Carptree - Man Made Machine
Zo, The Flower Kings en Pain of Salvation, de twee grote hedendaagse symfo-namen uit Zweden, kunnen wat mij betreft mogen wat mij betreft wel een beetje gaan inschikken. Dan kan er mooi een derde grote naam aan het rijtje toegevoegd worden: Carptree. Het zal wel weer de wens zijn die de vader is van de gedachte, maar deze tweemans formatie bestaande uit Niclas Flinck en Carl Westholm solliciteert met de derde cd Man Made Machine toch tamelijk serieus naar een plek naast de voornoemde bands. Waar recent een band als Pineapple Thief lonkte naar een plaatsje ergens tussen namen als Radiohead en Muse, moet Carptree daar niet echt veel van hebben. Gewoon lekker old school symfo in een nieuw jasje. Mijmeringen over Genesis, Pink Floyd, Marillion en IQ, die krijg ik van Man Made Machine. En geen nare. Dat komt ook doordat ze niet verzanden in ellenlange solo's of tot vervelends toe uitgesponnen instrumentale passages, die blijven me gelukkig bespaard. Door de nummers grotendeels binnen de zes minuten te houden lukt het de twee ook om continu te boeien. Met dank ook aan de warme, een tikkie prikkelende stem van Flinck die ergens tussen Fish en Peter Gabriel in ligt. Dat scheelt allicht. Bovendien heeft Carl Westholm met het No Future Orchestra - eigenlijk gewoon allemaal individuele muzikanten, die hij om beurten meenam de studio in, vandaar ook No Future Orchestra - een solide basis gelegd waarop het aangenaam vertoeven is als zanger. Als ik niet beter wist zou gewoon denken dat hier een (h)echte band speelt.
File Under: Puike Prog
File Audio: [Man Made Machine] [Weakening Sound]
Drekka - Extractioning
Ik moet met mijn auto een kleine 125 kilometer rijden voor ik weer thuis ben. Ik geef gas tot de maximumsnelheid van 120 km per uur. In de cd -speler heb ik Extractioning van Drekka gestopt. De cd-release van een cassette uit 1998 die diverse geluidslandschappen met hier en daar een liedje bevat. Onder mij glijdt het asfalt voorbij. Links van mij is er een vangrail en rechts volgen diverse invoegstroken. Een automobilist is bij mij aan het kleven. Aan de rechterkant ligt een dorpje waarvan alleen de kerktoren zichtbaar is, waarna het uitzicht overgaat in bomen waarvan ik alleen de kruin kan zien. Een auto rijdt 80. Een remlicht is stuk. Ik hoor een vreemde cover van een nummer van Cat Power. Ik zie een bord met 70 knipperen. Ik rij op een file in. Een bord knippert 50, terwijl ik stilsta. Een automobilist haalt op de vluchtstrook in. Ik zie een platgereden duif liggen. Links ligt een industrieterrein met een grote parkeerplaats. Voor mij rijdt een wagen met een Belgisch nummerbord. Na een kleine drie kilometer file mag mijn auto weer. De oorzaak van de file is onduidelijk. Ik neem een afslag. Ik hoor weer een vreemde cover. Dit keer van een nummer van Donovan. Ik zie de Betuwelijn in aanbouw met veel beton en aan de andere kant een geluidswal die overgaat in industrieterrein. Hier en daar is plaats voor een lelijk billboard, een tankstation zoals er zoveel zijn of een bos waar de bomen netjes in een rijtje staan.
File Under: Experimentele folk en geluidslandschappen
File Audio: [What would the community think][Love without sound][Entitled]
Journey - Generations
"Leraar? Ikke? Blegh, nee!" riep ik altijd heel hard. Jaren later was ik plots trainer en stond ik pardoes les te geven. En eerlijk is eerlijk: ik was er helemaal niet slecht in. Ik wist niet altijd alles, maar door dat toe te geven en met inzet en handigheid training te geven kreeg ik toch een redelijke reputatie als trainer. Er is één nadeel aan een goede reputatie: je kunt 'm ook kwijtraken. Dat gebeurde bijna met de meesters van de AOR, Journey, dat na het vertrek van zanger Steve Perry nogal in het slop raakte. Raised on Radio werd wisselend ontvangen en opvolger Arrival verging het al niet beter. Toen bij dat laatste album de verstandhouding met de platenmaatschappij ook beroerd bleek, zag het er dan ook slecht uit. Maar ziedaar, plots is Journey weer helemaal terug. Er zijn nieuwe platendeals bij kleinere maatschappijen en, wat belangrijker is, ze hebben er weer plezier in. Dat is goed te horen op het nieuwe album Generations. Alle vijf de bandleden zingen (!) op dit album, met drummer Deen Castronovo als aangename verrassing, en de plaat wordt niet geteisterd door een teveel aan ballads. Oudgediende Kevin Elson, die destijds Journey's succesvolste albums produceerde, heeft de sound heel clean gehouden en heeft er vooral weer een echt rockgeluid van gemaakt. Van het stevige "Faith in the Heartland" en de fraaie mid-tempo song "A Better Life" tot de Schon & Hammer-rocker "In Self-Defense" spat het plezier er vanaf. Journey is terug en laat meteen zien hoe het moet!
File Under: Masterclass in AOR
File Audio: [Faith In The Heartland] [meer fragmenten]
Slow Dazzle - View From The Floor
Op zonnige dagen ligt het park aan de overkant van de straat heel erg vol. Niet zo gek, want heel veel Amsterdammers beschouwen het park als de ultieme recreatie. Er staan immers wel tien bomen en ja, als je tussen de honderden volgevroten eenden doortuurt zie je wel iets wat voor water door kan gaan. Ik hou niet van het park, het is van alles helemaal niks. Te weinig water, te veel eenden, te weinig bomen en vooral veel te veel mensen. Elke vierkante meter is benut. Nee, dan trek ik liever naar het Grote Oosten. Daar waar de woeste wouden wilde dieren herbergen en daar waar de akkers vol staan met het gouden graan. Daar vind ik mijn rust en zaligheid, daar zijn de dingen zoals ik ze hebben wil. De wind waait, de zon schijnt en hier ver weg van Amsterdam is het leven ook nog eens prachtig. Ziet u plaatje al voor u? Wind, zon, geen Amsterdam?
Nou, ik wel. Maar toch ontbreekt er iets. Want om het plaatje compleet te maken en omdat we hier op File Under zijn hoor ik natuurlijk op de achtergrond muziek. Zo gaan die dingen hier op File Under, we horen muziek. Heel sfeervol. En omdat dit mijn recensie is hoor ik natuurlijk country, alt.country. Dat soort platen krijg ik altijd in mijn bus. Laat ik nou net Slow Dazzle horen en als u even oplet hoort u het ook. Nee, ik heb het niet over de plaat van John Cale, knurft, ik heb het hier over een bandje dat het bijzonder naar zijn zin lijkt te hebben op The View From The Floor. Muziek die je opslurpt en je zelfs laat vergeten dat er een plek bestaat als het verrotte en duivelse Amsterdam. Die illusie duurt vervolgens wel drie hele nummers en dan rijdt er opeens een tram door de plaat. Of nee, geen tram, het is electronische meuk. Dat kan niet! Dat mag niet! Rare electromeuk op mijn countryplaat, daar gaat mijn illusie! Dan helpen er geen sterke staaltjes songwriting meer, of de belofte aan heel mooie liedjes. Dan helpen er geen teksten meer als 'Sometimes you do the dumbest things just because you care and so I'm very sorry that I pushed you down the stairs'. Urban Electro Country. Gekker moet het niet worden.
File: Slow Dazzle - View From The FloorFile Under: Urban Electro Country. Nou ja.
File Audio: [Fleur De Lie] [The Prosecution Rests]
The Gathering - Accessoires: Rarities & B-Sides
Een singletjesmens ben ik nooit geweest. Als een band me echt interesseert koop ik liever een verzamelaar van B-kantjes, maar dat doen ze lang niet allemaal. Daardoor mis ik nog wel eens een track die ik toch wel graag hebben wil. De uitvoering van Talk Talk's "Life's What You Make It" door The Gathering wilde ik absoluut niet missen en de "Amity" cd-single van The Gathering staat dus in mijn cd-kast. Dat nummer staat nu ook op de verzamelaar Accessoires: Rarities & B-sides, die ook alle andere extra tracks van de singles die verschenen tussen Mandylion en if_then_else bevat. Hierdoor krijg je aan de hand van covers van Slowdive en Dead Can Dance en liveuitvoeringen en alternative takes van eigen nummers van The Gathering in vijf kwartier een mooi beeld van de ontwikkeling van de band sinds Anneke zich bij hen voegde. De moeite waard dus, maar de tweede cd van deze dubbellaar is misschien nog wel interessanter. Vijf tracks hiervan zijn het resultaat van een demosessie die de band deed op Texel voor How To Measure A Planet? en klinken al beter dan wat menig band uit durft te brengen. Toch zijn de echte glimmers hier de eerste acht tracks. Dit zijn de demo-opnamen die Eroc (Grobschnitt) maakte met de band voor Nighttime Birds. Als ik ze vergelijk met de uiteindelijke cd-opnamen, dan vind ik deze demo's hier en daar misschien zelfs mooier dan de cd-versies uit 1997. Ik vraag me bij het beluisteren dan ook echt af waarom ze voor de cd zelf niet gebruik gemaakt hebben van Eroc's diensten. Dan was Nighttime Birds misschien wel nog mooier geweest.
File Under: Het betere verzamelwerk
Laura Veirs - Year Of Meteors
Ik lig op mijn rug in de duinen. Het lange helmgras danst om mij heen. Het is donker. Aardedonker. Een astronoom heeft op de radio voor vannacht een meteorenregen voorspeld. Daar wacht ik nu op. Helaas is het nogal bewolkt. Ik kan zelfs de Grote Beer niet ontdekken. Of toch wel? Alle sterrenbeelden kunnen herkennen was ooit een kinderwens. Ik zoek op de tast naar de repeat-knop van de discman in mijn rugzak. Ik voel de schelpen die we vanmiddag hebben verzameld. Zelfs zo'n grote waarin je het geluid van de golven mee naar huis kan nemen. Maar dan zonder het geroep van de meeuwen. Ze vliegen laag over ons heen. Zouden ze misschien aanvoelen dat er een storm op komst is? Weten ze van de aanstaande meteorenregen? En weten ze dan misschien of ik alleen als een échte ster valt een wens mag doen? Onvervulde wensen maken de mooiste dromen. Zonder verlangen is er geen noodzaak meer. Ik wil dromen. Aandachtig luister ik naar de stem die me de weg wijst. 'If I took you darling / To the caverns of my heart / Would you light the lamp dear?' Ik sluit mijn ogen en ik zie een regen van fonkelende sterren aan een heldere hemel. Ik zie de Grote Beer. Als ik me niet vergis herken ik daar zelfs de Kleine. Orion, Andromeda, Vliegende Vis... Ik herken ze allemaal.
File Under: Hemelse singersongwriter-plaat
File Audio: [Flash-speler]
Paula Frazer - Leave The Sad Things Behind
Er zijn meer muzikanten die naast hun eigenlijke carrière allerlei zijprojecten en curieuze hobby's beoefenen. Van Kim Deal wist ik dat haar hobby breien is, maar behalve in interviews geloof ik niet dat ze er veel nadruk op legt. Singer/songwriter Paula Frazer doet dat wel. Als je op haar - overigens schromelijk verwaarloosde - website terechtkomt kun je kiezen tussen twee ingangen: eentje die leidt naar haar muziek en een andere waardoor je terecht komt op haar webwinkeltje met kleding. Zo schizofreen is haar muziek niet, al bracht ze haar releases voorheen met haar band uit onder de naam Tarnation en nu onder haar eigen naam. De romantisch getoonzette countryrock van Tarnation was een logische opmaat voor het werk dat ze nu onder eigen vlag uitbrengt. Leave The Sad Things Behind is een degelijke singer/songwriter-plaat met twee grote kwaliteiten: de prachtige stem van Paula Frazer en de inventieve productie die me ernstig in de verleiding brengt om een vergelijking te maken met weefpatronen. Maar luister vooral zelf en vergeet de connotaties die Leave The Sad Things Behind bij mij oproept (Ennio Morricone, Tindersticks, Nancy Sinatra, CSN&Y).
File Under: Breed geproduceerde sing/song
File Audio: [Always On My Mind]
Electric Eel Shock - Beat Me
Japanners zijn de koningen van het kopiëren en samenvoegen van andermans ideeën om er vervolgens een superieur destillaat van af te leveren. En als het ze niet zelf lukt, dan halen ze er gewoon hulp bij van een buitenlander die het ze leert. Electric Eel Shock is hier ook weer een stuitend voorbeeld van. Aan de hand van onze eigen Attie Blauw hebben deze drie Japanners in de Wisseloord Studio's vorig jaar Beat Me opgenomen. Een overheerlijk rockalbum, want dertig jaar vuige rockmuziek door de shredder halen is voor dit drietal geen probleem. Mötorhead, AC/DC, Ramones, Iron Maiden en vooral ook Black Sabbath, alleen de grootste namen zijn goed genoeg voor Electric Eel Shock. Een bij vlagen hilarisch album ook, want een fatsoenlijke zin Engels op papier zetten lijkt haast wel onmogelijk voor ze. Laat staan om het accentvrij te zingen. Maar misschien hebben ze dat dan ook wel gekopieerd van de Duitsers, het zou zo maar kunnen. Eerlijk gezegd maakt het ook geen zak uit eigenlijk. De rock van Electric Eel Shock op Beat Me is namelijk zo puur, maar toch over de top, dat ik alleen maar kan grijnzen bij het horen van teksten als 'You are so drunk, fucker. Yes, you are. You Stink of Fish, you disgust me. Fuckin' you. Yes, you do'. Al is de tekst van het afsluitende nummer van Beat Me dan wel weer sterk. Maar goed, dat is dan ook een rare cover Black Sabbath's "Iron Man". Heerlijk.
File Under: Japaneze Rock-'n-roll Godenzonen
File Audio: [Scream For Me]
Eagles - Farewell Tour 1, Live In Melbourne (DVD)
Nog altijd staat Hotel California prominent vooraan in mijn kast. De plaat waarmee de Eagles mijn hart en eigenlijk de hele wereld veroverden. Zelf zag ik in 1977 en 1996 concerten van de band. Afgezien van de klasse muziek was het een gezapige bedoening met te weinig verschil tussen studio en podium. Ook speelden ze speelden mijn favoriete nummer "The Last Resort" niet. Dat werd later gecompenseerd door een prachtige versie op de dvd Hell Freezes Over. Waar deze het vooral moest hebben van de intieme sfeer, wordt er op de nieuwe dvd Farewell Tour 1 vaker een echt feestje gebouwd. Grappig is dat Randy Meisner's meesterwerk "Take It To The Limit" vertolkt wordt zonder Meisner zelf, die na Hotel California uit de Eagles stapte. De nieuwe nummers zijn nogal wisselend van kwaliteit. "One Day At A Time" geeft me het idee van het Eurovisiesongfestival, het andere, "No More Cloudy Days", is wel weer lekker! Dvd 2 begint ruig en pas dan valt me op dat er toch wel wat veranderd is sinds 1996. De lichtshow met videobeelden zijn indrukwekkend. Het absolute hoogtepunt blijft "Hotel California", met een intro van de koperssectie, maar ook verbluffend gitaarspel aan het slot. Ook het slot is erg sterk met "Take It Easy" en "Desperado", de traditionele afsluiter, met het nog altijd prachtige stemgeluid van Don Henley. Toch voegt deze DVD niet veel toe aan eerdere uitgaven, het blijft natuurlijk heerlijke muziek en het plezier van de bandleden is opvallend. Ondertussen wacht ik al 26 jaar op een nieuw studioalbum, maar de titel van deze DVD doet vermoeden dat het bij meerdere Farewell Tour-DVD's zal blijven. Stiekem hoop ik toch dat ze nog eens verrassend uit de hoek komen, en anders is er gelukkig nog genoeg oud werk af te spelen.
File Under: Alsjeblieft ook nog een nieuwe cd.
File Gast: Eros
Journey
Ik dacht eerst nog 'Is dit een grap of zo, een label dat Frontiers heet?'
Voorafgaand aan de release van het nieuwe Journey-album "Generations" sprak drummer Deen Castronovo vanuit een hotelkamer in Detroit over het nieuwe album van de AOR-band van het eerste uur, die naast Castronovo nu bestaat uit Neal Schon, gitaar, Steve Augeri - zang, Ross Valory - bas, Jonathan Cain - toetsen.

Shady Lane - Holy Ground (EP)
Naast optreden en het schrijven van liedjes heeft het spelen in een bandje nog wat bijkomende voordelen: je doet een hoop leuke muziek op. Je speelt met andere bands, komt muzikanten tegen in oefenruimtes, struint over festivals. Of je krijgt cd's in handen van onbekende bands. Zo plofte vorig jaar al een drie nummers tellende cd van het Friese Shady Lane op mijn deurmat. Voor een demo-cd heeft deze een bijzonder degelijk geluid waaruit met name de speelvaardigheid van de muzikanten opvallend was. Met een stemgeluid dat mij deed denken aan een kruisbestuiving tussen de zanger Maynard James Keenan van Tool en Daniel Johns (o.a. Silverchair) eiste zanger-gitarist Remy Tjassing gelijk een hoofdrol voor zich op. Nu een jaar later duw ik de tweede demo in de cd-speler en ben benieuwd naar de ontwikkeling van de band. Helaas is de band linksaf gegaan waar ikzelf op rechtsaf had gehoopt. Gelijk al het eerste nummer is zo direct op Tool geïnspireerd dat er geen ontsnappen mogelijk is. Stembuigingen en zanglijnen blijven zeer dicht bij die van Maynard. Gelukkig blijft het overige materiaal van deze ep verder weg van het Grote Voorbeeld en wordt er bovendien behoorlijk stevig doorgerockt. De nummers zijn echter wel lastig te doorgronden en vragen enkele luisterbeurten. Holy Ground is derhalve niet helemaal geslaagd, maar laat een band horen die hard op zoek is naar haar eigen geluid. En wie hard zoekt zal uiteindelijk ook vinden, laat dat maar aan Friezen over.
File Under: Wil de echte Shady Lane nu opstaan?
File Audio: [Holy ground] [Fragile]
Halfway - Farewell to the Fainthearted
Bijna een half jaar had ik een kamer voor mezelf. Dat is natuurlijk best relaxed, maar het maakt je ook verwend. Als ik punk wilde draaien, draaide ik punk, als ik metal wilde draaide ik metal. En het geluidsniveau kon ik tot op zekere hoogte (lees of het de kamer aan de andere kant van de gang irriteerde) zelf bepalen. Nu ik niet meer alleen zit is het aftasten. Buck '65 viel niet in de smaak bijvoorbeeld. Het debuut van Halfway wel. Niet zo raar ook, weet ik nu. Mijn nieuwe kamergenoot vertelde me dat 'ie op reis ging naar Australië zonder zijn eigen punkcd's omdat er geen plaats meer in zijn rugzak was. En daar Down Under daardoor een beetje overgeleverd was aan wat anderen bij zich hadden en zo op het rootsspoor gezet werd. En laat Halfway nu uit Australië komen én rootsmuziek maken. Dit zevental uit Brisbane levert met Farewall To The Fainthearted een geweldige americana plaat af. Ze doen me denken aan Whiskeytown, Calexico, de eerdere platen van Wilco en hier en daar (bijvoorbeeld in "Get Down") als het wat meer richting rock gaat aan de Canadeze helden van de Tragically Hip. Het mooie van Halfway is dat ze door de vele koppen in hun formatie ruimte hebben voor veel traditionele instrumenten: pedal steel, dobro, mandoline, E-bow, harp, banjo. Ze komen allemaal voorbij, maar door de uitgekiende arrangementen wordt het nooit een schadelijke overdaad. Het was weer even geleden dat Australië zo dicht bij Nashville lag.
File Under: Alt.Aussie.Country
File Audio: [Drunk Again] [Patience Back] [Get Gone]
Unseen Guest - Out There
Langzaam gleden we door het Duitse landschap met naast ons soms een weiland, dan weer bomen, soms een koe, dan weer een paard of een ooievaar, en hier en daar sloten met riet. En niets telde meer. Er was alleen nog een einddoel dat eigenlijk helemaal niet belangrijk was en onder ons een zand-, grind- of fietspad, een echte weg met gevaarlijke auto's of een wegdek vol gaten. Niets deerde ons. We gingen gestaag verder. Het geluk steeg, de doelen in het leven werden primair. Bij thuiskomst is het fijne gevoel van de fietsvakantie snel weg: wekkers, werk en andere verplichtingen. Zo gaat dat. Er is echter weer muziek om de rust terug te brengen. Door The Unseen Guest bijvoorbeeld. Het duo kwam bij elkaar tijdens een reis door Zuid-India van de Ier Declan Murray, niet per fiets, wel met een gitaar. Deze levert een ontmoeting op met Amith Narayan. Na een jamsessie nodigt deze de Ier later uit om samen een plaat op te nemen. The Unseen Guest wordt een feit. Ze leveren een plaat af waarop de songs voorbij glijden en het geluk in kleine zaken zit: tekstueel, maar ook muzikaal. Out There is een album dat de sfeer uitademt van het werk van wijlen Nick Drake. Zo intens, zo mooi en dan nog een prachtig scala aan instrumenten zoals de veena, tablas, ghada en edakka. Instrumenten die nergens op de voorgrond treden, maar er zijn alsof het niet anders kan ter ondersteuning van vocalen, gitaar, mandoline en bongo's. Met tranen in mijn ogen luister ik naar dit moois en denk weer aan dat landschap deze zomer zoals er over de wereld zoveel mooie landschappen zijn.
