeft. Maar hier dus niet. "Cruel Intentions" (met Beth Ditto van Gossip) klinkt zo fris als een hoentje, single "Audacity of Huge" (met Chris Keating van Yeasayer) is een echte knaller, Jamie Lidell verchroomt zijn soulstem zonder enig probleem in "Off the Map" en hetzelfde kan gezegd worden van de tracks met Alexis Taylor (Hot Chip) en Gruff Rhys (Super Furry Animals). Wel vind ik het productioneel stiekem een herhalingsoefening. Die synths in "Bad Blood" heb ik eerder gehoord en het heerlijke "10000 Horses Can't Be Wrong" is eigenlijk natuurlijk gewoon een (meer dan uitstekende) minimal-remix van het eigen "Sleep Deprivation". Wat ik op het album wel mis zijn de lompere beats. Het lijkt wel alsof óveral een filtertje overheen moest. Echt losgaan met de handel heeft Simian Mobile Disco verleerd. Gelukkig weet elke goede dj wel raad met dat probleem.
File Under: Plezierig is het alvast wel
File Audio: [ MySpace]
File Video: [Audacity of Huge]
The Temper Trap - Conditions
Het begin van Conditions wekt een beetje een foute indruk, want het klinkt alsof je gaat luisteren naar een soulplaat. Nu zit er wel degelijk veel soul in deze plaat, vooral met dank aan de geweldige zanger, Dougie Mandagi, maar na vijftig seconden wordt duidelijk waar het echt om draait in de muziek van het Australische The Temper Trap, en dat zijn gitaren. Soms melodieus en lieflijk, soms gelaagd en spannend, en dan weer lekker stevig. Als een kruising tussen The Veils en Interpol, met een vleugje Radiohead maar ook The Killers. Een vreemde combinatie inderdaad, maar The Temper Trap is van vele markten thuis. "Science of Fear", de single, is gek genoeg pas als een-na-laatste te vinden op Conditions, maar aan de andere kant, elk nummer op deze plaat is zo goed en pakkend dat ze allemaal wel single hadden kunnen zijn. Vooral live schijnt dat erg goed uit te pakken, en dus raad ik aan ze op Lowlands te gaan zien voor ze hier in Nederland de clubs gaan uitverkopen. Zelfs al staan ze geprogrammeerd tegenover Bon Iver. Nee, The Temper Trap brengt niks nieuws onder de zon, maar hun muziek is wel ontzettend fijn en met veel gevoel gebracht. De beste Australische band sinds jaren.
File Under: Tragically hip
File Audio: [ MySpace]
Jónsi & Alex - Riceboy Sleeps
Een nachtplaat is voor mij een plaat die ervoor zorgt dat ik rustig ga slapen na een bijna altijd weer hectische dag. Een plaat waarmee ik overbodige ballast en negatieve gedachtes wegspoel omdat ik er zo in opga. Ruim een jaar lang was Bon Iver's For Emma, Forever Ago mijn favoriete nachtplaat en ik dacht eigenlijk dat 'ie dat nog wel even zou blijven. Tot vorige week. Toen draaide ik voor het eerst namelijk Riceboy Sleeps, het samenwerkingsverband tussen Sigur Rós' frontman Jón Þór Birgisson en zijn vriend Alex Somers. Vanaf de eerste draaibeurt gaf de cd me hetzelfde rustgevende gevoel als Bon Iver. Bijna zou ik Riceboy Sleeps Sigur Rós zonder songs willen noemen, maar dat klinkt zo oneerbiedig. Feit is wel dat Jónsi & Alex qua abstractheid een stuk verder naar links opereren dan Sigur Rós. Riceboy Sleeps staat namelijk vol lijdzaam, traag voorttrekkende, ambient tracks. Het ijle karakter dat Sigur Rós toch al zo fraai kenmerkt wordt nog net een stuk verder opgeschroefd. Al zou het openingsnummer "Happiness" misschien nog wel een plekje kunnen krijgen op een Sigur Rós-album. Traag, geduldig en uiterst secuur vervolmaken Jónsi & Alex hun aquarel en ze besparen zich daarbij de moeite om duidelijke, scherpe accenten te zetten die andere ambient-makers nog wel eens willen gebruiken om hun luisteraar extra te prikkelen, al zitten er wel degelijk details diep verscholen in de negen uitgesponnen tracks, maar die geven zich maar geleidelijk prijs. Ik kan me voorstellen dat er mensen zullen zijn die vinden dat Jónsi zelfs te ver doorgeschoten is. Ik behoor daar dus zeker niet toe. Ik zink met grote graagte weg in de droomwereld die Jónsi & Alex creëren met doeltreffend geplaatste zacht geplaatste streken van hun geluidspenseel.
File Under: Fijne nachtmuziek
File Audio: [ MySpace]
File Video:[All the Big Trees][Daníell in the Sea]
Squarepusher - Solo Electric Bass 1
'Squarepusher like you never heard him before', zo kondigde KindaMuzik-collega René Passet deze cd alvast aan. Ja, goede omschrijving. Wat een klerezooi namelijk, dit album. Je zult je aardig bedonderd voelen als je op de komende Lowlands na Squarepushers ongetwijfeld briljante optreden (wat was hij ongelóóflijk vet op STRP!) de Concerto binnenloopt en dit nieuwste album meegraait. Er staat namelijk geen enkele beat op deze plaat. Enkel jazzy gepingel op zijn basgitaar. Zoals platenmaatschappij Warp zelf al op hun site schrijft is Solo Electric Bass 1 een live-opname uit september 2007 van een optreden in de Cité de la Musique in Parijs, waar Tom Jenkinson in zijn eentje eigen composities speelde. Nu deed hij dit soort dingen al wel eerder en vaker, is jazz nu eenmaal zijn achtergrond en is het technisch allemaal erg knap, maar ik word er eerlijk gezegd niet warm of koud van. Zijn liveshow bewijst dat de traditionele muzikant Jenkinson ook 'akoestisch' verdomd snel zacht én hard kan spelen, en ook hier wisselt hij het af met terugkerende themaatjes. Leuk en aardig hoor, maar honderdduizend singer-songwriters gingen hem voor en doen toch wel iets méér.
File Under: Strikt voor de basgitaarliefhebbers
File Audio: [Bleep]
VA - Raks! Raks! Raks!
Altijd gedacht dat een band als die in de film Heavy Metal in Baghdad alleen maar in deze tijd van internet kon ontstaan? Want hoe zou iemand in de jaren zestig, wonend in Iran, kennis kunnen nemen van revolutionaire westerse ontwikkelingen in de popmuziek? De opkomst van beat, rock ‘n' roll, soul - hoever reiken kortegolf-radio's helemaal? Weliswaar hebben we het dan over het Iran van de sjah en niet die van de ayatollahs, maar toch. Raks! Raks! Raks! 27 Golden Garage Psych Nuggets from the Iranian 60s Scene smokkelt weliswaar een beetje ("R.E.S.P.E.C.T." psychedelisch of een garagestomper?), maar biedt toch een verbluffende staalkaart van de popmuziek die er in de jaren zestig zelfs in het Midden-Oosten gemaakt werd. Hoogst originele garagerock, inclusief de onvermijdelijke vermenging met voor ons - zeker in die tijd - curieuze toonladders. En nogmaals, we hebben het hier niet over westers georiënteerde steden als Istanbul of het toenmalige Beirut, maar over Teheran. Het tekstboekje verklaart dat er een levendige muziekscene was in die tijd, maar dat het ook toen al veiliger was om je muziek live te spelen, dan op te nemen. Toch zijn er bandjes geweest die singeltjes op wisten te nemen. De namen van de acts zijn meestal Engels (The Rebels, The Flowers, Littles, Golden Ring, soms Perzisch: Ojoobe Ha, Saeed), de teksten vaak Perzisch en daarom onverstaanbaar, maar samen met de bizarre muziek vooral onweerstaanbaar.
File Under: Perzische Juwelen
File Audio: Fragmenten
The High Strung - Ode To The Inverse Of The Dude
Om even met ds. Gremdaat te spreken: 'Hebt u even een half uurtje voor mij?' Als iemand dat aan je vraagt dan gaat het meestal over iets dat haast heeft, maar relatief kort samen te vatten is. Bovendien wil de vraagsteller graag voorkomen dat de ander een reden heeft om het verzoek af te wijzen. The High Strung is een band die met Ode To The Inverse Of The Dude een half uurtje van mijn tijd vraagt. Uiteindelijk hebben ze die op twee seconden na nodig. Vreemd genoeg staat de band op Wikipedia als een garageband te boek. Ik lees dat dit al hun zesde album is, en dat verbaast me eigenlijk want de band klinkt alsof het jonge honden zijn. Kennelijk heeft de evolutie een handje geholpen bij de ontwikkeling van het geluid, want de band klinkt op basis van dit album als een lo-fi-band die niet vies is van een pompeus 'Wall Of Sound-geluid', maar ook de folk, psychedelica en Britse mod ogenschijnlijk gemakkelijk in hun muziek implementeert. Als ik het resultaat met bands moest samenvatten dan ligt het geluid ergens tussen The Flaming Lips (zonder tegen het vals zingen aanzittende zanger!), Guided By Voices, The Beach Boys (Pet Sounds) en The Kinks. In een klein half uurtje laten ze horen dat er toch wel enige urgentie is om hun muziek met mij te delen. Waarschijnlijk ben ik extra gevoelig door het zomerse weer en dat ik hier de muziek graag op aan wil laten sluiten. Op dit album staan overigens het nummer "Anyone" dat na een aantal keren draaien genadeloos in je hoofd blijft hangen. Je bent gewaarschuwd.
File Under: Insmeren en luisteren maar
File Audio: [ MySpace]
File Video: [Stiekem gefilmd tijdens het soundchecken]
Lowlands 2009, Voorpret
Lang geleden waren er Mongoolse strotzangers op tv. Niet lang daarna was mijn vader jarig. Hij wilde een cd van die Mongoolse strotzangers. Ik naar de platenboer. Ik zeg: "Heb je een cd van Mongoolse strotzangers?" Het duurde even, maar dat had ie. Huun Huur Tu, geloof ik. Pleitbezorgers van de typische Mongoolse strotzang. Geloof het of niet, mijn vader heeft - en ik woonde nog thuis - die cd grijsgedraaid. Mijn broertje zingt inmiddels een aardig potje strotzang mee. Wij geloven hem niet, maar hij zegt dat het echte strotzang is. En nu, jaren later, staan er Mongoolse strotzangers (uit Peking, maar dat mag de pret niet drukken) op Lowlands. Het moet niet gekker worden, mijn vader zal jaloers zijn. Ik ben het aan mijn vader verplicht om zondag om tien voor tien in de Lima naar de strotzangers te gaan luisteren. En voor de rest doe ik lekker waar ik zelf zin in heb.
Lowlands 2009 moet de Lowlands worden van de verrassingen. Want hoewel er een aantal namen bijgekomen is van bands die ik toch zeker even wil gaan checken, word ik dit keer niet meteen al moe van het op en neer lopen. Op en neer lopen lijkt voor veel mensen toch al minder te zijn geworden. Im grossen und ganzen is het Lowlandspubliek in twee delen te splitsen: de alphagangers en de bravobeesten. Rock en dance. Nu de X-Ray eindelijk groter is geworden en verplaatst is naar de plek waar vorig jaar nog de Lima stond kunnen de elektronicaliefhebbers aan een kant van de hemelpoort blijven. En dat geldt ook voor de poprockers aan de andere kant. Veel mensen zullen echter van twee walletjes willen blijven eten. Ik ook. En u waarschijnlijk ook. En waarschijnlijk heeft u al lang uw route uitgestippeld waar u dan vervolgens onder druk van vrienden, bier, tijd, poepdrang of anderszins weer van af gaat wijken. Dus ik vertel u niet dat u wellicht bij de Arctic Monkeys zou willen gaan kijken omdat Josh Homme die nieuwe plaat heeft geproduceerd (en dat hij daarom misschien wel erbij is en Them Crooked Vultures dus wel speelt…). Nee, hier alleen enkele andere tips.
Lees verder..Slon - Antenne
In het kwartet postrockers uit Alpenlanden ontbrak tot nu toe altijd nog een Oostenrijkse naam die het verdiende deel te nemen aan ons geliefde spel 'We verklaren postrock dood, maar vinden toch steeds weer leuke nieuwe bands'. Dat gat kan nu met verve gevuld worden door het kwartet Slon. Hun debuut-cd Antenna verdient het dan misschien niet om de aanvoerder te worden van het kwartet, maar op een tweede/derde plaats in de ranking moeten ze toch terecht kunnen komen. Hun postrock is dwars en zoekt het niet in de uitgesponnen epische stukken. Ze zitten eerder in de hoek van Russian Circles dan in die van Explosions In The Sky en af en toe meen ik er zelfs een hoek van Battles in te horen. Aan dynamiek en onverwachte wendingen is dus geen gebrek op Antenna. Soms heb ik het idee dat de band net iets teveel hooi op de vork neemt, maar een track als "Komsomzenträne" staat gelukkig weer bol van de pure klasse. Enige kanttekening die ik zou willen plaatsen is de plek van de drums in de mix. Die staat me net wat te veel op de voorgrond. Zeker met een koptelefoon op slaat David Schweighart je daardoor af en toe wel heel hard om de oren. Prettig aan Slon is wel dat door het ontbreken van saaie uitgesponnen stukken deze debuut-cd niet langer duurt dan een kleine dertig minuten. Dat ik na een luisterbeurt honger heb naar meer vind ik dan ook een goed teken.
File Under: Kranige postrock uit het land van Heidi
File Audio: [ MySpace]
Wednesday 13 - Bloodwork
Drie albums, twee horrorfilms en er staat zelfs alweer een nieuw album in de planning. Dat allemaal in slechts een jaar tijd. In plaats van een echte baan te gaan zoeken, komt het brood bij Joseph Poole - beter bekend als Wednesday 13 - op de tafel door zijn albuminkomsten. Zoals iedereen weet raakt de albumverkoop steeds dieper in een dal en hiervoor heeft hij een simpele oplossing gevonden: gewoonweg meer uitbrengen. Nu schreef ik over voorganger Skeletons reeds het volgende: 'Het is duidelijk dat de muzikant kwalitatief veel in huis heeft, maar jammerlijk is blijven steken bij het oude verhaaltje. Wellicht dat de laatste twee Murderdolls-fans hier nog blij van worden, voor de echte muziekfanaten zal het onopgemerkt blijven.' Wanneer je zoveel werk uitbrengt, dan raken zelfs deze laatste twee Murderdolls-fans verzadigd en komt er helemaal geen brood meer op de plank. Heeft meneer Pool daar wel eens over nagedacht? En leest hij überhaupt wel eens onze recensies op File Under? Want deze schaamtevolle vertoning had echt allang gestopt moeten worden. Hopelijk nog voordat Long Way To The Bottom van zijn nieuwe country-project Bourbon Crow het licht ziet.
File Under: Plaatsvervangende schaamte
File Audio: [Wednesday-Space]
Mörglbl - Jäzz For The Deaf
Vorig jaar werd ik danig verrast door de instrumentale rock van het Franse gezelschap Mörglbl (spreek uit: Morgulbal). Fraai gitaarwerk van gitarist Christophe Grodin, een ritmesectie die heel wat meer doet dan de maat aangeven (Ivan Rougny nog steeds op bas en de nieuwe drummer Aurélien Ouzoulias) en dat in fusionachtige stukken die verrassend coherent zijn. Jäzz For The Deaf heet hun nieuwe album en ze gaan lekker verder waar ze de vorige keer ophielden. Nou ja, iets minder grappen en grollen en iets minder exotische uitstapjes, maar niet minder fraai of interessant. Het is simpelweg meer een rockalbum. Dat is bepaald geen onbekend terrein voor Grodin, die naast Mörglbl ook nog in twee metalbands zit. Denk aan het instrumentale werk dat doorgaans op Steve Vai's Favored Nations-label uitkomt en je hebt een goed idee van wat er op dit album te horen is. Het is waar, dat is muziek die slechts een kleine groep aanspreekt, maar voor de liefhebber is dit Jäzz For The Deaf niet te versmaden. Zoals gezegd zijn de songs coherent en daarmee is de valkuil in het genre omzeild. Bovendien durf ik de stelling wel aan dat Grodin vaardiger is dan menig collega in het genre, vooral omdat hij ook gas terug kan nemen in plaats van steeds zijn technische vaardigheden te etaleren. Jäzz For The Deaf, heerlijke fusion voor de rest.
