Hüsker Dü – Savage Young Dü

Numero Records

Hüsker Dü - Savage Young DüTerwijl de Engelse punkscene begin jaren tachtig bijna implodeerde (uitzonderingen als Crass of het wat boertigere The Exploited daargelaten) floreerde de Amerikaanse scene juist door het genre bijna opnieuw uit te vinden. Geen hanenkammen en beschilderde leren jacks maar skateboards, geruite overhemden en steeds snellere en heftigere songs bepaalden het beeld. Van die hele generatie Amerikaanse punkbands waren vooral Black Flag (met Henry Rollins), Suicidal Tendencies (voor ze echt metal werden) en Bad Brains voorbeelden die ook nu nog tot het beste van dit genre worden gerekend. ‘Hors competition’ is echter het trio Hüsker Dü uit St. Paul, Minnesota. Bob Mould (gitaar), de onlangs overleden Grant Hart (drums) en Greg Norton (bas) wisten in de negen jaar dat ze actief waren een imposant oeuvre neer te zetten dat van enorme invloed was op o.a. de hele grungestroming in de jaren negentig. Wat maakte Hüsker Dü dan invloedrijker en specialer dan veel van hun tijdgenoten? Hard en snel spelen deden er zovelen maar het was Hüsker Dü die die toon zette met hun debuutplaat, het live opgenomen Land Speed Record. Een plaat die ondanks de matige geluidskwaliteit een grondleggend album was voor de Amerikaanse hardcorepunk. Het grote verschil was echter dat (zeker na dat debuut) dit trio liet horen veel meer in hun mars te hebben dan hun tijdgenoten. De keiharde muur van gitaargeluid die Mould creëerde bleek een rijk palet aan melodie en emotie te herbergen. Zonder aan kracht in te boeten wisten ze zich te ontwikkelen tot wat toen wel werd genoemd ‘de Beatles van de punk’. In de vroege jaren tachtig werden hun teksten een stuk persoonlijker en werd de sound iets toegankelijker. En waar in de eerste jaren nog wel eens een politiek geladen song werd geschreven, met het verbeten ‘Real World’ namen ze daar voorgoed afstand van. Hüsker Dü toerde zich een slag in de rondte en namen in sneltreinvaart klassieke albums als Zen Arcade, Metal Circus en Candy Apple Grey op. Nu, bijna dertig jaar nadat de band op hun hoogtepunt implodeerde, met name door de frictie tussen songschrijvers Mould en Hart, is er deze fraaie box met heel veel nooit eerder uitgebrachte songs (deels live opnames) uit de eerste jaren van Hüsker Dü. Hoewel de echte topjaren dus nog moesten komen, pak ‘m beet vanaf de release van Metal Circus met Grant Harts bloedstollende ‘Diane’, geven de verzamelde werken op Savage Young Dü een mooie kijk op de ontwikkeling van dit trio. De invloed van de Britse jaren zeventig punk en The Ramones is duidelijk op vroege tracks als ‘Outside’ en ‘Private Hell’, maar ook een wat relaxter tempo konden de heren aardig aan. Bijvoorbeeld in het haast P.I.L.-achtige, repetetieve ‘Statues’. Deze box kwam tot stand dankzij de cassette-collectie van de geluidsman van de band, Terry Katzman, die altijd alles opnam en gelukkig dit altijd heeft bewaard. Dat de geluidskwaliteit niet aan alle hifi standards voldoet mag duidelijk zijn, de historische waarde van het ontsluiten van veel van deze opnames is enorm. Na zesendertig jaar blijkt nu dat er van de songs op Land Speed Record dus al die tijd betere opnames op de plank hebben gelegen. Het dreigende ‘Data Control’ krijgt hier meer dynamiek en diepte mee en klassiekers als ‘All Tensed Up’ en ‘Guns at my School’ zijn haast panisch door de sturm & drang van het jonge trio. De studiotracks die we al kennen zijn door de nieuwe mastering behoorlijk verbeterd en de vroege opnames van songs die iets later op Metal Circus terecht kwamen laten horen dat door het constante toeren de heren Mould, Hart en Norton een geoliede punkrockmachine waren die zijn gelijke niet kende. Voor iedere liefhebber is het doorploegen van de negenenzestig songs tellende box en het bijgeleverde boek met gave foto’s een indrukwekkende must.