File Under: Ierland meets India
File Audio: [Snippers in Quick Time]
Airless - 2nd Round
Zo, schijfje d'rin, balkondeur open, krantje en koffie d'rbij, mijn ochtend - nou ja, middag - kan beginnen. Hmm, AOR dus, dat Spaanse Airless. 's Kijken. "Vooral hoge inkomens profiteren". Dat was te voorspellen. "Wandelbeleid", leuk stukkie van Jan Mulder. - Het hoeveelste nummer is dit eigenlijk? - "Bolton stookt onrust met kritiek op hervorming VN", mja, dat is het enige waar 'ie voor is aangesteld, lijkt me logisch. - Ik moet toch even meer op de muziek letten, ik krijg er weinig van mee. - "Hevige machtsstrijd om garderobe Manneken Pis", hihi, grappig. - Het klinkt best leuk dat Airless, maar het blijft niet hangen. - "Tuchtzaak tegen accountants", straks toch eens kijken welke kantoren, misschien ken ik ze wel, als oud-belastingadviseur. - Hee, wat grappig, dit orkestrale stuk, zouden ze vaker moeten doen. - "Tennisbaas niet naar Tsjechië", lijkt me terecht, die zie je anders nooit meer terug. - Hè, is 'ie nou al afgelopen die cd? Nou ja, straks nog maar eens luisteren.
Maar nee, de tweede keer verliep ongeveer hetzelfde, net zoals de derde. Airless zet op het tweede album 2nd Round een degelijke partij AOR neer zonder té braafjes en te soft te worden, maar het probleem zit hem in de composities. Die zijn zo voorspelbaar dat het mij niet lukte om m'n aandacht erbij te houden. De uitvoering is eigenlijk ook al zo. Niet slecht, dan zou het óók opvallen, maar domweg niet inventief genoeg om de aandacht vast te houden. Voor de echte AOR-diehards, zullen we maar zeggen.
File Under: Beproeving voor mijn concentr - hee, een vogel!
File Audio:[The Darkness] [meer fragmenten]
Alanis Morissette - Jagged Little Pill Acoustic
Lieve Alanis,
Heb je mijn vorige brief nooit gekregen? Ik vrees het. Aan het slot schreef ik toen dat ik blij was dat je vrede had met jezelf, en afgerekend had met iedereen uit je verleden. Maar dat ik hoopte dat dat geen negatieve uitwerking zou hebben op je volgende plaat. Ik verslikte me dan ook in mijn koffie toen ik het bericht las dat je nieuwe album een integrale akoestische versie van je succesvolle debuutalbum Jagged Little Pill zou worden. Ik hoopte dat het een grap was, maar hij ligt hier nu echt voor me. En - ik vind dat ik eerlijk moet zijn tegen je - ik moest bijna huilen om het resultaat. Je geeft zelf in interviews aan dat de nummers, doordat je ze al tien jaar met je meedraagt, meer diepgang hebben gekregen. Ik hoor het niet. Thuis noemen we het al grappend een meisjes-in-bloemenjurkjes-cd. Die kunnen zich vast helemaal vinden in je woorden en zij zullen je doelgroep wel zijn. Ik kan niet wennen aan het ontbreken van de elektrische gitaren in het door mij toch al nooit echt geapprecieerde "You Oughta Know". De bite van de originelen is gewoon weggemoffeld. Sorry dat ik het moet zeggen, maar ik vind Jagged Little Pill Acoustic bijna in zijn geheel een ronduit vervelende plaat. Een uitzondering wil ik maken voor "Head Over Feet", maar dan denk ik de gitaren weg zodat ik alleen de piano hoor. Ik wens je veel wijsheid toe bij het maken van een volgende plaat, die hopelijk gewoon weer een vervolg wordt op So-Called Chaos. Dit is drie keer niets wat mij betreft.
Mzzl,
Storm
File: Alanis Morissette - Jagged Little Pill AcousticFile Under: Dat heeft zo'n meisje toch niet nodig?
Black Rebel Motorcycle Club - Howl
Het kan snel gaan in muziekland. Het ene moment ben je hipper dan hip, het andere moment ben je niet eens meer hop. Nog geen vier jaar geleden was de debuutplaat van de Black Rebel Motorcycle Club een schoolvoorbeeld van de terugkeer van de pure rock n' roll. Geen tierlantijnen meer, alleen nog maar stampen en grooven totdat je erbij neerviel. Een overdonderend succes, vooral ook onder de muziekpers, was het gevolg. Als zovaak was ook in dit geval de moeilijke tweede plaat een flinke teleurstelling. Meer van hetzelfde, maar dan minder goed. De live-optredens stonden nog wel als een huis maar het leek er een beetje op dat de hype langzaam en gestaag uit zou doven. En dus is het aan 'de crusiale derde' om daar het tegendeel van te bewijzen. Dat er duidelijk is nagedacht over een nieuwe koers valt al direct vanaf het openingsnummer te constateren. Op Howl is BRMC afgestapt van de succesformule van slepende en ietwat psychedelische rawk en is er ruimbaan gemaakt voor een intiemer en minder bombastisch geluid. Akoestische en rootsy instrumenten voeren de boventoon op een opvallend mild album. En dat zit mij toch niet helemaal lekker. Je kunt de jongens geen gebrek aan lef verwijten, zo'n stijlverandering is immers niet niets, maar ik mis een beetje de intensiteit. Wie weet komt het nog bij de vijftigste draaibeurt maar vooralsnog wil het me maar niet pakken. De wilde rockers van voorheen lijken getransformeerd te zijn in makke hippies. En makke hippies vind ik toch bovenal nogal saai, net zoals deze plaat, helaas.
File Under: Dat kan harder
File Audio: [Flash-apparaat]
Criteria - When We Break
Als kind had ik al nooit een beroep dat ik graag wilde worden. Toen ik bijna klaar was met het VWO wist ik nog steeds niet welke opleiding ik wilde volgen. Ik wist eigenlijk alleen wel wat ik absoluut niet wilde gaan studeren: rechten. Stephen Pedersen dacht daar heel anders over. Hij wilde juist wel rechten gaan studeren, maar aan de andere kant wilde hij ook graag rocker worden. Rechten won het in eerste instantie van de muziek. Hij verliet Omaha en - toch niet het minste bandje - Cursive om aan Duke University School of Law te studeren. Maar zoals wel vaker kroop het rockbloed waar het niet gaan kan en voordat Pedersen goed en wel zijn diploma behaald had, zat hij al weer in een band, het een kort leven beschoren The White Octave. Eenmaal student af en terug en werkend in Omaha begon hij met wat oude maten Criteria. Hun eerste plaat En Garde - nooit gehoord overigens - deed niets, maar When We Break dat verschijnt via Omaha's huislabel Saddle Creek verdient een beter lot. Criteria doet het met emo uit het straatje Taking Back Sunday/Open Hand die natuurlijk deels ook aan Cursive herinnert. Als ze grooven ("Draped In The Blood") doet Criterea denken aan King's-X, als ze meer melancholiek uit de hoek komen aan Sunny Day Real Estate, en als het ritme goed strak aangetrokken wordt ("Self Help") zelfs aan Tool. Laat dat nu juist een drietal favorieten bij mij uit de cd-kast zijn. Mij hoor je begrijpelijkerwijs niet klagen...
File Under: Ready for a breakthrough??
File Audio: [Flashding op de site]
Luna Field - Diva
De uit Stuttgart afkomstige band Luna Field bestaat al sinds 1998 en levert na het in 2003 verschenen Close to Prime met Diva hun tweede volwaardige cd af. Alhoewel ik nog niet eerder met deze band kennis heb gemaakt, ben ik behoorlijk enthousiast geworden na het beluisteren van Diva. Dat komt niet zozeer door de in een vrouwelijk korset gehesen zanger, die decadent poserend mij aan zijn ontblootte tepeltje voorstelt, maar meer door het muzikale geweld op dit album. De death metal die als basis dient, is een uitstekende combinatie van wat Cannibal Corpse zo'n beetje laat horen vanaf Vile en heeft in de snellere, meer technische gedeeltes raakvlaken met bands als Cryptopsy en Hate Eternal. Kennelijk was dit nog niet uitdagend genoeg en dus werd besloten om ook nog wat lekker klinkende orkestrale en industrieel aandoende synthpartijen toe te voegen, her en der wat black metalriffjes te spelen, de zanger opdracht te geven om zijn schizofrene aanvallen vooral niet te onderdrukken en de karrenvracht aan bizarre stemmetjes die in hem huizen zoveel mogelijk te gebruiken. Het resultaat van al deze inspanningen mag er zijn. Nummers als "Camouflage", "Egoism Divine" en de stemmige afsluiter "Diva Messiah" zijn van een hoog niveau en ook de overige nummers zijn bovengemiddeld goed. Als je The White Crematorium van onze eigen The Monolith Deathcult kon waarderen moet je zeker eens naar Luna Field gaan luisteren.
File Under: Teutoonse giganten
Lowlands 2005 napret (III)
Het was muf ontwaken in de tent; de zon stond er fel op, en ik had al twee dagen Lowlands achter de rug. Gelukkig was ik niet de enige die brak was. Er stonden lange rijen voor het badhuis, dus met wat vrienden deden we de deo-douche. "Niet schoon, wel fris!" Een Lowbode-bezorger kwam langs ("De laatste nieuwtjes! Alles over hoe je je haar moet doen!") en er ontstonden discussies over de in de Daily Paradise aangekondigde politie-alcoholcontroles op maandag. We ontbeten, haalden koffie, en sukkelden het festivalterrein op.[PP]

Richard Thompson - Front Parlour Ballads
Er wordt wel eens gezegd dat het een nadeel is dat Internet leeftijdsloos en gezichtloos is, ik vind het een voordeel. Zo ben ik in de afgelopen jaren vrienden geworden met mensen met wie ik anders misschien wel nooit in contact zou zijn gekomen. Vooral muziekvrienden heeft het mij opgeleverd. En niet alleen met dezelfde muzieksmaak. Door hen leerde ik dus ook veel andere muziek kennen en waarderen. Een van die vrienden is een enorme Richard Thompson-fan. Dat is hij gezien zijn leeftijd misschien al langer dan ik leef, want Richard Thompson maakt al sinds 1968 (eerst met Fairport Convention, later met vrouw Linda en solo) platen. Met kleine stappen maakte ik hier de afgelopen jaartjes kennis mee. Die kleine stappen, daar was ik zelf de oorzaak van. Er is gewoon teveel muziek die ik leuk vind om met een knip van de vingers Thompson-fan te worden. Een nieuwe plaat is natuurlijk altijd wel een mooi moment om (weer) aan te haken. Dat doe ik nu dus - definitief - met Front Parlour Ballads. Hierop begeleidt Thompson, die de plaat thuis in zijn eigen studio opnam, zichzelf vooral akoestisch. Zij die vooral van zijn elektrische gitaarwerk houden moeten goed zoeken en komen dan uit bij mooi spel in "My Soul, My Soul". Ik, niet gehinderd door veel bagage, heb niet echt een voorkeur. Zo akoestisch vind ik zijn muziek ook mooi. Thompson levert namelijk dertien wonderschone liedjes af waarin de zalvend warme stem van Thompson, zijn fantastische gitaarspel en zijn vaak bitterzoete teksten erg goed tot hun recht komen.
Richard Thompson speelt maandag 29 augustus in de MelkwegFile: Richard Thompson - Front Parlour Ballads
File Under: Na 38 jaar aanhaken is niet te laat.
File Audio: [Let it Blow]
The Stands - Horse Fabulous
Eens in de zoveel tijd maak ik met twee vrienden een grote stad onveilig. Dit in een kader van een eeuwige afscheidstournee van een van die vrienden die de Grote Stad achter zich liet en terugkeerde naar een veilige Twentse Moederschoot. Typisch gevalletje van buitensporig offeren aan Bachus en de meeste van die avonden eindigen dan ook is een toestand die hoogst inadequaat als vaag te omschrijven. Zo bleek ik de dag na de Amsterdamse Avond, waar we onverwacht London Calling bezochten, in het bezit te zijn van debuut-cd van The Stands, All Years Leaving. En daar waar de rest van de optredens in een alcoholische mist weggezonken waren, stond me het optreden van The Stands me nog helder voor ogen. Want hoewel geplaagd door de nodige technische perikelen gaven ze een gloedvol concert waaruit bleek dat een bandje uit Liverpool ook goed de weg weet aan de Amerikaanse Westcoast. En dat is exact de plek waar The Stands tweede werkje Horse Fabulous ook vertrekt. Maar men heeft de blik nu op het oosten gericht en dat maakt dat Horse Fabulous een prettige mengeling van (Amerikaanse) roots stijlen heeft. Beetje Dylan, beetje Band, beetje Beach Boys, beetje Byrds en vooral veel Stands . Je moet er alleen even wat moeite voor doen voor Horse Fabulous dat allemaal loslaat. De plaat is minder makkelijk en minder toegankelijk dan debuut All Years Leaving. Maar dat maakt'em niet slechter. Integendeel zelfs. Dit moesten ze daarom maar weer eens live komen brengen. Maar dan zonder technische problemen. Dan zal ik wat minder drinken dan de vorige keer...
File Under: Even doordrinken, maar dan zeer verslavend...
Stars - Set Yourself On Fire
Mooie liedjes worden vaak geboren uit pijn. De band Stars, een viertal uit Montreal, Canada, had het vooral erg koud. In een ijzige studio in Quebec namen ze hun fraaie liedjes met jongen-meisjezang, klassieke instrumenten en elektronica op. Het voordeel daarvan voor ons is dat ze in elk geval nog genoeg humor overhielden om de liedjes te voorzien een gezonde dosis gekte. Sterker nog, het nummer "He Lied About Death" heeft de meest waanzinnige, doldrieste, orgastische, geniaal gestoorde saxofoonsolo die ik dit jaar gehoord heb, meer dan een minuut lang. De rest van dit opgewekte album (hun derde, dat eigenlijk alweer uit 2004 dateert) is wat minder gek, maar juist zulke grapjes, bijvoorbeeld de tegendraadse melodielijnen in het titelnummer of in "The First Five Times", die tillen Stars voor mij uit boven 'gewoon mooie' vergelijkbare popalbums als die van The Delgados, of qua melodieen, Popsicle. Sterker nog, Stars mag van mij direct bij het lijstje Canadese topbands als The Arcade Fire en The Dears. Luister bijvoorbeeld naar het prijsnummer "One More Night" met die gruwelijk mooie viool tegen de snerende elektrische gitaar. Of naar "Soft Revolution", anthemisch en lief tegelijk. Of naar "Calendar Girl". Shit zeg, dat ik deze band niet op Metropolis ben gaan zien! Set Yourself On Fire is een warme en toegankelijke plaat geworden, voor iedereen die kan smachten bij meisjesstemmen met strijkers, voor romantici met angst, voor winters met bakken sneeuw en voor zomers met slierten regen. Jaarlijstplaat.
File Under: Kippevel, zelfs onder een warme douche.
File Audio: [Ageless Beauty]
Baltimoore - Fanatical
Björn Lodin is een volhouder. Zijn band Baltimoore bestaat sinds 1987 en is in die jaren een doorgangshuis van vooral Zweedse muzikanten geweest. Weliswaar was hij ook voor solo-projecten getekend door zijn eerste platenmaatschappij, maar eigenlijk wilde Lodin een échte band. Dat liep wat anders dan gepland. In de tussentijd heeft Lodin wel zeven Baltimoore-cd's uitgebracht met medewerking van bijvoorbeeld Ian Haughland (Europe) en Brazen Abbot's Nikolo Kotzev in zijn bad hair periode. Zijn stijl is niet zo heel veel veranderd: het is stevig in de blues gewortelde hardrock. Dat is ook niet zo verwonderlijk, want Lodin is gezegend met een hese, rauwe stem waar je echt geen lieflijke deuntjes mee kunt zingen. Niet voor niets was hij ooit bij Krokus in beeld als opvolger van Marc Storace. Recentelijk heeft lijkt hij eindelijk een band voor langere duur te hebben en is er voor het eerst sinds 1994 (!) weer een live-optreden gedaan met Baltimoore. Misschien dat daarmee Baltimoore wat kan stijgen in de hardrockrangen. Aan Fanatical zal het niet liggen, want het is goede bluesy hardrock die je hier hoort. Daardoor, én door Lodin's rauwe strot, heeft het wel iets weg van Slash's Snakepit. Tuurlijk, Slash hebben ze niet in huis, maar op deze cd wordt het gitaarwerk prima vervuld door Mankan Sedenberg en de inmiddels weer vertrokken Stefan Bergströrm (ex-Skintrade). Ook de solo's zijn meer dan adequaat te noemen. Misschien had hier en daar het tempo net iets hoger kunnen liggen, maar al met al is dit gewoon een prima bluesy hardrockplaat zoals ze niet vaak genoeg gemaakt worden.
File Under: De aanhouder wint
File Audio: [My Number 1] [Give me what you've got]
Octavepussy - Here Are The Results Of The Universal Jury
Het was tijdens het eigenlijke optreden al één en al hosanna, maar in de toegift na hun winst stond het hele publiek te dansen op de banken. Uitgewoond staat de band met zijn tienen op een rij. De koppen glimmen van trots en van het zweet dat van hun kop gutst. Die vermoeidheid is niet zo raar ook, want dit intergalactische songfestival is een ware slijtageslag. Waar je bij het Eurovisiesongfestival je ding moet doen met één liedje, spelen de acts bij dit wereldvreemde gebeuren een hele set voordat ze beoordeeld worden door de jury. Gezien de kosten van dit elke vijf jaar plaatsvindende evenement is dat ook wel logisch. Het zou ook zijn lullig als je vanaf Mars of Bijk komt om maar één nummertje van drie minuten te spelen en weer moet terugvliegen of teruggebeamd wordt. De OctavePussY-clan speelde bij voorbaat al een gewonnen wedstrijd. Het is natuurlijk algemeen bekend dat aliens gek zijn op (P-)funk. George Clinton is niet voor niets een van hen. Slim als ze zijn heeft OPY speciaal voor dit optreden de hulp ingeroepen van een paar van zijn P-Funk All Stars en hulptroepen van die andere op aarde levende alien James Brown. Niet dat OPY die hulp van buitenaardsen per se nodig heeft, hun funk in mengelmoes met andere aardse stijlen staat zo ook wel als een huis. Maar in deze intergalactische aangelegenheid is het toegestaan, dus waarom niet. Het resultaat was er ook naar. Waar de andere buitenaardse acts lage cijfers scoorden, scoorde OPY maar liefst een zeven. Voor aardse begrippen al aardig, maar voor deze competitie is het extraordinair.
De overwinning van OPY wordt aanstaande zaterdag 27 augustus gevierd in Nighttown Theater vanaf 21:00 uurFile: Octavepussy - Here Are The Results Of The Universal Jury
File Under: Wie intergalactisch meetelt, doet dat gewoon op aarde ook.
Lowlands 2005 napret (II)
Is Born nu een plaatsje in Limburg of in Brabant, vroegen we ons bij het opstaan af? Het is in elk geval het alter ego van singer-songwriter en Essentwinnaar Born Stuyven die de ondankbare taak had om het nauwelijks wakkere publiek als eerste te vermaken. De India-tent was dan ook veel te groot voor hem en hoewel hij applaus in ontvangst mocht nemen, soms welwillend, soms enthousiast, heb ik geen idee waarom hij hier stond. Zijn liedjes klinken anoniem en zijn stem prettig, maar op een manier die vooral Radio 2-luisteraars zal bevallen. Je kunt er lekker andere dingen bij doen.[DM]

Lazarus Blackstar - Revelations
Het geluid van een mammoet die een omlaag gestemde zessnarige bas bespeelt tijdens een aardbeving van 7.5 op de schaal van Richter. Zo klinkt Revelations. Of nee, het geluid van een stapvoets voorbijrijdende vrachtwagencombinatie die versterkt wordt over een opgeblazen basversterker met daartussen een ouderwets fuzz-bakje. U begrijpt, Lazarus Blackstar zoekt het in het laag. En het sublaag, als het even kan. Het is een beetje onduidelijk of ze nu meerdere bassisten hebben of niet, de bio op de site is daar niet echt duidelijk over, maar het zou mij niets verbazen. Ik heb zelden zo'n forse bassound gehoord. Indrukwekkend is nog de voorzichtigste omschrijving. Net als de zang, de ene oerschreeuw duurt nog langer dan de andere, en dat de hele plaat door. Ik ben niet zo heel erg thuis in het sludge-genre, maar wat deze Britten hier neerzetten is behoorlijk imposant. De tempo's liggen laag, de riffs slepen en wringen, de ritmesectie ploegt door tot het bittere eind en dat levert een in en in zwarte, smerige überdoom sound op. Benauwend en apocalyptisch. En meteen een mooie binnenkomer in het genre. Voor Revelations is enig uithoudingsvermogen dan ook wel een vereiste en deze is dus misschien wel niet aan te raden voor beginners. Maar de ervaren doom- en sludgeliefhebbers onder ons kunnen weer even vooruit met deze massieve plaat.
File Under: Laaggestemde übersludge
File Audio: [Revelations Pt. II]
The Moe Greene Specials - The Moe Greene Specials
Wanneer je weet wat een "Moe Greene Special" is, heb je direct een duidelijk idee over wat voor een muziek de band die hieraan zijn naam heeft ontleend precies maakt. We hebben het hier over pure mafia-slang zoals we in het Mobster woordenboek van HBO kunnen lezen. De uitdrukking is een directe afgeleide van het schot in zijn oog, waarmee Moe Greene in The Godfather naar het hiernamaals werd gestuurd. De Belgische Moe Greene Specials hadden dan ook geen betere bandnaam kunnen kiezen. Hun instrumentale surf n' western zou niet misstaan als soundtrack voor een klassieke mafiafilm. Zeer fraaie en pakkende liedjes, vormgegeven met contrabas, trompet, conga's, castagnetten en andere toepasselijk authentieke instrumentelarij. Het gebeurt mij niet vaak dat een plaat mij vanaf de eerste kennismaking direct pakt maar deze keer is het helemaal raak. Ik kan hier heel erg van genieten, zo mooi en vooral sfeervol als dit album is. Geen enkel liedje verveelt ook maar een moment, ondanks het ontbreken van een zanger. Wie zit er ook op zanglijntjes te wachten wanneer de muziek op zich al zo mooi is. Na het heerlijke Vintage Soup van The Star & Key dus alweer zo'n schitterend stukje kippenvelmuziek. Het lijkt verdikkie wel alsof er een heuse surfrevival op stapel staat. U hoort mij niet klagen!