File Under: Nichemuziek, maar wel een mooie niche
File Audio:[MörglblSpace]
Ladyfinger (NE) - Dusk
De rauwere rockers lijken de laatste jaren bij het Omahase label Saddle Creek een beetje het onderspit te moeten delven. De laatste Cursive was bijvoorbeeld echt niet wat wij er van gehoopt hadden. En ook Ladyfinger (Ne) kan helaas met hun tweede cd Dusk niet voorkomen dat we nog steeds mijmerend terug denken aan bijvoorbeeld Conor Oberst's te vroeg doodgebloede post-hardcore project Desaparecidos dat met Read Music/Speak Spanish een straffe cd afleverde in 2002 of Criteria's When We Break uit 2005. Wat bij Ladyfinger (Ne) wel dik voor elkaar is, is de productie door Matt Bayler. Maar dat is dan ook een kei die eerder achter de knoppen zat bij Mastodon, Isis, Vanna en Russian Circles. Hij zorgt ervoor dat het mediocre songmateriaal van Ladyfinger (Ne) uiteindelijk wel een voldoende haalt. Maar eerlijk is eerlijk, de stem van Chris Machmuller mag er ook zijn. Heel af en toe roept hij zelfs herinneringen op aan Stone Temple Pilots' Scott Weiland. Wat ook positief stemt is dat de songs gelukkig ook een stuk beter zijn dan die van voorganger Heavy Hands. Ze zijn nog niet goed genoeg om aan te haken bij pak 'em beet Foo Fighters, maar nog een keer zo'n stap vooruit en zouden met een beetje geluk de moeten kunnen maken naar de subtop, net onder de grote rockers.
File Under: De juiste plannen
File Audio: [A.D.D.][Little Things][ MySpace]
Normaal - De Blues Elpee
Van top tot teen doordrenkt met bier, zo zag ik er uit na mijn allereerste optreden dat ik ooit bezocht. De kleren moesten uit bij binnenkomst thuis en het eerste doel was de douche. Het bier zelf lustte ik nog niet, hetgeen overigens later helemaal goed gekomen is. Ik heb het uiteraard over een optreden van Normaal, iets dat je als geboren Achterhoeker toch echt meegemaakt moest hebben. Met de muziek zelf is het tussen Normaal en mij nooit goed gekomen. Vind ik de eerste albums nog prima te pruimen, mijn interesse in de band ben ik op de latere albums kwijtgeraakt. Vaak zijn er wel een of twee liedjes die ik waardeer, maar het merendeel wordt verpest door zogeheten hoempapa. Ik denk dat de feesttenten bezoekende achterban het echter niet anders gewild had. Er is echter een andere tijd aangebroken, want tegenwoordig is het theater geregeld het podium van Normaal. Het bier gooien is voorbij, het publiek mag braaf in een stoel zitten en de band speelt semi-akoestsich hun liedjes. Het nieuwe album De Blues Elpee past hier prima bij en bevat zoals de titel al aangeeft bluesmuziek en gelukkig geen hoempapa. Opvallend is dat niet alle vocalen van Buizend Berend (Bennie Jolink) zijn. Het blijft echter allemaal in het Achterhoeks en de thematiek blijft helemaal des Normaals. De Blues Elpee is overigens verkrijgbaar in een elpee- en een cd-versie, waarvan de elpee twee liedjes bevat die niet op de cd staan en de cd vier liedjes die niet op de lp staan. Commercie is nog steeds geen vies woord voor deze heren, maar de basis is in ieder geval een prima bluesplaat.
File Under: Terug naar de roots
File Audio: [ MySpace]
File Video: [De uitreiking van de eerste plaat door Ellen ten Damme]
Week 32, 2009
Storm
Jónsi & Alex - Riceboy Sleeps
Ewie
Deirdre Doherty @ Beehive Ardara (Ierland)
Ludo
Mount Eerie with Julie Doiron and Fred Squire - Lost Wisdom
Gr.R.
Mount Fuji Doom Jazz Cooperation - Sucubbus
Joice
Port O'Brien - Threadbare
Prikkie
Muffx - Small Obsessions
Blizzard
Distorted - Voices From Within
ForestSounds
Nits - Ting
Michiel Oskam - The Onyx Set Aglow...
Michiel Oskam is een veelzijdig en druk baasje. Hij speelt gitaar in zowel de extreme deathmetalband The New Dominion als het experimentele jazzkwartet Operation Sand. Maar blijkbaar kan hij in die twee bands nog steeds niet al zijn muzikale eieren kwijt, want hij heeft net zijn eerste solo-album vol instrumentale gitaarmuziek uitgebracht. Grootste tegenstelling met de muziek van zijn reguliere bands is dat hij hier voornamelijk akoestisch speelt. De stukken zijn vrijwel allemaal gelaagd opgezet, waarbij verschillende gitaren respectievelijk ritme, begeleiding en solo voor hun rekening nemen. Dit geeft een bonte muzikale caleidoscoop van akoestische klanken die nergens verveelt, en dat is toe te juichen. Hoewel Oskam op zijn website andere invloeden noemt, komt zijn speelstijl wat mij betreft nog het meest in de buurt van Carlos Vamos of Michael Hedges. Wat hij met die twee ook gemeen heeft, is dat hij zo hier en daar het akoestische landschap verder inkleurt met elektrische gitaar. Juist op die momenten is-ie mij kwijt. Niet dat ik het gebruik van elektrische gitaar in een akoestische setting per definitie vloeken in de kerk vind, maar het contrast is hier zo schril dat het een wat geforceerde indruk op me maakt. Ander punt van kritiek is dat zijn spel, zeker daar waar hij in meerdere tracks werkt, een beetje ruw en stroef klinkt. Dat kan natuurlijk de bedoeling zijn geweest, maar als je met regelmaat gitaren hoort die net niet gelijk spelen, gaat dat vroeg of laat irriteren. Maar wat zit ik nou te zeuren: The Onyx Set Aglow... is een kleurrijke ode aan de veelzijdigheid van de akoestische gitaar. Stoppen met die bandjes en op naar de volgende solo-cd.
File Under: Akoestisch en ruw
File Audio: [Fragmenten op MySpace]
Haldern 2009 - Napret dag 3
Ik kom aan via een weg vol natgezwommen festivalgangers op een Haldern dat een lawine aan programma verschuivingen ondergaan heeft. Terwijl we dit even matchen met onze eigen lijst van dingen die gedaan moeten worden en hardop mee (klagen) denken met de festival leiding -al cappuccino drinkend en mokkend- viel de verbaal-doorgegeven wijziging dat Bon Iver zo meteen al speelt en niet vanavond niet in goede aarde.
Dat door alle omzettingen ons van te voren zo goed uitgekiende kijk- en luisterschema in het (zwem)water viel en we bijvoorbeeld nauwelijks in staat zouden zijn te genieten van William Fitzsimmons, was al helemaal niet bevorderlijk voor mijn ochtend humeur om maar te zwijgen van Dennis die volgens zijn interne klok net naar bed had moeten gaan.
Lees verder..Blank Dogs - Under and Under
Zijn naam is Mike Sniper en hij wordt liever niet gefotografeerd. Ook zet hij het liefst niet zijn naam op de platen die hij uitbrengt. Het lijkt er verdacht veel op dat Mike zelf op deze manier een kleine mythe rondom zijn project Blank Dogs probeert te creëren, want zijn muzikale output alleen is niet toereikend. Het album Under and Under begint met nerveuze gitaarrifs en een gejaagde bas over zwevende synthesizerklanken die doen denken aan het vroege werk van The Cure. De zang zit op de hele plaat erg laag in de mix en lijkt als twee druppels water op de klaagzangen die we kennen van de oude goths van Sisters of Mercy. De mechanische drumbeats lijken rechtstreeks gesampled van het eerste album van The Cocteau Twins, vooral op nummers als "Slowing Down". Dat leden van Crystal Stilts en The Vivian Girls achtergrondvocalen bijdragen kan niet verbloemen dat Sniper zelf een ondermaatse zanger is. De vijftien nummers op de cd zijn vrijwel zonder uitzondering stomvervelend. En als je het album op vinyl aanschaft, wordt je extra gestraft met nog vijf bonustracks. Sorry Mike, maar dit is allemaal wel heel erg gemakkelijk.
File Under: Stomvervelende goth
File Audio: [ MySpace]
File Video: [Setting Fire to Your House]
William Fitzsimmons
Chaplin Harness - Chaplin Harness
Eigenlijk is het wel toepasselijk dat de website van reissue-label Gear Fab er nogal eens uit ligt. Voor informatie over de bands waarvan ze de verloren gegane of onbetaalbaar geworden platen opnieuw uitbrengen moet je ook regelmatig de diepste krochten van het internet afstruinen. En zelfs dan is het resultaat vaak maar mager. Zoals bij Chaplin Harness, een band waarvan niet veel meer boven tafel valt te halen dan dat ze uit New Jersey komen, dat hun debuutplaat in 1969 is opgenomen en waarvan oorspronkelijk niet meer dan 50 exemplaren - een testpersing - het daglicht zagen. Elk van die exemplaren is uiteraard een vrijwel niet te betalen verzamelaarsobject geworden. Later schijnt er nog eens een reissue van gemaakt te zijn, maar nu is er dankzij het eerder genoemde Gear Fab een ook voor de normale liefhebber betaalbare cd en lp op de markt. Alle elf originele tracks, met als bonus de single-versie van hun minor classic Dit Dewey Man. Eén bandlid duikt later op als meestergitarist Rick Iannacone, werkend aan de zijde van Miles Davis. Maar in Chaplin Harness legt hij zich niet zozeer toe op jazz, maar op zwaar op een Hammondorgel leunende, psychedelisch groovende proto-rock. De jazz is al wel een beetje te ontdekken door de voor rock curieuze gitaarsolo's, maar meerendeels is het vet groovende, op funk en psychedelica leunende powerrock op deze titelloze plaat. Verpakt in een spuuglelijke, maar begin jaren zeventig ongetwijfeld uiterst hippe hoes.
File Under: Powerrock uit de krochten van de jaren zestig
File Audio: Dit Dewey Man
Nina Kinert - Let There Be Love
Op Lowlands 2008 stond Nina Kinert nog bescheiden als achtergrondzangeres op het podium bij Ana Brun. Dit jaar staat ze op zaterdagochtend als hoofdact in India. Reden hiervoor is ongetwijfeld de indruk die de Zweedse zangeres het afgelopen jaar achterliet tijdens de promotie van haar laatste album Pets & Friends en het radiohitje "Beast". De fans van Kinert hebben haar vorige albums natuurlijk allang via iTunes of de import gescoord, maar ter ere van haar Lowlands-optreden wordt dit tweede album uit 2006 nu ook officieel in Nederland uitgebracht. Op Let There Be Love is een oorspronkelijker en minder commercieel geluid van Nina Kinert te horen. De sobere akoestische begeleiding maakt de plaat wat minder gladjes dan Pets & Friends. Een "Beast" staat er niet op, maar nummers als "Separate Ways" en "Let Go Now" bevatten genoeg heartbreak om de stoerste vent te doen smelten voor de charmes van Kinert. En op het twijfelende "Who Am I Supposed to Be" bewijst ze dat ook Zweedse zangeressen over een mooie countrysnik kunnen beschikken. Het titelnummer sluit het neerslachtige album met een positief geluid af. Melancholische en romantische meisjesmuziek pur sang, maar daar is in dit geval helemaal niks mis mee.
File Under: Nina voor Beast
File Audio: [ MySpace]
File Video: [Visitor]
Noah And The Whale
Haldern 2009 - Napret dag 2
Op de vrijdag van Haldern-Pop sta ik midden voor het zonovergoten podium met enige verbazing naar Asaf Avidan, eerst zonder maar daarna met Mojos te kijken. De verbazing -sorry ik ben niet zo goed in Israëlische namen- komt voort uit het feit dat Asaf, in tegenstelling tot mijn vermoedens bij het luisteren van zijn muziek tijdens de voorbeschouwing op het festival, een jongen blijkt te zijn.
De vergelijking met Janis Joplin kwam ook niet zomaar uit de lucht vallen. Ook live klinkt zijn (alt / mezzo-sopraan?) stem nog steeds erg op die van de wijlen Texaanse. Maar nu heb ik een plaatje bij de stem. I stand corrected.
Lees verder..Mark Knopfler - Get Lucky
Met mijn vorige recensie van Mark Knopfler maakte ik niet echt vrienden. Toch ben ik nog steeds van mening dat Kill to get crimson een gezapige oude mannen cd is. Dat gevoel wordt alleen maar versterkt door Get Lucky, het nieuwe wapenfeit van de voormalige voorman van Dire Straits. Want in tegenstelling tot de eerstgenoemde cd is dit nieuwe album een veel sterker album geworden. Met een hoofdrol voor de Keltische fluit, die je meteen al welkom heet in het up-tempo "Border reveir". Daarnaast is het specifieke gitaargeluid weer terug getuige "Before gas and tv", "Cleaning my gun" en "Remembrance day". Af en toe neemt Knopfler de troubadour rol op zich zoals in het titelnummer, maar het best komt hij tot zijn recht als hij de blues speelt in het afwijkende "You can't beat the house". Dit nummer is ook live in de studio opgenomen en je merkt ook dan dat Mark en zijn band plezier hebben in het live spelen. Helaas staan er ook wel weer wat niemendalletjes op dit album zoals "Monteleone" wat het ultieme slaapliedje is geworden. "The car was the one" leunt vervolgens op dat herkenbare Hank Marvin tremolo gitaar geluid, wat toch echt een herhaling van eerdere zetten begint te worden. Daarnaast zal het afsluitende "Piper to the end" een gooi doen naar de begrafenis top tien. 'When I leave this world behind me/To another I will go/And if there are no pipes in heaven/I'll be going down below' zingt Mark je toe. Om later nog eens je eraan te herinneren dat 'this has been a day to die for'. Gelukkig maak ik dat altijd nog zelf wel uit. Want zolang Mark nog liedjes kan maken met hitpotentie zoals "Cleaning my gun", wat het dichtst in de buurt komt bij zijn oude werk met Dire Straits, heb ik nog iets om naar uit te kijken in de toekomst. Met Get lucky heeft Knopfler in ieder geval weer een album gemaakt waaruit blijkt dat hij soms nog steeds fijne liedjes kan afleveren. Nu nog een volledig album van dat soort liedjes. Wellicht eens een heel fijn bluesalbum bijvoorbeeld.
