Mycah – The Mycah Principle

mij=Eigen beheer

Mycah - The Mycah PrincipleMycah is de Haarlemse Maaike Breijman die samenwerkt met Remco Engels, maar tegenwoordig helemaal solo gaat. Qua pop en soul is het vooral fris en vrolijk, met een instrumentarium waar Janne Schra zich ook van bedient. De conservatoriumganger Maaike heeft een weinig opvallende maar loepzuivere stem. Ze zoekt de randjes van haar kunnen niet op. En dus overstijgt Maaike nergens het niveau van bijvoorbeeld Margriet Eshuijs qua klankkleur en timbre. Ze heeft dezelfde kleur als een Mylou Frencken. Alleen Frencken hoort niet dat ze er altijd minstens een toonsoort naast zit. Mycah wel, die snapt en hoort dat ze het oeuvre van The Carpenters gemakkelijk kan koppelen aan de Blue Eyed Soul van Prefab Sprout, Johnny Hates Jazz en Everything But The Girl. Liedjes met een luchtig en licht swingend karakter. Daar valt maar weinig op af te dingen. Als Maaike iets meer dynamiek in haar vocalen legt, en ze haar songs meer uptempo maakt, dan hebben we er in Nederland een volstrekt unieke zangeres bij. Zoniet, dan blijft het werk van Mycah mooi maar ook lijzig en blijft het uiteindelijk niet hangen in het hoofd en het hart van een publiek.

File: Mycah – The Mycah Principle
File Under: Haarlemse zangeres is tot meer in staat

Ghost Train – Les Comptes De Korsakoff

Ghost Train – Les Comptes De KorsakoffHet 8-koppige Franse gezelschap Les Comptes De Korsakoff schopte het in 2015 al tot finalist van de Avignon European Jazz Contest met zijn experimentele jazzrock. Ghost Train is niets meer dan de wisselwerking tussen een gezamenlijke mindset en het persoonlijke welzijn per muzikant. Elke individuele gedachte wordt getoetst in haalbaarheid aan wat het collectief voor ogen heeft. Dat hebben de heren maar op muziek willen zetten. Alsof Prokofjev en zijn muzikale bewerkingen opeens de jazz zou hebben ontdekt en met tal van instrumenten voeding geeft aan persoonlijke en gezamenlijke gedachten. Het is eigenlijk een perfecte Tom Waits-plaat. Je hoeft er alleen maar de brulboei-vocalen van Waits bij te denken. Les Comptes de Korsakoff is in 2010 opgericht door zanger/bassist Geoffrey Grangé en drummer Quentin Lavy en speelt met alle conventies en cultuurverschillen. Zo is het titelnummer een voorbeeld van hoe Louisiana parade-jazz heel makkelijk overgaat in de Europese traditie van onze hoempa-orkestjes. Het is wat. Het is apart, maar uiterst beluisterenswaardig.

mij=Puzzle

File: Ghost Train – Les Comptes De Korsakoff
File Under: Jazz voor Tom Waits-liefhebbers

Gary Hoey – Dust & Bones

Gary Hoey - Dust & BonesDe twintigste plaat? Jawel. Gary Hoey is een druk en populair baasje. In Amerika kennen ze hem al decennia lang. Hij steekt zijn voorliefde voor blues en alle rare subvormen niet onder stoelen of banken. Daarbij valt vooral zijn verering voor Johnny Winter op. Pas nu zet hij de man met “Steamroller” echt in het zonnetje. Hoey grijpt terug en borduurt voort op de blues van dertig jaar geleden. Hij analyseert de hipste genres van het moment en concludeert dat de basislijn van de blues in al zijn soorten en varianten verantwoordelijk is geweest voor een allesbepalend succes. Soms rauw, soms cynisch, soms vrolijk en soms zelfs zo meegaand als een gospel. Zelfs elementen uit Dick Dale’s surf-instrumentals ontbreken niet. Gary Hoey blijft lekker stationair doordraaien. En terwijl ik dat schrijf, zie ik opeens heel veel overeenkomsten tussen Hoey en ZZ Top.

mij=Provogue

File: Gary Hoey – Dust & Bones
File Under: Blues voor in de auto

Vibravoid – Psychedelic Blueprints

Vibravoid – Psychedelic BlueprintsMet Thee Hypnotics en Primal Screams “Loaded” stond de neohippie-beweging ineens weer internationaal op de kaart. En daar gingen de Charlatans nog even dunnetjes overheen om uiteindelijk The Stone Roses alle kansen te geven om in te koppen met “Fools Gold”. Het Duitse Vibravoid prikte in 1990 in op deze opleving en ging spitten in het werk van Pink Floyd, The Electric Prunes, Traffic en Hawkwind. Het Duitse drietal keerde elke platenzaak in Europa binnenstebuiten en liet zich inspireren. De band heeft tot nu toe op heel wat labels bijna veertig platen uitgebracht. Christian Koch, Frank Matenaar en Dario Treese zijn inmiddels grootmeesters geworden in de psychedelische poprock met een drive die de Manchester ravescene van de jaren negentig van de vorige eeuw absoluut weer nieuw elan kan brengen. Want, laat één ding duidelijk zijn, Vibravoid is niet zomaar een beatbandje dat zich bezighoudt met psychedelica. Vibravoid heeft productioneel en muzikaal alles in handen om de beste indie-dansplaten te maken die Engeland zo mist. En ik eigenlijk ook, merk ik.