File Under: Adembenend goede surf uit België
File Audio: [The El Monte Case] [A $1000 Ride Pt. 2] [Quintana Sixteen] [Maplewood Drive]
Lowlands 2005 napret (I)
Mijn Lowlands-vrijdag begon met een vrolijk maar rommelig potje The Polyphonic Spree. Op het podium stonden 23 blauwe jurken te zingen en te springen. Ondanks het matige geluid kon de Spree het publiek wel bekoren. Erg grappig waren ook de cameramensen, die omringd door dansende bandleden van gekkigheid echt niet meer wisten wat ze moesten filmen. Al bij deze aftrap van Lowlands staat aardig wat publiek uitzinnig mee te dansen.[SH]

SpongeTones - Number 9
Een band die al sinds 1980 aan de weg timmert en nu, anno 2005, nog niet van ophouden weet, maar waar ik, ondanks het feit dat ik toch bovenmatig geïnteresseerd ben in powerpop, nog nooit van gehoord heb én toch de moeite waard is. Het bestaat. DeSpongeTones zijn er het levende bewijs van. Echt nog nooit van gehoord. Jamie Hoover is degene die misschien bij anderen nog een klein belletje zou kunnen doen rinkelen, want hij toerde met Graham Parker, speelde een jaartje in The Smithereens en deed wat dingetjes met Don Dixon. Maar voor de rest zeggen de namen me helemaal niets. Alle vier de leden van deze band uit Carolina hadden denk ik wel mijn vader kunnen zijn en maken met Number 9 hun zevende cd in vijfentwintig jaar muziek die mijn vader óók mooi zou vinden. Übermelodieuze powerpop geënt op het vroege werk van The Beatles en voor mijn gevoel dan vooral de Paul McCartney-kant van The Beatles. Dat komt ook met name door de zang van Jamie Hoover en Steve Stoekel die allebei ook nog eens her en der op Number 9 de basgitaar ter hand nemen. Ze zullen vast en zeker - helemaal gezien de titel van de plaat en de fascinatie de John Lennon voor het getal 9 - de laatste zijn om de invloeden van The Beatles te ontkennen. Al zullen ze zelf vast ook de Kinks als een van hun andere invloeden aandragen en als ik zo luister naar de samenzang in "Metal Mother World" dan kunnen we The Beach Boys en misschien ook nog wel The Eagles eraan toevoegen. Die koortjes zijn namelijk misselijkmakend mooi.
File Under: Powerpop
Holopaw - Quit +/or Fight
Op het moment dat ik Quit +/or Fight van Holopaw met een sierlijke boog in mijn cd-speler laat belanden begint het buiten te sneeuwen. Ik wrijf met mijn knuistjes in mijn ogen. Het is augustus, het is net iets meer dan twintig graden en toch dwarrelen buiten de sneeuwvlokken naar beneden. Ze bedekken de mensen die op het terras hier voor de deur een biertje drinken en nu in stille verwondering naar boven staren. Er is geen wolkje aan de lucht, maar toch komt de sneeuw nu met bakken naar beneden. Terwijl ik verrast naar buiten staar klinkt er een melancholische stem door mijn huiskamer. Hij doet zijn donkere en duistere beklag over de wereld om ons heen. Er ligt een heel pak sneeuw nu. Mensen lopen buiten huiverend over straat, ik zie iemand met een slee. Deuren en ramen worden gesloten , ik gooi een blok hout in de open haard en steek hem aan. Terwijl het haardvuur knettert en jij tegen me aankruipt op het elandenvel hier in de kamer zie ik de beelden voor me langstrekken. Beelden van bevroren meren en witte bomen. Buiten vriest het nu dat het kraakt, de ijspegels hangen aan de dakrand. Binnen klinken gelaagde liedjes, steel gitaren en prachtige melodieën. Dan is de cd afgelopen en verdwijnt de kou en sneeuw. Ik open de deuren en de ramen, het vuur in de haard dooft snel. Maar als je goed luistert hoor je de belletjes alweer tinkelen. Snel, dan doe ik het raam weer dicht en drukken nog een keer op play.
File Under: Wonderschone winterse liedjes in augustus
File Audio: [Curious]
Elias Viljanen - The Leadstar
Les 1 in de cursus "Hoe verjaag ik mijn rockpubliek in tien seconden": neem een cover op van een volstrekt uitgekauwde popsong, bij voorkeur een tearjerker die bij iedereen beelden oproept van geglazuurde glimlachen in soft-focus. Elias Viljanen doet het, met Lionel Richie's "Hello". Maar verdomd, het is nog een mooie uitvoering ook. De zoetsappigheid druipt er niet meer vanaf, de fraaie gitaarsolo uit het origineel is intact gelaten, maar in plaats van het gekweel van meneer Richie gebruikt Viljanen smaakvolle uithalen op de gitaar. 1-0 voor meneer Viljanen. De rest is ook niet verkeerd, trouwens. Het is zijn 2e instrumentale gitaaralbum, toch zo langzamerhand het meest uitgemolken gebied in de rock, maar Viljanen valt op door zijn techniek. Bij veel collega's hoor je wel allerlei gierende solo's op topsnelheid langskomen maar lijkt het vooral de bedoeling te imponeren met pure snelheid. Viljanen heeft de techniek om ook op hoge snelheid zuiver en zorgvuldig te blijven spelen. Die snelheid staat echter niet op de eerste plaats, zodat de stijl varieert van Vai, Satriani en Ronnie Montrose tot Iron Maiden en Ayreon. Wat zeker ook geholpen heeft is het feit dat Viljanen deze plaat met zijn vaste band Evil Spirit heeft opgenomen, in plaats van vrijwel alleen in een studio met drums uit een doosje. Zeker, het is de zoveelste instrumentale gitaarplaat, maar deze keer is een luisterbeurt zeker gerechtvaardigd.
File Under: Lefgozer met klasse
File Audio: [flashplayer op de site]
The Real Losers - Music for Funsters
Het eerste dat ik zondagavond deed bij thuiskomst van het Lowlands-festival was onder de douche springen om er fris geurend onder vandaan te komen. Nu waren er in Biddinghuizen luchten die gruwelijker dan mijn lichaamsgeuren waren, zoals de urinelucht en zweetlucht van sommige bezoekers. Als ik de volgende ochtend mijn rugzak met smerige spullen leegpak blijk ik ook niet geheel onschuldig te zijn. Stinken hoort kennelijk bij festivals. Stinken doen het trio The Real Losers ook. Niet dat ze op Lowlands stonden. Nee, zij spelen bij mij thuis. In een half uur raggen de Engels garagerockers hun nieuwe album Music for Funsters er doorheen. Vijftien nummers die van voor naar achteren totaal knallen waaronder een cover van het nummer "Mongoloid" van Devo. De productie is rauw en er is weinig aan gedaan om het prettig te laten klinken. Gelukkig maar, want dit soort muziek hoort te stinken. Net zoals de kwaliteit van de songs, want onze verliezers doen stinkend hun best en leveren een parel af in dit genre. Liefhebbers van The Stooges, The Sonics of The Dirtbombs zouden zeker moeten luisteren. Mijn was gaat de wasmachine in, maar The Real Losers zijn een blijvende herinneringen aan Lowlands 2005. Een geslaagd festival echter wel zonder deze stinkers.
File Under: Eredivisie garagerock
Bell Orchestre - Recording A Tape The Colour Of The Light
Afgelopen zondag zag ik een man getooid met een trommel halsbrekende toeren uithalen in de lichtmasten van Lowlands. Ongezekerd. Ik dacht: 'Jij bent gek, hopelijk niet Bob Forrest-gek.' De man bleek een van de leden van Arcade Fire te zijn. De begeleidende muziek kwam me al niet bekend voor. Ik heb namelijk Funeral van deze überhippe Canadezen nog nooit gehoord. Als ik de presentator van Lowlands op tv moet geloven mis ik heel wat. Ik weet dat nog niet zo zeker. Maar ik heb wel Bell Orchestre gehoord. Wie zeg je? Bell Orchestre! En laten daar nou leden van Arcade Fire in meespelen! Sterker nog deze cd werd tegelijkertijd opgenomen met Funeral. Onder andere multi-instrumentalist Richard Parry en Pietro Amato en violiste Sarah Neufeld spelen mee. Voordat je nu als een dolle horzel naar de winkel rent om Recording A Tape The Colour Of The Light te kopen zou ik toch even verder lezen. Bell Orchestre is namelijk een raar genootschap, een wild kamerorkest eigenlijk. Recording... telt elf instrumentale tracks die doorspekt zijn met zeer diverse invloeden. Zo zijn de eerste twee ingetogen tracks van Rachel's-achtige schoonheid, waarna in het "Les Lumieres"-tweeluik gekte met folkinvloeden gecombineerd wordt. Hoorns, met staccato repeterende vioolpartijen. Deze combinatie, die ze her en der uitbreiden met cello, speelt sowieso een grote rol op Recording... Het is een combinatie die mij wel bevalt op deze betoverend mooie plaat, die van mij best een graantje mee mag pikken van het succes van Arcade Fire.
File Under: Très belle
File Audio: [Throw It On A Fire]
Final Fantasy - Has a Good Home
Dit gaat niet over Final Fantasy - The Game, of The Movie - dit gaat over The Band... Hoewel de naam wel een eerbetoon schijnt te zijn aan het oorspronkelijke spel, heeft het er verder niets mee van doen. De zanger van het duo Final Fantasy is gezegend met een van de betere stemmen. Je zou kunnen denken aan iemand als Jens Lekman, of eigenlijk zelfs aan een nazaat van Cliff Richard, maar daar doen we Owen Pallett tekort mee... Waar namelijk Cliff veel aan truttigheid meebrengt, weet Final Fantasy je in te pakken met fijn afgesteld strijkwerk, terwijl pizzicato-gepluk en een freaky geluidje vaak dient als ritmische begeleiding. Het andere deel van het duo wordt gevormd door Leon Taheny, die normaal voor het Canadese label Blocks Recording Club veel mix- en opnamewerk doet. Dit album klinkt als een kerkdienst, maar dan wel een opwekkende en beslist geen slaapverwekkende. Owen Pallett (een acroniem voor Open Wallett?) is de voorganger en hij weet je bij de preek te houden. De muzikale begeleiding houdt je nog eens extra bij de les. Na de dienst mogen we weer gelouterd de straat op, halleluja! Een fijn, folky en ingetogen album voor een lome zondagmiddag.
File Under: Louterende vocalen
File Audio: [The CN Tower Belongs to the Dead] [Please Please Please]
DM Bob & Country Jem - Bum Steer
Duitsers en country, kan dat goed gaan? En Duitsers en country en humor? Het is erg verleidelijk om cliché's uit de kast te gaan halen bij het bespreken van Bum Steer van D(eutsch) M(ark) Bob & Country Jem (Finer). De twee in Hamburg wonende maar oorspronkelijk uit Louisiana en Groot-Brittannië afkomstige muzikanten/beeldend kunstenaars hebben elkaar gevonden in een tweemans band die zich vooral toelegt op grappen als "Who put the cunt in cuntrey" en "Lou short for loser" (nu ja, dat is eigenlijk wel geinig). Van de humor moeten ze het dus niet hebben en van hun muzikale techniek ook niet. Met hun muzikale kennis en bagage zit het wel snor, want ze zetten breed in: van redneck-garagerock (opener "Bar-B-Q Bob"), dronken cajun ("Too late for tequila") en polka ("Pachinko") tot een harmonicablues ("Girlfriend stole my alien"). Daarnaast heeft Jem Finer nog een achtergrond in The Pogues, dus stiekem zitten de liedjes prima - maar vaak net te weinig verrassend - in elkaar. De kwaliteit van de opnames (categorie: bandrecorder in oude schuur) past vreemd genoeg wel bij de primitieve teneur van de liedjes. In de kroeg klinkt het allemaal ongetwijfeld briljant, maar zoals dat gaat is een grap meestal alleen bij eerste beluistering grappig. Zouden ze daarom niet genoemd worden op de website van hun platenlabel?
File Under: Tweemans humor
Summer Of Mars - Glaciers
Enkele dagen geleden zei Storm over The Subways dat het hem aan zijn reet zou roesten dat ze zoooo jaren negentig klinken. Nou, dan roest ik maar even lekker met 'm mee want ook bij het luisteren naar Glaciers van Summer Of Mars moest ik denken aan 'Nogal Negentig' bands als Nirvana, Dinosaur Jr en The Lemonheads. Niet in de laatste plaats omdat de zang van Paul Smith ergens tussen een beheerste Kurt Cobain en een nuchtere Evan Dando in zit. Ook bij dit bandje gaan de gitaren regelmatig op standje 'grunge'. Voordat iedereen nachtmerries krijgt van moeilijk kijkende ongewassen types in flanellen houthakkershemden kan ik gelukkig melden dat er voor de broodnodige spanning enkele verfrissende alt.country-invloeden en QotSA-riffs op deze schijf gebroederlijk naast elkaar staan. Tevens is het songmateriaal dusdanig sterk dat ik bijna spontaan mijn veel te wijde steengewassen broek-met-van-die-zakken-aan-de-zijkant uit de kast wilde trekken. Summer of Mars is ontstaan uit de as van Vera Cruise, dé belofte uit Glasgow van zo'n vier jaar geleden. Allemaal even een hand in de lucht van wie die naam iets zegt... niemand? Ik kende ze ook niet hoor, maar als dat bandje net zo'n leuke plaat als deze heeft afgeleverd kan het geen kwaad om die eens op te speuren. Laten we maar snel al die naar 'Typisch Tachtig' riekende bands vergeten; op naar de nineties-revival!
File Under: Kom maar op met die nineties-revival!
File Audio: [This Is A Fuse]
Stereo MC's
In monoloog met Stereo MC Nick Hallam
Het voelt weer fris, een nieuw tijdperk is voor ons aangebroken. Onze deal met Island, die behoorlijke verstikkend was, kwam ten einde. En we kregen een nieuw management. Maar we hebben het allemaal ten positieve gekeerd. Het voelt weer zoals in het begin.

Onze carrière heeft ups and downs gekend, soms brachten we tijden lang geen platen uit. Maar zo gaat het leven en is het leven. En ik denk dat het leven onderdeel moet uitmaken van wat je het liefst doet. In de muziek bestaat geen geregisseerde carrière. Mensen uit de platenindustrie zouden dat wel willen, maar zo werkt het gewoonweg niet. Je raakt verzeild in situaties. Sommige platen zullen minder zijn, andere zich echt onderscheiden. Maar dat is de lol ervan, nu zien we dat goed in.
The Pineapple Thief - 10 Stories Down
Het gaat ergens mis ik weet niet precies waar. Ik zoek naar de fout. En ik zoek naar de knoppen van de grote machine. De knoppen die het succes van een band bepalen. Ik wil er aan draaien. Zodat ik er voor kan zorgen dat het succes van de Coldplays, Radioheads en Musen van deze wereld stopt. Of in ieder geval dat het succes een beetje eerlijker verdeeld wordt. Ik wil draaien zodat ik er zelf voor kan zorgen dat The Pineapple Thief nu eindelijk eens loon naar werken krijgt en met hun nieuwe album 10 Stories Down bijvoorbeeld eens een hit scoort. Alleen gaat me dat niet lukken ben ik bang. Want The Pineapple Thief, dat is immers een voormalige symfo-band. Wel eentje die langzaam wegdrijft van dit genre en evolueert tot een avontuurlijke rockband, die niet misstaat in de top-40 tussen bovengenoemden. Als is het maar als priemende vinger richting de grote grijze massa die wegloopt met Dingetje Martin, Dingetje Yorke, Dingetje Bellamy en hun bandvriendjes en zelden eens verder lijkt te kijken dan hun neus lang is. Ik twijfel alleen of Bruce Soord er klaar voor is, maar ik durf de gok met hem wel aan. Kan Dingetje Corgan gelijk horen hoe zijn laatste cd wél had kunnen en misschien wel moeten klinken. Bijvoorbeeld als "My Oblivion". Totdat ik de juiste knop vind moet Bruce het doen met een plekje in mijn jaarlijst. Dat is in ieder geval een begin.
File Under: Het is geen symfo, het is gewoon rock en goed.
Need New Body - Where's Black Ben
Ik ben van de shufflegeneratie en schaam me er niet voor. De muziekjes die ik bezit, álle muziekjes die ik bezit, luister ik het liefst zo door elkaar mogelijk. Het opvallendste gevolg daarvan is dat het criterium waar een album voor mij aan moet voldoen om hem in zijn geheel te gaan beluisteren niet de mate is waarin ik van de muziekjes die erop staan hou, maar de mate waarin het geheel niet één slijmerige blob van eenbeetjehetzelfdeklinkende muziek is. (Dat is overigens de exacte slogan van de eerdergenoemde shufflegeneratie waartoe ik behoor, een slogan die op vele spandoeken pronkt tijdens onze tweemaandelijkse bijeenkomsten.) Where's Black Ben van Need New Body kan ik met gemak in één keer luisteren omdat de onvoorspelbaarheid en geïmproviseerd aandoende aanpak ervan het een redelijk belachelijk gevarieerd album maakt. Een liedje dat klinkt als de registratie van iemand die in dronken staat Dolly Parton karaookt gaat over in een monotone gameboy-melodie die weer overgaat in een banjosolo van iemand waarvan het niet uit te sluiten is dat hij of zij in brand staat. Sommige van de vele onnavolgbare geluidsorgies die dit album kent zijn wel ontzéttend lelijk (denk "strijkijzer boven een kattestaart met de vingers op rec/play"-lelijk), maar eenbeetjehetzelfdeklinkende muziek is het nergens, en ik spreek voor al mijn generatiegenoten als ik zeg dat dat best een prestatie is.
File Under: Een wonderlijke rit op de rug van een mokkend nijlpaardjong door de vegetatierijke moeraslanden van Botswana
File Audio: [Totally Pos Paas] [Outer Space] [So St Rx] [Eskimo]
Yellowcard - Where We Stand
Wie zit er eigenlijk te wachten op re-releases? U weet wel, gewoon nog eens dezelfde plaat als een jaar of tien eerder, opnieuw uitgebracht voor de volle prijs. De voornaamste reden die ik hiervoor kan bedenken, is een poging van de platenmaatschappij om een populaire artiest tot de laatste druppel uit te knijpen. Neem nu Yellowcard. Een geinig punky popbandje uit de VS dat lekker meewaait met de nieuwe commerciële jongetjespunkwind (is dat een woord?). Door hun nadrukkelijk aanwezige violist, toch zeker een opvallend verschijnsel binnen het genre, zijn ze er behoorlijk in geslaagd een eigen geluid te ontwikkelen. Daarnaast beschikken ze ook nog eens over de gave zeer aanstekelijke en goed meezingbare melodieën te schrijven en dit heeft ze dan ook een platencontract bij een grote platenmaatschappij opgeleverd. Om toch nog een graantje mee te pikken van het (aanstaande) succes heeft het debuutlabel nu de eerste plaat, Where We Stand, heruitgegeven. Een begrijpelijke maar toch merkwaardige zet. Yellowcard was ten tijde van die plaat namelijk geen schim van wat ze nu zijn. Where We Stand is een snel en niet zo toegankelijk album - dat wil zeggen, voor het bakvissenpubliek - dat ver weg staat van het succesvolle Ocean Avenue, hun meest recente werkje. Waar moderne punkpuristen hun neus ophalen voor de tegenwoordige liedjes zouden ze over de liedjes van toen, 1999, heel anders denken. Niet dat het allemaal heel erg bijzonder was, maar er wordt goede en compromisloze punk gespeeld en niet gekozen voor het snelle scoren. Dit maakt de re-release in zoverre waardevol, dat het een herwaardering is van een, op zichzelf staand, eenvoudigweg goed album.
File Under: Herijking van een prima debuut
File Audio: [Klik]
Insider - Simple Water Drops
Mooi is dat. Een album beginnen als Pink Floyd en mij het ergste doen vrezen voor wat nog komen gaat. Maar dan na een minuutje of twee worden langzaam de registers opengetrokken, buigt de lijn van Pink Floyd af naar Hawkwind-achtige taferelen. En dan even daarna in hetzelfde (titel)nummer wordt er ook nog even gebuurt bij Sabbath. Insider doet het en stelt me daarmee gerust. Want wie zit er nu te wachten op een tweederangs Pink Floyd-kloon uit Italië? Ik niet in ieder geval, dat riekt me veel te snel naar pastiche. Het blijft dus gelukkig uit. Een groot deel van de nummers van deze Italianen trekt loom aan je voorbij. Tja, spacerock hè? En in de ruimte lijkt alles een stap langzamer te gaan. Dus ook de nummers van Simple Water Drops lijken traag te gaan. Want terwijl de basis van slag- en basgitaar redelijk traag aan je voorbij komt, trekken er toch twee met grote regelmaat flink de afterburners open: gitarist Marco Ranalli en drummer Grecorio Angelucci. Daar overheen en onderdoor wordt zanger Eugenio Mucci heen en weer getrokken door het galmapparaat dat Ranalli in zijn eigenhandig gebouwde studio heeft staan. Hierdoor en door de manier van zingen van Mucci moet ik af en toe een beetje aan Iron Maiden's Bruce Dickinson denken, maar hij mist wel diens power. Al met al is deze tweede plaat van Insider niet de meest originele plaat, maar leggen ze wel een degelijke partij spacerock op de mat.
File Under: Italiaanse spacerock
Love as Laughter - Laughter's Fifth
Het valt allemaal niet mee. Ik moet weer in een werkritme komen, maar vandaag even niet. Het is zaterdag, het is weekend. De wekker gaat echter per ongeluk af en de lijn van deze dag is uitgezet. Tegen negenen kruip ik richting koffiezetapparaat. Koffie is het tovermiddel. Vaak. En muziek. Soms. Ik zet de vers binnengekomen cd Laughter's Fifth van Love as Laughter op, want ook het schrijven van stukjes moet weer in mijn ritme komen. Ik kruip weer terug in bed, hoor Sam Jayne nog een liedje zingen en verdwijn weer richting dromenland. Als ik bij kennis kom is het tijd voor de koffie. De cd blijkt zo ongeveer afgelopen te zijn en ik start deze nog maar een keer. In bed geniet ik van de koffie, de krant die ik meeneem en de muziek die klinkt. Langzaam zou ik toch echt bij kennis moeten komen. Dit is echter niet het geval. Love as Laughter doet met haar liedjes met referenties naar de oude Tom Petty, Bright Eyes, Neil Young, Pavement en The Velvet Underground verwoede pogingen. De liedjes zijn veelal ingetogen, soms rockt de gitaar, soms pingelt de Casio en vaak wordt de ellende uitgeschreeuwd. Ik vind het allemaal goed, ik drink koffie, ik lees de krant en leg dan mijn hoofd weer neer. Ik glimlach. Klaas Vaak roept mij weer.Een recensie schrijven doe ik vanmiddag wel of morgen of... Wat kan het mij ook schelen, naar dit leuke bandje kan ik de hele dag wel luisteren. Met koffie tot ik echt wakker ben.