File Under: Sterker dan de vorige
File Audio: [Titeltrack op de webstek]
Asaf Avidan & The Mojos
La Pegatina - Via Mandarina
Gelukkig komen de meeste genres op File Under uitgebreid aan bod. Er zijn echter toch wat ondergeschoven kindjes. Wereldmuziek is er een van, al moet ik daar dan een uitzondering maken voor de grote Gr.Reggea-kenner. Daar doet La Pegatina niet aan, al zijn de felle blazers- en accordeon-accentjes even dansbaar. Ze noemen het zelf op hun website rumba, en ik zal 't als niet-kenner maar voor waar moeten aannemen. Pure onversneden rumba zal 't echter niet zijn, daarvoor klinken de Catalanen toch teveel als de bekendste (?) muzikale Barcelonees Manu Chao. Ook hier wordt vaak op rapperige, wat nasale wijze gezongen, luister naar "Qué Bonito Es El Amor" voor het meest geslaagde voorbeeld. Of de teksten even politiek zijn moet u echter niet aan mij vragen. Het zou wel opvallend zijn, want Via Mandarina is toch eerst en vooral een up-tempo musica mestizo-feestje, waar 't zweet van de muren (en zigeuner-snorren) druipt. De liedjes zijn kort, er komen er in sneltreinvaart veertien langs. De leukste zitten wat mij betreft in 't midden. "Gat Rumberu", heeft 't melodieus mooiste refreintje en tegelijkertijd een commerciële sfeer met een voetbal-gezang break, alsof het EK voetbal weer in Portugal wordt gehouden ("Forca" van Nelly Furtado, weet u nog?). Het daaropvolgende hoogtepunt "Alosque" voert later 't tempo met wat trommeltjes nog wat op, maar is in eerste instantie een van de zeldzame rustpuntjes, met een akoestisch intro, waar een gevoelige dame zingt. Heeft in mijn oren een Braziliaanse sfeer, vergelijkbaar met 't heel wat diepzinnigere werk van singer/songwriter Lenine.
File Under: Uno-do'-tres-cuatro, rrrrrrumba
File Audio: [Pegatina-Space]
Junior Boys - Begone Dull Care
Bij het maken van de indexen voor de komende editie van Lowlands kwam ik erachter dat de laatste release van Junior Boys die op File Under besproken was nota bene een heruitgave was van het al uit 2004 stammende Last Exit. Ik wist toch zeker dat er sindsdien nog platen verschenen waren van het Canadese tweetal en dat ik hun nieuwste cd honderd procent zeker in handen gehad had, want hij stond op mijn digitale promoarchief. Ik had hun cheesy mix van jaren tachtig synth en electro meerdere keren in de shuffle-mode voorbij horen komen op mijn iTunes. Bij het uitsturen naar een scribent was er blijkbaar ergens een kink in de kabel gekomen. Dat kan de beste gebeuren, maar vervelend is het wel als je een zo compleet mogelijk overzicht wilt bieden aan je naar Lowlands vertrekkende lezers. Dus knalde ik Beyond Dull Care op mijn iPod en stapte op mijn racefiets om een eindje te toeren. Waar ik naar toe fietste? Makkelijke keuze natuurlijk: het werd een rit de polder in, richting Biddinghuizen. Eens kijken of ik de 100 kilometer aantikken al weer aankon. Ik had goede hoop, want het zijn dan misschien lome klanken die de twee Canadezen je voorzetten op deze derde cd, het is perfecte muziek om van in een bepaalde trance te komen. Het lijkt alsof Jeremy Greenspan je steeds weer aanmoedigende woorden influistert om je op stoom te houden. De lichtvoetige beats van de twee passen naadloos op mijn trapfrequentie. Als een strijkijzer gleed met de wind mee door het gladgestreken polderland. Voor ik er erg in had stond ik voor het nog gesloten festivalterrein. Ik kon zien dat ze al bezig waren met de opbouw. Ik kon de Charlie, waar de band vrijdag staat, niet zien vanaf waar ik stond met mijn racefiets. Het gaan drie fijne kwartiertjes worden daar. Alleen beetje jammer dat het al om 17:45 is, diep in de nacht naar de twee luisteren lijkt me prettiger.
File Under: Een soepele, geruisloos lopende motor voor de oren
File Audio: [ MySpace]
File Video: [Hazel]
Eureka - Shackleton's Voyage
Albums die een op muziek gezet verhaal vertellen; velen kunnen het niet waarderen, maar ik ben er dol op. Dus toen de nieuwe cd van het Duitse gezelschap Eureka op mijn deurmat viel, was ik extra in mijn nopjes. Shackleton's Voyage vertelt namelijk het verhaal van... weet u wat? Dat kunt u op deze website zelf nalezen. Gaan wij het hier over de muziek hebben. Centrale man van Eureka is multi-instrumentalist Frank Bossert. Hier en daar wordt hij bijgestaan door gastmuzikanten, waaronder Billy Sherwood die twee nummers zingt. Dat doet hij prima, maar de kwaliteit van deze stukken wordt flink onderuitgehaald door de behoorlijk gezapige teksten: 'what still can be done is to save everyone', of 'our ship is gone but our will is strong', dat soort werk... Gelukkig zijn de instrumentale stukken beter. De muziek is sfeervol en vertelt inderdaad een verhaal, waarbij je de poolreizigers bijna ziet zwoegen om de enorme ijsvlakten te overleven. Het is een verademing om keyboards te horen zonder dat het als een zoveelste kopie van Jordan Rudess klinkt. Bossert speelt ingetogen en legt zijn hele ziel en zaligheid in elke noot, iets wat me nog het meest aan Vangelis doet denken. Grootste punt van kritiek is echter de manier waarop Bossert gitaar speelt. Hij imiteert namelijk Mike Oldfield tot in de kleinste details. Speelstijl, techniek, klankkleur, het is één-op-één Oldfield, en dat had ook wel wat origineler gemogen. Wellicht was Bossert na al zijn poolavonturen getroffen door sneeuwblindheid en zag daarmee zijn eigen mogelijkheden even niet meer. Het zij hem vergeven: Shackleton's Voyage is een prachtig muzikaal avontuur dat bol staat van gevoel en dramatiek.
File Under: Mike Oldfield op de Zuidpool
File Audio: [Fragmenten op MySpace]
Wildbirds & Peacedrums
Haldern 2009 - Napret dag 1
Lekker op tijd zitten we in het zonnetje te luisteren naar de Baddies soundcheck en kijken naar de traag op gang komende Festivalarbeit om ons heen. Het is erg prettig weer geworden deze middag en dan ook stiekem een beetje jammer dat wij richting snikhete Spiegeltent moeten verkassen om te doen waarvoor we gekomen zijn.
Na een korte aankondiging barsten de Baddies los, en waar ik initieel twijfelde aan de juistheid van het plaatsen van deze band is de live ervaring aanzienlijk beter!
Lees verder..The Bloody Beetroots - Romborama
Snif. Een emotioneel moment is daar. Letterlijk jarenlang heb ik ze lopen hypen op deze weblog. En daar is dan eindelijk het debuutalbum van The Bloody Beetroots. Die andere gemaskerde Justice-klonen. Dit jaar alweer te zien op Pukkelpop en, ook alweer, niet op Lowlands. Jammer, jammer, kans gemist. Want hier is de vetste dancerelease van 2009 tot nu toe! Niet alleen door zijn lengte: Romborama is met 21 tracks bijna 82 minuten lang - voor een iTunes-release helemaal niet zo raar - maar ook omdat Romborama hele rare dingen doet met de visualiser van je MP3-speler. Deze plaat bevat de scherpste sirenes van het jaar ("Cornelius"), de bruutste basslines van het jaar ("Butter", "Anacletus"), de meest middeleeuws klinkende orgeltjes met bijbehorend kerkkoor van het jaar ("Have Mercy On Us") en de wackste ravenummers van het jaar ("Warp 1.9" en "Warp 7.7", met Steve Aoki). Ja, dat geeft rare effecten op je scherm. En "Better DJ On Two Turntables" is een prachtige songtitel. Kijk, er zijn ook heus wel wat mindere tracks, ondanks het leger vrienden en gastvocalisten dat The Bloody Beetroots laten aanrukken, maar Romborama verplettert toch wel de laatste platen van MSTRKRFT en Motor, die beide vergelijkbaar en ook echt niet mis zijn. Benieuwd of Boys Noize dit nog overtreft met hun aanstaande tweede plaat. Het is overigens niet alleen maar stampen op Romborama wat de klok slaat. Met bijna-ballads als "Little Stars" is er in de sportschool of tijdens het joggen overigens ook genoeg relaxters om naar te luisteren. Tussen het headbangen.
File Under: Superlatieven
File Audio: [ MySpace][Have Mercy On Us]
File Video: [Warp][Cornelius]
File Extra: [Harvest Time en de geweldige Metallica-remix Ill To Destroy staan niet eens op de plaat!]
Fanfarlo - Reservoir
Bij het invullen van het blokkenschema voor Lowlands zullen waarschijnlijk maar weinig mensen een kringetje zetten om de naam Fanfarlo voor de zondagmiddag in de Charlie, terwijl ze al maar klagen over de zogenaamde zwakte van de line-up. Onbekend maakt onbemind immers. Nou, van deze kant dan maar een geheimtip. Check die band uit. Althans als je houdt van lyrische liedjes gezongen door een nerd die luistert naar de naam Simon Balthazar, die getooid gaat met een bril imposanter dan Bill Gates op een jaren tachtig-foto. Maar deze van oorsprong uit Zweden afkomstige nerd die opereert vanuit Engeland en zich laat omringen door een viertal Britten heeft wel een meesterlijke mix aan folky popliedjes gemaakt die de notoire Lowlandsganger zo graag hoort. Want je moet Fanfarlo's debuut Reservoir plaatsen in de hoek van Arcade Fire, Broken Social Scene, Fleet Foxes en af en toe zelfs Ed Harcourt. Prachtige intelligent gestructureerde liedjes vol melodrama en sprankelende instrumentatie. De manier waarop de band bijvoorbeeld gebruik maakt van de trompet geeft de liedjes een prettige lyrische schwung. "The Walls Are Coming Down" is zo'n prettige inhaker die alles wat Fanfarlo zo prettig maakt zo ongeveer samenvat. Glockenspiel en trompet verzorgen het intro en krijgen bijval van mandoline, viool en Balthazar's direct herkenbare accent (een mix van Devotchka's Nick Urata, Talking Head's David Byrne en Killers' Brendan Flowers) voorziene stem en werken samen langs een toe naar een majestueus einde. Tot vier juli kon je je in ruil voor een dollar de cd downloaden via de band om je te laten overtuigen van de kwaliteiten van de band. Nu kan dat met een Lowlands-bandje om je pols live zelfs 'gratis'. Vooral doen.
File Under: Zet een cirkel om die naam, raad ik je aan
File Audio: [ MySpace]
File Video: [Fire Escape][Harold T. Wilkins Or How to Wait for a Very Long Time][The Walls Are Coming Down]
Lacrosse - Bandages For The Heart
32 jaar en ik blijf erin trappen. (Toen dit album uitkwam was ik nog 31, maar dat doet hier verder niets aan af.) Doe een lekker indiebandje met vrolijk ietsje vals zingende zangers - liefst meer dan één en liefst ook nog minstens één jongen en één meisje -, maak een paar weggooipopliedjes en je kunt me opvegen. Oké, het moet natuurlijk wel goed gedaan zijn, maar toch. Hoeveel van die blije bandjes heb ik al niet gehoord. En hoeveel zijn er nu écht blijven hangen? Niet veel. Mates of State is een blijvertje gebleken, Los Campesinos was een van de laatste - maar die zag ik dan ook waanzinnig live - en Slow Club is een van de nieuwste, en of die laatste beklijft is nog even afwachten. Maar Lacrosse moet je op dit album - met een wat clichétitel, maar de bandleden zijn ook nog jong - ergens tussen deze bandjes zoeken. Met titels als "We are Kids", "I See a Brightness" en "Song in the Morning" hoef je natuurlijk ook niets diepgravends te verwachten, maar dat heeft ook niemand gezegd. Nee, 't springt en 't doet en 't gaat alle kanten op en ik doe hetzelfde. De stroperige ballad "Excuses, Excuses" had van mij niet gehoeven, maar voor de rest is elk liedje van dit album eigenlijk wel de moeite waard. Ook de andere trage nummers "Bandages for the Heart" en "What's Wrong with Love". Voor zo lang het duurt. Of voor iedereen die net als ik in die fijne, vrolijke indiebandjes blijft trappen. Is het een val? Nee, ik ben een sucker voor blije popliedjes.
File Under: Blije popliedjes
File Audio: [ MySpace][I See a Brightness]
File Video: [We Are Kids]
Motorpsycho - Child Of The Future
Dit jaar bestaat Motorpsycho 20 jaar. Dat moet natuurlijk gevierd worden en dat doen ze vanzelfsprekend in stijl, met een vinyl-only EP (die toch weer ouderwets bijna 40 minuten klokt), opgenomen vorige zomer in Chicago met Steve Albini. Dat schept dan meteen enorm hoge verwachtingen, maar Motorpsycho zou Motorpsycho niet zijn als ze die niet ruim waar wisten te maken. Want dat doen ze. Allereerst complimenten voor de mooie hoes en het prachtige, witte 180 grams vinyl, dat zijn tenminste verpakkingen. De productie van deze EP is ook nog eens fantastisch, met een geweldige live-feel en een heerlijke natuurgetrouwe band-sound. De A-kant opent sterk met "The Ozzylot (Hidden In A Girl)", de meest poppy song van de plaat, met een lekkere losse groove en een fijne solo. "Riding The Tiger" is de volgende song en ook deze mag er wezen, met een stevige zevenkwarts-riff en harmonie-zang die aan de oude Yes doet denken. "Whole Lotta Diana" is de laatste op de A-kant en met zijn bijna negen minuten meteen de langste track van de EP, een heerlijk stuk seventies hardrock vol verwijzingen naar Led Zeppelin en King Crimson, met gruwelijk vet bas- en drumwerk (Kapstadt is weer enorm in vorm) en een partij schreeuwzang van Bent Seather. Heerlijk. "Cornucopia (Or Satan, Uh...Something)" opent de B-kant, en is weer een psychedelische rocksong vanjewelste, gevolgd door "Mr. Victim", een stuk vlotte hardrock met flink wat gitaargeweld van Snah. "The Waiting Game" is een grotendeels akoestische thuisopname van Bent en valt in de traditie van de jaren 90 EP's, waarop standaard ook altijd een thuisdemo te vinden was. Titelsong "Child Of The Future" sluit het zaakje af met een prima staaltje stoner-rock. Voor de echte fan is deze plaat natuurlijk niet te missen, maar ook liefhebbers van seventies-rock en het betere progressieve spul mogen deze plaat met een gerust hart eens proberen. Mits je natuurlijk wel een platenspeler hebt.
File Under: Motorpsycho gefeliciteerd! En bedankt voor deze toffe EP!
File Audio: [ MySpace]
Leonor Jonker - Muziekreis door het Berlijn van toen en nu
Op 9 november is het alweer 20 jaar geleden dat tienduizenden mensen bij de Brandenburger Tor in Berlijn overstaken van Oost naar West en vice versa: de Muur was eindelijk gevallen! Wie wel eens in Berlijn is geweest, weet dat die roerige geschiedenis nog altijd zorgt voor een inspirerende en bizarre sfeer. Het heeft Evelyn Levêke geïnspireerd tot een idee voor boek over de geschiedenis van de muziekscene in Berlijn, en Leonor Jonker is degene die vervolgens het boek schreef.
In chronologische volgorde, te beginnen in de jaren twintig, wordt verteld hoe muziek de bevolking van Berlijn bezig hield. Hoe het in de jaren van het nationaal-socialistische regime een zoethoudertje was voor de bevolking, waarbij de Amerikaanse jazz uiteraard streng verboden was. De politiek bepaalde toen nog wat de mensen wel en niet mochten en konden horen. Later, tijdens en na de bouw van de Muur, ontstond er een illegaal circuit waarin men zelf muziekblaadjes schreef en verspreidde, illegale concerten organiseerde en daar politieke pamfletten verspreidde. Muziek werd een belangrijk middel om je af te zetten tegen het communisme en de inperking van vrijheden, en als ergens de punk bloeide, dan was het wel in Berlijn.
In het boek wordt duidelijk hoe belangrijk de plaats van muziek in een samenleving kan zijn, hoe het mensen op de been kan houden en kan verbroederen, en daarmee geeft het zowel een goed beeld van de geschiedenis van de stad Berlijn, de opkomst en ondergang van het communisme en het nationaal-socialisme, als van de ontwikkeling van de muziek als rode draad daar doorheen, van jazzorkesten tot rock, punk en de Neue Deutsche Welle. Een must voor zowel muziekliefhebbers als politiek geïnteresseerden.