File: Hüsker Dü – Savage Young Dü
File Under: Jonge honden met gouden toekomst

The Beach Boys – 1967 Sunshine Tomorrow

Capitol

The Beach Boys - 1967 Sunshine TomorrowHoewel het album “Pet Sounds” niet hun grootste succes was qua verkopen bleek al gauw dat The Beach Boys in 1966 met dat legendarische album hun magnum opus te hebben afgeleverd. Nou ja, The Beach Boys, eigenlijk was het Brian Wilson, het genie van de band, die voor 90% verantwoordelijk was voor dit onbetwiste meesterwerk. De andere bandleden waren aan het toeren terwijl Brian het album met L.A.’s beste musici, de Wrecking Crew, in elkaar zette. Diezelfde Brian brandde helemaal af tijdens het werk aan de opvolger “Smile”. Dat album werd pas decennia later afgemaakt en Brian bracht tot diep in de jaren zeventig meer tijd in bed door dan in een studio (optreden deed hij sowieso al jaren niet meer). In 1967, jawel, precies vijftig jaar geleden, moesten de andere strandjongens dus proberen de output van de band op peil te houden. En dat in een tijd dat de band door velen werd gezien als een relikwie uit het verleden en de platen steeds minder goed verkochten. Broertje Carl Wilson nam het voortouw en de band maakte in dat jaar twee albums: music for Brian to cool out by, aldus Carl. Deze zomer kwam dus deze compilatie uit waarop die twee albums centraal staan. Het begint al goed met een ongekend mooie nieuwe stereo-mix van het album “Wild Honey”. Zelden klonk er zoveel soul in The Beach Boys’ sound. Al met het titelnummer, waarin Carl, normaal de man van de ballads, zingt als één van de Four Tops, is de toon gezet. Lekker fel maar veel meer back to basics qua instrumentatie. Ook de single “Darlin'” en “Let the Wind Blow” (zelden schreef Mike Love zo’n mooie tekst) klinken hier mooier dan ooit tevoren. Het is heerlijk om dit album te herontdekken dankzij deze sublieme mix. Het andere album dat The Beach Boys in 1967 uitbrachten was “Smiley Smile”. Deze plaat is bij vlagen wat experimenteel en, zoals de titel al laat raden, werd deels samengesteld uit de opnames die nooit waren afgekomen voor het “Smile” album. Hoogtepunten hier zijn het klein gehouden “With me Tonight”, de single “Heroes and Villains” en het curieuze “Vegetables”. Het gerucht dat Paul McCartney op dat nummer meedoet gaat nog altijd de ronde maar het zou dan niet gaan om zijn prachtige basspel, een stukje meezingen of een pianoriedel, neen, hij zou voor de microfoon in een stuk bleekselderij of op een wortel hebben zitten knagen. We zullen het nooit weten, de hoestekst hier vertelt er niets over. Hoe dan ook, prachtige opnames van een band die in de studio ongecompliceerd kon musiceren en vooral prachtig zingen. Zelden in de muziekgeschiedenis is er zo sterk samen gezongen als door deze boys inde jaren zestig. De live-opnames die verder zijn gebruikt op deze compilatie laten horen dat The Beach Boys ook zonder alle studiotrucs en extra instrumentatie van “Pet Sounds”, met name door de fabuleuze zang de fans enthousiast hielden. Opvallend genoeg ook door albumtracks van “Wild Honey” te spelen en niet alleen de grote hits van eerder in de jaren zestig. Al met al een prachtig overzicht van The Beach Boys in 1967. Een band die op een keerpunt stond. In de loop der jaren bleek dat de grote hits die ze in de eerste helft van de jaren zestig scoorden nooit meer te evenaren waren (al werd twee decennia later met het lullige “Kokomo” nog één keer een wereldhit gescoord) en dat het publiek alleen de nostalgie van hun vroege hits bleef omarmen. Dit overzicht van hun werk in 1967 is in elk geval een duidelijk bewijs dat The Beach Boys zonder twijfel tot de beste en meest muzikale popbands van hun tijd hoorden.