File Under: Muziek met koffie
File Audio: [Dirty Lives]
Daniel J - Losing Time
In 2002 heeft ene Daniel J al eens een plaat uitgebracht, maar het lijkt me sterk dat we het hier over dezelfde hebben. Die uit 2002 zong romantische liederen met pianobegeleiding, deze Daniel J is de nieuwe Dweezil Zappa. Ga maar na: hij is slechts achttien jaar oud, multi-instrumentalist en hij komt uit een gezin waar muziek gegeten en gedronken wordt. Waar Dweezil als broekie al meespeelde op platen van zijn vader, speelt hier vader Jaroslav Jakubovic een moppie saxofoon op de plaat van zoonlief. Maar ook muzikaal zijn de overeenkomsten enorm. Losing Time lijkt namelijk als twee druppels water op het solowerk van Dweezil en dat met de band Z. Veel verschillende stijlen, die met bakken vol virtuositeit tegelijk over je worden uitgestort. De zang is - alweer net als bij Dweezil - weer een heel ander verhaal, want die is juist vrij poppy en vaak in gedubbelde koortjes. Zelfs de productie is vrijwel identiek: van de rauwe gitaren en de ver naar voren gemixte zang tot het voor Dweezil Zappa zo typische drumwerk met harde klappen op de snaredrum. Geen wonder dat Dream Theater-toetsenist Jordan Rudess onder de indruk was van deze Daniel J en graag een stukje meespeelde op dit album. Op zijn achttiende kan hij al meer dan de meeste muzikanten ooit in hun hele carrière zullen kunnen. Het nadeel daarvan is dat hij soms alles lijkt te willen tonen wat hij kan, waardoor de songs nog wel een fragmentarisch worden. Dweezil is daar nooit echt van losgekomen. Hopelijk gaat dat Deze Daniel J wel lukken. Hoe dan ook heeft hij een indrukwekkend album afgeleverd.
File Under: Jong en virtuoos
File Audio: [Xited] [Meer fragmenten]
Battles - B EP / EP C
Tot mijn grote verbazing stond Battles afgelopen juli op 5 Days Off. Ik snapte dat niet. In mijn (beperkte) wereld is 5 Days Off een dancefestival. Niet zoals Dance Valley of zo. Nee dance, maar dan wel net iets moeilijker. Dat blijkt ook wel uit namen als LCD Soundsystem, Underworld en zo die op de line-up stonden. En Battles dus. Waarom ik het niet snapte? Nou, omdat er op Battles volgens mij totaal niet te dansen valt. Daar is de rock die de groep rond gitarist Ian Williams (Don Caballero) en John Stanier (Helmet/Tomahawk) maakt veel te experimenteel en ingewikkeld voor. Dat hun muziek niet eenvoudig te verteren is snappen de heren zelf ook wel. Het is niet voor niets dat ze tot nu toe alleen maar drie ep's uitbrachten. Meer valt bijna niet te behapstukken. Ze geven hun tracks titels als "B+T", "IPT-2", "UW", "SZ2", "TRAS3". Viersterrencryptogrammen. Het is geen jazz, het is geen math-rock, het is geen indie-rock, het is geen avant-garde. fascinerende en adembenemende neo-prog is het wat dit technisch zeer goed onderlegde viertal (één drummer, drie gitaristen) maakt. Maar dan niet neo-prog zoals ze die in Engeland maken. Ik weet gewoon niet hoe ik het anders moet noemen. In Nederland kwam eerst EP C uit en vervolgens B EP. In Amerika was het andersom. Dat lijkt me ook de juiste volgorde, want voor mijn gevoel is EP C het logische en wat meer gestructureerd vervolg op B EP waarvan ik het publiek graag zou hebben zien dansen op het afsluitende "DANCE". Dat moet een zot gezicht zijn geweest.
File Under: Knap ingewikkeld dansen, denk ik.
The Star & Key Of The Indian Ocean - Vintage Soup...
Links zitten mijn vrienden met ontbloot en zongebruind bovenlijf op het bloedhete strand. Lui en verwend door een lange vakantie maar nog steeds in the mood voor wat onvervalst relaxen. U begrijpt, wij bevinden ons deze zomer niet in ons koude kikkerlandje. Rechts staat de barbecue al klaar, inclusief zomerse hapjes en chillende sapjes. Als straks de kortgerokte en getopte chica's komen zijn wij er helemaal klaar voor. Op muziekgebied doen we het vandaag eens helemaal anders. Nu eens een keer niet de sufgedraaide Jack Johnson als kabbelend achtergrondmuziekje. Laten we voor de verandering doen alsof we echte surfdudes zijn en Vintage Soup, van The Star & Key Of The Indian Ocean in het ding stoppen. Echte pure surfmuziek waarvan je direct de onweerstaanbare aandrang krijgt om op je surfboard te springen en wat golven mee te pikken. Niet dat het kabbelende watertje waar wij aan liggen daar echt mogelijkheid toe biedt, maar een mens mag fantaseren. Als een echte Vince Vega heb ik zin om rare dansjes te gaan maken en mij heel stoer voor te doen. Dit is retro en tegelijkertijd van alle tijden. Geen gelikte Brian Wilson-koortjes of -arrangementen maar vette reverb-gitaren, plukkerige lickjes en sambaballende percussie. Alsof The Shadows plotseling weer jong en hip zijn of The Hives opeens goede muziek zijn gaan maken. Het rammelt en het kraakt en de sporadische zang is verre van zuiver (om niet te zeggen vals), maar toch klopt alles aan deze plaat. Puur persoonlijk op de koptelefoon of publiekelijk uit de speakers, Vintage Soup is in 2005 het geluid van mijn zomer.
File Under: Surf's up!
File Audio: Nitro - Please, Please - Cyclone
Thou Art Lord - Orgia Daemonicum
Vergeef mij Heer, want ik heb gezondigd. Al zo'n twee maanden heb ik de cd Orgia Daemonicum van uw dienaren Thou Art Lord in mijn bezit en al die tijd heb ik er niet naar omgekeken. Slechts één keer had ik er naar geluisterd en ik begreep er helemaal niets van. Mijn geest was vertroebeld door het moderne digitale tijdperk. Ik geloofde alleen nog maar in Pro Tools, triggers en glasheldere producties. Ik was de tijd dat Uw eerste gezanten met beperkte middelen ten strijde trokken om Uw woord te verkondigen uit het oog verloren. Tot een week geleden, want plotseling lag hij daar weer. De onderste van een stapel die ik per ongeluk omstootte. De wellustige maagden op de hoestekening lonkten naar me. Duistere machten grepen me bij de keel en ik kon niets anders doen dan mij opnieuw overgeven aan de oergeluiden van uw meest trouwe aanhangers. Na meerdere luisterbeurten ging het licht uit en werd het donker om mij heen. De simpele doch uiterst effectieve analoge death- en black metalklanken misten hun uitwerking niet. Spoedig waande ik mij terug in de tijd. De tijd dat uw oudgedienden als Venom, Slayer en Morbid Angel aan hun missie begonnen. De tijd dat het nog ergens om ging. Die tijd herleeft weer even met de duivelse werkjes van Thou Art Lord. Hun naam zal worden geheiligd! Vergeef mij mijn schuld Heer, leid mij in bekoring en bekeer mij tot het kwade.
File Under: Gij zijt mijn Heer, ik ben Uw discipel.
22 Pistepirkko - Drops & Kicks
Op de tv zie ik Mick Jagger en Keith Richards. In Twee Vandaag zelfs. Het zou verboden moeten worden. Mick Jagger zingt. Valser en lelijker dan ooit tevoren. Denkt dat'ie nog steeds vijfentwintig is. Keith Richards praat. Of iets wat daarop lijkt. Hij komt nauwelijks uit zijn woorden. Na het eerste uitgesproken woord moet hij denken over het tweede en is het eerste al weer vergeten. Ja, ze komen wel naar Amsterdam, want dat is het Europese hoofdkwartier van de Stones. Zoiets brabbelt hij volgens de ondertiteling. Een nieuw album zelfs. Ik denk aan pensioen. En aan 22 Pistepirkko. Een rare sprong, ik geef het toe. Maar toch. Op het nieuwe album van deze Finnen Drops & Kicks staat zo'n nummer dat de Stones maar wat graag zouden maken. Het is de single "Rat King". Die zou niet misstaan op de setlist van een Arena-concert. Wat ik zie op de tv stemt me treurig en ik zet nog maar eens Drops & Kicks op. Dat is namelijk een fijn, divers album. Al ruim twintig jaar gaan ze mee, die Pistepirkko's. Die bagage hoor je terug op Drops & Kicks. Op een positieve manier. Na flirts met elektronica en hiphopritmes op de laatste platen is Drops & Kicks anders. Straightforward punk ("Not So Good At School"), dromerige pop ("Mr. Twister"), rhythm & blues ("I Got Burned") en natuurlijk hun avant-garde roots komen langs en ik geniet er nog eens van.
´s-Avonds check ik nog snel even mijn mail. Een nieuwsbrief van Mist. Ze kondigen, bijna vol trots, aan dat ze in het voorprogramma spelen van 22 Pistepirkko. In de bovenzaal van Paradiso. Da's andere koek dan de Arena. Betere koek ook. En een betere band. Deze speelt vast niet alleen maar greatest hits die klinken als het anagram van dat woord. Deze spelen nummers van hun nieuwste plaat omdat ze er goed genoeg voor zijn.
1 september staan Mist en 22 Pistepirkko in de bovenzaal van ParadisoFile: 22 Pistepirkko - Drops & Kicks
2 september speelt 22 Pistepirkko met Cool Genius in Hedon. En daarna nog op de volgende plekken:
03-09 Luik, Sound Station
04-09 Utrecht, Ekko
26-09 Rotterdam, Rotown
12-10 Groningen, Vera
13-10 Tilburg, 013
14-10 Brussel, Botanique
File Under: Vijfentwintig jaar oud en alive & dropkicking.
File Audio: [Hoei 22 Pistepirkko Radio!]
Ten Years After - Roadworks
Als jochie had ik al een goedkope dubbelaar met twee van Ten Years Afters klassiekers, Ssssh en Watt. Maar ja, wat moet je als twaalfjarige nou met de bloes, dat is sombere-mannen-muziek. In een vlaag van verstandsverbijstering verkocht ik een paar jaar later de LP voor een paar gulden en dat was dat. Terwijl ik ouder werd en het leven her en der wat klappen uitdeelde, groeide mijn waardering voor blues en ook die voor Ten Years After. Maar ja, Ten Years After leidde een kwakkelend bestaan of nog minder, dus wat moest je daar nog mee? Tot 2002: de overgebleven oude heren hadden - naar het voorbeeld van Deep Purple? - een jonge hond (Joe Gooch) als gitarist aangetrokken en bloeiden weer helemaal op. Na het alom goed ontvangen album Now en een succesvolle tournee is er dan nu - zoals het hoort - een dubbel-cd met opnamen van die tournee. Ze brengen een mooie mix van nieuwe en oud materiaal en klassiekers van anderen. Ze doen weer waar ze het beste in zijn: lekker lang uitgesponnen bloeeeezen met veel verwijzingen naar hun eigen geschiedenis en die van anderen, veel gitaarsolo's, een drumsolo en orgelfratsen waar alleen echte gerontorockers nog blij van worden. De jonge hond krijgt - terecht - alle ruimte om te schitteren en door al het gejam komen de songs vaker in de buurt van de zeven minuten dan de drie minuten. Old rockers never die, wie zei dat ook al weer? O ja, dat was ik zelf. Nou ja, ik word dan ook blij van dit plaatje. Heel blij.
File Under: Voor blije sombere oude mannen en een enkele jongeling
Troubled Hubble - Making Beds In A Burning House
Ik las onlangs in mijn lokale krant dat de zomer van 2005 waarschijnlijk in de geschiedenisboeken zal worden bijgeschreven als de zomer die geen zomer was. En dat zou niet alleen aan het weer liggen. Deze zomer mist alles wat een zomer een succesvolle zomer maakt. Geen zomerhitje, geen rage, geen hype en geen tot de verbeelding van velen sprekend sportevenement - hoewel de atletiekbond het daarover niet met mij eens zal zijn. Zelfs de wespen laten het dit jaar afweten. En toch voel ik mezelf zomerser dan ooit. Het ziet er namelijk naar uit dat 2005 een uiterst vruchtbaar popjaartje gaat worden. Misschien niet voor iedereen; smaken verschillen. Mij zul je echter niet snel horen klagen. Voor een geslaagde zomer heb ik geen hitje, rage of WK nodig. Geef mij maar een puike zomerplaat. Zo werd mijn honger een naar perfecte popplaatjes reeds gestild door Robyn en kijk ik reikhalzend uit naar de nieuwe Nada Surf die in september zal verschijnen. Tot die tijd zal ik me prima kunnen vermaken met de stuiterende college radiorock van Troubled Hubble. Hun muziek vertoeft in hetzelfde vaarwater als het eerdergenoemde Nada Surf en doet ook regelmatig denken aan Idlewild of een energiek REM. Met "14000 Things to Be Happy About" gaat Troubled Hubble meteen vliegend van start en dendert met slechts enkele adempauzes door tot aan de finish. Misschien is het allemaal een beetje eenvormig maar een kniesoor die daar op let. Het is immers zomer. Althans voor mij wel.
File Under: Het alternatief voor een mislukte zomer
File Audio: [Ear Nose & Throat]
Jimmy Chamberlain Complex
Danny Cohen - We're All Gonna Die
Mijn oren spitsen zich. Ik dacht al eerder iemand te horen zingen, maar toen ik beter luisterde hoorde ik dat het een geit was. Nu hoor ik weer gezang. Het is een rare weerbarstige doorleefde stem. Beetje Waits-achtig. Ik loop de kant op van het geluid. Inderdaad, bij het oude huis iets verderop rechts zit iemand met een gitaar. En verdomd, er staan ook geiten. Ik loop op de man en zijn dieren af. Ik zie een gegroefd gelaat en een gekromde rug. Hij houdt zijn hoofd scheef op een rare manier. Zijn oor ligt bijna op zijn gitaar. Is dat nou een grafsteen achter zijn rug? Het lijkt wel of de geiten met hem meezingen met de man. En het lijkt niet alleen zo, het is ook zo! Hij begint zonder dat ik hem wat vraag tegen me te praten. Misschien zag hij de fascinatie voor dit rare tafereel in mijn ogen. Maar ik sta ook wel ongeneerd dichtbij hem aan te gapen. Hij zegt dat het de datum van zijn overlijden is die op de grafsteen staat. Er staat 51 november 2525 op de steen zie ik. Dan zegt hij me dat zijn liedjes vooral over de dood gaan, dat hij gefascineerd is door de dood, maar geen idee heeft waar deze fascinatie vandaan komt. Hij laat me een album zien dat hij opgenomen heeft. We're All Gonna Die heet het. Hij lacht er schamper bij. Deze man is gek denk ik, maar ik koop het album toch van hem en loop verder.
File Under: Gekke man neemt liedje op met geiten in de koortjes
Heather Nova - Redbird
Een platenmaatschappij kan meer kapot maken dan je lief is. Dat werd bewezen met Heather Nova's albums Siren en South. Twee platen waarop de platenmaatschappij krampachtig probeerde om Heather in een mainstream-jasje te proppen en dat ging dan ook grandioos verkeerd. Vooral South is een overgeproduceerd gedrocht geworden. Heather nam daarom wat gas terug en bracht als reactie Storm, een vrijwel akoestisch album, dat ook niet helemaal bracht wat ik ervan verwachtte. Alle redenen om toch wat twijfels te gaan krijgen over het verloop van haar carrière. Die moet zij zelf ook gehad hebben, want ze nam het heft in eigen hand, donderde de platenmaatschappij eruit en nam de tijd om moeder te worden. En nam tussendoor een nieuwe plaat op. Wederom een reden om even je wenkbrauwen te fronsen, want zou de vrouw die zo vrijuit over de liefde kon zingen zich nu gaan vergrijpen aan babyliedjes? Gelukkig niet! Slechts één nummer op Redbird gaat erover. Voor de rest is het een redelijk vertrouwde Heather Nova-plaat. Opener Welcome, geschreven met Dido, rockt als vanouds en voor de rest is het de heerlijke gebruikelijke afwisseling van "hard" en zacht. De cover die normaliter bij de toegift gespeeld wordt, is dit maal opgenomen op de plaat (Wicked Game). De plaat riekt alweer lichtjes naar Oyster, hoewel het dat niveau nog niet heeft, maar het is een hele geruststelling dat Heather het dus toch nog kan. En het doet vooral uitkijken naar de komende tour, waarin samen met vaste gitariste Berit Fridahl het tempo iets omhoog zal gaan en wat gescheur links en rechts niet geschuwd zal worden. Kortom, Heather lijkt de zwangerschap goed doorstaan te hebben en ik kijk uit naar de liveconcerten. En ik hoop stiekem dat George de kans krijgt om hier ook wat kiekjes te schieten...
File Under: Een rode vogel maakt wel zomer...
Thrones - Day Late, Dollar Short
In de tijd dat ik het nog leuk vond om obscure punkplaatjes op vinyl te kopen heb ik ooit een langspeler van een hele snelle band steevast op het verkeerde aantal toeren gedraaid. Het is mij nooit opgevallen dat ik alles stukken langzamer afspeelde dan de bedoeling was. Pas toen ik jaren later de CD aanschafte kwam ik er achter al die tijd naar een totaal ander album geluisterd te hebben. Erg gênant natuurlijk en reden om die platenspeler maar eens op zolder te zetten. Een zelfde gevoel bekruipt mij wanneer ik Day Late, Dollar Short aanzet. Ik heb toch niet op een verkeerd knopje gedrukt ofzo? De tonen die uit mijn boxen brommen zijn zo ontzettend laag dat er wel een mechanisch mankement moet zijn. Maar nee, dit is echt zoals het hoort te klinken. De plaat biedt plaats aan zeldzame en onuitgegeven nummers van Thrones, het soloproject van beroepsfreak Joe Preston (Earth, The Melvins, Sun 0))) ). Mensen die deze man kennen en kunnen waarderen zullen ongetwijfeld smullen van deze fraai vormgegeven en propvolle verzamelaar. Afwisselend tussen tergend loom, duister en hysterisch is Thrones met geen enkele muziekvorm te vergelijken. Soms zijn de experimentele klanken ronduit onuitstaanbaar, dan weer is er zowaar een echt liedje te ontwaren tussen al het industrieel gefreak. Desalniettemin blijft de plaat 19 nummers lang intrigeren en nieuwsgierig maken naar wat er nog meer voor een variatie op het menu staat. Thrones is te complex om te kunnen spreken in gradaties van goed of slecht en ik pretendeer dat dan ook zeker niet. Het is een fascinerende luisterervaring waar je wel of geen behoefte aan kunt hebben. Ik heb daar soms wel oren naar. Ongeveer eens per jaar.
File Under: Niet te filen
File Audio: [The Suckling]
Lungfish - Feral Hymns
De ene week krijg ik platen toegestuurd die zo vol zitten met muzikale informatie dat een gemiddelde band er een hele platencarrière op kan baseren (zie Psyopus of The Locust), en zo krijg ik een plaat waarop precies het tegenovergestelde gebeurt. Een plaat met zoveel herhaling en zo'n gebrek aan variatie dat het vermoeiend wordt. Lungfish specialiseert zich in songs gebaseerd op een akkoordenschema die tot in den treure wordt herhaald. En dan bedoel ik ook echt één riff per song. Met hier en dar wat nuanceverschil in de zanglijnen maar meer ook niet. Mantracore. En dat intussen al een album of negen lang (als ik mij niet vergis). Samen met Fugazi geldt Lungfish als de langstbestaande band op Dischord (allebei brachten ze hun debuut uit in 1987), dus dat spreekt dan wel weer voor ze. Maar een tof platenlabel alleen is niet genoeg om deze release boven het maaiveld uit te laten steken. Daarvoor had de band toch echt wat meer verschillende riffs kunnen bedenken. Liefst ook per song, dat er dus ook eens wat meer gebeurt. Want om nou de volle mep te betalen voor precies tien verschillende gitaarschema's gaat toch wel erg ver. Dischord heeft wel betere platen op voorraad. Tien riffs, tien songs. Of val ik nou in herhaling? Oh, net als deze plaat dus.
File Under: Pardon, u valt in herhaling
File Audio: [All Creation Bow]
Bonnie 'Prince' Billy and Matt Sweeney
Buck 65 - Secret House Against The World
Geboren in Nova Scotia, Canada, werd Richard Terfry ooit gedraft door de New York Yankees. Er lag een mooie carrière als professioneel honkballer voor hem in het verschiet. Een onwillige knie gooide echter roet in het eten. Na korte omzwervingen belandde hij uiteindelijk in de muziek. Hiphop was zijn ding Buck 65 werd zijn naam en hij bleek een puike scratcher en rapper te zijn. Maar de hiphop is hem nu, bijna tien jaar na zijn debuut, tegen gaan staan. In interviews geeft hij er zelfs flink op af. Van pure onversneden hiphop is op Secret House Against The World dan ook al lang geen sprake meer. Op zijn majordebuut Talkin' Honky Blues had hij al meer overeenkomsten met mannen als Tom Waits en Johnny Cash dan met de hele hiphop-scene. Met Secret House Against The World is dat alleen nog maar een graadje erger geworden. Een excentrieke en drukke plaat, dat is wat het geworden is. Country, folk, (indie)rock en ook nog hiphop natuurlijk, Buck schudt het achteloos uit zijn mouw. Van mooi ingetogen samenzang met zijn Franse vrouw Claire Berest in "The Suffering Machine" tot opzwepende bijna mathrock-achtige liedjes als "Le 65isme", Terfry legt het moeiteloos naast elkaar. In opener "Rough Trade Blues" lijkt Buck met zijn donkere monotone praatstem zelfs even echt bevangen door de geest van Johnny Cash. Da's best eng. Eigenlijk is Secret House Against The World dan misschien ook wel gewoon het hiphopalbum dat The Man In Black nooit maakte. Voorwaar een hele prestatie.