Te verkrijgen via http://www.musikinberlin.com/
File: Muziekreis door het Berlijn van toen en nu - van jazzhel tot technohemelFile Under: Onmisbaar leesvoer
Room Eleven - Live in Carré
Soms lijkt het allemaal een beetje te gemakkelijk te gaan voor Room Eleven. De band heeft in haar bestaan volgens mij nog maar weinig tegenslag gehad die ze wat meer de blues op zou leveren. Ga maar na: twee succesvolle lichtvoetige jazzy pop-cd's uitgebracht, uitverkochte zalen in Japan en ook elders in het buitenland wordt Room Eleven met open armen onthaald, en in Nederlands hebben ze het ondertussen al geschopt tot een tot de nok toe uitverkocht Carré. Volkomen terecht dat deze mijlpaal gepaard gaat met het uitbrengen van een dvd. Want live, dan komt niet alleen de ontwapenende verschijning van zangeres Janne Schra nog beter tot zijn recht dan op cd, ook de band achter haar is net wat vrijer en geven zo de liedjes van Room Eleven een extra schwung. Dat samen maakt het optreden in Carré tot een sprankelend geheel, dat wel zijn ingetogen momenten kent ("Swimmer is prachtig!), maar vooral uitbundigheid uitstraalt en laat zien hoeveel plezier de band heeft in wat ze doen. Op de cd die de dvd vergezelt staan wel een paar nummers minder dan op de schijf met beeld. Maar een kniesoor, die daarover valt. Bovendien is het kijken naar Room Eleven dat dikke pret heeft op het podium nog leuker. Wat wel prettig is aan Live in Carré is dat het puur een concertregistratie is, zonder veel toeters, bellen of - erger - onderbrekingen. Dat er verder alleen nog een interview backstage opstaat, dat deert mij niet zo. Nee, laat mij maar kijken naar het verkwikkende "Hey Hey Hey!", da's veel prettiger. Apart is wel dat ze niet afsluiten met deze hit, maar ervoor kiezen dit klein te doen met het ingetogen "You Made Me See It". Dat is gewaagd, want het zou kunnen leiden tot een concert dat uit gaat als een nachtkaars, maar bij Room Eleven blijft kaarsje rustig doorwakkeren.
File Under: Hey! Hey! Hey!
File Marktplaats: [Lampen uit de theatershow]
Airbag - Identity
Onlangs zag ik The Australian Pink Floyd Show op Bospop en terwijl ik stond te genieten werd ik ook bedroefd. Omdat de echte Floyd met het overlijden van Rick Wright nooit meer bij elkaar zal komen om nieuwe liedjes te maken. Mijn droefenis was echter vorige week snel over toen ik Identity van het Noorse Airbag hoorde. Want op dit volwaardige debuutalbum (er waren al wat EP's uitgekomen) is de aanwezigheid van de geest van Wright duidelijk hoorbaar. Het begint al met de instrumentale opener "Prelude", die ook nog eens hetzelfde gitaargeluid van Gilmour bevat. Even denk ik dan nog bedonderd te worden, maar daarna volgt "No escape" waarin de vocalen duidelijk maken dat ik niet te maken heb met Gilmour maar met Bjørn Riis, zanger en gitarist van het geheel. En Riis heeft een nog fijner stemgeluid en vooral ook een groter bereik. Maar hoe ik het ook probeer ik kan het niet van me afzetten dat ik hier niet met een nieuwe Floyd-cd te maken heb. Zelf zegt Airbag ook beïnvloed te zijn door Radiohead, Talk Talk en A-Ha (?!) maar die invloeden hebben ze dan wel erg goed verborgen. Luister maar naar het prachtige afsluitende "The sounds that I Hear" of "Colours". Dan hoor ik soms wat Marillion er doorheen. Of Mostly Autumn. Maar vooral Floyd. Nee, Airbag is allesbehalve origineel, maar dat is ze vergeven omdat ze een prachtige plaat hebben gemaakt, die eigenlijk niet meer gemaakt had kunnen worden. Als je een floydian bent kan je deze plaat zo aanschaffen. Want onbedoeld is dit een prachtig eerbetoon aan Rick Wright geworden. Althans zo wil ik het graag zien. En ik vermoed dat ze dat niet eens zo erg zullen vinden.
File Under : Eerbetoon aan Rick Wright
File Audio : Colours (live)
Jan Sleegers - Eerder Dan Ooit
'Maar beter dat nog dan de zakenman, want daar wordt ie alleen maar slechter van'. Deze zin komt uiteraard uit "Jimmy" van Boudewijn de Groot. Ik moest hier aan denken toen ik het verhaaltje las dat meegestuurd werd bij Jan Sleegers' cd Eerder Dan Ooit. Zo'n tien jaar geleden was hij nog beursanalist en nu, op 61-jarige leeftijd, heeft hij de stap naar de muziek gezet. Dit is althans zijn eerste cd. De hoes doet me trouwens aan "Een Nieuwe Herfst" van diezelfde Boudewijn denken, maar dat komt door de grijze haren van Sleegers en het bos op de achtergrond. Muzikaal ligt Sleegers eerder in de buurt van iemand als Stef Bos. Er staat zelfs een liedje over papa op. Verder moet ik door zijn Eindhovense tongval wel wat aan Guus Meeuwis denken, maar de liedjes van Sleegers zijn beter qua tekst en ook meer maatschappelijk betrokken. Zo zijn onze medelanders een dankbaar onderwerp. Eerder Dan Ooit is een cd waar de liefhebber van de Nederlandse luisterliedjes een goede cd aan heeft. Het had wat mij betreft qua muzikale uitvoering wat afwisselender en sprankelender gemogen. Mijn gedachten willen nu alle kanten opgaan, en dat is meestal geen goed teken. Daar helpen zelfs een paar liedjes met een reggae-achtig ritme niet tegen.
File Under: Radio 2
File Audio: [Check zijn website afdeling muziek]
Smokestack Lightnin' / The Seatsniffers - Roadmasters
Wat Spooner Oldham, Hank Williams, Charlie Rich, Garth Brooks, Art Neville en The Cramps gemeen hebben? Allemaal figureren ze op de dubbele EP die Smokestack Lightnin' en The Seatsniffers samen maakten. De Duitsers namen een klein half uurtje met zes liedjes op en de Belgische Seatsniffers doken de studio in voor zeven rootsy tracks. Daarbij kozen beide bands niet voor de makkelijkste weg, maar werden minder voor de hand liggende liedjes gekozen. Spooner Oldham is verantwoordelijk voor de titeltrack en opener "The Roadmaster" (Smokestack Lightnin') en zet meteen de toon: dampende rock ‘n' roll, geboetseerd uit country, blues, rockabilly en rhythm & blues. Wat de country betreft, daarvoor leverde Rodney Crowell het hoogtepunt van deze twee schijfjes: "Leaving Louisiana in the Broad Daylight" is een prachtig, met mandoline opgetuigd nummer. Zelfs een patserige track van Garth Brooks, "The Thunder Rolls", wordt van alle opgepompte spierballen ontdaan en klinkt hier alsof het in een kroeg op het Amerikaanse platteland, ergens op het hoogtepunt van de avond gespeeld wordt. The Seatsniffers doen hier niet veel voor onder: "I'm A Long Gone Daddy" is een waardige bewerking van Hank Williams' klassieker. Zoals ook de verpakking is zoals er veel meer zouden moeten zijn: een stijlvolle dubbele digipack, versierd met prachtig artwork.
File Under: Een dampend eerbetoon in stijlvolle verpakking
File Audio: [The Seatsniffers Myspace / Smokestack Myspace]
Floor Jansen en Red Limo String Quartet
Indukti - Idmen
Sinds ik voor het eerst een cd van Riverside hoorde, hoor je uit mijn mond geen grappen meer over Poolse symfo. In Polen bleken ze potverdorie wel degelijk progressieve rock te kunnen maken die de moeite van het aanhoren waard was. Pas later hoorde ik ook van het bestaan van Indukti. Die bleken op hun debuut-cd S.U.S.A.R. zelfs hulp te krijgen van Riverside's frontman Mariusz Duda. Een vaste zanger blijken de vier mannen en vrouw nog steeds niet in de gelederen te hebben voor hun tweede cd Idmen. Het gros van de nummers is dan ook instrumentaal en vraagt in het geheel niet om zang. Toch hebben ze deze keer ook zangers uitgenodigd in de studio. Drie zelfs. Nils Frykdahl, Maciej Taff en Michael Luginbuehl hielpen bij de opnames van drie tracks. Hun bands Sleepytime Gorilla Museum, Rootwater en Prisma zijn dan misschien kleine spelers, hun stemmen zijn dat zeker niet en sluiten uitstekend aan op de vaak bijtend agressieve prog metal van Indukti. Vooral de net zo vaak verleidelijke als messcherpe vioolpartijen van Ewa Jablonska geven de band een duidelijk onderscheidende klank en met Wawrzyniec Dramowicz hebben ze een drummer in de gelederen die tot op de tanden bewapend uit de hoek kan komen, maar zich ook kan redden met enkele simpele accenten. Wat een klepper is die man! Sowieso is het geheel zwaarder dan de vorige cd. Naast het noemen van King Crimson en Tool als vergelijkingsmateriaal, misstaan Mastodon en Meshuggah-referenties nu ook niet meer. Het bijna vileine karakter van sommige van de tracks en de kracht die de band heeft om ook rustige passages interessante maken (de trompet in "Ninth Wave" is prachtig!) maakt wat mij betreft Idmen zelfs beter dan hun debuut-cd. Eigenlijk is Idmen de cd die Dream Theater al jaren heel graag wil maken.
File Under: Puike Polen
File Audio: [ MySpace]
Alcoholic Faith Mission - 421 Wythe Avenue
Ik geloofde mijn oren niet toen ik de tekst hoorde van "Gently", het tweede nummer van dit album. Na de instrumentale opener wordt plotseling vanuit het niets een nogal pittige tekst door de zangeres in de microfoon gefluisterd: 'Just because I'm a whore, you know it doesn't mean I don't feel it when you fuck me.' Goeiemorgen. Een groter contrast tussen tekst en muziek heb ik zelden gehoord. Het Deense Alcoholic Faith Mission toog naar New York en woonde een tijdje aan 421 Wythe Avenue in Brooklyn. Met eenvoudige elektronica en alles wat verder maar beschikbaar was binnen het appartement en geluid maakte, werd dit tweede album opgenomen. Dat een zekere isolatie van de buitenwereld mooie dingen kan opleveren is al ruimschoots bewezen door platen van bands als Sigur Rós, maar de afzondering heeft ook de Denen goed gedaan. Het album is vooral kalm zonder te kabbelen, bevreemdend zonder vervelend te worden, en verder gewoon erg knap in elkaar gezet. Volgens de band zelf werkt hun muziek het beste in het donker, bij kaarslicht en met een flinke slok op. Volgens mij blijft het in broodnuchtere staat ook gewoon een erg fraai album.
File Under: Ook nuchter in orde
File Audio: [ MySpace]
File Video: [Guilty Scarred Eyes]
Haldern 2009, Voorpret
Yay! Het is alweer zo ver in het jaar dat het tijd is voor een bijzonder festival in het land van onze oosterburen! Erg fijn wederom, en niet alleen omdat mijn platonische liefdesrelatie met Ms Hesketh aka Little Boots weer mag opbloeien!
Donderdag 13!!
Het festival zal op donderdag aftrappen met Baddies en ik moet bij het luisteren van songs op hun MySpace gelijk gaan miepen dat ik het niet overtuigend vind. Muziek is leuk-achtig, en ik hou wel van wat psychose in mijn artiesten, maar ik ben niet overtuigd. Gelukkig hoeven we op de eerste festivaldag de tent niet uit, dus ik kan nog het licht gaan zien. Broken Records dan, wat mij veel lekkerder in de oren klinkt en ook gelijk een discussie in gang zet of die dit jaar bij London Calling waren of toch het jaar daarvoor. Er wordt gelijk weer besproken of ik ze met Arcade Fire mag vergelijken maar ik heb het liever over The Verve, misschien een zachte New Model Army of een Levellers met-zonder didgeridoo. Leuk, en iets serieuzer dan collega Baddies.
Suicide Commando
The Setup - Torchbearer
We hadden hem al aangekondigd en nu is hij er dan eindelijk: Torchbearer. Het nieuwe album van The Setup heeft een erg opvallende titel, die wel eens erg verkeerd opgevat zou kunnen worden. Wellicht zelfs wat arrogant. Letterlijk betekent het namelijk ‘De drager van het vuur'. Het lijkt alsof de band wil zeggen avant-garde te zijn in vergelijking met hun genregenoten. Alsof de twaalf nummers erg vernieuwend zullen zijn, waarmee je jezelf eigenlijk automatisch in de vingers snijdt. Want hoe vernieuwend kun je als hardcoreband nog zijn? Nieuw is in elk geval de zanger, want Dries Olemans is onlangs gestopt en met Kris De Weerdt moeten we het grote verlies gaan vergeten. De ex-zanger van Officer Jones And His Patrol Car Problems zat met zijn vorige band meer aan de kant van reggae en funk, maar brengt hier uiteraard de vertrouwde hardcore. Wanneer we naar het tourschema kijken, lijkt de band eigenlijk over het hoogtepunt heen te zijn - Groezrock, Dour en Pukkelpop zijn ingeruild voor kleine regionale podia. Maar met het nieuwe schijfje zijn ze simpelweg een stuk ontoegankelijker geworden, wat zeker geen verlies blijkt. Want na zeven jaar redelijk succesvol te zijn geweest en een aantal albums en demo's te hebben uitgebracht, zou dit best de grote klapper kunnen gaan worden. De band is samen met de nieuwe zanger veel meer gaan klinken zoals ze live deden: hard, gewelddadig en exploderend. Met het half uurtje aan stevige muziek blijkt de groep hun donkere tijden gelukkig overleefd te hebben. Grote popfestivals zullen het schema van de band niet meer vullen, maar hun trouwe fanclub heeft er een nieuwe pareltje bij.
File Under: Een nieuwe schijf met de nieuwe frontman
File Audio: [Setup-Space]
Sense Unique & Ferdi Blankema
Coen Oscar Polack (en Herman Wilken)
Ik ben totaal niet jaloers aangelegd als het om het materiële gaat. Ik geef geen fluit om auto's, grote huizen, peperdure vakanties of luxe goederen en gadgets waar ik anderen wel eens mee zie pronken. Ik ben wél jaloers aangelegd als mensen de tijd hebben (of nemen, het is maar hoe je het ziet) om dingen te doen die ik zelf graag zou ervaren. Neem bijvoorbeeld Coen Oscar Polack. Erg rijk zal hij vast niet worden van de muziek die hij uitbrengt. Sterker nog, het is vaak helemaal geen muziek die hij releaset via Narrominded, het is het vastleggen en in digitale vorm verspreiden van opnames die hij doet in het veld. En dat veld is dan niet de drukke stad, nee dat veld is in dit geval het natuurreservaat de Blauwe Kamer en een collage van opnames die hij maakte in de bergen in India van zingende monniken en het dagelijkse leven aldaar.
Dan houdt het voor mij op qua praten van dit is een mooi liedje, of een mooi lickje, dan ga ik er gewoon voor zitten en luister geboeid. Het contrast tussen de in mij oren chaotische situatie in India (op The Skipping Monk) en de oase van semi-ordelijke rust in de opnamen in het Utrechtse natuurgebied vind ik dan wonderbaarlijk. Ja, je hoort mensenstemmen in die laatste, maar ze zijn gedempt. Als je geconcentreerd luistert hoor je de insecten om je heen zoemen, maar hoor je ook dat de tweeëndertig minuten geluid weldegelijk geknipt en geplakt zijn en geen gemakzuchtige knop-aan-knop-uit opname. Het maakt Geluiden uit De Blauwe Kamer tot een boeiend en dynamisch stilleven waarin je steeds weer nieuwe geluiden ontwaart.