File: The Beach Boys – 1967 SunshineTomorrow
File Under: Terug naar de summer of love

Julia P – Summer EP

Eigen beheer

In de jaren negentig was Julia P. Hersheimer een trio dat veel aandacht trok. De heldere, unieke stem van Julia P en de melodieuze songs, met invloeden uit de sixties en de indie van die tijd werden, terecht, in binnen- en buitenland zeer gewaardeerd. Inmiddels speelt Julia P al sinds jaren als soloartiest maar helaas voor de liefhebbers staat de carrière op een laag pitje. Helemaal verdwenen was ze gelukkig niet, zo hoorden we haar bij Knupperpouf de zang verzorgen en drumde ze in een paar bandjes. Maar in de zomer van 2017 is er dus sinds lange tijd weer eens een nieuwe release verschenen. Deze Summer EP werd gemaakt in samenwerking met de hoofdstedelijke band The Hengles en telt, zoals het een EP betaamt, vier lekkere, inderdaad zomerse, liedjes. Vooral ‘Waves on the Rocks’ met zijn fijne basloopje en smaakvolle trompetten zit gelijk in het hoofd. Het prijsnummer is echter ‘Big Beach’. Een prachtige song met een slimme opbouw en de perfecte sfeer die bij het zomerseizoen hoort. Het klinkt allemaal losjes en het plezier van zangeres en band spat er van af. Schrijver dezes zou het niet erg vinden als er weer eens aan heel album zou verschijnen van Julia P met dit soort relaxte pure popsongs.

15 september speelt ze in de Nieuwe Anita te Amsterdam

File: Julia P – Summer EP
File Under: And the living is easy

The Courtneys – II

Flying Nun

The Courtneys – IIAl bij de eerste tonen van hun nieuwe album weet je waar je aan toe bent met het Canadese trio The Courtneys. De wat dreinerige leadzang van drumster Cute Courtney, vermoedelijk een artiestennaam, is de slagroom op dit indie-toetje vol pakkende gitaarriffs, sixties melodieën en stuwende ritmes. Zonder teveel tierelantijnen zetten The Courtneys tien prima songs neer, melodieus en opzwepend genoeg om te blijven boeien en met een zekere teenage weltschmerz waar schrijver dezes al gauw voor smelt. De kracht zit ‘m vooral in de dynamiek tussen die hierboven beschreven zang en de muziek, maar ook in het vermogen van de band om songs te schrijven die qua feel en thematiek niet eens zo gek ver liggen van de sixties hitfabrieken zoals het Brill Building. De liefde speelt een grote en terugkerende rol maar clichés weet men redelijk te vermijden. Hoe dan ook, alles klopt gewoon bij die Courtneys. Het sterkste nummer is het zomers klinkende “Tour”, dat met een beetje goede plugging zo een radio-hit zou kunnen worden bij de indiestations. Daarmee doe ik gelijk bijna alle andere songs tekort hoor. Gek genoeg is de band niet in thuisland Canada doorgebroken maar is het vooral Nieuw Zeeland (alwaar ze getekend werden door het label Flying Nun) waar ze enige voeten aan de grond krijgen. Met een Europese tournee voor de boeg zou het maar zo kunnen dat het snel kan gaan met dit trio. Festivals die nog een bandje zoeken, ik zou maar eens The Courtneys checken als ik u was.

The Courtneys spelen 26 mei in Paradiso

File: The Courtneys – II
File Under: Indietip van de week

File Audio: [Bandcamp]
File Social: [Facebook]

Vita Bergen – Disconnnection

Vita Bergen - DisconnectionDe Zweden van Vita Bergen zijn met name in hun thuisland en Duitsland redelijk bekend geworden in recente jaren maar eerlijkheid duurt het langst: ik had ze volledig gemist tot deze cd vanuit het File Under promodistributiecentrum haar weg naar mijn audio-installatie vond. Ik ben blij ze nu te kennen want de keurig verzorgde pop van Vita Bergen op Disconnection is, hoewel wat braafjes hier en daar, prima te consumeren. Het album kent maar acht tracks maar Vita Bergen heeft er toch drie zomers lang aan gesleuteld, opgesloten in een studio ver van de bewoonde wereld. De zang is soms wat al te melodramatisch (in ”Curtains” bijvoorbeeld) maar dat mag de pret niet drukken. Als je een beetje gecharmeerd bent van Coldplay, Arcade Fire, Editors en Shepherd dan kom je met deze band een heel eind. Geen uitschieters en waarschijnlijk voor velen veel te gladjes maar het zou me niets verbazen als ze in de toekomst een keer met een vette radiohit aan komen zetten.