Buck 65 speelt zaterdag om 14:30 op Lowlands de Lima platFile: Buck 65 - Secret House Against The World
File Under: Als dit nog hiphop is, ben ik een neger.
File Audio: [Zeg het met een e-card]
The Harmony Two Tones - The Harmony Two Tones
'Alleen als ik een grof salaris verdien wil ik in een pak met stropdas', is een legendarische uitspraak van een kleine vijftien jaar geleden door ondergetekende. Alle kansen op zo'n baan heb ik laten liggen en het kostuum is er dus nog steeds niet gekomen. Toch zie ik ze wel om mij heen: mannetjes in pakken met stropdas, een glas rode wijn in hun ene hand en een dampende stinksigaar in de andere. Ook dit soort mensen, waar ik overigens verder geen waardeoordeel over heb, houden van muziek. Nette muziek in mijn beleving, zoals jazz. Dit was de eerste associatie die ik kreeg bij het draaien van de debuutplaat van het Belgisch Nederlanse zestal The Harmony Two Tones. Na de eerste jazztonen verandert het album echter in een bluesplaat. Wel een nette waarbij het gebruikmaken van een saxofoon en harmonica opvalt. Tussendoor worden er nog voorzichtige stappen gezet richting de soul met o.a. een cover van Percy Mayfield. De productie is sterk, ondanks dat gepoogd wordt de sfeer uit de jaren '40, '50 en '60 op te roepen. Het geheel blijft netjes binnen de lijnen, zodat de man met sigaar niet afgeschrikt wordt. Wat wel blijft is een plaat van musici die kunnen spelen. Alleen mis ik de bezieling, maar mensen met andere carrièrevooruitzichten of een pak konden hier wel eens heel anders over denken.
File Under: Jazz, blues en soul binnen de lijntjes
File Audio: [Snippers in mp3]
Sufjan Stevens - Illinois
Hij was een succesvolle aannemer en geliefd in de buurt waar hij woonde. Maar niets is wat het lijkt, er was wat mis met John Wayne Gacy Jr. Hij was namelijk een van de grootste seriemoordenaars die ooit de straten van Chicago onveilig maakte. Verkleed als clown verkrachtte en vermoordde hij iets minder dan dertig jongemannen en begroef ze in de kruipruimte van zijn huis. Op Illinois - Come on Feel the Illinoise! vertelt Sufjan Stevens ons over hem. Over de vader, over de moeder en de buren. Je kijkt mee met Sufjan als hij de politieagent volgt die de kruipruimte betreedt waar achtentwintig jongemannen weg liggen te rotten. En hoe gruwelijk dit verhaal ook is, je kunt Sufjan helemaal volgen als hij tot de conclusie komt dat hij, Sufjan Stevens, een beetje op hem, John Wayne Gacy Jr., lijkt. 'And in my best behavior, I am really just like him. Look beneath the floorboards for the secrets I have hid.' De lieflijke oppervlakkigheid van het liedje is slechts schijn: kippevel, afgrijzen en sympathie volgen elkaar snel op. 'Oh my God', kreunt Sufjan. We lijken immers allemaal een beetje op John Wayne Gacy Jr.
Hij gaat verder, John Wayne's verhaal is pas het vierde nummer van de cd. Er volgen er nog achttien. Zoals het folkloristische verhaal in "Concerning The UFO Sighting Near Highland, IL" of de intense en persoonlijke nummers zoals "The Predatory Wasp Of The Palisades Is Out to Get Us!" en "Casimir Pulaski Day". Sufjan Stevens geeft ons folk-pop liedjes over het leven in de staat Illinois. Tweeëntwintig wonderschone liedjes waarover je een boek zou kunnen schrijven: Sufjan leverde zijn meesterwerk af en ik vrees dat het niet mooier kan worden dan dit. Na zijn eerste cd, Greetings from Michigan - The Great Lake State, grapte Sufjan dat hij over alle staten van de Verenigde Staten een cd zou maken. Ik durf al bijna niet te hopen op meer.
File: Sufjan Stevens - IllinoisFile Under: Come On! Feel The Illinoise!
Yngwie J. Malmsteen's Rising Force - Unleash The Fury
Tuurlijk, een gitarist die een plaat uitbrengt onder de naam Concerto Suite for Electric Guitar and Orchestra in E flat minor, Op. 1 zou je eigenlijk meteen een jas met te lange mouwen moeten geven en in een met rubber beklede kamer zetten. En toch, ik blijf een zwak hebben voor deze rare Zweud. Niemand etaleert schaamteloos zoveel gitaargeweld als hij, maar dat hij een zeldzaam getalenteerd gitarist is kan niemand ontkennen. Slechts weinigen slagen er in om in razendsnelle solo's de individuele nootjes zó fraai af te ronden als hij en de man heeft met zijn allereerste cd Rising Force vrijwel in zijn eentje een compleet nieuwe metalstijl op de kaart gezet: de neo-klassieke metal. Zeker, Ritchie Blackmore en Jimi Hendrix zijn goed terug te horen in zijn gitaarspel en dat geeft hij ook volmondig toe. Maar als zelfs de zelden complimenteuze Blackmore je onomwonden prijst doe je toch iets goed. Okee, zijn songs zijn nog wel eens een vehikel voor de solo's. Dat zal ook nooit helemaal verdwijnen, maar met alweer een geheel Zweedse ritmesectie en een echte powerzanger (Doogie White, o.a. ex-Rainbow, overigens in de inlay als Dougie vermeld) lijkt hij het songschrijven de laatste jaren toch beter onder de knie te krijgen. En het zingen ook trouwens, want in twee nummers doet Malmsteen zelf de leadzang, waarvan in één op zwaar Hendrixiaanse wijze en lang niet onverdienstelijk. Voor wie Malmsteen altijd al over the top vond zal dat zo blijven, in 's mans oeuvre is dit een van de betere werkjes.
File Under: May The Fury Be With You
Lowlands 2005 voorpret (III)
De zondag is traditiegetrouw de dag waarop het allemaal wat langzamer op gang komt. Twee dagen weinig slapen, veel drinken en een heleboel herrie verstouwen begint er in te hakken. Het is dan ook de dag waarop de helden van de watjes worden gescheiden. Zo halverwege de dag komt de stroom huiswaartskeerders op gang. Nog voor de laatste acts van de dag vormen ze al een gestage stoet. Of zouden Incubus (ik denk het niet), Foo Fighters (vast niet) of Nick Cave mensen er van weten te overtuigen toch maar een nachtje extra te blijven?
We zullen het zien.

The Subways - Young For Eternity
Ze werden zomaar pardoes voor de leeuwen geworpen door de programmeur van Glastonbury. Michael Eavis had een demo gehoord van The Subways en hoorde dat het wel snor zat. Sindsdien gaat het snel voor gitarist/zanger Billy, (helaas) zijn vriendin bassiste/zangeres Mary-Charlotte en drummer Josh. Glastonbury zetten ze met groot gemak naar hun hand en ook op London Calling in Amsterdam maakte het trio indruk met hun liedjes die de ene keer neigen naar de britpop van Oasis en de andere keer het tergende van Nirvana in zich hebben, soms zelfs beide in één liedje. 'Pfff, dat is zooo jaren negentig' hoor ik je denken? Nou, fuck it. Het zal me aan mijn reet roesten of het zooo jaren negentig is. Als het gebeurt met de overtuiging waarmee deze drie het doen dan maakt het mij geen biet uit. En de titel Young For Eternity moeten de criticasters dan maar eens in hun oren knopen. Geinig is dat veel liedjes overduidelijk over het bandpaar gaan. Het is bijna vertederend hoe schaamteloos Billy zijn liefde betuigt voor zijn bassende vriendinnetje in "Rock'n'Roll Queen". Of zingt over hoe zij thee voor hem zet in "Mary" en dat ze het fijn hebben samen (in "With You"). Die Billy heeft het in zich om straks een goede echtscheidingsplaat te schrijven. Maar niks zoetsappigs aan hoor, ze rocken gewoon straf door, waarbij wat mij betreft vooral Charlotte - tja, een zwak voor bassende vrouwen dat heb je of dat heb je niet, hè - de show steelt. Dat doet ze vast ook op Lowlands, komende vrijdag.
File Under: Jong en oud in ene
File Video: [Rock & Roll Queen] [Oh Yeah]
Phosphorescent - Aw Come Aw Wry
Phosphorescent afdoen als de zoveelste halfgelukte Will Oldham-kloon is maar net iets te kort door de bocht. De associatie met de koning der droefsnoeten is wel het eerste dat opkomt, meteen bij de eerste tonen van het openingsnummer "Not A Heel". Ook het korte titelstuk "Aw Come Aw Wry #5" en het daarop volgende "Joe Tex, These Taming Blues" lijken wel erg veel op wat Will Oldham deed toen deze zich nog achter de namen Palace Brothers, Music, en Songs verschool. Anders zou deze laatste track een outtake van Jeff Magnum's Neutral Milk Hotel kunnen zijn. Toch is Aw Come Aw Wry geen zouteloze kopie, daarvoor zijn de liedjes vaak te mooi. Maar vaak is niet altijd. Stukken als het doelloze "Dead Heart", het saaie "Endless Pt. 2" en het volkomen overbodige "Nowhere Road, Georgia, feb. 21, 2005" (achttien minuten field-recording: regendruppels, ruis en een voorbijrijdende auto!) zorgen ervoor dat de derde release van zanger Matthew Houck niet mag gelden als de perfecte mix tussen There Is No-One What Will Take Care Of You van Palace Brothers en Neutral Milk Hotel's An Aeroplane Over The Sea. Mooie plaat, maar het had een mooiere ep kunnen zijn.
File Under: Halfgelukte kloon
File Audio: [Joe Tex, These Taming Blues] [I Am A Full Grown Man]
Veda Hille - Return Of The Kildeer
Bijna had ik deze plaat afgedaan als zenuwachtig arty-farty getetter. Maar het bleek een klassiek geval van de juiste plaat op het verkeerde moment te zijn. De Canadese Veda Hille maakt namelijk eigenlijk helemaal geen liedjes - en u weet wellicht dat ik een liedjesman ben - maar kleine kunststukjes. Vaak niet langer dan een minuutje of twee, drie. Daar zit 'm precies ook de kracht in. Waarom een couplet of refrein nog een keer herhalen als de essentie al na één keer duidelijk is? Aan de andere kant stopt ze zo nu en dan haar muziekstukjes helemaal propvol met pianoriedels, viooltjes, hobo, tuba, koortjes of andere tierelantijnen. Ze is daarnaast overduidelijk niet vies van theatrale uitspattingen. Ik kan me bijvoorbeeld goed voorstellen dat ze Brecht en Weill tot haar voornaamste inspiratoren rekent. Daarmee vraagt ze dus wel het nodige van de luisteraar maar de doorzetter wordt dan ook rijkelijk voor de getoonde inzet beloond. Gelukkig is Veda gezegend met een zeer aangenaam, expressief stemgeluid dat me in de verte doet denken aan een jonge Natalie Merchant (toen ze nog een van de 10.000 Maniacs was). Return Of The Kildeer, eigenlijk haar elfde maar het debuut aan deze kant van de grote plas, blijkt dan ook na gewenning behoorlijk wat juweeltjes te herbergen. Haar eigenzinnige interpretatie van "Frank Mills" (wat menigeen zal kennen van The Lemonheads) uit de musical Hair bijvoorbeeld. En het magistrale "Oh, The Endless Fog!" is misschien zelfs een van de allermooiste dingen die ik dit jaar zal horen.
File Under: De aanhouder geniet
File Audio: [Queen of May][My Disappointment][Bedlam][A Fine Start]
Mist
Melancholie vind ik mooi. Diepte vind ik mooi. Ik word er juist vrolijk van.
De naam van het etablissement waar ik afgesproken heb met zanger Rick Treffers van Mist dekt zijn lading volledig op deze ochtend. Onder een strakblauwe hemel baadt het ruime terras van Pacific in de volle zon, een straffe passaat zorgt ervoor dat het uit te houden is. Door ravottende yuppenkinderen ligt alleen het geluidsvervuilingsgehalte wat hoog. 'Wat een irritante kindertjes. Ik haat kinderen', merkt Treffers op.

Quit Your Dayjob - Sweden We Got A Problem
Het duurde elf edities voordat ik mijn Lowlandsdebuut maakte. Er was altijd wel een smoes om niet te gaan. Vorig jaar had ik geen smoes meer. De kaartjes werden me in de schoot geworpen door Grolsch. Ik win nooit wat groots bij prijsvragen, deze twee kaarten waren de uitzondering op de regel. En Lowlands was leuk. Erg leuk zelfs. Het enige dat me tegenviel was dat ik geen Grote Ontdekkingen deed. Of dat kwam doordat ik te weinig Lowlandsroutine had om ze te vinden of doordat de line-up zich er niet voor leende, ik weet het niet. Dit jaar ga ik weer niet, maar voor wie wel gaat valt er zeker wel wat te ontdekken. Neem nou bijvoorbeeld de knotsgekke Zweden van Quit Your Dayjob. Ze veroverden begin dit jaar al enkele Nederlandse harten bij het optreden op Eurosonic en de paar gigs in kleine zaaltjes die ze deden. Nu staan ze pats-boem op Lowlands. Met in hun bagage tot de maandag na Lowlands slechts een ep-tje. Op die maandag verschijnt het doldrieste Sweden We Got A Problem. Hierop doen songtitels als "Banzai Butterfly", "Sperms Are Germs", "Pissing On A Panda" en "She-Male Godzilla" het ergste vermoeden. En het ergste is waar. Quit Your Dayjob is leuk. Ze klinken ongeveer als Devo met verkeerde pilletjes op die Cramps-covers spelen en daar dan nog wat ingrediënten van Clash-nazaat Big Audio Dynamite tussen moffelen om de trip nog completer te maken. Behoorlijk fucked-up dus. En heel leuk.
Op Lowlands speelt Quit Your Day Job zondag 21 augustus om 14:45 in de CharlieFile: Quit Your Dayjob - Sweden We Got A Problem
File Under: Met zulke Zweden hebben wij geen problemen.
File Audio: [Vlado Video]
Les Georges Leningrad - Sur les Traces de Black Eskimo

Eigenlijk is de definitie van muziek zoals deze door de online Van Dale Hedendaags Nederlands wordt gegeven best een goede: geluid, voortgebracht door de menselijke stem of door instrumenten omwille van de schoonheid van dat geluid of als expressie van gevoelens. Over smaak valt meestal wel te twisten, dus wat de invulling van schoonheid ook moge wezen, muziek is en blijft geluid. En over wat geluid is, daar hoeven we over het algemeen geen discussie over te voeren, tenzij met doven en slechthorenden. Afijn, Les Georges Leningrad zijn een beetje gek. Of Sur les Traces de Black Eskimo nu is ontstaan omwille van de schoonheid of als expressie van gevoelens doet er eigenlijk niet toe. Dat schoonheid tegenwoordig uit het engagement of uit het experiment kan en vaak moet worden gehaald en dat de expressie van gevoelens soms noopt tot het gebruik van chaotische, niet altijd melodieuze oplossingen, bewijzen ook Les Georges Leningrad. Het verhaal achter de cd beschrijft misschien wel het beste waar deze muziek over gaat: 'We decided to go [to the North Pole] and spend a winter, to get in touch with nature. Then we found these giant paws and we followed them. They ended up in this small village of Black Eskimos who had evolved by themselves for years. They were totally rude, but were people who didn't get spoiled or get into the same world as us. They were eating each other, but there was something really beautiful in them. We decided to play some music with them and we got friends. That's how we ended up with this album, trying to go even deeper into those sounds that make you eat with your hands again.' Meteen afschrijven als idiote elektro, of als niet ter zake doende no wave of postpunk, lijkt mij wat voorbarig. Ze waren immers ook al te vinden op Rough Trades postpunkverzamelaar. Bovendien schijnt deze band als live act overrompelend te zijn en er uit te zien als modern theater (al zijn ze daar natuurlijk niet uniek in). Toch balen dat ik laatst in Nijmegen niet heb kunnen zien wat er van de zwarte eskimo's is overgebleven.
File Under: petrochemische postpunk over zwarte eskimo's
File Audio: [Sponsorships][Supa Doopa]
Kinski - Alpine Static
De afgelopen vijf weken ben ik bezig geweest met routineus voeden, luiers verschonen en het in slaap wiegen van mijn jongste spruit. Gebroken nachten maken je tolerantieniveau aanzienlijk lager en tel daarbij op het af en toe bittere geluid van een kleine huilende koter en een soort haat-liefde-verhouding is geboren. Waarbij natuurlijk de liefde overheerst. Een beetje vreemde parallel met Alpine Static Kinski's tweede Sub Pop-release, maar ook zij zadelen me op met uiteenlopende gedachten. Deze CD, die de afgelopen periode in mijn autoradio woonde, liet me aanvankelijk het volume flink opschroeven maar even later ook resoluut de 'uitknop' indrukken. Schoonheid en irritatie tegelijk. De instrumentale rock doet soms denken aan de Nederlandse band 35007, maar dan zonder ruimtereis. Aan stonerrock met een indie-geluid. Of aan krautrock en grunge tegelijk. Repetitie en dynamiek: de grenzen worden opgezocht en soms duiken de Kinki's er vol enthousiasme overheen, zoals in het overbodige einde van openingsnummer "Hot Stenographer". Echter de Slint-achtige schoonheid van het slotnummer ("Wake Nusa") maakt veel goed. De drie jongens en het ene meisje van Kinski hebben een instrumentaal groeibriljantje afgeleverd die mij nog steeds aangenaam laat dolen in het niemandsland tussen haat en liefde. Waarbij natuurlijk de liefde overheerst.
File Under: Soms wel, soms niet. Maar meestal wel
File Audio: [The Wives of Artie Shaw]
Cranes - Particles & Waves
(In de auto pt. 16)
'He, dit komt me bekend voor!'
'Dat lijkt me wel ja. De enige cd die we van ze hebben is van jou.'
'Ik heb het wel heel erg lang niet meer gehoord. Verdorie, wie zijn dit ook al weer.'
'Hè hè, die kenmerkende stem zou je toch uit duizenden moeten herkennen.'
'De Cranes! Die zijn het! Nu hoor ik het. Bestaan die nog steeds, joh?'
'Ja, ze bestaan nog steeds. Particles & Waves is hun tweede album op hun eigen Dadaphonic-label. In 2001 verscheen daarop al Future Songs.'
'Leuke labelnaam, zeg. Het klinkt zo lekker dromerig, al is het wat minder shoegazerig dan ik me meen te herinneren. En die stem van haar, die blijft zo bijzonder. Dat ijle, hoge, bijna ijzige is heel apart. Al moet je er wel tegen kunnen.'
(...)
'Wat grappig, ik wist niet dat er ook een man zingt in de Cranes.'
'Ik vraag me ook af of hij dat wel eerder deed eigenlijk. Daarvoor ken ik de Cranes niet goed genoeg. Maar die man heet Jim Shaw en is de broer van zangeres Alison, was eerst de drummer en is nu de gitarist.'
'Dat wist ik niet.'
'Alsof ik dat wel wist. Eigenlijk lijkt het hier en daar best een beetje op wat bandjes als Sigur Ros en Mùm doen, maar stiekem is dat natuurlijk andersom. Het zou me niet verbazen als die twee de Cranes noemen als hun invloeden.'
'Sigur Ros is toch die band van dat eigen taaltje, hè? Dat heb je me wel eens laten horen en volgens mij vond ik dat ook mooi.'
'Net als Particles & Waves?'
'Ja.'
File Under: Broer en zus Shaw kunnen het nog steeds.
File Audio: [Vanishing Point][Here Comes the Snow][Particles and Waves]
Signaldrift - Girl
Een muziekstudio is eigenlijk een soort Improbability Drive. Je stopt er wat mensen in, gooit er wat instrumenten achteraan en doet snel de deur dicht, en na een tijdje komt er iets raars uit. (Waarschijnlijk denken muzikanten hetzelfde over schrijfkamers van muziekrecensenten.) De Amerikaan Franz Buchholtz is vast niet in de studio gaan zitten om een ontzettende elektronica-behangplaat te maken, maar het is hem toch gelukt. En voordat je stopt met lezen: ik ben er best blij mee. Over de paar onnavolgbare vullers wil ik het niet hebben. Franz' project Signaldrift is vooral leuk omdat het een zoekplaatje is; waar lijkt het nummer op? Loop een kamer binnen waar Signaldrift opstaat en je slaat meteen aan het puzzelen. Of, wanneer dat je niet interesseert, steek je er een joint bij op. Maar ik ging dus puzzelen. "Little Girl In The Woods", wat mij betreft de uitschieter, is sprookjesachtig en doet denken aan de versplinterde piano-emo van Matt Elliott. "Lake" heeft dezelfde xylofoons als Minotaur Shock, "Giallo" past op Etienne de Crecy's Tempovision, "Aurora" is een soort "Sombre Detune" light en "Missed But Hopeful" heeft dat gitaartje uit New Order's "Crystal". Signaldrift levert geen liedjes, maar pakkend materiaal voor een filmsoundtrack, de ene keer stads en bijna luguber, de andere keer wijds en dromerig. Voor filmmakers zal deze goed geproduceerde plaat een uitkomst zijn.
File Under: Lome elektronica als zoekpuzzel
File Audio: [Missed But Hopeful]
Timid Tiger & A Pile Of Pipers
Wanneer je zoals ondergetekende de jaren 80 voornamelijk in het zwart hebt doorgebracht. Ja, zelfs bij 30 graden boven nul nog een zwarte panty aantrok om maar vooral niet gezond bruin te worden, is je destijds misschien ontgaan dat in dat tijdperk ook veel vrolijke muziek gemaakt werd die niet meteen tot de pulp gerekend moest worden. Muziek waar je in retrospect eigenlijk best heel blij van wordt. Dan is Timid Tiger & A Pile Of Pipers beslist een plaatje voor jou! Maar ook voor de jongere garde die gewoon van vrolijke niets-aan-de-hand op Britse leest geschoeide pop houdt is dit een plaatje om te smullen! Van "Combat Songs & Traffic Fights" - waar Gr.R. misschien beter niet naar kan luisteren omdat het een beetje op Toontje lager lijkt - tot "Ladybirds & Ladygirls" is deze CD een feestje. Timid Tiger stortte zich zonder enige gene in de platenkast van hun oudere broers en mixt vrolijk Madness met "Amoureux Solitaire" van Lio. Gitaarriedeltjes met de hoekigheid van Franz Ferdinand gaan hand in hand met disco en Britpop met een zweempje glam à la Marilyn Manson. Dit levert een op het eerste oor naieve mengelmoes op. Wie durft er vandaag de dag nog een Vocoder, Casio of blokfluit te gebruiken? Timid Tiger! Deze tijger is helemaal niet verlegen, maar heeft juist lef. Hun ogenschijnlijke onbevangenheid heeft geresulteerd in een enorm fris en aanstekelijk plaatje. Alweer een verrassing uit het land van de oosterburen!