Het verschil tussen deze twee releases en The Language of Mountains Is Rain de cd die Polack samen met Herman Wilken (ook de helft van Hydrus) is best groot. Het organische van de veldopnamen is hierin echter voor een fors deel vervangen door het elektronische van zelfgeschreven software. De twee laten in twee lange uitgesponnen tracks deze twee tegen elkaar opbieden. Het brengt me soms zelfs aan het twijfelen, of ik nu luister naar door software gecreëerde noise of naar kletterende regen. Bijzonder knap hoe de Polack en Wilken me steeds weer op het verkeerde been weten te zetten terwijl ze je heerlijk doen wegdromen.
File: Coen Oscar Polack - Geluiden uit De Blauwe Kamer
File: Coen Oscar Polack & Herman Wilken - The Language of Mountains Is Rain
File Under: De handen succesvol ineenslaan met de natuur.
Frank Turner - Love, Ire & Song
Of ik even snel de nieuwe Frank Turner wilde doen. Ja natuurlijk wil ik dat doen! Sinds ik Turner zag openen voor The Gaslight Anthem in de Melkweg heb ik de man in mijn hart gesloten. De Brit speelde daar in zijn eentje soort van akoestische punkrock met een Engelse folky inslag en toonde zich een buitengewoon grappige man, zowel in teksten als in de podiumpresentatie. Iedereen die het zag was verkocht, want na afloop was er zijn cd Love Ire and Song als eerste uitverkocht. Nog voor het werk van The Gaslight Anthem. Ik wachtte dus met smart op nieuw werk, maar ik zal nog even moeten wachten. Tot 9 september. Dan komt zijn nieuwe plaat Poetry Of The Deed uit. Want het plaatje dat Storm in mijn mik schoof was Love Ire and Song. Turner heeft getekend bij Epitaph en die brengen nu Love Ire and Song opnieuw uit. Dat is mooi! Dat is een nieuwe kans voor u om u te laven aan het werk van Turner. Love Ire and Song is overigens niet solo, maar met band ingespeeld, maar dat verandert niet veel. Punkrock met nadruk op pop, veel humor, teksten waarin wordt opgeroepen om jezelf toch niet te serieus te nemen en veel meezingers, heel veel meezingers. Ideaal voor uw festival dus. Ik blij'm nog even draaien, tot 9 september. Ik kan niet wachten…
File Under: De Engelse Gaslight Anthem
File Video: [I Knew Prufrock Before He Got Famous]
Arctic Monkeys - Humbug
Helemaal stil is het nooit geweest rondom de jonge gasten uit de buurt van Sheffield. Favourite Worst Nightmare is maar ruim twee jaar oud, en ondertussen maakte zanger/gitarist Alex Turner nog een uiterst memorabele uitstapje met Miles Kane van The Rascals. The Last Shadow Puppets werden wel eens "het uitstapje van Alex Turner" genoemd, maar nu Humbug er is, kunnen we stellen dat ook The Age Of The Understatement een product was van de muzikale koerswijziging die door The Arctic Monkeys is ingezet. Kun je het ze dan ook vergeven dat het nooit meer zo rebels klinkt als op de doorbraakhit "When The Sun Goes Down"? Jazeker, want zoals mijn vader het niet in zijn hoofd moet halen om iets "gaaf" of "cool" te noemen, zijn de heren Monkeys inmiddels geen achttienjarige snotapen meer. Bovendien krijg je er iets voor terug, in het geval van mijn vader levenservaring, in het geval van Humbug een (sfeer)voller geluid. Maar ondertussen tonen de Arctic Monkeys aan dat ze met "Crying Lightning" nog feilloos weten hoe ze die kleine haartjes op mijn onderarmen overeind moeten krijgen. Zoals ze ook precies weten welk nummer de eerste single hoort te zijn, en geheel volgens de muziekwet maken ze dat nummer ook de eerste single. En dat vind ik prettig. Verder horen we zeker op de tweede helft van het album een boel melodietjes die erg aan The Last Shadow Puppets doen denken. Maar met "Pretty Visitors" zit daar dan ineens weer een typisch Monkeyaans intro tussen, dat heel vertrouwd klinkt, totdat er in het refrein een vettig Josh Homme-sausje verwerkt blijkt te zitten. De Queens Of The Stone Age-frontman heeft inderdaad mede geproduceerd, zijn studio in de Mojave-woestijn ter beschikking gesteld. En ik wil niet zeggen dat The Arctic Monkeys zelf gewoon waren maar een beetje aan te klooien, maar voor de superstrakke ritmes op bijvoorbeeld "My Propeller" en "Dangerous Animals" houd ik toch meneer Homme mede-verantwoordelijk.
File Under: Van brutale snotapen tot vaardige Neanderthalers.
File Audio: [ MySpace]
File Video: [Crying Lightning]
Philip Sayce - Peace Machine
Stevie Ray Vaughan is dood, maar daar vertel ik niets nieuws. Dat ging hij al in 1990. Ik was destijds in de blues, en hij was een van mijn helden. Een concert dat ik zou bezoeken werd echter gecanceled wegens maagproblemen (lees: drankproblemen) van Vaughan en een half jaar later stortte hij met de helicopter neer. We moesten het doen met de albums, net zoals die van Jimi Hendrix. Maar die was al even dood. Ook was er nog Jeff Healey, maar zijn tweede album was een teleurstelling en ik haakte af. Philip Sayce is ook gitarist en werd gevraagd door Healey om in zijn band te komen. Hetgeen later ook Melissa Etheridge deed. Sayce kan er dan ook wat van op gitaar en doet mij wel wat aan Vaughan denken, al is het net wat rockiger en minder blues. Peace Machine is al uit 2005, maar is destijds in eigen beheer uitgekomen. En dat vonden ze bij Provogue Records kennelijk onterecht en dat zetten met deze release recht. Sayce brengt vette bluesrock. Hij is prima bij stem en schrijft zijn liedjes meestal zelf. Op de veertien tracks tellende cd (plus een bonus track) staat slechts een cover en dat is Neil Young's "Cinnamon Girl". In 2010 komt er een opvolger en dit is een prima opwarmertje voor die schijf. Of een opwarmertje voor een concert, want hij is in september al in ons land.
File Under: De blues leeft
File Audio: [ MySpace]
File Video: [Over My Head][Peace Machine]
Week 31, 2009
Storm
Fanfarlo - Reservoir
Ludo
Daniel Lanois - Acadie
Gr.R.
Speed Glue & Shinki - Eve
Joice
The Xx - Xx
Prikkie
Muffx - Small Obsessions
ForestSounds
Muse - Black Holes and Revelations
Prey - Knights Of The Revolution
Otitis media met effusie, zo is de dure benaming. Vocht achter het trommelvlies is de benaming in gewone-mensen-taal voor dezelfde aandoening die er voor zorgde dat ik maandenlang mono hoorde. Afgelopen week werd er een buisje geplaatst en bleef mijn oor een paar dagen leeglopen en inmiddels hoor ik weer min of meer normaal. Hop, cd'tje in de speler en luisteren maar. Hmm, Prey, "Knights Of The Revolution", da's vast redelijk heftige hardrock. Huh? Het titelnummer is eerder AOR, dat had ik niet verwacht. Even de website opzoeken. Hmm, dat is een MySpacepagina waar iemand op het briljante idee is gekomen tekst over een drukke achtergrond te laten scrollen. "Judas Priest, Accept, Def Leppard, Kiss, M&oum;tley Crüe, Ratt...The 80..s!!" noemen ze als hun invloeden. Da's wel heel ruim. Ik vrees dat ik vooral bij Ratt uitkom. Thomas Nyström heeft weliswaar niet de verveelde zangstijl van Stephen Pearcy, maar verder komt het aardig overeen. De songs zijn midtempo, en vooral niet te wild. De gitaren zijn er stevig overheen gemixt, maar zijn feitelijk niet zo ruig als ze doen voorkomen. Het resulteert in op het eerste gehoor redelijk stevige rock, die bij elke luisterbeurt aan kracht lijkt te verliezen. Heel slecht is het zeker niet, maar tegelijkertijd is het qua zang, instrumentatie, productie en composities ook nergens opvallend. Het resultaat is een plaat die vijfentwintig jaar geleden redelijk verkocht zou hebben, maar nu anoniem meedobbert in een oceaan van releases. Daar helpt stereogeluid in m'n oren niets aan.
File Under: Minst opvallende revolutie ooit
File Audio: [PreySpace]
Hot Club of Cowtown - Wishful Thinking
De naam verraadt de professie: Django Reinhard't's Hot Club de France op het Amerikaanse platteland. Dus in plaats van een viool krijgen we een fiddle en ook is er een damesstem toegevoegd. Een donkere Parijse jazzclub verplaatst naar een honkeytonk? Niet helemaal, want de Western Swing van Hot Club of Cowtown blijft altijd keurig binnen de lijntjes. Dat Bob Wills zo'n nette behandeling krijgt in "Can't Go On This Way" lijkt passend, net als "Georgia" van Hoagy Carmichael. Maar bij "The Long Way Home" van Tom Waits fronste ik de wenkbrauwen. Niet dat ik iets heb tegen muziek in het theater, maar de gedachten drijven wel af naar keurige, met rood velours beklede theaterstoelen, een publiek van abonnementshouders en koffie in de pauze. De muzikanten zijn virtuoos, zangeres Elana James heeft een prettige stem, maar hun muziek mikt op de zondagochtend. Terwijl de gemiddelde honkeytonk en de gemiddelde Parijse jazzclub toch vooral in de avond sfeer krijgen. Voor de ochtend after the night before ligt het tempo van hun hot jazz en western swing weer net te hoog. Laten we het er op houden dat dit de muziek is die je draait wanneer je op weg bent naar je schoonouders: netjes, braaf en welopgevoed. Maar goed genoeg om er niet de zenuwen van te krijgen.
File Under: Een keurige honkeytonk, ergens in een keurig Midwestern dorpje, waar de kerk regeert en de rock ‘n' roll begraven is
File Audio: [ MySpace]
File Video: [ Can't Go On This Way (live)]
The Penelope[s] & Morpheus - Priceless Concrete Echoes
The Penelopes is een hip, jong dance-rock duo uit Parijs. Morpheus is een zestigjarige dichtende DJ die in de jaren tachtig leadzanger was van de cultband Minimal Compact. Uit deze vreemde combinatie is het album Priceless Concrete Echoes gerold. Vanaf de eerste tonen van opener en single "Stuck in Lalaland" wordt duidelijk dat het een gouden greep is. Samy Birnbach verzorgde de teksten en geeft het album een sfeer die zich het beste laat typeren als Manchester begin jaren tachtig. De blanke funk van Factory-bands als Section 25 en A Certain Ratio komt langs en ook de minimale elektronica van de beginjaren van New Order. Toch klinkt het album verrassend modern, ondanks het feit dat een nummer als "Joey Santiago" volledig leunt op zo'n enge Level 42-plukbas. Ben benieuwd wat de Pixies-gitarist zelf van dit eerbetoon zou vinden. Een cover van "Sabotage" van The Beastie Boys opnemen is riskant, maar de versie op dit album geeft het nummer een zwoele, Franse onderkoeldheid die minstens zo lekker is als de schreeuwerige New Yorkse gekte van het origineel. Enig minpuntje is dat op nummers zoals "Don't Lose It" de zang wel heel erg doet denken aan Orchestral Manoeuvres in the Dark. En dat is nou net een band waar ik liever niet aan herinnerd wordt.
File Under: Birnbach is back
File Audio: [Stuck in Lalaland]
The Crüxshadows
Spinal Tap - Back From The Dead
In een verder vlekkeloos succesvolle carrière hebben de heren van Spinal Tap slechts één cruciale fout gemaakt: regisseur Marty DiBergi toestemming geven hun eerste Amerikaanse tournee sinds jaren te filmen. Door This is Spinal Tap vol te stoppen met selectieve montage en volledig uit hun verband gerukte citaten suggereerde hij dat de band door amateuristisch gestuntel louter onheil en ellende over zich afriep. Hierdoor stortte de verkoop van het begeleidende album volledig in. Maar de wraak van Spinal Tap is zoet. Nu, zo'n 25 jaar later, brengt de band middels een grootse comeback hun beste materiaal nogmaals uit. Alles is opnieuw opgenomen, waardoor nummers als "Stonehenge" en "Gimme Some Money" frisser dan ooit klinken. Klassiekers als "Sex Farm" en "Listen to the Flower People" zijn in een volledig nieuw arrangement gestoken, hetgeen vooral duidelijk maakt hoe groot het talent van deze Engelse rockers wel niet is. De nieuwe nummers, waaronder "Back From the Dead" (dat Michael Jackson's "Thriller" volledig overschaduwt) zijn van een ongekend niveau en laten horen dat Spinal Tap ook genres als Celtic Folk en Gothic Pop (en ja, dat schrijf je met hoofdletters als Tap zich ermee heeft ingelaten) tot in de puntjes beheerst. Toch nog een kleine kritische noot: het meeste materiaal op deze uitgave is al eerder op cd verschenen, en elke Spinal Tap-fan heeft dit al in zijn kast staan. Liever had ik gezien dat ze eindelijk eens hun onvolprezen klassiekers Intravenus de Milo en Shark Sandwich op cd uitbrachten, en daarmee hun grote schare uitzinnige fans, waartoe ik mezelf ook reken, eindelijk geven waar ze na al die jaren recht op hebben: het complete oeuvre van Spinal Tap, netjes geremastered op cd.
File Under: Opgestaan uit de dood, en beter dan ooit!!!
File Audio: [Beeld en Geluid in overvloed op de officiele site]
The Birthday Massacre
Ha Ha Tonka - Novel Sounds Of The Nouveau South
Mijn Billy-kasten met geluidsdragers op een van onze slaapkamers begint uit te puilen. Aangezien er geen ruimte is voor een vierde kast, begint nu de vraag te komen: Wat nu? De echte meuk ligt al op een stapel, maar weggooien kan ik niet over mijn hart verkrijgen. De beste cd's pak ik nog wel eens om te draaien of liggen standaard al bij mijn cd-speler. Maar wat moet je met de middenmoot die heel groot is qua aantal. Het zijn vooral cd's die ik ooit recenseerde, maar eigenlijk nooit meer uit de kast zijn gekomen. Bij sommige heb ik zelfs geen idee meer wat erop staat. De vraag is ook wat er met Novel Sounds Of The Noveau South van Ha Ha Tonka gaat gebeuren. Dit tweede album van dit kwartet uit Indiana heb ik al best vaak gedraaid, vooral omdat ik de vinger niet op de zere plek kon leggen. Muzikale referenties zijn er o.a. in de Kings of Leon, The Black Crowes, Neil Young, My Morning Jacket en The Tragically Hip. Gemiddeld genomen zijn dit geen vervelende bands. Dit is Ha Ha Tonka ook niet, maar het duurde even voor ik een beetje in dit album kom. Misschien dat ze ooit tot de groten der muzikale aarde kunnen gaan behoren, maar dat vind ikzelf wat teveel eer. Het is een goede middenmoter, een album dat heel langzaam groeit en waar ik me van kan voorstellen dat Americana-liefhebbers met een voorkeur voor een rockig, maar nooit exploderend randje hier wel wat in zien. Ik laat de cd voorlopig nog maar ver van mijn cd-kasten. Misschien dat de komende maanden het echt een blijver blijkt te zijn, of niet. Dat zou ook nog kunnen.