mij=Stoned Karma/Cargo

File: Vibravoid – Psychedelic Blueprints
File Under: Duitse psychedelica voor een nieuwe rave-generatie

Wolverine – Machina Viva

Wolverine - Machine VivaWaar ging het mis? Bij de gemiddelde progrockband lees ik altijd in persberichten dat de heren muzikanten allemaal een deathmetalachtergrond hebben. Zo ook bij het Zweedse Wolverine. Ik snap dat je nog geen droog brood kunt eten met deathmetal. Maar, of je dat als geoefend muzikant met progrock wel zou kunnen, da’s de grote vraag. Wolverine gaat stug door gezien dit zesde album alweer. Progrock moet bij mij wat doen. In spanningsopbouw, in tempowisselingen, in dynamiek, in het spelen met de auditieve krachten die je in de vingers hebt. Versta me goed, Stefan Zell en Marcus Losbjer zijn rasmuzikanten met een groot technisch inzicht, maar deze plaat mist de pieken en dalen. Het is een vlakke schijf, een vlak landschap zonder helikopterview, zonder verrassende invalshoeken en dus zonder spannende zijpaden. De vijf heren weten slechts met een mooi instrumentarium de boel dicht te plamuren tot een brij van vlakke tonen. Waarschijnlijk omdat ‘t de manier is hoe men destijds deathmetalsongs in elkaar sleutelde. Ik word er niet warm of koud van.

mij=Sensory/The Laser’s Edge

File: Wolverine – Machina Viva
File Under: Saaaaaaaaaaiiiiiii

Clipping. – Splendor & Misery

Clipping – Splendor & MiseryRapper Daveed Diggs is bekender vanwege zijn glansrol in de hitmusical Hamilton dan van zijn formatie clipping. en de experimentele hiphop die steeds meer teruggrijpt naar The Last Poets en Gil Scott Heron. Het zijn spoken rhyme performances die begeleid worden door Kraftwerkiaanse geluidjes en bliebs en verpakt zijn in een moderne rap-opera. Splendor & Misery is uiteindelijk wat Michael Franti ooit voor ogen had met zijn Disposable Heroes of Hiphoprisy. Het concept verhaalt over de enige overlevende aan boord van een vrachtschip. Slechts een boordcomputer is de enige getuige van het eenzame leven dat er nog over is na een politieke clash waarbij de mensheid is uitgeroeid. De boordcomputer als verteller? Het is koel, afstandelijk, zakelijk en industrieel. Pas wanneer de levensvatbaarheid van Diggs een voldongen feit wordt, hoor je bij “Air ‘Em Out” voor het eerst een dansbare hiphoptrack terug waar clipping. tot zijn recht komt. De menselijkheid, het gevoel en de emotie herstellen maar langzaam na een ramp van desastreuze orde. “Story 5” is het nieuwe “Amazing Grace” en is het moment dat bezinning en bezieling terugkomen in het leven van de rapper. Splendor & Misery is een optelsom van 9, 2001, A Space Odyssey, Moon en 28 Days Later. Een gedurfd verhaal waar de gemiddelde hiphopfan niets mee kan, maar die nou eenmaal gemaakt moest worden. Daveed Diggs is tenslotte niet zomaar een rapper, hij is een hiphopmusicalster met visie.

mij=Sub Pop

File: Clipping – Splendor & Misery
File Under: Kille luisteropera van een hiphopper

The Hunna – 100

The Hunna - 100Britpop nieuwe stijl. In Engeland maakt het niet uit of het nieuwe stijl of oude stijl is. The Hunna heeft met zijn single “Bonfire” een puik indierockpareltje afgeleverd waarmee de band zich in de kijker wist te spelen van het grote publiek. Het leek op een trucje. Een beetje goochelen met wat spanningsbogen, een beetje rekken en strekken met wat emo-invloeden en de beste wave-pop in de beste Engelse traditie. En dan trek je met gemak heel wat singalong-fans die van 30 Seconds To Mars houden, over de streep. De Engelsen begrijpen wat dat betreft dat er geen verschil is tussen het oude werk van Tears For Fears en The Script. Als je het maar krachtig genoeg neerzet. De valkuil voor dit kwartet is dat de band zich wil gaan meten met typisch Amerikaanse punkrock. Dat is voor Engelsen vaak een stap te ver omdat ‘t niet in de Engelse genen zit. Emo en wave zijn prima alternatieven die aansluiten op de Britpop en die overtuigend blijven voor een groot publiek. De melodieuze tienerdramatiek past prima bij de vocalen van zanger Ryan met zijn fraaie tongval. Daar hoeft geen Amerikaans spierballenvertoon aan toegevoegd te worden. The Hunna zou volgens mij ook niet anders willen.