File Under: Frisse, onbevangen verrassing uit Duitsland!
File Video: [Combat songs & traffic fights]
Leon Redbone - Live
Je bent al dik 24 jaar boekhouder en op je werk worden plannen gesmeed voor een feestelijk jubileum. Je vraagt je alleen nog af wat daar feestelijk aan is, 25 jaar boekhouder zijn. Nog steeds staan debet en credit aan dezelfde kant, nog steeds werk je voor middenstanders die de helft van de tijd opgeleukte cijfers nodig hebben voor de bank. Je hebt een vrouw waar de lol inmiddels ook wel een beetje vanaf is, twee kinderen die een smak geld kosten maar gelukkig het huis al uit zijn en je rijdt al acht jaar in dezelfde Opel. Eens in het jaar heb je een verzetje bij de plaatselijke braderie met je jazz- en bluesbandje. Leuke pakkies aan, al moeten die wel elk jaar weer wat ruimer gemaakt worden, strooien hoedjes en spelen maar voor de deur van de winkel van de drummer, die een gunstig gelegen boekhandel heeft. Nee, je verdient er helemaal niks mee, maar na afloop duik je met je bandje een kroeg in en rol je er 's ochtends vroeg pas uit. Dit is de enige keer in het jaar dat je vrouw er niet over zal zeuren. De vrouwen van de anderen ook niet trouwens. Nou ja, de gitarist is gescheiden en de drummer is nooit getrouwd. Gek ook eigenlijk, die hele hoek homoliteratuur in z'n boekhandel. Maar ach, eens in het jaar speel je een dag lang weer wat traditionals en een enkel eigen nummer. Vier weken stevig oefenen, meer hoeft niet. De rest van het jaar heb je er ook niet zo'n zin meer in. Uiteindelijk is het cafébezoek inmiddels het belangrijkste onderdeel geworden. Ach, nog vijftien jaar, dan kun je met pensioen. Lekker vissen.
File Under: Eens in het jaar is meer dan genoeg
Marbles - Expo
Tijdens een vakantie hoor je over het algemeen minder muziek dan wanneer je thuis bent. Ik althans. Daarom is het van essentieel belang welke cd je als eerste draait als je thuis bent. In geval van vandaag - om kwart over zeven vanochtend stond ik in Nijmegen op het station, doodmoe, maar van slapen is vooralsnog niets gekomen - heb ik de juiste keuze gemaakt. Marbles' Expo is precies wat ik nodig heb: fijne popliedjes, opgeleukt met jaren tachtig retro, maar geen gevoelloze kopieën. Expo is een charmant, vijfentwintig minuten durend album van Apples in Stereo frontman Robert Schneider, die met dit soloproject een plaatje heeft afgeleverd dat naar eigen zeggen een kruising is tussen ELO en Gary Numan, maar volgens mij het meest aan Apples in Stereo - minder gitaren, meer electronica - doet denken. Daarmee bewijst Robert Schneider wellicht zijn eigen stijl, die mijn thuiskomst na de vakantie een stuk aangenamer maakt. "Circuit" zijn de cocktails die we dronken; "Out of Zone" heeft onze vakantievrolijkheid; "When you open" is het slenteren door straten waar we het juiste café niet konden vinden; "Magic" is wat vriendin en ik samen hebben; "Jewel of India" is het soezen bij een film in ons huisje; "Hello Sun" is het wakker worden de dag erop; "Expo" beschrijft de kleine steegjes, terwijl "Cruel Sound" de toeristische plekken weergeeft; "Blossoms" had de soundtrack kunnen zijn in ons fijnste restaurant en bij "Move on" draai ik de sleutel in mijn slot. Thuis ben ik en ik heb mijn vakantie nog even dunnetjes over gedaan.
File Under: Mijn vakantiesoundtrack (catchy retropop)
File Audio: [When You Open][Magic][Hello Sun]
Orange Sunshine - Homo Erectus
Op 10-jarige leeftijd was ik al wars van trends en hip doen. Ik dronk ranja, terwijl cola en sinas in waren. Ik ging mijn eigen weg die weinig populariteit opleverde. Ik blijk niet alleen geweest te zijn, want ook de jongens van Oranje Sunshine hebben een psychedelisch ranja-verleden. Gezellig met elkaar buitenspelen en dan bij mamma een slokje achteroverslaan. En als het regende dan werd er stiekem naar de platen van pappa luisteren: Blue Cheer, Led Zeppelin, Rory Gallagher en Cream. Met op de schoot al die boeken en tijdschriften over Amerikaanse rocklegendes waar pappa ook zo van hield. De klasgenoten mochten dit uiteraard niet weten. Het mooiste cadeau was een gitaar, orgel of drumstel van pa en ma. Zij begrepen het. Het was wel h ard oefenen om de instrumenten onder de knie te krijgen, maar na jaren bloed, zweet, tranen en ranja was het tijd voor verdere stappen in het land van seks, drugs en rock 'n' roll. Seks en de meisjes waren echter bij mamma uit den boze, de drugs was de ranja en rock 'n' roll kwam uit de collectie van pappa. Toch werd er een label gevonden en zo is er dan deze cd -release van Homo Erectus met bonustracks van de reeds in 2001 verschenen lp die ooit baanbrekend zou zijn geweest. Nu is het muziek voor grijze mannen die jeugdherinneringen willen ophalen, voor rockers van nu die wars zijn van trends en hip doen of voor hen die de nieuwste sensatie niet willen missen. Live schijnt het namelijk behoorlijk heftig aan toe te gaan.
File Under: Seventies bluesrock
File Audio: [Hush hush][Catfish]
Caliban vs. Heaven Shall Burn - The Split Program II
Als band zijnde is het tegenwoordig niet makkelijk om het hoofd boven water te houden. De cd verkoop is nog steeds dalende en de concurrentie is moordend. Caliban en Heaven Shall Burn (HSB) brengen daarom alweer voor de tweede keer een split cd uit, The Split Program II. Zij hebben goed begrepen dat een eigen ep uitbrengen met een nummertje of vijf erop, waar het merendeel als eens eerder van verschenen is, waarvan een deel waarschijnlijk op de nieuwe full-length cd zal verschijnen en waar ook nog eens wat covertjes op staan, niet meteen voor een euforische menigte zorgt die als een speer naar de winkel snelt om deze aan te schaffen. Volplempen die schijfjes, geen enen en nullen verloren laten gaan, dat is wat de luisteraar wil. Doe in mp3 gelijk maar de eerder verschenen cd's er ook bij. Met een split cd van een minuut of veertig komen we er eigenlijk nog bekaaid af, maar het is in ieder geval beter dan het hierboven geschetste alternatief. Metalcore is wat beide Duitse bands voorschotelen. HSB lijkt voor wat betreft de metal uit een wat meer melodieus vaatje te tappen terwijl Calibans metalding meer richting Machine Head gaat en bovendien rustig verder experimenteert met emocore invloeden. Dit maakt het werk van Caliban, zeker door het gebruik van cleane zangpartijen en ingetogen gitaar intermezzo's, afwisselender dan dat van HSB en persoonlijk vind ik dat wel prettig. HSB overtuigt met "If This A Man" en de Merauder cover "Downfall of Christ" maar Caliban wint deze ronde, op punten weliswaar, met het heerlijke nieuwe nummer "The Revenge" en het al eerder verschenen en niet te versmaden "A Summer Dream".
File Under: Duits roestvrijstaal
2nd Place Driver - ...1
2nd Place Driver is een naam die niet erg ambitieus overkomt. Zoiets als Rubens Barrichello die alleen mag winnen als zijn teamgenoot is uitgevallen of Joop Zoetemelk na alwéér een tweede plaats. In de bio roept de band dan ook heel slim dat ze het zien als "de metafoor voor de voet waarmee de band het gaspedaal indrukt om de nummer-één positie te bereiken". De vergelijkingen daarna in de bio laat ik maar achterwege, want deze Tilburgers - met twee voormalige Wealthy Beggars in de gelederen - hebben genoeg kwaliteit van zichzelf. Hun muziek is in de eerste plaats ingetogen rock, maar er is een duidelijke plaats voor elektronica, overigens zonder dat het koel of mechanisch gaat klinken. Integendeel, het is smaakvolle versiering op liedjes die al staan als een huis. Dat is de grootste kracht van 2nd Place Driver: in de eerste dertig seconden grijpen hun liedjes je al bij de kladden om je vervolgens niet meer los te laten. En op dat moment maakt het niet zoveel meer uit of je het electropop, poprock of rock met elektronicageweld noemt. Vermoedelijk zullen sommige songs live een stuk steviger uitvallen dan op deze cd, maar ook deze versies - sober en ingetogen - zijn niet te versmaden. De perfect geproduceerde songs kunnen concurreren met die van de besten uit de Belgen- en Nederpop. Ik krijg associaties met een rustige uitvoering van Chris Cornell bij het nasale, wat slepende geluid van zanger Rias Baarda. Waar bij Soundgarden "larger than life" echter nog te bescheiden was, lijkt 2nd Place Driver bij twijfel voor *minder* vulling gekozen te hebben. En terecht, 2nd Place Driver heeft dat niet nodig voor zijn pareltjes. 2nd Place Driver? Winner!
2nd Place Driver speelt zaterdag om 13:30 in de India op LowlandsFile: 2nd Place Driver - ...1
File Under: Winner
File Audio: [fragmenten op de site]
File Video: [Leave]
Cowboy Junkies - Early 21st Century Blues
Volgens mij wonen er in Canada alleen maar zachtaardige, vredelievende mensen. Ik kan er natuurlijk helemaal naast zitten maar volgens mij is het niet echt ver van de waarheid vandaan. Het kan toch geen toeval zijn dat de Cowboy Junkies er ook vandaan komen. Als zij bijvoorbeeld een ouderwetse protestplaat in elkaar draaien dan wordt dat geen schreeuwerig manifest op een oorverdovend geluidsniveau. Zo doet een Canadees dat niet. Die zoekt met zorg degelijk songmateriaal van oa Dylan, Springsteen en Lennon uit, voegt er eventueel nog een handjevol traditionals of een orgineeltje aan toe en legt deze dan voortkabbelend als een bergbeekje op fluisterniveau vast. En het eindresultaat noem je dan een statement over 'war, violence, fear, greed, ignorance and loss'. Geen vuist op tafel maar meer een vermanend vingertje. En hoe mooi Margo Timmins dan ook mag zingen en hoe behaaglijk het tapijtje dat haar kompanen daaronder leggen ook is: het klinkt mij gewoon niet echt overtuigend in de oren. Exemplarisch is de afsluiter, een slappe cover van U2's "One". Verbouwd volgens de beproefde Cowboy Junkies methode, waarbij men in plaats van de muren omver te beuken met een sloophamer ze liever voorziet van een extra behangetje. Met bloemetjesmotief.
File Under: Canadezen zijn lief, veel te lief
File Audio: [Op de site]
Rotor - 2
Even dacht ik dat John Garcia zich verhuurd had aan het Berlijnse Rotor. Hij blijken echt niet zijn vocalen te zijn in het openingsnummer van de tweede cd van dit powertrio, maar de zanger van dienst komt aardig in de buurt van deze levende legende. En door de verder stoffige, broeierige track roept het nummer ook gelijk herinneringen op aan Kyuss. Ik ging eens even goed zitten voor een fijn portie sentiment, maar in de volgende nummers bleven de vocalen uit. Dat is niet zo raar ook weet ik nu, want het vorige titelloze debuutalbum van Rotor was nog 'gewoon' geheel instrumentaal. Toch word ik verderop op 2 nog een keer aangenaam verrast. Er komen nogmaals vocalen langs, maar nu in het Perzisch(!). Ik had niet verwacht dat deze taal zich zou lenen voor een flinke portie stoner/spacerock, maar Rotor en zanger Behrang Alavi (Samavayo)dachten daar blijkbaar anders over en hebben hier nog gelijk in ook. Het rare is eigenlijk wel dat de zang in de niet-instrumentale nummers me niet stoort, net zo min als ik in de zes andere tracks de zang mis. De drie Berliner weten duidelijk prima hoe ze moeten doseren. In de instrumentaaltjes die van tijd tot tijd wel wat aan Karma To Burn doen denken brengen ze zoveel variatie aan dat ze alleen met hun instrumenten de nummers toch interessant blijven zonder dat ze in de diepe valkuil van freakerigheid stappen. Als ik programmeur van het Roadburn-festival was, dan wist ik het wel, ik boekte Rotor voor de 2006-editie.
File Under: Berliner stoner/spacerock
File Audio: [Erdlicht]
Splendid 69 / Try Drowning
Er zijn meerdere paden die een band kan bewandelen op weg naar de zo gewilde doorbraak. In dit stukje neem ik u aan de hand langs twee veelgebruikte opties. Een band kan zijn pijlen volledig richten op het livecircuit en een demo maken met als voornaamste doel het regelen van optredens. In deze categorie vinden we het Haarlemse Splendid 69, dat op hun mini-EP Explosive Punk Sweat n Roll drie karige liedjes heeft gezet en met wat huisvlijt een niet geheel onooglijk voorkantje in elkaar heeft geflatst. Een leuk bandje voor op de middelbare school en om op te treden op de plaatselijke veemarkt, maar niet voor in mijn cd-speler. Nee, dan de tweede categorie. Die maken, net als Try Drowning met A Different Kind Of Winter er echt werk van. Met professionele productie en schitterende vormgeving voel je je als luisteraar tenminste serieus genomen. Hier is geïnvesteerd in een fraaie toekomst en dat mag best wat duiten kosten. De onnodige remix van het openingsnummer daargelaten, zijn alle nummers van een hoog niveau en maken deze EP daardoor tot een heuse belofte, in het kielzog van Face Tomorrow. Voor mijn part treden deze jongen helemaal niet op en blijven ze gewoon dit soort werkjes maken. Eerst maar eens bewijzen dat het muzikaal allemaal in orde is en daarna pas het land in om mensen met hun neus op de muziek te drukken, zo hoor het!
File Under: Kinderen voor kinderen
File Audio: [What Went Wrong]
File: Try Drowning - A Different Kind Of Winter
File Under: Klaar voor het grote werk
File Audio: [Daisy Chain]
Medications - Your favorite people all in one place
Zelden zal een openingsnummer zo adequaat getiteld zijn als het openingsnummer van Medications eersteling Your Favorite People All in One Place (er is nog wel een EP verschenen). Het nummer heet namelijk "Surprise!" en het was inderdaad een hele verrassing toen ik de cd opzette. Want te snel gelezen (Meditations) en zonder hoesje meegenomen verwachtte ik tranceachtige muziek en geen posthardcore van het Dischord label. En dat is het wel. En verdomd goede ook. Vooral dat eerste nummer dus, dat meteen insloeg als een bom. Alsof The Mars Volta een hoop Pixiesplaatjes gedraaid hadden in de toerbus en vervolgens met Robert Fripp de studio ingegaan zijn. En dientengevolge dus ook veel beter te behappen dan The Mars Volta. De heren van Medications hebben een verleden in de Washington DC scene (Faraquet, Smart Went Crazy)en speelden al in diverse groepen samen. En dat is te horen, want met maar drie man zetten ze een degelijke bak herrie neem. Wat ook soms tegen ze werkt, want op sommige momenten willen ze soms net iets te veel, te snel. Maar alleen het openingsnummer rechtvaardigt reeds een plekkie op mijn jaarlijst. En dat zal nu geen verrassing meer zijn...
File Under: Surprise!
File Audio: [Surprise!]
The Locust - Safety Second, Body Last
Knet-ter-gek! Ja, ze weten hier wel wel waar ze dit soort geflipte rariteiten kwijt kunnen. Nou proberen ze mij het gesticht in te jagen met deze nieuwe Locust-plaat. Alleen de dwangbuis ontbreekt nog. Mijn arme cd-rom speler, die tegelijk mijn enige cd-speler is, kon het schijfje dan ook maar amper aan sloeg van pure schrik een paar keer vast. Het is dan ook knap om te horen hoeveel herrie men in nullen en enen kan verwerken. De laser sloeg gewoon op tilt. In iets meer dan tien minuten is Safety Second, Body Lastal voorbij en heb je twee nummers, onderverdeeld over elk vijf delen, achter de kiezen. Dan ben je wel aan een biertje toe. The Locust is het muzikale equivalent van groep opgefokte wiskundigen op een hoge dosis speed die een spastische vorm van grindcore spelen. Met een orgeltje. Sinds The Dillinger Escape Plan's Calculating Infinity is er een enorme beweging aan extreem technische hardcore-orkestjes opgestaan, en ik denk dat The Locust zich daar ook prima in thuis voelt. Een tikkie meer grind misschien, maar minstens zo van de hak op de tak. Om heerlijk knettergek van te worden. Uitermate geschikt voor als u na vijftien bakken goed sterke koffie nog zin heeft om te dansen.
File Under: Knet-ter-gek-grind
Songwriters United - Songwriters United (DVD)
De vier heren van Songwriters United hebben elk voor zich al een meer dan aardig curriculum vitae opgebouwd. Samen presenteren BJ Baartmans, Eric van Dijsseldonk, Eric Devries en Louis van Empel zich met een knipoog als de Traveling Wilburys van de Lage Landen. Die andere Traveling Wilburys - Tom Petty, Jeff Lynne, Bob Dylan , George Harrison en Roy Orbison - zijn natuurlijk van een heel ander niveau, zeg maar de Hoge Landen. Maar voor een koud regenachtig kikkerlandje als Nederland is Songwriters United een puike verzameling talent. Met zijn vieren hebben ze al een reeks succesvolle optredens gedaan in Nederland. Van het optreden dat BJ, Louis en Eric en Eric op 20 februari jongstleden gaven in muziekcafé Cambrinus in Horst hebben ze opnames gemaakt. Samen ze met al hun instrumenten passen ze net op het kleine podium. De cameramannen hoefden in ieder geval niet bang te zijn dat ze één van de heren uit het oog zouden verliezen. Het optreden is dan ook simpel, maar doeltreffend vastgelegd en de kwaliteit van het geluid is - helemaal voor het vast beperkte budget - eigenlijk best goed. Net als de dwarsdoorsnede door het repertoire van de vier en de manier waarop ze hun folk-, country-, blues- en popdeuntjes vertolken. Dat het nog intiemer kan blijkt wel uit het bonusmateriaal waarbij ze in de keuken van de kroeg, zonder publiek, maar met camera, nog drie nummers speelden. De naam Traveling Wilburys van de Lage Landen meer dan waardig.
File Under: Traveling Wilburys van de Lage Landen
Okkervil River - Black Sheep Boy
Als de dingen niet zo gaan als ze moeten gaan wil ik gillen. Met mijn wangen wapperen als een paard en heel hard brullen dat "Ich ein Pferd bin". Schreeuwend over straat rennen met mijn tong uit mijn mond. De dingen gaan niet zoals ze moeten gaan en toch gil ik niet. Ik wapper niet met mijn wangen als een paard. Ik schreeuw niet en ren niet over straat. In plaats daarvan heb ik me opgesloten in mijn huis met Black Sheep Boy van Okkervil River in de cd-speler. De muziek loeit hard door mijn huis, de telefoon rinkelt, de buren bonken op de deur en buiten stort de regen naar beneden. Ik zit met mijn armen om mijn benen onder mijn bureau. Ik besta niet meer, ik ben niet hier. Als ik nu een plaat had willen maken, dan had ik het gedaan op de manier waarop Will Sheff dat deed met zijn band Okkervil River. Hij zingt hysterisch, hij klinkt compleet geschift. Hij gilt, hij brult en schreeuwt. En hij zingt. Prachtig gekweld. Ik wilde dat ik zo gekweld kon klinken. Hij overzingt zichzelf, overzingt de muziek en het is prachtig. Soms houdt hij even in, alsof hij bedacht heeft dat het zo niet kan, dat zingen. Dan neemt hij een aanloop, briest hij wat en schraapt hij met zijn hoeven door het zand en klinkt hij weer net zo fijn hysterisch en geschift als twee nummers geleden. Ik vind het prima, ik hum mee met de liedjes, daar onder mijn bureau. Als de cd bijna klaar is en bezig is met het laatste nummer bedenk ik me dat dit een meesterlijke cd is met "A Glow" als wonderschone afsluiter. Kom, ik kruip onder mijn bureau vandaan en ik druk nog een keer op play. Zo erg is het nu allemaal ook weer niet.
File Under: Magistrale, hysterische folk
File Audio: [For Real] [Black]
The Impossible Shapes - Horus
Soms stuurt Storm, de Chef Distributie van File Under, me een promo die wat buiten mijn gebruikelijke werkgebied ligt. Een poging tot muzikaal opvoeden, zeg maar. Met wisselend resultaat, trouwens. Horus van The Impossible Shapes is zo'n opvoedplaatje. Het is lo-fi, naar verluidt. Nou heb ik nog wel eens moeite om te onderscheiden waarom de ene band lo-fi wordt genoemd en de andere - in mijn oren hetzelfde klinkende band - niet, maar in het geval van de Impossible Shapes kan ik me er iets bij voorstellen. De instrumentatie is sober, er klinkt hier en daar nog wel eens iets alsof het nét niet helemaal goed ging en het heeft een duidelijke jaren-zeventig feel. Naar verluidt is deze plaat rustiger dan de voorgaande vier albums van The Impossible Shapes. Maar het moet gezegd worden, dat alles wel op een overdonderend charmante manier. Voor mij, rockliefhebber, heeft het soms iets van de rusti e songs van de Red Hot Chili Peppers: perfectie is nooit de bedoeling geweest, maar het heeft iets onweerstaanbaars. Hoewel de heren uit Indiana komen zit er heel wat Britpopperigs tussen, met name waar er koortjes worden ingezet. Ook het sixtiesorgeltje doet nogal Brits aan. Verder zijn er veel lieflijk gezongen poëtische teksten die bij nadere beschouwing vaak verre van vrolijk zijn en die je confronteren met zinnetjes als "my misery is fine right here". Dat is waar deze jongens goed in zijn: rustige en stemmige charmante liedjes met een bite. Dit opvoedplaatje heeft z'n doel bereikt.