File Under: Rauwe Americana
File Audio: [ MySpace]
File Video: [The Making Of Part 1, Part 2 & Part 3]
Tortoise - Beacons Of Ancestorship
Heeft Tortoise eigenlijk een klassiek album gemaakt, dat bij iedereen in de kast moet staan? De band heeft best 'n grote naam, maar ik zou 't zo niet weten. Ik bezit zelf alleen Standards en die heb ik ook al jaren niet meer gedraaid. In mijn herinnering is 't een gruizige, duistere plaat met een prominente rol voor de vibrafoon. Een album ook dat goed samenvalt met de apocalyptische 9-11-sfeer. Beacons of Ancestorship is totaal anders. Nou ja, totaal, het blijft instrumentale improv-rock, maar toch. De sfeer is lichter, robotachtig dansbaar en soms zelfs verrassend funky. In de lange opener "High Class Slim Came Floatin' In" had een gastrol voor George Clinton of Bootsy Collins niet uit de toon gevallen. Als je elk Tortoise-album aan één instrument zou kunnen ophangen, is de synthesizer dit keer de weapon of choice. Moddervette synthlijnen brommen, sissen en spacen. Soms op de voorgrond, zoals in de eerdergenoemde opener en elders een mooi combo aangaand met de gitaren. "Prepare Your Coffin" had zo op de soundtrack van een obscure sci-film uit de jaren '70 gepast, de filmliefhebber mag denken aan de spirituele animatiefilm La Planète Sauvage. De eerste helft van het album is wilder, complexer en beter, maar 't beste nummer staat helemaal aan 't eind. "Charteroak Foundation" is van een magische eenvoud. Tastbaar gefilterde gitaarnoten, alsof ze uit 't een oude radio komen, die eindeloos heen en weer lopen op een bedje van synthesizers, een aardse baslijn en wat simpel stuwende drums. En dat dan vijf minuten lang, met een paar prachtig subtiele akkoordwisselingen. De cynicus zou kunnen beweren dat Tortoise dit soort stukken waarschijnlijk bij oefensessies als warming-up speelt, maar juist als ze het minst fanatiek hun best doen raken ze me 't diepst.
File Under: Filmisch, gevarieerd en relevant
File Audio: [Tortoise-Space]
Clues - Clues
Het is indirect de schuld van de reünie van Sunny Day Real Estate dat ik na mijn vakantie helemaal verslingerd ben geraakt aan Clues. Na de vreugdevolle mededeling van die reünie pakte ik voor de vakantie Rising Tide uit de kast en draaide deze vervolgens grijs. Na zo'n korte, heftige verslaving ga ik bijna altijd zoeken naar vergelijkbaar werk om mijn oneindige honger te stillen. En zo struikelde ik over Clues, de band van Alden Penner (die je eigenlijk dient te kennen van The Unicorns, de voorloper van Islands) en zijn partner in crime Brendan Reed (die ooit in Arcade Fire zat). Het is met name de stem van Penner die herinneringen oproept aan de hese held Jeremy Enigk. Ook muzikaal gezien staat Clues niet zo heel ver af van Sunny Day Real Estate. Het dromerige "In The Dream" had niet misstaan op een van hun platen. Al is Clues verder wel minder 'emo' en wat meer vreemd (artyfarty?) indierockerig met hier en daar een grillige lik postpunk, hun liedjes roepen bij mij wel hetzelfde soort melancholiek gevoel op. "Perfect Fit" en "Remember Severed Head" laten dat qua opbouw en bijna bombastische refreinen heel goed horen. In de beet van het Constellation-label is Clues muzikaal gezien hiermee dan ook de vreemde eend in de bijt. Alhoewel, misschien kun je ze beter de meest gewone eend in de bijt noemen, want Constellation hangt natuurlijk van de vreemde eenden aan elkaar. Toch komt de begeleiding qua muzikanten voor een groot deel uit de gelederen van het label. Hierbij mogen vooral de drums en percussie van Lisa Gamble niet onvermeld blijven. Zij geeft de nummers een enorme drive of net even onverwachte accenten. Donders jammer dat ik Clues de laatste keer op Le Guess Who? gemist heb.
File Under: Perfect Fit
File Audio: [Perfect Fit][Remember Severed Head][ MySpace]
File Video: [YouTube @ Le Guess Who?]
Jaune Toujours - Kolektiv
Hoewel ik ergens de term 'feestfolk' tegenkwam in een verder prima recensie, is dat niet een term die ik zelf zou geven aan het Belgische Jaune Toujours. De aanwezigheid van een accordeon en blazers roept wel al snel die associatie op, maar toch vind ik de muziek op Kolektiv serieuzer klinken dan dat. De mix van folk, reggae, balkan en zigeunermuziek doet me eerder denken aan A Hawk And A Hacksaw: met liefde gemaakt en voortdurend interessant. Want ook van deze cd spat de liefde voor muziek af. Dankzij o.a. een prima drummer die in allerlei maatsoorten een heerlijk ritmisch dekentje spreidt voor de Franse, Engelse (soms een beetje Franglish, vaak zelfs een mix van twee talen in één nummer) en Vlaamse teksten van Piet Maris en de zijnen, en een accordeon die niet alleen maar vrolijk, maar meestal eigenlijk vooral melancholiek klinkt. Behalve dan op de briljante cover van Blur's "Song 2". Een bijzondere sound voor een band met haar wortels in Brussel, op zich wel weer een smeltkroes van culturen natuurlijk.
Zoals dat bij mij vaker gaat in het geval van wereldmuziek, verlies ik in de loop der tijd wel weer mijn aandacht, omdat ik dan toch gitaren en wat meer actie wil. Blijft overeind dat Jaune Toujours een prima band is in zijn genre!
File Under: Belgbalkan
File Audio: [ MySpace]
Metric
Emily Haines en James Shaw, de grote kracht achter Metric, doen momenteel een promorondje door Europa. "Vandaag is de laatste dag, we zijn nu in totaal zo'n twintig dagen bezig. Begonnen in Frankrijk en via Engeland nu in Nederland." Het klinkt als een stel Japanners die met een bus alle bekende plekken afgaan, maar Metric doet het helaas een stuk minder uitgebreid. "We gaan van hotel naar hotel en zien eigenlijk niks van het land noch de steden." Het enige wat ze wel uitgebreid hebben gezien is Parijs, waar overigens een erg duidelijke verklaring voor is. "Daar heeft James namelijk zijn vriendin wonen", laat Emily uitgelaten weten. Ze zijn vandaag met het laatste paar interviews bezig en je merkt dat ze hierdoor wat meliger zijn geworden.
Gelukkig hebben ze ondanks de meligheid evengoed nog de juiste instelling. "Ik ben erg blij met alle interviews en weet zeker dat alles nut heeft in het leven. Dit interview wordt uiteindelijk gelezen door mensen die ons gaan checken en wellicht naar het optreden in Amsterdam komen. Niks is nutteloos. We hadden ook twintig dagen televisie kunnen kijken en dagenlang kunnen slapen, maar dan weet je zeker dat je niks opschiet."
Lees verder..Dope - No Regrets
Graag stel ik je voor aan zanger Edsel Dope, gitarist Virus, drummer Angel (ex-Crossbreed) en bassist Derrick Tripp. Met zulke slechte nicknames en nummers als "6-6-Sick", "Violence" en "Die, Boom, Bang, Burn, Fuck" kan het niet anders dan uit Amerika komen en nu-metal maken. Het gaat om de band Dope, waarvan momenteel enkel de 35-jarige zanger nog het originele lid is. Hierdoor is vooral zijn stem kenmerkend geworden voor de Dope. De band maakt erg agressieve muziek en doet dit opvallend lang. Hun nieuwe album Regrets bevat namelijk zestien nummers. Hoewel de muziek niet baanbrekend is, probeert een bekende cover hier verandering in aan te brengen. Helaas gaat het hier om Billy Idol's "Rebel Yell", wat natuurlijk een erg goed nummer is, maar ondertussen het meest gecoverde in de muziekwereld. Dus totaal niet origineel. Wel opvallend is de samenwerking met Ozzy Osbourne/Black Label Society-gitarist Zakk Wylde in het nummer "Addiction". Natuurlijk, het staat leuk in de persbijlage, maar verder heeft de 42-jarige eigenlijk weinig in te brengen bij de groep. Het gepingel op zijn zwart/witte-gitaar is toch minder herkenbaar dan gedacht. De groep doet erg denken aan een andere Amerikaanse band genaamd Static X, waar overigens opvallend veel ex-leden heen gevlucht zijn. Niet alleen hun muziek en houding gaan op in de vergelijking, maar ook de populariteit in Europa. Wij nuchtere Europeanen worden nooit echt warm van zulke overgeproduceerde muziek.
File Under: De nu-metal leeft nog altijd in Amerika
File Audio: [Dope-Space]
The Tragically Hip - We Are The Same
Recensies schrijven over je favoriete bands, da's een linke bezigheid. Helemaal als ze The Tragically Hip heten. Ik moet namelijk de eerste The Tragically Hip-cd nog horen waar ik vanaf de eerste luisterbeurt hetzelfde over blijf denken. Haat-liefdeverhoudingen met platen zijn wat mij betreft overigens een goed teken. Zeker bij de latere platen van The Hip heb ik daar nogal last van. Zo ook met album nummer elf, net als zijn voorganger geproduceerd door Bob Rock. De rock-feel die hij bij World Container herintroduceerde is als sneeuw voor de zon verdwenen. De mellow toon van het openingsnummer "Morning Moon" schokte menig fan. Ik vind het wel een prettig nummer met zijn fraaie koortjes, ragfijne gitaarwerk en cello's. Ja inderdaad, u leest het goed, Downie en de zijnen hebben een bak strijkers de studio ingehaald. Het geeft het nummer een aangename melancholieke toon. Ik houd óók van Downie als hij niet van gedrevenheid uit zijn dak gaat in een nummer (al doet hij dat nog wel in bijvoorbeeld "Frozen My Tracks") en dat is wat de rest van We Are The Same grosso modo laat horen. Erg fraai vind ik bijvoorbeeld het politiek getinte "Now The Struggle Has A Name" (met een solo die doet denken aan die van Clapton in "I Wish It Would Rain") waarin Downie zich van zijn beste kant laat zien. Toch fronste ik ook door de voor The Hip a-typische beat en verderop nog gedragen gespeelde trompet die "Coffee Girl" laat horen. Maar daar staat dan weer het machtige, losjes in drie delen opgesplitste "The Depression Suite" tegenover. We Are The Same is misschien niet de beste plaat van The Hip, maar het is wel een fascinerend album geworden door zijn ongewone en onverwachte doorkijkjes. Bovenal is het een goed excuus om de band weer eens deze kant op te laten komen. Want op het podium zijn er weinig bands zo groots als The Hip.
File Under: Bij The Hip is (gelukkig) geen dag hetzelfde
File Audio: [ MySpace]
FIle Video: [Hip-Tube]
Years - Years
Dit is het album wat Tartufi onlangs had willen of moeten maken. Net als dat duo bestrijkt Chad Benchetrit tal van genres, maar hij doet 't op kalme, subtiele en vooral weloverwogen wijze. Misschien helpt 't dat ie in zijn eentje is. Years is een album klein van omvang, maar kwalitatief gebeurt er meer dan genoeg. Iets wat je ook best mag verwachten van een lid van Do Make Say Think en Broken Social Scene. Bovendien is de man een kundig audio-engineer, dus alles klinkt hier tot in de puntjes uitgebalanceerd. Years opent met een jazzy soundscape, waarin de blazers mysterieus galmen. Het heeft dat arty sfeertje wat je ook bij het Kammerflimmer Kollektief aantreft. Benchetrit oefende zich gedurende zijn tienerjaren helemaal suf op de gitaar, en heeft loon naar werken gekregen. Her en der op de plaat staan getokkelde passages waarvoor John Fahey of Glenn Jones zich niet zouden schamen. Let in "Don't Let The Blind Go Deaf" op 't inventieve flageoletten-gebruik, waaraan je elke nerdy snarenmeester herkent. "Are You Unloved" is puur afgaand op (ruime) speeltijd de hoofdmoot van de plaat. Het begint met een langgerekt Books-achtige glitchy passage die uiteindelijk ontaardt in een Squarepusher-beatfuck, waarover blazers op z'n Múm's intens beginnen te jengelen. Ook de naam Jagga Jazzist moet nog even vallen. Eigenlijk is die hele onderverdeling in tracks overbodig hier, ik heb ook geen moment naar de tracklist gekeken. De flow is zo uitgekiend. Maar laat ik 'r toch nog eentje uitlichten.. "September 5. October 21. 2007" is qua pure ambient het hoogtepunt. Twee minuten ruizen en kraken de accordeons, pastoraal en diepreligieus. 'O mensen, mensen, dat was nog eens een kerkdienst', zou Raymond van 't Groenewoud zeggen.
File Under: Geluidskunst die nederig stemt
File Audio: [Years-Space]
Kickback - No Surrender
Die Storm is een goeie vent. Ik kan me al indenken dat hij een tijdje geleden deze gewelddadige plaat thuis kreeg en meteen aan mij moest denken. Want wie houdt er nu niet van wat geschreeuw op de achtergrond? Vooral tijdens de warme- met tropische regenbuien, zomer zit ik vaak op het terras, of net onder de serre van het café. Wanneer ik hier niet te vinden ben zit ik op mijn werk. Studenten moeten nu eenmaal geld hebben om hun studie(schuld) te betalen. Tijdens dit alles heb ik wel geteld één keer deze plaat beluisterd en vervolgens weer snel afgezet. Die stem van zanger Stephan trek ik persoonlijk slecht. Te hoog, te veel gekrijs en met te veel moeite uit zijn longen geperst. Je krijgt het haast met hem te doen wanneer hij zijn teksten ten gehore brengt. Teksten die geniaal in elkaar steken en een grote portie agressie reflecteren. Helaas voor mij, en waarschijnlijk voor vele anderen, zal deze plaat snel vergeten worden. Puur om het feit dat in deze warme zomermaanden niemand zit te wachten op een hoop gekrijs wanneer men van een biertje geniet. Hij werd daarom puur uit noodzaak nog een paar keer beluisterd. Wel zijn we aanwezig tijdens het optreden van Kickback in "The Stage". Want Kickback blijft live hard en bruut- ook al is er in de geschiedenis wel een knokpartijtje of één, twee ontstaan.
File Under: Verkeerde timing, live geven we het nog een kans
File Audio: [ MySpace]
Florence and the Machine - Lungs
Aan hippe Britse vrouwenstemmen deze zomer geen gebrek: na Little Boots en La Roux (die van de enorme kuif) is er nu Florence and the Machine, met zangeres / harpiste Florence Welch aan het roer. Wat ze gemeen heeft met Little Boots en La Roux is in elk geval dat ze al een hype was voor haar plaat überhaupt uit was. Florence is vast een kind van de jaren tachtig en negentig, want single "Rabbit Heart (Raise It Up)" had van The Eurythmics kunnen zijn en de cd sluit af met een prima cover van Candi Staton, "You Got The Love". Na het aanstekelijk springerige gitaarnummer "Kiss With A Fist" laat Florence vervolgens op het toepasselijk getitelde "Drumming" horen dat ze haar mosterd daarnaast ook nog bij Kate Bush heeft gehaald. Kortom, Florence heeft een prima stem, met een ruim bereik, maar helaas vliegt de plaat hier en daar uit de bocht door te veel bombast en instrumenten tegelijkertijd. Een beetje meer ingehoudenheid, zoals op "Between Two Lungs", was wat mij betreft veel geslaagder geweest. Wie van de drie in de eerste zin genoemde dames nou eigenlijk wint, durf ik niet te zeggen. Ze hebben alledrie een welkome eigenheid die gehoord mag worden. Fijne tegenhangers voor Duffy, Lily Allen en aanverwante meisjes.