mij=Glitterhouse

File: Vita Bergen – Disconnection
File Under: Zweedse kwaliteit
File Audio: [Soundcloud]
File Social: [Facebook]

Jaarlijst 2016: Vonx

1. Mourn – Ha, Ha, He.
2. The Monkees – Good Times
3. v.a. – Black America Sings Lennon, McCartney and Harrison
4. Bob Mould – Patch the Sky
5. Brix & the Extricated – Something to Lose (7″)
6. Lush – Blind Spot (EP)
7. No Man’s Valley – Time Travel
8. Hayley Kiyoko – Citrine (EP)
9. Bauer – Eyes Fully Open
10. Radiohead – A Moon Shaped Pool

Boeken
1. Brix Smith-Start – The Rise, The Fall and The Rise
2. Lol Tolhurst – Cured
3. Steve Jones – Lonely Boy
4. Mike Love – Good Vibrations, My Life as a Beach Boy
5. Brian Wilson – I Am Brian Wilson

Kristin Kontrol – X-Communicate

Kristin Kontrol - X-CommunicateHet in lo-fi gedrenkte gitaargeluid met omfloerste zang van Dum Dum Girls vond (en vind) ik een van de betere bandjes van dit decennium. Toen ze op hun laatste album, Too True uit 2014, een flinke stap naar het new wave geluid van de jaren tachtig zetten kon ik dat ook zeer waarderen. Het was wel een veel cleaner album dan voorheen maar de songs waren sterk. De smaak van de jaren tachtig heeft frontvrouwe Kristin Welchez aardig te pakken. Ze zette haar alter ego Dee Dee en de bandnaam Dum Dum Girls aan de kant en timmert sinds dit voorjaar als Kristin Kontrol aan de weg. Het eerste resultaat is dit album. Weg zijn de gitaren, er is nu alle ruimte voor synthesizers en gladde koortjes. Soft Cell, Human League, Visage, allemaal namen die in mij omhoog komen. Zelfs Modern Talking-achtige discopatronen worden uit de kast getrokken. De combinatie met de wat meer new wave-achtige zang van Kristin werkt prima en de songs zijn melodieus en ritmisch goed in elkaar gezet. Het sleutelwoord is pop. Pure pop, en dan zoals dat in de jaren tachtig klonk. Het mooie “What is Love” en de discostamper “Skin Shed” vallen op maar hoewel er hier en daar smaakvolle gitaarlicks te horen zijn is het album als geheel mij iets te klinisch. Van mij mag ze dit project voortzetten maar dan wel graag als hobby naast de Dum Dum Girls.

mij=Sub Pop

File: Kristin Kontrol – X-Communicate
File Under: Tijdmachine
File Social: [Facebook]

Mike Love – Good Vibrations, My Life as a Beach Boy

Mike Love - Good Vibrations, My Life as a Beach BoyHet valt vast niet mee één van de meest gehate mensen in de popmuziek te zijn. Mike Love kan daarvan getuigen, dat is duidelijk. Hoe zat het ook al weer? Met zijn neef, de geniale zanger/componist Brian Wilson, stond Mike aan de wieg van The Beach Boys. Een band die, zeker in de jaren zestig, één van de mooiste en meest succesvolle bands ter wereld was. Behalve Brian en diens broers Dennis (drums, piano en een ongeleid projectiel waar het vrouwen drank en drugs betrof, overleden in 1983) en Carl (de gitarist met de engelachtige stem, “God Only Knows”, “Good Vibrations”, overleden in 1997) waren af en aan ook de gitaristen Al Jardine en David Marks van de partij alsmede toetsenman Bruce Johnston. Laatstgenoemde speelt nog altijd voor Beach Boy in de huidige band, samen met Mike. Brian is al jaren bezig met zijn solocarrière. Waar zit nu het probleem? De eerste jaren was frontman en tekstschrijver Mike Love gewoon een gezellige, wat ouwelijk aandoende zanger die vooral uitblonk in up-tempo rock ’n roll songs.