File Under: onweerstaanbaar, charmant en onweerstaanbaar charmant
File Audio: [Survival] [Bombs] [Putrefaction]
Lowlands 2005 voorpret (II)
Eén van de prettigste dingen van Lowlands is dat het allemaal niet al te vroeg begint. Pas rond een uur of één of twee 's middags moet de kater verdwenen zijn en de stramheid uit je botten weg zijn, zodat je alle tijd hebt om koffie te halen en eventueel de douches en de toiletten te inspecteren. Wat dat laatste aangaat, heeft Dubbel Mono een goede tip: zorg dat je als één van de eersten op het terrein bent en loop dan door naar de achterste toiletten. Die zijn op dat moment nog redelijk schoon. Al teruglopend kun je dan direct koffie en een broodje halen, zonder dat je op de camping eindeloos lang in de rij hebt hoeven staan.

Fripp & Eno - The Equatorial Stars
We liggen op onze rug in het gras. De koelte van de intredende nacht maakt dat het gras al een beetje vochtig wordt. Ik heb het gevoel dat dat hier in de bergen een stuk sneller gaat dat dan beneden in het dal. De sterren lijken hier waar het dwaallicht van de beschaving ontbreekt een stuk intenser. Ze trekken langzaam over ons heen. We wijzen elkaar af en toe op een ster die ons na minuten naar boven staren aan de hemel opvalt. Benoemen hoeven we ze niet, want de namen kennen we ook niet. Daar gaat het ook niet om. Het gevoel van tijd zijn we helemaal kwijt. Het kan zijn dat ik een half uur geleden voor het laatst wat tegen je gezegd heb, het kan ook wel een uur geleden zijn of misschien wel twee. Aan de hemel trekken regelmatig vliegtuigen voorbij. Die zijn op weg van en naar het vliegveld dat iets verderop in het dal ligt. De condens van motoren trekt sierlijke witte strepen. Af en toe denk ik dat ik ze ook echt kan horen. Het lijkt of het geluid langzaam aanzwelt en vervolgens traag weer afneemt, maar ook op zijn hardst op bijna onhoorbaar volume. Verder horen we eigenlijk alleen maar de nacht. Angstig stil op het eerste gehoor, maar na zo'n lange tijd op je rug zonder dat je oren door andere geluiden geplaagd worden hoor je steeds meer en meer. Dit zijn van die nachten die ons nog lang zullen heugen.
File Under: Het geluid van de nacht
Zone Six - Live Wired 2004
Als klein kind droomde ik van ruimtereizen. Ik zal vast niet de enige zijn geweest. Geïnspireerd door de talloze sci-fi's die ik toen keek, bouwde ik mijn kamer regelmatig om tot een ruimtestation. Gelukkig ben ik daar niet te veel in blijven hangen en de kans is dan ook nul komma nul dat je mij in een rubberen Klingon-outfit op een of andereconventie tegen zal komen. Toch wordt mijn naam nog steeds regelmatig in verband gebracht met de ruimtevaart. Bijna letterlijk zelfs. Ik moest natuurlijk zelf ook even met mijn ogen knipperen toen ik paar jaar terug in de krant las dat André Kuipers een ruimtetripje zou gaan maken. Mijn naamgenoot dus (op een j in de achternaam na). Liever hij dan ik hoor. Want eerlijk gezegd lijkt me astronaut een oersaaie, routineuze baan. Een ellenlange trip door het luchtledige. Okay, met een beetje geluk mag je misschien wat uitstekende voegselresten tussen de hitteschilden van je ruimteveer verwijderen. Verder is er in de ruimte vooral heel erg veel niks. Geluid kan zich door zo'n vacuüm niet eens verplaatsen. Er heerst een oorverdovende stilte. Slaapverwekkend gewoon. In die zin is de benaming Space-Rock voor de instrumentaaltjes van het Duitse Zone Six dan ook de enige juiste.
File Under: Eindeloze trips door het luchtledige
File Audio: [via deze wormhole]
Blackfire Revelation - Gold and Guns on 51 / Early Man - Early Man
De mannen van Blackfire Revelation zijn verrassend genoeg getekend door Fat Possum, ondanks dat ze into Black Sabbath, Blue Cheer en andere jaren zeventig rockmastodonten zijn: logge riffs, voortdenderende drums, lang haar, wijde broekspijpen en de versterkers op 11. Humor hebben ze ook, getuige de slogans op de hoes en hun website: 'Taking no prisoners. And if we do, not abusing them.' En: 'Flying In Missing Man Formation In Honor of Cliff Burtons Since 2003'. Will Oldham schijnt overigens ook een fan te zijn, getuige een citaat in de bio: 'I will play at your funeral.' Kortom alles in zich om een fijne band te zijn, ware het niet dat deze debuut-EP het vooral moet hebben van de twee covers (Blue Cheer's "Second Time Around" en "I Want You Right Now" van The Troggs). Hun eigen songs missen een smoel en misschien doet hun band dat zowiezo, want Blackfire Revelation bestaat uit twee man: een drummer en een zanger/gitarist (wel met een Flying-V, overigens). In ongeveer hetzelfde straatje, maar dan een versnelling hoger en ruim tien jaar later qua invloeden, is Early Man bezig. Fijne riffs en breaks en een verrassende producer, namelijk Matt Sweeney (Chavez, Zwan, Bonnie Prince Billy) en platenmaatschappij (Matador). Ook Early Man doet aan ouwe hardrock en humor ("Fight": 'Allright, so you wanna fight? My fists are sticks of dynamite!'), al stamt hun versie van hardrock vooral uit de jaren tachtig. Denk overigens niet aan The Darkness, maar aan de echt stoere hardrockers uit die tijd. Ze doen het alleen wel iets anders dan de Judas Priestsvan deze wereld: ook Early Man bestaat slechts uit twee man, drummer Adam Bennatti en zanger/gitarist Mike Conte. Voor hun liveshows schijnen ze nog op zoek te zijn naar een bassist. Net iets meer dan een grap, want de liedjes zijn in orde en ze hebben nota bene getourd met Mastodon.
File: Early Man - Early Man
File Under: Duometal
M.I.A. - Arular
Een zure Radioheadfan die "my milkshake brings all the boys to the yard, and they're like, it's better than yours" onder de douche zingt, dat is iets van deze tijd. De enorme groei van het fenomeen filesharing in de afgelopen jaren heeft het wereldverbeterende gevolg gehad dat geen enkele muziekliefhebber meer binnen zijn eigen hokje hoeft te blijven kijken. Als je iemand "ik denk niet in hokjes" hoort zeggen, dan heb je tegenwoordig niet per se meer met een pretentieuze leugenaar te maken. Dankzij filesharing kan iedereen eindelijk écht elk willekeurig muziekgenre een kans geven, en dit is precies de reden voor het succes van M.I.A., een artieste die gezien het ergens-tussen-serieuze-en-kauwgomballen-muziek-in-kaliber van haar muziek in een ander muzikaal klimaat een veel kleiner publiek aan zich zou hebben kunnen binden. M.I.A. is een Londense met Srilankaanse achtergrond wier debuutalbum uitelkaar spat van de tropische kleurrijkheid. Arular bevat dancehall, baile funk en misschien zelfs grime maar wat het zo aimabel toegankelijk maakt voor mensen die niks hebben met dancehall, baile funk en misschien zelfs grime is dat dit album om één of andere magische reden toch alleen maar vrolijke popliedjes bevat. Zo slaat de essentie van de overgekookte trompetten en frisse baile funk-percussie op het door M.I.A.'s fuckpuppet Diplo geproduceerde "Bucky Done Gone" je als een temperamentvolle Braziliaanse slingeraap in het gezicht. Die en de andere muzikale mijlpalen op Arular ("10 Dollar", "Galang" en "Sunshowers") doen met gemak je laatste Radiohead-cd je collectie uit trillen.
File Under: Het is zomer dus schud wat moeder je gegeven heeft!
File Audio: [mix zelf mee]
In The Country - This Was The Pace Of My Heartbeat
Het is een bezig mannetje, die Morten Qvenild. Ondanks dat hij nog maar 26 jaar is heeft hij al een aardig imposante catalogus opgebouwd, waarbij tussen de titels de meest in het oog springende naam die van Jaga Jazzist is. Naast Jaga maakte hij deel uit van vele andere Noorse bands zoals bijvoorbeeld Shining, The National Bank en Susanna and The Magical Orchestra. En ondanks al die bandjes vond hij ook nog tijd om muziek te schrijven voor onder anderen jazzzangeres Solveig Slettahjell. Hij moet wel reuze efficiënt werken, anders lukt je dat allemaal nooit tegelijkertijd volgens mij. Of je komt gewoon om in het talent. Ik vrees dat het bij Qvenild een combinatie van beide is. Met zijn nieuwste project In The Country geeft hij er blijk van in zeer korte tijd een wonderschoon jazzalbum af te kunnen leveren. Samen met bassist Roger Arntzen en drummer Pål Hausken nam hij This Was The Pace Of My Heartbeat in ieder geval in slechts twee dagen op. Het is een album vol puike jazz geworden. Meestal niet te zwaar op de maag liggend, maar ook nergens dodelijk saai. Dat Qvenild ook geïnteresseerd is in andere genres blijkt wel uit zijn keuze voor een eigen jazzy interpretatie van Ryan Adams' "In My Time Of Need" en Händel's "Laschia Ch'io Pianga". Ze sluiten naadloos aan op de rest van de nummers waarin vaak de vleugel van Morten centraal staat en andere twee als nederige werkbijen om de koninginbij heen dartelen om haar te dienen.
File Under: Bezige bij levert met zijn trio puike jazzplaat af
A Day At The Fair - The Rocking Chair Years
Het moet haast wel dat iemand in Amerika een jaar of wat geleden bedacht heeft dat het cool is om met zo'n overdreven jankerig toontje over stevige punkpop heen te zingen. Er wordt daar momenteel namelijk veel geld mee verdient. De grootste uitwassen van dit idee bestoken momenteel de hitlijsten en er staan nog horden te dringen in de rij. Gelukkig is er altijd een uitzondering op de regel en in dit geval heet die uitzondering A Day At The Fair. Op The Rocking Chair Years is het recept meer dan bekend. Pakkende liedjes met melodramatische en 'zeurderige' zanglijntjes, alles lekker radiovriendelijk en toegankelijk voor de massa. Waar dit gegeven mij bij vergelijkbare bands (noem ze maar weer op: Simple Plan, Good Charlotte) enorm tegen de borst stuit, weet Day At The Fair mij gaandeweg de veertien liedjes steeds meer voor zich te winnen. Hier zit meer achter dan omzichtig verpakte commercie. Tijdloze puberproblemen worden kundig onder woorden gebracht en zelfs de onvermijdelijke ballade is op zijn plaats. Het is ongelofelijk maar waar, maar ook de over-de-top violen hebben een toegevoegde waarde. The Rocking Chair Years is zo'n potentieel blijvertje dat bij de ene luisteraar een heerlijke herinnering oproept en bij de andere perfect aan kan sluiten op de dagelijkse beslommeringen. Een plaat voor jong en (niet te) oud dus en het bewijs dat er ook heus ruimte is voor dit soort bands. Ze moeten alleen wel even het niveau van A Day At The Fair halen, iets wat voor velen niet is weggelegd.
File Under: Meeblèren en zachtjes genieten
File Audio: Hier staan zes liedjes
Head-Shot - Evidence (EP)
'Durf jij zieltjes van 17 jarigen te kwetsen wanneer noodzakelijk ;-)' vroeg Storm me, toen hij de cd van Head-Shot gaf. Tuurlijk, ik ben de schaamte allang voorbij. Goed, bij eigen-beheer-cd's probeer je wat aardiger te zijn, maar soms ontkom je er niet aan iets domweg neer te sabelen. Alleen moet je dan wel iets hèbben om neer te sabelen en bij de EP Evidence van Head-Shot is dat er gewoon niet. Okee, de fucks en bitches vliegen je om de oren, dat had wat volwassener gekund, maar verder zetten deze zes 17- tot 21-jarigen een heel strakke partij rapmetal á la Rage Against The Machine neer. Een redelijk modieus genre, maar ook een genre waar je heel makkelijk plat op je snufferd kunt gaan als je het niet voldoende beheerst. Ze hebben zich eerder bewezen door het winnen van een popprijs en hebben als resultaat daarvan in het eerste (!) jaar van hun bestaan deze EP op kunnen nemen. De twee rappers slagen er in de ritmes te ondersteunen met hun raps en dat heb ik wel eens slechter gehoord. De andere muzikanten zijn zich er goed van bewust dat soberheid soms meer indruk maakt dat een volkomen volgepropt geluidsbeeld. Dat neemt niet weg dat ze soms flink tekeer kunnen gaan, maar dat doen ze wel op de goede momenten. Een speciale vermelding verdient drummer Benjamin Smink, die subtiel en strak de boel voortstuwt. Live zetten ze blijkbaar net zo'n strakke set neer als op deze cd. Volgens mij gaan we nog heel wat horen van deze band. De EP is op de site te bestellen en de € 7,50 beslist waard.
File Under: Jong en veelbelovend
Thunderlip - Thunderlip
Komkommertijd. Tijd om dingen op een rij te zetten. Onder andere de platen van het afgelopen half jaar. Ik heb alsnog My Chemical Romance, dredg en The Features ontdekt. Bij al dat heerlijks steekt de promo van Thunderlip wat eenvormig af, maar de felheid is in elk geval dezelfde. Rawr! Hun slogan luidt 'we put the cock back in rock' en inderdaad, deze Amerikaanse bikerband doet aan groots oud jatwerk. De band startte ooit met het oefenen van Iron Maiden-riffs, dankt zijn naam aan de film Rocky III en heeft een paar meestergitaristen die zich uitleven in snelle solo's. Thunderlip schaamt zich nergens voor: op dit debuut ontbreken vrouwenjachtnummers als "Leather Forever" of bij voorbaat klassieke intro's als die van "Skeletons Tonight" niet. De band zou een concurrent voor The Darkness kunnen zijn, ware het niet dat Thunderlip geen ironie toont bovenop de rockclichés, een jakkerend tempo verkiest boven liedjes en dat zanger Chuck (nee, niet Chad) Krueger naar hartelust erop los krijst. Maar bij het pakkende "One Horned Helmets" (officieel heet het "Viking Love Song") moet ik weer aan The Living End denken. Slechts één keer neemt de band gas terug, in het vuige slotnummer "Dead Horse Blues", waarvan ik me voorstel dat het is opgenomen in het decor van Muppets Tonight! terwijl de groente meeneuriet. Ook absoluut niet origineel, maar dan toch wel verdomd goed gedaan.
File Under: Voor wie The Darkness een stelletje wankers vindt
File Audio: [Fire In The Hole][Twee fragmenten]
File Video: [Fire in the Hole]
The Muggs - The Muggs
Het leven als rocker is zwaar. Sommigen moeten met één arm leren drummen omdat ze hun auto tegen een boom parkeren, anderen moeten bij elkaar geraapt worden na het iets te enthousiast uitproberen van een quad. Maar goed, daarvóór heb je in elk geval wat lol gehad. Dat kon bassist Tony DeNardo van The Muggs niet zeggen toen hij aan één kant van zijn lichaam verlamd raakte door een beroerte. Maar The Muggs hebben gewacht op zijn herstel, DeNardo leerde met één hand op een Fender Rhodes de baslijnen spelen en de debuut-cd kon alsnog uitgebracht worden. Het wachten is de moeite waard geweest, want dit powertrio weet een ouderwets lekkere partij vuige bluesrock neer te zetten, lekker losjes gespeeld en zo aanstekelijk als wat! Zeker, een verschil met een normale basgitaar is best te horen, maar DeNardo laat zien dat een Fender Rhodes samen met de drums van Matt Rost óók een perfecte basis kan neerleggen voor de smerige bluesy gitaar van Danny Methric. Hun sound ligt in debuurt van The Datsuns en The Black Crowes, maar vooral bij klassieke bands als Cream en Humble Pie. Bas(piano) en drums zijn hard en meedogenloos in een rotsvast ritme, de gitaar heeft een lekker gruizige klank en vult moeiteloos de sound op met logge akkoorden en juweeltjes van solo's. In dit genre zijn de beste gitaristen te vinden, invloeden van Jimmy Page en Rory Gallagher zijn duidelijk hoorbaar, maar Methric lijkt moeiteloos bij de top aan te haken. Wat een wereldgitarist! De zang van Methric is zoals je die verwacht bij een powertrio: adequaat, maar niet meer dan dat. Het draagt alleen maar bij aan de bluesy feel van The Muggs. Naar eigen zeggen zijn The Muggs "the ugliest band in the world". Als je zo kunt spelen zal niemand zich dáár druk om maken...
File Under: smeuig powertrio met wereldgitarist
File Audio: [Rollin' B-Side Blues] [meer fragmenten]
The Transplants - Haunted Cities
Ik heb het niet zo op hobbyprojectjes. Ze komen op mij toch al snel over als bijzaak en vooral leuk voor de muzikanten en minder voor de luisteraar. De eerste plaat The Transplants kon me dus aanvankelijk ook gestolen worden. De band is het theekransje van Rancid-mannen Tim Armstrong en Matt Freeman, samen met Blink 182's Travis Barker (ook bekend van het wanstaltige "Meet The Barkers") en rapper Rob Aston. Toch heb ik het ding ooit aangeschaft - in de uitverkoop weliswaar, maar toch - en de eerlijkheid gebiedt mij te zeggen dat ik hem nog steeds bovengemiddeld vaak draai. Eigenlijk zelfs vaker dan andere platen die ik veel beter vind. Ik weet niet wat het is, maar de combinatie van afgeraffelde punkriffjes en clichématige raps doen mijn tenen krommen terwijl het mij op onverklaarbare wijze toch blijft boeien. Op Haunted Cities is het weer precies hetzelfde verhaal. Freeman heeft inmiddels helaas af moeten haken met longkanker en dit heeft een duidelijk effect gehad op het geluid. Hele stukken bevatten simpelweg geen basgitaar en dat is op zijn minst opvallend. De (punk)muziek van Rancid leunt namelijk vol op Freeman's geniale basriedels en ook van rapmuziek kan nu niet gezegd worden dat een pompende bass niet gewenst is. En desondanks komen ze er nog mee weg ook. Weer met een album waar ik mij enorm aan erger en waarvan ik geen enkel goed nummer kan noemen. Maar toch... ik heb het ding ondertussen alweer bijna stuk gedraaid en ik zet hem gewoon nog een keertje op. Er is namelijk iets verslavends aan en ik krijg mijn vinger er maar niet op... Dat maakt Haunted Cities misschien stiekem, heel erg stiekem, een tergend goede plaat. Of niet natuurlijk.
File Under: Punkrap of wat u ook wilt
File Audio: [Alles te beluisteren via het flashding op de site]
Lowlands 2005 voorpret (I)
Dertien jaar geleden werden flyers verspreid waarop een nieuw popfestival werd aangekondigd: A Campingflight To Lowlands Paradise. Bandjes die zich hadden bewezen in het clubcircuit, maar geen groot Pinkpoppubliek op de been brengen, zouden hier een podium krijgen, aangevoerd door een aantal bewezen alternatieve popacts. Voor de eerste editie waren alvast de Ramones en Iggy Pop gecontracteerd.

De Ramones kwamen uiteindelijk niet, maar Iggy Pop leverde een legendarisch optreden af en sneed terloops een vingertopje af. De dertiende editie kent als toppers Nick Cave & The Bad Seeds, Pixies (die overigens ook in 1993 al een grote status hadden) en Franz Ferdinand en de aankondiging van het festival gaat onder veel meer via een speciale bijlage bij De Volkskrant.
Wat gaan we dit jaar zien aan bands die het popcircuit in beweging krijgen? Als we het schema er naast leggen, belooft editie-2005 een hele mooie te worden. De legendarische status die de eerste Lowlands-afleveringen hadden, is moeilijk te bereiken, maar op voorhand wordt veteraan (Alle 13 Goed & Aanwezig!) Dubbel Mono al weer enthousiast. Kijkt u even mee naar zijn hoogspersoonlijke maar ongetwijfeld onverantwoorde (want hij miste onder andere Jeff Buckley en Alex Chilton bij eerdere edities) keuze?
Lees verder..Nice Nice - Yesss! (EP)
Toen ik net ontdekte dat herrie soms ook muziek kon zijn, vond ik muzikale herrie een van de beste uitvindingen van de eeuw. Kakofonieën van gekke geluiden vond ik waanzinnig en van zo veel mogelijk elektronica en nog geen tien jaar bestaande instrumenten verwerken in 'liedjes' werd ik wild. En toen ik een jaar regelmatig naar gekke-geluidenmuziek had geluisterd vond ik het weer welletjes. Een beetje irritant zelfs. Toch zal ik deze voorkeur niet snel verloochenen. Nice Nice maakt gekke-geluidenmuziek en heeft met Yesss! een cd afgeleverd die ik een tijd geleden waarschijnlijk geweldig had gevonden vanwege de inventiviteit, creativiteit en het urenlange luisterplezier omdat elk geluidje gehoord moet worden. Nu daarentegen word ik een beetje moedeloos van deze cd. De liedjes zijn geen liedjes maar golven van geluid en begin en eind lijken soms willekeurig. Vol met loops, loopjes, onverwachte beats, gekraak en gepiep, overdreven experimenten en zelfs in het genre een beetje wereldvreemd. Waar het Nice Nice naar eigen zeggen niet aan ontbreekt is echter een gezonde dosis positiviteit, waardoor ik er ook wel weer om kan lachen. Zelf kondigen ze Yesss! weinig bescheiden aan als potentiële zomersoundtrack, maar misschien is het maar goed ook dat de zomer alweer bijna voorbij is: ik hoor onwaarschijnlijk veel in Yesss!, maar niet iets wat mijn zomer zou kunnen kleuren. Misschien is het beter te wachten op de winterplaat van Nice Nice. Als die er al ooit komt.