File Under: Eigenheid gemengd met hitpotentie
File Audio: [ MySpace]
File Video: [Rabbit Heart (Raise it up)]
Hoobastank - For(n)Ever
In de categorie bands die blijk geven van veel zelfkennis bij het kiezen van de titel van hun nieuwe plaat scoort Hoobastank hoge ogen met hun nieuwe cd. Hun nieuwste plaat is namelijk treffend getiteld For(n)ever. Voor hun trouwe, vooral Amerikaanse fanschare, is het Forever, wat mij betreft blijft het bij Fornever. Ik ben niet vaak in mijn nopjes met een plaat die minder dan veertig minuten duurt, maar in dit geval gaat na elke draaibeurt weer de vlag uit als de cd afgelopen is. Ik vond voorgangers van de band al vervelend, maar deze nieuwe cd kan zo op zijn kop als onderzetter de tafel op. De band claimt zichzelf vernieuwd te hebben en op For(n)ever gevarieerder dan ooit voor de dag te komen. Dat zal wel, maar gevarieerd vervelend blijft natuurlijk nog steeds strontvervelend. Meer dan kamerbreed dendert de cliché alternative rock met nog meer gerecyclede voorspelbare meeblèrders mijn speakers uit. Om te janken zo ellendig. En dan heeft Hoobastank ook nog eens de pech dat zanger Douglas Robb ergens in het anonieme midden stond bij het uitdelen van de gouden rockstrotten en gitarist Dan Estrin ook niet bepaald de lessen van Joe Satriani gevolgd heeft en uitblinkt in gezapige riffs en solo's. De heren van Nickelback zijn er wat dat betreft heilig bij. Fornever, zou dat even een zegen zijn.
File Under: Toedeledokie
File Audio: [ MySpace]
File Video: My Turn][So Close, So Far]
Anna Ternheim
'Door jezelf te laten leiden door intuïtie kunnen mooie dingen ontstaan.'
Ze viel er gewoon letterlijk door van haar stoel. Ze had ook helemaal geen speech voorbereid. Zo verrast was Anna Ternheim met de Zweedse Grammy voor Album van het Jaar die ze in ontvangst mocht nemen. 'Het is niet de eerste keer dat ik een Grammy heb gewonnen, maar voor dit album had ik het echt niet verwacht. Ik was al blij met het feit dat ik bij de uitreikingen aanwezig was. Ik was tevreden met het album en had er al succes mee bij mijn publiek, degene die mijn cd's en kaartjes voor de concerten hadden gekocht. Ik weet gewoon niet goed wat ik ervan moet zeggen. Het is uiteraard een grote eer, maar ik voelde mezelf al een winnaar voordat ik daar aanwezig was. Het zit hem eigenlijk ook niet in die prijzen. Het is het publiek dat het verschil maakt. Je kunt wel een prijs winnen, maar dat wil nog niet meteen zeggen dat het publiek je muziek ook zal waarderen. Hoewel ik in dit geval wel dankzij de publieksstemmen heb gewonnen.'
Toch had de Zweedse singer/songwriter de nodige twijfels of zelfs angst dat Leaving On A Mayday misschien niet zou aanslaan. Ze was er zich terdege van bewust dat het album anders klonk dan de twee voorgangers, niet in de laatste plaats door de inbreng van producer Björn Yttling. 'Ik heb heel vaak met Andreas (Dählback) samengewerkt. Onze samenwerking verloopt altijd erg soepel. Hij heeft mijn eerste twee albums geproduceerd. Alleen al daarom, om nieuwe stappen te nemen, nieuwe ideeën te krijgen, leek het mij een goed idee om met andere mensen te werken. Ik vond dat ik iemand anders moest zoeken om dit album te produceren. Ook om elkaar wat ruimte te geven. Wat niet wil zeggen dat ik in de toekomst niet weer met hem zal samenwerken. Ik wilde voor het nieuwe album mezelf in een situatie plaatsen waarbij ik niet kon voorspellen wat er zou gaan gebeuren. Daarom heb ik contact opgenomen met Björn. Ik kende hem van vroeger en had zijn producties beluisterd. Hij sluit geen compromissen bij wat hij doet. Hij heeft aan hele uiteenlopende soorten muziek gewerkt: jazz, pop, rock en singer/songwriter. Er is een soort van eenvoud en helderheid in zijn sound die me aanspreekt. Zo wilde ik graag te werk gaan.'
Lees verder..Sommy Landreth / Joan Baez
Bij rereleases gaat het vaak om materiaal dat nog niet eerder op cd is uitgebracht of om geremasterde versies. Wat de reden achter het opnieuw uitbrengen van deze releases is, dat is mij echter onbekend. De mensen bij Proper Records zullen er zo hun idee bij gehad hebben. Een ding is mij echter duidelijk: als zij iets doen dan gebeurt het goed.
Ik moet eerlijk zeggen dat ik niet al het materiaal van Sonny Landreth ken, maar Levee Town uit 2000 is een goed album. Volgens Allmusic is dit zelfs een van zijn beste. Speciale gasten zijn John Hiatt en Bonnie Raitt, maar de basis is de vierkoppige band waarin Landreth gitaar bespeelt en voor de vocalen zorgt. Landreth schrijft zijn eigen nummers en als ik de liedjes ergens moest plaatsen dan is het in de rij van J.J. Cale, Mark Knopfler, Eric Clapton en John Hiatt. Allen gitarist, zanger en blank. Landreth heeft de blues, maar wel een die bij een blanke hoort: een beetje aan de brave kant. Zijn specialiteit is de slide gitaar. Voor hen die het album al hebben kan het echter aanlokkelijk zijn om deze Expanded Edition toch aan te schaffen. Als bonus is er een cd met vijf nieuwe liedjes die opgenomen zijn tussen 1998 en 2000, en qua kwaliteit niet onderdoen voor de originele opnames die op Levee Town verschenen.
Gone From Danger van Joan Baez is oorspronkelijk in 1997 verschenen en vind ik bijzonder sterk. Al weet Allmusic dit album dan weer minder te waarderen dan Landreth's Levee Town. Baez houdt het vooral bij songs van anderen, zoals Sinéad Lohan, Betty Elders en Dar Williams. Het stoort mij geen moment, want ze weet de sfeer zo neer te zetten dat je de variatie aan schrijvers niet hoort. Deze liedjes, de stem van Baez en de sterke muzikale begeleiding maken van Gone From Danger een appetijtelijke maaltijd. De Collectors Edition is aangevuld met een registratie van een optreden, om precies te zien dat in de Mountain Stage op 11 augustus 1997. De meeste liedjes die gespeeld worden komen van Gone From Danger. De meerwaarde zit bijvoorbeeld in het meedoen van Sinéad Lohan op de door haar geschreven liedjes. En op het afsluitende "To Ramona", van Bob Dylan, een naam waar Baez haar hele leven als ex- (muzikale) partner al aan gekoppeld is. Ik zou haar echter meer in de buurt plaatsen van een sterke vrouw als Emmylou Harris. Jammer van deze registratie is trouwens wel dat het publiek weggeknipt is tussen de tracks in, maar verder niets dan lof.
File Audio: [Check zijn website afdeling Discography]
File: Joan Baez - Gone From Danger (Collectors Edition)
File Audio: [ MySpace]
File Under: Waardige rereleases
The Reverend Peyton's Big Damn Band - The Whole Fam Damnily
De secularisatie neemt toe en het kerkbezoek neemt af. Niet dat het nieuws is uiteraard, want met al die zijige dominees, suffe pastors en watjes van priesters die je uitnodigen om een gebouw des Heeres te bezoeken, is er toch geen moer aan? Al die dienaren Gods zouden heel wat kunnen leren van de manier waarop Reverend Peyton het aanpakt. Met een stem als een stoomwals nodigt hij je niet uit om een dienst bij te wonen, nee, hij schreeuwt, vloekt en scheldt je zijn kerk binnen met zijn Big Damn Band. The Whole Fam Damnily is de vierde full-length waarop hij zijn gospel predikt. En dat is er niet eentje van geloof, hoop en/of liefde, maar een verhaal van de harde werkelijkheid. Het ware leven zoals het was ("Mama's Fried Potatoes", "Them Old Days Are Gone"), is ("Why Is Everybody Getting Paid but Me", "Wal-Mart Killed The Country Store") en altijd zijn zal ("DT's Or the Devil", "Can't Pay the Bill"). Met een rauwe schreeuw, een grijns en een paar verrotte gitaren en basale percussie, aangekleed met wat toeters en bellen, stelt hij je zijn uit blues en country gegoten paradijs en zijn engelen voor, The Whole Fam Damnily. Net als bij die kerkdiensten waar je als kind naar toe moest, slaat na een tijdje de verveling toe. Maar als je buiten staat, heb je toch maar mooi een beetje heiligheid meegekregen (en wat zoete miswijn kunnen jatten).
File Under: De Dominee Preekt
File Audio: MySpace
File Video: [Mama's Fried Potatoes]
Melissa McClelland - Victoria Day
Ik had nooit zo heel veel met vrouwelijke zangeressen, maar ik merk dat de laatste jaren het aandeel ervan in mijn collectie gestaag stijgt. Een enorm zwak heb ik bijvoorbeeld gekregen voor Kathleen Edwards. Dat ik door de knieën ging voor de bijna gelijke stem van Melissa McClelland is dan misschien ook niet zo heel vreemd. Het fijne aan Victoria Day (McClelland's vierde album) is de vertellende trant van de liedjes. Wat Melissa zingt, roept heldere beelden op. Luister maar eens naar de tekst van "Segovia". Daarin laat je als man haar gerust de vrouwelijke rol spelen. Want wie het boekje doorbladert bij Victoria Day ziet het snoepje van de week langs komen. Die looks zijn absoluut niet het enige vlak waar deze (getrouwde, sorry mannen) Canadese punten scoort. Haar torchy rootsmuziek doet soms, in titelnummer en "A Girl Can Dance", een beetje denken aan Fairground Attraction (je weet wel van "Perfect"), maar heeft precies genoeg rootsflavour om niet als anno 1987 te klink. Het overal terugklinkende koperwerk op Victoria Day zorgt ook voor een flinke lading extra cachet. En als ze een nachtclub intrekt in het met violen opgesierde "Cry On My Shoulder" en belooft je blues weg te kussen, dan zou je bijna willen dat je een gebroken hart had. Bonuspunten scoort Melissa ook nog eens door "Seasoned Lovers" (waarin haar landgenoot Ron Sexsmith de tweede stem doet) en het Youngiaanse "Money Shot". Het enige puntje van kritiek is eigenlijk dat het net iets minder gepolijst zou mogen. Maar met enkele goddelijke dagen in het verschiet moet ik dat misschien maar voor lief nemen.
File Under: Kom maar hier met die schouder
File Audio: [ MySpace][Seasoned Lovers]
The Blues Junkies - The Blues Junkies
Die naam doet vermoeden alsof we hier te maken hebben met een stel veertigers die er in hun tweede jeugd nog een paar Stevie Ray Vaughan covers uitpersen. Mis! We hebben te maken met drie landgenoten die ergens midden tussen Peter Pan Speedrock, Motörhead en 69 Charger een verschrikkelijk fijne bak herrie aan de man brengen. Rock "n roll zoals het bedoeld is. Het instrument wordt goed genoeg beheerst om het geheel niet simpel te laten klinken, doch het is stupide genoeg door het gebrek aan vernieuwingsdrang. Maar toch: echt bang word je er niet van, zoals bijvoorbeeld bij een band als Zeke, of de Candy Snatchers. Bands waarbij vooraan bij het podium staan niet zonder risico"s is. Daarvoor is het geheel toch net te netjes binnen de lijntjes gekleurd. En een nummer als Ape Face wordt gezongen in een te vernederlanste vorm van het Engels. En tot slot: wie zit er tegenwoordig nog te wachten op een afsluitend nummer van een zes minuten durende gitaarsolo.
File Under: Lemmy"s met net een beetje te weinig Jack in z"n Coke
File Audio: [ MySpace]
Electroquickies #8
Er is een 8-bit revival gaande in muziekland. Enkele weken terug verschenen praktisch tegelijk hommage-albums aan Daft Punk, Weezer en The Prodigy, allemaal in 8-bit stijl. Ze zijn allemaal alleen gratis te downloaden, hartstikke illegaal, afkomstig van totaal onbekende artiesten en over een paar jaar vast alleen nog maar via obscure torrents te vinden. Kortom, retrofuturisme lijkt wel een nieuwe muziektrend. Meneo stelt de kernvraag al: is het 'chiptune or cheapshit?'.
Het Daft Punk-tribute Da Chip was hier verkrijgbaar, maar is helaas alweer offline. Je moet 'm nu elders zoeken, op YouTube of MediaFire bijvoorbeeld. Da Chip is als geheel goed geslaagd; de covers bevatten geen originele samples of vocalen en zijn bij mijn weten (blijft gokwerk) puur old-school chipgeluidjes, her en der slim gefilterd. Ook is de selectie goed: de geselecteerde songs zijn netjes afgewerkt, klinken (meestal) goed nagespeeld en hebben zelfs iets van hun funk behouden. Het best komen "Aerodynamic", "Voyager" en "Revolution 909" uit de verf.
Ook de Weezer-hommage is met veel liefde in elkaar gezet (check "I Do"!). De aankondiging vind je hier en de download hier. Gek genoeg zijn hier af en toe wel vocalen aanwezig, en de songs van Weezer lenen zich natuurlijk minder goed om te verchippen. Weezer is bij uitstek die onbezorgde gitaarband met leuke popliedjes die regelmatig heerlijk tegen het valse aanschurken. Met wat storende, kunstmatig klinkende distortion ("Holiday") benader je dat toch net niet helemaal. Gelukkig is het speelse wel nog volop aanwezig. Echt leuk wordt het in "The World Has Turned And Left Me Here" en de klapper "Buddy Holly", die in deze vorm zelfs de dansvloer opkunnen!
En dan is er nog een hele hoop The Prodigy. Allereerst - even los bezien van het 8-bit gebeuren - is er het Italiaanse remixalbum "Remixers Must Die", waarvan alleen de remix van "Warriors Dance" door N2RMX even dansbaar is als het origineel van The Prodigy. De rest is technisch vast heel boeiend, maar domweg lang niet zo leuk, net zoals overigens Always Outsiders, Never Outdone, het vorige Prodigy-remixalbum.
Terug naar de 8-bit: op deze Russische site vind je de 8-bit coververzameling Emulator Punks, die een vervolg is op twee eerdere Pixel Bit Chipology Prodigy-hommages. Van die twee ouwe is alleen "Baby's Got A Temper" door Capkonamco de moeite; op de nieuwe is de kwaliteit wat beter maar blijft het toch vooral een iets te serieuze gimmick. De muziek klinkt niet lullig genoeg en niet dansbaar genoeg, en één van beide is toch wel een eis. Als je de bewerkingen van "Omen" en "Poison" achter elkaar hoort heb je er gauw genoeg van en wil je toch liever het originele werk. Jammer.
En nu we toch bezig zijn met 8-bit spul weer gewoon even iets legaals: de Haagse muzikant Legowelt heeft een nieuw, elegant rustig album uitgebracht, Amiga Railroad Adventures, waarop hij zich beperkt tot een Amiga 1200, een Roland TR-808 en wat oude Korg-synths. Klinkt misschien nieuw voor niet-computerkenners, maar je moet weten, het 8-bit- alias chiptune-genre is nog helemaal niet zo oud. Dat begon ongeveer in de jaren tachtig met het MOD-formaat op de Amiga en de SID-chip in de Commodore 64. Hoe die SID-chip klinkt hoor je hier (uitleg), en deze muziekcollectie omvat ongeveer al het beste wat destijds ermee gemaakt is. Frankmusik samplet daar anno 2009 nog uit. Legowelt maakt alles juist zelf. Ik heb nog niet alles van het album gehoord, maar de tracks op de site lijken te duiden op een moderne prettige eigen wending aan al dat 8-bit gebeuren.