Toen Brian stopte met toeren en in de studio aan het meesterwerk Pet Sounds werkte en later aan Smile, dat pas decennia later kon worden voltooid, ontstond er een breuk in de gelederen, Mike schijnt hem zelfs toegebeten te hebben “don’t fuck with the formula Brian!”, hetgeen hij overigens stellig ontkent. Terwijl Brian geestelijk achteruitging en steeds minder deel uit kon maken van The Beach Boys nam Mike het voortouw en zorgde er simpelweg voor dat er brood op de plank kwam door gewoon te blijven spelen, waar ze maar gevraagd werden, ook toen de nieuwe platen hoegenaamd niets meer deden en de band meer en meer het oldies-circuit in werd gedreven. Nu was dat voor Mike geen probleem. Hij leeft voor die gouden sixtieshits en vindt het ook in 2016 nog heerlijk om op te treden. Brian was natuurlijk het grote genie van de band en ook Dennis en Carl waren tot hele mooie dingen in staat maar Mike was altijd meer de showman. Zijn rol in de band stootte veel fans van Brians geniale talenten tegen de borst. Toen Mike zijn bandmaat en neef ook nog tot tweemaal toen voor de rechter sleepte over misgelopen royalties en Brian’s pogingen de Smile/plaat op eigen houtje af te maken was het voor velen toch echt genoeg. Mike Love was de bad guy die dankbaar mocht zijn dat hij ooit mee had mee mogen doen met dit bandje en nu echt over de schreef ging. Toen alles weer koek en ei leek tijdens de vijftigjarige jubileum tournee in 2012 liep het ook weer verkeerd af. Omdat eerder geboekte shows niet werden afgezegd door Mike kon de tour niet worden verlengd en de pers schreef dat Mike het genie Brian de band uit had gezet. Zeker nu, met alle social media, maar ook vroeger al, was de bak stront die met regelmaat over Mike Love werd uitgestort niet misselijk.

Zelf zegt hij dat hij niet uit is op zijn eigen gelijk maar deze autobiografie Good Vibrations, My Life as a Beach Boy schreef voor zijn kinderen. Het is in elk geval voor elke ‘beach boys watcher’ zoals ondergetekende de moeite om ook zijn verhaal eens aan te horen. En hoewel zijn gedweep met de goeroe Maharishi me niet zo kan boeien zijn het vooral de intrigerende kijkjes achter de schermen van de band die ons Mike doen leren kennen. Hij is de eerste om te onderschrijven dat hij maar een fractie van de talenten van Brian heeft maar komt ook op voor de dingen die hij wel deed: klassieke teksten, melodietjes die hij bedacht, zijn zang op de grote hits etc., Mike is een hardwerkende man die niet onder stoelen of banken steekt dat hij niet vies is van centjes verdienen en er nog altijd lol in heeft voor een volle zaal te staan. Mike is gewoon een all american boy. Van de drugs en drank die Dennis de dood injoegen en Brian tot een soort levend wassen beeld maakten is hij zeer afkerig. In zijn privéleven (hij werd pas echt gelukkig in zijn zevende (!) huwelijk) ging het niet allemaal van en leien dakje maar of het nou daarover gaat of over de relatie met de andere Beach Boys, Mike is recht door zee, geeft zijn fouten toe maar tracht een en ander ook wel te verduidelijken. Zo is zijn uitleg over de gang van zaken rond het eindigen van de tournee in 2012 wel een heel andere dan die we in de pers lazen. Zijn crisismanagement heeft ervoor gezorgd dat de band niet al decennia geleden stopte te bestaan. Tegelijkertijd spreekt hij toch respectvol over Brian en zelfs Dennis, die hem het leven soms wel heel zuur maakte (hij sliep met Mike’s echtgenote), komt er niet al te slecht vanaf. Natuurlijk hoeven we Mike niet op zijn woord te geloven maar de kijk op zowel de man als zijn band verandert toch wel na het lezen van dit boek. Na het lezen van Good Vibrations, My Life as a Beach Boy is het duidelijk dat hij, de hardwerkende gewone jongen van arme komaf, ook nu hij dik in de zeventig is het prima naar zijn zin heeft met het spelen van hits die al vijftig jaar oud zijn en veel van de kritiek die hij al jaren krijgt in elk geval in een ander perspectief kan plaatsen. Ok, er hadden wat minder ‘names’ in het boek ‘gedropt’ mogen worden en Mike is soms wel erg dol op zichzelf maar toch, haters zullen na het lezen van dit boek toch een andere kijk kunnen hebben op Mike Love en The Beach Boys.