File Under: Recalcitrante, wereldvreemde elektrofunk met een glimlach
File Audio: [Uh-Oh]
Klaz* - Kovnask Lofftard
Mijn Rode demo van Moos begon ik te missen. Ik liet die achter op Bijk als ruilmiddel om 1024x768 van Klaz* te bemachtigen. Alles had ik geprobeerd om in contact te komen met die rare snuiters van Klaz*. Voorheen trof ik ze nog wel eens in een chatroom op IRC, maar daar zag ik ze al maanden niet meer. Misschien was het door de grote wolken ruimtestof onmogelijk verbinding te maken vanuit Bijk? Toen was er zomaar ineens een mailtje van Klaz*. Een mailtje! Ik was verbaasd, want mailen dat deden deze rare snoeshanen alleen maar op de sporadische momenten dat ze op aarde waren, mailen vanuit Bijk is onmogelijk. En inderdaad: Ze mailden dat ze naar de aarde gekomen waren om geluidsopnamen te maken voor hun nieuwe cd, Kovnask Lofftard. Naar Rome, want dat was de favoriete plaats op aarde van de schilder Kovnask Lofftard die ze wilden eren nu hij besloten had het tijdelijke met het eeuwige om te verwisselen. In het PS-je stond dat ze in ruil voor hun nieuwe werkje Kovnask Lofftard wel ter beschikking wilden stellen. Ik antwoordde dat ik naar Rome zou komen met een mooie compilatie. Het was goed. Ik brandde een cd met tracks van Porcupine Tree, Sigur Ros, Animal Collective, Brian Eno en Mùm en ging. De ontmoeting was kort, Bijkers zijn geen praters. We ruilden slechts zwijgzaam cd's uit en ik vloog terug. In het vliegtuig luisterend naar Kovnask Lofftard voelde ik weer die sterke trek om de ruimte in te gaan als bij 1024x768. Ik vond het een goed teken.
File Under: Verlangen naar ruimtereizen
Martin Groenewold - Dingen te doen
Toen ik nog jong, snel, wild, onbenullig en knap was, nu ben ik alleen nog maar knap, toen was het hip om Nederlandstalige muziek te maken. Doe Maar zette de trend, direct op de huid gezeten door Toontje Lager en Het Goede Doel. Onder de dertigers heden ten dage is deze stroming nog steeds populair en in navolging van Engeland, waar jonge bandjes en masse doen alsof de Bom weer kan vallen, springen nu ook de eerste Nederlanders op de jaren tachtig-trein. Martin Groenewold is er eentje van en hij wordt geholpen door niet de minsten. Toontje Lager's tekstschrijver Bert Hermelink heeft het album Dingen te doen namelijk bij elkaar gepend en geproduceerd. En wat krijg je dan? Inderdaad, een Toontje Lager-album. Ook al omdat Groenewolds stem wel iets weg heeft van die van Erik Mesie. Het is een bijzonder sympathieke poging, maar het raakt echter geen enkele snaar (meer) bij mij. Het is opwarmen van materiaal dat in de jaren tachtig bijzonder hip was. Zelfs de synthesizers van Toontje Lager lijken te zijn gebruikt. Nostalgici, Sky Radio-luisteraars en Veldhuis & Kemper- meisjes kunnen zich geen buil vallen aan dit album, maar ik hou het maar op artiesten als Manuel. Want voor je het weet komt Toontje Lager zelf nog echt weer bij mekaar...
File Under: Ik heb wel andere dingen te doen...
Leon Verdonschot - Hart tegen Hart
Het lezen van (muziek)tijdschriften is één van mijn favoriete tijdsbestedingen. Inmiddels heb ik al een flinke container vol met blaadjes verzwolgen en daarmee ook langzaam maar zeker mijn favoriete journalisten weten te abstraheren. Deze laten zich overigens, helaas, niet verzamelen bij één en hetzelfde blad. Het zijn de wat minder hoog van de toren blazende scribenten die ik doorgaans het liefste lees. Zoals Nieuwe Revu's Leon Verdonschot. In Hart tegen Hart is een selectie van zijn "Rock n' Roll ontmoetingen" gebundeld in een lekkere hapklare vakantiebrok. Zowaar eens een mooi boekje over muziek waar pretentieus en semi-intellectueel gewauwel niet de boventoon voert. Verdonschot valt me niet lastig met hinderlijke opschepperij over zijn muziekkennis en ook zijn keuze van gesprekspartners is verfrissend. Hij krijgt het voor elkaar om een diepgaand interview met Andre Manuel af te wisselen met een impressie van een schnabbeltournee van Gordon, zonder daar een andere waarde aan toe te kennen. Voor Verdonschot zijn al zijn onderwerpen in de kern even interessant, een instelling die regelmatig leidt tot zeer prettige gesprekken en belevenissen. Het zijn namelijk niet alleen de opgetekende conversaties die zo boeien, ook juist de verschillende tourverhalen en gedetailleerde observaties scheppen een zeer helder beeld. De schrijver maakt zichzelf onderdeel van het gesprek en staat daarmee niet boven of onder zijn subject maar op gelijke hoogte. Vooral het interview met en levensverhaal van de voormalig zwerver en junkie Michael de Jong heeft grote indruk op mij gemaakt, maar zelfs de avonturen met de Heideroosjes, een band waar ik toch louter negatieve gevoelens bij krijg, zijn zeer vermakelijk. Nu ook nog een beetje rap zijn beste buitenlandse interviews bundelen en ik ben een gelukkig mens.
File Under: Belevenissen van een sympathieke muziekliefhebber
Excon - Excon
Utrecht noemde ik eerder al eens het kloppend alt.country-hart van Nederland. Maar ondertussen is eigenlijk ook wel het kloppend hart van post-rockend Nederland. Onlangs was er het ijzersterke debuut van Vladimir en daarvoor waren er al aangename bandjes als Mercy Giants, Boy Ler, We vs Death. Veelal uitgebracht via Zabel. Excon is het product van wat je bijna een Zabel-supergroep zou noemen. Aan de basis van deze band staan Wouter Bosker (Boy Ler) en Jeroen Veldman (ex-Emscher). Zij zijn helemaal verslingerd aan hun harddiskrecorder en hebben samen in de oefenruimte uren muziek vastgelegd op de harde schijf. Ze nodigden van tijd tot tijd leden van andere bands uit de Zabel-stal uit om hen te helpen de gigabytes van hun harde schijven te vullen. Dat leidde een proces van continu schaven aan de nummers dat volgens mij bijna twee jaar heeft geduurd. En het resultaat van al deze spielerei op hun titelloze debuut mag er best zijn. De tracks liggen in de lijn van de meer dromerige post-rock van de Red House Painters en Codeïne en de latere Talk Talk-albums, maar ik bemerkte bij mezelf dat ik ondanks de relatief korte duur van het album tegen het einde een beetje afhaak omdat het een beetje eenvormig wordt. De basis van de nummers is prima voor elkaar, maar ze ontberen wel net die fractie extra spanning die de bovengenoemde drie acts wel bezitten. Maar goed, dat zijn dan ook zo ongeveer legendes en dat is Excon nog niet. Dus of dat een schande is?
File Under: Nog geen post-rock-legendes
File Audio: [Most Of It] [Runthruu] [Interludium] [Money]
Delphian - Oracle
Trots wordt in de bio geroepen dat Delphian geen baljurken en aanverwante zaken nodig heeft. Dat kan wel kloppen, maar het label progressive metal dat ze zelf gebruiken is een tikkie misleidend. Delphian is wel degelijk een gothic-metalband met zangeres, maar dan op basis van de muziek. Dat is niet erg, maar zég het dan ook gewoon. Om de een of andere reden vindt Delphian het nodig zich ertegen af te zetten, terwijl ze er zelf toch echt ook onder vallen. De zangeres van Delphian heet Aniek Janssen. Haar gedragen, klassiek aandoende zang domineert dit album. Een beetje teveel naar mijn gevoel, want zodra de zang begint zijn alle overige instrumenten alleen nog begeleiding. Elke subtiele instrumentatie is plots verdwenen en wat rest zijn staccato gitaarpartijen of gedragen akkoorden, al naar gelang wat beter past bij de zang. Die zang is prima, maar eerlijk gezegd begint het me halverwege het album tegen te staan. Deels omdat de zanglijnen nogal op elkaar beginnen te lijken, deels omdat ik zelf domweg weinig met dergelijke zang op heb. Ik heb niets tegen krachtige vrouwenstemmen, integendeel, maar zo'n voortdurende kopstem werkt me op m'n zenuwen. Maar ook met dat in m'n achterhoofd - mijn voorkeur zegt immers niets over kwaliteit - moet ik constateren dat het songmateriaal nogal voorspelbaar en vlak is. De goede productie helpt dan niet meer. Bij langere instrumentale stukken wordt het spannender, dat is een teken aan de wand. Dit is een band met potentie, maar iets meer wisselwerking tussen instrumentatie en zang zou een stuk schelen.
File Under: Meer potentie dan er nu uitkomt
Gravy Train!!! - Are You Wigglin?
Gravy Train!!!! heeft alles dat een band nodig heeft: ze zien er fantastisch uit, lijken levensverrijkende live-shows weg te geven en hebben de mooiste cover-art in de recente geschiedenis op hun naam staan. Ze heten Chunx, Funx, Hunx en Junx (vermoedelijk niet hun echte namen, tenzij ze elkaar ontmoet hebben bij de 'twaalf stappen om te leren leven met een naam die op 'unx' eindigt '-praatgroep) en maken opgewekte bubblegumpunkrockpop aan de hand van een orgel, wat gitaren, een drumcomputer en hun zieke, zieke geesten. Als je houdt van de pornografische teksten van Peaches en Avenue D dan heb je aan Gravy Train!!!! een goede. Het woord 'beaver' valt op dit album vaker dan in een avondvullende documentaire over knaagdieren in het wild en bevat bovendien een volledige ode aan, euwkngghrrknnnnnnnnrk, pussy sauce. Maar dat is niet de enige verdienste/afknapper: er zijn heel wat prachtige verwijzingen naar het culturele erfgoed dat wij onze kleinkinderen mee gaan geven. In hun liedje over zelfbruinende lotion zit de tekst 'Wanna give that bottle a squeeze and look just like Charlize?', doelend op de oranje verschijning van Charlize Theron op de Oscaruitreiking van 2004. Ik moet van zoiets dus spinnen als een tijgerwelp dat voor het eerst de zon boven de savanne ziet opkomen. Het enige probleem dat ik heb met deze cd is dat alle liedjes qua muziek vrijwel identiek zijn, zodat beluistering vaak een 'langs die boom ben ik eerder gelopen'-gevoel geeft. Maar shit, heb je gezien hoe ze eruit zien?
File Under: Shit, heb je gezien hoe ze eruit zien?
Erik Vandenberge - Sleeping In The Closet
Supergeslaagd vond ik het Live In The Living-gebeuren in Huize Storm. Het leuke was dat ik zelf artiesten voor mocht dragen die ik graag zou willen zien spelen in mijn woonkamer. Helaas maar twee. Dus viel de keuze op jeugdheld André Manuel en het bevriende Lawn. Beiden zegden toe en met Mist erbij was het programma vol. Voor Erik Vandenberge was dat een beetje spijtig. Hij was namelijk mijn derde keuze geweest. Ik was meer dan gecharmeerd van zijn vorige album Tent & Oily Smoke en verwachtte dat hij het erg goed zou doen in onze woonkamer. Of buiten op het bankje met zijn akoestische gitaar en mondharmonica. Net als thuis bij zijn caravan. Ik word stiekem toch wel een beetje jaloers als ik denk aan de tijd die hij daar gehad heeft. Heerlijk lijkt het me om 's morgens niets anders te horen dan een kraaiende haan, tjirpende vogels en een loeiende koe en daarbij alleen je eigen stem en gitaar. Die caravan bewoont hij nu niet meer, als ik het openingsnummer "Closet Blues" moet geloven. Ik hoop maar niet dat hij nu gelukkig wordt in een rijtjeshuis ergens in Middelburg of zo, want ik kan me zo voorstellen dat hij dan wel eens de blues zou kunnen verliezen. En nooit meer zulke prachtige folky blues zou kunnen maken als hij nu doet op Sleeping In The Closet. Het is dan misschien wel meer van hetzelfde schoons als ook op Tent & Oily Smoke te vinden was, maar als het gebeurt zoals Vandenberge dat doet op Sleeping In The Closet, dan maakt dat geen pest uit.
File Under: De Dylan van achter de dijken
John Trudell & Bad Dog - Live á FIP
"Jaaaaa-hieeee-jaaaaaa-hiehie-jaaaa!" Huh? U zei? Nou, deze cd wordt opgesierd door Indiaanse chants, dat zei ik. Jup, indiaanse chants, daarnaast spoken word en toch een echte blues-cd. John Trudell is een Indiaans activist en dichter. In 1973 was hij een prominent voorvechter van Indianenrechten in de VS. Twaalf uur nadat hij in Washington een Amerikaanse vlag verbrandde kwamen - toeval of niet? - zijn vrouw, 3 kinderen en schoonmoeder om het leven toen zijn huis afbrandde. Sindsdien is hij minder prominent, maar even vastberaden aan het vechten voor zijn volk. Met steun van Jackson Browne en Bonnie Raitt is hij zich ook op de muziek gaan richten. Een van zijn optredens is opgenomen, met Live á FIP als resultaat. In het geval van Trudell betekent optreden dat een band zorgt voor sobere, maar effectieve begeleiding, terwijl Trudell zijn teksten uitspreekt en er nog iemand voor de chants zorgt. De muzikanten zingen korte stukken of zorgen voor koortjes achter Trudell's spoken word, wat verrassend goed klinkt. Trudell's teksten zijn geen betweterige pamfletten, maar sfeervolle, ritmische, vrij algemeen gehouden teksten. De begeleiding is te vergelijken met het rustige werk van Springsteen, John Hiatt en vooral voornoemde Bonnie Raitt. Drums en bas leggen de basis neer en met toetsen en helder (vooral slide-)gitaarwerk wordt een achtergrond neergezet die perfect past bij Trudell's warme stem. Zodoende is het wel degelijk een echte bluesoptreden, in plaats van een dichter-met-vage-begeleiding. De chants geven het geheel een bijzondere sfeer mee. Een merkwaardig plaatje? Welnee, gewoon sfeervol en bijzonder.
File Under: Sfeervol en bijzonder
Foetus - Love
Het Enfant Terrible J.G. Thirlwell is terug met een episch aandoend bombastisch album. Deze Australiër houdt wel van een potje overdrijven. Foetus dreigt, gromt, brult en zingt daarna net zo makkelijk een zoetig stukje. Kakofonie alom, soms schizofreen doorwerkende tingeltangels, harpen, maar plots is daar dan weer een harmonische lijn die je op het rechte pad sleurt... Om je niet op je gemak te stellen wordt hier en daar een gitaar ingezet als een kettingzaag met als doel om je compleet murw te spelen. Wel iets om live te zien dit, denk ik. Waar collega's als Iggy Pop, Nick Cave en Bowie het in de loop der jaren allemaal wat rustiger aan zijn gaan doen en meer mainstream zijn gaan werken (en dus ook nog even een wat breder publiek hebben weten aan te boren) gaat J.G. Thirlwell door waar hij drie jaar geleden was opgehouden. De afwisseling tussen dan eens hard en overstelpend, en dan weer muisstil fluisterend werk maakt dit album boeiend, maar je moet wel tegen een beetje concept (in dit geval "Love") kunnen. Het heeft bijna geen zin om nummers los te bekijken, alles is met elkaar verbonden. De zang van Jennifer Charles tenslotte, voegt een mooi lichtpuntje toe aan dit gesmolten en verwrongen landschap van synthesizers, duistere orkestrale uithalen en maniakale muzikale lijnen. Voor de echte fan een must, een ander zal het wel een paar keer moeten horen voor er lijn in komt.
File Under: Opnieuw een manisch epistel van Thirlwell
Magnolia Electric Co - What Comes After The Blues
Na in zeven jaar evenveel studioplaten plus twee liveregistraties te hebben uitgebracht onder de naam Songs: Ohia, besloot voorman Jason Molina de titel van de laatste Songs: Ohia-CD, Magnolia Electric Co., te gebruiken als nieuwe bandnaam. Dat suggereert op zijn minst een grote koers- of bandwijziging of andere verandering. Maar niets van dat al: op zijn voorlaatste platen experimenteerde hij al met seventies-invloeden en opener "The Dark Don't Hide" klinkt meer als Neil Young dan ooit (Jason Molina is overigens de zoon van Ralph Molina, drummer van Neil Young's Crazy Horse), vooral dankzij het typische gitaargeluid. Daarna wordt flink op de rem getrapt. "The Night Shift Lullaby" is een langzame countrytrack, gezongen door bluegrass-zangeres Jennie Benford die het nummer ook schreef en op meer songs van deze plaat meedoet. Het droevige "Leave The City" opent met een trompet en klinkt alsof het - maar dan aangekleed - van een van de eerste Songs: Ohia-platen afkomstig is. De treurige en altijd bijna overslaande stem van Jason Molina is vrijwel onveranderd ten opzichte van bijvoorbeeld zijn debuut The Black Album en klinkt zo nu en dan nog steeds alsof hij het broertje is van Will Oldham (bijvoorbeeld op het geweldige "Northtstar Blues"). Zo blijkt maar, na de blues komt nog meer blues, pijnlijk, maar bloedmooi.
File Under: Na de blues volgt de muziek
Audio: [The Dark Don't Hide It] [Leave The City]
Frank Black - Honeycomb
Het getreuzel tijdens de tien kilometer fietsen naar de middelbare school vond ik altijd verschrikkelijk. Altijd dat gezeur over wie er voorop moest fietsen om de rest uit de wind te houden, ik haatte het. En vooral ook: waarom zou je 's morgens 45 minuten over dat stuk doen als het ook in 25 minuten kan? Of korter. Zeker de laatste jaren van mijn middelbare-schoolcarrière fietste ik dus maar alleen naar de Boeskoolstad. En was altijd op tijd. Voordeel daarvan was dat ik langer kon slapen en dat ik rustig met de walkman op wakker kon worden. Het was misschien wel een jaar lang dat ik 's morgens wakker werd met Bossanova van The Pixies en het geblèr van Frank Black. Raar genoeg had ik er geen behoefte aan de reünieconcerten te bezoeken. Liever luister ik nog eens de cd's 's morgens in de trein om wakker te worden. De soloreleases van Frank Black luister ik echter zelden want die vind ik niet zo goed. Bij zijn nieuwste, Honeycomb, moest ik min of meer wel. Eerst geloofde ik bijna niet dat wat ik luisterde ook daadwerkelijk Frank Black was. Maar hij was het echt. Samen met een stel Nashville-legendes nam Black in een paar dagen Honeycomb op. Aangestuurd door deze groovende ritmemachine klinkt Frank Black twangy en mellow en hij zoekt zijn heil in een soort van countrysoul. Ik vind het een aangename, positieve verrassing ten opzichte van vorige releases van hem, solo en met de Catholics.
File Under: Hij klinkt nog bijna zwart ook.
Toner Low - Toner Low
Jaren geleden heb ik een keer een gitaar omgehangen voor een optreden in een berucht metalcafe gesitueerd in een uithoek van het overigens prachtige Drenthe. Het betreffende hol was lastig te vinden (een verlaten industrieterrein bleek de juiste locatie), maar eenmaal aangekomen dansten de bieraromas en Slayer-klanken ons door de openstaande deur tegemoet. Zo hoort dat ook te zijn met metalcafes natuurlijk. We speelden ons 'hardste' set maar wisten slechts enkele
metalheads te overtuigen. Veel beter verging het Toner Low, een uit Leiden afkomstig stonerrockmonster. Door de vele logge riffs en het hoge 'ja-knik-gehalte' al snel door ons liefkozend Stoner Low genoemd. Sinds dat concert is er wel het een en ander veranderd. Gitarist Willem verliet Toner Low en het geluid schoof langszaam op richting trage doom en psychedelica. Stoner Low werd Toner Slow zeg maar. Nu, wat singles en vele concerten later, komen de heren met hun eerste album. Zelf opgenomen en geproduceerd en van schitterend artwork voorzien. Het resultaat is een subliem staaltje trage stonerrock die het -letterlijk- vraagt om op hoog volume gedraaid te worden. Er is een enkele vervormde zanglijn te horen maar voornamelijk log voortploegende bas- en gitaarpartijen: de band schotelt een zware maaltijd voor. Wellicht niet geschikt voor de grote massa, maar voedzaam als de pest!
File Under: Het betere zware werk komt uit Leiden
Mad Sin - Young, Dumb & Snotty
Mad Sin is een trio uit Berlijn dat de afgelopen 17 jaar binnen een vrij beperkte kring een bijna mythische status heeft verworven. Ooit begonnen als totale leken op muzikaal gebied - ze bespeelden hun instrumenten pas vier weken - heeft hun unieke combinatie van rockabilly en rampetamprock zich steeds verder uitgekristalliseerd. Inmiddels wordt er dan ook echt uitgekeken naar een nieuw album, iets wat wel eens ander is geweest. In de eerste vijf jaar van het bestaan van de band was het namelijk vooral speelplezier en jeugdig enthousiasme wat het totale gebrek aan vernuft moest verdoezelen. Eind jaren '80/begin jaren '90 zullen ze daar waarschijnlijk ook nog best mee weggekomen zijn maar de tijden veranderen nu eenmaal. Het verbaast mij dan ook nogal dat juist het materiaal dat in de periode '88-'93 is uitgebracht wordt verzameld op Young, Dumb & Snotty. Een serieuze verzamelaar had namelijk juist van die tijdspanne slechts twee of drie nummertjes meegepikt om daarna toch vooral door te snellen naar het latere - en betere - werk. Ik kan me dan ook niet voorstellen dat hier nu een publiek voor is, wetende dat de fans waarschijnlijk alle originele platen allang in hun bezit hebben en het voor nieuwe belangstellenden nu niet echt een prettig welkom is. Tip aan het label: breng gewoon een normale en alles omvattende "best of" uit en frummel dit rare ding ergens ver weg in het archief. Dan doen we net alsof het niet gebeurd is.
File Under: We doen net alsof het niet bestaat