File Under: Naamloze artiesten blijken regelmatig leuke 8-bit covers te maken
File: Legowelt - Amiga Railroad Adventures
File Under: Stijlvol ouderwets
Tribe - Pray For Calm... Need The Chaos
'Gut, een album over mij!', grijns ik even inwendig als ik de titel Pray For Calm... Need The Chaos zie. Niet alleen in m'n gewone leven, ook bij m'n muziek is dat wel van toepassing. Nergens kalmeer ik zo lekker van als Motörhead of The Mars Volta op hoog volume. 't Zal me benieuwen wat dit album gaat brengen. Opener "Head" begint met een fraai Savatage-achtig piano-intro dat me langzaam het nummer inleidt, waarna een zanger met Dickinsoniaanse uithalen al snel zingt over "Rule Brittania". Door dat laatste stuk zou je al snel kunnen concluderen dat Tribe NWOBHM ten gehore brengt. Het mag dan zo zijn dat ze hun NWOBHM-klassieken kennen en dat zanger Paul Kettley's stemgeluid prima in dat tijdperk had gepast, Tribe is meer dan NWOBHM, heel wat meer. Steeds weer worden de grenzen van de rechttoe rechtaan rock overschreden ten faveure van een modernere sound en compositie, uitstekend vastgelegd door Sascha Paeth (Kamelot, Avantasia, Edguy). Luister maar naar het majestueuze "Ghost Ballet", waar het een soort 'NWOBHM goes prog' wordt. Het is beslist hardrock, maar uitstapjes worden niet geschuwd, zoals bij het eerder genoemde Savatage, of zoals Alcatrazz dat ooit deed. Dat valt overigens pas op als je goed luistert. In eerste instantie lijkt het namelijk gewoon uitstekende rootshardrock, die het moet hebben van de lekkere hooks en vooral van de herinneringen die de muziek oproept. Daar is op zich al weinig mis mee, maar het leuke is dat Tribe gaandeweg meer dan dat in huis blijkt te hebben. En de nodige luisterbeurten verder vermoed ik dat de groei er voor mij nóg niet uit is. Niet alleen de titel blijkt me hier op het lijf geschreven.
File Under: Rootshardrock met verrassingen
File Audio: [TribeSpace] [twee songs op de site]
The Pains of Being Pure at Heart
De prijs voor meest pretentieuze bandnaam van 2009 gaat ongetwijfeld naar The Pains of Being Pure at Heart. De naam van deze vier jonge hippe New Yorkers is gebaseerd op de titel van een kinderboek dat was geschreven door een vriend van zanger Kip Berman. Kip lijkt op een jonge Anne Soldaat en praat graag. Enthousiast als een kind met in elke zin zeker vier keer het woord 'like' vertelt hij over de stroomversnelling waarin zijn band de afgelopen maanden verzeild is geraakt.
Lees verder..Xanima - Inside Warrior
'Imagine Evanescence mixed with Enigma goes Kate Bush… enter: Xanima' lees ik in de biografie die bij de promo-cd van Inside Warrior is bijgesloten, en daarmee is meteen mijn interesse gewekt. Evanescence vind ik leuk voor een nummer of twee (de rest is inderdaad allemaal hetzelfde), Enigma doet me weinig tot niets, maar Kate Bush maakte naar mijn smaak met The Dreaming het beste pop-rock album ever ooit. Xanima heeft dus nogal wat te bewijzen. Waar hebben we mee te maken? Xamina's voornaamste ingrediënten zijn de stem van zangeres Jade Ell en de keyboards van Pelle Händén. De band daar omheen (gitaar, bas en drums) doet goed hun best, maar laten nergens een origineel geluid horen, en de muziek komt nog het meest in de buurt van een poppy versie van Evanescence. Jade Ell zingt inderdaad in de verste verte een héél klein beetje als Kate Bush. Maar dan met een chronische keelontsteking, zeg maar. Qua bereik en lenigheid gaat haar stem werkelijk nergens over. Ik geef toe, ik ben een beetje kort door de bocht en cynisch, maar als je je laat vergelijken met een grootheid word je daar ook op afgerekend. De lauwwarme pop met semi-scherpe gitaarrandjes die Xamina laat horen hapt op zich wel lekker weg, maar door de goedbedoelde stoerheid sijpelt een truttigheid heen die eerder aan Spice Girls doet denken dan aan de 'art rock/electronic' die eerdergenoemde biografie mij beloofde. Toen mijn wederhelft mij in de auto betrapte op het beluisteren van deze cd zette ik die zelfs met een gevoel van plaatsvervangende schaamte uit, om vervolgens de gehele autorit naar Sky Radio te luisteren. En zo werd het toch nog een avontuurlijk tochtje…
File Under: Evanescence goes Spice Girls, en daarmee zelfs voor Sky Radio te slap
File Audio: [Fragmenten op MySpace]
File Video: [Zó erg kan een videoclip dus zijn...]
Lights - Rites
In eerste instantie dacht ik dat Storm mij een cd had toegestuurd die niet voor mij bestemd was. Een hand op de hoes met een pijl er doorheen en aan de punt zit bloed. Bah! En dan de foto op de achterkant: drie dames en een heer helemaal in het wit. Dit was vast iets van metal of gothic, maar dan wel van het vreemde foute soort. Ik kreeg zonder een noot gehoord te hebben al rillingen. Maar om het zeker te weten moet ik toch echt de cd draaien, en dus ging Rites van Lights in de lade van de cd-speler. Wat ik echter te horen krijg is een folky sixties-achtig liedje dat vooral opvalt doordat het wat new-agerig rondfladdert. Het zou toch geen sekte zijn? Muzikaal gaat het daarna alle richtingen op: Prince, Jefferson Airplane, Anne Clarke en zo'n zangeresje dat eigenlijk niet zo goed kan zingen maar het wel wil. Dat geldt overigens voor meer performers, want de kwaliteit van de ingehuurde saxofonist vind ik niet om aan te horen. Lights is een muzikaal trio uit Brooklyn (New York) waaraan een dame voor de visuele effecten is toegevoegd. Haar beelden zie ik uiteraard thuis niet verschijnen, maar wat ik wel zie verschijnen zijn beelden in mijn hoofd van heksen die dansen om een kampvuur. En laten ze daar nou ook een liedje over hebben gemaakt.
File Under: Folky hippies
File Audio: [ MySpace]
Wendy McNeill - A Dreamer's Guide To Hardcore Loving
De Canadese singer/songwriter Wendy McNeill heeft een interessante biografie, die werkelijk elke mogelijke kunstvorm aandoet. Opgeleid als danseres begon ze pianostukken te schrijven voor haar multimediale performances. Een baantje in een folkclub inspireert haar tegelijkertijd tot gitaarspelen en al snel vliegen de complimenten en prijzen juist uit die hoek om d'r oren. Op A Dreamer's Guide To Hardcore Loving blijkt haar belangrijkste uitdrukkingsmiddel ineens de accordeon. Een ware multi-instrumentaliste dus en ook eentje die met recht zou kunnen claimen dat ze een volledig eigen stijl heeft. Ze opent 't album lieflijk met het Yann Tiersen-achtige "Flight", dat, zoals de titel belooft, inderdaad wat fladderigs heeft. Het daaropvolgende "Stop" heeft door 't contrast wat lomps, een Oost-Europees volksdeuntje om met je voet bij op de grond te stampen. In "Building A Castle" vindt McNeill wat mij betreft de juiste toon, die ze de rest van de plaat ook weet vast te houden. Een zachte duisternis, met subtiele viool-accenten en soezende woordloze achtergrond-vocalen. Liedjes fragiel als spinnenrag, alsof ze ternauwernood bestaan en elk moment door 't geringste briesje meegenomen kunnen worden. "Faith and the Long Haired Man" is daarvan een ander fraai voorbeeld. Pure verstilling. Ik moet er echter voor waken McNeill af te schilderen als een volkomen meditatief natuurmeisje, daarvoor zijn er teveel duistere en ook ritmische momenten. Het onheilspellende bijna druggy "White Horses" bijvoorbeeld, dat psychedelisch piept en kraakt en een melodramatisch gevoel heeft wat je ook bij Bat For Lashes tegenkomt.
File Under: Stekelig dromenland
File Audio: [Wendy-Space]
Montreal on Fire - Decline & Fall
Ik had vroeger een alto klasgenootje. En net als alle andere alto klasgenootjes had dit meisje haar etui volgekalkt met bandnamen en maatschappelijk verantwoorde kreten. Een van die kreten op haar etui is me altijd bijgebleven: ‘I hate my live!'. Aan deze kreet moest ik denken toen ik de cd van het Zuid-Franse Montreal on Fire beluisterde. Uit de muziek en teksten kan ik niet anders concluderen dan dat de heren ook niet echt van het leven genieten. En dan kom je nog wel uit het mooie Toulouse! Afgezien van de zware slowcore die over de luisteraar wordt uitgestort, klinkt zanger Adrien Broué net iets te getormenteerd en gekweld. En zo halverwege het album gaat dat echt gigantisch op de zenuwen werken. De band leunt op een geluid dat in de duistere jaren tachtig misschien nog wel kon, maar nu enorm gedateerd aandoet. Het zou me niks verbazen als de zanger ook ‘I hate my live!' op zijn etui had staan vroeger op school, waarschijnlijk met dezelfde aandoenlijke spelfout. Ik hoor nog liever Franse rap dan dit ongeïnspireerde gejank.
File Under: Frans gejank
File Audio: [ MySpace]
File Video: [Anything Everyday]
The Bitter Tears - Jam Tarts in the Jakehouse
Het lijkt me sterk dat The Bitter Tears de naam van hun bandje geleend heeft van het gelijknamige album van Johnny Cash uit 1964. Tekstueel zijn er moeilijk overeenkomsten aan te wijzen en muzikaal al even weinig: de rudimentaire country van The Man in Black is een wereld van verschil met de bizarre liedjes van Alan Scalpone en zijn band. (Al klinkt "The Love Letters" zowaar als een poging om de traditie van The Carter Family hoog te houden.) Toch putten zowel Johnny Cash als The Bitter Tears in zekere zin uit dezelfde bron, namelijk die waar de Amerikaanse popgeschiedenis begon: eeuwenoude ballades en folkliedjes, verhalend over vreemde gebeurtenissen en nog vreemdere personages. Maar waar Cash het zo basaal mogelijk hield, kleedt deze band uit Chicago, Illinois de songs zo veel mogelijk aan met rare versierselen en frutsels. Ze lijken vooral een voorliefde te hebben voor blazers en trekzakken. Een feestje bouwen lijkt hun grootste doel, hun bandnaam ten spijt. Ze zwalken van desolate blues via country en folk naar rock ‘n ‘ roll, cajun en een soort veredelde hoempapa. Hun live-optredens worden visueel bepaald door rare verkleedpartijen en toneelstukjes, alsof hun liedjes de shows niet alleen kunnen dragen. Maar al die grappen en grollen ten spijt is Alan Scalpone een klassieke songsmid, met een prima gevoel voor catchy zanglijntjes. Maar al hun idioterie zou dat bijna verbergen.
File Under: Voor meer dan alleen uw feesten en partijen
File Audio: MySpace
File Video: Live
VA - Liverpool Today (Live At The Cavern)
1+1=2 oftewel Liverpool + The Cavern = The Beatles. Maar wat dacht je verder van The Merseybeats, Alexis Corner en The Hollies? Allemaal speelden ze in de roemruchte zaal. Op 'de verzamelaar' Liverpool Today "Live At The Cavern" kom je ze echter niet tegen. Op deze release staan de destijds opkomende artiesten Michael Allen, Earl Preston's Realms en The Richmond Group. The Cavern had in 1965 een studio bij hun zaal gebouwd en hier speelden de drie bands de nummers in. DJ Bob Wooler praatte achteraf de nummers aan elkaar en voorzag ze ook van publiekelijk geklap, hoorbaar afkomstig van een tape. Een echt succes werd de studio niet, want kort na het verschijnen van deze release in 1965 stonden de deurwaarders aan de deur van The Cavern. Deze rerelease heeft met name een hoge muzikale geschiedeniswaarde. De artiesten speelden nummers van anderen, zoals de meeste beatgroepen in die tijd op een uitzondering na. De kwaliteit van de disc is redelijk. Het geeft mij vooral het gevoel dat wij naar een uitzending op zo'n radio van toen luisterden. Nog niet de hoogste kwaliteit, maar wel zorgend voor opwinding in de huiskamers.
File Under: Liverpool beatstad
Pilate - Into Your Hide Out
Tracy Gang Pussy / Divion Of Laura Lee
Sommige platen blijven lang op mijn stapel liggen. Meestal terecht. Tracy Gang Pussy - alleen die naam al - komt uit Frankrijk en klinkt als het debiele broertje van Papa Roach. Zelf vinden ze geloof ik dat ze een rock ‘n' roll-band zijn en aan hun uiterlijk te zien zijn ze ook niet vies van een beetje glamrock. Openingstrack "I Got To Move On To Be Free" is aardig. Niet meer dan dat. Al snel blijkt echter dat Number 4 een draak van een plaat is. Nummers zijn nodeloos lang door saaie gitaarsolo's, de huilstem van de zanger werkt binnen de kortste keren op je zenuwen - net als zijn slechte Engels trouwens - en je daadwerkelijk naar de tenenkrommende teksten van Tracy Gang Pussy gaat luisteren kun je als luisteraar niets anders dan je aansluiten bij het statement in het laatste nummer: "I Don't Believe In Hapiness Anymore". Mooi gesproken!
Onterecht genegeerd door de cd-speler van Timbo: Violence Is Timeless van het Zweedse Division Of Laura Lee. Aan het begin van dit millennium nog bestempeld als ‘the next big thing', maar de (Europese) doorbraak bleef uit. Niet zo gek dat deze nieuwe - nou ja, nieuw…in het eigen Zweden is ie al weer een half jaartje te krijgen - niet meer op Epitaph-broertje Burning Heart uitkomt. Niet getreurd, DoLL is nog altijd een bovengemiddeld leuk bandje. Sfeervolle postpunk gecombineerd met rauwe randjes die doen denken aan Black Rebel Motorcycle Club. Sowieso is Violence Is Timeless een trip down memory lane: Sonic Youth, Nirvana en zelfs een vleugje garage komen voorbij. Extra punten voor afsluiter "Do You Love Me?", een eerbetoon aan Fugazi's "Do You Like Me?". Een album dat werkelijk alle kanten op schiet. Lekker!
File Under: Ben ik even blij dat ik nummer 1 t/m 3 niet gehoord heb
File Audio: [ MySpace]
File: Division of Laura Lee - Violence Is Timeless
File Under: Feest der herkenning
File Audio: [ MySpace]
Templo Diez - Merced
'Oenen', mopperde ik de eerste paar luisterbeurten. Hoe konden de dames en heren van Templo Diez bedenken om Merced te openen met zo'n zwakke track. De lelijke cheesy vioolpartij in "On Our Way" lijkt meer iets voor de tapdansers van Lord of the Dance en later doet 't rommelige duet op vol volume in de huiskamer vooral lawaaiig aan. Na een paar dagen losten deze minpunten ineens in 't niets op, laten we 't een muzikale opklaring noemen. Het bewijst maar dat Templo Diez wat tijd nodig heeft. De Haagse band met een Franse frontman drijft op sfeer. Hier vindt men geen hooks of popliedjes, maar stemmige alt. country voor in een bruin café, met af en toe wat rockend prikkeldraad om de luisteraar wakker te houden. De band vertoont qua genre gelijkenis met de Belgische collegae van Krakow, waar ook zowel een jongen als een meisje zingen. Al is jongen is niet echt het goede woord voor de donkere theatrale vocalen van Pascal Hallibert. Het is uiteindelijk toch vaak zijn stem die de boel hier boven 't maaiveld doet uitsteken. Het perfect opgebouwde hoogtepunt "Hikkimori" is een memorabel voorbeeld, vol smachtende galm. Geestverwant Niels Duffhuës is niet ver weg. 'I don't know where we are, I'm a ghost tonight.' Het amusante "Hush" is de vreemde eend in de bijt, zo'n beetje het enige nummer waar je niet heel diep in je glas van wil gaan turen, met z'n vrolijke belletjes en (keyboard)fluitjes.
File Under: Lichten uit, kaarsen aan
File Audio: [Templo-Space]

















































































































