mij=Faber

File: Mike Love – Good Vibrations, My Life as a Beach Boy
File Under: Mike Love Not War
File Social: [Facebook]
File Video: [Good Vibrations 2016]

Hayley Kiyoko – Citrine

Hayley Kiyoko - Citrine EPSommigen van jullie kennen Hayley Kiyoko van haar acteerwerk, zij speelde recent de rol van Raven in het alweer gestopte CSI Cyber , maar de vijfentwintigjarige uit L.A. is vooral zangeres en componiste. Ooit begonnen in de meidengroep The Stunners, die een paar kleine hitjes in de V.S. scoorden en toerden als voorprogramma van Justin Bieber, is ze al een paar jaar solo aan de weg aan het timmeren. Het gay anthem’ ‘’Girls Like Girls’’ werd een internethit in 2015 en nu is er dan haar nieuwste release Citrine met daarop vijf messcherpe en dansbare hitsongs. Hayley’s stem is prettig, heeft een soms een tikje nasaal, rauw toontje en weet te boeien in met name het hitgevoelige openingsnummer ‘’Gravel to Tempo’’ en het ietwat gedragen ‘’Palace’’. Voor liefhebbers van moderne pop met een randje is dit een aanrader al is het voor de wat serieuzere muziekliefhebber wellicht iets te veel kauwgom.

mij=Atlantic

File: Hayley Kiyoko – Citrine
File Under: Up and coming
File Video: [Gravel To Tempo]
File Social: [Twitter]

Lol Tolhurst – Cured

Lol Tolhurst - CuredHet is een goed jaar voor muzikanten die hun levensverhaal willen opschrijven. De memoires vliegen ons om de oren en zowaar, daar zitten hele mooie levensverhalen bij. Het verhaal van Lol Tolhurst, tot 1989 drummer en toetsenman in The Cure, is er ook zo een. Meer nog dan het verhaal van weer een muzikant in een bekende band is dit het verhaal van een vriendschap en het verhaal van de donkere diepten waar verslavingen toe kunnen leiden. Die vriendschap is nog wel het mooiste element. Tolhurst vertelt enthousiast en in een prettig tempo over zijn vroege jeugd met een onbereikbare alcoholist als vader en al vanaf de kleuterschool een warme vriendschap met het jongetje Robert Smith. Als ze tieners worden is muziek hun grootste passie en Tolhurst, Smith en andere vrienden vormen diverse bandjes waar uiteindelijk The Cure uit ontstond. De band kende veel ups en downs maar was met name in de jaren tachtig de meest iconische band voor zeg maar de jeugd links van het midden. Tolhurst geeft grif toe dat hij niet de beste muzikant was in de band maar zijn minimalistische drumpatronen, tekstbijdragen en synthesizermelodietjes zijn niet te onderschatten. Tijdens meerdere wisselingen in de bezetting bleef Tolhurst zijn jeugdmakker trouw terzijde staan. En hoewel niemand in The Cure vies was van een drankje was het Tolhurst die daarin volledig doorsloeg. Een paar jaar lang leefde hij in een constante, alcoholische roes die ervoor zorgde dat hij bijna geen bijdrage meer aan de band kon leveren en na de Desintegration opnamesessies (toch een van The Cure’s meest imponerende platen), die hij meestal stomdronken op een sofa achterin de studio had meegemaakt, per brief door Smith werd ontslagen. En dan begint het pas. Verbitterd en lamgeslagen moet Tolhurst zichzelf zien te gaan redden. Een desastreus huwelijk, een desastreuze rechtszaak tegen zijn oude band, een vlucht naar de V.S., Tolhurst beschrijft pijnlijk openhartig welke diepe dalen hij heeft moeten doorstaan om anno 2016 tevreden terug te kunnen blikken. Want zonder al te veel weg te geven, er komt veel weer op zijn pootjes terecht gelukkig. De tocht naar 2016 is wel een hele zware maar Tolhursts prettige schrijfstijl en de kijkjes achter de schermen bij zo’n legendarische band maken Cured een boek dat je in no time uitleest.

mij=Quercus Books

File: Lol Tolhurst – Cured
File Under: Inderdaad genezen
File Social: [Facebook]