mij=Bright Antenna

File: Hunna – 100
File Under: Stevige indierock als Britpop verpakt

Dinosaur Pile-Up – Eleven Eleven

Dinosaur Pile-Up – Eleven ElevenWil je groeien, dan zul je bepaalde zaken aan anderen moeten overlaten. Delegeren en vertrouwen afgeven. Je kunt in je eentje niet alle ballen proberen hoog te houden. Dat is zo ongeveer wat Matt Bigland een tijdje terug voor aanvang van deze derde plaat te horen kreeg van producer Tom Dalgety die de succesvolle carrière van Royal Blood lanceerde. En dus moest Matt zijn drumstokjes afstaan aan Mike Sheils en zijn bas aan Jim Cratchley. Het doel? Een volledige focus op songschrijverij, een nietsontziend gitaarspel en heel krachtige vocalen. Waar het debuut nog kan worden weggeschreven als punkrock- en Nirvana-ripoff, daar zien we met deze derde schijf heel wat groei. Het is qua geluid grotesk, zwaar en hard geworden. Bigland doet zijn naam eer aan en heeft waarschijnlijk het licht gezien door bands als Royal Blood, Silverchair en Smashing Pumpkins. Da’s knap. Maar nog net niet onderscheidend genoeg. De liedjes zijn wat ze zijn maar missen de kwinkslagen die nodig zijn om te kunnen blijven boeien. En tekstueel levert Matt Bigland ook niet echt het niveau af waar zijn producer vast naartoe wilde werken. Daarmee is Eleven Eleven vooral een verdomd stevige collegerock-plaat geworden zonder de aanstekelijkheid en het meezinggehalte van een Weezer of de eendagsvlieg Wheatus. Ach, er staan heel wat briljante solo’s op. Ik ben benieuwd hoe de vierde cd van Dinosaur Pile-Up wordt.

mij=So Recordings

File: Dinosaur Pile-Up – Eleven Eleven
File Under: College-rock met metalriffs

Blackberry Smoke – Like An Arrow

Blackberry Smoke – Like An ArrowWeet je hoe moeilijk het is om de platgetreden paden nog begaanbaar te houden? En om toeristen nog enthousiast te krijgen voor een product dat schijnbaar al vervallen is voordat je er erg in hebt? Blackberry Smoke uit Atlanta trekt zich niets aan van genre-slijtages en rockt gewoon sneller en steviger door dan de concurrentie. Like An Arrow borduurt voort op de southern rock-traditie van Lynyrd Skynrd en Allman Brothers maar kan net zo makkelijk mee in de country, bluegrass en hardsoul. Leon Russell zou jaloers zijn. Blackberry Smoke is er veel aan gelegen om wereldwijd gezien te worden als een nieuwe Black Crowes. Automatisch zal de band wereldwijd een plek verwerven als de publieksfavoriet op festivals waar niemand moeite mee heeft. En dat de band a propos heel wat pubers en tieners kennis kan laten maken met de kracht van een goed potje southern rock, da’s dan mooi meegenomen. Een winwin-situatie voor alles en iedereen.

mij=Earache

File: Blackberry Smoke – Like An Arrow
File Under: Southern Rock will rise again

Gov’t Mule – The Tel-Star Sessions

Gov't MuleVergeet niet dat Gov’t Mule dik twintig jaar geleden werd opgericht door Warren Haynes en Allen Woody die vlieguren hadden gemaakt bij de zielloze Allman Brothers. Toen Woody in 2000 overleed, werd de roep om de eerste opnamen die de band maakte in de Tel-Star Studios steeds luider. En zie, Gov’t Mule geeft gehoor aan de roep van hun fans van het eerste uur. We kennen de minder rauwe en wat opgepoetste versies van nagenoeg alle songs. Ze stonden op het debuut en het album dat er op volgde. De essentie van deze sessies is echter dat de vertrekpunten van Gov’t Mule van toen nog steeds de kracht vormen. Ja dus, je hoort Clapton, Cream en Hendrix. Ja, je hoort de blues als een rode draad terug. Ja, de covers zijn eindeloos en tijdloos. “Mr. Big” van The Free, “Just Got Paid” van ZZ Top, “The Same Thing” van Willie Nelson en “Mother Earth” van Memphis Slim. Bovendien is er nog niet gesleuteld aan de ellenlange gitaarsoli die hard, bruut en stug klinken, maar het totaalplaatje alleen maar mooier inkleuren. Het stond en het staat als een huis. Laat dat een wijze les zijn voor Gov’t Mule.

mij=Provoque

File: Gov’t Mule – The Tel-Star Sessions
File Under: Terug naar het begin